CConstaterende datRoerdalen
Koppel je AI →
Document · PDF

35301-196022 Uitvoeringsprogramma's SC MER 2023_UP 2023 MER-Sociaal Domein (SD)

Raadsadviescommissie 8 mei 2023, gemeente RoerdalenBij agendapunt: Concept begrotingswijziging 2023-2, concept programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 Gemeenschappelijke Regeling (GR) Servicecentrum Maasgouw, Echt-Susteren en Roerdalen (SC MER)29.325 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

24

4.2 Participatiewet-Werk 4.2.1 Waarom De MER SD voert voor de gemeenten de bijstandsregelingen uit; 'het vangnet’ van de sociale zekerheid. Het betreft de wetten: Participatiewet, IOAW en IOAZ, kortheidshalve genoemd: Participatiewet.

4.2.2 Wat Doel van de wet is, vanuit re-integratieperspectief, om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te helpen een baan te vinden en te behouden. Hierbij geldt het principe: werk gaat voor uitkering. Lukt het niet om aan het werk te gaan, dan komt iemand -onder voorwaarden, zie 4.1.2- in aanmerking voor een bijstandsuitkering en wordt bekeken hoe diegene naar vermogen kan participeren. Wij spreken met de inwoner een traject richting werk of participatie naar vermogen af en leggen dat vast in een Plan van Aanpak. Doelen, instrumenten en termijnen zijn toegespitst op de mogelijkheden van de inwoner. Met andere woorden: het is altijd maatwerk. De inwoner ondertekent dit plan om te benadrukken dat het van hem of haar is. Tevens is het een middel om de eigen kracht van betrokkenen te vergroten en zich verantwoordelijk te laten voelen.

Regionaal arbeidsmarktbeleid Binnen de arbeidsmarktregio is de structuur opgebouwd als volgt: de stuurgroep, het managementoverleg en het beleidsoverleg. In het beleidsoverleg worden de stukken voorbereid die vervolgens aan bod komen tijdens het managementoverleg en de stuurgroep. De MER SD is vanuit de uitvoering zowel op beleids- als op managementniveau structureel vertegenwoordigd in het periodieke regionale beleids-, dan wel managementoverleg om de bovenstaande ontwikkelingen en effecten daarvan op de uitvoeringswerkzaamheden van het SC MER SD te borgen. In de arbeidsmarktregio worden er jaarlijks speerpunten bepaald. Speerpunten voor het jaar 2022 betroffen: 1. Uitvoering en monitoring Post Corona aanpak / Perspectief op Werk. 2. Borging samenwerking Taskforce economie, onderwijs en arbeidsmarkt. 3. Implementatie ontwikkelingen in het kader van breed offensief en het coalitieakkoord van het nieuwe kabinet. 4. Herontwerp inrichting en financiering arbeidsmarktregio Midden-Limburg. 5. Vormgeven nieuwe wet inburgering. Eind 2022 worden er opnieuw speerpunten bepaald voor het jaar 2023. Het is belangrijk dat moedergemeenten en MER SD samen partner zijn in het regionaal arbeidsmarktbeleid.

25

4.2.3 Wie De intake, het plan en de begeleiding naar werk is de corebusiness van de klantmanagers Werk. De formatie aan Klantmanagers Werk is conform functieboek: 6,56 fte. De klantmanagers Werk richten zich op de treden 6, 5 en 4 (indien doorstroom naar werk binnen 1-1,5 jaar realistisch is). De doelgroep van onze inzet is zeer divers en ontwikkelt zich mede afhankelijk van de situatie op de arbeidsmarkt. Op dit moment zien we dat het bestand en de mensen die zich nieuw melden gemiddeld een grotere afstand tot de arbeidsmarkt hebben dan voorgaande jaren. Het team activering (2 fte) richt zich op de heronderzoeken MER-breed van de mensen op de treden 1, 2, 3 en gedeeltelijk 4 en sinds medio 2021 het actiever activeren richting meedoen naar vermogen en vrijwilligerswerk. Wij doen dat samen met partners. Zij doen dit door de inzet van diverse trajecten. De doelen binnen deze trajecten zijn divers en toegespitst op de specifieke situatie. Je kunt hierbij bijvoorbeeld denken aan het letterlijk in beweging komen via een re-integratie- en beweegtraject, het onderzoeken en in kaart brengen van de belastbaarheid of de inzet van jobcoach op de (vrijwilligers)werkplek. Om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een passende plaats te bieden zijn wij afhankelijk van de werkgevers en een ontvankelijke arbeidsmarkt.

Het werkgeversservicepunt Midden-Limburg (WSP) heeft tot taak de vraag van werkgevers in deze regio op te halen en de werkgevers zodanig te bedienen dat de markt voor onze kandidaten wordt verbreed. Daartoe detacheren wij 1,5 fte.

4.2.4 Hoe Het streven is dus gericht op: - Voorkomen van instroom door het begeleiden naar werk of opleiding - Duurzame uitstroom richting arbeidsmarkt/ betaald werk naar vermogen - Participeren naar vermogen: sociale activering, vrijwilligerswerk De stappen die wij met de klant nemen, laten zich beschrijven in een klantreis. Melding Iemand meldt zich met een inkomensvraag of een niet-uitkeringsgerechtigde, zgn. Nugger, bijvoorbeeld iemand van het praktijkonderwijs. Klantmanager Inkomen en klantmanager Werk gaan samen (‘koppeltje’) op huisbezoek, indien mogelijk. Anders vindt een gesprek in het gemeentehuis van de inwoner plaats. Voor mensen met een grote of vooralsnog onoverbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt (trede 1,2,3) wordt indien van meerwaarde de collega Klantmanager Wmo betrokken.

Plan v Aanpak

Parallel aan het onderzoek van de Klantmanager Inkomen wordt gestart met het onderzoek naar de (re-integratie)mogelijkheden van de klant. Doelen, competenties, kwetsbaarheden worden geïnventariseerd en een trajectaanbod wordt besproken. De klantmanager Werk neemt met het WSP contact op over de arbeidsmarktmogelijkheden en vacatures. Regelmatig kunnen wij mensen nog voor een bijstandsaanvraag richting werk begeleiden. Daarmee wordt dan een uitkering voorkomen. Wij houden de snelheid in het proces door de klant vanaf moment één te activeren richting arbeidsmarkt. Daarnaast pakken we ook (jongere) Nuggers direct bij de melding op, om te voorkomen dat er kostbare tijd verloren gaat.

26

Besluit

In het Plan van Aanpak wordt het re-integratietraject met wederzijdse afspraken vastgelegd. Dit Plan van aanpak wordt de klant ter ondertekening voorgelegd waarmee het proces van begeleiding start. Dit Plan is niet in beton gegoten en beweegt mee met het proces van de klant.

Instrumenten & begeleiding

Er ligt van alles op de schappen conform de nadere regels re-integratie 2020: werkstage, proefplaatsing, arbeidsontwikkeltraject, sociale activering, participatieplaats, detachering, loonkostentegemoetkoming en -subsidie, jobcoaching, ondersteuning bij leer-werktraject, vergoedingen, meeneembare voorzieningen en de arbeidsontwikkelpremie. Ook maken wij gebruik van het online aanbod op werk.nl, het diagnose-instrument van Westrom, taalcursussen en alle inzet die maar nodig is.

De begeleiding laat zich het best omschrijven als regie op de uitvoering van het Plan van Aanpak door de klant. De klanten met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt laten we daarmee niet los.

Klantvolgststeem In 2021 zijn we gestart met een online klantvolgsysteem, Paragin. Dit systeem is door klantmanagers en klant al deels ingevuld. Het plan blijft om in samenwerking met de gemeente Roermond en het WSP Paragin steeds verder uit te rollen en intensief in te zetten. In een recent overleg met de gemeenten en het WSP blijkt dat er nog steeds enkele privacy vraagstukken opgelost moeten worden. Daarnaast zijn er nog openstaande vragen over de financiering. Nieuw inzicht maakt dat de eerdere dekking uit regionale arbeidsmarktmiddelen niet de meest geëigende weg is, omdat zowel West als UWV de systeemkosten voor hun eigen WSP uit eigen middelen dekken. Dit wordt nu meegenomen in de samenwerkingsovereenkomst en de bijbehorende begroting.

Effectiviteit inzet ingekochte trajecten In 2023 willen wij een start maken met het meten wat de effectiviteit is van de begeleiding aan klanten die wij inkopen bij externe partijen. Dit betreft zowel de effectiviteit van de verschillende producten die worden ingezet, alsook de effectiviteit c.q. resultaten van de verschillende marktpartijen zelf.

4.2.5 Ontwikkelingen Binnen de verwachte herziening van de Participatiewet (o.a. via het Breed Offensief) zijn er voor werk de volgende wijzigingen te verwachten:  Een aanvraagrecht voor werknemers en werkgevers voor persoonlijke ondersteuning op maat, zoals een jobcoach.  Vereenvoudigingen in het instrument loonkostensubsidie

Verbeterteam Het verbeterteam zal ook in 2023 bezig blijven met het optimaliseren van de werkwijze, ontwikkelingen en uitvoeren van taken.

27

Preferent werkproces LKS Vanaf juli 2022 is het nieuwe preferente proces LKS volledig operationeel. Een gestroomlijnd en overzichtelijk, bovenal klantvriendelijk, administratief proces, zo lean als maar mogelijk ingericht. Er worden bij aanvragen LKS geen rapportages meer opgesteld; we werken alleen nog maar met beschikkingen die vanuit het systeem worden gegenereerd. De berekeningen vinden op een eenvoudige manier door en vanuit het systeem plaats; kans op fouten is daardoor tot ene minimum teruggebracht. Het proces zorgt voor een hogere kwaliteit in werkgeversdienstverlening:  er is een vast maandelijks betaalmoment zonder dat de werkgever salarisstroken moet overleggen;  bij ziekte van de werknemer wordt de LKS doorbetaald en wordt de uitkering van het UWV vanuit de no-risk polis aan de werkgever gebaseerd op het loonwaardepercentage;  de procedures en informatiefolders zijn landelijk gestandaardiseerd;  wij hebben een proactieve houding en benaderen de werkgever actief twee maanden voor het einde van de lopende LKS-periode. We zetten nu en ook in de toekomst optimaal in op LKS.

Simpel switchen in de keten In 2021 en 2022 hebben we deelgenomen aan de regionale pilot “waardevol werk” als onderdeel van het thema “simpel switchen in de participatieketen”. Doel van simpel switchen is:  het slechten van de drempels naar werk,  het versoepelen van de overgang van bijvoorbeeld dagbesteding naar beschut werk of van beschut naar regulier werk,  het makkelijker maken een stapje terug te doen als het even niet lukt, zodat iedereen mee kan doen op de plek die op dát moment het beste bij diegene past, of dat nou (vrijwilligers-)werk, beschut werk of dagbesteding is. Door onze klantmanagers wordt gekeken naar de klanten in bijvoorbeeld WMO-dagbesteding die wellicht potentie hebben om met begeleiding en ondersteuning richting arbeidsmarkt te gaan. Het thema “simpel switchen” is vanaf 2023 onderdeel van onze reguliere uitvoering.

De regionale mobiliteitsteams De regionale mobiliteitsteams (RMT) zijn oorspronkelijk opgestart voor mensen die vanaf 12 maart 2020 door COVID-19 hun werk of inkomen zijn kwijtgeraakt of dreigen kwijt te raken en extra ondersteuning nodig hebben om ander werk te vinden. Het kan gaan om ZZP-ers én om mensen in loondienst. Per 1 juni 2022 is de doelgroep voor de dienstverlening van de RMT’s verbreed. In de Tijdelijke regeling is de afbakening van 12 maart 2020 komen te vervallen. Dit betekent dat nu ook personen die al langere tijd werkloos zijn en extra ondersteuning richting werk nodig hebben, in aanmerking komen voor de ontschotte RMT-dienstverlening. Het RMT is een netwerksamenwerking van verschillende partijen: gemeenten (wsp, werk.kom, leerwerkloket), UWV, Vakbonden (FNV, CNV, VCP), Werkgeversorganisaties (LWV, MKB-Limburg), ROC (Gilde en Yuverta) en SBB (samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs).

28

De doelstelling van het RMT is 2-ledig: - deelnemers faciliteren om een soepele overgang van werk(loosheid) naar werk richting kansrijke sectoren te maken; - de samenwerking in de arbeidsmarktregio te versterken door het verbinden van de betrokken partijen. In de aanpak staat centraal wat de mensen nodig hebben om weer aan het werk te komen of aan het werk te blijven. Deze passende dienstverlening bestaat uit extra begeleiding en waar nodig loopbaanadvies, (om)scholing, scholing via praktijkleren in het mbo en hulp bij schulden. Kandidaten voor het RMT zijn degenen voor wie vanuit de eigen organisatie (gemeente, vakbond, UWV) geen voldoende of geen passend aanbod beschikbaar is. De eigen dienstverlening voor activering wordt dus in principe eerst ingezet, daarna pas wordt het RMT als ontschotte extra dienstverlening ingebracht. Onze klantmanagers zijn binnen het werkoverleg met het RMT in gesprek om goed inzichtelijk te hebben wat het RMT nou kan betekenen voor onze kandidaten, wat de toegevoegde waarde van het RMT is en hoe breed budgetten kunnen worden ingezet.

Tijdelijke regeling aanvullende crisisdienstverlening De huidige regeling die ten grondslag ligt aan de RMT’s loopt per 1 januari 2023 af. Momenteel werkt het ministerie van SZW aan de verlenging van deze regeling in 2023. Het gaat hierbij om een verlenging van de huidige regeling, waarin een aantal wijzigingen is opgenomen. Belangrijke wijziging is het verdwijnen van de verschillende afzonderlijke budgetten. Vanaf 2023 zal niet langer sprake zijn van afzonderlijke budgetten, voor bijvoorbeeld de impuls banenafspraak en scholing via praktijkleren. In deze nieuwe situatie worden al deze budgetten samengevoegd en is er nog slechts één vorm van ontschot budget.

Werkgeverservicepunt Midden-Limburg Oost (WSP MLO) In 2022 is er een Bestuursovereenkomst Werkgeverservicepunt Midden-Limburg Oost opgesteld waarin de (werk)afspraken zijn vastgelegd. Om ervoor te zorgen dat er uitvoering wordt gegeven aan de gecoördineerde werkgeversdienstverlening is er een Ambtelijke projectgroep opgericht. Hieraan nemen deel de vijf gemeenten van Midden-Limburg Oost, de coördinator WSP en de uitvoeringsorganisaties.

Jongeren in Beeld De Taskforce Post-Corona van de Arbeidsmarktregio Midden-Limburg heeft een programmalijn opgezet gericht op het voorkomen en bestrijden van jeugdwerkloosheid. De werkgroep jeugdwerkloosheid heeft, om deze programmalijn vorm te geven, het plan van aanpak ‘Voorkomen en bestrijden jeugdwerkloosheid Arbeidsmarktregio Midden-Limburg’ opgesteld. Dit plan heeft als doel alle jongeren in beeld te hebben en te houden om (daarmee) jeugdwerkloosheid te voorkomen en bestrijden. Het plan richt zich vooral op jongeren die kwetsbaar zijn op de arbeidsmarkt. Een van de acties uit het plan betreft de ‘monitoring schoolverlaters’. Deze actie richt zich op de leeftijdscategorie 23-27-jarigen. Deze leeftijdscategorie is momenteel niet volledig in beeld en verdient een passende aanpak onder het motto ‘Hoe eerder, hoe beter’. De monitoring schoolverlaters heeft als doel jongeren tussen 23 en 27 jaar in beeld te brengen (met behulp van de applicatie jongeren in beeld) en de jongeren duurzaam terug te leiden naar een zinvolle daginvulling. Dit kan een

29

leerwerktraject op basis van de Participatiewet (artikel 10f) zijn, maar breder inzetten is voor deze doelgroep een ‘must’ en daarmee kan een jongere ook begeleid worden naar school, werk, een combinatie van beiden of dagbesteding of een zorgtraject. De pilot van een jaar is eind 2022. Twee casemanagers jongeren in beeld zijn aangehaakt bij de RMC’s (regionale meld en coördinatie punten voor voortijdig schoolverlaters). Daar waar het gaat om jongeren die in één van de MER gemeenten wonen wordt er samengewerkt met de klantmanager van de MER De doelgroep van de aanpak bestaat uit jongeren zonder startkwalificatie, zonder uitkering, zonder werk in loondienst en zonder inschrijving bij een opleiding. Kort gezegd betreft het jongeren die niet actief zijn. Maandelijks ontvangen de MER SD van het Inlichtingenbureau een overzicht van de doelgroep per gemeente. Deze jongeren worden actief benaderd, het 1e jaar in elk geval door de zogenoemde ‘casemanagers jongeren in beeld’. Deze casemanagers, aangehaakt bij de RMC’s en gefinancierd vanuit de arbeidsmarktregio, trekken waar mogelijk en noodzakelijk samen op met onze klantmanagers-werk. De gemeente blijft verantwoordelijk voor de inzet van gemeentelijke trajecten.

De casemanager jongeren in beeld houdt zich vooral bezig met het arbeidsintensieve stuk waarin er contact gezocht wordt met de jongere en waarin bekeken wordt wat de jongere kan en wil en welke mogelijkheden er voor de jongere zijn. Aangezien de werkdruk binnen de uitvoering momenteel erg hoog is, wordt er voor elke aan dit project deelnemende gemeente vanuit de arbeidsmarktregio budget beschikbaar gesteld om de extra uren die onze klantmanagers maken te compenseren. Het betreft gemiddeld ongeveer 2 tot 5 uur per week.

Individuele Plaatsing en Steun i.c.m. casuïstiek overleg Momenteel wordt er in de Arbeidsmarktregio hard gewerkt om de IPS (Individuele Plaatsing en Steun) van de grond te krijgen en te realiseren. Deze bewezen methodiek richt zich op de doelgroep van uitkeringsgerechtigden met een psychische kwetsbaarheid. Een derde van alle uitkeringsgerechtigden heeft een psychische belemmering en daarom wordt het belang van deze trajecten breed gedragen. Landelijk is er veel ervaring opgedaan met IPS, maar in regio Midden-Limburg lopen we nog wat achter. IPS is de enige methode die wetenschappelijk bewezen effectief is en werkt voor hen beter dan andere re-integratiemethoden. Deze methode is geschikt mensen met een ernstige psychische aandoening die in behandeling of begeleiding krijgen zijn bij een ggz-(behandel)team. Iedereen die aangeeft dat hij wil werken, kan aan een IPS-traject deelnemen. Een IPS-trajectbegeleider helpt dan met werk zoeken, vinden en behouden Kenmerkend aan een IPS-traject is de combinatie van behandeling, begeleiding en participatie/arbeidsinschakeling. Als voorwaarde bij de IPS trajecten wordt er in de regio casuïstiek overleg opgestart om met elkaar de juiste re-integratieafspraken te maken voor de psychisch kwetsbare doelgroep en van elkaar te leren. Hierbij zijn de IPS-trajecten een mogelijkheid, maar ook andere opties worden besproken.

Middels deze casuïstiek-overleggen, waar de GGZ-instellingen maar ook klantmanagers aan deelnemen, worden de lijnen korter, kan er eenvoudig overlegd worden, casuïstiek besproken worden en informatie worden gedeeld. De rol van de MER SD binnen de uitvoering IPS bestaat uit én actieve deelname aan het 6-wekelijks casuïstiek overleg, waar kennis en kunde wordt gedeeld over de steeds groter groeiende groep psychisch kwetsbaren binnen de doelgroep bijstandsgerechtigden. Daarnaast is de intentie dat

30

MetGGZ en Vincent van Gogh IPS-trajecten opstarten, waarin een samenwerking met onze klantmanagers werk voor de hand ligt.

Doorontwikkeling Participatiewet Sinds medio 2019 heeft er een bestuurlijk en ambtelijk traject plaatsgevonden om met de 5 gemeenten Roermond, Roerdalen, Maasgouw, Leudal en Echt-Susteren (regio Midden Limburg Oost) te komen tot een regionaal programma voor de uitvoering van het werkdeel van de Participatiewet. Onder de werknaam Doorontwikkeling Participatiewet. In dit proces heeft de Stuurgroep Doorontwikkeling Participatiewet bestaande uit 5 portefeuillehouders Sociale zaken van de betrokken gemeenten, onderzoek gedaan naar de manier waarop deze aanpak vorm kan krijgen. De resultaten van dit traject zijn vastgelegd in de Business Case Bedrijfsvoering. Het is de bedoeling om vanuit deze entiteit duurzaam extra banen te realiseren voor o.a. mensen met een (grotere) afstand tot de arbeidsmarkt door middel van de volgende diensten: - Arbeidsontwikkeling/re-integratie van inwoners met een grote, maar wel overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt; - Detacheringen; - Begeleiding werknemers na plaatsing bij een reguliere werkgever; - Werkgeversdienstverlening (o.a. ontzorgen, advies jobcarving en jobcreating). De ontwikkelingen op het gebied van de Nieuwe entiteit in oprichting (Neio) blijven wij volgen. Bij het doorgaan van de nieuwe entiteit onderzoeken we samen met de gemeente de implicaties voor de rol van de klantmanagers werk en de bijbehorende werkprocessen.

Onafhankelijk van de totstandkoming van de Neio, is het belangrijk de dienstverlening PW in onze regio verder te optimaliseren. Binnen de ‘regionale ambtelijke werkgroep dienstverlening PW’ werken we met gemeenten, Westrom en WSP aan het verbeteren van de huidige uitvoeringspraktijk alsook aan het versterken van onze samenwerking.

Team 17-27 Tot slot gaan we in 2023 verder met ons team 17-27 (jongeren). In dit team zitten klantmanagers Werk. Samen met een onafhankelijke gedragsdeskundige bespreken zij casuïstiek. Op basis van de opgedane ervaring wordt in overleg met de gemeenten besproken of een extra investering voor de doelgroep jongeren mogelijk is.

4.2.6 Resultaten 2023 De resultaten 2023 meten wij aan de hand van onderstaande indicatoren om periodiek deze met de accounthouders te bespreken, inclusief een eventuele noodzaak tot bijsturing.

Klachtgerichtheid Prestatie-indicatoren

Streefwaarde Werk & Inkomen

Klanttevredenheid

NPS score > 70

31

Kwaliteit Prestatie-indicatoren

Streefwaarde Werk & Inkomen

Doorlooptijden

Afhankelijke van situatie klant / doelgroep

Aantal klachten

Minder dan 5 klachten per gemeente zijn gegrond

Bezwaar- en beroep

Minder dan 10 bezwaar-/beroepsschriften zijn ontvankelijk en gegrond

Kosten Basis van de raming UP2023 zijn de aantallen werkprocessen 2022.

Participatiewet-Werk Plannen van aanpak Heronderzoeken Aanvragen Begeleiding klanten incl B&B Totaal

Ramining aantal werkprocessen 2023 Raming Totaal Totaal Totaal Totaal capaciteit aantal WP aantal WP aantal WP aantal WP MER (fte's) ES MG RD MER 126 77 92 294 1,0 450 285 335 1.070 4,0 216 84 89 389 0,4 n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. 3,6 792 446 515 1.752 9,1

4.2.7 Voorstel werk 2023 Tijdens het bestuurlijk overleg op 21 november en 13 december 2022 hebben de portefeuillehouders van de MER-gemeenten kennisgenomen van:  het voorstel om in 2023 over te gaan van werken op basis van werkprocessen naar werken met een vaste (maximale) caseload aan klanten per medewerker. Een voorstel hiertoe wordt uitgewerkt in Q1/ Q2 en, na ambtelijke afstemming, starten met ingang van Q2/Q3. In het voorstel worden de omvang en de samenstelling van het klantenbestand en de te behalen resultaten nader uitgewerkt. Overigens blijven de gegevens over de aantallen werkprocessen beschikbaar.  het idee dat vanuit de klantmanagers Werk naar voren is gebracht om voor de doelgroep jongeren, en dan met name de groep met zwaardere problematiek, een aparte aanpak te ontwikkelen. In samenhang met het eerste punt willen wij graag bespreken of voor deze aanpak voor de doelgroep jongeren een extra investering voor de doelgroep (van 17-27 jaar) mogelijk is. Een voorstel hiertoe zal in Q2/Q3 worden voorgelegd en besproken.

32

4.3 Bijstandsverlening aan ondernemers / Bbz-regeling 4.3.1 Waarom De financiële ondersteuning van (startende) ondernemers middels bijstandsverlening en/of bedrijfskredieten is een apart onderdeel van de Participatiewet. Deze specialistische taak is belegd in het Cluster Inkomen. Bij de beoordeling van een aanvraag van een ondernemer gaat het met name om de analyse van het bedrijfsplan waarbij de levensvatbaarheid van de onderneming beoordeeld wordt. Ook begeleiding en advisering van ondernemers hoort bij deze taak. De regels hiervoor zijn opgenomen in het Bijstandsbesluit zelfstandigen (Bbz).

4.3.2 Wat Het doel van de Bbz-regeling: - Het bieden van perspectief aan beginnende ondernemers met een P-wet of WW-uitkering. - Het vormen van een vangnet voor gevestigde ondernemers met een tijdelijk financieel probleem. Financiële ondersteuning vindt plaats door het tijdelijk tegemoetkomen in de kosten van levensonderhoud en/of door het verstrekken van (extra) bedrijfskapitaal aan de ondernemer. Wat biedt de Bbz-regeling: de gevestigde zelfstandige

de startende zelfstandige

de oudere zelfstandige

de beëindigende zelfstandige

Algemene bijstand gedurende maximaal 12 maanden. Verlenging (met maximaal 24 maanden) is mogelijk als de oorzaak bijstandsbehoefte ligt in externe omstandigheden van tijdelijke aard. Bedrijfskapitaal van maximaal € 212.147,00 als rentedragende lening. Bedrijfskapitaal kan tot maximaal € 10.607,00 om niet (gift) worden verleend als het inkomen duurzaam beneden de bijstandsnorm ligt (en de ondernemer onder de vermogensgrens blijft). Bij een keuze voor de gift, kan er niet ook nog gebruik worden gemaakt van de rentedragende lening. Algemene bijstand na de beëindiging van de uitkering PW of WW gedurende maximaal 36 maanden. Verlenging is mogelijk als de zelfstandige om medische/sociale redenen niet volledig beschikbaar is voor de uitoefening van het bedrijf/zelfstandig beroep. De Bbz wordt beëindigd zodra het bedrijf niet meer levensvatbaar is. Bedrijfskapitaal uitsluitend als rentedragende geldlening tot maximaal € 39.057,00. Algemene bijstand voor de duur dat uit het bedrijf of zelfstandig beroep naar verwachting een bruto inkomen wordt behaald dat gemiddeld minstens € 8.4525,00 per boekjaar bedraagt. Bedrijfskapitaal tot maximaal € 10.607,00 als bedrag om niet, mits de ondernemer onder de vermogensgrens blijft, anders is verstrekking van bedrijfskapitaal als rentedragende lening aan de orde. Algemene bijstand gedurende maximaal 12 maanden.

Verlenging met maximaal 12 maanden is mogelijk voor zover de beëindiging een langere termijn noodzakelijk maakt.

33

4.3.3 Wie Doelgroep De Bbz-regeling onderscheidt 4 doelgroepen: 1. de gevestigde ondernemer die gedurende een redelijke termijn als zelfstandige werkzaam is geweest en wiens bedrijf/zelfstandig beroep levensvatbaar is; 2. de beginnende ondernemer, d.w.z. degene die op grond van werkloosheid (P-wet of WW) een uitkering ontvangt en die een levensvatbaar eigen bedrijf/zelfstandig beroep start; In die zin is het Bbz een middel om uitkeringsgerechtigden te laten uitstromen uit de uitkering. 3. de oudere ondernemer, d.w.z. de zelfstandige geboren voor 1 januari 1960, wiens bedrijf niet (meer) levensvatbaar is en dat bedrijf gedurende 10 jaar direct voorafgaand aan de aanvraag heeft uitgeoefend. Hij geniet hieruit een inkomen dat duurzaam ontoereikend is om in zijn levensonderhoud te voorzien; 4. de beëindigende zelfstandige, d.w.z. de zelfstandige wiens bedrijf/zelfstandig beroep niet levensvatbaar is en die zich verplicht de activiteiten zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twaalf maanden te beëindigen.

Uitvoerders Het beantwoorden van vragen van ondernemers over de mogelijkheden van een bedrijfskrediet of van tijdelijke financiële ondersteuning voor de kosten van levensonderhoud vergt specialistische kennis en is ondergebracht bij de Consulenten Bbz/Terugvordering in de Back Office Sociaal Domein. Waar nodig wordt extern advies gevraagd bij gespecialiseerde bureaus. Dit betreft complexe situaties en dan met name het onderzoek naar de levensvatbaarheid van het bedrijf.

4.3.4 Hoe Melding Voor de melding van een verzoek om informatie of een aanvraag maken we gebruik van een door het IMK ontwikkelde applicatie voor e-dienstverlening: Het sociaal ondernemersloket online (SOLO). Burgers met vragen kunnen op de website van de eigen gemeente terecht en komen dan via een link in de online applicatie SOLO. In SOLO is veel informatie opgenomen voor de Bbz-klant, alsook de mogelijkheid om zelf te beoordelen of zij tot de Bbz-doelgroep behoren en wellicht in aanmerking komen voor financiële ondersteuning of een bedrijfskrediet. Dit gebeurt aan de hand van een in de applicatie verwerkte beslisboom. Als de klant daadwerkelijk een aanvraag wil indienen kan hij/zij ook zijn gegevens en bijlagen/bewijsstukken uploaden. Na ontvangst van alle gegevens worden deze gescreend en vervolgens wordt er een gesprek met de klant ingepland. Na het gesprek worden alle benodigde gegevens in ons klantsysteem geregistreerd. Aanvraag & besluit

Na ontvangst van de aanvraag beoordeelt de consulent of er op basis van het ingediende bedrijfsplan sprake is van een levensvatbaar bedrijf. Bij complexe situaties wordt indien nodig extern advies gevraagd. Na het onderzoek wordt besloten de aanvraag toe te kennen of af te wijzen. Ingeval van een bedrijfskrediet wordt er eveneens een terugbetalingsregeling afgesproken en waar mogelijk een vorm van onderpand, bijvoorbeeld in de vorm van een hypotheek.

34

4.3.5 Ontwikkelingen In 2023 zullen we bezig blijven met het optimaliseren van de werkwijze, ontwikkelingen en het uitvoeren van taken. 4.3.6 Resultaten 2023 Te behalen resultaten: 1. Startende ondernemers ondersteunen middels gerichte adviezen en waar nodig financiële middelen. 2. Gevestigde ondernemers met financiële problemen een tijdelijk vangnet bieden. 3. Waar nodig nog nazorg bieden aan de ondernemers die door de coronapandemie en daarmee gepaard gaande lockdown in de problemen zijn geraakt. Klachtgerichtheid Prestatie-indicatoren

Streefwaarde Werk & Inkomen

Klanttevredenheid

NPS score > 70

Kwaliteit Prestatie-indicatoren

Streefwaarde Werk & Inkomen

Doorlooptijden

Minimaal 90% wordt binnen wettelijke termijn afgehandeld

Aantal klachten

Minder dan 5 klachten per gemeente zijn gegrond

Bezwaar- en beroep

Minder dan 10 bezwaar-/beroepsschriften zijn ontvankelijk en gegrond

Kosten Voor de uitvoering van de Bbz wordt nog deels gebruik gemaakt van externe expertise door het IMK. Vanuit Roerdalen is er een separate bekostiging van € 20.000,- per jaar; voor Echt-Susteren en Maasgouw is dit reeds in de MER-begroting opgenomen. Als basis voor de raming UP2023 gaan we uit van een gemiddelde van de aantallen van 2019 en 2022. De reden hiervoor is dat we in 2020 en 2021 de effecten van de Covid-pandemie en de Tozo-regeling willen uitsluiten. We verwachten namelijk dat in 2023 nauwelijks nog effecten van de Covid-pandemie terugkomen in de uitvoering van de Bbz. In de raming van de capaciteit worden de meldingen Bbz sinds vorig jaar niet meer meegenomen. BBZ (exclusief 40 meldingen BBZ) Aanvragen BBZ, heronderzoeken, beëindigingen

Ramining aantal werkprocessen 2023* EchtMaasgouw Roerdalen MER Susteren 23 21 0 44

35

Raming capaciteit MER 0,1

4.4 De TOZO-regeling voor ondernemers / zzp’ers 4.4.1 Terugblik De impact van Corona heeft geleid tot verschillende ondersteuningsmaatregelen voor ondernemers en zzp’ers, waaronder de Tozo-regeling. De Tozo-regeling liep tot 1 oktober 2021 en kende twee onderdelen: periodieke financiële tegemoetkomingen (levensonderhoud) en bedrijfskredieten. Er hebben in die periode totaal 2.614 ondernemers een Tozo aanvraag ingediend. Tozo 1 /m 5

Aantal aanvragen

Aantal besluiten bedrijfskrediet

Aantal besluiten levensonderhoud

Totaal aantal besluiten

Echt-Susteren

1.149

63

1.002

1.065

Maasgouw

792

29

718

747

Roerdalen

673

43

586

629

Totaal

2.614

135

2.306

2.441

In 2023 verwachten we geen nieuwe Tozo-regelingen.

4.4.2 Resterende taken 2023 Bedrijfskredieten De verstrekte bedrijfskredieten mogen over een periode van vijf jaar worden terugbetaald door de ondernemers. Er is door het kabinet enkele malen uitstel van betaling verleend. Wij hebben onze besluiten daar op aangepast en ondernemers geïnformeerd. De taken t.a.v. de terugbetaling / terugvordering van bedrijfskredieten blijven dus nog enkele jaren noodzakelijk.

Uitvoering Voor de uitvoering van de resterende Tozo-taken zal inzet van externe medewerkers nodig blijven, met begeleiding door eigen medewerkers, met name vanuit het taakveld Bbz/terugvordering. Gezien het aantal ondernemers met een terugbetalingsverplichting en de daarmee samenhangende werkzaamheden, is de raming voor het eerste kwartaal 3 dagen per week ofwel 0,67 fte externe capaciteit en vanaf het tweede kwartaal t/m het vierde kwartaal 2 dagen (0,44 fte) per week. In 2023 wordt bezien of verder afbouw mogelijk is.

4.4.3 Voorstel extra capaciteit 2023 Met de terugbetaling en de daarmee samenhangende werkzaamheden, is onze raming voor 2023: Maasgouw Echt-Susteren Roerdalen Totaal Aantal aanvragen Tozo 645 949 526 2.120 op 2-1-2021 Verdeelsleutel Tozo 30,42% 44,76% 24,81% 100%

36

Verdeling Tozo 2023 o.b.v. verdeelsleutel Tozo 2023- Q1 0,67 fte = 24 uur x 13 weken x € 80 = € 24.960 2023- Q2 t/m Q4 0,44 fte = 16 uur x 35 weken x € 80 = € 44.800 Totaal

Maasgouw (30,42%)

Echt-Susteren (44,76%)

Roerdalen (24,81%)

Totaal MER (100%)

€ 7.594

€ 11.173

€ 6.193

€ 24.960

€ 13.630

€ 20.055

€ 11.115

€ 44.800

€ 21.224

€ 31.228

€ 17.308

€ 69.760

Echt-Susteren (44,76%) € 31.228 € 31.228

Roerdalen (24,81%) € 17.308 € 17.308

Totaal MER (100%) € 69.760 € 69.760

Kosten per jaar 2023 t/m 2024: € 69.760 2023 2024

Maasgouw (30,42%) € 21.224 € 21.224

37

4.5 Terugvordering en debiteurenbeheer 4.5.1 Waarom Terugvordering en debiteurenbeheer maken onderdeel van de Participatiewet, de Ioaw/Ioaz en ook het Bijstandsbesluit zelfstandigen (Bbz). De reden hiervoor is tweeledig: 1. Bijstandsverlening gebeurt soms in de vorm van een voorschot en/of een lening en die moeten worden terugbetaald; 2. Er is soms sprake van teveel of onterecht verstrekte bijstand of kredietverlening en die moet worden teruggevorderd.

4.5.2 Wat De volgende situaties kunnen aanleiding geven tot terugvordering van teveel ontvangen uitkering: - Er is een voorschot verstrekt, dat tijdens de uitkeringsperiode niet of niet volledig verrekend kon worden; - Er is teveel bijstand verstrekt, doordat er geen, onjuiste of onvoldoende informatie bekend was op moment van uitbetaling; - Door een administratieve fout is er een (te hoog) bedrag overgemaakt; - Er is sprake van fraude, op grond waarvan een bedrag ten onrechte aan /bijstand is verstrekt; - De klant heeft inkomsten achteraf ontvangen, die niet meer met de lopende uitkering verrekend konden worden; - Er is leenbijstand verstrekt, die terugbetaald moet worden; - Er is een bedrijfskrediet verstrekt dat terugbetaald moet worden.

4.5.3 Wie Gezien de samenhang in de taken terugvordering en Bbz en het feit dat ze specialistische kennis vergen, worden deze taken uitgevoerd door klantmanagers die zich alleen met deze taken bezighouden. De formatie voor de uitvoering van terugvordering en Bbz bedraagt 2 fte.

4.5.4 Hoe Werkwijze Het doel van het debiteurenbeheer is ervoor te zorgen dat alle vorderingen zoveel mogelijk worden terugbetaald. Bij een goed debiteurenbeheer is een aantal zaken van essentieel belang: - Ken de klant - Informeer de klant zo snel mogelijk over een vordering - Invordering en aanmaning - Beslaglegging - Signalering betalingen

Ken de klant Het is goed om te zorgen dat er zoveel mogelijk informatie beschikbaar is over de klant, zoals woonen gezinssituatie, werk en inkomen, adres, bewindvoerders, andere schuldeisers of andere instanties die betrokken zijn bij het gezin. Dit vraagt wel extra inspanning omdat er dan een overzichtelijk en volledig debiteurendossier samengesteld moet worden, zodat snel inzicht verkregen kan worden in de debiteur.

38

Contact bij de terugvordering is vooral gericht op het innen van de vordering, maar het is ook van belang een overall beeld van de aanwezige schulden te hebben en inzicht op het effect dat deze schulden hebben op het leven van de klant (stress-sensitieve benadering) ; soms is dan ook contact nodig met een partner in de keten die hulp en/of ondersteuning kan bieden. Hierbij kan gedacht worden aan PLANgroep, Stichting Schuldhulp Maasgouw, AMW-ML en IMK dienstverlening voor ondernemers.

Informeer de klant zo snel mogelijk over een vordering Zodra er sprake is van een vordering moet de klant hierover zo snel mogelijk geïnformeerd worden; over de vordering(en) zelf en over het treffen van een terugbetalingsregeling. Ingeval van het ontvangen van een bijstandsuitkering, kan op de vordering worden afgelost middels een maandelijkse inhouding op de uitkering. Bij debiteuren die niet meer afhankelijk zijn/worden van een bijstandsuitkering, wordt er tijdens het beëindigingsgesprek al aandacht geschonken aan de vordering en wordt er waar mogelijk al een terugbetalingsregeling getroffen. Het aflossingsbedrag zal na beëindiging van de uitkering gedurende de aflossingsperiode meestal gelijk zijn aan het bedrag dat maximaal op de bijstand werd ingehouden. Bij het eerste heronderzoek kan het aflossingsbedrag definitief worden vastgesteld aan de hand van een draagkrachtberekening. De methodiek zorgt ervoor dat klanten de tijd krijgen om weer te wennen aan het arbeidsproces en niet gelijk het meerdere aan inkomen af te moeten geven voor aflossing van de schuld(en).

Invordering en aanmaning In de nieuwe werkwijze vinden voornamelijk signaal gestuurde heronderzoeken plaats. We kunnen debiteuren indelen in drie categorieën: - degene die volgens afspraak aflossen; - degene waar we vaker contact mee zoeken omdat er bijv. onregelmatig wordt afgelost; - en degene die helemaal niet aflost. Met een aanmaning of betalingsherinnering verzoek je alsnog om betaling van een nog openstaande factuur. Een aanmaning bevat de waarschuwing dat bij uitblijven van betaling de wettelijke incassokosten verschuldigd zijn en dat er mogelijk een gerechtsdeurwaarder wordt ingeschakeld. De laatste waarschuwing voor het inschakelen van een deurwaarder vormt tevens een officiële ingebrekestelling. Bij goed debiteurenbeheer moet een aanmaning direct verzonden worden na afloop van een afgesproken termijn waarbij de gemeente geen betaling heeft ontvangen. Als vermeld is binnen twee weken te betalen, moet na afloop ook direct gereageerd worden. Met onze werkwijze wordt dit geborgd.

Beslaglegging Indien een bijstandsgerechtigde schulden heeft en niet voldoet aan zijn aflossingsverplichtingen, kan de schuldeiser op enig moment beslag (laten) leggen op de algemene bijstand. Daarnaast is eventueel beslag op goederen mogelijk. Er zijn verschillende invorderingsmogelijkheden: - Verrekening met een bijstandsuitkering; - Vereenvoudigd derdenbeslag op loon, sociale uitkeringen of andere periodieke betalingen;

39

-

Beslag via de gerechtsdeurwaarder; Bankbeslag; Conservatoir beslag op (on)roerende goederen (in Nederland of het buitenland)

Verrekening met de bijstandsuitkering gebeurt door de klantmanager Inkomen; hierbij is het van belang dat de inhouding snel administratief doorgevoerd wordt. Indien verrekening niet mogelijk is, kan er via de gerechtsdeurwaarder beslag gelegd worden. De deurwaarder heeft hiervoor een rechterlijk vonnis nodig. Ook als het beslag via de gerechtsdeurwaarder loopt geldt de normale beslagvrije voet. Vanuit de IB signalen is veel informatie van de debiteur te vinden, zodat vereenvoudigd derdenbeslag soms ook mogelijk is (bij derdenbeslag wordt er dus beslag gelegd bij iemand die eigenlijk buiten het geschil tussen de schuldeiser en de schuldenaar staat. Dit is veelal de werkgever).

Voorwaarden De vordering moet in principe in één keer terugbetaald worden. Als dat niet lukt, kan er een betalingsregeling getroffen worden; - er geldt een verplichting om mee te werken aan een onderzoek naar de financiële draagkracht, zodat wij een aflossingsbedrag kunnen vaststellen dat past bij de financiële situatie van de klant; - bij niet voldoen aan de aflossingsverplichting volgt een besluit om beslag te leggen op het inkomen van de klant. Voorafgaande aan dit beslag sturen we een aanmaning en vervolgens een dwangbevel. Deze kosten van deze procedure worden bij de klant in rekening gebracht.

4.5.5 Ontwikkelingen De resultaten uit het verbeterteam zijn grotendeels geïmplementeerd. Een aantal verbeteringen moeten nog wel worden doorontwikkeld. Het gaat dan bijvoorbeeld om het aanpassen van documenten in begrijpelijke (heldere) taal.

4.5.6 Resultaten 2023 In 2023 willen we ook bij debiteuren een start maken met het ontwikkelen van een meetinstrument rondom klanttevredenheid.

Klachtgerichtheid Prestatie-indicatoren

Streefwaarde Werk & Inkomen

Klanttevredenheid

NPS score > 70

Kwaliteit Prestatie-indicatoren

Streefwaarde Werk & Inkomen

Doorlooptijden

Minimaal 90% wordt binnen wettelijke termijn afgehandeld

Aantal klachten

Minder dan 5 klachten per gemeente zijn gegrond

40

Bezwaar- en beroep

Minder dan 10 bezwaar-/beroepsschriften zijn ontvankelijk en gegrond

Kosten Het proces terugvordering bestaat nog maar deels uit proces gerelateerde taken. Het overige deel van de taken gebeurt niet binnen het terugvorderingsproces in Suite en is daardoor niet goed te vatten in een normtijd. Dit zelfde geldt ook voor het aantal processen, aangezien niet meer voor alle taken een werkproces wordt opgevoerd. Uit Suite gegenereerde aantallen en normtijden zouden daardoor een vertekend beeld geven. Om deze reden zullen de kosten niet meer worden weergegeven op basis van p x q, maar op basis van de vaste capaciteit van 1,9 fte (exclusief terugvorderingen Tozo). De verwachting is dat de reguliere werkzaamheden binnen de bestaande formatie kunnen worden uitgevoerd.

41

4.6 Handhaving 4.6.1 Waarom Handhaving kent een aantal uitgangspunten: - Fraudebestrijding - Borgen van rechtmatigheid / voorkomen van onrechtmatige vestrekkingen en betalingen - Informatie verstrekken (preventieve werking) - Verbeteren dienstverlening - Het vergroten van de effectiviteit van de inzet van mensen en middelen.

4.6.2 Wat Handhaving is de controle op de naleving van de wet- en regelgeving. Het gemeentelijk handhavingsbeleid strekt zich uit over het gehele sociaal domein en betreft een mix van handelingen, waaronder gerichte communicatie (preventie, nalevingsbeïnvloeding), regelmatig contact, begeleiding, controle en als sluitstuk opsporing en sanctionering.

4.6.3 Wie Doelgroep

Het toezicht en de handhaving richten zich vooral op de ontvangers van bijstand (Participatiewet) en in veel mindere mate op de voorzieningen Wmo.

Uitvoering

De uitvoering van onze handhavingstaak in brede zin begint bij de klantmanagers, die verantwoordelijk zijn voor het rechtmatig verstrekken van uitkeringen en het geven van de juiste informatie aan de doelgroep. Zij hebben de contacten met de klanten en zijn in de eerste plaats verantwoordelijk voor het informeren over regels en afspraken. Bij twijfel over de rechtmatigheid of indien er mogelijk sprake is van fraude, misbruik of een misstand, wordt geschakeld naar de tweede lijn: een melding naar de sociaal rechercheur.

4.6.4 Hoe De aanpak van (signaal-gestuurde) handhaving is als volgt ingericht: 1. Signalen worden verzameld en beoordeeld op waarde, omvang en uitvoerbaarheid en vervolgens wordt de prioritering bepaald. Vanwege deze centrale rol in het proces is continuïteit en objectiviteit van belang. Daarom is het verzamelpunt bezet door meerdere personen, te weten de coördinator, de sociaal rechercheur en een juridisch adviseur. 2. De sociaal rechercheur bepaalt de aanpak voor het onderzoek en fungeert als aanspreekpunt. Het verdere verloop in het proces is afhankelijk van de beoordeling van het signaal. Hierbij gaat het in de eerste plaats om de aard van het onderzoek, met name wanneer daar bijzondere bevoegdheden voor nodig zijn. Verdere overwegingen zijn te maken op basis van de kosten en de baten, de (vermoedelijke) omvang van de zaak en mogelijke verbindingen met andere (politie)onderzoeken. De sociaal rechercheur beschikt over de inhoudelijke en procedurele kennis om deze overwegingen te maken. In het ene geval kan een klantmanager voldoende (nadere) informatie verzamelen om tot conclusies te komen. In andere gevallen is een bijzonder onderzoek door de sociaal rechercheur noodzakelijk.

42

3. De sociaal rechercheur stelt de rapportage op en komt met een advies. 4. De klantmanager verwerkt de rapportage in een besluitvoorstel en een beschikking betreffende de gevolgen voor de uitkering/voorziening, sanctionering en terugvordering. Het besluit wordt administratief verwerkt en waar nodig wordt invordering gestart.

IB-signalen

Het Inlichtingenbureau controleert doorlopend op omstandigheden die van invloed kunnen zijn op het recht op bijstand. Het resultaat van deze controle levert het Inlichtingenbureau aan in de vorm van maandelijkse samenloopsignalen. De IB-signalen worden na ontvangst zo spoedig mogelijk nagelopen, zodat, indien aan de orde, kan worden overgegaan tot beëindiging of verrekening. Zo wordt voorkomen dat er ten onrechte of teveel uitkering verstrekt wordt.

Deelname Lokaal Overleggen en Flexteams

Flexteams zijn de integrale bestuurlijke controles die door de gemeenten worden geregisseerd. De gemeenten vragen hierbij inzet van de sociaal rechercheur. Gemiddeld vraagt deelname aan een flexteamcontrole 3 uur (incl. voorbereiding, briefing, debriefing en verslaglegging). Soms kent een controle meerdere locaties die bezocht worden. De volgende inzet is afgesproken: Gemeente Echt-Susteren: 10 overleggen op jaarbasis, tijdsbesteding 2-3 uur per overleg incl. voorbereiding Gemeente Roerdalen 4-6 overleggen op jaarbasis, tijdsbesteding 2-3 uur per overleg incl. voorbereiding Gemeente Maasgouw 11 overleggen op jaarbasis, tijdsbesteding 2-3 uur per overleg incl. voorbereiding Voor de Flexteams is de verwachting dat dit in 2023 een totale tijdsbesteding vraagt van 60 uur voor de drie gemeenten samen.

Samenwerking RIEC

Het Sociaal Domein werkt via de moedergemeenten samen met het RIEC op het gebied van ondermijning en veiligheid. Ondermijning kent diverse thema’s zoals witwassen, mensenhandel, zorgfraude etc. Op die thema’s kijken wij naar mogelijke samenloop met uitkeringen of zorg. Dit kan zowel gevraagd als ongevraagd. Wij streven daarbij naar een integrale aanpak. Binnen die aanpak is ook aandacht voor kwetsbare personen, zoals slachtoffers van mensenhandel of zorgfraude. Naast het Sociaal Domein nemen ook andere gemeentelijke diensten aan deze samenwerking deel, zoals de MER-Omgevingsdienst. Dus er is een brede (bestuurlijke) coalitie waarbij alle partners elkaar ondersteunen en aanvullen.

4.6.5 Ontwikkelingen Handhaving is een kerntaak van het Sociaal Domein. In 2022 zijn we gestart met in kaart brengen waar het handhavingsproces efficiënter en effectiever kan worden gemaakt. Zo zijn we gestart om het ontvangen van fraudemeldingen te centraliseren. Verder willen we deze kerntaak meer tot uitdrukking laten komen in ons uitvoeringsbeleid en onze processen. Dit vraagt om een blijvende fraudealertheid.

43

In 2022 heeft de basistraining fraudealertheid plaats gevonden voor onze klantmanagers PW waarbij de kennis weer is geactualiseerd. We gaan onderzoeken of er een meerwaarde is om voor handhaving een specifieke applicatie te gaan gebruiken. We hebben de ambitie om handhaving ook meer op het vlak van de Wmo in te kunnen zetten, omdat er toch de nodige signalen komen uit onze uitvoeringspraktijk waarbij er mogelijk sprake is van misbruik of fraude. Bespreekpunt: de benodigde formatie.

4.6.6 Resultaten 2023 Te behalen resultaten: - Handhaving borgen en vorm en inhoud blijven geven in ons uitvoeringsbeleid en onze processen, door casusoverleg en door trainingen voor medewerkers. - Focus op preventie c.q. het voorkomen van uitkeringsfraude en het beschermen van kwetsbaren. - Beoordeling afronden of nieuwe applicatie meerwaarde heeft voor de uitvoering. - De aanpak van zorgfraude opstarten en ontwikkelen.

44

4.7 Bezwaar en beroep Werk en Inkomen Bezwaar en beroep is bij Werk en Inkomen is in een apart paragraaf opgenomen, omdat de bezwaaren beroepszaken niet worden uitgesplitst naar de verschillende onderdelen inkomen, werk, BBZ, terugvordering en verhaal. De aantallen bezwaar en beroepszaken op het gebied van Zorg en Ondersteuning zijn opgenomen in hoofdstuk 4 Zorg & Ondersteuning. In paragraaf 6.4 is de werkwijze van bezwaar en beroep per gemeente toegelicht.

4.7.1 Kosten Basis van de raming UP2022 zijn de aantallen bezwaar en beroepsschriften 2021. Door de Tozoregeling waren de aantallen in 2020 hoger dan in 2021. Bij het berekenen van de benodigde capaciteit is rekening gehouden met de verschillende normtijden per gemeente. Naar verwachting kan de afhandeling binnen de bestaande formatie worden uitgevoerd. De normtijd bestaat uit twee delen: een inhoudelijke bijdrage door de klantmanager en een juridisch bijdrage door de juridisch adviseur.

Bezwaar en beroep Werk, Inkomen Bezwaar en beroep PW

Ramining aantal werkprocessen 2023 EchtMaasgouw Roerdalen MER Susteren 24 8 6 38

45

Raming capaciteit MER (fte's) 0,5

5. Inburgering 5.1 Waarom ‘nieuwe Wet inburgering 2021’ De nieuwe Wet inburgering is op 1 januari 2022 in werking getreden. Doel van deze wet is dat alle inburgeringsplichtigen snel en volwaardig mee kunnen doen aan de Nederlandse samenleving, een zo hoog mogelijk taalniveau behalen en het liefst door middel van betaald werk maximaal participeren. Gemeenten hebben in dit stelsel de regierol op de inburgering. In de Wet inburgering 2021 en de lagere regelgeving (Besluit en Regeling) zijn de kaders voor die regierol en de uitvoering nader uitgewerkt. Gemeenten krijgen concreet een aantal nieuwe taken, zoals het opstellen van een persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP), het aanbieden van leerroutes en het monitoren van het inburgeringstraject. Het monitoren van beleid en uitvoering van de nieuwe Wet inburgering is regionaal bij de Arbeidsmarktregio Midden-Limburg belegd. Het jaar 2022 en 2023 wordt mede gebruikt om scherper zicht te krijgen op de benodigde structurele middelen vanaf 2024.

5.2 Wat ‘nieuwe Wet inburgering 2021’ De gemeenten Maasgouw, Echt-Susteren en Roerdalen hebben gevraagd vanaf 2022 de volgende taken binnen de nieuwe wet op te pakken: 1. Brede intake 2. Leerbaarheidstoets 3. Persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP) 4. Monitoren voortgang en regie 5. Ontzorgen (deels) 6. Handhaving verplichtingen 7. Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) samen met Vluchtelingen aan zet Niet binnen de opdracht aan het SC MER valt de inkoop van de leerroutes, het monitoren en borgen van de kwaliteit van de leerroutes en de aanvullende modules: - Onderwijsroute De onderwijsroute is een leerroute die inburgeringsplichtigen leidt naar het onderwijs. De onderwijsroute bestaat uit een taalschakeltraject en is gericht op het beheersen van de Nederlandse taal op minimaal B1 niveau en de instroom in het reguliere Nederlands onderwijs. - De Z-route De Z-route (zelfredzaamheidsroute) is voor inburgeraars met een lage leerbaarheid. Het is een intensief traject, gericht op het zelfstandig kunnen meedraaien in de maatschappij. Deze route wordt niet afgesloten met een examen, maar is volbracht na een eindgesprek met de gemeente en het behalen van een minimale urennorm van 1.600 uur. - B1-route Naar verwachting zal veruit de grootste groep inburgeraars de B1-Route volgen. Binnen de nieuwe inburgeringswet is de taaleis verhoogd van niveau A2 naar B1.

Ook wordt inburgering gecombineerd met participatie, zoals (vrijwilligers)werk. - Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) - Alfabetisering (voor zover onderdeel van het PIP)

46

-

Participatieverklaring (PVT)

De inkoop en de organisatie van de voorzieningen wordt regionaal en lokaal opgepakt. De uitvoering maakt gebruik van de voorzieningen die daaruit voortkomen voor de begeleiding en trajecten van de inburgeraars die instromen en inburgeringsplichtig zijn. De inkoop heeft invloed op de inhoud en kwaliteit van de inburgeringstrajecten. De nieuwe Wet inburgering wordt door de minister benoemd als lerend stelsel waarbij de invulling op basis van de praktijk in de loop van de eerste drie jaar kan worden bijgesteld. Dit geldt ook voor de invulling van de uitvoering door de SC MER. Bij de verdere ontwikkeling in 2023 zal dus worden samen gewerkt tussen beleid gemeenten en de MER uitvoering.

5.3 Wie ‘nieuwe Wet inburgering 2021’ In onderstaande tabel is het aantal statushouders en gezinsmigranten op peilmoment 13 oktober 2022 in beeld gebracht. Een deel van de statushouders is nog niet gehuisvest. Belangrijk is om de werkelijke aantallen in 2023 te monitoren. Onderstaande aantallen is een inschatting op basis van de huidige aantallen en de nog te realiseren taakstelling. Landelijk wordt ervan uitgegaan dat 70% van de taakstelling inburgeringsplichtigen is. Deze aanname is ook toegepast op de taakstelling 2023. Omvang WI 2021 peildatum 13-10-2022 WI 2021 aantal statushouders* WI 2021 aantal gezinsmigranten Aanal peildatum 13-10-2022 Aanname 2023 aantal statushouders Nog in te vullen taakstelling 1-10-2022* Taakstelling 1ste half jaar 2023 Taakstelling 2de helft jaar 2023 (aanname) Totaal aantal Inburgeringsplichting 70% (aanname o.b.v. verdeelmodel) Aanname 2023 aantal gezinsmigranten Aanname gebaseerd op aantallen 2022 geextrapoleerd Aanname nieuwe instroom 2023 Aanname totale huidige caseload + nieuwe instroom

Maasgouw 20 3 23 Maasgouw 12 29 29 70 49 Maasgouw 4 Maasgouw 76

EchtSusteren 22 7 29

Roerdalen

Totaal

16 2 18

58 12 70

EchtSusteren 23 38 38 99 69

Roerdalen

Totaal

29 25 25 79 55

64 92 92 248 173

EchtSusteren 8

Roerdalen

Totaal

2

14

EchtSusteren 106

Roerdalen

Totaal

75

257

*het aantal statushouders zijn het aantal gekoppelde statushouders. Een deel van de statushouders moet nog worden gehuisvest.

Wie de uitvoering van de nieuwe en bestaande taken voor zijn rekening gaat nemen, wordt in de volgende paragraven beschreven.

47

5.4 Hoe ‘nieuwe Wet inburgering 2021’ In het onderdeel ‘Wat’ zijn we al ingegaan op de nieuwe Wet inburgering en de taken die we hier op hoofdlijnen in uitvoeren. 2022 was een jaar van voorbereiden en ontdekken vanuit projectmatig oogpunt. In 2023 gaan we vooral ervaring opdoen in de uitvoering. De basis staat maar de praktijk zal laten zien hoe we het in de uitvoering verder gaan vormgeven. Enerzijds willen we toe naar een meer uniforme en efficiënte werkwijze voor de drie gemeenten waar mogelijk, ook om de kwetsbaarheid te ondervangen (bij ziekte of vakantie). Anderzijds zien we dat door de maatwerkafspraken (ook samenwerking met externe partners) niet alles uniform kan en wenselijk is. We zullen hier in 2023 verder op gaan richten. - Binnen de groep Klantmanagers/Trajectbegeleiders Maasgouw, Echt-Susteren en Roerdalen bestaat consensus over richting en werkwijze, zoals de organisatie van de uitvoering vanuit 1 apart team Inburgering. De klantmanagers/Trajectbegeleiders werken in beginsel voor de ‘eigen’ gemeente, maar bij verlof/ziekte vindt vervanging binnen het team plaats. Ook doorontwikkeling en borging worden vanuit dit team vormgegeven.

- De taken per gemeente zijn vergelijkbaar: nieuwe instroom, begeleiden huidige bestand naar maximale participatie en ondersteunende taken ten behoeve van de uitvoering van de huisvestingstaakstelling en/ of het Participatie Verklarings Traject. Maar in de uitvoering verschilt de werkwijze, afhankelijk van maatwerkafspraken en samenwerking met externe partners. - Het klantproces start met een brede intake, indien mogelijk op het AZC na koppeling aan de gemeente, het afnemen van een leerbaarheidstoets, waarna deze fase afgesloten wordt met het vaststellen van het PIP. Daarmee start een inburgeringstraject van in beginsel drie jaar. - De Klantmanagers/Trajectbegeleiders zijn al gecertificeerd voor het uitvoeren van de leerbaarheidstoets. De toetsen worden momenteel al uitgevoerd. - De klantmanagers/Trajectbegeleider hebben toegang tot het DUO-portaal waar we informatie over gekoppelde statushouders ophalen en verplichte onderdelen vanuit te wet registreren. - Voor de gemeente Roerdalen wordt de workshop participatieverklaring uitgevoerd. - In Echt-Susteren wordt ook de huisvestiging van statushouders door de klantmanagers gecoördineerd.

Dit betekent dat zij: - de contacten leggen met het COA en de woningcorporaties om een goede match te maken, - aanwezig zijn bij woningbezichtiging, - regelen dat de aanvraag voor de uitkering direct in gang gezet wordt, - administratieve taken verrichten in het systeem van het COA. Deze extra taken vergen een behoorlijke tijdsinvestering bovenop de reguliere taken als klantmanager.

5.5 Voorstel benodigde capaciteit 2023 ‘nieuwe Wet inburgering 2021’ Uit benchmark onderzoek van Divosa blijkt dat 83% van de gemeenten werkt met dedicated klantmanagers inburgering. Deze klantmanager biedt persoonlijke en intensieve begeleiding, vaak gecombineerd met een brede intake. Verder blijkt dat bij gemeenten die werken met een dedicated klantmanager 20% van de klanten uitstromen naar werk vergeleken met 18% bij gemeenten die niet werken met een dedicated klantmanager. Aanvullend zijn er vele andere effecten waarbij integratie

48

van deze doelgroep verbetert door extra inzet van klantmanagers. In veel gemeenten wordt uitgegaan van een caseload van 40 tot 50 statushouders. Voor de MER willen we ook uitgaan van dedicated klantmanagers inburgering. We gaan daarbij uit van een caseload van 50 klanten. We hebben dit doorgerekend en komen uit op de volgende extra benodigde inzet: Benodigde capaciteit Wi 2021

Maasgouw

Aanname totale huidige caseload + nieuwe instroom Bij caseload 1 fte 50 klanten

76 1,5

EchtSusteren 106 2,1

Roerdalen

Totaal

75 1,5

257 5,1

De nieuwe instroom zal gedurende 2023 instromen.

Extra taken Roerdalen

Voor Roerdalen wordt 3 keer per jaar de workshop participatieverklaring georganiseerd. Op jaarbasis bedragen de kosten: 3x per jaar workshops (24 uur per workshop) x € 80,- per uur exclusief BTW = € 5.760 exclusief BTW.

Extra taken Echt-Susteren

Voor Echt-Susteren hebben we de extra taken met betrekking tot huisvesting en de kosten werkplek Menswel ook in beeld gebracht: - De huidige inschatting is dat 5 uur per huisvesting nodig is. Aanname: gemiddeld aantal personen per huisvesting is 3. Taakstelling 2023: 99 / 3 = 33. Benodigde capaciteit: 33 x 5 uur = 165 uur / 0,12 fte. 165 x € 80 = € 13.200

Coördinatie

Tot slot vragen we om extra coördinatie op de taak Inburgering. Gezien de grotere doelgroep is er ook meer begeleiding van vaste en inhuur medewerkers nodig. Ook zien we een duidelijke meerwaarde in het verder stroomlijnen en uniformeren van de nieuwe processen, waardoor klantmanagers efficiënter kunnen werken en dus meer aandacht kunnen hebben voor de klanten. Ook de implementatie en toepassing van de Module Arbeid en Participatie en de hierbij horende workshops voor klanten vereisen de nodige sturing. Tenslotte is het belangrijk alle data en cijfers goed inzichtelijk te krijgen en ook dit vergt enige coördinatie. Het lukt ons helaas niet de sturing op dit taakveld vanuit de reguliere formatie in te zetten. Het voorstel is om gelet op de ontwikkelingen voor 2023 24 uur per week coördinatie beschikbaar te stellen voor 2023. Verdeling o.b.v. verdeelsleutel UP2023 24 uur x 48 weken x € 80 = € 34.560

Maasgouw (28,48%)

Echt-Susteren (44,88%)

Roerdalen (26,64%)

Totaal MER (100%)

€ 26.247

€ 41.361

€ 24.551

€ 92.159

5.6 Voorstel benodigde capaciteit doelgroep statushouders (Wi 2013) De gemeente Echt-Susteren en Maasgouw hebben de afgelopen jaren extra geïnvesteerd in de doelgroep statushouders. Deze groep wordt momenteel nog steeds actief begeleid naar participatie of werk. Uitgangspunt is dat deze groep niet zomaar losgelaten wordt gezien de investering die hierin

49

al is gedaan. Een deel zal na het behalen van inburgering over worden gedragen naar regulier werk of activering. In de onderstaande tabel staat de doelgroep statushouders (Wi2013) vermeld. Doelgroep statushouders peildatum 13-10-2022 (Wi 2013) Maasgouw Activering Klantmanager statushouders Totaal

Benodigde capaciteit doelgroep statushouders (Wi 2013) Aanname totale huidige caseload + nieuwe instroom Bij caseload 1 fte 65 klanten

13 90 103

Maasgouw 90 1,4

EchtSusteren 25 97 122

Roerdalen

Totaal

43 47 90

81 234 315

EchtSusteren 97 1,5

Roerdalen

Totaal

47 0,7

234 3,6

Voor 1 januari 2023 wordt een geactualiseerde analyse gemaakt van de oude doelgroep. Op basis van deze geactualiseerde cijfers wordt bovenstaande berekening nog bijgesteld.

5.7 Voorstel totaal benodigde capaciteit De totaal benodigde capaciteit bedraagt: Maasgouw Benodigde capaciteit doelgroep WI 2013 Benodigde capaciteit doelgroep WI 2021

1,4 1,5 2,9

EchtSusteren 1,5 2,1 3,6

Roerdalen

Totaal

0,7 1,5 2,2

3,6 5,1 8,7

De taakstelling wordt gedurende het jaar ingevuld. In overleg met de gemeenten is het voorstel om per 1 januari 2023 te starten met: - Maasgouw (was in 2022 1 fte vast, 1 fte tijdelijk) o 1 fte vaste formatie : € 78.850 o 1 fte inhuur / vaste formatie  1 fte inhuur jan, feb (36 x 8,5 weken x € 80 =) : € 24.480  1 fte vaste formatie mrt t/m dec : € 65.708 + : € 169.038* In het geval van overname inhuur, zal inhuur per 1 september worden omgezet naar vaste formatie. Raming totale kosten bij omzetting inhuur naar vaste formatie per 1 september: € 205.933 (+€ 36.895) -

-

Echt-Susteren (was in 2022 0,89 fte vast, 1 fte tijdelijk) o 0,89 fte vaste formatie o 1 fte vaste formatie o 1 fte inhuur / vaste formatie  1 fte inhuur jan t/m jun (36 x 26 weken x €80=)  1 fte vaste formatie jul t/m dec

Roerdalen (was in 2022 0,75 fte vast)

50

: € 70.089 : € 78.850 : € 74.880 : € 39.425 + : € 263.244

o o

1 fte vaste formatie 1 fte inhuur / vaste formatie  1 fte inhuur jan, feb (36 x 8,5 weken x € 80 =)  1 fte vaste formatie mrt t/m dec

: € 78.850

: € 24.480 : € 65.708 + : € 169.038* In het geval van overname inhuur, zal inhuur per 1 september worden omgezet naar vaste formatie. Raming totale kosten bij omzetting inhuur naar vaste formatie per 1 september: € 205.933 (+€ 36.895) In 2023 zullen we de ontwikkeling van de instroom en uitstroom en de nieuw ontwikkelde werkwijze in relatie tot de benodigde capaciteit nauwgezet volgen en hierover periodiek afstemmen. Voor de oude doelgroep van voor de nieuwe Inburgeringswet maken we de afspraak om in 2023 nader te analyseren wat de mogelijkheden richting werk zijn en op basis daarvan te bezien of op termijn afschalen van de begeleiding en dus van de benodigde capaciteit mogelijk/wenselijk is. Risico: toename taakstelling 2de helft 2023 Voor de tweede half jaar 2023 is de taakstelling het eerste half jaar 2023 als uitgangspunt genomen. De taakstelling voor het 2de half jaar 2023 is op dit moment niet bekend en kan nog worden verhoogd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roerdalen&id=52903c6c-ce1a-4b83-b971-e0c6a03473d4