04 Programmabegroting 2025-2028
Tekst van het document
Kiezen we voor samenwerken met een inwonerinitiatief, dan geven we aan de start duidelijkheid over de beschikbare middelen, capaciteit en duur van de samenwerking. We stellen een nieuwe participatieverordening op voor wanneer de gemeente initiatief neemt en inwoners wil betrekken. Hiermee lopen we vooruit op de wet versterking participatie op decentraal niveau. We organiseren twee interne bijeenkomsten met thema ‘samen doen, samen leren’. Samenwerkingspartners • Servicecentrum MER Reguliere werkzaamheden • Bestuursondersteuning B&W en management • Bestuursondersteuning gemeenteraad/rekenkamer • Burgerzaken • Bestuurlijke samenwerking • Representatie • Bedrijfsvoering (voor toelichting zie paragraaf bedrijfsvoering) Onder representatie vallen ook de verbindende activiteiten zoals de sleuteloverdacht, nieuwjaarsreceptie, lintjesregen, veteranendag en kransleggingen op 4 mei. Dit draagt bij aan bestuurlijke visie om dicht bij onze inwoners te zijn.
49
Wat mag het kosten? Overzicht baten en lasten bedragen x € 1.000 7. Bestuur, organisatie en dienstverlening Saldo van baten en lasten Lasten Baten Saldo van baten en lasten Mutatie reserves Onttrekkingen Mutatie reserves Resultaat
Rekening Begroting Begroting 2023 2024 2025 - 12.025 1.331 - 10.694
- 12.540 4.365 - 8.175
555 555
803 803
- 10.140
- 7.372
MJR 2026
MJR 2027
MJR 2028
- 12.472 - 12.647 - 12.978 - 13.171 1.080 1.322 1.733 1.856 - 11.392 - 11.326 - 11.246 - 11.314
-
-
-
-
- 11.392 - 11.326 - 11.246 - 11.314
Toelichting verschillen tussen begroting 2025 en begroting 2024. De grootste wijzigingen in begroting 2025 ten opzichte van de begroting 2024 worden veroorzaakt door: •
• • • • •
50
De kosten stijgen ten gevolge van de CAO ontwikkeling die we ramen (4,4% conform raming CPB). Dit heeft een effect zowel voor de eigen organisatie (€ 420.000) als voor de bijdrage aan het SC MER (€ 357.000). Door het SC MER wordt de loonstijging pas verwerkt in de begroting nadat de CAO definitief is geworden. We hebben het structurele budget voor vervanging ziekte verlaagt zoals is aangegeven in de kadernota 2025. Daarnaast heeft in 2024 incidenteel een verhoging van dit budget plaatsgevonden. In totaliteit is het budget €320.000 lager dan in 2024. In 2024 is budget opgenomen voor het vestigen van het voorkeursrecht tbv ontwikkeling woningbouw (€ 80.000). We hebben ten opzichte van 2024 rekening gehouden met een toename van de rentekosten voor langlopende leningen (€ 250.000) In 2024 zijn er incidentele inkomsten door boekwinst die is gemaakt Flinke Ven en de verkoop van de gronden aan de Angsterweg in Vlodrop (€ 3.632.000). Op basis van het BBV moeten vanaf 2025 weer rekenen met een omslagrente over de activa. Dit heeft een effect op de opbrengst van dit programma van € 499.000 positief. De kosten zijn verdeeld over de overige programma’s.
Programma 8: Algemene middelen Inleiding In dit programma staat de financiële positie van de gemeente Roerdalen centraal. Een solide financiële positie is randvoorwaardelijk voor het realiseren van onze ambities. Er moet ruimte zijn om te investeren, zodat de leefbaarheid in onze gemeente duurzaam wordt versterkt. Het programma draagt vanuit dat oogpunt indirect bij aan de verbindende thema’s. Dit programma zorgt op zichzelf niet voor een solide financiële positie, maar we beschrijven hier wel het strategische doel in dit kader. Wat willen we bereiken en wat gaan we doen?
Strategisch programmadoel: een duurzaam gezonde financiële huishouding van de gemeente. Een goede financiële basis is randvoorwaardelijk voor het realiseren van onze doelen. We willen een sluitende begroting met een gezond meerjarenperspectief. We streven naar jaarlijks repressief toezicht van de provincie. Daarom werken we aan verbetering van onze ‘basis’. Dat betekent grip op financiën, ambtelijke capaciteit en risico’s (risicomanagement). In 2023 werden we geconfronteerd met (grote) financiële tekorten voor de komende jaren. Die waren aanleiding voor het proces Roerdalen in Balans 2.0. Na afronding van dit proces waren er nog diverse financiële ontwikkelingen, die zonder ingrijpen weer zouden leiden tot een flink tekort. In de kadernota is er gewerkt om deze tekorten zoveel mogelijk te reduceren. De begroting is hier een nadere uitwerking van. We hebben voldoende middelen beschikbaar voor het opvangen van tegenvallers. Dat wil niet zeggen dat we een risicomijdende gemeente zijn. We hebben echter een bewuste risicohouding. De schuldpositie van de gemeente is op een verantwoord niveau. Dit is verder uitgewerkt in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. De lastendruk voor de burgers heeft een acceptabel niveau. Voor ons betekent dit in ieder geval dat, op de plaatsen waar zich dit voordoet, zoveel mogelijk gestreefd wordt naar kostendekkendheid.
Oftewel de gebruiker betaalt. Eén van de weinige middelen die de gemeente tot haar beschikking heeft om haar inkomsten te verhogen zijn de algemene belastingen. Om de begroting zoveel mogelijk sluitend te krijgen is ook kritisch gekeken naar de algemene belastingen. In het kader van Roerdalen en balans 2.0 en de kadernota zijn er verschillende voorstellen gedaan om hier ook meer inkomsten te genereren. De effecten op de verschillende onderdelen van de financiële positie zijn uitgewerkt in de paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing, de paragraaf financiering en de paragraaf lokale heffingen. Hier staan ook de kengetallen die hiermee samenhangen. Samenwerkingspartners • Belastingsamenwerking gemeenten en waterschap (BsGW) • Servicecentrum MER-Bedrijfsvoering (SC MER BV) • Verschillende deelnemingen
51
Reguliere werkzaamheden • Heffing en inning van belastingen (zie paragraaf lokale heffingen) • Uitvoeren treasury functie (zie paragaaf financiering) • Aandelenbeheer (zie paragraaf verbonden partijen) • Analyse en berekeningen gemeentefonds • Financiële informatieverstrekking en – verantwoording Wat mag het kosten? Overzicht baten en lasten bedragen x € 1.000 8. Algemene middelen
Rekening Begroting Begroting 2023 2024 2025
MJR 2026
MJR 2027
MJR 2028
Saldo van baten en lasten Lasten Baten Saldo van baten en lasten
- 403 46.650 46.247
- 341 49.350 49.010
- 260 51.306 51.046
- 261 48.943 48.682
- 267 49.450 49.182
- 277 49.730 49.453
Mutatie reserves Toevoegingen Onttrekkingen Mutatie reserves
- 2.947 2.935 - 12
- 5.602 5.524 - 78
- 40 90 50
- 40 90 50
- 40 90 50
- 40 90 50
Resultaat
46.235
48.931
51.095
48.732
49.232
49.503
Toelichting verschillen tussen begroting 2025 en begroting 2024. De grootste wijzigingen in begroting 2025 ten opzichte van de begroting 2024 worden veroorzaakt door:
• •
• •
•
52
Door herijking van de toerekening van de bijdrage aan de BSGW aan de verschillende onderdelen heeft er een verschuiving plaatsgevonden naar afval en riolering, waardoor de kosten hier met € 95.000 dalen. Op basis van Roerdalen in Balans 2.0 zijn er afspraken gemaakt over de stijging van belastingen. Daarnaast heeft er een bijstelling plaatsgevonden op basis van de prognose. Ten opzichte van 2024 stijgt hierdoor de OZB-opbrengst met € 940.000 en de opbrengst toeristenbelasting met € 136.000. Bij de kadernota is afgesproken om de hondenbelasting af te schaffen, hierdoor vervalt een inkomst van € 117.000. De gemeentefondsuitkering stijgt in 2025 met € 960.000 ten opzichte van 2024. Deels staan hier ook extra uitgaven tegenover. Deze zijn verantwoord in de verschillende programma’s. In dit programma wordt hiervoor een toevoeging aan de reserve uitvoeringskosten omgevingswet gedaan (€ 128.000). In 2024 is besloten om een aantal reserves op te heffen ten gunste van de algemene reserve.
Algemene dekkingsmiddelen In de eerste zeven programma’s zijn de specifieke baten per programma opgenomen. Het grootste deel van de baten van de gemeenten kan niet rechtstreeks worden toegerekend aan een inhoudelijk programma. De belangrijkste algemene dekkingsmiddelen zijn de gemeentefondsuitkering, de belastingen en de opbrengsten van obligaties en aandelen. Belastingen Voor een toelichting op de belastingen verwijzen we naar de paragraaf lokalen heffingen. Gemeentefondsuitkering Het gemeentefonds kent drie uitkeringstypen: • Algemene uitkering • Decentralisatie- en integratie-uitkeringen • Aanvullende uitkeringen De algemene uitkering is de grootste inkomstenpost voor de gemeente. Wij kunnen dit geld naar eigen inzicht besteden aan medebewindstaken of autonoom beleid. De verdeling van de algemene uitkering over de verschillende gemeenten gebeurt via diverse verdeelmaatstaven. De decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn van tijdelijke aard. De duur hiervan is maximaal 5 jaar. De reden voor deze uitkeringen kan zijn dat er een andere verdeelsystematiek wordt gevolgd of een andere indexering plaats vindt. Er kunnen door het rijk beleidsafspraken over gemaakt worden. Vanaf 2018 is het grootste deel van de integratie-uitkeringen voor het sociaal domein geïntegreerd in de algemene uitkering (sociaal deelfonds en WMO-hulp bij het huishouden).
Voor het deel participatie dat betrekking heeft op de sociale werkvoorziening is nog wel in een integratie-uitkering opgenomen. Aanvullende uitkeringen zijn uitkeringen die gemeenten specifiek krijgen, bijvoorbeeld de artikel 12 uitkering. Deze uitkeringen worden bekostigd uit de gemeentefondsuitkering en worden dus door alle gemeenten gezamenlijk betaald. De gemeente Roerdalen heeft geen aanvullende uitkeringen. Om te voorkomen dat er in de algemene uitkering te veel schommelingen plaatsvinden heeft het kabinet in de voorjaarsnota besloten de gemeentefondsuitkeirng te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product vanaf 2024. De nieuwe financieringssystematiek houdt in dat de volume- en loon- en prijsontwikkeling van het gemeentefonds vanaf 2024 wordt gebaseerd op een historisch 8 jaarlijks gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). In onderstaand overzicht is de opbouw van de gemeentefondsuitkering voor de gemeente Roerdalen weergegeven.
53
bedragen x € 1.000 Algemene uitkering Algemene uitkering (incl. hervormingsagenda jeugdzorg) Integratie uitkering Sociaal deelfonds Integratie en decentralisatie-uitkeringen
Rekening Begroting Begroting 2023 2024 2025
MJR 2026
MJR 2027
MJR 2028
37.029 2.911 1.346
40.644 3.123 544
42.178 39.732 40.111 40.393 2.849 2.713 2.614 2.564 243 243 223 223
Subtotaal
41.286
44.311
45.271 42.688 42.948 43.180
Verrekening voorgaande jaren Totaal Algemene uitkering
37 41.323
44.311
45.271 42.688 42.948 43.180
De belangrijkste effecten als gevolg van de meicirculaire 2024 zijn: •
•
•
• •
De vergoeding voor loon- en prijsinflatie: Aangezien wij bij het opstellen van de begroting uitgaan van constante prijzen, wordt de algemene uitkering hier ieder jaar op bijgesteld. Voor 2025 en verder betekent dit een stijging van € 1.614.000 oplopende naar € 1.833.000 in 2028. De nieuwe financieringssystematiek is vervroegd van 2027 naar 2024. Het betekent dat de koppeling van het accres aan de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp) per 2024 al is ingevoerd. Het volume accres wordt vanaf 2024 gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). De loon en prijsontwikkeling (LPO) zijn hierdoor ook vanaf 2024 gebaseerd op het bbp. Hierdoor dalen het volume en LPO accres voor de jaren 2024 tot en met 2028. Voor Roerdalen betekent dit een effect van - € 1.652.000 in 2025 en rond de - € 600.000 voor de jaren daarna. Het Rijk biedt gedeeltelijk compensatie aan voor de nadelige gevolgen van het vervroegd invoeren van de bbp indexatie. In 2025 wordt dit nadeel voor ongeveer 50% gecompenseerd en in de jaren erna volledig. Voor Roerdalen betekent dit een positief effect van € 666.000 in 2025 aflopende naar € 87.000 in 2028.
Het schrappen van de oploop van de opschalingskorting vanaf 2026 betekent een positief effect voor gemeente Roerdalen van € 684.000 in 2026 aflopende naar € 680.000 in 2028 In 2025 is opgenomen dat de geraamde extra besparing van het Rijk van € 500 miljoen niet gehaald gaat worden. Dit heeft een positief effect voor Roerdalen van € 547.000 euro in 2025.
Treasury We ontvangen jaarlijks dividenduitkeringen, omdat we aandelen bezitten in onder andere de Bank Nederlandse Gemeenten en Enexis BV. Door de provincie is in hun begrotingsbrief advies gegeven over de raming van et dividend van de BNG en Enexis Holding. Wij hebben het dividend op dit advies geraamd. Naast het dividend op aandelen, valt hier ook de beleggingsopbrengst van de obligaties onder. Door de invoering van het schatkistbankieren, mag de gemeente de vrijgevallen obligaties niet opnieuw beleggen. Dit heeft tot gevolg dat onze rente-inkomsten naar de toekomst afnemen. Voor een nadere toelichting op treasury verwijzen we naar de paragraaf financiering. Onvoorzien Voor de post onvoorzien is deze opgesplitst in € 25.000 voor de organisatie en € 25.000 raadsbudget.
54
3. Paragrafen Paragraaf Bedrijfsvoering
In deze paragraaf wordt ingegaan op de organisatieontwikkeling. Daarnaast bevat deze paragraaf informatie over diverse aspecten op het gebied van Personeel & Organisatie, gegevensveiligheid en (lokale) ICT. Een groot deel van deze bedrijfvoeringstaken wordt uitgevoerd door het Servicecentrum MER. We nemen hier dan ook alleen de hoofdlijnen van deze ontwikkelingen op. Organisatieontwikkeling Vanaf 2024 werken we in een nieuwe organisatiestructuur, met een kleiner aantal (vier) teams. Daarmee zorgen we voor meer samenhang en afstemming van ons werk. Daarnaast besparen we hiermee op kosten voor overhead. We hebben de concerntaken verdeeld in het managementteam. Dat bestaat nu uit de vier teammanagers, de opgavemanager en de directeur/gemeentesecretaris.
De organisatieontwikkeling heeft de laatste jaren vorm gekregen in het programma Andere overheid. De essentie ligt ook vast in onze missie ‘Bijdragen aan het geluk en de levenskwaliteit van alle inwoners en bezoekers’ en in de kernwaarden ‘respect en gelijkwaardigheid, vertrouwen en verantwoordelijkheid’. Onder het motto ‘Samen doen! verkennen we samen met inwoners hoe de rolverdeling tussen de gemeente en de inwoners het beste kan worden vormgegeven. Er is zowel intern als extern behoefte aan duidelijkheid over de rolverdeling en wat je van elkaar kunt verwachten. Daarom investeren we sinds 2024 in projectmatig en opgavegericht werken. Dit zetten we in 2025 voort. Dit betekent onder andere dat we vooraf afspraken maken over de samenwerking en rolverdeling, de beoogde resultaten en de randvoorwaarden.
55
Daarnaast werken we ook in MER-verband aan organisatieontwikkeling en samenwerking. Via het Overheids Ontwikkel Model (OOM) hebben de vier organisaties onderzocht welke verbeterstappen we in gezamenlijkheid kunnen zetten. Bovendien leverde dit onderzoek input op voor onze eigen organisatieontwikkeling. Het gaat onder meer om het kennisniveau van de medewerkers op peil houden en onderling waar mogelijk planmatiger te werken. Daarvoor blijven we gebruik maken van de Lean-methodiek. Hiermee werken we voortdurend aan het vereenvoudigen en verbeteren van werkprocessen. Naast de organisatie brede opgaven, kent elk team zijn eigen opgaven en ontwikkelingen met hun eigen tempo en dynamiek. Door de toenemende complexiteit binnen de gemeentelijke bedrijfsvoering, nieuwe wet- en regelgeving en de financiële situatie maken het noodzakelijk dat onze organisatie de basis verder ontwikkelt en versterkt. Bijvoorbeeld met de grip op financiën en risico’s. Dit levert ons meer comfort en (financiële) risico’s zijn beter voorspelbaar. Daardoor zijn we samen met uw raad in staat beter te sturen. Bijzondere aandachtspunten zijn ook in 2025 de verdere verankering van het dorpsgericht werken en van het integraal en opgavegericht werken. De regie op team-overstijgende opgaven, met vaak veel interactie met de buitenwereld, gaan we daarbij verbeteren.
We blijven dus investeren in de ontwikkeling van onze organisatie. Een professionele, efficiënte en effectieve manier van werken, waarin onze kernwaarden leidend zijn. En altijd werkend vanuit het perspectief dat de gemeente ondersteunend is aan wat onze inwoners nodig hebben om samen een vitale en levendige gemeenschap te zijn. Personeel Arbeidsmarkt De krapte op de arbeidsmarkt blijft een probleem, zeker voor ons als kleinere organisatie. Een probleem dat om een strategische oplossing vraagt. Vanuit het meerjarig programma “toekomstgericht werkgeverschap” investeren we MER-breed gezamenlijk in een versteviging van onze positie als werkgevers op de arbeidsmarkt. In 2025 wordt invulling gegeven aan deze programmalijn via met name: -
Een gezamenlijke visie op strategisch arbeidsmarktbeleid, inclusief recruitment, arbeidsmarktcommunicatie en werkgeversmarketing. Leren en ontwikkelen: de (door)ontwikkeling en inrichting van een MER-academie. Het doel is daarbij één leerplatform te realiseren voor de vier organisaties, ondersteund door een Learning Management Systeem (LMS).
Gezamenlijk, met oog voor de identiteit van elke organisatie, geven we hier uitvoering aan. Tegelijkertijd werken we aan de binding met onze medewerkers bijvoorbeeld door het stimuleren van opleiding, training en persoonlijke ontwikkeling. Ook kijken we naar mogelijkheden in relatie tot arbeidsvoorwaarden en de aansluiting op individuele wensen en mogelijkheden van medewerkers bijvoorbeeld met betrekking tot flexibiliteit in werktijden en werklocaties. In 2025 wordt het personeelshandboek gemoderniseerd en zal ook MER-breed worden bekeken welke – secundaire en tertiaire- arbeidsvoorwaarden kunnen worden aangepast of toegevoegd om voor de eigen en nieuwe medewerkers een aantrekkelijke(re) werkgever te zijn.
56
CAO 2025 De huidige cao’s voor de gemeentelijke sector -de Cao Gemeenten en de Cao SGO-, lopen 31 maart 2025 af. De onderhandelingen over de volgende cao -2025-2026- starten begin november 2024. In de begroting zijn wij uitgegaan van een stijging van de loonkosten met 4,4% conform de CPB-raming voor de sector overheid. Werkdruk Vorig jaar is er in de organisatie een onderzoek gehouden naar werkdruk. Als gevolg hiervan zijn er een aantal interventies ontwikkeld die we, met name preventief, blijven inzetten. In 2025 zullen we een Risico-Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) uitvoeren met als doel inzicht te krijgen in de gevaren en de hieraan verbonden risico's op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn, waaraan onze medewerkers worden blootgesteld en op grond hiervan maatregelen te nemen om mogelijke risico's te elimineren of te beperken en beheersbaar te maken Formatie Teams Algemeen Team Leefomgeving Team Samenleving Team Dienstverlening Team Openbare Ruimte Griffie Formatie in fte totaal
2024
2025
2,00 19,56 20,10 28,76 32,10 2,00 104,52
2,00 19,11 20,51 29,65 32,37 2,00 105,64
De hoeveelheid fte’s is in de begroting 2025 is ten opzichte van 2024 toegenomen. De toename wordt veroorzaakt door de inzet ten behoeve van projecten. Waar voorheen per project tijdelijke formatie werd aangetrokken is nu in de formatie rekening gehouden met de inzet van projectmedewerkers. Beleidsindicatoren bedrijfsvoering en overzicht kosten overhead In onderstaande tabel zijn de vijf verplichte indicatoren op het gebied van bedrijfsvoering weergegeven. Ter vergelijking zijn de cijfers van vorig jaar meegenomen. Daarnaast is het overzicht opgenomen van overhead kosten.
57
Indi ca tor
T oel i chti ng
Formatie
De formatie in fte's per 1.000 inwoners
2024
5,05
2025
5,08
Bezetting
De bezetting in fte's per 1.000 inwoners
4,72
4,77
Apparaatskosten
De apparaatskosten per inwoner
€ 613
€ 621
Externe inhuur
Kosten externe inhuur als % van de totale loonsom + kosten inhuur externen
12,4%
7,8%
Overheadkosten
De kosten voor de overhead als % van de totale lasten
14,3%
14,0%
Toelichting Door een toename van de formatie met 1,12 fte stijgt de indicator formatie in fte’s per 1000 inwoners. De stijging van het aantal fte’s is hierboven toegelicht. De indicator bezetting is gestegen van 4,72 naar 4,77. De bezetting is een momentopname. Ten opzichte van het vorig jaar zijn er op dit moment meer functies ingevuld. Minder openstaande vacatures brengt lagere kosten externe inhuur met zich mee. De apparaatskosten zijn de kosten die gemaakt worden om de gemeentelijke organisatie in stand te houden en te laten functioneren. De stijging wordt vooral veroorzaakt door de stijging van de loonkosten als gevolg van de verwachte cao-ontwikkelingen. Naast deze stijging hebben we rekening gehouden met een daling van het budget voor inhuur vervanging bij ziekte, zwangerschapsverlof en ouderschapsverlof. Deze laatste heeft ook een effect op de indicator externe inhuur. Deze daalt van 12,4% naar 7,8% doordat de totale loonsom stijgt en de totale inhuurkosten dalen.
Overheadkosten zijn de kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces en organisatiekosten die niet rechtstreeks kunnen worden toegerekend aan de taakvelden van de organisatie, zoals ICT, HRM en facilitaire zaken. Hoewel de kosten voor overhead stijgen, daalt de indicator van 14,3% naar 14,0%. Dit komt doordat de totale lasten sterker stijgen dan de overheadkosten. bedragen x € 1.000 Taakveld Overhead Overhead organisatiekosten Personeel en organisatie Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering MER ICT kosten Facilitaire diensten Huisvestingskosten gemeentehuis en werf Bedrijfsmiddelen openbare werken Communicatie Totaal overheadkosten
58
Begroting 2024
Begroting 2025
- 3.936 - 225 - 2.857 - 391 - 557 - 609 - 517 - 124 - 9.216
- 3.919 - 224 - 3.264 - 382 - 544 - 618 - 563 - 137 - 9.651
Gegevensveiligheid (informatiebeveiliging en privacy) Digitale informatie staat steeds meer centraal in de dienstverlening en ondersteunende processen van de gemeente. Dit gaat gepaard met risico’s op het gebied van informatieveiligheid en privacy, zoals datalekken, (onbedoeld) onrechtmatig handelen, het uitvallen van informatiesystemen en toenemende cybercriminaliteit. Inwoners, ondernemers en ketenpartners moeten er op kunnen vertrouwen dat hun gegevens in goede handen zijn bij de gemeente Roerdalen. Bovendien is de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening afhankelijk van de beschikbaarheid, kwaliteit en vertrouwelijkheid van die informatie. Door maatregelen op het gebied van gegevensveiligheid op een voldoende hoog niveau te brengen, de basis op orde te krijgen en aantoonbaar te voldoen aan hiervoor opgestelde normenkaders, kunnen we de gegevensveiligheid waarborgen. Gegevensveiligheid staat niet op zichzelf, maar is een kwaliteitsaspect van alle gemeentelijke processen waarbij informatie wordt verwerkt. Op basis van risicoanalyses en richtlijnen worden de maatregelen bepaald. Gegevensveiligheid is geen eenmalige actie, maar een continu proces om informatiebeveiligingsrisico’s en privacyrisico’s te beheersen. Servicecentrum MER heeft de regie op het gebied van gegevensveiligheid voor de gemeente Roerdalen.
Adviesrollen voor informatiebeveiliging en privacy zijn in een kernteam belegd in het servicecentrum. SC MER voorziet de gemeente Roerdalen van instrumenten en ondersteuning waarmee de basis op orde kan worden gebracht en de gegevensveiligheid kan worden gewaarborgd. We zetten hierbij vol in op het harmoniseren van deze instrumenten en processen tussen de MER organisaties. In 2025 verwachten we aanpassingen in wet- en regelgeving over informatiebeveiliging. De Cyberbeveiligingswet (implementatie van de Europese richtlijn NIS2) verankert de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO 2.0) in de wet, voorziet in toezicht en handhaving door de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur en brengt belangrijke accentverschillen ten opzichte van de huidige BIO. De nadruk komt nog meer op een risicogestuurde aanpak van informatiebeveiliging. Daarnaast komt er meer aandacht voor bedrijfscontinuïteitsmanagement en veilige samenwerking in de keten. Bovendien mikt de organisatie op een hoger gegevensveiligheid volwassenheidsniveau. Vanaf 2025 gaan we daarom werken met een vernieuwd uitvoeringsplan voor gegevensveiligheid dat uniform is voor de vier MER organisaties dat past bij de verhoogde ambities en de toename van taken voor het kernteam gegevensveiligheid in SC MER.
In de jaarlijks verplichte evaluatie over gegevensveiligheid (ENSIA) moet het college verantwoordelijkheid kunnen nemen door een ‘in control’ verklaring af te geven over informatiebeveiligings- en privacy maatregelen. SC MER coördineert en professionaliseert dit proces voor de gemeente Roerdalen. Hierbij hebben we te maken met het groeipad van het landelijke normenkader. De organisatie zal meer inzet moeten plegen op het aantoonbaar voldoen van processen aan geldende normenkaders. Om de toegenomen werklast van de ENSIA verantwoording beheersbaar te houden wordt de gemeente Roerdalen in het ENSIA proces meer ontzorgd door SC MER. Informatisering en automatisering De lijn die in 2024 is ingezet t.a.v. het realiseren van nieuwe wensen & behoeften en het volgen van nieuwe ontwikkelingen trekt team Informatisering in 2025 door. Net zoals in 2024 zijn alle nieuwe ontwikkelingen opgehangen aan de 6 thema’s die er binnen team Informatisering zijn gedefinieerd om een herkenbare verbinding te leggen tussen het projectenportfolio en het informatiseringsbeleid.
59
• • •
•
• •
Het thema Digitale dienstverlening, waarin de focus ligt op het faciliteren van diensten en ondersteuning aan inwoners door de 4 MER-organisaties. Het thema Digitaal samenwerken, waarin het samenwerken centraal staat , zowel met directe collega's als met partners in het netwerk. Het thema Smart technologie & innovatie, waarin de focus ligt op het onderzoeken en inzetten van nieuwe ideeën en technologieën, zolang ze veilig zijn, om de dienstverlening van de gemeenten te verbeteren, kosten te verlagen en het leven van de inwoners beter te maken. Het thema Data & informatiehuishouding, waarin de manier waarop de vier MERorganisaties gegevens en informatie verzamelen, opslaan, organiseren, beheren en gebruiken centraal staat. Het thema Cybersecurity & gegevensveiligheid, dat zich richt op de bescherming van informatie en waarborgen van de privacy. Het thema Techniek en ICT, dat zorg draagt voor een stevige en betrouwbare ICTinfrastructuur als basis voor de informatievoorziening van de vier MER-organisaties.
Activiteiten in 2025 Kwaliteit In 2024 is hoog ingezet op het verbeteren van de onderlinge samenwerking om op die manier effectiever en transparanter het werk te organiseren. Daardoor is team Informatisering in 2025 slagvaardiger, met tot gevolg dat middelen efficiënter ingezet worden en er een betere grip ontstaat op nieuwe ontwikkelingen. Klantgerichtheid Ook in 2025 levert team Informatisering maatwerk naar haar klanten bij het beantwoorden van nieuwe informatievraagstukken. Door de afstand tussen team Informatisering en haar klanten verkleinen intensiveren de onderlinge contacten. Team Informatisering voert ook in 2025 de nodige vervangingstrajecten uit om mee te gaan de tijd. Kostenreductie (efficiëntie) Daar waar mogelijk zijn vervangingen van informatiesystemen aanleiding om een applicatierationalisering door te voeren en een verdere standaardisering van het applicatielandschap van de MER-samenwerking te bewerkstelligen. Om op die manier een efficiëntere aanwending van de benodigde middelen te bewerkstelligen en indien mogelijk kosten te besparen. Kwetsbaarheid Nieuwe (Europese) wet- en regelgeving rond de verdere digitalisering en informatieveiligheid heeft de nodige impact hebben op de digitale werkprocessen rond het gebruik en het beheer van de informatievoorziening en gaat tot de nodige aanpassingen leiden.
Couleur locale De 4 MER-organisaties streven naar een efficiënte(re) inzet van middelen. Team Informatisering wil daar vanzelfsprekend haar steentje aan bijdragen. Dit wordt bereikt door met iedere individuele MER-organisatie in gesprek te blijven en nieuwe informatiebehoeften regelmatig te verkennen. En daar mogelijk synergie te zoeken tussen vergelijkbare behoeftes van de MER-organisaties om mogelijk schaal- of efficiencyvoordeel te kunnen realiseren.
60
Informatiebeheer Het afgelopen anderhalf jaar is er op het gebied van informatiebeheer veel gebeurd. Aan de hand van het vastgestelde Verbeterplan Informatiebeheer, zijn er diverse acties uitgezet om het archiefen informatiebeheer enerzijds te verbeteren en anderzijds ervoor te zorgen dat de nieuw ingezette lijn ook voor de toekomst geborgd wordt. De ingezette verbeteringen zijn inmiddels ook opgemerkt door de provincie en zij zijn vanuit hun rol als toezichthouder zeer positief over de gezette stappen. Wel vindt zij het belangrijk dat de ingezette lijn wordt vastgehouden en voortgezet ook in 2025. Financiën Rondom financiën spelen in 2025 vooral de livegang van een nieuw financieel pakket (ingebruikname per 1/1/2025) en de budgethoudersregeling een grote rol. Nieuw financieel pakket Het nieuwe financiële pakket (ingaande 2025) biedt voor medewerkers van de gemeenten Maasgouw, Echt-Susteren, Roerdalen en SC MER een gebruikersvriendelijke toegang tot financiële processen en de gerelateerde datagegevens. Met de livegang van het nieuwe financieel pakket wordt gericht ingezet op het versterken en implementeren van de doelstelling van SC MER: processen te uniformeren en te optimaliseren. Eén raamwerk voor de 4 organisaties (o.a. 1 grootboek rekeningschema) met gestroomlijnde en op elkaar afgestemde processen en uniforme werkwijzen.
Gekoppeld aan de livegang van het nieuwe financiële pakket wordt ook een nieuwe budgethoudersregeling van kracht. Deze nieuwe regeling sluit beter aan op de hedendaagse praktijk en verbetert de functiescheiding, waardoor de rechtmatigheid beter geborgd is. Hiervoor is de rol van de ‘prestatie-akkoord verklaarder’(PAV’er) geïntroduceerd – het akkoord geven dat de levering of prestatie heeft plaatsgevonden. Hiermee wordt een scheiding aangebracht tussen de functies: tussen het plaatsen van de bestelling (aangaan van de verplichting) en het accorderen van de prestatie/levering. Rechtmatigheid De inwerkingtreding van het wetsvoorstel omtrent de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording (RMV) betekent dat wij een rechtmatigheidsverantwoording afgeven bij de jaarstukken. Hierin leggen wij verantwoording af over de naleving van de regels, die relevant zijn voor het financiële reilen en zeilen van de gemeente. De rechtmatigheidsverantwoording bestaat uit 3 aspecten, nl: 1. Het voorwaardencriterium: of alle financiële beheershandelingen zijn verricht in overeenstemming met (externe en interne) wet- en regelgeving. 2. Het begrotingscriterium: of alle lasten in het begrotingsjaar vallen binnen de geautoriseerde begroting (incl. wijzigingen) 3.
Het misbruik & oneigenlijk gebruik (M&O) criterium: of wij voldoende waarborgen hebben genomen om te voorkomen dat als gevolg van misbruik of oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen is verleend of een te laag dan wel geen bedrag aan heffingen aan de gemeente is betaald. De extern accountant controleert vervolgens of onze Rechtmatigheidsverantwoording een getrouw beeld geeft. In jaarstukken 2023 is deze verantwoording voor het eerst opgenomen. We hebben ons tot doel gesteld dat verdergaande interne beheersingsmaatregelen worden doorgevoerd om ‘fouten in de toekomst te voorkomen’. Daarnaast brengt een betere interne beheersing met zich mee dat minder interne controle nodig is om de rechtmatigheidsverantwoording vast te stellen. We maken soms ook
61
bewust een keuze om niet altijd aan alle regels te voldoen, maar handelen daarbij wel altijd naar de geest van de wet. Frauderisico Ondanks dat we alles doen om fraude te voorkomen, blijft er altijd een kans bestaan op oneigenlijk handelen. Weliswaar is de kans klein als er voldoende beheersingsmaatregelen zijn genomen, de menselijke factor blijft een onzekere factor. Het is daarom belangrijk dat onze medewerkers zich bewust zijn van de frauderisico's die zij kunnen lopen. Een (fraude)risico moet daarbij worden omschreven als de combinatie tussen de mogelijkheid dat een voorval of schade zich voordoet en de ernst van die schade (fraude). Frauderisico wordt periodiek op de agenda’s van de werkoverleggen gezet. Hierdoor wordt de organisatie beter in het identificeren van organisatierisico’s en het inschatten van de impact en de kans dat deze risico’s zich zouden kunnen voordoen. Hierna kunnen maatregelen worden getroffen zodat het zogenoemde restrisico tot een aanvaardbaar niveau wordt teruggebracht. Andere beheersmaatregelen zoals functiescheiding, het per functie beleggen van bepaalde verantwoordelijkheden (zoals onder meer vastgelegd in de mandaatregeling), het werken met procedures, het 4-ogen-principe, beveiliging van ICT en het uitvoeren van interne controlewerkzaamheden treffen we om frauderisico’s te beperken.
62
Paragraaf Wet open overheid Inleiding In de paragraaf Wet open overheid zetten wij in de begroting de beleidsvoornemens uit inzake de uitvoering van de Wet open overheid (Woo). Een bestuursorgaan moet jaarlijks in de begroting aandacht besteden aan de beleidsvoornemens inzake de uitvoering van de Wet open overheid (Woo) en in de jaarlijkse verantwoording verslag doen van de uitvoering van de Woo in relatie tot die beleidsvoornemens. Deze bepaling is bedoeld om de naleving van de Woo, waaronder de bepalingen over de actieve openbaarmaking, te stimuleren. De Woo heeft vier belangrijke pijlers: 1. Het uit eigen beweging openbaar maken van 11 informatiecategorieën (actieve openbaarmaking). 2. Een inspanningsverplichting om ook overige informatiecategorieën openbaar te maken. 3. Het beantwoorden van Woo-verzoeken (de passieve openbaarmaking). 4. De informatiehuishouding duurzaam toegankelijk op orde brengen. Voor het vertrouwen van de burgers en bedrijven is het belangrijk om als overheid betrouwbaar en transparant te zijn over besluitvorming, en dat de onderliggende afwegingen voor iedereen inzichtelijk en begrijpelijk zijn. Openheid over besluitvorming en het beschikbaar stellen van data maakt het voor de inwoners van de gemeente mogelijk om mee te doen, mee te beslissen en mee te praten en daarmee het draagvlak in de samenleving te vergroten.
De Wet open overheid is per 1 mei 2022 gefaseerd in werking getreden. Een MER-brede projectgroep vanuit verschillende disciplines - juridische zaken; informatie; ICT; communicatie; privacy/AVG; bestuurlijke processen - is aan de slag met de implementatie van de Woo. Informatiehuishouding op orde De komende jaren moet de gemeente aan de slag om onze informatiehuishouding te verbeteren om te kunnen voldoen aan de eisen van de Wet open overheid. Er wordt gewerkt om de informatiehuishouding op orde te krijgen teneinde sneller de informatie te kunnen vinden. Daardoor kan beter worden voldaan aan de wettelijke termijnen die de Woo bij afhandeling van Wooverzoeken en kunnen medewerkers (en inwoners en partners) sneller en efficiënter werken. Hiermee staat de gemeente aan het begin van een groot veranderproces. Om de informatiehuishouding op orde te krijgen, is het noodzakelijk om te investeren in de bewustwording van de medewerker. Ook zullen werkprocessen beter en slimmer ingericht moeten worden. Van belang is om te zorgen dat informatie op slechts één plek wordt bewaard en dat iedereen zich ervan bewust is wat handelen vanuit openbaarheid en transparantie met zich meebrengt bij het omgaan met informatie. Er zal worden gezorgd voor bewustwording binnen de organisatie over wat openbaar en transparant handelen betekent.
Het kabinet heeft financiële middelen, voor de periode 2022 tot en met 2026, vrijgemaakt om gemeenten bij de implementatie en uitvoering van de Woo te ondersteunen. De financiële middelen bestaan uit zowel incidentele als structurele middelen. De incidentele middelen zijn bestemd voor het verbeteren van systemen, het opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie. De structurele middelen zijn bedoeld voor actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën zoals genoemd in de Woo, het aanwijzen van een contactfunctionaris en het beheer en onderhoud van systemen.
63
Werkzaamheden 2025 We continueren de samenwerking met de MER-organisaties om de verdere implementatie van de Woo te optimaliseren. Deze gezamenlijke aanpak zorgt ervoor dat de onderdelen die door de vier MER-organisaties afzonderlijk opgepakt moeten worden, voorbereid en uniform aangepakt worden. Vanuit de MER-brede projectgroep bewaken we de algemene voortgang van het project, volgen we de landelijke ontwikkelingen en zorgen we ervoor dat nieuwe (landelijke) besluiten worden opgenomen in het (daardoor dynamische) plan van aanpak. Impact Woo-verzoeken We hebben bij de Wet openbaarheid van bestuur al gemerkt dat verzoeken op grond van deze wet behoorlijk impact hebben op de organisatie. Verzoekers vragen vaak veel documenten op over langere tijdsperiodes. Die impact is met de invoering van de Woo niet minder geworden, maar eerder meer. De beslistermijn is weliswaar gelijk gebleven (4 weken), maar de verdagingstermijn is ingekort (van 4 naar 2 weken) en die mogen we alleen gebruiken bij een omvangrijk of complex verzoek.
64
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Het grondgebied van de gemeente Roerdalen beslaat een oppervlakte van ongeveer 88,5 km². Hier wordt gewoond, gewerkt en gerecreëerd. De gemeente heeft daarbij de directe zorg voor de noodzakelijke infrastructuur zoals wegen, riolering, bruggen, groen, openbare verlichting, sport- en spelfaciliteiten en een aantal gebouwen. Een groot deel van het vermogen van de gemeente bestaat uit deze kapitaalgoederen. Deze bevinden zich meestal op, maar ook onder de grond. Op deze kapitaalgoederen wordt over meerdere jaren afgeschreven. De levensduur wordt gemaximaliseerd door planmatig en adequaat onderhoud aan de kapitaalgoederen te plegen. De kapitaalgoederen bepalen grotendeels de kwaliteit van de openbare ruimte. In deze paragraaf worden de kaders gesteld voor het onderhoud van de infrastructuur. De huidige kwaliteitsniveaus zijn vastgelegd in de betreffende beleidsdocumenten. We continueren de gekozen kwaliteitsniveaus. De benodigde budgetten moeten aansluiten bij de gekozen ambitie in de kadernota. We benaderen zaken zoveel mogelijk integraal. Budgettair worden werkzaamheden gedekt uit afzonderlijke budgetten en volgend aan beleid per specialisme. Op het gebied van wegen en riolering zijn er actuele beleidsdocumenten. In 2025 ronden we beleid op het gebied van groen (groenstructuurplan) af.
Duurzaamheid en klimaatadaptatie worden steeds verder ingebed in ons beleid, werkzaamheden en projecten. Hier ligt een link met programma 4 (Economie, Natuur, Toerisme, Cultuur en Duurzaamheid). In het investeringsschema zien we voor de jaren 2025 en 2026 een behoorlijke uitgave. Dit betreft met name een beperkt aantal grote integrale projecten. Ook na 2026 houden we rekening met grote reconstructies, zoals de wijk Zandkuil in Melick, die financieel behoorlijke impact hebben. Deze zitten nu nog niet in de vastgestelde beleidsplannen wegen en riolering, maar hebben we nu wel in het investeringsschema opgenomen. Vanaf 2027 volgen we geactualiseerd beleid op het gebied van wegen en riolering, waarover we uiterlijk in 2026 nieuwe uitgangspunten en keuzes aan Uw raad voorleggen. Zoals het er nu uitziet verwachten we een stijging in de kosten. Dit heeft onder andere te maken met veranderende omstandigheden op het gebied van klimaat en duurzaamheid. Riolering en water Het GRP 2022 - 2026 en het Waterketenplan zijn het kader op het gebied van riolering en water. Hierin komt de regionale samenwerking verder tot uitdrukking. Ook het inspelen op het veranderende klimaat is hierin beperkt opgenomen. We nemen het afkoppelen van hemelwater waar mogelijk mee in de projecten en zoeken de verbindingen met groen zodat we de groen/blauwe structuren zoveel mogelijk versterken.
Dit heeft een gunstig effect op de waterhuishouding en leefomgeving. Basisscholen kunnen meedoen aan het regionale project ‘GroenBlauwe revolutie schoolpleinen’, waarbij omvorming van het schoolplein van tegels naar meer groen en blauw (water) centraal staat. We proberen hier ook combinaties met andere werkzaamheden in de omgeving te zoeken. Gelet op de veranderende omstandigheden zoals hierboven al aangegeven zijn de kosten voor investeringen in 2025 en 2026 in het kader van riolering nu hoger dan in het huidige GRP is opgenomen. Daarnaast is vanuit de discussie binnen Roerdalen in Balans besloten een groter deel toe te rekenen aan riolering.
65
Voor het onderhoud aan en vervanging van rioleringen zijn de volgende bedragen beschikbaar. bedragen x € 1.000 Onderhoud rioleringen Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen
Begroting 2025
MJR 2026
MJR 2027
MJR 2028
251 5.204
251 5.200
251 500
251 1.000
Wegen De onderhoudsplicht van de wegen valt onder de Wegenwet. Als wegbeheerder is de gemeente verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de wegen. De gemeente vindt het belangrijk om het onderhoudspeil van de wegen op een kwalitatief voldoende niveau te brengen en te houden. Conform het wegenbeleidsplan onderhouden we de verharde wegen binnen de kernen op niveau basis (cf. CROW normen) en de wegen in het buitengebied op niveau laag, met uitzondering van de recreatieve routes en verbindingswegen. CROW staat voor Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. De kaders hiervoor zijn actueel. Hierover leest u meer in programma 6, inclusief het meerjarenprogramma van projecten in de openbare ruimte. Daarnaast worden asfaltwegen, elementenverhardingen en andere onderdelen in de openbare ruimte regulier onderhouden. We hebben hierbij het volgende ambitieniveau vastgesteld:
66
Voor het onderhoud aan en vervanging van verhardingen zijn de volgende bedragen beschikbaar. Uit het wegenbeheerplan volgen de gemiddelde budgetten benodigd om het onderhoudsniveau te bereiken en handhaven. Daarbij hebben we geen achterstallig onderhoud. Vervolgens verwerken we de investeringsbedragen per jaar op basis van de planning van de werkzaamheden. Zie hiervoor het investeringsschema voor 2025.
Onderhoud wegen Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen
Begroting 2025 1.056 3.794
MJR 2026 1.056 7.520
bedragen x € 1.000 MJR MJR 2027 2028 1.056 1.056 7.996 1.346
Kabels en leidingen Enexis heeft aangekondigd het elektriciteitsnet in Vlodrop te gaan verzwaren. Dit doen ze om bij te dragen aan de verduurzamingsontwikkeling, zoals zonnepanelen. De netwerken zijn overbelast. Daarmee is Vlodrop een van de eerste dorpen in Limburg waar dit gaat gebeuren. Dit heeft een grote impact op de openbare ruimte, waarbij meerdere keren circa 1/3 van alle trottoirs worden opengebroken. We begrijpen dat de netverzwaring belangrijk en nodig is en kiezen ervoor hier tijd voor in te ruimen. Openbare verlichting Goede openbare verlichting draagt bij aan de sociale veiligheid, de verkeersveiligheid en de leefbaarheid. Het Beleidsplan Openbare Verlichting is het kader voor de uitvoering. Dimbare LED-verlichting wordt toegepast. We vervangen in principe armaturen na 20 jaar, waarmee we kapitaalvernietiging voorkomen. Het tempo van armatuurvervanging bepaalt ook het tempo waarmee op energieverbruik wordt bespaard. Op een beperkt aantal armaturen na zijn alle conventionele armaturen uiterlijk in 2031 vervangen. 60% van de openbare verlichting binnen de gemeente is nu voorzien van ledverlichting. Omdat bepaalde soorten lampen niet meer toegepast mogen worden, vervangen we die eerder. Op dit moment wachten we technische ontwikkelingen af en verwachten we nog geen structurele kostenverhogende effecten door deze vervanging.
De lichtmasten (palen) toetsen we op veiligheid en vervangen we pas als het echt nodig is. We hebben geen achterstallig onderhoud. Voor het onderhoud aan en de vervanging van de openbare verlichting zijn de volgende bedragen beschikbaar:
Onderhoud openbare verlichting Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen
Begroting 2025 147 108
MJR 2026 147 108
bedragen x € 1.000 MJR MJR 2027 2028 147 147 108 108
Openbaar groen De gemeente Roerdalen beschikt over een aanzienlijke hoeveelheid openbaar groen, waaronder circa 100 hectare aan plantsoenen en gazons en ongeveer 21.000 bomen. Dit groen draagt in belangrijke mate bij aan het visuele karakter en de aantrekkelijkheid van de gemeente als woon- en recreatiegebied. Daarom is het voor de gemeente essentieel om deze groene landschappelijke uitstraling te behouden.
67
De gemeente handhaaft de eerder vastgestelde onderhoudsniveaus en heeft geen achterstallig onderhoud. In 2025 zal het beleid op het gebied van groen worden geactualiseerd, waarbij specifieke plannen zoals het groenstructuurplan en het bomenbeleidsplan onder de loep worden genomen. Hoewel het reguliere onderhoud goed geborgd is, is er beperkte financiële ruimte voor nieuwe ontwikkelingen op het gebied van groenbeheer. Er bestaat een verband tussen deze doelen en programma 6, dat vermoedelijk ook betrekking heeft op aspecten van ruimtelijke ordening of duurzaamheid. De focus ligt op het behouden van de kwaliteit en uitstraling van het groen, zonder concessies te doen aan de onderhoudsniveaus die eerder zijn vastgesteld. Rondom het onderhoud van begraafplaatsen onderzoeken we of we op een andere manier inkomsten kunnen genereren. Bedragen die beschikbaar zijn voor het onderhoud openbaar groen:
Onderhoud openbaar groen Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen
Begroting 2025 1.702 140
MJR 2026 1.614 30
bedragen x € 1.000 MJR MJR 2027 2028 1.619 1.617 30 -
Civiele kunstwerken Civieltechnische kunstwerken zijn onder andere bruggen, tunnels, viaducten. Het doel van het beleid voor het onderhoud van civieltechnische kunstwerken is om deze naast schoon en veilig ook functioneel te houden. De uitgangspunten voor het beheer zijn vastgelegd in het uitvoeringsprogramma. Het uitvoeringsprogramma geeft op korte en middellange termijn aan welke onderhouds- en vervangingsmaatregelen nodig zijn om het areaal in stand te houden. Op basis van dit uitvoeringsprogramma worden de nodige kleine en grote onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd. Deze werkzaamheden zijn gebaseerd op levensduurverlenging. Vervanging van een kunstwerk vindt uitsluitend plaats wanneer wij niet meer kunnen volstaan met groot onderhoud. Tevens ligt de focus op het periodiek inspecteren van alle civiele kunstwerken. Periodiek wordt de kwaliteit in beeld gebracht inclusief uitvoeringsprogramma om de veiligheid te waarborgen. In 2025 voeren we onderhoud uit volgens het huidige onderhoudsprogramma, aansluitend stellen we een nieuw uitvoeringsprogramma op. Bedragen die beschikbaar zijn voor het onderhoud van de civiele kunstwerken:
Onderhoud civiele kunstwerken Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen
68
Begroting 2025 101 -
MJR 2026 101 -
bedragen x € 1.000 MJR MJR 2027 2028 101 101 -
Gebouwen Relatie met de programma’s De hoofddoelstelling in het programma Krachtige Dorpen is om dorpskernen met veel sociale samenhang en passende basisvoorzieningen te realiseren en/of te behouden. Hierin ligt een directie relatie met de begrotingsprogramma’s 1 en 6. We onderscheiden 3 categorieën: • Accommodatiebeleid: De afgelopen jaren zijn hierover vele besluiten genomen en uitgevoerd. Uw Raad heeft middels een RIB kennis genomen van de resultaten van die besluiten. Komend jaar zal er een nieuw accommodatiebeleid worden opgesteld en uw ter besluitvorming worden voorgelegd. Daarna gaan we deze verder opvolgen en bewaken. Hiermee krijgen we ook meer inzicht in de effecten op maatschappelijk gebied. • Overig vastgoed: Voor de buitenbaden geldt dat voor het seizoen 2025 overeenstemming bereikt moet worden met de beide Stichtingen betreffende de overdracht van de exploitatie en beheer. Hierover is besluitvorming van Uw raad aan de orde. Gemeente blijft eigenaar van grond en opstallen, waarmee wij verantwoordelijkheid blijven houden voor (een deel van) de wet- en regelgeving. Onderhoud Voor al het gemeentelijke vastgoed zijn de meerjarige onderhoudsplannen (MJOP’s) geactualiseerd en opgenomen in de meerjarenbegroting.
Doordat alle gebouwen die eigendom van gemeente zijn, en doordat de gevolgen van de keuzes die gemaakt zijn vanuit accommodatiebeleid, nu zijn opgenomen hebben we een duidelijker beeld van (uitgestelde) onderhoudskosten. Mede door sterk gestegen prijzen zien we een aanzienlijk hogere storting in de voorziening. We voeren zoveel als mogelijk uitgesteld onderhoud binnen de beschikbare budgetten uit. We hebben hier rekening te houden met de uitdagingen in de markt, o.a. bij aannemers. Voor onze molens (prins Bernhardmolen en Beltkorenmolen) zijn investeringen nodig om langdurig en consistent te kunnen blijven functioneren, en te voldoen aan wet- en regelgeving. Daarnaast is het van belang te voldoen aan de richtlijnen en voorwaarden van de Monumentenwacht Limburg om subsidie veilig te stellen. Energie De afgelopen tijd hebben we gezien dat energietarieven sterk zijn gestegen. Dit fluctueert inmiddels behoorlijk. Zowel gemeente als verenigingen heeft hierbij de nodige financiële uitdagingen, waarbij het moeilijk is een realistische inschatting te maken. Bij verenigingen en stichtingen speelt ook dat zij zelfstandig overeenkomsten rondom energie hebben afgesloten, en toch in de financiële problemen kunnen komen.
Hier hebben we een balans te bewaken tussen eigen verantwoordelijkheid, ondersteuning bieden waar dit echt nodig is en de uitdagingen die we als gemeente zelf hebben op dit terrein. Door te kijken naar verduurzaming liggen hier mogelijk kansen. Onderwijshuisvesting We hebben verdere stappen gezet in nieuwe huisvesting voor de scholen in Posterholt en Vlodrop. De school in Vlodrop maakt onderdeel uit van de nieuwe ontwikkeling van de Multifunctionele accommodatie op de plek van de huidige sporthal. Bedragen die beschikbaar zijn voor het onderhoud van onze gebouwen: Onderhoud gebouwen Regulier onderhoud Planmatig onderhoud
Begroting 2025 25 1.352
MJR 2026 25 1.032
bedragen x € 1.000 MJR MJR 2027 2028 25 25 931 1.420
69
Paragraaf Gemeentelijk grondbeleid Beleidskaders De gestelde kaders en ruimtelijke doelen zijn vastgelegd in onze op 3 november 2022 door de raad vastgestelde Kadernota grondbeleid 2022-2026. Deze nota sluit aan op de doelen en ambities uit de Omgevingsvisie Roerdalen 2050. De Kadernota grondbeleid geeft duidelijkheid over het grondbeleid dat de gemeente Roerdalen de komende jaren voert. Het grondbeleid is een instrument om gemeentelijke doelen te behalen. Belangrijk is de integrale afweging voor het kiezen van de juiste grondbeleidsvorm. In deze nota worden de kaders van het grondbeleid beschreven waarbinnen Roerdalen werkt. In het grondbeleid worden geen nieuwe doelen bepaald. Het grondbeleid is dienend aan de doelen en ambities die zijn geformuleerd in afzonderlijke beleidsdocumenten, waaronder de Omgevingsvisie Roerdalen 2050 als belangrijkste ruimtelijke beleidskader. De gemeente hanteert momenteel een situationeel grondbeleid. Dat wil zeggen dat de gemeente per project of locatie haar rol kiest en de keuze maakt voor een passief en actief grondbeleid. Deze rol wordt bepaald aan de hand van een afwegingskader. Bij bepaling van de keuze voor een bepaalde rol staat één vraag centraal: in hoeverre sluit de ontwikkeling aan bij de gemeentelijke beleidsdoelen? Afhankelijk hiervan kiest de gemeente een actieve, actief-faciliterende of faciliterende rol.
In 2021 is er door de raad een reserve van € 1.000.000- beschikbaar gesteld voor onder andere de aankoop van gronden binnen het project ‘Roerdalen in Balans, Investeren om te Renderen’. Zie voor meer informatie Programma 4, tactisch doel 6. Met onze huidige grondnota kunnen wij sneller inspringen op veranderende situaties en kunnen wij flexibeler omgaan met onze grondposities. Bouwgrondexploitatie De structurele inkomsten uit beleggingen lopen terug, we zoeken naar alternatieve inkomsten. Hierom zijn er een aantal bouwgrondexploitaties geopend en in ontwikkeling. In programma 5 van deze begroting staan deze uitgewerkt. Hieronder is de status van de openstaande grondexploitaties beschreven: • Holsterveld Vlodrop – Dit betreft een lopende grondexploitatie die hoogstwaarschijnlijk in 2026 zal worden gesloten. • Centrumplan Herkenbosch - Dit betreft een lopende grondexploitatie welke naar verwachting in 2025 zal worden afgerond. • Wienkeskoel III Melick – Dit project is in 2024 gestart. Er wordt gewerkt aan een gebiedsvisie welke in 2025 zal worden vastgesteld. Vervolgens zal dit worden uitgewerkt naar een stedenbouwkundig plan en exploitatie opzet. De stijgende kosten in de woningbouwmarkt hebben een vertragende werking op de daadwerkelijke uitvoering van de woningbouw, dit heeft directe gevolgen voor onze lopende grondexploitaties.
Verwachte resultaten bouwgronden in exploitatie Herontwikkeling centrum - Herkenbosch Holsterveld Totaal
70
Boekwaarde 31-12-2023
Nog te besteden bedragen
984 -11 973
1.119 828 1.947
bedragen x € 1.000 Nog te Verwacht verwachten resultaat opbrengsten 691 -1.412 344 -1.161 - 2.573 347
De grondexploitaties zijn recentelijk geactualiseerd. Onderstaand worden de verwachte resultaten kort toegelicht. Centrumplan Herkenbosch Voor de uitvoering van het plan zijn totale uitgaven geraamd voor een bedrag van € 2.881.000. De geraamde opbrengsten uit grondverkoop bedragen € 1.088.000. De provincie Limburg heeft een subsidie toegekend voor een bedrag van maximaal € 600.000. Daarnaast is uit de algemene reserve een bedrag van € 502.000 onttrokken ter afdekking van de onrendabele top van dit project. Dit alles leidt tot een verwacht negatief resultaat van € 691.000. In de jaarrekening 2023 is reeds een voorziening van € 681.000 gevormd ter afdekking van het verwachte verlies. Bij het opmaken van de jaarrekening 2024 zal opnieuw de hoogte van de voorziening worden bepaald. Holsterveld De verwachte uitgaven bedragen in totaal € 1.306.000. De opbrengsten uit grondverkoop zijn becijferd op een bedrag van € 1.650.000. Het verwachte positieve resultaat van dit project bedraagt derhalve € 344.000. Tot en met de jaarrekening 2023 is tussentijds een winst van € 35.000 verantwoord. De resterende winst bedraagt € 309.000. Bij het opmaken van de jaarrekening zal op grond van de verslaggevingsvoorschriften worden beoordeeld welke bedrag aan tussentijdse winstneming verantwoord dient te worden.
Reserve bouwgrondexploitatie De reserve bouwgrondexploitatie is het weerstandsvermogen voor de bouwgrondexploitaties. Het doel van deze reserve is om toekomstige risico’s als gevolg van onvoorziene ontwikkelingen of een stagnerende economie op te vangen. De reserve wordt onder meer gevoed uit (tussentijdse) winstnemingen vanuit de grondexploitaties. Zoals vermeld in de jaarrekening 2023 heeft de reserve eind 2023 een omvang van € 1.133.000. De verwachting is dat de huidige omvang van de reserve toereikend is voor het opvangen van risico’s binnen de lopende grondexploitaties. Gelet op de versnellingsopgave woningbouw zullen de risico’s opnieuw in beeld worden gebracht en zal worden nagegaan in hoeverre de reserve bouwgrondexploitatie toereikend is voor het afdekken van de risico’s. Actieplan versnellen woningbouw Het actieplan versnellen woningbouw is uitgebreid toegelicht in Programma 5 van dit document. De verwachting is dat deze opgave uiteindelijk zal uitmonden in diverse grondexploitaties. De kosten die hiermee gemoeid zijn worden zoveel als mogelijk verwerkt in de gemeentelijke grondexploitaties óf worden verhaald op initiatiefnemers (bij de projecten waar de gemeente een faciliterende rol heeft). De kosten die niet kunnen worden verhaald zullen uiteindelijk ten laste van de exploitatie komen.
Bedrijfskavel De gemeente Roerdalen heeft nog 1 bouwkavel met een bedrijfsbestemming te koop. Het betreft hier de laatste kavel binnen het Landbouw Ontwikkelingsgebied (LOG) te Montfort. In 2024 is de kavel via een publicatie opnieuw aangeboden. Hier heeft één partij op gereageerd. De verwachting is dat deze kavel in 2025 van eigenaar zal wisselen. Landbouwgronden We hebben in 2024 ongeveer 440 hectare landbouwgrond in eigendom. Dit is een lichte afname ten opzichte van voorgaande jaren. Reden van deze daling is de grondruil met de Provincie Limburg welke in het eerste halfjaar van 2024 heeft plaatsgevonden. Het gros van onze gronden verpachten wij middels reguliere (langjarige) contracten. Ongeveer 75 hectare van ons eigendom zijn landbouwpercelen welke we voor periodes van 1,3 of 6 jaar verpachten.
71
Binnen de gemeente Roerdalen ligt op dit moment nog een Provinciale opgave om in totaal 122 hectare landbouwgrond om te vormen tot natuur. Het betreft hier zowel particulier als gemeentelijk eigendom waarvan de precieze verdeling momenteel nog onbekend is. Deze oppervlakte is als volgt verdeeld over de deelgebieden: Flinke Ven: 66 hectare, Bovenloop Vlootbeek: 38 hectare, Etsberg: 5 hectare, Landgoed Hoosden: 3 hectare en Roerdal en omgeving: 10 hectare. Als gemeente nemen wij als grondeigenaar wel deel in projectgroepen, maar ontwikkelen wij zelf geen nieuwe natuur. Natuur De gemeente heeft ongeveer 470 hectare aan bos- en natuurgebieden in eigendom. Deze liggen grotendeels in het Nationaal Park de Meinweg en in het Roerdal. We beheren de gronden op een duurzame wijze volgens de beheervisie voor de gemeentelijke bossen, natuurterreinen en landschapselementen. Hierbij houden we rekening met de natuurdoelen die gesteld worden vanuit de Natura 2000 beheerplannen. We voeren de werkzaamheden uit op basis van jaarlijkse werkplannen conform de richtlijnen van Forest Stewardship Council (FSC). Water Binnen projecten zorgt water en de wateropgave die we als gemeente hebben regelmatig voor uitdagingen. Er is niet altijd voldoende ruimte voor water aanwezig wat bijvoorbeeld kan leiden tot een verhoogde kans op wateroverlast.
Per project kijken we naar de lokale situatie en spelen daar zoveel als mogelijk op in. Dit kan uiteindelijk leiden tot de aankoop van gronden die we inzetten om water te kunnen bergen of te laten infiltreren in de ondergrond.
72
Paragraaf Lokale heffingen Deze paragraaf bevat nadere informatie over het tarievenbeleid voor de gemeentelijke heffingen, de ontwikkeling van de lokale heffingen en het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente. Soorten belastingen In de Gemeentewet en in enkele bijzondere wetten is geregeld welke lokale heffingen de gemeente aan de inwoners en bedrijven mag opleggen. Roerdalen kent de volgende heffingen, op basis van door de raad vastgestelde verordeningen: Belastingen waarvan de opbrengst vrij besteedbaar is: OZB (onroerendezaakbelasting) De onroerendezaakbelastingen zijn de belangrijkste gemeentelijke belastingen waarvan de opbrengst tot de algemene middelen behoort en dus naar eigen inzicht kan worden besteed. De hoogte van de aanslagen is zowel afhankelijk van de waarde van een object, zoals die elk jaar wordt bepaald op basis van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: Wet WOZ), als van de door de raad vastgestelde tarieven. Er wordt onderscheid gemaakt tussen tarieven voor eigenaren van woningen, eigenaren van niet-woningen en gebruikers van niet-woningen. Vanaf 1 oktober 2016 zijn WOZ-waarden van woningen verplicht openbaar. Door de gerealiseerde aansluiting van Roerdalen medio oktober 2017 op de landelijke voorziening (LV-WOZ) voldoet de gemeente aan deze wettelijke plicht.
Beleid • De OZB-opbrengsten met betrekking tot woningen stijgen jaarlijks (tot en met 2027) met 3,9% ten opzichte van de begroting 2024. • Een eenmalige OZB-opbrengst verhoging van 19% voor woningen: o Uit Roerdalen in Balans 2.0 volgt een eenmalige OZB-opbrengst verhoging van 10% voor woningen. o Als aanvullende belastingmaatregel vanuit de kadernota volgt een eenmalige OZBopbrengst verhoging van 9% voor woningen, om toe te groeien naar het Limburgs gemiddelde. • De OZB-opbrengsten met betrekking tot niet-woningen stijgen jaarlijks (tot en met 2027) met 3,9% ten opzichte van de begroting 2024. • Uit Roerdalen in Balans 2.0 volgt een eenmalige OZB-opbrengst verhoging van 20% voor niet woningen. • De areaaluitbreiding, mede voortvloeiend uit Roerdalen in Balans 2.0 om extra woningen te realiseren, worden op basis van de laatste inzichten verwerkt in de geraamde OZBopbrengst. • De grondslag voor de aanslagen OZB 2025 is de, naar prijspeil 1 januari 2024, vastgestelde waarden van het onroerend goed. Toeristenbelasting De toeristenbelasting is een algemene belasting en daarmee een algemeen dekkingsmiddel. De belasting is gebaseerd op de gedachte dat door personen die binnen de gemeentegrenzen verblijven en niet zijn ingeschreven in het BRP, maar wel gebruik maken van de (algemene) gemeentelijke voorzieningen, een bijdrage leveren aan deze algemene voorzieningen.