03 Bijlage 1- Natuurlijk Groen Roerdalen, groen- en bomenbeleid 2025-2050
Tekst van het document
deze beheerdata kunnen we ook controleren of we nog op koers liggen om 10% meer boomkroonbedekking in onze dorpen te realiseren. Integraal datagestuurd beheer helpt processen slimmer in te richten. Het brengt inefficiënties in beeld en maakt het mogelijk om onderhoud en inzet van middelen vooraf slim te plannen. Zo combineren we werkzaamheden en verhogen we de efficiëntie. Met realtime data heb je direct inzicht in de staat van plantvakken en bijvoorbeeld straatbomen. Door data te koppelen, nemen we besluiten op basis van actuele en objectieve informatie. Dat verbetert de kwaliteit en leidt vaak tot lagere kosten en meer resultaat.
5.1.3 Datagestuurd beheer
5.1.4 Vervanging in bomenlanen
Onder datagestuurd beheer verstaan we het systematisch monitoren, analyseren en optimaliseren van de gezondheid en groei van planten en bomen met behulp van data en technologie. De gemeente Roerdalen beheert het groen en de bomen zoveel mogelijk op basis van beschikbare data. We gebruiken een eigen databeheersysteem met verschillende beheercategoriën (gazons, ruig gras, vaste planten, heesters, hagen en bomen).
Bomenlanen in de Hoofdgroenstructuur of in een woonstraat hebben niet het eeuwige leven. Tijdige aanvulling of vervanging zorgt voor een natuurlijke verjonging, en voorkomt dat alle bomen in een wijk uit een bepaalde bouwperiode gelijktijdig uitvallen. Om het beeld en de biodiversiteit van een bomenlaan zoveel mogelijk te behouden, heeft geleidelijke vervanging de voorkeur. Het in stand houden en renoveren van lanen vindt op twee manieren plaats: • Onderhoud laan door inboet van één of meerdere exemplaren; • Gefaseerde en of bloksgewijze vervanging van delen van de bomenlaan.
Beheerdata tonen soms dat alle bomen in een wijk even oud zijn als de wijk zelf. Dat is een risico. Bij veroudering vallen ze tegelijk uit. Dit is te voorkomen door op tijd te verjongen. Aanvullende satellietbeelden of klimaatdata laten zien waar extra of grotere bomen nodig zijn, tegen hittestress. Dankzij
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
29
Vervanging gebeurt op plekken waar dat wenselijk en boomtechnisch gezien verantwoord is. Dat betekent afscheid nemen van bomen van slechte kwaliteit, zodat deze niet op het reguliere beheer- en onderhoudsbudget blijven drukken. En beoordelen of de groeiplaats geschikt is voor nieuwe aanplant en welke soort aanplant. Een boom van de 1ste grootte ter plekke vervangen heeft alleen zin als deze niet overschaduwd wordt door zijn buurbomen. Is dat wel het geval, dan dient gewacht te worden met vervangen tot de buurbomen ook uitvallen. Of er wordt gekozen om de buurbomen tegelijkertijd te vervangen. Een andere optie is dat dat een kleinere boomsoort of een heester wordt teruggeplant.
Gefaseerde en of bloksgewijze vervanging gebeurt in beginsel pas wanneer 50% van de bomen in de laan in een onomkeerbare matige of slechte conditie verkeert. Het uitgangspunt is altijd gefaseerde vervanging, zodat er geen kaalslag plaatsvindt voor mens en dier. Bloksgewijs vervangen betekent dat de laan op basis van de kwaliteit van de bomen in de laan in gedeeltes wordt opgedeeld. De slechtste delen worden het eerst vervangen. De vooralsnog te behouden delen van de laanbomen bevinden zich het liefst zo veel mogelijk verspreid over de laan. Gefaseerd onderhoud gebeurt ook bij het periodiek snoeien van treurwilgen, knot- en leibomen. Dat houdt in dat niet alle te knotten bomen in een bepaalde plaats in hetzelfde jaar worden gesnoeid.
Afbeelding 28: laanbomen in gazon aan de Bosserveldweg te Sint Odiliënberg
5.2 Onderhoud van groen en bomen Onderhoud van groenvoorzieningen gebeurt op frequentie. In principe op basis van beeldkwaliteit ‘B’. Beeldkwaliteit B staat voor een net en verzorgd straatbeeld, maar niet tot in de puntjes afgewerkt. Het is het meest gangbare onderhoudsniveau en vormt een praktische balans tussen kwaliteit en kosten. Gazon worden bijvoorbeeld in beginsel één keer per 2 à 3 weken gemaaid tijdens het groeiseizoen, mede afhankelijk van de weersomstandigheden. Heestervakken en hagen worden gemiddeld 2 tot 3 keer per jaar gesnoeid, afhankelijk van de groeisnelheid van de soort (zie afbeelding 28). Voor het onderhoud van een boom is de kwaliteit leidend. Die wordt bepaald op basis van drie factoren: • conditie; • structuur; • veerkracht. De conditie geeft een momentopname van de gezondheid van de boom. Die wordt beoordeeld aan zaken als bladbezetting, scheutlengte en bladkleur. De structurele opbouw gaat over de stevigheid van stam, takken en wortels. Daarbij wordt ook gekeken naar mogelijke gebreken, zoals holtes, scheuren of houtrot. Conditie en structuur kunnen elkaar beïn-
30
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
De groeiplaats is misschien wel de belangrijkste factor voor gezonde bomen. Die moet bij aanplant ruim genoeg zijn en goed doorwortelbaar (zie ook hoofdstuk 6). In stedelijke gebied is die ruimte vaak beperkt, dus moet de groeiplaats bewust worden ingericht en onderhouden. Na graafwerkzaamheden onder de boomkroon kan bijvoorbeeld groeiplaatsverbetering nodig zijn, voor beter herstel van wortelschade.
5.2.2 Boomveiligheidscontrole Elke gemeenteboom wordt periodiek geïnspecteerd op gebreken en mogelijke risico’s voor de omgeving. In beginsel is dit eens in de drie jaar. Dit heet een boomveiligheidscontrole (BVC) of visual tree assessment (VTA). Werkzaamheden die voortkomen uit Afbeelding 30: groter groenvak aangelegd bij monumentale eiken aan de Roermondseweg te Posterholt
Afbeelding 29: snoei van heestervak aan de Zandstraat te Montfort
vloeden, maar zijn niet altijd verbonden. Een boom kan er gezond uitzien, terwijl de stam verzwakt is. De veerkracht laat zien in hoeverre een boom kan herstellen. Er wordt dan gekeken of bijvoorbeeld groeiplaatsverbetering de boom kan helpen om sterker te worden (zie afbeelding 30 ter illustratie).
5.2.1 Cyclus van boom aanplant tot vervanging Het onderhoud van bomen is gericht op het verlengen van hun levensduur. Voor het behoud Vooral jonge en oude bomen vragen meer aandacht. In de jeugdfase is begeleidingssnoei nodig om de gewenste doorrijhoogte te bereiken. Bij oude exemplaren is beheer gericht op het voorkomen van calamiteiten. Uiteraard afhankelijk van de locatie en functie van de boom. Elke boomsoort heeft eigen kenmerken. Daar is het beheer op afgestemd. Zo worden elzen op latere leeftijd sneller breukgevoelig, zeker als ze dicht op elkaar staan.
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
31
deze controle op de boomveiligheid zijn onder andere: • Het snoeien van takken boven wegen, fietspaden en trottoirs (opkronen); • Aanwijzen van attentiebomen, die vaker gecontroleerd moeten worden; • Aanwijzen van risicobomen. Dit zijn exemplaren waarbij direct maatregelen getroffen dienen te worden. Bij risicobomen kan het betekenen dat gevaarlijke of dode takken worden verwijderd of dat zieke en stervende bomen worden gekapt. Zodra het geconstateerde veiligheidsrisico is weggenomen wordt de status van risicoboom in het beheersysteem gewijzigd naar ‘boom zonder gebreken’. Gebreken die worden geconstateerd kunnen bijvoorbeeld dood hout zijn, een holte in de stam of een zwamaantasting op de stamvoet. Daarop worden passende veiligheidsmaatregelen geadviseerd. Zoals de doorgang vrijmaken, nader onderzoek of het verwijderen van dood hout. Daarbij wordt ook de urgentie van de geadviseerde maatregel aangegeven. De frequentie van controle kan nader worden gespecificeerd zodra meer detailgegevens van de bomen bekend zijn en opgenomen zijn in het beheersysteem. Op dat moment is het mogelijk om meer maatwerk in de controlefrequentie op te nemen. Bepaalde leeftijdscategorieën of bepaalde minder druk gebruikte locaties hoeven wellicht minder frequent gecontroleerd te worden. Wat gunstig is voor het controlebudget.
5.2.3 Onderhoud en ervaren overlast Groen wordt door veel inwoners gewaardeerd, maar kan ook als hinderlijk worden ervaren. Ook zijn de meningen over bepaalde groenmaatregelen verdeeld. Het is mogelijk dat zorgen of weerstand ontstaan. Denk aan bladeren die van bomen vallen of boomwortels die bestrating losdrukken. Hinder is vaak subjectief. Niet elke ervaren overlast is reden voor actie. Wij krijgen regelmatig verzoeken van inwoners om overlast te beperken. Elk verzoek wordt
32
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
zorgvuldig bekeken en afgewogen. We kijken hierbij onder andere naar de aard, duur en ernst. We zijn altijd transparant en open over de afwegingen die we maken en wat er wel of niet mogelijk is. In bijlage 7 laten we zien hoe we omgaan met overlast die wordt ervaren door bomen.
5.2.3.1 Zonnepanelen We krijgen met enige regelmaat vragen van inwoners die last hebben van de schaduw van bomen op hun zonnepanelen. We hebben een duidelijke lijn hoe we hiermee omgaan en communiceren hier open en transparant over: • Bestaande bomen hebben voorrang op nieuwe zonnepanelen; • Bij de aanplant van nieuwe bomen, houden we waar mogelijk rekening met bestaande zonnepanelen; tenzij het om aanplant in de Hoofdgroenstructuur gaat - daar krijgen bomen in principe voorrang; • Bij nieuwe ontwikkelingen moet het ontwerp beide belangen combineren. Als een boom in de Hoofdgroenstructuur staat of op de Bomenlijst, dan is de boom bepalend.
5.2.3.2 Burenrecht Buren mogen een boomeigenaar verzoeken om overhangende takken te verwijderen. Ook als dat een tak van een gemeenteboom is. Overhangende takken hoeven niet strak bij de erfgrens afgezaagd te worden. Snoei moet redelijk zijn en mag de boom niet ernstig aantasten. Het verwijderen van een halve kroon kan de boom laten afsterven. De gemeente heeft bovendien de bijzondere taak om een redelijke afweging te maken tussen het algemene en het individuele belang. Het vergroten van de boomkroonbedekking is van groot algemeen belang in de strijd tegen opwarming. We gaan terughoudend om met snoeiverzoeken. Zeker voor bomen in de Hoofdgroenstructuur of op de Bomenlijst geldt dat ze zoveel mogelijk hun natuurlijke vorm moeten behouden. Drastisch- of eenzijdig snoeien wordt niet gezien als een zorgvuldige, toekomstbestendige beheermaatregel.
6. Ontwerp en Planvorming Groen moet functioneel, aantrekkelijk, ecologisch waardevol en goed ontworpen zijn. Een kleine, goed ontworpen groene plek kan een veel grotere positieve impact hebben dan een groot, slecht ingericht terrein. De Gemeente Roerdalen hanteert bij ontwerp en planvorming het principe ‘de juiste soort op de juiste plek’. Plant- of boomsoort, locatie en functie worden zorgvuldig afgestemd.
6.1 Ruimte voor groen in ontwerp Groen speelt een belangrijke rol in het multifunctioneel gebruik van de buitenruimte. Denk aan parkjes die niet alleen recreatie bieden, maar ook water opvangen, verkoeling brengen en biodiversiteit versterken. Bij het toedelen van functies aan locaties – een kernbegrip in de Omgevingswet – is het belangrijk om groen als volwaardige functie mee te nemen. Dat betekent dat groen niet alleen 'overblijft' na inrichting, maar bewust wordt ingezet als klimaatmaatregel, sociale ontmoetingsplek en ecologische verbinding. Een evenredige toedeling van functies houdt in dat elke locatie in balans wordt benut, met oog voor gezondheid, veiligheid en leefkwaliteit. Groen verdient daarin een stevige plek. Het streven is 75 m² openbaar groen per huishouden als richtgetal voor groen binnen de bebouwde kom. Dit is/wordt, zoals aangegeven, nader uitgewerkt in de kaders voor grijs/groen/blauw. Volgens diverse studies is dit een efficiënte maatregel voor leefkwaliteit en gezondheid, mits het groen aansluit op bestaande structuren. Voor ontwikkellocaties werkt gemeente Roerdalen aan een integrale richtlijn voor een buitenruimte in balans. De fysieke leefomgeving wordt zo ingericht dat verschillende functies, belangen en kwaliteiten op een evenwichtige manier samenkomen.
Het gaat om het vinden van een goede verhouding tussen ruimte voor wonen, werken, groen, mobiliteit, gezondheid, veiligheid, erfgoed, duurzaamheid, biodiversiteit en klimaatadaptatie.
6.1.1 Bomenparagraaf De Bomenparagraaf is een praktisch hulpmiddel om de juiste afwegingen te maken bij ruimtelijke plannen. Waarom een bomenparagraaf en geen groenparagraaf? Omdat bomen de meest duurzame planten
Afbeelding 31: voorbeeld van multifunctioneel ruimtegebruik; groen als verkeer remmende maatregel
en tegelijkertijd het meest kwetsbaar zijn. Investeren in bestaande bomen levert vaak meer op aan de vergroening dan nieuwe aanplant. Een jongvolwassen boom heeft al een flinke kroon die zich, bij goede omstandigheden, snel verdubbelt. Een jonge boom daarentegen groeit traag en heeft jaren nodig om zijn functies te kunnen vervullen, zoals effectief koelen. Daarom is het bij ruimtelijke ontwikkelingen essentieel om bestaande bomen zoveel mogelijk te behouden en te integreren.
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
33
De ruimte is schaars en er moeten verschillende activiteiten plaatsvinden. Voor bomen betekent dit vaak dat zij hun groeiplaats (moeten) delen met andere functies. Bouw- en aanlegprojecten of wijzigingen in de buitenruimte kunnen mogelijk een gevolg hebben voor de (kwaliteit van de) bomen ter plaatse. Of juist kansen bieden voor bomen of nieuwe aanplant. Bomen worden vaak pas in een laat stadium van plannen betrokken. Een ogenschijnlijk kleine aanpassing of een ondoordacht ontwerp kan onbedoeld het voortbestaan van een boom ernstig in gevaar brengen. Daarom wordt in een Bomenparagraaf kort vastgelegd welke bomen worden behouden, beschermd en ingepast, welke worden gekapt en of er bomen worden geplant, als ondersteuning van een plan of ontwerp. Met een Bomenparagraaf worden de gevolgen voor bomen vanaf het begin meegenomen en kan er op basis van bijvoorbeeld een Bomen Effect Analyse of een inventarisatie gekozen worden voor behoud of kap van bomen. Bij de uitvoering van het plan kunnen vervolgens beschermingsmaatregelen getroffen worden voor de te behouden bomen. De Bomenparagraaf is zowel uitnodigend als verbindend. Het moedigt de gemeente en marktpartijen aan om actief bij te dragen aan vergroening. De focus ligt op een eenvoudige beoordeling van de mogelijkheden om de groenwaarden van de locatie
te behouden of te versterken. Deze beoordeling bestaat uit drie onderdelen: • Wat is de groene ambitie? • Welke bomen staan er? • Wat zijn de mogelijkheden voor bomen en ander groen? Eerst worden de ambities voor bomen en ander groen op de locatie in kaart gebracht. Wat willen we behouden of versterken? Bij hittestress is meer boomkroon gewenst; op lommerrijke plekken moet verlies van schaduw juist worden voorkomen. Daarna beoordelen we welke bomen er staan. Wat is hun kwaliteit en of er kansen zijn voor verbetering. Soms is dat vervanging vanwege de beperkte restlevensduur van de bestaande boom. Zo kunnen we weloverwogen keuzes maken, in balans met andere functies op de locatie. Bij locaties met beperkt boombelang volstaat een beknopte bomenparagraaf met een korte visie en overzicht van behoudenswaardige bomen. In gebieden met grotere waarde, zoals de Hoofdgroenstructuur of bij Bomenlijstbomen, is een uitgebreidere uitwerking nodig, eventueel ondersteund door een Bomen Effect Analyse (BEA). Het doel is altijd om bij te dragen aan meer en betere boomkroonbedekking en het versterken van de Hoofdgroenstructuur.
Afbeelding 32: grote wadi voor tijdelijke opvang van regenwater in het groen bij nieuwbouw in St. Odiliënberg
34
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
6.1.2 Ruimtelijke groenvoorwaarden Een robuust groenvak maakt de openbare ruimte aantrekkelijker en groener. Ze vangen beter water op, bieden verkoeling en zijn minder kwetsbaar voor droogte. Ook vragen gezonde, goed gewortelde planten in grotere vakken minder intensief beheer. En niet op de laatste plaats bieden ze meer leefruimte voor verschillende soorten planten en dieren. Grotere groenvakken of verbindende groenstructuren zijn beter voor de biodiversiteit. Een gezonde bodem vormt de basis voor groen in het ontwerp. Zand is een slechte voedingsbodem voor planten (en bomen). Plantwortels zijn sterk afhankelijk van bodemleven om te kunnen groeien, functioneren en overleven. Deze samenwerking is cruciaal voor een gezonde plant en een vitaal bodemecosysteem. Bodemorganismen, zoals bacteriën, schimmels en wormen, maken voedingsstoffen beschikbaar die planten niet zelfstandig kunnen opnemen. Ze breken organisch materiaal af tot opneembare vormen van stikstof, fosfor en andere mineralen. Wortels scheiden op hun beurt stoffen uit die als voedsel dienen voor bodemleven, zo’n 30% van de suikers die planten via fotosynthese maken. Een gezonde plant of boom begint dus bij een levende bodem. Voor bomen geldt ‘de juiste boom op de juiste plek’.
Dat wil zeggen: • Passend bij de gewenste functie van de locatie; • Passend bij de grondslag van het gebied; • Passend bij de fysieke omstandigheden; • Geschikte boomsoorten gebruiken. Er dient in het ontwerp ook voldoende ruimte per boom te zijn. Met name de ondergrondse groeiplaats moet afgestemd zijn op de soort en de (toekomstige) grootte van de boom. Zo zorgen we dat bomen kunnen uitgroeien tot waardevolle, blijvende structuren in het landschap. Een geschikte groeiplaats bevat voldoende zuurstof, water, voedingsstoffen en actief bodemleven. Dit bevordert de natuurlijke groei en benut de potentie van de boom optimaal.
Afbeelding 33: Versterken biodversiteit door insectenhotels en gevelbeplanting
Een optimale groeiplaats voldoet aan vier basisvoorwaarden: • Ruimte – Voldoende doorwortelbare bodem. • Zuurstof – Minimaal 16% in de bodemlucht. • Vocht – Goede waterhuishouding, geen wateroverlast. • Voeding – Minimaal 5% organische stof voor een gezond bodemvoedselweb. Een tekort aan één van deze factoren beïnvloedt de andere en verkleint de overlevingskans van de boom. Een gezonde bodem met de juiste balans ondersteunt duurzame groei en behoud. Belemmeringen voor wortelgroei zijn verdichte bodem, hoge grondwaterstand, ondergrondse obstakels (zoals leidingen of funderingen) en verharding, die de luchtuitwisseling met de bodem beperkt. Het borgen van voldoende doorwortelbare ruimte kan door ruimtelijke scheiding van zones met boomwortels en zones met kabels en leidingen. Of door een minimale afstand van kabels en leidingen tot de boom te hanteren. Voor bomen van de 1ste grootte
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
35
Boomsoort
1ste grootte
2de grootte 3de grootte knotboom snelgroeiende soort
Omlooptijd
80 jaar 60 jaar 40 jaar 20 jaar 60 jaar 40 jaar 50 jaar 50 jaar 25 jaar
Eindbeeld
Benodigde ruimte
Kroon doorsnede
Stam doorsnede
doorwortelbare stabiliteitskluit ruimte
15-20 m 10-15 m 8-12 m 3-5 m 8-12 m 3-5 m 2-4 m 15-20 m 8-12 m
60-80 cm 40-60 cm 30-40 cm 15-20 cm 30-40 cm 15-20 cm 20-40 cm 60-80 cm 30-40 cm
40-70 m3 30-50 m3 20-35 m3 10-20 m3 20-35 m3 10-20 m3 4-8 m3 40-70 m3 20-35 m3
3,5-5 m 3-3,5 m 2,5-3 m 1,5-2,5 m 2,5-3 m 1,5-2,5 m 1,5-2 m 3,5-5 m 2,5-3 m
Tabel 7: Boomgroottes en benodigde doorwortelbare ruimte
is dat in beginsel minimaal 2 m, van de 2de grootte 1,5 m en voor bomen van de 3de grootte is dat 1 m. Als er al een boom staat of ondergronds kabels en leidingen liggen, is maatwerk nodig. De genoemde afstanden dienen daarbij als richtlijn. Voor meer groen in de straat wordt soms toch een boom geplant nabij kabels en leidingen. Eventueel kiezen we een kleinere soort of verleggen we later het kabeltracé. Voor de benodigde doorwortelbare ruimte in relatie tot de boomgrootte en de gewenste omlooptijd van de boom, zie tabel 7. De bodem moet voldoende ‘luchtig’ zijn voor wortelgroei. Een te hoge verdichting, een te hoge grondwaterstand of ondergrondse obstakels als lei-
dingen of oude funderingen, beperken de wortelgroei. Verharding (bestrating door klinkers) beperkt de natuurlijke luchtuitwisseling tussen de bodemlucht en atmosferische lucht. Voor een optimale bomengroei is minimaal 16% zuurstof in de bodemluchtsamenstelling nodig. Het organische stofgehalte moet 5% zijn. Bij een lager gehalte ligt groeistagnatie op de loer, terwijl bij een ‘te hoog’ organisch stofgehalte, door omzetting hiervan, zuurstofgebrek kan ontstaan. Bij de groeiplaatskeuze speelt de boomgrootte een rol (1ste, 2de of 3de grootte). Ook de beleidsstatus is van belang: Bomenlijst bomen en bomen in de Hoofdgroenstructuur vereisen een ruimere groeiplaats.
Boomsoort
Omlooptijd
Minimaal benodigde ruimte
Bomenlijst boom Hoofdgroenstructuur boom Omgevingsboom - knotboom
250 jaar 100 jaar 60 jaar 50 jaar
50 m3 30 m3 10 m3 4-8 m3
Tabel 8: Benodigde doorwortelbare ruimte voor verschillende categorieën gemeentelijke bomen
36
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
6.1.2.1 Groeiplaatsinrichting Soms is ondergronds te weinig ruimte voor een gezonde boomgroei. Voor bomen in verharding zijn verschillende groeiplaatsinrichtingen mogelijk, afhankelijk van de beschikbare ruimte en omstandigheden. Enkele veelgebruikte opties zijn: 1 Boomkratten (zoals Permavoid of TreeParker) Ondergrondse constructies die de bodem ontlasten, verdichting voorkomen en water en lucht doorlaten. 2 Bomenzand (Structuurgrond) Een mengsel van zand en organisch materiaal dat voldoende stabiliteit biedt voor verharding, terwijl wortels kunnen groeien. 3 Wortelgeleidingssystemen Wortelschermen of geleiders die wortels sturen om schade aan wegen en trottoirs te voorkomen. 4 Lava- of puimsteen Lichtgewicht, poreuze korrels die de bodemstructuur verbeteren, water vasthouden en beluchting bevorderen. 5 Boomgranulaat Een mengsel van grof gesteente en organisch materiaal dat drukbestendig is en wortelgroei ondersteunt in verharding.
Afbeelding 34: pneumatische injectie met voedingsstoffen bij monumentale eiken Posterholt
Elke groeiplaatsoplossing heeft voor- en nadelen. De keuze hangt af van de situatie en de belasting. Bomenzand is geschikt onder parkeerplaatsen en biedt stabiliteit, maar laat wortels beperkt groeien en is minder geschikt voor zware belasting. Boomkratten zijn dan een beter alternatief. Ze vormen een stevig, dragend fundament, voorkomen wortelopdruk en bieden een goede, beluchte groeiplaats. Nadeel is dat ze graafwerk voor kabels en leidingen lastiger maken, al voorkomt dit juist schade aan wortels. In Roerdalen worden boomkratten alleen toegepast op drukbezochte plekken waar ruimte schaars is.
6.1.3 Groeiplaatsverbetering bij ruimtelijk plan De groeiplaats van planten en bomen kan op verschillende manieren verbeterd worden: • Vergroten boomspiegels; • Vergroten heestervakken; • Uitwisselen straatzand voor bomenzand met een hoog organisch gehalte (minimaal 5%) • Voedingsgehalte in onderlaag van de bodem verhogen door voedingspijlers of pneumatische injectie; • Parkeerplaatsen omhoog brengen tot niveau fietspad (‘opparkeren’) Bij vervanging van bestaand zand door bomenzand of humuscompost wordt veel kwalitatief materiaal toegevoegd. Dit brengt risico op wortelschade met zich mee, vooral bij oppervlakkige beworteling. Daarom verdient grondzuigen de voorkeur. Bomenzand moet minstens 20 cm boven de vol-capillaire zone liggen om contact met grondwater en moerasgasvorming te voorkomen. De bodemvoeding kan worden verbeterd met voedingspijlers of pneumatische injectie. Voedingspijlers brengen rijkere compost aan dan bomenzand, maar alleen verticaal. Minimaal vier per boom, bij voorkeur aangebracht met grondzuiging, voorkomen wortelschade. Het mengsel met humuscompost activeert het bodemleven en maakt voedingsstoffen opneembaar. Pneumatische injectie brengt voedingstoffen horizontaal én verticaal in, en creëert met weinig ingreep veel wortelruimte.
Aanbevolen wordt het gebruik van schimmel-dominante humuscompost (fractie 3–8 mm) met de structuurverbeteraar en draagstof Agra-Perlite. Ook bij bomen in gazons of heestervakken werkt deze methode goed.
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
37
6.1.4 Kroonsnoei en wortelkap bij ruimtelijk plan Als voor bouw of herinrichting de kroon en of het wortelgestel gesnoeid moet worden, dan is de vuistregel dat maximaal 20% gesnoeid mag worden. Is meer snoei gewenst, dan is een kapvergunning (omgevingsvergunning voor de activiteit kap) nodig. Snoei van de kroon van een gemeenteboom mag alleen uitgevoerd worden door een European Tree worker (ETW) of iemand met een aantoonbaar vergelijkbare expertise, na goedkeuring van het snoeiplan door de gemeente. De richtlijn voor wortelkap is: • Boomwortels van 3 cm of dikker van bomen in de Hoofdgroenstructuur en bij Bomenlijst bomen mogen niet verwijderd of beschadigd worden; • Boomwortels van 5 cm of dikker van vergunningvrije gemeentebomen mogen niet worden afgestoken, doorgegraven, doorgezaagd, afgehakt of op een andere manier worden beschadigd. Boomwortels mogen nooit kapotgetrokken worden door graafmachines, alleen loodrecht doorgesneden worden. Dit voorkomt grote wonden, waardoor de kans op zwamaantastingen wordt verkleind.
38
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
6.1.5 Bronbemaling bij ruimtelijk plan Bij bronnering zal een hydrologisch onderzoek moeten worden uitgevoerd naar de mate van water onttrekkingsdebiet in de omgeving van de boom. Op basis van dat onderzoek zullen specifieke boombeschermende maatregelen moeten worden opgesteld ter monitoring van het bodemvocht. Als de boom afhankelijk is van het grondwater en de grondwaterstand fluctueert ten gevolge van de bronbemaling, dient er gerijpt water gegeven te worden bij de bomen. Gerijpt water is water dat enige tijd heeft stilgestaan of opgeslagen is geweest in een bassin, sloot, vijver of reservoir, en daardoor verrijkt is met biologische en chemische stoffen uit de omgeving. De bodemvocht fluctuatie moet als gevolg van bronnering tot een minimum beperkt worden. Bij een fluctuatie groter dan 20 cm in het groeiseizoen, is het treffen van adequate maatregelen sowieso noodzakelijk. Soms is het bij bronnering in het groeiseizoen wenselijk door middel van kroonsnoei het verdampend bladoppervlak van de boom te verminderen. Er mag hierbij nooit meer dan 20% van het bladvolume weggenomen worden. Snoei is echter een curatieve maatregel. Voorkomen dat snoei noodzakelijk is, geniet uiteraard altijd de voorkeur.
7. Communicatie en Participatie Met het groenplan willen we werken aan een groener Roerdalen. Communicatie kan een bijdrage leveren aan de kennis over en het begrip voor de keuzes die we in dit plan hebben gemaakt. Als er zorgen of weerstand ontstaan, kan een open en transparante communicatie voor duidelijkheid zorgen. Verder beschrijven we hieronder hoe we omgaan met initiatieven van inwoners.
7.1 Communicatie De meeste inwoners zijn voorstander van meer groen in Roerdalen. Dat blijkt uit het onderzoek onder het Inwonerspanel Roerdalen, dat we in mei 2025 hebben uitgevoerd. Zie bijlage 8 de belangrijkste conclusies en de vragenlijst. Ook uit gesprekken in de dorpen blijkt dat veel inwoners voorstander zijn van meer groen. Tegelijkertijd zien we ook dat de meningen over concrete groenmaatregelen, zoals het beheer van groen, verdeeld zijn. We vinden het daarom belangrijk om duidelijk te communiceren over onze ambities op het gebied van groen en de keuzes die we in dit groenplan hebben gemaakt. Ook willen we uitleg aan inwoners geven over concrete groenprojecten of -thema’s.
In onze gemeentelijke communicatie besteden we daarom met enige regelmaat aandacht aan deze onderwerpen. Dat gebeurt onder de vlag van ‘Samen Doen, Samen Duurzaam’. Dat doen we omdat in de duurzaamheidskoers van de gemeente de onderwerpen duurzame energie, water en groen nadrukkelijk aan elkaar zijn verbonden. Door te communiceren via ‘Samen Doen, Samen Duurzaam’ laten we zien dat we via het groenplan sámen werken aan een groene en duurzame leefomgeving.
Afbeelding 35: groen parkeren draagt bij aan een duurzame leefomgeving
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
39
Afbeelding 36: openbaar groen en privé groen versterken elkaar
In de communicatie komen diverse onderwerpen uit dit groenplan aan bod. Bijvoorbeeld de voordelen van bomen en de manier waarop we maaien. Maar ook concrete projecten komen aan bod, zoals de bomenactie of het plaatsen van insectenhotels. We maken steeds duidelijk op welke manier een groenmaatregel bijdraagt aan onze doelstellingen op het gebied van groen.
7.2 Participatie Acties van inwoners maken onze dorpen groener. De gemeente kan het niet alleen. Ook tuinen en erven geven kleur aan ons groene karakter. Samen werken we aan het verbeteren van de natuur en de biodiversiteit in Roerdalen. Samenwerking is de sleutel tot succesvol vergroenen. De gemeente stimuleert. Bijvoorbeeld door bomen uit te delen om voortuinen mee te vergroenen.
40
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
Of door hen mee te laten doen aan onderzoek, zoals het tellen van wilde bijen in insectenhotels. Inwoners, bedrijven starten ook zelf initiatieven op het gebied van groen. Denk aan het aanleggen van een voedselbos of vergroenen van de buurt. Wij staan open voor deze initiatieven en ondersteunen ze waar mogelijk. Dat doen we bijvoorbeeld met kennis of geld. De inwoners blijven verantwoordelijk voor hun eigen groen. Wanneer een inwonersinitiatief bij de gemeente terecht komt, volgen we het stappenplan Samen Doen. Dit zorgt ervoor dat voor alle betrokkenen intern en extern- duidelijk is wat ze van elkaar kunnen verwachten.
8. Financiële paragraaf en uitvoering De ambitie om te vergroenen en te verbinden heeft consequenties. Zowel wat betreft de aanschaf en het planten van groen, als het beheer van het bijkomende groenareaal. Groen meenemen in ruimtelijke plannen vraagt ook om betere afstemming én extra inzet van groenspecialisten. Jaarlijks volgen we of we nog op koers liggen met vergroenen en verbinden.
We brengen jaarlijks in kaart hoeveel nieuwe bomen, struiken, vaste planten zijn geplant en hoeveel m2 groen is toegevoegd op openbare grond. We monitoren jaarlijks of we in 2050 10% meer boomkroonbedekking bereiken met beschikbare data, zoals die van de Klimaateffectatlas. Extra groen en omvormen van grijs naar groen vergt investering en extra exploitatiekosten. Bij de eigen buitendienst is geen capaciteit om de omvorming en
het beheer van de uitbreiding van het groenareaal op te pakken. Deze activiteiten moeten wij wegzetten bij een aannemer. Ter indicatie van de extra kosten noemen we het volgende: Kostenindicatie omvorming: • Grijs naar gras: € 20,- p/m2 • Grijs naar plantvak: € 90,- p/m2 • Gazon naar plantvak € 70,- /m2 • Gazon naar ruig grasland € 8,- /m2 Kostenindicatie extra onderhoud: • Gazon|: € 0,80 per m2 / per jaar • Onkruid in plantsoen: € 5,80 per m2 / per jaar • Onkruid op verharding: € 0,35 per m2 / per jaar Kostenindicatie extra planten of bomen: • Per heester of vaste plant: € 8,50 • Per boom: € 625,(inclusief groeiplaatsverbetering) Voor het vergroenen en het verbinden hebben we de volgende vier ambities: 1 10.000 m2 extra groen in 2050 voor groener straatbeeld; 2 400 extra bomen in 2050 voor meer boomkroonbedekking; 3 Versterken Hoofdgroenstructuur; 4 Beter groenadvies bij alle grotere ruimtelijke ontwikkelingen/projecten.
Afbeelding 37: groen langs de Roer
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
41
Ad 1: Jaarlijks komt er gemiddeld 400 m2 bij. Uitgaande van 60% omzetting naar gras en 40% omzetting naar beplanting zijn de jaarlijkse kosten: (240 m2 * € 20,- p/m2 ) + (160 m2 * € 90,- p/m2 ) = € 19.200 per jaar (plus indexering). Extra onderhoud van dit extra groen: (240 * € 0,80 per m2 ) + (160 * € 5,80 per m2 ) – (400 * € 0,35 per m2 ) = € 980,- per jaar (plus indexering)
Ad 2: Jaarlijks worden er gemiddeld 16 extra bomen geplant, verdeeld over de dorpen: 16 * € 625,- = € 10.000 per jaar (plus indexering) Extra beheer van 16 extra bomen: 16 * € 30,- = € 480,- per jaar (plus indexering)
Ad 3: Doel is om de Hoofdgroenstructuur robuuster groen te maken. Door aanplant van extra bomen, heesters en vaste planten op kale plekken, of rond/tussen bestaande bomen in de laan. In open landschap passen vaste planten beter dan bomen. Dit vergt de volgende investering per jaar: (10 bomen * € 625,-) + (100 heesters en vaste planten * € 8,50 ) = € 7.100,- per jaar Extra beheer van 10 bomen en 100 heesters/vaste planten (gemiddeld 7 per m2): (10 * € 30,-) + (15 * € 70,- /m2) = € 1.350,-
Ad 4: Behoud en versterking van groen voor de leefbaarheid vraagt om extra menskracht. Bij ruimtelijke ontwikkelingen worden deze extra advies uren natuur en landschap ingezet om structureel meer boombehoud en duurzame aanleg van groen, als exploitatiekosten. Adviseur groen adviseert bij alle grotere ruimtelijke ontwikkelingen/projecten, over de groenwens en bestaande bomen in het plangebied. € 45.000,- (per jaar)
Adviseur Groen: 0,5 fte
TOTAAL per jaar: Investering groen:
€ 19.200 + € 10.000,- + € 7.100,-
= € 36.300,-
Extra beheer:
€ 980,- + € 480,- + € 1.350,- + € 45.000,-
= € 47.810,-
TOTAAL = € 84.110,- per jaar (plus indexering)
42
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
Bijlage 1: Waarden van groen Voor meer informatie over de bewezen voordelen van groen en bomen in stedelijke omgevingen, raadpleeg de factsheets Groen in de Stad van Wageningen Universiteit & Research (2024). Zie ook de baten van bomen en groen in afbeelding 36.
Voorbeelden van ecosysteemdiensten in Nederland
PRODUCTIEDIENSTEN Voedsel
Gezondheid
Bomen verbeteren bovendien de luchtkwaliteit door fijnstof af te vangen. Fijnstof, stikstofoxide (NOx) en ozon (zomersmog) zijn van alle verontreiniging het meest schadelijk voor onze gezondheid. Bomen kunnen een deel van deze verontreiniging uit de lucht filteren. Het fijnstof blijft aan de bladeren plakken – deels door de zwaartekracht en elektrostatische aantrekking - en wordt tijdens een regenbui afgespoeld. Een boom van 20 jaar oud kan jaarlijks zo’n 100 gram fijnstof afvangen. Kleine moleculen als ozon en NOx komen met de lucht via de huidmondjes binnen in de bladeren en worden daar in de cellen opgenomen. Onderzoek wijst uit dat schonere lucht leidt tot minder hart- en vaatziekten bij inwoners. Zeker in deze tijd zorgt een fysiek gezonde leefomgeving voor de broodnodige stimulans voor sociale contacten, geestelijke ontspanning en fysieke inspanning. Bomen en groen nodigen uit tot bewegen. Ze stimuleren het maken van ommetjes, wandelingen en fietstochten. Door er op uit
Groene recreatie
Water voor overig gebruik
CULTURELE DIENSTEN
Symbolische waarde
Natuurlijk erfgoed
Drinkwater
Wetenschap en educatie
Biomassa voor energie
pbl.nl
Bomen en ander groen zijn niet alleen beeldbepalend, ze dragen ook aantoonbaar bij aan stressvermindering een gezonder leven. Voor een gezonde groei van Roerdalen is het van belang dat we ook investeren in gezonde groei van bomen. Bomen ondersteunen onze fysieke en mentale weerbaarheid. Zo gebruiken kinderen in een groene omgeving minder ADHD-medicatie en hebben werknemers met burnout klachten baat bij activiteiten in het groen. Bomen in de straat of in het buurtpark zijn niet louter aankleding, maar een randvoorwaarde voor een gezonde leefomgeving.
Hout, vezels, genetische bronnen
Kustbescherming CO 2 Bodemvruchtbaarheid Reinigend vermogen bodem, water, lucht
Koolstofvastlegging Bodemerosie
Plaagonderdrukking
Verkoeling in de stad
Bestuiving
REGULERENDE DIENSTEN
Absorptie geluid, wind en visuele verstoring Waterberging
Bron: PBL, WUR, CICES 2014
www.pbl.nl
De baten van bomen en groen, de zogeheten ecosysteemdiensten (bron: PBL, WUR en CICES 2014)
te trekken verkleinen we de kans op ziektes en kwalen en vergroten we de kans op ontmoetingen en het onderhouden van sociale contacten. Het uitgangspunt bij ruimtelijke plannen en gebiedsontwikkelingen is daarom om bomen evenwichtig en volwaardig mee te nemen. Rond (nieuw)bouw moet bewust ruimte gemaakt worden voor bomen, zodat deze gezond kunnen uitgroeien en de leefbaarheid voor mens en dier in de bebouwde omgeving geborgd is. Dit zogeheten natuurinclusief bouwen houdt ook in dat bouwrijp maken niet langer gelijk staat aan het helemaal kaalslaan van een terrein en de vruchtbare
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
43
bodem bedekken met een dikke laag bouwzand. Natuurinclusief bouwen omvat ook het inpassen van waardevolle bomen ter plaatse. Een groene omgeving heeft namelijk ook een positief effect op de vastgoedwaarde van woningen en kantoren. In de communicatie komen diverse onderwerpen uit dit groenplan aan bod. Bijvoorbeeld de voordelen van bomen en de manier waarop we maaien. Maar ook concrete projecten komen aan bod, zoals de bomenactie of het plaatsen van insectenhotels. We maken steeds duidelijk op welke manier een groenmaatregel bijdraagt aan onze doelstellingen op het gebied van groen.
Klimaat bestendig De klimaatverandering zorgt voor meer extreem weer. Door de toename van broeikasgas (CO2) in de atmosfeer hebben we te maken met: • Hittestress; • Droogtestress; • Wateroverlast. Hittestress speelt in stedelijk gebied, omdat de temperatuur hier gemiddeld hoger is dan in het omliggende landelijk gebied. Het temperatuurverschil kan oplopen tot 4°C. De belangrijkste redenen voor dit verschil zijn de absorptie van zonlicht door de donkere materialen (bijvoorbeeld asfalt) in de bebouwde omgeving en de relatief lage windsnelheden. Dit heeft tot gevolg dat: • ‘s Nachts de afkoeling door uitstraling in bebouwd gebied minder groot is dan in het buitengebied; • Gebouwen minder warmte verliezen door de lagere windsnelheden; • Er in bebouwd gebied 10 tot 20% minder verdamping plaatsvindt omdat ze grotendeels uit verhard oppervlak bestaan. Hier bovenop komen de menselijke activiteiten die voor een verdere opwarming zorgen zoals verkeer, verwarming van huizen, industrie en airco’s. Droogtestress ontstaat door langdurige periodes van hitte. Het betekent dat de bodem zo ver uitdroogt, dat planten niet meer goed kunnen verdampen. Bomen reageren hierop door hun bladeren al voor de herfstperiode te laten vallen. Dat heeft twee redenen. De boom ver-
44
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
dampt daardoor minder water via de bladeren. Ook vangt de boom daardoor minder zonlicht op voor fotosynthese. Als het droog is sluiten de huidmondjes van de bladeren zich namelijk. Dit betekent dat de plant geen CO2 meer opneemt die nodig is om te groeien. Het zonlicht dat de boombladeren dan opnemen, zorgt voor een overschot aan energie die omgezet wordt in oxidanten, wat schadelijk is voor de boom. Door hun blad te laten vallen, beschermt de boom zich hiertegen. Andere reacties op hittestress van de boom kunnen zijn het minder bloemen of minder vruchten produceren. Ook voor de natuur zijn de gevolgen groot. Soorten kunnen lokaal uitsterven, de kans op natuurbranden neemt toe, en vennen en beken kunnen sneller droogvallen. Wanneer de bodem ver is uitgedroogd kan het water ook minder goed infiltreren. Bij hoosbuien kan dit leiden tot wateroverlast. Wateroverlast in het bebouwd gebied is het gevolg van een surplus aan bebouwing en verharding. Tijdens piekbuien kan het water hier onvoldoende infiltreren in open grond en het rioolstelsel kan de overvloed aan hemelwater niet verwerken. Met als gevolg dat het water in de straten blijft staan of kelders doet onderlopen. Bomen helpen bij het tegengaan van de gevolgen van klimaatverandering. Door verdamping van het bladerdak zijn het de natuurlijke airco’s van de stad.
Daarnaast zorgen ze voor schaduw en helpen ze het opwarmen van gebouwen en wegen te verminderen. Bomen dragen ook op andere manieren bij aan het tegengaan van de gevolgen van klimaatverandering. Broeikasgas (CO2) wordt bijvoorbeeld vastgelegd in het hout. Ieder jaar opnieuw een jaarring. Afhankelijk van de omstandigheden wordt op deze wijze per boom tot wel 10 tot 40 kilo CO2 per jaar onschadelijk gemaakt. Nog belangrijker voor de opslag van broeikasgas is een natuurlijke bodem. Hoe beter het bodem voedselweb functioneert, hoe meer CO2 er wordt vastgehouden in de bodem in de vorm van organisch materiaal (dode plantenresten). Minder verharding en minder blad vegen helpt zo tegen de opwarming. Toenemende verstening van tuinen en buitenruimtes versterkt niet alleen de opwarming van de stad, maar
ook de problemen met afwatering. Meer bladerdek kan het hemelwater beter opvangen en in onverharde bodems kan het water beter infiltreren en vastgehouden worden. Met als gevolg minder overbelaste rioleringssystemen en wateroverlast tijdens piekbuien. Belangrijker zijn tegenwoordig echter misschien wel de waterbuffers die hierdoor in de bodem worden opgeslagen en uitkomst bieden tijdens periodes van droogte. Tegelijkertijd dient ook het bomenbestand zelf op de toekomst voorbereid te zijn. Monoculturen zijn namelijk gevoelig voor ziekten en plagen. Variatie is daarom het antwoord op klimaatverandering. Het betekent afwisseling van boomsoorten in woonwijken en bomenlanen. Naast inheemse soorten is het nodig om ook soorten aan te planten die hier niet van nature thuishoren. Soorten uit de mediterrane zone kunnen bijvoorbeeld beter omgaan met hitte en droogte. Ook aanplant van gekweekte variëteiten is zinvol vanwege specifieke boomeigenschappen.
Biodiversiteit De biodiversiteit staat onder druk. Er verdwijnen altijd soorten en komen er soorten bij. Uit alle beschikbare nationale of internationale onderzoeken blijkt echter dat structureel sprake is van een dalende tendens in soortenrijkdom. Ook onze gemeente ontkomt niet aan een afname van soorten en habitats. Ons omvangrijke groene buitengebied is in de loop van de tijd steeds verder bebouwd en versnipperd geraakt en ook de intensieve landbouw heeft hier zijn gevolgen. Een boom is een leefgemeenschap op zichzelf. In een natuurlijke bodem leven schimmels en bacteriën in symbiose (langdurige samenwerking) met boomwortels, met wederzijds voordeel. Bomen bieden schuil- en nestgelegenheid voor vogels en andere dieren en leveren ook een plek voor talloze insecten, planten, mossen en algen. Samen met andere bomen, heesters en planten vormen ze grotere leefgemeenschappen. Voor biodiversiteitsherstel is de boomsoort van belang. Inheemse boomsoorten herbergen vaak meer soorten insecten en andere dieren. Op een zomereik zijn tot wel 450 insectensoorten te vinden, op een Ameri-
kaanse eik slechts 13. Ook gaat het om de samenhang tussen soorten met hun omgeving. De geologische en klimatologische omstandigheden bepalen mede het karakter van het ecosysteem ter plaatse. Een natuurlijk loofbos kent zodoende een andere soortensamenstelling op de Veluwe dan in Roerdalen. Afstammelingen van eiken die al generaties in onze omgeving vertoeven verschillen van hun Veluwse soortgenoten. Door genetische variatie hebben zijn zich in de loop van de tijd aangepast aan het lokale klimaat en de plaatselijke bodem. Voor biodiversiteitsherstel zijn vier aspecten te onderscheiden: 1 Behoud 2 Versterken 3 Vergroten 4 Verbinden Behoud wil onder meer zeggen instandhouding van het groenareaal en het bestendigen van de groene kwaliteit van specifieke locaties. Versterken omvat alle activiteiten die bedoeld zijn om de betekenis van een bepaald groengebied op te waarderen. Bijvoorbeeld door meer gelaagdheid in een bosschage aan te brengen. Vergroten slaat op de uitbreiding van groeiplaats van bomen. Onder andere door functieloze verharding te vervangen door groen. Verbinden houdt in dat niet-natuurlijke barrières tussen groengebieden worden overbrugd. Bijvoorbeeld door het ene groengebied aan te sluiten op het andere door aanleg van een laanbeplanting. Biodiversiteitsherstel is gebaat bij natuurvolgend ontwerpen en beheren.
We kijken goed naar de natuur om het groen in bebouwd gebied goed te laten functioneren. Niet alles kan overal. We gaan ons aanpassen aan water en bodem, in plaats van andersom. Een zo natuurlijk mogelijke blik op groen in de buitenruimte de beste kansen biedt voor een gezond, biodivers en toekomstbestendig groenareaal. Dat betekent meer aandacht voor gebiedseigen soorten. Het betekent ook kiezen voor robuust groen in plaats van eenzame bomen op een parkeerterrein.
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
45
Verbeteren van de biodiversiteit houdt ook in dat bij iedere omgevingsactiviteit als het bouwen van huizen, de aanleg van wegen, maar ook de organisatie van een evenement bekeken wordt op welke wijze deze activiteit kan bijdragen aan het herstel van de biodiversiteit. Daarbij in ogenschouw nemend dat een grote, gezonde boom sterker bijdraagt aan de biodiversiteit dan tien kleintjes.
Identiteit Roerdalen heeft een heel eigen karakter. Groen en bomen vervullen een belangrijke rol in de identiteit van onze gemeente. Roerdalen is buitengewoon groen en gevarieerd. Onze gemeente kent vier landschapstypes, gebaseerd op de grondslag en de geschiedenis van de plek: • Het Roer- en Vlootbeekdal; • Bos- en mozaïeklandschap; • Open cultuurlandschap • Nationaal park De Meinweg In het buitengebied van de gemeente Roerdalen zijn de oorspronkelijke landschappelijke structuren nog grotendeels afleesbaar en herkenbaar in het landschap: Bossen op het hoogterras en op de landduinen, een open agrarisch cultuurlandschap op het Middenterras en een afwisselend open en besloten landschap in het Roerdal en het Vlootbeekdal. Dit gevarieerde
landschap biedt onder andere een aangename leefomgeving, goede recreatieve mogelijkheden, een goede basis voor ondernemerschap en grote aaneengesloten gebieden voor flora en fauna. Onze kernen vormen een harmonieus geheel met het landschap. Ze hebben ieder hun eigen geschiedenis, originaliteit karakteristieken. Feitelijk vormen de kernen een negende landschap. • Herkenbosch • Melick • Montfort • Posterholt • Sint Odiliënberg • Vlodrop • De buurtschappen De kernen hebben ieder hun eigen groene karakter staan in verbinding met het omringende landschap. Bomen, gras, heesters en planten leveren een belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van het landschap, dorp, kern of wijk. Het zijn vaak de meest bepalende groene elementen. In de dorpen zijn het vaak de oudste bewoners en maken zodoende onderdeel uit van de geschiedenis van de plek. Behoud en versterking van de eigenheid van Roerdalen gaan hand en hand met de zorg voor florerend dorpsgroen en een vitaal bomenbestand.
Zicht op St. Odilliënberg
46
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
Bijlage 2 Analyse Bomenbestand Onder ‘Buitengebied’ vallen alle zogenoemde buitengebieden en de kernen Borg, Etsberg, Holst, Lerop, Paarlo, Reutje, Rothenbach en Varst. Onder ‘Binnen de Kom’ vallen de dorpen Herkenbosch, Melick, Montfort, Posterholt, Sint Odiliënberg en Vlodrop (zie tabel 9).
Aantal bomen per soort Buitengebied
Aantal bomen per soort Binnen de Kom
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Quercus Fraxinus Fagus Tilia Acer Betula Alnus Salix Robinia Platanus Overige soorten TOTAAL
Eik Es Beuk Linde Esdoorn Berk Els Wilg Acacia Plataan 18 soorten
6201 1152 1096 501 355 221 206 141 127 104 356 10460
59,3% 11,0% 10,5% 4,8% 3,4% 2,1% 2,0% 1,3% 1,2% 1,0% 3,4% 100,0%
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Quercus Acer Tilia Fraxinus Prunus Liquidambar Fagus Carpinus Pyrus Betula Overige soorten TOTAAL
Eik Esdoorn Linde Es Kers Amberboom Beuk Haagbeuk Peer Berk 44 soorten
2019 889 677 412 340 311 297 275 178 160 1547 7105
28,4% 12,5% 9,5% 5,8% 4,8% 4,4% 4,2% 3,9% 2,5% 2,3% 21,8% 100,0%
Tabel 9: aantal boomsoorten in het buitengebied/ binnen de kom. Van 657 bomen is de soort onbekend
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
47
Ook per dorp verschilt de aanwezigheid van eiken en andere soorten aanzienlijk. De eik is in Herkenbosch en Melick veel dominanter aanwezig dan in de Montfort, Posterholt Sint Odiliënberg en Vlopdrop (zie tabel 10).
Aantal bomen per soort Herkenbosch
Aantal bomen per soort Melick
Aantal bomen per soort Montfort
48
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Quercus Tilia Acer Fagus Liquidambar Pinus Salix Platanus Fraxinus Prunus Overige soorten TOTAAL
Eik Linde Esdoorn Beuk Amberboom Den Wilg Plataan Es Kers 28 soorten
578 140 123 94 63 57 53 49 47 46 340 1.590
36,4% 8,8% 7,7% 5,9% 4,0% 3,6% 3,3% 3,1% 3,0% 2,9% 21,4% 100,0%
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Quercus Acer Tilia Fraxinus Prunus Liquidambar Pyrus Corylus Carpinus Fagus Overige soorten TOTAAL
Eik Esdoorn Linde Es Kers Amberboom Peer Hazelaar Haagbeuk Beuk 31 soorten
832 226 164 137 114 82 58 53 44 36 257 2.003
41,5% 11,3% 8,2% 6,8% 5,7% 4,1% 2,9% 2,6% 2,2% 1,8% 12,8% 100,0%
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Quercus Acer Carpinus Tilia Robinia Fagus Aesculus Corylus Magnolia Fraxinus Overige soorten TOTAAL
Eik Esdoorn Haagbeuk Linde Acacia Beuk
124 87 69 63 60 31 30 26 24 21 156 691
17,9% 12,6% 10,0% 9,1% 8,7% 4,5% 4,3% 3,8% 3,5% 3,0% 22,6% 100,0%
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
Paardenkastanje
Hazelaar Tulpenboom Es 23 soorten
Aantal bomen per soort Posterholt
Aantal bomen per soort Sint Odiliënberg
Aantal bomen per soort Vlodrop
Tabel 10: Boomsoorten per plaats
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Quercus Acer Tilia Prunus Carpinus Fagus Liquidambar Platanus Betula Fraxinus Overige soorten TOTAAL
Eik Esdoorn Linde Kers Haagbeuk Beuk Amberboom Plataan Berk Es 26 soorten
201 169 155 102 94 85 69 54 42 36 188 1.195
16,8% 14,1% 13,0% 8,5% 7,9% 7,1% 5,8% 4,5% 3,5% 3,0% 15,7% 100,0%
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Quercus Acer Tilia Fraxinus Alnus Fagus Betula Pyrus Prunus Liquidambar Overige soorten TOTAAL
Eik Esdoorn Linde Es Els Beuk Berk Peer Kers Amberboom 29 soorten
217 143 120 59 51 48 48 40 33 31 271 1.061
20,5% 13,5% 11,3% 5,6% 4,8% 4,5% 4,5% 3,8% 3,1% 2,9% 25,5% 100,0%
Boomsoort
Nederlandse naam
Aantal exemplaren
Percentage Bomenbestand
Acer Fraxinus Quercus Liquidambar Tilia Carpinus Prunus Pyrus Betula Platanus Overige soorten TOTAAL
Esdoorn Es Eik Amberboom Linde Haagbeuk Kers Peer Berk Plataan 13 soorten
141 112 67 51 35 29 27 24 16 15 48 565
25,0% 19,8% 11,9% 9,0% 6,2% 5,1% 4,8% 4,2% 2,8% 2,7% 8,5% 100,0%
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
49
De standplaats van de bomen verschilt per locatie. Hieronder is het verschil in standplaatseweergeven in het buitengebied (inclusief Borg, Etsberg, Holst, Lerop, Paarlo, Reutje, Rothenbach en Varst) en de grotere dorpen:
Bomen per standplaats - Buitengebied
Aantal bomen per standplaats - Buitengebied 4.000
Standplaats
Ruw gras Gazon Beplanting Bos Verharding Onbekend EINDTOTAAL
Aantal bomen
Percentage Bomenbestand
9.744 32 324 40 44 276 10.460
93,2% 0,3% 3,1% 0,4% 0,4% 2,6% 100,0%
3.500 3.000 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 Ruw gras
Gazon
Beplanting
Bos
Verharding
Onbekend
Aantal bomen per standplaats - Herkenbosch
Bomen per standplaats - Herkenbosch 700
Standplaats
Aantal bomen
Percentage Bomenbestand
600 500
Ruw gras Gazon Beplanting Bos Verharding Onbekend EINDTOTAAL
500 258 644 0 178 10 1.590
31,4% 16,2% 40,5% 0,0% 11,2% 0,6% 100,0%
400 300 200 100 0 Ruw gras
Bomen per standplaats - Melick
Gazon
Beplanting
Bos
Verharding
Onbekend
Aantal bomen per standplaats - Melick 1.200
Standplaats
Aantal bomen
Percentage Bomenbestand
Ruw gras Gazon Beplanting Bos Verharding Onbekend EINDTOTAAL
1.003 0 672 0 292 36 2.003
50,1% 0,0% 33,5% 0,0% 14,6% 1,8% 100,0%
1.000
800
Tabel 11: de verschillen in standplaats per locatie
50
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
600 400
200
0 Ruw gras
Gazon
Beplanting
Bos
Verharding
Onbekend
Bomen per standplaats - Montfort
Aantal bomen per standplaats - Montfort 250
Standplaats
Ruw gras Gazon Beplanting Bos Verharding Onbekend EINDTOTAAL
Aantal bomen
Percentage Bomenbestand
203 80 172 0 193 43 691
29,4% 11,6% 24,9% 0,0% 27,9% 6,2% 100,0%
200
150
100
50
0 Ruw gras
Gazon
Beplanting
Bos
Verharding
Onbekend
Aantal bomen per standplaats - Posterholt
Bomen per standplaats - Posterholt 700
Standplaats
Aantal bomen
Percentage Bomenbestand
600 500
Ruw gras Gazon Beplanting Bos Verharding Onbekend EINDTOTAAL
599 23 378 0 146 49 1.195
50,1% 1,9% 31,6% 0,0% 12,2% 4,1% 100,0%
400 300 200 100 0 Ruw gras
Gazon
Beplanting
Bos
Verharding
Onbekend
Aantal bomen per standplaats - Sint Odiliënberg
Bomen per standplaats - Sint Odiliënberg 400
Standplaats
Ruw gras Gazon Beplanting Bos Verharding Onbekend EINDTOTAAL
Aantal bomen
Percentage Bomenbestand
135 333 341 65 111 76 1.061
12,7% 31,4% 32,1% 6,1% 10,5% 7,2% 100,0%
350 300 250 200 150 100 50 0 Ruw gras
Gazon
Beplanting
Bos
Verharding
Onbekend
Aantal bomen per standplaats - Vlodrop
Bomen per standplaats - Vlodrop 300
Standplaats
Aantal bomen
Percentage Bomenbestand
250 200
Ruw gras Gazon Beplanting Bos Verharding Onbekend EINDTOTAAL
252 0 225 0 66 22 565
44,6% 0,0% 39,8% 0,0% 11,7% 3,9% 100,0%
150
100 50
0 Ruw gras
Gazon
Beplanting
Bos
Verharding
Onbekend
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
51
Bijlage 3: aanwijscriteria Beschermde Houtopstand Roerdalen Criteria
In de gemeente Roerdalen worden de meest bijzondere bomen beschermd door het omgevingsplan: 1. Monumentale bomen (Bomenlijst-bomen) a. Gemeente b. Particulier 2. Bomen in de Hoofdgroenstructuur
• Natuurwaarde • Cultuurhistorische waarde • Landschappelijke waarde • Waarde voor dorpsschoon • Waarde voor leefbaarheid
Aanwijscriteria Particuliere bomen
Beoordeling
Randvoorwaarden Voor de (her)beoordeling van een particuliere boom of houtopstand (groep bomen die een samenhangend geheel vormt) gelden de volgende randvoorwaarden: > 30 jaar oud of > 30 cm doorsnede (tenzij herplant van dode/gekapte monumentale boom) Voor nieuwe aanwijzingen: Toekomstverwachting > 5 jaar Buiten de bebouwde kom: • rij < 21 stuks of; • bos < 10 are of; • onderdeel van erf buitengebied
Iedere waarde kent de drie categorieën: • Top • Hoog • Basis
Monumentaal Een boom of houtopstand kan op één of meerdere waarden scoren. Voor de kwalificatie ‘Monumentaal’ zijn minimaal 3 van de 5 waarden ‘Top’ of ‘Hoog’, dat wil zeggen: • 3 ‘Top’ (of meer) of • 2 ‘Top’ en 1 ‘Hoog’ of • 1 ‘Top’ en 2 ‘Hoog’
Monumentale linde bij kruis aan de Zandstraat te Montfort
52
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
Toelichting op aanwijscriteria Natuur- en ecologische waarde Boom of houtopstand die de biodiversiteit versterkt of een onderdeel zijn van belangrijke verbindingen tussen natuurlijke gebieden, tussen dorp en landschap of tussen groene gebieden binnen de bebouwde kom. Zoals locaties met inheemse, gebiedseigen houtopstanden. Er kan naast voornoemde eigenschappen sprake zijn van een bijzondere of gebiedseigen variatie in boomsoorten. Kensoorten en waardplanten zijn met name indicatoren voor de mate waarin de houtopstand een bijdrage levert aan de ecologie en biodiversiteit.
Topwaarde
Betekenisvolle ecologische- of verbindingsfunctie voor Roerdalen; Verblijfplaats meer dan 15 kensoorten; Gebiedseigen boomsoort; Horst of verblijfplek vleermuizen; Huisvesting zeldzame beschermde plant.
Hoge waarde
Ecologische verbinding van dorp naar buitengebied; Groene stapsteen voor wijk of buurt; 5 – 15 kensoorten; Inheemse boomsoort.
Basis waarde
Overige bomen
Cultuurhistorische waarde Bomen die bijdragen aan de identiteit van Roerdalen. Een boom die bijvoorbeeld onderdeel is van de lokale geschiedenis of een bepaalde cultuurhistorische betekenis heeft. Zoals de herdenkingsbomen die ter gelegenheid van bijzondere gebeurtenissen zijn geplant. Ooggetuige bomen die aanwezig zijn bij een geschiedkundig feit. Oude knotbomen in de kern markeren bijvoorbeeld vaak vroegere erf- en perceelsgrenzen. Daarnaast kunnen bijzondere soorten boomkundig (dendrologisch) gezien waardevol zijn. Denk aan een exotische boomsoort of een bijzondere kweekvorm of variëteit.
Topwaarde
Bijzondere/cultuurhistorische betekenis voor gemeente, provincie of Nederland; Oude verbindingswegen; Geriefbosje of Hoogstamvruchtboomgaard; Cultuurhistorische monumentale boom Bomenstichting (ooggetuigeboom of herdenkingsboom)
Hoge waarde
Lokale historische betekenis voor het wijk/buurt; Oude invalswegen of oude oprijlaan; Relict van geriefbosje of Topstamvruchtboomgaard; Dendrologisch uniek; Lokale historische betekenis voor wijk of buurt.
Basis waarde
Overige bomen
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
53
Landschappelijke waarde Een houtopstand of boomsoort die kenmerkend voor het landschap van Roerdalen. Een gebiedseigen boomsoort, een soort die hoort bij de geschiedenis van de locatie. Of een exemplaar die vanwege zijn verschijningsvorm, grootte of groeivorm hoort in het landschap. Bijvoorbeeld de grootste of dikste boom van de regio.
Topwaarde
Bijzondere of zeldzame soort; Bijzondere grootte of groeivorm in het landschap; Buitencategorie Monumentale boom Bomenstichting; Dikste/oudste exemplaar van een boomsoort in de gemeente; Unieke of karakteristieke habitus boom.
Hoge waarde
Zeldzaam of uniek voor gemeente gebied (minder dan 10 volwassen bomen); Opvallende grootte voor het landschap; Overige monumentale bomen Bomenstichting
Basis waarde
Overige bomen
Waarde voor dorpsschoon Een boom is beeldbepalend als deze voor de beeldkwaliteit van de leefomgeving van grote waarde is of indien de boom een belangrijke positieve bijdrage levert aan het karakter en de herkenbaarheid op straat-, wijk- of kernniveau. Op particuliere terreinen gaat het om bomen die in het straatbeeld of vanuit het landschap een grote rol spelen, omdat de boom voor meer dan de helft zichtbaar is vanuit openbaar toegankelijk gebied. De beeldbepalende waarde zit ook in de karakteristiek van de soort. Dit sluit de opname van onherstelbaar, door foutieve snoei verminkte bomen uit.
Topwaarde
Beeldbepalend voor gemeente of dorp; Op ‘A locatie’ (druk bezocht, goed bekend, bijna volledig zichtbaar vanaf openbaar terrein);
Hoge waarde
Beeldbepalend voor het wijk/buurt; Op ‘B locatie’ (redelijk bezocht, redelijk bekend, gedeeltelijk zichtbaar vanaf de openbare weg, op max 50 m afstand
Basis waarde
Overige bomen
Waarde voor de leefbaarheid De houtopstand levert een bijdrage aan een aangename woonomgeving, bijvoorbeeld doordat hij schaduw biedt of gelegenheid geeft tot spelen voor de jeugd. Het kunnen ook bomen zijn die een belangrijke ecosysteemdienst vervullen, zoals verbetering van de luchtkwaliteit, verkoeling door verdamping en beschaduwing of retentie van hemelwater. Sommige boomsoorten zijn beter bestand tegen de klimaatverandering. Daardoor sieren ze het straatbeeld mogelijk langer, waardoor ze een hogere waarde voor de leefbaarheid kunnen hebben. Houtopstand die een betekenisvolle bijdrage levert aan de leefbaarheid van de buurt of deel van een wijk. Bijvoorbeeld doordat ze een aangename verblijfsruimte creëren, een belangrijke recreatieve rol spelen bij recreatie (park, wandel- en fietsroutes) of een uniek ensemble vormend met andere elementen.
54
Natuurlijk groen Roerdalen 2025 - 2050
Topwaarde
Klimaatboom voor gemeente of dorp (airco, wateropslag); Boomsoort bestand tegen klimaatverandering; Top bijdrage vastleggen broeikasgas; Top bijdrage aan recreatie op deze locatie; Top bijdrage aan luchtzuivering locatie; Top bijdrage aan verkoeling omgeving.
Hoge waarde
Klimaatboom voor wijk of buurt; Hoge bijdrage aan recreatie op deze locatie; Hoge bijdrage vastleggen broeikasgas; Hoge bijdrage aan luchtzuivering ter plaatse; Hoge bijdrage aan verkoeling omgeving
Basis waarde
Overige bomen
Aanwijscriteria Gemeentebomen: Randvoorwaarden Dezelfde criteria als voor particuliere, aangevuld met waarden voor: • Verbinding (structuurbomen)
Historische functie Bomenstructuren of -zones die verwijzen naar de historie van het gebied. Bijvoorbeeld een laanbeplanting die langs een oude invalsweg staat of juist verwijst naar een voormalige oprijlaan. Het kunnen ook locaties zijn waar van oudsher nutsbomen staan, zoals Topstamboomgaard of een geriefbosje.
Aanwijscriteria bomen voor Verbinding De aanwijscriteria voor bomen voor verbinding betreffen: • Structuur functie • Historische functie • Buurt functie • Ecologische functie Structuur functie Bomen in een lijnvormige structuur of –zone die onderdeel zijn van belangrijke blauw-groenverbindingen of van groenstructuren. Ze verbinden bijvoorbeeld parken en bosschages met elkaar, waardoor de ecologische betekenis ervan toeneemt. Zo ontstaat er een natuurlijke migratieroute voor vogels en andere diersoorten. Daarnaast kunnen rijen bomen stedenbouwkundige structuren accentueren en zo een belangrijke bijdrage leveren aan het karakter van de wijk of de kern. Deze boomstructuren begeleiden bijvoorbeeld wegen binnen de hoofdinfrastructuur of markeren een wijk- of gebiedsontsluiting.
Buurt functie Bomengroepen of bosschages die een betekenisvolle bijdrage leveren aan de leefbaarheid van de buurt of deel van een wijk. Bijvoorbeeld doordat ze een aangename verblijfsruimte creëren, een belangrijke recreatieve rol spelen bij recreatie (park, wandel- en fietsroutes) of een uniek ensemble vormend met andere elementen Ecologische functie Structuren of bomenzones die de biodiversiteit versterken of een onderdeel zijn van belangrijke verbindingen tussen natuurlijke gebieden of tussen kern en landschap. Het zijn met name locaties met inheemse, gebiedseigen exemplaren. Er kan naast voornoemde eigenschappen sprake zijn van een bijzondere variatie in boomsoorten.