Niet vastgesteld verslag Forum samenleving 19012021.odt
Tekst van het document
Dan mevrouw Jansen, heeft u nog een opmerking gemaakt over schoolverlaters of die niet naar een baan doorgeleid kunnen worden. Dat kan natuurlijk allemaal wel, maar de inzet is een startkwalificatie, omdat dat gewoon weg een wettelijke taak is. Dat vinden we met elkaar heel erg belangrijk. Dan nog even over het samenwerkingsverband waar mevrouw Jansen ook al naar gevraagd heeft, want wij werken samen met de gemeenten Den Haag en Leidschendam-Voorburg. Dat is voor wat betreft passend onderwijs de wettelijke samenwerkingsregio. Dus dat betekent natuurlijk niet dat wij niet met de collega’s in Delft praten, integendeel. Maar dit is het wettelijke kader waarbinnen wij werken. Dan ga ik nog even naar de fractie van Gemeentebelangen. U zegt: de eigen kracht in de nota en het primaire primaat bij de ouders voor opvoeding en opvoedondersteuning dat ondersteun ik. Dat is altijd goed om te horen. Rijswijks Belang heeft ook nog gerefereerd aan de onderwijsachterstanden en COVID en doet een voorstel ook, als ik het goed begrijp, activiteiten te organiseren. Dat is natuurlijk altijd goed.
Ik wil wel even benadrukken als we het hebben over onderwijsachterstanden die ondersteuningsplannen vanuit het onderwijs wel echt over het wegwerken van de achterstanden gaat, maar ook, dat heeft u denk ik heel goed gelezen in de nota, zetten we in vanuit de gemeente op het leuke dingen doen en het positief opgroeien, talentenontwikkeling. Dus vanuit die optiek doen we er alles aan om kinderen en jongeren hun talenten te kunnen laten ontdekken, zodat ze op een goede plek terechtkomen. Daar wou ik het maar even bij laten, voorzitter, in de eerste termijn. Wethouder Bentvelzen: Er zijn veel vragen gesteld en dat is aan de ene kant goed en aan de andere kant moeten wij misschien nog wel wat huiswerk doen denk ik dan, kijkend digitaal naar mijn collega Johanna Besteman. Om te beginnen wil ik aangeven dat er door meerdere fracties is gesteld dat er een toetsingskader ontbreekt en waarom dat dan zo is. Volgens mij heeft mijnheer Van Dam ernaar gevraagd. Volgens mij heeft GroenLinks ernaar gevraagd. Er zijn meerdere fracties die dat toetsingskader hebben genoemd. Ik wil toch even scherp krijgen dat een kadernota, de naam zegt het eigenlijk al, dat beschrijft iets op hoofdlijnen.
Dat gezegd hebbende en daarmee ook het staartje wat op de laatste pagina te vinden is in deze Kadernota waarin alle opvolgende nota’s nog naar de raad toekomen daar wordt wat meer kleur in gegeven aan hetgeen waar wij mee bezig zijn. Dan haak ik meteen aan op de vraag van mevrouw Koopman. U noemde jeugd en gezondheid of ik dat dan mee zou meenemen in de Nota Preventief jeugdbeleid, dat trek ik mijzelf dan heel erg aan, want het is één van de nota’s die op mijn conto is. Natuurlijk is dat één van de onderwerpen die terug zou komen in die Nota Preventief jeugdbeleid. Ik ga proberen, voorzitter, om alle vragen zo goed en kwaad als ik kan te beantwoorden. Er zijn vragen gesteld over het CJG over preventie, over de doorontwikkeling. Is het CJG overal wel klaar voor? CJG zijn we aan het doorontwikkelen, dat is ook
opgeschreven, beschreven in het lokale inkoopplan uit 2018 al. We merken dat het samenspel tussen het Jeugdteam en de scholen en de preventieve partners in ons lokale veld de aandacht gewoon behoeft. Daar zetten wij ook stevig op in. Wij willen dat intensiveren, zodat we onze basisvoorziening aan de voorkant op zo’n manier inrichten met elkaar dat het echt goed benut wordt door de ouders, door de kinderen, opvoeders, zodat we minder doorverwijzingen hebben naar de eerste- of tweedelijnszorg en naar het Jeugdteam. De nadruk ligt daarbij zeker op preventie en het vraaggerichte, dat heeft volgens mij mijn collega Johanna Besteman ook al aangeven. We halen op via het welzijn, via de scholen, via de peuterspeelzalen en op die manier kijken we samen met de CJG-coördinator concreet wat we nu nog moeten wijzigen om ons beleid, of preventief beleid nog beter te laten aansluiten op onze eerstelijnshulp. Volgens mij beantwoord ik daarmee een vraag van de heer Ezinga. Mevrouw Kistemaker is het niet helemaal eens met de zinsnede dat … of tenminste die vindt het een wat rare visie als we zeggen ouders zijn primair verantwoordelijk.
U bent het daarmee eens, maar en dan? Wat gaan wij dan doen aan die kansenongelijkheid? Ik zou mijn handen niet in het vuur durven steken om te zeggen: ik ga er als wethouder vanuit Rijswijk voor zorgen dat we in Rijswijk nooit geen sprake meer hebben van kansenongelijkheid. Want dat kan ik niet alleen. Daar hebben we veel meer partijen voor nodig. Maar we proberen zo goed en kwaad als we kunnen het beleid wat we hier met elkaar maken, niet alleen als college zijnde, maar samen met u als geheel gemeentebestuur om het zo maar te benadrukken, proberen we die kansenongelijkheid in ieder geval naar nul te krijgen of zo minimaal mogelijk. Dat gezegd hebbende. U mist ambitie. Welke doelen gaan we aan werken? Ik denk dat die ambitie er wel in is genoemd en ik vraag u dan ook concreet waar u dan ambitie op mist. Aangezien een kadernota op hoofdlijnen is omschreven en we nog heel veel nota’s gaan opleveren met verdere inkleuring van allerlei beleidsdata. D66 heeft nog gevraagd naar een periode, einddatum. U kunt die niet vinden. Dat klopt. Er zijn meerdere partijen die hebben aangegeven waarom moet er eigenlijk nu een Kadernota. Dat hebben wethouder Besteman en ik onszelf ook afgevraagd, omdat er niet gigantisch veel wijzigt. Jeugd en Onderwijs bestaat grotendeels uit zowel wettelijke taken als gemeentelijke taken, maar die wijzigen, gelukkig zeg ik erbij, niet ieder jaar.
Zeker de wettelijke taken niet en omdat dat zo is en we tot nu toe gewend zijn in Rijswijk om kadernota’s op te leveren met een einddatum na vier jaar of na vijf jaar, hebben wij tegen elkaar gezegd: laten wij deze Kadernota met een open einde opleveren, een periode zonder einddatum. Als er gigantisch veel wetswijzigingen plaats gaan vinden dan is er uiteraard tijd en ruimte om een nieuwe Kadernota op te leveren, maar vooralsnog hebben wij ervoor gekozen: laat het een levend document zijn, laten we blijven bijsturen waar nodig en waar we dat kunnen. Laten we ieder jaar in ieder geval rapporteren aan de raad hoe het met de Kadernota staat, alsmede de vervolgnota’s die daaruit voortvloeien. De financiële kaders, die neem ik mee. Ik moet ernaar kijken. Ik heb daar nu niet een panklaar antwoord op, voorzitter. De opvoedcursussen heeft het CDA nog over gehad grotendeels gericht op de kinderen en niet op de ouders zelf. Ook daar zou ik naar kijken, want ik heb dat zelf niet zo op mijn netvlies staan. Er is door Rijswijks Belang nog aangegeven de jongerenambassadeurs in het kader van SBO-scholen. Ik ben het er zeker mee eens, mevrouw Ten Brummelaar, dat die ook plek moeten krijgen, jongerenambassadeurs vanuit SBO-scholen. Dat is uiterst belangrijk. Die doen er ook toe.
Ik denk dat jongerenambassadeurs en de kinderrechtenambassadeurs hun best doen om zoveel mogelijk ambassadeurs bij zich te krijgen en tot zich te binden. Ik zal in ieder geval de SBO-scholen nog een keer bij hen onder de aandacht brengen. Dat wil ik u toezeggen. Desondanks kunnen wij hen niet dwingen. Dus ik hoop dat er ook een jongedame of jongeheer opstapt vanuit de SBO-scholen om zich toe te voegen als jongerenambassadeur aan ons Rijswijkse gemeente om ons gevraagd of ongevraagd van advies te voorzien. Voorzitter, dan stap ik gelijk maar even door naar de Partij van de Arbeid, want daar is de vraag gesteld hoe zit het nu met die kinderrechtenambassadeurs, we zien er niet zo heel veel van, we horen er niet zo heel veel van of in ieder geval niet zoveel als dat we hadden gewenst. Ik begrijp dat. Desondanks zitten zij niet stil. Ze hebben zelf een hele lijst die zij afwerken met onderwerpen die zij ook zelf hebben verzonnen waarmee ze aan de slag zijn. Zo heeft u volgens mij een x aantal weken geleden nog een meeting bijgewoond waarin zij het onder andere hadden over de verkeersveiligheid. We hebben een heel document voor gehad, in ieder geval is toegevoegd of tenminste verstuurd is aan onze collega-wethouder Lugthart die daarmee uiteraard aan de slag is.
Ja, mevrouw Jansen, u zal het onderschrijven als ik zeg: de kinderen- en de jongerenambassadeurs die kinderen hebben het momenteel zo verschrikkelijk moeilijk met deze hele coronacrisis. Wij vinden het met elkaar al heel erg lastig om digitaal te moeten vergaderen, hoe zou het dan zijn voor al die kinderen die schoolwerk op deze manier moeten doen. Dat maakt dat ook het jongerenambassadeurschap of het kinderrechtenambassadeurschap wat lastiger is dan dat het normaal is. Zij kunnen elkaar niet fysiek ontmoeten momenteel. Dat is gewoon niet mogelijk. Dat maakt gewoon dat die opties wat lastiger zijn. U heeft zelf de laatste keer bij de participatiebijeenkomst gezeten waarin mijn collega Lugthart en ik jongeren hebben gesproken over ideeën
voor Rijswijk in tijden van de lockdown. Dan ziet u zelf hoe lastig dat is. Het was in die zin een prima bijeenkomst met hele leuke uitwisseling van ideeën, maar het is wel heel lastig om dat digitaal te doen en ik heb daar heel veel respect voor de kinderen die dat wel kunnen. Voorzitter, dan heb ik nog drie vragen openstaan die concreet zijn gesteld door de heer Van Dam. U heeft mij gevraagd: kunt u mij vertellen wat de aanleiding is voor de thematieken? Als u bedoelt met thematieken de kopjes opvoeden, opgroeien, educatie en persoonlijke ontwikkeling. Dan zijn dat de kaders van heel veelomvattende beleidsterreinen van jeugd en onderwijs. Daarin passen alle verschillende onderwerpen, zowel de wettelijke taken als alle gemeentelijke doelen. U heeft mij gevraagd waarom een toetsingskader ontbreekt. Volgens mij ben ik daar al op ingaan. U heeft mij gevraagd waar u kunt zien wat het tijdspad is van de vele acties die worden besproken. Het tijdspad staat of wordt specifiek beschreven in de onderliggende nota’s of de komende onderliggende nota’s. Alles wat beschreven staat in de Kadernota aan acties dat heeft doorlopend onze aandacht. De voortgang komt terug, zoals ik al heb benoemd in een jaarlijkse rapportage en uiteraard ook in onze begrotingsteksten en de jaarrekening.
U heeft ook nog gevraagd wat gaat de wethouder doen om de doelgroep 16- tot 23-jarigen te bedienen via deze nota. Op dit moment wordt die doelgroep echt hoofdzakelijk bereikt zowel vanuit de verenigingen als vanuit de jongerenwerkers. Zelf weet ik dat binnen de uitvoering van het Team Brede Impuls één van de speerpunten is om ook de jongeren van een oudere leeftijd te bereiken. Dus niet alleen de basisschoolleeftijd, maar ook de middelbare school en daarboven zelfs te bereiken en te betrekken. We zijn van start gegaan in het nieuwe jaar ondanks alle moeilijkheden de digitale weg met Speaking Minds op het voortgezet onderwijs. Daarmee worden jongeren echt betrokken in beleidsnota’s. Voor de rest pakken we zaken voor de jeugd ook op via de extra rijksmiddelen die onlangs ook zijn toegezegd door de minister en daarmee hebben we een eerste aftrap gedaan, dat weet uzelf, want daar is uw eigen wethouder bij betrokken, om een activiteitenpakket voor jongeren samen te stellen voor 16 tot 23 jaar om hen ook wat te bieden. Wij kunnen het zelf niet altijd verzinnen. Dus ik ben blij met die eerste aftrap. Ik denk dat we dat vaker moeten doen. Voorzitter, ik houd het hierbij in de eerste termijn. Volgens mij ben ik lang genoeg aan het woord geweest. De voorzitter: Het was in ieder geval een uitgebreide beantwoording, waarvoor dank, denk ik.
In de tweede termijn wil ik vragen om ook gezien de tijd aan de raadsleden om even goed aan te geven welke vragen nog onvoldoende eventueel zijn beantwoord. Ik denk dat er heel uitgebreid is beantwoord, maar geef even heel kort aan waar nog vragen onvoldoende zijn beantwoord eventueel en even kort de politieke punten. Dan ga ik eerst even naar de heer Kruger. Tweede termijn De heer Kruger (BVR): Als we het hebben over kinderen mee betrekken in al die kaders. Ja, wanneer begin je dan? Als ze nog in de luier lopen? Dan weet ik meteen waar de uitdrukking dat je gaat pamperen vandaan komt en het strekt door tot 23 jaar. Ik kan me herinneren toen ik 23 jaar was, was ik volgens mij al zelf pappie en liepen mijn kinderen in de luiers rond. Ja, ik was er vroeg bij. Dus het blijft altijd moeilijk. Daarom ben ik blij en het is ook bevestigd door wethouder Besteman dat we dit gewoon echt moeten zien als een kader. Met het evalueren, je kan dat tijdens de periode. Vandaar dat het goed is dat je dat niet gaat binden aan een einddatum, want dan is het net alsof het klaar is. Dit blijft gewoon een aandachtspunt waar we altijd moeten bijstellen en met name ook met betrekking tot het financiële gebeuren, want voordat je het weet, lopen de kosten en rijzen weer de pan uit. Verder ben ik erg blij met de antwoorden die zijn gegeven en wat Beter Voor Rijswijk betreft ik zou zeggen: ga beginnen.
Hartelijk dank en succes ermee. Mevrouw Kistemaker (GL): Dank voor de antwoorden die ik heb gekregen. Ik heb nogal wat vragen openstaan en ook wat nieuwe vragen gekregen. Want ik begrijp dat het een nota is die we gaandeweg gaan bijstellen. Ik ben benieuwd hoe dat dan gaat, als er iets wordt bijgesteld, wordt dat dan opnieuw gestuurd naar de raad, gaan we dat dan opnieuw vaststellen. Hoe gaat dat precies werken? Ik hoor ook dat er veel nog uitgewerkt gaat worden in beleidsnota’s, dat kun je ook lezen in het stuk. Maar worden die dan ook als raadsvoorstel naar de raad gestuurd of worden die net als de Nota Onderwijsachterstanden als IB naar de raad gestuurd? Kunnen we daaraan verder eigenlijk niets meer aan toevoegen of aanpassen? Verder ben ik blij om te horen dat de wethouder zich uitspreekt om zich in te gaan zetten voor het bestrijden van kansenongelijkheid, maar ik blijf het toch een hele lastige combinatie vinden met aan de andere kant zo wijzen naar ouders en de eigen kracht en dit ook zo expliciet in de visie zetten. Ik heb eigenlijk ook geen antwoord gekregen waarom dit zo expliciet in de visie is geschreven. Uit het antwoord van wethouder Besteman begrijp ik dat hybride docenten al ingezet worden. Betekent dat dat het onderzoek afgerond is?
Over hoeveel hybride docent hebben we het dan? Hoe loopt het? We zijn heel erg benieuwd daarnaar. Ik had dan nog een paar vragen waar ik geen antwoord op heb gekregen uit de eerste termijn. Dat is over de evaluatie van de oude nota en waarom sommige onderdelen bijna letterlijk zijn overgenomen en ander onderdelen niet. Wat ligt daaraan grondslag? Ik zou graag willen weten wat de opmerkingen van de Adviesraad Sociaal domein waren en ik heb geen antwoord gekregen over het centrale punt waar vrijwilligers anoniem hun signalen kunnen melden. Daar ben ik ook erg benieuwd naar. De heer Ezinga (VVD): Een hele korte reactie. Wethouder Besteman heeft gereageerd op mijn vraag rondom de leerachterstanden in relatie tot COVID-19. Zij verwijst daar naar de rijkssubsidies. Deze zullen inderdaad de risico’s verkleinen, maar ik denk dat in het kader van deze Kadernota, jawel, het geen kwaad is om toch iets op te nemen rondom de actuele situatie, juist omdat je daarmee ook, je hebt een status apart op dit moment voor een bepaalde groepen kinderen waarbij je als beleidsmakers toch extra sturing en controle wil hebben en een dergelijke Kadernota met een paragraaf hierover toch een extra aandacht hierop zet. Ik denk dat het geen kwaad kan om daar toch enige woorden aan vuil te maken. Met betrekking tot de beantwoording van wethouder Bentvelzen, voor beide wethouders dank daarvoor.
Zij verwijst naar mijn vraag rondom het Centrum Jeugd en Gezin. Zij geeft aan dat een intensivering plaatsvindt rondom de werking van het CJG. Ik hoor niet direct van haar het vertrouwen dat de nuldelijnszorg die vanuit CJG naar voren komt goed genoeg aansluit op de eerste en tweede lijn. Het is vandaar dat ze ook verwijst naar de intensivering van die werking van het CJG. Ik wil daarbij wel aangeven dat ik hoop dat de huidige intensivering voldoende is om deze Kadernota voldoende te laten aansluiten eigenlijk op de andere nota’s die wij continu behandelen rondom de jeugdhulp, maar ik wil hierbij wel mijn zorg uitspreken, omdat juist de preventie waar u zo prat opgaat en waar het college zo prat opgaat, wel daadwerkelijk ook effectief moet zijn en daar kunnen we niet lang genoeg over doorpraten over hoe we dat goed moeten inrichten. Dat zijn de enige punten die ik nog even wilde agenderen. Dank u wel. Mevrouw Koopman (D66): Nou hartelijk dank voor de beantwoording van een groot deel van de vragen. Wethouder Bentvelzen heeft al duidelijk gemaakt waar nog huiswerk ligt en hoe er naar ons wordt teruggekoppeld. Hartelijk dank daarvoor. Ik heb toch nog wel wat verder opmerkingen. Een kadernota is niet alleen een visiedocument met vage ambities. Het geeft belangrijk kaders over het waarom we dit doet en welke maatschappelijke doelen je wil bereiken in een bepaalde periode.
Ook die kun je concreet benoemen en dat ontbreekt nu toch echt in dit document. Een kadernota zonder einddatum als levend document ben ik dan ook geen voorstander van. De onderliggende beleidsdocumenten geven hier verder invulling aan hoe we daar gaan komen, maar concreet moet er wel wat mij betreft instaan wat het beleidsdoel is, want anders kunnen we nooit controleren of u dat bereikt heeft en dat is toch een belangrijke taak voor de raad. Ook voor de prestatieafspraken met de partners zijn concrete maatschappelijke resultaten belangrijk. Dus op basis waarvan maakt u die afspraken dan? Ook de financiële uitwerking in onderliggende nota’s is wat ons betreft niet voldoende. Bij elke kadernota moet wat ons betreft op hoofdthema’s een financiële uitwerking komen. Het volstaat niet om naar een begroting of onderliggende beleidsnota’s te verwijzen. Natuurlijk kan je daar de verdere uitwerking doen als je verder gaat uitdiepen, maar daar moet toch wel een financiële paragraaf worden opgenomen in een kadernota. Ik ben blij dat wethouder Bentvelzen daar verder naar wil gaan kijken. Ik hoop dat ze daar, de wethouder … Nou goed, één vraag die ik nog wel heb en die ik vergeten was in eerste termijn. U verwacht heel veel van de huidige partners, zoals Jeugdwerk van Welzijn Rijswijk, kinderboerderij Het Akkertje, Trias, De Ontdekkers, Stichting Kinderles- en Hobbytuinen en Don Bosco.
Wordt van hen verwacht dat zij dit binnen hun huidige opdracht meenemen of krijgen ze hiervoor extra budget? Dat was mijn tweede termijn. De heer Van Dam (WIJ.): Ten eerste hartstikke bedankt voor de beantwoording van de vragen. Ik heb ze allemaal voorbij horen komen in ieder geval bij mij. Goed om te horen dat jongeren vooral bij Brede Impuls meer aandacht gaan krijgen. Ik hoorde wethouder Bentvelzen zeggen dat er extra aandacht aan besteed gaat worden, waar ik erg blij mee ben, want dan kunnen die in ieder geval ook genieten van onze gemeente. Ik vroeg me af of dit dan misschien kan worden toegevoegd aan de nota als we hem toch gaan bijwerken. Ik denk dat dat top zou zijn, dan kunnen we het ook terugzien later. Dus dat is de eerste vraag. Tweede, ik wou ook ingaan op wat een kadernota is, maar volgens mij heeft Martine Koopman dat perfect uitgelegd. Ik heb het gegoogeld, want ik had niet helemaal verwacht dat we daar nog over een discussie zouden krijgen. Maar volgens mij heeft mevrouw Koopman een perfecte definitie daarvan opgenoemd. Wat zijn de plannen en wat gaat dit kosten? Ik ben het helemaal eens daar schiet het net toch een beetje tekort in. Wat ik bedoelde met de aanleiding voor de thema’s is eerder gezegd de onderbouwing van waarom nu
sommige zaken in deze nota staan. De onderbouwing voor het aandacht geven voor bepaalde thema’s staat er niet. Waarom gaan we meer doen voor kinderen met een onderwijsachterstand? Wat zijn de cijfers daarvan in Rijswijk? En hoe gaan we daar dan wat mee doen? Waarom? Dat schiet nu beetje tekort, zeg maar, steeds die aanleiding voor de thema’s, dat bedoel ik met de aanleiding. Dus niet per se de drie hoofdthema’s die nu worden bedoeld in de nota, maar echt bijna cijfermatige tekortschietingen wat er nu is en waarom we daar nu meer aandacht aan gaan besteden. Dus als daar nog misschien antwoord op komt. Ik denk dat dat namelijk ook best wel een plekje kan hebben in deze nota. Dat zijn mijn vragen. Bedankt. Mevrouw Schröter-Haas (CDA): Dank, wethouders, voor uw reacties. Fijn, goed om te horen dat er voldoende aandacht is voor de onderwijsachterstanden. We zien en horen in uw reactie het maatschappelijk ondersteunen en beleid. Het is duidelijk dat het wat ons betreft de kaders betreft. Het beleid, zoals in de Kadernota aangegeven, is voor het CDA alleen bedoeld om daar waar nodig te ondersteunen of te corrigeren. We gaan hier nu ook wel erg op de inhoud in. Het is niet zo dat kinderen alleen toch gelukkig kunnen worden door een almachtige gemeente. Wethouder Bentvelzen gaf aan het niet helemaal scherp te hebben, maar wel dat het CJG ...
De heer Van Dam (Wij.) interrumpeert: Ik ben het zeker eens dat ze niet alleen gelukkig worden van een gemeente, maar ik word er wel gelukkig van als beleid in ieder geval volgens de normale manier wordt opgesteld. Als dat nu ontbreekt dan denk ik dat het onze taak is om daar aandacht aan te besteden. Dus zeker niet dat ze daar alleen gelukkig van worden, maar het lijkt me wel dat normale zaken moeten worden benoemd in deze nota. Mevrouw Schröter-Haas: Maar het is wel een kadernota. Dus het gaat om de kaders en niet zozeer om de inhoud. Zoals aangegeven wordt in de beleidsnota’s wordt dit verder uitgewerkt en dat is wel wat wij ook verwachten. De heer Van Dam: Ja, dat verwachten wij ook. Maar er is volgens ons nog geen voldoende plan om daar een uitwerking aan te geven. Dat hoort hier gewoon te staan. Als u vindt dat dit voldoende is dan ben ik het daar totaal niet mee eens. Je moet tenminste ... U heeft het over kaders maar die kaders staan hier nog heel wankel. Ja, die zijn er niet. Dus omdat zo te claimen, dat klopt niet. Mevrouw Schröter-Haas: Daarover verschillen wij dan toch van mening, mijnheer Van Dam. Maar goed, om even mijn verhaal af te maken, wethouder Bentvelzen gaf aan het niet helemaal scherp te hebben maar dat het CJG doorontwikkeld wordt. Wij willen als CDA wel echt aandacht vragen voor de opvoedcursus, omdat deze helpen in het positief opvoeden.
Dus die wilden we hier nu erg graag meegeven. Dank u wel. Mevrouw Jansen-Dirkx (PvdA): Laat ik beginnen, voorzitter, met te zeggen dat ik nog niet tevreden ben als juf. Het spijt mij. Ik kan nog geen voldoende geven. We gaan goochelen met woorden voor in eerste instantie een kadernota dan hoor ik een visiedocument. Woorden omschrijven nog steeds niet datgene wat hier voorligt. Een visie is in mijn ogen gevuld met ambitie. Wethouder Bentvelzen daagt mij uit om te zeggen van wat zijn dan die ambities. In zoverre als je, om maar even een antwoord van wethouder Besteman erbij te pakken, als je schoolverlaters alleen maar terugleidt naar het onderwijs, omdat het een wettelijk kader is. Sorry, maar ik snap best dat er wettelijke verplichtingen zijn, maar volgens mij toon je juist ambitie om te zeggen: hé wij vinden dit eigenlijk ook gewoon goed dat je aan het werk bent en niet op de bank een uitkering aan het trekken bent. Dat bedoel ik met ambitie. Dat ontbreekt hier gewoon en dat vind ik echt zo intens jammer, want ik weet dat deze wethouders echt wel een visie en ambitieus kunnen zijn. Dat proef ik er gewoon nog niet in. Dat maakt mij eigenlijk best wel verdrietig. Ja, bijsturen wordt ook genoemd. Waarop? Ja, sorry, ik blijf erbij, ik vind dat het toetsingskader gewoon ontbreekt.
Dan kunnen wij ook niet bijsturen, want ik kan niet aangeven wanneer ik vind dat een wethouder zijn werk gedaan heeft. Alleen op wettelijk, ja ik kan alleen zeggen u heeft aan de wettelijke verplichtingen voldaan, maar dat is niet wat in mijn ogen hetgeen is wat we hier zouden moeten bespreken. Dan terugkomend op de pers opzoeken voordat het besproken is en dan zeggen: ja, sorry maar de griffie had u de documenten eerder moeten doorsturen. Dat lijkt mij volgens mij niet wat ik hiermee bedoel. Ik bedoel daarmee te zeggen: u staat in de pers te verkondigen dat u een fantastisch document heeft gemaakt en wij hebben daar als raad nog niet met u over kunnen spreken. Dat vind ik niet oké. En dat ligt niet aan de griffie, dat ligt echt aan u, want u zoekt de pers op. Dus daar wil ik echt heel duidelijk in zijn. Dan nog één ander dingetje. Ook daar zit weer zo’n wettelijk kader. Ik hoor u zeggen wethouder Besteman: we hebben een wettelijk kader en daarin werken we samen met Leidschendam-Voorburg en Den Haag. Ja, we werken ook wel samen met Delft, maar ja … Beschrijf dat dan in dit document, alstublieft doe dat dan. Dat maakt het voor ons ook een stuk duidelijker. Dus het spijt me zeer, maar ik kan niet met een goed geweten zeggen dat ik dit document echt voldoende vind. Het is echt nog steeds onvoldoende. Dank u wel.
Mevrouw Van Amerongen (GBR): GBR had nog één openstaande vraag. Of de wethouder ons kan voorzien van een uitgebreidere evaluatie voor de jaren 2017 tot en met 2020. Mevrouw Ten Brummelaar (RB): Wij zijn blij met de beantwoording van wethouder Bentvelzen. Ik kan u vertellen dat ik hier volgend jaar een jongetje heb lopen die naar groep 7 mag die zich graag als SBO-leerling zou willen aansluiten als kinderrechtenambassadeur. Je hebt er in ieder geval één. Dat gaat helemaal goed komen. Als reactie op de antwoorden van wethouder Besteman, natuurlijk heel fijn om te horen dat er vanuit het rijk en de overheid veel gebeurt en vanuit de gemeente Rijswijk spelen en leren. We hebben het natuurlijk niet alleen over een leerachterstand. We hebben het ook over de sociaal-emotionele ontwikkelingen die gewoon zwaar achterlopen. Kinderen horen ruzie te maken met elkaar. Ook dat kan nu niet. Daar staat ook een heleboel stil. Ik kan me helaas niet aansluiten bij de woorden van de heer Van Dam. Het waarom is voor mij niet zo heel erg belangrijk, voor ons niet. Het is belangrijker dat de kinderen een toekomst krijgen die ze verdienen, waar ze recht op hebben, dat ze daar komen waar ze willen en moeten komen. Het waarom is voor ons in deze Kadernota niet van toepassing. Dank u wel. Wethouder Besteman: Ook dank aan de raad voor de tweede termijn. Ik begin maar weer even alle fracties na te lopen.
Ik denk dat dat het makkelijkste is. Ja, de heer Kruger, nogmaals dank voor uw ondersteuning, de inzichten die u ook deelt met het college als ik u goed heb gehoord. Mevrouw Kistemaker van GroenLinks heeft nog de vraag gesteld: hoe gaat het nu als we willen bijstellen in dit visiedocument, op deze Kadernota? U kunt zich voorstellen dat mochten de wettelijke taken wijzigen en dat kan leiden tot een aanpassing in de nota en omdat het een raadsvoorstel is, wordt dat natuurlijk ook weer dan door uw raad vastgesteld. Dat zou een bijvoorbeeld kunnen zijn wanneer uw raad daar weer over kan besluiten. Dat staat of valt natuurlijk ook met het feit of het binnen of buiten de begroting valt, want uw raad heeft budgetrecht. Dus dat komt natuurlijk altijd langs de gemeenteraad. Nog even kort ook over de opmerking van mevrouw Kistemaker over de hybride docenten. Ik weet u heeft daar veel vaker naar gevraagd en dat is ook terecht, want ik denk dat het ook een heel belangrijk instrument is om in te zetten tegen de strijd van het lerarentekort. Op dit moment zijn de scholen gesloten en wordt het niet geapprecieerd natuurlijk om daar mensen van buiten binnen te halen. Binnen de huidige maatregelen kan dat nu niet. Maar zodra het weer mogelijk is gaan we daar weer verder mee van start.
Dus ik heb in ieder geval in de planning staan om u voor de zomer weer een update te sturen vanuit het Programma Onderwijs en Arbeidsmarkt. Dan zal ik u precies rapporteren wat er aan voorbereidingen gedaan is de afgelopen periode en zodra we van start kunnen met de hybride docenten dan gaan we dat direct doen. De opmerking nog over de Adviesraad Sociaal domein, die was ik in de eerste termijn vergeten te beantwoorden. De opmerkingen zijn verwerkt in de nota. Dat neemt niet weg dat ik dit natuurlijk best met u kan delen. Dat zal ik u dan sturen wat de adviesraad ons heeft gevraagd, maar een voorbeeld is het vraaggerichte aanbod was een opmerking van de adviesraad en dat is onder hun advies aangescherpt in de nota. De VVD, ik hoor de heer Ezinga, hij refereert aan de COVID... Mevrouw Kistemaker (GL) interrumpeert: Maar ik heb nog geen antwoord gekregen over dat beleid dat uitgewerkt wordt in de beleidsnota’s of dat dan als raadsvoorstellen naar de raad komt of als een IB zoals we vanavond zien met de onderwijsachterstanden. Wethouder Besteman: Als het gaat om nota’s worden die in het algemeen door de raad vastgesteld. Dus die kunt u dan natuurlijk ook tegemoetzien. Als het gaat om een update bijvoorbeeld van het Plan Onderwijs Arbeidsmarkt dat is een lopend uitvoeringsplan dan krijgt u daar een IB van met een update van de stand van zaken in het project.
Dus dat zit op die manier. Dan voorzitter, ga ik naar de VVD en de heer Ezinga refereert nogmaals aan de COVID-periode ... De heer Van Dam (Wij.) interrumpeert: Ja, ik vond de vraag die mevrouw Kistemaker net stelde toch wel interessant en ik zou daar toch wel antwoord op willen. Ik hoorde het antwoord nog niet heel goed naar voren komen. Komen ze in de vorm van een raadsvoorstel of een IB-brief? Oftewel mogen wij erover beslissen of wordt het alleen medegedeeld? Ik denk dat het wel een heel belangrijk verschil is. Ik zou daar toch wel graag duidelijk over willen hebben. Wethouder Besteman: Als het bijvoorbeeld gaat om het Integraal Huisvestingsplan wat genoemd is in de nota dan komt dat als raadsvoorstel naar uw raad toe. Als het gaat om een update van een lopend project dan komt dat in het algemeen via een IB. Dus dat is de werkwijze. Dan ga ik toch naar de VVD, voorzitter. De heer Ezinga heeft nogmaals gerefereerd aan de COVID-periode en de achterstanden die dat oplevert in het onderwijs. Ja, ik wil daar wel een opmerking over opnemen in de nota. Ik ben dan ook benieuwd of andere fracties dat ook op die manier zien, maar nogmaals we zitten daar goed aan tafel met het onderwijs
en er lopen plannen om die achterstanden aan te pakken as we speak. Dus ik denk dat dat heel erg belangrijk is. Dan, voorzitter, de fractie van D66. Mevrouw Koopman vraagt waarom doen we dit. Dat is natuurlijk een hele terechte vraag. In mijn beleving hebben we in de nota heel duidelijk gezegd wat is het doel van dit beleid en hoe gaan we dat dan doen, bijvoorbeeld in zijn algemeenheid is de doelstelling een positief opgroei- en opvoedklimaat. We gaan dat doen door het versterken van de eigen kracht en preventie in zijn algemeenheid. Als het gaat om opgroeien en opvoeden dan willen we een laagdrempelig en breed afgestemd aanbod van opvoedings- en ontwikkelingsondersteuning. Hoe gaan we dat dan doen? Door preventie en vroegsignalering. Dus dat is even denk ik goed om nog toe te voegen. Mevrouw Koopman (D66) interrumpeert: Ja, wat ik had aangeven, is dat ik in een kadernota verwacht dat het waarom en de maatschappelijke resultaten worden opgeschreven. Dat waarom staat er wel in, dat ben ik met u eens. Dat heeft u ook net aangegeven. Ik vind alleen niet dat de maatschappelijke effecten concreet genoeg worden beschreven. Wat willen we nu in de komende vier jaar bereiken? Want als je dat niet meetbaar maakt kun je nooit kijken of op een plan of een interventie bijdraagt aan de concrete maatschappelijke doelen die we willen bereiken en die ontbreken wat mij betreft.
De heer Ezinga (VVD) interrumpeert: Excuus, voorzitter. Wethouder Besteman ging zo snel dat ik eigenlijk te laat met mijn interruptie was. Mag ik nog interrumperen op haar opmerking? Zij gaf aan dat zij zich afvraagt hoe andere fracties daarover denken. Ik neem dan aan dat zij ervan uitgaat dat het een bespreekpunt wordt op de raadsvergadering. Hoeveel wil ze dat aanvliegen? Want ik snap niet zo goed de belemmering hierin. Dus wat mij betreft wat meer duiding hierop. Wethouder Besteman: Nee, dat staat u natuurlijk altijd vrij om met een voorstel te komen om die tekst op te nemen in de nota. Het is dan natuurlijk wel van belang dat een meerderheid van de raadsfracties zich daarin kan vinden. Dus in die zin heb ik dat bedoeld. Dan nog even terug naar mevrouw Koopman. Ik zie de heer Ezinga nee schudden, maar ik weet niet, voorzitter, of er een interruptie komt. Anders praat ik door. Nee. Mevrouw Koopman, u wilt de resultaten duidelijker hebben. Ik begrijp wel wat u zegt, denk ik. Dat is ook waarom we gezegd hebben om maar weer met een voorbeeld te komen. Ik kom met de Beleidsnota Leerplicht omdat we willen dat kinderen, jeugdigen met een startkwalificatie komen en daarin maken we meetbare en heldere resultaten zichtbaar waar u als raad ook gewoon op kunt sturen. Dus dat is in feite de opzet van deze nota en ook de nota’s die nog volgen hierop.
Mevrouw Koopman (D66): Ja, ik vind dat gewoon niet voldoende wethouder Besteman. Dan staat er in die … Die onderliggende nota’s moeten toch aan het hoofddoel bijdragen. Dat hoofddoel kunt u gewoon ook specificeren. Dat is heel normaal in elke beleidsnota hoort dat te staan. Dus die onderliggende nota’s geven een bijdrage aan het hoofddoel en zonder een hoofddoel te formuleren kun je ook geen subdoelen hebben. Dat gaf ik aan, ik vind dat die er te weinig in vermeld zijn. Wethouder Besteman: Dat is helder. Ik hoop dat u dan ook wat in de concreetheid kunt aangeven hoe u dat voor u ziet. Dan lijkt het me prima om daar nog iets aan aan te vullen als het gaat om de op te leveren resultaten. Dus dat wil ik dan even heel graag aan u overlaten, voorzitter. Mevrouw Koopman: Gaat u nu aan mij vragen om concrete maatschappelijke effecten te formuleren voor een beleidsnota die u schrijft. Dat vind ik echt heel raar. Wethouder Besteman: Nee, ik vraag u om met een concreet voorstel te komen, zodat we dat mogelijk in de nota kunnen meenemen, want daar ben ik zeker toe bereid. Anders komen de concrete resultaten en effecten in de verdere uitwerking van de nota’s die genoemd staan. Dus u heeft de mogelijkheid om wat dat betreft te kiezen uit twee sporen … Even kijken, dan heb ik in feite ook denk ik de vraag van de heer Van Dam daarmee beantwoord.
Het CDA heeft heel duidelijk gezegd dat het om kaders gaat. Daar ben ik het mee eens. GBR heeft nog gevraagd naar een evaluatie van de vorige nota. Als u ons daar even tijd voor geeft dan ben ik zeker bereid om die natuurlijk met uw raad te delen. De heer Van Dam: Ja, ik wou toch nog wel even toevoegen dat ik eigenlijk wel verwacht dat … U zegt net dat wij stukken moeten gaan aanleveren die verder tot concretisering vormen, als we het dan hebben over duidelijk doelenuitwerking of … Ik wou toch nog wel meegeven dat ik eigenlijk hoopte dat u daar zelf nog een keer naar ging kijken in het stuk. Dat wou ik even meegeven voor de raadsvergadering die straks gaat komen. Dat er in ieder geval iets in gaat veranderen. Wethouder Besteman: Voorzitter, ik wil die toezegging natuurlijk van harte doen zeker als het breder leeft in de raad. Dan kijk ik ook maar weer even digitaal naar mijn collega Bentvelzen of die daar ook zo inzit, maar ik zie haar voorzichtig knikken. Dus ik denk dat dan goed is, voorzitter, om dat toe te zeggen. Dan tot slot nog ook richting de fractie van Rijswijks Belang die heel terecht ook heeft opgemerkt dat het natuurlijk niet alleen om leerachterstanden gaat waar kinderen nu mee te maken hebben, maar dat de sociale ontwikkeling ook belangrijk is en zoveel door moet gaan. Dat ben ik absoluut van harte met haar eens. We
kijken dan ook zoveel mogelijk wat er wel mogelijk is binnen de maatregelen om activiteiten et cetera te organiseren. Zo proberen we te doen wat er wel kan en wat goed is voor de kinderen. Tot zover, voorzitter. Wethouder Bentvelzen: Ik ga proberen het zo kort mogelijk houden. Ik vind het wel zo netjes om mijn collega-raadsleden antwoord te geven op de vragen die nog open staan, maar om terug te slaan op één van de laatste zinnen van mijn collega Besteman, ja mijn voorstel zou ook zijn terugtrekken, concretiseringslag maken en ik heb de raad gehoord, we hebben de raad gehoord en ik heb in ieder geval zes A4’tjes hier volgeschreven. Dus volgens mij hebben we nog wat huiswerk, daarmee zullen we dan ook aan de slag gaan. Desondanks wil ik toch nog wel wat vragen beantwoorden in dit stramien. Het anonieme meldpunt, er is gevraagd door mevrouw Kistemaker waarom is dat er dan. Vrijwilligers zien echt heel veel bij de mensen en als zij een keer advies willen vragen hoe ze bijvoorbeeld met een ouder om moeten gaan of met een kind dan worden zij behandeld als professionals en dan moeten zij weer vervolgens in gesprek gaan met die ouders. Dat werkt gewoon een bepaald negatief iets op dat gaat heel erg ver en daardoor haken onze vrijwilligers ook af. Dat is natuurlijk iets wat we niet willen. We willen die vrijwilligers aan boord houden.
Dat maakt dat er nu een anoniem meldpunt is gekomen. U heeft mij nog gevraagd waarom wordt er nou expliciet in de visie die ouders zo, als primair verantwoordelijk genoemd ... Mevrouw Kistemaker (GL): Nog even over het meldpunt. Het is mij niet duidelijk wat voor soort signalen gaat het dan om. Zijn het andere signalen dan bijvoorbeeld Veilig Thuis? Zou dat niet gewoon de plek moeten zijn waar ook vrijwilligers kunnen melden? Wethouder Bentvelzen: Ik moet u die vraag verschuldigd blijven, mevrouw Kistemaker. Dat weet ik niet. Ik ga het voor u uitzoeken en dan kom ik daar ook op terug. Om dan verder door te gaan op uw vraag waarom er expliciet in de visie wordt genoemd dat ouders primair verantwoordelijk zijn. Ik denk dat dat in navolging is van meerdere gemeenten om ons heen en dat heeft weer te maken met het feit dat wij, zoals een andere fractie ook net benoemde, heel erg goed zijn in het problematiseren, maar niet heel erg goed zijn in het normaliseren. Als een kind van 13 een keer geen zin heeft of een dag geen zin heeft in school of een keer spijbelt, ik ben niet de heilige geest of wie dan ook, ik heb ook wel eens gespijbeld, ik heb ook wel eens iets gedaan wat van mijn vader of moeder niet mocht en dan hoefde ik ook niet gelijk naar Jeugdzorg toe.
Ik denk dat er meerdere raadsleden of ik hoop dat er meerdere raadsleden zijn die hun hand willen opsteken en zeggen van ik heb misschien ook ooit in mijn leven iets gedaan ... Mevrouw Kistemaker: Ik begrijp werkelijk niet wat dit te maken heeft met mijn vraag, want het is toch niet zo dat als je een keer spijbelt dat je dan meteen bij Jeugdzorg zit. Wat is dit voor gekke constatering. Wethouder Bentvelzen: Ik probeer alleen duidelijk te maken dat we heel erg goed zijn momenteel in Nederland of in het zorglandschap om te problematiseren en dat we moeten kijken naar het normaliseren van wat kunnen we. Ik denk dat mijn buurgemeente Delft daar momenteel een hele mooie slag op heeft geslagen met het manifest. Ik weet niet of u die kent. Maar goed, dat is misschien voor latere discussie, die kunnen we misschien samen nog wel een keer voeren met een kop thee ernaast als we dat weer mogen in de COVID-maatregelen. De VVD heeft mij aangegeven dat hij het vertrouwen mist als het gaat om de intensivering van het CJG. Ik vind het heel jammer als ik zo overkom dat ik niet voldoende vertrouwen heb geuit. Dit document is de langs de lat gelegd van mijn beleidsmedewerkers van het Sociaal domein. Dus ik heb heel veel vertrouwen in alle ambtenaren, maar zeker in die van mij van het Sociaal domein.
Dus mijnheer Ezinga, ik hoop dat ik daarmee toch iets meer vertrouwen heb gewekt dat we de intensivering met het CJG hoog op de agenda hebben staan. Een aantal zaken van D66, ik denk dat we die mee moeten nemen in de concretisering zoals ik zojuist heb toegezegd, alsmede de vraag van Wij., de onderbouwing met het waarom en de hoe-vragen. De opvoedcursus van het CDA, ik heb hem gehoord en de Partij van de Arbeid heeft ook meerdere zaken aangegeven waar we denk ik even een slag over moeten maken nog samen met mijn collega Johanna Besteman. Daarmee sluit ik graag mijn tweede termijn af, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan heb ik denk ik het college goed gehoord dat men aan het stuk nog wat wijzigingen aan wil brengen om in de woorden van mevrouw Jansen het huiswerk tot een ruime voldoende te brengen. Dat betekent dan dat we dit stuk ook niet naar de raadsvergadering laten gaan, maar in een volgend Forum terug laten komen. Is dat een goede conclusie? Kijk ik even ook het college aan. Ja. Oké. Dan sluiten wij daar met die conclusie dit agendapunt af. Dan houden wij even pauze. Schorsing De voorzitter: Ik start de vergadering weer. We hebben nog een drietal agendapunten en het zijn alle drie
best stevige punten in de zin van … Het vragenuur weten we altijd dat dat een stevig punt is. Dus ik wil iedereen vragen om zo kort en zo bondig mogelijk te formuleren en tegelijkertijd toch ook ruimte te geven voor discussie en debat, want daar gaat het uiteindelijk natuurlijk wel om. Maar laten we proberen om het ook zo kort en bondig mogelijk te doen. 10. Raadsvoorstel Sportpark Elsenburg De voorzitter: Dan beginnen we met het raadsvoorstel sportpark Elsenburg. Dan wou ik maar eens even het rondje andersom gaan maken. Dus dan beginnen we gewoon met de fractie van Onafhankelijk Rijswijk. Eerste termijn De heer Jense (OR): Voorzitter, en heel vrij voorstel, een idee natuurlijk om sport zoveel mogelijk op één locatie te willen concentreren, sporten die dan ook redelijkerwijs met elkaar te maken zouden moeten hebben. Maar er wordt weer een schrikbarende hoeveelheid geld uitgetrokken in een tijd dat elke euro misschien wel twee keer omgedraaid moet worden, en anderen hier bij de gemeente om hulp en assistentie komen vraag. Bij mij bekruipt het gevoel, en meer dan dat. Ik ben zelf namelijk nog uit een periode betrokken geweest bij de bouw van een zwembad. Dat was een turnkey project en moest tot op het kwartje verantwoord worden en ook blijven kloppen binnen de begroting.
Als ik dit verhaal zie, met de nodige losse einden erin en opties één, opties twee of dergelijken, dan zeg ik: dat is het begin van het eind. Zo maak je geen raadsvoorstel, zo kom je niet serieus naar de raad toe, en dat doe je ook verenigingen niet aan, werkende weg eindjes aan elkaar knopen, we zien later, en daar komen we op terug, komt goed. Voorzitter, dat wil er bij onze fractie niet in. Wij kunnen op deze wijze niet leven met dit fractievoorstel, hoe goed ook bedoeld. Onze insteek zou zijn: ga eerst maar eens een keer voor drie velden zorgen voor de hockey, drie watervelden voor de hockey. Laat de anderen zeg maar op hun locaties even nog met rust. Laten we eerst maar eens andere tijden afwachten voor wat betreft financiën om zo’n hoeveelheid geld uit te trekken om deze transactie waar te maken. Waar ik me nog van afvraag of je daarmee ook elke club in ook Rijswijk die daarbij betrokken is, werkelijk ook gelukkig maakt. Mevrouw Kames (RB): Ja, ik heb toch wel een aantal vragen. Allereerst, sowieso stonden er veertien varianten, dat las ik, maar er zijn er eigenlijk maar vier gepresenteerd. Dus ik wilde eigenlijk weten: waren de anderen niet goed? Dan heb ik ook een vraag: de definitieve keuze is eigenlijk optie elf.
Dan zie ik staan, is dat nou de totale kosten, die 4,5 miljoen, of is dit pas de eerste fase? En komt de tweede fase daar nog eens bij, en dat we dus eigenlijk naar bijna 9 miljoen gaan? Dan heb ik nog wat. Er zijn definitieve keuzes dus op nummer twee gevallen, maar bij de opstallen, als op de foto kijk, dan staat er nog steeds mijn opstallen: bestaande hockeyclub, dus dat de kantine er nog bij is. Dus mijn vraag is: komen er nou twee kantines of één? Want we zitten natuurlijk wel sowieso met de hockeyclub, dat hun al steeds vertellen dat hun vanwege de hoge bardiensten ook veel eigen geld eigenlijk hebben. Dan de kantine van de wielerclub. Nou, dat heb ik al gehoord door de inspreker, daar … Die moet natuurlijk sowieso weg, dus daar moet toch sowieso een compensatie voor komen. En ja, gaat dat ook in de papieren lopen? Dan heb ik nog met de partijen eigenlijk gesproken en we krijgen eigenlijk een beetje het idee dat er toch een soort lichte dwang achter zit, dat het toch zo snel mogelijk doorgezet moet worden omdat er anders geen andere keus is. Want ik ben het een beetje eens met de vorige spreker, met Dick. We staan er natuurlijk als Rijswijk niet zo goed voor, en we hebben natuurlijk al een prestigeproject wat betreft Huis van de Stad. Ik moet er niet aan denken dat er dus nu nog een tweede project bij gaat komen wat misschien ook de spuigaten uitgelopen.
Dit waren voorlopig even mijn vragen voor het eerste termijn. De heer Van der Meij (GBR): Voorzitter, in oktober vorig jaar hebben we met elkaar gesproken over een raadsvoorstel voorbereidingskrediet met betrekking tot herstructurering van het Elsenburgerbos Sportpark waarbij we het college nadrukkelijk wat huiswerk hebben meegegeven om dat verder uit te werken in een investeringsvoorstel. Inmiddels ligt het investeringsvoorstel nu voor ons, en ja, het moet mij van het hart namens Gemeentebelangen Rijswijk dat ik een behoorlijk dilemma heb. Het dilemma zit hem in het feit dat het niet om hockeyvelden gaat. Het zit hem ook niet in het feit of het nu wel of niet om een aanpassing van het wieler terrein van Spartaan gaat. Het gaat ook niet over een discussie over het clubgebouw. Waar het om gaat, voorzitter, is dat er een gebiedsontwikkelingsvraagstuk ligt in Rijswijk-Buiten, waar we aan de zijde van Rijswijk-Buiten beter … Bezig zijn met een ontwikkeling van een woonwijk, 4000 woningen, waar wellicht nog een ontwikkeling komt met betrekking tot de TNO-locatie. De plofcirkel is onderdeel van de discussie op dit moment. We hebben met elkaar geconstateerd dat er een ernstige behoefte is aan
maatschappelijke voorzieningen, en die liggen breder dan op het terrein van sport. Die liggen ook op het terrein van welzijn, die liggen ook op het terrein van zorg, en die liggen ook bijvoorbeeld op het terrein van onderwijs, opvang. Wij zien nadrukkelijk in het sportpark Elsenburgerbos, ja, een belangrijke kans om het gebiedsontwikkelingsvraagstuk, wat er ligt, om daar te bezien of dat binnen het sportpark opgevangen kan worden. Want we hebben in het gebied, voorzitter, twee belangrijke verenigingen zitten die daarin sinds jaar en dag zitten, waarvan de Rijswijkse hockeyclub zich heeft bewezen een club te zijn die over veel maatschappelijk draagvlak … Op veel maatschappelijk draagvlak kan steunen in de Rijswijkse samenleving. In bepaalde mate geldt dat ook voor de Spartaan. Van deze partijen zo verwacht moeten worden dat ze meer dan alleen met hun vereniging bezig moeten zijn, maar dat ze maatschappelijke partners zijn in de vraagstukken die wij als gemeente hebben. Ze liggen zo meteen niet meer in een gebied omringd door weilanden, respectievelijk omringd door een TNO aan de overkant met een plofcirkel, maar we hebben te maken met een woonwijk waar voorzieningen voor gelden. Ja, ik vind dat gebiedsontwikkelingsvraagstuk waar ik nu de context voor geschetst heb onvoldoende terugkomen in het raadsvoorstel wat nu voorligt.
De vraag die ik dan ook aan het college het is: hoe ziet het college nu het gebiedsontwikkelingsvraagstuk Rijswijk-Buiten wat veel breder ligt dan de sport? Zou het niet zo moeten zijn dat je daar eerst met elkaar voor in gesprek zou moeten gaan, daar ook eerst met elkaar discussie over aangaan wat daarin je ambities zijn, voordat je daar uiteindelijk een uitwerking in gaat geven in: wat betekent dat nou concreet voor de individuele sportfuncties, hockey, Spartaan, wel of niet met de fietscrossen erbij? Wat betekent dat uiteindelijk aan functionaliteit wat je in gebouwen daarvoor moet gaan realiseren? En welke partners haal je daar nu bij? Het lijkt alsof het nu vanuit de sport wordt aangevlogen, maar we vinden dat een te enge benadering. We zien overigens wel in het raadsvoorstel dat er een poging wordt gedaan om dat in een fase 2 onder te brengen. Er is ook gewerkt aan een intentieovereenkomst om dat met de verenigingen af te sluiten, maar vinden dat te mager om er zeker van te zijn dat de maatschappelijke opgaven die we hebben in Rijswijk-Buiten, in dat deel van Rijswijk-Buiten ook daadwerkelijk invulling aan willen / kunnen geven. Dus ik hoor graag van het college hoe zijn naar dit vraagstuk kijkt vanuit een breder perspectief dan alleen maar de sport. Mevrouw Jansen (PvdA): Ja, sport verbindt en draagt bij aan een gezonde levensstijl.
En als je gezond bent dan draagt dat bij aan je algemene welzijn. Het welzijn van onze inwoners neemt de PvdA zeer serieus. In divers aanbod aan sporten maakt het voor iedereen wat deels is, en dat iedereen aan zijn of haar beweging kan komen. Daarom draait het raadsvoorstel voor ons ook om meer dan een nieuw extra hockeyveld, een multifunctionele accommodatie, een goed wielerparcours of crossbaan. Het gaat ook om het samenbrengen van deze sporten op een plek die goed toegankelijk is voor onze inwoners, en waar op een laagdrempelige manier is kan worden gemaakt en met deel genomen wordt aan vier olympische sporten. Maar om deze sporten een olympisch niveau te geven op dit sportpark moet er met passen en meten een plan gevormd worden. Een plan waar alle drie de verenigingen aan internationale eisen kunnen voldoen om hun sport te kunnen beoefenen. Het is daarom ook niet gemakkelijk gebleken om zomaar een optie in één keer op tafel te toveren. De PvdA heeft er vanaf het begin af aan op gedrukt dat een plan zou komen waar alle drie de verenigingen een stap voorwaarts kunnen maken. Elke vereniging is voor ons even belangrijk. In dit plan kunnen alle drie de partijen zich vinden, en staan ze ook bovendien … En staan ze ook positief in verdere samenwerking in een gezamenlijke accommodatie.
Een accommodatie die bovendien een maatschappelijk belang kan dienen voor de inwoners omdat er maatschappelijke partners gezocht zullen worden om hun intrek te nemen in de accommodatie. Dit laatste was voor de PvdA ook een belangrijk onderdeel om akkoord te gaan met het investeringskrediet. Een buurthuiskamer van de toekomst is voor de PvdA nog steeds een belangrijk instrument die kan bijdragen aan het welzijn van onze inwoners, jong en oud. We zijn ons ervan bewust dat het geld niet aan bomen groeit, en we bewuste keuzes moeten maken waar we ons geld aan uitgeven. Maar investeren in sport is voor de PvdA investeren in het welzijn van onze inwoners, en dat is zeker in deze tijd van corona extra belangrijk. Natuurlijk zetten we niet zomaar een handtekening een kruisje, en bekijken we kritisch of het voorstel kans van slagen heeft, en investeringen op de juiste manier gedaan worden. Daarom nog een paar vragen voor de wethouder om ons echt over de streep te trekken voor dit raadsvoorstel.
Kunnen we er zeker van zijn dat er een voorstel voor pijler twee ligt voordat de sloopkogel door het clubhuis van de Spartaan gaat? En wanneer is die deadline hiervoor? En, is er in de aanbesteding rekening gehouden met twee-scenario uitvoering? En waarom is pijler twee nu nog niet opgenomen in dit raadsvoorstel? Kan de wethouder ons inzicht geven over hoe de onderhandelingen over de gezamenlijke accommodatie gaan? En waakt de wethouder ervoor dat alle drie de verenigingen gelijkwaardig behandeld worden in deze onderhandelingen, en dat ze geen van allen met lege handen komen te staan? En stel dat we toch optie komen, wat gebeurt er dan met het maatschappelijke
component? Kan hier alsnog ruimte voor worden geboden in één of beide accommodaties, en gaat dat dan alsnog tot uitvoering worden gebracht? De risicomatrix geeft aan dat het risico voor pijler twee zeer groot is. Kan de wethouder ons hierover een toelichting geven? Want dit baart ons erg … Wel erg veel zorgen. Kan de wethouder uitleggen welke goedkopere opties voor herinrichting van het sportpark de revue hebben gepasseerd, waarom daar bleek dat goedkoop misschien in dit geval duurkoop bleek te zijn? Welke kosten komen er dan nog op het gebied van sportfaciliteiten? En houden we met deze investering dus nog voldoende ruimte voor de andere verenigingen en activiteiten in het komend jaar? Mevrouw Koegler (CDA): Na het debat over het investeringskrediet voor het sportpark en de toezeggingen van de wethouder in dat debat, had de fractie van het CDA al de verwachtingen van het voorliggende raadsvoorstel. Wat bij de behandeling in de raad heeft het CDA, maar ook andere partijen gevraagd om inzicht te geven in alle twaalf de opties die voorlagen, en we hebben de wethouder tevens verzocht om bij het verder uitwerken van de plannen ook een alternatief goedkoper plan uit te werken. Op die voorwaarde, van het uitwerken van een goedkoper alternatief plan, en inzicht in alle twaalf de opties, is mijn fractie ook akkoord gegaan met het investeringskrediet.
De wethouder gaf letterlijk aan dat de onderste steen boven zou komen. Maar als ik dan nu het raadsvoorstel lees, ja, dan krijg ik slechts inzicht in vier andere opties, en er is geen enkel alternatief of goedkoper plan uitgewerkt. Dat maakt dan ook dat mijn fractie na het lezen van dit raadsvoorstel nog met ontzettend veel vragen en twijfels blijft zitten. Dat is wat ons betreft wel echt een gemiste kans voor de wethouder. De voorzitter vraagt ook om het kort en bondig te houden, maar goed, ik ga toch mijn tijd nemen omdat ik die vragen wel graag beantwoord wil zien voordat ik een zorgvuldige beslissing kan nemen over het raadsvoorstel. Als ik dan naar het raadsvoorstel kijk dan is de eerst voor de hand liggende vraag: wethouder, waar zijn nu die andere zeven opties die u heeft toegezegd? En waar is nu het goedkopere alternatief gebleven? Waarom heeft u ervoor gekozen om deze nu niet op te nemen in het raadsvoorstel? U benoemt in het raadsvoorstel heel kort de terugval optie, maar geeft daarbij letterlijk aan dat het niet de verwachting is dat we hierop terugvallen.
Maar waarom heeft u deze terugval optie nu niet nader uitgewerkt? Had dat dan niet het goedkope alternatief kunnen zijn? En wat zijn nu precies de kosten van deze terugval optie? En waarom zouden we niet inzetten op deze terugval optie in plaats van de duurdere variant? We zien graag een toelichting van de wethouder hierop. En zo hadden we ook graag in het raadsvoorstel terug willen lezen wat nu exact de kosten zijn als we alleen zouden kiezen voor het aanpassen van veld drie en het aanleggen van veld vier. Wat zou het ons gaan kosten als we alleen het hoognodige achterstallige onderhoud oppakken, en de ledverlichting vervangen? Ik heb de stukken zorgvuldig gelezen, ik heb ook de geheime stukken die ter inzage liggen bij de griffie gelezen, maar is alleen grof te achterhalen wat dit dan goedkoper zou … Of wat dit dan zou gaan kosten. Ik kan er wel uithalen dat het ons aanzienlijk minder geld zou gaan kosten, en dan hebben we het echt over miljoenen. Daarom willen we graag aan de wethouder vragen om ook deze specificatie toch aan de raad toekomen voordat we een beslissing nemen over het raadsvoorstel. Kijken naar de vier opties die dan wel beschreven staan, lijkt optie twee ons niet direct uitgesloten. De nadelen worden helaas maar summier geschetst, maar ze lijken voor mijn fractie in ieder geval deels acceptabel en deels oplosbaar.
Toch lijkt het voor de wethouder geen bespreekbare optie. Maar waarom dan niet, wethouder? Zijn die nadelen met bijvoorbeeld het parkeren en risico op ballen dan niet oplosbaar of acceptabel? En zonder olympische wedstrijdbaan, dan kunnen we toch ook nog steeds recreatief sporten? Het zijn allemaal keuzes die we kunnen maken, maar u gaat er gewoon aan voorbij. Het zijn geen ideale keuzes, maar ze zijn wat ons betreft in ieder geval niet uitgesloten bij voorbaat. We zouden graag een toelichting van de wethouder willen welke zwaarwegende argumenten ertoe geleid hebben dat optie twee door hem is uitgesloten. Dan de exploitatiebegroting. Ook deze is aan de raad toegezegd bij het behandelen van het investeringskrediet, maar we hebben geen sluitende exploitatiebegroting gekregen van de wethouder, en we hebben een openeinderegeling voor fase twee. Daarom aan de wethouder de vraag: hoe komt die exploitatiebegroting er nu uit te zien? Via de inspraak van Koen Caminada hoorden we net een aantal bedragen voorkomen. Mij komen ze in ieder geval niet bekend voor. Dus ook daar zou ik toch wel graag een specificatie van willen hebben. En in hoeverre is de exploitatiebegroting kostendekkend? En waarom heeft u de bedragen bij de kostenspecificaties alleen maar gebaseerd op ervaringen uit het verleden? In Rijswijk is meerdere malen gebleken dat we hier niet zo heel erg goed in zijn.
Heeft u geen offertes opgevraagd om de risico’s van financiële tegenvallers nu zoveel mogelijk te voorkomen? Waarom heeft u nu de puzzel niet eerst compleet afgemaakt, maar komt u nu met een half uitgewerkt raadsvoorstel naar de raad toe? Het gaat om zoveel geld, het gaat om zulke belangen, en u weet dat er weerstand is in de raad. Ook is ons nog onvoldoende duidelijk hoe de invulling gegeven wordt aan de welzijnsactiviteiten in het multifunctionele accommodatie. In het raadsvoorstel staat dat het buurthuis van de toekomst moet worden, maar het is straks gelegen tussen de spoorlijn en het
Elsenburgerbos. Hoe ideaal is die ligging dan eigenlijk volgens u? Zijn andere locaties in Rijswijk-Buiten niet veel voor de hand liggender? Hoe realistisch is het succesvol organiseren van welzijnsactiviteiten op een afgelegen sportpark waar slechts beperkt openbaar vervoer aanwezig is? De ambitie van het college is toch ook om welzijnsactiviteiten dichterbij in de buurt te organiseren? Met bijvoorbeeld inzet op gezamenlijke huiskamers? Hoe weten we zeker dat dit straks niet, net zoals bijvoorbeeld het Prinses Irenepark, helemaal niet van de grond gaat komen? Kan de wethouder toelichten waar de overtuiging vandaan komt dat dit sportpark straks de place-to-be is van welzijnsactiviteiten voor onze bewoners in Rijswijk-Buiten? De ambitie van het samengaan van de verenigingen, en het oprichten van een multifunctioneel gebouw, zorgen er wat het CDA betreft juist voor dat de uitbreidingsplannen complexer worden en daarmee duurder uitvallen. Maar voorzitter, voor alle domeinen geldt dat we op dit moment niet alle ambities kunnen verwezenlijken. Er moet bezuinigd worden, en er moeten keuzes gemaakt worden. De wethouder lijkt nu vooral gefocust te zijn op de herrijzing van een olympisch sportpark. We zijn het eens dat het samengaan van de verenigingen echt een ontzettende mooie ambitie is. Vier olympische sporten op een postzegel is natuurlijk een prachtig verhaal.
Maar het maakt de plannen ook onnodig duur. Is de wethouder dat dan niet met ons eens? Het college geeft ook het streven om terughoudend om te gaan met financiën. Die terughoudendheid die is voor mij helemaal niet terug te vinden in het raadsvoorstel. Heeft de wethouder dan de afgelopen maanden nergens ruimte kunnen vinden om de plannen bij te stellen, en met een alternatief goedkoper plan te komen, na de beraadslagingen gehoord te hebben bij het bespreken van het investeringskrediet. Daar komt bij dat ook de gemeente met corona nog voor grote financiële uitdagingen komt te staan, ook met onze sportverenigingen en clubs. Dat zien we ook nu bijvoorbeeld aan Vredenburch. Bij bestaande clubs en verenigingen vallen momenteel grote gaten in de exploitatie. Blijft hier dan wel voldoende financiële ruimte voor als we akkoord gaan met dit raadsvoorstel? Graag een toelichting van de wethouder. Ja, en samenvattend: de uitbreiding van de hockeyvelden die staat al jaren op de planning, en dat moeten we nu ook gewoon gaan realiseren. Er is volgens mij ook een brede meerderheid voor in de raad, dus daarmee kunt u wat ons betreft prima aanslag. Maar over de verder te nemen stappen in de herstructurering heeft mijn fractie nog de nodige vragen en veel twijfels. Die zien wij graag vanavond beantwoord door de wethouder.