Concept-verslag raadsvergadering 10 oktober 2023
Tekst van het document
Raadsvoorstel Ontwikkelkader Te Werve Oost (RV 023-069) (aangenomen)
De voorzitter: Dan gaan we over tot stemming over het raadsvoorstel zelf. Ontwikkelkader Te Werve Oost. Wenst er iemand een stemverklaring af te leggen over het raadsvoorstel? Is niet het geval. Wilt uw hand opsteken als u voor het raadsvoorstel bent? Raadsvoorstel ontwikkelkader Te Werve Oost. Met 19 stemmen voor en 9 tegen is het raadsvoorstel aangenomen. 16. Raadsvoorstel Fietsplan 2040 (RV 023-059) De voorzitter: Dan gaan we door naar het agendapunt 16, raadsvoorstel fietsplan 2040. En daarbij zijn ook meerdere, vier moties ingediend. En ik wil daarom als eerste het woord geven aan de heer Van ’t Eind van GroenLinks. De heer Van ’t Eind GL: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn blij met dit fietsplan. Dit fietsplan daar zit een juiste analyse onder, de juiste speerpunten en de juiste doelen. En we zijn ook blij dat we met dit fietsplan aan de gang gaan voor een betere fietsinfrastructuur in Rijswijk. Wij zagen wel een aantal mogelijkheden om op een aantal punten aan te scherpen. Daarom hebben wij drie moties ingediend. En een mede ingediend met D66. De toelichting daartoe laat ik aan mijn collega van D66 over. Dus ik beperk mij even tot drie moties. Een motie waarin we oproepen om de prioriteit en de planning van het fietsplan te concretiseren. Wij vonden de planning en de prioritering zoals die nu in het fietsplan staat, nog te vaag.
Waarbij je eigenlijk per plan straks als raad moet gaan beslissen. Deze motie roept op om dat totaal inzichtelijk te brengen, zodat de raad over het totaal kan kijken naar welke projecten vinden we nu wel belangrijk en welke financiering hoort daarbij? En daarbij ook de oproep om ervoor te zorgen dat waar dat mogelijk is fietsroutes, belangrijke fietsroutes te asfalteren. Dat is motie 1. Motie 2 gaat over de fietslichten. Wij zijn blij dat er in het fietsplan is opgenomen dat we onderzoek gaan doen naar het beter afstellen van de stoplichten voor de fietser. Maar wij denken dat het wat lang duurt om eerst onderzoek te gaan doen en dan pas de stoplichten aan te passen, want er zijn wel degelijk mogelijkheden in onze ogen om op een moment dat je nieuwe verkeerslichten plaatst of opnieuw gaat afstellen, gelijk mee te nemen, dat dat de beste doorstroming voor de fietser oplevert. En ook gebruikmaken vooral van de mogelijkheden die bieden om bijvoorbeeld bij slecht weer en regen de fietser iets meer voorrang te geven. Dat soort dingen. Voorzitter, de derde motie gaat over samenwerking in de regio. We zien dat er een enorme uitdaging is om alles wat we willen ook te doen, ook zeker op mobiliteit. En juist op het gebied van mobiliteit is er enorm veel kennis en kunde aanwezig. Ook bij collega-gemeenten. Kennis en kunde die wij soms niet hebben en die wij vervolgens moeten inhuren.
En we hebben eerder in een Nieuwsuur17
rapportage kunnen zien dat gemeenten dat ook heel kwetsbaar maakt, op het moment dat je dat steeds moet doen. Deze motie roept op om te kijken in hoeverre je ook samen met regiogemeenten de werving kan doen, want ook regiogemeenten lopen tegen die problemen aan. En ook om te kijken of je daarin goed in kan samenwerken en ook goede uitwisseling kan doen en ook de programmeringen goed op elkaar kan afstellen. Om te kijken of daarmee ook efficiëntie en winst te behalen valt. Voorzitter, tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van ’t Eind. Dan geef ik het woord aan de heer Kaffa van Wij. Rijswijk. De heer Kaffa WIJ: Dank u wel, voorzitter. Dank ook voor het raadsvoorstel. Wij. Rijswijk is een groot voorstander van een bereikbare stad. Een stad die sneller groeit op dit moment dan de infrastructuur aankan. En buiten dat, het feit dat een buurtgemeente een heel Rijswijk naast onze bij aan het bouwen is, is er denk ik behoefte aan een goede doorstroming. Brede en veilige fietsroutes horen daar dan ook absoluut bij. Alleen op dit moment trillen je vullingen los op een gemiddeld Rijswijk fietspad. Dus wij zouden het wel buitengewoon prettig vinden als asfalteren wel een prioriteit kan hebben. Daarom stemmen wij ook, tekenen wij ook zelfs mee met de eerste motie van GroenLinks, waarin een stukje asfaltering ook even goed duidelijk aangestipt wordt.
Verder zijn wij buitengewoon tevreden. Zien we de uitvoering met heel veel plezier tegemoet. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kaffa. Dan geef ik het woord aan mevrouw Van der Weij van D66. Mevrouw Van der Weij D66: Dank u wel, voorzitter. STOMP staat centraal in Rijswijk en daar hoort natuurlijk dit plan ook bij. Supergoed. Dat gegeven alle kennis die er is over fietsen en fietsers en ook gegeven de huidige kwaliteit en veiligheid van fietsen in Rijswijk dat er nu een fietsplan ligt. Dat juichen we ontzettend toe. Het zou fijn zijn als er meer fietsers komen in Rijswijk en deze mensen niet meer in de files hoeven staan en de auto kunnen laten staan. Dat komt natuurlijk ten goede van de fietser en van de automobilist in die zin. Veilig fietsen voor jong en oud. Dat is waar we voor staan. Goed voor de gezondheid en goed voor de zelfstandigheid van onze burgers en voor de mobiliteit in Rijswijk in het algemeen, wat net ook aangehaald werd. De ingediende moties geven nog een extra zetje in die richting. De ingediende moties heeft u allemaal kunnen lezen en zijn ook toegelicht door GroenLinks net. Drie daarvan. De laatste, de frietzak, spreekt denk ik ook voor zich. Betere opstelplaatsen lijkt me duidelijk, goed voor fietsers en ook goed voor andere weggebruikers. Een betere doorstroming. Hier laat ik het bij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Weij.
Dan geef ik graag het woord aan de heer Van Enk, van het CDA. De heer Van Enk CDA: Dank u wel, voorzitter. Ben ik daar hoorbaar? Ja. Voorzitter, ook het CDA is het eens met de stelling dat we meer ruimte moeten maken voor de fiets in Rijswijk. Maar zoals mevrouw Van der Weij net zegt: STOMP staat centraal in Rijswijk. Dat kunnen we wel beamen, maar alleen als je naar de beleidsplannen van Rijswijk kijkt, naar mobiliteitsplannen en uitvoeringsplannen. Het probleem is in Rijswijk en dat is een probleem van onze raad, ons college, dat we het vaak bij plannen laten. Als er concreet woningen, wijken worden ontworpen, dan heb ik laatst nog een discussie geprobeerd te openen over parkeren versus OV. En dan merk je dat draagvlak om daar wat je nek uit te steken en de creativiteit om dan ook echt volgens die principes te werk te gaan, dat dat uitermate klein is. In deze zelfde gemeenteraad, die diezelfde mooie plannen vaststelt. En daarom heeft het CDA grote vraagtekens bij de kosten die we nog steeds maken bij dit soort beleidsplannen. En we hebben er in deze afgelopen jaar al een aantal zien passeren. Niet alleen op het terrein van mobiliteit, maar ook economie. En steeds is onze vraag weer aan de desbetreffende wethouder: het is mooi, maar wat levert die analyse nu op? Wat gaan we daarmee doen? En dan worden we tot nu toe overtuigd, stel dat nou maar vast.
We zijn het allemaal met elkaar eens. U zult zien 18
het gaat werken, dat geeft effect, maar wij zijn zelf vaak aan zet om dat effect aan te geven. En wat mij betreft gaat dat te langzaam. We hebben het net niet meer Te Werve Oost over de parkeernorm gehad, maar dat vinden we het kennelijk enorm ambitieus om te zeggen: één auto per woning. Ook daar, waar bij pasgeld nog het de enige reactie was onhaalbaar, zeggen we hier maar helemaal niets meer, want dan doen we hetzelfde. Voorzitter, als je kijkt naar deze analyse en je zegt: nou meer ruimte voor de fiets, missen we daar ook een aantal dingen in. Zoals zorgen over steeds sneller gaand fietsverkeer, de elektrische fiets, de deelscooter, waar we ook niets aan doen. Bij herhaling voorgesteld door een aantal partijen hier om dat te verbieden, maar dat doen we niet. De bakfiets. Dus alles wat je straks aan geld gaat uitgeven om een fietspad wat te verbreden met de schaarse meters die we hebben, wordt straks weer te niet gedaan door deze snelle fietsencoureurs en dat baart het CDA zorgen. Los van de inhoud, ga ik verder niet op in. Wij vinden dat we moeten stoppen met dit soort plannen maken. Er zitten een aantal moties bij die dus onsympathiek voorkomen. Dat we daar een motie voor nodig hebben om eindelijk te gaan nadenken over samenwerking in de regio. Eigenlijk ook te gek, maar we zullen hem zeker steunen.
En dat we een motie hierin zien om maar gewoon met een concrete lijst van plannen te komen en de financiële onderbouwing, dat spreekt ons zeer aan. Want ik ben bang dat we het geld om deze analyse te laten maken, door onze schaarse ambtelijke capaciteit, dat we dat beter hadden gebruikt voor een extra fietspad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Enk. Dan geef ik het woord aan de heer Loof, van de VVD. De heer Loof VVD: Dank, voorzitter en dank ook aan de wethouder voor het raadsvoorstel. Voorzitter, wij hebben dit plan gelezen. Er valt ook heel veel voor te zeggen. Je wilt namelijk sturing kunnen geven op dit gebied en ook aan je partners in de regio laten zien dat het menens is. Maar ook is er wel wat op af te dinge, omdat het allemaal erg hoog over is. Veel gepraat met doelgroepen. En het belangrijkste misschien nog wel, het sorteert voor op een mobiliteitsstrategie in plaats van dat het voortvloeit uit een strategie. Maar goed, de echte discussie over de mobiliteitsstrategie of de mobiliteitsmix, waaronder de auto, voeren we aan de hand van de mobiliteitsstrategie. De raad heeft het budgetrecht en houdt het ook op uitvoering van het fietsplan. Dus als de wethouder dit nu nodig heeft om zijn ambtelijk apparaat en de partners te laten zien dat het menens is in Rijswijk, dan gaat de Rijswijkse VVD daar niet voorliggen.
Met betrekking tot de moties hebben wij ze allemaal medeondertekend op een na. En daar wil ik de wethouder ook wel een extra vraag bij stellen. Dat is de motie over de verkeerslichten. De kern is de doorstroming, begreep ik ook van de opstellers en dat is heel goed. Daar zijn we helemaal voor. Ik wil alleen de wethouder wel vragen of die kan toezeggen dat er daarbij wel wordt gekeken naar een slimme toepassing daarvan. Dus wel op de plekken waar het echt nodig is en niet op plekken waar je daardoor andere weggebruikers eventueel in de weg gaat zitten. Bijvoorbeeld dat op sommige plekken de automobilist weer heel erg lang zit te wachten, omdat die fietslichten te slim zijn ingesteld op de fiets. Ik denk dat het op sommige wegen echt heel nuttig kan zijn, maar als we het op elke weg gaan doen, dan leidt het mogelijk tot problemen. Dus als de wethouder daar iets meer toelichting op kan geven, dan kunnen we daarmee ons oordeel vellen over deze motie. En daar wil ik het bij laten, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Loof. Dan geef ik het woord aan de heer Cupedo van Beter voor Rijswijk. De heer Cupedo BVR: Dank u wel, voorzitter. Dank voor het raadsvoorstel. Het fietsplan is uitgebreid besproken in het forum. Ik heb alleen nog een klein verzoek aan de wethouder.
Neem alle aanpassingen altijd met de wijk mee, bespreek het met de wijken en zorg voor participatie met de wijken. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Cupedo. Dan geef ik het woord aan mevrouw Harmsen van de ChristenUnie.
19
Mevrouw Harmsen CU: Dank u wel, voorzitter en dank u wel wethouder voor het fietsplan. Het ziet eruit als een liedboek. Het moet alleen nog gaan zingen. En ik kijk echt uit naar uw Excelsheets met welk kwartaal welke kilometer asfalt er neergelegd gaat worden. Vandaar dat ik ook de motie daarover van harte steun. Ik heb overigens vorige keer, toen deze raadsvergadering werd voorbereid, door familieomstandigheden niet kunnen meewerken aan moties, maar ik ondersteun ze van harte, de aanscherpingen die zijn geweest op dit fietsplan. Ik wil nog één opmerking maken over die participatie die BvR ook al even noemde. Daar maak ik me heel erg zorgen over eigenlijk. De theorie die hier wordt neergelegd in dit liedboek is heel erg mooi. Het STOMP-principe is uitgewerkt, maar het wordt altijd spannend in de praktijk, want dan gaan we dingen doen. De ruimte is schaars, zoals de heer Van Enk al zei en dan gaan we kiezen. En daar is de raad voor, moeilijke beslissingen te nemen en te gaan kiezen. En soms kies je dus voor de fietser wat meer doorstroming te geven, de fietser een veiliger fietspad te geven. Vooral jonge fietsers. En tot mijn stomme verbazing, we hebben het bij de vorige raadsvergadering gezien, komen er vervolgens onderzoeken naar voren die niet meer zijn dan petities voor volwassen automobilisten om hun zin te krijgen.
Ik heb de appjes gezien: teken alsjeblieft deze petitie, want de Van Rijnweg gaat anders dicht voor de auto. Dat is geen onderzoek naar een goede afweging van de Van Rijnweg. Dat is een petitie om de Van Rijnweg voor automobilisten open te houden. Dat is heel wat anders. En daarmee is dus een onderzoek over de veiligheid en de afweging van veiligheid van jonge fietsers niet gedaan. Dat is geen goed onderzoek. En ik roep ook op, als we dus weer spannende dingen gaan besluiten rondom fietsen en auto’s in de raad, dat partijen die onderzoek willen doen, ik vind het heel prima, want dat is het mooie van dat partijen dat kunnen doen. Dat ze wel heel openlijk zijn van, ik doe een petitie mee of ik doe echt een breed onderzoek. De voorzitter: Mevrouw Harmsen, ik zie dat de heer Kaffa u wil interrumperen. De heer Kaffa WIJ: Ja, heel graag voorzitter. Als we toch oude koeien uit de sloot aan het halen zijn, dan doe ik graag eventjes mee in dit geval. Ik had nog niet gesport deze week. Mevrouw Harmsen CU: Daar ben ik niet zo veel eigenlijk, oude koeien uit de sloot halen. Het raadsvoorstel Van Rijnweg was de vorige raadsvergadering, volgens mij. De heer Kaffa WIJ: Maar ik laat het me niet graag zeggen, voorzitter, dat wij geen gedegen onderzoek uitvoeren. Wij kiezen er bewust voor om alleen mensen boven de 18 te interviewen, omdat je dan gewoon voldoet aan alle wet- en regelgeving.
En nogmaals, zoals ik het vorige keer ook ik zei, zeg ik het nu ook graag: ouders moeten gewoon gezonde gesprekken hebben met kinderen en die kunnen dan vervolgens met de ouders communiceren en de ideeën plannen. Zo staan wij erin. En het is zeker geen niet gedegen onderzoek. Dat wil graag even gezegd hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kaffa. Ik zie ook dat mijnheer Cupedo. De heer Cupedo BVR: Dank u wel. Voorzitter. Dus mevrouw Harmsen pleit ervoor dat het college ook onderzoek daarvoor doet, voor de Van Rijnweg? De voorzitter: We gaan het niet hebben over de Van Rijnweg. Mevrouw Harmsen maakt een punt over de wijze van onderzoek en daar heeft mijnheer Kaffa op gereageerd. Mevrouw Harmsen, wilt u uw betoog vervolgen? Mevrouw Harmsen CU: Ja, heel kort nog even. De participatie, in principe ligt het bij de wethouder om dat te regelen en wij houden daar toezicht op als raad. En nogmaals, als het gaat om kinderen de raad is er voor alle 20
inwoners, ook voor de kinderen van Rijswijk. Die geen stemrecht hebben en ook volgens u niet mee kunnen doen aan onderzoeken. We kunnen een jeugdraad gaan instellen en die vragen wat ze vinden van de fietspaden. Dus we hebben wel mogelijkheden om te participeren met de jeugd. Laat ik dat even kort zeggen. De voorzitter: Mevrouw Harmsen, mijnheer Loof wil interrumperen. De heer Loof VVD: Voorzitter, ik alsjeblieft via deze weg oproepen om het over dit fietsplan te hebben. Niet alles daaromheen. Het punt is duidelijk. Kunt u alstublieft verder gaan over het fietsplan, dank. De voorzitter: Mevrouw Harmsen. De voorzitter: Ik ben eigenlijk wel klaar. De voorzitter: Heel goed. Mijnheer Van der Veer van de Partij van de Arbeid. De heer Van der Veer PvdA: Dank u wel, voorzitter. Wethouder, bedankt voor het voorstel. Rijswijk streeft naar een aantrekkelijke, gezonde en een goede bereikbare stad. Tegelijk groeit Rijswijk. Om deze groeiende stad leefbaar en bereikbaar te houden staat de PvdA-fractie achter dit mooie fietsplan 2040. Met als leidraad dat de schone vervoersmiddelen, die zo min mogelijk ruimte innemen, krijgen prioriteit. De fiets vormt een essentieel onderdeel van deze transitie, maakt een onderdeel uit van het STOMP-principe en zou een toekomstig onderdeel zijn van de mobiliteitsstrategie, zoals Rijswijk voor ogen heeft.
Hier en daar behoeft die wel wat aanscherping en dat hebben we duidelijk proberen te maken met de meegetekend moties. Met dit fietsplan zetten we een cruciale stap om de fiets nog meer een aantrekkelijk alternatief te laten zijn voor de auto, ook middels de mogelijkheden welke Smart City ons kan bieden. Waarin de fiets de vanzelfsprekende keuze zou gaan worden, vanwege het gemak, de veiligheid en de snelheid. Wij zullen voor stemmen. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van de Veer. Dan geef ik het woord aan mevrouw Koegler van Rijswijks Belang. Mevrouw Koegler RB: Dank u wel, voorzitter. De fiets is een schoon en gezond vervoersmiddel, dat bijdraagt aan een veilig en bereikbaar Rijswijk. Dat spreekt Rijswijks Belang ook zeker niet tegen. En in het fietsplan is te lezen dat het college het streven heeft het aandeel fiets in de mobiliteit van Rijswijk te verhogen. En op zich vinden wij dat ook een hele sympathieke gedachte, maar niet altijd ten koste van de ruimte voor de auto. Dat zal u niet verbazen. En als wij naar de financiën kijken van het voorliggende plan, valt ons op dat we 75.000 euro gaan investeren om het gedrag van onze Rijswijkse inwoners te beïnvloeden. We hebben er niet zoveel fiducie in, dat met veel geld investeren je het gedrag van mensen kan beïnvloeden.
Er is altijd een deel van de inwoners die je zal bereiken, maar er is ook echt een harde kern die niet op die fiets gaat stappen. Voor nog geen euro, voor nog geen miljoen euro. En wij vinden het toch ook wel belangrijk om dat geluid te laten horen, ook omdat wij de begroting hebben gelezen en in die begroting is te lezen dat de koers voor Rijswijk zich richt op een financieel neutraal profiel. Nieuwe plannen en ambities die geld kosten zijn alleen mogelijk door het schrappen van oud beleid. En daarom de vraag aan de wethouder: als de begroting nu wel al besproken was, wat zou u nu dan schrappen en gaat u nu ook wat schrappen? Of is dit een extra investering van 75.000 euro en gaan we volgende maand pas met elkaar afspreken dat er alleen nieuw beleid komt als we oud beleid schrappen? Wij zouden die 75.000 euro echt liever ergens anders aan besteden. En als we dan kijken naar de amendementen en de moties die voorliggen. Om even in te gaan op de schakel op groen. Kijk het prioriteren van groentijden bij verkeersregelinstallaties ten gunste van fietsen zal ten alle tijden ten koste gaan van de auto. En als je iets langer moet wachten, is dat niet erg. Maar we hebben een hoop hoofdwegen 21
in Rijswijk die al vaststaan. Dat betekent dat als we de fietsers langer door groen laten gaan, dat de auto's nog langer op rood staan te wachten. En wij zien dat gewoon niet zitten. Hetzelfde geldt eigenlijk voor de frietzak. Daar kan ik vrij kort over wezen. Als het gaat over de motie om de ambtenaar in de regio te delen en te willen samenwerken, samenwerken is uiteraard goed, sluit ik aan bij de woorden van de heer van Enk. Dat zou eigenlijk al zo moeten zijn. Maar wij zijn dan wel benieuwd, gaan wij dan ook capaciteit leveren of krijgen wij dan alleen capaciteit van de omliggende gemeentes? Dat lijkt ons twijfelachtig, dus daar zijn we wel benieuwd naar. En tenslotte voorzitter, in deze raad zitten diverse partijen die van mening zijn dat als we maar voldoende geld investeren in de gemeente of als gemeente in het fietsplan, het vernieuwen van fietstrajecten, een golf van groene stoplichten en inzet op opgelegde gedragsbeïnvloeding, dat dan het merendeel van onze Rijswijkers op de fiets springt. Voorzitter, Rijswijks Belang ontvangt vanuit de Rijswijkse samenleving, vanuit onze achterban, toch echt hele andere geluiden. En wij vinden het als partij dan ook erg belangrijk om ook dit tegengeluid in de raad te laten horen en ook daar aandacht voor te blijven vragen bij het college. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Koegler.
Dan geef ik het woord aan wethouder Van de Laar in eerste termijn. En er zijn vier moties en er zijn een aantal vragen aan u gesteld. Graag aan u het woord. De heer Van de Laar: Dank u wel. Hartelijk dank, als eerste voor de brede steun in uw raad, voorzitter, voor voorliggend fietsplan, dat voortvloeit uit de mobiliteitsstrategie dat 2021 is vastgesteld door uw raad. Het mobiliteitsprogramma bedoel ik daarmee. En daar is inderdaad in gezegd, zeker vanuit het oogpunt dat we in een groeiende stad zitten en het aantal woningen groeit, het aantal Rijswijkers goed, maar de ruimte die groeit niet. En we moeten dus op een efficiënte manier gebruik maken van die ruimte, om al onze mobiliteitsbehoeften binnen die ruimte een plaats te kunnen geven. En daar ook eigenlijk op dezelfde manier de keuzevrijheid te laten voor al onze inwoners. Dus de keuze om met het openbaar vervoer te gaan, de keuze om met de fiets gaan, de keuze om te lopen, de keuze om met de auto te gaan. En daar heel bewust van te zijn, om die keuze te maken. Als je dichtbij gaat winkelen of naar vrienden of sporten of buren, dat je dan een ander vervoermiddel pakt dan je misschien wel van plan was. En die bewustwording die moeten we hebben. Dat hebben we al vaker gezegd, bij nieuwe inwoners, waarvan we vragen op een andere manier dan traditioneel in Rijswijk het de vervoersbehoefte vorm te geven.
Met andere woorden, een lagere parkeernorm en investeren in openbaar vervoer. Dat doen we ook nog op andere manieren. Ik ga terug naar de vragen die concreet zijn gesteld, want daarvoor zitten we hier. Ik denk dat mevrouw Koegler de spijker op zijn kop slaat als het gaat over die ambtelijke inzet delen, wat krijgen wij van andere gemeenten? In onze ervaring is het zo dat iedere gemeente het ongelooflijk druk heeft. En dat juist in het fysieke domein, zowel ruimtelijke ordening, verkeerskundigen, is het ontzettend moeilijk om aan mensen te komen. En er zijn vaker gesprekken geweest over zullen we een pool organiseren? Dat dat leidt vaak niet ergens toe, omdat al die gemeenten ook de eigen capaciteit heel erg nodig heeft en de synergievoordelen om het misschien wat abstract te zeggen, die zijn vaak heel erg laag. En daarmee zou ik eigenlijk motie 3, hoe mooi dat eigenlijk ook klinkt. Er wordt heel veel ervaring uitgewisseld, ook via de MRDH, de MRDH stelt soms ook mensen ter beschikking, de provincie stelt geld ter beschikking. En dat is eigenlijk de pool die we gewoon hebben, de arbeidsmarkt, dat is de pool. Maar ik zou hem toch wil ontraden, omdat als we nu op een afwijkende manier nog moeten gaan samenwerken, ook dat op zichzelf heeft alweer heel veel capaciteit nodig. En die capaciteit willen we gewoon helemaal stoppen in de uitvoering van dit plan.
En voorzitter, juist op de fiets hebben wij in eigen huis heel veel capaciteit en kwaliteit, vooral ook. De heer Van Enk CDA: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van Enk, wilt u interrumperen? 22
De heer Van Enk CDA: Een vraag aan de wethouder, ja. Als je die capaciteit die er nodig was om deze analyse te maken, als je die nou afweegt tegen de uurtjes dat je wat meer kan overleggen met een gemeente als Den Haag als het gaat om concrete voorziening op elkaar afstemmen, concrete plannen. Wat scheelt dat dan? Dan praten we toch over eenzelfde hoeveelheid uren en dan is dat tweede toch vele malen effectiever? De voorzitter: Wethouder Van de Laar. De heer Van de Laar: Je zou het breder kunnen trekken en een bredere discussie over opschaling kunnen voeren, maar ik denk dat we heel erg goed samenwerken binnen de MRDH aan delen van capaciteit. En ook zeker dit fietsplan is juist een onderdeel van regionale samenwerking, waar we het ook in het forum over hebben gehad. Dit is een regionaal plan, zeker ook als het gaat over de metropolitane fietsroutes. Dus ik denk dat daar al heel erg efficiënt wordt gewerkt. BvR roept op tot heel veel aandacht voor wijken en dat onderschrijf ik van harte. Een van uw uitgangspunten in het mobiliteitsprogramma was wijkgericht werken. En ook vandaag ben ik het merendeel van de dag bezig geweest met de participatie die we willen gaan organiseren rondom de uitvoering van dit plan, maar ook mobiliteitsstrategie. Hoe ziet dat eruit? Hoe gaan we de wijken betrekken? Dus dat neem ik zeker mee. En ook alles wat mevrouw Harmsen zegt over het participeren.
Daar heb ik notitie van gemaakt. De VVD, een heel concrete vraag naar aanleiding van de motie over licht op groen, op slimme plekken. Als je het omdraait, zouden we dat op domme plekken doen? Nee. Maar u bedoelde daar concreet mee of het geen effect zou kunnen hebben op de auto. En dat is iets wat ik u niet kan toezeggen. Tenminste, als ik de strekking van de motie volg, want een kruispunt waar stoplichten staan, verkeerslichten, is per definitie bedoeld om vaak meerdere vervoersmodaliteiten te regelen en voorrang te bieden, et cetera. Dus dat zal altijd ten koste gaan van een andere vervoersmodaliteit, als we voorrang geven aan de fiets. Daarom vond ik de motie ook wel een duidelijke uitspraak van de raad, op een moment als u die meerderheid omarmd. We hebben gezien overigens, maar daar zal de indiener wellicht nog iets over zeggen, dat in Den Haag in de coronatijd ... De voorzitter: Ik zie dat mijnheer Van Enke u wil interrumperen. Mijnheer Van Enk.
De heer Van Enk CDA: Het is interessant dat de wethouder dat zegt, maar als je dit dus in gaat voeren zonder onderzoek vooraf, wat in de motie in feite wordt gevraagd, dan weet je toch ook niet wat het effect is van dat stilstaande autoverkeer, dat ronkende autoverkeer voor het stoplicht versus de ruimte voor de fiets? Vindt de wethouder dat niet heel onverstandig om zonder onderzoek dit soort dingen te gaan doen, lukraak? De voorzitter: Wethouder Van de Laar. De heer Van de Laar: Er zijn twee redenen waarom wij zelf voorstellen om onderzoek te doen. Dat heeft enerzijds te maken met de mobiliteitsstrategie, een discussie die we hier nog moeten voeren, over hoe gaan we het STOMP-principe verder uitvoeren? En wat hoort daar allemaal bij? Met deze motie zou u daarop kunnen voorlopen. En een ander deel van het onderzoek heeft ook heel erg te maken met de praktische uitvoering, een intelligente verkeersregelinstallatie is niet een kwestie van op een knop drukken, maar dat moet allemaal geregeld zijn met andere inspecties. Nog buiten deze gemeente. En daar gaat een hele tijd overheen van testen van die verkeersregelinstallatie. Dus dat is niet zomaar te doen.
We zouden natuurlijk wel vanaf vandaag bij alle punten en daar roept de motie toe op, daar waar vervanging plaatsvindt en dat zit helemaal op het terrein van mijn collega Wit, zouden we dit kunnen meenemen over hoe we omgaan met de voorrangssituatie voor het licht en voor de fietsers. Dus dat zou wel iets kunnen zijn waar we nu meteen mee rekening zouden kunnen worden. Ik had al gezegd: in Den Haag is het overigens in coronatijd in zijn geheel ingevoerd en dat heeft tot heel weinig problemen geleid. En daar waar het wel tot problemen leidde, is het 23
weer teruggedraaid. Dus dat is ook een vorm van onderzoek, zou je kunnen zeggen. Dan de appreciatie van de moties. Motie 1 over de prioritering. Ik kan me voorstellen, we hebben een bepaalde vorm gekozen in het plan ook om die prioritering aan te geven, maar ik kan me heel goed voorstellen dat u dat duidelijker wilt hebben. En hoeveel gaat dat dan kosten en wat behalen we dan met dat project? Wat zijn dan de voordelen daarvan? Dus die motie daar adviseer ik positief over. Ik zeg niet omarmen, omdat ik het mooi vind als de raad stemt over moties, voorzitter. De motie 2 over het licht, heb ik net iets over gezegd, maar dat is dus uitvoerbaar binnen de marge dat we het ook slim en pragmatisch moeten aanpakken. Motie 3 zeg ik in eerste instantie, ontraden. En motie 4 over de frietzak. In bijlage 1 staan een aantal zaken die wij zouden kunnen doen bij het ontwerp om de doorstroming te bevorderen. Dus dat zijn wij van plan, maar het is absoluut een uitvoerbare en goede motie. Als u dat ons wil meegeven, dat we vooral aan die frietzak moeten denken bij de inrichting van stoplichten. Voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van de Laar. Ik kijk naar uw raad. Is er behoefte aan een tweede termijn? Nee? Mijnheer Van ’t Eind. De heer Van ’t Eind GL: Voorzitter, volgens mij verwees de wethouder, adviseert negatief op een van de moties.
En volgens mij was er ook nog een vraag over of een veronderstelling van de interpretatie van de motie rond de stoplichten op groen. Dus daar wilde ik nog wel even op reageren kort. Dat laatste maar even als eerste. De wethouder heeft natuurlijk gelijk en daar kunnen we van mening over verschillen. Wij vinden dat als je de fiets serieus neemt, dat je de fiets ook voorrang moet geven. En natuurlijk moet dat op een verstandige manier gedaan worden. Daarom roepen we in deze motie ook niet op om het gelijk overal te doen, maar wel daar waar je vervangingen doet. De wethouder wilde er al even aan refereren. In Den Haag is het gedaan. Daar hebben ze het gewoon in de hele stad gedaan tijdens coronatijd. En de reden waarom ze dat toen deden, was omdat er dan niet te veel mensen tegelijkertijd bij het fietslicht naast elkaar stonden, maar toen hebben ze dat gewoon gedaan. En dat heeft een heel weinig klachten of problemen in de stad opgeleverd. Dus je kunt het ook gewoon gelijk, maar dat roept deze motie dus nog niet eens op. Je kunt het dus ook gewoon gelijk over de hele stad doen. Dat is wat Den Haag eerder gedaan heeft. Maar deze motie geeft dus inderdaad voorrang aan de fietser. Daar kunt u voor of tegen zijn. Maar dat is wel de insteek van deze motie. Om dan maar even te verduidelijken.
Als het dan gaat om die regionale samenwerking, ik begrijp best dat er wel ook al gesproken wordt regionaal natuurlijk. Daar vertrouw ik de wethouder ook op. Ik snap wel dat die met zijn collega’s spreekt en dat de ambtenaren van Rijswijk weleens met die van Den Haag spreken of met die van Leidschendam-Voorburg of Delft. Deze motie roept alleen op om nog eens een keer te kijken. En daar hoeven we niet een lang onderzoek over te doen. Dat is ook gewoon een vraag aan collega gemeenten te stellen. Joh, als we vacatures open hebben staan en het is zo moeilijk om ze in te vullen, kunnen we dan niet kijken of we daar gezamenlijk een werving op kunnen doen of niet? En ik zie daar eerlijk gezegd, dat is het enige wat de motie eigenlijk oproept. En natuurlijk gewoon de samenwerking die u altijd al doet goed voort te zetten. En ik zie eerlijk gezegd het bezwaar daar niet zo van. Dus ik was niet echt voornemens nog om deze motie in te trekken. Dat voor mijn tweede termijn, wethouder, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van ’t Eind. Dan stel ik voor dat we overgaan tot stemmen over de moties. Is er behoefte aan een stemverklaring bij een van de moties? Dat is niet het geval. d. Motie 1. Concretisering prioriteiten en planning fietsplan (GroenLinks, D66, VVD, PvdA, PG&R en WIJ.
Rijswijk) (Aangenomen) De voorzitter: Dan de motie nummer 1, concretisering prioriteiten en planning fietsplan. Ik ga nu vragen wie tegen de motie is, want ik zie namelijk heel veel partijen en ondertekenaars. Dus alleen Rijswijks Belang is 24
tegen. Dan is deze motie met 25 stemmen voor aangenomen. Uitgaande van 28 raadsleden die aanwezig zijn. e.
Motie 2. Schakel op groen voor de fietser (GroenLinks,D66,PvdA, PG&R) (Aangenomen)
De voorzitter: Dan gaan we door naar motie 2. Motie 2 heeft als titel Motie schakel op groen voor de fietser. Wie is tegen deze motie? 11 stemmen tegen en 17 voor. Dan is deze motie ook aangenomen. f.
Motie 3. Deel ambtenaren en investeringen in de regio (GroenLinks,D66,VVD,PvdA, PG&R en WIJ. Rijswijk) (Aangenomen)
De voorzitter: Dan gaan we door naar motie 3. Die motie is ontraden door het college, motie deel ambtenaren en investeringen in de regio. Wie is voor deze motie? 8 raadsleden tegen. Dus met 20 stemmen voor is deze motie aangenomen. g.
Motie 4. De frietzak - opstelplaatsen vergroten (GroenLinks, D66, VVD, PvdA, VVD en WIJ. Rijswijk) (Aangenomen)
De voorzitter: Dan gaan we naar de motie nummer 4, promotie de frietzak opstelplek voor fietsers. Wie is tegen deze motie? Rijswijks Belang en het CDA, dus 5 stemmen tegen en 23 stemmen voor. Dan is deze motie aangenomen. h. Raadsvoorstel Fietsplan 2040 (RV 23-059) (Aangenomen) De voorzitter: Dan gaan we door naar stemming over het raadsvoorstel, het fietsplan. Is er iemand die een stemverklaring wenst af te leggen? Dat is niet het geval. Wie is tegen het raadsvoorstel? Er zijn 5 stemmen tegen en met 23 stemmen voor is het raadsvoorstel aangenomen.
17. Raadsvoorstel gebiedsbudget en Mobiliteitspakket Oude Lijn (RV 23-071) De voorzitter: Dan zijn wij aangekomen bij het raadsvoorstel gebiedsbudget en mobiliteitspakket Oude Lijn. Wie wenst daarover het woord te voeren? Er is inderdaad een motie door Wij. Rijswijk en de VVD. En dan is het voor de hand liggend dat ik de heer Zoghbi het woord geef, als indiener van de motie. De heer Zoghbi WIJ: Super. Dank u wel, voorzitter. Afgelopen donderdag hadden wij samen met een aantal andere partijen de vraag gesteld rondom de financiën en beoogde tekorten van dit voorstel. U zou hier schriftelijk op terugkomen en de reactie hebben wij gisteravond rond 22.00 uur ontvangen. Bedankt voor de beantwoording, maar om ons werk goed te blijven kunnen doen hopen we als raad niet heel vaak in dit soort situaties met drukke agenda's te gaan voorkomen. Terug naar het voorstel, wetende dat als we dit voorstel weg zouden stemmen alle subsidies zouden komen te vervallen, maar ook de zorg hebben en uiten dat we geen ongedekte financiële risico's willen lopen en ook weten dat er in de begroting die we in november gaan behandelen staat dat we geen ongedekte projecten moeten opstarten.
Om niet met verrassingen te komen zitten als de gemeente, dienen wij samen met de VVD, Rijswijks Belang, D66 een motie in die het college verzoekt een dekkingsvoorstel te overhandigen aan de raad, waarin een overzicht van kosten en baten voor fase twee van het havenkwartier wordt opgenomen. De dekking te zoeken, oor dan wel dekking te vinden in
25
andere posten van de gemeente of een overige vorm van dekking. En deze in de loop van volgend jaar en uiterlijk één maand voor het begrotingsdebat van 2025 te overhandigen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Zoghbi. Dan geef ik het woord aan de heer Oelen van de VVD. Wilt u het woord voeren? De heer Oelen VVD: Nee hoor, dank u wel, voorzitter. Ik sluit mij helemaal aan bij de woorden van de heer Zoghbi. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oelen. Mijnheer Dolmans van D66. De heer Dolmans D66: Ja, ik wil toch daar wel heel kort iets over zeggen, want ik vind het echt heel mooi dat het college uitvoering heeft gegeven aan het verzoek van de raad om op zoek te gaan naar externe middelen voor investeringen in de stad. En ik vind het echt een pluim waard dat daarmee 7 miljoen investeringsruimte is binnengehaald. En dat wou ik hier dan toch maar hardop zeggen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Dolmans. Dan geef ik het woord aan de heer Braam van weet Beter voor Rijswijk. De heer Braam BVR: Ja, ik ga redelijk kort en bondig zijn. Ik ben blij met in ieder geval de berichtgeving die we nog gekregen hebben naar aanleiding van de vraag die er nog lag vanuit het forum. Dat is voor ons naar tevredenheid beantwoord en eigenlijk staat er in het vervolgproces al in wat het college gaat doen.
En daarmee zou feitelijk de motie in hoeven te worden gediend, maar ik kan me zo voorstellen dat dat gekruist heeft. Ik zou dus de indieners willen vragen om dat voorstel gewoon in te trekken. Wij kunnen ermee leven dat in 2024 de actualiseren de daarbij horende financiën, dat dat dan op ons afkomt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijn Braam. Dan geef ik het woord aan mevrouw Koegler van Rijswijks Belang. Mevrouw Koegler RB: Dank u wel, voorzitter. Ook complimenten aan het college voor binnenhalen van de subsidie. Dat is inderdaad mooi werk. Ook al zijn we niet voor het fietsplan, zijn we ook zeker niet tegen het binnenhalen van subsidies om onze omgeving en de groene fietsstructuren te verbeteren. Het is ook nodig die kwaliteitsimpuls. We vinden het wel spijtig om te zien dat er uiteindelijk toch 1,2 miljoen drukt op onze begroting, terwijl we eigenlijk hebben afgesproken dat het Havenkwartierbudget neutraal ontwikkeld zou worden. Daarom zullen wij ook de motie in principe steunen van de partij. Wij zijn uiteraard nog wel even benieuwd naar de reflectie van de wethouder op de inbreng van de heer Braam van Beter voor Rijswijk. En daarmee sluit ik mijn termijn af. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Koegler. Dan geef ik het woord aan de heer Van der Veer van de Partij van de Arbeid. De heer Van der Veer PvdA: Dank u wel, voorzitter. Bedankt voor het voorstel.
Uitgebreid aan de orde geweest. Goed om te merken en te zien dat er volop gewerkt wordt om subsidies binnen te halen. En we zijn eigenlijk wel benieuwd naar de reactie van de wethouder op de ingediende motie. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Veer. Dan geef ik het woord een wethouder Van de Laar voor de eerste termijn. De heer Van Enk CDA: Mogen we nog even het rondje afmaken? 26
De voorzitter: Mijnheer Van Enk van het CDA. De heer Van Enk CDA: Dank u wel. Nee, ik sluit me ook graag met complimenten aan. Het gaat natuurlijk niet alleen om die subsidies binnenhalen, maar het gaat ook om bijbehorende infrastructuur bij al die bouwplannen die we hebben. Ik heb een vraag aan de indieners van de motie. Dat is waarom moeten we wachten tot een begrotingsdebat in 2025 voor die meerjarenraming, dat kan toch nu ook? Dat zou nu toch ook al moeten passen in een meerjarenraming? De komende begroting kent een meerjarenraming die over die jaren gaat. Dus dan verbinden ons wel met de verplichting om dat geld uit te gaan geven, maar we weten pas over twee jaar of we het kunnen betalen. De voorzitter: Mijnheer Zoghbi, wilt u daarop reageren? Ik denk dat de vraag is aan mijnheer Zoghbi gesteld, denk ik. De heer Zoghbi WIJ: Goed punt, maar misschien kan de wethouder daar zo even antwoord op geven. De voorzitter: Nou, dank u wel. Ben ik niemand verder vergeten? Nee. Dan geef ik het woord aan wethouder Van de Laar. De heer Van de Laar: Ja, dank u wel. En ook hiervoor dank voor de steun en de complimenten aan het hele college en de organisatie, zeg ik er dan gelijk bij. Voor het heel ad rem, alert zijn en de kwaliteit kunnen leveren die subsidieverstrekkers willen ontvangen. Want daar zit het, daar hangt het heel erg op. Dus slechte plannen krijgen geen subsidie.
Goede plannen wel. Tenminste zo interpreteer ik het dan maar zelf. Als ik kijk naar de motie, die roept ook heel specifiek op een overzicht van kosten en baten voor fase twee of voor het Havenkwartier in zijn algemeenheid, interpreteer ik het maar even. We hebben het eerder wel gehad over fase een en fase twee. En kunnen we dat niet nu gelijk doen? Nee, dat kan niet nu, omdat we, anders hadden we het wel gedaan. We hebben het hele overzicht nog niet van de kosten voor de herstructurering in fase twee in dit geval en daarvoor, we hebben wel een globaal overzicht. Daar is de subsidieaanvraag ook op gebaseerd, maar we zijn nu bezig met het uitwerken hoe fase twee eruitziet. En dat gaat dus echt over welke vierkante meters in dat Havenkwartier gaan we hoe inrichten en wat voor investeringen zijn daarvoor nodig? Dat weten we dus wel op globaal niveau, maar niet helemaal in detail. Dus het is niet alleen die 1,2 miljoen die nu voorligt gekoppeld aan die subsidie, maar dat is een breder verhaal en we zijn daar nu aan het werk en ik denk dat dat voor de volgende begroting, dat we daar echt wel meer zekerheid in zouden moeten hebben.
Die onzekerheid blijft er altijd wel in, maar we kunnen absoluut toezeggen, al dan niet via deze motie dat we voor de zomer lijkt mij dan het meest logische eigenlijk, een overzicht geven van waar staan we op dat moment? En nou, dus ik vind die motie heel begrijpelijk. Dus dat ten aanzien van de motie en de timing ervan. En even kijken, dan had ik geen andere expliciete vragen genoteerd, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van de Laar. Ik kijk of er behoefte is aan een tweede termijn. Ik hoor dat eigenlijk dat de wethouder u toezegt het dictum van de motie. Dus ik wil ook kijken of de indieners de motie willen handhaven of willen intrekken met deze toezegging. Mijnheer Zoghbi van Wij. Rijswijk. De heer Zoghbi WIJ: Ja, nou fijn. Ik had in mijn eerste termijn niet de complimenten benoemd, maar die wilde ik ook hierbij benoemen. Het is inderdaad een mooi voorstel. Ik zou wel graag de motie in stemming willen brengen. De voorzitter: Prima. Mijn Van Enk.
27
De heer Van Enk CDA: Voorzitter, dan toch een verhelderingsvraag, want de toezegging van de wethouder gaat verder. Er staat hier, het begrotingsdebat van 2025. Dat is dus de begroting 2026, als je het letterlijk leest. Dat bedoelt u niet, hè? U bedoelt, het begrotingsdebat volgend jaar over de begroting van 2025. Maar als de wethouder toezegt voor de komende zomer al die inzage te geven, dan gaat hij eigenlijk verder dan wat we hier in de motie vragen. En ik zou het het liefst zo snel mogelijk willen hebben, omdat we anders het risico lopen dat die bouwlocatie weer verrijkt wordt met 100, 200, 300 woningen extra. De voorzitter: Ik zie dat mijnheer Dolmans ook wil interrumperen. De heer Dolmans D66: Ja, om toch even uit te leggen waarom wij ook graag deze motie toch in stemming willen hebben, omdat er nog een tweede punt in staat. En dat is namelijk de oproep aan het college om ook dekking te zoeken voor die 1,3 miljoen. En dat is een opdracht aan het college. En ik vind het wel zo helder omdat als raad expliciet uit te spreken. Dus dat is een antwoord op de heer Van Enk. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Dolmans. Dan kijk ik naar uw raad. Er zijn geen vragen gesteld aan u wethouder Van de Laar. i.
Motie Dekking voor Groen (Wij Rijswijk en VVD) (Aangenomen)
De voorzitter: Dus ik stel voor dat wij tot stemming overgaan over deze motie. Als eerste motie dekking voor groen. Wie is tegen deze motie. Niemand? Oké. Dat is lekker makkelijk tellen, moet ik zeggen. Met 28 stemmen voor is deze motie aangenomen. Dan gaan we over tot stemming over het raadsvoorstel zelf, gebiedsbudget en mobiliteitspakket Oude Lijn. Is er iemand die een stemverklaring wenst af te leggen? Dat is niet het geval. Wie is tegen dit raadsvoorstel? Niemand, dan is het raadsvoorstel aangenomen. Even kijken. Heeft u behoefte aan een schorsing of gaan we door naar het volgende punt? Behoefte aan schorsing? Ik zie af en toe mensen heen en weer lopen. Dus ik stel voor dat we even vijf minuten gaan schorsen. Kunnen wij ook wat gaan drinken. 18. Motie vreemd aan de orde – Noodopvang asielzoekers De voorzitter: Dames en heren, ik wil u vragen weer plaats te nemen, want we hebben nog maar één agendapunt over en het gaat echt goed. Complimenten aan de wijze waarop u het debat voert. Aan de orde is de motie vreemd aan de orde van de noodopvang asielzoekers. Ondertekend door verschillende partijen. Dus ik wil als eerste de eerste indiener het woord geven. Dat is de heer Van ’t Eind GroenLinks. De heer Loof VVD: Voorzitter. De voorzitter: Ja, mijnheer Loof. De heer Loof VVD: Ik wil graag een punt van orde maken.
Volgens mij is het heel erg duidelijk wat de meningen zijn van alle partijen. Hebben we misschien net een jaar geleden deze discussie al gevoerd. Ik zou gewoon willen voorstellen om over te gaan tot stemming. Iedereen weet volgens mij wat we hiervan vinden. Dat is mijn ordevoorstel eigenlijk. De voorzitter: Ik zie dat mijnheer Kaffa daarop wil reageren en mijnheer Van ’t Eind en mijnheer Van Dam ook. Van dezelfde fractie lijkt me toch een beetje gek.
28
De heer Kaffa WIJ: Ik doe de woordvoering, dus ik zal denk ik een punt van orde maken. Ik wil graag gewoon mijn bijdrage over dit punt. En dat zal kort zijn, maar ik doe graag gewoon mijn bijdrage. De voorzitter: U stemt niet in met het ordevoorstel van mijnheer Loof van de VVD. Mijnheer van ‘t Eind. De heer Van ’t Eind GL: Nee voorzitter, ik stem ook niet in met het ordevoorstel. Dit is ook een andere kwestie. Dit gaat over een verzoek die nu direct van het COA voorligt. En dat is een andere discussie dan over die we een jaar geleden hebben gevoerd. Dus wat dat betreft. De voorzitter: Dan stel ik voor dat u het debat voert met elkaar. En dan geef ik mijnheer Van ’t Eind het woord. De heer Van ’t Eind GL: Voorzitter, vorige week deelde de wethouder ons mede dat het COA en de staatssecretaris niet meer zonder afstemming asielzoekers plaatst in onze stad. En conform dat onderzoek heeft het COA afgelopen vrijdag ook een verzoek gedaan voor de opvang van noodopvang van 50 AMV'ers. Alleenstaande Minderjarige Vluchtelingen voor de duur van zes maanden. En op dit moment is er nog steeds sprake van een opvangcrisis in Nederland of in ieder geval ook steeds nog dreigend dat mensen niet op een goede manier opgevangen worden. En wij vinden dat elke gemeente in Nederland naar draagkracht een bijdrage moet leveren aan de opvang van asielzoekers.
Vandaag is in de Tweede Kamer de Spreidingswet aangenomen, maar het is nog onzeker of deze ook een meerderheid heeft in de Eerste Kamer en zelfs als deze aangenomen wordt, dan duurt het nog wel even tot daar het effect van is te zien. En voor de korte termijn blijft dus het risico boven de markt hangen dat mensen onder onmenselijke omstandigheden opgevangen worden in Nederland. In Nederland als een rijk land en wij vinden dat schandalig dat dat nog steeds de situatie is zoals we die zien in Nederland. En in zo'n situatie vinden wij dat we geen nee kunnen zeggen tegen noodopvang. En daarom hebben wij een motie vreemd aan de orde ingediend. Om ja te zeggen tegen dit verzoek, samen met D66, de Partij van de Arbeid en de ChristenUnie. Maar wij vinden wel dat daar een aantal voorwaarden horen richting het COA. Namelijk dat het COA zorgdraagt voor goede begeleiding. Overlegt met de gemeente over wat de beste locatie is en niet zomaar zelf een locatie kiest. Dat het COA voorkomt dat er onnodige druk ontstaat op onze voorzieningen en dat het COA zorgt voor zinvolle dagbesteding. En ook daarbij lokale organisaties, zoals bijvoorbeeld Wel Rijswijk betrekt. Dank u wel, voorzitter. Dit voor mijn eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van ’t Eind. Dan geef ik het woord aan mijnheer Van Dam van Wij. Rijswijk. De heer Van Dam WIJ: Mag ik zomaar als tweede. Dat is mooi.
Dank, voorzitter. Ik zal beloven aan de heer Loof dat ik niet mijn bijdrage van een jaar geleden zal herhalen. Volgens mij hadden wij een afspraak gemaakt, dat op het moment dat het COA met een voorstel zou komen en die zwart op wit zou zetten dat die dan naar de raad gebracht werd en dat daar dan een beslissing over kon worden genomen via een raadsvoorstel. Althans dat was mijn veronderstelling. Dus ik ben nog even terug gaan zoeken. En die veronderstelling die werd volgens mij bevestigd door de wethouder zelf vorige forum, want die zei van als het COA zijn verzoek zwart op wit indient voor met name noodopvang dat we die aan uw raad zullen delen en aan u voor zullen stellen of voor zullen leggen voor besluitvorming. Nou ja, dan bevreemdt mij ook enigszins om nu een motie te zien die eigenlijk stelt van joh, ga meteen in op dit voorstel. Waarom bevreemdt mij dat? Ik kan nu gewoon nog weinig zeggen over of dat wel of niet kan en ik heb daar niet de juiste informatie voor en voel me daarom nu niet in de positie om daar een keuze in te maken. Dus ik zou toch graag willen dat we de eerder gemaakte afspraken gewoon nakomen. En eigenlijk de vraag meer aan het college van, wanneer komt dat voorstel dan? Dan ben ik het wel denk ik met de insprekers eens dat er een bepaalde urgentie aan zit, aan het voorstel en 29
gezien de situatie waar we in zitten en zouden we eventueel nog terug kunnen komen of als dat moet worden voorspoedig, zouden we het daarover kunnen hebben. Dat gezegd hebbende over de motie. Die zullen wij dus niet steunen. Gewoon vanwege het feit niet van op inhoud, maar op het proces. Dan wil ik nog één ding benoemen. Ik vind de timing van de brief, dat die aan ons werd gestuurd, wat laat we hebben. Vorige week hebben wij dinsdag in het forum samenleving, is de mededeling volgens mij gedaan door de wethouder van hij komt. We zijn in gesprek met het COA. Die hebben dit en zus en zo aangegeven. Dat is eigenlijk een soort van directe vertaling, was dat van wat er uiteindelijk in de brief stond. Toen is de brief op vrijdag vorige week is die uiteindelijk gestuurd vanuit het COA. En hij kwam pas vanmiddag bij ons in de raadsstukken. Terwijl ik denk van, ja God, de brief was niet heel anders dan die mededeling. Dus waarom hebben we vier dagen moeten wachten, zeker gezien het feit dat er al een motie rondzweefde in de raad hierover? Dus graag daar nog een uitleg over. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Dam. Mevrouw Van Nunen van de Partij van de Arbeid. Mevrouw Van Nunen PvdA: Voorzitter, dank. Om op het eerste verzoek van de heer Van Dam in te gaan.
Ik ben eigenlijk wel benieuwd, even ook aansluitend trouwens op de noodopvang urgentie die de heer Van ’t Eind al heel goed weergaf. Maar ik denk wel degelijk dat we op basis van een motie ook aan deze of aan de wethouder, aan het college kunnen vragen: in hoeverre, wat de heer Van Dam ook zei, er ook ruimte is in Rijswijk aan capaciteit en middelen? Dat was ook de aanscherping in het tweede punt van het dictum. In hoeverre er ruimte, capaciteit en middelen zijn om ook daadwerkelijk die noodopvang en de mensen om wie het gaat, jongeren, ook zinvolle dagbesteding te geven. En volgens mij zou dat dan in het raadsvoorstel moeten staan, zeg ik tegen de heer Van Dam. Dus waarom kunnen we dat nu niet vanavond, dat is dus mijn vraag, niet rechtstreeks aan de wethouder vragen? En daar hoor ik graag het antwoord van de wethouder op. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Nunen. Dan geef ik het woord aan de heer Dolmans van D66. De heer Dolmans D66: Dank u, dank u wel voorzitter. D66 Rijswijk is altijd voorstander gewoon van permanente kleinschalige en samenwerking met omliggende gemeenten, opvangen van vluchtelingen en asielzoekers. En in het huidige tijdsgewricht is asiel- en vluchtelingenopvang immers gewoon echt structureel nodig. En niet iets dat tijdelijk is.
En dat zien we dus ook elke keer als we kijken naar het asielbeleid van het Rijk, want we hoppen van crisis naar crisis. En nu dan het verzoek van het COA om tijdelijk voor zes maanden 50 minderjarige asielzoekers in Rijswijk op te vangen. En dan begrijp ik op zich de woorden van de heer Loof om het debat er niet over te doen. Maar het gaat hier dus echt wel over iets anders, namelijk noodopvang voor 50 minderjarige asielzoekers voor zes maanden. En ook richting de heer van Dam, kijk als we nu nog een raadsvoorstel moeten gaan formuleren en dat is het debat van de vorige keer denk ik overdoen, maar raadsvoorstel moeten gaan formuleren voor tijdelijke noodopvang, dan zijn twee van de zes maanden voorbij voordat we zover zijn. Dus D66 Rijswijk is er toch wel groot voorstander van om de vraag van het COA voor noodopvang voor zes maanden onder voorwaarden positief te beantwoorden. En ik denk dat voor de rest de heer Van ’t Eind een prima pleidooi heeft gehouden. Wat ik van harte ondersteun. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Dolmans. Dan geef ik het woord aan de heer Braam van Beter voor Rijswijk. De heer Braam BvR: Voorzitter, dank u wel. Laat ik bij het begin beginnen. We hebben een aantal jaar geleden een akkoord bereikt om voor drie en aanvullend twee jaar te verlengen voor het tijdelijke asielzoekerscentrum.
En nadrukkelijk tijdelijk, het was niet meer de bedoeling dat daarna nog een beroep op 30
de gemeente Rijswijk zou worden gedaan. We weten allen hoe het gelopen is, ook met de behoorlijk onbetrouwbare houding van het COA. Het werd verlengd, werd nog eens verlengd. Af toe ook met wat extra druk vanuit de raad. Nou dat kan, dat is democratie, maar het is natuurlijk van de gekke dat daar waar we nog een jaar geleden ook toen weer het COA behoorlijk negatief zomaar een aantal AMV'ers in dat hotel dropte, zonder enig akkoord van de raad, zonder enig akkoord van het college. Dat ze gewoon heel brutaal gewoon nu weer de vraag bij ons droppen, de gemeente Rijswijk. Ik durf te stellen, misschien dat de wethouder daarop kan reageren, dat wij een van de weinige gemeenten zijn waar rechtstreeks nu zo'n verzoek wordt gedaan. Ik schat voorzichtig in dat er geen enkele andere of misschien heel weinig gemeenten zijn waar zo'n beroep wordt gedaan. En ik kan me dat wel voorstellen, want volgens mij is het de eigenaar van het hotel die gewoon zijn kamers niet vol krijgt en gewoon brutaal zo'n verzoek al doet bij de COA. En COA natuurlijk, die hobbelt wel weer heel snel achter de gemeente Rijswijk aan, Dus dat is een. Graag hoor ik of er ook andere gemeenten zijn waar datzelfde verzoek ook ligt. Dan twee, Spreidingswet, die ligt nog warm te worden, moet nog door de diverse Kamers heen om uiteindelijk een akkoord te krijgen.
En dan word je feitelijk als gemeente enigszins onder druk gezet om de asielzoekers te spreiden. Waarbij ik en onze partij ook van mening is dat er zat plekken zijn elders in de wereld, waar ze veel beter kunnen worden opgevangen. Want u weet ook dat als ze eenmaal hier in Nederland komen, dan hebben ze vaak ook heel erg veel geld betaald om dus die oversteek te maken. En dan is het natuurlijk bizar, zeker ook als je al die filmpjes ziet, die zijn echt niet gekleurd, waarin wordt aangegeven wat ze verwachten van Nederland. Ze verwachten geld, ze verwachten een huis boven het hoofd, wat ze eigenlijk al hadden waar ze vandaan kwamen, ze verwachten een auto, ze verwachten een nieuwe telefoon. Dat verwachten ze allemaal, maar vooral ook geld. Hand ophouden en vooral in eerste aanleg niets doen. Er is gelukkig ook een groep die daarboven uitsteekt en wel wat doet, maar helaas is het overgrote gedeelte, dat zien we natuurlijk ook aan de uitkeringscijfers, gewoon in de bijstand terechtgekomen. Heel vervelend. Dan afspraak is afspraak. Er is met de staatssecretaris een afspraak gemaakt dat het nu wel klaar is met de gemeente Rijswijk. En dan is het natuurlijk erg bijzonder dat het COA gewoon deze afspraak maar weer negeert.
Dan tot slot voorzitter, er staat nog een rekening open en dan gaat het natuurlijk over de statushouders, maar laten we eerlijk zijn, ook dat was in relatie met de hele discussie rond asielzoekers en statushouders, dat is wel een half miljoen en het zou toch wel fijn zijn als die discussie nu na een jaar eens een keertje duidelijk wordt welke kant het opgaat. Gaan we dat geld krijgen, voorzitter? Daar wil ik het graag bij houden in de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Braam. Dan geef ik het woord aan mevrouw Koegler van Rijswijks Belang. Mevrouw Koegler RB: Dank u wel, voorzitter. Wij vonden het idee van de heer Loof sympathiek. Wat ons betreft hadden we er ook gelijk in stemming over kunnen gaan. Nu we dat niet doen, zullen we uiteraard ook onze inbreng gewoon brengen. En dan eerst wil ik aansluiten bij de woorden van de heer Van Dam van de fractie van Wij, als het gaat over het proces. We hebben vorig forum naar aanleiding van de mededeling van wethouden Van Malsen al gevraagd om een RIB. Die heeft hij ook toegezegd. Die hebben we nog niet ontvangen. En nu ligt eigenlijk deze motie vreemd aan de orde van de dag. En een appje in de fractievoorzittersapp aan ons voor. En het zal u niet verbazen dat wij hier geen voorstander van zijn. De heer Braam heeft er al aan gerefereerd, het AZC, het COA. Afspraak is afspraak, echt betrouwbaar zijn ze niet.
Het driejarig contract werd uiteindelijk zes jaar en zelfs daarna bleef het COA nog doorgaan met ongevraagd asielzoekers plaatsen, zonder ons vooraf te informeren. We hebben daar wel een brief over gehad, waarin eigenlijk de staatssecretaris daar excuses voor aanbiedt, dat het niet meer zal gebeuren. Tegelijkertijd staat er ook een hele korte zinsnede achter, waarin die aangeeft, als er mensen buiten moeten slapen, zal ik het gewoon overrulen. Wat ons betreft heeft de staatssecretaris daarmee gewoon schijt aan Rijswijk. En wat ons betreft moet wethouder Van Malsen ook echt ophouden met dat flirten met het COA en met de 31
staatssecretaris en geven we hier gewoon geen gehoor aan. Rijswijk heeft met het plaatsen van asielzoekers echt meer dan haar aandeel gedaan de afgelopen jaren. Ook met de Oekraïners hebben we een hoop mensen opgevangen. Maar ook als we Haaglanden breed kijken, dan zijn er heel veel ontwikkelingen dat er plekken beschikbaar gesteld wordt. Den Haag heeft een aantal plekken. Ik weet niet precies de aantallen, maar dat weet de wethouder beter als ik waarschijnlijk, heeft de nodige mensen geplaatst. En ook in Midden Delfland komt in november een voorstel naar de raad voor het plaatsen van 225 asielzoekers. En volgens mij is de intentie van de Spreidingswet juist dat we met elkaar gaan kijken in het land, hoe zit het per provincie, per regio, hoeveel mensen worden er al opgevangen? En wat wij nu gaan doen, is als Rijswijk ons heel groot maken als kleine gemeente en zeggen, wij lossen het probleem wel op voor het land. Als het aan Rijswijks Belang ligt, doen we dat niet. Wat ons betreft is het antwoord gewoon nee. En we kijken daarbij ook nog naar de kosten. We hebben vorige week vragen gesteld over het half miljoen, wat we zelf hebben moeten bijdragen, waar we nog steeds geen reactie op hebben gekregen of we daar een tegemoetkoming voor ontvangen.
En als wij dat allemaal bij elkaar optellen, dan zijn wij gewoon tegen het opvangen en vragen wij ons ook echt af, als we 50 mensen plaatsen voor zes maanden, is het dan zes maanden? Wat dat betreft heeft het COA zich geen betrouwbare partner getoond. Dus nogmaals de oproep wethouder Van Malsen, hou op met dat geflirt. De voorzitter: Dan geef ik het woord aan de heer Loof van de VVD. Wilt u het woord voeren? De heer Loof VVD: Ja, graag voorzitter, dank. Fijn dat ik dezelfde meningen weer heb gehoord. Met eerlijk toegegeven uitzondering toch de heer Van Dam, want ik wil mij compleet aansluiten bij wat hij zegt met betrekking tot het proces. Dat bevreemdt ons ook zeer. En ik vind het ook niet de manier hoe we hiermee moeten omgaan met dat proces. Wat betreft de inhoud van de motie kan ik ook kort zijn. O, ik zie een interruptie, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Dolmans, wilt u interrumperen, mijnheer Loof. De heer Dolmans D66: Ja, dan de concrete vraag aan de heer Loof, vindt u dat het college zelf met een voorstel moet komen? De voorzitter: Mijnheer Loof. De heer Loof VVD: Ja. Laat ik het zo zeggen: ik vind de tijdsdruk, het snelkookpangevoel op dit moment vind ik gewoon niet fijn. Ik wil iets meer informatie. De brief, in ieder geval dank daarvoor voor de RIB, maar dat is twee paragrafen. Er staat niets, sorry, eerlijk gezegd. Er staat niets inhoudelijks.
Ik wil graag wat meer inhoudelijk. Wil ik prima discussie over voeren, maar er staat gewoon te weinig op dit moment. Dus conclusie: aansluiten bij wat de heer Van Dam zei over het proces. Wat betreft de inhoud, ik denk dat ik daar kort over kan zijn. Rijswijk heeft heel veel gedaan de afgelopen jaren op dit gebied, met het AZC natuurlijk. Ik denk niet of wij als Rijswijkse VVD, denken dat dit op dit moment geen goede keuze is om de asielzoekers op te vangen in het hotel. Het hotel, wat in ieder geval aan de brief van het COA wordt genoemd. Als dat al de locatie zou zijn. Dank heer Van Enk, een scherp punt, maar dat gaat gewoon niet helpen. Het gaat ook waarschijnlijk overlast opleveren. Dat willen we niet. We willen eerst duidelijk uiteengezet hebben wat de opties zijn. Wat er eventueel voor maatregelen moeten worden genomen. Dan kunnen we verder praten. Maar niet op dit moment, via deze motie, op deze snelkookpanmanier. Dank, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Loof. Mijnheer Van Enk, van het CDA.