concept-verslag raad 10 mei 2022.docx
Tekst van het document
U heeft een antwoord, mijnheer Van Enk vervolgt zijn betoog. De heer Weterings RB: Goed. De heer Van Enk CDA: Ben ik zo weer in beeld? Ja? Mooi. Nee, dat uiterlijk heeft gewoon te maken met het feit dat we de opdracht geven en als het college daar uitkomt en als raad een besluit nemen, dan zal er ook een inwerkingtredingsdatum aan hangen en als het COA zegt nou, dat kan ook voor november al, dan doen we het voor november. De motie van D66, was ik net bij, om kleinschalige nieuwe locaties te zoeken, daar zouden wij als CDA niet voor zijn. We willen de discussie nu op dit moment niet nog verder gaan compliceren. Tot slot, het voorstel van Wij. om voor optie twee te gaan en ik hoor de heer Braam daar ook zaken over zeggen, daar zou ik toch heel kort nog op in willen gaan. De wethouder zegt net al, dat is niet uitvoerbaar. Ik denk dat er ook een enorm risico voor de gemeente inzit als we dat pad op die manier zouden gaan bewandelen. Want kennelijk het einddoel ziet u ook voor ogen, zoals het hier wordt geschetst, net als bij optie drie, maar het verschil is en mijnheer Braam zegt ja, dan gaan we zitten op de stoel van het college, want we zouden eigenlijk
nu al een nieuwe situatie organiseren. Ja, waar die situatie nog niet bereikt is in het afgelopen halfjaar en we zitten nu met de situatie dat partijen weliswaar zeggen nou, daar willen we wel over praten, maar hebben nog geen enkele toezegging gedaan en we kennen de financiële consequenties niet, dan zou het echt heel onverstandig zijn als gemeente om nu het contract met COA te laten aflopen, maar dat niet te handhaven omdat we dan wel statushouders in het centrum houden, daar als gemeente verantwoordelijk voor worden. De kosten en de verantwoordelijkheid daarvan moeten dragen, in samenwerking met Stichting Welzijn, Vluchtelingenwerk, de corporaties. Het COA, wat u op een ander moment niet betrouwbaar genoeg noemt, maar daar zijn we dan wel helemaal van afhankelijk en tot slot de andere gemeenten waarvan we denken misschien willen die daar wel aan bij betalen. Dat is allemaal nog niet helder. Dus daarom dat ik net zei gooi je oude schoenen niet weg voordat je nieuwe hebt en ik zou u daarom toch willen oproepen, als het einddoel hetzelfde is, stem dan alstublieft voor het voorstel wat we hebben ingediend. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we naar mijnheer El Majjaoui. De heer El Majjaoui PGR: Ja, dank je wel, voorzitter. Ik was even aan het eten. Ik heb nog mijn twee dagen vasten moeten inhalen, dus vandaar. Nee, eigenlijk halen we hier veel verschillende dingen door elkaar.
Collega’s die hebben het over flexruimte voor spoedzoekers. We proberen gewoon een probleem dat wereldwijd is, dus vluchtelingen opvangen die echt vluchten voor oorlogen en onderdrukking en vrezen voor hun leven, proberen wij dat probleem op te lossen, woningmarktprobleem op te lossen, woningmarktcrisis op te lossen, met datgene waar we nu mee zitten. Dus die doelgroepen moeten we gewoon echt loskoppelen en de woningmarktcrisis is nou eenmaal een andere opgave, een ander thema. Daar moeten we gewoon in het vervolg mee over in debat. Kijken we hoe we dat landelijke probleem kunnen oplossen, maar het tweede, de tweede doelgroep waar ook een aantal collega’s over hebben gehad. Ja goed, dan refereer ik naar collega van BVR, kom maar met je knecht. Die mensen die vluchten die komen hier niet vrijwillig. Die mensen die vluchten voor een oorlog. Die vrezen voor hun dood en dat zijn kinderen, vrouwen, mannen. Het zijn niet kom maar met uw knecht, want die vluchten, want die zaten daar in een veilige omgeving. Toen brak daar oorlog uit en daar moesten ze vluchten. Dan zoeken ze een veilig heenkomen, voorzitter. Dus dat onderscheid moeten we ook weten te maken. De voorzitter: Mijnheer Braam wil daar even op reageren. Mijnheer Braam.
De heer Braam BvR: Voorzitter, ja, ik kijk af en toe wel eens naar Nieuwsuur en die hebben regelmatig in ieder geval al laten zien op welke manier er heel recent nog in ieder geval vanuit de hoek achter Polen, Litouwen meen ik me te herinneren, er hele grote groepen mensen komen die eigenlijk maar ook voor één ding op zoek zijn, op zoek naar een beter leven. En dat mag, zonder meer waar, maar dat zijn geen asielzoekers. Dat noemen we gewoon immigranten. Mensen die op een gegeven moment graag een betere plek willen vinden, maar die mensen moeten feitelijk wel iets kunnen betekenen hier in dit land en daar gelden ook gewoon keurige regels voor en om dan onder de vlag asielzoekers deze kant op te komen, mijnheer El Majjaoui, dat valt niet onder die vlag zoals u dat benoemt en u gaat ook weer voorbij aan andere groepen waar het ook belangrijk voor is om zo snel mogelijk buiten de winterseizoenen ook opvang te regelen. Daklozen, thuislozen, mensen die in een scheiding zitten en noem maar op. De voorzitter: Mijnheer El Majjaoui. De heer El Majjaoui PGR: Ja, dank je wel, voorzitter. Maar goed, collega Ed Braam die heeft mij niet mijn woorden laten afmaken, dat is de derde groep waar ik het net over wil hebben. Dat zijn inderdaad de mensen uit veilige landen. Volgens ons programma, volgens mijn fractie, staan we pal achter. Wij staan garant en wij
hebben de verantwoordelijkheid voor mensen die sec voor oorlog vluchten. Mensen die uit veilige landen komen vinden wij, vindt mijn fractie, dat je die linea recta weer terug moet sturen naar het land van herkomst. Daar is geen discussie mogelijk en ik wil met jou, dat draag ik je uit, om daar schouder aan schouder dit probleem op te lossen. Daar ben ik heel simpel in. Mensen uit veilige landen horen hier niet thuis en horen geen misbruik te maken van asielbeleid. Dat is gewoon voor mij een hele duidelijke taal, Maar mensen die vluchten uit Oekraïne, uit Syrië, mensen die echt vluchten van oorlog, die mensen moeten wij gewoon … Wij leven in een beschaafd Nederland, beschaafde westerse wereld en wij behoren gewoon die mensen op humane wijze proberen we die op te vangen en we moeten niet dingen door elkaar halen. Mensen, spoedzoekers, mensen die dakloos zijn geraakt door allerlei omstandigheden, dat is een woningcrisis en dat moeten wij niet door elkaar halen. Dus het gaat nu puur, sec, om het fysieke deel, dat is het centrum nu. Hou dat even en op lange termijn moeten bekijken hoe we dit probleem langdurig en duurzaam moeten oplossen en uiteraard moeten we ook kijken naar de internationale gemeenschap hoe wij problemen wereldwijd moeten oplossen. Want wij kunnen we niet, want nogmaals, wat de collega van D66 zegt, we zijn geen eiland.
We zijn oorspronkelijk verbonden met elkaar. Wij moeten gewoon proberen in samenspraak en ook in samenwerking proberen wij deze problemen op termijn op te lossen. Nogmaals, dit centrum functioneert gewoon perfect, afgezien van een enkele, ja goed, incidenten die hebben plaatsgevonden, dat gebeurt overal. Houd dat alsjeblieft aan en probeer gewoon even gezamenlijk, alleen dan heb ik ook … Dan blijf ik ook voor de strenge controle, alleen sec mensen die vluchten van oorlog daar te huisvesten. Mensen die uit veilige landen komen of mensen die gewoon misbruik maken van het beleid, die moet je gewoon echt gewoon eruit plukken. Heel simpel. Dank je wel, voorzitter. De voorzitter: We gaan verder met mijnheer Wit. De heer Wit GL: Ja, voorzitter, dank u wel en dank u wel, mijnheer Van de Laar, voor de toelichting. Ik wil nog even één ding rechtzetten. In mijn eerste termijn gaf ik aan dat wij op 19 april een motie hebben ingediend. Daarvoor had ik bij te zeggen dat we die ook hebben ingediend met de Partij voor Gelijkheid en Rechtvaardigheid. Dat is niet zo netjes. Waar we momenteel wel een beetje mee worstelen is ook het feit dat het voorstel wat nu ligt de mogelijkheid biedt straks om wellicht spoedzoekers, daklozen op te vangen, maar ik wil wel die discussie, wat mijn collega net ook aangeeft, wel zuiver houden.
Het is natuurlijk uiteindelijk niet de bedoeling dat wij een asielzoekerscentrum gaan gebruiken om ons onvermogen om voldoende sociale woningbouw of om daklozen op te vangen, te gaan oplossen. Daar zijn andere apparaten voor, dat werkt op een andere wijze. Dat hebben we helaas regionaal ook niet goed voor elkaar en ik hoop dat we daar de komende jaren in ieder geval nog een flinke stap in kunnen maken, maar dat hoeft niet over de rug van een AZC. De heer Dolmans gaf net aan dat wij met het in stand houden van het AZC geen oplossing leveren voor het opvangen van Oekraïense vluchtelingen. Nou, puur direct is dat natuurlijk gewoon correct, maar als je kijkt naar de druk die wij daarbij halen van het landelijke opvangsysteem, dan is er wel degelijk iets te winnen voor ook de Oekraïense vluchteling. Volgens mij gaf mijnheer Van Enk dat net ook al aan. Ja, verder wil ik eigenlijk niet nog verder uitweiden. We hebben het er lang genoeg over gehad. Ik wil graag naar de besluitvorming toe. Wij zullen natuurlijk onze motie die we op 19 februari ook al hebben ingediend handhaven en we zullen naar aanleiding van de stemming daarover besluiten hoe we verder gaan met andere moties. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Dan gaan we naar de heer Van Dam. De heer Van Dam WIJ: Ja, dank.
Ja, ik heb wel een aantal vragen, of althans, dingen die opkwamen zeker in de eerste termijn van de wethouder, want daar hoorden we dat het niet uitvoerbaar is, de motie die we hebben ingediend. Schetst toch enigszins onze verbazing, want optie twee is wel gewoon opgenomen in die IB-brief,
dus dan de vraag van waarom is die dan wel opgenomen als hij niet uitvoerbaar is? Zeker gezien het feit dat één van de punten waarom die niet uitvoerbaar is genoemd wordt dat units weg moeten, of althans, niet worden overgedragen op het moment dat wij nu voor optie twee gaan. Dat strookt niet met de informatie die we eerst hebben gehoord dat de units helemaal geen bestemming hebben, mochten ze nu gebruikt moeten worden door het COA. Er zou namelijk helemaal nergens plek zijn voor de opening van een nieuw AZC waar de units geplaatst kunnen worden en als we het dan toch over de units hebben en de kosten van het plan, die ook benoemd worden, dan heeft nooit iemand gezegd dat we de volle vijfhonderd woningen over hoeven te nemen. Dus daar ook de vraag over van hoe wordt die afweging gemaakt. En de vraag waar wij, als wij nu kiezen voor optie drie, of althans, als de raad daarvoor kiest, waar Oekraïners dan geplaatst gaan worden, want daar hebben we toch ook verplichtingen voor.
Ja, en eigenlijk de dringende vraag, die spookt de hele tijd door mijn hoofd, van als wij dus nu voor optie drie kiezen en ik hoor een aantal partijen daar hier heel positief over zijn, wat betekent dat voor over een half jaar? Want we hebben nul garantie dat op het moment dat wij verlengen, dat het AZC dan wel leeg is en we kunnen nog net zo hard roepen nee, dan gaan we zeggen dat ze moeten afbouwen, maar de vorige twee keer is zo gebleken dat dat het COA niet in staat is om af te bouwen en ja, voor onze partij zien we dat dus niet zo heel erg zitten en ik ben heel benieuwd hoe de rest van de raad daarover denkt en anders de wethouder. Daar zou ik het graag bij willen laten voor de tweede termijn. De voorzitter: Gaan we door met de heer Van Malsen. De heer Van Malsen PvdA: Ja, dank u wel, voorzitter. Ten eerste wil ik me aansluiten bij de woorden van de heer Wit over het aanbod aan sociale huurwoningen. Ik hoorde de wethouder op een gegeven moment ook zeggen dat het deels bij het COA ligt dat statushouders niet gevestigd kunnen worden in de reguliere woningvoorraad, maar volgens mij is het toch echt aan gemeentes om te zorgen voor voldoende huisvesting voor statushouders. Wat mij ook bij een ander punt brengt overigens.
Er wordt nog wel eens een strikt onderscheid gemaakt tussen asielzoekers en statushouders, maar weet dat verreweg de meeste asielzoekers uiteindelijk statushouders worden en dat alle statushouders uiteindelijk als ze hier lang genoeg kunnen en willen en mogen blijven Nederlandse staatsburgers zijn. Tot slot nog één dingetje over het COA voordat ik op de moties en de voorstellen inga. Nou, er wordt wel eens gezegd dat het COA een onmogelijke organisatie is, met mensen waar moeilijk afspraken mee te maken is, maar ik weet toevallig uit betrouwbare bron dat er een aantal werknemers van het COA in de zaal zitten. Dus ik nodig de mensen die moeite hebben met deze organisatie uit om ze na de vergadering even op te zoeken en persoonlijk te spreken over de samenwerking. Dan de moties. Nou, de motie die we zelf hebben ingediend, daar staan wij natuurlijk nog steeds pal achter. Wat ik in de eerste termijn al zei, het blijft de meest humane en de meest, wat ons betreft, voor de hand liggende optie. Dan de motie van D66 voor structurele opvang asielzoekers in Rijswijk. Daar kunnen wij ons ook wel in vinden. Dus wij steunen die motie, permanente structurele opvang van asielzoekers. Zeker als dat op een manier gebeurt die tot meer integratie en meer een menging in de Rijswijkse bevolking leidt, daar zijn wij het erg mee eens. Dan de motie van Wij.
Nou, we vinden het fijn dat de mensen van Wij. Rijswijk voor de volledigheid alle opties in de motie hebben proberen te verwerken. Een beetje teleurgesteld dat niemand optie één tot de motie heeft omgevormd voor de compleetheid. En dan het initiatiefvoorstel, dat wil zeggen optie drie in de brief. Daar hebben we een aantal vragen over. Er staat namelijk in dat het college verzocht wordt om de afspraken zoals die nu staan met het COA te verlengen. De vraag die wij daarbij hebben is wat betekent dat voor de voorzieningen? Bijvoorbeeld het schooltje wat aanwezig was op het AZC-terrein, dat is inmiddels al weggehaald. Met het oog op het leegroosteren van het AZC, komt dat dan weer terug in die tijd tot 30 november? En ook andere voorzieningen die al afgebouwd zijn, krijgen we die dan weer terug? Tweede vraag is, wat gebeurt er als het niet lukt om goede afspraken te maken voor 30 november? Komt het terrein dan weer braak te liggen? Gaat het COA de units weer meenemen? En tot slot, een vraag die ik even op moet
zoeken, want die had mijn collega zo mooi in de app gezet. In de periode dat er verbouwd moet worden, dat is dus waarschijnlijk voor 30 november verwachten wij dat de asielzoekers die er nu inzitten uit het centrum geplaatst moeten worden. Ja, is het zo en waar blijven ze dan? En wanneer moeten ze op zijn vroegst weg? Tot zover, dank. De voorzitter: Goed. Dan gaan we door met de heer Sleddering. De heer Sleddering VVD: Dank, voorzitter. Wij zullen kort aangeven hoe wij over de moties denken. Het zal u duidelijk zijn, gelet op mijn inbreng in de eerste termijn, dat wij ons voorstel van het CDA en D66 en VVD steunen. Uiteraard. De motie van ChristenUnie en de vrienden daarvan zullen wij afwijzen. De motie van Wij. zullen wij afwijzen omdat die niet uitvoerbaar is. De motie van D66, hoe sympathiek die ook is, dat is altijd een woord wat je gebruikt als je het ergens niet mee eens bent, dan zeg je dat het een sympathieke motie is, maar we steunen hem niet, helaas. Wij vinden dat wat daarin staat is een taak van de nationale regering, samen met de COA en andere instanties. Die moeten nadenken over een nieuw beleid op het gebied van onderbrengen van vluchtelingen en ik steun ze daar landelijk van harte bij. Dank u. De voorzitter: Dan gaan we naar de heer Braam. De heer Braam BvR: Dank u wel, voorzitter.
Ja, ik vind het in ieder geval fijn om te horen dat mensen van de COA in het publiek zitten. Alleen ja, als ze er dan toch zijn dan zou je ook verwachten als ze zowel de vorige keer als deze keer de moeite zouden hebben genomen om even in die vijf minuten tijd die ze ook nog eens een keer beschikbaar krijgen te verdedigen dat ze daar willen blijven zitten op welke manier dan ook. Dat heb ik gemist. Misschien terecht, misschien onterecht, ik weet het niet, maar het had ze gesierd als ze in ieder geval de uitglijders die ze in onze richting hebben gedaan, dat ze die hadden verdedigd. Dan heb ik net al even aangegeven we willen toch een momentje met de fractie even bij elkaar komen om even na te denken over enkele van de moties die zijn ingediend. Dan kom ik na de schorsing wel terug hoe ons stemgedrag op die punten zal zijn. Voorzitter, dus ik vraag een schorsing aan van twintig minuten. De voorzitter: Oké. Mijnheer Weterings. Nee, we gaan schorsen als de tweede termijn van de wethouder geweest is. Dan hebben we alles op een rij. Ik snap dat wel. De heer Weterings. De heer Weterings RB: Voorzitter, ja, wederom heel kort. Ik heb alle partijen aangehoord in hun betoog. Geen enkele ervan heeft ons kunnen overtuigen waarom wij wederom een contractuele bestuurlijke afspraak, een uiterlijke verlenging weer uiterlijk gaan verlengen.
Dus dat uiterlijke, daar maak je jezelf volkomen belachelijk mee. Ben ik heel nieuwsgierig hoe de gewone Rijswijkers hun gemeentelijke belastingen gaan betalen waar een uiterlijke datum op staat. Ik ben heel nieuwsgierig. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we naar mevrouw Harmsen. Mevrouw Harmsen CU: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. Zoals u begrijpt, er zijn vier moties, waarvan twee spreken over verlenging van het contract met COA. De ene motie, waar de vrienden van de ChristenUnie zich achter scharen, ik … Het zijn niet mijn woorden. Dat is ook een motie van intentie. Een motie is ook een intentieverklaring, waarin we zeggen van dit is ons hart, dit kan wat ons betreft. We hebben een goed lopend AZC, daar zijn we trots op. Wij zijn gastvrij als gemeente en we kunnen dit blijkbaar aan en er is draagvlak gegroeid in Rijswijk voor het AZC en die kleurt ook verdere beslissingen en besluiten over haalbare voorstellen die er misschien zijn van andere partijen die zeggen nou ja, laten we het nog een half jaar zien. Want anders krijgen we inderdaad dat geval van wat de heer Weterings dit keer zegt, het is uitstel op uitstel. Je was toch
voor sluiting? Een intentieverklaring van het openhouden, die motie kleurt wat ons betreft andere besluiten. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Weterings wil erop reageren. De heer Weterings RB: Voorzitter, ik werd benoemd, maar dan is het niet handig op die brief een uiterlijke datum te zetten, want uiterlijk is toch uiterlijk? Of is uiterlijk misschien uiterlijk toch misschien niet uiterlijk? Voor ons is gewoon klinkklare helder, als je iets uiterlijk met elkaar afspreekt, een uiterlijke datum, is het ook een uiterlijke datum. Of je moet er gewoon geen datum opzetten. Zeg je joh, het wordt onbeperkt of het wordt vrijblijvend, maar die uiterlijk, dat uiterlijk staat er al een paar keer ingeschreven. Ook op de contracten die erin staan. De voorzitter: Ja, u heeft uw punt gemaakt. De heer Weterings RB: Dat kan je niet maken naar je buitenwereld toe. De voorzitter: Ja. Mevrouw Harmsen, u heeft daar nog reactie op? Mevrouw Harmsen CU: Ja, ik leg het dus net uit, de ene motie legt de andere motie uit en de grootste motie is het openhouden van het AZC en de andere motie is misschien haalbare voorstel voor een tijdelijke verlenging. Goed, dan sluit ik hiermee de tweede termijn van de raad af en dan geef ik het woord aan het college, mijnheer Van de Laar. Wethouder de heer Van de Laar: Ja, voorzitter, dank u wel.
Er waren nog een aantal vragen, onder andere van de heer Van Dam van Wij., waarom überhaupt die optie twee nog opnemen in de RIB? Ik vond dat u daar recht op had, want daar begon het eigenlijk mee in de zoektocht naar alternatieven en dat u daar ook een feitelijke weergave van heeft van de serieuze kanttekeningen en risico’s. Het is mogelijk, maar eigenlijk wat iedereen daarin aangeeft en dan zal morgen denk ik blijken dat het niet mogelijk zou zijn, maar ik vond het te snel gaan eigenlijk om die optie gewoon niet meer te noemen, omdat u daar ook denk ik allemaal van uitging van hoe zit dat eruit als dat vanaf 1 juni zou zijn. Het COA en dat staat ook in de raadsinformatiebrief bij optie twee omschreven, dat het COA heeft aangegeven die units toch nodig te hebben. U heeft het over vijfhonderd woningen overigens, maar het zijn vijfhonderd bedden natuurlijk in 69 units en daar kan het COA, is die in staat überhaupt om af te bouwen. Nou, ze waren al begonnen natuurlijk vanaf 1 december met het afbouwen van het bewonersbestand om het abstract en niet menselijk te zeggen. Tot het moment op 20, 21 april dat men vanwege humanitaire omstandigheden genoodzaakt was om de druk op Ter Apel te verlichten, maar ze hebben in die communicatie wel altijd gezegd ja, als de raad vasthoudt aan 31 mei dan is dat waar wij ook in het contract aangebonden zijn. Dan bouwen wij gewoon af.
Hoe we vervolgens de mensen gaan huisvesten, dat wordt dan een heel groot probleem, maar we bouwen dan feitelijk gewoon af en ergens anders weer op. Of dat nou een sporthal of andere voorzieningen zijn. Over voorzieningen gesproken, PvdA vroeg wat gebeurt er met de school of hoe zit dat in het voorstel? Dat is een vraag aan het initiatiefvoorstel, dus eigenlijk voor de indieners van het initiatiefvoorstel, maar ik denk dat ik het antwoord heb. Dus als ik bij u de vraag mag beantwoorden, de school houdt echt per 31 mei. Er wordt nog wel gebruik gemaakt van het gebouw door vrijwilligers en door mensen met pensioen, maar dat en dat wordt … Sorry? Sommige … Ja, die was wel weg, maar er wordt toch nog een bepaalde vorm van onderwijs, maar dat is echter niet meer aan de orde vanaf … In de periode waar we het over zouden hebben. Zijn er nog andere voorzieningen? Nou we hebben net gehoord wat voor soort voorzieningen er onder andere zijn en ook de Vluchtelingenwerk en Welzijn Rijswijk en de twintig organisaties, waaronder de Samenlopers die prachtig werk doen. Die blijven natuurlijk gewoon
betrokken en dat is ook waar de corporaties al mee in gesprek zijn gegaan of nog ook in gesprek verder willen, over wat blijft hun rol op het centrum? Want ja, dat is van hele grote maatschappelijke waarde natuurlijk. Wat gebeurt er na 30 november? Ik denk dat we daar heel erg belangrijks is dat we dat vastleggen binnen drie weken in die intentieovereenkomst. Als ik zo u proef, is de bedoeling dat het dan wordt het een flexibel wooncentrum, maar stel dat we daar niet uit zouden kunnen komen en dat gevoel heb ik niet, dat wij daar niet uit zouden kunnen komen, maar ik denk dat we heel strikt moeten zijn in wat hoe die situatie na 30 november eruitziet. De asielzoekers, wanneer zijn die weg? Ja, dat is ook iets wat we moeten bespreken met het COA. Kijk, ten aanzien van de mensen die er nu 20, 21 april extra bij zijn gekomen heeft het COA gezegd ja, die blijven er zolang zoals nodig is en we zijn bezig met nieuwe locaties. Noodopvang, maar ook structureel. Nou, dan ben ik wel nieuwsgierig naar hoe dat verder in elkaar zit, maar daar kan ik u nu verder geen antwoord geven. Het is primair natuurlijk ook gewoon een kwestie van COA zelf. Voorzitter, dat is mijn tweede termijn. De voorzitter: Ja, mijnheer Van Malsen. De heer Van Dam. De heer Van Dam WIJ.: Ja. Mag ik nog één vervolgvraag stellen? Dat was ook de vraag die onderliggend was aan die over het schooltje.
Krijgen die kinderen op dit moment nog onderwijs en blijft dat doorgaan? Ja? Ik zie mensen heel hard knikken. De voorzitter: De wethouder. Wethouder de heer Van de Laar: Ja, maar dat is dus houtje-touwtje zou ik bijna willen zeggen of daar wil ik niet diskwalificeren van de mensen die daar ook na hun pensioen heel veel hun zien hun zaligheid inzetten, maar de coördinatie van de Librijn houdt echt op. Dus ja, dat is de vraag hoe dat na 31 mei eruit zou zien. De voorzitter: Mijnheer Van Dam had nog een vraag. De heer Van Dam WIJ. Ja, ik vroeg me af waar gaan wij dan wel de Oekraïners opvangen en heeft u vertrouwen erin dat op het moment dat wij nu een half jaar verlengen, dat dan na dat half jaar wel afspraken worden nagekomen en dat we dan wel kunnen overgaan op optie twee? De voorzitter: De wethouder. Wethouder de heer Van de Laar: Nou, wat ik in mijn vorige beantwoording zei, ik ben er wel altijd van overtuigd geweest dat het COA zich ook gewoon zou houden aan de termijn van 31 mei op het moment dat u daarvoor zou besluiten en dat heeft het COA ook zelf altijd aangegeven en in die zin ligt er ook helemaal niet formeel een verzoek.
Ik denk dat het nog voor de voorliggende optie drie, als dat, wil ik heel graag, naar een tripartite overeenkomst of er zijn twee woningcorpora… Met de corporaties en als wij zo’n overeenkomst sluiten, ik denk dat vind ik … Ja, dat geeft mij wat meer comfort eigenlijk dat we wel een heel serieuze afspraken aan het maken zijn. Van de andere kant, het model Alkmaar, dat is een suggestie ook geweest van het COA zelf en daar in Alkmaar zijn ze tot goede afspraken gekomen. Dus dat zijn allemaal tekens waarvan ik zeg nou ja, ik geloof wel in deze optie. Voorzitter. De voorzitter: Goed. Volgens mij was dit de tweede termijn van het college en dan komen wij eigenlijk wel tot het einde van de beraadslaging. Wij gaan zo meteen schorsen. Ik wil vast aangeven hoe ik de besluitvorming wil doen. Dat gaat dan in mate van verstrekkendheid bij de volgorde waarin we de moties behandelen. Meest verstrekkende is die van de PvdA, ChristenUnie, GroenLinks en de fractie Gelijkwaardigheid en
Rechtvaardigheid. Die gaat het verst. Daarna gaat het meest ver de motie van de fractie Wij. Dus dat gaat als tweede in de besluitvorming. Als derde hebben we de motie van D66, VVD en het CDA. De vierde motie gaat niet zozeer over het terrein, maar meer over asielzoekers in zijn algemeenheid. Dus die wou ik als vierde behandelen. Dus de eerste drie gaan echt over het AZC-terrein met een volgorde die ik net heb aangegeven en dan de vierde. Zo wou ik het doen. Dus dat betekent dat er ook geen tweeënhalfde termijn meer komt. Ook geen discussie en debat. Dus we gaan gewoon in deze volgorde over de moties stemmen. Via uw stemverklaring kunt u nog wat inkleuren, al vind ik dat we in de tweede termijn al heel wat gehoord hebben. Ja en voor we stemmen, gaan we een teststemming doen. Nou, en daar hebben we veel vertrouwen in. Ik schors de vergadering voor tien minuten. Is dat akkoord? Vergadering is geschorst. ‘…’tel aan de orde. Moties b.
Motie 10.b PvdA, ChristenUnie, GroenLinks en Partij voor Gelijkheid en Rechtvaardigheid - Toekomst AZC
Motie 10.b heet die bij mij. Dat is de motie van de PvdA, ChristenUnie, GroenLinks en de Partij voor Gelijkheid en Rechtvaardigheid, over de toekomst van het AZC. Ik stel hem nu aan de orde, de stemming is nu geopend. Heeft u het gevoel dat u gestemd heeft? De heer Massaar: Nog één stem. Ja. 8 voor, 21 tegen. De voorzitter: Goed, daarmee is de motie verworpen. Gaan we nu naar motie numero 2, dat is de motie van de fractie van Wij. c.
Motie 10.e Wij. Rijswijk – Centrum voor flexibel wonen
De voorzitter: Mijnheer Braam wil iets zeggen. Stemverklaring, ja. De heer Braam BvR: Ja, voorzitter, toch even een stemverklaring. We hebben het net in de schorsing nog even over gehad, nog even over de verschillende moties, maar deze is feitelijk een kopie van de uitspraak zoals die in oktober was gedaan door de meerderheid van de raad. En aangezien we als partij zeker belangrijk vinden dat er een stukje continuïteit van bestuur is, zouden we normaliter voor zo’n motie stemmen omdat die aansluit bij de uitspraak die al eerder in oktober gedaan is, maar gelet op het feit van dat het eigenlijk daarmee ook een overbodige motie is, zullen we dus tegen deze motie stemmen. De voorzitter: Goed. Zijn er nog anderen met stemverklaringen? Zie ik niet, dan ga ik aan de techniek vragen om deze motie voort te zetten en als dat zo is dan begint de stemming. Ja, de motie staat ervoor, de stemming is geopend. De voorzitter: Uitslag. De heer Massaar: 4 voor, 25 tegen. De voorzitter: Goed. Daarmee is deze motie verworpen.
d.
Motie 10.c D66, VVD en CDA – Realiseren ‘centrum voor flexibel wonen’ met transitieperiode
Dan gaan we naar motie drie, de motie van D66, VVD, CDA. Over het centrum voor flexibel wonen en de transitieperiode. Daar zijn nog stemverklaringen bij. Ja, mevrouw Harmsen, mijnheer Van Malsen. De heer Wit. In die volgorde. Mevrouw Harmsen: Ja, dank u wel. Deze volgende motie, zoals ik al eerder zei, is meer een verlenging dan een uitstel. Dat is mijn verklaring. De voorzitter: Meneer Van Malsen. De heer Van Malsen PvdA: Even voor de duidelijkheid, we hebben het nu over het initiatiefvoorstel? Want op mijn schermpje staat nog steeds Wij. Rijswijk. Ja, het initiatiefvoorstel. Ja, precies. Ja. Nee, oké. Nee, dan hebben we het duidelijk. Nee, goed, we hebben onze zorgen bij deze motie of dit initiatiefvoorstel, hoe je het ook wil noemen, denk ik duidelijk gemaakt. Ik denk dat een aantal vragen nog wel echt nadere beantwoording behoeven. Onder andere over het onderwijs en hoe de transitieperiode gaat op het moment dat de asielzoekers eruit moeten. Wanneer begint de verbouwing, wanneer gaan ze eruit? Die zorgen geuit hebbende, stemmen we uiteindelijk voor dit voorstel. De voorzitter: Mijnheer Wit en dan mijnheer El Majjaoui. De heer Wit GL: Ja, voorzitter, dank u wel.
Voor GroenLinks is het heel duidelijk, de motie die wij hadden ingediend die heeft het niet gehaald, uiteindelijk geeft hier de motie die nu voorligt de mogelijkheid om in ieder geval de asielzoekers die momenteel aanwezig zijn in het AZC op een nette wijze een andere plek te laten vinden en daarom zullen wij ook voor deze motie stemmen. De voorzitter: Mijnheer El Majjaoui. De heer El Majjaoui PGR: Ja, dank u wel, voorzitter. Idem dito. Ik ga ook, althans mijn fractie, gaat ook voor deze motie of dit voorstel stemmen. Ja, met de achterliggende gedachte ik heb iets dan niets. Dus in dit geval dat tot de 30 november aanhouden, dus in die zin gaan wij hiervoor stemmen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Goed. Zijn er nog andere stemverklaringen? Mijnheer Weterings? De heer Weterings RB: Voorzitter, even heel kort. Nog even om het geheugen op te frissen. Onze fractie zou tegenstemmen, want het is weer de zoveelste motie die in stemming wordt gebracht, die misschien eigenlijk weer niet wordt uitgevoerd. Dus we hebben er helemaal geen vertrouwen meer in. Dank u wel. De heer Massaar: Mevrouw Niesen. Zestien voor, dertien tegen. De voorzitter: Dat betekent dat deze motie is aangenomen. e.
Motie 10.e D66 - Structurele opvang asielzoekers in Rijswijk
De voorzitter: Dan gaan we naar de laatste motie, van D66 over de structurele opvang. Zijn daar stemverklaringen bij af te leggen? De heer Van Malsen. Mijnheer Wit. Mevrouw Harms. Mevrouw Harmsen. Mijnheer Van Malsen, ga je gang.
De heer Van Malsen PvdA: Ja, we hebben gezegd dat we deze motie gaan steunen, dus daar houden we ons ook aan. Dat met name ook omdat in lijn met wat mevrouw Harmsen eerder al zei het in onze ogen een intentieverklaring is en dat wij daarmee de hoop uitspreken dat de humanitaire en gastvrije lijn die D66 en de heer Dolmans hiermee hebben ingezet, door het volgende college uitgebreid en voortgezet zal worden. Dus wij stemmen voor. De voorzitter: Mijnheer Wit. De heer Wit GL: Ja, dank u wel, voorzitter. Wij zien in deze motie de mogelijkheid om ook in de regio goed te kijken om in de toekomst toch een functie te blijven vervullen, ook als Rijswijk om asielzoekers op te vangen, op welke manier dan ook. Daarom zullen wij ook voor deze motie stemmen. Mevrouw Harmsen CU: Ik ga ook deze motie, zoals de heer Van Malsen al zei, dit is niet meer dan een intentieverklaring. Deze avond, deze moties gingen over het openhouden van het AZC, waar de stemwijzers ook voor ingevuld zijn door de partijen en er een vage intentieverklaring ... Zonder concrete voorstellen willen wij niet voor stemmen. We gaan hierop tegenstemmen. De voorzitter: De heer El Majjaoui. De heer El Majjaoui PGR: Ja, dank u wel, voorzitter. Onze fractie gaat hier voor stemmen. Ja, goed, het is een motie voor iets voor de toekomst.
Betekent dat er gewoon dit probleem ook duurzaam, langdurig gelost moet worden en ik vind dat wij gewoon hier met z’n allen hier aan de slag moeten. Want ja, asielzoekers blijven van alle tijden, dus over twintig jaar hebben we nog steeds asielzoekers. Dus we moeten gewoon een permanente, structurele opvang creëren. Dan zijn we van al deze discussies af. Dank je wel. De voorzitter: Mijnheer Weterings. De heer Weterings RB: Voorzitter, onze fractie zou ook tegen deze motie stemmen. We zouden graag het college en de wethouder willen meegeven dat ook de vorige ingediende moties kunnen naast zich neergelegd worden. Want hij was bezig met het uitvoeren van andere moties. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Ik zie geen anderen die stemverklaring willen afleggen. Dat betekent dat we kunnen gaan stemmen. Zit die ervoor nu, op uw scherm? De stemming is geopend. De heer Massaar: Elf voor, achttien tegen. Elf voor, achttien tegen. De voorzitter: Ja, daarmee is deze motie verworpen. Dames en heren, hier komen we aan het eind van dit agendapunt. Heel veel dank aan iedereen om zich goed in te zetten voor ja, het uitleggen van de positie. Er is in ieder geval positieve besluitvorming waar het college mee aan de gang kan en het college zal dat doen en u tijdig en nauwkeurig op de hoogte houden. Ik sluit hiermee dit agendapunt af. 11.
RV Taalbeleidsplan ‘’het start met taal’’ en amendement ‘CDA Ouderen in Taalbeleidsplan’ De voorzitter: Dan gaan we verder met agendapunt het Taalbeleidsplan, de start van één en ander. Mijnheer de griffier, is er een sprekerslijstje? Ik zal wel even noemen. We beginnen met mijnheer Geleijnse. Mijnheer El Majjaoui. Mevrouw Koegler. De heer Veerman en mevrouw Oude Alink. Ik zie verder geen vingers. Mevrouw Van Nunen. Verder nog niet. Oké, we gaan zo beginnen. Mijnheer Geleijnse, u heeft het woord.
De heer Geleijnse CDA: Dank u wel, voorzitter. Op 19 april hebben we in het forum uitgebreid over dit plan gesproken, dus mijn fractie houdt het kort. We hebben toen aangegeven dat we ouderen als doelgroep misten in dit plan. Beginnen dat ouderen ook extra aandacht moeten krijgen. Zeker gezien het feit dat ze langer zelfstandig moeten wonen, maar ook in het kader van bijvoorbeeld eenzaamheid en zelfredzaamheid. Vandaar dat ik met de collega’s van Rijswijks Belang en D66 een amendement heb ingediend om die doelgroep toe te voegen. Dat komt zo dadelijk instemming en ik hoop echt dat de hele raad het amendement steunt. Voorzitter, tot slot, laaggeletterdheid aanpakken doen we echt samen. Niet alleen de gemeente, het Taalhuis, Welzijn Rijswijk en andere partners spelen een belangrijke rol. Ook u, voorzitter, en ik. Door signalen te herkennen en er over te praten en hulp aan te bieden en de CDA-fractie hoopt dat we met dit plan veel Rijswijkers weten te bereiken en we zullen dat de komende jaren dan ook goed volgen. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan naar mijnheer El Majjaoui. De heer El Majjaoui PGR: Ja, dank u wel, voorzitter. Zoals ik eerder heb aangegeven, ik miste hier een aantal belangrijke zaken, bijvoorbeeld de intensieve samenwerking tussen scholen en vooral de basisscholen, maar het echt begint.
Het onderwijs, gelijkheid in het onderwijs, gelijkheid, maar weet je, we gaan ervoor stemmen en ik heb het amendement van het CDA, Rijswijks Belang en D66 ook gelezen en ik ben daar ook onder de indruk. Dan voegen wij de doelgroep 65 … Ouderen toe. Dan stem ik ook voor dit amendement ervoor. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Koegler. Mevrouw Koegler RB: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ook Rijswijks Belang kan het kort houden. Tijdens het forum hebben we al uitgebreid aangegeven waarom wij het belangrijk vinden dat deze doelgroep specifiek wordt genomen. Ik sluit me dan ook aan bij de woorden van de heer Geleijnse. We hadden elkaar na het forum al snel gevonden daarin. Vandaar dat de heer Veerman daar ook bij aansluit. Ik weet dat de wethouder deze doelgroep ook een warm hart toedraagt en meerdere partijen hier in de raad. Dus ik hoop dan ook dat we op een brede steun voor dit amendement kunnen rekenen. De voorzitter: Dan gaan we naar mijnheer Veerman. De heer Veerman D66: Voorzitter, dank u wel. Nou, onze voor zijn voor het amendement, dat is wel breed uitgemeten, daar kom ik even niet op terug, maar ik heb toch wel een aantal andere vragen. Financiële vragen eigenlijk, want ik zie wel een overzichtje wat ik gekregen heb en op zich is dat natuurlijk goed.
Waar ik wel op uitkom is dat er nog 97.000 euro extra noodzakelijke financiële middelen toegevoegd moeten worden. Op zich is dat helemaal geen probleem. Wat ik wel een beetje mis in het hele verhaal is hoe we met de monitoring en de voortgang omgaan tijdens het traject. Dat mis ik in het hele verhaal. Misschien dat de wethouder daar nog iets over kan zeggen. Heb ik de vorige keer ook wel een klein beetje naar gevraagd. Wat ik ook mis, is de jaarlijkse evaluatie op basis van de effectiviteit en maatschappelijke kosten-batenanalyse. Nou, die is hier vaker naar voren gekomen. Ik mis hem opnieuw, dus ook daar nog graag even antwoord over hoe we deze financiële middelen in gaan zetten en hoe we dat gaan evalueren elkaar. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Oude Alink. Mevrouw Oude Alink GL: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou ja, we weten allemaal dat taalvaardigheid onmisbaar is om mee te kunnen doen in de samenleving en ook dat laaggeletterdheid een groot en vaak verborgen probleem is. Daarom zijn we blij met de lokale invulling van het regionale plan en ook heel erg bedankt aan de
wethouder voor de antwoorden op alle vragen die we hadden tijdens de fora. Want we hebben er nu meer vertrouwen in dat de gemeente de cijfers beter in beeld heeft en ook dat wij als raad goede informatie gaan krijgen over de voortgang. Voor GroenLinks is het belangrijk dat de ondersteuning ook echt terechtkomt bij mensen die het hard nodig hebben. Ook wanneer ze niet eenvoudig te benaderen zijn. Maatwerk wordt wat ons betreft wel voldoende benoemd als het gaat om de aangeboden cursussen en het aanbod, maar bij het vinden en benaderen van inwoners kan dit wellicht nog beter. Vandaar dat wij graag zouden zien dat de gemeente haar best doet om meer groepen te benaderen dan in het taalplan als aandachtsgroepen genoemd worden en met meer ambities. Hoeveel mensen gaan er concreet bereikt worden? Kan de wethouder bijvoorbeeld toezeggen dat EU-arbeidsmigranten, die wel in het regionaal plan worden benoemd, worden meegenomen bij de benadering van bijvoorbeeld de werkgevers? En kan de wethouder inderdaad zoals in het amendement van CDA wordt gevraagd, ook toezeggen dat 65-plussers ook actief worden benaderd? Aangezien het een groeiende groep inwoners heeft en zij hebben veel baat bij meer zelfredzaamheid.
En kan de wethouder ook toezeggen dat er bijvoorbeeld actief wordt gezocht naar jonge ouders als doelgroep, zodat niet alleen zij, maar ook hun kinderen een meer taalrijke omgeving krijgen. Om dit snel te realiseren zijn we het eens met de wethouder dat er meer locaties voor de taalplusschool nodig zijn. Dichter in de buurt van de inwoner. Ja, voor veel inwoners zal dit een extra barrière wegnemen om mee te doen als zij in hun eigen buurt taallessen kunnen krijgen en ook het verwerven van meer taalmaatjes verdient wat ons betreft wel aandacht. Tot slot roepen we de wethouder en ook de gemeente op om haast te maken met invoeren van de Direct Duidelijk-deal, want zoals ik al zei in het forum, de communicatie komt van twee kanten en het begrijpelijk en helder maken van onze communicatie is heel belangrijk voor de toegankelijkheid van onze stad. De voorzitter: Dan gaan we naar mevrouw Van Nunen. Mevrouw Van Nunen PvdA: Ja, voorzitter, dank u. Ik heb een column van Sheila Sitalsing onlangs nog gelezen en daar stond in het kan, Nederland zonder laaggeletterden. We moeten het gewoon willen. En zij schreef die column in de Volkskrant vorig jaar september tijdens de Week van Lezen en Schrijven. Want een kwart van onze jongeren, BVR gaf dat ook eigenlijk al aan in het forum, leest gewoon niet goed genoeg en houden zonder interventies problemen in de rest van het leven.
Voorzitter, ik wil geen punten herhalen die mijn collega in het forum heeft gezegd, maar ik wil toch nog wel enkele vragen aan de wethouders stellen ten aanzien van de concrete ambities. Kijk, de doelstellingen en de uitgangspunten zijn helder, dat hebben we vorige keer ook al met elkaar geconstateerd, maar de concrete uitwerking, waar we willen staan over pakweg vijf jaar, klinkt in ieder geval voor de Partij van de Arbeid ergens tussen vingers. Maatwerk staat centraal, maar we zullen wel actief de inwoners moeten opzoeken. Dus allereerst, wethouder, wat zijn nu uw streefcijfers tot 2030? Hoe houden we in beeld waar we staan in de terugdringing van laaggeletterdheid en of we de ingezette middelen en instrumenten ook daadwerkelijk effectief inzetten? Doen we de goede dingen en doen we zo goed? En die vraag wil ik toch heel graag door de wethouder met een niet algemeen antwoord terugkrijgen, maar liefst toch ook wel met wat gegevens waarvan u zegt ja, we staan al jaren op 10 procent laaggeletterdheid, hoe brengen we het echt terug tot pakweg 6, 5 procent en dan komen we niet tot een Nederland of Rijswijk zonder laaggeletterden, maar we komen wel een stap verder. Voorzitter, ik wacht graag het antwoord van de wethouder af op mijn vragen. Dank u. De voorzitter: Oké. Ik heb geen aanmeldingen voor verdere woordvoering. Dat is niet het geval.
Dan was dit de eerste termijn van de raad. Hoe gaan we naar het college. Mevrouw Besteman. Wethouder mevrouw Besteman: Voorzitter, hartelijk dank en ook aan alle raadsleden voor het omarmen, zou ik bijna willen zeggen, van dit taalplan. Daar ben ik ongelooflijk blij mee. Het probleem is duidelijk, is geschetst
denk ik in het regionale plan, maar ook in dit plan en ik hoor daar in de raad eensgezindheid over en het is inderdaad zo, voorzitter, de heer Geleijnse zei het al, laaggeletterdheid aanpakken dat doen we samen en zo is het. Ik zal de fracties aflopen, want ik heb nog wat vragen gehoord en dan begin ik bij het amendement dat is ingediend door het CDA, Rijswijks Belang en D66. Inderdaad, mevrouw Koegler, ik draag de groep ouderen een zeer warm hart toe en ik ben ook blij dat u een andere fracties dat ook doen. In die zin ben ik ook blij met uw amendement. Ik heb in het forum gezegd denk ik dat het aanbod openstaat voor eenieder, dus ook voor ouderen. De stad wil ik er wel even bij opmerken, maar ik heb er geen enkel bezwaar tegen. Sterker nog, ik vind het een zeer sympathiek voorstel in de goede zin van de betekenis van het woord, zeg ik maar even tegen de heer Sleddering. Dus ik omarm dat voorstel, voorzitter. Een amendement moet dacht ik wel door de raad in stemming worden gebracht dus dat laat ik dan ook zeker aan de raad. Ik wil één opmerking maken bij de toelichting in uw amendement. U verwijst daar al naar de toegezegde rapportage die jaarlijks zal plaatsvinden vanaf volgend jaar. We zijn daarmee nog in ontwikkeling, dus ik kan nu nog niet zeggen hoe dat er precies uit komt te zien.
We moeten daarover nog in overleg met de partners, maar we zullen dit als een suggestie zien en het ook in die zin meenemen, voorzitter. Ik ga naar de heer El Majjaoui. Ja, u heeft een heel terecht punt ingebracht in de bespreking, zou ik willen zeggen. U heeft dat in het forum ook al gedaan, want u doet een pleidooi voor jong beginnen met het leren van de taal en daar vinden wij elkaar één op één. En dat is ook wat we doen in Rijswijk. We hebben onderwijsachterstandenbeleid. Wij hebben onderwijsachterstandenmiddelen en dat zetten we in op basisscholen, waar ook en dan kijk ik kijk maar even naar achter in de zaal, naar GroenLinks, ouders en kinderen van zouden moeten profiteren. Dat is in ieder geval zoals het wordt ingezet en daarmee, daarin, daarvoor werken wij nauw samen, uiteraard met het onderwijs, maar ook met kinderopvang. Dus we richten ons daarmee juist op de kinderen, maar ook zeker op de ouders. We hebben bijvoorbeeld een schakelklas op één van de basisscholen waar ouders ook samen kunnen koffiedrinken, met taal bezig zijn. Dus dat even ter illustratie daarvan. Dus zo vroeg mogelijk starten met taal. Nou, ik ben het daar van harte mee eens, voorzitter. Mevrouw Koegler heeft nog aangesloten bij het amendement en de ouderen die daarin genoemd worden. De monitoring.
Ja, de heer Veerman, ik zal daar wat meer tekst nog aangeven, want ik begrijp dat dat punt u na aan het hart ligt. In het regioplan wordt fors ingezet op monitoring en de impactmeting en we maken daar ook gebruik van de landelijke pilot Monitor laaggeletterdheid, die via de VNG en de arbeidsmarktregio, waarin we de regionale activiteiten hebben ondergebracht, wordt opgezet en ingezet. Dus dat in de regionale context. Daarnaast gaan we nu met dit taalplan ook lokaal nu inzetten op taal of op monitoring en impactmeting. Daartoe maken we een evaluatie en een actieplan waarover we ieder jaar rapporteren en die rapportage, dat heb ik u in de commissie ook met uw raad gedeeld, willen we ook heel graag met uw raad delen. Zo kunnen we meteen constateren, mevrouw Van Nunen, over de goede dingen doen en of we ze goed doen en dat hebben we ook gedaan in de aanloop naar dit taalplan, naar de ontwikkeling van het taalplan en daarin heeft u ook kunnen lezen dat er heel veel dingen heel goed gaan gelukkig, maar dat er ook op enkele zaken nog intensivering nodig is en dat is juist wat dit taalplan ook voorstelt. Dan ga ik nog even naar de fractie van GroenLinks, want u stelt eigenlijk voor om nog meer doelgroepen op te noemen in dit taalplan.
Ja, is daar wat op tegen? Nou, natuurlijk niet zozeer, maar ik denk dat we die doelgroepen en iedereen die dat die doelgroep laaggeletterd behoort, proberen te vinden met het aanbod dat we hebben, want dat is juist één van de pijlers van dit plan, dat we ons willen inzetten om de groep beter te bereiken. Want dat is natuurlijk één van de manco’s of de lastige zaak als het gaat om laaggeletterdheid. Soms willen mensen in de doelgroep niet gevonden worden, dus dat is waarom we met dit plan willen inzetten om die doelgroepen, om iedereen te bereiken het liefst. Ja, dat is natuurlijk het doel, maar ja, ik kan u nu al voorspellen dat dat inderdaad misschien niet helemaal gaat lukken, maar alles is daar in ieder geval op gericht en het aanbod staat in ieder geval voor iedereen open. Ja, mevrouw Van Nunen vraagt om specifieke cijfers. Dat is een begrijpelijke vraag, voorzitter. Ik heb in het forum ook aangegeven dat de doelgroep laaggeletterden een dynamische groep is. We zien nu en dat is ook waar we ons op willen richten
met het taalplan, de groep jongeren die net van school komt. Dat is een nieuwe groep laaggeletterden, zou je zeggen, die we voorheen niet hadden. Dus ja, streefcijfers zeggen dat we de laaggeletterdheid in Rijswijk gaan oplossen. Ik zou het heel graag willen en ik droom met u mee, maar dat gaat helaas niet gebeuren. Nogmaals, de groep verandert. Sommige mensen, nou ja, bij werkgevers bijvoorbeeld, profiteren heel goed van het aanbod omdat het juist heel dichtbij is. Kunnen zo hun vaardigheden en ook hun zelfredzaamheid, waar we het voor doen natuurlijk, goed vergroten, zodat ze goed mee kunnen doen in de samenleving en dat is, voorzitter, denk ik wat we vooral voor ogen moeten houden. Dat we met dit taalplan een goede bijdrage leveren aan de zelfredzaamheid van onze inwoners. De voorzitter: Goed. Ik begrijp van de wethouder dat het amendement geen bezwaar kent. Is er nog behoefte aan één tweede termijn bij de leden van de raad? Moet ik even vingers hebben. Eigenlijk niet, hè. Volgens mij is het goed behandeld. Zullen we dan de beraadslaging afsluiten? Gaan we over tot besluitvorming. Ik stel als eerste aan de orde het amendement Geleijnse, zeg ik maar even voor het gemak. Wil iemand daar stemverklaring bij geven? Ook niet. Wil iemand stemming? Ook niet. En is die unaniem aanvaard. Dat is heel mooi. Dan gaan we naar het besluit als zodanig.
Mijnheer Geleijnse wil nog stemverklaring afleggen? De heer Geleijnse CDA: Nee, ik wil graag nog één ding zeggen, voorzitter, als dat mag en wat ik ook al in mijn eerste termijn zei, laaggeletterdheid oplossen doen we echt met z’n allen en echt samen en daarom wil ik u allen nog wijzen op de site van de Stichting Lezen en Schrijven, onder het kopje wat kan ik doen en ik hoop dat u daar gewoon allemaal eens naar kijkt vanavond of morgen, want we kunnen dat echt met elkaar een stukje verder brengen. Dank u wel. De voorzitter: Ik beschouw het als een stemverklaring. Mijnheer Geleijnse, dank u wel. Zijn er nog anderen met stemverklaringen? Zijn er niet. Wil iemand stemming? Ook niet. Dan is die unaniem aanvaard. Het is een mooie avond. RAADSVOORSTEL TAALBELEIDSPLAN EN AMENDEMENT CDA UNANIEM AKKOORD 12. Raadsvoorstel Herindelingsontwerp grens gemeente Den Haag - gemeente Rijswijk (RV 22-009) De voorzitter: Gaan we naar het volgende agendapunt. Dat is het raadsvoorstel Herindelingsontwerp grens gemeente Den Haag en gemeente Rijswijk. Dat is een herstel in de oude toestand. Wil iemand daarover het woord voeren? Mijnheer Weterings, gaat uw gang. De heer Weterings RB: Dan pak ik even mijn tijd, voorzitter, als ik de enige ben. Ik ga er even goed voor zitten. Hoppa.
Voorzitter, wij hebben al afgelopen vrijdag zijn ons, tenminste, laat ik vooropstellen dat we blij zijn met het raadsvoorstel voor de herindeling van het ontwerp. Ook wat meer duidelijkheid voor onze inwoners. We hebben vroegtijdig vragen ingediend, ook wat kritische vragen. Die kwamen ook daar uit de samenleving. Die zijn ook vandaag netjes beantwoord en eigenlijk op die beantwoording had ik nog een paar kleine vraagjes. Ik zal ze niet allemaal opnieuw opnoemen, want het is op zich wel een geruststelling bij de meeste antwoorden die u toch op heeft gegeven. Alleen de vraag is u gaf al aan, u was voornemens om de overdracht met gesloten beurs te doen en ondanks er toch nog een schouw zal plaatsvinden, wat had die schouw dan voor zin? U geeft dan aan dat ambtelijk is er al een onderhoudstoestand samen met Den Haag beoordeeld. Zijn er afspraken gemaakt nog door Den Haag uit te voeren noodzakelijk onderhoud? Tijdens die gezamenlijke schouw zouden bijzonderheden worden geconstateerd, die worden meegenomen met de definitieve besluitvorming. Mijn vraag is, de schouw die ambtelijk is gelopen met Den Haag, is dat op een droge dag geweest of op een natte dag geweest? Dat was vraag één. En vraag twee is, u geeft aan in uw beantwoording dat Den Haag nog een
klein gedeelte van de riolering noodzakelijke werkzaamheden gaat uitvoeren. Onze vraag was waarom maar gedeeltelijk en niet in zijn geheel? Nou, u gaf daar keurig aan dat slechts een klein gedeelte is sprake van noodzakelijk onderhoud. Het gaat daarbij om kleine reparaties van enkele meters riolering. Het overige deel wordt dan nog overgedragen in het gemeentelijke rioleringsplan en aangepast in het vervangingsschema van de gehele wijk. Wat ik eigenlijk met die vraag bedoelde is het gebeurt vaker in Rijswijk dat een straat binnen een korte periode vaak wordt opengemaakt. Met glasvezel, riolering, KPN, noem maar op. Dus vraag als iets te combineren valt met Den Haag voor die werkzaamheden, laat dan zo’n straat liefst één keer gewoon goed opengaan en pak dan gewoon de werkzaamheden daaruit. Goed, voorzitter. Wij vroegen ook nog, mochten er nog onvoorzienbare kosten verschijnen, bent u bereid om die te gaan verhalen op Den Haag? Nou, u gaf eigenlijk aan dat dit uitgesloten is en niet van toepassing is. Ik ga u er wel op houden trouwens. Dus dat is het voor de eerste termijn, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Zijn er nog anderen die het woord willen voeren? Ja, mijnheer Braam.
De heer Braam BvR: Ja, voorzitter, twintig jaar geleden als wethouder bij betrokken geweest, bij dit proces en dan de andere kant op en toen al als één de grote verbazing uitgesproken dat die herindeling destijds doorging. Was echt bizar wat er in de Eerste Kamer toentertijd gebeurde, met de stemming. Allemaal met de hoop toen nog van paars drie, maar toen kwam Fortuyn. We weten allemaal wat daarna zich heeft afgespeeld, maar goed. Twintig jaar later wordt in ieder geval een ja, toch, noem het maar even een weeffout die er gemaakt is in het dossier herindeling hersteld en dat is goed. Dat we in ieder geval weer herkenbare grenzen hebben voor Rijswijk en Den Haag en uiteraard andere gemeentes. Dus in die zin zal Beter voor Rijswijk voor dit voorstel stemmen. De voorzitter: Ja, you better. Zijn er nog anderen die het woord willen voeren? Denk het niet, hè. Ik ben portefeuillehouder van dit dossier. Ik ben wel enigszins bekend bij hondenonderhoudsvraagstukken, maar niet 100 procent. Dus misschien kan één van de wethouders me nog aanvullen als dat nodig is. Mijnheer Weterings, u heeft nog doorgevraagd over de gesprekken over het onderhoud en hoe dat dan nog iets preciezer kan. Ik heb geprobeerd zo goed mogelijk binnen 24 uur een antwoord te geven. Dat is dit.
Ik ga gewoon ervanuit, omdat we in goede samenwerking het volste vertrouwen dit dossier gedaan hebben, in ieder geval ook ambtelijk om te onderzoeken hoe het nou precies zat met de onderhoudssituatie. Ja, dan lossen we het gewoon op met gesloten beurzen. Den Haag er vanaf, wij zijn blij dat we weer volledig kunnen besturen over een aangesloten gebied. Dat is heel goed. Dus concrete vraag of het droog of nat weer was, dat kan ik u niet beantwoorden. Ik was er niet bij, ik heb er geen rapportage over, maar ik heb niet het gevoel dat het nou heel substantieel gaat uitmaken voor de uitkomst. Zoveel ervaring heb ik er nou ook wel in. Het is een gezamenlijke schouw geweest waarin je tot de oplossing komt nou ja, zo zit het ongeveer. Volgens mij hebben we vrij goed uitgerekend wat incidentele kosten en wat het structureel kost. Dus die duidelijkheid heeft u dan wel. Ja en of het precies het noodzakelijke onderhoud ga ik dus gewoon uit van de expertise en ervaring van onze ambtelijke staf, dus daar zit het wel in. Je kan dit soort dingen op dit moment, in deze fase van de besluitvorming natuurlijk, nooit helemaal op de laatste euro uitrekenen. Dat is een beetje geven en nemen, een beetje binnen een marge komen tot overeenstemming. Ja, je moet het ook een beetje het in het grote geheel zien, zeg ik er dan maar bij.
Wat ik wel een terechte opmerking vind is dat u zegt ja, al die opgebroken straten, probeer dat nou eens een keer te regisseren. Dat vind ik ook. Daar wil ik ook eigenlijk wel vandaag een harde toezegging opdoen, maar ik ben niet de portefeuillehouder. Dus ik ga er nu gewoon overheen, tenzij één van de wethouders zegt nou, burgemeester, wat je hier zegt kan absoluut niet. Wethouders zijn gerustgesteld.
Wethouder de heer Van de Laar: Nee, helemaal niet. Ik weet niet wat de toezegging behelst, maar het is en we hebben het hier al vaker over gehad, over dat de straten niet onnodig opgebroken moeten worden en er gebeurt best wel veel in de grond. Rioleringen, gasleidingen, waterleidingen. Er moet heel veel worden vervangen en zeker als het aankomt op glasvezel. Nou ja, wat er dan nog voor nodig is, is dat we inzicht moeten hebben en die partijen aan elkaar inzicht moeten geven aan hun eigen planningen en die willen ook nog wel eens wijzigen en dat is het praktische probleem wat erachter zit, dat het soms toch nog wel eens gebeurt dat er in een jaar tijd de straat vaker wordt opgebroken, maar het streven is om dat echt niet te doen. Daarvoor zijn ook overleggen gepland. Ik meen twee keer per jaar, waarin al die kabelaars en mensen die de grond in gaan aan tafel zitten, om zo strak mogelijk dat te doen en dat zal ook voor dit stuk op die manier worden meegenomen, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van de Laar, hartelijk dank voor uw expertise. Daar worden wij allemaal gelukkig van. Mijnheer Weterings, wil u daar nog op reageren? Volgens mij is dit het. De heer Weterings RB: Nee, dat is het niet. Ik ga zeker reageren, voorzitter. Ik had daarnaast een vraag gesteld over was het droog of was het nat.
We wil ik even een verzoek neerleggen dat onderaan de helling van de Geestbrugweg naar de Geestbrugkade toe, daar lijkt de grond weg te zakken. Er staat altijd een enorme plas bij regenbuien en waarschijnlijk bij droog weer is dat niet geconstateerd. Dus daar moet wel een goede afvoer komen om dat regenwater weg te laten lopen. Anders zitten wij met behoorlijke waterplassen. Dat was één en twee is, voorzitter, ja, ik wil er toch een opmerking over maken. Het bericht dat Den Haag een stukje Rijswijk teruggeeft was natuurlijk mooi. Een mooi gebaar. Ik denk van nou, dat is heel lief van onze collega’s uit Den Haag. Alleen tegelijkertijd kwam er ook een bericht naar buiten dat Den Haag een jaarlijks tekort heeft van 650.000 euro op haar budget voor het onderhoud aan straatmeubilair en bebordingen en wij kregen juist straatmeubilair en bebordingen erbij. En vervolgens zeggen ze ook een achterstallig onderhoud van anderhalf miljoen. Goed, wij gaan dus 45.000 euro voor onze kosten nemen en ik had er een vraag over gesteld van is dat nou echt een lief gebaar geweest of heeft Den Haag gewoon eigenlijk een bezuiniging op hun tekorten hiermee ingelast? Dank u wel. De voorzitter: Ja, ik begrijp de diepgang van uw vraag. Ik begrijp uw aarzeling. Argwaan, kan ik ook zeggen. Ik neem het mee als een observatie en één waarschuwing.
Ik neem aan dat vertegenwoordigers van de gemeente Den Haag meekijken. Vaak genoeg overlegd met ze, ik wel. Dan zal ik dat punt nog eens neerleggen. Ik ga uit van vertrouwen in elkaar, dus er komt geen konijn uit de hoed. Dat wil ik hier wel zeggen. Verder veel dank voor uw exacte waarneming over die nattigheid bij de Geestbrugweg. Dit gaat direct naar de ambtelijke staf toe om dat in de gaten te houden en er actie op te nemen. Ja, ja, ja. Mijnheer Weterings, u wordt ook uitgenodigd bij deze schouw. Ook als het regent. De heer Weterings RB: Voorzitter, ik wilde u eigenlijk complimenteren en danken voor de harde toezegging, voor het goed na te kijken of er geen onnodig wegen worden overgemaakt terwijl de klussen gecombineerd kunnen worden. Dus dank u wel daarvoor. De voorzitter: Nee, maar ik vind het ook geen flauwekul, hoor. Denk erom. Dank u. Je hebt dat goed gezien. Je wordt gewoon inspecteur van de gemeente in tijdelijke dienst. Voor een onregelmatig tijdvak. De heer Weterings RB: Met een uiterlijk contract dan, oké? De voorzitter: Ja. Ja, dan ga ik naar mijnheer Braam toe. Mijnheer Braam zei dat hij wethouder was in de tijd van annexatie. Dat was ik ook. Dus I feel your pain. En ik voel hem al twintig jaar, daarom ben ik blij dat ik hier
een tijdje mag komen waarnemen, om ook en dat meen ik serieus, dit soort diepe wonden uit het verleden mee te helpen helen. Dus ik vind het heel terecht dat u daar een opmerking over maakt. Mijnheer Van Enk wil interrumperen. De heer Van Enk CDA: Ja, dan wil ik wel graag een interruptie plegen, voorzitter. Dan stelt u me toch erg teleur dat u niet gewoon ook Ypenburg hebt teruggekregen. De voorzitter: Ik kan u zeggen, ik was vandaag op verkenningsonderzoek bij de herdenking van de Slag om de Residentie. Ik heb daar een hele mooie kransen namens Rijswijk neergelegd en van de twintig kransen was dit de meest opvallende. Ik zal u zeggen waarom. Omdat ik dat met grote waardigheid heb gedaan en er hing een blauwgeel lint aan. Dat zijn opvallende kleuren in deze tijden en dat is gezien en ik heb ook tegen de luitenantgeneraal gezegd I’ll be back, certainly next year. Ja, dus ik heb toch wel gewoon een duidelijke waarschuwing gegeven. Daarna kwam ik in gesprek met de heer Van Aartsen, die er ook was en daar hebben wij ook nog eens wat terugblikken gedaan. Daarover kan ik nu in de openbaarheid niet spreken, maar in ieder geval was het zo, naar aanleiding van de interventie van mijnheer Braam, wat ik van plan ben te doen als de besluitvorming verder lukt. Daar ga ik wel vanuit, dan gaan we op 1 januari nul punt nul-nul uur, op de Cromvlietkade, enige vuurpijlen afschieten naar de Laak.
Doet u mee? Ik denk dat ik hier mij veel te uitbundig antwoord heb gegeven op de vraag, maar het is wel een markant punt voor deze stad, waarin toch een aantal dingen vanuit het verleden rechtgezet worden. Terecht dat dat gebeurt, heeft Den Haag ook gedaan. Het duurde allemaal veel te lang, maar goed. Dus ik stel voor om de beraadslaging hierover te sluiten, de opmerking ons ter harte te nemen, de ambtelijke dienst in te zetten op de punten waar dat gesignaleerd is en over te gaan tot besluitvorming. Is er behoefte aan stemverklaring? Is er niet. Is er behoefte aan stemming? Ook niet. Dan is het unaniem aanvaard. Gefeliciteerd, Rijswijk. RAADSVOORSTEL UNANIEM AKKOORD