CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept-verslag Forum Samenleving 14012025

Forum Samenleving 4 februari 2025, gemeente RijswijkBij agendapunt: Vaststellen verslag 14 januari 202524.474 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

En hoe gaan we nou eigenlijk om met het feit dat als er inderdaad een mishap, om het maar even in slecht Nederlands te noemen, iets fout gaat in de communicatie, hoe gaan we dat eigenaarschap dan precies hanteren vanuit de gemeente? Als we daar ons verantwoordelijk voor voelen of juist niet. Moeten de uitvoeringsorganisatie, of een andere partij die verbonden is aan de gemeente, daarin ook op worden aangesproken? En komt dat voldoende naar voren binnen dit beleid? Ik zou het hier voor het eerst maar even bij willen laten. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Ezinga. Dan krijgt mijnheer Kruger het woord, Beter voor Rijswijk. De heer Kruger: Dank u wel, voorzitter. Af en toe denk ik, waar zijn de tijden gebleven dat er een groot bord voor het stadhuis hing met alle mededelingen bestemd voor de burgers? Af en toe kon je dat een halfuurtje gaan lezen. Die tijd is voorbij, misschien ook maar goed ook. Maar wat we hebben ontvangen, het is eigenlijk een beetje een opstapeling van goede voornemens, hoe je goed moet gaan communiceren met Rijswijkers. Ik ben benieuwd wat daar straks in de praktijk, wat dat gaat opleveren. Ik bedoel, ik dacht ook dat ze ermee aan de slag zouden zijn, maar ik krijg ook klachten over regelingen die zijn verdwenen. Waar geen pepernoot van terug te vinden op de internetsite, dat mag niet. Dan moet u gewoon zorgen dat dat niet meer gebeurt. Als je het hebt gevonden op de site, dan moet gewoon de juiste informatie beschikbaar zijn. En als er twijfels is, corrigeer dat dan. En inderdaad, is ook al eerder aangegeven, het taalgebruik, houd het simpel. Het zijn allemaal digitale berichten, korte regels. Overigens, het zou ook nog prettig zijn voor de stukken die naar de Raad gaan. Het zijn ook hele lange volzinnen. Want als je af en toe moet denken: wat staat er eigenlijk? Er staat wel iets, maar het is vaak heel moeizaam. Dus wat dat betreft valt nog heel veel te verbeteren hier.

Maar in ieder geval de opzet, ik bedoel de boodschap om dit te verbeteren, die zit erin. In ieder geval kan ik zeggen, ga ermee door en hou de vinger echt aan de pols, volg de ontwikkelingen. Er verandert heel erg veel. Want straks kan je net zo goed iets inspreken in de AI, dan heb je helemaal geen gemeentelijke sites meer nodig. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kruger. Dan Rijswijks Belang, die had vragen. Mevrouw Koelger-Böhm. Mevrouw Koegler-Böhm: Dank u wel, voorzitter. We hadden al wat huiswerk ingestuurd, dus … We hadden vragen gesteld over de effectmeting en de doelgroep bepaling van het communicatiebeleid. Die waren uitgebreid beantwoord en daarmee ook voldoende voor ons. Als het gaat over simpel en duidelijk taalgebruik, dan zijn wij daar ook groot voorstander van. Maar volgens mij hebben alle ambtenaren inmiddels de Direct Duidelijk cursus gedaan, en onze verwachtingen zijn hoog vanuit Rijswijks Belang, dat we daar komend jaar dan ook veranderingen in zien. We hebben nog wel een vraag over de crisiscommunicatie, daar hadden we ook vragen over gesteld.

Daarin geeft het college aan dat er een brief is ontvangen van de nationale coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid, en dat naar aanleiding van die brief ook nog een communicatieplan wordt opgesteld in verband met de verslechterde veiligheidssituatie en de noodzaak om gezamenlijk de weerbaarheid van de samenleving te verhogen. Wij vroegen ons af wanneer dat communicatieplan gereed is en of we daarover ook geïnformeerd kunnen worden. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Koegler-Böhm. Mevrouw van Schie van het CDA. Heeft u vragen op dit stuk? U heeft het woord. Mevrouw van Schie: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Wij vinden communicatie ook ontzettend belangrijk. En wel om je dienstverlening onder de aandacht te brengen van de burger, zodat iedereen ook weet waar die terecht kan met vragen, en ook wordt ontvangen. Dus brieven snel beantwoord, mail snel beantwoord. We vinden het ook van belang om je beleid uit te dragen. Ik zit zelf nog wel eens te zoeken op de website van de gemeente, vooral toen ik pas raadslid was, en ik kon niet altijd alles even goed vinden. Dus misschien kan daar nog eens een slag overheen gemaakt worden. Ik mis nog aandacht voor mensen met een beperking, die bijvoorbeeld doof zijn of blind zijn, en die dan niet gebruik kunnen maken van de website als daar bijvoorbeeld iets van sprake is voor dove mensen.

En ik zit me af te vragen, er wordt genoemd in het communicatieplan dat je mogelijk moet denken aan vertalingen. Maar een vertaling hoeft niet altijd voldoende te zijn voor mensen die ook vanuit een andere cultuur de overheid benaderen. Dank u wel, mijnheer de voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel, mevrouw van Schie. GroenLinks, fractie? Mijnheer van ’t Eind, u krijgt het woord. De heer van ’t Eind: Voorzitter, ook wij vinden communicatie heel erg belangrijk. Dat zal niet heel verrassend zijn, ik denk dat dat voor iedereen geldt in deze Raad, dat we dat belangrijk vinden. Er zijn een hele hoop goede vragen gesteld. Ik sluit me ook graag aan bij de vragen van de heer Veerman en ik sluit me ook graag aan bij de laatste opmerking van het CDA ten aanzien van niet alleen vertalen, maar hoe doe je dat dan ook, gericht communiceren als dat nodig is, naar een andere cultuur. En dan wil ik de vraag eraan toevoegen; doet het college dat ook? En op welke manier doet het college dat? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer van ’t Eind. Wij. Rijswijk, Jansen-Dirkx? Mevrouw van Nunen, PvdA? Mevrouw van Nunen: Voorzitter, dank. Ook wij sluiten … PvdA sluit zich aan bij de meeste punten die de heer Veerman heeft gemaakt. We hebben ook bij de bespreking van de armoedevisie ook nadrukkelijk de digitale toegankelijkheid betrokken. Toen bleek uit een VNG-onderzoek dat Rijswijk daarin onvoldoende scoort, en dat heeft te maken ook met geen deelname aan die toets.

En ik begrijp dat dat de volgende keer wel gaat gebeuren, maar dat zegt misschien ook wel iets over de aandacht voor … Ik hoop het niet, maar wel in de toekomst, meer aandacht voor digitale toegankelijkheid, zou ik graag het college willen meegeven. Want het missen van die toets vind ik geen pluspunt, laat ik het zo zeggen. Dus aansluitend bij de vragen van D66 voorzitter, dank. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw van Nunen. Mevrouw Harmsen, u heeft het woord. Mevrouw Harmsen: Dank u wel, voorzitter. Ik had een kort sein. De heer Veerman heeft uitstekende vragen gesteld, kon ik niks meer aan toevoegen. Mijn lijstje is afgestreept. Dus complimenten aan hem en ik ben benieuwd naar de beantwoording van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. Maar dan ga ik wel naar de burgemeester. Burgemeester Sahin, u heeft het woord voor de tweede … Of de eerste termijn, sorry. Mevrouw Sahin: Dank u wel, voorzitter en dank aan de gestelde vragen door de verschillende fracties. Het heeft inderdaad … Communicatie heeft wel inderdaad betrekking op mijn eigen portefeuille. Maar een deel van de vragen die de heer Veerman stelt, die hebben betrekking op de portefeuille dienstverlening, en die hebben betrekking op onder andere het strategie dienstverlening die eerder is vastgesteld. Dus dat heeft raakvlakken.

Allereerst stelde de u vraag van evaluatie: is er überhaupt, heeft een evaluatie plaatsgevonden van het oude beleid? Dat is er niet, het is niet expliciet geëvalueerd. Wel is steeds bij de opstelling van deze evaluatie teruggekeken: wat stond erin en waar staan we nu? Want 2014 is natuurlijk tien jaar geleden, dus heel veel wat bruikbaar is, is meegenomen. Maar er heeft niet een hele diepzinnige evaluatie plaatsgevonden van al het beleid dat daarvoor is gevoerd. We hebben vooral gekeken van, wat is er nu aan de hand in de samenleving en wat hebben we als gemeente, als middelgrote gemeente met een aantal grote uitdagingen, en een gemeente waar ook toch veel aan de hand is, op dit moment nodig? Dus het is vooral vanuit de huidige context geschreven. En u ziet ook dat het ook voor twee jaar is geschreven, want we zien ook dat er op het gebied van communicatie er echt heel veel en een grote snelheid verandert. De discussie over moeten we wel of niet op X blijven, op Facebook, die ontwikkelingen, die volgen wij ook. Wat er nu … Waaraan gewerkt is en wat nog besproken gaat worden, is een content strategie. Dus wij willen ook heel goed kijken, welke inhoud deel je op welk medium en voor welke doelgroep? Omdat je ook weet dat je bepaalde boodschappen niet op bepaalde kanalen kunt plaatsen omdat niet altijd iedereen het ziet.

Uit veel onderzoek blijkt ook, en ik vind dat zelf ook heel belangrijk, dat een brief, een gewone brief aan huishoudens, dat dat een van de meest

effectieve manieren is om eigenlijk je inwoners goed te informeren wat er aan de hand is. Dat … Men denkt misschien, dat is toch een ouderwets middel? Maar dat is echt wel heel belangrijk. En ook het huis-aanhuisblad niet te onderschatten. Waar ik ook kom, mensen lezen het. Vooral mensen op leeftijd vinden dat een heel belangrijk medium. Dus ook onze pagina's die we daarin met besluit publiceren, is gewoon heel belangrijk. Daarom is … Moeten we dat ook … De ouderwetse, of de traditionele media, mogen we zeker niet vergeten. Met dit communicatiebeleid is dus heel erg gekeken, wat speelt er op dit moment, en is er ook gekeken; hoe kunnen we planmatiger en structureler werken, ook intern? Ik heb daarvan wel een voorbeeld gezien hoe we dat met de jaarwisseling bijvoorbeeld hebben gedaan. Dat we veel voortijdiger zijn begonnen met goed informeren hoe je zo'n vuurton moet gebruiken. Dus een voorbeeld, dat geldt ook voor andere domeinen. Er wordt veel meer gekeken van, wat speelt er op het gebied van energietransitie? Moeten we een content kalender maken, zodat je ook op een planmatige en gestructureerde manier communiceert? Dus ik zie dat zelf in twee jaar wel, dat er verbetering valt. Maar als u zegt: nou zijn we er, nee, dat zijn we nog niet.

Want natuurlijk, digitaal vaardigheid of die digitale toegankelijkheid moeten we zeker blijven versterken, en ik zie ook dat niet altijd informatie op onze website goed en makkelijk te vinden is. Het gebruiken van taal is ook iedere dag voor ons een soort leerpunt. Omdat je ook heel snel geneigd zijn om vakjargon te gebruiken en dat over te nemen, is het ook soms moeilijk om de begrijpelijke woorden daarvoor te kiezen. En ik weet dat hier ook … We hebben ook een groep burgers gehad die naar brieven heeft gekeken en met stickers heeft teruggestuurd. Maar dat valt dan weer wel onder collega, de wethouder Werner van Damme, die dat daar in zijn portefeuille valt. Dus ik weet niet exact, als u daarvan meer zou willen weten, moeten we ook die informatie met u later delen. De aandacht heeft u gevraagd voor laaggeletterdheid, dat is zeker een groot probleem. Gelukkig zit in ons Huis van de stad ook een bibliotheek die daar ook aandacht aan vraagt. Maar dat zullen we zeker nauwlettend en structureel verder moeten doen. Ontwikkeling AI, heel goed dat u als Raad, raadslid zelf kennis gaat opzoeken. Het lijkt me ook goed misschien dat u dat als Raad aan de griffie vraagt, zodat we met zijn allen zo'n cursus zouden kunnen doen, hoe je dat kunt gebruiken. Ik zie een … De voorzitter: Die is over … Volgende week, die week daarna, uit mijn hoofd gezegd.

Mevrouw Sahin: Dus u vraagt de raadsadviseur communicatie, of de griffie, die heeft inmiddels een raadsadviseur communicatie en participatie. U heeft misschien ook gezien dat er een facebookpagina is en de betreffende raadsadviseur heeft al allerlei acties ondernomen. Bijvoorbeeld de cursus politiek actief is door hem gefaciliteerd en ondersteund. Dus ik zie dat daar ook vele stappen gezet zijn. Dan mijnheer Ezinga, uw vraag begreep ik niet zelf niet zo heel goed, maar … Van, wat gebeurt als er iets fout gaat, bedoelt u, in de communicatie, ook van een uitvoeringsorganisatie. Dan zullen wij zeker moeten handelen. Wat … We kunnen natuurlijk niet alles voorkomen, maar op het moment dat er sprake is van desinformatie, onjuiste informatie, vind ik wel dat het onze taak als gemeente is om te corrigeren waar dat mogelijk is en wel te laten zien waar onze verantwoordelijkheden natuurlijk liggen. Dat … Ik kan nu even niet de situatie bedenken waar dat zou gebeuren. Maar dat gebeurt heel veel, dat er … De voorzitter: Een vraagje vanuit de technische, of de microfoon iets dichterbij kan, want online bent u heel slecht te verstaan. Mevrouw Sahin: Hier wel? Nu wel? De voorzitter: Zo, dat is beter.

Mevrouw Sahin: Dus, kijk, dat is ook een grote, een taak van overheid, als er desinformatie is of foute informatie, om dat zo goed mogelijk te herstellen. Maar helemaal voorkomen zal dat natuurlijk nooit kunnen. Maar ik denk dat we ook de verantwoordelijkheid bij degenen dan moeten laten zijn die dat veroorzaakt. De voorzitter: U triggerde mijnheer Ezinga, dus ik accepteer in de eerste termijn een interruptie. De heer Ezinga: Dank, voorzitter. U begrijpt mijn vragen voor een gedeelte prima, hoor. Kijk, het communicatiebeleid heeft met name betrekking op het interne communicatiebeleid. Wat doen we vanuit de gemeente, vanuit dit huis, naar buiten toe? En dat het ook volledig en juist en compleet is, en overzichtelijk, en begrijpelijk, en dat is ook echt belangrijk. Tegelijkertijd is voor de buitenwereld de gemeente groter dan alleen maar het Huis van de stad. Waar een Avalex een uitvoeringsorganisatie van is, of een MRDH, of … Noem een verband, daar wordt door de inwoner, of door de burger, wordt er naar de gemeente gewezen zodra er sprake is van een onduidelijke communicatie of anderszins. Dus het is niet per se een fout, maar het kan ook gewoon onbegrijpelijk zijn. En heb je dan als gemeente voldoende vat op dat stukje communicatie? Want dat vormt ook voor een groot deel onze taak eigenlijk, die wij voor de inwoner in dat geval uitvoeren.

En dat is de reden ook van mij vraag: wat is uw reflectie daarop, hoe kijkt u daartegenaan en vindt u dat u dat voldoende in dit beleid naar voren laat komen en moet daar meer aan verbonden worden? Dus laat ik de vraag dan iets verduidelijken en iets meer vragen om een stukje interpretatie. Dank. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Ezinga. Burgemeester Sahin. Mevrouw Sahin: De vraag is nu voor mij duidelijk, en u vraagt eigenlijk meer om een reflectie inderdaad. Ik denk dat daar wel een taak voor ons ligt. Maar MRDH bijvoorbeeld, is natuurlijk ook van onszelf. Daar zijn wij onderdeel van, en ik denk dat we ook continu moeten blijven uitdragen, in welk gremium we ook zijn. Of u dat nou bent, of in een … Welk samenwerkingsverband, of dat Avalex is, dat we dat ook continu aan hen moeten laten zien of laten merken. Van, deze informatie is niet toegankelijk genoeg, of niet duidelijk genoeg. Dus ik zie dat als een soort continu leerproces voor ons allen. En als u zegt: is dit daarmee met het hele communicatiebeleid gedekt, dat hoop ik. Maar het zal altijd een soort lerend proces zijn, dus we moeten elkaar denk ik ook daarin alert houden. En dan, even kijken, de klachten over de website. Als u specifieke verbeterpunten ziet, informatie die niet klopt, geef het alsjeblieft aan. Dan kunnen we … Via de griffie, dan kunnen we dat meteen gaan verbeteren of aanvullen. Dan Rijswijks Belang.

U heeft het inderdaad over de brief van Pieter-Jaap Aalbersberg van de NCTV in december aan alle burgemeesters. Die brief heb ik gedeeld om ook meteen met u te laten zien hoe belangrijk het is, ook in de nieuwjaarstoespraak genoemd. Er zal een … Dit wordt ambtelijk opgepakt: hoe gaan we hiermee om? En we gaan aansluiten bij wat het rijk aan de communicatie gaat doen, om ook onze inwoners zo goed mogelijk te informeren. Dat zullen we ook uiteraard dan ook met u delen. Ik heb het ook in het presidium aangegeven, want het lijkt mij heel goed dat ook vanuit de Raad betrokkenheid is bij dit belangrijke vraagstuk. Het is heel urgent en heel belangrijk natuurlijk, dat we voorbereid zijn. Dan, even kijken, wat stelde GroenLinks? Die gaf volgens mij ook aan: hoe bereiken we nu mensen die een andere taal spreken? Als we merken dat het niet lukt om in het Nederlands te spreken, dan staat er ook duidelijk in dat we ook de richtlijnen van het rijk gaan volgen. Dat we ook gaan kijken welke andere taal dan wel die mensen te bereiken zijn. En we gaan ook meer met plaatjes en picto 's bijvoorbeeld werken, en dat zie je ook dat dat ook voor mensen die laaggeletterd zijn en voor mensen die licht verstandelijk beperkt zijn, ook heel goed werkt. Maar nu … De voorzitter: U heeft een interruptie. Mijnheer van ’t Eind.

De heer van ‘t Eind: Voorzitter, dank u wel. Dat is heel goed om te horen, daar ben ik ben ik blij mee. De vraag was eigenlijk naar aanleiding ook van de reflectie van mevrouw van Schie. Die zei: het gaat niet alleen over een taal, soms gaat het ook over cultuur en een manier waarop mensen informatie tot zich nemen of de informatie ontvangen. En mijn vraag was meer: deelt u dat ook, dat het meer dan alleen taal is? En op welke manier doen we daar iets mee? Dus dat gaat mij hier niet om taal, en als we er nu niks mee doen, zou u dan bereid zijn om daar wel naar te kijken? Ook … Want dan ontbreekt het nu, wat mij betreft. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer van ’t Eind. Burgemeester Sahin. Mevrouw Sahin: Wat ik in praktijk zie, niet altijd is taal genoeg. Ik heb dat ook gemerkt bij bijvoorbeeld de derde vrouwenmoord, om even heel iets pijnlijks te noemen. Dat ik deur aan deur aanbel bij de portiek in zo’n straat, en dat er mensen open zijn die de taal niet spreken of de deur niet willen opendoen, of moeilijk aanspreekbaar zijn. En dan ga je kijken wat wel helpt. Dan ga je kijken misschien een buurtbijeenkomst, of een inloopspreekuur hebben we georganiseerd, of in andere situaties. Dus dan kijken naar een manier waarop je toch in verbinding kunt komen met die betreffende inwoners. Niet alle inwoners reageren ook op brieven, niet alle inwoners reageren op bijeenkomsten.

Dus soms moet je echt letterlijk naar buiten en gewoon op de deurbel drukken en dan hopen dat iemand de deur opendoet. Dus … En daarin werken we ook, vind ik, goed samen met de woningcorporaties, Welzijn Rijswijk en andere partners, die wel direct toegang hebben tot mensen. En daarbij wil ik ook bijvoorbeeld de huisartsen noemen, de huisartsen en de agenten. Die hebben ook direct toegang tot onze inwoners. Belangrijke informatiebron, die wij ook heel goed kunnen gebruiken, die ik in mijn werk ook gebruik. En ik zie dat ook onze wethouders dat doen, dus dat zijn … Je kunt op allerlei manieren je informatie van inwoners krijgen. Ik hoop dat ik uw vraag hiermee heb beantwoord, dat is ook communicatie. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester Sahin. Wilt u nu interrumperen of kan het voor een tweede termijn? Dan geef ik het woord … Vuurwerkverbod denk ik, in de regio. Mijnheer Veerman, u heeft het woord. De heer Veerman: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel burgemeester, voor het beantwoorden van de eerste termijn. Het vuurwerk wat luidt, zo blij zijn we ermee. Houdt vanzelf op. Bedankt voor de beantwoording. Ik vind het toch een klein beetje pover. Het is misschien niet heel aardig wat ik zeg. Kijk, als ik u hoor vertellen wat u wil gaan doen denk ik: waarom zie ik dat nou niet terug in die in die nota? Want ik denk dat dat … We willen gaan doen zoals u het verwoordt.

Als dat er nou in had gestaan, had het een heel complete nota geweest. Maar het staat er niet in, en dat vind ik nou weer jammer. Wat is nou het plan van aanpak? Hoe gaan we deze zaken die we net benoemen, hoe gaan we die nou met communicatie aanpakken? Want dat zie ik nu eigenlijk onvoldoende terug naar de toekomst toe, die belangrijke zaken die we net noemden. Aantal heeft u gewoon hele goeie antwoorden hoor. Maar aantal ook niet. Als we kijken hoe we aan wettelijk moeten voldoen, dat we nog steeds niet voldoen aan A, maar dat we nog steeds C of D zijn omdat bepaalde documenten niet goed uploaden, omdat we daar geen geld voor beschikbaar stellen. Hetzelfde geldt voor dat onze website niet toegankelijk is. We moeten gewoon een module aanschaffen waardoor mensen die slechthorend zijn wel kunnen luisteren naar wat er in woord staat. Het is allemaal niet zo ingewikkeld, kost wel geld. Maar die plannen zie ik nu onvoldoende hier terug, en dat vind ik eigenlijk een beetje jammer. Want dit is wel naar de toekomst toe. En het gaat snel, die ontwikkeling inderdaad. Dus daar moeten we snel op inspelen, dat we ook daarmee aan de slag gaan. En dat aan de slag gaan, dat zie ik hier onvoldoende in terug. Dus ik vraag me toch af: hoe kunt u daar een verbeterslag in aanbrengen? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Veerman. Mijnheer van ’t Eind, die heeft als eerste zijn vinger op.

De heer van ‘t Eind: Ik wilde toch ook even reageren op de heer Veerman. Ik begrijp zijn reflectie op het college wel enerzijds, anderzijds vind ik het ook een beetje flauw. Want volgens mij doet het college … Want de heer Veerman benoemt net ook terecht, sommige dingen kosten ook gewoon geld. Volgens mij opereert het college ook binnen de kaders die wij daarin hebben meegegeven. En als wij nu constateren dat binnen de kaders die het college heeft, dit het maximale is, maar dat er eigenlijk extra … Maar dan moeten wij onderling een discussie gaan voeren. Ik vind niet dat je dan op dat moment op die manier het college daar zo op kunt aanspreken. De voorzitter: Mijnheer van ’t Eind. Mijnheer Veerman wilt op u reageren. De heer Veerman: Vind ik prima. Kijk, als je geen geld hebt kan je ook zeggen van, we hebben geen geld en we gaan daar over twee jaar, als er wel geld beschikbaar is, gaan we daarmee aan de slag. Dat is ook een antwoord. Ik bedoel … Ik ben daar … Ik snap wat u bedoelt, hoor. We hebben inderdaad minder geld, en niet alles wat in een plan staat hoeft ook geld te kosten. Ik bedoel, ik noem een voorbeeld wat genoemd werd, maar … De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Veerman. Wilt u nog reageren daarop? De heer van ‘t Eind: Nee. Ik heb … Volgens mij hebben we het zo uitgewisseld.

Ik … Het was mij niet helemaal duidelijk of we nu in de tweede termijn gingen … De voorzitter: U mag ook voor uw tweede termijn. De heer van ’t Eind: Of dat ik nu een interruptie heb. De voorzitter: Gaat u maar voor de tweede termijn. De heer van ’t Eind: Want heb ik geen interruptie, dan kan ik nog twee keer interrumperen, toch? Nee, dat ga ik niet doen, voorzitter. De voorzitter: Nee, u heeft er al twee gebruikt. En de zoemer gaat over voor de tijd. Nee, u heeft het woord. De heer van ‘t Eind: Zo gaat het wel heel lang duren. Nog even kort, in reactie op wat de burgemeester net aangaf, rond het zoeken naar doelgroep. Daar was ik ook wel een beetje naar op zoek. Dus ook de samenleving in gaan, aftappen, op het moment dat je met de normale, reguliere communicatie mensen niet kunt bereiken. Want niet iedereen is daar ontvankelijk voor, of niet iedereen vertrouwt de overheid ook. Daar was ik wel een beetje naar op zoek, dus wat mij betreft is dat voor nu een prima antwoord. Dank u wel. En dan heb ik verder niks meer. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer van ‘t Eind. Dan kijk ik naar mevrouw van Schie van het CDA.

Mevrouw van Schie: Naar aanleiding van de het gesprek tussen de heren Veerman en van ’t Eind vraag ik me af of als de burgemeester het nu wel doet, of althans, als de burgemeester zegt dat de gemeente het doet, en het staat niet in het plan, dan lijkt mij dat het geld er wel is, maar dat het alleen niet in het plan staat. Of zie ik dat verkeerd? Dat is de vraag. En dank u wel, mijnheer van ’t Eind, dat u mijn vraag weer verder heeft opgepakt. Wij bedoelen hetzelfde. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw van Schie. Mijnheer Kruger voor een tweede termijn.

De heer Kruger: Dank u wel, voorzitter. Bedankt voor de antwoorden, burgemeester. Ik begon er ook mee dat we vroeger, toen alles beter was, hadden we van die grote borden, muurkranten noemden we dat toen. We hebben nu meegemaakt bij de TH in Eindhoven dat al dagenlang de hele boel platligt. Het schijnt ook in een ziekenhuis gebeurd te zijn, door … Niemand weet wat daar de oorzaak van is, het kan hacken zijn, het kan van alles zijn. Maar tijdens uw nieuwjaarstoespraak hield u ook dat we rekening moeten houden met stroomuitval, omdat dat een van de meest vitale punten in een land is waar u op het hele land kan raken. Want als dat uit is, dan moet je inderdaad je koffertje met geld onder je bed vandaan halen, contant. Je kan niet meer tanken, je hebt ook geen verwarming meer, want de stroom moet ook een cv-ketel kunnen aansturen. Alles en nog wat. Maar in ieder geval zal alle vormen van communicatie, zal onbereikbaar zijn. Dat is er gewoon niet meer, want niks werkt. Mensen kunnen niet kijken, ze hebben geen stroom. Hier kunnen ze niks bijhouden, want we hebben misschien een generator staan, maar je kan het niet kwijt. Dus ik vraag toch eigenlijk om rekening te houden, juist in deze tijd, voor alternatieve conventionele informatiebronnen waarop informatie over de stad kan worden verspreid.

Het klinkt erg oubollig, maar ik denk toch dat u er rekening mee moet houden, dat u wel de beschikking heeft. Dat u straks zegt: ja, ik weet wat er aan de hand is, maar we hebben niks om dat op te plakken. Dus ik vraag daar in ieder geval aandacht voor. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kruger. Dan kijk ik naar mijnheer Ezinga. Die heeft zich de andere kant op gedraaid, maar die wil toch het woord. De heer Ezinga, u heeft het woord. De heer Ezinga: Voorzitter, ik krijg er allemaal ideeën bij, van wat voor conventionele middelen we aan communicatie kunnen gebruiken. Kisten midden in het plein van Rijswijk, waarbij we ‘hear thee, hear thee’ … Ik zie het al helemaal gebeuren. Nee, ik heb verder geen toevoegingen. Sorry daarvoor. De voorzitter: Mevrouw van Nunen, u heeft het woord. Mevrouw van Nunen: Voorzitter, om misschien een beetje een brug te slaan tussen wat de heer Veerman zei en de heer van ’t Eind. Misschien moeten we het gewoon, en dat neem ik aan, dat het college dat ook van plan is, gewoon het maximale halen uit het bestaande huidige budget en de kaders die we daarvoor hebben gesteld. Maar ook vooral niet vergeten dat er ook andere externe organisaties zijn, zoals onze eigen VNG belangenorganisatie, die wel degelijk goede adviezen en hulpmiddelen ook beschikbaar heeft voor gemeenten op dit terrein.

En als je dan niet meedoet aan een monitor, dan mis je ook gewoon even een kans om je dienstverlening op dit terrein, en dan heb ik het over digitale toegankelijkheid, waar ik het net over had, waar geen antwoord op kwam van de burgemeester, dan mis je gewoon even de boot om een verbeterslag te maken. En ik heb begrepen dat ze aan de tweede monitor binnenkort wel mee gaan doen. Maar dat zijn natuurlijk wel belangrijke instrumenten om op je eigen digitale toegankelijkheid te verbeteren zonder dat het extra budget kost. Misschien, dat weet ik niet. Maar in ieder geval, het is een mooie toets ook, voor de gemeente Rijswijk. Waar staan we nu? Wat kunnen we met behulp van derden ook verbeteren? Voorzitter, tot zover. Dank. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw van Nunen. Dan heb ik al oogcontact gehad met twee Forumleden. Dan kijk ik alleen nog even naar mevrouw Jansen-Dirkx, of ze wil. Nee? Dan is er niemand meer voor een tweede termijn, burgemeester Sahin. En dan krijgt u het woord. Mevrouw Sahin: Dank u wel, voorzitter. En dank voor de betrokkenheid en een aantal nieuwe vragen. Uiteraard zullen wij, als er te verbeteren valt als het om digitale toegankelijkheid, aansluiting zoeken bij de VNG, of bij andere organisaties. Ik ben er heel erg voor, of wij als college zijn heel erg voor het maximaal verbeteren van ons communicatiebeleid.

Ik zie ook dat dat team elke dag met veel enthousiasme daaraan

werkt, en stappen zet ter verbetering. Omdat ik ook zie hoe belangrijk communicatie is. Het raakt toch het vertrouwen van burgers, hoe wij ons opstellen, hoe wij ons gedragen en welke woorden wij gebruiken, uiteraard. Dus ik herken niet het beeld van mijnheer Veerman dat wat wij nu doen, wat ik nu zeg, dat het niet staat in het beleid. Het beleid is door het college vastgesteld in juli, en daarna is er niet stilgezeten. Er wordt nu gewerkt aan een contentstrategie, er wordt continu doorlopend nagedacht hoe iets nog beter kan. En zeker de brief van de NCTV heeft ook ons wakker gemaakt. Inderdaad, we moeten inderdaad nadenken als er stroomuitval is. Dan helpt het niet meer om berichten te willen plaatsen op websites of social media. Dan hebben we dat niet. Dan zullen we misschien met een megafoon door de stad met een auto … Er zijn landen waar dat allemaal heel gebruikelijk is, moeten plaatsvinden, of borden. Dus je weet het niet. Ik hoop niet dat we in zo'n situatie komen, maar we moeten wel voorbereid zijn op zo’n situatie.

Dat we wel nadenken: wat gebeurt er op dat moment, als de stroom is uitgevallen? Dus ik wil wel, natuurlijk, het communicatiebeleid is al vastgesteld, u toezeggen om het maximale te doen om het communicatiebeleid zo goed mogelijk uit te voeren, en aansluiting te zoeken bij VNG of andere goede initiatieven vanuit het rijk om ons communicatiebeleid te versterken. De voorzitter: Dat is een mooie toezegging. Is er nog iemand- Sorry, wat zei u? Toezegging nummer 52, inderdaad. En die wordt ingewilligd. Dan sluit ik hierbij het agendapunt, want ik zie niemand meer die wil interrumperen. En het was een RIB-brief. 12. RIB 24-090 Regiovisie Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 12, RIB 24-090, Regiovisie Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang, geagendeerd door D66 met steun van PvdA en Wij. Rijswijk. Dan ga ik weer deze volgorde eerst af. Dan geef ik denk ik mijnheer Veerman het woord. De heer Veerman: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk had ik deze geagendeerd, deze brief ooit, omdat er iets in stond waar ik van dacht: dat hoort hier niet te staan, en waarom krijgen we dat op een andere manier niet naar ons toe als Raad? De vraag is ook gesteld door de ChristenUnie. Wij hebben ooit vragen gesteld, 25 januari 2022, en de beantwoording daarvan staat in deze laatste informatiebrief.

Als we die niet hadden gelezen, hadden we nooit de antwoorden gelezen. Want heel veel mensen lezen die raadsinformatiebrieven niet op een manier dat ze denken: daar staan antwoorden in, daar staat die toezegging in die we ooit gedaan hebben, van de wethouder. Dus ik vraag me toch af of dat niet, in het vervolg in ieder geval, op een andere manier kan. Dus dat wij als Raad in ieder geval, als we een toezegging krijgen, dat we die door de griffie dan ook bij het kopje toezeggingen, dat die vermeld staat, dat die in de raadsinformatiebrief staat. Want ik vind het wel een beetje dat we moeten zoeken naar onze antwoorden. Ik vind dat een slechte gang van zaken. Daar wou ik mee beginnen. Voor de rest denk ik dat het op zich een heel goed stuk is, want daar ging het me eigenlijk niet helemaal over. Toch heb ik nog wel enkele vragen. Ook de ChristenUnie had al een aantal vragen gesteld over het stuk. De tabel is uiteindelijk toegevoegd, en daar heb ik nu een vraag over. Want de prognose is ongeveer gemiddeld, als we kijken naar de meting in ‘22 en ’23, zat dat gemiddeld op 22, of 20, uit mijn hoofd. En nu zien we dat de prognose in 2024, de eerste meting die gedaan is, er staat volgens mij H1, maar dat zal Q1 moeten zijn, of iets anders, maar in ieder geval de eerste meting die gedaan is, staat al op 22. Dat is dus evenveel als de jaren daarvoor het gemiddelde van het hele jaar.

Dus ik vroeg me af of dat getal nu al bekend is, of dat de wethouder dat binnenkort met ons zou kunnen delen. En hoe het komt dat dat meetpunt al het gemiddelde bereikt was van de jaren ervoor baart mij een klein beetje zorgen, vandaar mijn vraag. Een andere vraag die ik heb is dat er binnen deze beschermd wonen, wat als het goed is in de toekomst naar onze gemeente toe gaat komen en waar wij zelf voor een aantal voorzieningen aan de lat zullen gaan staan, ook

binnen onze woonzorgvisie, die we ook samen met het rijk mede ontwikkelen, er worden allemaal tools gegeven waardoor wij ook onze woonzorgvisie lokaal kunnen omschrijven, dat hebben we ook netjes gedaan. Alleen zien we vaak dat er de mogelijkheid om bij nieuwbouwprojecten, om ook projectontwikkelaars erin mee te nemen, dat dat onvoldoende gebruikt wordt nog door onze gemeente. Er zijn vaak externe partijen, ik noem bijvoorbeeld Humanitas, die daar heel sterk in is, die zegt: wij willen best met een projectontwikkelaar, hebben wij middelen en willen wij best meedenken in beschermd wonen om een locatie tot elkaar, om tot uiting te laten brengen. Maar dan moet je wel elkaar zien te vinden. Dat gebeurt nog te weinig bij nieuwbouwplannen en ik denk dat … Ik vraag me af hoe de wethouder daar verbetering in probeert aan te brengen. Want het is wel de bedoeling dat we met de woonzorgvisie, dat we in bestaande wijken, wooncomplexen die toegankelijk zijn voor deze mensen, ook gaan neerzetten of ook nieuwbouw, dat we die ook toegankelijk maken en ook een stuk daarvan misschien gebruiken voor deze doelgroep. En ik vraag me af hoe we daar verbetering in kunnen aanbrengen. Ook dakloosheid is een onderdeel van beschermd wonen, en een van de MO-taken. We zien daar een stuk verbetering in tienpuntenstelsel., samen met Den Haag is er een mooie notitie geschreven.

Daar is invulling aan gegeven, en daar zal een beste verbetering uit voortkomen. Nog steeds zien we landelijk dat er wel seizoenarbeiders betrokken zijn bij heel veel mensen die op straat moeten leven. Zij mogen dan in de meeste gevallen, uit mijn hoofd … Wel komen ze in aanmerking voor de kouderegeling, dat betekent dat ze opvang genieten als de temperatuur onder, wat is het, ik dacht twee of drie graden, uit mijn hoofd, was, mogen ze ook de Humanitas of de andere instelling, kunnen ze worden opgenomen, dan krijgen ze ook een nachtopvang toegewezen. Zodat ze niet 's nachts onder een bepaalde temperatuur buiten hoeven te slapen. Anderzijds is het wel zo dat wij, vind ik, en dat komt ook steeds minder vooruit, dat wij de mensen die daar verantwoordelijk voor zijn, dat we die misschien ook verantwoordelijk moet stellen. Dan hebben we het wel over werkgevers, heel veel werkgevers … Als we het over het Westland hebben zitten we natuurlijk niet hier in Rijswijk, maar ik denk dat wij in de regio daar wel als wethouders misschien iets in kunnen doen. Ik ga ook vragen aan de wethouder of zij ook daar kan kijken om werkgevers in de regio aan te spreken op hun verantwoordelijkheid om deze mensen niet zomaar buiten de deur te zetten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Veerman. Dan was de steun van de PvdA, mevrouw van Nunen. Mevrouw van Nunen: Voorzitter, dank.

En ik wil me echt focussen op twee punten in deze RIB. Dat is de maatschappelijke, moet ik even kijken, wonen intensief, en ik ben wel benieuwd naar ook specifiek de contacten tussen de gemeente en Fonteynenburg op dat punt. Uit onze contacten met Fonteynenburg blijkt dat zij best ambitie hebben om hier in Rijswijk die taakopdracht op zich te nemen. In ook de nabije toekomst. Als Rijswijk, de gemeente Rijswijk, ook zelf verantwoordelijk wordt voor de opvang, met desbetreffende gelden daarmee gepaard gaande. Ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe op dit moment het contact tussen gemeente en Fonteynenburg, die eigenlijk onze partner is met betrekking tot het wonen intensief, hoe dat ervoor staat. En ten aanzien van dakloosheid, en met name preventie van dakloosheid, zou ik het college ook nadrukkelijk willen aansporen … En dat hebben we volgens mij vaker gedaan met meerdere partijen in de Raad, om een visie, een concrete visie, op voorkoming van dakloosheid … En wat u zelf zegt, de weg in te slaan van opvang naar wonen. Wanneer kunnen we daar een voorstel, een visie, op verwachten van het college? Voorzitter, hier laat ik het even bij in de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw van Nunen. Dan ga ik naar mevrouw Jansen-Dirkx van Wij. Rijswijk. Mevrouw Jansen-Dirkx: Dank u wel. We hadden … Er zijn al best een hoop vragen gesteld, dus dat scheelt al.

Dat had ik ook niet anders verwacht. We zijn in ieder geval wel blij om te lezen dat, ondanks het feit dat de

decentralisatie uitgesteld is, we toch niet stil blijven zitten. Dat vinden we een heel fijne gedachte, want we weten dat het er wel aan gaat komen, tenminste, daar gaan we dan maar vanuit, want je weet het maar nooit. Maar dat we gewoon wel door blijven gaan met de ontwikkeling op dit gebied. En voor de rest kan ik me van harte aansluiten, zeker bij de oproep van de heer Veerman als het gaat om dakloosheid onder arbeidsmigranten. Want dat is toch een probleem wat bij ons eigenlijk min of meer over de schutting geworpen wordt. En dat is toch eigenlijk ongehoord, dat een gemeente, een samenwerkingsgemeente van ons hier zo op die manier ermee omgaat. Dus ik kan alleen maar oproepen: ga met deze wethouder in de gemeente Westland het gesprek aan, want dit kan niet. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Jansen Dirkx. Dan had ChristenUnie al vragen ingestuurd, dat was voldoende. Dan kijk ik even naar mijn rechterzijde. Mevrouw Oude Alink, u heeft het woord. Mevrouw Oude Alink: Dank, voorzitter. Enkele aanvullende vragen. We zien inderdaad ook dat de stijging van de wachtlijst voor beschermd wonen in Rijswijk er wel is, maar in de regio dan niet. Dat komt door de daling van indicaties wonen van de Wmo, omdat dat naar de wlz gaat.

Dan vraag ik me af: is die daling alleen door het overgaan naar de wlz? En hebben we enig zicht op de stijging die er in Rijswijk is? Of lees ik het misschien verkeerd? Wat zijn daar de oorzaken misschien van? Weten we dat misschien vanwege de loketfunctie die we dan nu of binnenkort hebben? Daarvoor vraag ik me ook af: hebben we in Rijswijk voldoende capaciteit en kennis om die loketfunctie goed uit te voeren en goed door te verwijzen? Hebben we misschien nog wat extra aan, kunnen we meer informatie krijgen wellicht? En ik vraag me ook af wat de effecten op de doelgroep zijn van het huidige gebrek aan woonruimte, wat natuurlijk al jaren bestaat. Want ik lees dat ze bijvoorbeeld door tekort aan woningen tijdelijk in hotels worden opgevangen. Opvang is altijd beter dan geen opvang, natuurlijk. Maar ik vraag me af: het is best een kwetsbare doelgroep, wat zijn dan de effecten op hun welzijn? En voor de rest kan ik me ook aansluiten bij de oproep van de heer Veerman. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Oude Alink. Dan ga ik naar mevrouw Prenger. Mevrouw Prenger: Dank u wel, voorzitter. Ik had nagenoeg dezelfde vraag als mevrouw Oude Alink. Ik had nog een toevoeging daaraan. Kan de wethouder aangeven waardoor de wachtlijst woon intensief langer wordt? Is dat alleen een soort doorstroming die stagneert of zijn er nog andere aanwijsbare oorzaken? Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Ezinga? Nee? Mevrouw van Schie, u heeft het woord. Mevrouw van Schie: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Er zijn al veel vragen gesteld waar ik me ook in kan vinden. Ik heb nog wel de vraag of de wethouder aan kan geven wat het effect is van de overgang van de historische verdeling naar de objectieve verdeling. En ik ben het helemaal eens ook met mevrouw van Nunen met betrekking tot het toe leiden naar een huis en naar bestaanszekerheid van mensen die dakloos zijn. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw van Schie. Dan geef ik het woord aan mijnheer Weterings. De heer Weterings: Hier ben ik wel, hier ben ik niet. Kiekeboe. Maakt niet uit. De voorzitter: Dan vraag ik de griffie even om te vragen naar boven waarom mijnheer Weterings nog steeds niet zichtbaar is. Mevrouw…: Ze zijn er mee bezig.

De heer Weterings: Dat geeft niet. Het is de eerste keer. Er zijn al heel veel vragen gesteld, en wij hadden geen vragen. De voorzitter: U was in beeld, mijnheer Weterings. Nog een keer proberen of u in zicht bent. Ja, u bent er. Dank u wel. Dan ga ik voor de eerste termijn naar de wethouder, als ik het goed heb. Mevrouw Bentvelzen. Mevrouw Bentvelzen: Voorzitter, dank. Dat klopt denk ik ook, dat ik de vragen mag beantwoorden. Die H1, mijnheer Veerman, die staat voor het eerste halfjaar. Dus u … Het is gelukkig niet alleen de eerste maand. Maar u ziet natuurlijk wel juist staan in die grafiek dat als dit zo gestaag doorzet, dat we dus wel richting een verdubbeling gaan. Dus dat heeft u zeer goed opgemerkt, en dat is wel zoals het er nu uitziet. Er zijn meerdere collega's die mij hebben aangegeven: spreek werkgevers, dan wel je collega uit het Westland aan, als het gaat om het opvangen van arbeidsmigranten. Ik durf ze te zeggen dat dat vaak genoeg de revue passeert, niet alleen binnen de tafel beschermd wonen maatschappelijke opvang. Want de reden daarvan is dat het Westland daarbij niet aan tafel zit, dat doen we namelijk samen met leidsman Voorburg, Zoetermeer, Wassenaar, de gemeente Den Haag natuurlijk, en de gemeente Rijswijk. Desondanks spreekt mijn collega van Malsen zijn wethouder in het Westland vaak genoeg aan op het opereren aldaar.

En tegelijkertijd wil ik dan ook wel zeggen dat de Raad van de gemeente Westland daar ook op een bepaalde manier opereert, waardoor de wethouder daar niet zo heel veel kan en best wel vaak met de rug tegen de muur staat. Want je hebt namelijk een gemeenteraad nodig in de democratische setting zoals wij die kennen, in een meerderheid, en dat gebeurt daar vaak genoeg niet. Voorzitter, het contact met Fonteynenburg, want die willen volgens, als ik mevrouw van Nunen goed begrepen heb, graag een aantal zaken oppakken, zoals wonen intensief. Dat begrijp ik natuurlijk, want Fonteynenburg … Maar ik wil dat niet. Ik wil niet dat alleen Fonteynenburg hier opereert in de stad. Dus ik heb gesprekken met meerdere zorgaanbieders, zodat we daar wel de keuzevrijheid kunnen waarborgen van onze mensen die beschermd wonen, wonen intensief of wat dan ook nodig hebben. Tegelijkertijd is Fonteynenburg natuurlijk gewoon een grote speler al in onze stad, en bedienen zij al best wel een grote doelgroep en heb ik daar ook zicht op. Ik heb ook goed contact met de bestuurder van Fonteynenburg. Ik zie haar regelmatig met de woonzorgtafel die wij met elkaar hebben, maar ook gewoon een-op-een. Ik heb volgens mij, uit mijn hoofd gezegd, in maart weer een contactmoment met haar en dan gaan we weer kijken hoe de vlag erbij hangt van Fonteynenburg in Rijswijk.

Maar zij zijn altijd welwillend, hebben altijd een uitgestrekte hand als zorgaanbieder richting een specifieke groep mensen. En dat is fijn. En dat is fijn om daarmee te mogen samenwerken. U heeft aangegeven: hoe zit het met de preventie van dakloosheid en een visie op voorkomen van dakloosheid? En wanneer komt die? Ik weet niet of ik die toezegging ooit gedaan heb, dat er een visie zou komen op dakloosheid of dat dat nu een vraag is die u mij stelt. Zover mij bekend is, zit er niets in de pijplijn specifiek enkel en alleen gericht op Rijswijk wat betreft dakloosheid, maar wordt er in de regio meer gefocust op maatschappelijke opvang en komt dat ook in regionale visie terecht. Dus daar komt wel plek voor dakloosheid en een maatschappelijk opvang, alles wat daarmee van doen heeft, maar in de regionale visie, waar ook mijn collega van Malsen samen met mij aan tafel zit. De oorzaak van wachtlijst Rijswijk alleen door de wlz, nee, die komt niet alleen door de wlz. Die komt eigenlijk ook grotendeels doordat de doorstroom niet goed is. Dus er stromen te weinig mensen uit wonen intensief, en daarmee is er te weinig plek voor deze mensen. Die mensen kunnen soms ook niet doorstromen uit wonen intensief, want die hebben dat gewoon nodig.

We hebben met het rijk bedacht dat die mensen allemaal zouden moeten doorstromen naar een zelfstandige woning, en dat … Daar heb ik zelf wel mening over, of dat we dat goed doen ja of nee, maar laat ik die voor vanavond maar achterwege. Voorzitter, de loketfunctie, kunnen we dat aan? Voor zover mij bekend wel. Tegelijkertijd doet de gemeente, centrumgemeente Den Haag ook gewoon nog heel veel voor ons. Alleen het is wel fijn dat we iets verder aan de voorkant zitten en dat we in ieder geval inzicht hebben om welke inwoners het gaat. En daarmee kom ik

ook een beetje op uw vraag terecht, mevrouw van Schie, wat dan het voordeel is van de historische verdeelsleutel en op de manier zoals we het nu gaan doen. Dat is wel dat we beter zicht hebben op waar iemand vandaan komt. Als iemand in eerste instantie vanuit Rijswijk gezien dakloos is geworden, dan zijn wij, hebben wij gewoon zorgplicht op onze eigen inwoner. Voorheen verdween die persoon eigenlijk een beetje in de grote systemen van de centrumgemeente Den Haag, waarin overigens wel uiteindelijk plek kwam natuurlijk, voor die persoon. Dus het is niet zo dat er niks mee gebeurde, maar het was wel zo dat we minder grip hadden. Dus ik denk dat het goed is. En daarmee ben ik ook blij naar wat mevrouw Jansen-Dirkx ook refereerde, dat we wel gewoon goed doorzetten op dit onderwerp, ondanks dat ze continu de decentralisatie uitstellen. En ik hoop van harte dat ze hem een keer echt gaan maken voor ons. En als dat niet zo is, dan hebben we in ieder geval een mooi aantal stappen gezet in de regio. Er zijn nog wel meer vragen gesteld over visie en toe leiden naar een woning en bestaanszekerheid. Ik heb onlangs een gesprek gehad, samen met mijn collega van Malsen, met een private partij die woningen koopt om dakloosheid tegen te gaan, om mensen een huis te bieden. Daar hebben we een leuk gesprek over gehad, samen met woningbouwcorporaties daarbij.

En daar gaan we wel wat handen en voeten aan geven, als het goed is, in Rijswijk. Tegelijkertijd heb ik laatst bij een regionale bijeenkomst gezeten, heb ik toch al die cijfertjes even opgeteld en heb ik toch wel gevraagd aan de rest van de mensen die daar aanwezig was of iedereen zich bewust was van het feit dat met alle aandachtsgroepen die wij momenteel moeten huisvesten, al dan niet door rijksbeleid, alle taakstellingen en god mag weten wat, dat we boven de 50 procent uitkomen op woon-verdeel systemen. En dat dat niet meer te doen is voor gemeenten, dat we daarmee mensen in de kou moeten zetten of keuzes moeten gaan maken. Dat gaat natuurlijk heel ver en dat is echt iets wat we niet moeten willen met elkaar. Voorzitter, dan is mij ook nog vragen gesteld over dat hotel en hoe dat dan gaat met het welzijn van de mensen. Ik vind het ook vreselijk. Ik vind een hotel superleuk met mijn kinderen, twee weken in de zomervakantie, en daarna wil ik heel graag terug naar een eigen huis. Want dan word ik ook knettergek op zo’n hotelkamer. Dus ik vind het echt wel heftig voor de mensen die daar geplaatst moeten worden omdat er gewoon geen andere plekken zijn. Tegelijkertijd kost het ook heel veel geld. We hebben onlangs een schrijven gehad van de centrumgemeente van Den Haag, van mevrouw Vavier, mijn collega ut Den Haag. Het loopt echt de spuigaten uit.

De kosten zijn opgelopen van een half miljoen in 2022 naar ruim acht miljoen vorig jaar. En dan zijn we er nog niet, want de komende tijd loopt dat nog door. Ze gaan er een iets andere aanpak in doen. Die brief, die staat volgens mij nog geagendeerd, of die wordt nog geagendeerd in Den Haag. Daar ga ik in ieder geval vanuit, dat de commissie dat daar gaat doen. En dat volg ik op de voet. Ik heb maandag aanstaande, heb ik een bestuurlijk overleg met mijn collega's uit de regio, wederom over dit onderwerp, waarin we de ETHOStelling gaan bespreken. Want daar gaan we met de regio aan meedoen, voor het eerst weer in een aantal jaren, dus daar ben ik zelf wel blij mee, dat we dat gaan doen. En nog een aantal andere zaken, maar waaronder de toestroom van mensen, voornamelijk gezinnen, die in dakloosheid verkeren, die ook overigens voornamelijk van de Antillen afkomen, en hoe we daarmee omgaan en hoe we dat handen en voeten gaan geven in de in de toekomst. Voorzitter, ik weet niet of ik alle vragen heb beantwoord. Ik heb wel geprobeerd om mee te schrijven, maar ik heb vast wel wat gemist dit keer. Sorry. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Bentvelzen. Dan kijk ik even rond voor een tweede termijn. Ik denk … Eerst mijnheer Veerman, doe ik dan eerst netjes op volgorde, en daarna mevrouw van Nunen. Mijnheer Veerman, u heeft het woord. De heer Veerman: Dank u wel, voorzitter.

De wethouder natuurlijk voor de beantwoording van de vragen. Ik ben blij dat er zoveel ontwikkeling is in beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Ik denk dat bouwen toch … Waar ik niet helemaal een antwoord op kreeg … Ik hoorde dat u in gesprek bent met een aantal partijen. Ik hoop dat het dan ook voeten in de aarde krijgt. Maar ik denk ook echt als gemeente toch misschien

een stapje bij moeten zetten om bepaalde stukken, die we voor nieuwbouw geschikt gaan maken, dat we daar ook rekening houden. Ik noem maar in Pasgeld, daar waar we de grond hebben, dat we dan echt gaan kijken of we projectontwikkelaars kunnen vinden die ook voor deze doelgroep kunnen gaan bouwen. Want de noodzaak is gewoon hoog. Dus we moeten ook voor die doelgroep, en voor ouderen blijkbaar, dat we ook veel te weinig bouwen, toch zelf gaan bouwen om ook doorstroming maar ook andere mensen wel voor woningen in aanmerking te laten komen dus, om daarin te blijven voorzien. En ten tweede, wat ik jammer vond ook, als we het hebben over de seizoenarbeiders, dat zijn vooral Oost-Europeanen … Ik denk dat mevrouw van Nunen, precies … Ik word een dagje ouder. Van Nunen op doelt is ook dat er landelijk een pilot draaiend is, waar zes of zeven miljoen aan uitgegeven wordt, om Oost-Europeanen te kunnen opvangen. Helaas is er geen geld voor alle gemeentes, maar daar zou je wel naar kunnen kijken. Dat Oost-Europeanen geholpen worden om, één, huisvesting, en twee, misschien nieuwe arbeid, maar wel een stukje begeleiding te krijgen om ook eventueel die mensen terug te laten gaan naar hun eigen land. En dan hoeven ze geen, niet meer op straat leven hier in Nederland. Er zijn heel veel gemeenten die daarmee bezig zijn.

We zouden ook eens kunnen kijken … Volgens mij doet Den Haag niet mee helaas, volgens mij. Wat, doen ze wel mee? Oké. Dus dan zijn straks de voorbeelden voorradig, en dat zou ook iets moois zijn voor Rijswijk, als we überhaupt hier Oost-Europeanen hebben. Maar dat even terzijde. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Veerman. Mevrouw van Nunen, u wou het woord voor een tweede termijn. Mevrouw van Nunen: Even kort, ook omdat de reactie van de wethouder op mijn vraag over de contacten met Fonteynenburg bij de wethouder, ook terecht denk ik, de reactie opriep van, we zijn met meerdere mogelijk in gesprek. Maar ik zou toch willen oproepen, en niet omdat ik nu direct op Fonteynenburg terugval, maar de opgebouwde expertise van Fonteynenburg en Rijswijk is groot. En zeker in die echt moeilijke vorm van intensief beschermd wonen. Dus een oproep om toch ook … Ondanks wat u zegt: we zijn ook met meerdere aanbieders in gesprek, mogelijk in de toekomst. Gooi ook niet de opgebouwde expertise van een echt goede partner als Fonteynenburg zomaar terzijde. Het lijkt wel alsof ik bij Fonteynenburg werk. Daar werk ik niet. De voorzitter: Aandelen misschien, mevrouw van Nunen? Nee? Mevrouw van Nunen: Het was meer een oproep, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nog even het Forum rond, mevrouw Jansen-Dirkx? U krijgt het woord. Mevrouw Jansen-Dirkx: Dank u wel.

Inderdaad, ik heb de wethouder goed gehoord. Ik hoor u zeggen zelfs dat ook wethouder van Malsen en ikzelf veel, uzelf dan, ook veel aandacht ervoor vraagt, voor de opvang van arbeidsmigranten. Ik hoor u ook zeggen: de gemeenteraad van de gemeente Westland heeft hier een rol in te spelen, dus laat ik vanaf deze plek … En ik hoop dat ze het horen of slash zien. Neem uw verantwoordelijkheid als gemeente, als u weet dat u zoveel arbeidsmigranten binnen uw gemeentegrenzen aan het werk hebt. Neem uw verantwoordelijkheid ook voor de opvang van deze mensen, of spreek ieder geval uw ondernemers erop aan om daar actie op te ondernemen. Dat is het enige wat ik op dit moment kan doen. Misschien zouden we ook als gemeenteraad een brief kunnen sturen aan de gemeenteraad van Westland, om daar eens een keer actie op te ondernemen. Ik noem maar iets. Misschien is daar ook mogelijkheid toe. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Jansen-Dirkx. Dan volgens … Mevrouw Oude Alink.

Mevrouw Oude Alink: Dank u wel, voorzitter. Inderdaad aansluitend op de vorige spreker, volgens mij is het wel apart als een gemeenteraad kan besluiten dat een bepaalde groep mensen gewoon helemaal geen ondersteuning krijgt en dat ze gewoon buiten moeten slapen. Dat lijkt me niet hoe het hoort. Dus daar ben ik het mee eens. Ik hoor inderdaad de wethouder zeggen dat de loketfunctie wel goed gaat. Daar ben ik blij om. Wel zou ik graag willen vragen of … Ik denk ook dat het wel gebeurt, hoor. Als mensen zich aanmelden bij dat loket en aangeven dat ze dakloos zijn, dan ben ik heel erg benieuwd naar hoe dat dan precies komt. Want misschien kunnen we dan op een ander terrein daar nog iets aan doen, of op een andere manier ondersteunen. Dus ik hoop dat het college het daarmee eens is, dat we met die informatie heel zorgvuldig om moeten gaan. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Oude Alink. En voor de rest zie ik niemand reageren. Dan … Jawel, mevrouw ten Brummelaar. Mevrouw ten Brummelaar: In afwezigheid van mevrouw Koegler, voorzitter. Ik hoorde twee partijen voor ons, of voor mij, zeggen: laten we de gemeente Westland oproepen om dat te doen middels deze manier. Ik zou zeggen, laten we allemaal als per partij daar inspreken en ze op die manier oproepen. Ik denk dat we dan ook gelijk een goed punt maken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw ten Brummelaar.

Dan geef ik het woord aan wethouder Bentvelzen. Mevrouw Bentvelzen: Dank. Het is mooi wat jullie wat jullie doen en zeggen. Het maakt het gewoon lastig dat het college van het Westland probeert stukken grond of te bedenken: hier kan dan eventueel iets, heel misschien, en dan wordt het afgeketst op uiteindelijk op gewoon geen meerderheid daarvoor. Dus dat wordt echt wel lastig gemaakt daar voor het college om te doen wat ze moeten doen. Tegelijkertijd wil ik toch wel één ding zeggen, dat is wel dat er een, volgens mij, akkoord is gekomen op een stuk grond waarin zevenhonderd arbeidsmigranten, volgens mij, een plekje gaan krijgen om gehuisvest te worden. Maar ik weet het niet honderd procent zeker, maar volgens mij waren er zevenhonderd en … Dat is natuurlijk hartstikke mooi, want ze zijn ook hard aan het werk in het Westland. Maar ik benijd mijn collega's daar niet, in het college. Die hebben het niet altijd even makkelijk. Voorzitter, rekening houden met doelgroepen in de nieuwbouw, we doen echt wat we kunnen, mijnheer Veerman. En nogmaals, wat ik net al aangaf, als je gaat kijken en alles gaat optellen wat we van het rijk moeten doen in het kader van aandachtsgroepen, waar onder andere beschermd wonen, dakloosheid, et cetera ook onderdeel is, dan zitten we echt al rond of over de vijftig procent in sommige gevallen.

Dus we proberen ook heel goed via de woonzorgtafels van de gemeentes regionaal, alle wethouders volkshuisvesting of wonen hebben ervoor gezorgd dat de wethouders zorg ook zijn aangesloten. Dus wij mogen altijd een uur meediscussiëren aan die tafel, en dan kijken we met elkaar, oké wat is er nodig? Tenminste, dat zijn we aan het doen: wat is er nou nodig? En hoe kunnen we dat in verschillende gemeenten oplossen? Want niet iedere gemeente heeft tachtig verschillende instellingen nodig aan zorg, maar misschien dat je kan zeggen: als jullie die doelgroep kunnen bedienen in een soort van regionale functie, dan kan gemeente X dat doen. Zo is er bijvoorbeeld momenteel onderzoek natuurlijk gaande naar de gemeente die plaats kan maken voor Skaeve Huse. Ik weet niet of iedereen dat fenomeen kent, maar daar ben ik hard mee aan de slag samen met de collega's in de regio. En daarover gesproken, Den Haag doet dus wel mee met een ding op arbeidsmigranten. Ik weet even niet de naam van die zorgaanbieder, dat wist ik vroeger wel, want ik heb daar wel eens mee samengewerkt. Die is speciaal voor mensen uit Oost-Europa, volgens mij heet het iets van Barkoo of Barcoor, iets in die trant.

Maar er is een specifieke projectleider opgezet, en daarin zijn ze inderdaad met de mensen aan de slag die dakloos raken of anderszins in de problemen: kunnen we je helpen met een woning, dan wel en met werk, et cetera, als ze dakloos zijn geworden. Als het niet zo is, dan

kunnen ze ook, worden ze ook geholpen om terug te keren naar een land van herkomst. En dat gaat best wel goed. Er zijn best wel goede eerste cijfers van, heb ik laatst van de collega die dit in Den Haag doet vernomen. Want ik heb daar nauw contact mee. Voorzitter, volgens … De toedracht van dakloosheid, volgens mij wordt dat niet gevraagd, specifiek. Maar ik kan het nog even voor u nagaan, of daar iets is wat daarin bijgehouden wordt. Maar volgens mij is dat niet het geval. Voorzitter, dat was mijn tweede termijn. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Bentvelzen. Dan kijk ik … Dit was de tweede termijn al, sorry. Dan sluit ik dit agendapunt. 13. Vragenuur De voorzitter: Dan gaan we naar het vragenuur, dat zijn elf vragen. Onderhand zijn alle vragen beantwoord, dus ik stel voor om tien minuten te schorsen zodat iedereen even goed zijn vragen kan kijken wat beantwoord is, want dan denk ik dat het vragenuur ook iets sneller gaat. En dan kunnen ook mensen voor de sanitaire stop. Mevrouw Woudstra? Mevrouw Woudstra: Mag ik voorstellen dat mensen dan in de schorsing naar u toe komen welke doorgaan, zodat u dan het lijstje heeft welke doorgaat? En ik hoor hier op rechts dat niet iedereen misschien tien minuten nodig heeft, dus … De voorzitter: Oké. Dan is vijf … Mevrouw Woudstra: Zullen we dan vijf minuten doen? Voor wie het niet heeft kunnen doen, en dan bij u even melden.

Dan kunt u oplezen wat er gaat gebeuren. De voorzitter: Dan is vijf … Vijf minuten, dat is goed. Dank u wel. a. Vragen PvdA – RIB 24 095 Voortgangsrapportage Meedoen Werkt en Rijswijk Werkwijs i.c.m. Programma Aandacht Werkt De voorzitter: Ja, dank u wel. Dan open ik weer de vergadering. Dan wachten we heel even op beeld, want ik weet niet of ze dat boven ook doorhebben, dat ik de vergadering weer open. Dan gaan we er even uit voor de reclame. Levert misschien de gemeente wat geld op. Ik kom nou in een keer met een idee, hoor. Daar zijn we, welkom terug bij agendapunt 13, het vragenuur. Er zijn een aantal vragen al beantwoord en die worden niet opnieuw gevraagd. Aantal wel, dat is agendapunt 13a, vraag van de PvdA, RIB 24-095, Voortgangrapportage Meedoen Werkt en Rijswijk Werkwijs in programma Aandacht Werkt. Mevrouw van Nunen, u heeft het woord. Mevrouw van Nunen: Voorzitter, kort. Dank voor de antwoorden. Mijn eerste vraag was gesteld omdat ik rond de ambities voor 2025 eigenlijk las dat dat in de eerste halfjaarrapportage 2025 vermeldt wordt. En ambities stel je volgens mij vooraf aan een jaar, en niet halverwege een jaar. En het antwoord dat ik krijg, of dat we krijgen, is gericht in de eerste alinea op het vorige jaar, dus dat zijn niet de ambities voor dit jaar. En het tweede, in de tweede alinea, staat de ambitie die al in de begroting stond voor 2025.

Dat is op zich natuurlijk ook een ambitie, in november. Daar staat namelijk eigenlijk alleen in dat we uitgaan als ambitie om honderd mensen verder te activeren naar werk. Ik had eigenlijk iets meer ambitie verwacht rondom het antwoord dat ik hierop zou krijgen, op vraag een. Dus ik vraag nogmaals aan de wethouder: is daar iets meer over te zeggen, of anders op welke termijn? Ik kan me ook voorstellen dat dat u daar

misschien niet nu meteen het antwoord op heeft. En ten aanzien van de laatste vraag had ik gesteld: wat voegt nou Aandacht Werkt toe aan Werkwijs, aan programma Werkwijs, één? En B, het andere programma, Meedoen Werkt. En dan denk ik, dan is het derde programma eigenlijk een soort extra bal erboven, of naast, die de verbinding moet leggen tussen Werkwijs en Meedoen Werkt. En waarom kunnen die twee aparte onderdelen, Werkwijs en Meedoen Werkt, dat niet gezamenlijk doen? Waarom moet daar iets naast gezet worden, dat was mijn vraag. En dan komt er een antwoord: dan zoeken we de verbinding en dan leggen we de verbinding ook met inburgering. Het is mij niet helemaal duidelijk wat de meerwaarde is van Aandacht Werkt boven die twee aparte programmaonderdelen, die toch ook met elkaar kunnen, daarvan de medewerkers natuurlijk, kunnen communiceren: wat doen we, wat halen we eruit en wat kunnen we analyseren uit ons werk wat we in die twee werkgroepen gewoon gezamenlijk weer oppakken? Daar wordt dus iets nieuws naast gezet, met … En dat heb ik ook gezegd in mijn inleiding, met daarnaast, en dat wil ik even vooropstellen, heel veel waardering voor hoe wij maatschappelijke participatie in onze gemeente op dit moment vormgeven. Compliment voor de bijlage. Komen een beetje laat, u zegt het zelf ook, want ambities die stel je niet achteraf, maar vooraf.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=fec35aa9-f968-4641-b6b9-6865edefadcb