CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 - Beleidsanalyse - actualisatie Omgevingsvisie.pdf

Commissie Samen leven en Samen wonen RK 9 oktober 2024, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 8: Beleidsanalyse18.152 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In het onderzoeksgebied hebben 50 landschappelijke en stedenbouwkundige structuren en 76 cultuurhistorisch waardevolle objecten/ensembles een cultuurhistorische waardering gekregen. Er zijn ook 15 rijksmonumenten en 15 gemeentelijke monumenten.

23 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Industrieel Erfgoed concept (2023)

De identiteit van Ridderkerk wordt voor een belangrijk deel bepaald door haar industrieel erfgoed. In totaal zijn zes soorten industrieën van invloed geweest op de ontwikkeling van de gemeente: de vlasindustrie, scheepsbouwindustrie; ijzergieterij en metaalwerk; elektrotechniek en machineindustrie; houtbewerking en timmerwerk en overige maakindustrie. Van elke industrie zijn kenmerkende erfenissen, mogelijke erfenissen en verdwenen erfenissen geïnventariseerd. Het beleidsdocument brengt deze locaties in beeld. Ondanks dat het industrieel erfgoed niet meer prominent zichtbaar is in het straatbeeld, is het wel sterk aanwezig in de wijze waarop de gemeente vandaag de dag eruitziet en functioneert. Het wegvallen van de industrie eind van de 20ste eeuw betekende bijvoorbeeld de omslag naar ruim opgezette bedrijventerreinen die vandaag de dag nog gebruik maken van de goede ontsluiting en ruimtelijke opzet uit het industrieel verleden.

Genoemde aanbevelingen voor omgang met het industrieel erfgoed: voortborduren op de historische gelaagdheid; onderzoek naar mogelijkheden voor herstel en versterking van de belevingswaarde van de historische structuren; kenmerkende erfenissen behouden en indien mogelijk beschermen (als monument of aanduiding cultuurhistorie); er zijn in totaal zeven locaties (zie pagina 67 in het document) waar de functionele logica, het productieproces en de relatie met de context eromheen nog goed te herkennen zijn. Van deze locaties is bekend dat ze op het punt staan te transformeren/ her-ontwikkelen. Cultuurhistorie zou hier als uitgangspunt genomen kunnen worden geheel volgens de gedachte ‘behoud door ontwikkeling’; verdiepend onderzoek naar de mogelijke erfenissen die in beeld zijn gebracht.

3.1.8

Duurzaamheid, energie en klimaat

Tabel 3.8 Duurzaamheid, energie en klimaat Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Warmtevisie: dé route naar 2050 (2020)

Doel: aardgasvrij Ridderkerk in 2050. Drie alternatieven op aardgas: warmtenetten, all-electric oplossingen (verzwaard elektriciteitsnet) en gasnetten in combinatie met duurzaam gas. Ridderkerk wil, in samenwerking met Albrandswaard en Barendrecht (BAR), betaalbaar overstappen naar één of meerdere van deze opties. Vanaf 2030 moeten de eerste wijken in Ridderkerk van het gas af zijn en aangesloten op een alternatieve warmtebron. Uitgangspunten die aan de basis staan van de overgang naar een aardgasvrije gebouwde omgeving: een betaalbare overstap (+investeringszekerheid voor ontwikkelaars); heldere informatievoorziening; plannen die haalbaar en uitvoerbaar zijn; een duurzame en betrouwbare oplossing.

Klimaatvisie Ridderkerk De route naar 2050 (2021)

Doel: Ridderkerk CO2-neutraal en circulair in 2050. In het document worden verschillende doelstellingen genoemd. In deze beleidsanalyse zijn enkel de doelstellingen opgenomen die zich richten op de langere termijn (≥ 2030). De Klimaatvisie is geformuleerd langs vijf thema’s met bijbehorende doelen voor 2030 en 2050: Energie: · het besparen van energie door het verminderen van de vraag: doelen 2030: geen woningen meer met energielabel E, F en G, kantoorgebouwen hebben tenminste energielabel A, vastgoedportefeuille van de gemeente is verduurzaamd naar het economisch en maatschappelijk meest verantwoorde energielabel met als minimum energielabel C; doel 2050: woningvoorraad heeft gemiddeld een energielabel B met als minimum label C, energievraag is gedaald met 30 % ten opzichte van 2020;

24 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities ·

het opwekken van duurzame energie: doel 2030: 40 % van de bedrijfs- en woningdaken die geschikt zijn voor zon opwek worden hiervoor benut; · het overstappen naar duurzame warmtebronnen: doel 2030: 20 % van de bebouwde omgeving is aardgasvrij; doel 2050: de gehele bebouwde omgeving is voorzien van een fossielvrije warmtebron; · het realiseren van een gedegen energieopslag; Mobiliteit: ruimte voor fietser en voetganger, HOV, dekkende laadinfrastructuur voor elektrische mobiliteit; Circulaire samenleving: producten en grondstoffen zo lang mogelijk in omloop houden en daarmee het gebruik van primaire grondstoffen verminderen. Inzetten op het hanteren van een integrale aanpak die zich richt op lokaal inkopen, gebruik en einde gebruik. Voedselpatronen worden verduurzaamd: · doel 2030: max. dertig kg restafval per inwoner per jaar, alle bouw uitvragen circulair; · doelen 2050: volledig circulaire samenleving, voedselverspilling is max.

tien kg voedsel per huishouden per jaar, volledig afvalloze gemeente; Klimaatadaptatie: · doel 2050: Ridderkerk is water robuust en klimaatbestendig ingericht; Milieu: · goede bodemkwaliteit: bodem en ondergrond worden zo gebruikt dat het de mogelijkheid voor de volgende generaties om in hun behoeften te voorzien niet in gevaar brengt; · grondverzet reguleren zodat de bodemkwaliteit aansluit bij de functie; · ondergrond duurzaam benutten, bijvoorbeeld bij de opwek van bodemenergie; · duurzaam bodemgebruik wordt bevorderd bij ruimtelijke ordening en inrichting, natuurbeheer en waterbeheer; · goede luchtkwaliteit, mede door luchtkwaliteit tijdig te betrekken in de ruimtelijke ordening; · minder geluidshinder: doel is om te (blijven) voldoen aan de wettelijke kaders en het aantal geluidgehinderden te verminderen; · externe veiligheid bevorderen door risico’s te minimaliseren en handhaving toe te passen. Risicodragende activiteiten binnen de invloed van woongebieden hebben de hoogste prioriteit. Daarnaast inzetten op het tijdig betrekken van externe veiligheid in het ruimtelijke ordeningsproces. Hierbij horen nog twee ondersteunende thema’s: communicatie, participatie, educatie + bewustwording en draagvlak; financieringsarrangementen. Strategie klimaatadaptatie Gemeente Ridderkerk (2022)

De Strategie Klimaatadaptatie omschrijft twee gemeentelijke kerndoelen: 1 we zijn water robuust en klimaatbestending; 2 we hebben een leefbare en gezonde leefomgeving. Klimaateffecten die Ridderkerk nu al ondervindt zijn wateroverlast, het verdwijnen of juist een invasie van soorten. Ook is er een overstromingsrisico vanwege de omliggende rivieren: Ridderkerk ligt op het eiland IJsselmonde, waarvan een groot deel onder de zeespiegel ligt. Verder is er kans op bodemdaling in de veenweidegebieden. Om de kerndoelen te realiseren zijn 6 handelingsperspectieven geformuleerd. De eerste drie zorgen ervoor dat Ridderkerk water robuust en klimaatbestendig wordt, de laatste drie zorgen voor een leefbare en gezonde leefomgeving: 1 werken aan een water robuuste omgeving. Ridderkerk gaat de risico’s op overstromingen verkleinen en voldoen aan landelijke normen. In de openbare ruimte houdt de gemeente rekening met mogelijke overstromingen. Waar nodig wordt de ruimte aangepast. Ook wordt een systeem van compartimenten aan primaire en secundaire dijken opgezet, om de stad te beschermen. Tot slot wordt ingezet op bewustwording bij de inwoners om meer zelfredzaam te zijn bij wateroverlast. Speciale aandachtspunten zijn de Oostmolendijk en - in mindere mate - de Ringdijk; 2 een natuurlijkere waterkringloop.

Waar mogelijk wordt de verstoorde/versteende waterkringloop hersteld zodat Ridderkerk wateroverlast door extreme buien aan kan. Dit wordt samen gedaan met het waterschap Hollandse Delta. Water wordt ter plekke vastgehouden, geborgen en later afgevoerd; 3 alle nieuwbouw klimaat adaptief. Nieuwe woningen worden zowel energieneutraal als klimaat adaptief (‘klimaatproof’). Er moet samen opgetrokken worden met bewoners, wooncorporaties en andere stakeholders;

25 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities 4

5

6

3.1.9

klimaat adaptief inrichten van stedelijk gebied. De openbare ruimte wordt klimaat adaptief ingericht. Beheerders van bedrijventerreinen worden gestimuleerd om ook die oppervlakten anders in te richten. Inwoners worden gestimuleerd om hun eigen tuin van meer groen te voorzien, om een regenton te plaatsen en om het afvalwater van het hemelwater te scheiden. Ook met andere particuliere partners wordt gekeken hoe een bijdrage geleverd kan worden aan een klimaatadaptieve ruimte; een klimaatbestendig landelijk gebied. Door de uitdijende wijken is veel natuurlijk landschap verloren gegaan. Dit komt de water robuustheid en klimaatbestendigheid niet ten goede. Er moet ruimte gecreëerd worden voor activiteiten in het groen. Hoofdzaak van dit kerndoel is om koele plekken te creëren waar inwoners kunnen recreëren. Hiermee wordt ook de biodiversiteit versterkt en vergroot; werken aan een gezonde leefomgeving. De klimaatverandering heeft gevolgen voor de gezondheid. Hittestress zorgt ervoor dat de gevoelstemperatuur sterk stijgt, waardoor meer inwoners last ervaren. Het kan zelfs leiden tot een tijdelijke oversterfte. Ridderkerk wil leren omgaan met hittestress en maakt daarvoor een lokaal hitteplan.

Sociaal domein

Tabel 3.9 Sociaal domein Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Beleidsnota Integraal Beleid Sociaal Domein (2021)

Missie: samen met inwoners en maatschappelijke partners wil de gemeente werken aan een vitale samenleving waarin iedereen mee kan doen. Voor inwoners die (tijdelijk) hulp en ondersteuning nodig hebben, is een vangnet aanwezig. Eventuele ondersteuning is toegespitst op de behoefte en is laagdrempelig. Maatschappelijke effecten: Ridderkerkers ontwikkelen zich optimaal (basis voor welbevinden en zelfredzaamheid; preventie): · aandacht voor de jeugd; · rol van opvoeding; · life long learning (onder meer door de flexibilisering van de arbeidsmarkt); iedereen heeft gelijke kansen om mee te doen (ook het voorkomen van sociaal isolement en eenzaamheid valt hieronder): · wegnemen van verschillen; · zelfredzaamheid is geen continu gegeven; · maatwerkgericht aanbod en toegang tot hulp en ondersteuning; · werk is belangrijk voor welbevinden en participatie; inwoners kunnen voor zichzelf en elkaar zorgen (mensen wonen langer thuis): · ondersteuning mantelzorgers en vrijwilligers; · ruimte voor laagdrempelig ontmoeten en initiatief; · bevordering nabuurschap, solidariteit en eigen initiatief in de wijken; · vanuit ruimtelijk beleid aandacht voor krachtige wijken (bij tevredenheid zet een inwoner zich actiever in voor de buurt); Ridderkerkers zijn langer vitaal en gezond (voorwaarde voor ontwikkeling, zelfredzaamheid, participatie, sociale cohesie): · vitaliteit en gezondheid als

randvoorwaarden voor meedoen en naar elkaar omkijken; · bestrijding van eenzaamheid; · positieve gezondheid als uitgangspunt; · vanuit ruimtelijk beleid aandacht voor gezondheid; · mogelijkheden zoeken voor cofinanciering in vitaliteit en lichte ggz-zorg; inwoners kunnen zo lang mogelijk veilig thuis wonen (van opgroeien en ontplooiing tot prettig oud worden in de omgeving waar het sociale netwerk zich bevindt): · extramuralisering (verminder druk op zorg) en innovatie; · borging veiligheid in thuissituatie; · versterking verbinding tussen domein zorg en veilig.

Nota Gezondheidsbeleid Ridderkerk 2021-2025 (2021)

26 | 42

De belangrijkste doelstellingen van de wettelijke taken die de gemeente heeft op het gebied van volksgezondheid zijn: het bieden van een evenwichtig productenaanbod gericht op lokale problematiek en het verbeteren van de volksgezondheid van de bevolking (uitvoering van deze doelstellingen ligt bij de GGD Regio Rijnmond).

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities Drie speerpunten: verkleinen gezondheidsachterstanden: · kansengelijkheid in het leven en basisvaardigheden vergroten; · gezondheidsachterstanden op latere leeftijd voorkomen door in te zetten op vroege signalering en interventies voor kind en gezin; · bouwen aan een krachtige, inclusieve samenwerking; · er wordt onder meer ingezet op interventies als gezonde (school)omgeving, een preventief gezondheids- en leefstijlprogramma voor senioren en een aanpak schuldhulpverlening; vitaal en gezond: · bevordering mentale gezondheid; · naar vermogen meedoen in samenleving; · meer eigenkracht en samenkracht; · inzet op preventieve interventies (bewustzijn alcoholgebruik, bewustzijnsvermogen, gezonde keuzes en doen vermogen); · er wordt onder meer ingezet op interventies als stimulering van ontmoeting en welzijnsactiviteiten, alcohol- en drugspreventie, aandacht voor gamen, sociale media en schermgebruik, bewustwording gehoorschade en seksuele gezondheid; gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving: · gezondheid als vast onderdeel binnen ruimtelijk beleid; · fysieke en sociale beleidsdomein werken meer samen om een gezonde leefomgeving te creëren; · er wordt onder meer ingezet op interventies als inclusieve mobiliteit en maatschappelijk vastgoed, hitteplan (schaduw, watertappunten), aandacht voor veiligheid en gezondheid in de openbare ruimte).

Samenredzaam Ridderkerk: Actieplan Wonen, Welzijn, Zorg 2023-2026 (2023)

Missie: het zorgkantoor, zorgverzekeraar, woningcorporatie, zorgaanbieders, welzijnsorganisatie, huisartsen en gemeente Ridderkerk zien het als gezamenlijke verantwoordelijkheid om inwoners in staat te stellen om zo lang mogelijk zelfstandig te wonen in een vertrouwde omgeving, ook als zij daarbij zorg of ondersteuning nodig hebben. Vanuit het actieplan wordt er gewerkt aan vijf thema’s: samen verantwoordelijk: partijen zijn samen verantwoordelijk voor het zo lang mogelijk zelfstandig thuis wonen. Dit vraagt om een goede onderlinge samenwerking en ruimte voor inbreng van inwoners; omzien naar elkaar: wij zetten in op een gemengde samenleving waarin alle groepen mensen er mogen zijn. Inwoners wonen in een omgeving waar men naar elkaar omkijkt en voor elkaar klaar staat. In een wijk die hiertoe stimuleert en waar mensen kunnen terugvallen op laagdrempelige voorzieningen in de wijk: · werken aan gemengde opbouw van wijken; · zorg voor goede (sociale) netwerken en nabuurschap; · bevorderen dat mensen zoveel mogelijk kunnen (blijven) wonen waar het netwerk is; · zorg voor goede ondersteuning van mantelzorgers; focus op preventie: een beroep op professionele zorg zoveel mogelijk voorkomen.

De gemeente wil aansluiten bij de positieve gezondheidsbenadering, die de nadruk legt op wat mensen kunnen en willen in plaats van op hun beperking: · vragen benaderen vanuit positieve gezondheid; · goed ingerichte, toegankelijke woonomgeving met voldoende voorzieningen nabij; · inzet op vroege signalering en preventie; passende dienstverlening, zorg en begeleiding: de gemeente helpt inwoners om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen zijn en zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen, met hulp van hun sociale netwerk en waar nodig met zorg en/of begeleiding op maat: · zorg dichterbij huis organiseren; · hubs in de wijk voor ontmoeting en dagbesteding; · mogelijkheden voor begeleiding op maat; · logeer- en time-outvoorzieningen voor tijdelijke zorg en crisiszorg; voldoende, aantrekkelijk en divers aanbod aan woningen: de gemeente zet in op voldoende, aantrekkelijk en divers woonaanbod voor verschillende doelgroepen en levensfasen, verspreid over de wijken van de gemeente. De gemeente kijkt daarbij naar mogelijkheden in nieuwbouw en in de bestaande voorraad: · meer geclusterde woonvormen ontwikkelen; · meer ouderen in nultredenwoning; · samen vraag en aanbod in huisvesting monitoren.

27 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Duidingsteksten GALA onderzoek (2024)

Dit document bevat een voorlopige duiding van de GALA-monitor van gemeente Ridderkerk. GALA staat voor het ‘Gezond en Actief Leven Akkoord’. In de monitor worden de doelstellingen gemonitord. Met behulp van wetenschappelijk gevalideerde databronnen geeft de startfoto inzicht in de veerkracht van de inwoners van Ridderkerk. Gemeente Ridderkerk werkt in de zorgkantoorregio ZHE BAR (Zuid-Hollandse Eilanden en BARgemeenten) samen met de gemeenten Voorne aan Zee, Goeree-Overflakkee, Hoeksche Waard, Barendrecht, Albrandswaard en Nissewaard. Belangrijkste uitdagingen: aantrekkelijkheid fysieke leefomgeving; minder goede gezondheidsbeleving; relatief hoog gebruik van Wmo-voorzieningen; voornamelijk praktijkgeschoolde inwoners (overigens wel minder vaak moeite met rondkomen); ouderen zijn vaker eenzaam en minder zelfredzaam; beweegnorm wordt niet gehaald. Algemene doelstellingen uit het landelijke Gezond en Actief Leven Akkoord: terugdringen gezondheidsachterstanden; gezonde fysieke leefomgeving die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten; versterken van de verbinding met de sociale basis; stimuleren van een gezonde levensstijl; versterking van de mentale weerbaarheid en mentale gezondheid; vitaal ouder worden (actief en vermindering van eenzaamheid).

3.1.10 Openbare ruimte, handhaving en veiligheid Tabel 3.10 Openbare ruimte, handhaving en veiligheid Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Nota evenementenbeleid (2023)

Kaders evenementenbeleid: evenementen hebben tot doel het samen doen en meedoen van inwoners te versterken. Er moet een goede balans zijn tussen levendigheid, veiligheid en leefbaarheid. Openbare orde en veiligheid mogen niet in het geding komen; evenementen zijn primair bedoeld voor (wijk)bewoners. Regionale uitstraling mag, maar landelijke bekendheid wordt niet nagestreefd; de gemeente neemt in algemene zin niet de rol van organisator van evenementen op zich; de gemeente wil het organiseren van evenementen stimuleren, door zo goed mogelijk te faciliteren, te informeren en te ondersteunen (verbindende rol). De gemeente heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. Dat geldt ook bij het organiseren van evenementen. Voorbeelden zijn het voorkomen van onnodig energieverbruik, het beperken en gescheiden inzamelen van afval, hergebruik van materialen en het voorkomen van voedselverspilling. Ook het stimuleren van openbaar vervoer en het gebruik van de fiets valt hieronder.

Integraal veiligheidsbeleid Ridderkerk 2020-2023 (2020)

Doelstelling: de gemeente wil de subjectieve (veiligheidsbeleving) en objectieve (cijfers) veiligheid binnen de gemeente vergroten. Verschillende samenwerkingspartners vervullen hierin een belangrijke taak binnen ieders verantwoordelijkheid. Zij worden betrokken door middel van acties. Voor het integraal veiligheidsbeleid zijn voor Ridderkerk zes prioriteiten benoemd: ondermijning: de aanpak voor drugsoverlast en -handel, helingbestrijding en bedrijventerreinen krijgt hierbij prioriteit, omdat dit het grootste effect heeft op de samenleving; drugsoverlast: de Opiumwet stelt het aanwezig hebben van, de productie en de handel in drugs strafbaar. Gemeente en politie pakken dit samen aan; jeugd: de aanpak van overlastgevende jeugdgroepen wordt voortgezet en waar nodig geactualiseerd en vernieuwd. Door problemen in een vroeg stadium te signaleren, kan zwaardere inzet worden voorkomen. Er loopt een intensieve samenwerking met de politie voor de repressieve aanpak van middelengebruik onder jeugd;

28 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities -

-

senioren en veiligheid: inzetten op vergrijzing en het langer zelfstandig thuis wonen. Dit brengt risico’s met zich mee in de wijken en nieuwe uitdagingen voor de hulpdiensten; woning- en voertuiginbraken: de aanpak van inbraak en diefstal vraagt om een integrale samenwerking met politie, OM en de inwoners/ondernemers. Door extra alertheid kunnen verdachte situaties en personen eerder opgemerkt en opgepakt worden; evenementen: veiligheidszaken worden adequaat opgepakt en geregisseerd.

Naast deze prioriteiten wordt ook ingezet op de strategische thema’s: aanpak alcohol en drugsgebruik, buurtpreventies, veilige en leefbare wijken en buurten, veilige winkelgebieden en bedrijventerreinen, toezicht en handhaving, verkeersveiligheid, externe veiligheid en radicalisering/polarisering.

3.1.11 Natuur Tabel 3.11 Natuur Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Groen is onze toekomst: integrale visie per wijk op groen in de openbare ruimte (2020)

In de groenvisie zijn zes ambities geformuleerd. De ambities kunnen onder meer verwezenlijkt worden bij nieuwbouw (natuur inclusief bouwen) en bij de herstructurering van openbare ruimte (zoals bij vervanging bestrating/riolering). Dit zijn de zes ambities: Ridderkerk: de groenste gemeente van het eiland IJsselmonde worden: · omgeving als recreatie- en productielandschap met hoogwaardige natuur; · groen als volwaardig component bij ruimtelijke ontwikkeling; · hoofdgroenstructuur als vogel- en vlindertuin door deze in samenhang te ontwikkelen met een krachtige identiteit (inzetten op gevarieerde onder beplanting en zorgvuldig beheer/onderhoud, stimulering van initiatieven); · groen in de wijk als arboretum (karakteristiek, klimaatadaptatie, verzameling soorten, thuis voelen); grote variatie aan samenhangende natuur in de gemeente zorgt voor een rijke biodiversiteit: · ecologische kennis als vereiste (bijvoorbeeld advisering op de 10-20-30 regel van Santamour); · iedere goed groeiende boom vergroot de biodiversiteit; · vergroten biodiversiteit met iedere ruimtelijke ontwikkeling (meer beleving van beschikbaar groen compenseert ook het tekort van m2 groen); Groen in de gemeente beschermt de gezondheid en stimuleert gezond gedrag · met grote bomen op de juiste plek verbetert het comfort van de leefomgeving; · mensen maken meer uitjes en ommetjes wanneer groengebieden toegankelijk

en goed verbonden zijn; · stimulering eetbaar groen in openbare ruimte; in 2050 is Ridderkerk water robuust en klimaatbestendig. Zowel publiek als privaat heeft hierin een verantwoordelijkheid: · klimaatbestendig inrichten verkleint de kans op schade door klimaatverandering; · de robuustheid en toekomstbestendigheid bepaalt de soortkeuze van groen; · de waarde vanuit mitigatie wordt meegenomen bij het bepalen van gewenste eigenschappen van groen; de energietransitie leidt tot een verbetering van openbaar groen: · als wordt gekozen voor een ondergronds warmtenet ontstaat bovengronds ruimte voor verbetering van groen; · kwaliteit van het landschap staat centraal bij het uitvoeren van de energieopgave (zonnepanelen op daken, en in het landschap de kwaliteit van dit landschap centraal te stellen, bijvoorbeeld door combinatie met andere functies); (potentiële) groene ruimte wordt letterlijk op waarde geschat (vestigingsklimaat, hogere productiviteit, aantrekkelijk centrum zorgt voor hogere omzet → inclusieve waarde van groen): · groene ruimte is kostbaar, maar kwetsbaar; · inclusieve waarde van groen wordt gebruikt bij het afwegen van ontwikkelingen.

29 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Groen is onze toekomst: werken vanuit ecologie (2023)

Belang van denken vanuit biodiversiteit: Ridderkerk kan helpen om de biodiversiteit te bevorderen door een grote variatie aan samenhangende natuur te creëren. Het gaat hierbij niet alleen om de parken en groengebieden aan de randen. Het gaat met name over water en groen in het bebouwd gebied zelf; de natuur trekt de woonomgeving in omdat daarbuiten steeds minder plek is. Wij verwelkomen natuur in de woonomgeving. Het levert een belangrijke bijdrage aan welzijn; in dit document worden 33 maatregelen genoemd en is aangegeven in welk biotoop (huis en tuin, gebouw en terrein, buurtgroen, park en dijk, groot groen) deze maatregel toegepast kan worden. Voorbeelden zijn het creëren van groenblauwe verbindingen, ecologisch beheer, kruidenrijke vegetatie, inheemse bomen/struiken, groene gevels en groene daken, ecopassages, voldoende en schoon water, natuurvriendelijke oevers, wadi’s en doorlopende watergangen.

Uitwerking van de groenvisie vanuit ecologisch perspectief: zes diersoorten en verschillende biotopen (huis & tuin, buurtgroen, gebouw & terrein, park & dijk, groot groen

De maatregelen worden uitgevoerd door vier sporen: 1 implementatie in bedrijfsprocessen; 2 communicatie rondom transitie naar ecologisch beheer; 3 samenwerking met omgeving; 4 monitoring.

3.1.12 Onderwijs en maatschappelijk vastgoed Tabel 3.12 Onderwijs en maatschappelijk vastgoed Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Huisvestingsplan onderwijs en integrale kindcentra 2023-2026 (2023)

Relevante uitgangspunten vanuit het huisvestingsplan onderwijs en integrale kindcentra: goede onderwijsgebouwen zijn nodig voor goed onderwijs aan de jongste inwoners van Ridderkerk. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeente te zorgen voor voldoende en adequate onderwijsgebouwen. In vrijwel alle gebouwen zit ook kinderopvang; een duurzaam schoolgebouw heeft een gezond binnenklimaat, een laag energieverbruik, een lage CO2 uitstoot en is betaalbaar. Het gebouw is daarbij ondersteunend aan het onderwijs dat wordt gegeven, past bij het aantal leerlingen, is toegankelijk en toekomstbestendig; bij vervangende nieuwbouw bouwen van een (bijna) energieneutraal gebouw (sinds januari 2021). De gemeente stelt hiervoor het budget beschikbaar. Als een school nog niet vervangen wordt, treft het schoolbestuur maatregelen om het gebouw energiezuiniger te maken; bestaande onderwijsgebouwen moeten uiterlijk in 2050 voldoen aan energielabel A+++. we bereiken volgens de natuurlijke vervangingsopgave van de schoolgebouwen dat in 2050 al 75 % van de scholen aan de BENG/ENG-eisen voldoet.

Actualisatie Integraal Accommodatie Plan (2019)

Optimalisatie van het maatschappelijk vastgoed van de gemeente Ridderkerk, gericht op: het aanbieden van voldoende en kwalitatief goede accommodaties; zorgen voor een evenwichtige spreiding van accommodaties; zorg dragen voor een goede bezetting; verantwoorde besteding van middelen.

Visie Grondposities (2019)

In de wijken Bolnes, Slikkerveer, West, Centrum en Oost bevinden zich meerdere percelen die in eigendom zijn van de gemeente en waarvoor nog geen definitieve bestemming/ontwikkeling is bepaald of waarvan de toekomstige bestemming in de visie wordt herbevestigd. Het gaat hoofdzakelijk om ontwikkellocaties of strategisch grondbezit. Voor ontwikkellocaties geldt dat de opstelling van een ontwikkelplan/gebiedsvisie meer richting kan bieden over de mogelijke invulling.

3.2

Gebiedsgericht gemeentelijk beleid

Gemeente Ridderkerk beschikt op moment van schrijven over vier gebiedsvisie, namelijk: - Gebiedsvisie P.C. Hoofdstraat en omgeving (2017); - gebiedsvisie Plein Oost en omgeving (2018); - visie Rivieroevers (2021); - ontwikkelperspectief Centrum (2022).

30 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

De gebiedsvisie voor Transformatie Centrum Oost en de Integrale omgevingsverkenning Koninginneweg zijn beide nog in ontwikkeling, en zijn daarom niet opgenomen in voorliggende beleidsanalyse.

3.2.1

P.C. Hoofdstraat en omgeving

Tabel 3.13 Kaderstellende ambities uit de gebiedsvisie voor P.C. Hoofdstraat en omgeving Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Gebiedsvisie P.C. Hoofdstraat en Omgeving: een Toekomstperspectief op basis van een kansenverkenning (2017)

Door het vertrek van de gemeentewerf en heroverwegingen van ondernemers is er in dit gebied, in het centrum van Ridderkerk, ruimte voor één of meer nieuwe functies. Visie op identiteit: opgave: geef het gebied een eigen identiteit met behoud van maatschappelijke voorzieningen en diensten; verblijfsgebied: richting de toekomst wordt de nadruk in het gebied gelegd op de verdere uitbreiding en clustering van maatschappelijke diensten en voorzieningen (sport, zorg en onderwijs). Dat betekent dat verplaatsing van aanwezige (auto)bedrijven en winkels uit het gebied gewenst is; wonen: door het geleidelijke vertrek van bedrijven uit het gebied ontstaan kansen om woningen in het gebied te bouwen. Bijvoorbeeld voor het realiseren van appartementen of bijzondere vormen van groeps- en/of zorgwoningen; veelzijdig en sterk centrum: door cluster van maatschappelijke diensten en voorzieningen onderscheidt het gebied zich van het winkelcentrum, de historische kern en de bedrijvigheid in Donkersloot. Voorwaarde voor de veelzijdigheid is wel dat de gebieden onderling goed verbonden zijn; representatieve randen: betere verbindingen en relaties tussen plekken binnen het gebied en omgeving zorgen voor meer samenhang en een uitnodigend karakter.

Begrenzing gebied (onderdeel van gebied ‘Kloppend Hart’ uit de omgevingsvisie uit 2017) Noordzijde: Westmolendijk en St Jorisstraat Oostzijde: Vondellaan (dorpsring) Zuidzijde: Jan Luykenstraat en de Burgemeester De Gaaij Fortmanstraat Oostzijde: Geerlaan, Ridderstraat en Verlengde Kerkweg (centrumring)

Visie op cultuurhistorie: opgave: koester de cultuurhistorische kwaliteiten van oude structuren en karakteristieke bebouwing en benut deze als belangrijke identiteitsdragers; door reorganisatie van de bedrijfshal Trelleborg kunnen het kleinschalige en intieme karakter van de Westmolendijk en Molensteeg en de watergang achter de percelen aan de Molensteeg worden hersteld. Dit draagt ook bij aan de visie op de openbare ruimte. Visie op de openbare ruimte en mobiliteit: opgave: zorg voor (meer) verblijfskwaliteit en groen en richt het gebied klimaatbestendig in; opgave: maak de auto minder dominant, streef naar veilige en prettige fiets- en wandelroutes en voorkom onnodig vrachtverkeer door en rond het centrum; de P.C. Hooftstraat verandert in een gebied met ruimte voor ontmoeting en routes voor voetgangers en fietsers. Het gebied is zoveel mogelijk autovrij (enkel bereikbaar vanaf de Jan Luykensstraat). Mogelijk nieuwe in- en uitrit voor vrachtverkeer vanaf de Vondellaan; door een (re)organisatie van de parkeersituatie in het gebied ontstaat ruimte voor vergroening van de centrale parkeerplaats. Hierdoor krijgt het gebied een prettiger karakter en is het beter klimaatbestendig. Visie op bebouwing: functie en verschijningsvorm benadrukt de identiteit van het gebied en sluit aan bij de hoogte en uitstraling van bestaande bebouwing.

3.2.2

Plein Oost en omgeving

Tabel 3.14 Kaderstellende ambities uit de gebiedsvisie voor Plein Oost en omgeving Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Gebiedsvisie Plein Oost en Omgeving: een toekomstperspectief op basis van een kansenverkenning (2018)

Doel van de gebiedsvisie: in beeld brengen wat de toekomstige ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden zijn voor Plein Oost en omgeving. De gebiedsvisie is opgedeeld in vier fasen, die binnen 20 jaar gerealiseerd kunnen worden. Het gebied bevindt zich deels op gemeentelijke gronden en betreft de koppeling van het plein aan het park, woningbouw (met aandacht voor sociale veiligheid). Fase 3 bevindt zich op particulier grondeigendom.

31 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Begrenzing gebied (onderdeel van gebied ‘groenblauw netwerk’ uit de omgevingsvisie) Noordzijde: Vondellaan en Da Costalaan Oostzijde: Vliet Zuidzijde: De Genestetstraat en Marsmanstraat Westzijde: Vondellaan

aanleiding: uit het gemeentelijk Integraal Accomodatieplan blijkt dat het gebied ten oosten van Plein Oost gaat veranderen. De gymzaal wordt verplaatst, leegstand is aanwezig en de samenvoeging van verschillende functies is wenselijk. De uitspraken in het IAP over het gebied zijn de aanleiding om een open verkenning van het gebied te maken. Deze gebiedsvisie beschrijft de stedenbouwkundige en landschappelijke visie voor Plein Oost en omgeving. De ontwikkelingen op de korte en middellange termijn bevinden zich op gronden die in eigendom van de gemeente zijn.

3.2.3

Randvoorwaarden en uitgangspunten: verbinden van groenblauwe structuren; revitaliseren van Plein Oost; inzet op groene randen, verblijfs- en speelplekken, recreatieve routes die aansluiten op de omgeving; behouden van bestaande verkeersstructuren; behouden en inpassen bestaande bomen.

Visie rivieroevers

Tabel 3.15 Kaderstellende ambities uit de visie rivieroevers Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Visies Rivieroevers (2021)

-

Horizon: 10-20 jaar

-

doel: unieke waarden langs de karakteristieke oevers als toekomstwaarde koesteren en weer prominent ervaarbaar te maken: · ruimtelijke kwaliteit; · goed evenwicht tussen groen, werken en wonen; · goede bereikbaarheid van de oevers; · gezonde woon-, werk- en leefomgeving; het raamwerk is een aanpak waarmee de rivieroevers zich kunnen ontwikkelen tot één landschapspark waarin wonen, werken, recreatie en ecologie in balans zijn. De volgende pijlers staan centraal: · cultuurhistorie als schatkaart (onderlegger); · ontbrekende schakels langs de oever verbinden; · parels en knooppunten aan het water (havens beter bereikbaar maken en voorzien van programmering, bijvoorbeeld watertaxi’s of toeristische invulling); · recreatieve ruggengraat langs de dijk (fiets- en wandelroutes; mogelijke snelfietsroute tussen Hendrik Ido Ambacht - Oostmolendijk - Rotterdam via het dorp of de Rotterdamse weg; · kansen voor groen en klimaatadaptatie (b.v. getijdeoever, vergroening, waterbuffer); · impuls voor duurzame mobiliteit (transitie, vergroening, OV-hub Bolnes + Schans).

Op drie plekken, met afgezonderde bedrijventerreinen en ruimte aan het water die onvoldoende gebruikt wordt, zijn kansen voor transformatie: Bolnes: kansen voor drijvende ontwikkelingen of een getijdenoever; Huys ten Donck/ Schiepo: door modernisering of woningbouw wordt de milieu-invloed van Schiepo op de omgeving verminderd. Zo kunnen mogelijk woningen binnen het lint van de Ringdijk worden toegevoegd. Aandachtspunt: nabijheid NNN (NatuurNetwerkNederland); De Schans: herontwikkeling rondom de haven waardoor een belangrijke verbinding naar de oevers en de groenstrook langs het water in Donkersloot ontstaat. Hierdoor kan ook de OVHub worden versterkt. Woningbouw past nu niet, maar mogelijk wel in de toekomst. Dan moet er wel rekening worden gehouden met het zicht vanuit Kinderdijk.

32 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

3.2.4

Ontwikkelperspectief centrum

Tabel 3.16 Kaderstellende ambities uit het ontwikkelperspectief centrum Beleidsstuk

Kaderstellende ambities

Ontwikkelperspectief Centrum Ridderkerk 2035: Centrum Ridderkerk, ‘het dorp’ met hart en ziel (2020).

Doel: aantrekkelijk, goed functionerend en toekomstbestendig centrum: Kernwaarden centrum: · een plek voor iedereen (inclusief, openbare ruimte, aanbod en voorzieningen); · uitnodigend en sfeervol (beleving en ontmoeting op menselijke maat); · gevarieerd aanbod van voorzieningen en functies (naast winkelaanbod dat bijvoorbeeld vernieuwend is, ook ruimte voor sociaal-maatschappelijke en culturele voorzieningen en wonen); · goed bereikbaar en voor iedereen toegankelijk (mobiliteit, mede uit oog van gezondheid, en aandacht voor beperkingen);

Begrenzing: Winkelgebied centrumring en historische kern, begrensd door de St. Jorisstraat, Ringdijk en Klaas Katerstraat

-

Visie: · meer dan alleen een winkelgebied: bredere maatschappelijke betekenis; verschillende plekken en sferen; · Sint Jorisplein als hart van het winkelgebied; · beleving van wandelaars en fietsers krijgt voorrang en ruimte: (verkeers)veiligheid, verbetering uitstraling; · zichtbaar en herkenbaar: stimulering van gezonde en duurzame mobiliteit. Auto moet zich welkom voelen, maar wordt niet bevorderd. Handhaven huidig betaald parkeerregime.

-

Pijlers: · inrichting en gebruik openbare ruimte: creëer met passende inrichting samenhang, sfeer en overzicht; maak het centrum groener en verbind de aanwezige groengebieden aan de rand van het centrum met elkaar; geef pleinen/plekken een eigen sfeer en karakter voor meer variatie/beleving; · bereikbaarheid, verkeer en parkeren (mobiliteit): investeer in en geef voorrang aan de structuur voor voetgangers en fietsers; richt plekken waar modaliteiten elkaar tegenkomen opnieuw in; maak toegangswegen, entrees en parkeervoorzieningen herkenbaar en uitnodigend; houd het centrum toegankelijk met het OV; · gebouw en programma: richt inspanningen vooral op het Sint Jorisplein en de hoofdwinkelstraat; verbeter uitstraling van gebouwen en het centrum; realiseer meer woningen, vooral voor ouderen en jongeren; deelgebieden binnen het centum: · winkelgebied: hoofdwinkelstraat (Koningsplein/ Lagendijk); · Sint Jorisplein: hart van het winkelgebied; · Koningsplein: horecaplein en maatschappelijk/cultureel middelpunt; · historische kern: Kerksingel/ Sint Jorispark/ entreeplein Sint Jorisstraat; · Jan Steenplein en entreegebied versmarkt; · parkeerplaats Ridderhof; · entreeplein Lagendijk; · centrumring-oost: Geerlaan/ Ridderstraat/ Verlengde Kerkweg/ Schoutstraat.

-

33 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

4 BELEIDSADVIES In dit hoofdstuk wordt gebaseerd op de beleidsanalyse een advies gegeven over de ontwikkeling van het Ridderkerks beleid. Er wordt ingegaan op gesignaleerde verouderingen, botsingen, kansen en hiaten.

4.1

Verouderd beleid

4.1.1

Omgevingsvisie 2017

Ridderkerk beschikt sinds 2017 over haar omgevingsvisie. De opstelling van deze omgevingsvisie werd destijds aangespoord door trends en ontwikkelingen en specifieke opgaven, zoals rondom het winkelcentrum en op gebied van duurzaamheid. De omgevingsvisie uit 2017 is nu zelf ook ingehaald door de tijd. Zo wordt als relevante trend de inwerkingtreding van de Omgevingswet genoemd. Deze is sinds 1 januari 2024 reeds van kracht geworden. Ook is de horizon tot 2035 niet meer de horizon die voor een langetermijnvisie wordt beoogd. Meerdere ambities en informatie uit de omgevingsvisie zijn ondertussen achterhaald. Bijvoorbeeld de ambitie voor een zonneweide ten zuiden van Bolnes. Ook is het niet meer actueel dat er 70 gebouwen in eigendom van de gemeente zijn. Gemeente Ridderkerk heeft zelf al reeds een analyse uitgevoerd naar de huidige omgevingsvisie, en constateerde daarbij de volgende hiaten: - klimaatadaptatie: dit ontbreekt in de huidige omgevingsvisie, maar wordt wel benoemd in verschillende sectorale beleidsstukken (zoals de woonvisie en de klimaatvisie). Dit hiaat wordt met de inventarisatie van deze ambities en de actualisatie van de omgevingsvisie reeds ondervangen; - duurzame economie: ook in sectorale beleidsstukken is dit begrip nog onderbelicht. Met de opkomst van de circulaire economie is bespreking van dit onderwerp echter wel relevant.

Bovendien kan dit extra ruimte vragen (denk aan hubs voor de opslag en verwerking van afval, materialen en grondstoffen). Op dit thema is ook in de recentelijk opgestelde beleidsstukken nog weinig beleid gevoerd; - brede welvaart: dit begrip gaat over de kwaliteit van leven hier en nu, en de mate waarin deze ten koste gaat van de brede welvaart van latere generaties of van die van mensen elders in de wereld. Dit begrip wordt in landelijke en provinciale beleidsvorming meer centraal gesteld. Er heeft nog weinig beleidsvoering op dit onderwerp plaatsgevonden. Het begrip wordt al wel genoemd in de economische visie (deze is nog niet is vastgesteld). Sinds de vaststelling van de omgevingsvisie zijn er tussentijds ook nieuwe gemeentelijke sectorale beleidsstukken vastgesteld. Een inventarisatie van deze kaderstellende ambities is nodig om opnieuw een integrale afweging te kunnen maken voor de beleidsambities van Ridderkerk. Het gaat om de volgende 23 stukken die sinds 2017 zijn vastgesteld: - Strategie werklocaties (2018) en bedrijventerreinen (2023); - Gebiedsvisie Plein Oost en Omgeving (2018); - Actualisatie Integraal Accommodatie Plan (2019); - Visie grondpositie (2019); - Mobiliteitsplan (2020); - Warmtevisie (2020);

34 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

-

Groen is onze toekomst (2020); Werken vanuit economie (2020); Woonvisie (2021); Visie Rivieroevers (2021); HOV-verdiepingsstudie (2021); Klimaatvisie (2021); Beleidsnota Integraal Beleid Sociaal Domein (2021); Nota gezondheidsbeleid (2021); Strategie klimaatadaptatie (2022); Cultuurhistorische Waardenkaart buitengebied (2022); Ontwikkelperspectief Centrum Ridderkerk (2022); Programma Stedelijk Water (2023); Samenredzaam Ridderkerk (2023); Nota evenementenbeleid (2023); Huisvestingsplan onderwijs en integrale kindcentra (2023); Nota betrokken samenleving (2024); Nota parkeernormen (2024).

Naast deze 23 nieuwe, vastgestelde stukken zijn er ook twee recentelijk opgestelde beleidsstukken in concept beschikbaar. Deze beleidsstukken zijn op moment van schrijven dus nog niet vastgesteld. De kaderstellende ambities zijn al wel opgenomen in voorliggende beleidsanalyse. Het gaat om de volgende beleidsstukken: - Economische visie; - Programma Geluid en Lucht. Ook zijn de volgende drie beleidsstukken momenteel in ontwikkeling of staan deze op de planning om in de komende periode ontwikkelt te worden: - Integraal veiligheidsbeleid (naar verwachting in Q4 van 2024 beschikbaar); - Visie op hoogbouw; - Visie op agrarische gronden; - Gebiedsvisie Transformatie Centrum Oost; - Integrale omgevingsverkenning Koninginneweg.

4.1.2

Sectorale beleidsstukken

Uit de beleidsanalyse blijkt dat een aantal geanalyseerde sectorale beleidsstukken mogelijk verouderd zijn. Over het algemeen geldt dat wanneer de vaststelling van het document vijf jaar of langer geleden is, een beleidsstuk is ingehaald door autonome ontwikkelingen en er slecht kan worden geanticipeerd op actuele trends, ook al wordt het nog wel gehanteerd. In Tabel 4.1 is een overzicht opgenomen van mogelijk verouderd beleid, inclusief een reden waarom het stuk toe kan zijn aan een herziening. De herziening van deze ambities kan op hoofdlijnen worden opgenomen in de omgevingsvisie. Een gedetailleerdere actualisering dient zich te voltrekken in een ander instrument (bijvoorbeeld het programma).

Tabel 4.1 Overzicht beleidsstukken mogelijk toe zijn aan een herziening Beleidsstuk

Datum vaststelling

Reden voor mogelijke herziening

Visie Externe Veiligheid

2011

-

Nota Bodembeheer

35 | 42

2014

-

toe aan herziening, waarin de beheersbaarheid van veiligheidsrisico’s en de stand van zaken voor uitplaatsing van veiligheidsrisico’s kan worden opgenomen; het begrip ‘externe veiligheid’ heet onder de Omgevingswet ‘omgevingsveiligheid’. Met deze naamsverandering gaan een aantal inhoudelijke veranderingen gepaard, wat een actualisatie noodzakelijk maakt;

-

wettelijk kader actualiseren naar de Omgevingswet;

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Beleidsstuk

Datum vaststelling

Reden voor mogelijke herziening

Cultuurhistorische waardenkaart centrum

2016

-

mogelijk behoeft de inventarisatie een actualisatie. Advies om hierin de huidige stand van zaken te beschrijven waarin aanpassingen sinds de vaststelling (zoals aanwijzing monumenten) is opgenomen;

Waalvisie

2016

-

toe aan herziening waarin voortgang en huidige stand kan worden opgenomen;

Cultuurhistorische waardenkaart woongebieden

2017

-

mogelijk behoeft de inventarisatie en actualisatie;

Gebiedsvisie P.C. Hoofdstraat en omgeving

2017

-

toe aan herziening waarin voortgang en huidige stand kan worden opgenomen. Dit kan op hoofdlijnen worden geborgd in de gebiedsgerichte uitwerking van de omgevingsvisie;

Gebiedsvisie Plein Oost en omgeving

2018

-

toe aan herziening waarin voortgang en huidige stand kan worden opgenomen. Dit kan op hoofdlijnen worden geborgd in de gebiedsgerichte uitwerking van de omgevingsvisie;

Strategie Werklocaties 2019-2030

2018

-

toe aan herziening waarin de invloed van de huidige stand van de economie op de vraag naar (soorten) werklocaties wordt meegenomen, met een verlenging van de doorkijktermijn van 2030 naar 2050;

Actualisatie Integraal Accommodatie Plan

2019

-

de actualisatie van het integraal accommodatie plan is vijf jaar oud. Mogelijk is het document toe aan een herziening. Dan kan in beeld worden gebracht hoe het nu staat met de 70 gebouwen (70 is niet meer actueel) die in eigendom zijn van de gemeente en hoe dit eventueel kan worden ingezet voor de voorziene ruimtelijk strategische doelen;

Integrale veiligheidsbeleid

2020

-

dit stuk wordt momenteel herzien met een horizon tot 2028;

Woonvisie

2021

-

coronacrisis wordt benoemd als onzekere factor; ondertussen zijn de gevolgen beter in te schatten; woningbouwopgave is in 2019 bepaald; dit kan achterhaald zijn. Het uitvoeringsprogramma van de woonvisie wordt op 4 juni behandeld in het college.

-

4.2

Botsingen huidig beleid

De kaderstellende ambities die in deze beleidsanalyse zijn geïnventariseerd, zijn ook tegen elkaar afgewogen. Op basis daarvan komen er enkele botsingen in het huidige beleid naar voren. Het is zaak om deze botsingen glad te strijken in de actualisatie van de omgevingsvisie, zodat er geen tegenstrijdigheden (meer) aanwezig zijn. Duiding woningbouwopgave In de Woonvisie (2021) wordt gerefereerd naar de trendramingen vanuit het Regioakkoord en de provincie Zuid-Holland (beide uit 2019). De twee ramingen komen uit op een verschillende woningbouwbehoefte, namelijk respectievelijk 1.150 woningen en 900 woningen voor gemeente Ridderkerk. In 2022 bracht Ridderkerk een nieuw bod uit, namelijk een toevoeging van 2.710 woningen. Ondertussen werkt gemeente Ridderkerk aan een nieuw regiobod. De cijfers dienen dus geactualiseerd te worden, waarbij het van belang is om oog te hebben voor mogelijke tekorten die mogelijk ondanks het bod bestaan. Ruimtelijk afwegingskader klimaatadaptieve gebouwde omgeving en Visie Rivieroevers De Rijksoverheid heeft een zogenoemd ‘Ruimtelijk afwegingskader klimaatadaptieve gebouwde omgeving’ ontwikkelt. Dit is een eerste landelijke uitwerking van het principe dat het water en de bodem sturend moeten zijn bij nieuwe ontwikkelingen.

Het geeft meer duidelijkheid over waar er gebouwd kan worden door per locatie de risico’s te tonen op het gebied van waterveiligheid, wateroverlast, bodemdaling en drinkwater. Het doel hiervan is dat te bestemmen locaties ook op de lange termijn geen negatieve effecten van de locatiekeuze ervaren. De kaart bestaat uit zes risicoklassen, variërend van ‘ja’ tot ‘nee, niet bouwen’.

36 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Uit deze kaart komt naar voren dat gedeelten van het plangebied van de Visie Rivieroevers vallen in de categorie ‘nee, tenzij’. Deze categorie wordt toegekend als de negatieve gevolgen van een ontwikkeling of de combinatie van de kans en gevolg op wateroverlast- of slachtoffers zo groot is dat een ontwikkeling op deze locatie onwenselijk is, tenzij aan harde voorwaarden wordt voldaan. Voor de Visie Rivieroevers geldt dat deze categorie is toegekend aan de gebieden waar buitendijks bouwen van werd voorzien (uiterwaarden). In deze gebieden zijn nieuwe ontwikkelingen dus onwenselijk. Dit vormt dus een botsing voor de uitvoering. Zonneweides In de omgevingsvisie wordt aangenomen dat een zonneweide ten zuiden van Bolnes tot de mogelijkheden behoort. In het beleidsstuk ‘Groen is onze toekomst’ wordt toegevoegd dat de kwaliteit van het landschap staat centraal dient te staan bij de uitvoering, bijvoorbeeld door combinatie met andere functies. Er wordt in de klimaatvisie gerefereerd naar een kansenkaart zon, maar deze is niet vastgesteld omdat er geen bestuurlijk draagvlak aanwezig is. Zo is in het collegeprogramma aangegeven dat de ontwikkeling van zonneweides/ zonneparken vanwege het ruimtebeslag in de dichtbebouwde regio niet de eerste prioriteit heeft. In de RES is voor Ridderkerk aangeduid dat wordt ingezet op zon op daken, parkeerplaatsen en waterbassins.

Ook is de categorie ‘verder onderzoek zon’ aangeduid, maar dit geldt voor het directe gebied langs de A16/A15. Warmte In het huidig beleid wordt nog gerefereerd naar de mogelijkheid voor een warmtenet naar Bolnes. Deze ontwikkeling gaat niet meer door. In plaats daarvan komt er naar alle waarschijnlijkheid een waterstofnetwerk over het grondgebied van de gemeente via het buisleidingtracé. Capaciteit stroomnet Ruimte voor economische ontwikkelingen staan op gespannen voet met de beperkingen van het huidige energienetwerk. Bij uitbreiding van de bedrijventerreinen of intensiever gebruik van de huidige terreinen moet dan ook de capaciteit van het stroomnet worden meegenomen. Het Nederlandse energienet zit nagenoeg vol. Dit betekent wellicht dat er een nieuw onderstation gebouwd moet worden in de gemeente; dat brengt een ruimteclaim met zich mee. Daarnaast vraagt de uitbreiding van het energienetwerk om meer transformatorstations en (mogelijk) om buurtbatterijen in de wijk. Dit legt druk op de ruimte. Overlappende ruimteclaims Bedrijventerreinen versus woningbouw versus vergroening: Ridderkerk stelt ambities voor haar bedrijventerreinen. Zo staat er in de Strategie Werklocaties beschreven dat er een kwaliteitsimpuls en vergroening moeten plaatsvinden.

In de Strategie Bedrijventerrein wordt benoemd dat het juiste bedrijf zich op de juiste plek moet vestigen, zodat er korte ketens en regionale waardeketens ontstaan. Startups en scale-ups zijn welkom, maar dienen zich in bestaande panden te vestigen. Tegelijkertijd wordt er in de Strategie Werklocaties benoemd dat er op sommige bedrijventerreinen wellicht een (gedeeltelijke) omschakeling naar een woonfunctie nodig is. Bovendien is de gemeente voornemens om meer woningruimte te realiseren. Voor HMC-locaties geldt dat er wordt gezocht naar uitbreidingslocaties nabij het stedelijk weefsel. Dit zijn echter ook gewilde locaties voor woningbouw, zoals bijvoorbeeld blijkt uit de Visie Rivieroevers. Dat botst echter weer met het Ruimtelijk afwegingskader klimaatadaptieve gebouwde omgeving. Naast de ambities voor bedrijventerreinen en woningbouw, heeft de gemeente ook een stevige ambitie uitgesproken om de groenste gemeente van IJsselmonde te worden (beleid groen is onze toekomst). De groenblauwe dooradering moet bovendien worden doorgetrokken naar de wijken. Ook dat vraagt ruimte. Hieruit kan worden geconcludeerd dat er meerdere ruimteclaims op de gemeente afkomen, in het bijzonder op de bedrijventerreinen. Hierin moeten keuzes worden gemaakt om de schaarse ruimte zo goed mogelijk in te vullen.

37 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

4.3

Kansen huidig beleid

Op basis van de beleidsanalyse zijn er meerdere kansen geïnventariseerd die voortkomen uit de huidige kaderstellende beleidsambities. Deze kansen kunnen worden meegenomen in de actualisatie van de omgevingsvisie om zo bij te dragen aan een prettige woon-, werk- en leefomgeving, ook in de toekomst. Economische differentiatie Om Ridderkerk ook in de toekomst economisch gezond te houden, wil de gemeente inzetten op differentiatie van de sectoren. Dit biedt kansen voor het aantrekken van sectoren die nu nog niet breed vertegenwoordigd zijn in Ridderkerk, maar door de nabijheid van de stedelijke omgeving van Rotterdam wél potentie hebben. Sectoren die volgens vastgesteld beleid de ruggengraat van de economie in 2030 moeten vormen zijn agrofood, industrie, bouwnijverheid en zakelijke dienstverlening. Qua aanvulling wordt gedacht aan de creatieve- en life science industrie. Vanwege de grote gewildheid van werklocaties voor de creatieve sector in Rotterdam, willen ondernemers wellicht uitwijken naar een betaalbaardere locatie zoals Ridderkerk. Het aantrekken van de life science industrie kan bovendien interessant zijn vanwege de nabijheid van het Erasmus MC. Niet alleen op bedrijventerreinen, maar ook in het centrum kan differentiatie plaatsvinden. Het winkelaanbod aldaar kan worden aangevuld met bijvoorbeeld foodspeciaalzaken.

Een kanttekening bij deze differentiatie is dat deze wens de ruimteclaim op de (huidige) bedrijventerreinen kan vergroten. Tegelijkertijd is deze ruimteclaim zelf ook een kans: bij het puzzelen over de invulling van de openbare ruimte kunnen zaken als kwaliteitsimpuls en klimaatadaptatie meegenomen worden. Daarbij is de gemeente voor de realisatie van de differentiatie ook afhankelijk van de interesse uit de markt. Groenblauwe dooradering en de economie In zowel nationaal (Contourennotitie Nota Ruimte), provinciaal (ZH-PLG) als gemeentelijk beleid (omgevingsvisie en groenvisie Groen is onze toekomst) wordt ingezet op vergroening en het versterken van de groenblauwe dooradering. De inzet op vergroening kan ook positieve veranderingen teweegbrengen voor de aantrekkelijkheid en aantrekkingskracht van het vestigingsklimaat. Er ontstaat dus een meekoppelkans voor het groener én blauwer inrichten van de bedrijventerreinen wanneer die geherstructureerd worden of een nieuwe bestemming krijgen. Anderzijds is dit ook al aangemerkt als botsing, omdat er meerdere ruimteclaims op de bedrijventerreinen van Ridderkerk afkomen. Bescherming omgeving erfgoed In de Omgevingswet is het begrip ‘omgeving van het monument’ opnieuw gedefinieerd en in lijn gebracht met de intentie van het Verdrag van Granada.

Dit betekent dat er in het omgevingsplan ook regels moeten worden opgenomen ter voorkoming van aantastingen in de omgeving die ‘monumenten’ ontsieren of beschadigen. Op deze wijze kan door bescherming van de omgeving van monumenten een bijdrage worden geleverd aan de kwaliteit en betekenis van het monument zelf. De verbreding naar de omgeving van het monument biedt naast regels die landen in het omgevingsplan ook kansen voor de omgevingsvisie. Door de inzet wordt het bijzondere erfgoed van Ridderkerk beter beschermd. Zo kan bijvoorbeeld ook het industrieel erfgoed beleefbaarder worden gemaakt. Koppelkansen realisatie schaduwplekken In de Nota Gezondheidsbeleid is een ambitie uitgesproken voor de realisatie van meer schaduwplekken om hittestress tegen te gaan. De realisatie van schaduwplekken brengt koppelkansen mee op andere opgaven. Zo kan het aanleggen van schaduwplekken een bijdrage leveren aan klimaatadaptatie. Dit komt ook de waterberging ten goede, vooral als er een kleine groenstrook wordt aangelegd met een combinatie van bomen en struiken. Deze groene oases kunnen ook dienen als ontmoetingsplekken, bijdragen aan het verhogen van de biodiversiteit en bijdragen aan de vermindering van de hittestress. Het draagt zo dus bij aan welzijn en leefbaarheid.

Tot slot kunnen de schaduwplekken de ervaring van cultuurhistorie verbeteren, als ze worden aangelegd nabij locaties met een cultuurhistorische koppeling. Bijvoorbeeld locaties die zijn benoemd in de Cultuurhistorische Waardenkaart of de inventarisatie van het industrieel erfgoed.

38 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Inzetten op seniorenwoningen In het Integraal Beleid Sociaal Domein is opgenomen dat een groeiende groep senioren wenst om met leeftijdsgenoten bij elkaar te wonen. De gemeente wil deze ontwikkeling in samenwerking met de woningcorporatie en partners stimuleren. Tegelijkertijd wordt er zowel in het Integraal Beleid Sociaal Domein als in de Woonvisie gesignaleerd dat er momenteel een tekort bestaat aan geschikte seniorenwoningen. Uit de woonzorganalyse van Companen (2021) blijkt een huidig tekort van 400 woningen, dit loopt op tot een tekort van 1.320 woningen in 2040. Het biedt op meerdere vlakken kansen om geclusterde woningen voor senioren mogelijk te maken en te ontwikkelen. Zo stimuleert dit de doorstroming op de woningmarkt en kunnen senioren zich bevinden in een woonomgeving die past bij de wensen. Mobiliteit en sociaal domein In het Mobiliteitsplan staat als missie dat iedereen in Ridderkerk en de regio in staat moet zijn om actief deel te nemen aan de samenleving. Dit creëert kansen voor inclusieve, duurzame en gezonde mobiliteit en draagt zo bij aan gezondheidsbevordering. Gezondheidsbevordering is de stimulatie van gezonder gedrag. Dit uitgangspunt is positief, want gezondheidsbevordering is een prominent aspect van de Omgevingswet.

Gemeentelijke grondposities In de Visie Grondposities wordt benoemd dat de gemeente een aantal terreinen zonder bestemming in bezit heeft. Hierdoor ontstaan kansen om vanuit gemeentelijke gronden te sturen op de Ridderkerkse opgaven. Bijvoorbeeld in de gebiedsvisie Plein Oost worden er mogelijke stappen op korte en middellange termijn genoemd die zich volledig binnen gemeentelijk grondgebied kunnen voltrekken. Met betrekking tot gemeentelijke grondposities moet uiteraard wel rekening worden gehouden met het Didam-arrest. Gezonde en veilige leefomgeving In artikel 1.3 van de Omgevingswet zijn de maatschappelijke doelen van de wet opgenomen. Eén van de maatschappelijke doelen die de Omgevingswet beoogt is het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Gemeente Ridderkerk heeft al aandacht voor de inrichting van een gezonde en veilige leefomgeving, dit komt in verschillende beleidsstukken terug (zoals de omgevingsvisie, strategie klimaatadaptatie, integraal beleid sociaal domein en nota gezondheidsbeleid). Er wordt daarbij al aandacht besteedt aan zowel de fysieke inrichting, gezondheidsbescherming en gezondheidsbevordering, ook op sociaal vlak. Het ontbreekt nog aan een integrale blik op de gezonde, milieuvriendelijke en veilige leefomgeving; deze integrale benadering kan worden opgepakt in de actualisatie van de omgevingsvisie.

4.4

Hiaten huidig beleid

De geanalyseerde beleidsdocumenten vormen een goed vertrekpunt voor de actualisatie van de omgevingsvisie. Wat opvalt, is dat er in de nieuw opgestelde beleidsstukken regelmatig wordt gerefereerd naar de omgevingsvisie (bijvoorbeeld in het mobiliteitsplan en de woonvisie). Daarnaast beschikt de gemeente ook al over een Nota Gezondheidsbeleid; dit past goed bij de prominentere rol die onder de Omgevingswet aan gezondheid is toegewezen. Echter zijn er ook hiaten in het huidige beleidsbestand aan te wijzen. Een hiaat betekent dat er op dit onderwerp momenteel (nog) geen beleid wordt gevoerd. In deze paragraaf volgt een overzicht van de hiaten die in deze beleidsanalyse zijn geconstateerd.

4.4.1

Ruimtelijke ontwikkeling en wonen

Inbreiding en/of uitbreiding In de aangeleverde beleidsstukken wordt niet ingegaan op de verhouding van (en het spanningsveld tussen) inbreiding en uitbreiding in Ridderkerk. Inbreiding houdt in dat er wordt gebouwd binnen de grenzen van de bestaande bebouwing. Uitbreiding betekent dat er buiten de grenzen van de bestaande bebouwing wordt gebouwd. Dit brengt een spanningsveld met zich mee. Bij de keuze voor inbreiding ontstaat er een grotere druk op de beperkt beschikbare openbare ruimte, waarbij het stimuleren van ontmoetingen en het versterken van de gewenste groenblauwe dooradering ook om ruimte vragen.

39 | 42

Witteveen+Bos | 141592/24-008.832 | Definitief 02

Uitbreiding is vaak in beperkte mate mogelijk en heeft bovendien effect op de ‘groene kraag’ die momenteel rond Ridderkerk ligt en het streven naar groenblauwe dooradering. Maximaal aantal woonlagen In het collegeprogramma is opgenomen dat de gemeente bij herontwikkeling van gestapelde woningen positief tegenover woningbouw tot maximaal zes bouwlagen staat. In het sectorale beleid worden nog geen uitspraken gedaan over het maximum aantal bouwlagen. Momenteel is er een visie op hoogbouw in ontwikkeling. Dit hiaat kan in deze te ontwikkelen visie op hoogbouw worden ingevuld. De hoofdlijnen dienen vervolgens verankerd te worden in de omgevingsvisie. Na vaststelling van de visie op hoogbouw wordt ook duidelijk of het uitgangspunt uit het collegeprogramma breder in beleid wordt verankerd. Kwaliteit en samenstelling van de woningvoorraad In de Woonvisie is aangegeven dat er in de sociale huursector een verbeteringsslag in de samenstelling van de woningvoorraad gemaakt moet worden. Een deel van de woningvoorraad past onvoldoende bij de toekomstige vraag door veranderende woonwensen. Ook is er in de (nabije) toekomst meer vraag naar ouderenwoningen of meegroeiwoningen. De concretisering van deze ambitie is van belang. Momenteel wordt er gewerkt aan een uitvoeringsprogramma behorend bij de woonvisie. Volkshuisvestingsprogramma Ridderkerk beschikt over een Woonvisie.

In de Omgevingsvisie moet het woonbeleid straks op hoofdlijnen worden opgenomen. Via het Wetsvoorstel versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) en de ingang van de Omgevingswet wordt deze verplichte woon(zorg)visie echter vervangen door de verplichting om een volkshuisvestingsprogramma op te stellen. Deze verplichting gaat in op 1 januari 2026. Tot die tijd is de Woonvisie van kracht. Agrarische gronden In het collegeprogramma is opgenomen dat gronden met een agrarische bestemming door heel Ridderkerk zo veel mogelijk hun bestemming behouden. Daarnaast is in de omgevingsvisie opgenomen dat er wordt gestreefd naar een balans in het buitengebied tussen landbouw, agrarisch karakter, natuur en recreatie. Het uitgangspunt is de versterking van het open polderlandschap. Naast deze uitgangspunten heeft gemeente Ridderkerk nog niet tot nauwelijks beleid op haar agrarische gronden ontwikkeld. Het is van belang om een visie op (het behoud van) de agrarische gronden op te stellen waarin de koppeling wordt gemaakt met actuele opgaven (toekomst van de landbouw, klimaatadaptatie, verzilting, beschikbaarheid van zoet water en vitaliteit). Beleidsontwikkeling is hierin deels afhankelijk van hogere overheden (bijvoorbeeld de koers voor het landelijk gebied via de NPLG/PPLG).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1123/documents/38495