2025-02-13-verslag-gemeenteraad-ridderkerk.pdf
Tekst van het document
In welk onzeker bestuurlijk moeras stappen we nu het college de samenwerking binnen de regio heeft opgezegd, terwijl er een wettelijke verplichting is en blijft om regionaal samen te werken? Een heleboel partijen, 18PLUS noemde het al, die zijn not amused. En wil deze wethouder die hier zit, deze lokale CDA, deze VVD en deze SGP echt het boegbeeld zijn van: wij schoppen tegen alles en iedereen aan? Wij gaan voor onze eigen lokale inwoners? Is dat het beeld wat jullie willen tonen? De voorzitter: Rond u in 10 seconden af. De heer Kooijman: Voorzitter, ik heb nog veel meer kritische noten, maar de tijd daarvoor is veel te kort. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar de laatste spreker. Dat is GroenLinks, mijnheer Ros.
Pagina 30 van 50
De heer Ros: Dank u wel voorzitter. Een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. Een plan dat niet alleen onnodig, maar ook onrechtvaardig en vooral heel kostbaar is. Laten we beginnen met de financiën. Dit systeem kost de gemeente direct al 120 duizend euro voor de ontwikkeling en 185 duizend euro voor de eerste uitvoering. Maar dat is nog maar het begin. Structureel gaat het de gemeente 367 duizend euro per jaar kosten, jaar in jaar uit. En dit bedrag zal alleen maar oplopen. En wie betaalt de rekening als de kosten verder stijgen? En laten we eerlijk zijn, voorzitter. De gemeente heeft geen ervaring met het beheren van zo'n systeem. Wie gaat het ontwikkelen? Hoeveel extra kosten komen daar nog bij? Gaan we straks consultants inhuren voor tienduizenden euro’s extra? En dit terwijl we over een paar maanden een enorme bezuinigingsoperatie voor de kiezen krijgen. Hoe kan het college het ene moment spreken over de noodzaak van forse besparingen en het andere moment zonder duidelijke onderbouwing tonnen uitgeven aan een systeem waar we geen idee hebben wat de totaalkosten ervan zijn? Dit vinden wij financieel onverantwoord en ik zou de wethouder Wonen de tip meegeven een keer te gaan sparren met de wethouder Financiën. Dan de gevolgen voor woonzoekenden. Dit plan betekent bureaucratie en extra kosten voor inwoners.
Woningzoekenden moeten zich straks in meerdere systemen inschrijven, meerdere keren inschrijfgeld betalen en op meerdere plekken inschrijving bijhouden. En wat krijgt de Ridderkerker ervoor terug? Een systeem dat geen extra woningen bouwt en oplevert, maar wel extra drempels opwerpt. Dit voorstel is niet alleen duur, het is ook asociaal. Het bevooroordeelt een selecte groep van lokaal woningzoekenden en sluit anderen buiten. Dit raakt vooral mensen met een urgente woonbehoefte. Jongeren die op eigen benen willen staan, mensen in een scheiding of inwoners die een nieuwe start nodig hebben. Dit plan schaadt hen terwijl het niet oplost aan het echte probleem: het tekort aan betaalbare woningen. En dan de mening van Wooncompas, onze belangrijkste speler op de huurmarkt. Wooncompas heeft een heldere, kritische brief geschreven en laten weten dat zij dit plan onwenselijk vinden. Zij stellen dat de nadelen niet opwegen tegen de voordelen en dat dit plan vooral onzekerheden en hoge kosten met zich meebrengt. Wie gaat dit systeem onderhouden? Hoe worden de kosten verdeeld? Wooncompas is niet bereid om zelf een nieuw systeem te ontwikkelen en heeft haar bedenkingen geuit over de impact voor woningzoekenden. De brief van Wooncompas roept essentiële vragen op.
Hoe zorgt de gemeente ervoor dat dit systeem daadwerkelijk werkt en niet leidt tot leegstand? Hoe wordt omgegaan met administratieve last voor woningzoekenden? Hoe past het binnen de regionale woningbouwafspraak? Al deze vragen blijven onbeantwoord. De voorzitter: Interruptie van de heer Mijnders De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Ik denk dat de heer Ros een paar terechte punten aanstipt. Alleen de vraag waar wij als CDA-fractie hebben meegezeten, die wil ik eigenlijk ook wel richting GroenLinks stellen, is: hoe kijkt GroenLinks naar het huidige woonruimtemiddelingssysteem aan op dit moment? Ook als je kijkt naar de wachttijd van zeven jaar, dat wordt alleen maar meer. Heeft GroenLinks dan ook niet het idee van, we moeten we er iets aan doen? Want als we op deze weg door blijven gaan, dan verandert er niks. Dat is toch juist hetgeen wat moeten we doen? De voorzitter: Mijnheer Ros. De heer Ros: Voorzitter, wij kijken daar heel kritisch naar. Wij maken ons zorgen over de lange wachtlijsten en wij zien ook dat dat de woningmarkt aan alle kanten vastloopt. Maar voor ons is het wel het systeem dat je het oplost door bouwen en met de regio naar oplossingen gaat zoeken en niet alleen als Ridderkerk, omdat het gewoon heel duur is. De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter.
Ik hoor de heer Ros zeggen dat GroenLinks zich zorgen maakt, maar welke oplossing ziet de heer Ros dan in het huidige systeem? Want daar zijn wij als CDA-fractie ook heel erg
Pagina 31 van 50
naar op zoek en dat is toch nog best wel lastig. We kunnen in gesprek gaan met al die gemeentes, maar welke oplossingen ziet de heer Ros die we op dit moment eventueel zouden kunnen oppakken? De voorzitter: Mijnheer Ros. De heer Ros: Volgens mij is er maar één oplossing, dat is bouwen, bouwen, bouwen. Dat is heel simpel. En vooral meer sociale woningbouw. Dat is duidelijk nodig. De voorzitter: Dat is helder. Mijnheer Kardol, u was ook degene die de hand opstak. Dank De heer Kardol: Voorzitter, mijn interruptie gaat juist over die oproep van bouwen, bouwen, bouwen. Want ik ben echt wel heel benieuwd van de heer Ros en dat geldt voor de heer Kooijman en ook de heer Rijsdijk, heeft dat gezegd, bouwen, hoeveel procent sociale woningen wilt u realiseren boven de 30 procent die nu als uitgangspunt wordt genomen? Ik hou het even beknopt, maar in mijn tweede termijn kom ik met cijfers. Want noem dan gewoon een concreet percentage wat echt een oplossingsrichting is. De voorzitter: Mijnheer Ros. De heer Ros: Volgens mij, de lokale afspraak is 30 procent. Toch? Dus als we zorgen dat we dat in ieder geval gaan halen, dan bouwen we in ieder geval een deel. Maar we moeten ook koopwoningen bouwen. Zo ben ik ook wel weer. Mag ik doorgaan? Nee. De voorzitter: Nee, nog niet, want er zijn nog een paar vragen. Van mijnheer Borst. Die ziet ervan af. Dan de heer Westbroek.
De heer Westbroek: Voorzitter, ik zei het net in de termijn van de ChristenUnie ook al. Hoeveel wil je bouwen? Ik heb een aantal genoemd van 28 duizend mensen die in 2023 een woning in Ridderkerk zochten. Dan mag je flink gaan doorbouwen. Maar wat betreft de oplossingen, ik heb er eentje hier voor GroenLinks, die lokaal woningzoekenden bevoordelen zoals de heer Ros zelf al aangaf in zijn betoog, met een lokaal woonruimtemiddelingssysteem. De voorzitter: Dat is een suggestie. Mijnheer Kooijman nog. De heer Kooijman: Korte reactie op de heer Kardol over welk percentage. Je kan het over percentages hebben, over systemen, et cetera. Maar laten we het gewoon concreet maken. Als het hier gaat over het bestemmingsplan en waar we een keuze in maken, dan kiezen wij als ChristenUnie voor een plek bij ‘r Ronde Sant om daar gewoon zevenhoog te bouwen. Had misschien nog wel tien kunnen zijn. Dan zijn we concreet bezig. Maar wat doet de SGP? Nee, dat vinden we toch lastig, we hebben afspraken gemaakt. Laten we dat nu niet doen. Uiteindelijk komen de kleinere woningen, et cetera, terug in een later stadium. Daar gaat het om, die actieve houding, dat is bouwen. En dat mis ik gewoon bij deze coalitie. Maar ze gaan wel praten over een of andere dure website die zo nodig is en die het op gaat lossen allemaal. De voorzitter: Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Dank voorzitter.
Hetzelfde aantal woningen is gerealiseerd, maar ik wou juist wel naar dat punt toe, dat het juist in deze discussie heel erg erom gaat: hoe wordt er in de regio de verantwoordelijkheid genomen? Maar ik kom daar in mijn tweede termijn op terug, want dan vraagt het wel degelijk een actieve houding van ons op dit punt wat vanavond voorligt. De voorzitter: We gaan proberen even uw vragen enigszins af te wikkelen. En ik wil u ook vragen enigszins te matigen nog met het handopsteken, want u heeft nog een tweede termijn die u fenomenaal kunt benutten. Pagina 32 van 50
Mijnheer Mijnders ziet ervan af. Mijnheer Rijsdijk? Ja, zie je het? Zo werkt dat. Oké. Wie had er nog meer zo'n hand omhoog? Want ik ben even kwijt. Niemand? Mooi. Mijnheer Ros, had u nog een aantal opmerkingen? U heeft nog 20 seconden. De heer Ros: Als het mag, voorzitter, een minuutje. De voorzitter: Nee, dat mag niet. 20 seconden. De heer Ros: GroenLinks staat voor een eerlijke, sociale en toegankelijke woningmarkt. Wij willen bouwen aan meer woningen, niet aan bureaucratie. We willen samenwerken met de regio en ons er niet van afsluiten. Dit voorstel drijft GroenLinks juist verder in isolement en bemoeilijkt de doorstroming van woningzoekenden binnen de regio. Laten we vandaag een verstandige keuze maken. Stem tegen dit peperdure, onnodig en financieel onverantwoorde plan. De voorzitter: Dank u wel. Dan is dat de eerste termijn van de beraadslaging vanuit de Raad en is het woord nu aan de wethouder Van der Duijn Schouten. Wethouder Van der Duijn Schouten: Dank u wel voorzitter. Een enkele opmerking naar aanleiding van de bijdragen die zijn gemaakt, voor de rest constateer ik maar dat uw Raad vanavond onderling het debat heeft gevoerd. En daar is deze avond denk ik met name voor bedoeld. De SGP vraagt om in dit geheel ook de startersleningen. Dan gaat het om koopwoningen, dus we gaan vanavond over huren.
En volgens mij hebben we recent een miljoen in die pot gestort, dus komt die aan bekendheid op dit moment echt niet tekort. Dat is een succes, dus volgens mij heeft hij niet heel veel extra aandacht nodig. CDA vroeg om de KPI’s, om straks te monitoren of het werkt. Daar is in de schriftelijke vragen ook al op gewezen. Wij hebben een aantal aangegeven en ik heb in de commissie ook aangegeven dat als er anderen zijn waarvan u denkt dat die daarin meegenomen zouden moeten worden, we daar open voor staan. En ook over andere instrumenten. We moeten onze eigen verordening gaan maken. Uiteraard komen we, want die gaat uw Raad straks vaststellen en dan zullen we ook andere instrumenten daarin een plekje geven. De PvdA vroeg om een maatwerkoplossing binnen de regio met een uitzonderingspositie. En ik kan de PvdA-fractie meegeven, dat is ook aan de voorkant onze insteek geweest. Dat had ook veruit de voorkeur gehad. Maar er is morgen een regiotafel waar Ridderkerk niet aanwezig is, maar wel op de agenda staat. En daar is ook klip-en-klaar door de andere leden aangegeven dat een uitzonderingspositie binnen Ridderkerk binnen het samenwerkingsverband, daar wil men niet aan meewerken. Dus het is alles of niets. En omdat uw commissie in oktober klip-en-klaar was over een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem betekent dat, hoe treurig wij het ook vinden, in dit geval dus niets.
Maar dat is wel degelijk de inzet geweest vanuit dit college om met een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem deel te blijven nemen in de regio. Alleen de regio maakt ons dat onmogelijk. U vraagt waarom de brief aan Maaskoepel vandaag pas is verstuurd. Omdat de brief van Maaskoepel in eerste instantie niet een brief aan ons is gericht, maar dat is een brief van Maaskoepel aan de minister die qua inhoud niet heel erg afwijkt van de brieven die u eerder vanuit het samenwerkingsverband heeft gehad en die wij vanuit de provincie hebben gehad. Toen wij gisteren de brief van Wooncompas ontvingen leek het ons goed om u daar wel over te informeren, want dat was een brief gericht aan het college. En hebben wij het verstandig geacht om dan ook gelijk de brief van Maaskoepel dan nog maar een keer bij te doen. Tegelijkertijd is er vanuit de regio en de provincie ook nog een brief naar het ministerie gehad, waarvan ik wel weet dat die verstuurd is, maar waar wij als college ook niet in gekend zijn. Dus er circuleren nog meer brieven waar zowel college als uw Raad op dit moment van de inhoud dus niet weten. En vervolgens vroeg de Partij van de Arbeidfractie nog of 1 juli haalbaar is. Ik kan u verzekeren dat dat zeker niet haalbaar is. Tegelijkertijd loopt onze verordening ook niet op 1 juli af. Die is vorig jaar verlengd met een einddatum van 31-12-25.
Dus we hebben nog tot eind van dit jaar. Voorzitter, dan ten slotte nog, GroenLinks geeft aan dat dit college met de financiën ...
Pagina 33 van 50
De voorzitter: Interruptie van de heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. Dat klopt inderdaad van die datum van 31 december, daar vergiste ik me in. Maar dan blijft wel de vraag: acht het college dat haalbaar? En stel dat dat toch niet lukt, want er moet echt nog wel wat gebeuren, wat voor situatie ontstaat er op het moment dat de verordening is afgelopen en dit lokale systeem niet is ingeregeld? Ik neem aan dat het college daar toch een beeld of een plan voor moet hebben. Kan de wethouder daar een inkijkje in geven? Dank u. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Van der Duijn Schouten: Nee, dat kan de wethouder niet. We gaan er vooralsnog vanuit dat het haalbaar is. En één van de eerste dingen die na vanavond aan de gang zullen zijn, is dat we met een planning aan de gang gaan. En mocht in de loop van dit jaar blijken dat het onverhoopt anders gaat, dan komen we daar natuurlijk bij u op terug en dan zullen we iets anders moeten verzinnen. Maar vooralsnog gaan we ervanuit dat eind van dit jaar wel haalbaar is. Dan nog even terug, waarbij GroenLinks aangaf dat het college en de financiën en dit er dan zomaar even infietst. Wij hebben in oktober u een beeld geschetst en in oktober heeft uw commissie een grote meerderheid aangegeven hiermee aan de slag te gaan.
Dat betekent nu dat er een voorstel voorligt waar wij ook getracht hebben de kosten inzichtelijk te maken en vanavond is het al een paar keer gemerkt dat er wellicht nog wat extra kosten bijkomen. Nu ligt er ook een amendement voor met wellicht wat extra dekking, maar het is uw Raad die vanavond besluit om dit geld voor dit plan beschikbaar te stellen. Wij als college hebben op nadrukkelijk verzoek van de commissie het voorstel uitgewerkt en daarin ook getracht inzichtelijk te maken wat het kost. Maar het is uw Raad die vanavond daar een besluit over neemt. Dan, voorzitter, nog het amendement. Er zijn een aantal opmerkingen bij te maken. En om dan toch maar even in de trant van het betoog van GroenLinks, de wethouder Financiën ziet extra dekking. Tegelijkertijd betekent het een hogere last voor onze inwoners die dit moeten gaan betalen. En dat is dus niet positief te duiden. Het voorstel voor de Ridderkerkpas is iets wat we uit moeten zoeken, maar het lijkt erop dat in de huidige verordening dat in ieder geval niet past. En tegelijkertijd wil ik daar ook bij opgemerkt hebben dat als het in een volgende aanpassing van de Ridderkerkpas wel zou kunnen, daarmee het besteedbare saldo op die Ridderkerkpas niet per definitie hoger wordt. Dus dat er dan ook aan de andere kant het ten koste van iets anders gaat.
En met dat alles overwegend en gezegd hebbend laten we dit amendement graag aan uw Raad. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Ros. De heer Ros: Voorzitter, ik heb even gewacht tot de wethouder uitgesproken was. Zou de wethouder daar nog wat kunnen uitleggen wie het systeem gaat beheren en opzetten? De voorzitter: Wethouder. Wethouder Van der Duijn Schouten: Wij. De voorzitter: Dan mijnheer Rijsdijk. Wethouder Van der Duijn Schouten: En met wij bedoel ik uiteraard niet het college, maar onze ambtelijke organisatie waar wij dan weer verantwoordelijk voor zijn. De voorzitter: Goede toevoeging. Mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. In reactie op wat de wethouder aangaf op het amendement. Hij geeft aan dat de aanpassing mogelijk meegenomen zou kunnen worden als de verordening aangepast zou worden Pagina 34 van 50
voor het minimabeleid. Is dat zeker? Moet dat nog onderzocht worden? En mijn tweede vraag, de wethouder gaf aan dat het een extra last voor de inwoners betekent, dat hij dat niet positief vindt. In de commissievergadering is aangegeven dat het college zelf dacht aan een bedrag rond het huidige inschrijf bedrag van Wonend Rijnmond. Klopt dat? Zit dit amendement dan hoger? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Van der Duijn Schouten: Ja, dit amendement zit hoger. U kent de huidige inschrijving, die kost een tientje. Het amendement stelt voor 29 en 25. Dat is hoger dan 10 euro. Maar ik neem aan dat u dat niet bedoelde met uw vraag, want dat had u niet hoeven vragen. De heer Rijsdijk: Voorzitter, ik zal de vraag wat aanscherpen, dat is blijkbaar dan toch nodig. Dacht het college zelf ook aan 29 en 25 euro? Of dacht het college aan een bedrag wat bijvoorbeeld gelijk of slechts een klein beetje hoger was dan dat van Wonend Rijnmond? En ik zou het toch wel waarderen, met de lastige afwegingen die we vanavond moeten maken, als daar een beetje transparant inzicht in gegeven kan worden. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Van der Duijn Schouten: Dank u wel voorzitter. Daar had het college nog niet heel expliciet over nagedacht. We zijn met name met het voorstel bezig geweest om de kosten inzichtelijk te maken.
En als wij zelf al aan deze bedragen hadden gedacht, hadden we ze opgenomen. Dus in die zin hadden wij daar nog geen ei over gelegd. De voorzitter: Dan zag ik de hand van mevrouw Van Nes-de Man nog omhoog gaan. Mevrouw Van Nes-de Man: Ik had de indruk dat een nieuwe inschrijving 15 euro kost bij RegioNet en de verlenging van inschrijving een tientje. Dus het enige wat ik doe ... De voorzitter: Dank u wel. Mag ik concluderen dat we daarmee de beantwoording van het college gevoeglijk hebben afgerond? Ja. Dan heb ik al wat mensen de zaal zien verlaten en ook weer zien terugkeren gelukkig, maar dat duidt volgens mij op de behoefte aan een korte pauze. Ik hoor een geluid van opluchting. Nou, dan heb ik de spijker op zijn kop geslagen. Het is 22.15, 22.25 gaan we verder en ik schors nu de vergadering. Ik heropen de vergadering. En dat betekent dat de Raad aan zet is voor haar fenomenale tweede termijn. En wij doen dat op de volgordelijkheid zoals we die ook in de eerste termijn hanteerden. En als u allemaal uw zeteltje inneemt en uw stem even uitschakelt, dan gaan we weer ordelijk verder. De tweede termijn geldt net zoals in de eerste termijn een maximale spreektijd van 5 minuutjes. En als eerste geef ik het woord aan de heer Kardol van de SGP. De heer Kardol: Dank voorzitter.
Er waren nog twee vragen van de ChristenUnie, laat ik die gelijk beantwoorden als het gaat om de genoemde bedragen in het amendement. Als je 8000 inschrijvingen neemt en je rekent met de kosten die zijn voorgesteld, dan kom je op bedragen hoger dan 35 euro en dat is iets wat ons niet acceptabel lijkt. De wethouder maakt ook al de opmerking van: je maakt het inderdaad duurder. Maar aan de andere kant hebben we, zoals in de eerste termijn ook al betoogd, daar goede argumenten voor. En het ophogen van het budget van de Ridderkerkpas is wat ons betreft niet aan de orde. Ik zou eigenlijk snel toe willen naar het punt wat in de eerste termijn viel, bouwen, bouwen, bouwen. Wat is er nou eigenlijk de afgelopen jaren gebeurd in de regio? En ik heb het al aangestipt met een uitstapje naar Rotterdam. Ik weet niet of de partijen kennis hebben genomen van een onderzoek van Woonbond, versie januari 2025, dit jaar, van wat hebben nou de gemeentes gedaan als het gaat om de periode 2020 tot de helft 2024 aan het realiseren van sociale woningen, nieuwbouw? En dan schrik je toch eigenlijk wel. Want dan zijn er 23 Pagina 35 van 50
gemeenten die hebben gewoon helemaal niks gedaan, 51 gemeentes hebben dan wel meer dan 30 procent gedaan, maar 85 procent van de gemeentes heeft minder dan 30 procent sociale huurwoningen gerealiseerd. En let wel, gemeente die Ridderkerk draagt bij met 38 procent als het gaat om bestaande voorraad. Maar buurgemeentes, Albrandswaard 0 procent. Rotterdam 15 procent. En als je dan kijkt naar, wat is er nou met het corporatiebezit gebeurt in de afgelopen periode van 2013 tot 2024? Dan zien we in Rotterdam min 592 corporatiewoningen, Vlaardingen min 1004, Schiedam min 898, Capelle min 175. En dan kom ik ook gelijk nog op een ander punt. Er is in die periode ook een toename geweest van woningbezit onder nietwoningcorporaties, dus verhuurders en particuliere verhuurders. In Rotterdam zijn er daardoor 16 duizend woningen bijgekomen. Maar let wel, inmiddels is natuurlijk het regime als het gaat om verhuur helemaal op de schop gegaan of heeft voor zoveel onrust gezorgd dat er en masse woningen worden verkocht, waarvan een grote groep ook in de sociale huursector valt ... De voorzitter: Interruptie van de heer Kooijman. De heer Kooijman: Ik probeer netjes te wachten tot er ergens een punt komt in de cijfers. Ik kan het grotendeels volgen. Twee vragen aan de heer Kardol.
Enerzijds, als dat in de regio echt zo'n probleem is, naar welke tafel stuurt hij zijn wethouder om dat gesprek dan regionaal aan te gaan? In welke regionale tafel moet die discussie dan gevoerd worden? En waar kan Ridderkerk dat adresseren? Dat is één. En twee, als het dan toch zo gaat over percentages, procenten, aandelen, et cetera, hoeveel procent of hoeveel Ridderkerkers gaan hier van het lokale systeem nou daadwerkelijk baat bij hebben? Hoeveel brengt het nou daadwerkelijk op? Kan de heer Kardol daar iets over zeggen? De voorzitter: Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Dank voorzitter. Zoals ook in het memo in de tijd heeft gestaan, gaan op korte termijn in ieder geval daar Ridderkerkers van profiteren. Maar gelet op wat ik net heb geschetst, wordt de problematiek in de regio al alleen maar groter. En daar komt nog bij dat bijvoorbeeld een buurgemeente als Rotterdam, heeft opkoopbescherming ingevoerd in 2022, daar hebben ze ons als Ridderkerk echt niet bij betrokken van, vindt u dat wel goed? Maar als je de gevolgen daarvan ziet, dan betekent dat gewoon een enorme toestroom vanuit Rotterdam naar buiten. En dan weten we ook uit de cijfers die ik net noemde dat de regiogemeentes helemaal niet die vraag kunnen opvangen. En dat is een werkelijkheid waar we mee hebben te dealen. Als het gaat om die regiotafel … De voorzitter: Mijnheer Kooijman. U maakt even eerst uw antwoord af.
Dat mag wel. Prima. De heer Kardol: Ja. Als het gaat om die regiotafel, dat had ik ook in het slot van mijn eerste betoog staan, hoe hebben wij ons als gemeente te verhouden tot de regio? Wat de SGP betreft constructief, maar uitdrukkelijk natuurlijk met het oog voor de belangen van Ridderkerkers. Maar goed, die antwoordbrieven die zijn geformuleerd door het college, die zijn wat dat betreft gewoon helder. Wij zijn bereid gewoon mee te doen. Alleen kies je voor een eigen lokaal systeem en dat heeft de regio te accepteren of een woningcoöperatie te accepteren. Dat iedereen daar niet altijd begrip voor kan opbrengen, dat is wat anders. Maar uiteindelijk moet je met elkaar wel binnen die regio, met de eigen keuzes die je maakt, gewoon zien te werken aan een goede oplossing. De voorzitter: Dan nu Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Dat laatste daar kan ik ook hele discussie over voeren, maar laat ik dat voor nu maar even terzijde leggen. Ik hoorde de heer Kardol niet praten over welke voordelen het nou daadwerkelijk voor Ridderkerkers gaat opleveren. Hij geeft alleen aan: in de notitie staat, er gaan daar op korte termijn Ridderkerkers voordeel bij hebben. Maar twee Ridderkerkers dat zijn ook Ridderkerkers. Dus als het antwoord Pagina 36 van 50
twee is, zou de SGP daar dan nog wel tevreden mee zijn? Of verwacht de SGP dat er meer Ridderkerkers profijt van gaan hebben? En zo ja, wat is dan hun inschatting of percentage of … Welk getal hoort daarbij? De voorzitter: Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Voorzitter, een exact getal vind ik in deze helemaal niet relevant. We zijn er zelf van overtuigd door onder andere die drempel op te werpen als het gaat om inschrijfkosten, et cetera en zo zijn er andere punten te noemen, dat het aandeel Ridderkerkers uiteindelijk groter zal zijn dan niet-Ridderkerkers. En daarmee zetten we gewoon een belangrijke stap, even los van nog andere voordelen die ik in de eerdere commissie ook wel heb benoemd. Als het gaat om een stukje regievoering denk ik dat er ook voordelen zijn. Dus dat even in antwoord op de heer Kooijman. De voorzitter: Dan nog mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Dank u wel voorzitter. Ik heb het eerder vanavond al gezegd, ook tegen de heer Kooijman volgens mij, allerlei partijen vallen over elkaar heen om dit te voorkomen. Allerlei partijen die niet het primaire belang van de Ridderkerkse woningzoekenden hebben. Denkt u nu echt dat dit geen goede oplossing is voor hen? De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Daar mag ik er nu wel even op ingaan, want dat is niet mijn eigen termijn dus ik heb daar kort ruimte voor. Kort, voorzitter. De voorzitter: Kort. Ja.
U vult het zelf al in, mooi. De heer Kooijman: Dank u. Als de heer Westbroek de brieven goed leest, dan is het argument niet zozeer dat het voor die inwoners niet zozeer gunstig is dat Ridderkerk deze keuze maakt, nee, als Ridderkerk deze keuze maakt en iedere gemeente gaat deze keuze maken, wat zomaar zou kunnen gaan gebeuren als er geen maatregelen worden getroffen, dan is het straks ieder voor zich. Dan zijn het straks 12 gemeenten die allemaal hun eigen lokaal systeem hebben. Over totale kosten gesproken. En dan moeten alle inwoners straks, als ze dus breder willen kunnen kijken, in 12 verschillende systemen gaan inloggen en inschrijven, et cetera. Dat is absoluut niet efficiënt, dus dat komt niemand ten goede, ook de inwoners niet. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Westbroek nog even. De heer Westbroek: O, oké, voorzitter. Nu snap ik het. Het gaat de ChristenUnie om geld en efficiëntie en niet zozeer om de lokale woningzoekenden in dit geval. Nee, ik snap het helemaal voorzitter. De voorzitter: Dan van kort naar heel kort, want dan gaan we terug naar mijnheer Kardol. De heer Kooijman: Ik sloot af met de daar gaat: daar is onze inwoner echt niet mee geholpen, dat is het hele punt. Onze inwoners zijn hier niet mee geholpen. Laat ik het nog een keertje duidelijk zeggen tegen de heer Westbroek. Onze inwoners zijn er niet mee geholpen.
De voorzitter: Volgens mij heeft u allebei uw visie en standpunt duidelijk gemaakt. Dan nu nog mijnheer Kardol voor zijn eigen termijn. En u heeft nog 20 seconden om af te ronden. De heer Kardol: De opgave zoals we die indertijd opschreven in ons verkiezingsprogramma is ondanks alle inspanningen van de afgelopen jaren nog altijd actueel. Er moet worden gewerkt aan een gezonde verhouding
Pagina 37 van 50
tussen huur- en koopwoningen, alsook beschikbaarheid van koopwoningen in verschillende prijsklassen. Voorzitter, de SGP weet wat ze wil. In Ridderkerk weten we wat we willen. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Ros nog als laatste. De heer Ros: Zou ik nog één vraag mogen stellen aan de heer Kardol? De heer Kardol die heeft de cijfers heel goed paraat van een woningonderzoek van 2020 tot 2024 en hij wijst daar heel erg nadrukkelijk naar de buurgemeenten die weinig gebouwd hebben. Is in datzelfde onderzoek ook te lezen dan hoeveel sociale woningbouw woningen er in Ridderkerk bij zijn gekomen in die periode? Want om het te vergelijken zou je dat ook moeten noemen. De voorzitter: Mijnheer Kardol De heer Kardol: Voorzitter, ik heb wel eens eerder gezegd in deze raadsperiode: soms is Ridderkerk echt het beste jongetje van de klas. Wat laat het nou zo zijn dat het 30 procent is. De voorzitter: Dank u wel. En ik wil mijnheer Mijnders ook niet te kort doen. U had ook uw hand nog omhoog. U weet dat niet meer, dat is mooi. Dan stellen we dat zo vast. Maar u bent, omdat de heer Kardol zijn termijn heeft afgerond, ook gelijk aan de beurt. Hoe mooi is dat? Gaat uw gang, mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Nee, ik weet het nog wel.
Het punt wat ik wilde maken ook richting de heer Kooijman en de heer Ros is, het huidige voorstel, lokaal woonruimtemiddelingssysteem, hebben wij als CDA ook zeker onze vraagtekens bij. Alleen wat ik elke keer niet hoor van beide partijen, namelijk ChristenUnie en GroenLinks, is dat het huidige systeem ook wel negatieve kanten heeft. En dan hoor ik: dan kunnen we in gesprek met elkaar gaan. Maar dat heeft de wethouder ook aangegeven, die vragen zijn ook gesteld. Die ruimte is er op dit moment niet. Dus ook in het huidige systeem lopen we nog tegen enorme problemen aan. En ik hoor geen voorstellen van de ChristenUnie en ook niet van GroenLinks om die wachttijd van zeven jaar, wat echt absurd is hoe hoog, om daar als Raad wat aan te gaan doen. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Voorzitter, volgens mij heb ik net wel een aantal voorbeelden genoemd op verzoek van de van CDA. Maar het gaat hier om, als het nou was dat het een heel duur systeem was maar wel bewezen effect zou op opleveren, dan hadden we een discussie over de kosten, heb je het ervoor over, et cetera. Maar dan is dit een oplossing. Maar ons probleem ligt erin dat A, het is heel duur, maar B, de effecten die zijn niet SMART te maken op voorhand.
Dus hoe kunnen we nou instemmen met een voorstel waarvan we allemaal hopen dat het gaat werken, maar niemand kan op voorhand aantonen dat dat gaat werken? Dat is het grote probleem. En daar loopt de hele coalitie en alle andere partijen die hier voor zijn voor weg. De voorzitter: Mijnheer Borst. De heer Borst: Voorzitter, dan constateer ik toch ook een beetje dat de ChristenUnie dan liever vasthoudt aan een plan dat in ieder geval niet werkt en waarvoor we dan ook geen investering hoeven te doen. Dus wat wil de ChristenUnie dan nu? De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Bouwen. Van die 41 procent naar die 50 procent toewerken. In de regio kijken welke afspraken er nog meer mogelijk zijn om toch lokaal maatwerk te gaan opvoeren, maar wel samen in de regio werken. Dat zijn de drie oplossingen die ik zo op voorhand al kan geven en die heb ik al eerder vanavond gedeeld. Pagina 38 van 50
De voorzitter: En dan gaan we nu weer terug naar mijnheer Mijnders in zijn termijn. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Want bouwen is volgens mij helemaal niemand op tegen. En van die 41 naar die 50 procent gaan is ook helemaal niemand tegen. En ik hoor de ChristenUnie zeggen en ook GroenLinks: we moeten met extra maatregelen komen binnen de huidige situatie. Maar ik hoor ook geen voorstellen welke maatregelen dat moeten zijn. En dan zou ik eventueel ook nog de vraag kunnen stellen aan de ChristenUnie en GroenLinks, die ze ook aan andere partij stellen: hoeveel verwachten jullie dan dat dat op gaat leveren? Hoeveel woningen extra zou dat dan kunnen opleveren voor de Ridderkerkers? Op welke manier kunnen we die termijn van nu zeven jaar omlaag brengen? Dat horen we op dit moment ook niet. Dus we horen alleen maar dat het voorstel nu slecht is, het huidige voorstel ook niet goed, maar echt gewoon oplossingen voor het huidige voorstel horen we ook niet van beide partijen. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Voorzitter, met alle respect, er ligt hier vanavond een raadsvoorstel voor. Dat is het belangrijkste debatpunt.
En dan kan ik natuurlijk wel allerlei andere dingen gaan noemen wat wel zou werken, maar het punt is dat we hier gewoon een slecht voorstel hebben waar we vooral, als ik daar helemaal niks over zeg, dan denk ik: klinkt leuk, mijnheer Kooijman, maar we hebben nou iets anders, laten we daar maar voor kiezen. Nee. Het gaat er nu om, dit voorstel zou wat ons betreft van tafel moeten en dan met elkaar het gesprek aan over wat gaan we dan wel doen? Dat is het punt wat we hier willen maken en dat zou de Raad hopelijk mee moeten nemen. De voorzitter: Ik zie de hand van mijnheer Borst en mijnheer Westbroek omhoog gaan, maar ook die van mijnheer Mijnders. En dan toch even mijnheer Mijnders eerst. Zijn termijn. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Maar ik heb al een paar keer de handreiking gedaan richting de ChristenUnie en GroenLinks om juist met die ideeën te komen, juist die voorstellen te doen. Dus dat er vanavond geen plaats zou zijn, juist wel. Ik vraag erom. Ik hoor graag die ideeën die er zijn, maar ik hoor ze maar niet. En voorzitter, ik wil mijn bijdrage nog afronden als het mag. De voorzitter: Ja, maar u zoekt het debat en dan krijgt u ook iets retour. Zo werkt dat dan. Dus mijnheer Borst geef ik nog even de gelegenheid. De heer Borst: Voorzitter, ik wil dan tot slot toch nog even opmerken dat het op zich wel klopt wat de heer Kooijman zegt.
Want het is lastig inderdaad en het is misschien ook niet per se aan de ChristenUnie dan om nu met het alternatief te komen. Dat begrijp ik heel goed. Maar volgens mij illustreert het punt vooral dat er geen alternatieven zijn. En dat als we nu iets aan het probleem willen doen, want we komen uit een situatie met de regio, we komen uit de situatie dat we die 50 procent al hadden in kunnen vullen. En dat is niet gelukt. Dus het vraagt meer. En wat is dan het plusje waar de ChristenUnie, waar GroenLinks, waar andere partijen die dit voorstel dan niet willen steunen dan mee komen? De voorzitter: De heer Kooijman. De heer Kooijman: En dat is natuurlijk niet helemaal waar. Die 50 procent is nog maar pas mogelijk geworden, dankzij ook inspanningen vanuit dit huis is de grens van 25 is 50 procent geworden. We zitten nu op 41 procent, dus we kunnen dat nog opvoeren. Dus daar zitten we nu mee bezig. En dan willen we hier nu al de volgende stap maken, want het is nog niet genoeg. Nee, we moeten ook dat wel de tijd geven om te kijken wat het effect daarvan is. Maar daar lijken we hier niet op te willen wachten. De voorzitter: Dank u wel. Dan nog mijnheer Westbroek. Pagina 39 van 50
De heer Westbroek: Dank u wel voorzitter. De ChristenUnie vindt het een slecht voorstel en wil het van tafel hebben en weet ik het wat al niet meer. Maar goed, de ChristenUnie was eigenlijk vanaf het begin af aan al tegen inhoudelijk een goed voorstel of niet, dus het is allemaal niet relevant voor de ChristenUnie. Ze waren gewoon van begin af aan tegen. En als je kiest voor de regio, wees daar dan gewoon eerlijk voor en niet voor je eigen inwoners. De voorzitter: Dan mijnheer Ros nog. Ik ben een beetje soepel richting mijnheer Mijnders, want uw termijn is wel ernstig overgenomen op deze manier. U krijgt een half minuutje. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. We wilden drie aandachtspunten meegeven. Eén was het gebruik van extra instrumenten, de tweede was KPI's en de laatste die ik wilde noemen is namelijk de urgenten. Want op korte termijn is het mogelijk dat de wetgeving ervoor zorgt dat we hier met andere gemeenten over moeten gaan samenwerken. Maar ondanks dat we als CDA vinden dat het percentage urgenten in Ridderkerk hoog is, moet het naar onze mening niet een doel op zich worden om dit aantal omlaag te krijgen. Het belangrijkste is en blijft dat zij die een urgentiestatus status hebben, op zoek zijn naar een woning, niet voor niks een urgentiestatus hebben en dat ze daarbij ook zo goed mogelijk geholpen moeten worden.
We zullen de ontwikkelingen rondom de kaders die het college gaat stellen ook op de voet gaan volgen. En als laatste, voorzitter, als CDA zetten we ons op alle mogelijke fronten in om de zoektocht naar een woning in Ridderkerk voor onze Ridderkerkers makkelijker te maken. Dat is voor ons de basis dat we kiezen vanuit het coalitieakkoord van een lokaal woonruimtemiddelingssysteem om zo de kans op een woning voor Ridderkerkers te vergroten. En nog één seconde, we zullen het amendement van de SGP steunen. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Kooijman. U heeft als laatste in de termijn van de heer Mijnders de gelegenheid om nog een vraag te stellen. De heer Kooijman: Het doet me deugd dat het CDA zich in ieder geval ernstig zorgen maakt over de urgenten en hoe die geraakt worden door dit lokale systeem, door deze keuze die de Raad hier vanavond gaat maken. CDA geeft aan: we gaan dit op de voet volgen en we kijken naar de kaders. Maar welke handrem heeft het CDA nog na vanavond om, mocht het toch niet goed geregeld zijn, dan nog aan de handrem te trekken en te stoppen met dit systeem, als het voor de urgenten echt een verslechtering blijkt en als we dat niet goed kunnen borgen? De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter.
We gaan ervanuit dat het college goede en eerlijke kaders gaat opstellen voor de mensen die met een urgentiestatus van buiten Ridderkerk naar Ridderkerk willen komen. En we zullen dat echt als CDA op de voet gaan volgen en als wij vinden dat die kaders oneerlijk zijn, dat die net niet netjes zijn, dan zal de heer Kooijman, ook de gehele Raad, ons zeker gaan horen. De voorzitter: Dank u wel. Dan was dat … Ja, maar ik heb echt gezegd dat mijnheer Kooijman de laatste was en u heeft nog uw eigen tweede termijn. Dus daar komt u volgens mij prima uit. Dan gaan we nu naar de termijn van de Partij van de Arbeid, mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. Enkele opmerkingen nog de timing van de brief van Wooncompas vonden wij ook hoogst opmerkelijk. Tegelijkertijd heb ik vanavond ook wel een hoop kritische woorden over Wooncompas gehoord, maar ik wil wel benadrukken dat Wooncompas een hele belangrijke partner is voor de gemeente dat de relatie ook zeker goed moet blijven. We hebben Wooncompas nodig om de doelen te halen op het gebied van wonen, dus dat is wel erg belangrijk. Dat wil ik het college ook meegeven. Ik heb ook gevraagd aan de wethouder, gaan we het halen, 31 december? De wethouder die zegt: daar ga ik wel vanuit. Pagina 40 van 50
Er is eventueel geen plan mochten we dat toch niet halen. We gaan er wel vanuit dat daarover nagedacht wordt en we gaan de wethouder ook gewoon houden aan zijn woord. En we hopen dat het college op dit punt de belofte echt nakomt. We horen natuurlijk ook al bij heel veel andere projecten, neem de Jan Steenstraat, dat gaat binnenkort gerenoveerd worden. Dat wordt keer op keer uitgesteld, dus we gaan de wethouder echt aan zijn woord op dit gebied houden. We vinden het niet acceptabel als er mensen tussen wal en schip vallen. Het is een gedurfde stap die we nemen als Ridderkerk. We staan als Partij van de Arbeid achter die stap, maar we vinden wel als alle ogen van landelijk en regionaal op ons gericht zijn, dat we het dan ook heel goed moeten doen, dat we geen steekjes kunnen laten vallen. Het is geen heilige graal, dit lokale woonruimtebemiddelingssysteem. Er zitten ook echt wel nadelen aan. Die hebben we benoemd. We denken wel dat het voor lokale woningzoekenden een verbetering kan betekenen. En je bouwt ook woningen in de eerste plaats voor je eigen inwoners en niet voor iemand in Westvoorne of in Nissewaard. Als het project op de Koninginneweg gerealiseerd is, hoop ik dat er heel veel Ridderkerkers op een mooie locatie in een mooie sociale huurwoning daar kunnen gaan wonen. Actieve houding over bouwen die onderschrijf ik.
Richting de ChristenUnie dan wel de kritische noot dat ik de houding ten aanzien van bouwen nu niet per se anders vindt dan de vorige acht jaar. Ook toen had er wat mij betreft best wel een tandje bij gekund. De heer Kardol die vroeg nog naar percentages. Ik moet daar altijd wel om lachen, want als we daar de SGP naar vragen, dan wordt er altijd heel mooi langs gegleden en komt er nooit een nu echt concreet antwoord op aantallen en percentages. Maar ik wil vanavond niet flauw zijn en daar best iets over zeggen. In onze Woonvisie staat maximaal 30 procent bij nieuwbouwprojecten. Wij vinden als Partij van de Arbeid, bij de grote strategische woningbouwlocaties, dat daar minimaal 30 procent sociale huur gerealiseerd zou moeten worden. Het is voor ons echt een en-en verhaal wat dat betreft. En dan als laatste puntje, voorzitter, het amendement. Daar hebben we wel over getwijfeld, moeten we dat nu steunen of niet? Op onze voorspraak is er ook opgenomen dat als het goedkoper kan, de kosten, dat het dan ook goedkoper wordt. Maar de antwoorden van de wethouder ten aanzien van minima hebben ons geen comfortabel gevoel gegeven. We kennen echt mensen voor wie 5 of 10 euro gewoon echt veel geld is. Dat is voor sommigen misschien niet voor te stellen. Dan is dat 25 en 29 euro helemaal. We hebben niet de garantie dat het nu echt op een goede manier geregeld gaat worden via Ridderkerkpas.
Dus dat zullen we niet steunen, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijsdijk. Dan gaan we naar mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1. Die maakt geen gebruik van haar tweede termijn. Dan gaan we naar Fractie Van Nieuwenhuizen, mevrouw Van Nieuwenhuizen. Ook niet. Echt voor Ridderkerk, mevrouw Van Vliet. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, als eerste sluiten wij ons aan bij de woorden van Partij 18PLUS qua compliment richting de wethouder om zich sterk te maken in de regio voor ons lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. Dat zal echt niet eenvoudig zijn geweest. Voorzitter, we zijn ook blij met dit voorliggende voorstel. Dat zei ik al in mijn eerste termijn. Het was in 2022 één van onze items in ons verkiezingsprogramma. Verder moeten we ons niet vervreemden van de regio. Daarom verwachten we wel van het college in contact te blijven met de andere gemeenten in de regio op het gebied van woonruimte. Dan even iets over die brief van Maaskoepel. Daarin staat dat zij bang zijn dat door het uittreden van Ridderkerk een sneeuwbaleffect optreedt en dat vinden wij toch opmerkelijk.
Komt dat dan misschien doordat andere gemeenten ook niet echt tevreden zijn over het huidige systeem, want waarom anders die angst van Maaskoepel? Of is de wens van andere gemeenten om uit te treden ook misschien onderhuids aanwezig? Naast een eigen systeem moeten we natuurlijk blijven inzetten op woningbouw in Ridderkerk, maar daarbij wel goed kijken naar de behoefte van onze eigen Ridderkerkers voor wat het type woning. Denk aan startups, 55-plussers, flexwoningen, leeftijdsbestendig bouwen. In de eerste termijn sprak GroenLinks over bouwen, bouwen, bouwen. Maar zo heel veel ruimte is er niet meer in Ridderkerk om te bouwen en daar alleen gaan we het onzes inziens niet mee redden. En een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem helpt in onze ogen de Ridderkerkers daarbovenop wel in ieder geval iets meer. Ik ga afronden, voorzitter, fractie van Echt voor Ridderkerk is echt voor Ridderkerkers en verwacht met de komst van dit systeem meer Ridderkerkers sneller aan woonruimte te kunnen helpen. Pagina 41 van 50
De voorzitter: Dank u wel. Dan nu mijnheer Ros. De heer Ros: Voorzitter, GroenLinks is het met de fractie van Echt voor Ridderkerk eens dat er schaarse locaties zijn. Is Echt voor Ridderkerk het dan met ons eens als we echt onze Ridderkerkse inwoners willen helpen, dat we op die schaarse locaties dan ook flink meer woningen moeten neerzetten en wat hoger moeten bouwen? De voorzitter: Mevrouw Van Vliet. Mevrouw Van Vliet: Dat is wel één van de dingen die wij ook wel eerder in een commissie of in de gesprekken met elkaar gezegd hebben. Voor wat ons betreft kan hoogbouw wel op meerdere locaties, maar dan meer een soms getrapte. Dus niet alles recht omhoog, maar zo'n trapeze achtig iets met een groene wand, dat zou voor ons best mogelijk zijn ja. De voorzitter: Dank u wel. Dan denk ik dat wij naar de volgende spreker kunnen. Dat is de VVD, mijnheer Borst. De heer Borst: Voorzitter, ik houd het echt heel kort, want ik heb geconstateerd dat eigenlijk alles wat ik nu nog had in willen brengen nieuw, dat is al gezegd. En ik wil het omwille van de tijd ook niet nog langer rekken dan nodig. Tot slot dan dus nog één punt waar onze fractie een pleitbezorger van wil zijn. We hebben al eerder in de commissie aangegeven in oktober dat we een evaluatie echt heel belangrijk vinden.
We snappen ook dat je zoiets niet meteen na twee jaar al kunt evalueren, dat het lastig is, dat je eigenlijk die volle periode nodig hebt. Maar zorg dan in ieder geval dat we doorlopend monitoren wat de effecten zijn, wat er gebeurt. En houd onze Raad daarvan op de hoogte zodat we tussentijds gewoon vinger aan de pols kunnen blijven houden over wat er gebeurt en wat de mogelijkheden zijn om dan al dan niet bij te kunnen sturen indien nodig. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Borst. Dan gaan wij nu naar Leefbaar Ridderkerk. Mijnheer Swarttouw. Die ziet daarvan af. Partij 18PLUS, mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Dank u wel voorzitter. Ik heb niet echt een tweede termijn. Wat de heer Borst al zei, bijna alles is eigenlijk wel gezegd. Laat ik daar nog één laatste dingetje aan toevoegen. Dit is een proces van jaren geweest. Ik ben hier persoonlijk al een aantal jaren mee bezig geweest. Ik heb me ingelezen in heel veel stukken in de verordeningen, hoe dingen vroeger gingen. Ik ben blij dat we het als Raad op de radar hebben gekregen. Dat we heel veel bijeenkomsten erover hebben gehad, heel veel stukken hebben kunnen doornemen en dat we vanavond ook een goed debat erover hebben kunnen voeren. En ik kijk enorm uit naar de stemming zo meteen. De voorzitter: Dank u wel. Maar mijnheer Kooijman heeft nog een interruptie. Gaat uw gang.
De heer Kooijman: Voorzitter, ik hoor dat de heer Westbroek echt de kennishouder hier in de Raad is als het gaat om dit lokale systeem. En dan ben ik wel benieuwd, als iemand kan weten wat dit nou daadwerkelijk gaat opbrengen in aantallen, dan zal de heer Westbroek het wel weten. Dus ik ben heel benieuwd met welk getal hij komt. Hoeveel inwoners gaan hier jaarlijks profijt van hebben? De voorzitter: Mijnheer Westerbroek. De heer Westbroek: Voorzitter, heeft de ChristenUnie toevallig een aantal waarvan ze zouden zeggen: daar doen we het voor? De voorzitter: Mijnheer Kooijman. Pagina 42 van 50
De heer Kooijman: Het lijkt wel een gewoonte te worden dat als iemand een vraag aan 18PLUS stelt dat er een wedervraag komt. Ik zeg 35 duizend. De voorzitter: Mijnheer Kooijman heeft geboden. Nu is mijnheer Westbroek aan de beurt. De heer Westbroek: Zoveel plekken is er is helaas in Ridderkerk niet, voorzitter. Nee, ik snap de ChristenUnie. Maar goed, ze hebben van het begin vanaf begin af aan al aangegeven dat ze onafhankelijk van de inhoud tegen zijn. Dat is denk ik helder. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ik word daar nou wel een beetje boos van, dat dat steeds wordt gezegd. Ik ben niet vanaf begin af aan tegen geweest. De notitie hebben wij destijds in oktober gelezen. Daar hebben wij heel wat kritische vragen over gesteld. Ik denk wat ons betreft niet onterecht. En vanaf dat moment hebben we alle informatie die we tot ons hebben gekregen bestudeerd en daar onze mening over gevormd. Dus het is niet zo dat wat er ook op papier staat, we zijn tegen. Nee, helemaal niet. Ik ben ook voor onze inwoners. Ik wil ook een woning krijgen. Alleen ik zie hier heel veel haken en ogen en leeuwen en beren, et cetera.
En ik vraag nog één keer aan de heer Westbroek: kan de heer Westbroek aangeven hoeveel inwoners hij jaarlijks verwacht dat hier profit van gaan hebben van dit lokale systeem, waar we 367 duizend euro jaarlijks aan gaan besteden, een bedrag wat misschien nog wel hoger kan gaan worden? De voorzitter: Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Voorzitter, dat is een zinloze vraag om voor de ChristenUnie te gaan beantwoorden. Want ze gaan hier toch niet mee instemmen, want ze zien het niet als oplossing. De voorzitter: U bent heen en weer op zoek naar een antwoord op vragen, enzovoorts. Ik constateer dat het in twee instanties niet lukt en ik denk dat het in de derde instantie ook niet lukt. Maar mijnheer Kooijman, u bent positief, u gaat het misschien nog een keer proberen. Ik weet niet wat u gaat vragen. Gaat uw gang. De heer Kooijman: Nog de laatste keer, voorzitter. Doe het niet voor mij, geef geen antwoord aan mij, maar geef antwoord aan alle Ridderkerker voor wie wij de begroting jaarlijks vaststellen, voor wie wij verantwoord met ons geld om moeten gaan.
Geef aan alle Ridderkerkers aan hoeveel u verwacht, met deze 367 duizend euro jaarlijks, hoeveel in Ridderkerkers hiermee geholpen gaan worden? De voorzitter: Gaat uw gang, mijnheer … De heer Westbroek: Voorzitter, ik kan de ChristenUnie garanderen dat er heel veel Ridderkerkers heel positief gaan worden van het besluit dat wij vanavond gaan nemen. De voorzitter: Daar doet u het onderling mee. Zo gaat dat soms. Dan is het woord nu aan de ChristenUnie, mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Voorzitter. En als ik hem nou heel fenomenaal zou doen, dan zou ik misschien de hele Raad ineens overtuigen en dan wordt er straks vanavond tegengestemd. Maar ik denk … De voorzitter: Het begint altijd met een ambitie in het leven. De heer Kooijman: Ja, maar goed, ook een stukje realisme is denk ik ook wel goed. Uit de door de ChristenUnie en GroenLinks aangedragen 49 vragen blijkt dat we ons goed in de materie hebben verdiept en serieus naar dit onderwerp hebben gekeken. En dat we ons naar aanleiding van de stukken die we hebben gezien en de Pagina 43 van 50
antwoorden die we hebben gekregen, ons ernstig zorgen maken om de keuze die hier vanavond voorligt. De stap van het college om uit het samenwerkingsverband te stappen is wat ons betreft een slechte keuze. De wethouder gaf in de commissie nog wel nobel aan niet zijn handtekening onder de nieuwe overeenkomst te kunnen zetten wanneer hij zich niet aan die afspraak zou kunnen houden. Zijn handtekening was hem veel waard. Maar de handtekening die hij eerder onder het regioakkoord heeft gezegd en waarmee hij ook al heeft aangegeven de samenwerking te willen respecteren, die handtekening is ineens kennelijk niets meer waard. En dat bevreemdt ons. Als het gaat om samenwerking … De voorzitter: Interruptie van de heer Westbroek. De heer Westbroek: Voorzitter, dan wil ik toch even van de ChristenUnie horen wat ze ervan vinden dat wij hier een overleg hebben gehad waar de voorzitter van het samenwerkingsverband bij zat, waar we de vraag hebben gesteld: wat kan er allemaal in die concept of die modelverordening die u ons voorlegt? Alles kan. Hij is zo breed als het maar kan opgesteld, alles kan, allemaal geen probleem. En nu blijkt ineens toch, wat je nu wil? Nee, dat kan niet. Dat is wel een probleem. Dat gaan we niet doen. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Voorzitter, ik ben verder niet bij die gesprekken geweest die uiteindelijk na die bijeenkomst verder zijn gevoerd.
Dat is aan de wethouder. Die moet zorgen dat dat dan vervolgens invulling krijgt. En dan moet de wethouder daar op tafel met zijn vuist op tafel slaan, dit is niet de afspraak die wij hebben gemaakt met elkaar. De voorzitter: Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Voorzitter, wij worden hier als Raad geïnformeerd door de voorzitter van het samenwerkingsverband. Die vertelt ons dit en later blijkt er heel wat anders. Dat is toch een beetje gek. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ja, maar nogmaals, het was op dat moment de wethouder die namens Ridderkerk daar aan tafel zit en die gesprekken inhoudelijk voert. En dan ga ik ervanuit en dat mag u hopelijk ook gaan, dat onze wethouder dan goed bewapend te velde gaat. En op die tafel moet het verder worden afgesproken. Dat kan u niet mij kwalijk nemen. De voorzitter: Laatste reactie, mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Wij gaan hier dadelijk die verordening vaststellen. En het is het samenwerkingsverband wat met die modelverordening komt. Dus als ik vraag: wat is er allemaal mogelijk? En alles is mogelijk en later blijkt ineens in dat proces dat toch niet zo te zijn, dan hebben wij ineens in het ergste geval een modelverordening liggen die niet past bij wat we willen. Dus nee, volgens mij zijn wij toch als Raad leidend in onze eigen verordeningen, mijnheer Kooijman. De voorzitter: Mijnheer Kooijman.
U kunt reageren … De heer Kooijman: Nee, ik ga maar verder, voorzitter. Want ik heb nog een aantal punten die ik graag wil noemen. Als eerst, terechte opmerking van de Partij van de Arbeid rond de noodzaak van Wooncompas als partner. En woorden die vanavond door een aantal partijen hierbij zijn genoemd, passen daar wat ons betreft niet bij als die vanuit onze kant worden gepleegd. Richting de SGP. Vorige maand in deze Raad, grote woorden werden gedaan over niet-wetenschappelijk onderbouwde rapportage, waar je dus zeker geen conclusies aan kon verbinden. Hebben we nu een notitie, hebben we nu een verhaal? Ik vind het een slap en nietPagina 44 van 50
onderbouwd verhaal. En dan gaan we nu zeggen: het is een goed voorstel, laten we maar doorgaan. Ik kan daar met de pet niet bij. Nog een punt richting de SGP ... De voorzitter: De heer Kardol. De heer Kardol: Dank voorzitter. Onder andere de memo was onvoldoende aanleiding om hiermee verder te gaan. En ook de geschetste werkelijkheid, zowel in mijn eerste termijn als tweede termijn, nopen ons gewoon tot dit soort maatregelen. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Waarvan akte. Tweede vraag. OKK die wilde een turnhal. SGP die snapte dat heel goed. Maar ja, 350 duizend euro dat is best wel fors geld, jaarlijks. Voor 500 euro per lid zou dat betekenen. OKK heeft 600 leden. Maar hoeveel Ridderkerkers gaan van dit lokale systeem profiteren, waar we straks 370 duizend euro voor neerleggen? Niemand kan dat aangeven, niemand kan dat getal noemen. Dus hoe gaan we dat nou beoordelen? Dan het solidariteitsbeginsel … De voorzitter: Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Dank voorzitter. Als ik me goed herinner was de ChristenUnie ontzettend kritisch als het gaat om de roestende bak, om het zo maar eens te zeggen. En wat ons verbaasde is dat zonder dat voor ons nog de noodzaak voor het realiseren van de turnhal was aangetoond, de ChristenUnie in één keer wel voor was om dat te onderzoeken. En ik vind het ook een beetje appels met peren vergelijken.
De voorzitter: Volgens mij heeft u het een en ander gewisseld over iets wat niet per se helemaal over vanavond gaat. Wel heel lenig overigens, om in termen te spreken, maar ik stel voor dat u even doorgaat. De heer Kooijman: U zou me eens verder moeten zien, voorzitter. Nee. Het ging mij er om natuurlijk dat de SGP geld afzet tegen hoeveel Ridderkerkers gaan daar voordeel bij hebben? En in dit voorbeeld wordt dat niet gebruikt. En dat vind ik vreemd. De voorzitter: Gaat u door. De heer Kooijman: Het solidariteitsbeginsel, dat is toch echt iets waar bijvoorbeeld een CDA altijd prat op gaat. En nu denken ze wij zijn solidair, maar alleen voor onze eigen inwoners. We bouwen een hek om Ridderkerk heen, we trekken hem hoog op, we keren onze rug naar onze regiopartners en we gaan het zelf wel denken op te lossen. En dan denk ik: CDA, dat is volgens mij niet hoe jullie als partij zijn. Maar goed, kennelijk maakt het CDA hierin een andere keuze en zijn er andere partijen die daar wel een opmerking over willen maken. De voorzitter: De heer Westbroek, daarna mevrouw van Vliet, daarna mijnheer Mijnders. De heer Westbroek: Voorzitter, waar was de ChristenUnie voor 2015? Toen we gewoon een lokaal systeem hebben? Ik heb ze toen nooit gehoord: dat hek om Ridderkerk, dat moet weg. Ik heb ook nooit een hek zien staan trouwens. De voorzitter: Mijnheer Kooijman reageert niet.
Dan gaan naar mevrouw Van Vliet. Mevrouw Van Vliet: Ik hoor het de heer Kooijman ook zeggen, een hek om Ridderkerk heen. Maar we sluiten toch niemand uit? Mensen van buiten Ridderkerk kunnen toch ook gewoon nog inschrijven in Ridderkerk. Dus het is toch niet zo dat we alleen maar Ridderkerkers toelaten?
Pagina 45 van 50
De voorzitter: U mag reageren. De heer Kooijman: Een hek of een drempel, daar hebben we het ook volgens mij over. We gaan een drempel opwerpen. Ik maak daar dan een hek van. Hoe hoog het hek is mag u zelf bepalen. Maar we gaan in ieder geval, eigen volk eerst, wij kiezen alleen voor onze eigen inwoners. En ik denk dat dat niet past bij een solidariteitsbeginsel. Dat is gewoon het standpunt in ieder geval van de ChristenUnie. En ik had gehoopt dat dat ook past bij het CDA, maar kennelijk op dit punt nu niet. Dat is het punt wat ik wilde maken. De voorzitter: Mijnheer Mijnders die reageert daarop. Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Geen hek ondertussen, maar wel een geluidswal bijna helemaal om Ridderkerk heen. Dus dat is in ieder geval positief. Het solidariteitsbeginsel, we hebben als CDA ook onze voor en tegens voor dit plan genoemd. En er zitten inderdaad ook een paar tegens. Alleen we zien op dit moment, die vraag heb ik meerdere keren aan de ChristenUnie en GroenLinks gesteld, dat die zeven jaar, dat is gewoon absurd hoe lang de Ridderkerkers moeten wachten. En dat zorgt er ook voor dat we als CDA zeggen: dat is onacceptabel, we moeten iets gaan doen. En we zijn juist solidair, want we hebben juist ook de aandacht gevraagd voor die urgenten en daar zullen we echt op blijven focussen. De voorzitter: Dank u wel.
Dan weet ik niet of mijnheer Kooijman erop wenst te reageren? De heer Kooijman: Ik wou wel afrondende zin nog maken als het mag, voorzitter. De voorzitter: Dan nog even eerst mijnheer Westbroek en dan rond u uw zin af. De heer Westbroek: Voorzitter, het solidariteitsbeginsel. Dan grijp ik even terug naar de antwoorden op de vragen van GroenLinks en de ChristenUnie over de ontwikkeling van het aantal actief woningzoekenden per regiogemeente. Even het verschil tussen 2013 en 2023. Als je dan kijkt naar de stijging, dan zeg je: Rotterdam 151 procent meer. Dan denk je, dat is best wat. Ga je kijken naar Krimpen, 591 procent meer. Dan denk je, zo, dat is aanzienlijk. En dan ga je kijken naar Ridderkerk en dan zie je staan 1438 procent meer. Ja, we zijn wel heel erg solidair, mijnheer Kooijman. De voorzitter: Mijnheer Kooijman die reageert daar nog op … De heer Kooijman: Ja, kort. Dit heeft alles te maken met de manier waarop deze cijfers zijn opgebouwd. Dat heb ik in de commissie ook al duidelijk aangegeven. Als we begonnen met 2015 als maatstaf, dan had er een heel ander getal gestaan wat totaal niet opvalt ten opzichte van andere woonplaatsen in onze regio. Dus dat klopt niet. Voorzitter, afrondend ... De voorzitter: Nou, mijnheer Westbroek reageert daar nog even op. Dat kan. De heer Westbroek: Voorzitter, de cijfers die zijn de cijfers.
Maar als de heer Kooijman zegt dat we geen problemen hebben met de woningmarkt in Ridderkerk, oké. De voorzitter: Opmerking … De heer Kooijman: Voorzitter, dat ging om de … O, mocht ik nog niet? Sorry. De voorzitter: Nee, u mag van mij het woord wel hebben, maar ik probeer een klein beetje orde te scheppen. Maar gaat uw gang, u reageert.
Pagina 46 van 50
De heer Kooijman: Excuus. Dat is in het vuur van het debat. Het gaat mij er om, dat percentage van 3400, dat kan je als je op 2015 begint, dan is dat dus ineens een stuk lager dan dat je op 2013 begint omdat we toen in 2013 nog in de krant alleen de woningen aanboden. Dus daar heeft puur dat getalletje mee te maken en nergens anders mee. Voorzitter … De voorzitter: Mijnheer Westbroek, we laten het eventjes bij deze wisseling. Dan nog een laatste opmerking van mijnheer Kardol en daarna echt het woord aan mijnheer ... Ja, dat doe ik dan eventjes op mijn manier. Mijnheer Kardol nu nog even dan mijnheer Kooijman afrondend. De heer Kardol: Dank voorzitter. Als het dan gaat om dat hoge percentage, je kan focussen alleen op die tabel. Maar juist als je dat gaat bekijken in relatie tot wat de laatste 10 jaar gebeurd is hier in de regio, dan zijn we heel solidair geweest. De voorzitter: Goed. En dan nu mijnheer Kooijman die zijn laatste zin, althans in dit debat, uitspreekt. En dan gaan we daarna naar de laatste spreker toe. Gaat uw gang. De heer Kooijman: Ik ga mijn best doen, voorzitter. Voorzitter, de woningnood is groot, maar de woningnood is een landelijk probleem wat we op zijn minst regionaal moeten oppakken en niet lokaal kunnen oplossen. En om regionaal op te kunnen pakken, moeten we in regionaal verband samenwerken.