CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-02-13-verslag-gemeenteraad-ridderkerk.pdf

Gemeenteraad RK 13 februari 2025, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0.: Besluitenlijst en verslag32.945 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Wij zijn niet verantwoordelijk voor de panden waar ze nu in zitten. Ze zitten in een gedeelte van Wooncompas, ze zitten in een gedeelte wat privaat eigendom is. Ze zitten in een stukje maatschappelijk vastgoed aan de Noordstraat, wat gewoon prima huisvesting is. Daar zitten meer verenigingen, dus dat voldoet gewoon prima. Dus daar gaan we ook niet op investeren. Het is ook ons vastgoed niet. En onze opdracht is om gewoon zo snel mogelijk tot een mooie, toekomstbestendige locatie te komen en als college daar ons over te buigen en vervolgens de Raad daar een voorstel voor te doen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dirks. Mevrouw Dirks: Dank u voorzitter. Is het doel dus ook van het college om echt alle initiatieven ook onder één dak te brengen? En wanneer doelt het college op een nieuwe huisvesting? De voorzitter: Dank u wel. Nog andere vragenstellers? Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Misschien heb ik het niet goed begrepen hoor, maar als ik het zo hoor dan wordt er ingezet op één locatie, namelijk het oude pand van Verschoor. Maar is het college ook niet bezig om te wedden op meer paarden, namelijk ook te kijken naar andere locaties waar het eventueel kan? Want stel, voor hetzelfde geld lukt de locatie Verschoor niet en dan zijn we weer een hoop tijd verloren, terwijl het toch een prachtig punt was uit ons coalitieakkoord. Dank u wel voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van Os. Wethouder Van Os: Wij dachten nadat wij de opdracht hadden gekregen van die coalitiepartijen dat de Randweg een mooie locatie zou zijn voor Stichting Beter Voor Elkaar. Maar wat ik heb aangegeven, zijn er meer mooie maatschappelijke partners die echt met elkaar goed samen zouden kunnen werken en ook hun doelgroep op één plek zouden kunnen bedienen. Dus het mooiste scenario is om al die partijen op één plek te huisvesten. Met dat doel in ogen zijn wij aan de slag gegaan, voeren we gesprekken, zeker. En hopelijk met de nieuwe eigenaren komt dat tot misschien wel een mooie kans. Dat weten we nog niet. En wij wedden zeker nu niet op één paard, maar als ik als goed koopman wat geleerd heb, ga ik ook nu in het openbaar niet zeggen op welke andere paarden we wedden. Want dan weet ik één ding zeker, dan wordt de taxatiewaarde misschien nog ietsje hoger dan noodzakelijk. Dus laat ons daarmee aan de slag gaan. Zodra daar meer bekend over is, ik verwacht dat gesprek met de eigenaar echt nog deze maand of uiterlijk begin volgende maand te hebben. En vervolgens wat daaruit komt weten we of we daarmee verder kunnen of verder moeten zoeken. De voorzitter: Dank u wel. En dan komen wij nu tot de laatste vragen, jawel. Mijnheer Ros, GroenLinks over de transformatie van kantoorpanden naar woningen. Mijnheer Ros.

Pagina 15 van 50

De heer Ros: Dank u wel voorzitter. Eindelijk eens echt vragenuurtje. Ik heb een aantal vragen over updates van de transformatie naar nieuwe kantoren. En daar is het net al even een stukje over gegaan, dus ik zal me vragen even iets inkorten. Eigenlijk twee updates. Ik denk dat over Verschoor wel genoeg gezegd is. Wel twee vragen nog. Bij GroenLinks, bij ons kwamen signalen binnen dat het plan voor de 38 zorgunits in de voormalige bibliotheek aan het Sint Jorisplein, dat dat op losse schroeven straat. En we hopen eigenlijk dat dat niet klopt. We zullen eigenlijk willen dat ze vandaag nog beginnen met de bouw van deze units. Maar zou de wethouder daar een update over kunnen geven? En datzelfde geldt over het Rabobank pand. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord nu aan wethouder Van der Duijn Schouten. Wethouder Van der Duijn Schouten: Dank u wel voorzitter. Betreft het pand van de oude bieb, de signalen die dan bij de fractie van GroenLinks zijn binnengekomen, zijn ons niet bekend. Wij hebben de eigenaren recent een vergunning verstrekt. En wat wij hebben begrepen, is die bezig met het selecteren van een aannemer om het werk te gaan doen en verwachten ze daarna de bouwvak mee te starten. Rabobank, ook die heeft een vergunning. En dat is stil komen te liggen omdat één van de vergunningsvereisten was een bouwveiligheidsplan.

En zullen begrijpen dat het dat op dat plekje in de gemeente belangrijk is. En het bouwveiligheidsplan wat wij in eerste instantie hebben gehad voldeed niet aan de eisen. We hebben recent een nieuwbouwveiligheidsplan binnengekregen en dat is nu in behandeling om te kijken of we met dat bouwveiligheidsplan wel in kunnen stemmen, waarna dan ook de activiteiten daar voortgang zouden kunnen vinden. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Ros heeft u nog vervolgvragen? De heer Ros: Nee. Maar dat is heel erg goed nieuws. En ik ben blij dit zo te horen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog anderen die hierover het woord willen? Dat is niet het geval. En daarmee ronden we ons vragenuur af. En volgens mij is dat netto ook allemaal gewoon netjes binnen een uur gebleven, dus complimenten aan eenieder. 3.

Vaststelling besluitenlijst raadsvergadering 12 december en (vervolg) 16 december 2024 De voorzitter: Wij gaan door met onze agenda. En als eerste ligt voor de vraag of u de besluitenlijst van de raadsvergadering van 12 december die vervolgd is op 16 december 2024 overeenkomstig kunt en wilt vaststellen. Is dat het geval? Iedereen mee eens? Dan doen we dat zo.

4.

Lijst van ingekomen stukken De voorzitter: Dan gaan wij door naar de lijst van ingekomen stukken. Kan de lijst van ingekomen stukken zo worden vastgesteld? Het antwoord daarop is ja. Mooi.

5.

Woonruimtebemiddeling en Bestuursovereenkomst Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam De voorzitter: En dan gaan wij door naar ons agendapunt vijf wat luidt, het Woonruimtebemiddeling en Bestuursovereenkomst Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam. Een paar opmerkingen vooraf en wel deze. Dit is ter debat geagendeerd, dat is geen nieuws. De eerste termijn is maximaal 5 minuten. In totaal is voorzien een behandeltijd van 105 minuten. We gaan het zien. Er is sprake van een amendement met als eerste indiener de SGP. En ik wijs u erop dat mevrouw van Nieuwenhuizen vanavond haar maidenspeech heeft en als zodanig dus in haar eerste termijn conform onze gewoonten en afspraken niet geïnterrumpeerd kan worden. Ik heb de SGP als eerste genoteerd en ik kijk even rond wie er nog meer het woord willen voeren. Dat is het CDA, de Partij van de Arbeid, Burger op 1, Echt voor Ridderkerk, de VVD, Leefbaar Ridderkerk, Partij Pagina 16 van 50

18PLUS, de ChristenUnie en GroenLinks. Heb ik daar iemand bij overgeslagen? Volgens mij niet. En u heeft in de Raad, zoals ook aangekondigd, vandaag een drietal brieven gekregen die uit hoofde van actieve informatievoorziening aan uw Raad vandaag ook toegestuurd zijn, waarvan de laatste op een laat moment is gekomen. Maar dat lag niet, zeg ik maar eventjes gewoon om de duidelijkheid daarover te dienen, aan het college. Daar is terstond ook invulling aan gegeven om het aan uw Raad toe te sturen. En u bent in alle opzichten vrij om dat bij uw beschouwingen te betrekken. Ik ga als eerste het woord geven aan de SGP en ik denk dat het mijnheer Kardol is. Mijnheer Kardol, gaat uw gang. De heer Kardol: Dank u wel voorzitter. Eerst even een korte reactie op de ontvangen brieven die we ter kennisgeving aannemen. Wat betreft de brief van Wooncompas vinden we de timing hoogst opmerkelijk en niet professioneel. En qua inhoud hebben we ook soms moeite met de toon. Als het gaat om de brief van de minister in antwoord op de brief van Maaskoepel willen we de opmerking maken dat Maaskoepel lijkt te suggereren dat Ridderkerk valt in de categorie weinig sociale woningvoorraad met sentiment om bijbehorende problematiek buiten te houden, terwijl onzes inziens het juist omgekeerd is.

We hebben veel sociale woningvoorraad en het sentiment niet de gevolgen te moeten dragen van de keuze van andere gemeenten en sociale woning fora drastisch te verminderen. En dat brengt me bij mijn bijdrage. Eerst even een klein uitstapje. Hoeveel Rotterdammers komen volgens een in 2023 gepubliceerd rapport van de Rotterdamse Rekenkamer in aanmerking voor een sociale huurwoning? Zo'n 60 procent. In 2022 werden er in Rotterdam bijna 6700 woningen te huur aangeboden en waren er ongeveer 86 duizend woningzoekenden. Een verdubbeling van het aantal in 2016, toen waren er ongeveer 45 duizend woningzoekenden. In datzelfde jaar heeft de Rotterdamse gemeenteraad met de Rotterdamse Woonvisie ingestemd. Een beleidsdocument dat voorzag in onder meer de sloop van, let op, 15 duizend goedkope woningen en de bouw van 26 duizend nieuwe huizen in het midden en het hogere segment, vooral in Rotterdam-Zuid. De jaren ervoor waren er echter al duizenden sociale huurwoningen gesloopt. Een voorbeeld, in de Rotterdamse wijk Pendrecht verdwenen tussen 2006 en 2014 ruim 1200 huurwoningen op een totaal van 5021 huurwoningen. Rotterdam koos voor haar stad, vandaag kiest Ridderkerk voor haar dorp en inwoners. De SGP schreef in haar verkiezingsprogramma in 2022 niet voor niets dat de woonbehoefte van eigen inwoners prioriteit verdient en lokaal maatwerk bij woningtoewijzing maximaal moet worden benut.

Wonen is tenslotte een belangrijk onderwerp voor veel van onze inwoners. De SGP vindt dan ook dat onze inwoners een hogere kans op een huis in de eigen gemeente verdienen. Daarom de keuze voor een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. De wethouder zei twee weken geleden in de commissie al: met een lokaal woonsysteem kun je meer voor je inwoners doen. De SGP is er dan ook voor om het lokaal woonsysteem van onze inwoners maximaal te laten slagen. Ridderkerk is er tenslotte niet voor om het probleem van woonbehoefte van bijvoorbeeld onze Rotterdamse buren op te lossen. Het feit dat mensen zich straks speciaal in Ridderkerk moeten inschrijven, in geval van urgentie hier ook een aanvraag moeten doen en daarnaast behalve de kosten voor Wonend Rijnmond ook voor het lokale systeem moeten betalen, vergroot de kans op minder inschrijvingen van buitenaf. Om deze kans echter te vergroten, dienen wij samen met Partij 18PLUS, Leefbaar Ridderkerk, Fractie Van Nieuwenhuizen, Echt voor Ridderkerk, VVD en Burger op 1 een amendement in waarin wij voorstellen om de eenmalige inschrijfkosten en jaarlijkse verlengingskosten voor het lokaal woonruimtemiddelingssysteem vast te stellen op respectievelijk 29 en 25 euro. Bijkomend voordeel is dat hierdoor de kosten die met een lokaal systeem zijn gemoeid, zoveel als mogelijk met deze opbrengsten worden gedekt.

Mocht blijken dat de kostendekkendheid van het lokale woonruimtemiddelingssysteem een inschrijfdrempel voor inwoners van buiten Ridderkerk met lagere bedragen mogelijk is, dan gelden uiteraard deze lagere bedragen. De SGP wil tegelijk ook regelen dat onze inwoners met een minimuminkomen de mogelijkheid geboden wordt de kosten voor een lokaal woonruimtemiddelingssysteem te voldoen met hun tegoed dat op de Ridderkerkpas staat. Graag ziet de SGP dat onze inwoners … De voorzitter: Interruptie van de heer Kooijman.

Pagina 17 van 50

De heer Kooijman: Ik had richting de SGP een aantal vragen over het amendement, want er worden bedragen genoemd. Ik was benieuwd of de SGP ook kon aangeven waar ze de hoogte van dat bedrag op hebben gebaseerd. Dat moet hoop ik ergens vandaan komen, dus of ze daar wat over kunnen zeggen. En ze geven ook aan onder beslispunt B, dat ze het college verzoeken om minima … Dat die gebruik kunnen maken van de Ridderkerkpas. Dat zou een koekje van eigen deeg kunnen zijn. Dan hebben ze alleen een manier van betalen, maar dan kunnen ze vanuit de Ridderkerkpas andere dingen minder doen. Of zegt de SGP ook: nee, we zijn ook bereid en dat is ook de bedoeling, om dan vervolgens het tegoed op die Ridderkerkpas ook te verhogen, zodat ze de hogere kosten dan dat ze nu gewend zijn voor het regionaal systeem, dat die hoge kosten ook gewoon extra vergoed krijgt? Dus dat het er niks extra's gaat kosten. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Dank u voorzitter. Ik maak mijn bijdrage even af en als ik tijd nog heb, dan beantwoord ik gelijk de vragen van de ChristenUnie. Graag ziet de SGP dat onze inwoners van 18 jaar en ouder hun eerste woning kunnen huren, of nog beter, kopen.

Daarom vindt de SGP het van belang dat het college starters niet alleen attendeert op de mogelijkheid zich in te schrijven op een huurwoning, maar ook op de mogelijkheid een starterslening aan te vragen voor het kopen van een woning. De voorzitter: Mijnheer Kardol, uw tijd is echt op. De heer Kardol: Wij zijn benieuwd welke aandacht het college hier nog aan gaat geven. En de rest volgt dan in de tweede termijn. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. CDA, mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. In onze bijdrage willen we u meenemen in onze overweging rondom de keuze voor een woonruimtemiddelingssysteem, waarbij het kiezen voor een lokaal woonruimtemiddelingssysteem naar onze mening zeker goede kanten heeft, maar dat ook zeker niet de heilige graal is om alle problemen op onze woningmarkt meteen op te lossen. Ridderkerk is populair onder de woningzoekenden en de afgelopen jaren is het aantal woningzoekenden in Ridderkerk met betrekking tot de sociale huurvoorraad sterk gestegen, veel harder dan omliggende gemeentes. En dit brengt gevolgen met zich mee, omdat het hierdoor lastiger is voor Ridderkerkers om aan een sociale huurwoning te komen. Dit alles brengt met zich mee dat we in Ridderkerk op dit moment een gemiddelde wachttijd hebben van ongeveer zeven jaar.

De reden dat onze fractie begrijpt dat er iets moet gebeuren, want zo een wachttijd kunnen we toch niet accepteren met elkaar? Met de keuze voor een lokaal woonruimtemiddelingssysteem zetten we in om deze wachttijd te verlagen. Zijn we als CDA dan alleen maar positief over de keuze van een lokaal woonruimtemiddelingssysteem? Zeker niet. Allereerst zijn de kosten fors. Bij onze fractie leeft ook sterk het gevoel dat de kosten zeker nog toe kunnen nemen de aankomende periode. Kanttekening hierbij is wel dat de opbrengst van inschrijfgeld nog aan de genoemde kosten afgaat. Als tweede is het voor onze fractie nog onduidelijk wat de impact van een lokaal woonruimtemiddelingssysteem is voor de toekomst en wat dat met zich meebrengt. Wanneer bijvoorbeeld de gemiddelde inschrijfduur in ons lokale systeem sterk omlaaggaat, waar we allemaal op hopen, zal dit de aantrekkingskracht van ons systeem verhogen. Kort samengevat, hoe groot succes hopen we dat het wordt? Want we kunnen aan ons eigen succes ten onder gaan. Daarnaast willen we als CDA nog drie aandachtspunten meegeven. Allereerst is het de afgelopen periode ook duidelijk geworden dat we in Ridderkerk nog niet alle instrumenten inzetten rondom de verdeling van de sociale huurvoorraad.

Denk hierbij onder andere aan het verdelen door middel van loting, verhuizen met gelijke woonlasten, kiezen voor andere typen woningen en voor welke type woningen wordt de vijf procent lokale toewijzing wel gebruikt en voor welke typen woningen niet? Naar onze mening zullen ook deze instrumenten opgepakt moeten worden. Als tweede is het belangrijk dat we de juiste cijfers of KPI’s in beeld brengen, zodat we na een paar jaar de keuze die vanavond wordt gemaakt ook goed kunnen evalueren. Dat we ook helder Pagina 18 van 50

hebben wat de effecten zijn van onze keuze vanavond, zodat we waar nodig kunnen bijsturen of kunnen concluderen dat de keuze van vanavond een juiste is geweest of toch een verkeerde. Als laatste, voorzitter, de situatie rondom urgent woningzoekenden op korte termijn. Is het mogelijk dat de wetgeving er al voor zorgt dat we hier met andere gemeenten moeten samenwerken … De voorzitter: Interruptie van de heer Kooijman. De heer Kooijman: Ten aanzien van die P's. Ik was benieuwd of het CDA al ideeën heeft welke KPI’s dan leidend kunnen zijn om straks over één of twee jaar te kunnen bepalen of dit een succes is? De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Volgens mij gaf het college er ook al drie mee. Inderdaad, hoe hoeveel Ridderkerkers komen uiteindelijk ook aan een woning, gaat de inschrijfduur van zeven jaar ook omlaag. Maar als CDA zijn we ook wel benieuwd, als je nu kijkt naar de eerste vijf procent lokale toewijzing, dan gaat nu een groot gedeelte van naar herhuisvesters. En bij wijze spreken is het aantal slopen en de renovatie van Wooncompas over een paar jaar voorbij en dan gaat het aantal herhuisvesters opeens super omlaag.

Dan lijkt het of dit systeem daar heel erg positief aan bijgedragen heeft, terwijl wij dan denken als CDA: volgens mij moeten we ook dat soort punten goed meenemen en niet opeens als de herhuisvesters omlaag gaan, dat wij over tien jaar zeggen: kijk eens, veel meer Ridderkerkers zijn gekomen aan een woning. Maar we zullen ook de aankomende periode ook echt wel meekijken hoe die KPI's ontwikkelen en bijvoorbeeld ook hoeveel urgenten zich uiteindelijk gaan inschrijven in Ridderkerk, dat is ook wel een KPI die wij belangrijk vinden. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ik denk dat het een terecht punt is wat de heer Mijnders hier zojuist aanstipt, bijvoorbeeld van die herhuisvesters. En dat betekent natuurlijk ook gelijk dat dat ook een reden is waarom er zo weinig mensen misschien een huis en waarom die wachttijd zo hoog is, omdat we op dit moment gewoon te maken hebben met heel veel herstructureringsprojecten, met dus heel veel herhuisvesters. En dan denk ik, dan zou het heel dom zijn om nu met een duur systeem te gaan beginnen, terwijl we weten dat we even in een periode zitten waarin het nu even lastig is, omdat we aan het vernieuwen zijn hier in Ridderkerk. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Dank u wel voorzitter.

Zou het daarmee te maken hebben of zou te maken hebben met die ongeveer 28 duizend mensen die een woning in Ridderkerk willen bemachtigen? Zou dat het misschien zijn, mijnheer Kooijman? De voorzitter: Ik wil de heren Kooijman en Westbroek er wel even op wijzen dat u aan het debatteren bent in de termijn van de heer Mijnders en dat dat enige gepastheid met zich mee dient te brengen. Maar mijnheer Kooijman, heel kort en krachtig. De heer Kooijman: Die 28 duizend, het waren er 29 duizend even uit mijn hoofd, maar dat zijn mensen die gekeken hebben naar een woning. Maar dat wil niet zeggen dat al die mensen per se een woning in Ridderkerk willen hebben. Want als ik in één keer klik op een woning in Maassluis, dan ben ik ineens woningzoekende in Maassluis, terwijl ik misschien alleen maar nieuwsgierig ben, wat is dat voor een woning? En helemaal niet per se in Maassluis wil wonen. De voorzitter: Mijnheer Westbroek, echt ... Pagina 19 van 50

De heer Westbroek: Laat het de helft zijn, dan zijn het er nog steeds 14 duizend. Dat is gewoon niet te doen, mijnheer Kooijman. De voorzitter: En dan nu door naar mijnheer Mijnders, weer terug. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Nog even reagerend, via u, voorzitter, richting de heer Kooijman. Inderdaad een goed punt. En daarom moeten we ook gaan kijken wat nou ook de impact is van die herhuisvesters. En ik ben het niet helemaal eens met de heer Kooijman dat bij wijze van spreken over een paar jaar dat voorbij is. Er staan nog een hoop projecten op de planning dus het aantal herhuisvesten blijft, zal de aankomende periode nog steeds hoog zijn. En dat heeft een gedeelte impact op de toewijzing van die vijf procent, maar het is ook niet het gehele verhaal. De voorzitter: Ik ben bang dat dit wel uw hele verhaal in de eerste termijn was. De heer Mijnders: Dan zal de gemeenteraad in spanning moeten wachten wat mijn laatste punt was om mee te geven. Dat krijgt u in de tweede termijn. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Jawel. Dan gaan we door. Dan gaan we naar de Partij van de Arbeid. Mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. De wachtlijsten voor een sociale huurwoning zijn lang, in Ridderkerk gemiddeld zo'n zeven jaar. Dat is de ontwikkeling van kind naar puber en in veel functies van junior naar senior medewerker. En dat zijn bijna twee raadsperiodes.

Ter vergelijking, de opleiding tot basisarts duurt slechts zes jaar en daarna kun je mensenlevens redden. De reden is voor alle gemeenten dezelfde: veel te weinig sociale huurwoningen en te veel mensen die op deze woningen zijn aangewezen. Denk aan jongeren die door de stijgende huizenprijzen moeilijk hun eerste huis kunnen kopen, mensen die als gevolg van een inkomensdaling na een echtscheiding zijn aangewezen op een sociale huurwoning en de huisvesting van statushouders. En voor Ridderkerk komt daar nog een continue stroom aan zogenoemde herhuisvesters bovenop. De Partij van de Arbeid Ridderkerk is vanaf het begin kritisch geweest op het systeem van regionale woonruimtebemiddeling, één van de afspraken die voortvloeit uit het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam. We zijn voor regionale samenwerking, maar we zien niet de meerwaarde van een standaardverordening woonruimtebemiddeling waarin gemeenteraden aan het eind van het proces kunnen tekenen bij het kruisje. Ridderkerk is een andere gemeente dan Westvoorne en Westvoorne is weer heel anders dan Nissewaard. Dat vraagt om ruimte voor lokaal maatwerk en sturing vanuit de Raad. Het is de reden dat we in 2016 en 2020 tegen de regionale verordening hebben gestemd, als enige partij. Betekent dit dat wij vinden dat er per se een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem moet komen? Nee.

De oplossing had wat ons betreft ook prima gevonden kunnen worden in een andere opzet van de regionale verordening. Denk bijvoorbeeld aan een raamwerkverordening waarbij gemeenteraden zelf nog een aantal keuzes kunnen maken. Dat had als voordeel gehad dat je als gemeente niet zelf een woonruimtebemiddelingssysteem hoeft op te tuigen en voor inwoners die ook zoeken naar een woning buiten Ridderkerk dat zij zich niet twee keer hoeven in te schrijven. Dat vraagt om een regio die bereid is tegemoet te komen aan de Ridderkerkse behoefte. Als die bereidheid er niet is, dan is een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem een stap om als raad meer grip te krijgen op de verdeling van woningen en zo de kansen van Ridderkerkse woningzoekenden op een woning in Ridderkerk te vergroten. Tegelijkertijd vindt de Partij van de Arbeid Ridderkerk dat we realistisch moeten zijn. Een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem gaat de wereld voor Ridderkerkse woningzoekenden niet ineens drastisch veranderen. Nog steeds kan dan wettelijk 50 procent van de sociale huurwoningen met voorrang worden toegewezen aan Ridderkerkers. En als de Wet versterking regie volkshuisvesting in werking treedt, moet het afgeven van urgentieverklaringen waarschijnlijk weer regionaal worden geregeld.

Uiteindelijk worden de kansen van Ridderkerkse woningzoekenden op een woning in Ridderkerk pas echt vergroot door het bouwen van voldoende sociale huurwoningen. De grote winst van een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem is wat ons betreft vooral dat dit het voor woningzoekenden van Pagina 20 van 50

buiten Ridderkerk die niet per se in Ridderkerk willen wonen het minder aantrekkelijk maakt, waardoor zij zich niet inschrijven en er minder mensen op een woning reageren. Dit moet ervoor zorgen dat een groter deel van de woningen die niet met lokale voorrang kunnen worden toegewezen toch bij Ridderkerkers terechtkomen. De voorzitter: Interruptie van de heer Kardol. De heer Kardol: Dank u voorzitter. Een vraag aan de heer Rijsdijk als het gaat om het bouwen van sociale huurwoningen. Wat moet volgens hem het percentage zijn wat een gemeente moet bijdragen? Moet dat dan op 30 procent blijven of zegt u, dat mag wel naar 50 procent? De voorzitter: De heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Voorzitter, ik zal daar in de tweede termijn op ingaan. Dit is het moment dat ik even ga improviseren bij mijn bijdrage, gelet op de brieven die binnengekomen zijn van de minister van Wooncompas en van Maaskoepel. En dat leidt bij onze fractie nog tot een aantal technische vragen. De eerste vraag is, de brief van Maaskoepel, die dateert van 7 februari. Waarom heeft het college ervoor gekozen om die pas vandaag ter kennis van de Raad te brengen? De tweede vraag is, in de commissie hebben wij gevraagd wat er nog voor nodig is om het lokale woonruimtebemiddelingssysteem per 1 juli in te voeren. Daarin gaf de wethouder ons het gevoel dat het proces goed verloopt en dat dat wel zou moeten gaan lukken.

Wooncompas heeft best wel wat zorgpunten nog en aandachtspunten meegegeven. De vraag aan de wethouder, is 1 juli haalbaar? En dat leidt gelijk tot de vervolgvraag, stel dat het niet lukt, 1 juli, welke situatie ontstaat er dan? Want dan loopt ook de huidige verordening af. Op het moment dat we het dan nog niet rond hebben, hoe komen Ridderkerkse woningzoekende dan aan een woning? Want het is natuurlijk wel heel belangrijk dat we dit goed en ordentelijk regelen, want die Ridderkerk ligt enorm hiermee onder een vergrootglas. Dus ik vind dat we dan ook de verplichting hebben om het heel goed te doen. Dus graag daar een reactie op. De voorzitter: Mijnheer Rijsdijk, ook voor u geldt dat uw tijd opgedroogd is. De heer Rijsdijk: Ik was er, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Kijk aan. Mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u voorzitter. Ik ga het kort houden. Wij zijn voorstander van het woonruimtebemiddelingssysteem. Daar laat ik het niet bij. We hebben er als commissie al diverse malen over gesproken en we weten dat Wooncompas dit betreurt. Ook in de commissievergadering van 30 januari heeft het op de agenda gestaan en het verbaast ons dat Wooncompas toen niet heeft gereageerd. Nu vandaag om 11.45 krijgt de Raad een brief van acht pagina's van Wooncompas en een brief van het ministerie. Wij hebben daar geen kennis van kunnen nemen op deze manier.

Zo ongeveer niemand heeft dus denk ik de gelegenheid gehad deze echt goed te bestuderen of te bespreken. Wooncompas had vast ook naar aanleg van de commissie van 31 januari of voorafgaande daaraan, want de agenda was al veel eerder openbaar, een brief kunnen mailen als die heel serieus had geweest. Om toch een betere afweging te kunnen maken hadden we het voorstel aanvankelijk doorgeschoven willen zien, maar met hetgeen wat in de commissie gezegd is gaan wij gewoon instemmen met het voorstel. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Dank u. Ik vind het toch wel lastig. Ik hoor nu een paar partijen zeggen dat ze het vreemd vinden dat Wooncompas nu pas op dit tijdstip deze informatie toestuurt. Nu weet ik niet wanneer die brief exact bij het college binnen is gekomen. Wij hebben hem als Raad in ieder geval pas vanmorgen tot kunnen nemen. Het is natuurlijk lastig, Wooncompas kan zich hier niet verdedigen in de Raad. Maar het gaat volgens Pagina 21 van 50

mij vooral om de inhoud van die brief, wat willen ze daarmee aangeven? En volgens mij gaat het daarom, willen we dat betrekken in het raadsdebat, ja of nee? De voorzitter: Dat is meer een opmerking dan een vraag. Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Voorzitter, ik heb daar ook nog wel een opmerking over. Ik constateer wel dat dat een beetje de modus operandi van Wooncompas is de laatste tijd. Ook in de commissievergadering die wij hebben gehad had ik nog een overleg met een van de collega's hier en het viel ons op dat ineens uit de hoge hoed er weer allemaal dingen mogelijk waren op dat laatste moment toen. Dat lijkt wel een beetje de modus operandi van Wooncompas te zijn inmiddels. De voorzitter: Het staat uw Raad vrij om natuurlijk allerlei woorden en wegingen uit te spreken. Ik zou u wel maximaal willen aansporen om het zo veel mogelijk bij feitelijkheden te houden. Dat is denk ik al prima en voldoende. En waardeoordelen misschien zoveel mogelijk maar even bij u te laten. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Dan een feit, ik had hem al genoemd, vanmorgen om 11.45 kreeg de Raad brief van acht pagina's. En wat ik ook al aangaf, het is ons dan niet gelukt om die goed tot je te nemen, zeker niet om het te bespreken met elkaar. Dus voor ons is die brief nu geen onderlegger voor dit debat. De voorzitter: Dat is duidelijk. Mijnheer Kooijman nog.

De heer Kooijman: Een vraag aan mevrouw Van Nes-de Man. U geeft aan dat u de inhoud van die brief niet tot u heeft kunnen nemen. Maar kunt u dan wel vanavond positief besluiten ten aanzien van het invoeren van een lokaal systeem. Want ik kan in ieder geval vertellen dat wat er in de brief staat, Wooncompas is in ieder geval niet enthousiast over dit voorstel. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Dat Wooncompas niet enthousiast is over het voorstel wisten we in een eerdere commissievergadering al toen ze ingesproken hebben. En ik ben de mening een beetje toegedaan, als je dit heel serieuze punten vindt en je wil dat dit serieus door de Raad behandeld wordt, dan zorg je niet dat die een uur of vier voor de vergadering op tafel ligt maar dat die er eerder ligt. Het is bekend dat het op de agenda staat. De voorzitter: Mijnheer Kooijman nog. De heer Kooijman: Dat zal allemaal zo zijn. Overigens, het is een brief gericht aan het college, dus het is het college die uiteindelijk om 11.00 nog wat aan ons heeft verteld. Hoe lang die al bij het college was, weet ik niet.

Maar nogmaals, ik kan daarin aangeven wat Wooncompas had moeten doen, maar ik vraag aan ons als Raad: wat willen wij inhoudelijk met die reactie doen? En als u zegt: het is laat ontvangen dus ik doe er niks mee, dan is het wel de keuze van Burger op 1, van u als raadslid, om daar niks mee te doen. En dat wil ik dan wel even gezegd hebben. De voorzitter: Dat is duidelijk. Twee andere handen omhoog, mijnheer Kardol en daarna mijnheer Mijnders. De heer Kardol: Dank u voorzitter. Richting de heer Kooijman zou ik willen reageren: ik heb de brief goed gelezen, die is gedateerd 12 februari, dus gisteren. De voorzitter: Waarvan akte. Mijnheer Mijnders laat het er even bij. Volgens mij hebben we zo de termijn van mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1 tot een einde gebracht. Klopt dat? Kijk aan. Dan gaan we door naar de volgende spreker. Ik kom straks nog even op een ander punt. Echt voor Ridderkerk. Pagina 22 van 50

Mevrouw Van Vliet: Dank u wel voorzitter. Ik had toch ook in mijn bijdrage dat ik namens mijn partij als eerste wil reageren dat wij het ook betreuren dat we vandaag pas brieven hebben ontvangen die gisteren verstuurd zijn. Dat is in onze ogen erg laat, terwijl al maanden bekend is dat de Raad dit onderwerp op de agenda krijgt. In onze ogen riekt het een beetje naar een tactiek. Verder gaan wij akkoord met het voorliggende raadsvoorstel om een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem in te voeren en uiteraard ook met het eveneens voorliggende amendement dat wij ook mede indienen. Dit systeem dient in de eerste plaats in onze ogen gericht te zijn op het ondersteunen van onze eigen bewoners met een behoefte aan een woning, maar ook op mensen met een sterke economische binding aan onze gemeente. Wij vertrouwen erop dat de investering die ervoor nodig is op de lange termijn de leefbaarheid en het welzijn van onze inwoners ten goede zou komen. In onze ogen biedt een lokaal woonruimtemiddelingssysteem ook voordelen die zowel de individuele woningzoekenden als de gemeenschap als geheel ten goede zullen komen. En de investering in dit systeem zien wij ook niet als een kostenpost, maar als een investering voor de toekomst van onze gemeenschap. In ons ogen kan het bijdragen aan een stabiele en duurzame woningmarkt en de sociale en economische samenhang in onze gemeente versterken.

Samengevat, voorzitter, kan een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem bijdragen aan een meer rechtvaardige, transparante en efficiënte toewijzing van de woonruimte. En dat komt dus niet alleen onze woningzoekenden ten goede, maar het versterkt ook in onze ogen de sociale structuur en de betrokkenheid binnen de gemeenschap. En zulke voordelen maken het de moeite waard om een dergelijk eigen systeem daarmee te gaan werken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Vliet. Ik bedacht me zojuist of ik niet per abuis de Fractie Van Nieuwenhuizen over het hoofd had gezien bij het noteren. Is dat het geval? Wilt u gebruikmaken van uw eerste termijn? Dan geef ik u de ruimte, want ik vind de volgordelijkheid dan ook even van belang u het woord te geven voor uw maidenspeech. Mevrouw Van Nieuwenhuizen: Dank u wel voorzitter. Tijdens een maidenspeech krijgt een nieuw raadslid de gelegenheid om zich voor te stellen en om wat over zichzelf te vertellen. Maar dat ga ik niet doen, want ik zit hier namelijk niet voor mezelf maar ik zit hier voor de inwoners van Ridderkerk die ik probeer te vertegenwoordigen op de best mogelijke manier. Daarom kom ik gelijk op het voorliggende raadsvoorstel. Woningnood is hoog. Met het huidige systeem is de instroom van mensen uit de omliggende gemeenten in Ridderkerk groter dan de uitstroom van Ridderkerkers naar de omliggende gemeenten.

In 2022 waren er 181 tegen 75 en 2023 133 tegen 84. Daarom is het zo belangrijk dat Ridderkerkers een grotere kans krijgen op een woning binnen ons dorp. Ridderkerk heeft een hoog percentage sociale huurwoningen, 38 procent als ik me niet vergis, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Barendrecht met maar 22 procent sociale huurwoningen. Door het instellen van een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem wordt kans groter voor onze eigen inwoners. En natuurlijk is niet iedereen blij hiermee, maar zoals ik aan het begin van mijn betoog al aangaf, ik zit hier voor de inwoners van Ridderkerk en niet voor de omliggende gemeenten. Dus ik kan niet anders dan mijn volledige steun aan het lokale systeem geven. Maar om dan toch maar even te beëindigen met een persoonlijk verhaal. Zes jaar geleden heb ik me met in mijn achterhoofd de lange wachttijden en mijn leeftijd ingeschreven voor een 55+ woning. Tot nu toe heb ik genoeg kansen gekregen in Hoek van Holland. Rotterdam, Capelle aan den IJssel, Nissewaard, maar niet één keer zat er een woning in Ridderkerk bij. Dat alleen is al een teken aan de wand dat er iets moet gebeuren. Dus buiten het lokale woonruimtebemiddelingssysteem moeten er ook meer 55+ woningen in Ridderkerk worden gebouwd, maar dat is voor een andere vergadering. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Nieuwenhuizen. Zo doen we dat. Dank u wel daarvoor.

Dan gaan wij nu wel door in de volgordelijkheid naar de fractie van de VVD. De heer Borst. De heer Borst: Dank u wel voorzitter. De realiteit die is pijnlijk duidelijk. De woonruimte in Ridderkerk is schaars en steeds meer mensen ervaren hoe moeilijk het is om een woning te vinden die past bij hun behoeften en de financiële mogelijkheden. Uit de notitie die we in oktober vorig jaar in de commissie bespraken bleek dat het probleem hier in Ridderkerk misschien zelfs wel nijpender is dan in de rest van de Pagina 23 van 50

regio. Het aantal actief woningzoekenden groeit hier sneller dan elders en de wachtlijsten nemen zorgwekkend toe. Waar de gemiddelde inschrijfduur in 2017 nog vijf jaar en twee maanden bedroeg, is dat inmiddels opgelopen tot maar liefst zeven jaar en tien maanden. Dit kunnen en mogen we niet negeren. We moeten in actie komen als politiek. We moeten op zoek, wat ons betreft, naar meer grip en regie op de lokale markt voor sociale huurwoningen. En dat is een lastige vraag, want de mogelijkheden die we daarvoor hebben die zijn beperkt. Wat wel kan, is het opstellen van een lokale huisvestingsverordening en het invoeren van een eigen woonruimtebemiddelingssysteem. Met een eigen huisvestingsverordening kunnen we meer richting geven aan het toewijzen van woningen en ook maken we met een eigen urgentieregeling en geven we als gemeente zelf de urgentieverklaring af. Hierdoor blijft de groep woningzoekenden beheersbaar en komen woningen eerst beschikbaar voor Ridderkerkers. En zodoende hopen we dan woningzoekenden in Ridderkerk meer kans te geven en de wachtlijst te verkorten. Tegelijkertijd, voorzitter, zeg ik er ook bij, we zien ook nadelen aan zo'n lokaal systeem. Woningzoekenden zullen vooraf en tijdens het zoeken naar een woning met meer rekening moeten houden.

En hoe verhouden we ons dan tot de rest van de regio? Het beheer en onderhoud ervan vraagt extra middelen en inspanningen. En de kosten zijn fors en het effect op de lange termijn niet te garanderen. Waarom zou je dan toch voor deze route kiezen? Onze fractie concludeert dat een aantal van deze nadelen een praktische aard hebben. Degenen die op zoek zijn naar een woning hebben een eigen verantwoordelijkheid en wij denken dat onze inwoners prima zelf in staat zijn om een afweging te maken, ook wanneer ze met meer rekening moeten houden. We kunnen rekening houden met de regio bij het opstellen van de verordening en we kunnen nog steeds afspraken maken over gemeentegrenzen heen wanneer dat nodig is. En dat de server van het bemiddelingssysteem dan ergens anders staat, doet wat ons betreft dan niet ter zake. Wel blijven de kosten fors. En dat het dan niet exact duidelijk is wat de effecten op de lange termijn zijn, dat maakt het er niet makkelijker op. Natuurlijk, er volgt nog een evaluatie, maar daar hebben we in het hier en nu, bij het maken van die keuze, niets aan. Wat voor de VVD in deze dan zwaar weegt, voorzitter, is dat de huidige situatie echt problematisch is en dat als we er niets aan doen en doorgaan met wat we altijd al deden, dat we dan uiteindelijk krijgen wat we altijd al kregen.

Wachtlijsten van bijna acht jaar, toename van woningzoekenden die we niet aankunnen, een steeds verdere afname van de slagingskans. En daar is Ridderkerk zeker niet mee geholpen. We spreken dus onze steun uit voor een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. Maar laten we ook wel duidelijk en eerlijk zijn, alleen met een bemiddelingssysteem lossen we de woningnood in Ridderkerk niet op. Het is een en-en verhaal, dus we zullen ook meer woningen moeten bouwen. Want alleen dan kunnen we ervoor zorgen dat iedereen in Ridderkerk een passend thuis kan vinden. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Vraag aan de VVD. Het is en-en volgens u, maar zou dan niet juist, zeker ook gezien de hoge kosten en de onzekere meerwaarde in ieder geval op langere termijn … Misschien kunt u wel iets zeggen over welke kortere termijn voordelen u ziet. Maar zou u dan niet veel meer moeten richten op het bouwen? En zou dat niet het doel van dit college moeten zijn, om te zorgen dat er in ieder geval extra woningen komen? De voorzitter: Mijnheer Borst. De heer Borst: Voorzitter, volgens mij is natuurlijk first and foremost het doel om meer woningen te bouwen. En daar zijn we ook keihard mee bezig. Dat is ook wat ik verwacht. De heer Kooijman haalde in zijn stuk in De Combinatie eerder ook al de Huishoudschool aan. Dat steekt mij ook.

Ik had ook liever gezien, de VVD had ook liever gezien dat daar natuurlijk al woningen hadden gestaan. Maar tegelijkertijd constateer ik ook dat als we nu aan de slag gaan met het bouwen op de locatie van de Beverbol of bij de Huishoudschool die wachtlijst van bijna acht jaar nog steeds blijft bestaan. En ik wil de Ridderkerkse woningzoekenden hier niet in de kou laten staan. En daarom schuwen wij als VVD, voorzitter, geen onconventionele middelen. En dan ga je er toch alles aan proberen wat ons betreft om ervoor te zorgen dat we die wachtlijsten omlaag kunnen krijgen en de slagingskans omhoog. Pagina 24 van 50

De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Dan ben ik wel benieuwd welke onconventionele maatregelen de VVD niet schuw om dan te zorgen dat er bij de Huishoudschool en bij de Beverbol eindelijk daadwerkelijk wordt gebouwd. Want dat had al drie jaar geleden af kunnen zijn. En wat is dan de bijdrage van de VVD daarin geweest? De heer Borst: Voorzitter, daar houdt de VVD dit college natuurlijk scherp op door vragen te stellen, schriftelijk. En ondertussen erop aan te dringen iedere keer als het weer over woningbouw gaat, dat we moeten bouwen, bouwen, bouwen in deze gemeente. En dat we er soms voor moeten kiezen om dan te stapelen. Dat is wat de VVD eraan doet om ervoor te zorgen dat we die bouwopgave blijven doen. En dat doet niets af aan het feit, maar ik val in herhaling voorzitter, dat we er ook voor moeten zorgen in het hier en nu dat die wachtlijst omlaag gaat. En dan kun je bouwen wat je wil, maar daar gaat die wachtlijst nu nog niet van omlaag. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Westbroek zag ik zijn hand nog omhooggaan. Ik weet niet of dat nog opportuun is. Mag hoor. Nee? Dan komen we daarmee aan de volgende spreker toe. Dat is Leefbaar Ridderkerk. En ik dacht dat dat mijnheer Swarttouw zou zijn. Klopt dat? Ja, gaat uw gang. De heer Swarttouw: Dat klopt. Dank u wel voorzitter.

Het is al enkele malen gezegd, maar inderdaad, in Ridderkerk is de woningnood vrij hoog. Jongeren, ouderen en gezinnen staan jarenlang op de wachtlijst voor een sociale huurwoning, terwijl een aanzienlijk deel van die woningen naar mensen van buiten Ridderkerk gaat. Daarnaast zijn mensen met urgentie nu verplicht om regionaal te reageren op woningen en dat is bijna niet uit te leggen. Leefbaar Ridderkerk pleit daarom voor een lokaal woonruimtemiddelingssysteem. Daarmee krijgen we de regie in eigen hand en kunnen Ridderkerkers makkelijker en met kortere wachttijd een woning vinden in hun eigen gemeente. Dat is geen luxe, maar een noodzaak. Voorzitter, de huisvestingswet staat ... De voorzitter: Interruptie van de heer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Misschien hoor ik het niet goed, maar dan kan de heer Swarttouw mij nog verbeteren. Volgens mij zei de heer Swarttouw dat urgenten uit de regio ook kunnen reageren op een woning in Ridderkerk, dat het eigenlijk niet uit te leggen is. Kan de heer Swarttouw dat toelichten of wat heeft de heer Swarttouw specifiek met die woorden bedoeld? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Swarttouw. De heer Swarttouw: Dank u wel voorzitter. Hier staat ... We hebben in ieder geval gesproken over mensen met urgentie. Die zijn nu ook verplicht om regionaal te reageren.

Er zijn natuurlijk situaties waarbij je dus bijvoorbeeld urgent bent om wat voor reden dan ook, maar dat er dan toch iemand anders die niet uit Ridderkerk komt voorgaat. Dat bedoel ik daarmee. Kan ik verder gaan? De Huisvestingswet staat toe dat maximaal 50 procent van de sociale huurwoningen wordt gereserveerd voor mensen met een economische of maatschappelijke binding aan de gemeente. In de praktijk halen we dat maximum niet. Op dit moment gaat slechts 41 procent van de woningen naar Ridderkerkers, terwijl de wachttijden oplopen en de instroom van buitenaf onverminderd doorgaat. Een Ridderkerks systeem ondervangt dit niet helemaal. We zien ook natuurlijk ook een aantal nadelen. Maar woningzoekenden buiten onze gemeenten die die zich dan bewust moeten inschrijven voor Ridderkerk geeft wat minder concurrentie en Ridderkerkers kunnen dan wat sneller aan een woning komen. We zien natuurlijk ook de kosten en zien dat eigenlijk ook als een investering voor de toekomst en voor de langere termijn. Het alternatief is blijven vasthouden aan een regionaal systeem dat niet in het belang is van Ridderkerkers, zoals het nu gaat. Op dit moment ligt de regie bij de 12 regiogemeenten, waaronder Ridderkerk. Het is tijd dat Ridderkerk zelf de regie neemt. Onze inwoners rekenen op ons. Dank u wel. Pagina 25 van 50

De voorzitter: Dank u wel mijnheer Swarttouw. Dan geef ik nu het woord aan Partij 18PLUS, mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Dank u wel voorzitter. Partij 18PLUS komt op voor … O, ik zit al halverwege mijn betoog. Laat ik even bij het begin beginnen. Het zal niemand verbazen dat Partij 18PLUS verheugd is dat dit voorstel vanavond ter besluitvorming voorligt. Maar voordat ik daar inhoudelijk op inga, wil ik eerst namens Partij 18PLUS onze waardering uitspreken richting wethouder Van der Duijn Schouten en zijn medewerkers. We weten dat er heel veel krachten buiten het gemeentehuis en buiten de gemeentegrenzen hebben geprobeerd om dit voorstel te torpederen, maar de wethouder heeft zich fantastisch staande gehouden. Het is ook een zeer ordentelijk proces geweest waar we als gemeenteraad meermaals bij betrokken zijn geweest. Wellicht dat de wethouder in het begin nog enigszins sceptisch was, ontpopt hij zich nu als een echte voorvechter voor een lokaal woonruimtemiddelingssysteem. Voorzitter, hier wilde ik net al starten, Partij 18PLUSnkomt op voor de belangen van de inwoners van Ridderkerk, de raadsleden van Partij 18PLUS komen op voor het algemeen belang, maar dan wel het algemeen belang van Ridderkerk. Sinds de aansluiting van Ridderkerk bij Wonend Rijnmond hebben we Ridderkerk zien veranderen.

Waar voorheen veel Ridderkerkers kans maakte op een sociale huurwoning in Ridderkerk, maken nu veel inwoners van buiten Ridderkerk kans op een sociale huurwoning in Ridderkerk. Vaak ook inwoners van buiten Ridderkerk die een uitweg zochten vanuit een vervelende situatie en iedere woning aangrepen die op hun pad kwam. Met een hoog percentage sociale huurwoningen, vergeleken met vele andere gemeenten binnen Wonend Rijnmond, kwamen die inwoners vaak er in Ridderkerk terecht. Niet vanuit passie maar vanuit noodzaak. Dat heeft wat gedaan met de leefbaarheid in bepaalde straten en wijken. Daar is geen ontkennen aan. Ridderkerkers die graag in aanmerking willen komen voor sociale huurwoningen in Ridderkerk, kunnen daar of heel lang op wachten of toch eieren voor hun geld kiezen en noodgedwongen een sociale huurwoning betrekken in een andere gemeente. Met een lokaal woonruimtemiddelingssysteem gaan we dat weer rechtzetten. Ridderkerkers zullen eerder aan de beurt zijn voor de sociale huurwoning in Ridderkerk. Dat gaat zijn vruchten afwerpen op verschillende thema's. We zijn ervan overtuigd dat we over vijf jaar kunnen zeggen: zie je nou wel. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Twee interrupties, drie zelfs. Eerst mijnheer Kooijman, daarna mijnheer Rijsdijk en daarna mijnheer Ros. Mijnheer Kooijman.

De heer Kooijman: 18PLUS die geeft aan op te komen voor in ieder geval jonge Ridderkerker die graag een woning in de Ridderkerk wil hebben. Maar zouden er ook jonge 18PLUS Ridderkerkers kunnen zijn die zeggen: ik wil straks dat huis wel een keertje uit, maar of dat in Ridderkerk is … Misschien wil ik wel ergens … Maakt me niet uit. Ergens hier in de buurt of wat verder weg. Geen idee nog waar ik terecht wil komen. En die jongelui die worden nu al verplicht om een keuze te maken van, schrijf ik me in voor het Ridderkerkse systeem, schrijf ik me in voor het regionale systeem of doe ik het allebei? Is dat een voordeel voor die jongeren? De voorzitter: Mijnheer Westerbroek. De heer Westbroek: Het is zeker een voordeel als je in Ridderkerk blijven wonen. De vraag waar de heer Kooijman naar op zoek is, is het wel juist om te dit te doen? Maar dan zou ik een wedervraag stellen, hoe gaat het dan met iemand die bijvoorbeeld in de regio Amsterdam wil gaan wonen? Die moet zich daar ook inschrijven in een apart systeem. Dat zit ook niet in Wonend Rijnmond. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kooijman wil daarop reageren. Gaat uw gang. De heer Kooijman: Ja, ik hoorde een wedervraag. Waar het mij om gaat is dat … En volgens mij heeft 18PLUS daar ook al aan meegewerkt, om jongeren aan te sporen om zo snel mogelijk in te schrijven, dan maak je op Pagina 26 van 50

een gegeven moment kans op een woning. Maar op een leeftijd van 18 weet je misschien nog helemaal niet waar je nou precies exact wil gaan wonen, want dan ben je nog op middelbare school of misschien net begonnen aan een studie. En dan nu al de keuze moeten maken met wijze van spreken met mes op de keel, wordt het in Ridderkerk of daarbuiten? Dat is toch eigenlijk ook een beetje raar? Dat is eigenlijk mijn opmerking die ik wilde maken. De voorzitter: Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Ik vind daar niks raars aan. Keuzes maken hoort bij het leven en ik denk dat dit de positie van de mensen die hier in Ridderkerk willen blijven wonen of willen terugkeren na hun studie gigantisch verbetert. Sterker nog, ik weet het wel zeker. De voorzitter: Dan gaan we naar mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. Een ronkende bijdrage van 18PLUS. Dat had ik ook wel verwacht. Mijn eerste vraag is, zien ze ook nadelen aan dit systeem? En mijn tweede vraag is, is 18PLUS het met mij eens dat een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem weliswaar een beetje zou kunnen helpen, maar dat alles valt of staat met de bouw van voldoende sociale huurwoningen? Vindt 18PLUS ook dat die bij nieuwbouwprojecten een volwaardige plek moeten krijgen? Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Zie ik nadelen. Nee, eigenlijk niet.

Wat betreft bouw sociale huurwoningen, de bouw is een ander onderwerp dan het woonruimteverdeelsysteem, maar in de nieuwe Volkshuisvestingswet, waar ik het eerder deze avond al over heb, staat er veel meer ruimte in voor gemeenten om daarover te beslissen en zit je niet meer vast aan percentages per project, maar mag je het overkoepelend zien. En je moet bouwen waar je kan bouwen wat geschikt is. De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben we mijnheer Ros. Mijnheer Ros, gaat uw gang. De heer Ros: Dank u wel voorzitter. Ik wil 18PLUS wel even helpen met een nadeeltje. Hoeveel mag het namelijk kosten? En dat is een serieuze vraag, want we hebben de kosten die in het voorstel staan en daarboven komen nog de kosten van Wooncompas. Die zegt hun kosten, hun extra kosten, hun inzet te gaan verhalen op de gemeente Ridderkerk. Daarnaast zijn er nog extra beheerskosten. Dus mijn vraag aan 18PLUS, hoeveel mag dit systeem per woning kosten? We zitten nu op meer dan 1000 euro per woning, aan belastinggeld wat we daarvoor uittrekken. Mogen we dat verdubbelen, verdriedubbelen? Hoever mogen we gaan? De voorzitter: Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Laat ik de wedervraag stellen aan GroenLinks.

Hoeveel mag de maatschappelijke schade kosten van mensen die indirect gedwongen moeten verhuizen? Stel je eens voor dat iemand naar Maassluis verhuist omdat hij gewoon uit huis moet en hij kan hier in Ridderkerk niet terecht. Hij woont hier, zij woont hier, heeft zijn familie hier, werkt hier en iedere dag met die auto over die snelweg in de file, die uitlaatgassen. Mijnheer Ros, denk toch ook eens aan het milieu. Dat is ook schade. De voorzitter: Mijnheer Ros. De heer Ros: Het antwoord op mijn vraag graag.

Pagina 27 van 50

De heer Westbroek: Volgens mij ben ik heel helder geweest. Mijnheer Ros is op zoek naar een fictief getal. Dat gaat hij hier niet krijgen en dat ga ik ook niet noemen. En ik denk dat het zo helder is voor hem. De voorzitter: Mijnheer Ros nog een keer. De heer Ros: Ja, graag voorzitter. Het is geen fictief getal. We hebben het over 367 duizend euro per jaar, 2 ton opstartkosten plus alle kosten van Wooncompas. Dus mijn serieuze vraag is, hoeveel mag het kosten? We zitten nu op iets meer dan 1000 euro per woning toegewezen. Hoeveel mag het gaan kosten? En dat is geen fictief getal. Het zijn harde euro's en die moeten we ergens vandaan zien te halen. De voorzitter: Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Voorzitter, klinkt als heel veel geld, maar op een begroting van meer dan 100 miljoen valt het wel reuze mee. Maar hoeveel is het de heer Ros waard als Ridderkerkers gewoon in hun eigen gemeente aan een woning kunnen komen? En wat betreft de kosten van Wooncompas, dat vind ik nog een hele interessante. Gaan wij dadelijk als het aan GroenLinks ligt bij iedere verordening die wij vaststellen, iedere partij die zegt: joh, ik heb hier schade van of ik moet meer kosten maken, of weet ik veel, iemand die zegt: je gaat nu HOV invoeren, er wordt een bushalte verplaatst, ik moet een fiets kopen, ik kon mijn fiets bij je declareren.

Gaan we dat nu doen, GroenLinks? De voorzitter: Mijnheer Ros afsluitend nog een reactie en dan stel ik voor dat mevrouw Van Vliet nog een kans geven. En dan daarna weer doorgaan naar de volgende spreker. De heer Ros: Ik wil de HOV hier even buiten houden. Ik denk dat het essentieel is dat mensen aan een woning kunnen komen. En dat doe je in eerste instantie door te bouwen. Dank u wel. De voorzitter: Dan mevrouw Van Vliet nog. Gaat uw gang. Mevrouw Van Vliet: Ik vraag me af waarom GroenLinks het telkens maar over kosten heeft en niet dan in investeringen. Het is toch investeren in onze eigen bewoners? We doen dat met diverse projecten. Miljoenen naar een zwembad, wat ook voor Ridderkerk is maar ook een regionale functie heeft. En als we dat vergelijken, iets van 42 miljoen voor een zwembad, met een woonruimtebemiddelingssysteem voor onze eigen bewoners, zowel mensen op leeftijd als de jongeren, starters die nog thuis zitten te snakken naar een eigen woning, ik snap niet dat u dat niet als een investering ziet. De voorzitter: Mijnheer Ros. De heer Ros: Voorzitter, ik wil dat heel graag investering zien. Volgende week krijgen we de WOZ-aanslag. Dan gaan we weer heel veel investeren in de gemeente als alle inwoners. Dus als dat investeringen zijn dit ook investeringen. Het zijn gewoon kosten, voorzitter. Ik kan het niet anders zeggen, het zijn gewoon kosten, jaarlijkse kosten.

De voorzitter: Ik ben voor een goed debat, dus laten we dat vooral even vooropstellen. Ik stel wel even vast dat de termijn van Partij 18PLUS inmiddels helemaal kopje-onder gegaan is. Mijnheer Mijnders, u even nog als laatste. Wat zegt u? Mijnheer Westbroek, wat wilde u nog zeggen? De heer Westbroek: Of ik ook nog mag in mijn eigen termijn als laatste. De voorzitter: Ik dacht dat u ongeveer alles gezegd had, maar dat is dus niet het geval. Maar dan moeten we toch wel even vaststellen dat uw termijn ruimschoots verstreken is. U bent galant, dat zie ik. En er is altijd nog

Pagina 28 van 50

een tweede termijn en dat gaat dan weer helpen. Mijnheer Mijnders nog een laatste opmerking of een vraag. Kort, krachtig. De heer Mijnders: Kort gaat niet lukken dus ik wacht op de bijdrage van de heer Ros. De voorzitter: Dat is duidelijk. Mijnheer Westbroek nog een afsluitende opmerking? Niet het geval. Dan gaan we toch echt naar de volgende spreker. De ChristenUnie, mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Dank u wel. Voorzitter, ik moet helaas beginnen met mijn treurnis uit te spreken richting de partijen die ons ordevoorstel eerder vanavond niet steunden. Hiermee geven ze onze fractie maar ook het college en de gehele Raad geen goede mogelijkheid om de vandaag nieuw ontvangen informatie op een juiste manier tot ons te nemen en af te tegen. En dat is diep bedroevend. De argumentatie dat Wooncompas informatie erg laat stuurt, is slap en niet gericht op de inhoud. Op een aantal punten, als je de brieven wel hebt gelezen, geeft Wooncompas bijvoorbeeld een heel ander en tegenstrijdig antwoord dan het college deed op eerdere vragen van ons. En dat vraagt om een goede, inhoudelijke band behandeling. En informatie terzijde schuiven is dan echt het slechtste dat je als volksvertegenwoordiger kunt doen. De voorzitter: Interruptie van de heer Westbroek. De heer Westbroek: Voorzitter, de ChristenUnie was vanaf begin af aan al tegen. Dat hebben ze meerdere keren aangegeven.

En nu zeggen ze: we kunnen het eigenlijk niet goed beoordelen, want er ligt een brief en die moeten we nog helemaal doornemen. Ik zie de ChristenUnie niet van mening veranderen door die brief. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Nee, dat klopt ook wel. Alleen ik hoop dat jullie van mij niet gaan veranderen, andere partijen, omdat er gewoon duidelijke informatie in staat waar … Het college dat zegt A, bijvoorbeeld over monitoring. Daar gaan ze gewoon de regionale monitoring voor gebruiken. Dat antwoord kan je de zoete koek slikken. Wooncompas zegt: dat kan helemaal niet. Dus dat zijn zaken waar ik dan technisch nog een vraag over had willen stellen, maar dat wordt me nu ontnomen. De voorzitter: Dan is er nog mijnheer Borst, dacht ik. Als ik het goed zag. Gaat uw gang. De heer Borst: Voorzitter, ChristenUnie heeft het over heel veel nieuwe informatie. Ik heb die brief ook even gelezen. Zo heel veel nieuwe informatie stond er volgens mij niet in en is het verhaal in dat opzicht hetzelfde als wat we in oktober van Wooncompas hebben gehoord in de commissievergadering. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ik denk daar anders over. Ik ga maar naar mijn bijdrage die ik voor vanavond had voorbereid. We onderzoeken de haalbaarheid van een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. Dat is de afspraak die de coalitiepartijen met elkaar hebben gemaakt in 2022.

Of in ieder geval, zo hebben deze vier partijen het op papier gezet. Zo kunnen wij het lezen in het coalitieakkoord. Het onderzoek is inmiddels uitgevoerd. De notitie die daaruit voortkomt geeft helder aan dat er heel veel onzekerheden en hoge kosten zitten in het optuigen van een lokaal systeem en dat de voordelen niet te kwantificeren zijn en mogelijk alleen enigszins rendeert op de korte termijn, maar mogelijk niet op de langere termijn. Wat had het mooi geweest als we in oktober 2024 een punt achter dit onderwerp hadden kunnen zetten. Maar op die commissieavond van 16 oktober gebeurt er iets heel geks. Het lijkt wel of veel partijen niet geïnteresseerd zijn in de uitkomsten van het onderzoek dat door het college is gedaan, maar vooral benieuwd zijn hoe en wanneer we het lokale systeem kunnen gaan invoeren. Wat hebben wij als fractie gemist? Vanwaar dat enthousiasme? Ik hoop dat Pagina 29 van 50

vanavond partijen daar meer helderheid over kunnen verschaffen. Iets dat echt krom is. Dat valt toch niet recht te praten? De voorzitter: Interruptie van de heer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Nog even terug. De heer Kooijman zei: het liefst had hij er gelijk een punt achter gezet. Alleen punt achter gezet, op dit moment leven we gewoon met een wachttermijn van bijna zeven jaar. Dus is dat ook gewoon iets wat de ChristenUnie-fractie accepteert van, weet je, het is op dit moment zeven jaar. Dat moet maar gewoon zo, we kunnen er niks aan doen. Hoe kijkt de ChristenUnie daar tegenaan? De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Nee. Ik zou graag met elkaar en in regionaal verband kijken naar welke mogelijkheden er zijn ook om lokaal die wachttijd te verbeteren. Er zijn kleine marginale verbeteringen om van die 41 naar de 50 te komen. Extra woningen bouwen dat zou ook nog kunnen helpen. Dat zijn de zaken waar wij als fractie op zouden inzetten en niet dit dure systeem wat niet gaat werken, alleen hoopvol is voor een aantal partijen die daarvan dromen. De vraag is, is er achter de schermen toch meer afgesproken binnen de coalitie dan eigenlijk feitelijk op papier staat? En dan hoor ik daar graag ophelderingen over. De voorzitter: Interruptie van de heer Westbroek.

De heer Westbroek: Voorzitter, de ChristenUnie is er stellig van overtuigd dat dit niet gaat werken en geen oplossing is voor de lokaal woningzoekenden. Zo'n beetje iedere andere partij valt over elkaar heen om ons te waarschuwen dat we dit vooral allemaal niet moeten doen, want het is zo ongunstig voor de mensen van buiten Ridderkerk. Dat is toch wel opmerkelijk, dat alle mensen, Wooncompas, alle organisaties dit niet willen, omdat dadelijk de Ridderkerkers zo’n goede positie hebben voor de woningen in Ridderkerk. Maar alsnog zegt de ChristenUnie: dat geloof ik allemaal niet. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. Overigens, u bent in uw laatste minuut aangekomen en u gebruikt uw laatste minuut even om uw termijn af te ronden. De heer Kooijman: Voorzitter, ik ga toch een aantal dingen nog noemen en dan reageer ik dus maar noodgedwongen even niet op 18PLUS. Voorzitter, wij kunnen het echt niet begrijpen. Waarom staat dit middel nu centraal en niet het doel? Wie kan mij vertellen hoeveel Ridderkerkers er daadwerkelijk jaarlijks profijt van gaan hebben? 5? 10? 25? 50? 100 misschien? Ik heb nog nul getallen gehoord. Het is alleen: we hopen of we denken, of we vertrouwen erop dat dit gaat werken. Maar niemand kan zeggen wat dat echt daadwerkelijk gaat betekenen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1152/documents/40264