2024-08-29-verslag-commissie-samen-leven-wonen-ridderkerk.pdf
Tekst van het document
De voorzitter: Mevrouw Kayadoe. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel. Dan vraag zeven, dat gaat over onze vraag drie. Er zijn in augustus 2024 838. elektrische auto’s in Ridderkerk en 113 plug-in hybride auto’s en in 2023 hadden we 537 laadpalen. Is dat in balans? Is het de bedoeling dat elke elektrische auto en hybride auto een eigen laadpaal gaan krijgen? Eigenlijk is de vraag: wanneer is het nu in balans qua hoeveelheid laadpalen en hoeveelheid auto's die we hier hebben rijden? Dat was eigenlijk de achterliggende vraag, dus wellicht kan dat nog iets beter geduid worden. Vraag acht is op onze vraag vier. Het rapport van DCMR van februari 2023 is daar aangehaald. Wij hebben gevraagd: wat is er in de afgelopen vijf jaar gedaan om de roetemissie Rijnsingel naar beneden te krijgen? Daar staat alleen maar in het antwoord: maatregelen die voortvloeiden uit het mobiliteitsonderzoek Bolnes hebben invloed gehad. Onze vraag was: welke maatregelen zijn er geweest? De voorzitter: Wethouder. De heer Overheid: Dank u wel, voorzitter. Dan ben ik de eerste vraag wel eventjes kwijt. De voorzitter: Dat gaat over de balans van het aantal palen. De heer Overheid: Dank u wel, voorzitter. De balans daar heeft u een goed punt, mevrouw Kayadoe. Die balans moeten we nog zoeken. Het is een ontwikkeling die soms heel snel gaat.
Er komen steeds meer van dat soort auto's, dus dat willen we alleen maar stimuleren om dat voor elkaar te krijgen. En u heeft gelijk, dat moeten we misschien ook zeker in deze zienswijze meenemen. We moeten op een gegeven moment wel naar een balans toe gaan groeien dat de verhouding wel klopt met betrekking tot laadpalen versus elektrische voertuigen. Misschien zijn er wel normen voor, maar dat weet ik niet. Dat zouden we dan even nog kunnen uitzoeken, maar dat kan wel in deze zienswijze misschien ook wel in deze beleidsplannen meegenomen worden. Maar dat geef ik u dan mee en dat kunt u misschien dan zelf aankaarten. De tweede was de roet. Ik kijk even naar links of mevrouw Beltgens daar het antwoord op weet. Niet. Nee, ook niet. Dan moet ik daar bij u nog op terugkomen, want ik weet het antwoord niet. De voorzitter: Uw laatste vragen. Mevrouw Kayadoe: De laatste twee vragen. Ja, klopt inderdaad. Clusters voor maatregelen waarom de Geerlaan niet meegenomen? Er is geantwoord: er is in 2022 geluidsreducerend asfalt aangelegd. Nu weet ik uit betrouwbare bronnen dat dit met name het viaduct echt veel meer herrie veroorzaakt dan de snelweg. Is dat ook wel eens gemeten, of zou het wellicht een optie zijn om dat toe te voegen, of is dat bewust niet toegevoegd? Dan hebben we de laatste vraag, cluster 12, Rijksstraatweg.
Daar ligt ook geluidsreducerend afvalt, alleen het asfalt is daar op heel veel plekken als stuk. Is het dan nog wel effectief? En een opmerking dat er woningen staan op de saneringslijst Rijksoverheid. Kan die lijst toegevoegd worden bij de stukken? Of in ieder geval aan ons doorgemaild worden. De voorzitter: Wethouder Overheid. De heer Overheid: Dank u wel, voorzitter. De Geerlaan, dat was de eerste vraag. Het viaduct, dat is niet bewust buiten het verhaal gelaten. Dus mijn voorstel zou zijn dat u het dan meeneemt in uw tweede ronde om daar misschien nog naar te kijken. Rijksstraatweg, u geeft aan dat sommige stukken al wat versleten zijn. Dat is een kwestie wat we ook moeten gaan bijhouden als daar nu stil asfalt ligt. Dat wordt ook gemonitord,
Pagina 18 van 42
dus als het denk ik onder de norm gaat opvallen, dan moeten we daar ook weer acties op ondernemen. Dat waren volgens mij de vragen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dat brengt ons aan het einde van de hele vragenronde. Dan gaan we naar het volgende rondje, dat is dat u dingen mag meegeven aan het college. Ik ga gewoon een rondje doen en als u er geen gebruik van wilt maken, dan kunt u dat aangeven. Ik begin even bij fractie van 18PLUS. Mijnheer Van Neuren. De heer Van Neuren: Dank u wel, voorzitter. Partij 18PLUS maakt zich hard voor het terugdringen van fijnstof, geluidsoverlast en verbeteren van de luchtkwaliteit. In de documenten komen geluidsreducerend asfalt, subsidie voor geluid en energie, onderzoek naar flitscamera’s op snelheid en geluid en een onderzoek naar diffractoren aan bod. We stelden richtlijnen op voor gevoelige bestemmingen voor onder andere de scholen en de kinderdagverblijven ten opzichte van de wegen. We zien een daling in fijnstof en stikstof, maar er is nog veel om mee aan de slag te gaan en nog veel te winnen. Kortom, dit document sluit goed aan bij de punten van Partij 18PLUS. We hebben als raad de behandelwijze zelf vastgesteld, maar Partij 18PLUS had toch graag de antwoorden gezien op de zienswijze in dit stadium. Punt van aandacht voor onszelf om dit in het vervolg beter en scherper te hebben.
We kijken uit naar het einddocument met de beantwoording van de zienswijze. De voorzitter: Dank u wel. Er mag ook op gereageerd worden, er mogen ook interrupties plaatsvinden. Debatjes toegestaan. Mevrouw Dirks van Leefbaar Ridderkerk. Zo, ik ben nu even in de war. GroenLinks. Mevrouw Dirks: Bijna, ja. Goed zo. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ik heb ook een goede vakantie gehad. Mevrouw Dirks: Dat is te merken. Om dan meteen te reageren op de bijdrage van 18PLUS. We zijn het inderdaad eens over de zienswijze, de beantwoording daarvan. Dat hadden we ook inderdaad eerder gezien. Over het document, het programma zelf, het onderwerp. Dat vonden we echt heel goed, goed leesbaar ook, het was fijn om te lezen. Lucht en geluid is gewoon zo ontzettend belangrijk voor de gezondheid, voor onze leefbaarheid. Het is fijn dat er in het programma ook rekening wordt gehouden met dat we openstaan voor de acties, ook in de toekomst. Dus die geluidscamera's, een landelijk vuurwerkverbod, uitbreiden van vuurwerkvrije zones, elektrische auto's. Hoge ambities, zet ook zo hoog mogelijk in, vandaar nog de volgende punten die we willen meegeven. Dat is allereerst dat de bewustwording van zelf veroorzaakte geluidshinder. Want naast verkeersgeluidshinder is dat gewoon ook echt naar onze mening een hele hoge factor hierin.
Dus neem naast de warmtepomp en de airco's ook meer door bewoners gemaakte geluiden mee, zoals hogedrukspuiten, bladblazers, muziek afspelen in je achtertuin bijvoorbeeld. Dat is één. Dan hebben we het natuurlijk over geluid en lucht en waar je dan als eerste aan denkt is geluid in de lucht, vliegtuigen. Er zijn gewoon zoveel reacties op gekomen naar aanleiding van die enquête, dus we adviseren ook echt om daar nog een keer naar te kijken en wel maatregelen te nemen. De derde, dat gaat over het actualiseren van de laadvisie. Er staat in beantwoording op onze vragen: we kunnen in 2025 actualiseren en daarin de pilotresultaten meenemen. Onze vraag: maak van kunnen zullen, want hier zullen ook een aantal vragen van mevrouw Kayadoe beantwoord worden. Even kijken. De laatste gaat over Nieuw Reijerwaard en Donkersloot, die zag u vast niet aankomen. Maar we willen ook heel graag dat daar gewoon echt akoestisch onderzoek wordt gedaan, want dat zijn gewoon de twee belangrijkste industrieterreinen in Ridderkerk wat waarschijnlijk ook heel veel invloed heeft op de leefbaarheid en geluidsoverlast geeft. Dus graag daar nog akoestisch onderzoek naar laten doen. Dat was het, voorzitter.
Pagina 19 van 42
De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kayadoe van Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel, voorzitter. Net was al benoemd: neem de Geerlaan mee, met name het viaduct. We hebben het net nog even opgezocht over laadpalen. Er wordt geadviseerd om tien procent van het aantal auto's wat in Ridderkerk rijdt om daar laadpalen voor te hebben. Dan zitten we ruim boven het gemiddelde, dan zitten we op zestig procent. Dus wellicht kunt u daar nog eens naar kijken. De geluidsflitspalen. Deze zomer zijn er in Rotterdam geluidsflitsers geplaatst en zijn diverse verkeers-aso’s aangeschreven. Dus ik zou zeggen, ga niet zitten wachten om nog eens een keertje met Rotterdam contact op te nemen, want die zijn al hartstikke druk bezig. Misschien kunnen we er wat sneller op meeliften dan er in het programma staat. Dan had ik nog een laatste. In het voorstel staat ook een plaatje van Dagobert Duck en die staat bij de subsidies. Dagobert Duck zit altijd op zijn centen, dus ik zou zeggen: doe een andere, Donald Duck of zo. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar het volgende stripverhaal. De VVD. De heer …: Ik wil nooit meer benoemen op mijn jonge leeftijd, maar dat doe ik dan maar wel blijkbaar. Maar ik ben niet zo’n Dagobert Duck, hoor. Dus ik sluit me ook aan bij het punt van Leefbaar Ridderkerk en ik sluit me ook aan bij het punt van Partij 18PLUS met de antwoorden van de zienswijzen.
Als laatste punt, net als de drie eendjes van Donald Duck, ook drie punten. Over het geluidreducerend asfalt. Graag ziet de VVD Ridderkerk ook daar een wat specifieke tijdlijn waar en wanneer wat gaat gebeuren. Nu zien we bijvoorbeeld, dat staat op de planning voor 2025. Dat is wel heel ruim genomen, dus we zien graag waar en wanneer iets gaat gebeuren, omdat we het zien als een effectieve maatregel. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Echt voor Ridderkerk, mijnheer Hoogendijk. De heer Hoogendijk: Dank u wel, voorzitter. Allereerst zien wij toch een controverse en dat betreft het elektrisch rijden. Het is een goede maatregel, dat begrijp ik. Maar u zegt dat het vooral gestimuleerd moet worden met subsidies. Maar helaas, de overheid schaft nou juist die subsidie op het elektrisch rijden af, de elektrische auto, en maakt dat heel onaantrekkelijk. Dus dat is wel een controverse waar we rekening mee moeten houden. Dan eigenlijk als Echt voor Ridderkerk kijken we vooral uit naar concrete stappen waar we als Echt voor Ridderkerk ook invloed op kunnen uitoefenen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar Burger op 1, mijnheer Coule. De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Burger op 1 vindt dat dit een goed plan is, is ook blij dat het aan de raad aangeboden wordt en dat er input op wordt gehaald bij de inwoners en de raad. Daar zijn we blij mee.
De Rotterdamseweg is een rondweg, aangelegd om het verkeer buiten het centrum en de wijken te houden. Daarom mag er 70 tot 80 kilometer gereden worden. Als die naar 50 kilometer wordt teruggebracht heeft de randweg, de ring, niet zoveel effect meer, dus krijgen we meer overlast van het verkeer en dus meer geluidsoverlast en fijnstof. Dus een van de dingen is, hou dat in ieder geval 70-80, de verbindingswegen tussen de wijken 50 kilometer en pas in de wijken 30 kilometer. Dat is een van de dingen die wij graag zien. We zouden graag meer geluidsmetingen in de straten zien, zoals een aantal jaar geleden ook gedaan is. De geluidspieken zijn niet zichtbaar in de berekeningen, omdat men vooral over gemiddelden spreekt. Wat op zich aan de ene kant wel logisch is, maar ja, het geeft wel een heel erg rooskleurig beeld. Juist pieken kunnen juist die ernstigste hinder veroorzaken. Ik praat erover mee, ik woon in de Riedertoren en ik heb enorm veel overlast van die scootertjes die onder de ramen door scheuren. Dat is echt, die pieken zijn het ergste, want die houden je wakker. Niet de gebruikelijke overlast. De geluidsoverlast van de rijkswegen is groot, dat kan. Daar Pagina 20 van 42
kunnen we helaas weinig aan doen. Toch zouden we zoveel mogelijk vragen om daar toch aandacht aan te blijven besteden, ook bij Rijkswaterstaat, om te kijken wat we hiermee kunnen. Er staan nog steeds vaker ook files gedurende de hele dag. Het meetstation bij de Hogeweg staat half onder de geluidswal, dus hoe representatief is die meting eigenlijk? We raden aan om daarop te letten, op dat soort dingen. Dat was het eigenlijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. ChristenUnie, mijnheer Alkema. De heer Alkema: Ook al kunnen we nu zaken meegeven, want dat was nu de bedoeling, begrijp ik. We hechten het toch aan te zeggen dat we minder grip en regie hebben op het programma wat nu dus onder een collegebesluit valt. Immers, uw college weegt af en het besluit dan pas wordt een budget aan de raad voorgesteld. Daarnaast zien we een flink aantal maatregelen in het programma die nog niet zijn gerealiseerd, waaronder een maatregel uit 2011. Wat we dus willen meegeven, we verwachten daadkracht bij het realiseren van deze maatregelen. Maar we zijn ons tegelijk ook bewust van de beperkte uitvoerende capaciteit van de gemeente en de integrale afweging die gemaakt moet worden of de ontwikkelingen die ook weer voor vertraging kunnen zorgen.
We zouden graag willen zien – dat zat net in een van mijn vragen – dat wanneer we een geluidsscherm plaatsen, ook in de toekomst, dat we ook de effectiviteit evalueren. De evaluatie van het effect van het geplaatste geluidsscherm in West zien we daarom ook graag tegemoet. De portefeuillehouder heeft dit toegezegd, waarvoor dank. Het is verder een mooi programma, zoals we eigenlijk altijd wel gewend waren. Veel nieuwe aandachtspunten en mooie ambities in het programma. Goed ook om te zien dat er een goede respons is geweest en nuttige informatie opgehaald met de enquête die we goed kunnen gebruiken. Maar vooral omdat dan ook de stem van de inwoners zijn gehoord, zodat we het echt samen doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. SGP, mijnheer Kardol. De heer Kardol: Dank, voorzitter. Bedankt ook voor de beantwoording van onze vragen en het voorliggende programma. Er zijn op verschillende terreinen de afgelopen jaren stappen gezet en het is noodzaak dat we stappen blijven zitten. Op dat laatste wordt ook in het ontwerpprogramma ingezet. U beschrijft het programma overigens wel waar we vandaan komen, er worden in tabellen verschillende percentages genoemd, maar wat streefpercentages ontbreken. De vraag die we mee willen geven is in hoeverre naar de toekomst toe concreter kan worden weergegeven waar we naartoe willen werken.
Het feit dat er geen deelauto's meer in Ridderkerk te vinden zijn laat zien dat je als gemeente wel ambitie kan hebben, maar dat de samenleving nog niet altijd zover is dat het initiatieven met enthousiasme oppakt. De wijze van introduceren kan hierbij wellicht bepalend zijn, het is goed daar ook bewust van te zijn. Ook blijft het zaak tot en met 2029 alert te blijven op nieuwe ontwikkelingen en daar dan ook tijdig op in te haken als het interessant is. We weten het, een lokaal vuurwerkverbod als maatregel zit er voor nu niet in, maar wie weet is het iets voor de volgende periode. Het is tenslotte nog altijd de wens van de SGP, zeg ik met een knipoog. De voorzitter: Dank u wel. CDA, mijnheer Hulhoven. De heer Hulhoven: Dank u wel, voorzitter. We kunnen ons aansluiten bij 18PLUS om antwoorden op zienswijzen van inwoners mee te nemen. Verder ziet het CDA onder andere de dalende trend afgelopen jaren door geluidsoverlast, wat ons de indruk geeft dat er goed gewerkt wordt aan het verminderen van klachten bij onze inwoners. Het CDA heeft er dan ook het volste vertrouwen in dat eventuele pijnpunten in het komende programma Geluid en Lucht voortvarend zullen worden aangepakt. Ga zo door, zou ik zeggen. Tot zover, voorzitter. Pagina 21 van 42
De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, mevrouw Veerman. Mevrouw Veerman: Dank u wel, voorzitter. Wij onderstrepen in ieder geval ook de zorgen van de ChristenUnie, die hebben wij ook. Wij vinden dat lucht en geluid goed aangepakt moet worden, want de kwaliteit is heel belangrijk. Zo ook de PFAS en de fijnstof, want we weten niet wat dat voor ons in de toekomst in petto heeft. Er kan ook meer aandacht komen voor de geluidsoverlast van de, zoals ze dat noemen, aangepaste uitlaatsystemen, het sluipverkeer en het tractorverkeer. Bij woningbouw gaan we strengere normen benoemen, maar in het verleden zijn deze normen regelmatig opgerekt en dat is ook niet echt bevorderlijk. Om minder geluidsoverlast te krijgen van de gemeente kan het fietsen aantrekkelijker gemaakt worden en misschien eventueel naast de Brienenoordbrug een pontje zodat de fietsers daarover kunnen varen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde van de ronde voor het geven van input en dan krijgt de wethouder tot slot nog gelegenheid om te reageren. Het was tenslotte het college die om dit overleg heeft gevraagd, dus die mag ook nog iets zeggen over wat hij allemaal heeft gehoord. Het woord is aan wethouder Overheid. De heer Overheid: Dank u wel, voorzitter. In ieder geval verheugd voor mijn gevoel dat iedereen toch input heeft meegegeven, waarvoor dank.
We kunnen het ook niet allemaal zelf verzinnen, dus alle input die u nu heeft geroepen, ik heb ijverig mee zitten schrijven, dus nemen we zeker mee en gaan we wikken en wegen om tot een definitief voorstel te komen en voor het college om aan te nemen. Dus wil ik u allemaal heel hartelijk bedanken voor alle input die u heeft gegeven. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we aan het eind van dit agendapunt en we danken de wethouder en degenen die hij had meegebracht voor het beantwoorden van de vragen en het reageren. 6.
Presentatie Integraal Zorg Akkoord De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt, Presentatie Integraal Zorg Akkoord. Ik nodig wethouder Piena en de ambtenaren mijnheer Quist en mijnheer Brandwijk uit om hier plaats te nemen vooraan. Mijnheer Piena kiest ervoor om te blijven zitten en ik kondig aan dat er een presentatie komt. Het is niet gebruikelijk in een commissievergadering dat er een presentatie wordt gegeven. Misschien dat ik even uw aandacht mag en anders moeten we een pauze inlassen. Ik begrijp dat u even ontspanning wil na het vorige agendapunt. Mevrouw Kayadoe, zou u uw gesprekken buiten deze zaal willen houden? Nee, het kan echt niet. Wij gaan een presentatie bekijken en aanhoren. Dat is dus niet gebruikelijk zoals ik zei, maar we hebben het praktisch ingevuld, dat bespaart u een extra avond. Voor de mensen thuis, die kunnen natuurlijk niet de slides hier zien, maar deze presentatie staat ook bij de vergaderstukken. Dus u kan erop klikken en u kan het dan volgen. De sprekers zullen hun best doen om te vermelden bij welke dia ze te zijn. Dan krijgt als eerste wethouder Piena het woord voor een toelichting. De heer Piena: Dank u wel, voorzitter. Ook gezien de tijd en iedereen zal het bij mij ook niet verbazen, wil ik even de inleiding kort houden.
We hebben goed geacht, gezien de vele afkortingen die regionaal om uw oren vliegen, zoals IZA en GALA en dergelijke, om hier ook fysiek wat over te vertellen. U bent al eerder geïnformeerd via raadsinformatiebrieven, maar ik denk dat deze presentatie ook wel een beetje zal helpen met wat er nu gebeurt op het gebied van het Integraal Zorg Akkoord voor het Gezond en Actief Leven Akkoord. Dat zijn voornamelijk regionale gebeurtenissen die ook zijn effecten hebben op het lokale. In deze presentatie, die gegeven zal worden door Axel Quist en Joost Brandwijk, hopen we u in het geheel mee te Pagina 22 van 42
nemen en dat u wat wijzer wordt in dit hele grote regionale gebeuren. Ik kan u wel vast melden, dan hoef ik dat straks niet te doen, er zal vanuit de regio – en dat zal begin januari 2025 zijn – een webinar opgenomen worden met de voortgang op deze gebieden, zodat u die rustig op eigen tijd kan beluisteren. Dat zal via de griffie ook kenbaar gemaakt worden, zodat u op de hoogte bent wanneer dat gebeurt. Als het goed is komt daar ook een centraal vraagpunt waar u eventueel naar aanleiding van die webinar uw vragen kunt stellen. Wat dit betreft de inleiding en ik geef graag het woord in eerste instantie aan Axel Quist. Ik wens u een mooie, informatieve bijeenkomst. De voorzitter: Dank u wel. Voordat hij het woord krijgt, geef ik nog aan dat er vragen gesteld kunnen worden na afloop van de presentatie. Het woord is aan mijnheer Quist. De heer Quist: Dank u wel. Ben ik goed hoorbaar? Helemaal goed. Fijn dat we hier mogen zijn en ik spreek we, want mijn naam Axel Quist. Ik ben programmamanager voor het IZA en dat ben ik voor drie gemeentes, dus de oude BAR, maar zo ook dus voor Ridderkerk. Ik doe het samen met Joost Brandwijk, collega hier lokaal. We gaan het hebben met name over het Integraal Zorg Akkoord.
Dat is een regionaal akkoord, maar zonder het lokale akkoord het GALA aanstippen kan ik eigenlijk het goede verhaal niet vertellen over al die afkortingen, dus die stippen we ook even aan, nemen we even mee. Dus ik ga af en toe proberen te duiden wat regionaal is en wat lokaal is en waar die verbinding tussen zit. Dat gaan we aan de hand van de volgende onderwerpen doen. Daar ga ik niet te lang bij stilstaan, we gaan vooral lekker aan de slag. Het IZA en het GALA, dat zijn eigenlijk twee hele grote akkoorden, maar die zijn de afgelopen twee jaar eigenlijk ontwikkeld. Je ziet dat de gemeente Ridderkerk eigenlijk daarvoor al een Integraal Beleid Sociaal Domein had – voor velen van jullie hopelijk niet onbekend. Dan is het natuurlijk de truc bij dat soort regionale ontwikkelingen, nieuwe akkoorden, om altijd te kijken: wat doen we eigenlijk lokaal hier in de gemeente Ridderkerk en hoe kunnen we landelijke, regionale of lokale ontwikkelingen zo goed mogelijk bij ons al reeds ingerichte beleid koppelen? We zien eigenlijk dat vanuit het Integraal Beleid Sociaal Domein op twee punten echt een hele grote link zien met of het Integraal Zorg Akkoord, of het GALA-akkoord. Dat zien we met name, ik noem het even in pijler nummer vier, bij de Ridderkerkers zijn langer vitaal en gezond. Dat raakt met name het GALA-akkoord – let op, een lokaal akkoord.
Inwoners kunnen zo lang mogelijk veilig thuis wonen is het Integraal Zorg Akkoord wat meer. Daar gaat Joost zo meteen ook nog wat meer over vertellen. Maar dan toch even hoogover, wat is nou eigenlijk … Ja, kan je hem parkeren? Wat is nou eigenlijk het Integraal Zorg Akkoord en wat is nou eigenlijk het Gezond en Actief Leven Akkoord? Je ziet eigenlijk aan de ondertekenaars van deze akkoorden ook een beetje waar het op georiënteerd is. Je ziet aan de linkerkant echt zorgpartijen die met name ondertekenen, neem de InEen eerstelijnszorg. Aan de rechterkant zie je wat meer de overheidsinstellingen, gemeentelijke organisaties. Daarmee zien we ook het verschil dat het Integraal Zorg Akkoord, de naam zegt het ook al, zich veel meer vestigt op: hoe zorgen we nou dat we de zorg beter, efficiënter en kostbaarder in gaan richten? Het Gezond en Actief Leven Akkoord veel meer op een gemeentelijk niveau landt, veel meer aan de preventieve kant. Dan toch even een plaatje. Het is geen Donald Duck, de dame is weg, ik ben de naam even kwijt, maar het is een olifant. Dat heb ik bewust gedaan … O, daar achterin. Ja, gezellig dat je er nog bent. Ik heb dit bewust gedaan omdat het IZA, het Integraal Zorg Akkoord – de heer Piena zei het al – is best een groot vraagstuk. Ik ga daar zo meteen verderop in inhoudelijk waar we allemaal aan werken.
Maar het vraagt eigenlijk aan ons allen – en dat betekent huisartsenorganisaties, gemeenten, uiteindelijk ook inwoners en nog heel veel andere partijen – om met zijn allen toch eens anders naar het gezondheidsvraagstuk te gaan kijken en hoe we de zorg beter en toekomstbestendiger met elkaar kunnen inrichten. Dat maakt natuurlijk wel uit vanuit welke positie of hoe dicht jij op een bepaald probleem staat, hoe je naar de bepaalde cases kijkt. Als het ons vraagt om veel meer verbinding te zoeken tussen het sociale en het medische domein, vraagt dat van ons allen – ook hier binnen de gemeente – om eens anders naar hoe wij zorg inrichten te gaan kijken en het dus ook met name met elkaar te Pagina 23 van 42
doen. Dus dat even als startblik ook voor jullie om met die visie naar deze presentatie te kijken. Maar dan, dia zes. Dat moet ik er even bij vertellen, ga ik proberen. Dank je wel, Maarten. We starten even lokaal om het even bij ons te houden, dan gaan we even uitzoomen naar de regio en dan gaat Joost vervolgens weer de vertaling maken naar het lokale deel. Dit zijn de lokale gegevens van Ridderkerk, plusminus. Dat verandert natuurlijk nogal, maar we hebben 47.721 inwoners. We zien de jeugdigen, we zien de jong, jongeren en jongvolwassenen, we zien de volwassenen, senioren. De bron ziet u daarbij. Als het goed is voor jullie geen nieuwe cijfers. Maar daar landt eigenlijk dan als het ware het Gezond en Actief Leven Akkoord op. Dat streeft naar de stip op de horizon, een gezonde generatie in 2040. Dat is een heel mooi streven en daar moeten we lokaal een hele hoop voor doen en dat gebeurt ook. We zijn hier in Ridderkerk met hele mooie dingen bezig, noem bijvoorbeeld even de coalitie Kansrijke Start. Daarover ook zo meer. Maar het is een akkoord wat getekend is door gemeenten, GGD'en, zorgverzekeraars, ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en om samen in te zetten op een actief leven met een stevige sociale basis.
Waar we met name vanuit het Gezond en Actief Leven Akkoord werken aan de preventie vanuit een brede blik en de beweging die we naar de voorkant dienen te maken. Het Gezond en Actief Leven Akkoord zegt eigenlijk: als we investeren in preventie, we gaan nu dingen anders doen met elkaar, kunnen we zorg voorkomen. Een lokale opdracht met lokale middelen hier in de gemeente Ridderkerk. Dia acht. In de keten aanpakken … Of, sorry. In het GALA, het Gezond en Actief Leven Akkoord, zitten vijf ketenaanpakken. Die moeten in 2024 lokaal ingeregeld zijn en daar zijn we hier in de gemeente Ridderkerk heel hard mee bezig. Maar in 2025 – schakelen wij een beetje naar het IZA – moeten we dat in een regionale structuur doen. De ketenaanpakken zijn de Kansrijke start, Kind naar Gezonder Gewicht, GLI volwassenen, Welzijn op recept en Valpreventie. De volgende dia, even een korte toespitsing over: wat houdt nou eigenlijk zo'n ketenaanpak in? Het woord zegt het al, een ketenaanpak zegt eigenlijk een aaneenschakeling van acties om de inwoner hier in de gemeente Ridderkerk goed te voorzien en zich niet te verliezen in de doorverwijzingen om een inwoner goed te kunnen helpen. Dat doen we bij Kansrijke start voor de jonge startende gezinnen hier in de gemeente Ridderkerk. Dat gaat eigenlijk van voor, dus min negen maanden, tot de eerste twee levensjaren.
Bij Kind naar Gezonder Gewicht gaat het veel meer over een brede aanpak om te voorkomen dat kinderen wat te zwaar worden, maar op het moment dat ze wat te zwaar zijn, dat we ze goed kunnen helpen met onder andere een centrale zorgverlener en jeugdverpleegkundige. Maar uiteindelijk ook weer te borgen in het gemeentelijke domein met allerlei leuke sport- en beweegactiviteiten die we hier aanbieden. Een Gezonde Leefstijl Interventie voor volwassenen, dat zegt het al, dat is eigenlijk het Kind naar Gezond Gewicht, maar dan voor de volwassenen een variant. Hoe kunnen we nou voorkomen dat mensen wat te zwaar komen, maar op het moment dat ze wat te zwaar zijn, hoe kunnen we ze nog beter helpen om daar weer verandering in te brengen? Welzijn op recept, dat gaat specifiek over psychosociale problematieken waarbij eigenlijk een concept is ontwikkeld waar we huisartsenzorg, wat enorm onder druk staat, willen gaan verminderen door niet meer te verwijzen naar een duurdere zorg of medicatie, maar veel meer naar welzijn. Dus dat we op een andere manier gaan kijken hoe we mensen met psychosociale klachten kunnen helpen.
Als laatste Valpreventie, dat gaat specifiek over 65plussers, thuiswonende senioren, waar we ze moeten opsporen, moeten beoordelen welke mate van risico hebben de senioren, het aanbieden van erkende interventies om vervolgens deze senioren weer structureel aan het sporten en bewegen te houden. U ziet helemaal rechts bovenaan dat de inhoud plus IZA GALA is. Je ziet namelijk de ketenaanpakken zowel in het GALA-akkoord – nogmaals het lokale akkoord – terugkomen als in het Integraal Zorg Akkoord oftewel regionaal. Dan, het Integraal Zorg Akkoord op dia nummer tien. Dank je wel. Met als doel, ik heb het al even gezegd, toekomstbestendig maken van de zorg door toegankelijk te maken, kwalitatief goed en betaalbaar, met de essentie dat het passende zorg is. Het proces, daar bent u al reeds wat eerder over geïnformeerd, dat is eerst een regiobeeld maken, een regioplan. Vervolgens een uitvoeringsagenda en op dit moment uitvoering geven aan de uitvoeringsagenda. Aan de rechterkant ziet u nog alle onderwerpen, dat behoeft geen verdere toelichting op dit moment, daar kunt u altijd nog een vraag Pagina 24 van 42
over stellen. Maar we bevinden ons als Ridderkerk in een regioverband en dat is niet vanzelfsprekend een van nature goed, althans, samenwerkende regio, want het is best een overlappende regio. We hebben hier te maken met een GGD Rotterdam-Rijnmond regio waar we als Ridderkerk onder vallen, maar we vallen bijvoorbeeld ook onder het ROAZ, dat gaat over de acute zorg: hoe organiseren we de acute zorg hier in deze regio? Dat maakt eigenlijk dat wij als gemeente Ridderkerk daarmee best wel in een lastige positie zitten, maar dat we als zorgkantoorregio, dus de preferente zorgverzekeraar CZ, het daarmee moeten doen. Op basis van die zeven gemeentes is het regioplan gemaakt, is het regiobeeld gemaakt om ook aan de slag te gaan. Daarmee stemmen wij dus af met Barendrecht, Goeree-Overflakkee, Hoeksche Waard, Nissewaard en Voorne aan Zee. Als we dan kijken naar de trends die we zien in dat regiobeeld en in dat regioplan, dan zien we eigenlijk dat de bevolkingsgroei minder sterk gaat dan landelijk gemiddeld, maar dat we wel echt in een regio zitten die extreem snel vergrijst. Dat zal jullie mogelijk niet onbekend zijn. Waar we eigenlijk zien dat we in 2034 al te maken hebben met omstandigheden die de rest van Nederland pas in 2040 heeft. Dat betekent dat we daar met zijn allen echt iets voor moeten gaan doen en ook op dit moment aan het doen zijn.
We zien eigenlijk ook een dubbele vergrijzing, hè? Dus we zien dat mensen ouder worden, maar we zien ook dat de mensen die ouder worden meer zorg nodig gaan hebben. Dia 13. Op dit moment zie je links onderin de huidige situatie. We hebben Ridderkerk als lokale gemeente, we hebben de oude BAR, die zet ik hier heel voorzichtig neer als een soort subregio in de zorgkantoorregio en we hebben ZHEBAR, dat zijn de ZuidHollandse Eilanden en de BAR. Dat zijn dus die zeven gemeentes waar ik het net over had. Dat is de huidige situatie, maar eigenlijk willen we door middel van het GALA en het IZA een transitie maken naar een regionale samenwerking waarbij je altijd, je ziet het Ridderkerk is een blauwe kleur – eigenlijk moet ik de groene kleur gebruiken hier – behouden. Dat is heel belangrijk in deze regionale ontwikkeling, dat wat er ook eigenlijk regionaal gebeurt, dat je continu de vertaling moet maken: wat betekent dat dan hier voor de Ridderkerkse inwoner en wat kunnen we halen regionaal en wat kunnen we vooral behouden en verstevigen lokaal? In de regio wordt er gewerkt aan acute zorg, gezond leven, mentale gezondheid en de ouder wordende samenleving. Dat zijn de vier prioritaire opgaves waar we met zijn allen aan werken. Over deze thema's heen werken we aan digitalisering.
Dus welke processen kunnen we nou versnellen op digitaal niveau, zodat een huisarts bijvoorbeeld veel beter kan verwijzen naar het welzijnsdomein. Maar ook de arbeidsmarkt, we zien ook dat de zorg personeel dat het gewoon extreem onder druk staat. Dus hoe gaan we daar nou mee om? Welke slimme keuzes kunnen we nou maken, welke dingen kunnen we nou anders doen zodat we wel toekomstbestendig zijn? Als we het efficiënter inrichten, maar dat we ook als mensen zorg nodig hebben, dat het ook kan, dat we de juiste mensen op de juiste plek hebben. En we moeten werken aan bewustwording. Die is een iets onderbelichter thema in onze regio en dat gaat meer over bewustwordingscampagnes. Daar verteld Joost zo meteen ook nog wat meer over. Maar als we dan kijken naar specifieke pijler gezond leven, daar vallen dus die ketenaanpakken weer onder vanuit het GALA. Dus je hebt het lokale akkoord, dus we moeten als Ridderkerk aan de slag om hier die ketenaanpakken in te richten. Maar die opdracht ligt er ook regionaal vanuit het IZA.
Daar hebben wij dus continu afstemming mee: wat doet gemeente Ridderkerk, hoe kunnen we de gemeente Ridderkerk helpen om het nog beter, nog slimmer voor de inwoner van de gemeente Ridderkerk te doen, en welke additionele middelen en ondersteuning kunnen we daar vanuit de regio voor organiseren? Als we dan kijken naar de verbinding tussen die vier prioritaire opgaven en het regioplan, dan zien we eigenlijk dat we met name vanuit gezond leven, mentale gezondheid en de ouder wordende samenleving de verbinding vinden wederom met het Integraal Beleid Sociaal Domein, waar ik eigenlijk helemaal aan het begin mee begon. Dat zien we met name op Ridderkerkers zijn langer vitaal en gezond en de inwoners kunnen zo lang mogelijk veilig thuis wonen. U heeft heel veel termen gehoord en er komen er nog een paar bij op slide 16. Links ziet u het GALA, maar Hervormingsagenda Jeugd zal u niet onbekend zijn. Het WOZO mogelijk ook niet, het TAZ ook niet en het ROAZ ook niet. Dat maakt eigenlijk dat het Integraal Zorg Akkoord, dat stijgt eigenlijk als het ware over deze akkoorden weer heen. Eigenlijk alles wat het GALA bevat of Pagina 25 van 42
de Hervormingsagenda Jeugd, daar wordt een link mee gelegd in het Integraal Zorg Akkoord. Dus deze akkoorden kunnen we niet meer los van elkaar zien en wordt er continu afstemming gezocht vanuit het Integraal Zorg Akkoord regionaal met deze ontwikkelingen vanuit andere akkoorden. Als we hem dan redelijk snel samenvatten en we zetten het nog eens een beetje naast elkaar, dan zie je eigenlijk links het IZA, rechts het GALA en zien we ook wel gelijkenissen. De gemeente heeft bijvoorbeeld de positie zowel in het IZA als in het GALA. We zien dat het GALA zowel lokaal is, maar ook regionaal. Het IZA is met name regionaal. We zien dat we zorgpartijen nodig hebben en uitvoerende organisaties en zowel vanuit het GALA als het IZA de preferente zorgverzekeraar keihard nodig hebben en dus daar ook de goede gesprekken mee moeten voeren. Als we hem helemaal afpellen, dan zien we eigenlijk op vier grote punten de verbinding tussen de twee akkoorden. Dat is het regionale component vanuit het lokale akkoord, de vijf ketenaanpakken, de beweging die we moeten maken van zorg naar preventie – dat staat zowel in het GALA als het IZA – en de verbinding met de zorgverzekeraar en eventueel gemeentegrens overstijgende zorgpartijen. Dat is het hoogover verhaal over het Integraal Zorg Akkoord en het GALA. Dan nodig ik Joost uit om de lokale doorvertaling van deze akkoorden te vertellen.
De heer Brandwijk: Goedenavond. We hebben nu inderdaad veel gehoord over de regionale ontwikkelingen die er zijn, maar wat betekent dat nou eigenlijk concreet voor Ridderkerk? Daarbij is allereerst goed om te noemen dat, wat Axel ook al zei, het IZA en het GALA een beweging naar de voorkant beoogt. Dus meer inzet op preventie, meer inzet op het sociaal domein, de Wmo, de Jeugdwet. Met het oog om zorgbesparingen bewerkstelligen in de Zorgverzekeringswet met name en de Wet langdurige zorg. Randvoorwaarde daarbij voor gemeenten moet wel zijn dat gemeenten ook voldoende financiële middelen hebben om deze investeringen te doen, omdat het resultaat van die investeringen leidt tot een verminderde zorgvraag in andere wetten waar andere financierders verantwoordelijk voor zijn. Dus dat is een belangrijk aandachtspunt voor de lokale doorvertaling. Het VNG dringt ook aan bij het Rijk om vanaf 2026, als de IZA-middelen ophouden, toch voor structurele financiering voor gemeenten te zorgen. Ander belangrijk uitgangspunt van de lokale doorvertaling is dat gemeentelijke opdrachten en subsidies nu ook al bijdragen aan de doelstellingen vanuit het IZA en het GALA. Dus is niet zo dat we met het IZA en het GALA lokaal allemaal nieuwe dingen moeten doen. Met het IBSD is de gemeente Ridderkerk al een heel stap de goede richting ingegaan. Daar noem ik straks ook enkele voorbeelden van.
Een belangrijke die ik nu alvast wil noemen is de strategische communicatie, bewustwording die Axel ook net al noemde. Dat is een belangrijke pijler binnen het regioplan van het IZA, wat ook echt voor een lokale doorvertaling vraagt om de lokale Ridderkerkse inwoners te bereiken. Waar gaat het dan over? Dat gaat om: hoe blijf ik als oudere fit, hoe zien we met elkaar om naar elkaar, hoe denk ik na over mijn woning, over mijn leefomgeving, is die voor deze leeftijdsfase waarin ik me nu bevind wel zo passend? Daarnaast is het belangrijk dat niet alleen regionaal samengewerkt wordt, maar ook lokaal om de doelstellingen van IZA en het GALA te behalen. In Ridderkerk werken we samen in de samenwerkingstafel Wonen, Welzijn en Zorg, waar veel lokale partners zijn aangesloten, zoals de huisartsen, maar ook Facet, ook Wooncompas als woningcorporatie en nog veel meer zorgorganisaties. Binnen die samenwerkingstafel doen we op sheet 19 voeren we de eerste actie uit in relatie tot het IZA. Met deze partners hebben we het actieplan Samenredzaam Ridderkerk vorig jaar ondertekend. Daarin wordt gewerkt aan vier verschillende actielijnen. In oktober van vorig jaar bent u daarover geïnformeerd en daar kunt u meer informatie vinden over dat actieplan. Wat daaruit belangrijk is in relatie tot het IZA zijn de wijkgerichte aanpakken die veel organisaties in Ridderkerk nu uitvoeren.
Gestart wordt met de twee wijken waarin veel ouderen wonen, zoals West en Drievliet ’t Zand. Het streven eigenlijk in die wijkgerichte aanpakken is om te komen tot een keten van laagdrempelige, toegankelijke welzijnsondersteuning tot de zware intramurale zorg die ook verschillende aanbieders in de gemeente Ridderkerk aanbieden, zoals Salem, zoals Lelie Zorggroep, zoals Aafje. Doordat die keten tot stand komt, kan ook vroegtijdig worden doorverwezen naar de juiste Pagina 26 van 42
hulpverlener. Op sheet 20 zijn nog meer acties te zien die lokaal worden uitgevoerd en die relatie hebben tot het IZA. Ik noemde net al de bewustwordingscampagne, maar daarnaast is ook de samenwerking met de huisartsen belangrijk. De verbinding tussen het medische domein en het sociale domein is ook een belangrijke doelstelling binnen het IZA en in Ridderkerk zetten we daar onder andere op in door de praktijkondersteuner GGZ en Welzijn op Recept. Juist ook omdat we zien dat best wel wat mensen naar de huisarts gaan waarbij uiteindelijk blijkt dat ze geen medische vraag hebben, maar bijvoorbeeld bij de huisarts langskomen omdat ze eenzaam zijn of belast zijn doordat ze al heel lang mantelzorg verlenen of andere psychosociale klachten hebben. Daarom is die samenwerking met de huisartsen zo belangrijk, zodat ook goed kan doorverwezen worden naar ondersteuning die de inwoners wel kan helpen. Daarnaast, de woonvraag is niet zozeer onderdeel van het Integraal Zorg Akkoord, maar de veranderende zorgvraag en de steeds ouder wordende samenleving stelt wel eisen aan de woningvoorraad. Dus daarom hebben we lokaal in het actieplan Samenredzaam Ridderkerk wel afspraken opgenomen als het gaat om wonen. Zo hebben we onder anderen met Wooncompas afgesproken dat ze nultredenwoningen, geclusterde woningen en zorgwoningen gaan realiseren.
Ook particuliere initiatieven leggen we langs het afwegingskader Woonzorginitiatieven om het initiatief te toetsen aan de behoefte in Ridderkerk aan woningen voor verschillende zorgdoelgroepen. Twee laatste concrete voorbeelden op sheet 21 in relatie tot IZA en met name het GALA zijn de aanpak tegen eenzaamheid en de coalitie Kansrijke Start die net ook al voorbij kwam. Dit zijn coalities van partijen die gezamenlijk eenzaamheid bestrijden en ook gezamenlijk ervoor willen zorgen dat kinderen een kansrijke start kunnen krijgen in Ridderkerk, van de negen maanden voor de geboorte tot twee, tweeënhalf jaar daarna. Dus dit waren enkele voorbeelden van lokale doorvertaling van het IZA nu al in Ridderkerk. Op sheet 22 zien we nog samenvattend waar deze twee belangrijke akkoorden aan kunnen bijdragen. Hier gaat het uiteindelijk om: een startend gezinnetje, een pasgeboren baby, een jeugdige die het in een bepaalde fase van zijn of haar leven wat moeilijker heeft, ondersteuning van mantelzorgers, maar ook: hoe zorgen we ervoor dat ouderen fit blijven in de gemeente? Deze twee belangrijke akkoorden dragen zo bij aan dat inwoners in Ridderkerk ondersteuning kunnen krijgen als ze dat nodig hebben. Dan is er nu gelegenheid voor vragen. De voorzitter: Dank voor de presentatie. Ik vond het een verhelderend verhaal, ook duidelijk de samenhang.
Er is nu gelegenheid voor vragen en ik inventariseer eerst wie er vragen heeft en hoeveel. De VVD, een van tweeën. Hoeveel vragen? Drie vragen. Echt voor Ridder kerk vier. De ChristenUnie vijf. Volgende heeft er zes, denk ik. SGP drie. CDA drie. Partij van de Arbeid tien. Leefbaar Ridderkerk één. Mevrouw Kayadoe: Ik weet nog niet hoeveel. Als ik nu elf zeg mag ik dan als laatste? (buiten microfoon). De voorzitter: Maar dat is geen … Het zijn de echte vragen. Ik begrijp dat ze … Mevrouw Kayadoe: (onhoorbaar) (buiten microfoon). De voorzitter: Dan GroenLinks twee stuks. Dat is het. Dan beginnen we met GroenLinks. Mevrouw Horvath. Mevrouw Horvath: Dank u wel, voorzitter. Allereerst ben ik benieuwd: wordt er ook samenwerking gezocht met de scholen in Ridderkerk? Want als je het hebt over preventie, dan begint het volgens mij bij de jeugd. Mijn tweede vraag, die is misschien wat ingewikkelder, dat weet ik niet. Ik dacht eigenlijk meteen in het begin: ik hoor en zie ook een link met het vorige onderwerp, Lucht en Geluid. Dus is er op een of andere manier, proberen jullie ook met elkaar daarin samen te werken? Want natuurlijk de lucht in Ridderkerk is ook van grote invloed op vitaal ouder worden, denk ik. De voorzitter: Ik probeer in jullie lichaamstaal te zien wie het antwoord gaat geven. Mijnheer Quist. Pagina 27 van 42
De heer Quist: Dank u wel, voorzitter. Bedankt voor de vragen. Betrokkenheid met scholen is een niet per se benoemd element in het Gezond en Actief Leven Akkoord of het IZA, maar we zien wel dat onze jeugdigen natuurlijk opgroeien in een omgeving die veel breder is dan alleen thuis of bij de sportvereniging en kunnen we dus onderwijs ook niet uitsluiten daarbij. Dus je ziet zeker ook dat verschillende interventies en afstemmingsoverleggen plaatsvinden met partners uit het onderwijs. Juist om ook die jeugdigen eerder al te signaleren in plaats van dat ze later pas bij de bij de huisarts bijvoorbeeld komen met bepaalde klachten. Vraag één. En vraag twee, zie je met Lucht en Geluid – was de vraag, hè – zie je vanuit het GALA een directe lijn met het onderdeeltje leefomgeving. Het GALA bestaat eigenlijk uit zestien onderdelen en een van die onderdelen gaat over leefomgeving. Een ander onderdeeltje is onder andere de kennis- en adviesfunctie van de GGD en daar zien we wel een link met: hoe zorgen we er nou voor als gemeente dat we een leefomgeving zo inrichten dat het ook uitnodigt om tot gezond en actieve keuzes te komen? Maar zij richten hem iets meer op beweeggedrag, bewegen gezond, actief zijn, dan dat het heel specifiek voor lucht en geluid is. Maar er zit wel een link met met name de GGD ook. De voorzitter: De beantwoording is helder. SGP, mijnheer Van de Waerdt.
Stelt u maar de drie vragen achter elkaar in één keer. De heer Van de Waerdt: Voorzitter, bedankt. Allereerst de hele simpele vraag: gaat IZA uiteindelijk zorgen voor kortere wachtlijsten? Dat is altijd de eerste prangende vraag waar ik dan mee kom. De tweede vraag die ik heb is: kan de gemeente ervoor zorgen of waarborgen dat de IZA niet voor nog meer bureaucratische rompslomp gaat zorgen voor de zorgmedewerkers? De derde oproep ook, mooi dat er geld beschikbaar en mooie akkoorden. Het akkoord volgens mij 177 kantjes. Ik heb het doorgebladerd. Minister Kuipers heeft vlak voordat hij naar Singapore vertrok het nog een verdedigd. Maar mooi dat er dus geld beschikbaar is voor die akkoorden, maar ik denk wel dat de gemeente ook moet op blijven letten: laten we ook het geld beschikbaar stellen voor de mensen die het ook echt daadwerkelijk nodig hebben. Het geld kan je maar één keer uitgeven. Dat is meer een oproep, dus blijf daar ook kritisch naar kijken. De voorzitter: Wie voelt zich geroepen te antwoorden? Wethouder Piena. De heer Piena: Nou, geroepen is misschien een veel (onverstaanbaar) woord, maar goed. Gaat het zorgen voor kortere wachttijden? Nee, daar hebben we andere middelen voor nodig. Ik bedoel, het zou eventueel kunnen leiden tot kortere wachttijden op het moment dat er minder vragen zijn vanuit de zorg of vanuit de psychosociale hulp.
Maar dat is niet het eerste waar we van uitgaan. We moeten efficiënter werken en als dat voor kortere wachtlijsten zou zorgen, dat zou mooi zijn, maar ik denk dat we iets anders moeten doen wat de wachttijden betreft. De tweede vraag is, dan moet ik even kijken. De bureaucratie. Ook een van de zaken binnen IZA en ook binnen GALA is om te zorgen dat er minder bureaucratie is. Want hoe meer bureaucratie, hoe minder tijd zorgverleners hebben om de handen aan het bed te hebben. Dus ook dat is een onderdeel van IZA, maar moeten we ook heel eerlijk in zijn, er wordt altijd heel veel over gesproken en dan zeg ik altijd: eerst maar eens zien wat daarvan terechtkomt. Maar het is wel het uitgangspunt om daar zorg voor te dragen, want die zorg hebben we hard nodig voor de mensen thuis en de handen aan bed en niet om allemaal formuliertjes in te vullen. Dus dat is ook een onderdeel daarvan. Geld, dat is een … Dat heb ik het laatst nog over gehad in het bestuurlijk overleg. Op dit moment wordt het IZA bekostigd vanuit de zogenaamde SPUK-gelden. De SPUKgelden eindigen in 2026 en er is geen zekerheid dat die gelden nog beschikbaar gesteld worden. Het is ook niet gezegd dat het niet beschikbaar gesteld wordt, maar dat is wel een pijnpunt.
Zeker bij het IZA waar wij als gemeente een soort faciliterende rol – zal ik haast maar zeggen hè, de zorgverzekeraars staan toch wel aan de lat – is dit een punt dat zeker vanuit onze regio van de Zuid-Hollandse Eilanden BAR onder de aandacht gaan Pagina 28 van 42
brengen, ook weer bij het Rijk. We hebben dat al eerder gedaan, maar ja, we hebben een nieuw kabinet, dus het is even afwachten. Maar dat is wel een zorgpunt, absoluut. De voorzitter: Mijnheer Haan van de ChristenUnie wil stapelen. De heer Haan: Dank u wel, voorzitter. Ik had ook een vraag over die financiële middelen. Want het is een zorgpunt, maar hoe gaan we zorgen dat we die financiële middelen hebben en dat we dus niet een mooi plan hebben die we niet kunnen uitvoeren. De heer Piena: Laten we vooropstellen, al het werk wat nu verricht wordt is zeker niet voor niks geweest. Heel veel inzichten zijn bij elkaar gebracht en natuurlijk kunnen we al wat maatregelen nemen. Maar het is zonder meer waar, als het geld niet beschikbaar wordt gesteld, zullen een aantal zaken niet uitgevoerd kunnen worden. Of kunnen wel uitgevoerd worden, maar zullen gemeentes dat zelf moeten doen en dan is het maar weer even de vraag op dit moment: hebben de gemeentes daar het geld voor? Het antwoord kan ik u haast wel geven, voor de meeste gemeenten zal gelden dat ze het geld daar niet voor hebben. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de VVD. Mijnheer Ringlever. En ook de drie vragen mogen in één keer.
De heer Ringlever: Dank u wel voorzitter. Ik wil als eerste bedanken voor de presentatie, de duidelijke presentatie. Daar ben ik erg blij mee. Onze vragen zijn wat meer specifiek gericht op wat meer context. De eerste vraag is: er zijn natuurlijk initiatieven onder het IZA. Wordt er dan ook samengewerkt met andere gemeentes buiten de regio? Denk aan bijvoorbeeld Rotterdam of naastliggend Hendrik-Ido-Ambacht, die dichtbij ligt. Over het Regioplan van de BAR. Ik wil graag weten hoe zijn jullie gekomen tot die vier punten? En als laatste vraag: op slide 13 staat dat jullie naar een regionale samenwerking toe willen. Onze vraag was hoe dat nou praktisch eruitziet, denk bijvoorbeeld voor zorgverleners. Als jullie daar antwoord willen geven. De voorzitter: Ik denk mijnheer Quist. De heer Quist: Dank je voor de vragen en leuk dat je Hendrik-Ido-Ambacht aansnijdt. Mijn eigen gemeente. Nee. Andere gemeenten afstemming? Jazeker. We focussen ons primair op onze eigen zeven gemeentes. Maar kun je, zeker met wat ik eerder zei, ook die overlappende regio's en die verschillende regio's - en daar zitten we dan als het ware weer tussenin - kun je bijvoorbeeld niet níet overleggen met de GGD Rotterdam Rijnmond gemeentes. Zij hebben ook die regioplannen en zij werken ook aan bijvoorbeeld gezond leven. En dat raakt ons ook, ook met… We hebben net al even over middelen gehad.
Bepaalde bezuinigingen die elders plaatsvinden, hebben ook indirect effect op ons. Dus we hebben eigenlijk, ik kan het niet in percentages uitdrukken, maar we hebben afstemming met de randgemeentes. Juist ook om te leren van goede voorbeelden die bijvoorbeeld in een andere regio al spelen, ook om te kijken van welke elementen kunnen we daarin gebruiken in onze regio? Dat gebeurt absoluut. Hoe zijn we tot het Regioplan gekomen? Dat is eigenlijk, om hem heel simpel te maken: ze maken eerst een heel regiobeeld. Hoe ziet onze regio dan uit? Wat voor mensen wonen daar? Hoe gaan mensen heen en weer, met wat voor vervoer? Waar liggen de zorgkosten? Vervolgens gaan ze eigenlijk kijken: welke bijzonderheden zitten daar nou in? Wat zien we nou eigenlijk? Op basis daarvan maken ze eigenlijk een plan. En “ze” is best een brede vertegenwoordiging van allerlei zorgpartijen, gemeentes en onder andere ook de GGD. Die maken daar dan de keuzes over. Die werkagenda's, dat is dan weer aan de laag, als het ware, weer daaronder. De derde was volgens mij de regionale Pagina 29 van 42
samenwerking en hoe dat zich specifiek vormgeeft. Er is best een hele bestuurlijke governance-structuur gebouwd rondom het regioplan. Ik ga hem een klein beetje afpellen, maar je hebt een regioraad en dat is een bestuurlijke raad waar eigenlijk alle bestuurders van de verschillende zorgpartijen aanwezig zijn. Denk daar aan de huisartsenzorg. Denk daar aan de welzijnspartijen, de ziekenhuizenzorg, de gemeenten. Als mandaatgemeente is dat gemeente Nissewaard. Dat is een heel brede vertegenwoordiging en die monitoren en die sturen eigenlijk op de uitvoeringsagenda's binnen de vier prioritaire opgaves. Daaronder heb je dan als het ware de themacoördinatoren per thema, dus gezond leven, mentale gezondheid en ouder wordende samenleving is er als het ware trekker, die dat in de regio trekt. Vervolgens krijg je dan de afstemming met de lokale context. Maar het goede om te zeggen is dat juist ook in die bestuurlijke tafel ook partijen zoals een Archipel zitten, dat is een zorgorganisatie die over de gemeentegrenzen heen gaat, juist om ook daar aan de voorkant mee te praten. De voorzitter: Duidelijk, dan is het CDA aan de beurt. Mevrouw Van der Heijde. Ook drie vragen, mag ook in één keer. Mevrouw Van der Heijde: Dank u voorzitter. Allereerst ook dank voor de presentatie.
Dat is toch altijd ingewikkelde stof, als je het mij vraagt, en moeilijke termen, dus het is fijn dat we op deze manier worden meegenomen. Dat waarderen we. De eerste vraag is: er komt natuurlijk een aantal keer terug dat sprake is van een welzijnscoach binnen dat Welzijn op Recept-concept. Wat is de achtergrond van zo'n welzijnscoach eigenlijk? Wat voor achtergrond heeft zo iemand voordat hij welzijnscoach werd, om het maar zo te zeggen? En ten tweede, dat Welzijn op Recept is natuurlijk al best wel een ouder fenomeen, volgens mij vanaf 2014, als ik zoiets uit mijn hoofd zeg. Doorontwikkeld, doorontwikkeld. Hoe is dat nu met die doorverwijzing van onze huisarts hier in Ridderkerk? Hoe vaak wordt er naar dat Welzijn op Recept doorverwezen, zodat ze de huisartsen kunnen ontlasten, of misschien ook wel een stukje de POH van de huisartsen? Die zullen het ook druk hebben, neem ik aan. Is daar een beeld voor te geven? Ik hoef niet heel specifieke cijfers, maar een beetje een richting. En de derde vraag, op pagina 14, sheet 14 moet ik zeggen, van de presentatie, staat: we kijken ook naar de thema's van het digitaliseren van de zorg en dit slimmer inzetten.
Wat is dat precies concreet, digitaliseren van de zorg? Moeten dan onze senioren achter een computerscherm gaan zitten en daar, ik zeg maar iets moois, een yogaklas volgen? Is dat voor onze ouderen überhaupt te doen? Of denk ik nu helemaal de verkeerde kant op? Dank. De voorzitter: Mijnheer Quist. De heer Quist: Dank je wel voorzitter. Dank je wel ook voor de vragen. De welzijnscoach, de achtergrond, die varieert. Je ziet nu een nieuwe landelijke opleiding van een Buurtsportcoach Plus ontstaan, die eigenlijk geschoold wordt om ook deze rol te mogen vervullen. Dit is bijvoorbeeld geen BIG-geregistreerde zorgprofessional. Dit gaat echt over een welzijnsmedewerker die zich dan wat meer specialiseert en met name de verbinding is tussen de huisartsen en het welzijnswerk. Dus die de vertaling kan maken van: waar zit nou het probleem en hebben we dat aanbod in ons welzijnsaanbod? Of moet die persoon toch inderdaad terug voor gespecialiseerde zorg? Met name om dat af te vangen, dat is het doel. Hoe dat specifiek hier in Ridderkerk zit, dat durf ik je niet met 100 procent te zeggen. Ik heb daar wel recent met de partij Facet Ridderkerk voor gezeten en ik weet dat zij er heel druk mee bezig zijn en als het ware pilotmatig aan het opbouwen zijn en aan het opschalen zijn bij verschillende huisartsen. Je ziet dat is een soort groeiende olievlek die steeds breder moet gaan.
Waar je ook wel leert natuurlijk, van: we hadden doorverwezen, maar we zien toch dat het eigenlijk wel een complexer vraagstuk is, dus moet weer terug. Hoe gaan we daar dan mee om? Dus het is ook wel een lerend concept. En de digitalisering vanuit het IZA, dat zit hem wel echt wat meer op Pagina 30 van 42
zorgsystemen. Dus neem bijvoorbeeld een ZorgDomein waar huisartsen in werken. Hoe koppelen we die nou aan een ander systeem, zodat een zorgprofessional niet op twee niveaus verslaglegging moet doen, of dat de halve informatie beschikbaar is waardoor heel veel tijd verloren gaat? Dat zit hem niet zozeer, inderdaad, hebben we e-health oplossingen voor preventieve aanpakken. Dat wordt echt wat meer op een zorgniveau geïmplementeerd. De voorzitter: Mijnheer Coule, Burger op 1 wil stapelen. De heer Coule: Bij die digitalisering. De huisartsen zijn al... De zorginstellingen zijn sowieso al overladen door allerlei soorten softwarepakketten waar ze aan moeten voldoen. Is het de bedoeling… Begrijp ik hieruit dat het verminderd moet worden, die softwarepakketten? Of is het juist de bedoeling dat er weer eentje bij komt om het bij elkaar te brengen? De voorzitter: Mijnheer Quist. De heer Quist: Nee, het moet efficiënter, dus we zijn zeker niet van plan om regionaal weer een besluit te gaan nemen om nog een systeem in te gaan...
Maar er wordt vooral gekeken: waar gaat het nou mis? Waar zit nou heel veel tijd… Waar gaat tijd verloren die we efficiënter kunnen inrichten door bepaalde koppelingen? En welke systemen, wie werkt waarin en hoe zorgen we dat dat efficiënter met elkaar gaat? Als de uitkomst daarvan is dat het in een ander systeem zou moeten, dan praat je over een heel groot onderzoek. Dan zou dat misschien een keuze moeten zijn. Maar het lijkt er vooral op dat we gaan kijken: hoe kunnen we de dingen efficiënter met elkaar gaan inrichten? Maar dat is best een groot vraagstuk. Ik heb de foto gezien van de dame die dit trekt. Dat is echt een doolhof. Dus die zijn daar heel lang en al heel goed mee bezig. En het lijkt er niet op dat er nieuwe systemen uit komen. Zeker niet. De heer Brandwijk: Mag ik daarop aanvullen, voorzitter? De voorzitter: Ja. Mijnheer Brandwijk. De heer Brandwijk: Een praktisch voorbeeldje van digitalisering is ook dat ze in de regio binnen de wijkverpleging bijvoorbeeld aan het kijken zijn naar een oogdruppelbril, verschillende soorten oogdruppelbrillen, waardoor de wijkverpleegkundigen minder tijd hoeven te besteden bij een cliënt. Dus dan zit het niet zozeer in digitalisering in systemen, maar meer in praktische hulpmiddelen om de tijd voor een cliënt te bekorten en zo ook zorgbesparingen op te leveren.
Maar die digitalisering zit met name in de zorg vanuit de Zorgverzekeringswet en de Wet langdurige zorg, niet zozeer bij de gemeente en sociaal domein. De voorzitter: Zijn de vragen zo voldoende beantwoord? Mevrouw Van der Heijde, ongeveer, begrijp ik. Zegt u het maar. Mevrouw Van der Heijde: Ik wil nog even aanhaken op dat laatste, maar ik ben het ook nog even aan het laten bezinken, merk ik, wat ik te horen kreeg. Want begrijp ik het dan goed dat het stukje van de gemeentes met die systemen, dat het eigenlijk nu vooral gaat over de zorgverleners beter met elkaar te kunnen laten communiceren in hun digitale patiëntendossiers? En dat de gemeentes daar… Dat het daar niet om gaat? De voorzitter: Mijnheer Quist.
Pagina 31 van 42
De heer Quist: Ik denk inderdaad dat het primair gaat over de zorgprofessionals en hun systemen. Maar je ziet natuurlijk… Neem het voorbeeld Welzijn op Recept, waar we het al heel even over hebben gehad. Hoe zorgen we er nou voor dat een huisarts, als diegene een patiënt binnen heeft, of een inwoner, moet ik eigenlijk zeggen, van de gemeente Ridderkerk en dat moet naar Welzijn verwezen worden. Mag dat? En hoe gaat dat? En hoe gaat men dan met die gegevens om op het moment dat we doorverwijzen en het blijkt niet goed te zijn? Kan de welzijnspartij dan ook in dat systeem weer terugverwijzen? Dat soort vragen raken natuurlijk ook wel het gemeentelijk domein, maar dat schalen we dan als het ware op. Wij voeden daar als gemeente de regio mee, van: in de ketenaanpakken zien we ook digitalisering, hier lopen we tegenaan. Wat kunnen daar voor slimme oplossingen voor gevonden worden in die grote road map met al die doolhofjes? De voorzitter: Bedankt. Dan is aan de beurt Echt voor Ridderkerk. Vier vragen, twee om twee. Mevrouw Van Vliet. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel voorzitter. Ook dank aan de twee presentatoren voor de prachtige sheets, moet ik zeggen, en heldere uitleg. Toch heb ik nog even een paar kleine verduidelijkingsvragen. Op pagina, of slide 3, moet ik zeggen, wordt gesproken over een samenwerking tussen de gemeente Ridderkerk en inwoners.
Mijn vraag is: wat is de inbreng van de inwoners in die samenwerking en op welk moment is dat? Mijn tweede vraag is, op slide nummer 13 is toch even voor mij dat niet helemaal helder. In de slide wordt gesproken over een huidige situatie en de gewenste. Als ik kijk naar de huidige situatie, dan zie ik daar Ridderkerk als losse bol en ik zie de BAR ook als losse groene bol. Maar Ridderkerk zit toch in de BAR? Dus ik snap niet waarom dit nou zo losstaand is. Dus daar wil ik graag verduidelijking op. De voorzitter: Mijnheer Brandwijk. De heer Brandwijk: Ik zal de beantwoording van de eerste vraag op me nemen. De betrokkenheid van inwoners. Dat gaat dan over het geheel van de maatschappelijke effecten uit het IBSD die genoemd zijn op sheet 3. Dus dat gaat over ook alle maatschappelijke effecten, niet alleen die nu aan de orde zijn als het gaat om het IZA en het GALA. De manier waarop lokaal inwoners worden betrokken, is bijvoorbeeld bij de totstandkoming van het actieplan Samenredzaam Ridderkerk, wat we met veel verschillende Ridderkerkse partners hebben opgesteld. Daarin zijn in een vroeg stadium ook inwoners betrokken geweest. Ook initiatiefnemers, bijvoorbeeld ouders van kinderen met bepaalde zorgvragen die daarover hun input wilden meegeven aan ons als gemeente. Bijvoorbeeld ook het Interkerkelijk Diaconaal Beraad, waar inwoners in vertegenwoordigd zijn.
Ook is de Burgeradviesraad Sociaal Domein erbij betrokken geweest. Dus op verschillende wijzen is binnen dat project, de totstandkoming van het actieplan, zijn inwoners betrokken geweest en ook bij de uitvoering van het actieplan zijn inwoners betrokken. De voorzitter: Dank u wel. Dan de vraag over de over elkaar vallende bolletjes. Mijnheer Quist. De heer Quist: Het zijn mijn bolletjes. Dat klopt. Het is een beetje een vormgevingstechnisch stukje, dus dat is keuze die ik zelf gemaakt heb om het een beetje uit elkaar te trekken. Anderzijds zie je dat de ZHE-BAR onze regio is en je ziet op de Zuid-Hollandse eilanden veel gebeuren en je ziet hier met de drie gemeentes best wel wat afstemming gebeuren. Dus daar zie je eigenlijk in de zeven gemeentes in de totale regio ook een soort van subregionale verdeling. Dat is dan als het ware de BAR, waar Ridderkerk natuurlijk altijd zijn lokale context heeft, net zoals Albrandswaard en Ridderkerk, of Barendrecht, sorry. Dus je hebt Ridderkerk los, de BAR op een aantal elementen zoekt afstemming met elkaar, onder andere rondom de ketenaanpakken. En dan heb je de hele regio. Daar willen we als het ware toch wat meer versmelting nog in vinden de komende jaren.