CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-12-16-verslag-gemeenteraad-ridderkerk.pdf

Gemeenteraad RK 16 december 2021, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0: Besluitenlijst en verslag28.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

vergunningverlening, die voorts zou moeten vloeien uit het verzoek om vergunning, maar worden bepaald of het distributiecentrum gelijk echt ook voor de 100 procent binnen het bestemmingsplan past. En ik denk dat het ook niet aan de orde is om daar nu al enorm op vooruit te lopen. Dus het is misschien ook een beetje een formeel antwoord … Of formele kanttekening die ik maak, maar wel een belangrijke. Er wordt op dit moment nog druk over gedacht en over gesproken. En ten tweede: het verzoek aan het college, als geformuleerd onder het eerste punt en ook over de tweede punt van de motie, moet wel duidelijkheid met zich meebrengen dat het voor het college niet zozeer een nieuwe opdracht gaat zijn. Het college heeft in de achterliggende periode nadrukkelijk gesproken, ook met Panattoni. Zelfs ook op het bestuurlijke vlak om met elkaar de zorgen te delen en te bezien waar de pijn zo klein mogelijk kan worden gemaakt. En dat zullen we ook blijven doen. Tegelijkertijd geldt dat wij natuurlijk niet en er zijn ook een aantal fracties die de vinger al hebben bijgelegd, ons op het oneigenlijke pad kunnen gaan begeven. Want ook de heer Ros moet ik … Bekend met zowel de formele als de materiële elementen van beginselen van behoorlijk bestuur. Daar kun je ook wat dat betreft een mooie studie van maken.

Wat ik wel graag toezeg is dat ik de raad, ten aanzien van die vergunningverlening, toezeg om daar ook actief over te informeren. Normaliter niet het gebruik bij vergunningverlening, maar in dit geval wil ik daar graag een passende uitzondering voor maken. De voorzitter: Ik zie twee handen. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u voorzitter. Wat het de vergunning verleend betreft voor Panattoni, heb je daar te maken met een milieuzonering zodat er een soort groene bouwvrije buffer omheen moet komen? De voorzitter: Vind ik inderdaad een technische vraag, te gedetailleerd. Daar komt u vast in de commissie nog wel op terug. Mijnheer Ros. De heer Ros: Dank u wel voorzitter. Even kijken, de motie die … Er zijn een aantal partijen en de wethouder, die hebben daarop gereageerd. De motie ziet er echt op toe om als steuntje in de rug een signaal te geven vanuit deze raad. Dus ik hoor de VVD, ik hoor de SGP en ik hoor de wethouder daarover, over de precieze bewoordingen en dat soort dingen. Dus daar wil ik eigenlijk … Daar zit wel wat ruimte in om te zorgen dat we met zijn allen een goed signaal kunnen krijgen zodat we de wethouder ondersteunen in zijn verhaal richting Panattoni en zo is die ingesteld. De voorzitter: Oké wethouder. De heer Oosterwijk: Dat was denk ik wel helder.

Als ik het tegenovergestelde gevoel zou hebben gehad, zou het college deze motie denk ik ontraden. Voorzitter, dan nog even de gevraagde toezegging vanuit de EVR om bereidheid te tonen om ongeruste bewoners gerust te stellen. Dat is een wel hele algemene formulering. Ik denk dat ik misschien wel de ambitie kan hebben, maar dat het tegelijkertijd ook wel wat overtroffen ambitie zou kunnen zijn om alle bewoners gerust te stellen. Want inwoners maken zich immers gewoon zorgen en forse zorgen. Het enige wat ik daarbij aan kan geven is dat we met elkaar echt moeten duiden dat dit een visie is op de hoofdlijn en dat we die visie op de hoofdlijn ook echt niet moeten verwarren met datgene wat in de planMER omschreven staat. Die planMER, het woord is al een aantal keren gevallen, is een … Je zou kunnen zeggen: een rekenexercitie of een beoordelingsexercitie, om maatgevende scenario's door te rekenen op zijn milieueffecten. En daar waar er allerlei kritische bewoordingen daarop zijn uitgesproken in deze raad, wat op zich natuurlijk helemaal prima is, wil ik daar ook graag naast stellen dat de commissie planMER, toch geen onbelangrijke club in dit mooie land, die er ook specifiek voor aan de lat staat om deze type planMER te beoordelen. Deze Ridderkerkse exercitie gewoon echt op zijn waarde beoordeeld heeft.

Natuurlijk een aantal aanwijzingen heeft gegeven van: ‘Heb hier erg in, heb daar erg in’, die hebben we ook verwerkt. Maar daarmee heeft het wel een status wat mij

Pagina 15 van 42

betreft, dat de commissie planMER daar ook op deze manier haar visie op gegeven heeft en haar beoordeling aan verbonden heeft. Voorzitter, dat gezegd hebbend heb ik volgens mij al heel veel aangeraakt. Misschien dat ik toch wel even wat vergeten ben, links of rechtsom. Dat hoor ik dan graag, zodat ik daarop in tweede termijn in passende manier kan reageren. De voorzitter: U kunt het niet ophouden tot uw tweede termijn? Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, ik had een toezegging gevraagd aan de wethouder om even te reageren rondom dat nu twee bestemmingsplannen langs de rivier mogelijkerwijs een DC toestaan. En als tweede punt zou ik graag een reactie nog van de wethouder willen op het punt dat de Schans is afgewezen voor de aanleglocatie of aanlegplek voor de waterbus. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Voor de ChristenUnie is ook een belangrijk punt: het vervolg naar een omgevingsplan, of die stappen ook gezet gaan worden. De voorzitter: Wethouder. De heer Oosterwijk: Voorzitter. Goed om dat we de eerste termijn al denk ik met elkaar even te duiden. Op de concrete vraag van: zou … Als ik het allemaal even heel populair formuleer: een Panattoni 2 zich op enigerlei andere plek langs de Ridderkerkse rivieroevers kunnen voordoen.

We hebben volgens mij ook een helder en duidelijk antwoord gegeven dat daar natuurlijk de kaders van vigerende bestemmingsplannen heel bepalend bij zijn. En dat dat met zoveel woorden niet uitsluit dat op een tweetal naar verwachting concrete plekken in de toekomst zich eventueel zou kunnen voordoen. Je vraagt ernaar van: ‘Goed, wat kun je er nou eigenlijk tegen doen?’ En op een zodanige manier dat het ook effect sorteert en tegelijkertijd ook andere dingen misschien niet ongewenst in de wielen rijdt. Ik ben graag bereid om de toezegging te doen dat we als college dat nog eens even goed op een rijtje zetten, om bijvoorbeeld eens inzichtelijk te maken van: wat is nou … Want als je kijkt naar het ruimtelijk instrumentarium van gemeente, zou je kunnen denken aan het nemen van een voorbereidingsbesluit … Wat zijn daar nou de plussen en de minnen van? Aan de ene kant zul je misschien bereiken dat de activiteiten ter plaatse worden beperkt tot alles en behalve dan een DC. Althans, het niet mogelijk maken van een DC. Maar tegelijkertijd weten we ook dat aan de kant van het nemen van een voorbereidingsbesluit andere elementen verbonden zijn als het gaat om de houdbaarheid qua termijn, de vatbaarheid van planschade op voorhand, enzovoort enzovoorts.

Dat lijkt mij goed om daar ook even op een zorgvuldige manier invulling aan te geven en daarom ook de toezegging dat we dat als college met alle plezier op een rijtje zetten, om daar vervolgens dan eventueel ook gelijk maar richting aan te geven. Tweede element: de waterbus. Ik ben niet zo heel snel verrast en natuurlijk ook helemaal niet graag verrast, maar uw berichtgeving dat de waterbuslocatie op de Bolnesplek kennelijk afgewezen is. Dat is voor mij even een vrij nieuw geluid, maar dat maakt op zich ook niet zo heel veel uit. In die zin dat ik op zich die methodiek van: waar laat je wel een waterbus aanlanden en niet? Ik ken voorbeelden van gemeenten uit de regio bijvoorbeeld in Capelle aan de IJssel, waarbij het al heel veel jaren achter elkaar geroepen wordt van: ‘Wij willen hier graag een waterbus’. En dat is dan een aantal jaren om allerlei moverende redenen er nog niet van gekomen. En op enig moment komt toch de waterbus op de goede manier door de bocht. Dus ik denk dat het gewoon echt goed is en goed blijft en misschien wel temeer ook noodzakelijk is, om de ambitie uit te spreken dat we ook Bolnes een mooie plek vinden om daar een waterbus aan te laten landen. Want dat dient ook en daar heeft u zelf ook uw enthousiasme op uitgesproken, ook de automobiliteit als zodanig.

Ten aanzien van de vraag van de ChristenUnie, denk ik dat ik duidelijk kan zijn dat als eerste stap die we willen zetten, die mobiliteitsstrategie enorm van belang is. Het is ook wel goed om te zien om … Wat gaat dat nou eigenlijk brengen? Wat betekent dat op de

Pagina 16 van 42

hoofdlijn voor het wel of niet kunnen realiseren van een bepaald maatgevend bouwprogramma op de verschillende plekken? Zoals die ook in de Gebiedsvisie genoemd zijn. Dat het uiteindelijk dan moet gaan leiden tot een omgevingsplan is ook duidelijk. En dat kan natuurlijk op twee manieren, aan de ene kant … Er dient zich een partij aan met een initiatief, zodat je op die manier opwerkt naar een omgevingsplaninvulling. Dan wel dat we aan de voorkant er al meer proactief mee aan de slag zijn, maar het hangt ook een klein beetje af van: wanneer komt welke initiatief op ons af? Maar belangrijk is in ieder geval en laat dat niet onduidelijk zijn, dat het opstellen van die mobiliteitsstrategie echt kaderstellend is en voorwaardelijk is in alle opzichten. Voorzitter, voor zover de beantwoording op de drie vragen die ik in eerste lijn nog even tegoed had. De voorzitter: We gaan de tweede termijn doen. We zijn ongeveer halverwege, dus u mag zeker niet meer tijd besteden aan uw tweede termijn dan in eerste termijn, zeg ik maar voorzichtig. Mijnheer Ros. De heer Ros: Dank u wel voorzitter, even kort reageren. Ik heb het in eerste instantie over de motie gehad in mijn eerste termijn en nu wil ik heel kort reageren op het plan zelf. Wat me opvalt is bij de voorkeursvarianten … Er zijn vier varianten en er is één voorkeursvariant.

In alle voorkeursvarianten lees ik iets van of we gaan maximaal wonen of maximaal bedrijven. Maar maximaal groen en recreatie, dat is nergens een optie. En daar komt 18PLUS mee en de oproep van 18PLUS steun ik, door meer groene recreatie langs rivieroevers mogelijk te maken. Het staat er wel met zoveel woorden in, maar dan moet je maar zien hoe het werkelijk uitpakt, dus. En daarnaast mis ik heel erg de groencompensatie, daar gaan diverse groene gebieden verdwijnen of anders ingericht worden en dat zou je eigenlijk wel op een of andere manier gecompenseerd willen worden. Of je moet zorgen dat er voldoende … Echt een grote strook groen en recreatie langs de rivieroever is, zodat de rivieroever ook zijn functie kan terugkrijgen, zoals de parel van Leefbaar beoogd. Ja voorzitter, daar wil ik het bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Piena. Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter en dank aan de wethouder voor de toezegging dat die gaat onderzoeken en kijken welke instrumenten er binnen de gemeente zijn om te kijken: in hoeverre hebben we de distributiecentrums mogelijk kunnen tegenhouden. Dank daarvoor. En ik noemde de Schans met de waterbus, maar ik bedoelde inderdaad Bolnes en dat pakte de wethouder goed op. Betreft de keuze die we als CDA maken: voorzitter, ik zelf, maar ook heel de CDA-fractie heeft flink geworsteld met dit voorstel.

En echt zitten twijfelen of we dit voorstel wel of niet zouden steunen. Dit vanwege het feit dat we ons grote zorgen maken over de impact die deze Gebiedsvisie heeft op de leefbaarheid en de verkeersdrukte langs de rivier. We zullen uiteindelijk het voorstel steunen, maar dan maken we wel de volgende drie opmerkingen bij: in de eerste plaats zien we de noodzaak om extra woningen te bouwen in Ridderkerk vanwege de krapte op de woningmarkt. Maar we delen de zorgen met de bewoners dat de komst van vele honderden woningen een te grote impact zal hebben op de leefbaarheid langs de rivier. De woningaantallen staan niet in de visie opgenomen en zullen later worden bepaald, maar hierbij geven we als CDA alvast aan dat de komst van vele honderden woningen, zeker bij de Schans, niet meteen op steun kan rekenen. Het is al ontzettend verstenigd en ook daar willen we ook wel inzetten op extra groen. In de tweede plaats zal de mobiliteitsstrategie van het CDA de basis zijn om te bepalen welke vervolgstappen we vanuit de Gebiedsvisie wel of niet zullen steunen. De verkeersdruk op verschillende wegen langs de rivier is al groot en zal met de mogelijke komst van het distributiecentrum alleen maar toenemen. En de derde opmerking die we willen maken: we roepen het college op om ook aan de slag te gaan met de input van de bewoners over bijvoorbeeld de Gorzen en de Crezéepolder.

Onderwerpen zoals het depot in de Gorzen kunnen naar onze mening eerder worden opgepakt. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Los.

Pagina 17 van 42

De heer Los: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, onverdeeld gelukkig zijn we er niet mee, dat hebben we al gezegd. En een visie, het is maar een visie zou je zeggen, maar een visie dendert door. Het is een richting die opgeslagen wordt en uiteindelijk word je er toch altijd weer mee geconfronteerd: je hebt toen ‘ja’ gezegd. En ik denk dat we wel ‘ja’ gaan zeggen, maar toch wel met een voorbehoud. En dat voorbehoud moet toch wel zijn dat er toch nog wel enige flexibiliteit in zit en dat er rekening gehouden wordt met ontwikkelingen en wensen van mensen. Het is natuurlijk maar een visie. Aan de andere kant heb ik horen zeggen van: ‘Ja, we moeten een betrouwbare overheid zijn’, en natuurlijk moet de overheid betrouwbaar zijn. Er is een bestemmingsplan wat ruimte geeft voor een distributiecentrum, maar aan de andere kant bestaat er ook nog zoiets als verleiden. Je zou toch altijd nog als gemeente kunnen proberen om de eigenaren van zo'n voorgenomen distributiecentrum te verleiden tot andere plannen. Je kan altijd wel zeggen: ‘De wet die zegt dit en de wet geeft recht op zus en de wet geeft recht op zo’, maar er bestaat ook nog zoiets als goed overleg en daar zou je het ook toch nog in kunnen zoeken. Want gezond verstand zegt van: het hoort er toch eigenlijk niet thuis en daar zou je best als gemeente je kunnen inspannen.

Ik heb de wethouder ook horen zeggen van: ‘Er moet een balans zijn tussen groen en bouwen’. Dat is waar, maar … De voorzitter: Mijnheer Ros. Mijnheer Ros. De heer Ros: Dank u wel voorzitter. De heer Los tipt net een aantal punten aan die beschreven staan in de motie, steunt hij deze motie dan ook? De heer Los: Maar voorzitter, ik wil het nog even spannend houden. Dus ik ga nog even door. Waar je een fundering legt, daar kun je natuurlijk geen groen hebben. We zitten om huizen verlegen, we zitten om grond verlegen, er zal toch een bepaalde balans moeten zijn tussen dat groen en tussen die huizen. Ik heb wel eens tegen de PvdA gezegd, die voor het bouwen zijn, van: ‘Misschien zetten we wel door veel te bouwen de fusie tussen PvdA en GroenLinks onder druk’. Want je kan inderdaad waar je bouwt … Daar is in ieder geval op de plaats waar je bouwt geen groen. een oud Engels spreekwoord zegt: ‘We cannot have the cake and eat it’, en zo is het natuurlijk ook wel. Ik denk dat ik … De voorzitter: U bent op de helft van uw tijd. De heer Los: Ja voorzitter, ik ga afronden. Maar ik vond het zo leuk om er nog even over te praten en nog leuk om GroenLinks nog even in spanning te houden. Maar als signaal willen we toch wel graag deze motie steunen en met de opmerking: natuurlijk moeten we betrouwbaar zijn en natuurlijk moeten we niet aan rechten tornen. Maar verleiden, dat kunnen we wel.

Tot zover voorzitter. De voorzitter: Zeker kunnen we dat, ik denk dat mijnheer Ros tevreden is. Mijnheer Kloos. De heer Kloos: Dank u wel voorzitter. Ook wij constateren dat het een visie is waar hoofdlijnen worden uitgezet. Maar de plannen die ooit eens ter uitvoering worden voorgelegd in de raad, zullen de juiste dimensies aangeven. En we gaan daarbij vanuit dat wederom burgerparticipatie een belangrijke rol in kan blijven spelen. We zijn blij dat ook de wethouder toegeeft dat een te grootse ontwikkeling van veel distributiecentra wellicht ongewenst zijn. En dat is ook de reden waarom we de motie van GroenLinks blijven ondersteunen als steun voor dit doel. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ja, dank u wel voorzitter. De focus ligt vanavond nog best wel veel op het Panattonigebeuren. Dat is eigenlijk wel jammer, want we stellen vanavond een mooie visie vast en die met name over de lange termijn gaat. Maar ik kom straks nog wel terug op de motie en Panattoni. Onze fractie had ook wel zorgen of heeft zorgen om de verkeersdrukte die mogelijk kan ontstaan. Terecht wordt er ook nader gekeken naar die mobiliteitsstrategie. We hebben daar nog wat opmerkingen over, maar ik begrijp Pagina 18 van 42

dat we daar nog een keertje in commissieverband of wat dan ook over te spreken komen. Dus die behouden we daar dan even voor, dat scheelt weer tijd. Ik hoorde het CDA ook zeggen over: ‘De woningnood is hoog, maar we willen ook niet tornen aan de leefbaarheid van de omwonenden daar. Dat maakt zo’n opmerking wel lastig, dat is echt wel een spanningsveld. We willen allemaal in Ridderkerk extra woningen gaat bouwen, maar er bestaan ook bewoners, die willen het liefst geen extra woningen omheen, want dat levert weer extra verkeersdrukte of wat dan ook op. Ik vind dat CDA nu wel heel ver gaat in zeggen dat ze daar zich nu al enorm zorgen over maken. Uiteraard, als er opeens 1000 woningen naast je huis komen staan, dan zou ik me ook zorgen gaan maken. Alleen, we hebben ook in deze raad ook al gezien, onlangs nog, dat zelfs met zes woningen of vier woningen bij jou in de buurt, dat er ook mensen komen inspreken en zich zorgen maken over de leefbaarheid. Dus ik denk dat we daar niet altijd aan ontkomen … De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Het is ook inderdaad een worsteling van het CDA, want we zien inderdaad dat de woningnood hoog is en dat is ook wel de reden waarom we de visie steunen. En dat we er ook tegen gezegd hebben dat we ook voorstander zijn van woningbouw, dat hebben ook tegen alle burgers die we gesproken hebben ook gezegd.

Alleen inderdaad moet er wel een balans gevonden worden. We hebben 900 woningen die we moeten bouwen en dat zal toch verspreid moeten worden waarschijnlijk over alle wijken in Ridderkerk. We kunnen ook niet met z'n allen zeggen: ‘Dat P.C. Hooftgebied, daar zetten we er 1000 neer en voor de rest hoeft het niet’. Dus ja, we zijn voorstander van woningbouw, alleen moeten ze goed rekening houden met de leefbaarheid, ook van de bewoners. En daarbij zullen alle wijken moeten bijdragen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u voorzitter. Maar dan ga ik interrumperen in de termijn van mijnheer Kooijman, bedacht ik me net. Want mijnheer Mijnders heeft het over 900 woningen bouwen; in de Woonvisie in april is gewoon gezegd dat bijna al die 900 woningen al gepland zijn in Ridderkerk. Dus wat we nu gaan bouwen verder bij de rivieroevers, dat zou een plusje daar bovenop zijn, volgens mij. De voorzitter: Ja, mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Ja, dank u wel voorzitter. Ik dan wel in reactie op de ChristenUnie: ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe de heer Kooijman de balans ziet tussen de leefbaarheid van omwonenden en woningbouw en welke aantallen woningen hij dan als realistisch ziet. Dank u wel. De voorzitter: Ja, u gaat vast reageren op mevrouw Van Nes-de Man, maar we gaan even naar mijnheer Kooijman, het is zijn termijn.

De heer Kooijman: Ja, om dan gelijk maar weer richting de Partij van de Arbeid te reageren: klopt. En u zegt het ook goed, we moeten op zoek naar een balans en ik miste dat even in de eerste reactie van het CDA. Dat kwam nu later wel, maar we moeten … In eerste instantie zeiden ze van: ‘Het moet niet ten koste gaan van de leefbaarheid van de inwoners’, maar ik denk dat we een goede balans moeten zoeken. Dus enerzijds de wens om meer te bouwen en anderzijds ook de bestaande omwonenden ook te bedienen. Dus die balans, die is zeker belangrijk. En ik ga me nu nog niet vastleggen op getallen. Ik heb al eerder gezegd: het belang van de juridische borging in een omgevingsplan. Ik snap ook dat de wethouder aangeeft: ‘Juist eerst gaan we werken aan de mobiliteitsstrategie en pas daarna zou je dat kunnen gaan uitwerken in een omgevingsplan’. En of we dat als gemeente zelf doen of dat we wachten tot een initiatiefnemer komt, die zegt van: ‘Ik wil een deel van jullie rivieroevervisie gaan uitwerken’, en dat we daaraan koppelen. Ik vind daar nog wel een risico aan zitten, want voor hetzelfde geld komt er een nieuwe Pagina 19 van 42

investeerder uit Amerika die zegt: ‘Ik kijk helemaal niet naar die visie Rivieroevers die we hebben, maar ik kijk naar het huidige bestemmingsplan. Wat kan ik dan realiseren en wat kan ik dan mogelijk maken?’ Juist daarom wil ik ook dat die visie op de rivieroevers, dat hij ook vastgelegd wordt, juridisch. En dus verzoek ik dat t.z.t. maar goed, dat komt na de mobiliteitsstrategie nog wel aan te pas, dat we dan ook verder gaan werken als gemeente aan een omgevingsplan. Richting de tegenstemmers van de visie of eventuele tegenstemmers: mocht je hier nou tegenstemmen en het plan gaat nu niet door, dan stel je ook dat weer opnieuw uit. En dat betekent dus ook dat we weer langer moeten gaan wachten tot we de juridische borging hebben van de visie die we hebben. Dan terug naar de motie … De voorzitter: Mijnheer Piena. De heer Piena: Ja, mag ik toch? Niet PvdA eerst? Vooruit dan maar. De heer Kooijman zegt dat we dan weer alles uitstellen, maar als we een visie vaststellen waarbij een aantal zaken juridisch al niet geborgd zijn en we het risico lopen dat projectontwikkelaars op de oevers gaan bouwen naar eigen inzicht en wij kunnen het niet tegenhouden, dan vraag ik me af wat verstandiger is. Om eerst even de visie juridisch beter af te kaarten, of dat we nu zeggen: ‘We stellen een visie vast en we gaan een risico lopen’. Ik ben benieuwd naar het antwoord van de ChristenUnie.

De voorzitter: Mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. Ik kan de opmerking van de ChristenUnie ook niet zo goed plaatsen. Ik zit nu toch al een tijdje in deze raad, bijna acht jaar en er zijn … Dan heb ik toch heel wat bestemmingsplanwijzigingen voorbij zien komen, waarin gewenste ontwikkelingen werden mogelijk gemaakt en ongewenste ontwikkelingen werden tegengehouden. En daar lag heel vaak geen visie aan ten grondslag. Waarom is deze visie nu nodig om eventueel distributiecentra om de rivieroevers tegen te houden? Ik zie het verband niet. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Eerst maar even reageren op de VVD: ik heb er nog nooit van gehoord dat een visie ook een juridische borging levert. Een visie is ook niet meer dan een visie, dat zal nooit en te nimmer een juridische borging opleveren. En dan doorpakkend richting de Partij van de Arbeid: uiteraard is het zo dat pas een bestemmingsplan en de wijziging van een bestemmingsplan, dat maakt dingen mogelijk of onmogelijk. Dus inderdaad, als we deze visie niet vaststellen, wat hebben we dan? Dan hebben we dus het bestaande bestemmingsplan als instrument om dingen wel mogelijk te maken of niet mogelijk te maken. We zien het bij Panattoni, dat het huidige bestemmingsplan een ongewenste ontwikkeling mogelijk maakt.

Dus als we dat willen voorkomen, dan zullen we ons bestemmingsplan, oftewel een omgevingsplan in de nieuwe terminologie, moeten gaan aanpassen. En dan is het wel goed om daar ook een visie eerst op te hebben. De voorzitter: Ik maak u erop attent dat mijnheer Kooijman ver over de vijf minuten is, maar dat heeft u aan uzelf te wijten. Ik zie mijnheer Piena en daarna mijnheer Rijsdijk. Mijnheer Piena. De heer Piena: Ja, dank u wel voorzitter. Het is het college wat zelf in het raadsvoorstel heeft gezegd, dat op basis van deze visie, projectontwikkelaars daar bij wijze van spreken rechten aan kunnen ontlenen. Dus ik begrijp de opmerking van de ChristenUnie in deze niet, dat dit geen gevaar oplevert van ongebreidelde woningbouw. De voorzitter: Mijnheer Rijsdijk.

Pagina 20 van 42

De heer Rijsdijk: Ja voorzitter, ik heb toch het idee dat de ChristenUnie en ik langs elkaar heen praten. In mijn beleving kunnen distributiecentra ook tegengehouden worden met een wijziging van het bestemmingsplan. Daar is helemaal geen visie voor nodig. Ik vind eigenlijk dat er een oneigenlijk verband tussen die visie en een bestemmingsplanwijziging wordt gelegd. Het kan nu ook, daar is die visie echt niet voor nodig. Dank u wel. De voorzitter: We gaan straks kijken wat de wethouder er allemaal van vindt. Wilt u afronden mijnheer Kooijman? De heer Kooijman: Ik ga het proberen, maar ik ga … Toch even de behoefte om kort te reageren. Ja, uiteraard kunnen we nu een bestemmingsplan gaan wijzigen. Als je dat wilt wijzigen, dan moet je wel een visie hebben, wat wil je dan? En dan is het goed dat we een visie hebben, dit is een visie. En ik stel voor om deze visie vast te stellen en dan hebben we in ieder geval een visie waarop we vervolgens weer het bestemmingsplan kunnen aanpassen.

En richting de VVD: er staat inderdaad in het voorstel dat projectontwikkelaars hier gebruik kunnen maken en ik mag inderdaad hopen dat projectontwikkelaars kijken naar: wat is de visie van de gemeente? En op basis daarvan kijken: wat zijn de kansen die zij hebben? Alleen, er zullen ook projectontwikkelaars zijn die misschien niet kijken naar: wat is de gewenste situatie vanuit de gemeente om daar een invulling aan te geven? Die kijken: ‘Wat is er nu mogelijk omdat ik nu snel geld wil scoren’, en daar zijn ook voorbeelden van. En dat brengt mij ook gelijk bij de motie. Veel zal er deze motie niet wijzigen aan de inzet van het college, als we ook horen wat de wethouder op dit moment al gedaan heeft. Woorden als: ‘Wanneer we met zijn allen de schouders eronder zetten’, dat kan alleen maar werken als ook Panattoni gaat meewerken. En als die geen belang bij heeft om toch iets anders te gaan doen, maar die zegt: ‘Dit is onze keuze, kan gewoon, dus we doen het’, dan houdt het vrij al snel op. Ik begrijp overigens ook dat er al diverse overleggen zijn geweest met hen, om te kijken van: kunnen ze naar een andere locatie of wat dan ook? Maar goed, de wethouder heeft ook aangegeven hier wel mee te kunnen leven, mits inderdaad we alleen wel uitgaan van behoorlijk bestuur. Dus we kunnen dan toch instemmen met deze motie.

En mocht het zo zijn dat de omgevingsvergunning toch doorgaat voorzitter, dan verzoeken we het college om dan ook naar een alternatieve ontsluiting van dit gebied te gaan kijken. Zodat de verkeersafwikkeling niet per se over de dijk moet, maar misschien op een andere plek gerealiseerd kan worden. Ik dank u. De voorzitter: U werd bijna geïnterrumpeerd door mijnheer Mijnders, maar het kwam toch nog goed. Mijnheer Westbroek. Mijnheer Kardol. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u voorzitter. Ik heb even een opmerking richting mijnheer Los: er wordt aangegeven dat je daken kan vergroenen, staat ook ergens in de visie. Ik denk: als je daken kunt vergroenen, kun je ook wel funderingen vergroenen. Dan is er in ieder geval groen, want dat is broodhard nodig bij de Schans. Ik ben heel benieuwd, ik had het daarnet al even over tegen de … De voorzitter: De heer Los. De heer Los: Ja voorzitter, ik heb nog maar zelden beton gezien wat groen was, maar mogelijk wordt dat ... De voorzitter: Dat was heel lastig om dat groen eraf te krijgen. Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Misschien dat mevrouw Van Nes houten palen bedoelt, maar ik weet niet of dat bij de rivieroever zo handig is. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man.

Pagina 21 van 42

Mevrouw Van Nes-de Man: Ontzettend leuk. Ik heb het over de vergroening van daken wat ook in de visie staat. En als jullie daar dan nog nooit van gehoord hebben, daar kan ik niks aan doen. Dat is ook geen groene verf, dat is gewoon een mosdak. Ik ben benieuwd wat de wethouder … Of ik vraag aan de wethouder of die even wil reageren over de woningbouwopgave zoals we die in april in de Woonvisie hebben vastgesteld, waarin we gezegd hebben: ‘900 woningen is voldoende’. En de meeste van die woningen die zijn al gepland letterlijk … De voorzitter: Mijnheer Mijnders. Mevrouw Van Nes-de Man: 1150 die nu genoemd worden. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter, hier zat ik even op te wachten. Ik wil nog even reageren op Burger op 1, betreft die 900. Volgens mij is er ook duidelijk dat we ook mogelijk moeten kijken waar een beetje beweging zit, tussen 900 en 1200. Ik weet dat heel de raad, alle raadsleden mogelijk heel veel jongeren tegenkomen, die op dit moment graag willen starten, samen en kunnen ze gewoon niet. Heel veel ouderen willen doorstromen, kunnen we niet. Ik denk dat het niet verstandig is als we gemeenteraad zeggen: ‘900 max, voor de rest doen we niet’, en dat we er over vijf jaar erachter komen: ‘Ja, die 900 is eigenlijk ook niet voldoende’. Dus we zien inderdaad dat misschien die 1200 ook wel nodig hebben en laten we dan inderdaad verspreiden.

Want misschien … Ik ben inderdaad een voorstander … Of een tegenstander van dat er 200/300 woningen bij de Schans komen, dat lijkt CDA niet realistisch. Maar voor bij Schiepo is het prima om daar enige woningen neer te zetten en op die manier verspreid je door heel Ridderkerk … De voorzitter: Ja, zo was het goed voor een interruptie. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u voorzitter. Ik kan voor een deel wel met de mijnheer Mijnders, CDA meegaan. Maar nu 1150 woningen zoals echt gewoon in die MER staat, erbij, dat is gewoon onzin. En als je zegt voor 200 woningen in het hele gebied, lijkt me prima. We zeggen ook hard dat we willen wonen in groen, recreatief en alles … De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Ja, dank u wel voorzitter. Sorry, maar toch, voordat er wordt .. Het beeld geschapen dat het CDA een voorstander is van 1150 woningen in het rivierengebied, dat is niet de bedoeling. De voorzitter: Mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Ja voorzitter, dank u wel. Dan toch even in de termijn van mevrouw Van Nes een vraag aan de heer Mijnders, het is niet anders. Die geeft aan: ’1200’ … De voorzitter: Nee nee, dat gaan we niet doen. U heeft straks uw eigen termijn, daarin kunt u mijnheer Mijnders misschien ook nog wel een vraag stellen. De heer Rijsdijk: Het is een interruptie.

De voorzitter: Ja, maar niet in de termijn van mevrouw Van Nes-de Man. Gaat uw gang, mevrouw Van Nesde Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Ik hoor ook nog graag van de wethouder of hij iets meer kan zeggen over de opgave die wij hebben in Ridderkerk voor watergebonden bedrijvigheid, die dan alleen daar plaats kan vinden. Ik had het over de milieuzonering zonet, dat kan dan technisch zijn … Voor mij niet, maar goed,

Pagina 22 van 42

dat kan. Nee, maar dat beperkt op een gegeven moment de woningbouw rondom een bedrijf als een Panattoni. En dat is waarom ik dat dan mee wil geven, dus zoek dat uit. Elke visie wordt hier … Wordt uitgewerkt in deelplannen, maar de visie is en blijft de basis. En dat vind ik ook levensgevaarlijk van deze visie, omdat hij qua woningbouw heel veel ruimte geeft. Er is ook al gezegd door mijnheer Kooijman: Een projectontwikkelaar, die kan welwillend zijn, dan zal die kijken: wat wil Ridderkerk? En is hij dat minder, dan gaat hij voor zijn eigen hachje. Nou, ik denk dat ik wel weet welke kant het op zal gaan, zeker als Ridderkerk ook die regie uit handen geeft. Verder ben ik wel blij dat er toch nadrukkelijk benoemd is dat een versteende locatie als nu bij de Schans, met al die parkeerplaatsen en dat blik en steen, toch wel een ongewenste situatie is. Ik wil heel graag nadrukkelijk de vraag van Burger op 1 neerleggen en daar gaat de andere wethouder over. Vergroen dat ook, want dat kan gewoon. En dan wil ik het hier even bij laten. Dank u. De voorzitter: We gaan mijnheer Ouwens. Mijnheer Rijsdijk, u mag echt gerust alle vragen aan mijnheer Mijnders stellen die u wilt. De heer Rijsdijk: Nou voorzitter, die gelegenheid zal ik niet onbenut laten. Maar ik begin in ieder geval met twee opmerkingen en dan een vraag aan de heer Mijnders.

In het planMER worden woningaantallen genoemd, ik heb dat in de eerste termijn gezegd: variërend van 0 tot 1500 woningen. Er wordt gezegd, dat staat ook op papier, dat het allemaal niet realistisch is. Als mevrouw Van Nes 1150 woningen noemt, zie ik de wethouder met het hoofd schudden. Tegelijkertijd zijn omwonenden wel bezorgd en ik vraag me dan af: er ligt nu een visie voor ter besluitvorming, maar wat is dan het beeld van het aantal woningen dat wel realistisch is? Kan daar een indicatie van gegeven worden of is daar helemaal op dit moment geen beeld van? Kan het dus alle kanten op? Kunnen het er nul worden, maar toch ook weer die 1500? Daar zou ik toch wel graag een antwoord op willen hebben. Ik ben blij met de toezegging die de wethouder deed aan de heer Mijnders, waarin hij aangaf te willen onderzoeken of de twee distributiecentra aan de rivieroevers die nog eventueel mogelijk zouden zijn op grond van het bestemmingsplan, kunnen worden tegengehouden. Maar ik ben wel benieuwd op welke termijn dat dan inzichtelijk gemaakt wordt, want als we als raad uitspreken dat onwenselijk te vinden, lijkt het me ook wel van belang dat we op dat punt doorpakken. En voorzitter, dan tot slot mijn vraag aan de heer Mijnders en misschien heeft hij er ook wel een aan mij, want ik zag hem net even met de hand in de lucht.

Hij sprak over 1200 woningen die dan door Ridderkerk verspreidt zouden kunnen worden, misschien ook op het Schiepoterrein. En wilde wegblijven van de suggestie van mevrouw Van Nes dat er 1100 woningen aan de rivieroevers gebouwd zouden moeten worden. Maar waar voorziet hij die 1200 woningen dan wel? En wat voor aantal woningen vindt hij realistisch aan de rivieroevers? En komen die 1200 woningen waar hij dan over sprak, bovenop de 950 woningen zo ongeveer uit de Woonvisie, voorzitter? Daar zou ik toch wel graag een antwoord en een beeld bij willen hebben. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Die 1200 waar ik het over heb is, in de Woonvisie staat 900 of tot en met (niet hoorbaar) tot volgens mij de 130 procent, staat er volgens mij. Dus we hebben bewegingsvrijheid in de zin van: we hebben er 900, moeten we, maar we kunnen eventueel naar 1200. Dat is de 1200 waar ik het over heb, niet dat er 1200 extra bij de rivieroevers moeten komen. En die 900, die tussen die 1200, die zijn al her en der mogelijkerwijs verspreidt over verschillende plannen. Bijvoorbeeld de P.C. Hooftvisie komt er nog aan, we hebben natuurlijk in het centrum waar heel veel partijen ook de wens hebben om daar bijvoorbeeld starterswoningen te creëren.

Maar waar ik op doelde is dat ondanks die woningdruk groot is, dat we daarom wel moeten kijken in het rivierengebied van: waar kunnen we eventueel wat woningen kwijt? Alleen als je nu bijvoorbeeld naar de Schans kijkt, waar er ontzettend veel woningen zitten, lijkt het CDA niet wenselijk en realistisch om daar bij wijze van spreken nog 200 woningen aan toe te voegen en misschien is 100 ook niet realistisch. Alleen CDA wil eerst de mobiliteitsstrategie en Pagina 23 van 42

in gesprek met omwonenden gaan kijken: wat is realistisch? Op welke manier is het handhaafbaar, ook voor de leefbaarheid? En ja, ik kan exact dezelfde vraag stellen aan u: hoeveel woningen ziet u voor u langs het rivierengebied? Maar laten we vooral eerst met die mobiliteitsstrategie en met de omwonenden daar in gesprek gaan. De voorzitter: Mijnheer Ros. De heer Ros: Ja, ik zal de vraag stellen aan zowel mijnheer Rijsdijk, omdat het zijn termijn is, als mijnheer Mijnders. Wanneer we … Bent u met me eens als we wat minder bedrijven langs de rivieroever gaan maken, dat we gewoon veel meer ruimte hebben voor woningbouw en recreatie en groen? Dan hebben we toch het probleem opgelost? De voorzitter: Of dat mijnheer Mijnders een antwoord wil geven. De heer Mijnders: Ik doe dat niet namens de Partij van de Arbeid, wij zijn niet gefuseerd. Nee, dat is niet mogelijk, de heer Piena van de VVD. Hoe zeg je dat? We hebben … Wat de heer Ros ook zegt dat eigenlijk de bedrijven plaats moeten maken voor bijvoorbeeld natuur of groen, er zitten gewoon goed lopende bedrijven ook langs de rivier die we niet natuurlijk nu als gemeenteraad allemaal weg moeten bonjouren. Er zit een gedeelte die niet water gerelateerd is, daar kan je door middel van de visie misschien in gesprek gaan, daarop acteren wanneer die weggaan.

Alleen de wens om goedlopende bedrijven nu te zeggen van: ‘Ga maar weg en maak maar plaats voor natuur en woningen’, dat lijkt het CDA in ieder geval niet de goede stap. De voorzitter: We gaan zo zoetjesaan naar de wethouder, als die daar klaar voor is. De heer Oosterwijk: Ja hoor, voorzitter. De wethouder is er niet alleen klaar voor … De voorzitter: We hebben ongeveer nog een minuutje of tien, dus enige haast is wel geboden. Gaat uw gang. De heer Oosterwijk: Een beetje haast, ja. De wethouder is er niet alleen klaar voor, maar heeft er ook zin in. Laat ik met als eerste even beginnen met het thema woningen. Mevrouw Van Nes-de Man vraagt eens even te reageren op het één en ander vanuit het perspectief van de Woonvisie. Dat doe ik natuurlijk graag en ik mag toch ook echt hopen dat uw raad datgene wat u nog vrij recent besloten heeft ook goed tussen de oren heeft zitten. Ik herhaal het nog maar graag eventjes. U heeft besloten om minimaal, minimaal, minimaal 900 woningen in Ridderkerk te willen gaan bouwen in de komende jaren. Dus dat is geen maximum, maar dat is een minimum. En we hebben met elkaar daarbij geformuleerd dat er een kwalitatief afwegingskader is, waarbij het surplus aan woningen gemeten wordt. Dat is het kader waar we het met elkaar over hebben.

Er is ook niet gesproken van een maximum aantal woningen, een kwaliteitskader waar u zelf ook bij bent om daar aan te reflecteren. Ik ga me echt niet wagen, want dat zou totaal ook indruisen ten opzichte van alles wat opgeschreven is aan een schatting van: wat zullen we dan met elkaar aan de rivieroevers maar eens even afspreken in deze fase? Nee, dat is niet aan de orde. Ik herhaal het nog maar eens even en iedereen die erover schrijft en denkt, mag dat wat mij betreft enorm goed noteren: deze Gebiedsvisie zegt niets over het aantal woningen wat op een specifieke plek zal gaan komen. Er staat sterker nog, in die stukken ook, dat de Gebiedsvisie en alles wat er staat geen enkele vorm van toezegging is om voor ontwikkelaars ergens ook maar een vinger bij te kunnen leggen van: dit is wel mogelijk. Dat gaat uiteindelijk worden vastgesteld aan de hand van kwalitatieve criteria. En die zullen landen uiteindelijk naar (niet hoorbaar) in een omgevingsplan waar u zelf helemaal bij bent en sterker ook, van bent. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man.

Pagina 24 van 42

Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u voorzitter. Dan moet ik toch nog weer eventjes terug. Die 900 woningen van de Woonvisie, daarvan heeft u ook gezegd in mijn beleving dat het overgrote deel al gepland is, waar onder andere het P.C. Hooft onderdeel van is. Dus dat gaat toch af van het aantal woningen wat je zou moeten bouwen zoals nu genoemd wordt? De heer Oosterwijk: Voorzitter, die rekensom, dat lijkt wel logisch, maar volgens mij hebben we er met elkaar ook bij vastgesteld dat er bij harde plannen zijn en zachte plannen bij zijn. En dat ook mevrouw Van Nes-de Man als ze de krant leest en dat doet zij voorzitter, ook weet dat er allerlei ingewikkeldheden op de lijn kunnen komen waardoor een plan of wordt uitgesteld of wordt misschien wel afbesteld. 1200 woningen versus 900 woningen, laat ik dat ook nog even aangeven, heeft vooral te maken met het feit dat juist vanuit die plannenmakerij die er zijn, gewoon gemiddeld zo'n 30 procent in de praktijk überhaupt al niet gerealiseerd wordt. En dat verklaart het verschil dan tussen 1200 en 900 grofweg.

Wat ik maar wil aangeven is dat we met elkaar het gesprek nog gevoeglijk te voeren hebben in de komende jaren, over van wat nou precies op de specifieke plek kunnen die aangewezen zijn in de Gebiedsvisie die getransformeerd kunnen worden, te realiseren? Mooier dan dat en ingewikkelder dan dat hoef ik het ook niet te maken, want zo is het ook echt. De vraag van het GroenLinks ten aanzien van groen: ‘Waarom is groen niet als een maximum scenario gehanteerd?’ Ik denk dat dat ook te maken heeft met realisme en haalbaarheid. Op het moment dat je vaststelt dat grofweg zo ongeveer alles bijna in handen is van private partijen, kun je met elkaar natuurlijk een ultieme wens hebben om alles groen te maken. Maar die partijen hebben daar natuurlijk of een goedlopend bedrijf of een positie naar de toekomst toe. En die zullen dus ongetwijfeld wensen te verzilveren en dat begrijp ik ook nog eens een keer een beetje. Daarbij komt dat we natuurlijk wel hebben geformuleerd en daarom staat er ook agendapunt of beslispunt 5 in uw besluitenlijstje, dat het college moet komen met een programmatische aanpak. En die programmatische aanpak is nou juist ook de meerwaarde van die visie, want dat betekent dat we niet van postzegel tot postzegel gaan beoordelen of een plan wel of niet passend is, maar dat we vanuit de helikopter bezien.

Bezien van: wat voor kwaliteit willen we nu aan die Gebiedsvisie … Of dat gebied meegeven waarvoor die visie is opgesteld. Dat gezegd hebbend, ik heb genoteerd dat de CDA een aantal aandachtspunten heeft meegegeven waarin ze in ieder geval zullen toetsen naar de toekomst toe, als de planuitwerking wat meer concreet gaat worden. Dat hoef ik ook hier niet te herhalen. Het CDA heeft aangegeven dat ze meer wil zien ten aanzien van de gebieden de Gorzen en de Crezéepolder. Het college heeft ook wel aangegeven dat ze de noties, die daarover door bewoners zijn aangedragen, zeker zullen meewegen op het moment dat ook er vraagstukken komen voor te liggen rondom de Crezéepolder en de Gorzen. Of dat dan per se gelijk moet leiden tot het honoreren van de vraag die gesteld is om het depot in de Gorzen te gaan verplaatsen, dat is voor mij wel even drie bruggen verderop. En daar zou ik de CDA-fractie dan maar ook willen uitnodigen om daar concreet ook zelf werk van te willen maken. Het is tenslotte ook bijna een bepaalde tijd binnenkort. De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Wat we als CDA hebben aangegeven is dat het een van de opmerkingen is van de bewoners zelf. En wij als CDA zeggen niet dat het depot weg moet, alleen het had mooi geweest als dat ook in die visie was meegenomen. Alleen u geeft ook aan: ‘We gaan er nu mee aan de slag’.

Dus we zeggen niet dat hij moet blij… We zeggen niet dat die weg moet, maar het is goed om daar goed, rustig naar te kijken welke mogelijkheden er zijn rondom dat depot. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, dat heb ik dan genoteerd. Maar ik herhaal toch ook wel wat ik zeg, in ieder geval zodanig dat het feit dat het niet op die manier is meegenomen in deze Gebiedsvisie, impliceert dat dit college in ieder geval niet de ambitie heeft om dit depot op die specifieke plek ook te gaan verplaatsen. De opmerking van de PvdA voorzitter, over de termijn van de toezegging die ik aan de CDAfractie heb gedaan en daarmee ook richting uw raad, over: wanneer kom je dan met een doorkijkje op het instrumentarium wat wellicht gebruikt zou kunnen worden? Dat lijkt mij zeker in de eerste termijn … Pagina 25 van 42

Eerste kwartaal van volgend jaar aan de orde. Prima om dat zo met elkaar af te spreken. Maar of dat dan opgehangen moet worden aan het uitgangspunt: wat wij onwenselijk vinden betekent dus doorpakken. Ik wens uw raad toch eigenlijk veel meer een doordenking toe op de kansen en de risico's die er ook aan verbonden zijn, om die te wegen. Dat is ook vooral waarom ik heb gezegd dat ik daar graag ook wat meer zaken voor inzichtelijk maak richting uw raad, zodat u daar ook uw eigen weging en uw eigen idee bij kunt vormen. Voorzitter, ik geef het eventjes aan u terug, want volgens mij heb ik het zo ongeveer wel gehad. Maar u heeft dat ongetwijfeld bijgehouden. De voorzitter: Praktiseer er niet over, dat kunnen de mensen zelf wel. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Ik had gevraagd of de wethouder nog iets kan vertellen over hoe het nu zit met de opgave die we hebben aan de watergebonden bedrijvigheid in Ridderkerk? De voorzitter: Nog meer? Ik kijk nog één keer rond, dan gaan we voor het laatst naar de wethouder. Dat was het, wethouder. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, dat is inderdaad de vraag die gesteld is. Laat ik het maar zo formuleren: Ridderkerk heeft niet zozeer een opgave aan watergebonden bedrijvigheid, dat is vooral iets wat vanuit het regionale perspectief bezien wordt.

Provincie, heel breed en daarbinnen ook de Metropoolregio en dat geldt natuurlijk ook voor andere aanpalende gebieden, zoals bijvoorbeeld de Drechtsteden. In het compensatieplan dat is opgesteld, hebben we aangegeven dat het gebied van de Schiepo waar al een wijzigingsbevoegdheid is om uiteindelijk te komen tot woningbouw, dat we dat de facto, als het gaat om een rekensom, niet meer zien als een watergebonden bedrijfsgebied. En daar bij waarneming is de provincie daar ook al op voorhand mee eens. En daar waar nog een aantal plekjes met zoveel woorden wegvallen vanuit het label watergebonden bedrijvigheid, zullen we dat ook moeten compenseren. Dat zijn overigens maar hele kleine plekjes, want bijvoorbeeld de haven bij de Schans, die gaan we niet onttrekken aan de watergebonden bedrijvigheidsmethodiek. Want het water blijft het water en er kan nog steeds een schip afgemeerd liggen om bijvoorbeeld activiteiten te laten plaatsvinden. Dus dat is iets wat vooral in het regionale perspectief bezien wordt en waar we dus ook aan de kant van onderbouwing via het compensatieplan, richting aangeven. De voorzitter: Dank u wel. Komen wij tot besluitvorming: eerst het voorstel, de visie, het planMER en dan de motie. Zijn er stemverklaringen? Mijnheer Ros. De heer Ros: Dank u wel voorzitter. GroenLinks heeft heel erg getwijfeld.

Uiteindelijk zien wij teveel onzekerheden: er wordt meer bedrijvigheid en minder groen mogelijk langs rivieroevers. Daarom zal GroenLinks niet instemmen met deze visie. De voorzitter: Mijnheer Los. De heer Los: Voorzitter, ook wij hebben getwijfeld. We gaan ervan uit dat de wethouder als zijn charmes in het werk stelt om toch Panattoni te verleiden. En daarom gaan we het voorstel dan toch maar wel steunen. De voorzitter: Nog meer stemverklaringen? Mag ik de handen zien van de fracties die voor het voorstel zijn? Dan meet ik ze op. Voor het voorstel: CDA, Echt voor Ridderkerk, vier. ChristenUnie, SGP, Partij 18PLUS. En de uitslag is … Wat zeg je? 18-10. Voorstel is vastgesteld. De motie, stemverklaringen? Geen stemverklaringen. Mag ik de handen zien voor? Stroomschemaatje erbij. Voor de motie: GroenLinks, CDA, Echt voor Ridderkerk, 4 keer. ChristenUnie, D66, Burger op 1, Partij 18PLUS en de Partij van de Arbeid. Wat zeg je? Hij is aangenomen, het motie is aangenomen. Op verzoek schorsen wij nu even de vergadering, tien minuten. Ik verzoek de leden hun zetels weer in te nemen. Time flies. Pagina 26 van 42

6.

Vaststelling belastingverordeningen en -tarieven 2022 De voorzitter: Aan de orde is agendapunt 6: vaststelling van de belastingverordeningen en -tarieven 2022. We hebben afgesproken dat dit ter debat voorligt met een eerste termijn van maximaal drie minuten en wij denken daar een uur aan te besteden. Op uw desk heeft u aangetroffen: een drietal amendementen. Amendement van de Burger op 1, van de ChristenUnie en van de Partij van de Arbeid. Wie van u nog meer wil het woord voeren? Ik kijk eerst eens even naar rechts. Mevrouw Kayadoe. Mijnheer Van der Duijn Schouten. Mijnheer Westbroek. Mevrouw Fräser. Mijnheer Los. Mijnheer Kloos. Dat meen je niet. Ik weet niet wat dat is Dick. Mijnheer Breeman. Het is niet te geloven, dit is iets mis in mijn hersenen. Mijnheer Piena. Heb ik zo iedereen? Beginnen we bij mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1. Gaat uw gang, drie minuten. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u voorzitter. Wat ons treft bij het beleidsplan Afval en Grondstoffen bij de tarieven … Treft ons aangenaam en dan zeg ik het netjes. Het beleidsplan Afval en Grondstoffen voor 2019-2023 is vastgesteld variant 2 en is er voorgesteld om het plan volgens deze voorkeursvariant uit te voeren. Die voorkeursvariant 2 mag een huishouden in de laagbouw voor dit bedrag de grijze gechipte container voor restafval, 26 keer per jaar aanbieden. Even kijken hoor.

Ik had iets geel gemaakt, dat is niet gelukt. Dit is … Ik lees het helemaal: dit is zeer ruim … Dit is uit dat raadsvoorstel: ‘Dit is zeer ruim, omdat er rekening gehouden is dat PMD gemiddeld over de 50 procent van de totale afval in de grijze container voor restafval mag zijn, niet in gewicht, maar in volume. De container wordt niet gewogen, het gaat daarbij om het aantal keren dat de container aan de straat opgehaald wordt. Voor de hoogbouw mag men 104 maal voor dit tarief de afvalzak met inhoud van 60 liter ook nog in onze container gooien’. Wat schetst onze verbazing: wij krijgen nu … Wij kregen in juli een raadsinformatiebrief, die heb ik gemist, anders had ik daar een gespreksnotitie voor gemaakt, het is ook zomervakantieperiode. Waarin blijkt dat die afvalstoffenheffing is aangepast. Daarom wordt gezegd van: ‘We gaan naar een basistarief’. En dat is niet meer inclusief 26 maal container aanbieden of veel meer aantal keren de zakken aanbieden. Ben het even kwijt, maar we weten wel wat ik bedoel, want het staat ook allemaal in het amendement. Dat is nogmaals herhaald in een andere raadsinformatiebrief en vervolgens ligt er een voorstel voor wat dus afwijkt van het voorstel waar de raad mee ingestemd heeft in 2019. En dat is waar we heel veel moeite mee hebben.

We hebben dat uitgebreid overlegd met de griffie: hoe gaan we hiermee om? En dat heeft geresulteerd in het amendement Afvalstoffenheffing wat nu voorligt, wat denk ik eigenlijk voor zich spreekt en daar wil ik het dan even bij laten. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Mag ik één vraag stellen aan mevrouw Van Nes-de Man? Wat is nou de basis om dit amendement in te dienen? Is dat het feit dat er volgens u in het voorstel wat we in 2019 hebben vastgesteld, dat daar iets anders in stond dan dat nu de uitwerking is? Of zegt u: ik vind het voor onze inwoners beter als we het op een andere manier organiseren dan dat nu door het college voor wordt gesteld? Mevrouw Van Nes-de Man: Dat is die laatste. Wij vinden het voor onze inwoners veel beter, we vinden het duidelijker. We hebben ook de indruk als je het voorstelt, een bedrag inclusief twee keer een vuilniszak aanbieden in de klepbewegingen. Of één keer in de twee weken de minicontainer aanbieden, dat mensen erop gaan letten: ‘O laat ik het bij twee keer houden, laat ik het bij één keer in de twee weken houden’. Dat er als het ware geteld wordt, volgens mij werkt dat mee aan een stuk bewustwording. En meer als dat je nu zegt: ‘We rekenen toch niks, laat het gaan’. En kom na een jaar een keer met een afrekening waarbij men zich al dan niet wezenloos schrikt.

Het is puur het feit dat wij ingestemd hebben in 2019 met het voorstel wat toen voorlag en dat we daarachter staan en dat we dat graag weer terug zouden willen zien.

Pagina 27 van 42

De voorzitter: Mijnheer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, dank u wel. O ja, dat was mijn eigen termijn ook, dank u wel voorzitter. Omwille van de tijd zal ik niet alle verordeningen langslopen, maar zal ik me beperken tot die van de rioolheffing. En zoals u al aangaf heeft mijn fractie een amendement ingediend over deze verordening. En de reden daarvan is de nieuwe berekening van de tarieven. Het zal de meesten niet ontgaan zijn dat we als fractie tijdens eerdere raad -en commissievergaderingen twijfels hadden ten aanzien van dit idee. Het principe dat de gebruikers die meer water op het riool afvoeren, navenant een grotere bijdrage moeten leveren aan de onderhoudskosten van riool, daar staan we zeker achter. Maar hoe vinden we een eerlijke maatstaf? Is dat de WOZ-waarde waar nu ook voor wordt gekozen? Wellicht. Of misschien, in ieder geval door de bank genomen, eerlijker dan de huidige methodiek. Maar waarom dan nu toch een amendement indienen? Een amendement dat erop toeziet om de nieuwe systematiek terug te draaien naar de huidige werkwijze. Voorzitter, dat heeft alles met het proces te maken. Het ontbreekt daar, naar onze mening, aan een stukje zorgvuldigheid richting ondernemers en organisaties. En uiteraard vooral naar hen die meer en soms echt heel veel meer zouden moeten gaan bijdragen.

Wanneer we vanavond de voorgestelde verordening rioolheffing zouden aannemen, zijn er Ridderkerk bedrijven, maar ook scholen die honderden of zelfs duizenden euro's per jaar meer zullen moeten gaan betalen. En over twee maanden, dan ligt die factuur al bij hen op de mat. Wij vinden dat niet getuigen van een zorgvuldig gevoerd proces en daarom dit op het oog een wellicht wat ingewikkeld amendement. De uitleg daarvan is echter simpel: voor 2022 draaien we met dit amendement de voorgestelde vernieuwde berekening terug. En houden we het komende jaar dezelfde methodiek aan als de afgelopen jaren, het enige wat erin zit is een indexering van de bedragen van vorig jaar. En graag gaat de ChristenUnie in een nieuwe raadsperiode wel opnieuw het gesprek aan met raad en college over dit onderwerp. Kunnen we een nog eerlijker systematiek vinden of is een tarief op basis van de WOZ-waarde het toch het allerbeste? Dan zouden we alsnog dan voor kunnen stemmen met een dergelijk voorstel. Mits er dan ook een reële overgangs- of gewenningsperiode aan wordt gekoppeld voor die organisaties en bedrijven die fors meer gaan betalen en dat is wel zo zorgvuldig. Ik zal in mijn tweede termijn nog terugkomen op de amendementen van anderen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Ripmeester, Partij van de Arbeid. Mevrouw Ripmeester: Geweldig, maar ik geef het woord door aan mijn collega Jilles Soffree.

De heer Soffree: Is onverschillig hoor. Dank u wel voorzitter. Even kijken hoor. De Partij van de Arbeid kan zich in meerdere voorstellen vinden. We hebben nog de volgende aandachtspunten: verordening afvalstoffenheffing, we hebben ons al eerder over de afvalstoffenheffing uitgelaten. Er zijn raadsbesluiten genomen die in dit voorstel niet worden gevolgd. Wij kunnen ons vinden in het amendement van Burger op 1 hieromtrent en de toelichting die zij daarbij heeft aangeleverd. Hoofdzaak is dat in het voorstel van het college de burger die spaarzaam met het afval omgaat, als ze nog een naheffing krijgt en dat voelt als een boete. Terwijl de raad juist heeft besloten om de spaarzame burger te belonen. Dat werkt volgens ons beter, door de voorgestelde werkwijze van naheffing kunnen de lokale lasten lager worden voorgesteld dan dat ze zijn. Immers, de lasten worden doorgeschoven naar 2023. Verordening rioolheffing: de Partij van de Arbeid is niet blij met de gevolgen van het voorstel van het college. Uit de cijfers die aangeleverd zijn op vragen van de ChristenUnie geven aan dat de gevolgen voor een belangrijk deel van ondernemers en maatschappelijke instellingen nogal nadelig uitpakken en wel op zeer korte termijn. Al vanaf een OZBwaarde van 155.000 euro moet er meer worden betaald.

We zijn niet tegen lastenverlichting voor inwoners en lastenverzwaring voor vervuilende bedrijven, maar het nieuwe voorstel lijkt nu te weinig doordacht doorgevoerd. Mocht het raadsvoorstel wel worden aangenomen, dan zal er voor kleine ondernemers, scholen en maatschappelijke organisaties veel reparatiewerk moeten worden gedaan. Wij steunen daarom het amendement van de ChristenUnie om af te zien van het collegevoorstel, met uitzondering van het handhaven van de gedeeltelijke vrijstelling. Wij willen namelijk volledige Pagina 28 van 42

kwijtschelding voor de minima die door toenemende energiekosten en toenemende inflatie hun besteedbaar inkomen nog kleiner zien worden. Daartoe dienen wij een amendement in. Dat brengt ons bij de verordening in kwijtschelding: de Partij van de Arbeid vraagt in deze tijd extra aandacht voor de minima. Hoe helpen we Jan Splinter door de winter? De minima hebben het zwaar in deze tijden van uit de pan rijzende prijzen en stijgende kosten. Het Nibud en de Landelijke Cliëntenraad wijzen ook al op flink minder bestedingsruimte voor de minima. De kans op toename van het aantal betalingsachterstanden en schulden ligt op de loer, met alle ellende van dien. Daarom heeft de Partij van de Arbeid een amendement ingediend voor kwijtschelding van het tweede deel van de rioolheffing, om te beginnen voor een jaar. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Mijn vergissing lag in het feit dat mevrouw Ripmeester het amendement had ondertekend, maar dat begreep u wel. Voor de rest maak het mij natuurlijk heel veel uit wie namens u het woord voert, dat snapt u ook. We gaan naar mevrouw Kayadoe, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel voorzitter. De belastingverordeningen moeten nu wel vastgesteld worden, elk jaar in december is het aan de orde. De rekeningen met betrekking tot deze gemeentelijke belastingen, zullen in februari 2022 bij eenieder op de mat vallen.

Zeker voor de afvalstoffenheffing zullen velen denken: Nou, nou, dat valt mee dit jaar. Verrassing: op de aanslag staat alleen het vastrecht en niet de variabele kosten, de afrekening van de aangeboden minicontainers of zakken restafval voor de ondergrondse containers, volgt in 2022. Tenminste als deze verordening wordt aangenomen. En volgens mij … Volgens leefbaar Ridderkerk is dit niet in de lijn van het raadsbesluit van 21 maart 2019, waarin is opgenomen, ik citeer: ‘Als men minder aanbiedt, zal dat huishouden restitutie krijgen van drie euro per keer dat de container minder dan 26 keer is aangeboden. En voor de hoogbouw is dat 75 cent per afvalzak. Als men meer aanbiedt, bijvoorbeeld indien men twee containers heeft bij laagbouw of bij hoogbouw meer dan 104 maal afvalzakken weggooit, dan betaalt men respectievelijk extra per aanbieding van de container of 75 cent per afvalzak’. Einde citaat. Het woord ‘restitutie;’ in de eerste zin is voor Leefbaar Ridderkerk duidelijk. Na een jaar de variabele kosten van daadwerkelijk gebruik in rekening brengen, doet geen recht aan dit woord. En wij zullen dan ook het amendement van Burger op 1 mede-indienen. Verder ligt er een amendement voor van de ChristenUnie, welke wij van harte mede-indienen.

Juist in deze tijd, waarin onder andere ondernemers het lastig hebben, is de voorgestelde heffingsmethodiek voor Leefbaar Ridderkerk onverteerbaar en vooralsnog onuitlegbaar. Wij dienen er voor inwoners, scholen, kerken en ondernemers te zijn en de huidige voorliggende verordening doet daar op dit moment geen recht aan. Je zou kunnen zeggen: onze inwoners zullen blij zijn met een tientje minder rioolheffing. Echter; vele scholen, kerken en ondernemers gaan een forse rekening krijgen als deze rioolverordening, zoals deze voorligt, aangenomen gaat worden. En vandaar ook dat wij het van harte mede-indienen. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Duijn Schouten, SGP. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, de belastingverordeningen en tarieven voor volgend jaar: een terugkerend agendapunt en over het algemeen niet zo heel spannend. Dit jaar echter wel met een opmerkelijk punt, namelijk een vrij drastische herziening van hoe de hoogte van de rioolheffing wordt bepaald. In het kader van ‘de vervuiler betaalt’, een verlegging van heffing van inwoners naar bedrijven. Althans, dat was de bedoeling. En ‘de vervuiler betaalt’ is natuurlijk een uitgangspunt waar weinigen iets op tegen zullen hebben. Ook de afvalstoffenheffing maakt weer het nodige los, maar dat laat ik voor nu even rusten.

Middels onderzoeken en een informatieavond is over de rioolheffing veel informatie gedeeld en hebben we redelijk inzicht gekregen over de mogelijkheden met betrekking tot de heffing. En zoals de heer Duits 26 oktober al zei: ‘Het ene systeem is niet beter of slechter dan het andere, er wordt gewoon een keus gemaakt voor een verdeling van lasten’. En die pakt bij de ene systematiek weer anders uit, dan bij de andere. Wat ons echter aan de voorkant niet duidelijk was, is dat de nieuwe voorgestelde varianten een forse stijging van lasten voor scholen en Pagina 29 van 42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/778/documents/31154