2021-05-20-verslag-commissie-Samen-wonen.pdf
Tekst van het document
Pagina 17 van 55
De heer Piena: Dat begrijp ik, voorzitter. Ik ga graag met u mee als we het kunnen verkorten. Helemaal goed. Ik ben het niet helemaal mee eens, want het is wel degelijk iets wat we meegeven over het proces, en daar gaat de RES 1.0 ook over uiteindelijk. En dit is het moment om ook de verbeteringsvoorstellen voor het vervolg te doen. En daar was het meer om te doen. De techniek zat er meer in of de wethouder zich in die techniek zou kunnen vinden. En ik begrijp dat hij hier geen uitspraak over doet. Het was ook een beetje een beeldvorming, maar dan heb ik gelijk de andere commissieleden in de gedachtegang van de VVD meegenomen met mijn technische verzoek of zij hierover mee willen denken, en als ze het ermee eens zijn, of in gezamenlijkheid de wethouder kunnen ondersteunen bij zijn RES-plannen. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Soffree, PvdA. De heer Soffree: Dank u wel, voorzitter. Ik heb drie vragen. Hoe hard is de stelling dat bedrijven verplicht zijn om in de RES-vorm straks om niet af te staan? Is dat al wettelijk geregeld of in hoeverre is dat hard? Dat is de eerste vraag. En de tweede vraag. Het zorgen voor voldoende draagvlak bij de bevolking is een pittige opgave. Wanneer wordt daar met betrekking tot de RES 1.0 naar de inwoners toe direct gecommuniceerd? En de derde vraag is.
Er wordt steeds aangegeven dat inwoners en ondernemers straks relatief niet meer gaan betalen voor hun energie. Maar dat er extra kosten voor hen mee gemoeid gaan is ook duidelijk. Denk aan een nieuwe kookplaat en oven, nieuwe installaties. Waarom wordt daar niet openlijk over gecommuniceerd? Dat zijn mijn drie vragen, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Japenga, kan ik u het woord geven? De heer Japenga: Ja, voorzitter. Vragen over de RES-warmte die schuif ik even door. Maar ik kan wellicht ingaan op de vraag wanneer we over de RES 1.0 communiceren. Kijk, wat we nu gaan doen over twee weken stellen we zowel de Klimaatvisie… De raad stelt de Klimaatvisie vast als de RES, en ik denk dat je dan in samenhang moet communiceren waarbij het ook voor inwoners moet verhelderd worden hoe het één zich tot het ander verhoudt. En laten we wel wezen, naarmate het dichter bij de inwoners komt, bij de eigen straat of de eigen voordeur, als je dat kan informeren dan is dat ook voor onze inwoners het meest prettig. Het is ook prettig om te weten waar het grotere geheel ligt. Dus ik denk zodra deze voorstellen zijn vastgesteld dat we daar ook volop over gaan communiceren. Uw vraag over de betaalbaarheid, over kosten. Nou, de transitie gaat jaren duren. En het is natuurlijk zo je moet praktisch kijken naar dingen.
En als je… U noemt het voorbeeld van de kookplaat, de inductiekookplaat. Kijk, als je van plan bent je keuken te vernieuwen dan is dat ook het moment om een kookplaat erin aan te brengen, dus doe het op natuurlijke momenten. Sluit aan bij de natuurlijke momenten waarop je toch al van plan was zaken te veranderen. En dat zal niet altijd voorkomen, maar kijk daarnaar. En het is ook zo dat het… Kijk, rond de kosten en betaalbaarheid daar gaan we ook niet de mooie verhalen over ophangen: het is allemaal al geregeld of het is allemaal in orde. De Warmtevisie hebben we daar ook iets over gezegd. Dan gaan we in elke wijkplan ook dat aspect heel nadrukkelijk onderzoeken en benoemen: wat betekenen al die kosten? Hoe ziet het dan voor de inwoners eruit? En dan is voor ons steeds één van de eerste zaken die op die agenda staan is betaalbaarheid. Dus weet dat dat steeds terugkeert zowel een de RES is betaalbaarheid op nummer één, maar ook in onze Warmtevisie, maar ook in de wijkplannen wordt dat een zeer belangrijk aspect. En weet dat we dus, naarmate we dichter in die wijk komen, daar ook volop over communiceren. En we hebben niks te verbergen, zeg ik altijd maar, maar we weten ook een aantal dingen nog niet. Maar dat is ook het spanningsveld waar je met elkaar in zit. We willen zo goed mogelijk communiceren (niet hoorbaar) is één van de moeilijkste dingen die we kennen, dat weet ik.
Daar gaat ook al heel snel weleens wat mee mis, maar het is gewoon goede informatie geven. Voorzitter, de andere vraag die schuif ik graag even door.
Pagina 18 van 55
De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat de heer Soffree wil reageren, maar ik wil graag eerst even mevrouw Rombouts het woord geven. Mevrouw Rombouts: Ja, dank u wel, voorzitter. Dan de vragen hoe hard het is voor bedrijven om hun RESwarmte om niet beschikbaar te stellen voor een Regionale warmte-infrastructuur. Nou, zoals ook in de RES 1.0 staat, het havenbedrijf bijvoorbeeld, Rotterdam, zit aan tafel bij de RES1.0, maar qua aard en omvang wat er precies in welke temperatuur eruit komt bij het Havenindustrieel complex is nog onzeker, en daarmee dus ook wel de afspraken die er nog moeten komen over tegen welke prijs die dan vrijkomen. Bij de RES 1.0 zijn natuurlijk eerst wel inventarisaties gemaakt hoe zo’n regionale infrastructuur eruit zou kunnen zien. Daar zit een kleine businesscase berekening ook al onder, maar het gaat meer over scenario’s. Dus hoe zou zo’n regionale infrastructuur - of structuur moet ik eigenlijk zeggen – eruitzien? Waar gaat het lopen, en langs welke gemeente komt deze? En ja, hoe meer we daar verder inkomen - maar dat vraagt echt nog wel langere tijd richting RES 2.0 - hoe meer duidelijkheid is qua omvang, qua aard, maar natuurlijk ook qua businesscase. En in de RES 1.0 spreken we af met het Havenindustrieel complex dat we dat in de RES 2.0 gaan concretiseren. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Rombouts.
De heer Soffree, u wilde hier nog kort op reageren? De heer Soffree: Ja, dank u wel, voorzitter. Even kijken, hoor. Ik heb als voorbeeld genomen kookplaat en oven, die koop je niet voor drie of vier jaar, maar die koop je voor langere tijd. Dus lijkt het mij handig dat inwoners van Bolnes nu al weten: heb je een nieuwe kookplaat nodig koop dan een inductiekookplaat. En dat bedoel ik met het communiceren met de bevolking. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? Nee? Er staat al inzet ter debat. Er zijn in ieder geval 1, wellicht 2 moties aangekondigd. Hoeveel tijd denkt men nodig te hebben voor de eerste termijn? De heer Piena, VVD, u heeft de motie aangekondigd, du hoeveel tijd denkt u nodig te hebben? De heer Piena: Nou, als de hele raad gelijk ja zegt, 2 minuten, voorzitter. Wat zeg ik? 2 seconden. Maar dat verwacht ik niet, dus een kleine toelichting 1 tot 2 minuten. De voorzitter: Prima. Dank u wel. De heer Rottier, SGP? De heer Rottier: 2 to 3 minuten, voorzitter. De voorzitter: De heer Soffree, PvdA? De heer Soffree: 3 minuten lijkt me voldoende. De voorzitter: Zijn er verder nog andere fracties die meer dan 3 minuten nodig denken te hebben? Dan komen wij bijna alweer op een uur uit. Dat zou voor de totale debattijd… Wederom een uur.
Is de commissie het daarmee eens? Ik zie de heer Piena enigszins… De heer Piena: Ja, voorzitter. Getal cijfermatig ben ik het helemaal met u eens, maar ik zie het allemaal een beetje uit de hand gaan lopen als dit al de tweede keer een uur wordt, en ook nog het aantal onderwerpen wat we te behandelen hebben. En ik hoor maar twee partijen zeggen 3 minuten, en we hebben 11 partijen. Misschien kunnen wij het na 45 minuten proberen. Zo dwingen we ons ook zelf om wat efficiënter te praten. Niet zoals u ziet nu heel uitgebreid, maar heel kort en krachtig. Dus mijn voorstel, als de rest van de commissie zich erin kan vinden, probeer het op 45 minuten.
Pagina 19 van 55
De voorzitter: De heer Rottier, SGP. De heer Rottier: Voorzitter, daar kan ik mij in vinden, want ik denk dat we toch een zekere overlap met het voorgaande agendapunt. Dus dat je die tijd ook in totaal kan bezien, en dan denk ik dat 60 plus 45 voldoende is. De voorzitter: Lijkt mij op zich ook, maar de commissie gaat erover, niet de voorzitter. Maar ik ben blij dat u daar zo’n positieve feedback op geeft. De heer Breeman, CDA. De heer Breeman: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik denk dat het al zover uitgediept is met zoveel ervaring en zoveel meetings dat we het met 2 minuten kunnen afronden. Dus 45 minuten lijkt mij een goed beeld, ja. De voorzitter: Prima. De heer Alkema, ChristenUnie. De heer Alkema: Dank u wel, voorzitter. 5 minuten prima. Wellicht dat de ChristenUnie ook 1 minuutje nodig heeft. De voorzitter: Nou, dan zetten we het op drie kwartier, maar beperk uzelf. Wellicht kan het zelfs dan nóg wat korter worden. Dan, mijnheer Slingerland, als u wilt noteren drie kwartier dan houden wij het voorlopig hierbij. 7.
Krediet ten behoeve van aankoop cumulatief preferente aandelen Stedin De voorzitter: Dan ga ik graag over nu gelijk naar het volgende agendapunt. Agendapunt 7, krediet ten behoeve van aankoop cumulatief preventie de aandelen Stedin. Staat ter debat, dus dat betekent ook weer technisch inhoudelijke vragen als de commissie het ermee eens is. Zijn er partijen die vinden dat het ter vaststelling kan? Of is een ieder het mee eens dat het ter debat gaat? Ik zie geen handjes opsteken, dus dan technisch en feitelijke vragen voor nu. Dan wil ik heel graag portefeuillehouder, de heer Oosterwijk, het woord geven. De heer Oosterwijk: Dank u wel, voorzitter, en dat doe ik vanzelfsprekend ook graag. Net als in 43 andere gemeenten ligt de vraag voor of, en zo ja op welke wijze, in te stappen op de vraag (niet hoorbaar) Stedin. En Stedin is ons Stedin. Het college stelt voor om dat te doen. Dus daar positief op in te gaan naar rato van onze aandeelhouderspositie zoals we die op dit moment ook hebben, ergo met een factor 1. En daarmee wordt de balanspositie van Stedin versterkt op grond waarvan Stedin dan weer tegen gunstige voorwaarden haar financieringen kan aantrekken. En daarmee nemen wij, en dat is dan ook het voorstel, ook verantwoordelijkheid voor ons Stedin en de grote opgave waarmee zij zich gesteld zien.
En daar hebben we net al een klein beetje iets van gehoord ten aanzien van een toekomstbestendige energie-infrastructuur. Achterliggende periode heel veel overgesproken. Dit vraagstuk heeft zich al heel wat maanden geleden aangediend, maar in die tussenliggende periode is daar ook, als het gaat om voorwaardelijkheid, het een en ander gewisseld tussen de aandeelhouderscommissie, die de vertegenwoordiger is van de aandeelhouders, versus Stedin om ook de positie van de aandeelhouders ook gewoon een stukje te verstevigen ten aanzien van de extra instap in Stedin. U heeft daar in alle stukken de weerslag van gezien, en ik ben zeer benieuwd hoe deze commissie hier tegenaan kijkt. En ik wil de commissie ook nog wel complimenteren voor het feit dat u ook de tijd en de moeite heeft willen vinden, een x aantal personen uit uw midden, om de informatiebijeenkomsten die voor raadsleden ook zijn belegd daadwerkelijk bij te wonen. En het viel daarbij op dat Ridderkerk goed vertegenwoordigd was. Dank u wel. Pagina 20 van 55
De voorzitter: Dank u wel. Dan is nu het woord aan de commissie. Zijn er commissieleden die vragen willen stellen aan de portefeuillehouder? Technisch inhoudelijke vragen. Dan ga ik nu als eerste het woord geven aan de heer Soffree, PvdA. De heer Soffree: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag. Waarom klopt Stedin aan bij de gemeentes en niet bij het rijk? Ik vind het een heel vreemd verhaal wat ik te horen heb gekregen tijdens de informatieavond. Het rijk heeft toegezegd om de netwerkbeheerders te compenseren, maar voor hoeveel en wanneer is onbekend. En het geld is nu nodig en daarom wordt er een beroep gedaan op de gemeentes. Ja, ik vind het een vreemde gang van zaken. Maar ja, wat daar precies achter speelt weet ik niet, maar ik heb zoiets we worden nu gewoon gedwongen om aandelen aan te schaffen waar we in principe helemaal geen plannen toe hadden. Kan de wethouder dat toelichten? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Oosterwijk, kunt u hierop antwoorden? De heer Oosterwijk: Ja, voorzitter. Bedankt voor de vraag, mijnheer Soffree. Een vraag die mij natuurlijk ook beziggehouden heeft in de achterliggende periode waarom onze rijksoverheid voor een aantal hele relevante vraagstukken toch een hele terughoudende houding aanneemt als het gaat over het over de bühne komen met de benodigde financiële middelen.
Dat is een breder vraagstuk of een bredere kwaal, zou je haast kunnen zeggen, want we weten natuurlijk met elkaar dat ook op het sociaal domein dat opgaat op dezelfde manier. Dat er, als het gaat om de vraagstukken rondom de Omgevingswet, zaken bij de gemeente worden neergelegd zonder daarbij adequaat financiering te bieden. En ja, op het moment dat je als – ik noem het maar even BV Nederland – al hele stevige ambities hebt en uitspreekt en overeenkomt dan zal het ook met zich mee mogen brengen dat de rijksoverheid daar ook verantwoordelijkheid voor neemt en daarvoor over de brug komt. Tegenovergestelde is op dit punt in ieder geval het geval. En tegelijkertijd is de urgentie om, vanuit Stedin gezien, de investeringen te doen ook gewoon te hoog. Daarbij gaat het niet alleen over het verzwaren van netwerken daar waar bijvoorbeeld energietransitie steeds verdergaande beweging maakt, maar het gaat er ook simpelweg om datgene dat nieuw gebouwd wordt aan de kant van woningen, soms hele grote wijken bij elkaar of bedrijventerreinen - nou, we hebben er eentje vrij dichtbij Ridderkerk liggen - om die, zeg maar, op een goede manier te kunnen bedienen. Dus de urgentie is gewoon te hoog. En financieringsbehoefte die erbij aan de orde is die ook nog eens een keertje veel groter en hoger dan het bedrag waar we het vanavond met elkaar over hebben.
Het bedrag is slechts bedoeld om de balanspositie van ons Stedin te versterken zodat zij tegen de meest gunstige voorwaarden hun financiering op de kapitaalmarkt kunnen bewerkstelligen. Wij hebben het vooral met elkaar bezien dat er een korte termijn en een middellange termijn is. En voor de korte termijn ligt deze vraag nu voor zoals het voorligt, een kapitaalbehoefte van 200 miljoen. En op het middellangetermijnperspectief is het natuurlijk, wat u terecht aanmerkt, ook wel een hele belangrijke notie om met de rijksoverheid en Stedin doet echt met haar andere netwerkbedrijven daar erg haar best voor om dat beter op die Haagse agenda te krijgen en daar ook kleurenplaat te bekennen. Al was het maar bijvoorbeeld om het reguleringskader een stuk passender te maken ten opzichte van wat het nu is. We zullen het er nu mee moeten doen. En op deze manier hebben wij als aandeelhouders uitgesproken verantwoordelijkheid te willen nemen voor die grote opgave die er ligt die natuurlijk ook in het belang van onze inwoners en onze bedrijven. Het is wat het is, en daarmee hebben wij het op dit moment doen, en we kunnen daar niet van wegkijken of weggelopen. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga graag naar de volgende. De heer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik had een aantal schriftelijke vragen ingediend en de antwoorden ook gezien, waarvoor dank.
Ik had naar aanleiding daarvan nog een vraag. Uit antwoord 3 lijk ik te Pagina 21 van 55
lezen… Ik had een vraag gesteld over: wat zit nu in de toekomstige investering van warmtenetten? Maar nu lijkt het erop, als ik het zo lees, dat Stedin ook de beoogde beheerder of leverancier, aanlegger is van de toekomstige warmtenetten ook in onze regio. En mijn vraag is: is dat zo of zijn er mogelijk straks nog andere bedrijven, instanties of zo die warmtenetten gaan aanleveren of aanleggen in onze regio en die dan misschien ook nog bij ons als gemeente aankloppen: joh, kunnen jullie ook nog een bijdrage leveren daarin? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, ik kan dan natuurlijk een heel verhaal over opbouwen, maar dan ga ik mij op het spreekwoordelijke gladde ijs begeven. Ik zal in algemene zin daarvan kunnen opmerken dat het volgens mij een uitgemaakte zaak is wie er bij ons in de regio uiteindelijk de warmtenetten gaat exploiteren als ze er komen op een bepaalde manier. Ik denk dat daar op allerlei manieren verschillende type bedrijven wellicht in zouden kunnen stappen. Maar misschien kan de heer Kolf daar nog een soort ultiem goed antwoord op formuleren? Ik stel vooral vast dat de kapitaalbehoefte die op dit moment geadresseerd is richting de aandeelhouders van 200 miljoen voor de korte termijnopgave gaat, en dat er echt nog een grotere opgave voorligt.
We hebben met elkaar kunnen lezen dat dat uiteindelijk om bedrijven zou kunnen gaan van 750 miljoen tot 1 miljard extra benodigd eigen vermogen tot 2030. En dat is natuurlijk ook afhankelijk van A, bijvoorbeeld ook kijkend naar de vraag van de heer Soffree, hoe ons rijksoverheid instapt, hoe het reguleringskader eruit komt te zien, en hoe ook uiteindelijk het tempo van de investeringen zich gaat ontwikkelen naar de komende tijd toe. En we zullen met elkaar, denk ik, dit onderwerp dus nog wel een keertje extra terug gaan zien in de komende jaren in welke vorm dan ook. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kolf, wilt u nog kort wat toevoegen? De heer Kolf: Ja, ik kan er eigenlijk niet zoveel aan toevoegen. Die warmtenetten maken onderdeel uit van het niet-gereguleerde deel, en ik heb daar geen verder beeld bij welke bedrijven daar dan bij te pas komen, dus ik kan alleen maar zeggen dat we dat dan eventueel na kunnen vragen, maar dit is wat er bekend is. De voorzitter: Prima. Dank u wel. Dan ga ik nu graag over naar de heer Ros, GroenLinks. De heer Ros: Dank u wel, voorzitter. Ik heb alles proberen te begrijpen en te lezen, en ik heb een technisch vraagje aan de wethouder als u mij toestaat. Waarin wij 2 miljoen… Zoveel. Aandelen in Stedin kopen.
Hoe kunnen we dat dan financieren? Ik begrijp dat dat vanuit de algemene middelen is, maar is dat dan dat wij bijvoorbeeld een lening daarvoor afsluiten om dat te financieren of gaat gewoon onze financiële positie 2 miljoen naar beneden of trekken wij daarvoor geld aan? Dat is eigenlijk mijn vraagje. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oosterwijk? De heer Oosterwijk: Dat is een heldere vraag, voorzitter, van de heer Ros. De heer Ros: (niet hoorbaar) komt, misschien meer komt. De heer Oosterwijk: Voorzitter, ik kon het laatste gedeelte van de vraag van de heer Ros niet verstaan. De voorzitter: De heer Ros? De heer Ros: Voorzitter, ook richting de toekomst, omdat er misschien meer financiering nodig is.
Pagina 22 van 55
De voorzitter: Oké. Helder. De heer Oosterwijk, kunt u hierop antwoorden? De heer Oosterwijk: Ja, voorzitter. Ik zal de heer Ros in algemene zin kunnen verwijzen naar het antwoord op vraag 2 van de ChristenUnie, want die gaat op dezelfde manier daarop in. In algemene zin zou je kunnen stellen dat, als het gaat om onze financiële positie, de liquiditeitspositie heb ik het dan over, even heel zwartwit geformuleerd, ons bankboekje gewoon een positief saldo op dit moment hebben zodat we op deze manier daar gewoon – je zou kunnen zeggen out of pocket – op die manier op in kunnen stappen. En op het moment dat wij dat doen dan hebben wij met twee dingen te maken in het financiële overzicht. Aan de ene kant levert het verhaal rendement op, een baat, met zoveel woorden. En daartegenover staat dan een last, omdat we met onze interne rekenrente een bedrag aan rente aan dit financiële beslag moeten toekennen. Nou, en het saldo daarvan levert nog een bescheiden plus op. Dan op enig moment zal onze bankrekening wat naar beneden gaan. Dat is ook helemaal niet zo erg, want dan kunnen wij een lening aantrekken en de lasten die daarmee samenhangen die komen uiteindelijk in onze exploitatie weer terug. Dus in die zin het is niet zo dat we nu ineens gaan interen op onze algemene reserve, want daar staat het echt los van.
De voorzitter: De heer Ros, ik zie u knikken, dus ik ga ervanuit dat uw vragen voldoende beantwoord is? Dan ga ik nu graag over naar mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u. Ik was het schermpje even kwijt. Ik heb die bijeenkomst ook bijgewoond van Eneco… Van Stedin. Daaruit bleek dat ze 44 gemeenten benaderen voor aandelen voor een groot deel in ons gebied, in het noorden van het land en ergens richting Amsterdam. Blijkt dat ze ook een heel groot gebied bijna heel Zeeland gaan bedienen. Alleen loopt dat een beetje via overnames, dus iets minder rechtstreeks. Maar in Zeeland gaan ze geen aandelen uitgeven op voorhand. Dat houden ze pas achterhand als ze tekortkomen. Kan de wethouder ook bij Stedin erop aandringen dat ze daar gewoon ook bij Zeeland aan gaan kloppen om daar aandelen uit te geven, want straks krijgt Zeeland bekabeling van Stedin waar wij eigenlijk de aandelen voor kopen, dus het kapitaal voor starten. En het lijkt mij een beetje een kromme beweging.
Ja, hoe staat de wethouder daarin? De voorzitter: U buigt het nog net op tijd… De heer Oosterwijk: Voorzitter, ik heb het grootste gedeelte… De voorzitter: Mijnheer Oosterwijk, u buigt het net op tijd om naar een vraag, dus kunt u daarop antwoorden? De heer Oosterwijk: Ja, en die vraag heb ik wel gehoord, maar het grootste gedeelte van het betoog niet, want dat had waarschijnlijk met de verbinding met mij te maken. Maar hoe dan ook, ik snap de vraag. Het is inderdaad zo dat Stedin voor een deel, of deeltje, ook actief is in gebieden waar geen aandeelhouders op dit moment gevestigd zijn. Tegelijkertijd, en dat is ook onderkend, en ook in de achterliggende maanden echt wel links en rechts over tafel gegaan dat wij er alleen voor willen kiezen in deze fase om het vraagstuk ook nog wel maximaal overzichtelijk te houden en de vraag simpelweg te stellen aan de aandeelhouders zoals ze nu op dit moment worden gekend. En dat kan ook als je kijkt naar, laat ik het zo zeggen de omvang van de vragen die is gesteld, die 200 miljoen, dan is dat ook op zich heel verklaarbaar. Er is ook al opgemerkt ook wel in de stukken, en dat is ook denk ik in de besprekingen waar u dan bij ben geweest veel aan de orde geweest dat als het gaat om de additionele behoefte op de middellange termijn wel degelijk overwogen wordt om ook nieuwe aandeelhouders aan te trekken.
Bijvoorbeeld of misschien wel juist bij voorkeur in die gebieden waar Stedin ook feitelijk actief is. Daarbij moeten we ons natuurlijk wel realiseren dat daarmee ook een ander effect zou kunnen optreden namelijk de verwatering van de huidige aandeelhouderspositie van de zittende Pagina 23 van 55
aandeelhouders. Nou, dat is echt wel iets wat je met elkaar goed moet doorleven, omdat dat ook simpelweg raakt aan toekomstig te ontvangen dividend. Hoe lager je relatieve aandeelhouderspositie is, het raakt uiteindelijk een keertje aan je dividendpositie. Dus dat zal als een apart vraagstuk in de komende tijden echt nog wel weer op tafel gaan komen en met name om dan te doorleven: oké, wat betekent die verwatering nu? En als je al die vraag aan andere partijen wilt stellen wil je dan niet tegelijkertijd ook de mogelijkheid blijven bieden aan huidige aandeelhouders om hun relatieve aandeelhouderspositie op peil te houden? Maar uw appél is helder en is ook in die zin bekend. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik nu heel graag overgaan naar de heer Breeman, CDA Ridderkerk. De heer Breeman: Ja, dank u wel, voorzitter. Twee korte vragen. De eerste vraag is wat de wethouder ook aangeeft, en eigenlijk op het vervolg van Björn: waarom gaan wij financieren uit eigen middelen? Dat is mijn eerste vraag. En waarom stel ik deze vraag? We zien, zeg maar, een bepaalde trend op de kapitaalmarkt dat de rentes neigen te stijgen. Dan zou ik eerder een voorkeur hebben om het gelijk direct af te hatchen, dan heb je ook een bepaald bedrag in je handen. Doe je dat eerst uit eigen middelen en later afhatchen op de kapitaalmarkt dan kan het wel eens een beetje knel komen te zitten.
Dus dat is vraag één. Vraag twee is, we hebben heel veel geld nodig. Is er ook een optie dat Stedin bijvoorbeeld in de private markt geld zou kunnen ophalen, en zo ja, is er dan een risico dat die sector de zeggenschap zou kunnen krijgen over Eneco terwijl wij daar middelen ingebracht hebben? De voorzitter: Wethouder Oosterwijk, zou u hierop willen antwoorden? De heer Oosterwijk: Ja, dat ga ik proberen te doen, voorzitter. De eerste vraag. Ik denk dat wij, als het gaat om de volgordelijkheid dingen, er vooralsnog wel echt voor willen kiezen om niet zomaar geld aan te trekken of dat dan een… Als er dan natuurlijk geen kort geld is maar wat langer geld is waar je gewoon simpelweg nog een rentevergoeding op betaald, 0,6% is dat volgens mij op dit moment – heb ik vandaag even nagevraagd – daar waar je gewoon ook op je bankrekening hebt staan, zeg maar even simpel, en ook zelf zou kunnen inzetten. Dat laat onverlet dat wij natuurlijk - je zou kunnen zeggen dagdagelijks – de ontwikkelingen volgen als het gaat om de rentestand. En dat wij ook bij afwegingen iedere keer weer die renteafweging maken: ja, moet je nu geld aantrekken kort of lang, ja, dan wel nee? En wat is daar het juiste moment door enzovoorts. Daar zijn mensen ook wat dat betreft heel kien op vanuit de organisatie om dat gewoon op de meest goede manier ook goed te doen.
Zoals het nu voorligt ten opzichte van dit voorstel is aan de orde, en met de wetenschap van vandaag, om daar simpelweg vanuit onze eigen bankrekeningen, noem ik dat maar eventjes, de middelen ter beschikking te stellen. Als dat over een aantal weken, als het uiteindelijk finaal zijn beslag moet gaan krijgen nadat er ook in de aandeelhoudersvergadering uiteindelijk een positief besluit op is genomen, anders blijkt te zijn, ja, dan zullen we naar de wetenschap van dat moment op de meest handige manier handelen. En u zult daar dan uiteindelijk ook natuurlijk de weerslag van zien als het in de P&C cyclus ook zijn slag krijgt. Dat is de eerste vraag. De tweede vraag is, als ik het goed begrepen heb in ieder geval, zou de kans kunnen bestaan dat de aandeelhouders karakteristiek, wat nu, zeg maar, vooral uit overheden en gemeentes bestaat, ook uit andere type aandeelhouders zou kunnen bestaan? Een open vraag op dat punt. In zekere zin denk ik dat dat goed is om te zien dat in de huidige situatie waarbij het eigenlijk alleen maar gemeenten zijn die ook aandeelhouders zijn en ook vanuit met name die maatschappelijke context ook erg gedacht wordt: Stedin is van ons, Stedin doet het voor onze inwoners, doet het voor onze bedrijven, en daarom stappen we er of een bepaalde manier in. Dat kan natuurlijk wel heel andere karakteristiek krijgen als je andere aandeelhouders gaat krijgen.
En, nou, ik hoef niet op die situatie vooruit te lopen, maar ik denk dat het wel een van de dingen is waar u me ook gewoon goed mee helpt door deze opmerking te maken. Want
Pagina 24 van 55
het is natuurlijk relevant dat je geen gedoe in je eigen aandeelhoudersvergadering krijgt, omdat de motivatie om aandeelhouder te zijn heel erg uiteen gaat lopen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Breeman, is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? De heer Breeman: Ja, heel helder. Dank u wel. De voorzitter: O, kijk. Hartstikke mooi. De heer Piena, VVD Ridderkerk. De heer Piena: Dank u wel, voorzitter. Ik heb twee vragen. Op dit moment hebben we al een aandelenkapitaal in Stedin. Als we preferente aandelen gaan aankopen dan betekent dat wij een vast dividend krijgen van 3%, preferent. Dat wil niet zeggen dat je dat in jaar x krijgt, maar het kan ook later uitgekeerd worden. Maar betekent als we de preferente rente niet betaald kunnen krijgen door de resultaten van Stedin dat dat ook invloed heeft op het dividend van onze gewone aandelen? En op dit moment hebben wij in onze begroting een x bedrag, een paar ton, aan dividend van Stedin zitten. Dus mijn vraag is: wat betekent dit voorstel nu voor het rendement op de gewone aandelen die we hebben? En de tweede vraag is wat op pagina 4 van het raadsvoorstel staat dat de verkrijgingsprijs van deze cumulatieve preferente aandelen op onze balans worden opgenomen. Hartstikke mooi. Maar daar staat tevens bij: er zal niet op afgeschreven worden.
En dat triggerde mij even, want stel nu dat Stedin minder waard wordt? De marktwaarde is altijd lastig te bepalen (niet hoorbaar), maar stel dat die nu onder die verkrijgingsprijs komt? Ik mag toch aannemen dat de gemeente Ridderkerk een neerwaartse bijstelling gaat doen, en een verlies neemt op dat moment vanwege ons voorzichtige boekhouden? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, de heer Piena. Dan wil ik heel graag de heer Oosterwijk het woord geven. De heer Oosterwijk: Ja, de heer Piena is altijd ook van de mooie en ook van de leuke vragen. En dan moet ik echt wel even over nadenken: hoe ga ik daar op een goeie manier op antwoorden? En ik hoop daarbij de plank niet mis te slaan. Ik denk dat de techniek… Om maar even op de eerste vraag in te gaan die de heer Piena schetst juist is. Het zou zo kunnen zijn dat op enig moment het jaarresultaat het niet mogelijk maakt om die uitkering op de cumulatief preferente aandelen uit te keren in enig jaar. En het cumulatieve element zit er dan natuurlijk in dat je dan niet botte pech hebt en de volgende ronde weer op 0 vergeet, maar dat er dus in principe cumuleert naar opvolgende jaren daar waar die ruimte op enig moment weer ontstaat. Dat is één.
En het is ook duidelijk dat de kapitaalstorting die wordt gevraagd vanuit de Stedin (niet hoorbaar) met zich meebrengt dat er gewoon simpelweg ook extra last ontstaan in dit punt wat dan ten koste gaat van het rendement of de uit te keren winstpercentage. Dus die volgordelijkheid is helemaal juist, en dat is ook zuiver. Het tweede punt is daarbij op het moment dat je heel veel investeert zou het, zeker in de situatie van Stedin, kunnen beteken dat je uitkering van je reguliere dividend natuurlijk heel erg onder druk komt te staan. Maar wij hebben in de achterliggende periode daar echt al een afslag gedaan op datgene wat wij normaliter vanuit Stedin aan dividend meerjarig als trend zagen. Dat is al naar beneden bijgesteld. En we hebben ook in de achterliggende periode daar natuurlijk wel op doorgevraagd, ook bij Stedin: ja, hoe zie je dat nu eigenlijk je toekomstige dividendontwikkeling, regulier? En daar zie je dat ze eigenlijk wel schetsen: ja, dat zal wel een verhaal van meer ups en downs zijn waarbij het niet zo alleen maar is van we are going down, maar ook wel het ene jaar minder is, en het volgende jaar weer wat meer in wordt voorzien enzovoorts. En we hebben ze vooral opgeroepen om daar zo goed en zo kwaad als het kan wel de lobby meer steady dividend uit te concluderen.
Vooralsnog zien wij geen aanleiding om verdergaand in onze begrotingssfeer naar beneden te gaan, maar op het moment dat het evident wordt in de gesprekken met Stedin dan zullen we dat gewoon via de reguliere wijze in de P&C cyclus natuurlijk ook uiteindelijk weer verder gaan verwerken. Dat is één. Twee, Pagina 25 van 55
een technische vraag, is op zijn plek in deze commissie. Hoe ga je dan met de situatie om dat als de waarde van de cumulatief preferente aandelen zodanig uiteindelijk naar beneden gaat dat die onder de, ik noem het maar eventjes: de prijs komt waarvoor je het uiteindelijk in je boeken hebt staan? Ik denk dat de opmerkingen zoals die in de stukken staat vooral, maar dat zijn even mijn woorden dan, uitgaat van de normaliter situatie. Dat je in beginsel gewoon niet afschrijft op deze balanspost die hiermee ontstaat. En daar waar er bijzondere omstandigheden zouden gaan zijn die dat in disbalans brengen dan kan ik me voorstellen dat daar ook een uitzondering op die regeling aan de orde gaat zijn, maar laat ik daar niet al te stevige uitspraken op doen. Wellicht kan de heer Kolf mij aanvullen, en anders kom ik daar met alle plezier even op terug om juist voor die situatie even precies te schetsen hoe dat dan uitwerkt. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kolf, kan ik u het woord geven? De heer Kolf: Ja, je hebt het goed vertelt Marco hoe dat gaat dat die balans en standaard doe je niet afschrijven, want het blijft gewoon zijn waarde houden. Uiteraard kunnen er altijd bijzondere omstandigheden zijn, en ja, dan zou Stedin failliet moeten gaan bij wijze van spreken. Maar goed, het is een heel theoretisch verhaal of ontbonden zouden moeten worden.
Dan moet je wat met die aandelen gaan doen. Of dat er andere bijzonderheden van afwaardering zijn, en als wij daar zelf dan niet opletten dan zal de accountant daar ons wel attent op maken, maar dat gaat echt om een hele bijzondere situatie. Die kans dat dat gebeurt wordt heel klein geacht. De voorzitter: Dank u wel, de heer Kolf. De heer Piena, is daarmee uw vraag voor nu voldoende beantwoord? De heer Piena: Het laatste antwoord zeker. De eerste toch nog even voor de helderheid. De aankoop van preferente aandelen kan ertoe leiden dat het dividend wat we nu op de gewone aandelen krijgen gewoon een stuk lager wordt, en dat risico dat calculeren we in, of zeggen: oké, dat hoort erbij, dat is all in the deal? De voorzitter: Wethouder Oosterwijk? De heer Oosterwijk: Ja, dank u, voorzitter. Er ontstaat in principe gewoon een soort nieuwe bedrijfslast die ten koste gaat van het reguliere winstsaldo op basis waarvan dividenduitkering plaatsvindt, dus die constatering is juist. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie voor de rest geen handjes meer. Dan hebben we aan het begin al aangegeven dat het inzet is ter debat. Hoeveel minuten denkt men nodig te hebben voor de eerste termijn? Ik wil heel graag handjes zien. En de heer Piena is wederom als eerste. Net kon ik er nog onderuit om u als laatste het woord te geven. Eens kijken of het nu ook gaat lukken.
Ja hoor, ik ga de heer Kooijman als eerste het woord geven. ChristenUnie. De heer Kooijman: Hoog in, voorzitter. 1 minuut. De voorzitter: Kijk. Als de rest u dan gaat volgen dan ben ik ontzettend blij met u. Dan wil ik graag de heer Breeman nu het woord geven. De heer Breeman: Ik ben niet altijd een volger, maar deze keer wel. 1 minuut. De voorzitter: Kijk, nu komen we ergens. De heer Kardol, SGP. De heer Kardol: 1 minuut ook, prima. Pagina 26 van 55
De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, 2 minuten, want als je met 1 minuut iets te laat inhaakt is een minuut voorbij. 1 minuut is niks, hé? De voorzitter: Ja, 1 is bijna al: goedenavond, voorzitter. 2 minuten. Even kijken. De heer Soffree. De heer Soffree: 1 minuut is voldoende. De voorzitter: Mevrouw Fräser, D66. Mevrouw Fräser: Wat mij betreft 1 minuut, voorzitter. De voorzitter: Is er nog iemand die meer wil dan 1 minuut, want anders … Mijnheer Piena? De heer Piena: Nee, voorzitter, maar wel met een toevoeging. Met mevrouw Van Nes-de Man ben ik het mee eens dat de raadsleden mij niet zullen onderbreken, want ja, dan is een minuut zo voorbij. Dat zou wel jammer zijn. De voorzitter: Ja, maar dat is aan de voorzitter. Daar kan de commissie niks van vinden. De heer Piena: Nee, maar de collega’s… De voorzitter: Dus of u zegt 1 minuut of u zegt 2 minuten. U blijft hangen. Ja? De heer Piena: Nee, maar ik zei mijn collega-raadsleden bij deze wel. Dus ook voor mevrouw Van Nes-de Man wilde ik deze oproep doen, maar 1 minuut, voorzitter, helemaal geweldig. Dank u wel. De voorzitter: Dan zou dat betekenen dat wij 12 minuten nodig hebben. Zullen we het op een kwartier zetten? Ik denk dat dat logischer is. Dan weet ik zeker dat mevrouw Van Nes-de Man waarschijnlijk uit kan praten zonder in de rede gevallen te worden.
Dan zet ik het als iedereen verder voor is op 15 minuten. Dan is het inmiddels 10 voor 10. Is er behoefte aan een korte schorsing, want we hebben nog het een en ander op de agenda staan. Ik zie een paar mensen knikken. Het is 10 voor 10. 5 voor 10 weer aanwezig? Gaat dat lukken? Dan zie ik u graag over ruim… Schorsing Einde schorsing De voorzitter: Ik zie de één na de andere weer terugkomen. Dat is mooi. Dan wil ik zo graag de vergadering weer voortzetten. Het wordt al een latertje, dus ik wil als eerste mijn verontschuldigingen aan de heer Meij geven, want die is helemaal naar het gemeentehuis gaan lopen, en dan moet hij nog zo lang wachten. Had hij iets langzamer kunnen wandelen. 8.
Verordening Stimuleringslening Duurzaamheid Ridderkerk De voorzitter: Inmiddels is het 5 voor 10, dus ik ga nu graag door naar agendapunt 8, verordening Stimuleringslening duurzaamheid Ridderkerk. De inzet staat nu ter vaststelling. Is de commissie het daarmee Pagina 27 van 55
eens? Ik zie geen handjes, dus dan kan er informatie uitgewisseld worden. Hoef ik ook iets minder streng te zijn. Dat scheelt dan ook wel weer op dit late tijdstip. Wethouder Meij, mag ik u als eerste het woord geven? De heer Meij: Dank u wel, voorzitter. We hebben het over de startnotitie Ecologie, toch? Want u slaat anders een punt over over de Nota stimulering duurzaamheid. De voorzitter: Nee, ik heb volgens mij de verordening Stimuleringsregeling duurzaamheid Ridderkerk. Die staat bij mij als agendapunt 8. Anders ben ik verkeerd geïnformeerd. Dat kan ook heel goed. De heer Meij: Want die is volgens mij voor… De heer Japenga: Voor mij. De heer Meij: Voor Marten Japenga. De heer Japenga: Dat klopt. De voorzitter: Dan gaat er iets niet goed. Dan wil ik heel graag de heer Japenga het woord geven. Mijn excuses, mijnheer Meij. De heer Japenga: Dank u wel, voorzitter. Ik zat al klaar. Eerder in 2019 is de lopende verordening door de raad vastgesteld. En de regeling was in eerste instantie voor non-profit organisaties zoals verenigingen, scholen en Verenigingen van Eigenaren. Later zijn ook de particuliere eigenaren erbij gekomen en eraan toegevoegd. En daarbij komt dat er een aantal onduidelijkheden zaten in de verordening waarom we het nu gaan aanpassen zodat die weer helemaal up to date is.
En ik kan zeggen dat in de praktijk deze regeling ook heel goed werkt zeker sinds ook de particulieren daaraan mee kunnen doen. Dus wat dat betreft zijn wij er heel blij mee, en nu moeten we even wat puntjes op de i zetten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Japenga. Ik moet mijn excuses aanbieden, want ik heb gewoon mijn blaadje verkeerd om liggen, dus vandaar dat het mis ging bij mij. Het woord is dan nu aan de commissie. Ik zie het handje van de heer Mijnders, CDA Ridderkerk. Ik wil u graag het woord geven. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. En uw excuses zijn geaccepteerd, hoor. Ik heb één vraagje aan de wethouder. Bij andere gemeentes zie je bij de duurzaamheidslening dat ze die ook beschikbaar stellen voor mensen die een huurwoning hebben. Dan moeten ze dan toestemming hebben van uiteindelijk wel de eigenaar. Heeft het college het overwogen om dat ook toe te passen op deze duurzaamheidslening, en zo nee, op welke grond dan van welke voordelen, van welke nadelen zien jullie daarin? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Japenga? De heer Japenga: Voorzitter, daar hebben we het niet over gehad. We hebben dit geregeld voor de particuliere woningen, dus het antwoord daarop: daar hebben we het niet over gehad, en we hebben het ook niet geregeld. Dus dat is het.
De voorzitter: De heer Mijnders, is dat voldoende antwoord op uw vraag?
Pagina 28 van 55
De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Zou het voor de wethouder mogelijk zijn of het ambtelijk apparaat om dat het de aankomende week eens te bekijken, en daar de voor- en nadelen voor op papier te zetten? Als het niet mogelijk is kan het wat later, hoor. Maar als het mogelijk is, graag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Japenga? De heer Japenga: Ja, voorzitter. We gaan in ieder geval een poging doen om dat even op een rij te zetten, dus daar zullen we zeker naar streven. Dus ja. De voorzitter: Prima. Dank u wel. De heer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, het was een hele serie vragen die ik had ingediend voorafgaand aan deze commissie. En ik had ook het idee dat ik voor dit onderwerp een vraag had ingediend, maar het zat niet bij de antwoorden. Toen ging ik nog eens kijken, en toen bleek dat ik het niet verstuurd had. Het voordeel is wel dat ik de vraag nu kan voorlezen netjes. Het is er gelukkig maar één vraag. Er was wat onduidelijkheid over het feit of er al dan niet kosten waren verbonden aan het afsluiten van een stimuleringslening door particulieren, en dat wordt nu verhelderd. Voor particulieren zijn er geen kosten verbonden. Ik lees in artikel 12 de kenmerken voor een zakelijke stimuleringsregeling dat er kosten zijn verbonden aan het afsluiten van een lening.
Er wordt echter niet gemeld wat de maximale omvang van deze kosten zijn. Mijn vraag is: waarom is dat niet aangegeven in de verordening? Wat is de reden daarvan? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Japenga. De heer Japenga: Voorzitter, ik kijk even naar de heer Van Baars of hij daar een antwoord op heeft. De voorzitter: De heer Van Baars. De heer Van Baars: Een goedenavond. Ja, dat komt omdat we de verordening wat algemener hebben geschreven, omdat er ook wel eens wat wijzigingen in zitten, vanuit de SVn ook. En anders blijven we die verordening aanpassen, dus vandaar. Maar het zit zo rond de 1,5% eigenlijk van de totaalsom. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kooijman, is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? U steekt uw handje op, dus ik neem aan dat u wilt reageren? De heer Kooijman: Ja, nog heel even kort. Ik weet uit ervaring dat het voor particulieren wat onduidelijkheid met zich meebracht zeker als je zo’n verordening zit door te nemen en denkt: ja, moet ik dan betalen, hoeveel is dat dan? En uiteindelijk blijkt dat het voor particulieren dan niet geldt, maar ik kan me voorstellen dat die onduidelijkheid er dus voor ondernemers voor de zakelijke markt ook zal zijn, dus die zullen ook wel willen weten: waar moeten we rekening mee houden? En natuurlijk kunnen ze vast bellen en dan krijgen ze te horen: het zal waarschijnlijk zo’n 1,5% op dit moment zijn.
Maar ik kan me voorstellen dat het prettig is om dat gewoon helder vooraf te hebben als je gewoon zelf aan het informeren bent of op de website aan het lezen bent. Dus ik vroeg me toch af of het in ieder geval op de website, daar waar informatie te vinden is, dat ook wat duidelijk aangegeven kan worden. Ik dank u. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Japenga, wilt u dan nog kort wat opzeggen? De heer Japenga: Ja hoor. Een goede suggestie, voorzitter.
Pagina 29 van 55
De voorzitter: Prima. Dank u wel. Dan wil ik graag nu het woord geven aan mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u, voorzitter. Simpele vraag: is er al veel gebruik gemaakt van de regeling? De voorzitter: Dat is inderdaad een hele goede, korte vraag. Wethouder Japenga. De heer Japenga: Ja, voorzitter. Wij hebben een jaar of drie geleden bijna 3 ton in het potje gestopt, en het is zo eind vorig jaar hebben we nog een keer dat bedrag toegevoegd dat is ook lood. Het is een recupererend fonds, dus er beginnen nu ook bedragen weer terug te komen, dus het is alleen… mijn intro zei, sinds we voor particulieren hebben beschikbaar gemaakt is het hard gaan lopen, dus het is een uitstekende, succesvolle regeling. De voorzitter: Dank u wel. Ik neem aan dat uw vraag daarmee beantwoord is, mevrouw Van Nes-de Man. Dan wil ik nu graag het woord geven aan de heer Piena, VVD Ridderkerk. De heer Piena: Dank u wel, voorzitter. Er is een aanpassing gedaan in deze verordening door artikel 4 het bedrag eruit te halen, want dit zou het mogelijk maken om makkelijker de verschillende leningen te laten overlopen van links naar rechts. Maar als ik naar de tekst kijk dan zie ik dat de raad voor de werkingsduur van deze verordening een bedrag daarvoor beschikbaar stelt. En dat betekent dat wij tussentijds niet kan verhogen bijvoorbeeld.
En u geeft zelf al aan: nou, het is een groot succes. Even wat mooier gemaakt misschien dan u zelf gezegd heeft. Dus mijn vraag is: voldoet de wijze waarop deze aanpassing heeft plaatsgevonden in artikel 4 wel aan het doel wordt bereikt moet worden? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Japenga. De heer Japenga: Ja, voorzitter. Het is zo dat er wat overloop is van het ene potje… We hebben meerdere potjes, de starterslening, de blijverslening en daar is wat uitwisseling tussen geweest, dus er is niet binnen dat volume uitwisseling geweest, laat ik het zo maar even zeggen. En als het goed is hebben we daar u als raad daar ook over geïnformeerd, maar dat zou ik even moeten nagaan. De voorzitter: De heer Piena, VVD. De heer Piena: Ja, voorzitter. Dat verhaal dat klopt, dat begrijp ik. Maar wij stellen met deze verordening een duurzaamheidspotje vast. En dat doen we één keer. Dat doen wij bij een begroting voor de hele periode, en laten we zeggen het is een half miljoen. En dat kunnen we dan niet meer wijzigen. Maar dat betekent ook dat je in je overheveling, wat ik net al aangaf, dan kun je dat misschien intern dan wel bij SVn onderling uitwisselen, maar stel nu dat ik het potje wil verhogen naar 1 miljoen? En dat ga ik niet bepleiten, laten we dat even vooropstellen. Ik zie mijnheer Oosterwijk al een beetje denken: nou, nee we blijven… Ik wil naar een miljoen.
Maar dat kan dan niet meer, want ik heb als raad voor deze verordening vastgesteld dat ik maar een half miljoen daarin mag stoppen voor duurzaamheid. En dan kan ik het niet uitwissen, dus ik twijfel er dus aan of deze aanpassing door alleen het bedrag eruit te halen voldoende lucht geeft om bedragen te wijzigen. En ik doe even het klemmende verzoek om daar juridisch toch nog eens een keer goed naar te kijken. Want anders snijden we onszelf in de vingers. Tenminste, de messen die we mee moeten werken. De voorzitter: Wethouder Japenga.
Pagina 30 van 55
De heer Japenga: Ja, voorzitter. Dat is altijd goed om, denk ik, nog eens goed naar te kijken, maar we hebben het hier over de gemeentelijke rekening van het SVn en dat gaat om het totaal van de financiële middelen. Zo hebben we het opgevat. Dus ik kan nog even naar de heer Van Baars kijken of hij aanvullingen daarop heeft, maar het gaat om het volume bij SVn, zo heb ik het begrepen. De voorzitter: Dan ga ik graag nog even het woord geven aan de heer Van Baars. De heer Van Baars: Ja, dat klopt. Het gaat over het totaal volume. Er kan dus ook terug worden geschoven naar de andere potjes, de starterslening of de blijverslening. Dat zijn die andere twee. Maar ik vind het wel een terechte vraag om het toch ook nog even met juridische zaken nog een keer helder af te stemmen. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk dat de heer Piena nu voldoende beantwoord is. Blijft de commissie van mening dat dit ter vaststelling gaat? Dan hoef ik hier geen tijd voor te rekenen, want dat is makkelijk. 9.
Startnotitie Visie op ecologie De voorzitter: Dan ga ik graag over naar agendapunt 9 Startnotitie Visie op ecologie. Er staat nu… Het voorstel is om het ter debat te laten gaan. Is de commissie het daarmee eens? De heer Piena, VVD. De heer Piena: Voorzitter, wat de VVD betreft mag het ter vaststelling. De voorzitter: Excuus. Het staat ook ter vaststelling. Sorry, ik moet even wennen aan de wijze waarop iets geformuleerd staat. Dus ter vaststelling, of iedereen het daarmee eens is? Mevrouw Van Nes-de Man? Mevrouw Van Nes-de Man: Ik denk aan een uitgebreide stemverklaring. Iets langer als 1 minuut. De voorzitter: Ja, oké. De heer Slaa, 18PLUS. De heer Slaa: Ja, voorzitter. 18PLUS ook graag een kleine bijdrage willen doen, maar ik denk in de lijn van mevrouw Van Nes-de Man. De voorzitter: Dus een bijdrage in de zin van een uitgebreide stemverklaring? De heer Slaa: Ja, alstublieft. De voorzitter: Dank u wel. De heer Rottier, SGP. De heer Rottier: Dank u wel, voorzitter. De SGP is voornemens om een motie in te dienen, en ik zou graag een kleine bijdrage kunnen leveren om die motie toe te lichten van maximaal 2 minuten. De voorzitter: Dan wordt de inzet sowieso ter debat, en dan denk ik dat we eerst eventjes de portefeuillehouder aan het woord moeten laten. Vervolgens wij gewoon de vragen stellen, en aan het eind van de rit gaan kijken hoeveel tijd voor nodig hebben.
Ik denk dat dat de meest handige route is. Dan wil ik nu heel graag het woord geven aan wethouder Meij. De heer Meij: Ja, dank u wel, voorzitter. Tijdens de bespreking van de Groenvisie is door de raad nadrukkelijk gevraagd om toch een verdere verdieping aan te brengen op de onderdelen water, blauw zeg maar, en ecologie. De Startnotitie Water hebben we al in de raad besproken. Die wordt eind van dit jaar of begin Pagina 31 van 55
volgend jaar, is later aangeboden aan de raad. Want de bedoeling is eigenlijk dat we de Visie op water en de Visie op ecologie in samenhang brengen met de Groenvisie dat het dus als één gezamenlijk document, dus samenhangend naar voren wordt gebracht. Wat is de bedoeling van de Visie op ecologie? Dat gaat met name om extra aandacht voor de biodiversiteit, dus aandacht voor de diversiteit van ons groenonderhoud. Het gaat over ook om de belevingswaarde te verhogen, maar het gaat bijvoorbeeld ook over hoe gaan we verder om met het onderhoud. We hebben het nu vaak over maaibeleid, moet er wel gemaaid worden. Er is ook al een suggestie geweest landelijk: moet je in de maand mei bijvoorbeeld niet je gras eigenlijk niet maaien om insecten meer kans te geven? Nou, in die Visie komen dat soort zaken ook aan de orde. We hebben nu sinds een jaar een ecoloog ook op verzoek van de raad. Die heeft er toch dacht ik vaak om gevraagd. De gemeente dacht eerst dat het ook misschien niet zo nodig was, maar ik moet zeggen de ecoloog heeft zijn visitekaartje afgegeven. Het is wel degelijk nodig denk ik om dat allemaal goed te doordenken en ons onderhoudsprogramma qua Groen ook vanuit ecologisch oogpunt nog eens een keer goed te bezien. De lijn is ook dat er natuurlijk per wijk een quickscan gaat maken om per wijk de natuurwaarde in beeld te brengen.
Dat we ook weten: wat zijn de sterke punten en de minder sterke punten? En als laatste punt wat ook heel belangrijk is bij die Visie op ecologie is met name die interne participatie. Het is ook heel belangrijk dat ons Groenbeleid maar ook andere zaken goed doordacht worden vanuit ecologisch standpunt. Maar uiteraard gaan we natuurlijk ook met de interne stakeholders aan de slag, samenwerking zoeken, waterschap, Rijkswaterstaat, maar ook de woningbouwcorporaties. Voorzitter, dat evenals aftrap voor deze Visie. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vanuit de commissie vragen? De heer Slaa, u heeft het langst uw handje omhoog. Partij 18PLUS. De heer Slaa: Excuus, voorzitter. Ik zou heel wat positiefs willen vertellen en vragen, maar dat was echt een foutje. De voorzitter: Gelukkig ben ik niet de enige vanavond die een foutje maakt kennelijk, dus vandaar. Dank u wel voor uw steun. De heer Mijnders, CDA Ridderkerk. De heer Mijnders: Ja, dank u, voorzitter. En ik hoop deze avond foutloos door te komen, maar ik ga mijn best doen. Ik heb twee vragen aan de wethouder. Een, is het doel van deze Visie ook van deze Startnotitie straks om ook te kijken naar de biodiversiteit Ridderkerk.
Dus het kijken van wat voor soort bomen we hebben, wat voor soort bloemen, wat voor soort dieren en dan ook kijken: welke zijn nu belangrijk, welke zijn nu bijzonder? Ik heb twee weken geleden een rondleiding gehad in de Gorzen en heb ik ook geleerd waar je blijkbaar een heel bijzonder bloemetje daar hebben staan die eigenlijk bijna nergens anders groeit. Kijkt de ecoloog, kijkt deze Visie daar ook naar: welke planten zijn nu erg bijzonder in Ridderkerk en welke dieren, en kunnen we die nog beter behouden, versterken? En het tweede is… Ik denk dat het… Maar even voor de zekerheid. Het CDA heeft eerder aandacht gevraagd voor exotische planten en dieren in het water hier onder andere in Ridderkerk, en dat het ook wel tot problemen kan leiden. Wordt het ook meegenomen in deze Visie? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Meij. De heer Meij: Ja, dank u wel. Ja, ik kan heel erg kort zijn, mijnheer Mijnders. Het zijn terechte vragen. Allebei de antwoorden zijn ja. Daar hebben we de ecoloog echt voor nodig. Die gaat het allemaal in kaart brengen. Dat is best een hele klus, dus je zou het heel graag willen, maar hij is er heel serieus mee bezig. Al die zaken komen aan bod, zeker nog van de eerste vraag: wat is het belangrijk, wat is minder belangrijk, waar hebben we eigenlijk veel meer behoefte aan, en hoe moet je dat dan onderhouden? Nou, door soms wel te maaien, Pagina 32 van 55
niet te maaien. Nou, daar zit ook toch een stukje verkeersveiligheid bij natuurlijk dat je soms wel iets moet maaien bijvoorbeeld langs een fietspad, maar de rest laat het alstublieft groeien en tijd waardoor al die insecten een kans krijgen. Maar ook inderdaad die exotische, exoten zoals we dat zo noemen, die worden inderdaad in kaart gebracht en we willen juist vooral die inheemse zaken natuurlijk stimuleren. En het gaat met name ook om de diversiteit. Dus dat het al die zaken, dat het niet een monocultuur wordt. Maar u heeft gelijk dat zijn juist de belangrijke aspecten waar de ecoloog naar kijkt. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie de heer Mijnders knikken, dus de vraag lijkt voldoende beantwoord. Dan wil ik nu graag het woord geven aan mevrouw Dirks, GroenLinks. Mevrouw Dirks: Ja, dank u wel, voorzitter. Allereerst heel erg bedankt voor het beantwoorden van mijn vragen. Sorry dat mijn camera trouwens uitstaat, maar die doet het nu niet meer omdat ik zoveel keer ben uitgelogd tijdens deze vergadering. Ik heb nog wel een vraag, want in mijn schriftelijke vraag stelde ik de vraag hoe het prijskaartje wat bij groen zou worden gehangen in elkaar zit? Welke waarde krijgt zo’n prijskaartje precies? Want het lijkt mij heel moeilijk om dat in te schatten. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Meij? De heer Meij: Ja, volgens mij komt het dacht ik uit de Groenvisie.
Ik weet niet of het ook in de Visie op ecologie slaat. Maar wat de achterliggende gedachte is. Ik sjacher wat, hé? Dat we soms wat achteloos voor iets wat moet gebeuren bomen kappen. En dat we denken: nou ja, dat groeit wel weer of we gaan het herplanten. Maar eigenlijk is de achterliggende gedachte dat we gewoon in euro’s uit gaan rekenen wat een boom kost uiteraard, maar ook wat het waard is. Als je kijkt naar de afvang van CO2. Als je kijkt naar de gezondheidsaspecten die ermee te maken hebben dat mensen van gelukkiger en gezonder leven in een groene omgeving. Dat is best een hele lastige operatie, maar als je op een gegeven moment weet dat je niet een boom van € 60 kapt, maar dat je een boom kapt van € 15.000 of misschien wel meer. Als je al die andere maatschappelijke waarden toch probeert door te rekenen dan bedenk je je misschien wel twee keer om te makkelijk een boom te kappen. Volgens mij is dat een beetje de redenering. En nogmaals, er zitten natuurlijk allemaal haken en ogen aan, maar dat zal natuurlijk allemaal nog een keer moeten worden gecertificeerd. Maar dat is de gedachte dat we eigenlijk niet zo makkelijk meer een boom kappen. En als we doen dat we weten wat we, zeg maar even, over de balk gooien. De voorzitter: Dank u wel.
Mevrouw Dirks, is uw vraag daarmee voldoende beantwoord? Mevrouw Dirks: Ja, ik wil alleen meegeven dat misschien ook wel juist de andere kant op kan gaan. Dat het juist goedkoper uitkomt dan dat het eigenlijk is is dat groen makkelijker over het over gezien kan worden. Misschien moet dat even blijven hangen, Maar ja, dat is ook misschien iets waar je vanuit kan gaan. De voorzitter: Kijk, dat geven we de wethouder mooi even mee nu. Dan wil ik nu graag wel het woord geven aan mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u, voorzitter. Ik juich het aannemen van de ecoloog enorm toe. Dat je een keer bekijkt wat de wethouder aangeeft wat groen waard is, en wat veel meer waard is dan de aanschafwaarde van alleen een boom onderschrijf ik ook. Weet je daar bewuster. Maar als je daar echt een prijskaartje aan wilt gaan hangen en je moet daar uren in gaan stoppen, dan zou ik zeggen: stop dat geld liever daadwerkelijk in groen. Dus ik vraag me even af wat dan die toegevoegde waarde echt is als je zegt: we gaan berekenen hoe de belevingswaarde van een boom is? Want de een beleeft het zus, en de ander zo. Dan vraag Pagina 33 van 55
ik me even af wat nu de toegevoegde waarde is om hier een Startnotitie op te maken? Dat is helemaal prima, maar stop het gewoon in het Groenbeleid. En wat voegt de Startnotitie te doen, en komt er dan dus gewoon een of andere notitie uit nog straks? Dat is mij niet helemaal duidelijk. Ik krijg een beetje het idee het wordt een papieren tijger. De voorzitter: Wethouder Meij? Hebben wij naast een ecologie zo meteen ook een tijger in Ridderkerk? De heer Meij: Voorzitter, over die toerekening van waarde. Kijk, dat gaan we natuurlijk niet allemaal zelf doen. Eigenlijk is dat een landelijke aanpak. Dus het zal straks meer zijn dat je bepaalde euro’s kan toerekenen aan een bepaalde type boom, omdat al die maatschappelijke en gezondheidsaspecten zijn meegerekend, maar dat gaan we niet hier zelf doen in onze eigen tijd. Dus het gaat ook nog wel even duren, maar het is gewoon een denkrichting, ook nog even naar mevrouw Dirks toe, om juist de andere kant op te redeneren dat het niet een boompje is van € 30, maar dat er dus gewoon veel meer maatschappelijke waarde aan zit. Maar dat gaan we niet allemaal uiteraard zelf berekenen. U vraagt die Startnotitie, daar is niet eigenlijk om gevraagd. De Groenvisie ging natuurlijk heel erg over het groenonderhoud, maar dat was ook duidelijk een keuze toen geweest. Maar het ging ook om blauw.
Er werd ook gevraagd van de visstand, van een heleboel andere zaken waar we het toen de vorige keer over hadden in januari, maar het gaat ook over ecologie, die diversiteit. Dat wordt hier, denk ik, veel meer uitgediept, echt een verdiepingsslag op de Groenvisie, zeker geen papieren tijger. Nou, we gaan op 10 juli, dacht ik, bijvoorbeeld de herinrichting van het Oosterpark bespreken. Want dat was ook één van de vragen die schriftelijk is gesteld: moeten we nu wachten tot die Visie eind van dit jaar, waarschijnlijk begin volgend jaar met de raad besproken wordt? Nee, want die ecoloog doet meer dingen dan een Startnotitie schrijven. Juist bij die hele herinrichting van het Oosterpark is die ecologische Visie eigenlijk al losgelaten op die herinrichting. Dus het is zeker geen papieren tijger. Daar wordt eigenlijk al volgens principes … Eigenlijk al die uitgangspunten die we binnenkort met de raad gaan bespreken. Dus het is echt de bedoeling om het te concretiseren en dat heeft ook best wel consequenties, wat ik net zei, voor het maaibeleid, voor het onderhoud van het groen, echt allemaal dat soort zaken, de biodiversiteit. Voorzitter, dat was het. De voorzitter: Dank u wel, de heer Meij. Dan wil ik graag het woord geven aan de heer Soffree, PvdA Ridderkerk. De heer Soffree: Dank u wel, voorzitter. Ik heb drie vragen.
Welk gewicht gaat er gegeven worden aan de ecologie, en wat het verschil met de huidige situatie? Waarbij we bij nieuwbouwprojecten bijvoorbeeld … Daar wordt vooraf ook al een ecologisch onderzoek gedaan. Tweede vraag: worden de plaatselijke natuurorganisaties, gezien hun kennis en ervaring, betrokken bij de inventarisatie van de ecoloog en bij de quickscan per wijk? En de derde vraag is: op welke momenten worden bewoners en ondernemers betrokken, en wat is de relevantie van hun inbreng? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Meij. Ik zie u schrijven, dus ik wacht even tot u klaar bent. Ja. De heer Meij: Ja, ik moest nog even opschrijven. Welk gewicht wordt er gehecht aan ecologie? Dat moet natuurlijk allemaal blijken. Dat zal de raad natuurlijk straks als eerste kunnen controleren, wat is nu het verschil na een of twee jaar? Maar ik zeg ik u ook heel erg al toe bijvoorbeeld bij het Oosterpark gaan we dat eigenlijk al merken. Daar al is geredeneerd: wat gaan we daar nu doen? Nou goed, u moet de stukken nog krijgen. Ik denk dat het volgende week naar de raad komt. Het is niet simpelweg, zeg maar, waar we een boom kappen gaan we elders alleen maar weer een boom planten. Daar zit echt nu een ecologische gedachte achter, dus welk gewicht hoort eraan? Een fors gewicht.