Bijlage 2 Beleidsplan Schuldhulpverlening 2018-2022
Tekst van het document
We werken preventief aan het voorkomen van problematische schulden door de grens op te zoeken tussen een actief aanbod van hulp en bemoeizorg om oplopende kosten (incasso- en proceskosten) en crisissituaties te voorkomen. o o o
We organiseren een vroegsignaleringsproject met de woningstichting dat bij succes uitgebreid kan worden met andere partners zoals Vitens, Menzis en andere relevante partijen. We richten een meldpunt afsluitingen en ontruimingen in om hulp te kunnen verlenen aan de inwoner die zich met een dergelijk bevel geconfronteerd ziet. We onderzoeken de mogelijkheden om een pilot te starten om schulden (eventueel van jongvolwassenen) via een algemene lening te herfinancieren of een afbetalingstraject voor te financieren, gecombineerd met een begeleidinsgtraject. Schulden zijn dan geen belemmering voor de ontwikkeling en participatie in de maatschappij.
Preventief willen wij ook door middel van voorlichting en educatie de kracht van onze organisatie en inwoners duurzaam versterken. o o
Wij organiseren samen met lokale onderwijsinstellingen periodieke voorlichting op het gebied van financiële educatie op de basis- en VO scholen. Wij verzorgen periodiek cursussen, trainingen en voorlichtingsbijeenkomsten voor inwoners, medewerkers van de gemeente en (vrijwilligers)organisaties op het gebied van schuldhulpverlening en budgetcoaching. Nu worden cursussen en trainingen vaak in Veenendaal aangeboden, maar wij willen ook als gastheer optreden voor deze bijeenkomsten wat de drempel om deel te nemen zal verlagen.
We ontwikkelen (nieuwe) rapportages en sluiten aan bij landelijke benchmarks om meer inzicht te krijgen in de resultaten van ons beleid en om beter te kunnen sturen en evalueren. o o o
We sluiten aan bij en delen onze gegevens met landelijke rapportage-tools om te kunnen vergelijken hoe Rhenen er voor staat ten opzichte van vergelijkbare gemeentes. We ontwikkelen samen met de professionele schuldhulpverlenende instantie een manier om de resultaten van het schuldhulpbeleid beter inzichtelijk te krijgen. Wij willen ook een onderzoek doen naar de mensen achter de cijfers en een eigen klanttevredenheid- en resultaten onderzoek opzetten in Rhenen halverwege de beleidsperiode.
19
6.
FINANCIËLE PARAGRAAF 6.1 Weergave van de kosten van de verschillende uitvoeringsonderdelen
Kosten schuldhulpverlening door professionele organisatie Het uitvoeren van Schuldhulpverlening is een wettelijke taak en een open-einde regeling. Hiervoor is in de begroting een jaarlijks budget opgenomen, gebaseerd op de historische uitgaven en verwachte ontwikkelingen. De kosten van het BAC, zijn de afgelopen jaren als volgt geweest: 2013 € 85.524,27
2014 € 80.073,66
2015 € 89.032,00
2016 € 96.574,10
Wij verwachten dat de kosten voor schuldhulpverlening in de periode 2018-2022 rond de € 100.000,00 zullen liggen. Wij stellen ons als doel om meer inwoners te bereiken waardoor wij meer cliënten verwachten, maar door in te zetten op voorlichting, preventie, lokaal laagdrempelige hulp aan te bieden en een sterk netwerk van vrijwilligers verwachten wij minder complexe casussen waardoor trajecten minder lang zijn. Daardoor verwachten wij dat de kosten per cliënt lager zullen zijn en dat het begrote bedrag ook de volledige kosten van de professionele schuldhulpverleningsorganisatie zullen dekken. Er is nu structureel € 50.000,00 in het minimabeleidsplan begroot voor de kosten van de schuldhulpverlening. Daarnaast is er gebruik gemaakt van rijksmiddelen om de kosten van de professionele schuldhulp te dekken De rijksmiddelen voor de bestrijding van armoede die zijn gebruikt om de kosten van de professionele schuldhulpverlening te dekken zijn niet dezelfde middelen die structureel zijn vrijgemaakt voor de bestrijding van armoede onder kinderen. Dit betreft voor Rhenen een bedrag van € 81.278,00 per jaar. Deze laatste middelen zijn structureel vrijgemaakt en specifiek bedoeld voor bestrijding van armoede onder kinderen (0-18 jaar) door deze te ondersteunen met voorzieningen in natura. Deze gelden zijn bedoeld als aanvullende middelen en voor nieuwe initiatieven.
Deze middelen worden in Rhenen ingezet zoals omschreven in het plan van aanpak “kansen voor kinderen in Rhenen”. Bijvoorbeeld voor het Jeugd Sport Fonds. Wij willen in de komende 4 jaar voldoende middelen begroten om de kosten van onze wettelijke taak te kunnen betalen. We willen niet afhankelijk zijn van rijksmiddelen of het schuiven met andere budgetten. Daarom begroten wij in het minimabeleidsplan structureel een realistisch bedrag voor de kosten van de professionele schuldhulpverlenende instantie. Omdat schulden belemmerend zijn voor de deelname aan de maatschappij en vaak ook belemmerend zijn voor een re-integratie traject willen wij de kosten van het lokale schuldhulpverleningsbeleid dekken uit de re-integratie budgetten. Deze zijn in de afgelopen jaren niet geheel gebruikt en passen in het doel om een duurzame oplossing te vinden voor de schuldensituatie van de inwoner. Schulden belemmeren deelname aan de maatschappij en schuldhulpverlening kan een belangrijke rol spelen bij de re-integratie. In afwachting van de uitwerking van het regeringsakkoord is onduidelijk of er (voldoende) nieuwe rijksmiddelen komen om de schuldhulpverlening in het algemeen te bekostigen en onder welke voorwaarden.
Er is aangekondigd dat er extra middelen vrij worden gemaakt voor het voorkomen van de schulden, maar de vraag is of de dienstverlening van de professionele schuldhulpverlenende instantie (in casu het BAC) daar wel in past. Mochten er middelen komen vanuit het rijk dan is het afhankelijk van de voorwaarden die daaraan verbonden zijn of deze kunnen worden ingezet in plaats van de re-integratie budgetten of voor nieuwe initiatieven zoals bijvoorbeeld een herfinancieringsfonds voor de schulden van jongeren. Voor een inlooppunt van de professionele schuldhulpverlener zien wij het huis van de gemeente als voorliggende locatie en begroten wij geen aparte huisvestingskosten.
20
Bijzondere bijstand We nemen ook in dit overzicht de kosten van beschermingsbewind op uit de bijzondere bijstand. Wij schatten in dat de kosten van beschermingsbewind niet snel zullen afnemen nu het aan de inwoner zelf is om te vragen om beëindiging van het bewindvoerderstraject. Door een preventief schuldhulptraject, een lokaal inlooppunt, aanvullende diensten vanuit de schuldhulpverlenende organisatie, de inzet van vrijwilligers en convenanten met bewindvoerders of afspraken met de rechtbanken is de verwachting dat er op termijn minder mensen beschermingsbewind zullen aanvragen en op termijn ook meer inwoners uit een beschermingsbewind traject zullen uitstromen. Personele inzet en de dienstverleningsovereenkomst met Veenendaal Uit het voorliggende beleidsstuk blijkt dat er de afgelopen jaren veel nieuwe wensen en eisen zijn ontstaan om de uitvoering van de schuldhulpverlening in Rhenen te optimaliseren. Wij staan nu voor de keuze om deze nieuwe eisen en wensen onder te brengen bij Veenendaal en daarvoor de DVO uit te breiden wat meer kosten met zich meebrengt, of om deze middelen vrij te maken om binnen de gemeente Rhenen zelf de personele kracht in te kunnen zetten om het schuldhulpbeleid te optimaliseren.
Omdat wij vanaf 2021 naar alle waarschijnlijkheid de schuldhulpverlening uit de DVO met Veenendaal willen halen vragen wij nu niet om meer middelen om de DVO uit te breiden, maar om eigen middelen zodat wij zelf invulling kunnen geven aan nieuw beleid. Wij willen de komende 4 jaar 0,5 FTE binnen de organisatie in Rhenen inzetten voor een beleidsmedewerker schuldhulpverlening om in de breedste zin uitvoering te kunnen geven aan het beleid, de samenhangende aanpak binnen de teams van het sociaal domein te optimaliseren, de afstemming tussen de afdeling werk&inkomen, invordering en schuldhulpverlening te intensiveren, initiatieven in de gemeente te ondersteunen, informatie te verstrekken aan partners en de regierol binnen het netwerk van lokale (vrijwilligers)organisaties optimaal te benutten. Hierbij verdient het de voorkeur om de functie te combineren met die van beleidsmedewerker armoedebestrijding (minimabeleid) nu deze beleidsterreinen communicerende vaten zijn. Vanaf 1 januari 2021 komen er, na de evaluatie en herziening van de DVO met Veenendaal middelen vrij als wij het schuldhulpbeleid zelf uitvoeren en ontwikkelen. Wel zal er regionaal worden samengewerkt. Zo kan er gezamenlijk afspraken gemaakt worden met een professionele organisatie, rapportages worden ingericht en cursussen of trainingen worden aangeboden.
We besparen echter wel financiële middelen die nu binnen de DVO aan Veenendaal worden betaald. Rapportage en klanttevredenheidsonderzoek Wij willen meer inzicht in de resultaten. Daarbij staat voorop het verbeteren van de rapportage zodat wij meer inzicht kunnen geven in de resultaten van het schuldhulpbeleid. Er wordt aangesloten bij landelijke ontwikkelingen en initiatieven zoals de Divosa monitor om de gegevens over het schuldhulpbeleid van Rhenen te kunnen vergelijken met landelijke cijfers. Wij willen het niet laten bij een inzicht in de cijfers, maar wij willen ook onderzoeken hoe de inwoners de schuldhulpverlening beleven. Wij willen daarom een kwalitatief klanttevredenheidsonderzoek doen naar de schuldhulpverlening in Rhenen. Voor dit kwalitatieve klanttevredenheidsonderzoek halverwege de beleidsperiode willen wij € 5.000,00 reserveren. Voorlichting en educatie De kosten van voorlichting worden op verschillende manieren verantwoord. Allereerst is een onderdeel van de werkzaamheden van de professionele organisatie om binnen de keten van samenwerkende partners voorlichting en educatie te verzorgen. Voorlichting wordt ook gegeven door de beleidsmedewerker schuldhulpverlening en armoedebestrijding.
In samenwerking met het netwerk en de vrijwilligers kan deze voorlichting geven over de mogelijkheden die de gemeente heeft op het gebied van minimaregelingen en schuldhulpverlening. Deze kan aansluiten bij bijeenkomsten van sportverenigingen, scholen, kerken of
21
andere maatschappelijke partners. Intern zal er een ondersteunende rol zijn richting de medewerkers van het Centrum Jeugd en Gezin of de WMO-teams. Daarnaast zien wij dat schulden en de hulpverlening in veel casussen van deze teams voorkomen waardoor het trainen van onze eigen medewerkers vereist is. Gesprekstechnieken om schulden bespreekbaar te maken, het herkennen van verborgen armoede, maar ook de juiste informatie kunnen verstrekken is een elementair onderdeel van de dienstverlening. Ook andere teams, bijvoorbeeld van de groenvoorziening of afvalophaaldiensten hebben oog voor de situaties in de wijken. Zij zien veel signalen (zoals vervuilde appartementen of volle brievenbussen) en met training kunnen deze signalen goed worden opgepakt. Voor de training van de medewerkers willen wij een bedrag van € 10.000,00 reserveren welke gedekt kunnen worden uit het opleidingsbudget binnen de gemeente. Wij willen ook de vrijwilligers de mogelijkheid geven om bijeenkomsten te organiseren vanuit het financiële inlooppunt en hier jaarlijks € 2500,00 voor beschikbaar stellen. Hierbij valt te denken aan bijeenkomsten als de armoede conferentie en de minimaconferentie die zijn georganiseerd in 2017. Door eigen budget te reserveren met dit doel maken wij het makkelijker voor vrijwilligersorganisaties om initiatieven op dit gebied te ontplooien.
Deze kosten kunnen gedekt worden vanuit het initiatieven fonds, maar gegeven het onderwerp en de actieve vrijwilligersclubs die reeds aanwezig zijn willen wij hier bij voorkeur eigen budget voor vrijmaken. Voorlichting op scholen willen wij in samenspraak doen met de scholen en de professionele schuldhulpverlenende organisatie. Er zijn verschillende gratis lesmaterialen die de basisscholen kunnen gebruiken voornamelijk gericht op “de week van het geld”. Toch willen wij ook geld vrijmaken uit de voorhanden zijnde middelen uit het plan van aanpak “kansen voor kinderen” voor extra voorlichting door bijvoorbeeld theater gezelschappen uit te nodigen die voorlichting geven gericht op jongvolwassenen. Diverse projecten Projecten zijn eenmalige kosten die wij willen dekken uit voorhanden zijnde middelen. Mochten projecten succesvol blijken en onderdeel worden van het beleid dan zal hiervoor opnieuw een begrotingsverzoek worden gedaan. Voor enkele projecten kunnen wij al een inschatting geven van de kosten. Het inrichten van een financieel inlooppunt door vrijwilligers zal naar verwachting € 2.500,00 aan opstartkosten meebrengen. Te denken valt daarbij aan een kast, computer, printer, telefoon en papiervernietiger.
Daarbij wordt gekeken naar de meest voor de hand liggende locatie en het gezamenlijk gebruik van voorzieningen met andere vrijwilligers waardoor huisvesting geen aanzienlijke kosten met zich meebrengt. De kosten voor dit project kunnen uit het initiatieven fonds worden aangevraagd. Mocht blijken dat er structurele middelen moeten worden toegevoegd dan zal daar binnen de budgetten ruimte voor gevonden worden. Het opzetten van een vroegsignaleringsproject met de woningstichting zal naar verwachting kosten met zich meebrengen voor het afsluiten van een convenant en eventueel voor de extra inzet om huisbezoeken af te leggen. De huisbezoeken kunnen afgelegd worden door de woningstichting, de professionele schuldhulpverlenende organisatie of een derde partij. Die tijd zal vergoed moeten worden. De inschatting is dat er € 10.000,00 euro nodig is voor een pilot van een half jaar. Dan gaan wij uit van een project waarbij de woningstichting en de professionele schuldhulpverlenende organisatie de huisbezoeken afleggen. Het is een innovatief en vernieuwend project waardoor er middelen aangevraagd kunnen worden uit voorliggende budgetten van de gemeente of als er rijksmiddelen worden toegekend met als doel het voorkomen van schulden kunnen deze worden ingezet.
Bij het opzetten van een samenwerking met de bewindvoerders zoeken wij aansluiting bij het project “Samen Verder” van de Branchevereniging voor Professionele Bewindvoerders en Inkomensondersteuners (BPBI), dat een modelconvenant heeft opgeleverd voor meer gestandaardiseerde samenwerkingsafspraken tussen gemeenten en bewindvoerders. Door het project in samenwerking met Veenendaal te doen vergroten wij het effect, maar blijven de kosten beperkt. Het is nog niet mogelijk om een inschatting te maken van de kosten nu nog niet duidelijk is 22
om welke partijen en om hoeveel inwoners het gaat. Door actief de samenwerking te zoeken kunnen wij inzichtelijk maken waar deze kosten aan besteed worden en wat de bijdrage is voor de inwoners van de gemeente Rhenen. Door de samenwerking tussen de gemeente, de professionele schuldhulpverlening en vrijwilligers te verbeteren en door andere diensten in te zetten verwachten wij wel een daling van de instroom en tegelijkertijd een toegenomen uitstroom uit beschermingsbewind in de komende periode. Het opzetten van een project waarbij wij kijken naar de mogelijkheden om schulden op te kopen in ruil voor een lening, tegenprestatie of anderszins zal tijd vragen van onze organisatie. Het is nog onduidelijk of een dergelijk project wenselijk, haalbaar en uitvoerbaar is en daarmee is het nog onmogelijk om een inschatting te geven van de kosten. Voorlichtingscampagne Voor de voorlichtingscampagne begroten wij eenmalige opstartkosten van € 5.000,00 en vervolgens jaarlijks een bedrag van € 1.500,00. Zo is er ook een budget bestemd om inwoners proactief te benaderen over de mogelijkheden van schuldhulpverlening zonder dat dit ten koste gaat van geld dat voor directe hulp beschikbaar is.
De kosten zijn een inschatting, maar we willen graag de middelen hebben om samen met de inwoners van Rhenen en in het bijzonder de jongerenraad, scholen en jongerenorganisaties een brede campagne te ontwikkelen begeleid door professionals. Zo zijn de inwoners en met name jongeren nauw betrokken bij het uitvoeren van het schuldhulpbeleid. Naar verwachting zullen de jongeren zich veel richten op een digitale campagne, maar daarnaast willen wij ook posters ontwerpen en periodiek ophangen in de stad. De ontwikkeling van de website is hierbij niet meegenomen, maar wel een integraal onderdeel van het schuldhulpbeleid. Naast eigen budget van de gemeente verwachten wij ook dat onze partners zoals de professionele schuldhulpverlenende organisatie, de SchuldHulpMaatjes, Jeugdsportfonds, Jeugdcultuurfonds, etc. hun eigen promotie verzorgen afgestemd met en naast de campagne van de gemeente. Vrijwilligersorganisaties Vrijwilligers nemen een belangrijke plaats in bij de uitvoering van ons schuldhulpbeleid. Niet alleen zijn zij een laagdrempelige toegang naar schuldhulpverlening, zij brengen ook een eigen persoonlijke kracht mee die ons netwerk versterkt. Wij zijn wel op zoek naar goed opgeleide, betrouwbare vrijwilligers die structureel een bijdrage kunnen leveren aan onze dienstverlening.
Wij zijn ook bereid om een actieve bijdrage te leveren aan het vergroten van kennis samen met de professionele schuldhulpverlenende organisatie. Een goed voorbeeld is de stichting SchuldHulpMaatjes die als landelijke organisatie goede eisen stelt aan haar coördinatoren en vrijwilligers door te zorgen voor gedegen, periodieke opleiding. De stichting Noodfonds ondersteunen wij door de mensen die het bestuur vormen op te leiden. De meerwaarde van deze stichtingen zijn al bewezen en hun inzet en betrokkenheid is een aanvulling op het schuldhulpbeleid van de gemeente Rhenen. Daarom ondersteunen wij deze stichtingen financieel. Voor de Stichting SchuldHulpmaatjes en de Stichting Noodfonds zijn in het Beleidsplan Minimaregelingen 2017-2019 een bedrag van jaarlijks € 9000,00 opgenomen. De bijdrage aan de organisaties wordt hier voor de volledigheid nogmaals opgenomen en wij willen de bijdrage vastleggen in ons schuldhulpverleningsbeleid tot 2022. Dat is natuurlijk wel afhankelijk van de noodzaak van de middelen. Daarover zal steeds jaarlijks overleg plaatsvinden met de organisaties en er zullen afspraken worden gemaakt over de verstrekte middelen.
23
6.2 Begroting 2018-2022 Schuldhulpverlening (gedekt in minimabeleidsplan) Uitgaven
2018
2019
2020
2021
2022
Stichting Noodfonds/SHM
€ 18.000,00
€ 18.000,00
€ 18.000,00
€ 18.000,00
€ 18.000,00
Bijzondere bijstand (bewind)
€ 99.000,00
€ 99.000,00
€ 97.500,00
€ 97.500,00
€ 95.000,00
Professionele Schuldhulp
€ 89.000,00
€ 89.000,00
€ 89.000,00
€ 89.000,00
€ 89.000,00
totaal
€ 206.000,00
€ 206.000,00
€ 204.500,00
€ 204.500,00
€ 202.000,00
Dekking (in minimabeleid)
€ 206.000,00
€ 206.000,00
€ 204.500,00
€ 204.500,00
€ 202.000,00
Benodigd voor nieuw beleid Rapportage en tevredenheidsonderzoek Budget voor bijeenkomsten
€ 0,00
€ 0,00
€ 5.000,00
€ 0,00
€ 0,00
€ 2.500,00
€ 2.500,00
€ 2.500,00
€ 2.500,00
€ 2.500,00
Campagne budget
€ 5.000,00
€ 1.500,00
€ 1.500,00
€ 1.500,00
€ 1.500,00
0,5 FTE
€ 30.000,00
€ 30.000,00
€ 30.000,00
€ 30.000,00
€ 30.000,00
totaal
€ 37.500,00
€ 34.000,00
€ 39.000,00
€ 34.000,00
€ 34.000,00
2018
2019
2020
2021
2022
€ 37.500,00
€ 34.000,00
€ 39.000,00
DVO
DVO
Dekking Re-integratiebudget
24
7. UITVOERINGSPLAN 2018-2022 Beleidsonderwerp
Actiepunt
Per
Uitvoering van het beleid: professionele organisatie
Schuldhulpverlening aan inwoners van Rhenen wordt uitgevoerd door een professionele schuldhulpverleningsorganisatie (PSO). Er worden onder andere afspraken gemaakt over: de samenwerking met en de scholing van vrijwilligers. Inrichten van een inlooppunt in Rhenen Ondersteuning bij een vroegsignaleringsproject Ondersteuning bij het opstellen van convenanten met bewindvoerders Aanstellen 0,5 Fte beleidsmedewerker schuldhulp om o.a.: accounthouder PSO; invulling geven aan de nieuwe rol van de gemeente in de samenwerking met de verschillende lokale partners. nieuwe ontwikkelingen welke relevant zijn voor de inwoners van Rhenen bijhouden nieuwe projecten onderzoeken en opzetten, beleid evalueren en actualiseren. controleren en rapporteren; Intensiveren samenwerking tussen verschillende beleidsonderdelen van de gemeente Rhenen die mogelijk conflicterende belangen hebben (invordering, werk en inkomen en schuldhulp) portefeuillehouder adviseren; samenhangende aanpak ondersteunen en regisseurs helpen bij hun “één gezin-één plan-één regisseur aanpak”; bezwaarschriften afhandelen. Stichting Noodfonds en SchuldHulpMaatjes zijn de vrijwilligers die inwoners met schulden in de breedste zin bijstaan. Er wordt een netwerkgroep gemaakt tussen de gemeente, PSO, SHM en Noodfonds om kennis actief te kunnen delen.
1-1-2018
Inrichten en ontwikkelen financieel inlooppunt in Rhenen waar: vragen omtrent budgetbeheer door inwoners gesteld kunnen worden; waar vrijwilligers, gemeente en PSO zich kunnen profileren en concentreren om de uitvoering te optimaliseren en makkelijk vindbaar te worden. Samen met de PSO, CJG, Remmerden en sociale teams inrichten van een meldpunt ontruiming en afsluiting om bij een aangezegde ontruiming/ dreigende afsluiting proactief te voorkomen dat de executie wordt voortgezet.
1-1-2018
Vroegsignaleringsproject opzetten met Woningstichting (in pilotvorm, 6 mnd) waarbij: in samenwerking met de PSO de mogelijkheid creëren om mensen met schulden eerder proactief te benaderen, zonder een schending van de privacy van de inwoner. Bij succes van het project kunnen wij het uitbreiden naar collectieve zorgverzekeraar, energiemaatschappij en andere relevante partners.
1-6-2018
Uitvoering van het beleid: gemeente
uitvoering van het beleid: de gemeente en de vrijwilligers Uitvoering van het beleid: vrijwilligers, professioneel en gemeente
Uitvoering van het beleid: de gemeente en de woningstichting
Uitvoering van het beleid: de gemeente en de woningstichting
1-1-2018
1-1-2018
1-1-2018
25
Uitvoering van het beleid: gemeente
01-01-2019
Uitvoering van het beleid: gemeente
Ontwikkelen digitale omgeving schuldhulpverlening in samenwerking met Veenendaal: Oprichten van een online platform voor de samenwerking tussen professionele en vrijwilligers organisaties; Ontwikkelen van online schulddienstverlening; Voorlichting via instructievideo’s. Rapportage verbeteren in samenwerking met de PSO, maar ook binnen de gemeente om beter te kunnen monitoren hoe de schuldhulpverlening wordt uitgevoerd en hoe Rhenen er landelijk voor staat door: Aansluiten bij de Benchmark armoede en schulden Onderzoek onder de inwoners van de gemeente Rhenen naar het effect van de schuldhulpverlening Klanttevredenheidsonderzoek schuldhulpverlening binnen de gemeente
Uitvoering van het beleid: gemeente
Opzetten pilot / project herfinancieren schulden in specifieke gevallen
1-1-2020
Uitvoering van het beleid: gemeente
Opzetten pilot / project samenwerking met bewindvoerders optimaliseren
1-1-2019
Preventie
De PSO verzorgt binnen de keten van samenwerkingspartners trainingen, cursussen en netwerkbijeenkomsten voor vrijwilligers, gemeentemedewerkers en inwoners. Samen met de PSO voorlichting op de basisscholen van Rhenen leraren, ouders en kinderen op het gebied van budgetbeheer. (Wel zal er afstemming moeten plaatsvinden met de scholen over het inpassen van het onderwerp in hun programma)
1-6-2018
Preventie
Voorlichting op VMBO verzorgen aan leraren, ouders en studenten. Hier zijn bijvoorbeeld speciale theater groepen voor en vervolgens kunnen we gebruik maken van de diensten van de PSO voor de training van docenten
1-3-2018
Preventie
Cursussen en bijeenkomsten organiseren vanuit het nieuwe inlooppunt in samenwerking met de vrijwilligers voor inwoners die in een schuldhulptraject zitten of er in hebben gezeten
1-1-2019
Voorlichting/bekendheid
Campagne waarbij inwoners worden gewezen op de mogelijkheid om hulp te vragen bij de gemeente. De campagne bestaat in ieder geval uit een postercampagne en een digitale mediacampagne (bij voorkeur met jongerenverenigingen opgezet), maar er zal breed ingezet worden op communicatiemiddelen
1-1-2018
Uitvoering van het beleid: gemeente
Preventie
01-01-2019
01-06-2020
1-3-2018
26
Bijlage 1: Afkortingen en begrippen Betalingsregeling: Bij overeenkomst tussen schuldenaar en schuldeisers vastgelegde regeling, waarin wordt bepaald dat de vastgestelde vorderingen worden terugbetaald in een vooraf vastgesteld aantal termijnen. Bewindvoering: Een regeling waarbij de rechter een bewindvoerder machtigt om de verantwoording te nemen over de financiën van een cliënt. De bewindvoerder legt hierover verantwoording af aan de kantonrechter (basis Burgerlijk Wetboek). Het vrij te laten bedrag (VTLB): VTLB is het bedrag dat een huishouden in een schuldregeling maandelijks mag overhouden. Het is een rekennorm die landelijk is vastgesteld en daarmee door alle gemeenten en rechtbanken op dezelfde manier wordt toegepast. Grofweg is het VTLB gelijk aan 90 procent van de bijstandsnorm. Voor een alleenstaande is dat ongeveer € 875. Voor een stel zonder kinderen is dat ongeveer € 1.250. Budgetbeheer: Geheel van activiteiten in het kader van het beheren van de inkomsten van de schuldenaar en het overeenkomstig het vastgestelde budgetplan verrichten van betalingen.
Problematische Schulden: Een problematische schuldsituatie is volgens de definitie van het NVVK: “de situatie waarin van een natuurlijk persoon redelijkerwijs is te voorzien dat hij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden, of waarin hij heeft opgehouden te betalen.” GGDrU: Gemeentelijke gezondheidsdienst regio Utrecht NVVK: de Nederlandse vereniging voor volkskrediet. De NVVK is de branchevereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren. Schuldenaar/debiteur: degene die geld verschuldigd is aan een partij. Schuldeiser/crediteur: is een persoon of instelling die geld tegoed heeft van een schuldenaar als gevolg van een overeenkomst tussen schuldeiser en schuldenaar, bijvoorbeeld een leveringsafspraak met betrekking tot goederen of diensten waar de betaling van een geldbedrag tegenover staat. Een schuldeiser verschilt van een crediteur omdat een crediteur in normale gevallen zijn rekening betaald krijgt. Pas als de rekening niet betaald wordt en de crediteur dit kenbaar maakt verandert deze in schuldeiser. Schuldregeling: Schuldsanering of schuldbemiddeling die leidt tot een schuldenvrije situatie. SCP: Sociaal Cultureel Planbureau. Het Sociaal en Cultureel Planbureau is een interdepartementaal, wetenschappelijk instituut, dat - gevraagd en ongevraagd - sociaalwetenschappelijk onderzoek verricht.
Het SCP rapporteert aan de regering, de Eerste en Tweede Kamer, de ministeries en maatschappelijke en overheidsorganisaties. Het SCP valt formeel onder de verantwoordelijkheid van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Stabilisatie: In evenwicht brengen en houden van inkomsten en uitgaven van de schuldenaar, waardoor ‘financiële rust’ wordt bereikt. VNG: Vereniging van Nederlandse Gemeenten WSNP: Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Is onderdeel van de Faillissementswet. Voorafgaand aan een wettelijk schuldsaneringstraject dient een minnelijk traject te zijn doorlopen. In de WSNP zijn rechten en verplichtingen opgenomen t.a.v. schuldeisers en schuldenaren. Schuldsanering: Afkopen van de totale schuldenlast tegen definitieve kwijtschelding van de restantschuld op basis van een percentage van de totale schuldenlast door middel van het afsluiten van een kredietovereenkomst Niet-regelbare schulden: Schulden die niet worden kwijtgescholden in een minnelijke schuldregeling. Nibud: Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting en is een onafhankelijke stichting die het budgetteren propageert als hulpmiddel om de inkomsten en uitgaven binnen een particulier huishouden op elkaar af te stemmen, ook op langere termijn.
27
Bijlage 2: Beleidsregels schuldhulpverlening Rhenen Beleidsregels schuldhulpverlening Rhenen Artikel 1. Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rhenen; b. Inwoner: ingezetene die op grond van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens bij een gemeente is ingeschreven; c. Schuldhulpverlening: het ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op de aflossing van schulden indien redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijk persoon niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, alsmede de nazorg; d. Verzoeker: persoon die zich tot het college heeft gewend voor schuldhulpverlening. Hieronder wordt tevens de eventuele partner verstaan. e. Fraude: handeling van een persoon die financiële benadeling van een bestuursorgaan tot gevolg heeft en die persoon in verband daarmee onherroepelijk strafrechtelijk is veroordeeld of een onherroepelijke bestuurlijke sanctie, die beoogt leed toe te voegen, is opgelegd. Artikel 2. Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening Alle inwoners van de Gemeente Rhenen van 18 jaar en ouder kunnen zich tot het college wenden voor schuldhulpverlening. De gemeente geeft dit vorm. Dit kan zowel ‘aan het loket’, via een aanvraagformulier of via internet.
Artikel 3. Aanbod schuldhulpverlening 1. Het college verleent aan verzoeker schuldhulpverlening indien het college schuldhulpverlening noodzakelijk acht. Indien de noodzaak niet aanwezig wordt geacht door het college, kan een aanvraag worden geweigerd. 2. De vorm waarin de gemeente schuldhulpverlening aanbiedt, is van meerdere factoren afhankelijk en kan dus per situatie verschillen. De factoren die een rol kunnen spelen zijn: a. zwaarte en/of omvang van de schulden; b. psycho-sociale situatie; c. houding en gedrag van verzoeker (motivatie); d. een eventueel eerder gebruik van schuldhulpverlening. Artikel 4. Verplichtingen 1. Verzoeker doet aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op schuldhulpverlening, zowel bij de aanvraag als gedurende de looptijd van het schuldhulpverleningstraject. 2. Verzoeker is verplicht om alle medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is gedurende de aanvraagperiode en tijdens het schuldhulpverleningstraject. De medewerking bestaat onder andere uit: a. het nakomen van afspraken; b. geen nieuwe schulden aangaan; c. vaste lasten (huur, gas, water, licht en ziektekostenpremie) betalen; c. het zich houden aan de bepalingen van de schuldregelingsovereenkomst. Artikel 5.
Weigeren en beëindigen Indien verzoeker niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 4, leden 1 en 2, kan het college besluiten om schuldhulpverlening te weigeren dan wel te beëindigen. Artikel 6. Beëindiginggronden Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het college besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening indien: a. het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond; b. de schuldenaar zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken voor de aflossing van schulden; c. op grond van – zo later is gebleken – onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan betrokkene is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij het college, een andere beslissing zou zijn genomen; d. belanghebbende zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt; e. de schuldenaar in staat is om zijn schulden zelf te regelen dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren;
28
f. g.
de geboden hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de schuldenaar, niet (langer) passend is; indien de schuldhulpverlening door het college niet langer noodzakelijk wordt geacht.
Artikel 7. Recidive – hernieuwde aanvraag a. Indien minder dan 2 jaar voorafgaande aan de dag waarop het verzoek is ingediend, door verzoeker een traject schuldregeling succesvol is doorlopen (minnelijk en/of wettelijk), kan een aanvraag schuldhulpverlening worden geweigerd met uitzondering van het geven van informatie, advies en/of een doorverwijzing. b. Indien minder dan 1 jaar voorafgaande aan de dag waarop het verzoek is ingediend - een traject schuldregeling tussentijds door toedoen van de verzoeker is beëindigd (minnelijk en/of wettelijk); - ingevolge artikel 5 een traject schuldhulpverlening is geweigerd; - schuldhulpverlening is beëindigd op grond van artikel 6 sub c, d of e; kan een aanvraag schuldhulpverlening worden geweigerd met uitzondering van het geven van informatie, advies en/of een doorverwijzing. Artikel 8. Fraude a. Fraude is een weigeringsgrond voor schuldhulpverlening, in die zin dat betrokkene geen beroep kan doen op een schuldregeling, vrijwillig beschermingsbewind of WSNP; b. Indien minder dan 2 jaar voorafgaande aan de dag waarop het verzoek is ingediend, door verzoeker fraude is gepleegd, kan een aanvraag schuldhulpverlening worden geweigerd met uitzondering van het geven van informatie, advies en/of een doorverwijzing. Artikel 9. Hardheidsclausule en onvoorziene omstandigheden 1.
Het college kan in zeer bijzondere gevallen gemotiveerd afwijken van de bepalingen in deze regeling, indien onverkorte toepassing daarvan aanleiding geeft of zou leiden tot disproportionele onredelijkheid of onbillijkheid. 2. In gevallen waarin deze regeling niet voorzien, beslist het college. Artikel 10. Inwerkingtreding en citeertitel Deze regeling treedt met terugwerkende kracht in werking met ingang van 1 januari 2013 en wordt aangehaald als ‘Beleidsregels Schuldhulpverlening Rhenen’. Toelichting Inleiding algemeen Op 1 juli 2012 is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening van kracht. In het beleidsplan ‘Hulp helpt!’ zijn de visie en uitgangspunten van de gemeentelijke schuldhulpverlening neergelegd. Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering van de schuldhulpverlening en stelt hierbij een aantal voorwaarden. Deze voorwaarden en andere richtlijnen zijn opgenomen in deze Beleidsregels schuldhulpverlening Rhenen. Zo is het voor de burger duidelijk waaraan hij zich dient te houden en welke spelregels er zijn op het terrein van de gemeentelijke schuldhulpverlening. Bovendien geven deze beleidsregels ook kaders aan voor de uitvoerders van de wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Artikel 1. Begripsbepalingen Dit artikel is gebaseerd op artikel 1 van het wetsvoorstel Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Artikel 2.
Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening Conform de visie staat schuldhulpverlening in beginsel open voor alle inwoners van Rhenen van 18 jaar en ouder. Hieronder vallen ook zelfstandig ondernemers zonder personeel. Een specifiek doelgroepenbeleid wordt dus niet gevoerd door de gemeente. Artikel 3. Aanbod schuldhulpverlening In lid 1 is aangegeven dat het college schuldhulpverlening verleent indien het college schuldhulpverlening noodzakelijk acht. Het uitgangspunt eigen verantwoordelijkheid staat hierbij centraal. Schuldhulpverlening kan achterwege blijven indien de burger in staat moet worden geacht zijn schuldproblematiek zelfstandig op te lossen. Ook wordt hiermee recht gedaan aan het beleidsmatige uitgangspunt dat schuldhulpverlening selectief en gericht ingezet dient te worden. Daar waar sprake is van een schuldenpakket dat zich niet laat regelen in combinatie met een onregelbare verzoeker, kan een aanvraag worden geweigerd. Lid 2 toont de kern van schuldhulpverlening nieuwe stijl: een gerichte en selectieve toepassing van schuldhulpverlening. Het gaat om maatwerk. De inzet van producten kan per situatie verschillen. Hier worden 4
29
factoren genoemd die bepalen in welke mate de gemeente één of meerdere producten schuldhulpverlening aanbiedt: a. zwaarte en/of omvang van de schulden; b. psycho-sociale situatie; c. houding en gedrag van de aanvrager (motivatie); d. een eventueel eerder gebruik van schuldhulpverlening. De inzet van de instrumenten is daarmee afhankelijk van de regelbaarheid van de schuldenaar en zijn schuldenpakket. Dit kan ook betekenen dat geen zorg wordt verleend. Bijvoorbeeld als er geen sprake is van een stabiel inkomen op minimaal de van toepassing zijnde bijstandsnorm; of de verzoeker geen stabiele woon- of leefsituatie heeft en er geen zicht is op een verbetering van de situatie of er sprake is van onregelbare schulden (zoals fraudeschulden). Dan zal betrokkene enkel informatie, advies en eventueel een doorverwijzing krijgen. Ook zal het doel van de schuldhulpverlening niet altijd gericht zijn op schuldregelen en schuldenvrij worden. Voor een deel van de doelgroep zal “stabilisatie” het hoogst haalbare zijn. Daarop worden passende instrumenten ingezet. Afhankelijk van de situatie wordt een klantprofiel opgesteld en kan passende schuldhulpverlening worden ingezet. Daarbij kan gedacht worden aan: -
voorlichting, informatie, advies en doorverwijzing; crisisinterventie workshop hulp bij thuisadministratie budgetbegeleiding en budgetbeheer beschermingsbewind schuldbemiddeling afgifte verklaring ingevolge Wet schuldsanering natuurlijke personen nazorg
Artikel 4. Verplichtingen en gevolgen schending daarvan Met dit artikel wordt de eigen verantwoordelijkheid van de hulpvrager voorop gesteld. Het behoort tot de verantwoordelijkheid van mensen zelf om tijdig de benodigde informatie te geven (lid 1) en medewerking te verlenen (lid 2). Dit zowel in de fase van aanvraag als gedurende de looptijd van een traject. Wat betreft de verplichting tot medewerking is in lid 2 een aantal verplichtingen benoemd. Dit is geen limitatieve opsomming. Zie dient de hulpvrager zich ook te houden aan de afspraken met andere hulpverlenende instanties die van invloed kunnen zijn op het slagen van het schuldhulpverleningstraject Artikel 5. Weigeren en beëindigen Indien verzoeker niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 4, leden 1 en 2, kan het college besluiten om schuldhulpverlening te weigeren dan wel te beëindigen. Alvorens dat te doen wordt, conform lid 2, verzoeker eenmaal een termijn geboden om alsnog, de gevraagde medewerking te verlenen of informatie te verstrekken. De termijn die aan verzoeker wordt gesteld is in dit artikel bewust niet benoemd. De termijn dient een redelijke te zijn conform de Algemene wet bestuursrecht. Wat redelijk is, hangt samen met het type verplichting.
Komt verzoeker ook gedurende de herstelperiode zijn verplichting niet na, dan kan het college besluiten tot weigering of beëindiging van de schuldhulpverlening. In het kader van eigen verantwoordelijkheid vereist het opleggen van een hersteltermijn maatwerk. Artikel 5 is geformuleerd als een zogenaamde “kan”-bepaling. Het college heeft de bevoegdheid tot weigering of beëindiging, maar niet de verplichting. Dit geeft het college met name ruimte om van een weigering of beëindiging af te zien, indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. Artikel 6. Beëindiginggronden In dit artikel wordt beschreven wanneer schuldhulpverlening kan worden beëindigd. Het artikel laat in ieder geval de werking van artikel 5 onaangetast. Van de 7 gronden zoals benoemd, verdienen de gronden onder f. en g. bijzondere aandacht gelet op de visie zoals neergelegd in het beleidsplan. Daar waar Rhenen wil staan voor een selectieve en gerichte toepassing van schuldhulpverlening, kan dat betekenen dat schuldhulpverlening wordt beëindigd indien de vorm van hulpverlening niet langer aansluit bij de persoonlijke omstandigheden van de schuldenaar. Zie in dat licht ook een duidelijk link met artikel 3 lid 2 van deze beleidsregels. Die persoonlijke omstandigheden variëren in aard en duur.
Hier is dan ook sprake van maatwerk en dient de medewerker die belast is met de uitvoering van de wet schuldhulpverlening dit goed te motiveren in de beschikking. Artikel 7. Recidive – hernieuwde aanvraag
30
Wat betreft de bevoegdheid tot weigering van een aanbod schuldhulpverlening in relatie tot eerdere trajecten / contacten schuldhulpverlening, zijn in dit artikel regels gesteld. Op basis van het principe van eigen verantwoordelijkheid, wordt een nadrukkelijke grens gesteld aan het kunnen doen van hernieuwde aanvragen. Dit artikel gaat evenwel niet alleen over eigen verantwoordelijkheid. Dit artikel gaat ook over prioriteitstelling: keuzes tot al dan niet toelaten tot de schuldhulpverlening dienen mede te worden gemaakt tegen de organisatorische achtergrond van beschikbare formatie en tijd. Bij het gebruik van artikel 7 en dus de vraag wanneer welk type hulpverlening wordt geweigerd, is het van belang om de in artikel 7 genoemde begrippen / producten goed te onderscheiden. - Schuldhulpverlening is een breed begrip en omvat alle producten zoals de gemeente die kent. - Een traject schuldregeling is één van de gemeentelijke producten, maar kan ook betrekking hebben op een schuldregeling ingevolge de Wsnp. Bij het bepalen of een persoon al eerder gebruik heeft gemaakt van schuldhulpverlening telt de verleende schuldhulpverlening en/of de contacten daaromtrent vóór de inwerkingtreding van deze beleidsregels ook mee.
De grote beleidsvrijheid zoals aan de gemeente gegeven om een dergelijke recidivebepaling op te nemen, ontslaat de gemeente niet van de verplichting om, daar waar een onevenredige situatie ontstaat voor de burger, af te wijken van het bepaalde van artikel 7 indien nodig (ingevolge artikel 8: de hardheidsclausule). Uitgangspunt is en blijft evenwel het bepaalde in artikel 7. Art 8. Fraude lid 1: Volgens art 3 lid 2 jo 3 kunnen recidive en fraude een weigeringsgrond voor schuldhulpverlening zijn. Dit is opgenomen als ‘kan’bepaling waardoor er steeds per geval beoordeeld kan worden. Onder fraude verstaan we: handeling van persoon die financiële benadeling van een bestuursorgaan tot gevolg heeft en die persoon in verband daarmee onherroepelijk strafrechtelijk is veroordeeld of een onherroepelijke bestuurlijke sanctie, die beoogt leed toe te voegen, is opgelegd. Vaak hebben bestuursorganen als eisende partij een eigen bevoegdheid of preferentie bij het terug- en invorderen van fraudeschulden. Zij zullen en kunnen niet akkoord gaan met een gedeeltelijke betaling van de schuld tegen een finale kwijting. Ditzelfde geldt ook voor bijstandsfraude. Hierin is de gemeente (als schuldeiser) ook zelf belanghebbende. Met dit artikel wordt beoogd dat als er sprake is van fraudeschulden betrokkene niet wordt toegelaten tot een schuldhulpverleningstraject.
Dit wordt dan niet zozeer ingegeven door de onwrikbare houding van de ‘eisende’ partij, maar wordt met dit artikel ook toegepast door de gemeente zelf bij het toelaten tot schuldhulpverlening. We vinden dat fraudeurs moeten worden aangepakt en niet moeten worden geholpen. Daarmee verspelen zij ook de toegang tot schuldregelingen in het kader van de wet gemeentelijke schuldhulpverlening. De toegang tot het geven van informatie, advies en/of een doorverwijzing blijft wel mogelijk. Dit is veelal eenmalig en kort contact. In artikel 8 is er bewust niet voor gekozen om op voorhand uitzonderingsgevallen te benoemen. Indien in de praktijk blijkt dat deze regel disproportioneel uitpakt (bijvoorbeeld voor gezinsleden/kinderen van de fraudeur) dan kan dit via artikel 9 worden hersteld. Art 9 voorziet in een algemene hardheidsclausule. Dit stelt het college in staat om in bijzondere gevallen (gemotiveerd) af te wijken van deze regel. Artikel 9. Hardheidsclausule en onvoorziene omstandigheden Dit artikel geeft ruimte aan het college om in bijzondere (lid 1) en/of onvoorziene (lid 2) gevallen af te wijken van de regels zoals neergelegd in deze regeling. Artikel 10. Inwerkingtreding + citeertitel Deze beleidsregels treden in werking de dag na bekendmaking van de regels en gelden met terugwerkende kracht naar 1 januari 2013.
Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels schuldhulpverlening Rhenen
31
Bijlage 3: Evaluatie beleid 2013-2017 Introductie In deze bijlage staan kort de doelstellingen van het beleidsplan 2013-2016 en de evaluatie van het huidige beleid. Deze evaluatie is in eerste instantie opgesteld door de gemeente Veenendaal. Het opstellen en uitvoeren van het beleid is uitbesteed aan de gemeente Veenendaal. Tevens gaan wij in op de rol van de professionele organisaties en de vrijwilligers die de afgelopen periode actief zijn geweest op het gebied van schuldhulpverlening en armoedebestrijding. Doelstellingen beleidsplan 2013-2016 De doelstelling uit het beleidsplan 2013-2016 ” Van “help!” naar hulp” is om te komen tot een integrale benadering van schuldhulpverlening. Integrale schuldhulpverlening wil zeggen het actief ondersteunen van een inwoner bij het vinden van een oplossing voor zijn/haar financiële problemen, maar ook bij het vinden van een oplossing voor de eventuele oorzaken hiervan of voor omstandigheden die verhinderen dat de financiële problemen kunnen worden opgelost. Integrale schuldhulpverlening houdt daarnaast in dat zoveel mogelijk voorkomen wordt dat problematische schulden ontstaan. Hierbij is uitgegaan van eigen verantwoordelijkheid van de inwoner van Rhenen. Van diens eigen kracht en netwerk. Pas als deze er niet in slaagt zijn problemen zelf (of met hulp van zijn omgeving) te boven te komen, kan er een beroep gedaan worden op de gemeente.
Professionele organisaties Het BAC: Schuldhulpverlening voeren we niet zelf uit. De gemeentelijke uitvoeringstaak is in de afgelopen jaren opgedragen aan het Budget adviescentrum (BAC). Het BAC is onderdeel van Vitras. Sinds 2007 is de reguliere subsidie vormgegeven als prestatiesubsidie met prestatieafspraken per product. Deze subsidie wordt jaarlijks vastgesteld. In de uitvoeringsovereenkomst “Schuldhulpverlening” wordt vastgelegd welke producten we van het BAC afnemen en tegen welk tarief. Daarnaast zijn hierin de afspraken voor het leveren van managementinformatie opgenomen. Jaarlijks worden de resultaten beoordeeld. Op basis hiervan wordt de subsidie definitief vastgesteld. Daarnaast zijn er specifieke eisen gesteld aan de kwaliteit van de dienstverlening, de kennis van de medewerkers van het BAC, wachttijden voor aanmelding, resultaten en rapportages. Kwaliteit van de dienstverlening: maatwerk door traject 51 Uitgangspunt van het beleid 2013-2016 was te gaan van “one-size-fits-all” naar maatwerk voor cliënten. Sinds november 2013 hanteert het BAC methode ‘Traject51’ 12 om maatwerk te kunnen bieden per cliënt. Deze werkwijze is gebaseerd op de kennis en ervaring van schuldhulpverleners, deurwaarders, communicatiedeskundigen en gedragswetenschappers om goed te kunnen bepalen wat de beste inzet van middelen is per cliënt.
Iedere inwoner met een hulpvraag wordt geholpen binnen de mogelijkheden die het BAC heeft of doorverwezen naar de juiste instantie die een oplossing kan bieden. Aantal aanvragen
Jaar
aanmeldingen Daadwerkelijke intakes totale kosten 2013 75 51 € 85.524,27 2014 92 52 € 80.073,66 2015 70 57 € 85.432,00 2016 72 51 € 96.574,10
12 Traject51 is een webbased vragenlijst en dient om organisaties snel en objectief een volledig beeld te geven van hun cliënten
om zo te komen tot het best passende traject. Zie ook de website https://www.traject51.nl/website/
32
Kwaliteit dienstverlening BAC: externe audits en rapportages De kwaliteit van de dienstverlening van het BAC wordt gecontroleerd aan de hand van de gedragscode van de Nederlandse vereniging voor volkskrediet (NVVK). Met een audit wordt de kwaliteit van NVVK-leden continu getoetst. De audit wordt afgenomen door onafhankelijke auditoren. Daarnaast wordt door beide organisaties periodiek (halfjaarlijks) gerapporteerd aan de gemeente over wachttijden, aantal personen en resultaat van de dienstverlening. Kennis en kwaliteit van medewerkers De medewerkers van het BAC beschikken over HBO werk- en denkniveau en volgen 2 maal per jaar de studiedagen van de NVVK. Alle klantmanagers hebben een verdiepingscursus VTLB (vrij te laten bedrag) gehad. Daarnaast zijn er verschillende congressen en bijeenkomsten bezocht door de klantmanagers. Een belangrijk signaal is dat de cliënten van het BAC de dienstverlening met een 8,1 waarderen. Ook hiervoor zijn de audits een manier om de kwaliteit te controleren. Specifieke eisen aan dienstverlening De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en ons beleid hebben een aantal zeer meetbare eisen over aanmeldtijden. In 2013 was er een aanloopfase waarbij deze maximale tijden niet gehaald werden. Op dat moment is er gekozen voor een maandelijkse rapportage om actief de verbetering te volgen.
Dankzij een aanpassing in het beleid door het BAC is er snel gewerkt aan het terugdringen van deze achterstanden en zijn deze sindsdien op orde. Voorlichting, preventie en educatie door het BAC: Op het gebied van voorlichting geeft het BAC 4 keer per jaar een cursus over budget. Deze worden bezocht door de inwoners van Rhenen die cliënt zijn van het BAC. De cursussen zijn toegankelijk voor elke inwoner, maar er is slechts weinig animo vanuit inwoners van Rhenen om deze cursussen te bezoeken als zij niet een traject doorlopen bij het BAC. In november 2016 organiseerde het Budget Advies Centrum een informatieve netwerkbijeenkomst voor haar partners. Het doel van de bijeenkomst was het informeren en verbinden van alle organisaties die werkzaam zijn in het gebied of betrokken zijn bij schuldhulpverlening en Ketensamenwerking. Daarnaast heeft het BAC voorlichting gegeven aan de afdeling van de Stichting SchuldHulpMaatjes in Rhenen over hun werkwijze om zo de processen beter op elkaar aan te laten sluiten. Kwintes, RIBW AVV Personen uit de OGGZ-doelgroep hebben specialistische begeleiding gekregen via Kwintes. Sinds 2016 is dit overgegaan naar de desbetreffende begeleider van RIBW AVV. Er is nog 1 inwoner van Rhenen die op speciaal verzoek begeleiding krijgt van Kwintes omdat deze vertrouwd is met de begeleiders.
het IMK: Zelfstandigen en zzp-ers kunnen terecht bij het instituut voor het midden en Kleinbedrijf (IMK) en gebruik maken van het telefoonnummer 155(-redeenbedrijf.nl). Zelfstandigen en ondernemers zijn een bijzondere groep omdat één van de eisen voor een schuldhulpverleningstraject is dat je een regelmatig inkomen moet hebben. Om regelingen te kunnen treffen is een maandelijks gegarandeerd inkomen nodig. ZZP’ers of ondernemers hebben niet altijd maandelijks een inkomen. Bovendien vraagt een eigen onderneming om specialistische kennis. Daarom verwijst het BAC door naar een specialist van het Instituut Midden en Kleinbedrijf (IMK) om de ondernemer te helpen. Hiervoor is de speciale website en het speciale nummer www.155-redeenbedrijf.nl opgericht met het bijbehorende nummer 155. Door en voor ondernemers wordt regelmatig een beroep gedaan op de Bbz (Besluit bijstandsverlening zelfstandigen). Ondernemers met een levensvatbaar bedrijf (op basis van advies IMK) kunnen worden geholpen met een Bbz-krediet waarmee tevens (een deel van) de schulden kan worden afgelost. De regeling van schulden lukt niet in alle gevallen, bijvoorbeeld als niet alle schuldeisers akkoord gaan met het aangeboden percentage.
Door middel van schuldhulpverlening stabiliseert de gemeente de (schulden)situatie en gaat de ondernemer en een eventuele partner, ondersteunt door het IMK zowel werken aan het beheersbaar maken van de schulden als aan een eventuele gedragsverandering. Mocht het zo ver komen dan kan het IMK helpen bij een surseance of 33
faillissement. De afwikkeling van een faillissement heeft grote gevolgen voor de betrokkene zelf en IMK heeft de ervaring om deze ondernemers bij te staan. Jaartal 2014 2015 2016 2017
totaal aantal meldingen soort meldingen 1 1x website 4 3x telefoon/1x website 9 1xtelefoon/4xwebsite/4xdoelgroepscan) 15 1xtelefoon/4xwebsite/10xdoelgroepscan)
Bbz aanvragentoekenning Bbz 2014 6 5 2015 6 3 2016 6 5 2017 3 1*
*nog in behandeling
Schakel! Schakel is geen aparte organisatie, maar cliënten die zich aanmelden voor schuldhulpverlening en een eigen woning hebben met een hypotheek bij een schuldhulpverlener die lid is van het NVVK hebben de mogelijkheid om contact op te nemen met de grootste hypotheekverstrekkers om te bespreken wat mogelijk zijn om in een specifieke situatie zo lang mogelijk in hun huis te blijven wonen. Deze samenwerking wordt “Schakel” genoemd en het BAC kan gebruik maken van deze dienst. IMK heeft geen NVVK keurmerk en kan dus geen gebruik maken van deze dienst. Vrijwilligersorganisaties Stichting SchuldHulpMaatjes In 2016 is in Rhenen de stichting SchuldHulpMaatje zelfstandig aan de slag gegaan. Ondertussen kennen zij 2 coördinatoren en 17 maatjes in Rhenen. Zij bieden hulp aan mensen die te maken hebben met (dreigende) schulden. SchuldHulpMaatjes werken volgens de door SchuldHulpMaatje Nederland ontwikkelde aanpak. Elk maatje beschikt over een Verklaring omtrent Gedrag (VOG) en is middels een driedaagse cursus deskundig getraind en houdt dit op peil met hun Permanent Educatie Programma. Zij richten zich behalve op hulp bij schulden ook op zelfredzaamheid en bewust financieel gedrag. De SchuldHulpMaatjes weken nauw samen met het BAC. Samen met het BAC creëren zij betrouwbare, lokale, laagdrempelige hulp. Zij werken extern gericht en helpen zo bij de vroegsignalering van schulden.
Zij helpen bij het beperken van de actieve wachttijd door administratieve taken uit te voeren en helpen bij de nazorg in schuldhulptrajecten. Dit waren belangrijke doelstellingen in het huidige beleid. Stichting Noodfonds Rhenen Het Noodfonds helpt eenmalig daar waar de burgerlijke overheid of andere instanties geen hulp (meer) kunnen bieden, of geeft eenmalige financiële ondersteuning met als doel het gezin of de persoon in staat te stellen noodsituaties op te vangen en acute problemen te verhelpen. Zij kunnen vooral helpen om crisissituaties te voorkomen, maar begeleiden ook de aanvragers door richting het BAC. De gemeente Rhenen De gemeente Rhenen speelt een regierol in de uitvoering van het schuldhulpbeleid. De gemeente heeft medio 2014 een aantal organisaties dat zich met armoede, financiële problematiek en schulden bezighoudt of hiermee geconfronteerd wordt, gevraagd een netwerkgroep te vormen. Deze netwerkgroep werkt thans onder de titel “Meedoen”. Zo verbinden we de verschillende partijen in onze gemeente en binnen onze organisatie. Tegelijkertijd versterken wij de kracht van het netwerk onder de regie van de gemeente. De samenwerking tussen alle partijen moet nog verder ontwikkeld worden. Integraal samenwerking op het gebied van schuldhulpverlening is een thema dat meer aandacht verdient en de komende jaren om extra aandacht zal vragen.
Op het gebied van voorlichting heeft de gemeente een nieuwe website ingericht www.hulpwijzerrhenen.nl waar gemakkelijk informatie kan worden gevonden voor mensen in de schulden en de in de gemeente actief zijnde instanties. Op de televisieschermen in de hal van het huis van de gemeente wordt aandacht besteed aan het Noodfonds. Naast deze verwijzing voor mensen die informatie zoeken over schuldhulpverlening is gemeente Rhenen aangesloten op de site
34
berekenuwrecht.nl. Hierdoor kan meer gebruik gemaakt worden van de voorzieningen zoals toeslagen. Zo voorkomen we dat mensen huishoudens geld laten liggen wat zij nodig hebben om maandelijks rond te komen. In 2017 is begonnen met de oprichting van de formulierenbrigade om mensen hier actief mee te helpen. De gemeente heeft de initiatieven uit de gemeenschap ondersteund. Zo is de uitreiking van de certificaten aan de nieuwe SchuldHulpMaatjes gedaan door de wethouder om meer aandacht te creëren voor de stichting. Aan de hand van periodieke overleggen is de samenwerking met het BAC vorm gegeven. Toen in 2013 bleek dat de aanmeldtijden niet gehaald werden is maandelijks gerapporteerd om een vinger aan de pols te houden. Nadat bleek dat de aanmeldtijden weer op orde waren is er weer overgegaan tot halfjaarlijkse rapportages. Aan de hand van de jaarverslagen en overleg is er overleg geweest met het BAC over de financiën en in 2017 is een nieuwe beleidsmedewerker schuldhulpverlening aangesteld om de rol van accounthouder te intensiveren. In juli 2017 is er een beleidsmedewerker schuldhulp en armoedebestrijding aangesteld. Bewindvoering in de gemeente Rhenen Bewindvoering komt voor rekening van de onder bewind gestelde, maar indien deze een inkomen heeft tot 120% bijstand kan een beroep gedaan worden op de bijzondere bijstand.
De kosten van bewindvoering worden gezien als een noodzakelijke voorziening voor het levensonderhoud en kunnen dus uit de voorziening van de bijzondere bijstand komen. De kosten voor de gemeente Rhenen zijn sinds 2014 bijna verdubbeld en in 2016 bedroeg de bijdrage uit de Bijzondere bijstand € 99.002,00. Het BAC verwijst door naar specifieke bewindvoerders, maar de inwoners kunnen zelf kiezen welke bewindvoerder zij aandragen bij de rechtbank. Voorlichting en preventie Voorlichting en preventie hebben plaatsgevonden door de verschillende partijen. Zo heeft het BAC cursussen gegeven en bijeenkomsten georganiseerd. Heeft de gemeente folders gemaakt en een nieuwe website gelanceerd en hebben de SchuldHulpMaatjes hun folders en flyers verspreid. Meetbaarheid van de successen Voor gemeentes is het lastig om inzichtelijk te maken wat de opbrengsten zijn van het gevoerde beleid. Uitgaven aan schuldhulpverlening kunnen niet één op één worden vertaald naar opbrengsten, maar een inschatting is dat elke euro die wij uitgeven aan schuldhulpverlening tweeëneenhalf keer wordt terugverdiend. Dit vooral op andere beleidsterreinen. Schuldhulpverlening heeft direct invloed op een vermindering van het aantal uitkeringen, ziekte of andere aanspraken op gemeentelijke middelen. Dit is gebaseerd op landelijke onderzoeken.
13 Voor de hulpverlening in de gemeente Rhenen kunnen wij (nog) niet goed inzichtelijk maken wat de directe opbrengsten zijn. Algemene beleidsevaluatie en conclusies Wie de vraag ook gesteld wordt (beleidsmedewerkers, sociale teams, vrijwilligers en professionele schuldhulpverlening) iedereen is er van overtuigd dat schuldhulpverlening lokaal geregeld moet worden met een lokaal inlooppunt. Dit om de communicatie, voorlichting en bereikbaarheid van schuldhulpverlening te vergroten. Verder is de opkomst van de lokale vrijwilligersorganisaties een positieve ontwikkeling in de gemeente. SchuldHulpMaatjes en het Noodfonds zijn prachtige ontwikkelingen in het gemeentelijke hulpverleningsdomein. De uitgangspunten van het vorige beleid kort tegen het licht gehouden kunnen wij de volgende conclusies trekken. 1.
Van overnemen naar ondersteunen: Eigen verantwoordelijkheid burgers
13 Roeland van Geuns e.a. “Schuldhulpverlening Loont! Een onderzoek naar de kosten en baten van schuldhulpverlening”,
Amsterdam juli 2011
35
Nog steeds is dit het uitgangspunt. Wel is er ondertussen inzicht in het gegeven dat juist het nemen van eigen verantwoordelijkheid voor mensen met problematische schulden een grote uitdaging is. Wel wordt door het BAC gezocht naar de begeleiding van mensen op maat door het gebruik van de Traject51 vragenlijst. Zo kan bepaald worden welke set aan maatregelen het beste past bij de hulpvrager. Toch kan er meer aandacht zijn voor de inwoner die hulp vraagt. Juist uit de analyse van de WRR en de ombudsman dat wij misschien wel te veel vragen van de inwoner moeten wij onze lessen trekken. De samenwerking met Werk en inkomen, invordering en de sociale teams moet nog beter. Als een aanvraag voor bijzondere bijstand wordt afgewezen is nog onduidelijk waar en of de inwoner terecht komt met zijn financiële vraag. Aandacht voor de analfabete inwoner kan nog beter. 2.
Van genezen naar voorkomen. a. Algemene voorlichting en financiële educatie.
Door het BAC en de gemeente Rhenen zijn verschillende initiatieven ondernomen om schuldhulpverlening onder de aandacht te brengen. Wie in een traject van het BAC zit is uitgenodigd voor de budgetcursussen en hier is regelmatig gebruik van gemaakt door de inwoners van Rhenen. Dit helpt bij het versterken van de eigen kracht van de inwoner. Voorlichting op het basisonderwijs in Rhenen is nog niet gegeven, maar het BAC heeft hier ervaring mee opgedaan in Veenendaal en dit kan ingezet worden in Rhenen na overleg met de verschillende scholen. Verdere voorlichting over de middelen blijft noodzakelijk. Onduidelijk is of wij niet meer hulpvragen hebben in de gemeente of dat er een andere reden is dat het aantal intakes de afgelopen jaren niet gestegen is. b. Tegengaan niet gebruik inkomensondersteunende voorzieningen. Hiervoor maken wij gebruik van de site “berekenuwrecht.nl”. Daar kunnen inwoners en hun begeleiders, familie kijken welke subsidies en toeslagen zij kunnen aanvragen. Dit voldoet echter niet voor de digibeet of analfabete inwoner van Rhenen. Daar zal meer aandacht voor moeten zijn. c. d. e. f.