Bijlage 2 Beleidsplan Schuldhulpverlening 2018-2022
Tekst van het document
Beleidsplan schuldhulpverlening 2018-2022
1
Inhoud
Inleiding .................................................................................................................................................. 4 1.
2.
wettelijke kader............................................................................................................................... 6 1.1
De wet gemeentelijke schuldhulpverlening ............................................................................. 6
1.2
Beleidsregels ........................................................................................................................... 6
1.3
De Algemene wet bestuursrecht ............................................................................................. 6
Landelijke ontwikkelingen ............................................................................................................. 7 2.1
3.
Lokale stand van zaken ............................................................................................................... 10 3.1
4.
5.
6.
Inspirerende landelijke initiatieven .......................................................................................... 9 Schuldhulpbeleid in Rhenen .................................................................................................. 10
3.1.1
Professionele schuldhulpverlenende organisatie .............................................................. 10
3.1.2
Vrijwilligersorganisaties in Rhenen .................................................................................... 11
3.1.3
De kosten van beschermingsbewind ................................................................................. 11
3.1.4
Ontruimingen ..................................................................................................................... 11
3.1.5
Dienstverleningsovereenkomst Rhenen - Veenendaal ..................................................... 11
3.2
Aantal huishoudens met risico op schulden in Rhenen ........................................................ 12
3.3
Gericht afstemmen van hulp.................................................................................................. 12
3.3.1
Laaggeletterdheid: Analfabeten en digibeten. ................................................................... 12
3.3.2
Gezinnen en alleenstaanden met kinderen. ...................................................................... 13
3.3.3
Jongvolwassenen (18-27 jaar) .......................................................................................... 13
3.3.4
Ouderen ............................................................................................................................. 13
3.3.5
Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ) doelgroep ........................................... 14
3.3.6
Zelfstandigen en ondernemers .......................................................................................... 14
3.3.7
Nieuwe inwoners ............................................................................................................... 14
3.3.8
Recidivisten, fraudeurs ...................................................................................................... 14
De gezamenlijke uitvoering van het schuldhulpverleningsbeleid .......................................... 16 4.1
De rol van de gemeente Rhenen........................................................................................... 16
4.2
De professionele schuldhulpverlenende organisatie. ............................................................ 16
4.3
Vrijwilligersorganisaties in Rhenen ........................................................................................ 16
4.4
Bewindvoerders ..................................................................................................................... 17
4.5
Maatschappelijke partners ..................................................................................................... 17
Visie, doelstellingen en uitvoering ............................................................................................. 18 5.1
Visie ....................................................................................................................................... 18
5.2
Doel ....................................................................................................................................... 18
5.3
Uitvoering............................................................................................................................... 18
Financiële paragraaf .................................................................................................................... 20 6.1
Weergave van de kosten van de verschillende uitvoeringsonderdelen ................................ 20
6.2
Begroting 2018-2022 ............................................................................................................. 24
2
7.
Uitvoeringsplan 2018-2022 .......................................................................................................... 25
Bijlagen: 1. Afkortingen en begrippen 2. Beleidsregels 3. Evaluatie beleidsplan 2013-2017 4. Uitvoeringseisen en KPI’s voor professionele schuldhulp
pag. 27 pag. 28 pag. 32 pag. 38
3
INLEIDING “En dan komt er opeens een brief binnen, dat is dan in een periode dat je nog wel je post opendoet, en dan komt er een brief binnen van de Wehkamp. Met een pasje. En daarop staat: “uw bestedingsruimte is nog € 5.000,00”. En dan denk je, huh? Hoezo? Maar je denkt ook, wacht eens even, dat betekent, als, € 500,00. Als ik € 500,00 ervan af haal. Is maar € 500,00. Ja dan kan ik mijn huur betalen volgende maand. Je bent niet bezig met de lange termijn. Via je account of zoiets, kon je dat gewoon overmaken. € 500,00. Naar je bankrekening, en dat was binnen 2 uur gebeurd, daar hoefde je echt niet lang op te wachten hoor” Bovenstaande citaat komt uit de 3e aflevering van de serie “Schuldig” uitgezonden eind 2016 door de omroep HVMAN op de NPO. Het komt van een sociaal medewerkster van de stichting Doras. Zij heeft zelf in de schulden gezeten, maar is daaruit gekomen en helpt nu zelf mensen met het oplossen van hun schulden. Het beeld van een slimme, jonge moeder die beschrijft hoe gemakkelijk het is om de financieel onjuiste keuze te maken als je krap bij kas zit is indrukwekkend. De verleiding van de makkelijke oplossing die de Wehkamp lijkt te bieden is moeilijk te weerstaan als je niet eens je huur kan betalen, terwijl de problemen er alleen maar groter van worden.
In Nederland zijn ongeveer 650.000 huishoudens die net als de medewerkster van Doras te maken hebben met problematische schulden. 735.000 huishoudens lopen het risico om in een situatie terecht te komen waarbij de schulden problematisch worden1. Dat betekent dat bijna één op de vijf huishoudens in Nederland (18,1 procent) een risico op problematische schulden loopt, of al problematische schulden heeft. In Rhenen zouden dat 1421 huishoudens zijn met problematische schulden of met een risico op problematische schulden2. In de periode 2013-2016 hebben zich in Rhenen 309 inwoners tot het budget Advies Centrum (BAC) in Veenendaal gewend met vragen omtrent hun schulden en budgetbeheer. In 2016 betaalde Rhenen € 96.574,10 aan het BAC voor de door hun geleverde diensten. Dat is 13% meer dan in 2013. Aan bewindvoering betaalde de gemeente Rhenen in 2016 € 99.002,00. Dat is 5% meer dan in 2015 en zelfs 87% meer dan in 2014. Er is in diezelfde periode 62 keer een ontruiming aangezegd waarvan er 14 daadwerkelijk zijn doorgegaan. De afgelopen jaren is het schuldhulpbeleid uitgevoerd door de gemeente Veenendaal. De toegenomen problematiek, de gestegen kosten, ontwikkelingen in de wetenschap, maar ook het eigen karakter van Rhenen en de nieuwe rol van de gemeente als partner in het lokale netwerk vragen om een eigen beleid op het gebied van de schuldhulpverlening.
In het schrijfproces van dit beleid zijn gesprekken gevoerd met de gemeente Veenendaal, het BAC, de teams van het WMO, CJG, de adviesraad sociaal domein, het Noodfonds, de SchuldHulpMaatjes en de jongerenraad. Naar aanleiding van al die gesprekken is duidelijk dat de schuldhulpverlening van Rhenen toe is aan de volgende stap. Die wens is uitgewerkt naar het voor u liggende ambitieuze beleidsplan 2018-2022 waarin is verwoord hoe wij als gemeente willen bijdragen om inwoners te ondersteunen om op eigen kracht de verantwoordelijkheid voor hun eigen financiële huishouden te kunnen dragen. Dit beleidsplan vormt het kader van schuldhulpverlening voor de komende 4 jaar en wordt door de gemeenteraad van Rhenen vastgesteld. Het college heeft daarnaast een eigen verantwoordelijkheid. Zij stelt beleidsregels op, sluit convenanten met andere partijen en geeft de uitvoering nader vorm en inhoud. Leeswijzer Dit beleidsplan is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 1 schetsen wij het wettelijke kader om de taak van de gemeente op het gebied van schuldhulpverlening duidelijk te maken, maar ook om grenzen af te bakenen. Daarna volgt in hoofdstuk 2 een overzicht van enkele landelijke ontwikkelingen. In dit hoofdstuk worden niet alleen de cijfers, maar ook inzichten die veranderd zijn in de afgelopen jaren en die van invloed zijn op het beleid weergegeven.
In hoofdstuk 3 schetsen wij de lokale ontwikkelingen. 1
Florieke Westhof en Lennart de Ruig, onderzoeksbureau Panteia ; ‘Huishoudens in de rode cijfers 2015’, Zoetermeer, 2015
2 https://www.waarstaatjegemeente.nl/Jive/JiveReportContents.ashx?report=gmsd_wijkprofiel&input_geo=gemeente_340
4
Zowel de huidige stand van zaken als de leermomenten van de afgelopen 4 jaar komen hier aan bod. Hoofdstuk 4 gaat nader in op hoe wij de schuldhulpverlening samen met onze partners willen neerzetten en wie welke rol speelt. In hoofdstuk 5 vertalen we de lessen van de afgelopen 4 jaar naar een nieuwe visie en nieuwe doelstellingen voor de komende 4 jaar. In hoofdstuk 6 geven wij een verantwoording van de kosten van het beleid en hoofdstuk 7 is een verkorte weergave van de acties die wij willen uitvoeren. Nieuwe inzichten en ontwikkelingen kunnen leiden tot aanvullende acties, maar ook wensen van de raad of ketenpartners kunnen meegenomen worden in de actielijst. Als Bijlage 1 hebben wij een overzicht toegevoegd van de gebruikte begrippen en afkortingen die om verduidelijking vragen.
5
1. WETTELIJKE KADER 1.1 De wet gemeentelijke schuldhulpverlening In 2012 is de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (hierna te noemen Wgs) in werking getreden. Schuldhulpverlening is volgens artikel 1 van deze wet: “het ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op de aflossing van schulden indien redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijk persoon niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, alsmede de nazorg”. Op grond van artikel 2 van de Wgs stelt de gemeenteraad een plan vast dat richting geeft aan de integrale schuldhulpverlening aan de inwoners van zijn gemeente. Het plan bevat de hoofdzaken van het door de gemeente te voeren beleid en het voorkomen dat personen schulden aangaan die ze niet kunnen betalen.
In het plan wordt in ieder geval aangegeven: welke resultaten de gemeente in de door het plan bestreken periode wenst te behalen; welke maatregelen de gemeenteraad en het college nemen om de kwaliteit te borgen van de wijze waarop de integrale schuldhulpverlening wordt uitgevoerd; het maximaal aantal weken dat de gemeente nastreeft met betrekking tot de in artikel 4, eerste lid, genoemde periode (Maximale wachttijd van 4 weken voor een intake gesprek na een reguliere hulpvraag en 3 dagen bij een crisissituatie); hoe schuldhulpverlening aan gezinnen met inwonende minderjarige kinderen wordt vormgegeven De Wgs kent een aantal voorschriften. Allereerst is de gemeenteraad verplicht een meerjarenbeleidsplan vast te stellen (artikel 2). Het college van burgemeester en wethouders voert de schuldhulpverlening uit (artikel 3). Het college heeft de bevoegdheid om de schuldhulpverlening te weigeren in het geval dat de aanvrager recidiveert of fraude heeft gepleegd en daarvoor veroordeeld is of een sanctie is opgelegd. Er gelden maximum wachttijden voor de klant waar de gemeente zich aan moet houden (artikel 4). Het eerste gesprek waarin de hulpvraag wordt vastgesteld moet binnen vier weken zijn gehouden. In het geval van een crisissituatie is dat binnen 3 dagen. Er is een inlichtingen- en medewerkingsverplichting voor de klant (artikelen 6 en 7).
Deze bepalingen lijken op de bepalingen in de Wet werk en bijstand. De vrijblijvendheid van de klant om juiste inlichtingen te verstrekken en medewerking te verlenen aan de schuldhulpverlening behoort hiermee tot het verleden. Bij schending van deze verplichtingen is buiten behandeling stelling van de aanvraag of beëindiging van de schuldhulpverlening mogelijk. De gemeente kan in bepaalde gevallen aan de civiele rechter vragen een moratorium in te stellen (artikel 5). Als de civiele rechter dit verzoek toewijst, betekent dit dat voor maximaal 6 maanden een afkoelingsperiode wordt ingelast. De schuldeisers mogen in die periode geen invorderingsactiviteiten ondernemen zoals beslaglegging. De gemeente moet terughoudend omgaan met het indienen van zulke verzoeken. De civiele rechter zal terughoudendheid betrachten bij het toekennen van een verzoek. De civiele rechter zal de belangen van de schuldenaar en de schuldeiser(s) afwegen. Het wordt de gemeente mogelijk gemaakt met bepaalde instanties gegevens uit te wisselen zonder dat sprake is van privacyschending. In de memorie van toelichting wordt benadrukt dat schuldhulpverlening integraal kijkt naar de problematiek en daarbij enigerlei vorm van hulp verleent zonder dat dit in alle gevallen direct of zelfs op termijn hoeft te leiden tot een traject gericht op het definitief oplossen van de problematische schulden van de schuldenaar.
1.2 Beleidsregels Het huidige beleid is vastgelegd in beleidsregels en deze hebben wij ter informatie toegevoegd als bijlage 2. 1.3 De Algemene wet bestuursrecht De Algemene wet bestuursrecht (Awb) is van toepassing op de besluiten op basis van de Wgs. De cliënt komt daarmee voor besluiten in het kader van deze wet bestuursrechtelijke rechtsbescherming toe. De bepalingen van de Wgs en de Awb lopen in die zin door elkaar. Besluiten van de gemeente of diens uitvoerende instantie tot toekenning, gedeeltelijke toekenning of afwijzing van de aanvraag tot schuldhulpverlening zijn beschikkingen in de zin van de Awb waartegen bezwaar bij het college van burgemeester en wethouders en beroep bij de bestuursrechter mogelijk is. 6
2. LANDELIJKE ONTWIKKELINGEN In Nederland zijn ongeveer 650.000 huishoudens die te maken hebben met problematische schulden. Ongeveer 735.000 huishoudens lopen het risico om in een situatie terecht te komen waarbij de schulden problematisch worden3. Dat betekent dat bijna één op de vijf huishoudens (18,1 procent) een risico op problematische schulden loopt, of al problematische schulden heeft. Als een huishouden na betaling van de vaste lasten en aflossingen minder overhoudt dan het vrij te laten bedrag en er geen mogelijkheid is om de te betalen termijnen naar beneden bij te stellen, is de schuldsituatie problematisch te noemen. We zien de afgelopen tien jaar een stijging van het aantal aanvragen voor schuldhulpverlening4. Toch blijkt uit onderzoek dat nog steeds slechts 2,5 procent van de huishoudens met problematische schulden daadwerkelijk bekend is bij de schuldhulpverlening. 70% van de Nederlanders weet niet dat zij bij de gemeente hulp kunnen vragen bij schulden. De gemeente is op basis van de Wgs de voorliggende hulpverlener, maar diezelfde gemeente is in sommige gevallen ook een schuldeiser en inkomensverstrekker van de inwoner. Die verschillende rollen kunnen belemmerend werken om een hulpvraag te doen bij de gemeente.
Ingewikkelde regelgeving en stress belemmeren het nemen van eigen verantwoordelijkheid Het uitgangspunt van schuldhulpverlening is de eigen verantwoordelijkheid van de burger, maar het wordt de burgers moeilijk gemaakt om die verantwoordelijkheid waar te maken. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid constateert in haar onderzoek5 dat niet iedereen beschikt over de daartoe vereiste mentale kenmerken en vermogens. Zij constateert dat de overheid te hoge verwachtingen heeft van de financiële zelfredzaamheid van burgers. Voor veel mensen zijn de regels te ingewikkeld. Uit verschillende onderzoeken die zijn gedaan naar de psychologie van mensen in de schulden en de invloed op hun mentale vermogens blijkt dat ook de stress die het hebben van schulden meebrengt de zelfredzaamheid van inwoners sterk ondermijnt. De stress leidt tot een verlies van begripsvermogen waardoor zij zich minder goed kunnen houden aan afspraken, meer ziekmeldingen, arbeidsverlies en/of het terugtrekken uit de maatschappij. De conclusies uit het rapport van de WRR worden onderschreven door de Nationale Ombudsman en het Nibud. Eigen beleidsvrijheid De Wgs heeft gemeenten veel beleidsruimte gegeven om het eigen schuldhulptraject in te richten, maar ook om voorwaarden aan schuldhulpverlening te stellen.
Gemeenten hebben verschillende voorwaarden opgesteld om voor schuldhulpverlening in aanmerking te komen. Zo mocht er bijvoorbeeld geen sprake zijn van herhaald gebruik van de schuldhulpverlening (recidive) of gefraudeerd zijn met uitkeringen. De wet kent slechts één beperking: de hulpvrager moet legaal in Nederland verblijven. De strakke handhaving van de regels wordt in veel gemeentes nu losgelaten in het besef dat de problemen van de inwoners niet verdwijnen door ze te weigeren aan de poort. Inwoners blijven dan namelijk zitten met de problemen en doen anders een beroep op zwaardere middelen zoals een beschermingsbewindvoerder (waarover later meer). Ook is het voor gemeentes lastig om vast te stellen in welke gevallen er sprake is van fraude en wanneer van een misverstand. Ontstaan van problematische schulden Er is de laatste jaren veel onderzoek gedaan naar het ontstaan van problematische schuldsituaties. Uit de verschillende onderzoeken komt naar voren dat 4 factoren invloed hebben op het ontstaan van problematische schulden. Omgeving, gedrag, levensgebeurtenissen en persoonlijke factoren. De belangrijkste factor daarbij is de levensgebeurtenis. Te denken valt dan aan een verlies van inkomen, de geboorte van een kind of het verlies van een partner.
In zo’n geval is er (even) weinig aandacht voor het financiële huishouden of zijn er niet voldoende reserves waardoor mensen die altijd financieel zelfstandig waren in een problematische situatie terechtkomen waar zij niet meer zelf uit kunnen komen. Die tijdelijke situatie kan uiteindelijk voor jarenlange problemen zorgen. 3
Florieke Westhof en Lennart de Ruig, onderzoeksbureau Panteia ; ‘Huishoudens in de rode cijfers 2015’, Zoetermeer, 2015
4 Will Tiemeijer; ‘Eigen Schuld? Een gedragswetenschappelijk perspectief op problematische schulden’, Wetenschappelijke
raad voor het regeringsbeleid, Amsterdam University Press, Amsterdam 2016 5 Will Tiemeijer; ‘Eigen Schuld? Een gedragswetenschappelijk perspectief op problematische schulden’, Wetenschappelijke raad voor het regeringsbeleid, Amsterdam University Press, Amsterdam 2016
7
Einde van de economische crisis betekent geen einde aan de problematiek In de ontwikkeling van de schuldenproblematiek klinkt uiteraard de economische crisis door. Nu de crisis steeds meer tot het verleden lijkt te behoren, druppelen de eerste berichten binnen over een einde aan de groei van schulden. Daarmee is echter allerminst gezegd dat er niet langer een probleem is. Ten eerste blijft het harde feit staan dat meer dan een half miljoen huishoudens redelijkerwijs de schulden niet kunnen afbetalen en dat veel van deze gezinnen nog niet in beeld zijn. Mensen die langdurige werkloosheid ervaren, dan wel werk hebben dat substantieel lager wordt beloond, zijn nog steeds kwetsbaar voor in het verleden opgebouwde schuldposities. Weer gaan werken betekent ook geconfronteerd worden met oude schulden. Eerdere veroordelingen of incassotrajecten die zinloos leken zullen weer worden opgestart als er weer sprake is van een inkomen. Kosten baten analyse schuldhulpverlening Uit landelijk onderzoek blijkt dat iedere euro die besteed wordt aan schuldhulpverlening tussen de €1,70 en de € 2,60 oplevert6. De grootste besparingen worden op de terreinen uitkeringen en wonen gemaakt. Mensen die schuldhulp ontvangen hebben tussen 4 en 12 maanden minder uitkering nodig. Bij gezinnen scheelt dat ruim € 5.000,00 (bij vier maanden) tot € 16.000,00 (bij 12 maanden).
Met betrekking tot wonen voorkomt schuldhulpverlening dat woningcorporaties betalingsregelingen moeten treffen en woningen moeten ontruimen. Mensen met problematische schulden melden zich gemiddeld 9 dagen extra ziek wat voor werkgevers weer kosten met zich meebrengt. Verder kunnen kosten worden bespaard op de bijzondere bijstand als mensen geen beroep doen op beschermingsbewind. De baten van schuldhulpverlening zijn dan ook terug te vinden op andere beleidsterreinen. Beschermingsbewind en de oplopende kosten voor de bijzondere bijstand In veel gemeentes zijn de kosten voor beschermingsbewind een toenemende post. Er zijn twee soorten bewindvoering: Wet Schuldsanering Natuurlijke Persoon oftewel WSNP-bewind en beschermingsbewind. De WSNP bewindvoerder is alleen belast met de taak om een bestaande schuld te vereffenen. Wie wordt toegelaten tot de WSNP gooit als het ware zijn schulden op één grote hoop (de boedel) en de WSNP-bewindvoerder is er verantwoordelijk voor dat deze schulden worden voldaan. De schuldenaar komt in een traject van 3 jaar en moet in die periode zo veel mogelijk inkomen genereren om alle schuldeisers te betalen. Na 3 jaar zich te hebben gehouden aan diens verplichtingen kan er zo veel mogelijk worden betaald en de WSNP worden beëindigd met een schone lei. Alle schulden zijn dan vereffend.
Gedurende het WSNP traject is en blijft de schuldenaar handelingsbekwaam en deze hoeft niet in een schuldhulptraject te zitten. De WSNP-bewindvoerder wordt betaald uit de opbrengsten van de boedel. De beschermingsbewindvoerder is van oudsher belast met de bescherming van kwetsbare volwassenen. Beschermingsbewindvoerders worden door de rechtbank aangesteld op verzoek (van de inwoner). Sinds 2014 kunnen ook inwoners met problematische schulden een verzoek doen om onder beschermingsbewind te worden geplaatst. De verzoeker hoeft niet per se in een WSNP- of schuldhulpverleningstraject te zitten. De beschermingsbewindvoerder heeft als taak om de verzoeker bij te staan bij het regelen van de dagelijkse financiën. De beschermingsbewindvoerder wordt ook de juridische vertegenwoordiger van de verzoeker bij gerechtelijke procedures en bijvoorbeeld in de contacten met de deurwaarders. Beschermingsbewind moet door de aanvrager zelf betaald worden, maar is door de Hoge Raad aangewezen als een noodzakelijke levensbehoefte. Wie de kosten van het bewind niet zelf kan betalen kan daarom een beroep doen op de bijzondere bijstand. Gemeentes proberen nu grip te krijgen op de kosten die gedeclareerd worden door beschermingsbewindvoerders door bijvoorbeeld de vergoeding uit de bijzondere bijstand te weigeren en extra informatieverzoeken aan bewindvoerders over hun werkzaamheden op te vragen.
Andere gemeentes onderzoeken nu de mogelijkheid om zelf bewindvoering te verzorgen. Ook bieden veel schuldhulpverlenende instanties ondertussen diensten aan die de kloof tussen beschermingsbewind 6 Dr. Roeland van Geuns e.a., “Schuldhulpverlening loont! Een onderzoek naar de kosten en baten van schuldhulpverlening”,
Amsterdam, juli 2011
8
en budgetbeheer moeten overbruggen zodat er minder instroom en meer uitstroom kan worden gerealiseerd. Om meer grip te krijgen op de rol van de beschermingsbewindvoerder is er een nieuwe wet in voorbereiding. Het is echter niet waarschijnlijk dat deze er in 2018 al zal zijn. De wet bescherming persoonsgegevens De wet bescherming persoonsgegevens is een belangrijke reden waarom het moeilijk is exact inzicht te krijgen in de problematiek en preventief schulden te voorkomen. Woningstichtingen, zorgverzekeraars en energiemaatschappijen mogen niet zomaar gegevens over betalingsachterstanden delen met de gemeente. Ook de professionele schuldhulpverlenende instantie kan op basis van haar richtlijnen niet alle gegevens over haar cliënten delen met de gemeente. Daarvoor zijn afspraken en kaders nodig. Belangrijk voor deze partijen is dat hun cliënten niet worden benadeeld doordat zij gegevens delen en dat de gegevens met een vooraf afgesproken doel worden gedeeld. Door convenanten af te sluiten met verschillende partijen kan worden vastgelegd met welke partij en onder welke voorwaarden gegevens wel gedeeld mogen worden. Door meer gegevens te delen kan er meer inzicht worden verkregen in de lokale problematiek en kan er beter preventief worden gewerkt. 2.1 Inspirerende landelijke initiatieven Schuldhulpverlening is door alle gemeentes op een eigen manier opgepakt.
Er is nog geen eenduidige aanpak die in alle situaties het beste werkt. Wel zijn er enkele initiatieven die goede resultaten hebben laten zien en die veelbelovend lijken. In de gemeente Alphen aan de Rijn wordt samen met platform 31 een pilot uitgevoerd waarbij gewerkt wordt volgens de methode van Mobility Mentoring®. Dit is een stress sensitieve dienstverlening waarbij er rekening wordt gehouden met de invloed van stress op het cognitieve vermogen van schuldenaren. Door schuldenaren anders te benaderen verwachten zij meer resultaat te behalen in een traject. In Amsterdam is er veel succes geboekt met het “Vroeg Eropaf” project waarbij inwoners met bijvoorbeeld een huurachterstand actief benaderd worden door de maatschappelijke dienst om te voorkomen dat er een problematische situatie ontstaat en er een bijvoorbeeld een gerechtelijke procedure wordt ingezet of zelfs een ontruiming van de woning. Het “Goede Gieren Fonds” probeert door schulden op te kopen en afspraken met schuldenaren te maken over aflossing en hulptrajecten de inwoner weer zelfredzaam te maken. “Eropaf Ondersteuning” is een digitaal platform om mensen met hun schulden te helpen. Daar kunnen schuldenaren, vrijwilligers en professionals informatie delen die relevant is voor de dienstverlening.
Er zijn verschillende projecten gericht op de begeleiding van jongeren waarbij schulden worden afgekocht en er afspraken worden gemaakt met de jongeren om in plaats van terug te betalen in te zetten op studie of werktrajecten. Rotterdam is als gemeente hier erg ver mee in hun programma: “Elke jongere telt” waar onder andere in ruil voor de afkoop van schulden een begeleidingstraject wordt gestart. Als jongeren aan bepaalde voorwaarden voldoen kan een eventuele lening worden omgezet in het kwijtschelden van schulden. In ‘De Inclusieve Stad’ werken vijf steden samen aan innovatieve, baanbrekende aanpakken in het sociaal domein. Vertrekkend vanuit het perspectief en met betrokkenheid van het huishouden maar ook met oog voor het uiteindelijk (maatschappelijk/ financieel) rendement van interventies. Zo hebben zij bijvoorbeeld een experiment Experiment ‘Schulden en Beschermingsbewind’. Dit experiment focust zich op burgers met schulden en op de wereld van beschermingsbewind. De vijf City Deal-steden werken nauw samen aan een aanpak met het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) en de Belastingdienst ten aanzien van de schuldenproblematiek. Ook onderzoeken zij hoe de uitkering en inning van vaste lasten vereenvoudigd kunnen worden. En wordt verkend welke preventieve schuldregelingstrajecten kunnen worden opgestart met lokale partners, als woningcorporaties.
9
3. LOKALE STAND VAN ZAKEN 3.1 Schuldhulpbeleid in Rhenen De afgelopen jaren is het beleid schuldhulpverlening uitgevoerd door de gemeente Veenendaal. Dit is ingekocht als een onderdeel van de dienstverleningsovereenkomst sociale zaken en werkgelegenheid (DVO). De gemeente Rhenen heeft een regierol uitgevoerd over het door Veenendaal uitgevoerde beleid. Voor een uitgebreide evaluatie van het beleid van 2013-2017 verwijzen wij naar bijlage 3. Onderstaand willen wij wel enkele inzichten delen die van invloed zijn op het nieuwe beleid en waar een kans ligt om de uitvoering van het schuldhulpbeleid in Rhenen te verbeteren. 3.1.1
Professionele schuldhulpverlenende organisatie
Het Budget Advies Centrum van Vitras is voor de gemeente Rhenen, Veenendaal en Renswoude de professionele schuldhulpverlenende organisatie. Inwoners van de gemeente Rhenen kunnen voor vragen en advies over financiële problemen terecht bij het loket in het gemeentehuis van Veenendaal. Afspraken met het BAC worden in het kader van de dienstverleningsovereenkomst gemaakt door de gemeente Veenendaal. De afgelopen beleidsperiode hebben 309 huishoudens zich gemeld bij het BAC voor een hulpvraag, van die 309 hulpvragen zijn er 211 opgenomen in een schuldhulptraject. Het aantal trajecten is redelijk verdeeld over de jaren waarbij er elk jaar ongeveer 50 trajecten zijn gestart. Er waren 18 crisismeldingen in de afgelopen periode. De kosten van de het BAC, zijn de afgelopen jaren gestegen van € 85.524,27 in 2013 naar € 96.574,10 in 2016 (2017 is nog niet bekend). Het aantal cliënten is jaarlijks ongeveer gelijk gebleven, maar omdat de problematiek per dossier ingewikkelder is geworden en het aantal aangeboden diensten is uitgebreid zijn de kosten toegenomen. Per half jaar wordt er een rapportage aangeleverd door het BAC aan de verschillende gemeentes voor de stand van zaken. Die rapportage omvat informatie over de aanmeldtijd, het aantal succesvol afgehandelde trajecten, de leeftijd van cliënten, etc.
Die rapportage is afgestemd met de gemeentes, maar op dit moment is nog onduidelijk hoeveel mensen in een traject zitten. Door de interne richtlijnen van het BAC in het kader van de wet bescherming persoonsgegevens is er geen inzicht in de dossiers en is voor ons niet bekend welke inwoners een beroep hebben gedaan op het BAC. Wel is een onderdeel van de rapportage een conclusie van hun bevindingen en een weergave van trends waar enige richting voor beleidskeuzes uit gehaald kunnen worden. De fysieke afstand tussen Rhenen en Veenendaal is voor veel hulpvragers en vrijwilligers een belemmering geweest om hulp te vragen of om bijeenkomsten te bezoeken. Ook zien we dat de fysieke afstand niet tot een optimale ontwikkeling van schuldhulpverlening in Rhenen heeft geleid. Zo zijn er een aantal initiatieven wel in Veenendaal ontwikkeld, maar in Rhenen nog niet van de grond gekomen. De voordeur van Veens heeft een aantal goedlopende, laagdrempelige spreekuren waar ook het BAC aanwezig is, maar is er in Rhenen nog geen inlooppunt waarvandaan vrijwilligers en professionals de inwoners van Rhenen bijstaan.
Er is voorlichting gegeven op scholen in Veenendaal en er is een vroegsignaleringsproject opgestart met Patrimonium, maar in Rhenen is er nog geen contact gelegd met de scholen om lessen over geld en schulden aan te bieden en er is ook nog geen convenant met de woningstichting om een vroegsignaleringstraject te starten. De fysieke afstand tussen Rhenen en Veenendaal betekent ook dat de medewerker van Veenendaal niet is ingebed in het netwerk in Rhenen of makkelijk vindbaar is voor de medewerkers van de WMO en CJG teams. Het initiëren van initiatieven vanuit Veenendaal in Rhenen is niet goed gelukt. De bedragen die wij uitgeven aan schuldhulpverlening en bewindvoering moeten wel resultaat opleveren. Nu is nog onduidelijk hoeveel de gespendeerde bedragen daadwerkelijk opleveren en wat de bijdrage is aan de zelfredzaamheid van de inwoner van Rhenen. Onduidelijk is nog wat het succes is van de schuldhulpverlening op andere terreinen binnen onze gemeente. Door nieuwe afspraken te maken over de rapportages zodat die beter aansluiten bij de wensen van de gemeente kan al een eerste stap worden gezet. Binnen de regels omtrent de privacy willen wij onderzoeken hoe we meer gegevens kunnen en mogen opvragen.
10
3.1.2
Vrijwilligersorganisaties in Rhenen
In Rhenen zijn de afgelopen beleidsperiode twee vrijwilligers organisaties actief geworden op het gebied van schuldhulpverlening die een financiële bijdrage krijgen van de gemeente. (De bijdrage is al opgenomen in het beleidsplan minima 2017-2019). De stichting Noodfonds en de stichting SchuldHulpMaatjes. De stichting Noodfonds verleent hulp bij acute noodsituaties. Daarbij zijn zij niet de voorliggende voorziening, maar betreft het hulp waar de bijzondere bijstand of de gemeente niet kan helpen. De stichting SchuldHulpMaatjes is een landelijke organisatie met goed getrainde vrijwilligers. Zij bieden hulp aan mensen die te maken hebben met (dreigende) schulden en proberen een duurzame oplossing te bieden door zelfredzaamheid van de hulpvrager en bewust financieel gedrag te ontwikkelen. Er is geen lokaal inlooppunt waar de vrijwilligers hulpvragen kunnen beantwoorden zoals in Veenendaal wel een aantal loketten van de voordeur van Veens zijn geopend waar in sommige gevallen het BAC ook bij aan is gesloten. 3.1.3
De kosten van beschermingsbewind
Zoals reeds gezegd zijn de kosten van beschermingsbewind voor elke gemeente een toenemende aanslag op het budget van de bijzondere bijstand. Ook voor Rhenen zijn de kosten voor bewindvoering uit de bijzondere bijstand opgelopen van € 52.820,00 in 2014, € 93.785,00 in 2015 naar € 99.002,00 in 2016 (cijfers over 2017 zijn nog niet bekend). Het beschermingsbewind legt daardoor een groot beslag op het budget van de bijzondere bijstand. Bewindvoering is in principe een traject waarbij alleen de cliënt zelf de kwaliteit kan controleren, maar er is geen inzicht in hoeveel inwoners er onder bewind staan. Zij zullen ook een integraal onderdeel moeten gaan uitmaken van onze schuldhulpverlening. Er is geen overzicht welke bewindvoerders in Rhenen actief zijn en wat de kwaliteit is van hun dienstverlening. De professionele schuldhulpverlenende instantie kent wel een witte lijst aan de hand waarvan zij cliënten adviseren als die een verzoek willen doen om onder bewind te worden gesteld. Zo adviseren zij de mensen met schulden. Inzicht wie er actief is als bewindvoerder en de samenwerking verbeteren geeft de gemeente meer grip op de door bewindvoerders geleverde kwaliteit. 3.1.4
Ontruimingen
In Rhenen zijn in de afgelopen beleidsperiode 62 ontruimingen aangezegd waarvan er uiteindelijk 14 zijn doorgegaan. De 14 ontruimingen die zijn doorgegaan zijn niet alleen woningen geweest, maar ook een bedrijfsruimte. Dat lijkt niet veel, maar de maatschappelijke schade van een ontruiming is erg groot. Naast de situatie dat inwoners zonder woon- of verblijfplaats moeilijker geholpen kunnen worden levert een aangezegde ontruiming ook veel stress op voor de bewoner zelfs als deze niet doorgaat. Bovendien zijn het ook 62 keer de incassokosten, proceskosten en executiekosten die we op moeten tellen bij de vorderingen. Een ontruiming kan al snel € 10.000,00 aan kosten met zich meebrengen voor de woningstichting. Het voeren van de procedure, het leeghalen en opknappen van de woning, de achterstallige huur zijn kosten die samenhangen met de ontruiming. Kosten die naar alle waarschijnlijkheid nooit meer kunnen worden terugbetaald. Als het een huurwoning betreft komt een inwoner op straat te staan die opgevangen moet worden en een lange weg te gaan heeft voordat deze kan terugkeren in de maatschappij. Een verklaring van goed huurderschap is niet te krijgen wat ook het opnieuw huren bij de woningstichting onmogelijk maakt. Er is nu in Rhenen geen meldpunt voor de deurwaarders om ontruimingen aan te melden anders dan bij Remmerden om een container te bestellen.
Dat betekent dat een melding van de ontruiming niet bij de sociale teams gedaan wordt. 3.1.5
Dienstverleningsovereenkomst Rhenen - Veenendaal
In het kader van de dienstverleningsovereenkomst (DVO) is de schuldhulpverlenende taak van de gemeente Rhenen uitbesteed aan Veenendaal tot 1 januari 2021. Vooruitlopend op de evaluatie en de herziening van de DVO met Veenendaal zijn er kansen om de dienstverlening te optimaliseren als de schuldhulpverlening niet langer wordt ingekocht bij de gemeente Veenendaal. Daardoor komt er ook meer budget beschikbaar voor een eigen beleid. In de overeenkomst is niet een specifiek bedrag opgenomen voor het onderdeel schuldhulpverlening waardoor niet duidelijk is welk budget er vrijkomt bij het eventueel terughalen van de schuldhulpverlening. Een aantal langgewenste ontwikkelingen en innovatieve projecten kunnen per direct worden uitgevoerd als er lokaal meer ruimte is voor de uitvoering en het netwerk actief ondersteund wordt. Niet alleen het lokale schuldhulpnetwerk, maar
11
ook de teams van de gemeente Rhenen zijn gebaat bij meer aandacht voor de lokale situatie. Bovendien komt er dan ook een duidelijk aanspreekpunt met expertise binnen de gemeente Rhenen wat de integraliteit van de dienstverlening ten goede komt en een bijdrage kan leveren aan de procesregisseurs binnen de visie “samenhangende aanpak”. Als er zelfstandig afspraken gemaakt worden met een professionele schuldhulpverlenende organisatie kan de gemeente Rhenen meer sturing geven en grip krijgen op de uitvoering. De conclusies van de evaluatie van de DVO zijn nog niet bekend, maar de regisserende rol die Veenendaal heeft op de uitvoering kan ook door Rhenen worden uitgevoerd en bovendien komt er dan meer aandacht voor de lokale situatie en uitvoering. 3.2 Aantal huishoudens met risico op schulden in Rhenen Veel armoede is verborgen armoede. Schaamte, maar ook onbekendheid met de mogelijkheden of angst voor de gevolgen maakt dat er vaak pas te laat een hulpvraag wordt gedaan. Tussen 20132016 hebben 309 huishoudens uit Rhenen zich gemeld met een vraag bij de professionele schuldhulpverlener. 211 daarvan zijn geholpen in een schuldhulptraject. Dit is 2,6% van de huishoudens uit Rhenen7. Dit komt overeen met het landelijke cijfer dat slechts 2,5% van de huishoudens met een schuldhulpvraag nu bekend is bij een schuldhulpverlenende instantie.
In de gezondheidsmonitor 19-64 jaar 2016 van de GGDrU staat vermeld dat 18,8% van de 488 ondervraagden enige tot grote moeite heeft met rondkomen. Dit komt overeen met het landelijke cijfer dat 18% van de huishoudens in Nederland een risico loopt op problematische schulden of deze al heeft. In Rhenen zou 18% van de huishoudens neerkomen op 1421 huishoudens met schulden die mogelijk problematisch zijn8. Dat lijkt erg veel, en landelijke cijfers kunnen niet één op één vertaald worden naar Rhenen, maar er zijn dus ook aanwijzingen dat Rhenen geen uitzondering is op de Nederlandse cijfers. Afgaand op een andere bron kunnen wij kijken naar de inwoners die gebruik maken van een minimavoorziening. Bekend is dat mensen die langdurig leven op bijstandsniveau en gebruik maken van minimaregelingen een vergroot risico lopen op problematische schulden. Uit de cijfers van het Bureau Minimaregelingen (AMCNexxt) volgt dat 871 inwoners van Rhenen in aanmerking komen voor enige vorm van financiële tegemoetkoming op basis van het minimabeleid9. Dit zijn de cliënten van de sociale dienst en alle inkomens tot 110% van het bijstandsniveau. Volgens de Minimascan van Stimulansz omvat de doelgroep met een inkomen tot 110% van het bijstandsniveau in Rhenen 570 huishoudens.
Uit de cijfers kunnen we niet concluderen dat er in Rhenen meer armoede is dan wij tot nu toe inzichtelijk hebben gemaakt, maar het is een zeer aan waarschijnlijkheid grenzend vermoeden dat wij nog niet alle inwoners hebben bereikt die wel hulp nodig hebben. Door lokaal, gevarieerde, laagdrempelige hulp aan te bieden kunnen wij meer inwoners bereiken. Ook door meer voorlichting te geven over het aanbod van schuldhulpverlening moet het aantal hulpvragen toenemen. 3.3 Gericht afstemmen van hulp Iedere legaal in Rhenen verblijvende inwoner van 18 jaar en ouder wordt geholpen bij diens vragen over schulden zodat er geen belemmeringen zijn om te participeren in de maatschappij. Daarbij wordt de schuldhulp aan onze inwoners zo persoonlijk mogelijk aangeboden. In elk geval willen wij de hulp bieden die past bij hun situatie. Aan de hand van de ervaringen van de afgelopen 4 jaar, aanbevelingen van de professionele schuldhulpverlenende instantie en lessen uit andere gemeentes hebben wij enkele groepen gebruikers van de schuldhulpverlening weten te onderscheiden. Het onderscheid kan voor het toekomstige beleid helpen bij het bereiken van inwoners, bij de uitvoering en bij de verbetering van de dienstverlening door consulenten gericht te trainen. 3.3.1
Laaggeletterdheid: Analfabeten en digibeten.
Mensen die moeite hebben met lezen of rekenen zijn oververtegenwoordigd in de schuldhulpverlening10. Rekeningen begrijpen, toeslagen aanvragen en een huishoudboekje of 7 https://www.waarstaatjegemeente.nl/Jive/JiveReportContents.ashx?report=gmsd_wijkprofiel&input_geo=gemeente_340 8 https://www.waarstaatjegemeente.nl/Jive/JiveReportContents.ashx?report=gmsd_wijkprofiel&input_geo=gemeente_340 9 Bron: jaarcijfers AMC 2016 10
Tamara Madern, Nadja Jungmann & Roeland van Geuns, “Over de relatie tussen lees- en rekenvaardigheden en financiële problemen”, Stichting Lezen en schrijven Mesis, oktober 2016
12
financiële administratie bijhouden: het zijn grote uitdagingen voor mensen met slechte lees- en rekenvaardigheden. Voor het positief afsluiten van een schuldhulptraject en het na afloop hiervan langdurig voortzetten van een stabiele financiële situatie is beheersing van lees- en rekenvaardigheden essentieel. Hierbij zou ook het nieuw op te richten taalhuis nieuwe kansen kunnen bieden. Het herkennen van laaggeletterdheid bij de inwoners met vragen omtrent hun financiële situatie en het aanbieden van gepaste hulp is een essentieel onderdeel van onze dienstverlening om de inwoner duurzaam in diens eigen kracht te zetten. Dat vraagt verbetering van kennis van de begeleiders, consulenten, gemeentemedewerkers en vrijwilligers om laaggeletterdheid te herkennen, maar ook de mogelijkheid om de inwoner te kunnen trainen op het verbeteren van diens vaardigheden. Tegelijkertijd vraagt het ook bij de voorlichting om breder te kijken. We kunnen geen genoegen nemen met alleen digitale campagnes, maar zullen op verschillende wijze campagnes moeten inrichten willen wij iedere inwoner bereiken. 3.3.2
Gezinnen en alleenstaanden met kinderen.
Kinderen verkeren in een kwetsbare situatie. Zij zijn immers afhankelijk van het inkomen, gedrag en de kunde van hun ouders/verzorgers. De Wgs schrijft voor dat het gemeentelijk beleid expliciet vermeldt wat zij doet voor gezinnen met kinderen. De gemeente hanteert als uitgangspunt dat zij geen bijzonder traject heeft voor gezinnen met kinderen, maar merkt op dat zij inzet op vroegsignalering door goede samenwerking tussen de verschillende teams. Ieder gezin met kinderen dat hulp vraagt of aangeboden krijgt zal direct in behandeling worden genomen. Daarbij zorgen wij voor een passend aanbod. Er is geen wachtlijst, maar mocht deze op enig moment toch ontstaan, dan geven wij gezinnen met kinderen voorrang. 3.3.3
Jongvolwassenen (18-27 jaar)
Ongeveer 12 procent van de jongvolwassenen in Nederland heeft betalingsachterstanden door een tekort aan geld of een overschot aan aangegane verplichtingen.11 In de diverse onderzoeken gaat men uit van een leeftijd tot 27 jaar. In onderstaande tabel staan het aantal cliënten uit Rhenen dat zich heeft aangemeld bij het BAC tot 25 jaar. Jongeren leeftijd nieuwe cliënten BAC
2013
2014
2015
2016
16-20
2
2
3
1
21-25
8
7
10
6
totaal aantal cliënten*
91
104
82
87
*het aantal cliënten wijkt af van het aantal aanmeldingen omdat een aanmelding ook kan als gezin. Per gezin worden verschillende cliënten onderscheiden.
Speciale voorlichting voor deze doelgroep en hun huishoudens kan helpen om schulden terug te dringen. Jongeren die jonger dan 18 zijn en een hulpvraag doen bij de professionele organisatie moeten ook zelfstandig geholpen kunnen worden. De professionele schuldhulpverlenende instantie zal daar een eigen traject voor moeten ontwikkelen. Dat zou eventueel kunnen door middelen bedoeld voor de bestrijding van armoede onder jongeren in te zetten. Voor aansluiting bij de leefwereld van deze jongvolwassenen zoeken wij de samenwerking met de jeugdraad, jongerenorganisaties en onderwijsinstellingen. Die kunnen helpen bij campagnes en de evaluatie van het beleid. 3.3.4
Ouderen
Het BAC heeft in haar jaarverslagen gewezen op een nieuwe risicogroep, de ouderen. De problematiek bij ouderen kenmerkt zich door een taboe rondom armoede en schulden, maar ook weinig mogelijkheden om hun financiële situatie te verbeteren. Daarnaast heeft deze groep ‘arme ouderen’ naar verhouding meer weerzin tegen (en moeite om gebruik te maken van) hulpverlening. In onderstaande tabel staan het aantal cliënten uit Rhenen dat zich heeft aangemeld bij het BAC per leeftijdscategorie vanaf 66 jaar.
11 Bron: “Factsheet Armoede en Schulden”, Dossiergroep Armoede en Schulden G32-Stedennetwerk
13
leeftijd nieuwe cliënten BAC
2013
2014
2015
2016
66-70
1
0
1
0
71-75
4
0
0
2
76-80
0
0
0
5
100+
0
1
0
0
totaal aantal cliënten*
91
104
82
87
*het aantal cliënten wijkt af van het aantal aanmeldingen omdat een aanmelding ook kan als gezin. Per gezin worden verschillende cliënten onderscheiden.
Uit de cijfers blijkt dat de doelgroep nu nog niet erg groot is, maar het signaal van het BAC dat er een groter wordende groep kwetsbare ouderen is als het gaat om hun financiële situatie nemen wij wel serieus. Ook uit de gezondheidsmonitor 65+ jaar 2016 van de GGDrU volgt dat het percentage ouderen dat enige tot grote moeite met rondkomen met 2,7% is toegenomen sinds 2012. Speciaal voor deze leeftijdscategorie willen wij dan ook voorlichting geven in samenwerking met ouderen en verzorgingsinstellingen om onze dienstverlening af te stemmen op hun bijzondere behoeften en wensen. 3.3.5
Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ) doelgroep
De begeleiding voor de OGGZ-doelgroep valt nu binnen het pakket van maatregelen vanuit de WMO en wordt verzorgd door de begeleiders van de cliënten. Eén inwoner van Rhenen wordt nog geholpen door Kwintes. Kwintes is een organisatie die mensen met psychiatrische of psychosociale problemen ondersteunt in hun dagelijks leven. Het is op dit moment onduidelijk of er behoefte is aan meer begeleiding voor de OGGZ doelgroep. In overleg met de teams van het CJG en WMO zullen we bekijken of hier aanvullende begeleiding voor nodig is en hoe we die kunnen organiseren. 3.3.6
Zelfstandigen en ondernemers
Voor een goede schuldhulpverlening is een regulier en regelmatig inkomen een belangrijke voorwaarde. ZZP’ers en ondernemers hebben niet altijd een regulier en regelmatig inkomen. Verder hebben zij vaak ook specialistische hulp nodig op het gebied van hun bedrijfsvoering, bijvoorbeeld bij de afwikkeling van een faillissement. Zij kunnen niet altijd met hun hulpvraag terecht bij een reguliere schuldhulpverlenende organisatie. Wij willen dat er ook voor deze groep een hulptraject is. Hun unieke situatie vraagt om specifieke kennis en daarom blijven wij samenwerken met een specialistische partner op dit gebied zoals “155-redeenbedrijf” van het Instituut voor het Midden en kleinbedrijf (IMK) of een gelijkwaardige organisatie zoals “Over Rood”. De professionele schuldhulpverlenende organisatie zal samen met de inwoners zorgen dat zij geholpen worden in een dergelijk traject. In Rhenen willen we ook de aansluiting zoeken bij het werkgeversnetwerk om de mogelijkheid van het geven van voorlichting gericht op hun medewerkers te onderzoeken. 3.3.7
Nieuwe inwoners
Nieuwkomers krijgen bij hun aankomst in Nederland en Rhenen veel begeleiding. Zij zijn verantwoordelijk voor hun eigen inburgering en kunnen middels een lening van € 10.000,00 deze bekostigen. Daarbovenop mag elke asielmigrant nog eens aanvullend een bedrag lenen voor de inrichting van het nieuwe leven. Nieuwe inwoners beginnen hun leven hier dus al met schulden en wegens taalachterstanden, oorlogstrauma’s en onbekendheid met de Nederlandse wetgeving hebben zij een groot risico dat deze schulden problematisch worden. Voor nieuwe Nederlanders met een migratieachtergrond willen wij inzetten op proactieve vroegsignalering door een intensieve samenwerking te zoeken met vluchtelingenwerk en de lokale vrijwilligers. De verwachting is dat met het nieuwe kabinet er andere eisen worden gesteld aan de begeleiding van nieuwkomers. Dat zou een deel van de problematiek al veranderen, maar leren omgaan met geld is en blijft belangrijk voor nieuwe Nederlanders. 3.3.8
Recidivisten, fraudeurs
Binnen de beleidsregels van de schuldhulpverlening, kunnen personen worden uitgesloten van schuldhulpverlening. Dat betreft bijvoorbeeld recidivisten, personen die zich niet (kunnen) houden aan afspraken en fraudeurs. Dit is een strenge selectie aan de poort die veel blokkades opwerpt. Fraude is
14
bovendien een ruim begrip en lastig volledig te toetsen. De professionele schuldhulpinstantie (op dit moment het BAC) neemt het besluit om iemand te weigeren. Tegen een besluit tot weigering voor een hulptraject staat conform de Awb de mogelijkheid van bezwaar open. Het is echter de vraag hoe realistisch het is om te verwachten dat een inwoner in een dergelijke, stressvolle situatie in staat is deze stap te zetten. Door deze groep uit te sluiten verdwijnt hun hulpvraag niet. Hun schulden zijn niet verdwenen en zij dreigen buiten de regie van de gemeente hulp te vragen bij een bewindvoerder of bij een particuliere schuldhulpverlener. De beleidsregels laten ruimte voor een afweging of iemand geweigerd moet worden. Er zijn grenzen aan de schuldhulpverlening, maar in de afspraken met de schuldhulpverlenende instantie willen wij duidelijk maken dat het doel dat iedereen geholpen moet worden vooropstaat. Wij kennen dus geen categoriale weigeringsgronden in het lokale beleid en er zijn geen regels die een dergelijke belemmering opwerpen. In alle gevallen voorzien wij in een maatwerk analyse van de mogelijkheden zodat de juiste financiële hulp geboden kan worden en iedere inwoner een passend traject krijgt.
15
4.
DE GEZAMENLIJKE UITVOERING VAN HET SCHULDHULPVERLENINGSBELEID
Schuldhulpverlening doen we samen als gemeenschap. Wij werken samen met professionals, vrijwilligers, inwoners en schuldeisers om er voor te zorgen dat iedereen mee kan doen in onze gemeenschap. Daarbij merken wij nadrukkelijk op dat fondsen van particuliere- of vrijwilligersorganisaties niet worden gezien als voorliggende voorziening. Onderstaand beschrijven wij de rol van de organisatie in het schuldhulpverleningstraject. 4.1 De rol van de gemeente Rhenen Wij dragen als gemeente de verantwoordelijkheid om te zorgen voor de goede naleving van de Wgs. Hierin staan onder andere minimale eisen gemeld over de wachttijden voor een meldgesprek en over de behandeling van gezinnen met kinderen (zie hoofdstuk 1 over de wettelijke kaders). Wij voeren zelf geen schuldhulpverlening uit, maar laten dit doen door een professionele schuldhulpverlenende organisatie met wie wij goede afspraken maken. Wij nemen als gemeente Rhenen een faciliterende en controlerende regierol in bij de organisatie van schuldhulpverlening waarbij gestuurd wordt op de kwaliteit van de uitvoering. Wij stimuleren de samenwerking tussen de professionals en de vrijwilligers en versterken het netwerk op het gebied van schuldhulpverlening. Daarnaast versterken wij het netwerk door deze actief te ondersteunen met huisvesting, financiële middelen en kennis.
Door de rol van de beleidsmedewerker duidelijk af te kaderen en te beschrijven onderzoeken wij ook de mogelijk om binnen de grenzen van de wet op de bescherming van de privacy gegevens te delen met andere instanties. Wij intensiveren de samenwerking tussen de verschillende afdelingen van de gemeente. De medewerkers van de gemeente die in hun werkzaamheden contact hebben met inwoners worden opgeleid en moeten in staat zijn om (verborgen) armoede te herkennen, schulden bespreekbaar te maken en de inwoner te helpen de juiste hulp te vinden. Zo creëren wij een integrale schuldhulpverlening. 4.2 De professionele schuldhulpverlenende organisatie. Wij werken samen met een professionele schuldhulpverlenende organisatie. Aan de uitvoering van schuldhulpverlening door deze organisatie worden de eisen gesteld zoals voorgeschreven in de Wgs en zoals opgenomen in bijlage 4. Wij verwachten naast het daadwerkelijk verlenen van schuldhulp aan inwoners ook een actieve rol binnen de keten van partners. Daarbij is het onze nadrukkelijke wens dat er een lokaal intakepunt wordt ingericht waar inwoners zich kunnen aanmelden en waar gesprekken worden gevoerd met mensen in een schuldhulptraject.
Wij verwachten van de professionele schuldhulpverlenende organisatie dat die hun werkwijze optimaliseren en nieuwe initiatieven ontplooien op basis van nieuwe ontwikkelingen en de ketenpartners adviseren over nieuwe kansen en mogelijkheden. Tegelijkertijd willen wij ook goede afspraken maken om meer inzicht te krijgen en meer controle uit te kunnen oefenen op het uitgevoerde beleid. 4.3 Vrijwilligersorganisaties in Rhenen Op dit moment zijn op het gebied van schuldhulpverlening de Stichting SchuldHulpMaatjes en het Noodfonds actief in Rhenen. Er is een formulierenbrigade in oprichting. Vrijwilligers staan in een andere verhouding tot de schuldenaar dan de professional. Vrijwilligers kunnen geen sancties opleggen en zijn minder gebonden aan regels en beperkingen wat voor sommige hulpvragers een geruststellende gedacht is. Vrijwilligers hebben daarom een gelijkwaardige relatie met hun cliënt. Zij werken op basis van een vertrouwensband. Vrijwilligers zijn daarbij niet de “redder in nood”, maar kunnen de schuldenaar bijstaan voor, tijdens of na het schuldhulptraject. Daarnaast brengen de (getrainde) vrijwilligers veel professionele en levenservaring in, waar cliënten en gemeenten volop van kunnen profiteren. Vrijwilligers zijn een meerwaarde, maar kunnen een professionele organisatie niet vervangen.
Wij zetten in op een intensieve samenwerking tussen de gemeente, vrijwilliger en de schuldhulpverlenende organisatie. De combinatie van professionele schuldhulpverlening met de inzet van vrijwilligers maakt de schuldhulpverlening effectiever en leidt sneller tot resultaten. We willen inzetten op het maken van convenanten met de (reeds actieve) vrijwilligersinstellingen om de samenwerking vast te leggen en te versterken.
16
4.4 Bewindvoerders Bewindvoerders willen wij een integraal onderdeel maken van ons schuldhulpverleningstraject door convenanten aan te gaan. Wij willen de samenwerking met betrouwbare kantoren intensiveren om zo de kwaliteit van de dienstverlening aan onze inwoners te verhogen en uitstroom te bevorderen zodat de inwoner weer eigen regie heeft over diens financiën waar mogelijk. 4.5 Maatschappelijke partners In onze gemeenschap zijn ontzettend veel mogelijkheden om te signaleren dat iemand schulden heeft. Dat kan door de leraar, de voetbalcoach, de woningstichting of de kerk gebeuren. Zonder dat zij hiervoor verantwoordelijkheid dragen willen wij het onze partners wel makkelijk maken om de signalen die zij zien ook te melden zodat deze door de gemeente kunnen worden opgepakt. Wij willen daarom de samenwerking met de woningstichting, nutsbedrijven en andere maatschappelijke partners optimaliseren zodat zij kunnen helpen bij het vroegsignaleren van problematische schulden, maar wij kijken ook hoe we hun signalerende rol zo goed mogelijk kunnen ondersteunen binnen de grenzen van de wet.
17
5. VISIE, DOELSTELLINGEN EN UITVOERING 5.1 Visie In principe is iedereen zelf voor zijn of haar schulden verantwoordelijk. Als een inwoner door omstandigheden de verantwoordelijkheid voor zijn of haar schulden (tijdelijk) niet aankan dan ondersteunen wij de inwoner totdat deze zelf weer in staat is om zijn financiële huishouden te beheren. Naast onze gemeentelijke taak vragen wij aan de inwoners van Rhenen om te helpen iemand te ondersteunen op materieel en immaterieel gebied. 5.2 Doel Het doel van het beleid 2018-2022 is dat iedere inwoner van de gemeente Rhenen op eigen kracht de verantwoordelijkheid kan dragen over diens financiële huishouden, en als er sprake is van schulden dat deze geen belemmeringen vormen om deel te nemen aan de maatschappij. 5.3 Uitvoering Schuldhulpverlening organiseren we voor alle inwoners, integraal, op een manier die het minste ingrijpt op de zelfredzaamheid van de inwoner en tegelijkertijd de kracht van de inwoner duurzaam versterkt. Schuldhulpverlening wordt uitgevoerd door een betrouwbare, professionele schuldhulpverlenende organisatie die een actieve rol inneemt binnen de keten van vrijwilligers en professionals.
De uitvoering van het schuldhulpbeleid en de hulpverlening (professioneel en vrijwillig) is van goede kwaliteit, lokaal georganiseerd, laagdrempelig, afgestemd op de persoonlijke situatie van de hulpvrager, houdt rekening met de positie van de schuldeiser en richt zich op het duurzaam versterken van de zelfredzaamheid van de inwoner. o o o
Er wordt samengewerkt met een professionele organisatie die voldoet aan de eisen van de wet, aan de eisen van het beleid en die bijdraagt aan de doelstellingen van de gemeente Rhenen op het gebied van schuldhulpverlening. We ontwikkelen de samenwerking met de in Rhenen actief zijnde bewindvoerders om de dienstverlening voor de inwoners te optimaliseren. Wij voeren halverwege de beleidsperiode een kwalitatief onderzoek uit naar de ervaringen van inwoners die gebruik hebben gemaakt van de schuldhulpverlening.
De controle op de kwaliteit van de uitvoering, het verbeteren van de integrale uitvoering, het bereiken van specifieke doelgroepen, de versterking van het lokale netwerk en de verbetering van de lokale uitvoering van het schuldhulpverleningsbeleid wordt gedaan door een medewerker van de gemeente Rhenen. Waar mogelijk wordt samengewerkt met omliggende gemeentes. o o o
Er wordt 0,5 FTE binnen de organisatie van de gemeente Rhenen ingezet om het schuldhulpbeleid te regisseren, te controleren en verder te ontwikkelen. We onderzoeken de mogelijkheid om de rol van beleidsmedewerker schuldhulp zo in te richten dat er geen belemmeringen zijn in het kader van de privacywetgeving in de uitvoering van het beleid. Dit doen wij mede vanuit de visie “samenhangende aanpak” waarmee wij willen werken binnen het sociale domein. De beleidsmedewerker dient er voor te zorgen dat op alle relevante beleidsterreinen de schuldhulpverlening wordt meegenomen in het opstellen van beleid. Ook levert de medewerker een bijdrage aan de “één gezin-één plan- één regisseur” visie door een ondersteunende rol richting gezinsregisseurs te verzorgen.
We stimuleren een gevarieerd aanbod van betrouwbare, goed opgeleide vrijwillige schuldhulpverleners, die vanuit hun eigen kracht, identiteit en werkwijze de inwoners kunnen bijstaan om een duurzame oplossing te vinden voor een gezond financieel huishouden. o
Wij werken op het gebied van schuldhulpverlening samen met de vrijwilligers van het Noodfonds en de vrijwilligers van de SchuldHulpMaatjes.
18
o o
Wij benutten onze regierol om de bestaande (vrijwilligers)organisaties te versterken, te verbinden en te helpen groeien en door de onderlinge samenwerking te stimuleren. Wij werven samen met professionele schuldhulpverlener en de vrijwillige organisaties ervaringsdeskundigen als vrijwilligers om de leefwereld van mensen in de problematische schulden en de systeemwereld van de organisaties te overbruggen.
We zetten maximaal in op preventie. Belangrijk uitgangspunt daarbij is dat preventie begint met bekendheid van de mogelijkheden en makkelijk vindbare, lokale en laagdrempelige hulp. o o o o
Wij richten in samenwerking met de lokale (vrijwilligers)organisaties een inlooppunt in Rhenen in voor inwoners met vragen over financiën. We trainen de relevante medewerkers van de gemeente om signalen van verborgen armoede te herkennen en schuldenproblematiek bespreekbaar te maken. We organiseren een doorlopende voorlichtingscampagne om informatie te verstrekken waar inwoners terecht kunnen met vragen over hun schulden. We verzorgen voorlichtingscampagnes voor het basis- en voortgezet onderwijs en voor schoolverlaters over omgaan met geld.