Bijlage 1 Zomerrapportage 2023
Tekst van het document
Plan en visie voor de kernrandzones € 50.000 (N)
-
Opstellen actiever grondbeleid met grondmarktanalyse € 50.000 (N)
-
Actieve zoeken naar woonvormen voor ouderen en kwetsbaren € 50.000 (N)
De middelen voor het bestuursakkoord zijn in de begroting geraamd op een stelpost. Deze stelpost wordt aangewend ter dekking van deze kosten (deelprogramma 7.2)
3.2.6. Wet Goed Verhuurderschap €18.500 (N). Per 1 juli 2023 is de Wet Goed Verhuurderschap in werking getreden. Gemeenten moeten een meldpunt inrichten voor klachten over ongewenst gedrag en de wet handhaven. De hiermee gemoeide kosten betreffen grotendeels handhavingskosten. De hoogte van de kosten is nog niet duidelijk. Vooralsnog kiezen we voor een budgettaire neutrale benadering door het budget af te stemmen op de middelen die we via het gemeentefonds ontvangen. Voor 2023 betekent dit een structureel budget van € 11.500 (N) en een incidenteel invoeringsbudget van € 7.000 (N).
3.2.7. Verkoop voormalig Dorpshuis Elst € 35.000 (N) De verkoopprocedure voor de verkoop van het voormalig Dorpshuis Els is via een kort geding stopgezet. Het college heeft besloten om de uitspraak na te leven een nieuw besluit tot verkoop te nemen. Door de nieuwe situatie moeten we extra kosten maken voor projectleiding ad € 20.000 (N) en plankosten ad € 15.000 (N). Daarnaast moeten extra huisvestingskosten worden geraamd (deelprogramma 1.3)
3.2.8. Project verstrekken isolatievouchers € 0 Rhenen doet mee met het project isolatievouchers van de provincie Utrecht. Woningeigenaren met
48
een kleinere beurs krijgen de mogelijkheid om met deze voucher hun woning te isoleren. We ontvangen een subsidie van € 261.000 (116 vouchers x € 2.250) voor de periode 16 maart 2023 tot 30 juni 2025. In april is de 1e termijn van € 87.000 (V) ontvangen (2e termijn volgt in 2024). Dit bedrag wordt geraamd om de isolatievouchers te verstrekken € 87.000 (N).
3.2.9. Personeelskosten ruimtelijke ontwikkeling € 145.000 (N) a)
De ontwikkeling van de personeelskosten ruimtelijke ontwikkeling geven in 2023 een nadeel van € 117.500. Door meerdere vacatures ramen we verlaging van de loonkosten met € 317.000 (V). Om de capaciteit op niveau te houden is het noodzakelijk om in te huren tot een bedrag van € 455.000 (N). Er is vanwege vacatures met name ingehuurd voor de omgevingsvergunningen, projectleiding, adviseur ruimtelijke ontwikkelingen en implementatie omgevingswet. De inhuurkosten voor de omgevingswet ad € 20.500 kunnen worden gedekt ten laste van de algemeen reserve.
b)
Daarnaast heeft een actualisering van de loonstaat plaatsgevonden op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten. Voor het deelprogramma ruimtelijke ontwikkeling betekent dit € 7.000 (N) hogere loonkosten.
3.2.10 Overige verschillen € 75.500 (N) a)
Stijging energiekosten € 39.000 (N). Door de energiecrisis en de stijgende prijzen voor gas en elektra, zijn de energietarieven in 2023 met een factor van 2,5 gestegen. Binnen dit deelprogramma zorgen de gestegen kosten voor energie van het gemeentelijk vastgoed voor een nadeel van € 39.000. Dit bedrag is in mindering gebracht op de hiervoor opgenomen stelpost binnen DP 1.3.
b)
Indexering legesopbrengsten € 39.000 (V). Bij het vaststellen van de legesverordeningen zijn de tarieven geïndexeerd. De hogere opbrengst is in de begroting op een stelpost geraamd en wordt nu functioneel geraamd onder gelijktijdige aframing van de stelpost (deelprogramma 7.2). Voor het deelprogramma ruimtelijke ontwikkeling betreft het een bedrag van € 39.000 (V).
c)
De kapitaallasten van de reeds gerealiseerde flexwoningen zijn overgeheveld van programma 4 'Sociaal - Maatschappelijk' naar deelprogramma 3.2 ruimtelijke ontwikkeling: € 71.900 (N)
d)
Overige kleinere verschillen € 3.600 (N).
3.3
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma duurzaamheid is € 126.000 (N)
3.3.1. Personeelskosten € 129.500 (N) De formatie is uitgebreid met de vacature voor een beleidsadviseur duurzaamheid, een beleidsmedewerker duurzaamheid en een beleidsadviseur hergebruik grondstoffen (€ 218.500 N). De vacatureruimte geeft een voordeel van €165.000 (V). Hier staat inhuur tegenover voor een bedrag van € 76.000 (N).
49
3.3.2 Overige verschillen € 3.500 (V) Er zijn overige verschillen van totaal € 3.500 (V)
Toelichting verschil mutatie reserve (B): € 608.000 (V) 3.1
Het saldo van de reservemutaties van het deelprogramma verkeer en openbare ruimte is € 399.000 (V)
a)
Onttrekking reserve heffingen ten behoeve van riolering € 129.500 (V). Betreft de onttrekking aan de reserve ter egalisatie van de toename van de rioleringskosten (inclusief BTW) en de lagere opbrengst van de rioolheffing.
b)
Onttrekking reserve heffingen ten behoeve van afval € 104.000 (V). Betreft de onttrekking aan de reserve ter egalisatie van de toename van de afvalkosten (inclusief BTW). De totale toename op afval is in deze Zomernota €220.000 (inclusief BTW). De onttrekking aan de reserve is €104.000 omdat met deze onttrekking de reserve heffingen uitgeput is. Dat betekent dat € 116.000 van de toename op afval ten laste van de exploitatie is.
c)
Onttrekking reserve collegeprogramma ten behoeve van dekking vacature senior mobiliteit € 80.000 (V). Vanuit het jaarrekeningresultaat 2022 een bedrag van €80.000 beschikbaar gesteld voor de vacature van senior medewerker mobiliteit.
d)
Onttrekking reserve budgetoverheveling Leefbaarheid Elst € 35.500 (V). Onderdeel van het leefbaarheidsplan Elst is het realiseren van een multicourt. Dit is echter afhankelijk van de bestemming van het terrein van de Woudmees. In 2023 wordt meer duidelijk over die bestemming en dus ook hoe we de middelen voor het multicourt op een goede manier kunnen inzetten.
e)
Onttrekking aan de Projectenreserve € 50.000 (V). Voor de aanleg van het schelpenpad onderlangs de Grebbeberg is uit het jaarrekeningresultaat 2022 €50.000 beschikbaar gesteld.
3.2
Het saldo van de reservemutaties van het deelprogramma ruimtelijke ontwikkeling is € 209.000 (V)
a)
Voor de implementatie van de omgevingswet is in 2022 € 219.000 rijksmiddelen ontvangen. Met de bestemming van het rekeningresultaat is dit bedrag toegevoegd aan de reserve uitvoering collegeprogramma. Ter dekking van de in het deelprogramma ruimtelijke ontwikkeling geraamde implementatie kosten wordt € 196.000 (V) aangewend.
b)
De kosten voor de verkoop en verhuur van restgroen kan tot een bedrag van € 13.000 (V) worden gedekt ten laste van de reserve projecten.
50
Programma 4 – Sociaal Maatschappelijk Begroting 2023 vastgesteld in november 2022
(x € 1.000)
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
5.261 V
0N
3.921 V
9.182 V
7.761 V
6.825 V
Lasten
24.555 N
1.284 N
6.629 N
32.467 N
27.963 N
25.841 N
Saldo van baten en lasten (A)
19.016 N
19.294 N
1.284 N
2.708 N
23.285 N
20.203 N
Onttrekking uit reserves
51 V
482 V
288 V
821 V
634 V
452 V
Toevoeging aan reserves
9N
0N
0N
9N
347 N
197 N
42 V
482 V
288 V
812 V
287 V
254 V
19.252 N
802 N
2.420 N
22.473 N
19.915 N
18.761 N
Mutaties reserves (B) Geraamd resultaat (A+B)
Toelichting verschil saldo baten en lasten (A): € 2.708.000 (N) 4.0
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma sociaal domein is € 68.000 (N)
4.0.1. Visie sociaal domein € 45.000 (N) De Visie Sociaal Rhenen 2030 is een gezamenlijke visie op het sociaal domein samen met inwoners, professionals en maatschappelijke partners van de gemeente Rhenen. Het college van burgemeester en wethouders heeft opgeschreven welke acties zij gaat doen om de doelen in het coalitieakkoord 2022-2026 waar te maken. De Visie op het Sociaal Domein 2030 is vastgesteld. Om vervolgens een integraal beleidskader en een integrale Verordening Sociaal Domein te maken is specifieke expertise nodig. Hiervoor zijn ook extra middelen nodig, derhalve € 45.000 (N) in 2023. De dekking vindt plaats ten laste van de reserve uitvoering collegeprogramma. 4.0.2. Inclusiebeleid € 89.000 (V) In de loonstaat is een formatie-uitbreidingen opgenomen waarvan het budget (inclusiebeleid) al in de begroting Sociaal domein 2023 is gereserveerd. Dit budget is vanaf 2023 structureel verlaagd met € 89.000 (V). 4.0.3. Jeugdproblematiek € 190.000 (N) Het college heeft via het coalitieakkoord € 190.000 (N) structureel vrijgemaakt om vroeg in te kunnen spelen bij signalen van Jeugdproblematiek en het bieden van proactief hulp. 4.0.4. Kapitaallasten flexwoningen € 78.000 (V) Betreft de overheveling van de kapitaallasten van de flexwoningen naar deelprogramma ruimtelijke ontwikkeling (3.2) € 78.000 (V).
4.1
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma jeugd preventief € 175.000 (N)
4.1.1. Talenthouse € 60.000 (N) Het Talenthouse is er voor kinderen en jongeren die behoefte hebben om elkaar te ontmoeten in een ontspannen, ongedwongen maar wel georganiseerde setting. Na de uitbreiding met de kernen Achterberg en Rhenen heeft er in 2022 een evaluatie voor het Talenthouse Elst plaatsgevonden. In het bestuursprogramma is er vanaf 2023 de komende drie jaren € 60.000 (N) per jaar beschikbaar gesteld voor het voortzetten en evalueren op basis van indicatoren van het experiment Talenthouse Elst. Hiervoor is een budget opgenomen in het bestuursprogramma.
51
4.1.2. Basisonderwijs € 20.000 (N) Vanaf 2023 trekt het college per jaar tot en met 2025 voor een extra Impuls aan muziekonderwijs en cultuuroefening € 20.000 (N) uit. Hier tegenover staat een dekking ten laste van de reserve uitvoering collegeprogramma. 4.1.3 Personeelskosten € 114.000 (N) De ontwikkeling van de personeelskosten jeugd preventief geven in 2023 een nadeel van € 114.000. Door vacatures en een actualisering van de loonstaat op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten verlagen we de loonkosten met € 66.500 (V). Om de capaciteit op niveau te houden is het noodzakelijk om in te huren tot een bedrag van € 180.500 (N). Het gaat voornamelijk om inhuur van een leerplichtambtenaar en een beleidsmedewerker mobiliteit (voor het leerlingenvervoer). 4.1.4. Overige verschillen € 19.000 (V) a)
Door de energiecrisis en de stijgende prijzen voor gas en elektra, zijn de energietarieven in 2023 met een factor van 2,5 gestegen. Binnen dit deelprogramma zorgen de gestegen kosten voor energie van het gemeentelijk vastgoed voor een nadeel van € 20.000 (N). Dit bedrag is in mindering gebracht op de hiervoor opgenomen stelpost binnen DP 1.3.
b)
Verder zijn er overige verschillen van € 39.000 (V)
4.2
Het saldo van baten en lasten deelprogramma jeugd maatwerk € 1.512.000 (N)
4.2.1. Jeugdzorg Maatwerk € 1.407.000 (N) Er is een toename in de jeugdhulpkosten in de eerste maanden van 2023 van 20%- 30% ten opzichte van het jaar 2022. De autonome groei in het jeugdhulpgebruik wordt ook landelijk en regionaal waargenomen. Voor de jeugdhulpregio Food Valley is deze momenteel gemiddeld 10% (exclusief indexering). Rhenen zit boven het gemiddelde. Voorgaande jaren lieten we nog een stabiel uitgavenpatroon zien, maar sinds medio 2022 is een blijvende stijging van de uitgaven jeugdhulp waarneembaar. We zien geen hele grote toename in aantallen, de kostenstijging wordt met name veroorzaakt door hogere intensiteit en complexiteit. Momenteel hebben we te maken met buitengewone moeilijke jeugdhulpvraagstukken, vooral zware GGZ-problematiek. Voor deze groep jongeren is het heel moeilijk om goede, gespecialiseerde jeugdhulp (verblijfsplekken) te vinden, het aanbod is schaars en veel duurder dan gebruikelijk. Andere trends die we waarnemen zijn hogere kosten door het woonplaatsbeginsel, meer jeugdhulp voor Oekraïense gezinnen, stijging in toezichtstellingen en voogdij, meer pleegzorg en meer ambulante begeleiding. Bij ambulante begeleiding zien we wel een toename in de aantallen met circa 33 jeugdigen.
De inschatting, na extrapolatie van datgene wat we nu waarnemen, is dat het budget voor jeugdhulp 2023 naast de indexatie zal worden overschreden met ongeveer € 1.100.000 (N). Een specificatie van dit bedrag is op hoofdlijnen: € 400.000 voor stijging ambulante jeugdhulp, € 500.000 voor GGZcrisis opvang (ongeveer 4 cliënten) en € 200.000 voor stijging duurdere verblijfskosten. Daarnaast zijn de budgetten met 4,9% geïndexeerd. Dit heeft in een budget bijstelling geresulteerd van ruim € 307.000 (N). De bijstelling van deze budgetten kunnen worden gedekt ten laste van de stelpost prijsindexatie. NB: Vanaf 2023 is het project Herijking tarieven van start gegaan. De herijking stelt vast wat de tarieven in 2023 hadden moeten zijn. De uitkomsten van deze herijkte tarieven liggen in september voor de eerste keer voor aan de fysieke adviestafel. De uitkomsten zal een nadelig effect van € 160.000 opleveren. Het mogelijke effect en de zomerrapportage hebben elkaar gekruist om dit nog goed in de rapportage te kunnen verwerken. Op later moment zal hier tijdens de oktoberrapportage op terug gekomen worden.
52
4.2.2. Leerlingenvervoer € 110.000 (N) In opdracht van het Sociaal Fonds Taxi berekent NEA/Panteia jaarlijks de kostenstijging voor het taxivervoer. De index is gebaseerd op de na- en voor calculatie kostenontwikkelingen in respectievelijk 2022 en 2023. NEA/Panteia heeft berekend dat de kosten in het taxivervoer in 2023 met 13,7% gaat stijgen. Als gevolg van deze ontwikkelingen heeft de vervoerder de tarieven per 1 januari 2023 met 13,7% verhoogd in de lijn van de NEA- indexering, derhalve € 82.000(N). De stelpost prijscompensatie wordt aangewend ter dekking van deze extra uitgaven. Daarnaast is het budget opgehoogd met € 28.000(N) aan extra middelen vanuit het gemeentefonds (de meicirculaire 2023). Deze middelen kunnen worden ingezet voor Oekraïense kinderen.
4.2.3 Personeelskosten € 57.000 (N) De ontwikkeling van de personeelskosten jeugd maatwerk geven in 2023 een nadeel van € 57.000. Door vacatures en een actualisering van de loonstaat op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten verlagen we de loonkosten met € 214.500 (V). Om de capaciteit op niveau te houden is het noodzakelijk om in te huren tot een bedrag van € 271.500 (N). Het gaat voornamelijk om inhuur van jeugdconsulenten en een data-analist. 4.3.4. Overige verschillen € 62.000 (V)
4.3
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma maatschappelijke ondersteuning preventief is € 389.000 (N)
4.3.1. Gala € 0 (N) In 2023 heeft de gemeente een specifieke uitkering aangevraagd via de regeling Specifieke uitkering versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026 (SPUK BREED) voor de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2026. Voor 2023 heeft het Rijk een bedrag toegekend van € 341.000 (N). Dit bedrag beschikbaar gesteld voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis en de niet bestede middelen vloeien terug naar het Rijk. De Brede SPUK-regeling is voor alle gemeenten in werking gesteld om diverse afspraken uit te kunnen voeren. Deze afspraken zijn vastgelegd in het Hoofdlijnen Sportakkoord II, het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). De baten en lasten zijn budgettair neutraal in de zomerrapportage verwerkt. 4.3.2. Stevige sociale basis kernen € 50.000 (N) Voor het stimuleren en faciliteren van een stevige sociale basis in alle kernen is in de zomernota voor 2023 budget opgenomen van € 50.000 (N). Deze middelen worden ingezet voor onderzoek hoe op basis van data en indicatoren op wijkniveau integraal prioriteiten gesteld kunnen worden bij de aanpak voor Leefbaarheid. Dekking kan plaatsvinden ten laste van de reserve uitvoering collegeprogramma. 4.3.3.
Vervanging gymmatten gymzalen Lijsterbes, Achterberg en Elst € 20.000 (N) Ter vervanging van gymmatten is er € 20.000 (N) uit de reserve Groot gymmaterialen beschikbar gesteld. 4.3.4 Personeelskosten € 141.000 (N) De ontwikkeling van de personeelskosten van maatschappelijke ondersteuning preventief geven in 2023 een nadeel van € 141.000. Door vacatures en een actualisering van de loonstaat op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten verhogen we de
53
loonkosten met € 141.000 (N). 4.3.5. Overige verschillen € 178.000 (N)
a)
Door de energiecrisis en de stijgende prijzen voor gas en elektra, zijn de energietarieven in 2023 met een factor van 2,5 gestegen. Binnen dit deelprogramma zorgen de gestegen kosten voor energie van het gemeentelijk vastgoed voor een nadeel van € 110.500 (N). Dit bedrag is in mindering gebracht op de hiervoor opgenomen stelpost binnen DP 1.3.
b)
Er zijn overige verschillen van totaal €67.500 (N)
4.4
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma maatschappelijke ondersteuning maatwerk is € 64.000 (V).
4.4.1 Woonvoorzieningen € 72.000 (N) In verband met een verwachte grote woningaanpassing van € 72.000 (N) zal het budget overschreden worden. Meestal zijn er geen grote aanpassingen en dan volstaat het budget. Maar als er een woningaanpassing komt, is dit meestal meteen een groot bedrag. Hiervoor is geen extra budget beschikbaar in de begroting 4.4.2 Valleihopper € 60.000 (V) In april 2023 heeft de gemeente het jaarverslag en – rekening met betrekking tot de gerealiseerde lasten en baten over 2022 ten opzichte van de begroting ontvangen. De totale kosten van de Valleihopper vallen lager uit dan begroot, derhalve € 60.000 (V). De belangrijkste oorzaak is de lagere vervoersvolumes die slechts 63% zijn van de oorspronkelijke vervoervolumes van vóór de coronacrisis. Voor de gemeente Rhenen ligt dit percentage nog iets lager, namelijk 61%. 4.4.3 Huishoudelijke ondersteuning € 8.000 (N) Er vindt voor het budget huishoudelijke hulp een geringe bijstelling plaats ondanks de gefaseerde loonsverhoging van de CAO VVT over 2023 en 2024 van in totaal 10%. Het effect voor de gemeente in 2023 is € 48.000 (N). Bovendien vindt er nog een verrekening van het depot plaats met twee zorgaanbieders, een voordeel van € 40.000 (V). De stelpost looncompensatie zal worden aangewend ter dekking van deze kosten.
4.4.4 Personeelskosten € 103.000 (V) De ontwikkeling van de personeelskosten maatschappelijke ondersteuning maatwerk geven in 2023 een voordeel van € 103.000. Door vacatures en een actualisering van de loonstaat op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten verlagen we de loonkosten met € 117.000 (V). Om de capaciteit op niveau te houden is het noodzakelijk om in te huren tot een bedrag van € 14.000 (N). 4.4.5 Overige verschillen € 19.000 (N)
4.5
Het saldo van baten en lasten deelprogramma participatie preventief € 37.000 (V)
4.5.1. Crisisopvang ontheemden Oekraïne € 110.000 (V) In 2022 zijn door een inval in Oekraïne vluchtelingen naar verschillende landen gevlucht, zo ook richting Nederland. Ook in 2023 zijn de veiligheidsregio's en de gemeenten verantwoordelijkheid voor het geven van opvang van deze vluchtelingen te organiseren. Het Rijk heeft ter compensatie voor 2023 middelen vrijgemaakt om te kunnen voorzien in de zorg en opvang voor Oekraïense vluchtelingen. Voor 2023 gaan we uit van een (voorlopige) uitkering € 2.054.000. De verantwoording 54
vindt plaats door een splitsing te maken in zowel de programma’s 4 (sociaal domein) als 3. Programma 4 € 1.943.000 voor Levensonderhoud en overige algemene kosten en Programma 3 € 110.000 voor o.a. onderhoud gebouwen, gas water en elektra. De totale baten voor de crisisopvang zijn inmiddels ontvangen. NB: Op dit deelbudget ontstaat een positief voordeel van € 110.000 (V) omdat de genoemde kosten zoals gas, licht, water etc. op deelproduct Flexwoningen in Programma 3 worden verantwoord. Aangezien deze kosten al de begroting zijn geraamd levert dat in deze zomerrapportage een budgettair voordeel op van € 110.000. De verwachting is dat we in 2023 opnieuw geld zullen overhouden op de rijksuitkering. Het deel dat we ontvangen voor huisvestingskosten (circa 50%) zullen we conform de eerder geformuleerde beleidslijn reserveren ten behoeve van de versnelde woningbouw. In de jaarrekening 2022 hebben we € 660.000 overgehouden en middels het rekeningresultaat toegevoegd aan de algemene reserve. In de oktoberrapportage zullen we het resultaat voor 2023 bepalen. 4.5.2 Personeelskosten € 50.500 (N) De ontwikkeling van de personeelskosten participatie preventief geven in 2023 een nadeel van € 50.500. Door vacatures en een actualisering van de loonstaat op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten verlagen we de loonkosten met € 82.000 (V).
Om de capaciteit op niveau te houden is het noodzakelijk om in te huren tot een bedrag van € 132.500 (N). Het gaat voornamelijk om inhuur van een beleidsadviseur participatie. 4.5.3. Overige verschillen 22.500 (N)
4.6
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma participatie maatwerk is € 665.000 (N)
4.6.1. Aanpak energiearmoede € 0 (N) Het Rijk heeft in 2022 voor zowel 2022 als 2023 een specifieke uitkering energiearmoede toegekend van in totaal 331.000. De gemeente heeft in 2022 een gedeelte van de middelen in gezet. De balanspositie energiearmoede per 1-1-2023 is € 316.000 (N). Deze middelen worden middels de zomerrapportage overgeheveld ten gunste van de exploitatie en gericht worden ingezet om huishoudens in een kwetsbare positie vanwege de gestegen energielasten te ondersteunen bij het nemen van maatregelen om de energierekening te verlagen. 4.6.2. Compensatie energietoeslag € 122.000 (N) In 2022 is er energietoeslag uitgekeerd. Ook voor 2023 worden er middelen door het Rijk beschikbaar gesteld om een energietoeslag uit te keren. De regeling compensatie energietoeslag is inmiddels door de Raad vastgesteld en is voor een bedrag van € 922.000 opgenomen. Dekking kan plaatsvinden ten laste van de reserve armoedebestrijding, € 322.000 en de verwachte middelen, € 600.000 uit het gemeentefonds via de septembercirculaire 2023. Het wetsvoorstel Energietoeslag 2023 is door het Rijk nog niet definitief vastgesteld. Het bedrag dat de gemeente uiteindelijk zal ontvangen is nog onduidelijk. De middelen die we naar verwachting ontvangen van het Rijk zijn naar verwachting onvoldoende om de totale kosten van de voorgestelde wijzigingen te kunnen dekken.
Naar verwachting is de overschrijding op het budget ongeveer € 122.000 (N). 4.6.3. WsW € 65.000 (N) De omvang van de integratie-uitkering Participatie wijzigt als gevolg van de toekenning van de loonen prijsbijstelling 2023 naar aanleiding van de meicirculaire 2023. Door de raad is het nieuwe financieringsmodel voor de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) vastgesteld waarbij de rijksbijdrage Wsw jaarlijks ongewijzigd in zijn geheel beschikbaar wordt gesteld aan de Gemeenschappelijke Regeling Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR IW4). De ontvangen rijksbijdrage liep voor 2023 ten opzichte van de begroting niet in de pas. Door het nieuwe financieringsmodel wordt vanaf 2023 de gehele bijdrage één op één doorgesluisd. Om het verschil tussen de bijdrage 55
van het rijk en de begroting te repareren heeft er een bijstelling plaatsgevonden van € 65.000 (N). 4.6.4. Uitvoeringskosten DVO sociale zaken gemeente Veenendaal € 89.000 (N) Zoals verwacht zijn de indexatiecijfers hoger ten opzichte van de voorliggende jaren. Voor de salariscomponent geldt een indexatie van 4,0% en voor de kosten gerelateerd aan facilitaire zaken een index van 22,9%. Dit komt voornamelijk door de hoge energieprijzen. Dit betekent in het geval van de uitvoeringskosten van het basistarief dat er sprake is van een jaarlijkse toename van € 75.000 (N) en lokaal maatwerk van € 14.000 (N). Deze kosten wordt gedekt uit het budget stelpost looncompensatie. 4.6.5. BUIG middelen € 83.500 (N) Het tussentijdse bijgestelde budget aan BUIG middelen vanuit het Rijk zal naar verwachting niet voldoende zijn om het totaal aan verstrekking aan bijstandsuitkeringen te kunnen dekken. Uit de reserve WWB zal middelen beschikbaar gesteld worden om het verwacht tekort van € 83.500 (N) op de BUIG middelen te kunnen dekken. De verwachting is dat het aantal personen met een uitkering eind 2023 hoger ligt dan het aantal personen met een uitkering eind 2022. Dit komt omdat we enerzijds verwachten dat de uitstroom laag zal zijn.
Anderzijds verwachten we een hogere instroom omdat we meer statushouders moeten huisvesten en de meeste statushouders hebben gedurende hun eerste inburgeringsperiode ook ondersteuning nodig in de vorm van een uitkering. 4.6.6. Evaluatie plan van aanpak armoedebestrijding € 118.000 (N) In januari 2020 namen college en gemeenteraad het Plan van Aanpak Armoedebestrijding 20202022 aan. Dit plan is opgesteld naar aanleiding van een motie uit juli 2019 om de armoedereserve in te zetten. In 2023 is het plan geëvalueerd. Niet alle doelen die zijn gesteld zijn behaald. Om de gestelde doelstellingen een vervolg te kunnen geven is een budget nodig van € 73.000 (N). De kosten kunnen worden gedekt ten laste van de reserve armoedebestrijding. Daarnaast heeft het college via het bestuursprogramma € 45.000 (N) vrijgemaakt om het bestaande plan Armoedebestrijding te actualiseren. Hiervoor zal de reserve uitvoering collegeprogramma garant staan. 4.6.7. Overige minimaregelingen € 105.000(N) a) Voor de minimaregeling sport en cultuur met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum heeft het collegemiddelen vrijgemaakt. € 45.000 (N) zal aan het budget toegevoegd worden. De reserve uitvoering bestuursprogramma wordt aangewend ter dekking van deze kosten. b) Er is extra budget van € 60.000(N) aan de minimaregelingen toegevoegd.
Het gebruik van een aantal van de regelingen is door het hogere bereik van de Cunerapas toegenomen. Het aantal inwoners dat gebruik maakt van de Cunerapas is gestegen evenals langdurigheidstoeslag is toegenomen. Via de meicirculaire 2023 heeft de gemeente ter dekking in totaal € 27.000 ontvangen voor aanpak armoede en schulden. 4.6.8. Overige verschillen € 82.500 (N)
Toelichting verschil mutatie reserve (B): € 288.000 (V) 4.1
Het saldo van reservemutaties van deelprogramma jeugd maatwerk € 34.000 (V)
De kosten van inhuur voor twee jaar die samenhangen met het verschil tussen wat in de formatiestaat is verwerkt en wat officieel hoort te staan wordt voor 2023 gedekt uit de reserve Deelfonds Sociaal domein voor € 17.000. Het budget Jeugd preventief waarvan de activiteiten 2022 niet zijn gerealiseerd als gevolg van niet beïnvloedbare omstandigheden zijn overgeheveld naar 2023, derhalve € 17.000.
56
4.2 Het saldo van reservemutaties van deelprogramma Wmo preventief € 36.000 (V) Voor het vervangen van gymmatten in de gymzalen Lijsterbes, Achterberg en Elst wordt voor € 20.000 (V) gedekt uit de reserve groot gymmateriaal. Voor activiteiten met betrekking tot het initiatievenfonds en preventie zal voor € 20.000 (V) gedekt worden uit de reserve investeringen sociaal domein. Overige reservemutaties € 4.000 (N).
4.3
Het saldo van reservemutaties van deelprogramma Participatie preventief is € 218.000 (V)
Het verwacht tekort van € 165.000 (V) op de BUIG middelen zal gedekt worden uit de reserve WWB. Bij de verwerking van de oktoberbrief in 2022 is € 23.000 (V) teveel in de reserve armoedebestrijding geplaatst. Dit bedrag wordt onttrokken. De extra uitgaven naar aanleiding van de evaluatie plan van aanpak armoedebestrijding wordt voor € 25.000 (V) gedekt uit de reserve armoedebestrijding. Meerkosten om de pilot van het Jeugdfonds Sport en Cultuur (JFSC) worden gedekt uit de reserve armoedebestrijding. Overige reservemutaties € 5.000 (V).
57
Programma 5 – Economie en Toerisme Begroting 2023 vastgesteld in november 2022
(x € 1.000)
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
192 V
0N
33 V
225 V
303 V
362 V
Lasten
1.422 N
45 N
435 N
1.902 N
1.357 N
1.439 N
Saldo van baten en lasten (A)
1.077 N
1.230 N
45 N
402 N
1.677 N
1.054 N
Onttrekking uit reserves
34 V
0N
231 V
265 V
108 V
32 V
Toevoeging aan reserves
2N
0N
0N
2N
93 N
18 N
33 V
0N
231 V
264 V
15 V
14 V
1.197 N
45 N
172 N
1.414 N
1.039 N
1.063 N
Mutaties reserves (B) Geraamd resultaat (A+B)
Toelichting verschil saldo baten en lasten (A): € 402.000 N 5.1
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma Economische zaken is € 402.000 (N)
5.1.1. Werkbudget landelijk gebied € 68.000 (N) In 2023 is de beleidsadviseur landelijk gebied begonnen. Er is een enorme dynamiek op de cruciale thema’s voor het landelijk gebied. We zullen gaandeweg moeten anticiperen op de landelijke, provinciale en regionale dynamieken. En dat betekent steeds afwegen waar inzet en middelen nodig zijn. Naast de capaciteitsinzet van de in 2023 begonnen beleidsadviseur landelijk gebied moet er ook een werkbudget komen. Hiervoor is een structureel budget in de begroting beschikbaar van € 50.000 (N) (bestuursprogramma 8.11). Voor 2023 verwachten we nog extra kosten voor o.a. databeheer, communicatie, participatie en experimenteerruimte. We verhogen het budget hiertoe met € 18.000 (N). Daarnaast is in de begroting al een budget geraamd van € 12.000 voor het opstellen van Regionaal Perspectief Landelijk Gebied (RPLG). De dynamische omstandigheden hebben het risico dat achteraf alsnog onvoldoende blijken. Uitgangspunt is om kosten voortvloeiend uit rijks- of provinciale maatregelen te dekken uit middelen van deze hogere overheden. Echter voorfinanciering is mogelijk noodzakelijk.
5.1.2. Erfgoedvisie € 24.500 (N) Om de ambities vanuit de erfgoedvisie te verwezenlijk zijn incidenteel en structureel extra middelen nodig. Deze zijn opgenomen in de Kadernota 2024. Besluitvorming hierover zal plaatvinden bij de vaststelling van de begroting 2023. Om in 2023 wel een aantal activiteiten op te pakken wordt een incidenteel budget geraamd van € 18.000 (N). Dekking van deze kosten kan plaatsvinden ten laste het ontvangen provinciaal subsidie voor een kerkenvisie (uit de reserve sociaal domein). Daarnaast wordt het budget van € 20.000 (N) uit het bestuursprogramma beschikbaar gesteld voor het behoud en verbeteren van het karakteristieke gezicht van de binnenstad. De kosten van erfgoed worden toegevoegd aan het product militair erfgoed. De kosten voor militair erfgoed kunnen in 2023 met € 13.500 (V) worden afgeraamd.
5.1.3. Project vitale stad € 7.000 (N) De gemeente heeft in 2022 een provinciaal subsidie ontvangen van € 69.000 voor het project 'Vitale Stads- en Dorskernen Rhenen'. Met dit subsidie zijn twee projecten uitgevoerd gericht op gemeente brede samenwerking en toeristische samenwerking. Hiervoor is externe expertise ingehuurd. Het subsidie en de daarmee samenhangende kosten zijn verantwoord in 2022 en een deel in 2023. Per saldo dient een bedrag van € 7.000 (N) te worden geraamd als gevolg van benodigde extra ureninzet van het ingehuurde bureau.
58
5.1.4. Subsidie grote evenementen € 150.000 (N) Naar aanleiding van een motie van de raad is een subsidieregeling Evenementen Rhenen 2023 vastgesteld. Hiervoor is een budget beschikbaar gesteld van € 150.000 (N). Met name omdat er in 2023 geen Rijnweek wordt georganiseerd is het budget tot nu toe nog niet volledig besteed. Het college heeft besloten het te subsidiëren bedrag te verhogen en de termijn voor subsidieaanvragen te verlengen. Het budget wordt gedekt uit de algemene reserve. Als na de verruiming van de subsidieregeling alsnog een restantbedrag overblijft, dan vloeit dit terug in de algemene reserve."
5.1.5. Uitvoeringsagenda recreatie & toerisme € 63.000 (N) De uitvoeringsagenda recreatie & toerisme is in 2022 niet volledig uitgevoerd. Het hiervoor beschikbaar gestelde bedrag ad € 63.000 (N) is overgeheveld naar 2023 en wordt weer beschikbaar gesteld. Dekking vindt plaats ten laste van de reserve budgetoverheveling.
6. Stadshaven Rhenen € 37.500 (N) In 2023 zijn met de raadscommissie Ruimte en Economie een werkbijeenkomst en consulterende raadscommissie gehouden over de vernieuwing van de stadshaven en het gebiedsplan. Het college streeft er naar om in september dan wel uiterlijk oktober een voorstel voor te leggen aan de raad inclusief de investeringsbegroting. Om te komen tot dit voorstel worden kosten gemaakt voor projectleiding en onderzoek. De onderzoekskosten ad € 24.500 kunnen worden gedekt ten laste van het krediet Loswal. Het budget voor planvoorbereiding ad € 100.000 is in de periode 2020-2022 volledig besteed. De projectkosten voor 2023 ad € 37.500 (N) dienen te worden geraamd.
7. Personeelskosten economie & toerisme € 16.500 (N) a)
De ontwikkeling van de personeelskosten economie & toerisme geven in 2023 een nadeel van € 14.000. Een vacature geeft lagere loonkosten voor een bedrag van € 27.500 (V). Dit bedrag is deels aangewend voor het opstellen van de economische agenda voor een bedrag van € 13.500 (N).
b)
Daarnaast heeft een actualisering van de loonstaat plaatsgevonden op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten. Voor het deelprogramma ruimtelijke ontwikkeling betekent dit € 30.500 (N) hogere loonkosten.
8. Stijging energiekosten € 23.000 (N) Door de energiecrisis en de stijgende prijzen voor gas en elektra, zijn de energietarieven in 2023 met een factor van 2,5 gestegen. Binnen dit deelprogramma zorgen de gestegen kosten voor energie van het gemeentelijk vastgoed voor een nadeel van € 23.000 (N). Dit bedrag is in mindering gebracht op de hiervoor opgenomen stelpost binnen DP 1.3.
9. Actualisatie MJOP € 12.500 (N) Door de actualisatie van het meerjarenonderhoudsplan gebouwen hebben voornamelijk. verschuivingen plaatsgevonden. Over alle programma's wis de actualisatie vrijwel budgettair neutraal. Voor het programma Economie en Toerisme neemt echter de dotatie aan de voorziening voor de gebouwen toe met € 12.500 (N).
59
Toelichting verschil mutatie reserve (B): € 231.000 V 5.1 a) b) c)
Het saldo van de reservemutaties van deelprogramma economische zaken is € 231.000 (V) Het budget voor subsidieregeling grote evenementen Rhenen 2023 ad € 150.000 (V) wordt gedekt ten laste van de algemene reserve. De uitgaven voor uitvoering van de erfgoedvisie in 2023 ad € 18.000 (V) worden gedekt ten laste van de reserve sociaal domein. Het vanuit 2022 overgehevelde budget voor uitvoeringsagenda recreatie & toerisme ad € 63.000 (V) wordt gedekt ten laste van de reserve budgetoverheveling.
60
Programma 6 – Veiligheid & handhaving Begroting 2023 vastgesteld in november 2022
(x € 1.000)
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
20 V
0N
0N
21 V
75 V
57 V
Lasten
2.346 N
75 N
97 N
2.518 N
2.260 N
2.299 N
Saldo van baten en lasten (A)
2.242 N
2.326 N
75 N
97 N
2.497 N
2.185 N
Onttrekking uit reserves
56 V
0N
0N
56 V
87 V
75 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
31 N
Mutaties reserves (B) Geraamd resultaat (A+B)
56 V
0N
0N
56 V
87 V
44 V
2.270 N
75 N
97 N
2.441 N
2.098 N
2.198 N
Toelichting verschil saldo baten en lasten (A): € 97.000 N 6.1
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma Veiligheid is € 138.000 (N)
6.1.1. Begroting 2023 Veiligheids- Regio Utrecht (VRU) € 90.500 (N) a. De bijgestelde begroting 2023 van de VRU geeft een flinke kostenstijging. Deze wordt voor € 70.500 (N) veroorzaakt door het effect van de begin dit jaar afgesloten cao gemeenten. De kostenstijging kan worden gedekt uit de stelpost prijsinflatie (deelprogramma 7.2). Daarnaast stijgt de bijdrage met € 20.000 (N) als gevolg van de herijking van het gemeentefonds. Het effect van de herijking zorgt voor een toename van onze bijdrage met 0,02%, In de begroting 2023 is het voor Rhenen voordelige effect van de herijking in een hogere uitkering uit het gemeentefonds.
6.1.2. Aanbevelingen evaluatie jaarwisseling € 20.000 (N) Het onderzoek in 2022 naar de jaarwisseling in Achterberg heeft een drietal aanbevelingen opgeleverd die in 2023 uitgevoerd gaan worden. Het creëren van verbinding vergt naast ambtelijke capaciteit de inschakeling van een externe partij voor gerichte communicatie en het werken aan een alternatief voor de huidige jaarwisseling. Ook het organiseren van preventieve acties, zoals het inzetten van een vuurwerkbus of het verspreiden van flyers/folders vraagt om extra middelen. Voor 2023 ramen we hiervoor een budget van € 20.000 (N).
6.1.3 Digitale veiligheid € 8.000 (N) In het bestuursprogramma is vanaf 2023 een structureel budget van € 8.000 (N) opgenomen voor digitale veiligheid. Met dit budget willen we de digitale weerbaarheid van onze inwoners vergroten door middel van voorlichting voer cybercrime en digitale weerbaarheid aan inwoners onder andere op scholen en in de bibliotheek. De middelen voor het bestuursakkoord zijn in de begroting geraamd op een stelpost. Deze stelpost wordt aangewend ter dekking van deze kosten (deelprogramma 7.2)"
6.1.4. Stijging energie- en schoonmaakkosten € 23.000 (N) Door de energiecrisis en de stijgende prijzen voor gas en elektra, zijn de energietarieven in 2023 met een factor van 2,5 gestegen. Binnen dit deelprogramma zorgen de gestegen kosten voor energie van het gemeentelijk vastgoed voor een nadeel van € 23.000 (N). Dit bedrag is in mindering gebracht op de hiervoor opgenomen stelpost binnen DP 1.3.
6.1.5. Overige ontwikkelingen € 2.500 (V)
61
6.2
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma handhaving is € 41.000 (V)
6.2.1. Personeelskosten handhaving € 51.000 (V) a)
De ontwikkeling van de personeelskosten economie & toerisme geven in 2023 een nadeel van € 86.000. Meerdere vacatures geven lagere loonkosten voor een bedrag van € 104.000 (V). Om de capaciteit op niveau te houden is het noodzakelijk om in te huren tot een bedrag van € 139.000 (N). De inhuurkosten betreffen grotendeels capaciteit toezichthouder.
b)
Daarnaast heeft een actualisering van de loonstaat plaatsgevonden op basis van de nieuwe teamindeling, bijstelling formatiekosten en de nieuwe cao gemeenten. Voor het deelprogramma ruimtelijke ontwikkeling betekent dit € 86.000 (V) lagere loonkosten.
6.2.2. Kosten handhaving € 10.000 (N) In het bestuursprogramma is een structureel budget van € 10.000 (N) opgenomen voor handhaving APV en Alcoholwet en het uitvoeren van Bibob-onderzoeken. De middelen voor het bestuursakkoord zijn in de begroting geraamd op een stelpost. Deze stelpost wordt aangewend ter dekking van deze kosten (deelprogramma 7.2).
62
Programma 7 – Algemene dekkingsmiddelen Begroting 2023 vastgesteld in november 2022
(x € 1.000)
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
39.499 V
1.259 V
66 V
40.825 V
40.270 V
Lasten
2.494 N
1.696 N
2.396 V
1.793 N
1.425 N
1.278 N
Saldo van baten en lasten (A)
37.005 V
437 N
2.463 V
39.031 V
38.845 V
35.280 V
Onttrekking uit reserves
80 V
592 V
0N
671 V
205 V
612 V
Toevoeging aan reserves
58 N
0N
0N
58 N
654 N
684 N
21 V
592 V
0N
613 V
449 N
72 N
37.026 V
155 V
2.463 V
39.644 V
38.396 V
35.207 V
Mutaties reserves (B) Geraamd resultaat (A+B)
36.558 V
Toelichting verschil saldo baten en lasten (A): € 2.463.000 V 7.1
Het saldo van baten en lasten van deelprogramma belastingen is € 39.000 (N)
7.1.1. Belastingopbrengsten € 6.500 (N) De opbrengst hondenbelasting is € 10.000 (V) hoger dan in de begroting geraamd. Dit is mogelijk het effect van de recent gehouden huis-aan-huis-controle op hondenbezit. We ramen deze meeropbrengst structureel. Op basis van de tweede rapportage uitvoering belastingen door de gemeente Ede verlagen we voor 2023 de opbrengst OZB met € 11.000 (N) en de opbrengst reclamebelasting met € 5.500 (N).
7.1.2. Toename bezwaarschriften WOZ € 32.500 (N) Voor het belastingjaar 2023 zijn er in heel Nederland fors meer WOZ-bezwaren ingediend dan normaliter het geval is. In de meeste gevallen gaat het om meer dan een verdubbeling. In Rhenen zien we hetzelfde beeld. In 2022 had Rhenen in 2022 259 bezwaren in 2023 zijn dat er 601. Dit betekent ruim 2 keer zoveel bezwaren. De redenen hiervoor zijn 2-ledig: -
Toename bezwaren no-cure-no-pay bureaus;
-
Vanwege stijging van de huizenprijzen in 2022 (in 2023 ook nog wel een stijging maar minder hard). Vanuit de WOZ wordt gewerkt (wettelijke verplicht) met de waardepeildatum 1-1-2022 en de perceptie van de belastingbetaler is dat in 2023 de huizenmarkt aan het dalen is.
Door de toename van het aantal bezwaren nemen de kosten van de DVO met de gemeente Ede toe met € 32.500 (N).
7.2
Het saldo van baten en lasten van de overige dekkingsmiddelen is € 2.502.000 (V)
7.2.1. Uitkering gemeentefonds vooral door decembercirculaire 2022 en meicirculaire 2023 positief: € 135.000 (V) De uitkering uit het gemeentefonds is met een bedrag van € 35 miljoen de belangrijkste inkomstenbron van de gemeente. In vergelijking met de septembercirculaire 2022 is sprake van een positieve bijstelling met € 135.000 (V). Dit is vooral het effect van de decembercirculaire 2022 en de meicirculaire 2023. Van de voordelige bijstelling is € 180.000 gereserveerd in de programma's. Voorbeelden hiervan zijn: 1.
Flankerend beleid energie-armoede: € 34.000
63
2. 3.
Leerlingenvervoer Oekraïne en taal voor ontheemden uit Oekraïne: € 42.000 Integratie uitkering participatie: € 102.000 (wordt in kader van financieringsafspraken overgemaakt aan IW4)
7.2.2. Ontwikkeling loonkosten 2023: € 447.500 (V) De loonkosten van het 'flexteam' zijn met € 447.500 (V) gedaald ten opzichte van de begroting 2023. Als onderdeel van de nieuwe organisatievisie is de toedeling van de loonkosten van de medewerkers aan de begrotingsprogramma's opnieuw beoordeeld. Dit heeft ertoe geleid dat de functie van de spelverdelers is ondergebracht in programma 1 'Bedrijfsvoering'. Verder zorgt de nieuwe CAO voor gemeenteambtenaren tot een verhoging van de loonkosten met gemiddeld 9%. Tenslotte is als gevolg van openstaande vacatures in 2023 € 127.000 (V) ingezet voor de dekking van inhuur en voor de inkoop van adviezen en algemene ondersteuning. "
7.2.3. Overige verschillen: € 1.919.500 (V) a)
Bijstelling dividendopbrengst BNG: € 27.500 (V).
b)
Aframing onderuitputting kapitaallasten door actualisatie van investeringsprogramma: € 50.000 (N). In de begroting 2023 is rekening gehouden met het feit dat in 2022 niet alle investeringen worden gerealiseerd. Dit geeft in 2023 een voordeel te zien bij de afschrijvingsen rentelasten. Gelijktijdig met de actualisatie van de investeringslasten komt de stelpost onderuitputting te vervallen.
c)
De begroting 2023 is opgesteld op het prijsniveau 2022. Voor het opvangen van de prijsontwikkelingen in 2023 is in de begroting een stelpost opgenomen. Hiervan is in de zomernota € 700.000 (V) toegerekend aan de inhoudelijke programma's. Vooral ingezet voor het opvangen van de prijsstijgingen in de zorg. Een bedrag van € 64.000 (V) is ten gunste van het resultaat gekomen. NB: Op de stelpost prijsinflatie resteert voor het opvangen van prijsontwikkelingen in de programma's nog € 100.000. Als hiervan in 2023 geen gebruik meer wordt gemaakt dan leidt dit tot een voordeel in de jaarstukken 2023.
d)
Bij de zomernota zijn de centraal gereserveerde incidentele en structurele middelen van het bestuursprogramma grotendeels toegerekend aan de inhoudelijke programma's: € 1.050.000 (V).
e)
Door de krapte op de arbeidsmarkt is in de begroting 2023 een budget opgenomen van € 50.000 (V) voor o.a. incidentele arbeidsmarkttoelagen. Gelet op het beperkte aantal beperkte op dit moment is de verwachting dat in 2023 nauwelijks nog een claim op deze middelen wordt gelegd. De stelpost is daarom afgeraamd.
f)
In de begroting 2023 is in de vorm van een stelpost rekening gehouden met de indexering van de inkomsten. In de programma's zijn de inkomsten bij deze nota op het niveau 2023 geraamd waardoor de stelpost kan vervallen: € 99.000 (N).
g)
Afrekening BTW voorgaande jaren (2018): € 42.000 (V).
h)
In 2023 zijn de beschikbare inhuurbudgetten waaronder het knelpuntenbudget volledig afgeraamd ter dekking van de inhuur en van de inkoop van (ondersteunende) diensten. De (noodzakelijke) inhuur en inkoop is daarbij losgekoppeld van het beschikbare budget. Bij de noodzakelijkheid van de inhuur is het 4-ogen principe toegepast. Deze andere werkwijze past in de organisatievisie waarbij het uitgaan van vertrouwen en het werken vanuit de bedoeling belangrijke uitgangspunten zijn: € 365.000 (V).
i)
In 2023 vindt inhuur plaats voor een openstaande vacature als beleidsadviseur van het flexteam (€ 80.000 N). Ook vindt inhuur plaats op gebied van openbare orde en veiligheid, mobiliteit en ondersteuning woningbouwopgave (€ 89.500 N). Deze inhuur wordt grotendeels gedekt uit het 64
voordeel op de loonkosten door niet ingevulde vacatures bij het flexteam en door de aframing van de organisatiebrede inhuurbudgetten (€ 169.500 N). j)
Diverse overige verschillen: € 60.500 (N).
65
3.2 Balansonderdelen Het onderdeel balansonderdelen bestaat uit: (3.3.1) Inleiding (3.3.2) Balansonderdelen en toelichting
3.3.1 Inleiding Een balans is een financieel overzicht van de bezittingen, het eigen vermogen en de schulden. Het geeft een beeld van de financiële positie op een bepaald moment en inzicht hoe de gemeente het bezit heeft gefinancierd. Dit geeft de raad inzicht in de ontwikkeling van bijvoorbeeld de investeringen en de inzet van de reserves en voorzieningen. In deze rapportage is een overzicht opgenomen van de investeringen (onderdeel van de vast activa) die in 2023 in uitvoering zijn en van de nog voorgenomen investeringen. Tenslotte is een verloopoverzicht opgenomen van de ontwikkeling van de reserves en voorzieningen van de gemeente (onderdeel van het eigen respectievelijk vreemd vermogen).
3.3.2 Balansonderdelen en toelichting Vaste activa De vaste activa van de gemeente bestaat uit investeringen. Dit zijn uitgaven waarvan het economisch of maatschappelijk nut zich over meerdere jaren uitstrekt. Investeringen worden geactiveerd op de balans en afgeschreven op basis van de economische levensduur van de investering. De kapitaallasten (rente en afschrijving) komen ten laste van de programma’s en moeten worden gedekt binnen de baten en lasten van de begroting. De boekwaarde van de vaste activa neemt in 2023 naar verwachting toe met € 6,0 miljoen. Dit is € 3 miljoen hoger dan werd verwacht in de begroting 2023. Dit heeft vooral te maken met de extra beschikbaar gestelde kredieten voor het nieuwe MFG Rhenen Voorbeelden hiervan zijn: krediet voor het opvangen van de prijsstijgingen en voor de oplossing van de problematiek rondom de netcongestie. Daarnaast was in de investeringsplanning geen rekening gehouden met het inhuizen van de GGD en het hybride werken. In de exploitatie waren hiervoor wel middelen (afschrijving en rente) gereserveerd. Deze extra investeringen leiden niet tot een hoger financieringstekort, maar tot een lager financieringsoverschot. Het financieringsoverschot dat de
66
gemeente heeft komt vooral door een tweetal geldleningen van in totaal € 10 miljoen die vooruitlopend op de realisatie van het nieuwe MFG in 2022 zijn aangetrokken. Ook het positieve resultaat van de jaarrekening 2022 heeft een positieve invloed op de hoogte van het financieringsoverschot. Als onderdeel van de vaste activa zijn in onderstaand overzicht de lopende investeringen waarvoor een krediet beschikbaar is in beeld gebracht. Lopende investeringen
Naam/omschrijving investering
50 1.684 695 16.005
Museumkwartier - Verpl. Rode kruis Brandweerkazerne Elst Huisvestingsconcept + GGD Nieuwbouw MFG Rhenen
18.434 22
Gebouwen Speelplaats Achterberg
22 150 30 140 50 30 140 70 25
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 0 400 725 1.125 0 0 0 0 0 0 0 0 70
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0
0
25
0
50
0
0
0
25
0
0
0
125 49
0 0
0 0
0 0
Inventaris
0 20 1.037 330 26 -107 52 143 91 49 100 6 0 0 0 0 174 22 22 909 185 185
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
44 0 139 0 0 0 0 0 0 0 0 0 100 70 56 15 0 0 0 241 0 0
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Totaal
15.454
0
1.505
0
125 50
Riool Oude Dijksestraat
44 20
Aanbiedstation / aanschaf 4+2 containers Drukrioolgemaal
949 330 30 60 225 225 100 168 100 28 100 70 56 15 175 22 22
Riool en afval (met heffing) Openbare ruimte nieuwbouw MFG Rhenen VK Parkeren Binnenstad VK Nieuwe Veenendaalseweg Verkeer Kwintelooijen Herinrichting Kerkewijk Loswal Jaarlijkse vervanging armaturen Verduurzaming nostaligische verlichting Armaturen nostaligische verlichting Herinrichting parkeerterrein VVA en Sportweg Terrein Dorpshuis Herinrichting Bruine Engseweg Herinrichting parkeerterrein VVA en Sportweg Paralelweg Cuneraweg Bomenvervanging Binnenveld Heuvelrugtuin Elst
1.726 185 185 21.316
Nieuw krediet 2023 Bruto inv. Bijdrage
50 37 -13 13.227 13.301 22 22 75 -13 194 353 19 140 0
Grond, weg en waterbouw (economisch) Herinrichting Kerkewijk VK Herinrichting Achterbergsestraatweg Riolering Stichtserand Galgenberg Riolering paralelweg Cuneraweg Riolering Autoweg Remmerden Relinen Riolering Beukenlaan Riolering terrein dorpshuis Riolering parkeerterrein VVA Achterberg en parkeerterrein Sportweg Elst Voorbereidingskrediet Zwarteweg 3e en 4e fase Voorbereidingskrediet Zwarteweg 2e fase: aanpassen riolering kruising Achterbergsestraatweg Voorbereidingskrediet herinrichting Paardenveld
50 25
Restant op 1-1-2023 Bruto inv. Bijdrage
Grond, weg en waterbouw (maatschapp.) Huisvestingsconcept + GGD
Voor een specificatie van de nog voorgenomen investeringen 2023 verwijzen wij u naar de bijlage.
67
Eigen vermogen Het totaal van de bezittingen (totale activa) minus de schulden is het eigen vermogen. Het eigen vermogen is samengesteld uit de algemene reserve, bestemmingsreserves en het verwachte jaarrekeningresultaat. In onderstaande tabel is de verwachte ontwikkeling van het eigen vermogen gepresenteerd. Hierin is ook de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2022 verwerkt. Reserves (x € 1.000)
Bestemming Saldo 01-01-2023 JRR2022 Toevoeging Onttrekking Saldo 31-12-2023
1. Algemene reserve vrij besteedbaar 2. Bestemmingsreserves a. bestemmingsreserves (algemeen) b. bruto methode reserves Totaal reserves
16.770
1.535
-
-877
6.388 5.926 29.084
1.702 3.237
569 58 627
-2.759 -275 -3.911
17.428 5.900 5.709 29.038
Bij het opstellen van de begroting 2023 was de verwachting dat het eigen vermogen ultimo 2023 ruim € 26 miljoen zou bedragen. De huidige verwachting per 31 december 2023 is € 29 miljoen. In dat bedrag is geen rekening gehouden met het verwachte tekort in 2023. We kunnen concluderen dat de extra financieringsbehoefte van € 3 miljoen die hiervoor bij de vaste activa is geschetst kan worden gefinancierd uit de toename van de eigen financieringsmiddelen. Voor een specificatie van de reserves verwijzen wij u naar de bijlagen.
Voorzieningen Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen. Het is een reservering voor toekomstige uitgaven waarbij de hoogte en het tijdstip van de besteding goed ingeschat kan worden, maar waarvan de kosten in de tijd onregelmatig gespreid zijn. Ook worden voorzieningen gevormd vanwege risico’s die op de balansdatum bestaan en die kunnen leiden tot verplichtingen en verliezen waarvan de omvang onzeker is, maar redelijk is in te schatten. Voorzieningen (x € 1.000)
Bestemming Saldo 01-01-2023 JRR2022 Toevoeging Onttrekking Saldo 31-12-2023
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorzieningen voor egalisatie van kosten Voorzieningen voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is Totaal voorzieningen
2.737 1.970 2.481 7.188
-
126 769 348 1.242
-104 -1.513 -289 -1.906
2.759 1.226 2.539 6.524
In de begroting 2023 was de verwachting dat de omvang van de voorzieningen ultimo 2023 bijna € 4,8 miljoen zou bedragen. De verwachting is nu dat de omvang van de voorzieningen per 31 december 2022 € 6,5 miljoen bedraagt. De toename van de voorzieningen komt door het opnemen van een voorziening voor de pensioenen van wethouders bij de jaarrekening 2022 (stand per 31 december 2022: € 2.154.000). Voor een specificatie van de voorzieningen verwijzen wij u naar de bijlagen. In onderstaande tabel zijn de investeringen gepresenteerd waarvan per 1 juli een krediet is vrijgegeven voor de uitvoering.
68
Bijlagen – Exploitatie In onderstaande tabellen zijn de baten, lasten en mutaties aan de reserves per programma uitgesplitst per deelprogramma en daarna per product.
Programma 1 – Bedrijfsvoering
Deelprogramma 1.1 - Bestuur Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
0N
0N
0N
0N
1.599 V
0N
Lasten
1.878 N
5V
128 V
1.744 N
3.809 N
1.637 N
Saldo van baten en lasten (A)
1.878 N
5V
128 V
1.744 N
2.210 N
1.637 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
37 V
37 V
62 V
128 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
16 N
Mutaties reserves (B)
0N
0N
37 V
37 V
62 V
111 V
1.878 N
5V
165 V
1.707 N
2.148 N
1.525 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 1.2 - Organisatie Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
0N
0N
0N
0N
33 V
4V
Lasten
3.842 N
0N
1.094 N
4.935 N
3.803 N
3.583 N
Saldo van baten en lasten (A)
3.580 N
3.842 N
0N
1.094 N
4.935 N
3.770 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
0N
0N
97 V
0N
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
15 N
15 N
0N
0N
0N
0N
82 V
15 N
3.842 N
0N
1.094 N
4.935 N
3.688 N
3.595 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Mutaties reserves (B) Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 1.3 - Facilitair Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten Lasten Saldo van baten en lasten (A) Onttrekking uit reserves Toevoeging aan reserves Mutaties reserves (B)
47 V 2.638 N 2.590 N 42 V 0N 42 V
0N 374 N 374 N 0N 0N 0N
77 V 763 N 686 N 144 V 0N 144 V
124 V 3.774 N 3.650 N 186 V 0N 186 V
52 V 2.763 N 2.711 N 95 V 0N 95 V
43 V 2.460 N 2.417 N 127 V 113 N 14 V
Geraamd resultaat (A+B)
2.548 N
374 N
542 N
3.464 N
2.616 N
2.403 N
69
Programma 2 – Dienstverlening
Deelprogramma 2.1 - Rhenense publieksbalie Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
264 V
0N
62 V
326 V
298 V
283 V
Lasten
923 N
15 N
50 V
888 N
791 N
911 N
Saldo van baten en lasten (A)
659 N
15 N
112 V
562 N
493 N
628 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
0N
0N
0N
53 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
160 N
0N
Mutaties reserves (B)
0N
0N
0N
0N
160 N
53 V
659 N
15 N
112 V
562 N
653 N
575 N
Geraamd resultaat (A+B)
70
Programma 3 – Fysiek
Deelprogramma 3.1 - Verkeer en openbare ruimte Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
5.206 V
0N
103 N
5.103 V
5.207 V
5.251 V
Lasten
7.652 N
174 N
42 V
7.785 N
7.235 N
7.312 N
Saldo van baten en lasten (A)
2.446 N
174 N
61 N
2.681 N
2.027 N
2.061 N
Onttrekking uit reserves
99 V
59 V
399 V
557 V
190 V
269 V
Toevoeging aan reserves
24 N
0N
0N
24 N
141 N
34 N
Mutaties reserves (B)
75 V
59 V
399 V
533 V
49 V
235 V
2.371 N
115 N
338 V
2.148 N
1.978 N
1.826 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 3.2 – Ruimtelijke ontwikkeling Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
1.997 V
405 V
186 V
2.587 V
1.371 V
1.808 V
Lasten
3.057 N
640 N
880 N
4.577 N
1.839 N
2.272 N
Saldo van baten en lasten (A)
1.061 N
235 N
695 N
1.990 N
468 N
465 N
Onttrekking uit reserves
0N
1.070 V
209 V
1.279 V
88 V
306 V
Toevoeging aan reserves
0N
535 N
0N
535 N
473 N
0N
Mutaties reserves (B)
0N
535 V
209 V
744 V
385 N
306 V
1.061 N
300 V
486 N
1.246 N
853 N
159 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 3.3 – Duurzaamheid Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
1V
0N
364 V
365 V
15 V
114 V
Lasten
281 N
0N
490 N
771 N
230 N
402 N
Saldo van baten en lasten (A)
280 N
0N
126 N
407 N
215 N
288 N
Onttrekking uit reserves
61 V
0N
0N
61 V
29 V
17 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
0N
Mutaties reserves (B)
61 V
0N
0N
61 V
29 V
17 V
Geraamd resultaat (A+B)
219 N
0N
126 N
345 N
186 N
271 N
71
Programma 4 – Sociaal maatschappelijk
Deelprogramma 4.0 – Sociaal domein Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
0N
0N
0N
0N
1.921 V
0N
Lasten
184 N
0N
68 N
252 N
638 N
109 N
Saldo van baten en lasten (A)
184 N
0N
68 N
252 N
1.282 V
109 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
0N
0N
215 V
85 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
0N
Mutaties reserves (B)
0N
0N
0N
0N
215 V
85 V
184 N
0N
68 N
252 N
1.497 V
24 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 4.1 – Jeugd preventief Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
1.035 V
0N
401 V
1.436 V
868 V
631 V
Lasten
2.333 N
16 N
576 N
2.926 N
2.219 N
2.031 N
Saldo van baten en lasten (A)
1.299 N
16 N
175 N
1.490 N
1.351 N
1.400 N
Onttrekking uit reserves
22 V
16 V
0N
38 V
22 V
43 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
0N
Mutaties reserves (B)
22 V
16 V
0N
38 V
22 V
43 V
1.277 N
0N
175 N
1.451 N
1.329 N
1.357 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 4.2 – Jeugd maatwerk Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
0N
0N
0N
0N
69 V
169 V
Lasten
6.247 N
0N
1.512 N
7.760 N
6.485 N
5.764 N
Saldo van baten en lasten (A)
5.595 N
6.247 N
0N
1.512 N
7.760 N
6.417 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
34 V
34 V
158 V
11 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
17 N
131 N
0N
0N
34 V
34 V
141 V
120 N
6.247 N
0N
1.478 N
7.726 N
6.276 N
5.715 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Mutaties reserves (B) Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 4.3 – Maatschappelijke ondersteuning preventief Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
281 V
0N
411 V
692 V
529 V
822 V
Lasten
3.620 N
67 N
801 N
4.487 N
3.908 N
4.833 N
Saldo van baten en lasten (A)
3.339 N
67 N
389 N
3.795 N
3.379 N
4.011 N
Onttrekking uit reserves
29 V
0N
36 V
65 V
39 V
194 V
Toevoeging aan reserves
9N
0N
0N
9N
9N
9N
Mutaties reserves (B)
20 V
0N
36 V
56 V
30 V
185 V
3.319 N
67 N
353 N
3.739 N
3.350 N
3.826 N
Geraamd resultaat (A+B)
72
Deelprogramma 4.4 – Maatschappelijke ondersteuning maatwerk Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
118 V
0N
1V
119 V
238 V
328 V
Lasten
4.713 N
103 N
63 V
4.752 N
4.797 N
4.550 N
Saldo van baten en lasten (A)
4.594 N
103 N
64 V
4.633 N
4.559 N
4.222 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
0N
0N
0N
0N
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
0N
Mutaties reserves (B)
0N
0N
0N
0N
0N
0N
4.594 N
103 N
64 V
4.633 N
4.559 N
4.222 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Geraamd resultaat (A+B)
Deelprogramma 4.5 – Participatie preventief Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
0N
0N
2.365 V
2.365 V
32 V
0N
Lasten
204 N
54 N
2.328 N
2.586 N
354 N
130 N
Saldo van baten en lasten (A)
130 N
204 N
54 N
37 V
221 N
321 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
0N
0N
114 V
14 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
46 N
Mutaties reserves (B) Geraamd resultaat (A+B)
0N
0N
0N
0N
114 V
32 N
204 N
54 N
37 V
221 N
208 N
162 N
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Deelprogramma 4.6 – Participatie maatwerk Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Baten
3.827 V
0N
742 V
4.569 V
4.104 V
4.875 V
Lasten
7.254 N
1.044 N
1.407 N
9.704 N
9.562 N
8.425 N
Saldo van baten en lasten (A)
3.427 N
1.044 N
665 N
5.135 N
5.458 N
3.550 N
Onttrekking uit reserves
0N
466 V
218 V
684 V
88 V
104 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
321 N
11 N
Mutaties reserves (B)
0N
466 V
218 V
684 V
233 N
93 V
3.427 N
578 N
446 N
4.451 N
5.691 N
3.457 N
Geraamd resultaat (A+B)
73
Programma 5 – Economie en toerisme
Deelprogramma 5.1 – Economische zaken Begroting 2023 (x € 1.000)
vastgesteld in november 2022
vastgestelde wijzigingen tot en met juni 2023
wijzigingen zomernota
na wijzigingen zomernota
Jaarrekening 2022
Jaarrekening 2021
werkelijk
werkelijk
Baten
192 V
0N
33 V
225 V
303 V
362 V
Lasten
1.422 N
45 N
435 N
1.902 N