Bijlage 1 Jaarstukken 2025
Tekst van het document
De gehanteerde aanpak is door de betrokken partijen als positief beoordeeld. De jaarwisseling
ge woon- en leefomgeving en zorg en veiligheid.
verliep rustig en beheersbaar, waardoor de inzet van politie, brandweer en boa’s beperkt bleef. Daarnaast is na afloop weinig tot geen schade geconstateerd aan het wegdek, de bebording en
• In het kader van de aanpak van ondermijning zijn meldingen en incidenten opgepakt, integrale controles uitgevoerd en panden gesloten na drugsvondsten
andere voorzieningen. In tegenstelling tot eerdere jaarwisselingen was inzet van de buitendienst ditmaal niet noodzakelijk.
We hadden te maken met de vondst van een grote hennepkwekerij in een flatwoning en de sluiting van een woning en een bedrijfspand na ontdekking van drugs, contant geld en aanverwante
• De veiligheid in de woon- en leefomgeving is versterkt door gerichte samenwerking,
goederen. Meldingen en signalen zijn actief gedeeld en opgepakt, er zijn integrale controles
tijdige opvolging van meldingen en de versterking van contact met inwoners
uitgevoerd waarbij opvolging is gegeven aan geconstateerde overtredingen, daarnaast hebben
In 2025 hebben we ingezet op een veilige woon- en leefomgeving door intensieve samenwerking
voorlichtingsgesprekken plaatsgevonden met inwoners en ondernemers. Tot slot is dit jaar de
met wijkagenten, boa’s, jongerenwerk, Halt en buurtbemiddeling. Jeugdoverlast is structureel
buitendienst actief betrokken bij de aanpak van ondermijning. Door hun werkzaamheden in de
gemonitord via het JORA‑overleg. Dit heeft geleid tot tijdige opvolging van diverse casussen en
gemeente en het directe contact met burgers en bedrijven, spelen zij een cruciale rol in het vroeg-
meldingen. Zo is er naar aanleiding van overlastmeldingen in het centrumgebied een plan van
tijdig signaleren van verdachte situaties. Innovatieve mogelijkheden zoals datagestuurd en AI-ge-
aanpak ontwikkeld en in werking gezet. Naar aanleiding van dit plan van aanpak zijn verschillende 64
H 6.1 | OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID
Jaarrekening 2025
acties ondernomen. Er is duidelijk een nieuwe situatie ontstaan, en het aantal overlastmeldingen
ket Officieren van Dienst bevolkingszorg (OvD-bz) voor het district Heuvelrug door ons vastgesteld.
is in 2025 gedaald. De jongerenwerkers, de politie en boa’s, waren in 2025 regelmatig aanwezig in
Gevolg is dat in 2025 het team crisiscommunicatie mooie stappen zijn gezet door een accounthou-
het centrum en voerden daarbij ook (informele) interactie met inwoners, jongeren, ondernemers
der te benoemen en een aantal trainingen met het team te organiseren. Sinds 6 januari 2025 wer-
en andere gebruikers van het winkelcentrum. Ook werd er eenduidig gehandhaafd, bijvoorbeeld
ken wij, Veenendaal, Renswoude, Wijk bij Duurstede, Utrechtse Heuvelrug, De Bilt, Zeist en Bunnik
bij (verkeers)overtredingen in het voetgangersgebied.
samen waarbij elke gemeente één Officier van Dienst Bevolkingszorg (OvD-bz) ter beschikking stelt.
Het contact met de inwoners is verstrekt door zorgvuldige opvolging van meldingen en de invoe-
In 2025 is de OvD-bz 89 keer gealarmeerd en is 39 keer ter plekke gegaan naar een incident of cala-
ring van een wekelijks spreekuur met boa’s en wijkagenten. Dit gezamenlijke spreekuur is 91 keer
miteit. In onze gemeente heeft er 7 keer een incident plaatsgevonden waar de OvD-bz bij betrokken
bezocht.
was, waaronder bij de grote brand bij een garagebedrijf aan de Boslandweg op 10 december 2025.
Deze gezamenlijke aanpak en het versterkte contact met inwoners hebben bijgedragen aan een
We vroegen minder adviezen aan de Veiligheidsregio Utrecht (VRU)
beter veiligheidsgevoel en een snellere reactie op buurtproblematiek. Tegelijkertijd blijft de inzet
De afdeling risicobeheersing van de VRU heeft ons 25 keer geadviseerd over met name bouw- en
van boa’s, politie en jongerenwerk afhankelijk van de beschikbare capaciteit, waardoor niet altijd
omgevingsvergunningen, terwijl de planning op 46 adviezen lag. Er zijn 9 evenementen-adviezen
(direct) kan worden opgetreden.
gegeven, terwijl er 35 gepland waren. Er is dus minder vraag naar adviezen van de VRU dan we hadden verwacht. Omdat deze trend al langer speelt zijn de aantallen voor het jaarplan 2026 aange-
• De samenhang tussen Zorg en Veiligheid hebben we versterkt door uitbreiding van expertise,
past. De geplande brandveiligheidscontroles in gebouwen zijn uitgevoerd (in totaal 78 controle-be-
het starten van een lokale PGA en het vroegtijdig oppakken van signalen
zoeken, waarvan 6 her-controles). Er zijn géén zaken aan ons overgedragen voor handhaving. In het
In 2025 is de adviseur Zorg & Veiligheid toegevoegd aan het team Veiligheid, Toezicht en Hand-
laatste kwartaal is een winkel met bovenwoning gecontroleerd. Wij hebben de constateringen zelf
having. Hierdoor is de samenwerking tussen het zorgdomein en het veiligheidsdomein intensiever
verder opgepakt. Ten behoeve van het (Brand)Veilig leven zijn in onze gemeente 4 scholen bezocht.
geworden en zijn signalen van (mogelijke) overlast vaker in een vroeg stadium opgepakt. Ook is gestart met een lokale persoonsgerichte aanpak (PGA) voor inwoners die ernstige overlast of
Brandweerinzet en start gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbestrijding Grebbeberg
criminaliteit veroorzaken, waarbij in 2025 6 inwoners zijn opgenomen in de lokale PGA. Deze
De brandweer is in onze gemeente 109 keer uitgerukt. Het ging daarbij om 37 gebouwenbranden en
kwaliteitsimpuls heeft geleid tot betere bestuurlijke afstemming, meer preventieve acties om
overige branden, 12 onterechte meldingen, 16 AED-inzetten, 32 overige inzetten zoals assistentie po-
grote problemen of maatschappelijke onrust te voorkomen en duidelijke procesregie bij complexe
litie of afhijsingen van patiënten uit gebouwen op verzoek van de ambulancevoorziening, 7 inciden-
casussen. Samenwerkingspartners weten elkaar beter te vinden en inwoners en organisaties heb-
ten met gevaarlijke stoffen, 4 incidenten met alleen technische hulpverlening en 1 hulpverlening aan
ben een vast aanspreekpunt bij ernstige onveiligheidssituaties.
dieren. Voor natuurbrandbestrijding in onze gemeente werd voor het gebied Grebbeberg fase 1 opgestart. Een eerste kick-off bijeenkomst hiervoor werd in oktober uitgevoerd met vertegenwoordigers
Tegelijkertijd zijn er aandachtspunten. De druk op het sociaal team en jeugdteam neemt toe, waar-
van een aantal instellingen op de Grebbeberg en er is een start gemaakt met vegetatie-onderzoek.
door de reguliere caseload onder druk kan komen te staan. Daarnaast blijven ongewenste woonsituaties langer bestaan door schaarste aan woonruimte en opvangvoorzieningen, wat risico’s op
We maakten een start met het versterken van weerbaarheid
onveiligheid vergroot. Denk aan kinderen die noodgedwongen (te) lang bij ouders blijven wonen,
(o.a. tegen hybride dreigingen)
ex-partners die geen eigen woonruimte vinden na een relatiebreuk en meer daklozen in de gemeen-
De VRU werkt samen met gemeenten in de regio Utrecht aan een programma om de weerbaarheid
te die op ongewenste en/of onveilige plekken verblijven.
te verbeteren. Er is een plan van aanpak gemaakt. Doelstellingen –in lijn met de VNG-handreiking weerbaarheid- zijn: lokale maatschappelijke en (in)formele netwerken inventariseren en activeren
We werkten aan een kwalitatief betere bevolkingszorg
voor weerbaarheid; in samenwerking met veiligheidsregio's voorwerk verrichten voor het inrichten
Op 21 januari 2025 is het Inrichtingsplan Bevolkingszorg 3.0 en de samenwerkingsovereenkomst pi-
van lokale noodsteunpunten in buurthuizen in de drie kernen onze gemeente (in kaart brengen
65
H 6.1 | OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID
Jaarrekening 2025
kosten noodstroomvoorzieningen, samenwerking versterken met lokale netwerken), in beeld bren-
Wie hadden we daarbij nodig?
gen en waarborgen continuïteit kritieke gemeentelijke bedrijfsprocessen. Ook is in 2025 een start Voor toelichting op de VRU zie paragraaf Verbonden partijen.
gemaakt om de lokale weerbaarheid te verhogen. Wij werkten aan het uitvoeren van de Spreidingswet voor de opvang van 116 asielzoekers door het opzetten en doorlopen van een zorgvuldig participatietraject Begin 2025 maakten wij een plan voor een opvanglocatie voor asielzoekers in Elst bekend. Dit had veel impact op de samenleving, waarop het plan is teruggetrokken. De raad heeft vervolgens het raadsvoorstel 'Kaders en uitgangspunten participatiebijeenkomst uitvoering Spreidingswet' aange-
Wat hebben we gemeten? Link/Qr-code naar wettelijke indicatoren
nomen. Aan de hand van de kaders van de raad is gewerkt aan het uitvoeren van het participatietraject. Ook is, op verzoek van de raad, gestart met het opstellen van een kostenbatenanalyse over de kosten van de opvang van asielzoekers. Met inwoners en maatschappelijke organisaties is eind van het jaar de opzet van het komende participatietraject besproken, waarbij een belangrijke uitkomst was dat er vóór het participeren eerst behoefte was aan duidelijke informatie over de opvang van asielzoekers. Wij gaven hieraan gehoor - waarbij het vastgestelde raadsvoorstel voor ons leidend bleef - en voegden een informerende tussenstap toe aan het proces.
Wat heeft het gekost? Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
Begroting
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
2026
Baten
5V
0N
0N
0N
0N
Lasten
1.937 N
1.892 N
1.694 N
1.709 N
1.898 N
Saldo van baten en lasten (A)
1.932 N
1.892 N
1.694 N
1.709 N
1.898 N
Onttrekking uit reserves
56 V
56 V
56 V
56 V
56 V
Toevoeging aan reserves
0N
0N
14 N
0N
0N
Mutaties reserves (B)
56 V
56 V
42 V
56 V
56 V
1.876 N
1.836 N
1.653 N
1.653 N
1.842 N
(x € 1.000)
Gerealiseerd resultaat (A+B)
Toelichting verloop Jaarstukken 2024 - Jaarstukken 2025 - Begroting 2026 N.v.t. voor dit deelprogramma.
66
6.2 Deelprogramma Handhaving Wat wilden we bereiken?
boa’s druk bezig geweest met het waarschuwen en bekeuren van fietsers in het voetgangersgebied
Beleidsdoel
in het centrum. Tijdens de avonddiensten hebben ze veel gecontroleerd op de geslotenverklarin-
Rhenen is een gemeente waar inwoners, bezoekers en ondernemers veilig zijn en zich veilig voelen.
gen die na zonsondergang gelden. We zagen verder dat er ook meer sprake was van weesfietsen/
6.2.1
Voldoende toezicht op en handhaving van de
fietswrakken en foutief gestalde fietsen. Onze boa’s hebben deze fietsen gelabeld, zodat deze na het
geldende regelgeving waardoor de leefbaarheid in onze samenleving wordt vergroot.
verstrijken van de termijn door de buitendienst konden worden verwijderd. Tot slot is vuurwerkoverlast vanaf september ook een punt van aandacht geweest.
Wat hebben we ervoor gedaan? De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is nog beperkt van kracht en leidde in a. Reguliere activiteiten
2025 tot drie meldingen
Tot de reguliere activiteiten behoren onder meer: toezicht, juridische en bestuurlijke handhaving en
De Wet kwaliteitsborging heeft geleid tot een gewijzigde rol voor de gemeente, waarbij de nadruk
taken van de boa’s. Hieronder worden enkele onderwerpen wat meer toegelicht.
meer is komen te liggen op toetsing en handhaving op basis van rapportages van kwaliteitsborgers in plaats van fysiek bouwtoezicht door de gemeente. De minister heeft bepaald dat de Wkb nog niet
b. Activiteiten 2025
voor verbouwactiviteiten gaat gelden. Het is nog onduidelijk vanaf wanneer dit wel het geval gaat
Onze boa’s pakten overlast en overtredingen zichtbaar en actief aan
zijn. Wij hebben in 2025 drie Wkb-meldingen ontvangen. Deze meldingen worden behandeld door
Er waren een aantal onderwerpen die meer aandacht vroegen dan voorgaande jaren, zoals jeug-
team Vergunningen.
doverlast, geplaatste grote voertuigen of recreatievoertuigen in de openbare ruimte. Ook zijn de
Wat heeft het gekost? Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
Begroting
(x € 1.000)
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
2026
Baten
44 V
74 V
73 V
50 V
88 V
Lasten
837 N
829 N
879 N
826 N
756 N
Saldo van baten en lasten (A)
794 N
756 N
806 N
776 N
668 N
Onttrekking uit reserves
0N
0N
0N
0N
0N
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
Mutaties reserves (B)
0N
0N
0N
0N
0N
794 N
756 N
806 N
776 N
668 N
Gerealiseerd resultaat (A+B)
Toelichting verloop Jaarstukken 2024 - Jaarstukken 2025 - Begroting 2026 N.v.t. voor dit deelprogramma. 67
Jaarrekening 2025
Programma 7 - ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN
Wat heeft het gekost? Inleiding
Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
Begroting
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
2026
Baten
46.018 V
46.274 V
46.762 V
47.825 V
48.295 V
Lasten
2.431 N
2.934 N
2.552 N
2.556 N
4.096 N
deelde lasten (stelposten). Het programma Algemene dekkings-
Saldo van baten en lasten (A)
43.587 V
43.340 V
44.210 V
45.269 V
44.199 V
middelen is onderverdeeld in twee deelprogramma’s:
Onttrekking uit reserves
1.018 V
612 V
635 V
635 V
756 V
1. Belastingen
Toevoeging aan reserves
58 N
58 N
58 N
58 N
1.449 N
2. Overige algemene dekkingsmiddelen.
Mutaties reserves (B)
960 V
554 V
577 V
577 V
693 N
44.547 V
43.895 V
44.788 V
45.846 V
43.505 V
In dit programma zijn de middelen verantwoord die vooraf geen bepaald bestedingsdoel hebben of niet toe te rekenen zijn aan de inhoudelijke programma’s. Voorbeelden hiervan zijn: belastingen, uitkeringen uit het gemeentefonds, treasury, dividend en onver-
(x € 1.000)
Gerealiseerd resultaat (A+B)
68
7.1 Deelprogramma Belastingen Inleiding
Wat hebben we gemeten?
In dit deelprogramma belastingen zijn alle belastingopbrengsten opgenomen evenals de dienstverleningsovereenkomst (DVO) uitvoering belastingen met de gemeente Ede.
Link/Qr-code naar wettelijke indicatoren
De beleidsdoelen belastingen zijn opgenomen in de paragraaf lokale heffingen.
Wat heeft het gekost? Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
Begroting
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
2026
Baten
5.997 V
6.080 V
6.339 V
6.356 V
6.659 V
Lasten
376 N
342 N
372 N
358 N
372 N
Saldo van baten en lasten (A)
5.621 V
5.738 V
5.967 V
5.998 V
6.287 V
Onttrekking uit reserves
0N
0N
0N
0N
0N
Toevoeging aan reserves
0N
0N
0N
0N
0N
Mutaties reserves (B)
0N
0N
0N
0N
0N
5.621 V
5.738 V
5.967 V
5.998 V
6.287 V
(x € 1.000)
Gerealiseerd resultaat (A+B)
Toelichting verloop Jaarstukken 2024 - Jaarstukken 2025 - Begroting 2026 De belastingopbrengsten in 2025 zijn bijna € 0,4 miljoen hoger dan in 2024. Dit komt vooral door de verhoging van de toeristenbelasting. De belastingverhoging zet nog door in 2026
69
Jaarrekening 2025
7.2 Deelprogramma algemene dekkingsmiddelen Inleiding
Wie hadden we daarbij nodig?
In dit deelprogramma zijn alle overige baten en lasten (inclusief reserves) verantwoord die we niet aan de inhoudelijke program-
Voor toelichting op BNG en Vitens zie paragraaf
ma’s kunnen toerekenen. Hieronder vallen de uitkeringen uit het
Verbonden partijen.
gemeentefonds, rentelasten, vennootschapsbelasting, stelposten voor loon- en prijsinflatie en de posten onvoorzien.
Wat heeft het gekost? Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
Begroting
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
2026
Baten
40.021 V
40.194 V
40.424 V
41.469 V
41.636 V
Lasten
2.054 N
2.592 N
2.180 N
2.198 N
3.724 N
Saldo van baten en lasten (A)
37.966 V
37.602 V
38.244 V
39.271 V
37.912 V
Onttrekking uit reserves
1.018 V
612 V
635 V
635 V
756 V
Toevoeging aan reserves
58 N
58 N
58 N
58 N
1.449 N
Mutaties reserves (B)
960 V
554 V
577 V
577 V
693 N
38.926 V
38.156 V
38.821 V
39.848 V
37.219 V
(x € 1.000)
Gerealiseerd resultaat (A+B)
Toelichting verloop Jaarstukken 2024 - Jaarstukken 2025 - Begroting 2026 De baten stijgen in 2025 met €1,4 miljoen ten opzichte van 2024. Dit komt voornamelijk door een stijging van de algemene uitkering uit het het gemeentefonds. De stijging zet door in 2026, dan is de algemene uitkering nog eens 0,2 miljoen hoger dan in 2025. Verder zijn de lasten in 2026 € 1,5 miljoen hoger dan in 2025. Dit komt omdat er naast de reeds voorgenomen woonlastendemping van € 0,3 miljoen in 2026 bij de begrotingsbehandeling besloten is om € 1,1 miljoen extra in te zetten voor de woonlastendemping. De toevoegingen aan de reserves is in 2025 € 1,4 miljoen lager dan in 2026. De voornaamste reden is de toevoeging in 2026 van de opbrengst van de verkoop van de Westpoort en de locatie Hondenschool (€ 1 miljoen). Verder betreft het de toevoeging aan de reserve inhuur personeel in 2026 conform het bij de begroting 2026 besloten voorstel van de inhuurreserve (€ 0,8 miljoen). Tot slot wordt een deel van de reserve collegeprogramma in 2026 ingezet ter dekking van de woonlastendemping ( -/- € 0,5 miljoen). )
70
Jaarrekening 2025
H 7.2 | ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN
Nadere toelichting algemene (dekkings)middelen De nadere toelichting van het overzicht algemene dekkingsmiddelen bestaat uit de volgende componenten: a. lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is
b. uitkering uit het gemeentefonds
c. dividend
d. saldo van de financieringsfunctie
e. overige algemene dekkingsmiddelen
f. onvoorzien
a. Lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is (x € 1.000)
Jaarstukken 2024
Primitieve
Begroting na vastgestel-
begroting 2025
de wijzigingen
Jaarstukken 2025
Begroting 2026
OZB woningen
3.816 V
3.906 V
3.919 V
3.920 V
4.011 V
OZB niet-woningen
1.680 V
1.741 V
1.861 V
1.878 V
1.901 V
Overige belastingen*
453 V
391 V
518 V
492 V
705 V
5.950 V
6.039 V
6.297 V
6.290 V
6.617 V
Primitieve Begroting na vastgestelde
Jaarstukken 2025
Begroting 2026
Totaal
* Lokale heffingen worden verantwoord op deelprogramma 7.1 b. Uitkering uit het gemeentefonds (x € 1.000)
Jaarstukken 2024
Uitkering gemeentefonds
begroting 2025
wijzigingen
39.172 V
39.905 V
40.136 V
41.087 V
41.335 V
39.172 V
39.905 V
40.136 V
41.087 V
41.335 V
(meicirculaire 2025) Totaal
In onderstaande grafiek is het verloop van de uitkering uit het gemeentefonds over de afgelopen 5 jaar weergegeven.
Ontwikkelingen gemeentefonds 2024 - 2025 - 2026 39.172
Jaarstukken 2024
39.905
40.136
Primitieve begroting 2025
Begroting na vastgestelde wijzigingen 2025
41.087
41.335
Jaarstukken 2025
Begroting 2026
71
H 7.2 | ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN
Jaarrekening 2025
c. Dividend (x € 1.000)
Jaarstukken 2024
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
Begroting
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
2026
Deelneming BNG Bank
112 V
130 V
130 V
153 V
130 V
Totaal
112 V
130 V
130 V
153 V
130 V
d. Saldo van de financieringsfunctie Het saldo van de financieringsfunctie bestaat uit de ontvangen rentebaten over de uitzettingen, alsmede de betaalde rentelasten over de aangegane leningen en over de aangetrokken middelen in rekening-courant. (x € 1.000)
Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
Begroting
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
2026
Rentelasten opgenomen geldleningen
1.287 N
1.368 N
1.334 N
1.346 N
1.599 N
Rentebaten verstrekte geldleningen
82 V
52 V
119 V
72 V
79 V
1.205 N
1.316 N
1.215 N
1.274 N
1.520 N
Totaal
e. Overige algemene dekkingsmiddelen (x € 1.000)
Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
Jaarstukken
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
2025
329 N
301 N
331 N
293 N
331 N
0N
545 N
25 N
1V
765 N
767 V
1.371 V
1.279 V
1.296 V
1.480 V
Personeelskosten flexteam en voormalig personeel
920 N
769 N
947 N
848 N
2.482 N
Mutaties reserves **
960 V
554 V
577 V
577 V
157 V
Overige baten en lasten en onvoorzien
41 V
1.174 N
1.114 N
1.143 N
1.117 N
Totaal overige dekkingsmiddelen
518 V
864 N
561 N
408 N
3.057 N
Uitvoeringskosten belastingen* Stelposten: loon en prijsinflatie, taakmutaties circulaires, indexering inkomsten
Begroting 2026
en noodzakelijke beleidsvoornemens PPN2026 Administratieve doorbelasting: rentelasten aan de programma's en interne uren aan project opvang ontheemden
*
de uitvoeringskosten belastingen worden verantwoord op deelprogramma 7.1
** voor 2025 is dit inclusief het bedrag van de woonlastendemping van € 566.000 (N).
72
H 7.2 | ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN
Jaarrekening 2025
f. onvoorzien
De post onvoorzien is in de (meerjaren)begroting in zijn geheel geraamd en niet per (deel) programma. Er is onderscheid gemaakt tussen onvoorzien incidenteel en onvoorzien structureel. De post onvoorzien van € 15.000 per jaar kan ingezet worden als de criteria van de 3-O’s van toepassing zijn: Onvoorzien, Onvermijdbaar en Onuitstelbaar. In 2025 is geen gebruik gemaakt van de post onvoorzien. Kosten van de overhead Overheadkosten betreffen alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. (x € 1.000)
Jaarstukken
Primitieve
Begroting na vastge-
2024
begroting 2025
stelde wijzigingen
Personele overhead bedrijfvoering (incl inhuur)
6.425 N
6.369 N
Materiële overhead bedrijfsvoering
3.776 N
Toegerekend uit programma dienstverlening Toegerekend 33% loonkosten flexteam Sub-totaal overhead
Overhead doorbelast aan projecten Totale overhead
Jaarstukken 2025
Begroting 2026
6.775 N
6.206 N
6.820 N
3.730 N
4.073 N
3.962 N
3.738 N
70 N
173 N
63 N
57 N
57 N
202 N
378 N
173 N
181 N
190 N
10.473 N
10.650 N
11.084 N
10.406 N
10.804 N
307 V
370 V
539 V
388 V
745 V
10.166 N
10.280 N
10.545 N
10.018 N
10.059 N
Bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting Met ingang van 1-1-2016 is de Wet op de Vennootschapsbelasting (Wet VPB) van toepassing op alle overheidsbedrijven en dus ook voor de gemeente Rhenen. Deze wet ondersteunt samen met de Wet Markt en Overheid het streven van het kabinet / Europese Unie om een gelijk speelveld te creëren voor overheidsbedrijven en particuliere ondernemingen. De afgelopen jaren was de gemeente geen vennootschapsbelasting verschuldigd. Daarom is hiervoor geen budget opgenomen in de (meerjaren)begroting 2026-2029.
73
H3 PARAGRAFEN Inleiding De paragrafen vormen een belangrijke informatiebron en overstijgen de programma’s. Het doel van de paragrafen is om informatie bijeen te brengen die voorheen op meerdere plaatsen in de jaarstukken stond. Hierdoor is het mogelijk om sneller en beter inzicht te krijgen in deze onderwerpen. De raad heeft hiermee een extra instrument om de uitvoering te kunnen controleren. Het besluit begroting en verantwoording (BBV) schrijft de volgende acht paragrafen verplicht voor: 1. Lokale heffingen 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3. Kapitaalgoederen 4. Financiering 5. Bedrijfsvoering 6. Verbonden partijen 7.
Grondbeleid
8. Openbaarheidsparagraaf In aanvulling op de verplichte paragrafen is één extra paragraaf toegevoegd omdat het relevant is om u als raad meer controle en inzicht te bieden op dit onderwerp: 9. Subsidieverlening De paragraaf duurzaamheid is niet opgenomen om dubbelingen te voorkomen.
74
Jaarrekening 2025
§3.1 Lokale heffingen 3.1.0 Inleiding
De gemeente Rhenen kent de volgende rechten:
In het jaar 2025 vormen de lokale heffingen 19% van de totale baten van de gemeente. De loka-
-
Leges algemene dienstverlening (Hoofdstuk 1)
le heffingen zijn daarmee een belangrijke bron van inkomsten voor de gemeente. In deze para-
-
Leges dienstverlening onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning (Hoofdstuk 2)
graaf worden de volgende onderdelen toegelicht:
-
Leges dienstverlening vallend onder europese dienstenrichtlijn (Hoofdstuk 3)
1. Wat zijn lokale heffingen 2. Het (gemeentelijk) beleid
(Bestemmings)heffingen:
3. De inkomsten uit de lokale heffingen
(Bestemmings)heffingen worden geheven voor specifieke taken of voorzieningen met een dui-
4. De kostendekking bij de rechten en bestemmingsheffingen
delijk algemeen belang. De opbrengsten kunnen uitsluitend besteed worden aan die specifieke
5. Lokale lastendruk
taak of voorziening waarvoor de heffing is opgelegd. De heffingen worden ook wel bestemmingsheffingen genoemd. Voor deze heffingen geldt dat de gemeente niet meer in rekening mag brengen dan de kosten die zij voor de betreffende taak of voorziening maakt. De gemeente kent
3.1.1 Wat zijn lokale heffingen
de volgende bestemmingsheffingen
De lokale heffingen bestaan uit het totaal van de belastingen, rechten en (bestemmings)heffin-
-
Afvalstoffenheffing
gen.
-
Rioolheffing
Belastingen: De opbrengsten uit belastingen zijn niet gelabeld en kunnen daarom voor alle gemeentelijke
3.1.2 Het (gemeentelijk) beleid
taken en voorzieningen worden ingezet. De gemeente Rhenen heft de volgende belastingen:
a. De gemeenteraad bepaalt welke gemeentelijke lokale lasten inwoners betalen en tevens de
•
Onroerendzaakbelasting (OZB)
hoogte van de tarieven. In het bestuursprogramma 2022 – 2026 is vastgelegd dat we stre-
•
Toeristenbelasting
ven naar een gematigde ontwikkeling van de belastingdruk voor onze inwoners.
•
Hondenbelasting
•
Precariobelasting
•
Ondernemersfonds
b. Voor de OZB-tarieven wordt de waardeontwikkeling op de tarieven gecorrigeerd en houden we rekening met een gewogen inflatiepercentage. c. Voor de leges en bestemmingsheffingen (riolering en afval) streven we naar 100% kostendekkende tarieven.
Rechten: Rechten worden geheven voor diensten die geleverd worden aan een individuele aanvrager.
3.1.3 Inkomsten lokale heffingen
Rechten worden ook wel leges of retributies genoemd. Voorbeelden zijn het aanvragen van een
De totale gerealiseerde inkomsten uit de lokale heffingen bedragen € 13.419.000. Dit is
rijbewijs of omgevingsvergunning en de lijkbezorging.
€ 63.000 lager dan is opgenomen in de begroting 2025 bij de leges- en belastingverordeningen.
Bij het heffen van leges gelden beperkingen: er mag geen winst gemaakt worden op de diensten
De verdeling naar soort inkomsten is in onderstaande tabel weergegeven.
en voor een aantal diensten heeft het Rijk een maximumtarief bepaald.
75
H 3 | §3.1 | LOKALE HEFFINGEN
Jaarrekening 2025
Inkomsten uit belastingen ( in € x 1.000) Begroting 2025 verordening december 2024
Inkomsten uit belastingen ( in € x 1.000) Jaarrekening 2025
Verschil 2025
werkelijk
Jaarrekening en begroting
Jaarrekening 2024
Begroting 2025 verordening december 2024
3.921 V
3.920 V
1N
3.816 V
1.741 V
1.878 V
137 V
1.680 V
Hondenbelasting
149 V
157 V
8V
154 V
Toeristenbelasting
207 V
248 V
42 V
217 V
Precariobelasting
26 V
21 V
4N
38 V
1V
0V
0N
0V
Ondernemersfonds
45 V
65 V
20 V
43 V
Totaal belastingen
6.089 V
6.290 V
202 V
5.950 V
6.290 V
202 V
5.950 V
OZB eigendom woningen
Subtotaal rechten
2.169 V
1.950 V
219 N
1.524 V
OZB eigendom en gebruik
Totaal belastingen, leges en heffingen
5.224 V
5.179 V
46 N
4.627 V
13.482 V
13.419 V
63 N
12.101 V
In de volgende onderdelen worden de lokale heffingen verder toegelicht. Bij de belastingen wordt daarbij ook aandacht besteed aan de kwijtscheldingen. Bij de rechten en (bestemmings) heffingen wordt ingegaan op de kostendekking. 3.1.3.1 Belastingen nader toegelicht Zoals in paragraaf 1.1 aangegeven zijn de inkomsten uit belastingen niet gelabeld. Deze kunnen
Jaarrekening 2024
werkelijk
werkelijk
6.089 V
fingen
Verschil 2025 Jaarrekening en begroting
Subtotaal belastingen Subtotaal (bestemmings)hef-
Jaarrekening 2025
niet-woningen
Eigendom roerende woon-/ bedrijfsruimten
werkelijk
Tarieven Verordening 2025
Verordening 2024
OZB eigendom woningen
0,1016%
0,1052%
Financiën
OZB eigendom niet-woningen
0,5158%
5,0370%
De opbrengst uit belastingen bedragen € 6.290.000. Dat is € 202.000 meer dan de verwachtin-
OZB gebruik niet-woningen
n.v.t.
n.v.t.
gen daarover in de begroting 2025 bij het vaststellen van de belastingtarieven. In onderstaande
Hondenbelasting 1e hond
€ 70,00
€ 68,50
tabel staan de opbrengsten en afwijkingen ten opzichte van de begroting vermeld. De opbrengst
Hondenbelasting 2e hond
€ 176,00
€ 172,00
Hondenbelasting 3e en volgende hond
€ 196,00
€ 191,00
een meeropbrengst op van € 42.000. De definitieve aanslagoplegging loopt altijd een jaar ach-
Hondenbelasting per kennel
€ 467,00
€ 456,00
ter zodat de meeropbrengst wordt verklaard door een hoger aantal overnachtingen in 2024.
Toeristenbelasting
€ 1,85
€ 1,55
Ondernemersfonds
€ 500,00
€ 500,00
voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen worden ingezet.
OZB is voor de niet-woningen € 137.000 hoger dan geraamd. De waardeontwikkeling van bedrijven is lastig in te schatten en in de begroting 2025 te laag geraamd. De toeristenbelasting levert
Tariefontwikkeling belastingen
Kwijtscheldingen Inwoners met weinig vermogen en een laag inkomen kunnen in aanmerking komen voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de geheven belasting. Voor de hondenbelasting kan alleen kwijtschelding verleend worden voor de eerste hond. In 2025 is voor € 111.500 (2024: € 102.000) aan gemeentelijke belastingen kwijtgescholden. Het aantal aanvragen ligt met het 360 lager dan in 2024 (410). We zien dat de daling die vanaf 2022 (462) is ingezet zich doorzet. Het aantal toegekende verzoeken is met 71% vergelijkbaar met vorig jaar (72%). 76
H 3 | §3.1 | LOKALE HEFFINGEN
Jaarrekening 2025
Aantal 2025
Aantal 2024
Automatische kwijtscheldingen via IB
Kwijtscheldingen
149
178
gen zijn in de Voor- en Najaarsrapportage bijgesteld waardoor de afwijking ten opzichte van de
Toekenning individuele verzoeken
104
112
bijgestelde begroting met € 28.000 beperkt is.
Gedeeltelijke toekenning individuele verzoeken
4
5
Afwijzing individuele verzoeken
85
109
Verzoeken nog in behandeling op 31-12-2025
18
6
Begroting 2025
410
verordening december 2024
Totaal aantal aanvragen kwijtscheldingen
360
grote projecten is te hoog ingeschat dan wel de opbrengst is in 2025 niet gerealiseerd. De ramin-
Inkomsten uit rechten (in € x 1.000)
Verordening leges 2025: 3.1.3.2 Rechten nader toegelicht
Hoofdstuk 1 en Hoofdstuk 3
Zoals in paragraaf 1.1 aangegeven worden rechten geheven voor diensten die geleverd worden
Verordening leges omgevings-
aan een individuele aanvrager. Denk aan het aanvragen van een rijbewijs of een omgevingsver-
vergunningen (Hoofdstuk 2)
gunning. Deze rechten worden ook wel leges of retributies genoemd. Bij het heffen van rechten
Verordening lijkbezorgingsrech-
heeft de gemeenteraad te maken met beperkingen. Er mag geen winst gemaakt worden op de
ten
diensten en voor een aantal diensten heeft het Rijk een maximumtarief bepaald.
Verordening marktgelden Totaal rechten
Jaarrekening 2025
Verschil 2025
Jaarrekening 2024
werkelijk
Jaarrekening en begroting
495 V
567 V
72 V
527 V
1.102 V
836 V
266 N
376 V
564 V
539 V
25 N
613 V
8V
8V
0V
9V
2.169 V
1.950 V
219 N
1.524 V
werkelijk
De gemeente Rhenen kent vier verordeningen voor het heffen van rechten. De verordeningen Kostendekking rechten
2025 zijn in december 2024 vastgesteld.
Zoals eerder aangegeven mogen de geheven rechten niet winstgevend zijn, maar ten hoogste Verordening
Grondslag van de heffing van rechten
alle kosten voor de dienstverlening dekken. Dit uitgangspunt geldt op het niveau van de
Verordening leges 2025
Hoofdstuk 1: algemene dienstverlening
verordening en is van toepassing op de in de begroting geraamde bedragen. In onderstaande
Hoofdstuk 3: dienstverlening vallen onder Europese dienstenrichtlijnen en niet vallend onder Hoofdstuk 2 Verordening leges omgevings-
Hoofdstuk 2: dienstverlening vallend onder fysieke
vergunningen 2025
leefomgeving / omgevingsvergunning
Verordening lijkbezorgingsrechten 2025
Gebruik begraafplaats en verleende diensten in ver-
Verordening marktgelden 2025
overzichten is de kostendekking per verordening weergegeven. Voor de verordening marktgelden is de mate van kostendekking gelet op de geringe omvang niet weergegeven. Kostendekkingpercentage rechten per verordening Begroting 2025
Jaarrekening 2025
Jaarrekening 2024
werkelijk
werkelijk
46%
52%
49%
99%
75%
45%
verordening december 2024
band met de begraafplaats
Verordening leges Hoofdstuk 1 en Hoofdstuk 3
Gebruik gemeentegrond op marktdagen
Verordening leges omgevingsvergunning (Hoofdstuk 2)
Financiën
Verordening lijkbezorgingsrechten
95%
97%
83%
De totale opbrengsten uit rechten ligt bij de jaarrekening 2025 met een bedrag van € 1.950.000
Verordening marktgelden
n.b.
n.b.
n.b.
ruim € 219.000 lager dan de verwachtingen daarover in de begroting 2025 bij de legesverordening. Het voornaamste verschil treedt op bij de verordening leges omgevingsvergunning waar
Verordening leges titel 1 en titel 3
de opbrengst ten opzichte van de begroting € 266.000 lager is. De legesraming voor een aantal
De kostendekking van titel 1 en titel 3 ligt op 52%. Dit is 6% hoger dan bij de begroting 77
H 3 | §3.1 | LOKALE HEFFINGEN
Jaarrekening 2025
was berekend. Het hogere percentage wordt verklaard door hogere legesopbrengsten voor
Verordening
Grondslag van de heffing van (bestemmings)rechten
reisdocumenten en kabels en leidingen.
Verordening rioolheffing 2025
Gebruik van riolering voor afvalwater
Verordening afvalstoffenheffing 2025
Dienstverlening voor het ophalen en verwerken
Verordening leges titel 2
van afval
De kosten dekking van titel 2 ligt op 75%. Dit is lager dan bij de begroting was berekend (99%). De lagere kostendekking wordt veroorzaakt door de hiervoor vermelde lagere legesopbrengsten Financiën
(€ 266.000). De kosten zijn in lijn met de begroting.
De totale opbrengst uit de (bestemmings)heffingen van € 5.178.000 ligt in lijn met de Verordening lijkbezorgingsrechten
verwachtingen daarover in de begroting 2025 bij de vaststelling van de verordeningen. De lagere
De kostendekking van de verordening lijkbezorgingsrechten ligt met 95% in lijn met de
opbrengst ad € 46.000 is met een afwijking van 0,95% bij beide heffingen beperkt.
verwachting in de begroting. De beperkte stijging van 2% wordt met name veroorzaakt door de per saldo hogere opbrengsten grafrechten en onderhoud graven.
Inkomsten uit (bestemmings)heffingen ( x € 1.000) Begroting 2025
Verordening marktgelden
verordening december 2024
De kostendekking van de verordening marktgelden wordt gelet op de beperkte omvang niet Kostendekking riolering
berekend.
Kostendekking afvalstoffenTariefontwikkeling marktgelden
Verordening 2025
Verordening 2024
€ 2,85
€ 2,80
Tarief per strekkende meter
Link/Qr-code naar Specificatie kostendekking rechten
heffing Totaal rechten
Jaarrekening 2025
Verschil 2025
Jaarrekening 2024
werkelijk
Jaarrekening en begroting
2.002 V
1.985 V
17 N
2.080 V
3.222 V
3.193 V
29 N
2.548 V
5.224 V
5.178 V
46 N
4.628 V
Jaarrekening 2025
Jaarrekening 2024
werkelijk
werkelijk
werkelijk
Kostendekkingspercentage (bestemmings)heffingen per verordening Begroting 2025 verordening december 2024
3.1.3.3 (Bestemmings)heffingen nader toegelicht
Kostendekking riolering
92%
101%
111%
Heffingen worden in rekening gebracht voor specifieke taken of voorzieningen met een
Kostendekking afvalstoffenheffing
98%
107%
87%
duidelijk algemeen belang. De opbrengsten kunnen alleen besteed worden aan die specifieke taak of voorziening waarvoor de heffing is opgelegd. Het gaat hierbij om de afvalstoffen- en
Kostendekking verordening afval
rioolheffing. Voor de heffingen geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de kosten die
De kostendekking van de afvalstoffenheffing komt met 107% hoger uit dan waarmee in de
zij voor de betreffende taak of voorziening maakt. Voor deze heffingen wordt de kostendekking
begroting is rekening gehouden. Dit is het gevolg van lagere kosten in de uitvoering van de
daarom weergegeven.
afvalinzameling en -verwerking. Door de lagere kosten ontstaat een positief resultaat van €
De gemeente Rhenen kent twee verordeningen voor het heffen van (bestemmings)heffingen.
282.000 dat is toegevoegd aan de reserve heffingen. Voor een nadere analyse verwijzen wij naar de link/qr-code op de volgende pagina.
78
H 3 | §3.1 | LOKALE HEFFINGEN
Jaarrekening 2025
Kostendekking riolering
3.1.4.1 Lokale lastendruk in perspectief
De kostendekking van de rioolheffing komt met 101% hoger uit dan waarmee in de begroting
Jaarlijks publiceert het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden
is rekening gehouden. Dit is het gevolg van lagere kosten in de uitvoering van het rioolbeheer.
(COELO) de Atlas van de lokale lasten. Op basis van de gegevens van deze Atlas is voor het jaar
Door de lagere kosten ontstaat een positief resultaat van € 192.000 dat is toegevoegd aan de
2025 een vergelijking gemaakt van de lokale lastendruk van de gemeente Rhenen in vergelijking
reserve heffingen. Voor een nadere analyse verwijzen wij naar de bijlage.
met: 1.
Het landelijke gemiddelde;
Reserve heffingen
2. Het gemiddelde van 7 omliggende gemeenten;
In totaal wordt € 474.000 aan de reserve heffingen toegevoegd. Het saldo van de reserve per
3. Het gemiddelde van de 8 gemeenten in de regio Foodvalley;
31-12-2025 komt hiermee op € 533.000. Bij de vaststelling van de tarieven 2026 heeft de raad
4. Het gemiddelde van de gemeenten in de provincie Utrecht;
besloten € 308.000 in te zetten ter dekking van de woonlastendemping.
5. Het gemiddelde van de gemeenten in de provincie Gelderland.
Link/qr-code naar de specificatie kostendekking (bestemmings)heffingen
Vergelijking lokale lastendruk 2025 Provincie Utrecht
€ 1.161
Omliggende gemeenten
3.1.4 Lokale lastendruk
€ 1.117
De lokale lastendruk geeft aan wat een gemiddeld meerpersoonshuishouden met een eigen woning
Provincie Gelderland
€ 1.055
in Rhenen aan woonlasten kwijt is. In 2025 is de lastendruk ten opzichte van 2024 met 5% geste-
Landelijk gemiddelde
€ 1.053
Rhenen
€ 1.049
gen. De belastingen en heffingen zijn gestegen met 11,5%. Bij het vaststellen van de belastingverordeningen 2025 heeft de raad besloten extra middelen in te zetten om de woonlastendemping te verhogen waardoor de stijging van de woonlasten is beperkt tot 5%.
Foodvalley gemeenten
Ontwikkeling lokale lastendruk
Verordening 2025
Verordening 2024
OZB-eigenaren (gemiddelde woning)
€ 461,41
€ 438,82
Afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishouden)
€ 411,00
€ 329,00
Demping woonlasten*
-€ 142,77
-€ 74,72
Rioolheffing (aansluiting)
€ 110,00
€ 116,00
Rioolheffing (gebruik, op basis van 125m³
€ 109,74
€ 96,07
Totaal:
€ 949,38
€ 905,17
Gebruiker
€ 377,97
€ 350,35
Eigenaar
€ 571,41
€ 554,82
Eigenaar en gebruiker
€ 949,38
€ 905,17
€ 967
N.B. De door COELO berekende lastendruk van Rhenen sluit niet aan bij de tabel ontwikkeling lokale lastendruk. Het gaat met name om de gemiddeld WOZ waarde. COELO hanteert een waarde van € 584.000 ten opzichte van de waarde van € 454.000 die is gehanteerd voor de lokale lasten berekening.
Link/qr-code naar Atlas lokale lasten 2025
79
Jaarrekening 2025
§3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding
2. Onbenutte belastingcapaciteit
In de uitvoering van onze taken zijn risico's niet te voorkomen. Risico's kunnen de realisatie van onze
De onbenutte belastingcapaciteit richt zich op financiële ruimte bij de onroerende zakenbelasting
doelen beïnvloeden. Daarom is het belangrijk om ze in beeld te hebben, zorgvuldig af te wegen
en de bestemmingsheffingen afval en riolering. Het verschil tussen het gemiddelde OZB tarief van
en passende beheersmaatregelen te nemen. Als risico’s zich voordoen dan willen wij ze financieel
de gemeente en het normtarief dat door het Rijk wordt gehanteerd geeft de financiële ruimte bij
kunnen opvangen. Een gezond weerstandsvermogen is > 1,0. Dit betekent dat we financiële tegen-
de OZB weer. Bij de heffingen riolering en afval gaat het om de financiële ruimte tot aan het niveau
vallers kunnen opvangen zonder dat dit leidt tot ombuigingen of aanpassingen in de uitvoering van
van 100% kostendekking.
taken. In onderstaande tabel is de totale beschikbare weerstandscapaciteit in beeld gebracht naar de stand daarvan op 31 december. (in € x 1.000)
Weerstandscapaciteit vermogen Jaarrekening
Begroting
Jaarrekening
2025
2025
2024
Weerstandscapaciteit exploitatie (structureel):
1.178
1.256
1.138
Weerstandscapaciteit vermogen (incidenteel):
24.856
24.937
22.853
Totale weerstandscapaciteit
26.034
26.193
23.991
De weerstandscapaciteit die in het vermogen beschikbaar is, dient vooral voor het opvangen van incidentele financiële restrisco’s. De aanwezige weerstandscapaciteit bestaat uit: 1. algemene reserve, 2. niet beklemde bestemmingsreserves* en de 3. stille reserves. * De beklemde bestemmingsreserves zijn niet meegenomen omdat daarover niet vrij beschikt kan
Weerstandscapaciteit exploitatie
worden. Vaak zijn deze reserves structureel ingezet ten gunste van de exploitatie of er liggen afspraken
De weerstandscapaciteit die in de in de exploitatie beschikbaar is, dient voor het opvangen van
met derden aan ten grondslag. Voorbeelden hiervan zijn de bruto methode reserves voor de dekking van
structurele financiële restrisco’s. De aanwezige weerstandscapaciteit bestaat uit:
de kapitaallasten van investeringen.
1. raming voor onvoorzien; en de 2. onbenutte belastingcapaciteit. (in € x 1.000)
(in € x 1.000) Jaarrekening
Begroting
Jaarrekening
2025
2025
2024
0
15
0
Onbenutte belastingcapaciteit
1.178
1.241
1.138
Totale weerstandscapaciteit exploitatie
1.178
1.256
1.138
Weerstandscapaciteit exploitatie (structureel): Raming voor onvoorzien (alleen bij begroting)
Jaarrekening
Begroting
Jaarrekening
2025
2025
2024
Algemene reserve
15.656
17.579
16.511
Resultaat lopende jaar
3.166
0
-561
Niet beklemde bestemmingsreserves
6.034
7.358
6.903
P.M.
P.M.
P.M.
24.856
24.937
22.853
Weerstandscapaciteit vermogen (incidenteel):
Stille reserves Totale weerstandscapaciteit vermogen
1. Onvoorzien Voor het opvangen van onvoorziene incidentele lasten is jaarlijks € 10.000. beschikbaar. Voor onvoorziene structurele lasten is het bedrag € 5.000 per jaar. In 2025 zijn deze budgetten niet gebruikt. Ze zijn daarmee onderdeel van het jaarrekeningresultaat. 80
H 3 | §3.2 | WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Jaarrekening 2025
Algemene reserve en niet beklemde bestemmingsreserves Voor de algemene reserve geldt dat die geen specifieke bestemming heeft en daardoor vrij kan worden ingezet voor het opvangen van financiële restrisico’s. Dit geldt ook voor de niet beklemde bestemmingsreserves. Voor deze reserves heeft de raad wel een bestemming bepaald, maar deze reserves zijn niet structureel ingezet ten gunste van de exploitatie. De raad kan met het wijzigen van de bestemming die reserves inzetten voor het opvangen van de restrisico’s.
8,0
Ratio weerstandsvermogen stabiel en uitstekend
7,0 6,0 5,0
Stille reserves Stille reserves zijn bezittingen van de gemeente die op de balans lager zijn gewaardeerd dan de marktwaarde. Dit betekent dat verkoop van deze bezittingen een (eenmalig) financieel voordeel voor de gemeente kan opleveren. Van een stille reserve is pas sprake als het bezit (vaste activa) niet duurzaam aan de bedrijfsuitoefening is verbonden. De meeste gemeentelijke eigendommen zijn dat wel. Voorbeelden hiervan zijn: schoolgebouwen, sportvelden en het gemeentehuis. De hogere marktwaarde hiervan mag daarom niet worden meegenomen bij het bepalen van de hoogte van de stille reserve. Als gemeente hebben wij een beperkt aantal activa in bezit die niet duurzaam aan de
4,0 3,0 2,0 1,0 -
JRR2020
JRR2021
JRR2022
JRR2023
JRR2024
JRR2025
bedrijfsuitoefening verbonden zijn (bijvoorbeeld verhuurde gronden). Bij het bepalen van de stille reserve dient de directe opbrengstwaarde bekend te zijn en moet het bezit direct verkoopbaar of
Weerstandsvermogen
verhandelbaar zijn. Bij het gemeentelijk bezit is dit over het algemeen niet van toepassing. Bij de
Ratio weerstandsvermogen
berekening van de weerstandscapaciteit is de stille reserve daarom als een p.m.-post opgenomen.
De ratio weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen de hoogte van de restrisico’s (benodigde weerstandscapaciteit) en de beschikbare middelen om deze risico’s te kunnen opvangen (beschikbare weerstandscapaciteit). Restrisico’s zijn risico’s waar geen maatregelen voor zijn getroffen om die af te dekken. Voor 2025 komt de ratio weerstandsvermogen uit op 2,6 net als in 2024. Volgens ons eigen beleid dient de ratio groter of gelijk te zijn aan 1,0. De ratio lijkt nu stabiel en is in 2025 nog steeds uitstekend. We zien dat de gegevens in de berekening wel afwijken; de risico’s (benodigde weerstandscapaciteit) nemen toe maar de beschikbare weerstandscapaciteit neemt ook toe waardoor de ratio in 2025 gelijk blijft aan 2024. De werkelijke ratio 2025 van 2,6 is lager dan de ratio van 3,1 uit de begroting 2025. Dit komt voornamelijk doordat de risico’s (benodigde weerstandscapaciteit) in de begroting geschat werden op € 8,4 miljoen maar in de jaarrekening ingeschat worden op € 10 miljoen.
81
H 3 | §3.2 | WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Jaarrekening 2025
Risico’s - benodigde weerstandscapaciteit In onderstaand overzicht zijn de top 10 restrisico’s weergegeven. Hierbij is nieuwe wet- en regelgeving of wetgeving waarvan de ontwikkelingen onzeker zijn als N.n.b. (nog nader bepalen) aangemerkt.
Nr.
Risico
1
Financieel gevolg
Financieel gevolg
Incidenteel of
Kans
Minimum
Maximum
structureel?
Open einde regelingen 1.1
Jeugd
90% (1x per jaar)
€ 65.000
€ 400.000
Structureel
1.2
Participatie (BUIG)
50% (1x per 2-5 jaar)
€ 65.000
€ 200.000
Structureel
1.3
Wet maatschappelijke ondersteuning
90% (1x per jaar)
€ 65.000
€ 200.000
Structureel
2
Overige risico’s
2.1
Pandemieën
5% (minder dan 1x per 10 jaar)
€ 45.000
€ 150.000
Incidenteel
2.2
Vervuiling en overige schades aan de openbare ruimte
90% (1x per jaar)
€ 15.000
€ 50.000
Incidenteel
3
Klimaatveranderingen
3.1
Hitte en droogte
70% (1x per 1-2 jaar)
€ 50.000
€ 150.000
Structureel
3.2
Wateroverlast en waterveiligheid
50% (1x per 2-5 jaar)
€ 50.000
€ 150.000
Structureel
3.3
Kou
10% (1x per 10 jaar)
€ 125.000
€ 450.000
Structureel
4
Bedrijfsvoering
4.1
Fraude & Oplichting
5% (minder dan 1x per 10 jaar)
€ 15.000
€ 35.000
Structureel
4.2
Personeel
90% (1x per 1-2 jaar)
€ 150.000
€ 500.000
Structureel
4.3
Cybersecurity
50% (1x per 2-5 jaar)
€ 200.000
€ 1.750.000
Structureel
4.4
Invoeirng NIS II
90% (1x per jaar)
€ 50.000
€ 600.000
Incenditeel
4.5
AVG
50% (1x per 2-5 jaar)
€ 25.000
€ 100.000
Structureel
4.6
ICT
50% (1x per 2-5 jaar)
€ 25.000
€ 185.000
Structureel
5
Aansprakelijkheid
5.1
Bedrijfsongevallen
10% (1x per 10 jaar)
€ 15.000
€ 50.000
Structureel
5.2
Eigen risico verzekeringen
50% (1x per 2-5 jaar)
€ 10.000
€ 30.000
Structureel
82
H 3 | §3.2 | WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Jaarrekening 2025
Financieel gevolg Nr.
Risico
Kans
Financieel gevolg
Incidenteel of
Minimum
Maximum
structureel?
N.n.b.
N.n.b.
Incidenteel
€ 100.000
€ 450.000
Structureel
6
Grote projecten en voorzieningen
6.1
Herontwikkeling Passantenhaven
70% (1x per 1-2 jaar)
6.2
Riolering
5% (minder dan 1x per 10 jaar)
6.3
Nog te verkopen grond
30% (1x per 5-10 jaar)
€-
€ 120.000
Incidenteel
6.4
Nieuwe bouw en/of grond initiatieven
30% (1x per 5-10 jaar)
€ 15.000
€ 50.000
Incidenteel
6.5
Langdurige bouwvertraging
10% (1x per 10 jaar)
N.n.b.
N.n.b.
Incidenteel
7
Verbonden partijen en gesubsideerde instellingen € 20.000
€ 200.000
Structureel
7.1
Verbonden partijen
5% (minder dan 1x per 10 jaar)
8
Nieuwe wetgeving en taken
8.1
Wet Inburgering
50% (1x per 2-5 jaar)
N.n.b.
N.n.b.
Incidenteel
8.2
Spreidingswet
50% (1x per 2-5 jaar)
N.n.b.
N.n.b.
Incidenteel
8.3
Opvang ontheemden
50% (1x per 2-5 jaar)
N.n.b.
N.n.b.
Incidenteel
8.4
Gevolgen mogelijke Provinciale besluiten (o.a. Rijnbrug, kruising Ach-
30% (1x per 5-10 jaar)
N.n.b.
N.n.b.
Incidenteel
terberg N233, landelijk gebied) 9
Economische effecten
9.1
Leningen
10% (1x per 10 jaar)
€ 25.000
€ 100.000
Structureel
9.2
Faillisementen (debiteuren, leveranciers)
30% (1x per 5-10 jaar)
€ 15.000
€ 35.000
Structureel
Benodigde weerstandscapaciteit
€ 10.000.000
De benodigde weerstandscapaciteit is verhoogd van € 9,2 miljoen in 2024 naar € 10 miljoen in 2025. Er zijn een aantal grotere projecten/taken die de aandacht nodig hebben voor wat betreft de risico's. Dit leidt op dit moment nog niet tot een verhoging van het benodigde weerstandscapaciteit, maar kan hier later wel invloed op gaan hebben. We zullen deze grote projecten/taken in de komende periode in de gaten houden.
83
H 3 | §3.2 | WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Jaarrekening 2025
Kengetallen Om het inzicht in de financiële positie van gemeenten te verbeteren is vanuit de financiële wet- en regelgeving (BBV) een standaard set van financiële kengetallen voorgeschreven. In onderstaande tabel zijn deze kengetallen voor de jaren 2020 tot en met 2025 gepresenteerd (stand per 31 december). Een uitgebreide toelichting vindt u terug in het hoofdstuk Financieel beeld op pagina 126.
Kengetallen gemeente Rhenen Kengetal ultimo jaar
Signaalwaarden GTK 2020 provincie*
JRR 2020
JRR 2021
JRR 2022
JRR 2023
JRR 2024
JRR 2025
Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
1 Structurele exploitatieruimte
-0,2%
5,6%
6,3%
5,0%
-3,2%
3,0%
>0%
0%
<0%
2.1 Netto-schuldquote
75%
67%
57%
59%
75%
73%
<90%
90%-130%
>130%
60%
58%
50%
53%
70%
67%
<90%
90%-130%
>130%
3 Weerstandsvermogen
3,6
7,2
4,6
3,1
2,6
2,6
>1,0
0,8 ≤ x < 1,0
<0,8
4 Grondexploitatie
0,3%
0,1%
0,5%
0,6%
0,0%
0,0%
<20%
20%-35%
>35%
5 Belastingcapaciteit
108%
113%
109%
98%
100%
98%
<95%
95%-105%
>105%
6 Solvabiliteitsratio
36%
35%
33%
33%
30%
31%
>50%
20%-50%
<20%
2.2 Netto-schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
*GTK: Gemeenschappelijk financieel toezichtkader 2020 van de provincies
84
§3.3 Onderhoud kapitaalgoederen 3.3.0 Inleiding Met het onderhoud van kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Aangezien de uitgaven voor onderhoud van kapitaalgoederen op diverse beleidsvelden voorkomen, is deze paragraaf van belang voor een goed inzicht in de financiële positie. Kapitaalgoederen zijn goederen waarvoor een langdurige investering nodig is, bijvoorbeeld gebouwen en wegen. In deze paragraaf beschrijven we het beleid over het onderhoud van kapitaalgoederen. Daarnaast geven we informatie over de uitgaven voor dit onderhoud. De kapitaalgoederen zijn verdeeld in: -
Wegen
-
Riolering en water
-
Groen
-
Gebouwen
In deze paragraaf worden (in overeenstemming met het BBV) voor de kapitaalgoederen wegen, riolering, water, groen en gebouwen het beleidskader en de financiële uitgaven aangegeven. Wat we met het onderhoud aan de kapitaalgoederen willen bereiken is voor de gemeente Rhenen beschreven in de volgende nota’s:
Nota
Vaststelling
Actualisatie
Kwaliteitsniveau
Achterstallig onderhoud
Basis
Nee
Openbare ruimte
(beeld)Kwaliteitsplan
2025
2030
Wegen
Mobiliteitsagenda
2022
2027
Beheerplan wegen
2025
2030
Openbare verlichting
2017
2026
Riolering
Water Riool plan
2023
Groen
Groenbeleidsplan
Gebouwen
Nee Basis
Nee
2027
Normen Rioned
Nee
2023
2028
Basis
Nee
Efficiënt en effectief faciliteren vanuit goed eigenaarschap (vastgoedbeleid)
2021
2026
Onderhoudsplan gebouwen (MJOP)
2026
2030
Nee NEN2767
85
H 3 | §3.3 | ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Jaarrekening 2025
3.3.1 Integraal onderhoud openbare ruimte
Stand voorziening wegen
Jaarlijks wordt de planning van de integrale projecten bijgesteld. Dit zijn de projecten waar groot
(in € x 1.000)
onderhoud aanleiding is voor een herinrichting. Deze planning is ook in 2025 bijgesteld.
Stand per 1 januari 2025
In 2025 is uitvoering gegeven aan de herinrichting van de Bruine Engseweg en de Platanenlaan. En is gewerkt aan de voorbereiding onder andere het Paardenveld, de Nieuwe Veenendaalseweg, Larikslaan en Emmalaan.
Begroting na wijziging 2025
werkelijk 2025
-
-
Toevoeging 2025
283
335
Onttrekking 2025
-276
-291
6
45
Begroting na wijziging 2025
werkelijk 2025
Stand per 31 december 2025
3.3.2 Wegen
Stand reserve onderhoud wegen
Het onderhoud aan de wegen vindt plaats op de wijze zoals vastgelegd in:
(in € x 1.000)
-
Het Kwaliteitsplan Onderhoudsniveau Openbare Ruimte;
-
Het beleid- en beheerplan wegen 2025-2030.
Stand per 1 januari 2025
-
109
Toevoeging 2025
-
-
besloten. Ook hebben we het beleid- en beheerplan Wegen 2025-2030 vastgesteld. We streven
Onttrekking 2025
-
-109
ernaar om het onderhoud zo economisch en duurzaam mogelijk uit te voeren en daarbij de kwaliteit
Stand per 31 december 2025
-
-
Het onderhoudsniveau voor het beheer van de openbare ruimte is Basis. In 2025 is dit door de raad
Basis te behouden. Op 11 maart 2025 heeft de raad het beleid- en beheerplan Wegen 2025-2030 vastgesteld en besloten om de voorziening onderhoud wegen te vormen en de reserve onderhoud wegen op te
Financiële consequenties Begroting na
werkelijk
heffen. Op basis van het geplande groot onderhoud in de periode 2025-2030 dient de voorziening €
wijziging 2025
2025
52.000 te bedragen. In 2025 is per saldo € 7.000 aan de voorziening onttrokken. Het restant van de
Kapitaallasten (afschrijving en rente)
165
163
reserve onderhoud wegen ad € 57.000 is toegevoegd aan de algemene reserve.
Groot onderhoud (toevoeging voorzieningen)
283
283
3.3.3 Riool en water
396
384
Hoe wij dit stelsel onderhouden en optimaliseren is beschreven in het Waterrioolplan 2023-2027
Totaal exploitatielasten wegen
844
829
gevolgen van weersextremen zoals wateroverlast aan te pakken. Dit wordt toegelicht in het deel-
Totaal exploitatiebaten wegen
-231
-362
programma duurzaamheid.
Totaal exploitatiebaten en -lasten wegen
612
467
Exploitatielasten wegen (in € x 1.000)
Overige beheers- en onderhoudskosten (exclusief personeel)
(WRP) dat in september 2022 door de raad is vastgesteld. De gemeente heeft ook een taak om de
De gemeente beheert een stelstel van circa 140 km aan riolering met verschillende bijzondere Waarde kapitaalgoederen wegen
Boekwaarde
Boekwaarde
(in € x 1.000)
01-01-2025
31-12-2025
Investeringen wegen
8.228
8.833
Investeringen openbare verlichting
2.153
2.224
voorzieningen. Onderhoud of vervanging is afhankelijk van de uitkomsten van inspecties, meten en berekenen. Deze informatie wordt gebruikt voor de meerjarenplanning. We streven ernaar om groot onderhoud van riolering zoveel mogelijk integraal uit te voeren. Waar dit niet kan, kijken we naar renovatie die zo min mogelijk invloed heeft op de omgeving.
86
H 3 | §3.3 | ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Jaarrekening 2025
Financiële consequenties
Het groen wordt onderhouden op de wijze zoals vastgelegd is in het Groenbeleidsplan en het Kwa-
De kosten voor het onderhouden, beheren en vervangen van het rioolstelsel en de rioolvoorzienin-
liteitsplan onderhoudsniveau Openbare Ruimte. Uit het groenbeleidsplan wordt een verdere invoe-
gen bestaat uit het dagelijks beheer en de investeringslasten van de renovaties, vervangingen en
ring van de diversiteit in gemeentelijke plantvakken uitgewerkt. En ontwikkelen we waar mogelijk
verbeteringen van de rioleringen. De financiering van de rioleringszorg wordt gedekt uit de riool-
meer groen.
heffing. Voor de investeringen in riolering zijn de bedragen beschikbaar die overeenkomen met het Waterrioolplan 2023-2027.
Financiële consequenties De kosten voor openbaar groen bestaan uit de kosten die gemaakt worden voor bossen, bomen,
Exploitatielasten riolering
Begroting na wijziging
werkelijk 2025
(in € x 1.000)
2025
Kapitaallasten (afschrijving en rente)
652
628
Overige beheers- en onderhoudskosten (ex-
441
404
Exploitatielasten openbaar groen
begroting na wijziging
(in € x 1.000) Kapitaallasten (afschrijving en rente)
clusief personeel) Totaal exploitatielasten riolering
1.093
1.032
Waarde kapitaalgoederen
Boekwaarde
Boekwaarde
riolering (in € x 1.000)
01-01-2025
31-12-2025
17.263
17.908
Begroting na vastgestelde
werkelijk 2025
Investeringen Stand voorzieningen riolering
gras, bermen, beplanting en groenafval. Ook de speelplaatsen vallen onder openbaar groen.
(in € x 1.000)
wijzigingen 2025
Voorziening uitgestelde investeringen riolering Stand per 1 januari 2025
-
17
Toevoeging 2025
-
-
Onttrekking 2025
-
-17
Stand per 31 december 2025
-
-
werkelijk 2025
2025 30
29
607
580
637
608
Waarde kapitaalgoederen openbaar groen
Boekwaarde
Boekwaarde
(in € x 1.000)
01-01-2025
31-12-2025
Investeringen groen
128
205
Investeringen speelterreinen
103
101
Overige beheers- en onderhoudskosten (exclusief personeel) Totaal exploitatielasten openbaar groen
3.3.5 Gebouwen De gemeente heeft ruim 30 gebouwen in haar bezit. De diversiteit is groot. Het betreft onder meer gebouwen voor de eigen bedrijfsvoering, multifunctionele accommodaties, scholen, gymzalen, brandweerkazernes en monumentale bouwwerken. Voor de meeste gebouwen is de gemeente verantwoordelijk voor het eigenaarsbeheer. Dit bestaat uit het meerjarig onderhoud, de onder-
De voorziening uitgestelde investeringen riolering is voor € 14.000 aangewend voor kosten duiker
houds- en storingscontracten, de renovatie/ vernieuwing/sloop en de contracten tot het gebruik van
Levendaalseweg. Het restant ad € 3.000 is vrijgevallen.
het object. Uitzondering zijn de scholen, doordat zij sinds 2015 zelf verantwoordelijk zijn voor het onderhoud van hun gebouwen. Als eigenaar draagt de gemeente de lasten voor afschrijving en rente
3.3.4 Openbaar groen
(kapitaallasten) en beheerlasten als verzekeringen en heffingen.
Onder openbaar groen in deze paragraaf worden begrepen het beheer en onderhoud van bomen, bermen, beplanting, speelvoorzieningen en begraafplaatsen (exclusief gebouwen). Groen volgt
In 2025 zijn, in verband met de verduurzaming, de voorbereidingen getroffen voor het vervangen
onder andere de opgave op het gebied van ruimtelijk adaptatie. Zoals ook beschreven in paragraaf
van het ventilatiesysteem van het Huis van de Gemeente. Aanvankelijk stond deze gepland voor
4.2 Deelprogramma Verkeer en openbare ruimte.
2025 in combinatie met de verbouwing voor het hybride-werken-project. Door de ombuigingen is 87
H 3 | §3.3 | ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Jaarrekening 2025
deze grote verbouwing geannuleerd. Hierdoor moesten we het programma van eisen voor de ver-
Financiële consequenties
duurzaming aanpassen wat tot vertraging heeft geleid. De uitvoering staat nu gepland voor 2026.
De kosten voor het meerjarige onderhoud worden in het MJOP berekend voor een periode van
In 2025 hebben we voor de renovatie van de monumentale stadsmuren een actuele calculatie
19 jaar (2026-2044). De Cuneratoren (20 jaar) , de stadsmuren (20 jaar) en de bergingen van het
gemaakt van de kosten en een subsidie aangevraagd. Aandachtspunt hierbij is de begroeiing op de
woonwagenkamp (25 jaar) vormen hierop een uitzondering. In een MJOP staan de onderhoudsac-
stadsmuurzijde die grenst aan de gronden van particulieren. De stukken voor de aanbesteding zijn
tiviteiten voor het gebouw. Het betreft zowel bouwkundig als Installatietechnisch onderhoud en/
klaargemaakt zodat deze in 2026 kan worden gepubliceerd. Uitvoering vindt plaats in de periode
of vervanging. Het MJOP draagt ertoe bij dat een gebouw zijn waarde behoud en geschikt blijft voor
juni tot en met oktober 2026.
gebruik.
In 2025 is de meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) geactualiseerd. Besluitvorming hierover vindt
Het gemiddelde van de totale kosten van alle MJOP’s bedraagt over de hiervoor genoemde
plaats in februari 2026.
periode per jaar € 581.568. Dit bedrag wordt vanaf 2026 jaarlijks aan de voorziening onderhoud gebouwen toegevoegd. Vervolgens wordt elk jaar uit deze voorziening het bedrag onttrokken dat is uitgegeven voor het groot onderhoud in dat jaar
Gebouwen in eigendom en beheer
Lasten
Baten
Exploitatie resultaat
begroting na vaststelde
jaarrekening
begroting na vaststelde
jaarrekening
begroting na vaststelde
jaarrekening
wijzigingen 2025
2025
wijzigingen 2025
2025
wijzigingen 2025
2025
welzijn
734
675
-123
-135
611
541
sport
1.133
1.079
-553
-387
579
692
brandweer
175
162
0
0
175
162
lijkbezorging
73
78
0
0
73
78
gemeentelijk gebruik
680
659
-66
-65
615
594
monumenten
293
285
-5
0
288
285
onderwijs
671
604
-159
-211
512
393
overig
716
683
-474
-491
241
192
4.475
4.226
-1.381
-1.289
3.095
2.937
(in € x 1.000)
gebouwen in eigendom en beheer totaal Waarde kapitaalgoederen gebouwen (in € x 1.000) Investeringen
Boekwaarde 01-01-2025
Boekwaarde 31-12-2025
45.866
49.200
88
H 3 | §3.3 | ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Stand voorzieningen onderhoud
Jaarrekening 2025
Begroting na vastgestelde wijzi-
Jaarrekening 2025
gebouwen (in € x 1.000)
gingen 2025
Stand per 1 januari 2025
2.105
2.105
Toevoeging 2025
478
478
Onttrekking 2025
-1.603
-583
981
2.001
Stand per 31 december 2025
het onderhoud, zoals schilderwerk, wordt jaarlijks beoordeeld of het echt noodzakelijk is of dat het ook later kan. Dit heeft ook effect op het verschil tussen begroot en werkelijke kosten in 2025. Via de link/qr-code hieronder komt u bij de nadere specificatie van het exploitatiesaldo (lasten en baten) per soort gebouw voor 2025. De lasten zijn gesplitst in lasten voor de eigenaar (kapitaallast, verzekeringen/heffingen en toevoeging voorziening groot onderhoud) en lasten voor de beheerder (dagelijks onderhoud en overige beheerlasten)
In 2025 is voor groot onderhoud een bedrag van € 1.603.000 geraamd, werkelijk is € 583.000 onttrokken. Het verschil begroot werkelijk van € 1.020.000. Dit komt doordat een aantal werkzaamheden aan vastgoedobjecten zijn uitgesteld en in 2026 worden uitgevoerd. Bijvoorbeeld de renovatie van de monumentale stadsmuren. Ook is, met het oog op verduurzaming, gewacht met het vervangen van een aantal installaties aan gebouwen. Van
Link/qr-code naar de specificatie exploitatie gebouwen in eigendom en beheer
89
Jaarrekening 2025
§3.4 Financiering 3.4.0 Inleiding
fluctueren. De korte rente kan daarmee aanzienlijk van invloed zijn op de rentelasten in een jaar. In
De wet- en regelgeving rond financiering bij decentrale overheden is grotendeels geregeld in
de Wet Fido is daarom de omvang van de kortlopende financiering gemaximeerd door de kasgeld-
de Wet financiering decentrale overheden (Fido) en de daarop gebaseerde ministeriele Regeling
limiet ( 8,50% van de totale omvang van de baten exclusief reserves uit de primitieve begroting).
uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo). Deze regelgeving, de werkwijze en procedures van gemeente Rhenen zijn nader uitgewerkt in de Financiele Verordening 2025 en de
We hebben in 2025 voldaan aan de kasgeldlimiet aangezien we het gehele jaar geen kasgeld hebben
uitvoeringsregels Treasury.
opgenomen. Dit blijkt ook uit de tabel waar te zien is dat we per kwartaal 100% ruimte hebben gehad ten opzichte van het kasgeldlimiet.
Hieronder volgt een toelichting op: 3.4.1
Beleid treasury
Kasgeldlimiet (in € x 1.000)
3.4.2
Renterisico’s;
3.4.3
Financiering
Omvang vlottende korte schuld (balans - passiva)
3.4.4
Rente
Q1
Q2
Q3
Q4
Opgenomen gelden < 1 jaar
0
0
0
0
Schuld in rekening-courant