MJPB 2023-2026 De Connectie (def) 20220722
Tekst van het document
24
Ad 6. Het afschalen van dienstverlening aan derden leidt tot volume-afname bij De Connectie. Gevolg hiervan is dat een deel van de structurele lasten pas over een langere termijn kan worden afgeschaald. Dit heeft met name gevolgen voor de gemeenten die deze dienstverlening heeft ingebracht in De Connectie. We zien inmiddels dat derden, mede ingegeven door de coronacrisis, de afname van werkplekken afschalen. Tegelijkertijd doen zich ook mogelijkheden voor om diensten te verlenen aan nieuwe samenwerkingspartners. Dit vraagt vooral om een strategische visie van de opdrachtgevers/ eigenaren op de positie van De Connectie in de regio. Voorgaande maakt deel uit van de heroriëntatie waartoe het bestuur heeft besloten. Ad 7. De continuïteitsrisico’s binnen de ICT-omgeving waren aanzienlijk, zo is gebleken uit diverse onafhankelijke onderzoeken. Vanaf 2019 zijn aanvullende middelen beschikbaar gesteld om de benodigde interventies uit te voeren. Het uitvoeren van dergelijke interventies kost tijd. Hierdoor zijn de continuïteitsrisico’s verminderd, maar nog niet volledig weggenomen. De verwachting is dat naarmate de ingezette projecten worden afgerond, het risico nog verder zal afnemen. Echter, als gevolg van de toenemende afhankelijkheid en complexiteit van het digitale landschap zullen de hieraan verbonden risico’s continue mee moeten worden gewogen. Ad 8.
Het grootste deel van het personeelsbestand van De Connectie is één-op-één overgenomen van de deelnemende gemeenten. We zien frictie ontstaan tussen de beschikbare kennis, vaardigheden en competenties en de veranderende eisen aan het werk. Strategische personeelsplanning helpt om de juiste match tussen vraag naar en aanbod van arbeid te behouden, dusdanig dat er geen personeelstekorten ontstaan die impact hebben op de dienstverlening aan gemeenten. De verwachting is dat van een aantal van deze medewerkers afscheid genomen moet worden, al dan niet door begeleiding naar een functie buiten De Connectie. De kosten hiervan kunnen ten dele worden gedekt uit het nog beschikbare frictiebudget. Ad 9. De coronacrisis heeft, zoals in de hele maatschappij, een aantal ingrijpende veranderingen binnen De Connectie teweeg gebracht. Te denken valt aan het (faciliteren van) thuiswerken, sluiten van de bedrijfsrestaurants en het faciliteren van de versoepelde invorderingsacties en kwijtscheldingsverzoeken. Onzekerheid ten aanzien van het verloop van deze crisis leidt tot (financiële) risico’s. Dit geldt ook voor de ‘verborgen kosten’ die deze crisis met zich mee brengt, bijvoorbeeld door het niet of later realiseren van geplande projecten en activiteiten. Vooralsnog is het beeld ten aanzien van de ontwikkeling van de coronacrisis iets gunstiger. Ad 10.
De dreiging op het gebied van informatiebeveiliging en privacy neemt toe. De ervaring uit eerdere incidenten bij andere organisaties leert dat de impact fors is en de financiële afwikkeling van schade soms moeizaam kan verlopen. Dit leidt tot risico’s ten aanzien van het herstel van vitale processen. De Connectie stuurt erop het risico op cyberincidenten zo laag mogelijk te houden door blijvend te investeren in informatieveiligheid.
25
Niettemin heeft de VNG geadviseerd om een stroppenpot voor cyber-/ informatieveiligheidincidenten aan te houden. Op dit moment is regionaal nog niet besloten tot het aanleggen hiervan. Tot die tijd zal De Connectie dit risico zichtbaar maken in het risicoprofiel. Gevolgen Voornoemde risico’s hebben tot gevolg dat: 1. De organisatiedoelstellingen van De Connectie onder druk komen te staan; 2. Belangrijk potentieel van de samenwerking onbenut blijft. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen drukt de mate uit waarin de organisatie in staat is om met de beschikbare risicodekking (weerstandscapaciteit) de benodigde risicodekking te matchen. De huidige inventarisatie van de weerstandscapaciteit leidt, als gevolg van het negatieve jaarrekeningresultaat van vorig jaar, tot een negatief saldo. De weerstandcapaciteit is hiermee nihil. De geïnventariseerde risico’s tellen op tot een risicoscore van € 4.837.500. Tot het moment dat er evenwicht is tussen weerstandscapaciteit en risicoprofiel, geldt dat wanneer risico’s zich voordoen waar geen weerstandcapaciteit tegenover staat, de gemeenten hiervoor moeten worden aangesproken. Dit betekent dat de gemeenten hiervoor, pro rata, weerstandscapaciteit moeten organiseren.
De ontwikkeling van het weerstandsvermogen zal periodiek met de gemeenten, op ambtelijk en bestuurlijk niveau, worden besproken, met als doel grip te houden op de aard en omvang hiervan. Ratio’s kengetallen Rekening 2021 Financiële kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
28,16% 28,16% 0,16% 0,46%
Begroting 2022
Begroting 2023
33,57% 33,57% -0,22% 0,04%
28,37% 28,37% -0,46% 0,04%
2024
meerjarenraming 2025 2026
28,23% 28,23% -0,01% 0,04%
25,76% 25,76% 0,07% 0,04%
30,10% 30,10% 0,06% 0,04%
De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat op basis van de nieuwe verantwoordingsregels vijf financiële kengetallen. Van deze vijf financiële kengetallen zijn er drie van toepassing op De Connectie. Op basis van deze kengetallen wordt de financiële positie van De Connectie geanalyseerd. De VNG heeft een aantal normen ontwikkeld om een grofmazige waardering te geven aan deze indicatoren. Netto schuldquote: dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de totale schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. Dit percentage is in 2023 gedaald met 5,2%-punt ten opzichte van 2022 als gevolg van wijzigingen in de omvang van de leningenportefeuille.
26
Solvabiliteit: dit cijfer geeft de mate aan waarin de bezittingen (balanstotaal) zijn gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm. De Connectie scoort hier onvoldoende op gezien de beperkte omvang van het eigen vermogen. Hiertegenover staat dat de eigenaren, conform G.R., ervoor dienen te zorgen dat De Connectie altijd in staat moet zijn om haar financiële verplichtingen te voldoen. Structurele exploitatieruimte: dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om (structurele) tegenvallers op te vangen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat incidentele lasten deels uit structurele middelen worden gedekt. Een negatief percentage betekent dat structurele lasten deels uit incidentele baten worden gedekt. Het eerste is bij De Connectie het geval, hetzij voor een zeer gering percentage.
27
4.2 Financiering Beleidsvoornemen financieringsfunctie De financieringsfunctie van De Connectie is enkel gericht op ondersteuning van de publieke taak. Het beheer heeft een voorzichtig en risicomijdend karakter. In het geval financiering nodig is, vindt de uitvoering daarvan plaats binnen de kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en hetgeen door het bestuur van De Connectie aan kaders is vastgesteld in de financiële verordening. Zo worden voor het aantrekken van financieringen met een looptijd van langer dan één jaar tenminste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instelling gevraagd en wordt geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet Fido. In de financiële verordening is eveneens bepaald dat de directie zorgdraagt voor de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie. Met het vaststellen van een Treasurystatuut is hier invulling aan gegeven. Risicoprofiel De begroting van De Connectie wordt goeddeels door de deelnemende gemeenten gedragen. Afspraken over de bevoorschotting voor het lopende jaar zijn erop gericht om de kortlopende liquiditeitsbehoefte af te dekken en liquiditeitsoverschotten zoveel mogelijk te voorkomen.
Door het matchen van de inkomende en uitgaande geldstromen zal de financieringsbehoefte en het daarmee samenhangende renterisico gering zijn. Investeringen van De Connectie worden gefinancierd met geldleningen, die qua looptijd zoveel mogelijk overeenstemmen met de levensduur van de activa. Gezien de aard en activiteiten van De Connectie is het risicoprofiel ten aanzien van de financiering hiervan beperkt. Omslagrente In de BBV is een wijziging doorgevoerd ten aanzien van het berekenen van de omslagrente. De omslagrente wordt berekend door de werkelijke aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. De omslagrente moet vervolgens op consistente en eenduidige wijze worden toegerekend aan de individuele activa. Het bij de begroting gecalculeerde omslagrentepercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond. In de MJPB 2023-2026 is de omslagrente afgerond naar 0,5%. Dit percentage is gelijk aan waarmee is gerekend in de MJPB 2022-2025. Leningenportefeuille Rekening 2021 Bedragen x 1.000 euro Leningportefeuille < 1 jaar 2 jaar 3 jaar 4 jaar 5 jaar 6 jaar 9 jaar 10 jaar Totaal
1.700 1.100 2.475 6.608 1.800 3.430 17.113
Begroting 2022
Begroting 2023
1.200 1.033 3.650 6.304 1.500 2.940 17.627
300 567 2.325 4.200 1.200 2.450 11.899
2024
meerjarenraming 2025 2026
100 1.000 2.680 900 1.960 7.354
500 1.160 600 1.470 4.301
300 300 980 2.009
Voor de financiering van de materiële vaste activa zijn leningen afgesloten. In bovenstaand overzicht is rekening gehouden met de financiering van de investeringen 2021 en geplande investeringen voor het eerste halfjaar van 2022.0020
28
Dit zal leiden tot het aantrekken van een vijftal nieuwe leningen met een totale waarde van € 5,4 mln. Op de al lopende leningen is conform aflossingsschema afgelost. Het monitoren van de financieringsbehoefte ten opzichte van de looptijd van de activa en nieuwe investeringen is een continu proces. Kasgeldlimiet Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
2024
meerjarenraming 2025 2026
Bedragen x 1.000 euro Kasgeldlimiet Begrotingstotaal (euro's) Toegestaan kasgeldlimiet (%) Toegestaan kasgeldlimiet (euro's)
51.391 8,2% 4.214
46.756 8,2% 3.834
49.500 8,2% 4.059
48.563 8,2% 3.982
48.342 8,2% 3.964
48.197 8,2% 3.952
Vlottende schuld Vlottende middelen Netto-vlottende schuld
13.504 -13.504
10.186 -10.186
10.186 -10.186
10.186 -10.186
10.186 -10.186
10.186 -10.186
Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
17.718
14.020
14.245
14.168
14.150
14.138
De kasgeldlimiet geeft aan hoeveel De Connectie kort mag financieren als percentage van de begroting. De toegestane kasgeldlimiet bedraagt 8,2%1 van het begrotingstotaal. Voor 2023 betekent dit dat De Connectie gemiddeld per kwartaal, maximaal € 4,1 miljoen aan kortlopende gelden mag opnemen. Komt de netto vlottende schuld voor een periode langer dan één kwartaal boven dit bedrag, moet dit worden omgezet in een langlopende geldlening. Naar verwachting zal De Connectie de kasgeldlimiet niet overschrijden, maar biedt deze nog voldoende ruimte voor kortlopende financiering. Renterisiconorm Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
2024
meerjarenraming 2025 2026
Bedragen x 1.000 euro Renterisiconorm Toegestaan renterisico (%) Toegestaan renterisico (euro's)
20% 10.278
20% 9.351
20% 9.900
20% 9.713
20% 9.668
20% 9.639
Bedrag waarover renterisico wordt gelopen
3.339
3.659
3.159
1.975
1.150
490
Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
6.939
5.692
6.741
7.738
8.518
9.149
De renterisiconorm is een instrument voor de beheersing van het risico van een rentewijziging bij herfinanciering. Over de langlopende schuld mogen de jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen niet meer bedragen dan 20%2 van het begrotingstotaal. Het renterisico beperkt zich tot de jaarlijkse aflossing op de huidige leningenportefeuille. De renterisiconorm zal de komende jaren niet worden overschreden.
1 Art 2 lid 1d uitvoeringsregeling wet FIDO 2 Art. 2 lid 2d uitvoeringsregeling wet FIDO 29
4.3 Bedrijfsvoering In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de stand van zaken en de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering van De Connectie zelf wordt ten dele verzorgd door medewerkers van het Bedrijfsbureau. Daarnaast maakt De Connectie gebruik van de diensten van haar eigen afdelingen. Organisatiestructuur Medio 2019 is de sturingsfilosofie van De Connectie aangepast. Een belangrijk onderdeel van deze aanpassing was het invoegen van een extra laag leidinggevenden (teamleiders) in de organisatiestructuur. Hierdoor is de span of attention voor de leidinggevenden beter in balans gekomen. De afdelingen Belastingen en Basisregistraties en de afdelingen Inkoop & Aanbestedingen en Administratie & Beheer zijn samengevoegd. Het samenvoegen van deze afdelingen draagt bij aan het optimaliseren van de dienstverlening. Het doel van de sturingsfilosofie is om De Connectie een toekomstbestendige organisatie te maken met een adequate dienstverlening in nauwe samenwerking met de deelnemende organisaties. Dit doel kan worden versterkt door naast uitvoerende capaciteit ook (beleids-)adviserende capaciteit op de verschillende vakgebieden binnen De Connectie te realiseren. Het ontvlechten van (beleids-) adviserende capaciteit uit de deelnemende organisaties is complex en onderwerp van gesprek in het Opdrachtgeversoverleg (OGO).
Sturing op de organisatiedoelstellingen Het realiseren van het bedrijfsplan gebeurt onder regie van de directie. De afdelingen stellen resultaten ontwikkelplannen (ROP’s) op waarin de activiteiten zijn benoemd die bijdragen aan de realisatie van de opgaven. Deze ROP’s vormen het hele jaar door onderwerp van gesprek tussen de directie en het management. De gesprekkencyclus met de medewerkers van De Connectie sluiten daarbij aan. Met het maken van individuele resultaat- en ontwikkelafspraken met de medewerkers wordt bijgedragen aan het halen van de organisatiedoelstellingen. Halverwege het jaar wordt de voortgang hiervan besproken en waar nodig doelstellingen bijgesteld of aangepast. Aan het einde van het jaar vindt evaluatie plaats over de behaalde resultaten. Binnen de huidige structuur zal steeds meer vorm worden gegeven aan het begrip zelforganisatie. De kracht ligt in het wederzijds vertrouwen. Leidinggevenden maken resultaatafspraken met teams en faciliteren hen om deze doelen te realiseren. De medewerkers bepalen zelf binnen het team de weg naar dit resultaat. Leidinggevenden begeleiden en faciliteren de medewerkers vanuit gelijkwaardigheid bij hun ontwikkeling. Medewerkers en leidinggevenden zoeken elkaar op als daar behoefte aan is. Er hoeft niet te worden gewacht op de (formele) momenten in de gesprekkencyclus om met elkaar in gesprek te gaan.
Personeelsbeleid Bij de vormgeving van het P&O-beleid staat het ontwikkelen van kansen voor medewerkers centraal. Hiertoe kent De Connectie het programma Leren & Ontwikkelen. Dit programma heeft als doel om invulling te geven aan de ‘K’ van Kansen en om de organisatieontwikkeling te ondersteunen. Uitgangspunt daarbij is om het leren te koppelen aan de dagelijkse praktijk van de medewerker.
30
De Connectie geeft ruimte en verantwoordelijkheid en investeert in medewerkers. Omgekeerd zijn de medewerkers zich bewust van hun talenten en competenties (en die van elkaar) en blijven die ontwikkelen om de dienstverlening van De Connectie te optimaliseren. Het doel is dat iedereen zoveel mogelijk op de juiste plek zit. Hoe meer het werk past bij iemands talenten en ambitie, hoe groter het werkplezier en hoe beter de prestaties. Medewerkers en managers kijken samen wat de juiste plek is voor de medewerker en hoe daar te komen. Daarnaast willen we ook inzetten op de ontwikkeling van medewerkers wiens functies en rollen veranderen of zelfs helemaal verdwijnen. In de MJPB 2021-2024 is opgenomen dat De Connectie voor alle teams een strategische personeelsplanning (SPP) implementeert, zodat De Connectie voorbereid is op de toekomst. Om ons heen zien we dat veranderingen elkaar steeds sneller opvolgen en de uitdagingen complexer worden. Er is een veranderende blik op politiek en overheid. Digitalisering speelt een grote rol, de klantvraag verandert en er is een schaarste aan gekwalificeerd personeel. Strategische personeelsplanning helpt om de juiste match tussen vraag naar en aanbod van arbeid te behouden, dusdanig dat er geen personeelstekorten ontstaan die impact hebben op de dienstverlening aan de gemeenten. Er wordt gestuurd op duurzame inzetbaarheid van mensen.
Onder andere door leren en ontwikkelen, het bieden van ruimte en verantwoordelijkheid en door aandacht te schenken aan vitaliteit, een gezonde werkplek en een veilige werkomgeving. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van managers en teamleiders door teamgerichte trainingen en maatwerkafspraken. Administratieve organisatie Het is van belang om processen goed vast te leggen en te formaliseren. Deze professionaliseringslag van de administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB) laten wij gelijk oplopen met de met de harmonisatie en standaardisatie van de processen zoals deze zijn overgekomen van de gemeenten. De opzet, het bestaan en de werking van de interne controles in financiële werkprocessen worden getoetst door een externe auditor. Hierbij wordt jaarlijks een ISAE 3402 assurancerapportage (type II) afgegeven. Hiermee toont De Connectie aan in hoeverre zij voldoet aan de gestelde eisen zoals opgenomen in een, met de gemeenten overeengekomen, controleraamwerk. ISAE 3402 is een internationale standaard voor serviceorganisaties. Dit maakt dat de accountants van de klantorganisaties kunnen steunen op deze verklaring. Dit leidt tot een efficiënt controleproces bij zowel De Connectie, als bij de klantorganisaties. Outputsturing en -verrekening De Connectie werkt toe naar de systematiek van outputsturing en -verrekening.
Deze ontwikkeling gaat ons inzicht en begrip opleveren van productprijzen en -volumes. Vooraf worden afspraken gemaakt over leveringseenheden, -hoeveelheden, kwaliteit en de prijs. Dit stelt zowel de gemeenten als De Connectie in staat de kosten van bedrijfsvoering beter te sturen en te beheersen. Belangrijk uitgangspunt van outputsturing- en verrekening is dat de gebruiker betaalt. Informatievoorziening Een goede en betrouwbare informatievoorziening is essentieel voor De Connectie. Daarbij wordt veel waarde gehecht aan een regionale Informatiestrategie. Inmiddels is er een Regionale Informatievisie en -strategie opgeleverd, waarmee we de beschikking hebben over een leidraad voor de uitwerking van vraagstukken op het gebied van informatievoorziening voor de komende jaren.
31
Informatieveiligheid en privacy Vanaf 1 januari 2020 geldt de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), die de verouderde Baseline Informatiebeveiliging Gemeenten opvolgt. De basis voor de in de BIO voorgestelde aanpak is het uitvoeren van risicoanalyses en het op basis daarvan nemen van maatregelen. Er is een aanzet gegeven om te komen tot een nieuw regionaal strategisch informatiebeleid. Dit beleid vormt, wanneer deze is vastgesteld, samen met de ISO27001 standaard voor informatiebeveiliging, een belangrijk kader voor de te nemen maatregelen. Business continuïty management (BCM) Door het inrichten en implementeren van een business continuïty management system (BCMS) kan de bedrijfscontinuïteit worden geborgd. Doel is de instandhouding en continue verbetering van processen en maatregelen die nodig zijn voor het realiseren en borgen van de continuïteit van onze bedrijfsvoering. De Connectie implementeert een BCMS conform de NEN-EN-ISO 22301:2019 standaard. Doel is momenteel niet om tegen deze norm te certificeren, maar om BCM naar een hoger volwassenheidsniveau te brengen. Huisvestingsbeleid De Connectie maakt gebruik van de huisvesting van de gemeenten Arnhem en Rheden. Hiervoor zijn huurovereenkomsten gesloten tussen De Connectie en deze gemeenten. De Connectie wordt in het kader gecompenseerd voor de huisvestingslasten.
Het huisvesten van De Connectie op verschillende locaties is niet ideaal en gaat ten koste van de ambities ten aanzien van het werken aan uniformiteit en integraliteit. De Connectie heroverweegt huisvesting en betrekt daarbij de huisvestingsvraagstukken van de drie gemeenten. Gezien de meest recente ontwikkelingen hierin heeft het bestuur de opdracht voor het opstellen van een businesscase voor de huisvesting van De Connectie zelf inmiddels ingetrokken. Juridische zaken De Connectie hecht er groot belang aan om zich zeker te stellen dat ze voldoet aan alle vigerende weten regelgeving. Indien De Connectie niet compliant is, kan dit financiële-, juridische- en imagorisico’s met zich meebrengen. Derhalve is het beleid erop gericht om permanent actueel inzicht te hebben in de vigerende wet- en regelgeving en de naleving hiervan cyclisch te borgen. Verschuiving van de rechtmatigheidsverantwoording naar het bestuur benadrukt het belang hiervan. Communicatie De Connectie kent drie pijlers op het gebied van communicatie; corporate- interne- en marketingcommunicatie. Deze worden zowel offline als online toegepast. De relatie en dialoog met opdrachtgevers en klanten staat centraal. De interne communicatie richt zich op medewerkers om hen te informeren en te verbinden.
Door hen te enthousiasmeren, te faciliteren en waar mogelijk deelgenoot te maken van het proces wordt de organisatiecultuur van De Connectie versterkt.
32
5. Overzicht van baten en lasten en toelichting 5.1 Uitgangspunten voor de begroting De belangrijkste uitgangspunten voor de MJPB 2023-2026 zijn het reeds bekende financiële meerjarenbeeld zoals deze is opgenomen in de MJPB 2022-2025, de structurele doorwerking van besluiten die het bestuur bij de eerste bestuursrapportage 2022 heeft genomen en de (wettelijke) autonome ontwikkelingen uit de perspectiefnota die als onontkoombaar moeten worden beschouwd. Aanvullend hierop zijn de volgende, meer algemene, uitgangspunten van toepassing: Loonontwikkelingen De loonkostenbudgetten worden aangepast op basis van de reële loonkostenontwikkeling op grond van Cao-afspraken en premieontwikkelingen. Prijsontwikkelingen Voor het begroten van de effecten van (autonome) prijsontwikkelingen wordt de prijsindexatie voor de materiële overheidsconsumptie gehanteerd. De raming hiervan wordt gepubliceerd in de Macro Economische Verkenning (MEV) en in het Centraal Economisch Plan (CEP). Omslagrente De omslagrente wordt berekend door de werkelijk aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. De omslagrente moet vervolgens op consistente en eenduidige wijze worden toegerekend aan de individuele activa. Het bij de begroting gecalculeerde omslagrentepercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond.
In de MJPB 2023-2026 is de omslagrente afgerond naar 0,5%. Dit percentage is gelijk aan waarmee is gerekend in de MJPB 2022-2025. Verrekensystematiek De bijdrage van de deelnemers voor de basisdienstverlening is gebaseerd op de verdeelsleutel zoals deze in de financiële onderbouwing van het bedrijfsplan is opgenomen. Grondslag voor de verdeling is de inbreng van de gemeenten in De Connectie. Omdat de bijdragen per jaarschijf (pro-rata) enigszins verschillen komt de verdeelsleutel voor 2023 uit op: Arnhem: 71,54% Renkum: 10,92% Rheden: 17,54% In de context van het toewerken naar outputsturing- en verrekening, zullen in de toekomst zoveel mogelijk producten en diensten worden afgerekend op basis van werkelijk verbruik. In gevallen waar dit niet mogelijk is, zal worden teruggegrepen op bovenstaande verdeelsleutel. Maat- en meerwerk De financiële effecten van structureel maat- en meerwerk worden verwerkt in het begrotingjaar volgend op het jaar waarin de maat- of meerwerk overeenkomst tot stand is gekomen.
33
5.2 Grondslagen voor de ramingen De begroting is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het BBV en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het bestuur de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. Op de materiële activa wordt lineair afgeschreven. Over investeringen gedurende het lopende boekjaar worden een half jaar afgeschreven. De afschrijvingstermijnen zijn vastgelegd in de verordening ex artikel 212 Gemeentewet. Samengestelde activa met een verkrijgingsprijs < € 10.000 worden niet geactiveerd. In 2017 vormden de overgenomen activa van de gemeenten hier een uitzondering op.
Voorzieningen worden gevormd ingeval er sprake is van verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs in te schatten óf voor op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten. Dotaties aan een voorziening worden als last in het betreffende jaar verantwoord. Onttrekkingen aan een voorziening vinden rechtstreeks ten laste van de voorziening plaats, zonder de exploitatie hiervoor te belasten. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. De gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de continuïteitsveronderstelling van De Connectie.
34
5.3 Ontwikkeling begroting 2023 en meerjarenraming Begroting Begroting 2022 2023 Bedragen x 1.000 euro MJPB 2022-2025 Totaal lasten Totaal baten Primitieve begroting na interne kaderwijzigingen Totaal lasten na kadercorrecties Totaal baten na kadercorrecties Primitieve begroting na kadercorrecties Loon- en prijsontwikkelingen CAO stijging Onderhoudsronde HR21 Autonome prijsontwikkelingen 2022 Autonome prijsontwikkelingen 2023 Bovengemiddelde prijsontwikkeling ICT Bovengemiddelde kostenontwikkeling personeel ICT
2024
meerjarenraming 2025 2026
I/S 45.203 -45.224 -21 45.449 -45.470 -21
44.859 -44.880 -21 44.724 -44.745 -21
44.219 -44.240 -21 44.038 -44.059 -21
44.134 -44.156 -21 43.953 -43.975 -21
43.973 -43.995 -21 43.792 -43.814 -21
S S S S S S
1.083 7 -
1.273 7 508 467 387 187
1.265 7 491 452 374 182
1.265 7 488 450 374 178
1.265 7 484 446 374 178
Leren en ontwikkelen Opleidingsbudget
S
-
87
94
94
94
Opgave ICT Programma 2!Connect -/- Vrijval bestemmingsreserve Opgave ICT
I I
60 -60
-
-
-
-
ICT projecten -Digitale werkplekICT projecten -Achterstanden Patchen-
I I
69 67
-
-
-
-
Kapitaallasten aanvullende investeringen Taakstellende afbouw formatie applicatiebeheer
S S
59 -
119 171
119 171
119 -
119 -
Informatieveiligheid en businesscontinuiteit Audits informatieveiligheid Awarenessprogramma informatieveiligheid Business Continuity Management Informatieveiligheid - Monitoring & Detectie Informatieveiligheid - Wachtwoordgebruik & Veilig mailen Informatieveiligheid - Veilig samenwerken in de cloud Privacy - Inrichting Privacy Management System CISO budget
I I I I/S I/S I/S I/S S
40 35 21 -
246 340 532 203 40
186 300 472 163 40
186 300 472 83 40
186 300 472 83 40
Belastingen en Basisregistraties Mutatiesignalering Beheer- en terugmeldapplicatie SOR Opbrengsten dwanginvordering Proceskostenvergoedingen
S S I S
-
80 27 40 250
80 27 250
80 27 250
80 27 250
I I
15 -15 1.381 46.905 -46.926 -21
4.965 49.649 -49.670 -21
4.674 48.712 -48.733 -21
4.413 48.366 -48.388 -21
4.405 48.197 -48.219 -21
Begrote vrijval bestemmingsreserves Plan van aanpak Basisregistraties -/- Vrijval bestemmingsreserves Basisregistraties Totaal ontwikkeling begroting 2023 en meerjarenraming Totaal lasten Totaal baten Saldo baten en lasten
35
5.3.1. Loon- en prijsontwikkelingen Loonontwikkelingen als gevolg van Cao-akkoord (€ 1.273.000) Op 27 januari 2022 is de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) voor Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties definitief goedgekeurd. Deze nieuwe CAO gaat met terugwerkende kracht in, waarbij per 1 december 2021 de salarissen zijn gestegen met 1,5% en per 1 april 2022 stijgen deze met 2,4%. Hierdoor ontstaat er vanaf 2023 een financieel tekort van € 1.273 mln. In de nieuwe CAO is tevens opgenomen dat medewerkers de 6 dagen bovenwettelijk verlof mogen opsparen voor toekomstige jaren. Deze verlofopbouw zal in de exploitatie van De Connectie leiden tot een reservering, die vrijvalt op het moment dat dit verlof wordt opgenomen. Onderhoudsronde HR21 (€ 7.000) Binnen De Connectie vindt jaarlijks een onderhoudsronde HR21 plaats, waarin getoetst wordt of de organisatiefunctiematrix en de gekozen normfuncties voldoende aansluiten bij de werkzaamheden van de medewerkers en de (verandering in de) doelstelling. De resultaten van deze onderhoudsronde worden op basis van de richtlijnen (procedureregeling) voorgelegd aan een gecertificeerde HR21specialist van Bureau Leeuwendaal. De onderhoudsronde heeft zodoende geen gevolgen voor de totale formatie, maar wel voor de totale loonsom. De ingeschatte kosten van de laatste onderhoudsronde in 2021 bedragen structureel € 7.000.
Autonome prijsontwikkelingen 2022 (€ 501.000) In de MJPB 2022-2025 is voor de effecten van (autonome) prijsontwikkelingen de prijsindexatie voor de materiële overheidsconsumptie gehanteerd. De meest recente raming van het CPB (maart 2022) komt uit op 4,1%. Op basis van de raming van maart 2021 waren de materiële budgetten vanaf 2022 al met 1,4% geïndexeerd. Het verschil van 2,7%-punt wordt met deze aanvullende begrotingsaanpassing gecorrigeerd. Autonome prijsontwikkelingen 2023 (€ 466.000) Voor het begroten van de effecten van (autonome) prijsontwikkelingen wordt vanaf 2022 de prijsindexatie voor de materiële overheidsconsumptie gehanteerd. De meest recente raming hiervan komt uit het Centraal Economisch Plan (CEP) van het CPB (maart 2022). Op basis hiervan zijn de materiële budgetten vanaf 2023 met 2,3% geïndexeerd. Bovengemiddelde prijsontwikkeling ICT (€ 387.000) Verder zien we wereldwijd een bovengemiddelde stijging in ICT-kosten die structureel van aard lijkt te zijn. Leveranciers verhogen -veelal vanuit een monopolypositie- hun licentiekosten, hosting wordt duurder onder druk van gestegen energieprijzen, terwijl er in toenemende mate appèl op informatievoorziening en ICT wordt gedaan. Deze ontwikkeling raakt zowel de gemeentelijke kant van de IV-keten als die van De Connectie.
Gemiddeld moet worden uitgegaan van een stijging van kosten van 3% ten opzichte van de prijsindexatie voor de materiële overheidsconsumptie. Bovengemiddelde kostenontwikkeling personeel ICT (€ 187.000) Het personeel in het vakgebied ICT is schaars geworden, wat een stijging van zowel kosten van inhuur als van de loonkosten van het vaste personeel tot gevolg heeft. Als gevolg van onvoldoende gekwalificeerd personeel dreigen achterstanden in het werk en in de kwaliteit, met uitval en achterhaalde informatiesystemen tot gevolg. Om te kunnen anticiperen op deze onvermijdelijke ontwikkelingen is het noodzakelijk dat ook in de begroting van De Connectie rekening gehouden wordt met een bovengemiddelde stijging van deze kosten. Ook hier wordt vooralsnog uitgegaan van 3% kostenstijging, in dit geval ten opzichte van de reguliere loonontwikkeling. 36
5.3.2. Leren & ontwikkelen Opleidingsbudget (€ 87.000) In het bedrijfsplan 2017-2020 van De Connectie is in het eerste jaar 2% van de totale loonsom beschikbaar gesteld voor Leren en Ontwikkelen en de daaropvolgende jaren 1,8% van de totale loonsom. De loonsom is de afgelopen jaren als gevolg van o.a. CAO-stijgingen, maar ook door aanpassingen in de formatie, toegenomen. Met deze wijziging wordt het opleidingsbudget weer in verhouding gebracht met de totale loonsom. Dit is van belang gezien de ontwikkelopgave die voorligt en het belang dat hier ook in de CAO-gemeenten aan wordt meegegeven. 5.3.3. Opgave ICT Kapitaallasten aanvullende investering (€ 119.000) Voor afronding van de GemICT omgeving is in de stuurgroep 2!Connect besloten tot de noodzaak om € 590.000 aanvullend te investeren in de GemICT migratie. Dit op basis van voortschrijdend inzicht in de informatie over applicaties, benodigde licenties en de complexiteit binnen de autorisatiestructuur. Ook heeft het ‘op afstand werken’ als gevolg van de coronacrisis geleid tot in-efficiency. De bijbehorende kapitaalslast is afgestemd met de gemeenten en wordt hiermee structureel toegevoegd aan het kader van De Connectie.
Taakstellende afbouw formatie applicatiebeheer (€ 171.000) In de begroting van De Connectie is in 2023 een taakstelling van 2 fte en in 2024 in totaal van 4 fte ingeboekt op de formatie voor het applicatiebeheer. Belangrijk aandachtspunt hierbij is de zogeheten harmonisatie-agenda voor de gemeentelijke applicaties. De (financiële) onderbouwing en uitwerking hiervan is bepalend voor de haalbaarheid van deze taakstellende afbouw. Het is nog te vroeg om te stellen dat op applicatiebeheer kan worden bespaard en zo ja, in welke mate. Ook is het denkbaar dat, mede als gevolg van de harmonisatie, nieuwe behoefte ontstaat aan andersoortige rollen. Met deze begrotingswijziging wordt de taakstellende afbouw van de formatie voor applicatiebeheer met een jaar getemporiseerd. 5.3.4. Informatieveiligheid en businesscontinuïteit Monitoring & detectie (€ 246.000) De Baseline Informatieveiligheid Overheid schrijft het inrichten van een monitoringsen detectieomgeving (SOC/SIEM) voor. Dit alles gericht op het verhogen van de digitale weerbaarheid en het tijdig inzicht krijgen in beveiligingsmeldingen en incidenten met betrekking tot de informatievoorziening. De kosten voor het afnemen van deze dienst is, na een korte rondgang, ingeschat op € 100.000. Voor de technische securityfunctie is structureel 1 fte nodig (in lijn met het advies van de VNG).
De eenmalige projectkosten voor de inrichting van een monitoringsen detectieomgeving zijn op € 60.000 ingeschat. Het is, gezien het belang en de urgentie van dit traject, mogelijk dat een deel van de projectkosten al in 2022 zal vallen.
37
Wachtwoordgebruik & veilig mailen (€ 340.000) Daarnaast dient de organisatie medewerkers te faciliteren middels een wachtwoordkluis. Medewerkers kunnen alleen voldoen aan goede afspraken over wachtwoordgebruik als ze hierin worden ondersteund middels een kluis. De aanschaf en de implementatie van veilige e-mailproducten is voorzien in 2023. De kosten voor de wachtwoordkluis zijn ingeschat op € 150.000 per jaar. Van de kosten voor de veilig mailen-oplossing wordt eveneens verwacht dat deze rond de € 150.000 per jaar zullen zijn. Voor de implementatie en adoptie moet rekening worden gehouden met een incidentele kostenpost van € 40.000. Het is, gezien het belang en de urgentie van dit traject, mogelijk dat een deel van de implementatiekosten voor de wachtwoordkluis (€ 20.000) al in 2022 zal vallen. Veilig samenwerking in de Cloud (€ 532.000) In 2021 heeft de regio de transitie ingezet naar het samenwerken met de producten van Microsoft 365 (Teams, Onedrive, Sharepoint etc.). Dit betekent ook dat waar in het verleden de informatie intern veilig was opgeslagen, maar op een veelal onveilige wijze per mail werden gedeeld, de gebruikersorganisatie nu al hun informatie en persoonsgegevens gaan opslaan, bewerken en delen in de Cloud. De risico’s op informatie- en datalekken en oneigenlijk gebruik van informatie veranderen hiermee sterk.
Medewerkers binnen kritische en gevoelige processen en afdelingen zoals HRM, juridische zaken, sociaal domein, werk & inkomen en veiligheid bepalen straks zelf wie ze toegang geven tot informatie en hoe hiermee wordt samengewerkt. Dit veranderende risico vraagt niet alleen om duidelijke afspraken (en toezicht hierop) maar ook in de ondersteunende functionaliteit en maatregelen zodat de risico’s beperkt en beheersbaar blijven. Voor dit laatste is het van belang gebruik te maken van het zogeheten E5-licentieprogramma van Microsoft Office. Hierin zijn de essentiële onderdelen opgenomen om zowel compliance als informatieveiligheidsrisico’s op het juiste niveau te kunnen beheersen. Uitbreiding naar deze functionaliteit is dus noodzakelijk om de informatie van de gemeentelijke organisaties en haar bewoners veilig te kunnen houden. De structurele kosten voor de aanvullende licenties bedragen -op basis van het aantal gebruikers- € 472.000 per jaar. Ten behoeve van de adoptie en het inrichten van de processen en technische functionaliteiten moet rekening worden gehouden met eenmalige kosten van € 60.000. Inrichting Privacy Management System (€ 203.000) De directie van De Connectie heeft, mede naar aanleiding van een aantal incidenten, M&I Partners verzocht om te onderzoeken hoe het gesteld is met de privacyfunctie en de wettelijke kaders vanuit de privacywetgeving (i.c. de AVG).
Dit onderzoek heeft het beeld bevestigt dat de werkzaamheden op het gebied van privacy nog te ad hoc worden uitgevoerd en dat er te weinig formatie beschikbaar is voor een adequate uitvoering van de vereiste taken. Er zal een project gestart moeten worden voor de inrichting van een Privacy Information Management System (PIMS), inclusief een herijking op tijdelijke en structurele formatie voor de privacyrollen en een onafhankelijke inrichting hiervan. Voornoemd project zal om een incidentele inzet vragen van plm. € 200.000, waarvan € 120.000 in 2023. Daarnaast is er een uitbreiding van de formatie nodig voor de Privacy Officer (+ 0,4 fte) en de Functionaris Gegevensbescherming (+ 0,4 fte).
38
CISO-budget (€ 40.000) De CISO heeft binnen de organisatie een adviserende en controlerende taak op informatieveiligheid. Op dit moment heeft de CISO beperkt budget toegewezen voor het uitvoeren van onafhankelijke toetsing informatieveiligheid en het uitvoeren van securitytesten. Daarnaast ontbreekt budget voor de uitvoering van bewustwordingsactiviteiten binnen de organisatie en de mogelijkheid om extern advies in te winnen op specifieke informatieveiligheidskwesties. Toekennen van het budget ligt hiermee ook in lijn met de VNG-agenda Digitale Veiligheid 2020-2024: “Versterk de positie van de CISO. Een CISO moet de ruimte en middelen krijgen en investeren in kennis en kunde om de gemeente weerbaarder te maken tegen huidige en toekomstige digitale dreigingen.” De Connectie en de gemeenten hebben ieder een eigen verantwoordelijk in het continuïteitsbeheer en het voldoen aan de BIO op dit punt. Ten aanzien van het beheersen van continuïteitsrisico’s in de IV-keten is sprake van een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. Gestreefd wordt naar een regionale visie en aanpak ten aanzien van businesscontinuïteit, vertaald naar een programmatische aanpak en budgettering hiervan. Hierin is in deze begroting nog niet voorzien. 5.3.5.
Belastingen en Basisregistraties Mutatiesignalering (€ 80.000) Zowel de Omgevingswet als het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) hebben impact op de eisen die worden gesteld aan de tijdigheid, juistheid en volledigheid van de Basisregistraties. Mede door de gewijzigde regelgeving en de toename van het aantal uitgegeven omgevingsvergunningen (en daarmee ook het aantal vergunningsvrije bouwwerken) is medio 2021 een mutatiesignalering uitgevoerd. In 17.000 gevallen is er een afwijking geconstateerd tussen de administratieve en feitelijke werkelijkheid. Met de gemeenten zullen het lopende jaar afspraken worden gemaakt over het verwerken van de effecten van deze ‘uitval’. Daarnaast zal er nu jaarlijks een mutatiesignalering moeten worden uitgevoerd en verwerkt om de juistheid, tijdigheid en volledigheid van de Basisregistraties structureel te kunnen borgen. Er is € 12.000 nodig voor het jaarlijks uitvoeren van een mutatiesignalering en 1 fte voor het verwerken van de hieruit voortkomende mutaties. Beheer- en terugmeldapplicatie SOR (€ 27.000) Zoals hiervoor al aangegeven bestaat er een streng regime van kwaliteitsborging. Jaarlijkse zijn er diverse verantwoordingsmomenten (Ensia rapportages) en maandelijks publiceert het Kadaster diverse dashboards waarin de kwaliteit en inconsistenties zichtbaar worden gemaakt binnen de diverse basisregistraties.
Om deze reden zijn ook de afnemers verplicht om twijfelgevallen te melden. Het afgelopen jaar is veel geïnvesteerd in de doorontwikkeling van de beheer- en terugmeldapplicaties met oog op de komst van de Samenhangende Objectenregistratie (SOR). Door deze applicatie in te zetten als gezamenlijke werkomgeving is De Connectie samen met de gemeenten in staat om grip te houden op het beheer van de relevante BAG, WOZ -en BGT-gegevens en daarmee de actualiteit, juistheid en tijdigheid te borgen. De jaarlijkse licentiekosten voor het gebruik van deze applicatie bedragen € 27.000.
39
Opbrengsten Dwanginvordering (€ 40.000) De opbrengsten uit dwanginvordering betreffen feitelijk de opbrengsten uit aanmaningen en dwangbevelen welke door de afdeling Belastingen zijn opgelegd. Deze bedragen worden, samen met de belastingeninkomsten zelf, via de gemeenten geïnd en aan het einde van het jaar verrekend. De opbrengsten uit dwanginvorderingen zullen naar verwachting lager zijn dan begroot. De voornaamste oorzaak hiervan is het uitstel van betalingen die door verschillende gemeenten is verleend aan de getroffen doelgroepen van de coronamaatregelen. Het uitstel van deze betalingen beslaat meerdere belastingjaren, waardoor de financiële consequenties ook meerdere jaren worden ondervonden, vooralsnog tot en met 2023. Proceskostenvergoedingen (€ 250.000) Een landelijke trend die al enige tijd te zien is in het belastinglandschap is de opkomst en aanhoudende groei van zogenaamde ‘No Cure No Pay’ bureaus. Deze bureaus richten zich op het bezwaar maken tegen belastingaanslagen, waarbij zij alleen betaald worden als de bezwaar makende partij in haar gelijk wordt gesteld. Het aantal bezwaren stijgt door deze ontwikkeling alsook de proceskostenvergoedingen die uitgekeerd moeten worden. Deze trend is niet of nauwelijks beïnvloedbaar gebleken. De verwachting is dat de proceskostenvergoedingen structureel € 250.000 hoger liggen dan begroot.
Het is aan de gemeenten om te onderzoeken wat dit betekent voor de belastingtarieven. Sinds de start van De Connectie is het aantal objecten (areaaluitbreiding) toegenomen. Er wordt veel nieuw gebouwd. We voorzien in de toekomst (met de ontwikkelingen rond de Groene Metropoolregio) verdere toename van het aantal objecten. Met de gemeenten zullen het lopende jaar afspraken moeten worden gemaakt over de effecten van de areaaluitbreiding voor de waardering hiervan door het team Belastingen. Hier is in deze begroting nog geen rekening mee gehouden.
40
5.4 Baten en lasten per programma Realisatie 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Bedragen x 1.000 euro PROGRAMMA BEDRIJFSVOERING GEMEENTEN Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserves Onttrekkingen aan reserves Saldo na reserves
41.657 -3.750 37.907 -357 37.551
39.258 -590 38.668 -75 38.593
40.131 -316 39.816 39.816
38.858 -270 38.588 38.588
38.457 -270 38.188 38.188
38.457 -270 38.187 38.187
PROGRAMMA BELASTINGEN GEMEENTEN Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserves Onttrekkingen aan reserves Saldo na reserves
4.135 -732 3.403 3.403
3.350 -308 3.042 3.042
3.624 -268 3.357 3.357
3.626 -308 3.318 3.318
3.624 -308 3.317 3.317
3.624 -308 3.317 3.317
5.599 -46.832 -41.232 424 -221 -41.029
4.148 -45.799 -41.651 149 -155 -41.656
5.744 -49.087 -43.342 149 -43.193
6.079 -48.156 -42.076 149 -41.927
6.260 -47.810 -41.550 25 -41.526
6.116 -47.641 -41.526 -41.526
78 -76
60 -21
-170 -21
-170 -21
-46 -21
-21 -21
ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN EN OVERHEAD Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserves Onttrekkingen aan reserves Saldo na reserves Totaal saldo baten en lasten Totaal saldo na reserves
2024
Meerjarenraming 2025
2026
De ontwikkeling van de begroting 2023 en de meerjarenraming zoals geschetst in de vorige paragraaf leiden tot het bovenstaande overzicht op programmaniveau. Samengevat zijn dit de belangrijkste financiële ontwikkelingen per programma: Programma Bedrijfsvoering gemeenten Ten opzichte van voorgaand jaar neemt de begroting van dit programma toe met 1,2 mln. Belangrijke ontwikkelingen die hieraan hebben bijgedragen zijn de reguliere loon- en prijsontwikkelingen. Daarbij is er sprake van een bovengemiddelde kostenontwikkeling bij ICT, zowel ten aanzien van de kosten van toeleveranciers als van personeel. Ook kan de in de begroting opgenomen taakstellende afbouw van de formatie voor applicatiebeheer nog niet in 2023 worden gerealiseerd. De (financiële) onderbouwing en uitwerking van de zogeheten harmonisatie-agenda is bepalend voor de haalbaarheid van deze taakstellende afbouw. Het is nog te vroeg om te stellen dat op applicatiebeheer kan worden bespaard en zo ja, in welke mate. Ook is het denkbaar dat, mede als gevolg van de harmonisatie, nieuwe behoefte ontstaat aan andersoortige rollen. Derhalve is deze taakstelling met een jaar getemporiseerd. Daarnaast is er sprake van een aantal noodzakelijke en onontkoombare investeringen in informatieveiligheid. De Baseline Informatieveiligheid Overheid schrijft het inrichten van een monitorings- en detectieomgeving (SOC/SIEM) voor.
Dit alles gericht op het verhogen van de cyber weerbaarheid en het tijdig inzicht krijgen in beveiligingsmeldingen en incidenten met betrekking tot de informatievoorziening. Daarnaast dient de organisatie medewerkers te faciliteren in het wachtwoordgebruik, veilig mailen en veilig samenwerken in de Cloud.
41
Ook is het noodzakelijk om de positie van de CISO te versterken met ruimte en middelen om de gemeenten weerbaarder te maken tegen huidige en toekomstige digitale dreigingen. Lagere opbrengsten worden veroorzaakt doordat er, in tegenstelling tot voorgaand jaar, nog geen afspraken met de gemeenten zijn gemaakt over de toekenning van budgetten voor kleine klantverzoeken (KKV’s). Programma Belastingen gemeenten De toename van de begroting wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door hogere proceskostenvergoedingen. Het aantal bezwaren stijgt door een aanhoudende groei van ‘No Cure No Pay’ bureaus en hiermee ook de proceskostenvergoedingen die uitgekeerd moeten worden. Deze trend is niet of nauwelijks beïnvloedbaar gebleken. Het is aan de gemeenten om te onderzoeken wat dit betekent voor de belastingtarieven. Daarentegen nemen de opbrengsten uit aanmaningen en dwangbevelen juist (tijdelijk) af als gevolg van uitstel van betalingen die door verschillende gemeenten is verleend aan de getroffen doelgroepen van de coronamaatregelen. Sinds de start van De Connectie is het aantal objecten (areaaluitbreiding) toegenomen. Er wordt veel nieuw gebouwd. We voorzien in de toekomst (met de ontwikkelingen rond de Groene Metropoolregio) verdere toename van het aantal objecten.
Met de gemeenten zullen het lopende jaar afspraken moeten worden gemaakt over de effecten van de areaaluitbreiding voor de waardering hiervan door het team Belastingen. Hier is in deze begroting nog geen rekening mee gehouden. Algemene dekkingsmiddelen en overhead Naast de reguliere bijdragen vanuit de deelnemende gemeenten, staan ook opbrengsten van derden onder de algemene dekkingsmiddelen verantwoord. De kosten van de overhead bestaan onder andere uit kosten die samenhangen met de huisvesting van De Connectie, P&O en arbozorg, accountants- en adviesdiensten en uit de kosten van de formatie voor het Bedrijfsbureau. De kosten van de overhead zijn toegenomen als gevolg van het weer in verhouding brengen van het budget voor leren en ontwikkelen met de ontwikkeling van de formatie en de loonsom. De indexatie voor de autonome prijsontwikkelingen is tevens op dit programma opgenomen. Deze middelen staan initieel op dit programma begroot en worden vervolgens functioneel toegewezen. Dit verklaart in belangrijke mate de hogere lasten ten opzichte van voorgaand jaar.
42
5.5 Bijdragen gemeenten De bijdrage van de deelnemers voor de basisdienstverlening is gebaseerd op de verdeelsleutel zoals deze in de financiële onderbouwing van het bedrijfsplan is opgenomen. Omdat de bijdragen per jaarschijf (pro-rata) enigszins verschillen wordt de verdeelsleutel jaarlijks aangepast. De bijdragen van de gemeenten kunnen als volgt worden gespecificeerd: Arnhem Begroting 2023 Bedragen x 1.000 euro Arnhem
2024
meerjarenraming 2025 2026
I/S
Ontwikkeling begroting 2023 en meerjarenraming Loon- en prijsontwikkelingen CAO stijging Onderhoudsronde HR21 Autonome prijsontwikkelingen 2022 Autonome prijsontwikkelingen 2023 Bovengemiddelde prijsontwikkeling ICT Bovengemiddelde kostenontwikkeling personeel ICT
S S S S S S
887 5 363 334 277 134
881 5 351 323 268 130
881 5 349 322 267 127
881 5 346 319 267 127
Leren en ontwikkelen Opleidingsbudget
S
62
67
67
67
Opgave ICT Kapitaallasten aanvullende investeringen Taakstellende afbouw formatie applicatiebeheer
S S
86 123
86 123
86 -
86 -
Informatieveiligheid en businesscontinuiteit Informatieveiligheid - Monitoring & Detectie Informatieveiligheid - Wachtwoordgebruik & Veilig mailen Informatieveiligheid - Veilig samenwerken in de cloud Privacy - Inrichting Privacy Management System CISO budget
I/S I/S I/S I/S S
176 243 381 145 29
133 215 338 117 29
133 215 338 60 29
133 215 338 60 29
S S I S
58 19 29 179 3.528 33.431
58 19 179 3.320 32.958
58 19 179 3.133 32.711
58 19 179 3.128 32.705
Belastingen en Basisregistraties Mutatiesignalering Beheer en terugmeldapplicatie SOR Opbrengsten dwanginvordering Proceskostenvergoedingen Totaal Ontwikkelingen begroting 2023-2026 Totaal
43
Renkum Begroting 2023 Bedragen x 1.000 euro Renkum
2024
meerjarenraming 2025 2026
I/S
Ontwikkeling begroting 2023 en meerjarenraming Loon- en prijsontwikkelingen CAO stijging Onderhoudsronde HR21 Autonome prijsontwikkelingen 2022 Autonome prijsontwikkelingen 2023 Bovengemiddelde prijsontwikkeling ICT Bovengemiddelde kostenontwikkeling personeel ICT
S S S S S S
135 1 55 51 42 20
135 1 54 49 41 20
135 1 53 49 41 19
135 1 53 49 41 19
Leren en ontwikkelen Opleidingsbudget
S
10
10
10
10
Opgave ICT Kapitaallasten aanvullende investeringen Taakstellende afbouw formatie applicatiebeheer
S S
13 19
13 19
13 -
13 -
Informatieveiligheid en businesscontinuiteit Informatieveiligheid - Monitoring & Detectie Informatieveiligheid - Wachtwoordgebruik & Veilig mailen Informatieveiligheid - Veilig samenwerken in de cloud Privacy - Inrichting Privacy Management System CISO budget
I/S I/S I/S I/S S
27 37 58 22 4
20 33 52 18 4
20 33 52 9 4
20 33 52 9 4
S S I S
9 3 4 27 539 4.817
9 3
9 3
9 3
27 507 4.747
27 479 4.709
27 478 4.708
Belastingen en Basisregistraties Mutatiesignalering Beheer en terugmeldapplicatie SOR Opbrengsten dwanginvordering Proceskostenvergoedingen Totaal Ontwikkelingen begroting 2023-2026 Totaal
44
Rheden Begroting 2023 Bedragen x 1.000 euro Rheden
2024
meerjarenraming 2025 2026
I/S
Ontwikkeling begroting 2023 en meerjarenraming Loon- en prijsontwikkelingen CAO stijging Onderhoudsronde HR21 Autonome prijsontwikkelingen 2022 Autonome prijsontwikkelingen 2023 Bovengemiddelde prijsontwikkeling ICT Bovengemiddelde kostenontwikkeling personeel ICT
S S S S S S
217 1 89 82 68 33
216 1 86 79 66 32
216 1 86 79 66 31
216 1 85 78 66 31
Leren en ontwikkelen Opleidingsbudget
S
15
16
16
16
Opgave ICT Kapitaallasten aanvullende investeringen Taakstellende afbouw formatie applicatiebeheer
S S
21 30
21 30
21 -
21 -
Informatieveiligheid en businesscontinuiteit Informatieveiligheid - Monitoring & Detectie Informatieveiligheid - Wachtwoordgebruik & Veilig mailen Informatieveiligheid - Veilig samenwerken in de cloud Privacy - Inrichting Privacy Management System CISO budget
I/S I/S I/S I/S S
43 60 93 36 7
33 53 83 29 7
33 53 83 15 7
33 53 83 15 7
S S I S
14 5 7 44 865 7.877
14 5 44 814 7.764
14 5 44 768 7.704
14 5 44 767 7.702
Belastingen en Basisregistraties Mutatiesignalering Beheer en terugmeldapplicatie SOR Opbrengsten dwanginvordering Proceskostenvergoedingen Totaal Ontwikkelingen begroting 2023-2026 Totaal
45
Derden Begroting 2023 Bedragen x 1.000 euro Bijdragen derden ODRA Sociale Wijkteams Gemeente West Maas en Waal Werkplein Arnhem Noord MGR Sportbedrijf Arnhem DRAN Gemeente Rozendaal
2024
meerjarenraming 2025 2026
I/S S S S S S S S S
991 1.002 837 185 106 154 35 109 3.421
991 1.002 837 185 106 154 35 109 3.421
991 1.002 837 185 106 154 35 109 3.421
991 1.002 837 185 106 154 35 109 3.421
Dienstverlening aan derden betreft in hoofdzaak de continuering van de dienstverlening van de gemeenten. Per 1 januari 2021 verzorgt De Connectie eveneens een aantal bedrijfsvoeringstaken voor de gemeente West Maas en Waal. De samenwerking vindt plaats op basis van het uitgangspunt van goed opdrachtnemers- en opdrachtgeverschap. De gemeente West Maas en Waal treedt dus niet toe als mede-eigenaar van De Connectie, maar als klantorganisatie. De ODRA heeft de dienstverlening die zij afnemen bij De Connectie opgezegd en gaat het stadskantoor Arnhem verlaten. In 2022 zal de dienstverlening aan de ODRA worden ontvlochten en overgedragen. De financiële consequenties van de opzegging zijn nog niet verwerkt in de begroting en zullen alsnog worden verwerkt zodra deze bekend zijn. In bovenstaande geval is de gemeente Arnhem de gemeente die de dienstverlening aan deze derden heeft ingebracht. Voor de dekking van structurele (personele) verplichtingen is mogelijk aanvulling op het kader nodig. Afgesproken is dat De Connectie hiervoor wordt gecompenseerd door de inbrengende gemeenten. Uiteraard geldt hierbij de inspanningsverplichting voor De Connectie om voortdurend bij te sturen op ontwikkelingen in het dienstverleningsvolume.
46
5.6 Incidentele baten en lasten Rekening 2021 Bedragen x 1.000 euro Totaal lasten Totaal Baten Totaal mutaties in reserves SALDO TOTALE BATEN EN LASTEN PROGRAMMA BEDRIJFSVOERING GEMEENTEN Lasten Baten PROGRAMMA BELASTINGEN GEMEENTEN Lasten Baten ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN EN OVERHEAD Lasten Baten SALDO INCIDENTELE BATEN EN LASTEN MUTATIES IN RESERVES Reserves toevoeging Reserves onttrekking SALDO INCIDENTELE MUTATIES RESERVES Totaal incidentele lasten Totaal incidentele baten Totaal incidentele mutaties in reserves SALDO INCIDENTELE BATEN EN LASTEN TotaaL structurele lasten Totaal structurele baten Totaal structurele mutaties in reserves SALDO STRUCTURELE BATEN EN LASTEN
Begroting 2022
Begroting 2023
meerjarenraming 2025
2024
51.391 -51.314 -153 -76
46.756 -46.696 -81 -21
49.500 -49.670 149 -21
48.563 -48.733 149 -21
1.538 -225
1.038 -320
384 -46
290 -
-
419 -1.707 314 424 -577 -153 2.247 -1.932 -153 161 49.145 -49.382 -237
2026
48.342 -48.388 25 -21
48.197 -48.219 -21
39 -
-
-
40
-
-
-
-42 -595 81
220 -747 -149
41 -229 -149
-25 -25
-
149 -230 -81 996 -915 -81 45.760 -45.781 -21
149 149 604 -753 149 48.897 -48.918 -21
149 149 80 -229 149 48.483 -48.504 -21
25 25 -25 25 48.342 -48.363 -21
48.197 -48.219 -21
Volgens het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is het verplicht om een overzicht te presenteren van de incidentele baten en lasten. Op die manier kan beoordeeld worden of en in hoeverre er sprake is van een sluitende begroting. Uitgangspunt is dat structurele lasten zoveel als mogelijk gedekt worden door structurele baten. De incidentele lasten in 2023 bestaan bij het programma Bedrijfsvoering gemeenten uit met name incidenteel te maken kosten voor de digitale werkplek en de verbetering van de dienstverlening. Bij programma Belastingen gemeenten is er incidenteel nadeel begroot bij de opbrengsten uit dwanginvordering. Bij de Algemene dekkingsmiddelen en overhead staan de incidentele kosten voor de inrichting van een Privacy Management System en het verbeteren van de informatieveiligheid begroot. Daarnaast wordt de komende jaren de negatieve Algemene reserve aangevuld uit de vrijval van kapitaalslasten. Dit is het gevolg van verschuivingen van investeringsprojecten naar exploitatieprojecten in 2020. Tegenover de overige incidentele lasten staan eveneens incidentele opbrengsten.
De Commissie BBV adviseert in haar Notitie Structurele en incidentele baten en lasten, de financiële verordening (artikel 212 Gemeentewet) op te nemen vanaf welke omvang incidentele baten en lasten afzonderlijk gespecificeerd worden in het overzicht incidentele lasten en baten. Hiertoe zal nog een voorstel worden gedaan aan het bestuur bij de herziening van de financiële verordening.
47
6. Financiële positie en toelichting 6.1. Geprognosticeerde eindbalans ACTIVA Bedragen x 1.000 euro Vaste activa Materiele vaste activa (economisch nut)
Realisatie 2020
2021
Begroting 2022
Begroting 2023
meerjarenraming 2025 2026
2024
12.863
14.329
15.101
16.040
15.710
14.417
16.463
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Totaal vaste activa
12.863
14.329
15.101
16.040
15.710
14.417
16.463
Vlottende activa Voorraad
-
270
270
270
270
270
270
15.009
17.212
13.866
13.866
13.866
13.866
13.866
10.900 4.061 47
13.477 3.669 66
9.863 3.884 119
9.863 3.884 119
9.863 3.884 119
9.863 3.884 119
9.863 3.884 119
Liquide middelen
54
27
324
324
324
324
324
Overlopende activa
6.778
4.582
4.769
4.769
4.769
4.769
4.769
Totaal vlottende activa
21.841
22.091
19.228
19.228
19.228
19.228
19.228
TOTAAL ACTIVA
34.704
36.420
34.329
35.268
34.938
33.645
35.691
Financiele vaste activa - Uitzettingen met een rentetypische looptijd > 1 jr.
Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar - Uitzettingen in 's Rijks schatkist - Vorderingen op openbare lichamen - Overige vorderingen
Volgens het BBV bevat de uiteenzetting van de financiële positie een geprognosticeerde eindbalans, die tenminste de posten bevat om het EMU-saldo te berekenen (paragraaf 6.3). Voor de prognose van de ontwikkeling van de balans, wordt doorgaans gebruik gemaakt van historische gegevens. Voor De Connectie zijn deze nog maar in beperkte mate beschikbaar. De ontwikkeling van de omvang van de materiële vaste activa (MVA) is geprognosticeerd aan de hand van het meerjareninvesteringsprogramma (MIP) en de huidige staat van activa. De ontwikkeling van de vlottende activa is gebaseerd op het gemiddelde van de gerealiseerde balanswaarde over de afgelopen jaren. Door deze systematiek aan te houden, ontstaat er een steeds nauwkeuriger beeld.
48
PASSIVA Bedragen x 1.000 euro Vaste passiva Eigen vermogen - Algemene reserve - Bestemmingsreserve effecten soc. plan - Bestemmingsreserve Veranderopgave - Bestemmingsreserve Veranderopgave BR - Bestemmingsreserve Opgave ICT - Resultaat voor bestemming
Realisatie 2020
2021
Begroting 2022
Begroting 2023
meerjarenraming 2025 2026
2024
135 309 376 150 196 -896
58 -472 155 224 15 60 76
-78 -323 224 21
-153 -174 21
-3 -25 21
-
138
92
46
-
-
-
-
13.552
17.113
17.627
16.040
15.710
14.417
16.463
13.552 13.825
17.113 17.263
17.627 17.596
16.040 15.888
15.710 15.707
14.417 14.438
16.463 16.484
3.582
412
5.604
5.604
5.604
5.604
5.604
3.000 302 280
328 84
4.270 1.334
4.270 1.334
4.270 1.334
4.270 1.334
4.270 1.334
Overlopende passiva
17.296
18.744
11.403
11.403
11.403
11.403
11.403
Totaal vlottende passiva
20.878
19.157
17.007
17.007
17.007
17.007
17.007
TOTAAL PASSIVA
34.703
36.420
34.602
32.894
32.713
31.445
33.491
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Netto vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jr - Onderhandse leningen Totaal vaste passiva Vlottende passiva Netto vl. Schulden met een rentetypische looptijd < 1 jr - Onderhandse leningen - Schulden aan openbare lichamen - Overige schulden
21
21 -
21
21
Ook voor de prognose van de passiva-zijde van de balans ontbreken nog langjarige historische gegevens. De ontwikkeling van de reserves en voorzieningen wordt niet historisch bepaald en kunnen derhalve wel worden geprognosticeerd. De ontwikkeling van de netto vaste schulden is gebaseerd op de huidige leningenportefeuille en de verwachte ontwikkelingen ten aanzien van de financieringsbehoefte voor de materiële vaste activa. De ontwikkeling van de vlottende passiva is eveneens gebaseerd op het gemiddelde van de gerealiseerde balanswaarde over de afgelopen jaren. Door deze systematiek aan te houden, ontstaat er een steeds nauwkeuriger beeld.
49
6.2. Investeringsprogramma Afdeling Activum omschrijving Bedragen x 1.000 euro A&B BEL BR BR DIV DIV FZF FZF FZF FZF FZF I&A ICT ICT