CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken De Connectie 2020 20210401 (def bestuur)

Raadsvergadering 25 mei 2021, gemeente RhedenBij agendapunt: Jaarstukken 2020 De Connectie24.639 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

24

1.3. 1.3.1.

Paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Het doel van het weerstandsvermogen is het bepalen of tegenvallers die zich kunnen voordoen opgevangen kunnen worden zonder dat de normale bedrijfsgang daardoor wordt verstoord. Hiervoor is het van belang dat er periodiek een inventarisatie plaatsvindt van risico's die zich kunnen voordoen. Aangezien De Connectie maar zeer beperkt beschikking heeft over eigen weerstandscapaciteit, is het des te meer van belang om het risicoprofiel zorgvuldig op te stellen. Immers, wanneer risico’s zich daadwerkelijk voordoen, moeten de gemeenten hiervoor worden aangesproken. Verwacht wordt dat zij (pro rata) weerstandscapaciteit voor organiseren. De Connectie onderschrijft de principes van het risico gestuurd werken. Dit houdt in dat risico's gekoppeld worden aan de doelstellingen en dat maatregelen worden genomen om de risico’s te beheersen. De Connectie ontwikkelt het risicomanagement continue door, enerzijds door te investeren in het risicobewustzijn binnen de organisatie en anderzijds door het cyclisch en systematisch borgen van het risicomanagement. Dit gebeurt vanuit zowel het perspectief van onze organisatiedoelstellingen als vanuit het perspectief van informatieveiligheid en business continuïteit.

Inventarisatie weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van De Connectie bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover beschikt kan worden om niet-voorziene uitgaven (tegenvallers) te dekken. Mogelijke onderdelen van de weerstandscapaciteit zijn de Algemene reserve, de aan specifieke risico’s gelieerde bestemmingsreserves, het resultaat over het boekjaar en de post onvoorzien. In de onderstaande tabel is de begrote weerstandscapaciteit (per jaar) in beeld gebracht. Begroting Jaarrekening 2020 2020 Bedragen x 1.000 euro Weerstandscapaciteit Algemene Reserve Saldo exploitatie Frictie ivm afbouw Onvoorzien Totaal

36 300 275 611

-896 282 275 -339

2021

21 270 291

Meerjarenraming 2022 2023

-

-

2024

-

21

21

21

21

21 21

De Connectie heeft vooralsnog niet de beschikking over een eigen algemene reserve waarmee algemene risico's kunnen worden opvangen. Het resultaat over het boekjaar 2020 bedraagt € 895.000 nadelig voor bestemming. De Connectie heeft het komende jaar nog wel beschikking over een post voor personele fricties als gevolg de voorziene afbouw van formatie. De post onvoorziene kosten vanaf 2021 uit het kader en de begroting komen te vervallen. De saldi van de bestemmingsreserves zijn niet meegenomen in de berekening van de weerstandscapaciteit. Immers, deze zijn niet bestemd voor het afdekken van algemene of specifieke risico’s, maar voor kosten die samenhangen met een specifieke opgave.

25

Inventarisatie risico’s In het najaar van 2019 heeft een nieuwe brede risico-inventarisatie met de managers en overige stakeholders. Deze inventarisatie heeft de basis gevormd voor het risicoprofiel zoals dat in de Jaarrekening 2019 en in de MJPB 2021-2024 is gepresenteerd. Dit risicoprofiel is geactualiseerd. Hierin zijn alleen risico’s meegenomen met een financiële impact. Risico’s die zijn afgedekt door een bestemmingsreserve, een voorziening of verzekering zijn niet meegenomen in deze inventarisatie. Dit geldt ook voor begrotingsrisico’s. In onderstaande tabel staan de belangrijkste geactualiseerde risico’s met een financiële impact, afgezet tegen de risicoscore uit de MJPB 2021-2024: Nr.

Risico/ gebeurtenis

1a.

Er is onvoldoende veranderkracht binnen De Connectie voor de harmonisatie, standaardisatie en digitalisering van werkprocessen. Kansen om te harmoniseren en te standaardiseren blijven onbenut, waarmee besparingspotentieel wordt misgelopen. Achterstanden in de kwaliteit van de overgekomen dienstverlening.

1b.

2. 3.

4.

5.

6.

7.

8.

9.

De Connectie is afhankelijk van (duurdere) inhuur voor het continueren van de dienstverlening. Er wordt door de gemeenten in kwantitatieve en kwalitatieve zin, meer van De Connectie verwacht dan wat er op basis van de ingebrachte middelen kan worden geleverd. Door het ontbreken van een goed functionerende governance en onvoldoende aansluiting met de beleidscyclus van de gemeenten komt de opgave van De Connectie onder druk te staan. Het ontvlechten en uittreden van derden leidt tot een dalende volume-afname bij De Connectie. Totdat interventies in ICT geëffectueerd zijn, zijn de continuïteitsrisico’s groot. Tegelijkertijd neemt de dreiging op het gebied van Informatieveiligheid en privacy toe. Door de nieuwe eisen aan het werk van De Connectie ontstaan kwalitatieve personele fricties. Effecten coronacrisis TOTAAL

Kans

Impact

Risicoscore JR 2019

Risicoscore JR 2020

Groot ↑

Groot

€ 375.000

€ 525.000

Zeer groot

Groot

€ 675.000

€ 675.000

Gemiddeld

Zeer groot

€ 750.000

€ 750.000

Groot

Gemiddeld

€ 263.000

€ 263.000

Gemiddeld

Gemiddeld ↓

€ 375.000

€ 187.500

Groot ↑

Zeer groot

€ 750.000

€ 1.050.000

Groot

Groot

€ 525.000

€ 525.000

Groot ↑

Zeer groot

€ 750.000

€ 1.050.000

Zeer groot ↑

Gemiddeld ↓

€ 525.000

€ 337.500

Groot ↑

Groot ↑

0

€ 525.000

€ 4.988.000

€ 5.888.000

26

De risicoscore is tot stand gekomen door de kans en impact van het risico met elkaar in verband te brengen. Hiervoor zijn de kansen en risico’s onderverdeeld in de volgende categorieën: Kans Categorie zeer klein klein gemiddeld groot zeer groot

Impact Klasse 0 - 20% 20 - 40% 40 - 60% 60 - 80% 80 - 100%

Gemiddeld 10 % 30 % 50 % 70 % 90 %

Categorie zeer klein Klein gemiddeld groot zeer groot

Klasse € 0 - € 100.000 € 100.000 - € 250.000 € 250.000 - € 500.000 € 500.000 - € 1.000.000 > € 1.000.000

Gemiddeld € 50.000 € 175.000 € 375.000 € 750.000 € 1.500.000

Ontwikkeling risicoprofiel Ad 1a. Veel innovatiekracht (in personele zin) is achtergebleven bij de gemeenten, doordat de focus lag op uitvoerende bedrijfsvoeringstaken. Ook het beschikbaar stellen van de formatie voor het bedrijfsbureau is een moeizaam proces geweest. Door wijzigingen aan te brengen in de sturingsfilosofie is de span of attention van het management verbeterd. Hierdoor is de druk op het bedrijfsbureau enigszins teruggebracht en kon meer aandacht worden besteed aan de doorontwikkeling van de bedrijfsvoering. Niettemin hebben we nog steeds te maken met de situatie dat de harmonisatie, standaardisatie en digitaliseren van werkprocessen later op gang is gekomen en hiermee langer doorloopt. De harmonisatie, standaardisatie en digitalisering van werkprocessen zijn in volle gang en deels voltooid (denk aan het financieel systeem en het belastingpakket). Tegelijkertijd is een ontwikkeling waarneembaar waarbij zowel de omgevingsfactoren als de klantvraag aan verandering onderhevig is. De verwachting zijn hoog, maar doen een aanzienlijk appèl op onze organisatie om hierop te kunnen anticiperen. Ad 1b. Het risico bestaat dat de ‘couleur locale’ prevaleert boven het harmoniseren en standaardiseren van de dienstverlening.

Hiermee wordt het risico gelopen dat de opgave om te harmoniseren en te standaardiseren vertraging oploopt, met het risico op vertraging in het realiseren van taakstellingen of afnemende kwaliteit van de dienstverlening. Ook blijven er belangrijke kansen onbenut. Een belangrijke kans qua harmonisatie en standaardisatie is bijvoorbeeld het rationaliseren en harmoniseren van applicaties voor de primaire processen van de gemeenten. Naarmate hier meer invulling aan wordt gegeven, wordt het functioneel en applicatiebeheer eenvoudiger en minder arbeidsintensief. De kansen die er zijn worden nog te weinig benut, terwijl de wens tot kostenefficiency bij De Connectie steeds nadrukkelijk wordt geuit. De waardering van dit risico is gelijk gebleven. Met de financiële druk die er momenteel op de gemeentelijke begrotingen staat, is het belang om kansen voor harmonisatie en standaardisatie, en hiermee het besparingspotentieel, te benutten onverminderd groot.

27

Ad 2. Doordat er geen ‘foto’ kon worden gemaakt van de kwaliteit van de overgedragen dienstverlening per 1 juli 2017, wordt het risico gelopen dat er discussies ontstaan ten aanzien van kwalitatieve achterstanden. Deze achterstanden hebben o.a. betrekking op de kwaliteit van het (contract-)beheer, van beheersingsmaatregelen in processen, van geautomatiseerde systemen en met name ook op de ICT-omgeving. Er zijn aanvullende middelen beschikbaar gesteld voor het programma 1!Connect en voor het plan van aanpak voor Basisregistraties. Hiermee zijn in 2019 belangrijke stappen gezet om achterstanden in te lopen en de basis bij ICT en bij Basisregistraties op orde te krijgen. Zodra de achterstanden zijn ingelopen zal dit risico significant afnemen. Totdat de achterstanden daadwerkelijk zijn ingelopen en er geen nieuwe achterstanden worden geconstateerd, blijft dit risico onverminderd hoog. Ad 3. Het risico op afhankelijkheid van inhuur doet zich nog steeds voor, maar wel in afnemende mate. De inhuur op vacatureruimte neemt gestaag af doordat De Connectie actief stuurt om meer formatie met eigen mensen in te vullen. Niettemin is er nog steeds sprake van een aanzienlijke vacatureruimte. Krapte op de arbeidsmarkt is daar een belangrijke oorzaak van. Hierin wordt voorzien door in te huren.

Er moet ook worden ingehuurd voor het opvangen van het ziekteverzuim dat een dalende trend laat zien, maar nog steeds bovengemiddeld is. Het (noodzakelijk) gebruik maken van inhuur heeft zich, net als de afgelopen jaren, breed voorgedaan binnen de organisatie. De inhuur op vacatureruimte laat een sterk dalende trend zien. Dit is het resultaat van het actief sturen vanuit De Connectie hierop. Daarentegen is het ziekteverzuim nog steeds bovengemiddeld hoog, waarmee afhankelijkheid van inhuur blijft bestaan. Dit geldt ook voor specifiek benodigde expertise. De risicoscore wordt per saldo op hetzelfde niveau gehandhaafd. Ad 4. Vanaf 2019 is afgesproken dat maat- en meerwerk alleen zal worden uitgevoerd wanneer vooraf overeenstemming is bereikt over dekking van de kosten. Dit heeft een belangrijke winst opgeleverd als het gaat om het voorkomen van discussies achteraf. Het risico volgt met name uit de (financiële) impact van autonome ontwikkelingen op de dienstverlening die tot discussies met de gemeenten leiden, doordat de bedrijfsvoering op meer afstand tot de gemeenten is komen te staan. De Connectie krijgt steeds vaker te maken met onvoorziene en onontkoombare meerkosten. De effecten van (autonome) prijsontwikkelingen worden niet automatisch toegekend.

De indexering van materiele budgetten wordt bepaald aan de hand van specifieke (prijs-) ontwikkelingen van leveranciers voor diensten en producten. Dit risico is nog steeds opportuun. De kwaliteit van de financiële afspraken uit de maat- en meerwerkovereenkomsten en de opvolging hiervan behoeven nog de nodige aandacht. Bij de MJPB 2022-2025 zal worden voorgesteld de genoemde uitgangspunten te herzien en De Connectie op een andere wijze te compenseren voor autonome kostenontwikkelingen. Hiermee worden deze voorspelbaarder voor de gemeenten en zekerder voor De Connectie.

28

Ad 5. Door het ontbreken van een goed functionerende governance, komt de opgave van De Connectie onder druk komt te staan. Als één van de verbeterpaden is in 2019 een traject opgestart om de huidige governance te herzien. Het gaat dan met name om het vertalen van de gezamenlijke visie op de samenwerking en de gewenste taak- en rolinvulling. Daarnaast is een juiste inrichting van de besluitvorming en verantwoordelijkheden rondom interne en externe businessprojecten cruciaal voor de prioritering en beheersing hiervan. Hiermee kan de samenhang in projecten, de prioritering en businessrelevantie en niet in de laatste plaats het capaciteitsbeslag bij de afdelingen die belast zijn met de uitvoering worden geborgd. Het portfoliomanagement ontwikkelt zich gestaag. Er is nog steeds behoefte aan meer proactieve strategische en tactische sturing vanuit het collectief opdrachtgeverschap van de gemeenten. In de praktijk blijkt dat dit erg lastig is, bijvoorbeeld bij de totstandkoming van de strategisch visie van de gemeenten op de dienstverlening van De Connectie. Niettemin is deze noodzakelijk voor het ontwikkelperspectief van, en hiermee de opgave voor, De Connectie. Daarbij wordt steeds manifester dat de beleidscyclus van De Connectie onvoldoende aansluit bij die van de gemeenten.

Dit leidt ertoe in de gemeentelijke begrotingen ook onvoldoende wordt geanticipeerd op aanpassingen in opgave voor De Connectie. De uitvoering van deze opgaves komt hiermee onder druk te staan, zeker in tijden van schaarste. Ad 6. Het afschalen van dienstverlening aan derden leidt tot dalende volume-afname bij De Connectie. Gevolg hiervan is een herverdeling van de overhead; de structurele kostencomponent wordt relatief hoger. Deze stijging werkt door in de integrale kostprijs per af te nemen product voor de deelnemende gemeenten en met name voor de gemeente die deze dienstverlening heeft ingebracht in De Connectie. Het is van belang de mogelijkheden om het volume van de dienstverlening van De Connectie op peil te houden en zo mogelijk te vergroten, actief te verkennen en benutten en hier beleid voor te ontwikkelen. Vanaf 2019 rechtstreekse dienstverleningsovereenkomsten met derden afgesloten. Daaruit blijkt dat deze partijen kritisch zijn als het gaat om de pricing van onze dienstverlening, ondanks dat deze tegen het werkelijke kostenniveau worden doorberekend. Het is derhalve geen zekerheid dat deze derde partijen de dienstverlening van De Connectie blijven afnemen. We zien inmiddels dat derden, mede ingegeven door de coronacrisis, de afname van werkplekken afschalen. Tegelijkertijd doen zich ook mogelijkheden voor om diensten te verlenen aan nieuwe samenwerkingspartners.

Per saldo blijft de huidige risicoscore gehandhaafd. Ad 7. Totdat interventies in ICT geëffectueerd zijn, zijn de continuïteitsrisico’s groot. Deze interventies komen tot uitdrukking in de uitgezette verbeterpaden naar aanleiding van de onderzoeken van Arlande (ICT: onder de motorkap) en PWC (IV-keten). Vanaf 2019 zijn hier aanvullende middelen voor beschikbaar gesteld en is de taakstelling op ICT teruggedraaid. Hiermee is het programma 1!Connect van start gegaan waarmee de eerste noodzakelijke interventies plaats hebben kunnen vinden. Daarnaast kost de uitvoering van dergelijke interventies tijd. Hierdoor zijn de continuïteitsrisico’s verminderd, maar nog niet volledig weggenomen. Het programma 1!Connect heeft in 2020 een vervolg gekregen in 2!Connect om uiteindelijk het minimaal noodzakelijke volwassenheidsniveau te bereiken (CMM-2). Tegelijkertijd neemt de dreiging op het gebied informatiebeveiliging en privacy toe. Er is nog weinig inzicht in de risico’s en de bijbehorende schade. De ervaring leert dat de financiële afwikkeling van schade soms moeizaam kan verlopen. Dit leidt tot risico’s ten aanzien van het herstel van vitale processen. Totdat hier (regionaal) beleid op wordt gevoerd, is dit één van de belangrijkste risico’s. 29

Ad 8. Het risico bestaat dat De Connectie (op termijn) niet de beoogde kwaliteit van die dienstverlening meer kan leveren, omdat de benodigde personele bezetting (kwalitatief en kwantitatief) niet meer voldoet aan de nieuwe eisen van het werk. Het grootste deel van het personeel is één op één overgenomen van de gemeenten. We zien frictie ontstaan tussen de beschikbare kennis, vaardigheden en competenties en de veranderende eisen aan het werk. Voor een deel proberen we deze frictie op te lossen door middel van het investeren in opleidingen en trainingen. Niettemin kan of wil niet iedere medewerker mee in deze ontwikkeling. In de MJPB 2021-2024 is opgenomen dat De Connectie voor alle teams een strategische personeelsplanning implementeert, zodat De Connectie voorbereid is op de toekomst. Strategische personeelsplanning helpt om de juiste match tussen vraag naar en aanbod van arbeid te behouden, dusdanig dat er geen personeelstekorten ontstaan die impact hebben op de dienstverlening aan gemeenten. Een eerste inventarisatie heeft opgeleverd dat ruim 30% van de medewerkers niet mee kan komen met de ontwikkelingen die op de organisatie afkomen. De verwachting is dat van een aantal van deze medewerkers afscheid genomen moet worden, al dan niet door begeleiding naar een functie buiten De Connectie.

Met dit inzicht neemt de kans op dit risico toe, maar kan tegelijkertijd worden gestuurd op het beperken van de impact. Ad 9. De structurele doorwerking van de in 2020 genomen maatregelen vindt zijn vertaling in de eerste Bestuursrapportage 2021 en de Meerjarenprogrammabegroting 2022-2025. Daarnaast bestaat het risico dat er vanaf 2021 nog extra kosten gemaakt moeten worden, bijvoorbeeld door het team Belastingen voor de uitbreiding van de invorderingsacties en de verwerking van meer kwijtscheldingsverzoeken. Een mogelijk neveneffect hiervan is dat de opbrengsten uit dwanginvordering zullen afnemen. Ook heeft Het team belastingen heeft in 2020 niet alle (bezwaar)processen kunnen afronden van dat jaar. Hiermee wordt het risico gelopen op een verschuiving van uit te keren proceskostenvergoedingen naar 2021. Daarnaast moet een disclaimer worden gemaakt voor het risico van ‘verborgen kosten’ die deze crisis met zich mee brengt. Onze eigen medewerkers hebben in 2020 ruim 3.700 uur ingezet in het kader van deze crisis. Deze uren konden derhalve niet worden ingezet voor de uitvoering van geplande projecten en activiteiten voor 2020. Bij het hervatten van deze projecten bestaat het risico dat deze niet meer uit de reguliere capaciteit kunnen worden bekostigd. In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat het werk minder efficiënt kan worden uitgevoerd als gevolg van de coronacrisis.

Ook is het nog onzeker hoe de crisis verder zal verlopen en wat de mogelijke (financiële) impact hiervan is. Gevolgen Voornoemde risico’s hebben tot gevolg dat: 1. De organisatiedoelstellingen van De Connectie onder druk komen te staan; 2. Belangrijk potentieel van de samenwerking onbenut blijft.

30

Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen drukt de mate uit waarin de organisatie in staat is om met de beschikbare risicodekking (weerstandscapaciteit) de benodigde risicodekking te matchen. De huidige inventarisatie van de weerstandscapaciteit leidt, als gevolg van het negatieve jaarrekeningresultaat, tot een negatief saldo. Dit saldo zal na resultaatbestemming moeten worden gecompenseerd door de gemeenten. De geïnventariseerde risico’s tellen op tot een risicoscore van € 5.888.000. De Connectie heeft vooralsnog niet de beschikking over een eigen algemene reserve waarmee algemene risico’s kunnen worden opvangen. Tot het moment dat er evenwicht is tussen weerstandscapaciteit en risicoprofiel, geldt dat wanneer risico’s zich voordoen waar geen weerstandcapaciteit tegenover staat, de gemeenten hiervoor moeten worden aangesproken. Dit betekent dat de gemeenten hiervoor, pro rata, weerstandscapaciteit moeten organiseren. De ontwikkeling van het weerstandsvermogen zal periodiek met de gemeenten, op ambtelijk en bestuurlijk niveau, worden besproken, met als doel grip te houden op de aard en omvang hiervan. Ratio’s kengetallen Jaarrekening Begroting Jaarrekening 2019 2020 2020 Financiële kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Totaal

19,45% 19,45% 8,59% 0,99%

14,72% 14,72% 5,48% 0,06%

25,39% 25,39% 0,39% 0,46%

De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat op basis van de verantwoordingsvereisten vijf financiële kengetallen. Van deze vijf financiële kengetallen zijn er drie van toepassing op De Connectie. Op basis van deze kengetallen wordt de financiële positie van De Connectie geanalyseerd. De VNG heeft een aantal normen ontwikkeld om een grofmazige waardering te geven aan deze indicatoren. Netto schuldquote: dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de totale schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. Dit percentage is in 2020 gestegen met 5,9%-punt ten opzichte van 2019 als gevolg van wijzigingen in de omvang van de leningenportefeuille. Solvabiliteit: dit cijfer geeft de mate aan waarin de bezittingen (balanstotaal) zijn gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm. De Connectie scoort hier onvoldoende op gezien de beperkte omvang van het eigen vermogen. Hiertegenover staat dat de eigenaren, conform G.R., ervoor dienen te zorgen dat De Connectie altijd in staat moet zijn om haar financiële verplichtingen te voldoen.

Structurele exploitatieruimte: dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om (structurele) tegenvallers op te vangen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat incidentele lasten deels uit structurele middelen worden gedekt. Een negatief percentage betekent dat structurele lasten deels uit incidentele baten worden gedekt. Het eerste is bij De Connectie in 2020 het geval, hetzij voor een zeer gering percentage (zie de toelichting op de incidentele baten en lasten (par. 2.2.5)).

31

1.3.2.

Financiering

Beleidsvoornemen financieringsfunctie De financieringsfunctie van De Connectie is enkel gericht op ondersteuning van de publieke taak. Het beheer heeft uitsluitend een voorzichtig en risicomijdend karakter. In het geval financiering nodig is, vindt de uitvoering daarvan plaats binnen de kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en hetgeen door het bestuur van De Connectie aan kaders is vastgesteld in de financiële verordening. Zo worden voor het aantrekken van financieringen met een looptijd van langer dan één jaar tenminste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instelling gevraagd en wordt geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet Fido. In overeenstemming met het advies van de accountant zal De Connectie een treasurystatuut opstellen om zo de wettelijke regels te vertalen naar beleidsrichtlijnen waarmee de organisatie kan werken. Risicoprofiel De begroting van De Connectie wordt goeddeels door de deelnemende gemeenten gedragen. Afspraken over de bevoorschotting voor het lopende jaar zijn erop gericht om de kortlopende liquiditeitsbehoefte af te dekken en liquiditeitsoverschotten zoveel mogelijk te voorkomen. Door het matchen van de inkomende en uitgaande geldstromen zal de financieringsbehoefte en het daarmee samenhangende renterisico gering zijn.

Investeringen van De Connectie worden gefinancierd met geldleningen, die qua looptijd zoveel mogelijk overeenstemmen met de levensduur van de activa. Gezien de aard en activiteiten van De Connectie is het risicoprofiel beperkt. Omslagrente In de BBV is een wijziging doorgevoerd ten aanzien van het berekenen van de omslagrente. De omslagrente wordt berekend door de werkelijke aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. De omslagrente moet vervolgens op consistente en eenduidige wijze worden toegerekend aan de individuele activa. Het bij de begroting gecalculeerde omslagrentepercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond. In de MJPB 2020-2024 is gerekend met een omslagrente van 1%. Leningenportefeuille Looptijd jaren Verloopoverzicht leningen BNG 40.111.749 BNG 40.111.751 BNG 40.111.752 BNG 40.113.925 BNG 40.113.926 BNG 40.113.927 BNG 500342 BNG 526052

Beginjaar lening 3 5 10 2 4 5 <1 <1

2018 2018 2018 2020 2020 2020 2020 2020

Eindjaar lening

Rente

2021 2023 2028 2022 2024 2025 2020 2021

Oorspronkelijk Saldo lening Aangetrokken Aflossing leningbedrag 31.12.2019 2020 2020 0,20% 0,51% 1,10% 0,00% 0,05% 0,10% 0,00% 0,00%

840 2.920 4.900 1.000 3.300 3.300 3.000 3.000 22.260

560 2.336 4.410 7.306

1.000 3.300 3.300 3.000 10.600

280 584 490 3.000 4.354

Saldo lening 31.12.2020 280 1.752 3.920 1.000 3.300 3.300 3.000 16.552

De realisatie laat een omslagrente van 0,61% zien. Aangezien de afwijking meer dan 25% bedraagt, is de rentetoerekening o.b.v. de werkelijke rentelast herzien. Hiermee kan het renteresultaat op nihil worden bepaald.

32

Kasgeldlimiet Begroting Jaarrekening Begroting 2020 2020 2021 Bedragen x 1.000 euro Kasgeldlimiet Begrotingstotaal (euro's) Toegestaan kasgeldlimiet (%) Toegestaan kasgeldlimiet (euro's) Vlottende schuld Vlottende middelen Netto-vlottende schuld Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)

46.446 8,2% 3.809

51.602 8,2% 4.231

42.712 8,2% 3.502

-

3.000 10.954 -7.954

8.144 -8.144

3.809

12.185

11.646

De kasgeldlimiet geeft aan hoeveel De Connectie kort mag financieren als percentage van de begroting. De toegestane kasgeldlimiet bedraagt 8,2%2 van het begrotingstotaal. Voor 2020 betekent dit dat De Connectie gemiddeld per kwartaal, maximaal € 3,8 miljoen aan kortlopende gelden mag opnemen. Komt de netto vlottende schuld voor een periode langer dan één kwartaal boven dit bedrag, moet dit worden omgezet in een langlopende geldlening. De toegestane kasgeldlimiet wordt niet overschreden, maar biedt nog voldoende ruimte voor kortlopende financiering. Onderstaande tabel specificeert het gemiddelde bedrag per kwartaal van de netto vlottende schuld. Bedragen x 1.000 euro Netto-vlottende schuld gemiddeld per kwartaal Vlottende schuld Vlottende middelen Netto-vlottende schuld

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

1.200 9.041 -7.841

1.800 10.307 -8.507

10.604 -10.604

Kwartaal 4

500 10.371 -9.871

Renterisiconorm De renterisiconorm is een instrument voor de beheersing van het risico van een rentewijziging bij herfinanciering. Over de langlopende schuld mogen de jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen niet meer bedragen dan 20%3 van het begrotingstotaal. Begroting Jaarrekening 2020 2020

2021

Meerjarenraming 2022 2023

2024

Bedragen x 1.000 euro Renterisiconorm Toegestaan renterisico (%) Toegestaan renterisico (euro's)

20% 9.289

20% 10.320

20% 8.504

20% 8.422

20% 8.359

20% 8.212

Bedrag waarover renterisico wordt gelopen

1.354

1.354

3.339

3.059

2.559

1.975

Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)

7.935

8.966

5.165

5.363

5.800

6.237

Het renterisico wordt bepaald door het bedrag van de jaarlijkse aflossing op de huidige leningenportefeuille. In 2020 is er beperkt renterisico gelopen; er is sprake geweest van langlopende (her)financiering. De renterisiconorm zal ook de komende jaren niet worden overschreden.

2 Art 2 lid 1d uitvoeringsregeling wet FIDO

3 Art 2 lid 2d uitvoeringsregeling wet FIDO 33

1.3.3.

Bedrijfsvoering

In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de stand van zaken en de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering van De Connectie zelf wordt ten dele verzorgd door medewerkers van het bedrijfsbureau. Daarnaast maakt De Connectie gebruik van de diensten van haar eigen afdelingen. De beleidsvoornemens leiden tot concrete resultaten die worden benoemd in het programma Bedrijfsvoering. Om tekstherhalingen te voorkomen, wordt hierbij dan ook verwezen naar dit programma. Organisatiestructuur Medio 2019 is de sturingsfilosofie van De Connectie aangepast. Een belangrijk onderdeel van deze aanpassing was het invoegen van een extra laag leidinggevenden (teamleiders) in de organisatiestructuur. Hierdoor is de span of attention voor de leidinggevenden beter in balans gekomen. De afdeling Belastingen en de afdeling Basisregistratie en de afdeling Inkoop en Aanbestedingen en de afdeling Administratie en Beheer zijn samengevoegd. Het samenvoegen van deze afdelingen draagt bij aan het optimaliseren van de dienstverlening. Het doel van de sturingsfilosofie is om De Connectie een toekomstbestendige organisatie te maken met een adequate dienstverlening in nauwe samenwerking met de deelnemende organisaties.

Dit doel kan worden versterkt door naast uitvoerende capaciteit ook (beleids-)adviserende capaciteit op de verschillende vakgebieden binnen De Connectie te realiseren. Het ontvlechten van (beleids-) adviserende capaciteit uit de deelnemende organisaties is complex en een proces in ontwikkeling. Sturing op het bedrijfsplan Het realiseren van het bedrijfsplan gebeurt onder regie van de directie. De afdelingen hebben ROP’s (Resultaat- en ontwikkelplannen) opgesteld waarin de activiteiten zijn benoemd die bijdragen aan de realisatie van de opgaven. Het management van De Connectie geeft gezamenlijk sturing aan deze realisatie onder regie van de directie. In 2020 is het eerste deel van het Ontwikkelperspectief 20202024 aan de raden aangeboden. Dit beschrijft de richting en geeft inzicht in de eerste stappen die gezet worden richting een servicegerichte organisatie. In het tweede deel wordt hier samen met de gemeenten, op basis van de visie die gemeenten hebben op de dienstverlening van De Connectie en de aanbevelingen uit de evaluatie van De Connectie door bureau Berenschot, nader invulling aan gegeven. Dit wordt de opvolger van het bedrijfsplan 2017-2020 waarmee De Connectie in 2017 van start is gegaan. Personeelsbeleid Bij de vormgeving van het P&O-beleid staat het ontwikkelen van kansen voor medewerkers centraal. Hiertoe kent De Connectie het programma Leren & Ontwikkelen.

Dit programma heeft als doel om invulling te geven aan de ‘K’ van Kansen en om de organisatieontwikkeling te ondersteunen. Uitgangspunt daarbij is om het leren te koppelen aan de dagelijkse praktijk van de medewerker. De Connectie geeft ruimte en verantwoordelijkheid en investeert in mensen. Omgekeerd zijn de medewerkers zich bewust van hun talenten en competenties (en die van elkaar) en blijven die ontwikkelen om de dienstverlening van De Connectie te optimaliseren. Het doel is dat iedereen zoveel mogelijk op de juiste plek zit. Hoe meer het werk past bij iemands talenten en ambitie, hoe groter het werkplezier en hoe beter de prestaties. Medewerkers en managers kijken samen wat de juiste plek is voor de medewerker en hoe daar te komen. Daarnaast willen we ook inzetten op de ontwikkeling van medewerkers wiens functies en rollen veranderen of zelfs helemaal verdwijnen.

34

Er wordt gestuurd op duurzame inzetbaarheid van mensen. Onder andere door leren en ontwikkelen, ruimte en verantwoordelijkheid en vitale medewerkers. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van managers door teamgerichte trainingen en maatwerkafspraken. De opgave waar De Connectie voor staat, vraagt om een kostenefficiënte organisatie die mee kan bewegen de ontwikkelingen aan de vraagkant. Om continuïteit én flexibiliteit te garanderen, is vacatureruimte waar nodig en mogelijk flexibel ingevuld. Personeel Administratie en Beheer en I&A Bedrijfsbureau Belastingen en basisregistratie Documentaire informatievoorziening Facilitaire zaken en Frontoffice ICT Management Support Totaal

Begroting 2020 in fte's 57,52 16,90 63,14 36,46 44,30 82,16 50,66 351,14

Realisatie 2020 in fte's 54,06 12,55 53,78 35,15 39,58 76,90 48,53 320,56

De vakafdelingen en het Bedrijfsbureau van de Connectie tellen samen tot een begrote formatie van 351,14 fte in 2020. De realisatie van de vaste bezetting is 320,56 fte. Hiermee is de vaste bezetting toegenomen van 87% in 2019 naar 91% in 2020. Administratieve organisatie Het is van belang om processen goed vast te leggen en te formaliseren. Deze professionaliseringslag van de administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB) laten wij gelijk op lopen met de met de harmonisatie en standaardisatie van de processen zoals deze zijn overgekomen van de gemeenten. De opzet, het bestaan en de werking van de interne controles in financiële werkprocessen zal worden getoetst door een externe auditor. Hierbij wordt jaarlijks een ISAE 3402, type 2 verklaring afgegeven. Hiermee toont De Connectie aan in hoeverre zij voldoet aan de gestelde eisen. ISAE 3402 is een internationale standaard die door de nationale beroepsorganisaties wordt gehanteerd. Dit maakt dat de accountants van de klantorganisaties kunnen steunen op deze verklaring. Dit leidt tot een efficiënt controleproces bij zowel De Connectie, als bij de klantorganisaties. Finance & control De Connectie wil continu en aantoonbaar in control zijn. Dit blijkt onder andere uit het tijdig beschikbaar stellen van rapportages in het kader van de beleidscyclus, die worden gekenmerkt door eenvoud en een hoge informatiewaarde.

De producten en diensten van De Connectie moeten transparant zijn geprijsd, zodat gemeenten weten hoe de integrale kostprijs voor geleverde producten en diensten tot stand is gekomen. Daarnaast kunnen de financiële effecten van volumeontwikkelingen zo eenvoudig worden bepaald. Informatievoorziening en business-intelligence De Connectie hecht belang aan een regionale Informatiestrategie. De I-visie van De Connectie zal hierop worden bijgesteld, zodat er een congruent geheel ontstaat. Op het gebied van Business Intelligence (BI) wordt geleidelijk een goed functionerend stelsel van kritische performance indicatoren (KPI’s) opgebouwd. Een expliciete rol voor BI ligt hierbij in het ontsluiten van deze data en het genereren van sturings- en verantwoordingsrapportages.

35

Informatieveiligheid en privacy Vanaf 1 januari 2020 geldt de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), die de verouderde Baseline Informatiebeveiliging Gemeenten opvolgt. De basis voor de in de BIO voorgestelde aanpak is het uitvoeren van risicoanalyses en het op basis daarvan nemen van maatregelen. Er is een aanzet gegeven om te komen tot een nieuw regionaal strategisch informatiebeleid. Dit beleid vormt, wanneer deze in 2021 is vastgesteld, samen met de ISO27001 standaard voor informatiebeveiliging, een belangrijk kader voor de te nemen maatregelen. Business continuity management (BCM) Door het inrichten en implementeren van een business continuity management system (BCMS) kan de bedrijfscontinuïteit worden geborgd. Doel is de instandhouding en continue verbetering van processen en maatregelen die nodig zijn voor het realiseren en borgen van de continuïteit van onze bedrijfsvoering. De Connectie implementeert een BCMS conform de NEN-EN-ISO 22301:2019 standaard. Doel is momenteel niet om tegen deze norm te certificeren, maar om BCM naar een hoger volwassenheidsniveau te brengen. Huisvestingsbeleid De Connectie maakt in eerste instantie gebruik van de huisvesting van de gemeenten Arnhem, Renkum en Rheden. Hiervoor zijn huurovereenkomsten gesloten tussen De Connectie en de gemeenten. Hierin zijn zowel het aantal werkplekken als de prijs per werkplek in opgenomen.

Het huisvesten van De Connectie op drie verschillende locaties is niet ideaal en gaat ten koste van de ambities ten aanzien van het werken aan uniformiteit en integraliteit. De Connectie heroverweegt huisvesting en betrekt daarbij de huisvestingsvraagstukken van de drie gemeenten. Juridische zaken De Connectie hecht er groot belang aan om zich zeker te stellen dat ze voldoet aan alle vigerende weten regelgeving. Indien De Connectie niet compliant is, kan dit financiële-, juridische- en imagorisico’s met zich meebrengen. Derhalve is het beleid erop gericht om permanent actueel inzicht te hebben in de vigerende wet- en regelgeving en de naleving hiervan cyclisch te borgen. Communicatie De Connectie kent drie pijlers op het gebied van communicatie; corporate- interne- en marketingcommunicatie. Deze worden zowel offline als online toegepast. De relatie en dialoog met opdrachtgevers en klanten staat centraal. De interne communicatie richt zich op medewerkers om hen te informeren en te verbinden. Door hen te enthousiasmeren, te faciliteren en waar mogelijk deelgenoot te maken van het proces wordt de organisatiecultuur van De Connectie versterkt.

36

1.3.4.

Coronacrisis

De gevolgen van de coronacrisis zijn niet aan één programma of taakveld te koppelen. Derhalve is hier, naar aanleiding van notitie die hierover is uitgebracht door de Commissie BADO4, een aparte paragraaf voor opgenomen in deze jaarstukken. Op deze wijze kan één integraal overzicht worden geboden van de gevolgen van de coronacrisis op onze dienstverlening en op de interne organisatie. De gevolgen van de crisis voor de doelstellingen uit het programmaplan zijn aldaar nader toegelicht. Gevolgen voor onze dienstverlening De coronacrisis heeft een grote impact gehad op de organisatie en dienstverlening van De Connectie. Als gevolg van de intelligente lockdown werkten plotsklaps grotendeels alle gebruikers van onze systemen vanuit huis. De focus lag in het prille begin van de crisis dan ook op het borgen van de continuïteit. We hebben daarvoor bijvoorbeeld bandbreedte van communicatielijnen moeten verruimen. Vervolgens is alles op alles gezet om de gebruikers goed te faciliteren in hun thuiswerkplek. Er zijn grote aantallen authenticatiemiddelen, laptops en mobiele telefoons aangeschaft, gebruiksklaar gemaakt en uitgeleverd aan onze gebruikers. De Connectie was niet het enige bedrijf dat op dat moment deze middelen nodig had. Het inzicht in voorraad en leveringstijden was daarom beperkt.

Om die reden is er Connectie-breed gekozen om een dagelijkse (daarna wekelijkse) update te doen van de stand van zaken. Tegelijkertijd is De Connectie succesvol geweest in de versnelde uitrol van Microsoft Teams. Daardoor is het mogelijk om beter op afstand met elkaar samen te werken door onder andere de mogelijkheid tot videobellen, chat en inzicht in elkaars aanwezigheid. Het team Facilitaire Zaken is in de eerste weken van de coronacrisis vooral bezig geweest met het aanpassen van de dienstverlening; de bedrijfsrestaurants gingen dicht, de schoonmaakwerkzaamheden werden geïntensiveerd etc. Dit vroeg veel afstemming met de gemeenten, maar ook met contractpartners. Door de goede werkrelatie met leveranciers en de korte lijnen met de demandmanagers, kon snel worden geschakeld. Rond de zomer stonden de werkzaamheden vooral in het teken van de inrichting van het “1,5 meter kantoor”. De coronacrisis is ook van invloed geweest op de dienstverlening van de afdeling DIV. Het fysieke archiefbeheer kon tijdelijk slechts ten dele worden uitgevoerd. Met de vrijgekomen uren heeft DIV extra werkzaamheden kunnen uitvoeren, zoals de inrichting en registratie van TOZO-aanvragen (Tijdelijke overbruggingsregeling voor zelfstandige ondernemers).

Bij de afdeling Belastingen is bij de start van de coronacrisis in overleg met de gemeenten een portaal ingericht waarop ondernemers uitstel van belastingen kunnen aanvragen. Gevolgen voor ons personeel Om een duidelijk beeld te krijgen van de effecten van de coronacrisis op de medewerkers, is De Connectie vrij snel na de start van de crisis begonnen met een medewerkeronderzoek (Covid-meting) gericht op de corona situatie. Deze meting heeft inmiddels meerdere malen plaatsgevonden en geeft een duidelijk beeld hoe medewerker binnen de Connectie de coronacrisis beleven. Tijdens de eerste metingen is vooral veel lof geuit over de manier van communiceren, het vertrouwen dat medewerkers kregen om ook vanuit een thuissituatie hun rol te pakken en het beschikbaar maken van IT-middelen.

4 Commissie Bedrijfsvoering, Auditing Decentrale Overheden

37

Aandachtspunten zijn vanaf het begin de zorg contact te blijven houden met het werk en elkaar en de vraag wat er qua productiviteit werd verwacht. De laatste meting laat zien dat de focus weer naar iets langere termijn wordt geschoven en medewerkers met name met vragen zitten over inrichting van hun thuiswerkplek, het veilig op locatie werken en wat de impact van corona is op de doelstellingen van het team en hun werk. Om contact te houden met elkaar en het werk zijn een aantal teams gestart met een “teamdialoog” om zo binnen de teams thema’s als resultaten en vitaliteit te bespreken. Ook is er aandacht besteed aan vitaliteit door online een aantal, speciaal voor de Connectie gemaakte filmpjes te plaatsen, met als onderwerp bv mentaal fit blijven of omgaan met stress. Financiële effecten Sinds de uitvraag van de crisis worden de kosten die hieraan gerelateerd zijn apart geregistreerd. Een uitzondering hierop vormt de uitgifte van mobiele devices via het reguliere aanvraagproces. Daarvan wordt bij de aanvraag niet geregistreerd of ze al dan niet corona-gerelateerd zijn. Er is een algemeen vigerende afspraak dat de gemeenten alle meerkosten als gevolg van de crisis op zich nemen. Specifiek voor één gemeente gemaakte kosten worden daarbij direct aan desbetreffende gemeente doorberekend. De kosten van generieke voorzieningen worden door middel van de verdeelsleutel toegerekend.

Over de feitelijke kostenontwikkeling zijn het bestuur en de gemeenten tussentijds geïnformeerd. Er is, in beperkte mate, ook sprake van minderkosten. Daarbij moet vooral worden gedacht aan de financiële effecten van het niet doorgaan van evenementen. Onder de overige dienstverlening liggen veelal contractuele verplichtingen waardoor deze ingeval van minder gebruik niet meteen leidt tot lagere kosten. Alle in 2020 gemaakte meer- en minderkosten, op exploitatiebasis per saldo € 875.000, zijn ook feitelijk aan het eind van het jaar met de gemeenten verrekend. Structurele doorwerking De Connectie heeft in 2020 aanvullende werkzaamheden verricht als gevolg van de Coronacrisis. Een deel van de kosten hiervan lopen structureel door naar 2021. Hierbij valt te denken aan de kapitaalslasten voor de extra uitgegeven mobiele devices en de meerkosten van aanpassingen in de GEMICT-werkomgeving. Als gevolg hiervan nemen de kosten op structurele basis toe. Specifiek voor één klant gemaakte kosten worden direct aan desbetreffende klant doorberekend. De kosten van generieke voorzieningen worden door middel van de verdeelsleutel toegerekend. Risico’s Het risico bestaat dat er vanaf 2021 nog extra kosten gemaakt moeten worden, bijvoorbeeld door het team Belastingen voor de uitbreiding van de invorderingsacties en de verwerking van meer kwijtscheldingsverzoeken.

Een mogelijk neveneffect hiervan is dat de opbrengsten uit dwanginvordering zullen afnemen. Ook heeft Het team belastingen heeft in 2020 niet alle (bezwaar)processen kunnen afronden van dat jaar. Hiermee wordt het risico gelopen op een verschuiving van uit te keren proceskostenvergoedingen naar 2021. Daarnaast moet een disclaimer worden gemaakt voor het risico van ‘verborgen kosten’ die deze crisis met zich mee brengt. Onze eigen medewerkers hebben in 2020 ruim 3.700 uur ingezet in het kader van deze crisis. Deze uren konden derhalve niet worden ingezet voor de uitvoering van geplande projecten en activiteiten voor 2020. Bij het hervatten van deze projecten bestaat het risico dat deze niet meer uit de reguliere capaciteit kunnen worden bekostigd. In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat het werk minder efficiënt kan worden uitgevoerd als gevolg van de coronacrisis. Ook is het nog onzeker hoe de crisis verder zal verlopen en wat de mogelijke (financiële) impact hiervan is. Bovenstaande risico’s komen evenwel tot uitdrukking in het risicoprofiel. 38

2. Jaarrekening 2.1

Overzicht van balans en toelichting

2.1.1

Balans per 31 december 2020

ACTIVA

PASSIVA 31.12.2019

Bedragen x 1.000 euro Vaste activa Materiele vaste activa (ec.nut) Financiele vaste activa - Uitzettingen met een rentetypische looptijd > 1 jr.

31.12.2020

11.704 1 1

-

31.12.2019

Vaste passiva 12.863 Eigen vermogen - Algemene reserve - Bestemmingsreserve effecten soc. plan - Bestemmingsreserve Veranderopgave - Bestemmingsreserve Veranderopgave BR - Bestemmingsreserve ICT - Resultaat voor bestemming

2.365 464 394 1.506

Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's

Totaal vaste activa Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar - Uitzettingen in 's Rijks schatkist - Vorderingen op openbare lichamen - Overige vorderingen

Netto vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jr - Onderhandse leningen 12.863 Totaal vaste passiva

11.705

11.828 8.835 2.921 73

10.900 4.061 47

Vlottende passiva 15.008 Netto vl. Schulden met een rentetypische looptijd < 1 jr - Onderhandse leningen - Schulden aan openbare lichamen - Overige schulden

31.12.2020

135 309 376 150 196 -896

184

138

7.306

13.552

7.306

13.552 9.855

13.825

11.466

6.317

10.658 808

3.000 3.037 280

Liquide middelen

37

54

Overlopende activa

3.954

6.778 Overlopende passiva

6.203

14.561

Totaal vlottende activa

15.819

21.841 Totaal vlottende passiva

17.669

20.879

TOTAAL ACTIVA

27.524

34.704 TOTAAL PASSIVA

27.524

34.704

39

2.1.2

Toelichting op de balans

Vaste activa Materiële vaste activa Boekwaarde 31.12.2019 Bedragen x 1.000 euro Materiële vaste activa met economisch nut Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal

Investeringen

119 9.716 1.869 11.704

25 4.169 183 4.377

Desinvesteringen Afschrijvingen

-

-39 -2.847 -332 -3.218

Boekwaarde 31.12.2020

105 11.038 1.720 12.863

De investeringen in 2020 zijn met name gedaan in hardware, die hoofzakelijk voortkomen uit de programma’s 1!Connect en 2!Connect (€ 1,8 mln.). Daarnaast is er, voornamelijk als gevolg van de coronacrisis, fors geïnvesteerd in mobiele devices (€ 2,1 mln.). Overige investeringen in hardware hebben met name betrekking op de afronding van de implementatie van het nieuwe financieel systeem (€ 214.000) De investeringen in de inrichting van gebouwen en inventaris betreft het overnemen van het bestaande meubilair van de gemeente Rheden (€ 183.000). Per 31 december 2019 stond er voor € 1,8 mln. aan onderhanden activa. De onderhanden activa per 31 december 2020 bedraagt € 1,6 mln. Deze maakt deel uit van de totale boekwaarde per 31 december 2020, maar hierover wordt pas afgeschreven wanneer de activa in gebruik wordt genomen. Financiële vaste activa De financiële vaste activa bestond uit een restantbedrag dat aan medewerkers is verstrekt in het kader van het fietsplan. Per ultimo 2020 is deze post nihil. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd van < 1 jaar Boekwaarde 31.12.2019 Bedragen x 1.000 euro Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Uitzettingen in 's Rijks schatkist Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Totaal

8.835 2.921 73 11.828

Boekwaarde 31.12.2020

10.900 4.061 47 15.008

Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Voor het schatkistbankieren is een drempelbedrag ingesteld. Dit drempelbedrag is ingesteld om te voorkomen dat elke dag alle positieve banksaldi afgeroomd moeten worden naar nihil. Het drempelbedrag is vastgesteld op 0,75% van het begrotingsbedrag. Voor De Connectie is dit voor 2020 een bedrag van € 348.000 per dag. Het meerdere dient te worden afgestort naar Rijksschatkist.

40

Onderstaande tabel specificeert het gemiddelde bedrag per kwartaal dat buiten Rijksschatkist is aangehouden. Kwartaal 1 Bedragen x 1.000 euro Middelen buiten 's Rijks schatkist Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

Kwartaal 2

244 348 104 -

Kwartaal 3

208 348 140 -

Kwartaal 4

146 348 202 -

140 348 209 -

Er is geen sprake van overschrijding van het drempelbedrag. Middelen boven het drempelbedrag worden dagelijks afgestort. De uitzettingen in ’s Rijksschatkist bedragen per ultimo 2020 € 10,9 mln.

Vorderingen op openbare lichamen Arnhem Bedragen x 1.000 euro Vorderingen op openbare lichamen Vorderingen gemeenten: - Bijdrage 1e kwartaal 2021 - Afwikkeling saldobevestiging 2019 - Maat- en meerwerk - Overig

Renkum

190 27 217

Overige vorderingen op openbare lichamen

Boekwaarde 31.12.2020

Rheden

1.274 70 36 1.380

2.035 19 152 11 2.218

3.309 89 378 38 3.814 247 4.061

De vorderingen op openbare lichamen bestaan hoofdzakelijk uit de in 2020 gefactureerde bijdrage over het eerste kwartaal van 2021. De overige vorderingen betreffen vooral gefactureerd maat- en meerwerk. Een klein deel van de vorderingen heeft nog betrekking op de afwikkeling van de saldobevestiging over 2019. De overige vorderingen op openbare lichamen bestaat goeddeels uit de nog te ontvangen bijdrage voor het 4e kwartaal van de ODRA. Overige vorderingen De overige vorderingen bestaan uit privaatrechtelijke debiteuren.

41

Liquide middelen Boekwaarde 31.12.2019 Bedragen x 1.000 euro Liquide middelen Banksaldo Totaal

Boekwaarde 31.12.2020

37 37

54 54

Het saldo liquide middelen per ultimo 2020 bestaan enkel uit banksaldi. De Connectie houdt geen middelen in kas. Overlopende activa Arnhem Bedragen x 1.000 euro Overlopende activa Nog te ontvangen bijdragen gemeenten: - Maat- en meerwerk - Corona meerkosten - Meerkosten post - Opbrengsten belastinginvordering - Kaderwijziging Basisregistraties - Opbrengsten derden via gemeenten - Detacheringen

Vooruitbetaalde kosten Nog te ontvangen omzetbelasting Overig n.t.o.

Renkum

1.188 572 170 314 98 210 46 2.598

Boekwaarde 31.12.2020

Rheden

116 120 26 35 65 361

317 182 41 31 571

1.620 875 237 380 162 210 46 3.530 2.898 330 20 6.778

De nog te ontvangen bijdragen van gemeenten bestaan onder meer uit, op balansdatum nog te factureren, bijdragen voor overeengekomen maat- en meerwerk. Ook de meerkosten als gevolg van de coronacrisis zijn, conform afspraak, na de afsluiting van het boekjaar bij de gemeenten in rekening gebracht. Daarnaast moeten de kosten van autonome prijsontwikkelingen en de opbrengsten uit invorderingsactiviteiten voor de belastingen nog met de gemeenten worden verrekend. De vooruitbetaalde kosten hebben hoofdzakelijk betrekking op vooruitbetaalde licentiekosten voor ICT-toepassingen. De nog te ontvangen bijdragen hebben betrekking op nog te factureren diensten aan derden.

42

Vaste passiva Eigen vermogen Boekwaarde 31.12.2019 Bedragen x 1.000 euro Eigen vermogen Algemene Reserve Bestemmingsreserve Effecten sociaal plan Bestemmingsreserve Veranderopgave Bestemmingsreserve Veranderopgave Basisregistraties Bestemmingsreserve Opgave ICT Resultaat voor bestemming Totaal

464 394 1.506 2.365

ResultaatToevoegingen Ontrekkingen bestemming

206 290 257 753 1.506

206 155 309 107 557 1.506 2.840

-896 -896

Boekwaarde 31.12.2020

309 376 150 196 -896 135

Algemene reserve Bij het vaststellen van de jaarstukken 2019 heeft het bestuur besloten dat € 206.000 van het resultaat terugvloeit naar de gemeenten. Deze mutatie loopt de algemene reserve waaruit deze terugbetaling weer uit is onttrokken. Bestemmingsreserve Effecten sociaal plan Vanaf ultimo boekjaar 2017 beschikt De Connectie over een bestemmingsreserve voor de financiële effecten van het sociaal plan. De bestemmingsreserve is bedoeld om de toekomstige kosten van (spaar-)verlof, salarisgaranties en persoonlijke toelagen te kunnen dekken. De rechten die door het sociaal plan zijn meegekomen naar De Connectie zijn door de gemeenten in 2017 ineens afgekocht voor een periode van 5 jaar. Verwacht wordt dat de onttrekking aan deze bestemmingsreserve hier gelijke tred mee houdt en is dus ook als zodanig verwerkt. Bestemmingsreserve Veranderopgave Het saldo in de bestemmingsreserve Veranderopgave ad. € 394.000 per ultimo 2019 is, conform bestuursbesluit, ingezet voor de afronding van de implementatie van het nieuw financieel systeem. Ultimo 2020 is hier nog € 85.000 van beschikbaar. Bij het vaststellen van de jaarstukken 2019 heeft het bestuur besloten € 290.000 van het resultaat toe te voegen aan de bestemmingsreserve Veranderopgave. Van dit bedrag is € 270.000 bestemd voor de kosten van personele fricties i.r.t. de veranderopgave van De Connectie.

Daarnaast is € 20.000 bestemd voor de pilot robotisering van de afdeling DIV. De inzet van deze bedragen is voorzien in 2021. Bestemmingsreserve Veranderopgave Basisregistraties Het bestuur heeft in 2019 een bestemmingsreserve ingesteld om middelen beschikbaar te houden voor de uitvoering van de Plan van aanpak voor het team Basisregistraties. Bij de resultaatbestemming 2019 heeft het bestuur besloten hier bedrag van € 257.000 aan toe te voegen. Hiervan is in 2020 een bedrag van € 107.000 besteed. Het saldo per ultimo 2020 van deze reserve bedraagt € 150.000. Bestemmingsreserve Opgave ICT Bij de resultaatbestemming 2019 is besloten om € 753.000 toe te voegen aan de bestemmingsreserve Opgave ICT. Hiervan is € 105.000 ingezet als voor de dekking van de kosten voor de afronding van het Programma 1!Connect en € 452.000 als bijdrage in de kosten van het programma 2!Connect (zie paragraaf 2.2.2.).

43

Het resultaat voor bestemming bedraagt € 896.000 nadelig. Het grootste deel van het resultaat wordt verklaard door incidenteel gemaakte kosten voor de Opgave ICT. De uitvoering van dit programma loopt voor op de (begrote) fasering, waardoor er incidenteel hogere kosten worden gerealiseerd. Daarnaast is een verschuiving zichtbaar van investeringsprojecten naar exploitatieprojecten. Ook dit leidt tot een eenmalige extra last in de exploitatie. De uitvoering van het totale programma valt nog steeds binnen het kader plaats. Voorzieningen Boekwaarde 31.12.2019 Bedragen x 1.000 euro Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Totaal

Boekwaarde 31.12.2020

Toevoegingen Ontrekkingen

184 184

-

46 46

-

138 138

-

In 2019 is er een dotatie aan de voorziening gedaan in verband met een verlieslatende leaseovereenkomst. Aan de voorziening zal, in lijn met de resterende leasetermijnen, in 4 gelijke jaarlijkse termijnen worden onttrokken. Netto vaste schulden met een rentetypische looptijd van > 1 jaar Boekwaarde 31.12.2019

Boekwaarde 31.12.2020

7.306 7.306

13.552 13.552

Bedragen x 1.000 euro Netto vaste schuld met een rentetypische looptijd > 1 jaar Onderhandse lening

In bovenstaand overzicht is boekwaarde van langlopende leningen per ultimo 2020 weergegeven. Het verloop van deze leningen in 2020 was als volgt: Looptijd jaren Bedragen x 1.000 Verloopoverzicht leningen BNG 40.111.749 BNG 40.111.751 BNG 40.111.752 BNG 40.113.925 BNG 40.113.926 BNG 40.113.927 Totaal

Beginjaar lening

3 5 10 2 4 5

2018 2018 2018 2020 2020 2020

Eindjaar lening

Rente

2021 2023 2028 2022 2024 2025

Oorspronkelijk Saldo lening Aangetrokken Aflossing leningbedrag 31.12.2019 2020 2020

0,20% 0,51% 1,10% 0,00% 0,05% 0,10%

840 2.920 4.900 1.000 3.300 3.300 16.260

560 2.336 4.410 7.306

1.000 3.300 3.300 7.600

280 584 490 1.354

Rente 2020

Saldo lening 31.12.2020

1 9 44 2 2 58

280 1.752 3.920 1.000 3.300 3.300 13.552

Voor de financiering van de van de gemeenten overgedragen activa is begin 2018 een aantal leningen afgesloten. Om de financiering, conform de vastgestelde uitgangspunten, aan te laten sluiten op het boekwaardeverloop van de materiele vaste activa was in 2020 een inhaalfinanciering nodig van € 5,1 mln. Daarnaast is rekening gehouden met de financiering voor geplande investeringen voor het eerste kwartaal van 2020. Dit heeft geleid tot het aantrekken van een drietal nieuwe leningen met een totale waarde van € 7,6 mln. Op de al lopende leningen is conform aflossingsschema afgelost.

44

Vlottende passiva Netto vlottende schuld met een rentetypische looptijd van < 1 jaar

Bedragen x 1.000 euro Netto vlottende schuld met een rentetypische looptijd < 1 jaar Onderhandse lening Schulden aan openbare lichamen - Crediteuren publiekrechtelijk - Overige schulden aan openbare lichamen

Boekwaarde 31.12.2019

Boekwaarde 31.12.2020

10.658

3.000 3.037

10.387 270

Overige schulden - Crediteuren privaatrechtelijk - Overig

2.735 302

809 -1 11.466

280 6.317

Onderhandse lening In 2020 is een kasgeldlening aangegaan met een looptijd van een half jaar ten behoeve van de financiering van de dagelijkse activiteiten. Schulden aan openbare lichamen Arnhem Bedragen x 1.000 euro Schulden aan openbare lichamen Schulden gemeenten: - Vooruitgefactureerde bijdrage 1e kwartaal 2021

Overig schulden aan openbare lichamen

Renkum

-

Boekwaarde 31.12.2020

Rheden

1.053 1.053

1.682 1.682

2.735 2.735 302 3.037

De schulden aan openbare lichamen bestaan uit in 2021 in rekening gebrachte voorschot voor het eerste kwartaal 2021, welke per balansdatum nog niet waren verrekend. De overige schulden aan openbare lichamen hebben betrekking op nog te betalen pensioenlasten. Overige schulden De overige schulden bestaan uit privaatrechtelijke crediteuren.

45

Overlopende passiva Arnhem Bedragen x 1.000 euro Overlopende passiva Nog te betalen aan gemeenten: - ICT facturen bij gemeenten - DVO gemeente Arnhem - Kaderwijziging Basisregistraties - Minderwerk - Minderkosten huisvestingslasten - Terugbetaling transitiebudget 2020 - Terugbetaling resultaat 2019 - Factuur huisvestingslasten - Vooruitontvangen bijdrage 1e kwartaal 2021 - Overig

Af te dragen loonheffing Nog te betalen inhuur Af te dragen omzetbelasting Rente leningen Nog te betalen accountantskosten Nog te betalen facilitaire voorzieningen Overig

Renkum

365 82 164 1.491 152 7.210 11 9.474

Boekwaarde 31.12.2020

Rheden

23 226 21 221 7 499

41 162 362 35 25 625

41 365 162 106 164 2.079 207 221 7.210 43 10.598 1.401 798 1.511 48 30 151 24 14.561

De nog te betalen bedragen aan de gemeenten bestaan uit verschillende posten. De grootste heeft betrekking op de vooruit ontvangen bijdrage van de gemeente Arnhem voor het eerste kwartaal van 2021. Daarnaast heeft een belangrijk aandeel hiervan betreft de begrote terugbetaling van het transitiebudget 2020 (zie paragraaf 2.1.3). De vordering van de gemeente Arnhem op De Connectie betreft de verschuldigde bedragen voor de overeengekomen dienstverlening van de gemeente Arnhem aan De Connectie. Hierbij valt te denken aan het gebruik van gemeentelijke applicaties door De Connectie, maar ook voor ondersteuning op het gebied van juridisch advies en informatieveiligheid. Naast de nog af te dragen loonheffing bestaan de overlopende passiva verder uit in 2021 ontvangen facturen die betrekking hebben op 2020.

46

2.1.3

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

Belangrijke niet uit de balans blijkende verplichtingen zijn te onderscheiden naar verplichtingen met betrekking tot het transitiebudget en verplichtingen die voortkomen uit langlopende contracten. Transitiebudget In het bedrijfsplan zijn afspraken gemaakt over het budget voor de oprichting van De Connectie. Ten behoeve van de start van De Connectie is een transitiebudget beschikbaar gesteld van € 4,4 mln. Deze middelen zijn nodig voor de ontvlechting van de afdelingen uit de drie gemeenten en voor de vorming van de nieuwe organisatie. Taakstellend moet De Connectie in eerste instantie het transitiebudget van € 4,4 mln. incidenteel hebben terugverdiend. Hiermee ontstaat een terugbetalingsverplichting aan de drie gemeenten vanuit het resultaat van De Connectie voor het saldo tussen het ontvangen en afgeloste deel. Per ultimo 2019 was er voor € 4,25 mln. aan voorschotten ontvangen en conform begroting € 1,47 mln. afgelost. De niet uit de balans blijkende verplichting bedroeg per ultimo 2019 derhalve € 2,78 mln. In 2020 is € 2,08 mln. transitiebudget terugbetaald. De niet uit de balans blijkende verplichting bedraagt per ultimo 2020 derhalve € 0,7 mln. Vaste telefonie De Connectie is via de VNG deelnemer in het contract voor de vaste telefonie. In een brief van de VNG d.d.

9 november 2020 is gecommuniceerd dat het contract met de leverancier is ontbonden omdat niet aan de eisen van de Raamovereenkomst en nadere overeenkomsten werd voldaan. In dat kader wil VNG zodra dat mogelijk is in onderhandeling gaan met de leverancier over de ‘ongedaanmakingsverplichting’ en vergoeding van geleden schade. Onderdeel van de ongedaanmaking is bijvoorbeeld het door deelnemers teruggeven van door de leverancier geleverde apparatuur en door de leverancier terugbetaling van de voor de apparatuur ontvangen bedragen. VNG zal deze informatie gebruiken voor het afhandelen van de ongedaanmakingsverplichting en voor het vorderen van schadevergoeding. Langlopende contracten Naam leverancier PostNL Asito Trigion beveiliging B.V. Gouw IT Econocom NL Vitam Vosko/ Conscia Asito Appel

Contract Item Postverzending Schoonmaak Arnhem Beveiliging Belastingapplicatie GemLease Catering Arnhem Onderhoud en beheer netwerk Schoonmaak Renkum Catering Rheden

Contractwaarde 1.983.333 1.776.143 1.302.774 699.788 928.596 352.083 639.944 460.948 230.208

Het bestuur heeft in de financiële verordening geen nadere eisen gesteld ten aanzien van grensbedragen voor deze verplichtingen. Weergegeven zijn contracten met een initieel resterende looptijd van minimaal 2 jaar met een totale contractwaarde hoger dan het drempelbedrag voor Europese aanbestedingen (€ 214.000).

47

2.2

Overzicht van baten en lasten en toelichting

2.2.1

Overzicht van baten en lasten Begroting 2020

Bedragen x 1.000 euro PROGRAMMA BEDRIJFSVOERING GEMEENTEN Lasten Baten Saldo PROGRAMMA BELASTINGEN GEMEENTEN Lasten Baten Saldo PROGRAMMA BEDRIJFSVOERING DE CONNECTIE Lasten Baten Saldo ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN EN ONVOORZIEN Lasten Baten Saldo Totaal lasten Totaal baten SALDO BATEN EN LASTEN Reserves toevoeging Reserves onttrekking Totaal mutaties in reserves RESULTAAT

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=33d310e1-c461-42b8-9789-09a5b2fd85ea