CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief NRD - Nota Beantwoording Zienswijzen NRD PlanMER RES GMR.pdf

Raadsvergadering 25 april 2023, gemeente RhedenBij agendapunt: Definitieve Notitie Reikwijdte en Detailniveau GMR RES58.196 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 7

We wijzen er graag op dat dit NRD en deze onderzoeksaanpak mede tot stand is gekomen via een drietal omgevingsdialogen, waarbij ook de GGD Zuid en de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) aanwezig waren. Een passende beoordeling op projectniveau volgt voor windprojecten bovendien in een passende m.e.r.-beoordeling of ProjectMER. Wel hebben we de vraag hoe om te gaan met windturbinenormen in dit onderzoek expliciet voorgelegd bij de commissie m.e.r.. Op basis daarvan stellen we bij wijze van gevoeligheidsanalyse voor om in het alterna ef Leefomgeving op een strengere contour van 700 meter te toetsen.

Tweede probleem is de geluidsdruk van verschillende bronnen. Bijvoorbeeld snelweg en windturbines. Het is uit uw concept rapport niet duidelijk hoe u hier mee omgaat. De geluidsnormen, die nu nog gelden waren het resultaat van een compromis tussen te verwachten schade aan de omwonenden en de mogelijkheden om nog windturbines te plaatsen. De eerste geluidsnormen zijn dan ook verlaten, omdat bleek dat met die normen er in Nederland op land slechts enkele turbines geplaatst zouden kunnen worden. Het is te verwachten, dat met het invoeren van de nieuwe normen een nieuwe afweging gemaakt zal moeten worden. Het is dan ook aan te bevelen om hierover duidelijkheid te bieden en tevoren de afwegingscriteria en hun weging vast te leggen. Met andere woorden: eerst moet duidelijk (en wetenschappelijk bewezen) worden wanneer geen schadelijke effecten op de gezondheid optreden en pas daarna worden geconcludeerd wat dat betekent voor de mogelijkheid om überhaupt nog turbines te plaatsen in Nederland.

In het milieueffectonderzoek lichten we toe wat Lden betekent, zodat dit voor de lezer meer duidelijkheid verscha . Daarnaast zullen we toelichten waarom we welke normen toepassen en hoe zich dit verhoudt tot het Ac viteitenbesluit en het onderzoek dat hier op na onaal niveau naar loopt. Het doel van het planMER is de milieueffecten op gebiedsniveau te onderzoeken. Voor dat doel achten wij het niet noodzakelijk nader onderzoek te doen naar gezondheidseffecten en cumula eve geluidseffecten. Bij concrete ini a even kan dit wel worden gedaan.

Overbetuwe

Vereniging Malle Molens Midden Betuwe

Windturbines leveren hinder. Hinder te definiëren als “ervaren nega eve gevoelens omtrent de omgeving” Hinder is niet objec ef te definiëren, maar wordt wel degelijk ervaren. Het wel duidelijk, dat hinder afneemt met de afstand tot de bron van hinder. Dit is een van de redenen waarom de de landelijk NRD word overwogen om naast de geluidsdruk ook een afstandsnorm in te voeren.

In dit NRD stellen we voor om hinder te beschouwen op basis van de normen uit het Ac viteitenbesluit.

Overbetuwe

Vereniging Malle Molens Midden Betuwe

Slagschaduw is een erkend probleem. Echter ontbreekt onderzoek hoeveel slagschaduw een mens kan verdragen. Nader onderzoek is noodzakelijk. Het zou mooi zijn, als u het slagschaduwgebied in u kaarten kunt verwerken.

In het milieueffectonderzoek wordt geen onderzoek gedaan naar slagschaduw. Dit omdat we geen specifieke loca es onderzoeken, terwijl de effecten erg loca especifiek zijn. Daarnaast is slagschaduw te mi geren.

Overbetuwe

Vereniging Malle Molens Midden Betuwe

In uw NRD wordt geen gewag gemaakt van compensa e. Althans niet van compensa e voor mensen (wel voor natuur). Een reeks nega eve aspecten van windturbines speelt hier een rol: - Verlies een landschappelijke kwaliteit - Belas ng met hoorbaar geluid - Belas ng met laagfrequent en onhoorbaar geluid - Ontbreken van rust in het landschap - Verlies aan waarden van onroerend goed - Verlies aan recrea erust - Verlies aan wooncomfort, - Etc.

In het milieueffectonderzoek worden de effecten beoordeeld. Deze kunnen zowel posi ef als nega ef zijn. Dit leidt tot een overzicht welke gebieden geschikt, niet geschikt of geschikt te maken zijn voor de ontwikkeling van windenergie en zonne-energie, maar ook voor warmte. In dit NRD stellen we voor om algemene aandachtspunten en uitgangspunten te formuleren die van belang zijn om mee te wegen in het proces rich ng de RES 2.0 en die als basis kunnen dienen voor een projectMER en/of m.e.r.-beoordeling op projectniveau en loca eniveau.

Overbetuwe

Gemeente Overbetuwe

In Overbetuwe werken we samen met inwoners, ondernemers en organisa es hard aan de transi e naar een duurzame gemeente. Grootschalige duurzame opwek van elektriciteit is daar één van de pijlers in. We voorzien ruim 600 TJ aan duurzame energie in zon en wind in de zoekgebieden in het energielandschap rond de A15, conform RES 1.0 en ‘Omgevingsvisie Overbetuwe 2040’. Een groot deel is daarvan al vergund in zonneweides. Om helderheid te creëren voor windini a even in de zoekgebieden, vinden we het belangrijk een beter zicht te krijgen op de effecten voor natuur, milieu en gezondheid. Een planMER helpt daarbij. Aan de hand van het concept ‘No e Reikwijdte en Detailniveau’, geven wij graag twee aandachtspunten mee.

Dank voor uw uiteenze ng.

Overbetuwe

Gemeente Overbetuwe

RELATIE MET ‘NATIONALE WINDTURBINE-BEPALINGEN LEEFOMGEVING’: Wij zijn blij met het voorstel om in het planMER te toetsen op normen die breder zijn dan de normen in het Ac viteitenbesluit. Door in het alterna ef ‘Leefomgeving’ (conform advies WHO) een striktere norm van 45 dB Lden te hanteren gee dit inzicht in de gevolgen op de haalbaarheid van windini a even in de regio. Daarmee is een eerste stap gezet naar mogelijke aanslui ng op toekoms ge normen in de ‘Na onale windturbinebepalingen leefomgeving’, als vervanger van het Ac viteitenbesluit.

Het na onale milieueffectonderzoek waar u aan refereert richt zich specifiek is op de windturbine-bepalingen voor de leefomgeving. Deze windturbine-bepalingen vormen haar studieobject, haar hoofdvraag. Dit in tegenstelling tot deze regionale planMER, waar de hoofdvraag zich richt op gebieden die geschikt zijn, geschikt te maken zijn, of ongeschikt zijn voor de ontwikkeling van ten minste 1,62 TWh aan duurzame elektriciteitsopwek en warmte. Het gaat daarom om wezenlijk andere milieueffectonderzoeken. Waar mogelijk sluiten we uiteraard aan bij de (tussen jdse) uitkomsten van dit landelijke onderzoek. Tegelijker jd stellen we voor om te voorkomen dat we in onze regio dubbelwerk doen ten opzichte van het na onale milieueffectonderzoek naar windturbinenormen.

Er wordt in uw NRD op geen enkele wijze duidelijk gemaakt hoe de wetgever en vergunningverlener hier mee om moet gaan.

Wij vragen hier in de regionale planMER nog meer stappen in te ze en zodat met een meer verbrede scope beter aangesloten wordt op het landelijke traject. Uit de reac enota bij de NRD voor de planMER ‘Na onale windturbinebepalingen leefomgeving’ blijkt dat er gekozen is voor een belangrijke verbreding van onderzoek naar milieuaspecten vanwege windparken. Landelijk kiest men voor een bredere onderzoeksrange voor geluidnormering, visuele hinder, afstandsnormering en slagschaduw. Ons verzoek is om ook in (de NRD voor) de regionale planMER de onderzoeksrange naar milieuaspecten in heroverweging te nemen en - in lijn met het landelijke traject uit te breiden met onderzoek naar differen a e van geluid (normering geluidsniveau en afstand), slagschaduw en visuele hinder. Zou u deze verbrede scope ook mee willen nemen in de vragen die u gaat stellen aan de Commissie m.e.r.? Zowel qua proces als inhoudelijk? Wij willen graag voorkomen dat processen een jaar s l komen te liggen totdat eind 2023 de defini eve landelijke normen in werking treden. Hoe kunnen we de regionale en landelijke processen goed op elkaar afstemmen, dingen eerder in beweging krijgen en zo meer duidelijkheid creëren voor betrokkenen?

We wijzen er graag op dat dit NRD en deze onderzoeksaanpak mede tot stand is gekomen via een drietal omgevingsdialogen, waarbij ook de GGD Zuid en de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) aanwezig waren. Een passende beoordeling op projectniveau volgt voor windprojecten bovendien in een passende m.e.r.-beoordeling of ProjectMER. Wel hebben we de vraag hoe om te gaan met windturbinenormen in dit onderzoek expliciet voorgelegd bij de commissie m.e.r.. Op basis daarvan stellen we bij wijze van gevoeligheidsanalyse voor om in het alterna ef Leefomgeving op een strengere contour van 700 meter te toetsen. Tenslo e willen we u graag meegeven dat er absoluut geen processen s l hoeven te liggen door dit regionale milieueffectonderzoek, noch door het na onale milieueffectonderzoek naar windturbinebepalingen. Op projectniveau kunnen passende milieueffectnormen voor windturbines worden bepaald. Het windini a ef in de gemeente Beuningen is daar een goed voorbeeld van binnen onze regio.

13

Nota Beantwoording zienswijzen NRD PlanMER RES GMR Overbetuwe

Gemeente Overbetuwe

INBEDDING IN INTEGRAAL OMGEVINGSBELEID: Een planMER is één van de bouwstenen voor de RES 2.0 (en actualisa e van de provinciale windvisie). Om deze brede Uw oproep is helder. Op het moment dat dit milieueffectonderzoek gereed is in het voorjaar van 2023, komen we bij u terug integrale afweging straks goed te kunnen maken, vragen wij u vroeg jdig inzicht te geven in de manier waarop conform het afgesproken afwegingskader een herijking plaats met een procesvoorstel voor de herijking van de regionale energiestrategie. Het is in het belang van alle overheden binnen kan vinden. Ons verzoek is dan ook om dit uiterlijk beschikbaar te hebben op het moment dat de resultaten van de planMER duidelijk zijn. deze regio om energieprojecten uiterlijk in 2025 te vergunnen om de afgesproken RES doelen van 2030 te halen. Realisa e van de RES 2.0 (en geactualiseerde provinciale windvisie) vraagt ook doorwerking in provinciaal en lokaal Omgevingsbeleid. Dit kan alleen als provincie en 16 gemeenten onderling afgestemd het planMER allemaal koppelen aan hun ruimtelijke besluiten. Alhoewel in december 2021 al voorzien in de werkwijze, herhalen wij graag dat dit voor ons een belangrijke randvoorwaarde is.

Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Introduc e: S ch ng Behoud Betuws Landschap (KvK nummer 09168483) is een s ch ng met als doelstelling: ’Het bevorderen van het behoud van de leefomgeving van de bewoners in de omgeving van het verkeersknooppunt Valburg en de Waalbrug bij A15/A5O en alles wat daarmee in de ruimste zin verband houdt’. Onze s ch ng hee een duidelijk mandaat namens ca. 40 direct betrokken omwonenden die rondom het verkeersknooppunt Valburg en de A15 zone wonen.

Dank voor uw zienswijze.

In de concept NRD ‘Groene Metropoolregio‘ (1) worden de kaders voor de milieuonderzoeken bepaald. In dat kader maken wij, S ch ng Behoud Betuws Landschap, graag van de gelegenheid gebruik om onze zienswijze hierop in te dienen. Deze tre u navolgend aan. Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Algemeen: Op 30 juni 2021 deed de Raad van State een uitspraak die gevolgen hee voor windparken in Nederland. Tot 30 juni 2021 konden in Nederland landelijk vastgestelde milieuregels voor windturbines en windparken worden gehanteerd bij de besluitvorming. Die landelijke regels waren opgenomen in het Ac viteitenbesluit. Deze algemene milieuregels zijn met de uitspraak van 30 juni 2021 buiten werking gesteld. De onzorgvuldige totstandkoming van voormelde milieuregels en de daaruit voortvloeiende gezondheidsschade is door Zembla in haar aflevering van 8 december jl. op NPO2 uitgebreid belicht(2). In deze concept NRD lijkt u desondanks nog steeds uit te gaan van milieuregels van het Ac viteitenbesluit hetgeen direct tot ui ng komt in de, naar onze mening, te ruime keuze van zoekgebieden (kansen en belemmeringenkaarten) voor windenergie. U lijkt er voorts bewust voor te kiezen het voorzorgsprincipe en -beginsel te negeren. Wellicht ten overvloede wijzen we u er op dat dit onzorgvuldig is, leidt tot onomkeerbare schade en daarmee onbehoorlijk bestuur en bestuurdersaansprakelijkheid. En onjuiste begrenzing van de kansen- en belemmeringenkaarten leidt vervolgens weer tot een onjuiste weging van de alterna even in de PIanMER. Het niet hanteren van het voorzorgsprincipe brengt dus grote risico’s met zich mee voor de PIanMER en vervolgprocedures.

We begrijpen de zorgen die bestaan over gezondheid. Zoals u aangee zijn de windturbinenormen zoals beschreven in het Ac viteitenbesluit op dit moment buiten werking. Tegelijker jd bestaat er geen we elijke basis voor andere normen en zien we het als regio niet als onze rol om hierop nieuwe normen te introduceren. De gezondheidseffecten van windenergie worden op dit moment uitvoerig onderzocht in het na onale milieueffectonderzoek naar windturbinenormen. Op het moment dat de resultaten daarvan bekend zijn, kunnen eventuele nieuwe normen worden getoetst in een passende m.e.r. beoordeling of ProjectMER wanneer een windenergieproject zich aandient. Voor de volledigheid hebben we de vraag 'hoe om te gaan met windturbinenormen, nu de na onaal geldende windturbinenormen buiten werking zijn' expliciet voorgelegd bij de commissie m.e.r. Een aanvullend advies vanuit de commissie zullen we hierin opvolgen. We stellen daarnaast voor om hier in het milieueffectrapport een paragraaf aan te wijden.

Uit het rapport Onderzoek afstandsnormen windturbines van 19 april 2022 dat is opgesteld door Arcadis in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken (3) blijkt dat meerdere Europese landen uitgaan van een afstandsnorm van 10 maal de phoogte van een windturbines. In de voormelde Zembla aflevering wordt door de deskundigen (o.a. in Tweede Kamer briefings) gesproken over een afstandsnorm van tenminste 1200 meter. Omdat er geen wetenschappelijke consensus is over een kortere afstandsnorm verzoeken wij u, met het oog op het voorzorgsprincipe, voor de zoekgebieden (kansen en belemmeringenkaarten) voor windenergie in de NRO, uit te gaan van een minimale afstandsnorm van tenminste 1200 m. Dit tenzij het principe van 10 maal de phoogte een langere afstandsnorm vereist en daar de kansen- en belemmeringenkaarten in de NRO op aan te passen. Overheden dienen bescherming te bieden aan de burger; het voorzorgsprincipe’ en voorzorgsbeginsel‘ zijn daar immers op gebaseerd. U bent als overheden en ini a efnemers voor de NRD en planMER hiervoor verantwoordelijk. Wij verzoeken u daarom deze als algemeen uitgangspunt op te nemen in de NRD en planMER.

Het voorzorgsprincipe is een moreel en poli ek principe dat stelt dat als een ingreep erns ge of onomkeerbare schade kan veroorzaken aan de samenleving of het milieu, de bewijslast ligt bij de voorstanders van de ingreep als er geen wetenschappelijke consensus bestaat over de toekoms ge schade. Het voorzorgsprincipe is vooral van toepassing in de gezondheidszorg en het milieu. Er dient bij onzekerheden uit te worden gegaan van zo veilig als mogelijke kaders. Als er kans is op serieuze af onomkeerbare schade, dan mag het gebrek aan volledige wetenschappelijke zekerheid niet gebruikt worden als reden om (voorzorgs)maatregeIen uit te stellen. Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Onze zienswijze t.a.v. zonering windturbines i.r.t de Wespendief: Uit eerdere effectenonderzoeken voor windparken nabij Natura 2000-gebied de Veluwe, bleek de Inmiddels zijn de uitkomsten van dit Wespendiefonderzoek bekend. In de 1 km zone rond de Veluwe blijven windmolens Wespendief de meest beperkende soort (belangrijkste aandachtsoort) voor het plaatsen van windturbines nabij dit natuurgebied. De Veluwe vormt binnen Nederland het prak sch onmogelijk. We stellen dan ook voor om deze zone in het milieueffectonderzoek te behouden als harde belemmering. kerngebied van de Wespendief en de kwaliteit van het gebied is bepalend voor de dichtheden van deze beschermde inheemse diersoort. Het uitgangspunt bij het plaatsen van windturbines is dat de popula e Wespendieven op de Veluwe (specifiek gezegd: het instandhoudingsdoel voor het Natura 2000- gebied) niet achteruit mag gaan als In de 1 tot 8 km zone zijn windmolens voorlopig ook verboden, op een tweetal ini even na die doorgang vinden. Er lopen gevolg van aanvaringen met windturbines. Volgens de Natura 2000-doelstellingen zouden er minimaal 100 broedparen aanwezig moeten zijn. Daarmee is natuur in een zone verschillende onderzoeken naar het verminderen van aanvaringen van Wespendieven met windmolens. Daarbij kan het herstel van 8 km rondom de Veluwe een beperkend criterium voor de ontwikkeling van windturbines.

van de Wespendiefpopula e op de Veluwe er in komende jaren toe leiden dat ini a even in de 1 tot 8 km zone weer mogelijk worden. Met andere woorden: jdelijkheid is een belangrijk element in het verbod in de 1 tot 8 km zone. Dit Op blz. 25 in de NRD is vermeld dat er op dit moment nog onderzoek wordt gedaan onder welke randvoorwaarden windturbine-ac viteiten mogelijk zijn in de zone van 1 tot milieueffectonderzoek kijkt verder dan sec dit moment, op die manier kan het ook van nut zijn voor de faseringsvraag van de 8 km rondom de Veluwe en dat formele besluitvorming nog moet plaats vinden. Echter er wordt in de NRD, als kader voor de milieuonderzoeken, een voorschot genomen ontwikkeling van elektriciteitsprojecten en warmte. We stellen daarom voor om de 1 tot 8 km zone als zachte belemmering te op de resultaten van voormeld onderzoek en besluitvorming. In onze zienswijze is dit voorschot nemen bijzonder onzorgvuldig en kan leiden tot onomkeerbare schade. Deze handhaven in het milieueffectonderzoek. zienswijze is mede ingegeven door een recent onderzoek van de WUR Wageningen dat stelt dat de gevolgen van extra ster e op vogelpopula es onder de huidige normen voor windmolenparken worden onderschat (4). Er is dus op dit moment geen wetenschappelijke consensus.

Dat betekent dat ook hier het voorzorgsprincipe van toepassing zou moeten zijn hetgeen in onze zienswijze betekent dat ook de zone van 1 tot 8 km van de Veluwe een harde belemmering voor windturbines is. Daarmee is die zone ongeschikt als zoekgebied voor windturbines.

Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Onze zienswijze t.a.v. het ontbreken van drinkwaterwingebieden: Recent zijn door de provincie reserveringsgebieden voor drinkwaterwinning aangewezen, onder andere in De reserveringsgebieden voor drinkwaterwinning worden in het milieueffectonderzoek opgenomen. In het onderzoek wordt het gebied aan de Herveld-Zuid zijde van het verkeersknooppunt Valburg. Op de in de NRD opgenomen a eeldingen 4.4 en 4.5 is hier geen rekening mee gehouden. Daarbij duidelijk gemaakt hoe wordt omgegaan met de zachte belemmeringen. Het bevoegd gezag zal vervolgens kiezen welke wordt ook niet omschreven hoe er met stapeling van dergelijke zachte belemmeringen in verhouding tot de in de NRD opgenomen conclusies rondom geschikt, mogelijk belemmeringen in de 'geschikt te maken' gebieden zwaarder wegen t.o.v. andere zachte belemmeringen. geschikt of ongeschikte loca es wordt omgegaan. Wij vragen u dit in de NRD expliciet te verduidelijken.

Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Onze zienswijze t.a.v. de molenaarswoningen c.q. mogelijk hoger toegestane geluidsbelas ng: In uw defini e rondom molenaarswoningen doet u de aanname dat omwonenden veelal ook ini a efnemer c.q, mede-eigenaar (par cipant) zijn van een windpark. U gee daarbij tevens aan dat mogelijke molenaarsgebieden nog niet betrokken zijn in de huidige NRD, maar mogelijk betrokken zullen worden in de planMER-fase. Deze s ch ng is tot op heden door nog geen enkele ini a efnemer als gesprekspartner betrokken bij mogelijke plannen rondom het knooppunt Valburg. Uit een bespreking van het bestuur van onze s ch ng met de Wethouder van de gemeente Overbetuwe op dinsdag 1 november jl. is duidelijk geworden dat er tot op heden geen duidelijkheid bestaat over de defini e van par cipa e in lokale energieopwek-ini a even waaronder windparken. We verzoeken u in deze NRD bij de begrenzing van de zoekgebieden uit te gaan van de situa e dat er geen molenaarswoningen aanwezig zijn.

Wij verzoeken u de NRD n.a.v. deze zienswijze aan te passen. D.w.z. als harde belemmering in rela e tot de wespendief de Veluwe + 8 km op te nemen in tabel 3.2.

De analyse t.a.v. molenaarswoningen is een extra gevoeligheidsanalyse om de mogelijkheden in beeld te brengen. Hierbij baseren we ons niet op individuele bewoners, maar brengen we alleen de mogelijkheden in beeld. Met betrekking tot de ontwikkelingen rond Valburg: deze zijn niet opgenomen als autonome ontwikkeling en zijn als zodanig niet opgenomen als vaststaande ontwikkeling. Uit het milieueffectrapport zal blijken of de loca e geschikt is vanuit milieuaspecten voor duurzame energie-ontwikkeling. De keuze is uiteindelijk aan de bevoegde gezagen.

14

Nota Beantwoording zienswijzen NRD PlanMER RES GMR Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Onze zienswijze t.a.v. gezondheidsperspec ef omwonenden: In deze concept NRD missen we een visie ten aanzien van het gezondheidsperspec ef voor mensen! Het ontbreekt in deze NRD aan kaders en onderzoeksmethoden die invulling geven aan de gevolgen voor mensen (gezondheidseffecten). Wanneer daar in het webinar van november jl een vraag over wordt gesteld en geantwoord wordt dat gezondheid meegewogen is in de geluidsnorm, lijkt ons dit niet afdoende. Er is juist géén wetenschappelijke consensus over de geluidsnorm. U noemt verder dat de Wereldgezondheidsorganisa e een geluidsnorm van 45 dB Lden contour adviseert rond geluidgevoelige objecten. Graag maken wij u erop a ent dat juist de WHO (5) ook stelt in dezelfde rapportage dat Lden géén geschikte maat is voor windturbinegeluid vanwege het onregelma ge karakter en het verhullende effect door de uitmiddeling in de jd. Op blz. 2 van onze zienswijze hebben we in dit kader al gewezen op een minimale afstandsnorm van 1200 meter tussen windturbines en woningen. Wij verzoeken u de NRD hierop aan te passen als harde grens voor de zoekgebieden. Onze zienswijze is dat het effect op mensen te relevant is om niet als apart criterium te behandelen. Graag verwijzen wij u naar de zienswijze die eerder dit jaar is gepubliceerd (6), maar ook de bovengenoemde recente uitzending van Zembla (2).

Meer specifiek vragen wij u mee te nemen in de pldnMER de gevolgen voor zowel de gezondheid van zowel kinderen als volwassenen. Bovendien dient ook de cumula e van hinder en geluid meegewogen te worden, waar duidelijk ook sprake van is rondom het Knooppunt Valburg, waar twee snelwegen elkaar kruisen (A15 en A50), maar ook de Betuweroute kruist. Deze stapeling van geluidseffecten vindt plaats op de toch al maximaal geluid belaste woningen van de bewoners rondom knooppunt Valburg en de A15-zone. Wij verzoeken u daarom te verduidelijken wat het effect is van deze stapeling van geluidsbronnen en wat dit betekent voor de grenzen van zachte of harde belemmeringen van de zoekgebieden voor windenergie uitgaande van het voorzorgsprincipe.

De gezondheidseffecten van windenergie worden op dit moment uitvoerig onderzocht in het na onale milieueffectonderzoek naar windturbinenormen. Op het moment dat de resultaten daarvan bekend zijn, kunnen eventuele nieuwe normen worden getoetst in een passende m.e.r. beoordeling of ProjectMER wanneer een windenergieproject zich aandient. Voor de volledigheid hebben we de vraag 'hoe om te gaan met windturbinenormen, nu de na onaal geldende windturbinenormen buiten werking zijn' expliciet voorgelegd bij de commissie m.e.r. Een aanvullend advies vanuit de commissie zullen we hierin opvolgen. We stellen daarnaast voor om hier in het milieueffectrapport een paragraaf aan te wijden. De beoordeling van cumula eve effecten gaan boven het detailniveau van dit milieueffectonderzoek, het gaat om maatwerk dat op regioniveau leidt tot schijnzekerheden. Het milieueffectonderzoek gaat daarom uit van vaste afstanden. Deze zijn ingestoken om een bandbreedte van mogelijkheden in de regio in beeld te brengen. Dit geldt eveneens ten aanzien van de opmerking ten aanzien van erosie, materiaalgebruik et cetera. Op projectniveau kunnen dergelijke loca especifieke onderzoeken worden uitgevoerd.

Verder maken wij u er, wellicht ten overvloede, op a ent dat er aanwijzingen zijn dat erosie van molenmateriaal, microplas cs, waaronder BPA (Bisphenol A), in de omgeving brengen waarvan bekend is dat deze de hormoonhuishouding en vruchtbaarheid van mensen en andere organismen kan aantasten, maar bovendien onderzocht wordt wat de rol is van BPA bij de ontwikkeling van kanker (7,8). Het ontbreekt in de concept NRD aan ingreep-effectrela es met betrekking tot de in eerdere rapportage (6) vermelde verwering/erosie van de wieken van windturbines op bodem- en grondwaterkwaliteit en gezondheid van de mens. Wij verzoeken u deze toe te voegen aan de NRD. Uit het eerder genoemde overzicht van Windwiki (6) blijkt dat de gezondheidseffecten van windturbines op volwassenen en kinderen aanzienlijk is. Er is geen wetenschappelijke consensus dat de gezondheidseffecten van windturbines te verwaarlozen zijn, integendeel. Derhalve dient u naar onze zienswijze het voorzorgsprincipe te hanteren, d.w.z. de door de wetenschappers van Windwiki voorgestelde onderzoeksmethoden te hanteren voor ingreep-effect rela es. Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Onze zienswijze t.a.v. het beoordelingskader energietechnieken: Opvallend is dat veel methodieken in het beoordelingskader gestoeld zijn op een kwalita eve quick scan. De onderzoeksmethodiek 'kwalita ef' is hier eveneens gebaseerd op data, namelijk de beoordeling van experts. Dat is naar onze zienswijze strikt onvoldoende en zou er ten minste een kwan ta eve onderzoeksmethode van toepassing moeten zijn. Immers ook hier is het voorzorgsprincipe van toepassing. Na vaststelling van een MER-pIich g plan of het nemen van een MER-pIich g besluit moet het betreffende bevoegd gezag de Ten aanzien van Natura 2000-gebieden geldt dat dit, zoals ook benoemd in de NRD, onderdeel is van het daadwerkelijke milieugevolgen van de uitvoering van de voorgenomen ac viteit onderzoeken (art. 7.39 lid 1). Dit noemen we de monitoring en evalua e verplich ng. Bij het milieueffectonderzoek. plan of besluit zijn de termijn of de termijnen waarop met het onderzoek zal worden begonnen en de wijze (in deze NRD!) waarop dat onderzoek zal worden verricht, al bepaald. Het milieueffectonderzoek hee tot doel gebieden in beeld te brengen die geschikt zijn of geschikt te maken zijn voor ontwikkeling van duurzame energie. Het detailniveau dat u voorstelt is passend bij een uitwerking op projectniveau.

Hierop zal Specifiek vragen we in dit kader aandacht voor effecten op habita ypen en soorten Natura 2000 gebied en de thans ontbrekende gezondheidseffecten. Dit is des te het onderzoek dan ook niet worden aangevuld. Ten aanzien van thermiek boven zonnevelden is niet duidelijk naar welk belangrijker vanwege de doorwerking van de planMER naar één of meerdere projectMER. Om vanuit de monitoring en evalua e verplich ng te kunnen vaststellen in welke onderzoek wordt verwezen. De zienswijze is hierin niet expliciet waardoor op dit punt niet inhoudelijk kan worden ingegaan. mate de effecten optreden/of evt. mi gerende maatregelen voldoende effect sorteren, is een kwan ta eve methode voorschrijven noodzakelijk. Als monitoring (en handhaving) niet mogelijk is, betekent dit immers dat er een onzorgvuldig besluit is genomen. Derhalve verzoeken wij u de NRD aan te passen in lijn van deze zienswijze door het op nemen van kwan ta eve onderzoeksmethoden waarover wetenschappelijke consensus bestaat en het toevoegen van kwan ta ef onderzoek naar gezondheidseffecten. Voorts verzoeken wij u in het beoordelingskader de waardedaling van woningen mee te onderzoeken en te wegen. In uw beoordelingskader ontbreken de effecten van windturbines en grootschalige zonneparken op het lokale weer. Bekend is inmiddels dat windparken, door de turbulen e die ze veroorzaken in de lucht, het weer beïnvloeden.

Voorts is in Duitsland onderkend dat door de ontstane thermiek boven zonnepanelen parken lokaal de wolken breken en desbetreffende gebieden veel minder neerslag ontvangen hetgeen natuurlijk nega eve effecten hee voor de teelt in de Betuwe waar zoekgebieden zijn aangegeven. Wij verzoeken u ook hier het voorzorgsprincipe toe te passen, deze effecten in de NRD te beschrijven en de onderzoeken naar deze effecten in het beoordelingskader op te nemen en tot ui ng te Iaten komen in de begrenzing van de zoekgebieden voor wind- en zonne- energie. Tot slot wijzen wij er op dat u als ini a efnemers circulariteit doelstellingen nastree . Bekend is dat de wieken van windturbines in feite chemisch afval zijn na de gebruiksfase waarvoor geen oplossingen zijn. Wij verzoeken u derhalve de mate van circulariteit van de verschillende energietechnieken in het beoordelingskader op te nemen, deze kwan ta ef te onderzoeken en de alterna even in de planMER daar op te wegen.

Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Onze zienswijze ten aanzien van de kansen- en belemmeringenkaarten: Bovenstaande zienswijzen hebben gevolgen voor de kansen en belemmeringenkaarten zoals Dank voor uw zienswijze. Dit milieueffectonderzoek hee de gehele regio als onderzoeksgebied en hee als doel om geschikte, gepresenteerd in de concept NRD. Wij verzoeken u deze kaarten te herzien op basis van bovenstaande zienswijzen. Tevens verzoeken we u om de kaarten beter zichtbaar te geschikt te maken en ongeschikte gebieden te iden ficeren voor de opwek van tenminste 1,62 TWh duurzame Iaten zijn in de NRD, er is namelijk sprake van te weinig specificiteit van de gepresenteerde kaarten om op het juiste detailniveau kennis te nemen van de inhoud. elektriciteitsopwek en warmte. De kaarten en de resolu e van de kaarten lenen zich voor dat doel. Het iden ficeren van specifieke loca es is in dit onderzoek niet aan de orde. Wel wordt bekeken of in het PlanMER hogere resolu e kaartmateriaal kan worden opgenomen om aan uw wens tegemoet te komen.

Overbetuwe

S ch ng Behoud Betuws Landschap

Bijlage 1. Bronnenlijst

Dank voor uw bronvermelding.

1. Haans K, en anderen, i.o. Croene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. 21 september 2022. RES Arnhem Nijmegen, Concept No e Reikwijdte en Detailniveau planMER. Link: no e- reikwijdte-en-detailniveau-pIanmer-res.pdf (groenemetropooIregio.nl) 2. Zembla — Windmolenlawaai. 8 december 2022. Link: Zembla - Windmolenlawaai - Zembla - BNNVARA. 3. Koppen E, en anderen, i.o. Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. 19 april 2022. Onderzoek afstandsnormen windturbines. Link: onderzoek-afstandsnormen-windturbines. pdf {overheid,nI). 4. Schippers P, Buij R, Schotman A, Verboom J, Van der Jeugd H, Jongejans E. 4 juni 2020. Mortality limits used in wind energy impact assessment underes mate impacts of wind farms on bird popula ons. Ecology and Evolu on 10: 6274-6287. Link: h ps://doi.org/10.1002/ece3.6360. 5. World Health Organiza on. 30 januari 2019. Environmental noise guidelines for the European union. Link: h ps://www.who.int/europe/publica ons/i/item/9789289053563. 6. Taubert E, Meliest R, Brands S, Van Manen S, Maal T. Februari 2022. Zienswijze van windwiki op de No e Reikwijdte en Detailniveau voor het planMER Windturbinebepalingen Leefomgeving. Link: h ps://www.windwiki.nl/wg-content/upIoads/2022/08/20220216- Zienswii e-Windwiki-op-de-NRD.pdf. 7. Business & Human Rights Resource Center. 22 maart 2021.

Norway: NGO raises concerns over environmental impact of chemicals used in wind turbine blades. Link: Norway: NGO raises concerns over environmental impact of chemicals used in in wind turbine blades - Business & Human Rights Resource Centre (business-humanrights.org) 8. Cao H, Yang B, Li N, Feng L, Shi X, Zhao W, Liu S. 9 januari 2015. Bisphenol A and hormone- associated cancers: current progress and perspec ves. Medicine 94: e211. Link: h ps://www.ncbi.nIm.nih.gov/pmc/ar cles/PMC4602822/

15

Nota Beantwoording zienswijzen NRD PlanMER RES GMR Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Aanleiding: Dank voor uw zienswijze. S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe is een s ch ng met een aantal doelstellingen, waaronder: “het beperken van de schade die plaatsing van windturbines zou veroorzaken aan de natuur-, landschappelijke en cultuurhistorische waarden, de flora en fauna, de kwaliteit van het milieu, waaronder de lucht, de bodem en het water, en de verkeersveiligheid, veiligheid in het algemeen van het waardevolle komgebied het Ze ensche Veld en aan de gezondheid en welzijn van mensen in dit gebied”. Onze s ch ng treedt op namens een achterban van ruim 350 betrokken omwonenden die rondom het gebied van het beoogde windpark Midden-Betuwe wonen. De inhoud van het concept NRD “Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen”, waar kaders worden bepaald voor de milieuonderzoeken is voor ons de aanleiding om deze zienswijze in te dienen.

Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Inleiding: Dank voor uw uiteenze ng. De Raad van State hee op 30 juni 2021 in een tussen-uitspraak geoordeeld dat, samengevat, de momenteel gebruikte algemene normen in het Ac viteitenbesluit en Ac viteitenregeling niet zonder meer gebruikt mogen worden omdat de daarin aangegeven normering niet afdoende wetenschappelijk getoetst is, hierbij uitgaande van het gestelde in de Strategische Milieu Beoordelingsrichtlijn (SMB) De Afdeling verwijst hier naar het zogenaamde “Nevele-arrest” waar het Europese Hof van Jus e te Luxemburg oordeelde dat het Europese recht dwingt tot het maken van een milieubeoordeling voor windturbinenormen. Daarnaast vereist het Europees recht dat de Strategische Milieu Beoordelingsrichtlijn (2001/42/EG) gevolgd dient te worden. De onzorgvuldige totstandkoming van voornoemde milieuregels en de gezondheidsschade die hierdoor veroorzaakt worden voor omwonenden werd jdens een uitzending van het BNN/VARA programma Zembla op 8 december 2022 nadrukkelijk duidelijk. (Zembla - Windmolenlawaai - Zembla - BNNVARA )

Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Kansen- en belemmeringskaarten: Dit concept NRD lijkt uit te gaan van de normeringen zoals omschreven in voornoemde Ac viteitenbesluit en Ac viteitenregeling. Dit wordt ook le erlijk verwoord op bladzijde 22 van dit concept NRD ( Stap 1: kansen- en belemmeringskaarten) “Het doel van de eerste stap is om binnen de regio gebieden uit te sluiten waar de opwek van wind- en/of zonne-energie en/of duurzame warmteproduc e vanuit (milieu-)wetgeving niet is toegestaan.” Hoe kunt u deze stappen nemen, terwijl u op dit moment niet beschikt over we elijke kaders/normeringen? De afwezigheid van we elijke kaders/normeringen werken in de hand dat een onjuiste begrenzing van de kansen- en belemmeringskaarten worden aangenomen die vervolgens doorwerken rich ng het opstellen van alterna even in de planMER. Welke waarde hebben deze kansen- en belemmeringskaarten derhalve? Het enige juiste beleid zou moeten zijn, gezien voornoemde uitspraak van de Raad van State, alsmede mogelijk onjuist aangegeven begrenzingen in de kansen- en belemmeringskaarten, om uit te gaan van het voorzorgsprincipe en -beginsel. Er is geen rechtvaardiging om dit voorzorgsprincipe en -beginsel niet te hanteren.

Zoals u aangee zijn de windturbinenormen zoals beschreven in het Ac viteitenbesluit op dit moment buiten werking. Tegelijker jd bestaat er geen we elijke basis voor andere normen en zien we het als regio niet als onze rol om hierop nieuwe normen te introduceren. De gezondheidseffecten van windenergie worden op dit moment uitvoerig onderzocht in het na onale milieueffectonderzoek naar windturbinenormen. Op het moment dat de resultaten daarvan bekend zijn, kunnen eventuele nieuwe normen worden getoetst in een passende m.e.r. beoordeling of ProjectMER wanneer een windenergieproject zich aandient. Voor de volledigheid hebben we de vraag 'hoe om te gaan met windturbinenormen, nu de na onaal geldende windturbinenormen buiten werking zijn' expliciet voorgelegd bij de commissie m.e.r. Een aanvullend advies vanuit de commissie zullen we hierin volgen. We stellen daarnaast voor om hier in het milieueffectrapport een paragraaf aan te wijden.

Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Aanvullende opmerking Kansen- en belemmeringskaarten: De in dit concept NRD gebruikte a eeldingen van diverse (overzicht)kaarten zouden moeten dienen om de lezer te verduidelijken welke gebieden exact bedoeld worden. De gebruikte kaarten bieden echter geen verduidelijking. Ze zijn dermate globaal en onduidelijk dat ze voor de lezer (burger) nagenoeg geen meerwaarde hebben en slechts meer vragen oproepen dan ze beantwoorden. Waarom wordt er geen gebruik gemaakt van gedetailleerde leesbare kaartmateriaal, waarin begrenzingen wel duidelijk worden weergegeven?

Dit milieueffectonderzoek hee de gehele regio als onderzoeksgebied. Het doel is om gebieden te iden ficeren die geschikt, geschikt te maken of ongeschikt zijn voor de ontwikkeling van 1,62 TWh aan duurzame elektriciteitsopwek en warmtebronnen. Het gaat om gebieden en niet om specifieke loca es. Het kaartmateriaal ligt in lijn met dat doel. Wel wordt bekeken of in het PlanMER hogere resolu e kaartmateriaal kan worden opgenomen om aan uw wens tegemoet te komen.

Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Afstandsnormen: Zoals u eerder aangaf zijn de windturbinenormen zoals beschreven in het Ac viteitenbesluit op dit moment buiten werking. In het rapport Onderzoek afstandsnormen windturbines van 19 april 2022, opgesteld door Arcadis, in opdracht van het Ministerie van Economische zaken ( Tegelijker jd bestaat er geen we elijke basis voor andere normen en zien we het als regio niet als onze rol om hierop nieuwe onderzoek-afstandsnormen-windturbines.pdf (overheid.nl) ) wordt aangegeven dat meerdere Europese landen uitgaan van een afstandsnorm van 10 x phoogte normen te introduceren. De afstandsnormen voor windenergie worden op dit moment uitvoerig onderzocht in het na onale windturbine. In enkele gevallen gecombineerd met een maximum norm voor laagfrequent geluid. In voornoemde uitzending van Zembla wordt door deskundigen gesproken milieueffectonderzoek naar windturbinenormen. Op het moment dat de resultaten daarvan bekend zijn, kunnen eventuele over een afstandsnorm van tenminste 1200 meter tot een windturbine. nieuwe normen worden getoetst in een passende m.e.r. beoordeling of ProjectMER wanneer een windenergieproject zich Feit is dat er (nog steeds) geen gedegen wetenschappelijke onderzoeken zijn afgerond die helder maken wat nu echt een veilige afstandsnorm is voor windturbines, er is aandient.

Voor de volledigheid hebben we de vraag 'hoe om te gaan met windturbinenormen, nu de na onaal geldende althans geen consensus over. windturbinenormen buiten werking zijn' expliciet voorgelegd bij de commissie m.e.r. Een aanvullend advies vanuit de Wel duidelijk is dat de enorme aantallen gezondheidsklachten van omwonenden evident zijn en in causaal verband kunnen worden gebracht met de aanwezigheid van commissie zullen we hierin volgen. We stellen daarnaast voor om hier in het milieueffectrapport een paragraaf aan te wijden. windturbines in de woon/leef omgeving van burgers en dus serieus genomen dienen te worden. Arcadis gee in voornoemd onderzoek ook aan dat: • Nederland ten opzichte van andere Europese landen de meest ruime regeling kent voor de ontwikkeling van windprojecten. • Het RIVM geluidshinder van windmolens vanaf circa 40 dB onderschrij . • De Commissie m.e.r. in maart van dit jaar aan het Rijk adviseerde om ruimer te kijken dan de normen in het Ac viteitenbesluit. Derhalve dient ook op het gebied van afstandsnormen de nodige voorzorg gehanteerd te worden en dient ook hier het voorzorgsprincipe toegepast te worden. Het hanteren van een afstandsnorm van 10x phoogte in combina e met geluidsbeperkende maatregelen (< 40 dB) zou een goede start zijn. De kaarten van de zoekgebieden voor windenergie in dit concept NRD dienen dan ook hierop aangepast te worden.

Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Waterwingebieden: Vitens en de provincie hebben een aantal gebieden aangewezen als mogelijke loca es voor waterwinning. Deze gebieden moeten nog defini ef vastgesteld worden. Dit betreffen elf poten ële nieuwe loca es, waarvan ook zoekgebied van beoogd windpark Midden-Betuwe deel uit maakt.

De reserveringsgebieden voor drinkwaterwinning worden in het milieueffectonderzoek opgenomen. In het onderzoek wordt duidelijk gemaakt hoe wordt omgegaan met de zachte belemmeringen. Het bevoegd gezag zal vervolgens kiezen welke belemmeringen in de 'geschikt te maken' gebieden zwaarder wegen t.o.v. andere zachte belemmeringen.

In het gebied Betuwe Maas en Waal (zie kaart) mist een stevige kleilaag en daar zijn meer maatregelen bovengronds nodig. Zo mag je hier niet boren voor Voor erosie, materiaalgebruik et cetera. geldt dat dit per windturbine en techniek sterk kan verschillen. Dat detailniveau past geothermiesystemen. Wel is toegestaan het gebruik van bestrijdingsmiddelen en uitrijden koeienmest. Voor andere zaken moet vaker een vergunning worden aangevraagd. niet bij de regionale scope van dit onderzoek. Op projectniveau kunnen dergelijke loca especifieke onderzoeken worden (bron : De Gelderlander, edi e Rivierenland dd 25-05-2022) uitgevoerdin een passende m.e.r - behoordeling of ProjectMER. Onduidelijk is in dit concept NRD in welke mate de poten ële waterwingebieden meegenomen zijn als zijnde harde/zachte belemmeringen (a eelding 4.4 en 4.5) Duidelijk is echter dat ook waterwinning en windturbines op gespannen voet met elkaar staan. Bekend is dat voor de vervaardiging van de wieken van windturbines nog vaak gebruik wordt gemaakt van Bisfenol A, een stof die volgens het Europees Agentschap voor chemische stoffen (EFSA) als een zorgwekkende stof moet worden gezien omdat het mogelijk een hormoonontregelaar is en dus erns ge gevolgen kan hebben voor mensen. Ook is bekend dat door erosie van de wieken van windturbines dit Bisfenol A in combina e met microplas cs neerslaan in de omgeving.

Daarnaast bestaan de funderingen voor windturbines uit grote hoeveelheden beton. Voor poten ële waterwingebieden zijn beiden bijzonder ongewenst. Ook hier geldt dat het voorzorgprincipe toegepast dient te worden.

16

Nota Beantwoording zienswijzen NRD PlanMER RES GMR Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Wespendief: In de brief Verkenning “Windenergie op en rondom de Veluwe” van 5 februari 2021 (2020-003057) wordt melding gemaakt van de impact van de wespendief voor windenergie op en rondom de Veluwe. Het doel om 100 broedparen in stand te houden wordt niet gehaald en derhalve blijkt de ruimte voor windenergie beperkter dan is gedacht in de RES’sen. Het betre de gehele Veluwe aangevuld met 8 km extra rondom. ( Statenbrief (commissiemer.nl) ) In de brief “Handelingsperspec ef windenergie rond de Veluwe” van de Gedeputeerde Staten van Gelderland van 14-03-22 (2021-015285) wordt aangegeven dat windparken op de Veluwe problema sch zijn vanwege de wespendief en er worden dan ook een aantal voorstellen gedaan zoals onder andere: • Het uitsluiten van windenergie op de Veluwe en de 1 km daaromheen; • Onderzoeken naar s lstandvoorzieningen (60 dagen) windparken in de 1-8 km zone rondom de Veluwe. In dit concept NRD wordt er vanuit gegaan dat binnen een zone van 1 tot 8 km rondom de Veluwe ruimte is voor de ontwikkeling van 4 tot 11 nieuwe windturbines. Met toepassing van een s lstandsvoorziening zelfs tot maximaal 22 windturbines.

Zoals we reeds eerder hebben gesteld dat het, volgens ons, voorbarig is om in dit concept NRD uit te gaan van bestaande normeringen uit onder andere het Ac viteitenbesluit/Ac viteitenregeling in plaats van af te wachten op nieuwe landelijke normeringen, blijkt ook hier dat er voorbarige conclusies worden getrokken met betrekking tot de ruimte voor ontwikkeling van windparken in de zone van 1 tot 8 km rondom de Veluwe.

Qua regelgeving rondom de wespendief stellen we voor om aan te sluiten bij het recente besluit van de provincie (20 december). In de 1 km zone rond de Veluwe blijven windmolens prak sch onmogelijk. We stellen dan ook voor om deze zone in het milieueffectonderzoek te behouden als harde belemmering. In de 1 tot 8 km zone zijn windmolens voorlopig ook verboden, op een tweetal ini even na die doorgang vinden. Er lopen verschillende onderzoeken naar het verminderen van aanvaringen van Wespendieven met windmolens. Daarbij kan het herstel van de Wespendiefpopula e op de Veluwe er in komende jaren toe leiden dat ini a even in de 1 tot 8 km zone weer mogelijk worden. Met andere woorden: jdelijkheid is een belangrijk element in het verbod in de 1 tot 8 km zone. Dit milieueffectonderzoek kijkt verder dan sec dit moment, op die manier kan het ook van nut zijn voor de faseringsvraag van de ontwikkeling van elektriciteitsprojecten en warmte. We stellen daarom voor om de 1 tot 8 km zone als zachte belemmering te handhaven in het milieueffectonderzoek.

In een persbericht van de provincie Gelderland dd 20-12-2022 “Geen windparken in Natura2000 gebied Veluwe en beperkt in zone van 1-8 km eromheen” (h ps://www.gelderland.nl/persberichten/geen-windparken-in-natura2000-gebied-veluwe-en-beperkt-in-zone-van-1-8-km-eromheen) wordt aangegeven dat, vanwege de beschermde status van de wespendief, er een permanente verbod voor nieuwe windturbines geldt op de Veluwe en in het gebied van 1km rond de Veluwe. In de ruimere zone daaromheen tot 8 km zijn voorlopig ook beperkingen ten aanzien van de ontwikkeling van windparken. De uitspraken van de provincie staan niet op zichzelf en zijn gevoed door een onderzoek van de WUR Wageningen dat stelt dat de gevolgen van extra ster e op vogelpopula es onder de huidige normen voor windparken worden onderschat en er momenteel ook geen wetenschappelijk consensus hierover is. ( Mortality limits used in wind energy impact assessment underes mate impacts of wind farms on bird popula ons - Schippers - 2020 - Ecology and Evolu on - Wiley Online Library ) Met andere woorden: Het gestelde met betrekking tot de wespendief in dit concept NRD is achterhaald en dient aangepast te worden. Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Windturbines en gezondheid: Wij begrijpen de zorgen die bestaan over gezondheid. De gezondheidseffecten van windenergie worden op dit moment Wat naar onze mening volstrekt mist in uw concept NRD is een visie hoe de gezondheid van omwonenden wordt gewaarborgd. uitvoerig onderzocht in het na onale milieueffectonderzoek naar windturbinenormen. Op het moment dat de resultaten Welke onderzoeksmethodes en binnen welke kaders gaan onderzoeken plaats vinden naar de gezondheidsaspecten die de realisa e van windturbines met zich daarvan bekend zijn, kunnen eventuele nieuwe normen worden getoetst in een passende m.e.r. beoordeling of ProjectMER meebrengen. Welke aspecten gaan onderzocht worden? wanneer een windenergieproject zich aandient. Voor de volledigheid hebben we de vraag 'hoe om te gaan met We hebben het hier over meer dan uitsluitend een geluidsnorm, maar denken ook bijvoorbeeld aan het neerslaan van (gi ige) microplas cs rondom windturbines. windturbinenormen, nu de na onaal geldende windturbinenormen buiten werking zijn' expliciet voorgelegd bij de commissie Qua geluidsnorm is duidelijk dat er totaal geen wetenschappelijk consensus is over wat wel of niet veilig is. De WHO, die u in dit concept NRD aanhaalt, gee een norm van m.e.r. Een aanvullend advies vanuit de commissie zullen we hierin opvolgen.

We stellen daarnaast voor om hier in het 45 dB Lden aan maar tegelijker jd erkennen ze ook dat die Lden (jaargemiddelde) geen geschikte norm is. milieueffectrapport een paragraaf aan te wijden. Het geluid meten op basis van een jaargemiddelde doet immers geen recht aan de piekhinder en het schept de mogelijkheid om ongestra over een langere periode zeer hoge geluidsoverlast voor omwonenden te veroorzaken. Door gebruik te maken van gemiddelden kunnen schadelijke effecten worden weggepoetst. Wij gaan er van uit dat u bij deze NRD de bevolking de verzekering gee niet uit te gaan van die gemiddelden en dat niet het berekenen, maar het meten van geluid de standaard is. Er kleven meer nadelen aan, handhaving is niet mogelijk gebleken! Infrasoon/Laagfrequent geluid (ILFG) is voor het gemak maar helemaal niet meegenomen. Ook het RIVM erkend dat geluidshinder van windturbines vanaf circa 40 dB zeer waarschijnlijk is. Dit concept NRD doet derhalve geen recht aan burgers daar waar het gaat om de plicht van een overheid om te waken voor gezondheidsschade die burgers op kunnen lopen bij de realisa e van projecten als windparken. De overheid hee in deze een onderzoeksplicht en we verwijzen hierbij graag nogmaals naar voornoemde uitzending van Zembla.

Ook een collec ef van zeer bezorgde medici (www.windwiki.nl) die zich hebben verdiept in de veiligheid van windturbines voor mens en milieu onderzoeken de gezondheidseffecten van windturbines op mensen en zien dat dit effect aanzienlijk is. Er is echter geen wetenschappelijk consensus en meer onderzoek is dan ook nodig. Dit onderzoek zal dan ook afgewacht dienen te worden. In het bijzonder geldt dit voor kinderen beneden de 18 jaar, omdat deze gewoonlijk worden geëxcludeerd uit het onderzoek naar de gevolgen van windturbine geluid, hoewel juist zij een kwetsbare groep zijn. Wanneer men kijkt naar wetenschappelijke studies van verkeerslawaai in al zijn verschijningsvormen (vliegtuig-, trein-, en autolawaai) is er inmiddels ruim voldoende bewijs voor de nadelige gezondheidseffecten van omgevingslawaai op de gezondheid en ontwikkeling van kinderen. Gesteld kan dan ook worden dat ook hier het voorzorgsprincipe toegepast dient te worden.

Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Molenaarswoningen: U stelt dat bij windparkontwikkelingen veelal omwonenden ook ini a efnemer en mede-eigenaar van een windpark zijn en dat windturbines dan dichter bij de woningen staan, waardoor de geluidsnormen worden overschreden. U wilt dit probleem oplossen door woningen als zogenaamde molenaarswoningen te benoemen. Voorwaarde is echter dat er dan wel sprake moet zijn van een binding met het windpark, bijvoorbeeld organisatorisch, func oneel of technisch. Dit is echter heel algemeen gesteld en wekt de indruk dat woningen vrij eenvoudig “molenaarswoningen” kunnen worden. De Raad van State hee aan de mo veringsplicht om woningen als molenaarswoningen te willen definiëren hogere eisen gesteld, de staat is immers verplicht om ook het welzijn en gezondheid van de burgers te beschermen, ook al denken ze daar, uit financieel gewin, zelf anders over. Mogelijke molenaarswoningen/gebieden zijn in dit concept NRD nog niet uitgewerkt, maar zullen mogelijk wel meegenomen worden in de planMER-fase en derhalve dient u in deze NRD bij de begrenzing van de zoekgebieden uit te gaan van de situa e alsof er geen molenaarswoningen aanwezig zijn. In dit concept NRD dient ook beter en meer gedetailleerd beschreven te worden wanneer, onder welke exacte voorwaarden en welke loca es men aan molenaarswoningen denkt.

Overigens is uw stelling in dit concept NRD dat omwonenden veelal ook ini a efnemer en mede-eigenaar is een volstrekte onjuiste stelling. Het zijn juist de omwonenden die géén ini a efnemers en mede-eigenaar zijn. Zij ondervinden slechts de lasten van een windpark (gezondheidsschade, geluidsoverlast, planschade, horizonvervuiling) terwijl anderen, die deze overlast niet ervaren de “lusten” van een windpark te gelde proberen te maken.

De analyse t.a.v. molenaarswoningen is een extra gevoeligheidsanalyse om de mogelijkheden in beeld te brengen. Hierbij baseren we ons niet op individuele bewoners, maar brengen we alleen de mogelijkheden in beeld. Met betrekking tot de ontwikkelingen rond Valburg: deze zijn niet opgenomen als autonome ontwikkeling en zijn als zodanig niet opgenomen als vaststaande ontwikkeling. Uit het milieueffectrapport zal blijken of de loca e geschikt is vanuit milieuaspecten voor duurzame energie-ontwikkeling. De keuze is uiteindelijk aan de bevoegde gezagen.

17

Nota Beantwoording zienswijzen NRD PlanMER RES GMR Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe Beoordelingskader energietechnieken: De onderzoeksmethodiek 'kwalita ef' is hier eveneens gebaseerd op data, namelijk de beoordeling van experts. Opvallend is dat veel methodieken in het beoordelingskader gestoeld zijn op een kwalita eve quick scan. Dat is naar onze zienswijze strikt onvoldoende en zou er ten minste een kwan ta eve onderzoeksmethode van toepassing moeten zijn. Immers ook hier is het voorzorgsprincipe van toepassing. Na vaststelling van een MER-plich g plan of Ten aanzien van Natura 2000-gebieden geldt dat dit, zoals ook benoemd in de NRD, onderdeel is van het het nemen van een MER-plich g besluit moet het betreffende bevoegd gezag de daadwerkelijke milieugevolgen van de uitvoering van de voorgenomen ac viteit milieueffectonderzoek. onderzoeken (art. 7.39 lid 1). Dit noemen we de monitoring en evalua e verplich ng. Bij het plan of besluit zijn de termijn of de termijnen waarop met het onderzoek zal worden begonnen en de wijze (in deze NRD!) waarop dat onderzoek zal worden verricht, al bepaald. Het milieueffectonderzoek hee tot doel gebieden in beeld te brengen die geschikt zijn of geschikt te maken zijn voor Specifiek vragen we in dit kader aandacht voor effecten op habita ypen en soorten Natura 2000-gebied en de thans ontbrekende gezondheidseffecten. Dit is des te ontwikkeling van duurzame energie.

Het detailniveau dat u voorstelt is passend bij een uitwerking op projectniveau. Hierop zal belangrijker vanwege de doorwerking van de planMER naar één of meerdere projectMER. Om vanuit de monitoring en evalua e verplich ng te kunnen vaststellen in welke het onderzoek dan ook niet worden aangevuld. mate de effecten optreden/of evt. mi gerende maatregelen voldoende effect sorteren, is een kwan ta eve methode voorschrijven noodzakelijk. Als monitoring (en handhaving) niet mogelijk is, betekent dit immers dat er een onzorgvuldig besluit is genomen. Derhalve verzoeken wij u de NRD aan te passen in lijn van deze zienswijze door het op nemen van kwan ta eve onderzoeksmethoden waarover wetenschappelijke consensus bestaat en het toevoegen van kwan ta ef onderzoek naar gezondheidseffecten. Voorts verzoeken wij u in het beoordelingskader de waardedaling van woningen mee te onderzoeken en te wegen.

Overbetuwe

S ch ng Bewonerspla orm Windpark Midden-Betuwe In uw beoordelingskader ontbreken de effecten van windturbines en grootschalige zonneparken op het lokale weer. Bekend is inmiddels dat windparken, door de turbulen e die ze veroorzaken in de lucht, het weer beïnvloeden. Voorts is in Duitsland onderkend dat door de ontstane thermiek boven zonnepanelen parken lokaal de wolken breken en desbetreffende gebieden veel minder neerslag ontvangen hetgeen natuurlijk nega eve effecten hee voor de teelt in de Betuwe waar zoekgebieden zijn aangegeven. Wij verzoeken u ook hier het voorzorgsprincipe toe te passen, deze effecten in de NRD te beschrijven en de onderzoeken naar deze effecten in het beoordelingskader op te nemen en tot ui ng te laten komen in de begrenzing van de zoekgebieden voor wind- en zonne-energie.

Ten aanzien van weerseffecten is niet duidelijk naar welk onderzoek wordt verwezen. De zienswijze is hierin niet expliciet waardoor op dit punt niet inhoudelijk kan worden ingegaan.

Tot slot wijzen wij er op dat u als ini a efnemers circulariteit doelstellingen nastree . Bekend is dat de wieken van windturbines in feite chemisch afval zijn na de gebruiksfase waarvoor geen oplossingen zijn. Wij verzoeken u derhalve de mate van circulariteit van de verschillende energietechnieken in het beoordelingskader op te nemen, deze kwan ta ef te onderzoeken en de alterna even in de planMER daar op te wegen. Overbetuwe

S ch ng Dorpsbelangen Herveld-Andelst

De S ch ng Dorpsbelangen Herveld-Andelst bevordert, blijkens de Statuten van de S ch ng, de lee aarheid van de inwoners van Andelst, Herveld-Noord en Herveld-Zuid, Dank voor uw zienswijze. binnen de gemeente Overbetuwe. Onder lee aarheid wordt onder meer duurzaamheid verstaan. ln dat kader dient de S ch ng aan de hand van het concept 'No e Reikwijde en Detailniveau' (NDR) haar zienswijze bij u in.

Overbetuwe

S ch ng Dorpsbelangen Herveld-Andelst

Lee aarheid in het algemeen is een belangrijk goed. Voor de inwoners van Herveld en Andelst speelt daarbij dat die lee aarheid in de afgelopen jaren geregeld onder druk is komen te staan. Het landschap rond de dorpen is periodiek - en niet al jd ten goedeveranderd door de verbreding van de A50, de aanleg van de Tacitusbrug in deze Rijksweg, de aanleg en aanpassingen in de dorpen van de Betuwelijn en door de uitbreiding van het bedrijventerrein in Andelst. Het is zeker niet uit te sluiten dat door al deze veranderingen er een nega ef effect is (ontstaan) op de gezondheid van de inwoners van onze dorpen. Daarom pleiten wij ervoor in de defini eve NDR te kiezen voor een brede onderzoeksopzet voor geluidsnormering, visuele hinder, afstandsnormering en slagschaduw, conform het landelijk ingeze e traject dienaangaande, om aldus zeker te stellen dat de toekoms ge plannen geen schadelijk effect zullen hebben op de gezondheid van de inwoners van Andelst, Herveld-Noord en Herveld-Zuid en uiteraard de buitengebieden rondom deze dorpen.

De gezondheidseffecten van windenergie worden op dit moment uitvoerig onderzocht in het na onale milieueffectonderzoek naar windturbinenormen. Op het moment dat de resultaten daarvan bekend zijn, kunnen eventuele nieuwe normen worden getoetst in een passende m.e.r. beoordeling of ProjectMER wanneer een windenergieproject zich aandient. Voor de volledigheid hebben we de vraag 'hoe om te gaan met windturbinenormen, nu de na onaal geldende windturbinenormen buiten werking zijn' expliciet voorgelegd bij de commissie m.e.r. Een aanvullend advies vanuit de commissie zullen we hierin opvolgen. We stellen daarnaast voor om hier in het milieueffectrapport een paragraaf aan te wijden.

Overbetuwe

S ch ng Dorpsbelangen Herveld-Andelst

Een tweede opmerking die de S ch ng in het kader van haar zienswijze aan u meegee is dat bij het bepalen van toekoms ge zoekgebieden rekening wordt gehouden met toekoms ge woningbouwontwikkelingen binnen de drie dorpen" Er zijn plannen om in de gemeente Overbetuwe meer woningen te bouwen, naar wij verwachten ook in Herveld en Andelst. Er moet een goede en adequate afstemming zijn tussen die woningbouwplannen en het vinden van geschikte plaatsen voor het te ontwikkelen energielandschap. Kortom: het energielandschap moet zo op maal en zonder verdere hinder worden ingepast in de huidige landschappelijke omgeving.

In dit milieueffectonderzoek wordt rekening gehouden met autonome ontwikkelingen zoals woningbouwplannen. Die informa e wordt door individuele gemeenten aangeleverd en wordt voor de gemeente Overbetuwe in het milieueffectonderzoek aangevuld ten opzichte van dit NRD.

Overbetuwe

S ch ng Dorpsbelangen Herveld-Andelst

lndien gewenst lichten wij deze zienswijze graag toe. We hopen dat onze aandachtspunten niet alleen worden meegenomen en verwerkt in de defini eve NDR maar ook te zijner jd daadwerkelijk worden uitgevoerd.

Dank voor uw zienswijze.

Rheden

Gemeente Rheden

In de raadsvergadering van 20 december 2022 is de concept No e Reikwijdte en Detailniveau (NRD) d.d. 21 september 2022 voor de milieueffectrapportage (planMER) RES Dank voor uw zienswijze. Groene Metropoolregio besproken. De gemeenteraad van Rheden maakt graag van de gelegenheid gebruik om een zienswijze te geven op de concept NRD. In deze brief lichten wij onze zienswijze toe.

Rheden

Gemeente Rheden

Allereerst onze complimenten voor de heldere toelich ng van de inhoud, diepgang en proces om te komen tot een planMER. Onzes inziens een mooie basis om verdere stappen te ondernemen. Wat betre de inhoud van de no e hebben wij nog één opmerking over de paragraaf 2.5 Gemeentelijk beleid (zie hieronder). “De Omgevingsvisie is 1 van de instrumenten uit de Omgevingswet. Deze nieuwe wet gaat in op 1 januari 2023. Er is daarom alleen gekeken naar de omgevingsvisies binnen de gemeenten en niet naar bijvoorbeeld (veelal verouderde) structuurvisies.”

In het milieueffectonderzoek houden we alleen rekening met de Omgevingsvisies vanuit de bedoeling van de Omgevingswet. Op regionaal niveau hee het geen toegevoegde waarde, en kan het zelfs belemmerend werken als rekening wordt gehouden met alle lokale beleidskaders, visies en handreikingen. Derhalve is de keuze gemaakt het milieueffectonderzoek volledig op regionaal niveau te richten en geen expliciete rekening te houden met gemeentelijke voorkeuren uit beleid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=a66bb658-8277-4134-98f5-dc7f28c8d76f