Agendabundel
Tekst van het document
bouwen wij levensloopgeschikte woningen waar mogelijk op loopafstand van voorzieningen. We beseffen dat het niet mogelijk zal zijn om alle ouderen dichtbij voorzieningen te huisvesten. Vaak spelen bepaalde sentimenten en hechting aan de woonomgeving mee. Ook in de kleinere kernen met minder aanwezige voorzieningen, zoals Laag-Soeren, De Steeg, Ellecom en Spankeren zetten wij ons daarom in voor het realiseren van levensloopgeschikte woningen. In de woonzorgvisie gemeente Rheden 2023 is aandacht voor diverse doelgroepen waaronder senioren. Deze visie is vastgesteld en maakt integraal onderdeel uit van de Woonvisie. Gezinnen/Doorstromers Wij willen een vitale gemeente zijn. Juist een mix van verschillende leeftijden kan hieraan een bijdrage leveren. We richten ons dus niet alleen op jongeren en ouderen, maar ook op gezinnen. Het zou mooi zijn als we gezinnen kunnen vasthouden en aantrekken om te komen wonen in onze mooie gemeente. Dit is belangrijk voor de draagkracht voor onze voorzieningen en de draagkracht in de wijken. Wij leggen hierbij de link tussen wonen en werken. Een uitgebreidere beschrijving van onze voornemens volgt in het hoofdstuk ‘verbinding wonen en werken’.
2.3
Aandacht voor studenten, arbeidsmigranten, zorgcliënten en woonwagenbewoners
Ook voor studenten, arbeidsmigranten, zorgcliënten en woonwagenbewoners willen wij een gemeente zijn waar zij graag wonen. Deze doelgroepen hebben hun eigen specifieke huisvestingsvraag, waar we aandacht aan besteden. De visie voor huisvesting van arbeidsmigranten en zorgcliënten is in mei 2020 vastgesteld. .Een verdere uitwerking van het beleid voor zorgcliënten is opgenomen in de Woonzorgvisie 2023. Nieuw woonwagenbeleid is vastgesteld in 2023. En voor studenten is het beleid geactualiseerd. Er wordt onderzocht of een kleine uitbreiding voor internationale studenten mogelijk is. Studentenhuisvesting In onze gemeente hebben we één HBO instelling: Van Hall Larenstein (VHL) en drie MBO instellingen: Helicon, Aeres en het Astrum College. Allen zijn gevestigd in Velp. In Arnhem Presikhaaf, tegen Velp aan, zit de HAN, Hogeschool Arnhem Nijmegen. Een logisch gevolg is dus dat de meeste studentenhuisvesting in onze gemeente in Velp zit. De kamermarkt van Velp en Arnhem loopt in elkaar over. Veel studenten geven er de voorkeur aan om in Arnhem te wonen, maar er zijn ook studenten van VHL, die juist liever in Velp wonen vanwege de rust en het groen. Bij VHL studeren ca. 2.000 studenten. Uit de Landelijke Monitor Studentenhuisvesting, waarbij Velp ook is meegenomen, blijkt dat van de hbo studenten 41% uitwonend is. Dat zou betekenen dat er ca.
800 VHL-studenten op kamers wonen, waarvan ruim 200 internationale studenten. Bij de MBO instellingen in Rheden studeren een kleine 1.000 studenten. Uit onderzoek komt naar voren dat ca. 20% van de MBO studenten uitwonend is. Dat zou betekenen dat er 200 MBO-studenten op kamers wonen. Van de Rhedense studenten wonen er naar schatting ca. 1.000 studenten op kamers. Waar zij precies wonen is niet bekend. In de Lokale Monitor Studentenhuisvesting (LMS 2019) worden Arnhem en Velp als één geheel gezien. Hieruit blijkt dat er totaal in Arnhem en Velp 8.200 uitwonende studenten wonen (mbo/hbo/wo). De prognose is dat het aantal reguliere studenten de komende 8 jaar zal afnemen tot 8.000 studenten. Het aantal studiepuntmobiele 15
(short stay) studenten zal juist toenemen van 350 naar 470 in 2027. Het totaal aantal uitwonende studenten in Arnhem en Velp zal de komende jaren dus ongeveer gelijk blijven. Het totale kameraanbod in Arnhem en Velp is 8.200. Hiervan worden er 600 verhuurd door de Stichting Studentenhuisvesting Arnhem-Nijmegen (SSH&) en de overige 7.600 door particulieren. VHL wil graag groeien in het aantal studenten. Daar komt een behoefde voor het huisvesten van internationale studenten uit voort. In antwoord hierop onderzoeken we waar kansen liggen voor (tijdelijke) huisvesting. Daarnaast gaan wij bekijken hoe wij het stimuleren van woning delen/ gastheerschap meer onder de aandacht kunnen krijgen bij onze inwoners. Er zijn weinig meldingen van overlast bekend rondom studentencomplexen. Maar we hebben als gemeente ook weinig zicht op kamerverhuur aan studenten. Inwoners mogen in hun eigen woning 2 kamers verhuren zonder dat er een vergunning nodig is. Willen inwoners 3 of meer kamers verhuren dan hebben ze een kamerverhuurvergunning nodig. Deze kunnen ze aanvragen bij de gemeente. Bij de beoordeling van de vergunningaanvraag wordt rekening gehouden met de gevolgen voor de woon- en leefomgeving en het karakter van de straat of wijk.
Ook kan er sprake zijn van het toetsen van de eigenaar/verhuurder om zeker te weten dat deze in het verleden niet in aanraking is geweest met justitie of politie. Het doel is om ondermijnende en overlast gevende situaties te vermijden. Als woning splitsen of kamerbewoning weinig gevolgen heeft voor de leefbaarheid van de wijk en aan alle eisen voldoen, staan wij daar positief tegen over. Met het vaststellen van de visie Huisvesting arbeidsmigranten en zorgcliënten is het de bedoeling dat we als gemeente wel gaan sturen op het aantal kamerverhuurpanden en een evenwichtige verdeling over de kernen van de gemeente. Dit geldt ook voor kamerverhuurpanden voor studenten. Dit gebeurt via de bestemmingsplannen/ omgevingsplannen. Verder is de prijs/ kwaliteit verhouding van sommige studentencomplexen onder de maat. Deze verhuurders worden ook wel huisjesmelkers genoemd. Soms klagen studenten zelf hun huisbaas aan, omdat ze bijvoorbeeld te veel huur of borg moeten betalen. Soms echter weten studenten niet wat hun rechten zijn. Studenten verwijzen we door naar de huurcommissie om op te komen voor hun rechten. Arbeidsmigranten In mei 2020 is de Visie “Huisvesting Arbeidsmigranten en Zorgcliënten in balans” door de Raad vastgesteld. Op basis van de visie zijn de “Beleidsregels afwegingkader voor huisvesting van arbeidsmigranten in de gemeente Rheden” vastgesteld.
In deze visie en beleidsregels is zowel een analyse gemaakt van de huisvesting voor arbeidsmigranten als een analyse van de huisvesting voor zorgcliënten met psychische klachten. In deze paragraaf geven we kort weer wat de analyse en de visie is met betrekking tot de huisvesting van arbeidsmigranten. Voor het volledige verhaal verwijzen wij u graag naar de visie zelf. Goede huisvesting voor arbeidsmigranten vinden we belangrijk. We willen voorzien in aanbod van huisvesting voor 1.000 arbeidsmigranten. Dit is gebaseerd op een eerlijke verdeling in de regio. Op dit moment hebben we 550 plekken voor arbeidsmigranten in de gemeente Rheden. Het meeste aanbod is nu te vinden in Velp. We monitoren het aanbod en letten bij nieuwe initiatieven op spreiding binnen en over de kernen, kwaliteit en beheer. De gewenste spreiding is terug te vinden in het parapluplan huisvesting arbeidsmigranten en 16
zorgcliënten. Daarnaast gaan we kijken naar de mogelijkheden om het aanbod voor arbeidsmigranten uit te breiden. Verder moet de leefbaarheid en veiligheid in panden met huisvesting voor arbeidsmigranten verbeteren. Er moet meer aandacht komen voor de kwetsbare positie van arbeidsmigranten. Dit betekent dat we ons richten op een goede prijs/kwaliteit verhouding van de huisvesting. En de koppeling tussen wonen en werk moet niet dwingend zijn of afhankelijk maken. Ook de leefbaarheid rondom de panden moet verbeteren als er overlast wordt ervaren. Voorkomen van en optreden tegen overlast en ondermijnende activiteiten is belangrijk. Hiervoor is toezicht en handhaving essentieel. En exploitanten worden aangesproken op het onderhouden van contacten met de buurt. Als uitwerking van de visie zijn er in 2021 beleidsregels vastgesteld voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Met het vastgestelde parapluplan arbeidsmigranten en bijzondere woonvormen kan beter worden gestuurd op nieuwe initiatieven, zowel voor arbeidsmigranten als voor zorgcliënten. Zorgcliënten Wij huisvesten ten opzichte van de regio en het landelijk gemiddelde veel zorgcliënten, met name voor beschermd wonen. We streven daarom naar een afname van minimaal één derde van het aantal plekken beschermd en begeleid wonen de komende 10 jaar. Dit doen we door natuurlijke afbouw en het niet toelaten van nieuwe zorgaanbieders.
Een extra reden voor afbouw is dat het budget voor deze doelgroep met 40% zal afnemen de komende 10 jaar. Ook is een betere spreiding over de kernen gewenst. Er moet aandacht zijn voor de leefbaarheid en veiligheid in en rond panden met huisvesting voor zorgcliënten. Ook zorgcliënten zijn kwetsbare inwoners. Zij verdienen goede huisvesting en goede zorg. De koppeling tussen wonen en zorg moet niet dwingend zijn of afhankelijk maken. Ook bij huisvesting voor zorgcliënten wordt soms overlast ervaren. Zorgaanbieders worden aangesproken op het onderhouden van contacten met de buurt. Daarnaast is toezicht en handhaving nodig om overlast en ondermijnende activiteiten te voorkomen. Voor meer informatie verwijzen we naar de Visie Huisvesting Arbeidsmigranten en Zorgcliënten. In de woonzorgvisie gemeente Rheden 2023 is het beleid voor zorgcliënten verder uitgewerkt. De gestelde doelen voor zorgcliënten zijn: 1. In 2030 is vraag en aanbod in balans; 2. Met de woondeal 2.0 regio Arnhem-Nijmegen als uitgangspunt werken we aan een eerlijke verdeling in de regio; 3. We stellen een afwegingskader vast voor nieuwe woonzorginitiatieven, waardoor we beter kunnen sturen op veerkracht in de wijk. Woonwagenbewoners In juli 2018 is er door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een beleidskader vastgesteld voor de doelgroep woonwagenbewoners.
Hierin wordt gesteld dat de afbouw van standplaatsen (het zogenaamde uitsterfbeleid) niet langer toegepast mag worden. Woonwagenbewoners moeten, net als andere doelgroepen, binnen afzienbare tijd kans maken op een standplaats. In 2022 is onderzoek uitgevoerd naar de behoefte aan standplaatsen. Hier kwam een extra behoefte voor 12-13 woonwagenstandplaatsen uit. In 2023 is het woonwagenbeleid gemeente Rheden 2023 vastgesteld. Hierin staat dat we 12 extra standplaatsen gaan realiseren. Samen met de bewoners stellen we nieuwe 17
toewijzingsregels op en alle eigenaren zorgen voor goed beheer van de standplaatsen. Dit woonwagenbeleid gemeente Rheden 2023 maakt onderdeel uit van deze woonvisie.
2.4 Wonen met zorg In onze gemeente moet iedereen prettig kunnen wonen, ook als je zorg nodig hebt. In de Woonzorgvisie gemeente Rheden 2023 staat hoe we omgaan met huisvesting voor senioren, mensen met een beperking en mensen met een psychische stoornis. De grote lijn is dat er steeds meer mensen langer zelfstandig blijven wonen in de wijk en minder in zorginstellingen. Dat vraagt iets van de wijk. We zetten daarom in op blijfwijken/ zorgzame buurten, gemengde wijken met een krachtig woon- en zorgnetwerk. Uitwerking hiervan is te vinden in Woonzorgvisie gemeente Rheden 2023, die integraal deel uitmaakt van deze Woonvisie.
2.5 Samenvatting leefbare wijken voor alle inwoners •
• • •
• • • •
• •
• •
Draagkracht in de wijken Met de woningcorporaties en particuliere eigenaren zetten we in op onderhoud en verduurzaming van woningen. Door daarnaast in te zetten op het klimaatbestendig maken van de woonomgeving, verbeteren van de fysieke leefomgeving en gedragsverandering ten aanzien van energiegebruik, krijgen wijken een kwaliteitsimpuls. Meer differentiatie in wijken door meer duurdere woningen in wijken met vooral sociale huur en goedkope huurwoningen in wijken met weinig sociale huur. Minder eenzaamheid en meer samenredzaamheid door passende woonvormen voor ouderen (blijfwijken/zorgzame buurten). Minder kwetsbare wijken door sturen op instroom door woningcorporaties. Samen met bewoners en andere partijen werken aan een integrale wijkaanpak, waardoor de leefbaarheid verbetert. Een passende woning voor jong en oud We zetten in op doorstroming van senioren naar passende woningen. Hiervoor zetten we de wooncoach in. Om het aanbod voor senioren te vergroten stellen we bij nieuwbouwwoningen de eis dat alle appartementen levensloopgeschikte nultreden woningen moeten zijn. We realiseren tenminste één project met een vernieuwende woonvorm voor senioren in deze woonvisieperiode. Wij zetten ons ervoor in om in alle kernen, ook in de kleinere kernen van de gemeente, levensloopgeschikte woningen te realiseren, een deel hiervan is geclusterd en een deel zorggeschikt.
Door met name levensloopgeschikte woningen te bouwen, komen door middel van doorstroming ook woningen vrij voor gezinnen en starters. We maken prestatieafspraken met Vivare en Veluwonen om geschikte woningen voor senioren ook aan deze doelgroep toe te wijzen. En we maken afspraken hoe we omgaan met aangepaste woningen, die vrijkomen. Met woningcorporaties maken we prestatieafspraken om de slaagkansen van starters te verbeteren door een pilot binnen het lokaal maatwerk op te zetten. Aanpassen van de openbare ruimte, goede bereikbaarheid, voldoende groen en rust en ontmoetingsplekken. Studenten, arbeidsmigranten, zorgcliënten, woonwagenbewoners
18
•
•
•
•
We gaan onderzoeken waar kansen liggen om studentenkamers toe te voegen in overleg met VHL. Dit onderzoeken we voor de korte en langere termijn. Daarnaast gaan wij onderzoeken hoe wij het stimuleren van woning-delen/gastheerschap meer onder de aandacht kunnen krijgen bij onze inwoners. We trekken hierin als gemeente samen op met de opleidingsinstituten en woningcorporaties. We huisvesten maximaal 1.000 arbeidsmigranten. Een betere spreiding over de dorpen is gewenst. En een beter leefklimaat in en rond de woonpanden. We onderzoeken de mogelijkheden voor uitbreiding van het aanbod. We zetten in op het verkleinen van het aanbod begeleid en beschermd wonen de komende jaren met één derde, zodat deze meer in lijn komt met onze opgave. Zowel in samenwerking met partners als door toezicht en handhaving brengen we overlast van deze doelgroepen terug. Wij ondersteunen mantelzorgers door mogelijkheden te bieden voor het plaatsen van mantelzorgwoningen of het aanvragen van een mantelzorgurgentieverklaring.
19
3. Bestaande woningvoorraad duurzaam en toekomstbestendig We staan in Nederland voor de grote opgave van de energietransitie. Het verbruik van energie uit fossiele brandstoffen zal volledig worden afgebouwd en we moeten meer duurzame energie gaan opwekken. Ook moeten we onze woningen en wijken aanpassen om weersextremen op te kunnen vangen en de biodiversiteit te vergroten. We willen circulair bouwen stimuleren, net zoals duurzame mobiliteit. Dit vraagt om een integrale aanpak, waarbij partijen samenwerken en per wijk ook de fysieke en sociale problematiek wordt aangepakt. Dit is een enorme uitdaging, die we samen aan willen gaan. Een toekomstbestendige woningvoorraad betekent ook dat we helpen om de woningvoorraad geschikt te maken voor de groeiende groep ouderen, die zo lang mogelijk zelfstandig moeten kunnen blijven wonen. En we willen een betaalbare woningvoorraad waardoor mensen ook in de komende jaren hun woonlasten kunnen blijven betalen en niet in de schulden komen.
Burgerakkoord en Duurzaamheidsagenda In 2022 hebben duizend inwoners van de gemeente Rheden in het Burgerberaad hard gewerkt aan het Burgerakkoord. Inwoners dachten na over de vraag: Hoe wordt Rheden voor 2040 CO2 neutraal? In het akkoord zijn voorstellen voor verduurzaming opgenomen, waar wij als gemeente en partners mee aan de slag gaan. In verschillende werkplaatsen zijn de deelnemers druk geweest met het uitwerken van de ideeën tot concrete voorstellen en beslispunten. Deze voorstellen zijn tijdens de Burgerraad gepresenteerd. Vervolgens hebben alle deelnemers aan de Burgertop op de beslispunten gestemd. Dat heeft geresulteerd in het Burgerakkoord, een document vol voorstellen en actiepunten. Zo hebben de inwoners onder andere gestemd voor initiatieven om inwoners te helpen bij het verduurzamen van de woning, het verminderen van hun CO2-voetafdruk en consuminderen en die voorlichting moeten geven op verschillende vlakken. Er wordt gekeken naar wijkgerichte energieoplossingen en de gemeente zou het groenbeheer moeten aanpassen. Het zijn maar enkele van de punten die zijn opgenomen in het akkoord. Alle actiepunten en het volledige Burgerakkoord zijn terug te vinden op www.g1000rheden.nl. Op dit moment werken we samen met onze inwoners aan de vertaling van het burgerakkoord in een zogeheten ‘duurzaamheidsagenda’ voor Rheden.
3.1 Verduurzaming van de woningvoorraad Bij duurzaam wonen denken de meesten van ons aan energie besparen en opwekken: isoleren, van het aardgas af en zonnepanelen op je dak. Dit is heel belangrijk en hier willen we ook vol op inzetten, want het energieverbruik vanuit de woningen is de helft van het totale energieverbruik in Rheden. Een flinke besparing op dit verbruik draagt zeker bij aan het tegengaan van klimaatverandering. Maar duurzaamheid is zo veel meer dan energie. Circulariteit, natuurinclusief bouwen, klimaatbestendigheid en duurzame mobiliteit zijn minstens zo belangrijke pijlers als het energievraagstuk. Daarnaast kijken we eerst naar renovatie en daarna pas naar sloop/ nieuwbouw. In de meeste gevallen is renovatie beter voor het klimaat en het milieu dan slopen. De bouwsector heeft een enorme impact op onze natuurlijke omgeving en is verantwoordelijk voor een groot aandeel van de jaarlijkse CO2- en broeikasgasuitstoot. Ook de veroorzaakte afvalstroom en het gebruik van schaarse grondstoffen binnen de sector zijn aanzienlijk. Deze vijf duurzaamheidspijlers zetten we de komende jaren in bij nieuwbouw, maar waar mogelijk ook bij verbouw of grootschalige renovaties. Vaak is een verhuizing hét moment om 20
de woning te gaan verduurzamen. Inwoners en partners nemen we mee in onze ambities om al die woningen straks energieneutraal, circulair, klimaatbestendig, natuurinclusief en met aandacht voor duurzame mobiliteit (fiets, openbaar vervoer en elektrisch laden) te hebben, ofwel, klaar voor de toekomst! We gaan dit realiseren met een mix aan instrumenten. Hierbij valt te denken aan voorbeeldprojecten, leningen, prestatieafspraken met de woningcorporaties conceptueel/ industrieel bouwen en kwaliteitscriteria bij nieuwbouw. Voor de vele monumentale panden die Rheden rijk is hebben we het project Maatwerk voor Monumenten, waarmee we met inwoners deze panden verantwoord willen verduurzamen.
Energiebesparing en –opwekking Op energiegebied staan we aan de vooravond van grote veranderingen. Als we in 2040 energie- of CO2-neutraal willen zijn dan moeten we alle zeilen bijzetten! Om het fraaie landschap zo veel mogelijk te ontzien, helemaal lijkt onmogelijk, zullen we extra moeten inzetten op het zo zuinig mogelijk maken van onze woningen en onze daken maximaal moeten inzetten voor zonne-energie. Concreet • We gaan maximaal inzetten op zon op dak en op andere locaties in onze kernen (zoals parkeerplaatsen). • We onderzoeken en informeren inwoners over aantrekkelijke leningen en subsidies die beschikbaar zijn voor de verduurzaming van de woningen. • We maken in de prestatieafspraken met woningcorporaties concrete afspraken over het verduurzamen van het woningbezit. • We starten met de eerste wijken van het aardgas af te halen (Transitievisie Warmte). Uit onderzoek zijn er vier wijken kansrijk. Er wordt gestart met Dieren-West. Samen met inwoners en andere stakeholders werken wij aan een zogenaamd Wijk Uitvoerings Plan (WUP). In het WUP komt straks te staan welke woningen en straten in een buurt echt geschikt zijn en met welke techniek de stap naar aardgasvrij gezet wordt. • We besteden extra aandacht aan bewustwording van inwoners ten aanzien van energieverbruik.
• We zetten in op doorstroming op de woningmarkt: Een verhuizing is hét moment waarop mensen ervoor kiezen om te gaan verbouwen en verduurzamen.
Natuurinclusief De achteruitgang van de flora en fauna is naast de klimaatopgave een grote bedreiging voor het leven op aarde. De wereld kan niet zonder biodiversiteit. We zijn ons bewust van de diversiteit van planten en diersoorten die in Nederland voorkomen. Als groene gemeente leven we in Rheden dicht bij grote natuurgebieden zoals de Veluwe en de IJssel met haar uiterwaarden (beide N2000). Soorten en natuurgebieden zorgen bijvoorbeeld voor de productie van zuurstof, afbraak van dode dieren en planten, bestuiving van planten (waaronder landbouwgewassen), waterzuivering en het beheersen van plagen. Biodiversiteit betekent voor de mens voedsel, bouwmateriaal, brandstof (hout), grondstoffen voor kleding (zoals katoen) en medicijnen. Concreet • We vragen bij nieuwbouw om maatregelen te nemen in verband met de aanwezigheid van bedreigde of beschermde soorten die de lokale biodiversiteit verhogen. In de Beleidsnota Biodiversiteitsplan 2022-2032 en het soortenmanagementplan wordt hier verder op ingegaan. 21
•
Bij werkzaamheden aan bestaande bebouwing houden we rekening met aanwezigheid van eventuele beschermde soorten en motiveren wij het plaatsen van biodiversiteit verhogende maatregelen zoals het plaatsen van inbouwkasten voor vogels en vleermuizen in de gevel.
Klimaatbestendig Klimaatbestendig wonen is wonen zonder risico op waterschade of wateroverlast bij hevige regenval en beperkte risico’s op hittestress tijdens warme zomerdagen. Klimaatbestendig wonen is wonen in een omgeving waar groen tegen een stootje kan bij droogte en waar regenwater maximaal kan infiltreren in de bodem en zo verdroging tegengaat. In 2023 is het Watertakenplan Olburgen 2023-2027 door de gemeente opgesteld, wij sluiten aan bij de principes uit dit plan in deze woonvisie. Concreet • We streven naar meer groen en minder bestrating in de openbare ruimte en op particulier terrein. Bij herinrichtingen in de openbare ruimte wordt 10% minder verharding toegepast ten opzichte van de situatie voor de herinrichting. • Het streven is om 2/3 van het tuinoppervlak te benutten voor groen • Bij nieuwbouw of herstructurering van wijken ontwerpen we bewust grootschalige aaneengesloten ‘groen-blauwe structuren’ en buffers ten behoeve van waterberging, verkoeling, biodiversiteit en ontmoeting; • We zijn zuinig op de bestaande groene ruimte in wijken, ook bij kleine omvang, en nemen de huidige aanpak ten aanzien van ‘snippergroen’ in heroverweging; • Bij nieuwbouw willen we zo min mogelijk (nieuwe) bestrating in de buitenruimte en dient het hemelwater zoveel mogelijk op eigen perceel in de bodem worden opgevangen. In 2022 is de gemeentelijke hemelwaterverordening gewijzigd.
De waterbergingseis voor nieuwe bouwwerken en verhardingen is verhoogd van 20 tot 60 mm. Dit geldt in de gebieden waar het water in de bodem kan en mag infiltreren. • We streven naar de toepassing van de vuistregel 3-30-300 om gezondheid en welzijn in onze bebouwde omgeving met stadsgroen te bevorderen, 3 bomen, 30% bladerdak, 300 meter tot een groene koelteplek. • Daken en gevels kunnen ‘groen’ gemaakt worden. om een bijdrage te leveren om de woning koel te houden in de zomer. • We nemen hittebestendigheid mee in nieuwbouwplannen (zonwering, dakoverstek, hoeveelheid glas, aard en kleurstelling van gebruik materialen, beplanting, creëren van schaduw etc.). • Nieuwbouw initiatieven houden rekening met water en bodem sturende locaties evenals klimaat adaptief bouwen. Daarvoor is een klimaat atlas voor te raadplegen namelijk; www.weetvanwater.nl • We nemen klimaatbestendigheid mee in de jaarlijkse prestatieafspraken met de woningbouwcorporaties. • Als richtlijn voor nieuwbouwen projecten geven wij mee, de landelijke maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving. De maatlat maakt duidelijk hoe klimaatadaptief bouwen eruitziet. Het instrument beschrijft doelen en prestatie-eisen, en geeft richtlijnen voor de thema’s wateroverlast, droogte, hitte, biodiversiteit, bodemdaling en gevolgbeperking overstromingen. De maatlat schrijft geen specifieke maatregelen voor.
Daardoor blijft er lokaal ruimte voor maatwerk en krijgen innovatieve en slimme oplossingen alle ruimte. Circulair en conceptueel bouwen 22
We (ver)bouwen in Rheden met respect voor grondstoffen. Grondstoffen die wereldwijd steeds schaarser worden. We volgen de regionale afspraken uit de Woondeal 2.0 regio Arnhem-Nijmegen. De gemeenten in de regio spannen zich in om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% van het aantal woningen industrieel te laten bouwen. En om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% minder primaire grondstoffen in projecten te gebruiken. Ook onderzoeken we de mogelijkheden van conceptbouw. Industrieel kan ook zijn conceptueel, modulair of prefab. Binnen aanbestedingen zetten we in op het verbeteren van de milieuprestatie tot minimaal een Milieuprestatie Gebouwen (MPG-norm) van 0,5.
Duurzame mobiliteit Een van de speerpunten van de gemeente Rheden is een verdere verduurzaming mobiliteit. We reizen alleen als het echt nodig is en als we het doen, zo schoon mogelijk. Bij voorkeur te voet, met de fiets of openbaar vervoer. Daar waar we met de auto gaan doen we dit in de toekomst op basis van groene energie. Bezit is geen vanzelfsprekendheid meer, we stimuleren het delen van mobiliteit. In onze gemeente wordt er nog maar weinig gebruik gemaakt van deel mobiliteit. Daar waar er landelijk al 57 per 100.000 inwoners gebruik maken van deelmobiliteit is dat in onze gemeente pas voor 7 per 100.000 inwoners het geval. Rheden is voor een dorpsgemeente goed per trein te bereiken met maar liefst drie stations in de gemeente, waaronder zelfs een Intercity-halte. In onze gemeente zijn 14 op de 1.000 auto’s een elektrische auto. Bij het ontwikkelen van nieuwe woningen, maar ook waar mogelijk bij verbouw of grootschalige renovaties willen we uitgaan van het STOMP2 principe. Dit wordt nog verankerd in de Omgevingsvisie van de gemeente Rheden. Concreet: • We vragen bouwpartijen en woningcorporaties rekening te houden met oplaadmogelijkheden voor elektrisch rijden. • We vragen bouwpartijen en woningcorporaties rekening te houden met een fietsvriendelijke inrichting van woningen en wijken.
• We vragen bouwpartijen en woningcorporaties rekening te houden met duurzame mobiliteit met als uitgangspunt het STOMP principe. • We vragen aandacht voor toegankelijke en groene routes naar de voorziening in de wijken. Het uitgangspunt voor het duurzaamheidsbeleid is het klimaatbeleid en programma van Rheden, dat begin 2019 is vastgesteld. Er wordt gewerkt aan een duurzaamheidsagenda. Deze agenda is gericht op het burgerakkoord uit 2022.
3.2 Levensloopgeschikt maken van woningen Om de grote groep ouderen in onze gemeente nu en in de toekomst passend te kunnen huisvesten, moeten er heel veel levensloopgeschikte woningen bij komen. Met alleen nieuwbouwwoningen gaan we het tekort niet oplossen, ook veel woningen in de bestaande woningvoorraad moeten worden aangepast. Als gemeente denken we hier graag over mee met inwoners. Een levensloopgeschikte woning is goed toegankelijk, ook met een rollator. In de Woonzorgvisie gemeente Rheden 2023 hebben we de definitie voor een levensloopgeschikte woning aangescherpt, zodat een deel van de nieuwbouwwoningen écht levensloopgeschikt wordt. We noemen dit levensloopgeschikte nultredenwoningen. 2 STOMP staat voor Stappen, Trappen, OV, MaaS (deelmobiliteit) en Privé-auto. Bij het STOMP-principe geven we de S de meeste prioriteit,
gevolgd door de T, de O, de M en dan pas de P.
23
Tot 2030 is er een tekort van ca. 2.000 levensloopgeschikte woningen. In de Woonzorgvisie is beschreven hoe we dit tekort willen terugdringen.
Nieuwbouw Van de nieuwbouw is 13% een geclusterde woonvorm, ook voor mensen met beginnende dementieklachten (4%). Bij voorkeur zijn dit levensloopgeschikte nultredenwoningen. Dit betekent dat we in alle kernen inzetten op het toevoegen van levensloopgeschikte nultreden appartementen of levensloopgeschikte grondgebonden woningen.
Aanpassen woningen particuliere eigenaren Als doorstroming niet mogelijk of wenselijk is, stimuleren wij oudere particuliere eigenaren om hun woningen vroegtijdig aan te passen. Vrijwilligers van Stichting Stoer maken een inventarisatie van mogelijke aanpassingen. Hierbij kan gedacht worden aan het verlagen van drempels, beugels bij toilet en douche, een verhoogde toiletpot, het aanleggen van een intercom etc. Op dit moment wordt de huidige Toekomstbestendig wonen lening onder de loep genomen en afhankelijk van wat de raad besluit komt er mogelijk in 2024 een nieuwe lening waar ook ouderen gebruik van kunnen maken. Hiermee kunnen zij makkelijker en goedkoper geld lenen om aanpassingen in hun woning te bekostigen.
Aanpassen sociale huurwoningen Samen met Vivare en Veluwonen zetten we in op het vergroten van het aanbod levensloopgeschikte sociale huurwoningen. Om overzicht te krijgen hebben we vraag en aanbod in beeld gebracht en bepaald hoeveel woningen aangepast of toegevoegd moeten worden. Dit is terug te vinden in de woonzorgvisie gemeente Rheden 2023. Ook kijken we naar de toegankelijkheid van appartementencomplexen en de ruimte voor scootmobielen. Omdat we niet willen dat aanpassingen bij vertrek van een huurder ongebruikt blijven of eruit gesloopt worden, hebben we afspraken gemaakt met Vivare hoe we hier goed mee om kunnen gaan. Ouderen met een verhuisindicatie voor een levensloopgeschikte sociale huurwoning kunnen soms moeilijk een passende woning vinden. Samen met Vivare onderzoeken we hoe dit komt en nemen we maatregelen om dit te verbeteren.
3.3 Integrale wijkvernieuwing In de meest kwetsbare wijken in onze gemeente zetten we in op integrale wijkvernieuwing. Samen met bewoners en andere stakeholders maken we plannen voor zowel fysieke als sociale maatregelen. Zo worden de wijken duurzaam en veilig, een prettige plek om te wonen, een thuis voor velen.
Afronden wijkvernieuwing Velp Zuid Met Vivare zijn meerjarige afspraken gemaakt over de herstructurering van Velp Zuid. Door de herstructurering zijn er minder kleine goedkope woningen in de wijk gekomen en meer grotere, wat duurdere sociale huurwoningen. Er is een flinke kwaliteitsslag gemaakt. Woningen worden bij deze aanpak ook zo goed mogelijk verduurzaamd. Door meer differentiatie in woningtypen en prijsklassen, vergroening en verduurzaming, ontstaat een toekomstbestendige wijk. Op sociaal vlak willen we nog onderzoeken wat er al gebeurd in de wijk en hoe de leefbaarheid in de wijk Velp Zuid verbeterd kan worden.
24
Integrale wijkvernieuwing Rheden en Dieren Gemeente, Vivare en HVR zijn gezamenlijk en aangevuld met andere stakeholders in gesprek over een toekomstvisie op de wijken waar Vivare bezit heeft. Deze toekomstvisie moet leiden tot een integrale wijkaanpak. Hierbij wordt niet alleen naar verbetering van de woningen en openbare ruimte gekeken, maar ook naar verbetering van de sociale cohesie in een wijk, de zelfredzaamheid, de samenredzaamheid en de leefbaarheid. Per wijk onderzoeken we wat de drager moet zijn voor de integrale wijkaanpak, afhankelijk van de drijfveren van de bewoners. Waar mogelijk willen we dit combineren met de aanpak Blijfwijken/ zorgzame buurten. In de Woondeal3 is afgesproken dat de gemeente Rheden zal deelnemen aan de samenwerkingstafel met Arnhem en Nijmegen over stadsvernieuwing 3.0. Dit is een pilot in Arnhem om op een vernieuwende manier te komen tot een integrale wijkaanpak in Arnhem Oost. Deze kennis gebruiken we om de komende jaren ook een goede integrale wijkaanpak in Rheden en Dieren van de grond te krijgen.
Aandacht voor ruimtelijke kwaliteit Een goede ruimtelijke kwaliteit is belangrijk voor een gezondere leefomgeving om gezond in te wonen met een prettig binnenklimaat en vrij van schadelijke stoffen. Dit thema is nauw verbonden met andere de thema’s van de ‘woningvoorraad duurzaam en toekomstbestendig’. Een groene omgeving in of nabij een wijk draagt bij aan het welzijn en ‘positieve gezond’ van mensen. Mensen voelen zich gezonder, hebben aantoonbaar minder stress en komen minder vaak bij de huisarts. Niet alleen vanwege frisse lucht, maar ook door de positieve werking van natuur. Extreme, langdurige hitte vermindert het functioneren van mensen en kan schadelijk zijn voor de gezondheid. Behoud van cultureel erfgoed draagt ook bij aan een goede omgevingskwaliteit. Bij wijkvernieuwing vinden wij het belangrijk dat het borgen van de ruimtelijke kwaliteit (waaronder cultureel erfgoed en openbare ruimte) wordt meegenomen door alle betrokken partijen in hun projectplannen.
3.4 Bestaande woningvoorraad betaalbaar De betaalbaarheid van het wonen staat onder druk. Huur- en koopprijzen zijn hoog en de energiekosten nemen toe. De betaalbaarheid van het wonen in Rheden volgt de landelijke trend. De woonquote blijft de afgelopen jaren vrij stabiel, zowel voor huishoudens in corporatiewoningen als voor huurders van particuliere huurwoningen. We streven ernaar dat de woonquote niet toeneemt. De woonquote geeft aan welk deel van het netto besteedbaar inkomen een huishouden uitgeeft aan de netto woonlasten. De netto woonlasten bestaan uit kale huur, water, energie en heffingen.
Woonquote huurders in Rheden 2018 Rheden
Nederland
2019 Rheden
32,1% 32,3% corporatiewoningen particuliere 37% 37% huurwoningen Bron: Lokale Monitor Wonen (sept 2023).
2020
Nederland
32,1%
32,3% -
Rheden
2021
Nederland
30,1%
30,5%
36,7%
37,2%
Rheden 33,7%
3 De Woondeal bestaat uit afspraken tussen het rijk, de provincie en de regio Arnhem-Nijmegen om de woningmarkt in de regio Arnhem-
Nijmegen structureel te verbeteren, maart 2020.
25
Nederland 31,9%
Corporatiewoningen In 2022 zijn de woonlasten van veel huurders flink gestegen vanwege de oplopende energiekosten. Omdat corporaties de woonquotes het liefst niet zien toenemen, hebben ze de afgelopen jaren een inflatievolgende huurverhoging doorgevoerd. Gezien de uitzonderlijk hoge inflatie is de jaarlijkse huurverhoging niet langer gekoppeld aan de inflatie. Voor de periode 2023, 2024 en 2025 kent de huursom, conform de Nationale Prestatieafspraken, een maximale stijging die gelijk is aan de CAO-loonontwikkeling minus 0,5 procentpunt. Hiermee dragen de woningcorporaties bij aan de koopkracht voor onze inwoners. De lokale heffingen voor huurders: afvalstoffenheffing en rioolheffing zijn in Rheden iets hoger (€ 374 prijspeil 2020) dan het gemiddelde in Nederland (€ 363 prijspeil 2020)4. Ook de kosten voor energie en water zijn voor huurders van corporatiewoningen in Rheden (€ 127 p. mnd.) hoger dan gemiddeld in Nederland (€ 118 p. mnd)5. Dit heeft waarschijnlijk te maken met de oudere woningvoorraad in Rheden. Ook zullen huishoudens, die veel gas verbruiken meer belasting gaan betalen dan huishoudens die voornamelijk elektriciteit gebruiken. Als we de woonquote tenminste gelijk willen houden zullen we dus in ieder geval moeten streven naar minder energieverbruik. Hier zetten we samen met de corporaties op in.
Daarnaast zien we in Rheden bovengemiddeld veel mensen met een betaalrisico. Een huishouden heeft een betaalrisico indien het netto besteedbaar huishoudinkomen niet voldoende is om de basisuitgaven volgens het Nibud te kunnen betalen. Bijna de helft van de Nederlandse huishoudens wordt als financieel kwetsbaar gezien met een risico om op termijn betalingsachterstanden op te lopen. Om mensen te helpen geen schulden op te bouwen, hebben Vivare, Veluwonen, nutsvoorzieningen, zorgverzekeraars en Gemeente in 2019 een convenant Vroegsignalering ondertekend. We zetten de komende jaren in op het signaleren van betalingsachterstanden in een vroeg stadium, waardoor er snel afspraken kunnen worden gemaakt en schulden niet verder oplopen.
Particuliere huurwoningen Huurders van particuliere huurwoningen betalen gemiddeld 36,5% van hun inkomen aan woonlasten. Zij hebben gemiddeld genomen hogere inkomens dan huishoudens in de corporatiesector, maar de huren in de particuliere huursector zijn gemiddeld genomen fors hoger: ca. €200 euro meer per maand. Ook betalen zij gemiddeld iets meer voor water en energie. De lokale heffingen zijn vergelijkbaar (LMW). Particuliere huurwoningen zijn er zowel in het sociale huursegment (tot de liberalisatiegrens) als in het vrije sector segment (vanaf de liberalisatiegrens). Als woningen een huurprijs onder de liberalisatiegrens hebben wordt de maximale huur bepaald door het Woning Waarderingsstelsel (WWS). Ook wordt er een maximum gesteld aan de jaarlijkse huurverhoging. Is de huurprijs boven de liberalisatiegrens dan zijn particuliere verhuurders niet gebonden aan landelijke regelgeving over maximale huurprijzen of huurverhogingen. Deze worden in overleg tussen huurder en verhuurder vastgelegd in het huurcontract. In Rheden heeft 51% van de particuliere huursector een huur in het sociale huursegment, 25% van de woningen wordt verhuurd in de vrije sector en van 24% is het onbekend in welke prijsklasse de woningen worden verhuurd (LMW).
In de particuliere huursector is minder kans op een betaalrisico, omdat verhuurders vaak forse eisen stellen aan het inkomen van de nieuwe huurder. Het inkomen moet gemiddeld genomen 4x de bruto maandhuur zijn. Dat betekent bij een huur van € 800 euro per maand, 4 Onderzoek Eigen Huis 2020. 5
Lokale Monitor Wonen 2019 (LMW).
26
een inkomen van € 3.200 per maand. Dit ligt boven het modale inkomen in Nederland van € 3.000 (prijspeil 2020). De meerderheid van de Nederlandse huishoudens komt dus niet in aanmerking voor een particuliere huurwoning boven de liberalisatiegrens. Verhuurders vragen dit inkomen, zodat ze meer zekerheid hebben dat de huur wordt betaald. Ondanks de hogere woonquote, houden mensen door hun hogere inkomens meer geld over voor andere uitgaven. Hierdoor is het betaalrisico kleiner dan in de sociale huursector. Om de woonquote ook in de particuliere huursector niet te laten stijgen, is het van belang dat verhuurders investeren in maatregelen voor energiebesparing. Hier zetten we als gemeente op in. We onderzoeken welke instrumenten we hiervoor het beste in kunnen zetten. Het project Vroegsignalering richt zich overigens ook op huishoudens in de particuliere huursector en de koopsector. Mochten zij betalingsachterstanden hebben, dan worden ook zij geholpen. Per 2024 gaat het woningwaarderingsstelsel ook gelden voor huurwoningen met een maximale huur tot € 1.100,-. Het voornemen is dat de regulering vanaf 1 januari 2024 ingaat (Wet Betaalbare huur).
Koopwoningen De woningmarkt is grillig. Voor een gemiddelde woning werd in 2022 ruim € 400.000,betaald. Dit is veel geld, zeker voor starters. In 2023 is het mogelijk bij woningen met een aankoopbedrag van maximaal € 405.000,- gebruik te kunnen maken van de Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Wil je ook nog energiebesparende maatregelen treffen kun je zelfs lenen tot € 429.300,-. Met de NHG krijg je korting op de hypotheek en loop je minder financiële risico’s. De woonquote van huishoudens in koopwoningen ligt gemiddeld genomen lager dan bij huurwoningen. Dat de woonquote voor koopwoningen de afgelopen jaren is afgenomen heeft te maken met de lage rentestand en het feit dat er steeds meer wordt afgelost op de hypotheek. De lokale heffingen voor kopers zijn ozb, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Gemiddeld genomen zijn deze heffingen in Rheden voor kopers vrij laag ten opzichte van het gemiddelde in Nederland. Kopers hebben er natuurlijk ook financieel voordeel van als zij op energie besparen of het zelf opwekken. Dit stimuleren wij als gemeente. Mochten kopers toch betalingsproblemen krijgen dan is het project Vroegsignalering er ook voor hen.
3.5 Samenvatting bestaande woningvoorraad duurzaam en toekomstbestendig Verduurzamen van de woningvoorraad • We zetten maximaal in op energiebesparing en –opwekking door isoleren van woningen en het plaatsen van zonnepanelen op daken te stimuleren. En we starten met het aardgasvrij maken van wijken. • We zetten bij nieuwbouw en verbouw in op natuurinclusief bouwen voor meer biodiversiteit. • Bij nieuwbouw en in de prestatieafspraken met corporaties vragen we aandacht voor het klimaatbestendig maken van woningen en woonomgeving tegen de negatieve effecten van klimaatverandering (te nat, te warm, te droog). • We zetten in op meer circulair en conceptueel bouwen: herbruikbaarheid van materialen en grondstoffen wordt dan ook een sleutelbegrip bij alle bouwplannen en aanbestedingen. • We vragen bouwpartijen en woningcorporaties rekening te houden met duurzame mobiliteit: gebruik van fiets, openbaar vervoer en elektrische auto’s. Levensloopgeschikt maken van woningen 27
• • • •
33% van de nieuwbouw moet een levensloopgeschikte nultredenwoning worden (zie Woonzorgvisie 2023 gemeente Rheden). We maken afspraken met de woningcorporaties om voldoende aanbod te creëren van levensloopgeschikte woningen. Als senioren niet willen of kunnen doorstromen naar een passende woning, helpen we particuliere eigenaren om hun woning levensloopgeschikt te maken. In afspraken met Vivare leggen we vast hoe we omgaan met aangepaste woningen.
Integrale wijkvernieuwing en ruimtelijke kwaliteit • Samen met Vivare gaan we verder met de wijkvernieuwing van Velp Zuid, waarbij verduurzaming voorop staat. • We maken plannen voor integrale wijkvernieuwing in Rheden en Dieren, waarbij fysieke maatregelen worden gekoppeld aan sociale maatregelen. • Bij wijkvernieuwing vinden wij het belangrijk dat het borgen van de ruimtelijke kwaliteit wordt meegenomen door alle betrokken partijen in hun projectplannen. Bestaande woningvoorraad betaalbaar • In de sociale huursector zetten we samen met woningcorporaties in op het gelijk houden van de woonquote. • Ook bij de particuliere huursector en koopsector stimuleren we eigenaren om woningen te verduurzamen waardoor de energielasten omlaag gaan. • Om schulden te voorkomen zetten we in op het signaleren van betaalachterstanden in een vroeg stadium.
28
4. Toevoegen van de juiste kwaliteit woningen Er is een groot woningtekort in Nederland. Wij willen in Rheden graag meebouwen om het tekort terug te dringen. Uit het regionale woningmarktonderzoek komt een bouwopgave van 1675 woningen tot 2030 waaraan we als college zoveel mogelijk invulling willen geven. De ondergrens blijft 810, zoals in de woondeal 2.0 regio Arnhem-Nijmegen, maar we zetten in op de aantallen conform woningbehoefte, met inachtneming van leefbaarheid in de wijken. Ook daarna is er nog een flinke opgave. Daarbij letten we niet alleen op de aantallen, maar zeker ook op de kwaliteit die we toevoegen. We zetten daarbij ook in op vernieuwende woonvormen en verbinding tussen werk en wonen. We moeten wel voor ogen houden dat we kunnen sturen op de nieuwbouw, maar dat het om vrij kleine aantallen gaat. Het effect op de totale Rhedense woningmarkt is daardoor niet zo groot. Het bouwen in tijden van crisis (anticyclisch bouwen) heeft een positief effect op de economische situatie in Nederland en bij het terugdringen van het woningtekort.
4.1 Nieuwbouwopgave Op onze planningslijst staan voldoende woningen om te voldoen aan de afspraken uit de woondeal tot 2030, maar er is nog ruimte voor nieuwe initiatieven en projecten (ook na 2030). De ervaring leert dat overcapaciteit noodzakelijk is om uiteindelijk het gewenste aantal woningen te realiseren. Er moet wel een goede balans zijn tussen het aantal “harde” plannen waarvoor het bestemmingsplan reeds is vastgesteld en het aantal “zachte” plannen waarvoor de planvorming nog plaatsvindt. Dit geeft flexibiliteit om bij te kunnen sturen als het nodig is. Met de regionale woningmarktmonitor brengen we jaarlijks vraag en aanbod in beeld, zodat snel duidelijk wordt of er bijgestuurd moet worden. Om versnelling van de woningbouw voor elkaar te krijgen richten de regio en de provincie een Versnellingstafel op, die gefaciliteerd wordt door het Rijk. Het versnellen van de woningbouw, de versnellingslocaties en het bespreken van de plancapaciteit zijn een vast onderdeel van de agenda. Aan de versnellingstafel bespreken overheden, corporaties en marktpartijen obstakels die versnelling in de weg staan met als doel deze weg te nemen.
Woningbouwstrategie Lokaal hebben wij een uitvoeringsstrategie woningbouw opgesteld. Specifiek voor de gemeente Rheden geldt, dat wij de afgelopen jaren niet voldoende woningen hebben toegevoegd, waardoor het woningtekort is opgelopen. Deze opgave vraagt om keuzes. Gaan we als gemeente deze volledige opgave bouwen of gaan we voor kwalitatief goede woningen (of is beide mogelijk). Tot 2030 hebben we de ambitie om 1675 woningen te bouwen. In de periode 2031 tot en met 2040 gaat het woningmarktonderzoek uit van een opgave van 1400 woningen. Maar er zijn ook andere ruimtevragen waar rekening mee gehouden moet worden (denk hierbij aan mobiliteit, openbare ruimte of noodzakelijke installaties). Het toevoegen van woningen is van belang, mede om een bijdrage te leveren aan de nationale doelstelling om, tot en met 2030, 900.000 woningen te realiseren.
Flexwoningen Door het toevoegen van flexwoningen kan op een snelle manier voorzien worden in de woningbehoefte. Flexwoningen kunnen in principe minimaal 10 jaar op een locatie blijven staan. Voor flexwoningen zijn de procedures iets soepeler en ze hebben een kortere exploitatietermijn waardoor we op korte termijn woonruimte kunnen toevoegen. Denk hierbij aan één tot twee jaar. In de reguliere bouw duurt dat traject gemiddeld zeker vijf tot tien jaar.
29
We zijn aan het onderzoeken waar we flexwoningen in onze gemeente kunnen realiseren. Indien er voldoende grond beschikbaar is en alles financieel haalbaar is kan de gemeente hiermee sneller woningen toevoegen. Ook bieden flexwoningen voor de toekomst meer ruimte om te aan te sluiten op de behoefte. Als laatste zijn er mogelijkheden om bij flexwoningen nieuwe bouwconcepten te gebruiken. Het eerste onderzoek is erop gericht om minimaal 30 flexwoningen toe te voegen in de sociale huur voor spoedzoekers, starters op de woningmarkt en statushouders. Mochten er tijdens het onderzoek meer geschikte locaties gevonden worden dan wordt het aantal van minimaal 30 uitgebreid. Bij het onderzoek van de te realiseren flexwoningen betrekken wij de stakeholders en woningcorporaties. Ook maken wij gebruik van de mogelijkheden die de Stimuleringsaanpak Flexwonen die het Rijk biedt, waaronder deelname aan de versnellingskamers en garantstelling voor investeringen (Garantiefonds). Omdat het woningen betreft op tijdelijke locaties stelt het Rijk een herplaatsingsgarantie beschikbaar mocht er in de toekomst binnen de gemeente geen herplaatsing mogelijk zijn.
4.2 Betaalbare woningen toevoegen Om de zorgelijke ontwikkeling van steeds grotere verschillen tussen wijken tegen te gaan, zetten we in op toevoeging van woningen in het midden- en duurdere segment in de kwetsbare wijken. Omdat we onze huidige sociale huurvoorraad niet willen verkleinen, zetten we in meer draagkrachtige wijken in op toevoeging van sociale huurwoningen, naast het midden- en duurdere segment. Zo voorkomen we dat er wijken ontstaan waar mensen niet graag willen wonen. Sociale huur Rheden heeft ten opzichte van vergelijkbare dorpsgemeenten een grote sociale huurvoorraad (29%). Er zijn diverse woningcorporaties actief, maar bijna 95% van de sociale huurwoningen wordt door Vivare verhuurd. Het laatste regionale woningmarktonderzoek 2022 geeft een behoefte van ongeveer 30% sociale huurwoningen weer voor de gemeente Rheden. In de Woondeal 2.0 regio Arnhem-Nijmegen is afgesproken om per gemeente in te zetten op 30% sociale huur verdeeld over de totale nieuwbouwopgave. In het onderzoek komt ook naar voren dat het huidige aanbod van sociale huurwoningen niet klopt met de vraag. Er zijn teveel eengezinswoningen en te weinig appartementen. Dit heeft te maken met de veranderende doelgroep in de sociale huursector. Er komen steeds meer 1- en 2-persoonshuishoudens (veelal ouderen). Daarnaast willen we meer differentiatie in eenzijdige wijken.
Dit kunnen we bereiken door een koppeling te maken tussen nieuwe sociale huurwoningen in wijken met weinig sociale huur en meer differentiatie in sociale huurwijken. Mogelijke oplossingen voor meer differentiatie zijn: liberaliseren van sociale huurwoningen, sloop met terugbouw in het duurdere segment of maatwerk bij toewijzing. Het verkopen van sociale huurwoningen is niet gewenst als dat leidt tot versnipperd bezit of nieuwe eigenaren, die de verduurzaming van hun woning niet kunnen bekostigen. We zoeken samen met woningcorporaties en banken naar financiële constructies, waardoor er bij verkoop de garantie is dat de nieuwe eigenaar de woning kan verduurzamen. We zetten in op 30% sociale huur over alle nieuwbouwplannen. De sociale huurwoningen komen met name in draagkrachtige buurten, gekoppeld aan de afname van sociale huurwoningen in kwetsbare buurten.
Middenhuur en dure huur In de doelgroepenverordening Woningbouw actualisatie 2023 liggen de prijzen voor 30
middenhuur vast. De aanvangsprijs voor middeldure huurwoningen ligt op of hoger dan de liberalisatiegrens en bedraagt maximaal de huurprijsgrens voor zelfstandige woningen behorende bij 186 punten WWS (€ 808,06 prijspeil 1-1-2023). Het huidige aanbod aan middenhuur ligt in Rheden op 16% (Stec 2019). Slechts 1% van de woningvoorraad bestaat uit dure huurwoningen (> 1.000 euro). De vraag naar middenhuur is bij het laatste onderzoek veel lager uitgevallen dan bij het vorige onderzoek. Middeldure huurwoningen en betaalbare koopwoningen zijn uitruilbaar. Starters en senioren zijn vaak op zoek naar een appartement of levensloopgeschikte woning. Zij komen niet in aanmerking voor een sociale huurwoning en willen of kunnen (in de huidige markt) geen koopwoning kopen. Omdat de woning die zij het liefst willen (betaalbare koop) niet beschikbaar is, nemen ze genoegen met een middeldure huurwoning. De doelgroepenverordening Woningbouw ligt voor aan de raad voor actualisatie in 2023. Hierin staat waar betaalbare huurwoningen (sociaal en middelduur) aan moeten voldoen. Hiermee kan de gemeente door middel van het bestemmingsplan en omgevingsplannen sturen op de realisatie van woningen in de middenhuur. Ook maken we afspraken met Vivare om hun mogelijkheden om vrije sector woningen te verhuren optimaal te benutten.
Alleen ligt de kerntaak van een toegelaten instellingen wel primair bij sociale (DAEB) activiteiten. Woningcorporaties zijn sinds het boekjaar 2018 wettelijk verplicht hun (DAEB) administratief te hebben gescheiden of juridisch te hebben gesplitst van hun niet-DAEBactiviteiten. Koop Meer dan de helft van de woningen in Rheden is een koopwoning. Hiervan valt ongeveer 32% in het goedkope koopsegment (<250.000 euro), tussen de 26 en 30% in het middeldure segment (250.000 – 355.000 euro) en tussen de 28 en 32% in het dure segment (>355.000 euro) (Woningbehoefteonderzoek 2022-2040 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, factsheet Rheden). Volgens de regionale woningmarktanalyse zouden we moeten bijbouwen in alle prijssegmenten. Hier plaatsen wij een kanttekening bij: doordat de koopprijzen zo zijn gestegen is het goedkope koopsegment kleiner geworden en het duurdere segment groter. Mensen kunnen deze dure koopwoningen niet meer betalen en dus moeten we bijbouwen in het goedkope koopsegment. Echter, zodra de woningprijzen weer gaan dalen, vallen er weer meer woningen in het goedkope koopsegment en hebben we een minder groot tekort. Ook kunnen we een deel van de vraag opvangen met woningen in de middenhuur. We hebben een goedkope koopvoorraad van 32%. In de regio Arnhem-Nijmegen is dit gemiddeld 30%.
Als we in Rheden dus een evenwichtige woningvoorraad willen, is het belangrijk om naast goedkope koop, ook middeldure en dure koop toe te voegen. In nieuwbouwprojecten streven we naar een evenwichtige mix van koopwoningen in verschillende prijsklassen. Om de nieuwbouwwoningen in de goedkope koop ook in dit segment te behouden, is er een 2022 het raadsvoorstel zelfbewoningsplicht aangenomen. Via een antispeculatiebeding worden in contracten met ontwikkelaars voorwaarden opgenomen voor een zelfbewoningsplicht.
4.3 Kwaliteitscriteria voor woningbouw De woningen die in Rheden toegevoegd worden, zowel bij nieuwbouw als bij transformatie moeten passend zijn, duurzaam en van de juiste kwaliteit. Een woningbouwproject wordt daarom getoetst aan kwaliteitscriteria. We maken een integrale afweging, waarbij niet alleen wonen, maar ook stedenbouw, welstand, milieu, duurzaamheid, verkeer, economie, ruimtelijke ordening, erfgoed (bij monumenten) en zorg (bij zorginitiatieven) betrokken worden. In dit hoofdstuk benoemen we de toetsingscriteria.
Volkshuisvestelijke kwaliteitscriteria Nieuwbouwprojecten moeten voldoen aan gemeentelijke kwaliteitscriteria en criteria uit de woondeal. Wij benoemen hier de volkshuisvestelijke toetsingscriteria. 31
Volkshuisvestelijke kwaliteitscriteria woningbouw • Plannen vanaf 30 woningen: min. 30% sociale huur door een toegelaten instelling en 37% middeldure huur en/of betaalbare koop en 30% duur. • Plannen vanaf 10 t/m 29 woningen 70% betaalbaar: sociale huur, middeldure huur, betaalbare koop en 30% duur. Door middel van een ruimtelijke en planeconomische toets wordt het minimale aantal woningen bepaald. • Plannen vanaf 5 t/m 9 woningen 70% betaalbaar: sociale huur, middeldure huur en betaalbare koop. Afwijken van de genoemde 70% is mogelijk indien aangetoond kan worden dat een project niet haalbaar blijkt. • Plannen met minder dan 5 woningen geen criteria op betaalbaarheid. Door middel van een ruimtelijke en planeconomische toets wordt het minimale aantal woningen bepaald. • Alle nieuwbouwappartementen levensloopgeschikt nultreden (woonzorgvisie gemeente Rheden 2023). Over alle nieuwbouwprojecten dient minimaal 30% van de woningen een levensloopgeschikte nultreden woning te zijn. Uitzondering zijn bovenen benedenwoningen (maximaal 2 lagen). • 13% van de nieuwbouw moet een geclusterde woonvorm voor senioren zijn, van deze 13% moet 4% geschikt zijn voor mensen met een zwaardere zorgvraag. Dit mag een gemengde woonvorm zijn (woonzorgvisie gemeente Rheden 2023). • Woningen zijn minimaal 45 m2 (GO) en hebben min. 1 aparte slaapkamer.
• Project moet passen in het woonprofiel per kern (bijlage 1) • Inspanningsverplichting om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% van het aantal woningen conceptueel te bouwen (modulair). En om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% minder primaire grondstoffen in projecten te gebruiken. • Het toevoegen van goedkope koopwoningen (vanaf 10 woningen, koopprijs max. € 250.000,-) is erg wenselijk. Daarbij is het mogelijk om in iets ruimere mate af te wijken van andere volkshuisvestelijke kwaliteitscriteria. Dit is nog onderdeel van nadere studie. • Splitsen van panden toegestaan: woningen zijn zelfstandig, minimaal 45m2 (GO), hebben 1 aparte slaapkamer en min. label B (afwijking label B mogelijk bij monumentale woning dan 1 labelsprong). Afwijken van de kwaliteitscriteria woningbouw is op kleine schaal mogelijk. Financiële en/ of maatschappelijke aspecten worden hierin afgewogen. Met het ondertekenen van de Woondeal hebben we afgesproken dat we van de zachte plancapaciteit 2/3 realiseren in het betaalbare segment (conform landelijke definities). De 30% sociale huur die is vastgelegd in de woondeal moet gelden over alle plannen van de gemeente Rheden in 2025. Aangezien er niet in alle plannen sociale huurwoningen worden toegevoegd zullen er maatregelen worden genomen om de 30% overall te waarborgen.
Daarbij zijn de mogelijkheden: - Plannen met meer dan 30% tot wel 100% sociale huur in de minder kwetsbare wijken; - Een vereveningsfonds opzetten zodat plannen met sociale huur financieel gecompenseerd kunnen worden. Plannen zonder sociale huur of minder dan 30% sociale huur doen daarbij een door de gemeente vastgestelde bijdrage in het vereveningsfonds om projecten met meer sociale huur financieel te compenseren. Het kernteam woningbouwversnelling neemt in de plannen bovenstaande opties in overweging en zorgt voor de 30% sociale huurwoningen over alle woningbouwplannen in 2025. 32
Woningen splitsen willen we stimuleren in onze gemeente. Hiermee willen we bereiken dat we meer studenten, alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv-ers) en spoedzoekers kunnen huisvesten. Groei van legale huisvesting voor arbeidsmigranten is mogelijk, een goede spreiding is wel noodzakelijk. Woning splitsen of optoppen ➢ Onderzoeken hoe we woning delen en splitsen nog meer kunnen stimuleren als dat leidt tot meer woonruimten en niet de leefbaarheid van wijken verminderd. ➢ We gaan onderzoeken of we kunnen optoppen bij bijvoorbeeld wooncomplexen en of bedrijfscomplexen (winkelcentra’s, kantoor gebouwen e.d.). Niet elke kern kent dezelfde bevolkingsopbouw, woningvoorraad, verhuisdynamiek en aantrekkingskracht. Vandaar dat we per kern aangeven welke woningen toegevoegd zouden moeten worden om een goede balans en differentiatie op de woningmarkt te krijgen. Een overzicht van de profielen per kern is terug te vinden in bijlage 1. Toekomstige initiatieven zullen worden getoetst aan dit kader.
Overige beleidskaders Bij nieuwbouwinitiatieven toetsen we aan het volkshuisvestingsbeleid, maar ook aan andere beleidskaders. Een project moet qua ruimtelijke ordening passen op die locatie en moet geschikt zijn voor de beoogde doelgroep. Ook vragen we inspanning op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast maakt elk relevant vakgebied op basis van wet- en regelgeving en beleidsstukken zijn afweging, waarna een integraal advies wordt uitgebracht. Bij nieuwbouwinitiatieven met een maatschappelijke meerwaarde die niet passen binnen een bestemmingplan kan er worden afgeweken middel een buitenplanse omgevingsplanactiviteit afgekort BOPA. Een BOPA is een activiteit die niet voldoet aan de regels van het Omgevingsplan en niet vergunningsvrij voor het bouwen is. Voor deze procedure moet er wordt voldaan wordt aan evenwichtige toedeling van functies aan locaties en instructies / instructieregels van Rijk en provincie.
Duurzaamheid Duurzaamheid hebben we hoog in het vaandel staan en we volgen hierin het regionale beleid vanuit de woondeal 2.0 Arnhem-Nijmegen Rheden spant zich in om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% van het aantal woningen industrieel/ conceptueel te laten bouwen (modulair). En om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% minder primaire grondstoffen in projecten te gebruiken. Deze verschuiving leidt onder meer tot een betere betaalbaarheid, kortere bouwtijd, minder stikstofuitstoot op de bouwplaats en een betere milieuprestatie.
Mobiliteit/parkeernormen Waar we woonruimten toevoegen moeten we ook rekening houden met parkeermogelijkheden. Dit voor voertuigen, maar ook voor fietsen. Voor gebouwen met de hoofdfunctie wonen zijn er parkeernormen vastgesteld. Deze normen geven ontwikkelaars een enorme uitdaging bij het toevoegen van woningen in onze gemeente. Bij de projecten waar het gaat om verdichting in het stedelijk gebeid zijn deze parkeernormen vaak moeilijk haalbaar in de openbare ruimte. Om wel aan deze parkeernormen te voldoen kunnen er oplossingen zoals verdiepte of half verdiept parkeerplaats realiseren bij de woningbouw een oplossing bieden. Deze oplossingen zorgen 33
wel dat de betaalbaarheid van de projecten onder druk komen te staan. Onderzoek naar duurzame manieren van mobiliteit kunnen daarin bijdragen aan een oplossing. We verkennen daarom de mogelijkheid van verlaging van parkeernormen op locaties waar dat kan om zo de mogelijkheden voor verdichting in de stedelijke gebieden te vergroten. Daarbij houden we rekening met de woonvorm, locatie, doelgroep, ligging ten opzichte van werklocaties, nabijheid van openbaar vervoer en de potentie van deelmobiliteit. Provincie Gelderland heeft voor de Gelderse gemeenten hierover binnen haar Actieplan Wonen ook een Handreiking Parkeren geschreven die we gebruiken.
4.4 Vernieuwende woonvormen Vernieuwende woonvormen zijn een niche in de woningmarkt, toch zouden we graag zien dat er een aantal kleinschalige initiatieven van de grond komt. Vernieuwende woonvormen voor ouderen of een mix van jong en oud hebben onze voorkeur. Ook conceptueel bouwen is hierbij een mogelijkheid. Steeds vaker krijgen wij vragen van inwoners over vernieuwende woonvormen. Vooral Tiny Houses zijn hierin een veelgehoord begrip. Het zijn kleine, volwaardige en vrijstaande woningen met een vloeroppervlak van maximaal 50 m2, met een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk. In Tiny Houses wordt permanent gewoond en deze zijn dus niet bedoeld als recreatiewoning. Daarnaast hebben vernieuwende woonvormen voor ouderen, waarbij het samenleven centraal staat onze aandacht. Andere vernieuwende woonconcepten zijn bijvoorbeeld: 3D geprinte huizen, verticale boswoningen en woningen van gerecyclede materialen. Dit lijstje is natuurlijk niet uitputtend, maar er is veel meer mogelijk dan de standaard rijtjeswoning. Om de komst van bijzondere woonvormen te stimuleren willen we initiatiefnemers actief begeleiden en informeren. Ook proberen we grondeigenaren en ontwikkelaars te verbinden met potentiële bewoners van bijzondere woonvormen. Hierbij kan herbestemming van monumentaal vastgoed, waardoor het monument behouden blijft, ook een rol spelen.