Begroting 2022-2025
Tekst van het document
In 2019 wordt de Biesbosserweg aangepakt en in 2020 de Emminkhuizerlaan. +/- €162.000,Er is in 2020 een ramingscontract voor de duur van 2 jaar gesloten met van Wijk uit Nieuwegein voor het dagelijks onderhoud van de wegen.
Openbaar Groen Totaal 60.000 m2, waarvan ca. 4.000 stuks bomen. Een beheervriendelijke (efficiënt) en hoogwaardige (functie) buitenruimte die binnen de financiële kaders te beheren is.
47
Beheerplan
Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau
Groenbeleidsplan 2011- 2017. Er is gewerkt aan een integraal beheerplan (plan IBOR) en een integraal meerjarig onderhouds- en vervangingsplan waarin ook het beheer van meubilair is opgenomen. Dit plan zal in oktober 2021 aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd worden. De gewenste beeldkwaliteit is gebaseerd op de landelijke kwaliteitscatalogus openbare ruimte van de CROW. Daarin zijn vijf kwaliteitsniveaus beschreven: A+ (zeer hoog) tot D (zeer extensief). Uitgangspunt is beeldkwaliteit B (dit is het op één na hoogste niveau). Alleen voor de omgeving bij het gemeentehuis, begraafplaats en rotondes) is sprake van de hoogste beeldkwaliteit (A). In het buitengebied kan met een lagere beeldkwaliteit (C) worden volstaan. Belangrijke uitgangspunten voor het groenbeleidsplan zijn: -
Staat van onderhoud
Zijn de financiële consequenties van het beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Groot onderhoud komende jaar Jaarlijks budget Ontwikkelingen
De staat van onderhoud is in het algemeen goed te noemen en voldoet minimaal aan de in het beleidsplan genoemde beeldkwaliteitsniveaus. Ja.
n.v.t. +/- € 75.000, • •
Aantal kilometers te onderhouden riolering
Groen is waardevol voor de leefomgeving; Koesteren van het groen, maar wel rationeel; Realiseren van groene kwaliteit; Deskundig beheren; Groen moet duurzaam zijn; Er wordt wat aanplant van bomen betreft gestreefd naar meer afwisseling, dit om de plaagdierdruk (eikenprocessierups) structureel omlaag te brengen.
Daar waar het in het straatbeeld past zal worden gestreefd naar een minder homogeen bomenbestand. Er wordt gestreefd naar een hogere biodiversiteit. Dat betekent dat het maaibeleid daarop aangepast zal worden door bermen te verschralen en zodoende inheemse kruidensoorten meer kans te geven.
Riolering Gemengde hoofdriolering: 11,3 km (Verbeterd) gescheiden stelsel: 21,8 km Drukrioolpompen buitengebied: 224 stuks Drukriolering buitengebied: 47,6 km Rioolgemalen in bebouwde kom: 7 stuks Persleidingen in bebouwde kom: 1,6 km Hemelwater- en grondwatergemalen: 3 stuks Wadi’s – bodempassages: 0,1 ha Hemelwateruitlaten: 17 stuks Interne overstorten, stuwputten e.d.: 3 stuks Drainage: 3,8 km Kolken: 1.345 Bergbezinkbassins: 2 48
Doel
Beheerplan Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau
Staat van onderhoud Zijn de financiële consequenties van het beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Groot onderhoud komende jaar Jaarlijks budget
Ontwikkelingen
Algemeen
Aantal te onderhouden gebouwen:
Doel Beheerplan
Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau Staat van onderhoud
(stand eind 2020 zoals in GRP 2020-2021 is opgenomen) Zorg voor goed functionerende riolering. Dit is uit oogpunt van volksgezondheid, bewoonbaarheid en milieubescherming een belangrijke taak van de gemeente. GRP 2013-2020; eind 2020 is door de gemeenteraad een nieuw rioleringsplan, het GRP 2021 – 2028, goedgekeurd. Voldoen aan de daarvoor geldende wettelijke vereisten. Een goed functionerende riolering is nodig om afvalwater uit de directe leefomgeving te verwijderen ten behoeve van de volksgezondheid. Ook komt riolering de bewoonbaarheid in de kernen ten goede doordat wateroverlast en stank worden voorkomen. De staat van onderhoud van het rioleringsstelsel is over het algemeen goed te noemen. Ja.
Op basis van het GRP 2021 – 2028 en na inspectie. Circa € 450.000,-. Dit bedrag fluctueert jaarlijks omdat de toevoeging aan de voorziening riolering jaarlijks verschilt. (De voorziening wordt gevormd door de toekomstige investeringen die uit het GRP voortvloeien.) n.v.t
Gebouwen (exclusief woningbedrijf) Naast gemeentelijke gebouwen, onderhoudt de gemeente ook de woningen in het gemeentelijke woningbedrijf. Voor het woningbedrijf is enkele jaren geleden een onderhoudsplan opgesteld. In deze paragraaf wordt alleen op de overige gemeentelijke gebouwen ingegaan. Voor de scholen geldt dat de schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor het onderhoud (zowel binnen als buiten). - bibliotheek; - gemeentehuis; - gemeentewerf; - brandweerkazerne; - ambtswoning; - aula begraafplaats; - sporthal. In stand houden van de gebouwen en voorkoming van achterstallig onderhoud. In 2020 is gestart met het opstellen van een beheerplan voor de sporthal. Aansluitend wordt in de komende jaren een beheerplan voor de overige gemeentelijke gebouwen opgesteld. NEN 2767 -
49
Zijn de financiële consequenties van het beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Groot onderhoud komende jaar Jaarlijks budget
Ontwikkelingen
Aantallen Doel
Beheerplan
Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau Staat van onderhoud Zijn de financiële consequenties van het beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Jaarlijks budget Groot onderhoud komende jaar Ontwikkelingen
Omvang areaal Doel Beheerplan
Vanaf de begroting 2022 worden de beheerplannen financieel vertaald in de begroting.
Voor de sporthal wordt voor 2022 voorzien in vervanging van de installaties voor verwarming en luchtbehandeling. Hiervoor is een bedrag van €20.000 in de begroting van 2022 meegenomen. Voor dagelijks onderhoud is voor de gemeentelijke gebouwen een bedrag opgenomen van totaal € 26.500. Er is ook een reserve onderhoud openbare gebouwen. De reserve dient ter dekking van toekomstig groot onderhoud aan de openbare gebouwen. Gelet op het ontbreken van een actueel beheerplan wordt op korte termijn een nieuw beheerplan opgesteld. In 2020 is gestart met de vervangende nieuwbouw van het gemeentehuis. Voor de bibliotheek zijn er plannen om tot een andere invulling te komen. De voorstellen hiervoor worden in 2022 ter besluitvorming voorgelegd.
Openbaar Water Aantal te onderhouden bruggen: 19 bruggen De sloten die volgens de Keur van het Waterschap onderhoudsplichtig zijn en eigendom zijn van de gemeente, worden door de gemeente onderhouden. Sloten moeten voldoende water kunnen blijven aan- en afvoeren, zodat voor de bewoners van een gebied geen waterproblemen ontstaan. Er is gewerkt aan een integraal beheerplan (plan IBOR) en een integraal meerjarig onderhouds- en vervangingsplan waarin ook het beheer van meubilair is opgenomen. Dit plan zal in oktober 2021 aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd worden. Het doorstroomprofiel moet voldoende zijn, als maat hiervoor wordt gehanteerd dat minimaal 2/3 van het theoretische profiel beschikbaar is. Goed. Ja.
€ 83.000,Geen. n.v.t
Civiele kunstwerken (bruggen en duikers) Het areaal bestaat uit 80 bruggen en duikers Kunstwerken moeten ten allen tijde veilig zijn, waarbij het onderhoud zodanig moet zijn dat er geen achterstallig onderhoud ontstaat. Er is gewerkt aan een integraal beheerplan (plan IBOR) en een integraal meerjarig onderhouds- en vervangingsplan waarin ook het beheer van meubilair is opgenomen. Dit plan zal in oktober 2021 aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd worden. 50
Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau Staat van onderhoud
De kunstwerken moeten functioneel en veilig zijn.
Zijn de financiële consequenties van het huidige beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Jaarlijks budget Groot onderhoud komend jaar Ontwikkelingen
Doel Beheerplan
Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau Staat van onderhoud
Zijn de financiële consequenties van het huidige beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Jaarlijks budget Groot onderhoud komende jaar Ontwikkelingen
Doel Beheerplan
Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau Staat van onderhoud
+/- €15.000,In 2021/2022 wordt de duikerbrug in de Oude Holleweg over de Munnikenbeek vervangen. Geen
Openbare Verlichting Het areaal bestaat uit +/- 900 lichtpunten met in totaal 878 masten en 884 armaturen. Bijdragen aan een verkeersveilige en sociaal veilige openbare ruimte. Er is gewerkt aan een integraal beheerplan (plan IBOR) en een integraal meerjarig onderhouds- en vervangingsplan waarin ook het beheer van meubilair is opgenomen. Dit plan zal in oktober 2021 aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd worden. Als uitgangspunt geldt de RVOL (Richtlijn voor openbare verlichting)
Omvang areaal
Omvang areaal
De kwaliteit is goed, afgezien van de duiker in de Oude Holleweg over de Munnikenbeek. Ja
Hoewel het areaal relatief oud is, 358 armaturen zijn ouder dan 20 jaar en 80 masten ouder dan 40 jaar (d.w.z. afgeschreven), is de kwaliteit in het algemeen redelijk tot goed. Ja
+/- €66.500,Noodzakelijke vervangingen worden uitgevoerd. Geen
Meubilair (bebording en speelvoorzieningen) Het areaal bestaat uit: - 850 verkeersborden; - 16 speelplaatsen met 125 speeltoestellen. Speelplekken: ontspanningsplek voor de doelgroep. Verkeersborden: geleiding verkeer. Er is gewerkt aan een integraal beheerplan (plan IBOR) en een integraal meerjarig onderhouds- en vervangingsplan waarin ook het beheer van meubilair is opgenomen. Dit plan zal in oktober 2021 aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd worden. Functionele en veilige voorzieningen. De kwaliteit van de speeltoestellen is, ondanks de gemiddeld hoge ouderdom, in het algemeen goed. 51
Zijn de financiële consequenties van het huidige beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Jaarlijks budget Groot onderhoud komende jaar Ontwikkelingen
Omvang areaal Doel Beheerplan
Uitgangspunt kwaliteit onderhoudsniveau Staat van onderhoud Zijn de financiële consequenties van het huidige beheerplan volledig in de begroting opgenomen? Jaarlijks budget Groot onderhoud komende jaar Ontwikkelingen
Bebording is goed. Ja
+/- €28.000,Niet gepland Er is op dit moment voor speelvoorzieningen geen beleid.
(Buiten)sportaccommodaties Het areaal bestaat uit 3 voetbalvelden, 4 tennisbanen en 1 sporthal. Goede voorzieningen ten behoeve van sport. Er is gewerkt aan een integraal beheerplan (plan IBOR) en een integraal meerjarig onderhouds- en vervangingsplan waarin ook het beheer van meubilair is opgenomen. Dit plan zal in oktober 2021 aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd worden. Onderhoud geschiedt op grond van de eis dat de voorziening voldoet aan ‘schoon, heel en veilig’. Deze begrippen zijn niet nader gespecificeerd. Daarnaast moeten ze voldoen aan de wettelijke eisen. De kwaliteit is redelijk Nee. Voor het onderhoud zijn de budgetten voldoende. Voor de vervangingsinvesteringen zijn de reserves onvoldoende. Er is geld voor de vervanging van 1 i.p.v. 2 voetbalvelden. Ook voor tennis geldt dat de reserve voor de vervangingen onvoldoende lijkt. Er is geld voor 3 velden. +/- € 24.000,In 2022 vervanging toplaag 1 kunstgras voetbalveld en toplaag 3 kunstgras tennisvelden. Als onderdeel van het plan IBOR wordt in 2022 gekeken naar de buitensportaccommodaties omdat de velden aan het einde van hun levensduur zijn en binnen enkele jaren vervangen moeten worden.
52
3.0 Paragraaf Financiering Inleiding
In de paragraaf financiering wordt de financieringsfunctie van de gemeente Renswoude uiteengezet voor de jaren 2022-2025. In deze paragraaf komen onder andere de kasgeldlimiet en de renterisiconorm aan de orde. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de verwachte ontwikkeling van de schulden in 2022-2025 en de hiermee gepaard gaande rentekosten. Beleidskader
De Wet Fido geeft voorschriften met betrekking tot het aantrekken van geldleningen, het uitzetten van middelen en het verstrekken van garanties. Van belang hierbij is dat deze activiteiten geschieden in het kader van het uitoefenen van de publieke taak. Uitzetting van tijdelijk overtollige middelen dient een voorzichtig karakter te hebben en mag niet gericht zijn op het verschaffen van inkomen door het lopen van overmatige risico’s. Het beleggings- en financieringsbeleid van de gemeente is vastgelegd in het Treasurystatuut 2015 gemeente Renswoude, dat laatstelijk is vastgesteld door de raad op 3 maart 2015. Doelstellingen van het treasurybeleid
De doelstellingen van het treasurybeleid zijn: De organisatie van voldoende financiële middelen voorzien en het streven naar voldoende liquiditeit (de mate waarin de direct opeisbare schulden tijdig kunnen worden voldaan) en solvabiliteit (de mate waarin alle schulden kunnen worden voldaan bij een eventuele liquidatie) en; Het nastreven van een financiële rentabiliteit (het aantrekken van middelen tegen zo laag mogelijke kosten, het uitzetten van middelen tegen zo hoog mogelijke opbrengsten, het gebruik maken van marktontwikkelingen).
Gemeentefinanciering
Financiering voor een periode van één jaar en langer wordt enkel aangetrokken ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak. Bij het bepalen van de financieringsbehoefte worden alle inkomsten en uitgaven betrokken. De financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) te gebruiken om het renteresultaat te optimaliseren. Kasgeldlimiet
Met kortlopende schuld worden leningen bedoeld die een looptijd korter dan één jaar hebben. Eens per kwartaal dient een opgave aan de toezichthouder (Provincie Utrecht) te worden gedaan met betrekking tot de gemiddelde netto vlottende schuld. Dit bedrag mag de kasgeldlimiet, dit is de maximaal toegestane netto vlottende schuld, niet overschrijden. Som is de overschrijding tijdelijk (bijvoorbeeld omdat de gemeente op korte termijn opbrengsten uit grondexploitatie verwacht). Als de overschrijding niet tijdelijk is zal de gemeente een vaste geldlening moeten aantrekken. Door de minister van Financiën wordt het percentage van de kasgeldlimiet vastgesteld. Momenteel bedraagt dit percentage 7% van het begrotingstotaal bij aanvang van het dienstjaar.
53
(Bedragen x € 1.000) Kasgeldlimiet 2022 t/m 2025
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
14.927
14.722
14.970
15.135
7,0
7,0
7,0
7,0
1.048
1.031
1.048
1.059
Begrotingstotaal (lasten incl. toevoeging reserves) Vastgestelde percentage kasgeldlimiet Bedrag kasgeldlimiet
Kasbeheer
Het liquiditeitsgebruik wordt beperkt door de geldstromen op gemeenteniveau op elkaar en de liquiditeitsplanning af te stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat de financiële verplichtingen tijdig kunnen worden nagekomen. Het betalingsverkeer wordt bijna uitsluitend elektronisch uitgevoerd door de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten. De gemeentelijke kaspositie verandert per dag. Om de saldi optimaal te beheren, wordt gebruik gemaakt van het pakket voor geïntegreerde dienstverlening op het terrein van betalingsverkeer en kredietverlening van de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten. Op basis van de hiervoor gesloten overeenkomst met de bank, trekt de bank voor de gemeente daggelden aan bij een schuld in rekeningcourant en zet de bank voor de gemeente daggelden uit bij een tegoed in rekening-courant. Het voordeel hiervan is, dat de tarieven voor daggeld gunstiger zijn dan de tarieven voor rekeningcourant. Renterisiconorm
De renterisiconorm is bedoeld om het renterisico dat de gemeente loopt op zijn langlopende schuld te beperken. Hierbij is het uitgangspunt om zoveel mogelijk spreiding in de looptijden van leningen aan te brengen. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm niet overschrijden. De renterisiconorm wordt berekend op 20% (het door de minister van Financiën vastgestelde percentage) van het begrotingstotaal, inclusief toevoeging reserves aan het begin van het begrotingsjaar.
Stap
Variabelen renterisico (norm)
Begroting 2022
Meerjarenraming Meerjarenraming Meerjarenraming 2023 2024 2025
Bedragen x € 1.000
1 2
Renteherzieningen Aflossingen
0 2.233
0 1.883
0 1.733
0 1.583
3
Renterisico (1+2)
2.233
1.883
1.733
1.583
4
Renterisiconorm
2.986
2.944
2.994
3.020
753
1.061
1.261
1.437
(5a)=(4>3)
Ruimte onder renterisiconorm
(5b)=(3>4)
Overschrijding renterisiconorm
54
Uit dit overzicht blijkt dat de gemeente Renswoude in de jaren 2022-2025 op begrotingsbasis zal voldoen aan de renterisiconorm. Schatkistbankieren
Vanaf 2014 zijn gemeenten, provincies, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen verplicht hun overtollige liquide middelen te stallen en beleggingen aan te houden bij het Ministerie van Financiën. Overtollige liquiditeiten en beleggingen mogen niet meer worden gestald bij private partijen buiten de schatkist. De middelen die een decentrale overheid in de schatkist aanhoudt, blijven beschikbaar voor de uitoefening van de publieke taak van deze decentrale overheid. Vanaf medio 2015 heeft de gemeente Renswoude gelden gestald op de bankrekening bij het Ministerie van Financiën. Relatiebeheer
De gemeente Renswoude heeft als huisbankier de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten, een bankinstelling zoals hiervoor vermeld, gecertificeerd met de triple A-rating volgens Moodys en volgens Standaard & Poor's. Bij deze bank heeft de gemeente Renswoude een viertal zakelijke rekeningen, te weten een rekening voor het dagelijks betalingsverkeer en een rekening voor de inning van belastingen, een rekening voor de inning van de huren en een rekening ten behoeve van schatkistbankieren. De gemeente Renswoude heeft verder nog een rekening bij de Rabobank Woudenberg e.o. Deze rekening wordt hoofdzakelijk gebruikt voor transacties via de legeskas. Financieringspositie
Gemeentefinanciering heeft betrekking op de financiering van de organisatie voor de lange termijn. De financieringsstructuur wordt hierbij bepaald door de verhouding tussen het eigen vermogen en vreemd vermogen. Zodra de financieringsmiddelen (de reserves, voorzieningen en opgenomen geldleningen) lager zijn dan het totaal van de boekwaarde van de investeringen is dit een teken dat de gemeente een vaste geldlening moet gaan aantrekken. In de meerjarenbegroting wordt in dat geval ook rekening gehouden met de daaruit voortkomende rentelasten. Financieringsbehoefte
De financieringsbehoefte van de gemeente wordt bepaald aan de hand van een liquiditeitsbegroting. Op basis van de verwachte uitgaven en inkomsten (kasstromen) wordt een schatting gemaakt van het verwachte liquiditeitsverloop. Voor een goede liquiditeitsplanning is vooral inzicht nodig in de financiële planning van grote projecten en investeringen. Geldleningen die de gemeente aantrekt zijn vooral bedoeld voor het financieren van investeringen van het woningbedrijf. Toe te rekenen rente (omslagrente)
Voor de toerekening van de betaalde rente maakt de gemeente gebruik van de renteomslag-methode. Door toepassing van de rente-omslag-methode wordt de rente aan de hand van de stand van de investeringen toegerekend aan de taakvelden in de programmabegroting. De commissie BBV heeft de aanbeveling gedaan geen bespaarde rente toe te rekenen aan het eigen vermogen. De gemeente Renswoude volgt deze aanbeveling. De omslagrente is voor 2022 vastgesteld op 0,4 procent. Aan het woningbedrijf wordt 0,8% rente in rekening gebracht.
55
Renteschema op basis van notitie rente BBV
In het BBV is opgenomen dat de paragraaf financiering van de begroting en jaarstukken naast de beleidsvoornemens en het gerealiseerde beleid ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille ook inzicht moet geven in de rentelasten, het renteresultaat en de doorberekende rente aan investeringen, grondexploitaties en projecten. In onderstaand schema is dat weergegeven. De doorberekende rente is inclusief de rente over de investeringen van het woningbedrijf.
Bedragen x € 1.000
31-12-2020
1-1-2022 1-1-2023 1-1-2024
1-1-2025 1-1-2026
Financieringsmiddelen Reserves
17.622
17.383
16.675
17.147
17.845
18.275
Voorzieningen
2.354
2.514
2.682
2.850
3.018
3.186
Langlopende geldleningen
16.108
19.500
17.267
15.383
13.650
12.067
A. Totaal aanwezige financieringsmiddelen
36.084
39.397
36.624
35.380
34.513
33.528
Vaste activa algemene dienst
11.436
11.341
11.941
11.409
10.899
10.400
Woningbedrijf
27.075
26.384
33.245
35.041
34.971
34.400
B. Totaal benodigde financieringsmiddelen
38.511
37.725
45.186
46.450
45.870
44.800
Financieringsbehoefte (A-B)
-2.427
1.672
-8.562
-11.070
-11.357
-11.272
Benodigde financieringsmiddelen
Renteschema op basis van Notitie rente Besluit Begroting en Verantwoording Begroting 2022 a . De externe rentel a s ten over de korte en l a nge fi na nci eri ng b. De externe renteba ten ( i dem) (nega tieve rente ka s gel d) Sa l do rentel a s ten en renteba ten
210.451 0 210.451
c1. De rente di e a a n de grondexpl oi tatie moet worden doorberekend c2. De rente va n projectfi na nci eri ng di e a a n het betreffende taa kvel d moet worden toegerekend c3. De renteba a t va n doorvers trekte l eni ngen i ndi en da a r een s peci fi eke l eni ng voor i s a a ngetrokken ( = projectfi na nci eri ng), di e a a n het betreffende taa kvel d moet worden toegerekend Aa n taa kvel den toe te rekenen externe rente
210.451
d1. Rente over ei gen vermogen d2. Rente over voorzi eni ngen
0 0
Totaa l a a n taa kvel den toe te rekenen rente
210.451
e. De a a n taa kvel den (i ncl us i ef woni ngbedri jf) toegerekende rente (renteoms l a g) f. Renteres ul taa t op het taa kvel d Trea s ury
56
-314.910 -104.459
4.0 Paragraaf Bedrijfsvoering Renswoude is bewust zelfstandig om adequaat in te kunnen spelen op vragen in de samenleving en de dienstverlening aan inwoners in de nabijheid te organiseren. Een van de doelstellingen van uw raad en het college is om een toekomstbestendige gemeentelijke organisatie neer te zetten, die haar regierol adequaat kan invullen. Een toekomstbestendige organisatie vraagt blijvende aandacht voor de volgende randvoorwaarden: -
-
-
-
Bestuurskracht. Dit betreft het vermogen om publieke waarde in samenwerking met tal van partijen te realiseren. Bestuurskracht vraagt van het college en de gemeenteraad dat zij voldoende geëquipeerd zijn om op een goede manier samen te werken, ambities en opgaven te overzien en deze met partners en de organisatie te realiseren. Financieel gezond. De financiële positie van Renswoude is momenteel gezond, maar er zijn wel uitdagingen zoals op het gebied van sociaal domein. Het versterken van de organisatie vraagt investering. Het betaalbaar houden van de uitvoering vraagt duidelijke prioritering. Constructieve bijdrage aan regionale samenwerking. Het is belangrijk dat de gemeente in de regio een constructieve bijdrage kan leveren. Hetgeen inhoudt dat Renswoude niet alleen haalt, maar ook brengt, en hierbij als constructieve partner wordt gezien. Administratieve organisatie op orde. Vanuit het interbestuurlijke toezicht (IBT) wordt veel aandacht besteed aan de mate waarin de administratieve organisatie op orde is. Dit houdt in dat gemeente Renswoude kan onderbouwen dat in de dienstverlening aan wet- en regelgeving wordt voldaan, en dat zij rechtmatig handelt.
Met deze laatste twee punten uit de bestuurlijke stip op de horizon zijn we aan de slag gegaan met de organisatorische inrichting. We zetten met prioriteit in op het op orde brengen van de basis: Interne controle( en de rechtmatigheidsverklaring die de raad moet afgeven) de administratieve organisatie, het P&C instrumentarium, de financiële en salarisadministratie, de HRM- en inkoopfunctie, beheer openbare ruimte, beheer gebouwen, en het woningbedrijf. Voorts is er aandacht voor invoering van de nieuwe omgevingswet per juli 2022 en de nieuwe wet inburgering. Deze maatregelen borgen we door bij voorkeur mensen in dienst te nemen, te investeren in de mensen en in kennis en kunde, maar soms ontkomen we als kleine werkorganisatie niet aan het inhuren van noodzakelijke kennis en kunde. . De organisatieontwikkeling is door de Coronacrisis in een ander daglicht komen te staan met een wat andere aanpak en tempo. Anderzijds kan met trots gesteld worden dat we in staat zijn gebleken ook in deze bijzondere omstandigheden de dienstverlening en de vitale processen goed draaiende te houden. Dat zegt iets over onze flexibiliteit en improvisatievermogen.
57
5.0 Paragraaf Verbonden partijen Inleiding
In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) worden verbonden partijen gedefinieerd als privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft. Een bestuurlijk belang houdt in dat de gemeente zeggenschap heeft door vertegenwoordiging of stemrecht. Een financieel belang betekent dat de gemeente financiële middelen ter beschikking stelt, die ze niet kan verhalen in geval van faillissement van de verbonden partij. Er is ook sprake van een financieel belang als een verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt en de gemeente daarvoor aansprakelijk kan worden gesteld. Visie op en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen Om verschillende redenen voert de gemeente Renswoude diverse gemeentelijke taken niet zelf uit, maar laat dit door een derde rechtspersoon doen. Vaak vanwege schaalvoordelen, soms vanwege de noodzaak om slagvaardiger te kunnen handelen. De vorm waarin de samenwerking wordt gegoten is afhankelijk van de aard van de uitbestede taak. Soms kan de gemeente niet vrij kiezen om een taak zelf uit te voeren of via een verbonden partij. Zo kan de gemeente op grond van wetgeving verplicht worden om gemeenschappelijke regelingen aan te gaan, bijvoorbeeld de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) en de Omgevingsdienst regio Utrecht (OdrU). Verbonden partijen dienen een publiek en openbaar belang.
De gemeente blijft uiteindelijk verantwoordelijk voor het realiseren van de beoogde doelstellingen van de beleidsprogramma’s waaraan de verbonden partij een bijdrage levert. De raad heeft een kaderstellende en controlerende taak en ziet erop toe dat de verbonden partijen bijdragen aan de doelstellingen in de programma’s. Overzicht van verbonden partijen
Voor onze gemeente zijn de volgende verbonden partijen werkzaam, gecategoriseerd volgens de door het BBV voorgeschreven indeling. Gemeenschappelijke regelingen • Veiligheidsregio Utrecht (VRU) gevestigd te Utrecht • GGD regio Utrecht (GGDrU) gevestigd te Zeist • IW4 Bedrijven gevestigd te Veenendaal • Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) gevestigd te Utrecht • Afvalverwijdering Utrecht (AVU) gevestigd te Soest • Regio Foodalley gevestigd te Ede. • BVO de Valleihopper Stichtingen en verenigingen De gemeente Renswoude heeft geen stichtingen en verenigingen als verbonden partij. Coöperaties en vennootschappen • Vitens N.V., Waterleidingbedrijf statutair gevestigd te Zwolle • Afvalcombinatie De Vallei (ACV) gevestigd te Ede.
58
Informatie per verbonden partij
Omdat er meer inzicht wordt verlangd in de verbonden partijen zodat de “grip” kan worden vergroot, is een overzicht per verbonden partij opgenomen, gebaseerd op de in het BBV opgenomen eisen voor de te verstrekken informatie.
Naam Doel en openbaar belang dat wordt behartigd
Deelnemende partijen Bestuurder(s) Renswoude Bijdrage Renswoude
Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen
Risico’s
Veiligheidsregio Utrecht (VRU), gevestigd te Utrecht De Veiligheidsregio Utrecht behartigt de belangen van de gemeenten op het gebied van de brandweerzorg, de organisatie van de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, de rampenbestrijding en crisisbeheersing (bevolkingszorg), het beheer van de gemeenschappelijke meldkamer, de zorg voor een adequate samenwerking met de politie Utrecht en de meldkamer ambulancezorg, een gecoördineerde en multidisciplinaire voorbereiding op de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Alle 26 gemeenten van de Provincie Utrecht. P. Doornenbal-van der Vlist De gemeente draagt financieel bij op basis van een inwonerbijdrage. In de gemeentebegroting zijn de volgende bedragen geraamd: 2022: € 345.000 2023: € 345.000 2024: € 345.000 2025: € 345.000 Prognose saldo 1/1/2022: € 19,5 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 16,7 miljoen Prognose saldo 1/1/2022: € 58,8 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 67,1 miljoen 2022: € 0 De begroting 2022 van de VRU heeft betrekking op het (tweede en) derde jaar van de nieuwe beleidsperiode zoals beschreven in het beleidsplan 2020-2023. Voor deze beleidsperiode heeft de VRU zich ten doel gesteld geen aanvullende bijdrage te vragen voor nieuw beleid.
Eventuele structurele kosten die voortvloeien uit nieuw beleid worden dan ook gedekt uit besparingen door efficiënter te werken en bestaand beleid te heroverwegen (nieuw voor oud). De benodigde weerstandscapaciteit voor 2021 bedraagt € 0,5 miljoen. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 1,4 miljoen. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/benodigd) per 1 januari 2021 groter dan 1 (2,8). Hierbij moet worden opgemerkt dat het risico in relatie tot de gevolgen van toekomstige besluitvorming over taakdifferentiatie tussen vrijwilligers en beroepskrachten in de voorliggende begroting als pm-post is opgenomen. De VRU monitort de risico’s en informeert het algemeen bestuur en gemeenten over relevante ontwikkelingen. Als daar aanleiding voor is worden eventuele financiële consequenties via een begrotingswijziging voorgelegd aan het algemeen bestuur en de gemeenten.
59
Naam Doel en openbaar belang dat wordt behartigd
Deelnemende partijen Bestuurder(s) Renswoude Bijdrage Renswoude
Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen
Risico’s
GGD regio Utrecht, gevestigd te Zeist Een goede basisgezondheidszorg en gelijke kansen op gezondheid voor inwoners bevorderen, onder meer door preventie. De GGD (Gemeentelijke Gezondheidsdienst) regio Utrecht beschermt, bewaakt en bevordert de gezondheid van de ruim 1,2 miljoen inwoners van de 26 Utrechtse gemeenten. Zij doen dat door risico’s voor de gezondheid te signaleren, te voorkomen en de gezondheid van alle inwoners te bevorderen. Alle 26 gemeenten van de Provincie Utrecht. De heer A. Wijs De gemeente draagt bij op basis van afname van diensten. In de gemeentebegroting zijn de volgende bedragen geraamd, conform de ramingen in de begroting van de GGDrU. Tevens zijn de loonkosten van de GGDrU door ons geïndexeerd met 2 procent over de komende jaren: 2022: € 217.229 2023: € 221.574 2024: € 226.005 2025: € 230.525 Prognose saldo 1/1/2022: € 3,3 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 2,7 miljoen Prognose saldo 1/1/2022: € 11,7 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 11,7 miljoen 2022: € 0 De bijdrage van Renswoude aan de GGD regio Utrecht wordt voor 2022 geraamd op €217.229. Dit is een verhoging van €8.172 ten opzichte van 2021. Zoals in het raadsvoorstel over de begroting 2022 van de GGDrU vermeld is wordt de verhoging o.a.
veroorzaakt door loonindex (premieontwikkelingen werkgeversdeel) en de bijstelling van de inwoner- en kindbijdrage, Het leveren van een bijdrage aan de volgende maatschappelijke effecten vormt de leidraad in de ambities in 2022: 1. Inwoners wonen, leven, gaan naar school en werken in een veilige omgeving waar aandacht is voor gezondheid en elkaar. 2. Een gezonde en veilige start voor elk kind. 3. Iedereen kan zich ontwikkelen en ontplooien. 4. Iedereen kan meedoen. 5. Bedreigingen van de publieke gezondheid worden bestreden. Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit €1.000.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is €1.672.000. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/nodig) 1,672. Hiermee zijn de genoemde risico’s financieel afdoende afgedekt. In 2019 is besloten om voor de taak ‘Reizigersadvisering’ een separate bestemmingsreserve te vormen, zodat de jaarlijkse exploitatieresultaten van deze taak ten gunste of ten laste van deze reserve worden gebracht. Een eventueel gekwantificeerd risico komt derhalve niet meer ten laste van de 60
weerstandscapaciteit. Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit €30.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is €0. Omdat de weerstandscapaciteit €0 is kan geen verhouding (beschikbaar/nodig) worden berekend. Hiermee is het genoemde risico financieel niet afdoende afgedekt. In principe kan dan de algemene reserve als buffer fungeren.
Naam
IW4 bedrijven, gevestigd te Veenendaal De doelstelling van IW4 is het handhaven, vergroten of herstellen van de arbeidsgeschiktheid van personen die tot arbeid in staat Doel en openbaar belang dat zijn, maar voor wie, in belangrijke mate, ten gevolge van bij hen wordt behartigd gelegen factoren, gelegenheid om onder normale omstandigheden arbeid te verrichten niet of nu niet aanwezig is. De regie van de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) is belegd bij de rechtspersoon bezittend openbaar lichaam (gemeenschappelijke regeling) Instituut Sociale Werkvoorziening Zuidoost Utrecht. Het Instituut heeft de uitvoering via een samenwerkingsovereenkomst belegd bij IW4 Beheer NV, waarvan de aandelen in handen zijn van de GR. De aangesloten gemeenten uit de provincie Utrecht zijn vertegenwoordigd in het algemeen en dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling. Deelnemende partijen Gemeenten Veenendaal, Rhenen en Renswoude. Bestuurder(s) Renswoude De heer A. Wijs Bijdrage Renswoude De gemeentelijke bijdrage bestaat uit WSW-subsidie en een vergoeding voor opdrachten. De eventuele tekorten van de beheer NV worden (naar rato) door de deelnemende partijen aangezuiverd. In de gemeentebegroting zijn de volgende bedragen geraamd:
Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen
2022: € 21.535 2023: € 16.934 2024: € 16.331 2025: € 16.331 Prognose saldo 1/1/2022: € 2,2 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 2,1 miljoen Prognose saldo 1/1/2022: € 4,1 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 4,0 miljoen Resultaat 2022 gemeenschappelijke regeling na extra bijdrage gemeenten € 0 Het begrote resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling en IW4 Beheer NV voor 2022 bedraagt geconsolideerd € 116.000 negatief. Het begrote resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling is nihil. De berekeningen zijn gemaakt rekening houdende met de effecten van het transitieplan. In deze begroting is weer rekening gehouden met bijdragen van de deelnemende gemeenten, zoals in het najaar van 2018 overeengekomen. Binnen de NV zijn nog voldoende reserves aanwezig, zodat er geen extra beroep wordt gedaan op 61
reserves van de GR of de gemeente. De NV-begroting is gebaseerd op het vernieuwde meerjarenbeleid IW4 en het onderliggende transitieplan. Door de coronacrisis zijn de toekomstige ontwikkelingen echter onzeker. Daarnaast bevat de begroting van de NV op dit moment nog twee onzekerheden: • Medio 2021 start de aanbesteding van de nieuwe huisvesting. Eind 2021 zal daarom meer bekend worden over de bouwkosten en exploitatie van de nieuwe huisvesting; • De uitvoering van nieuw beschut werk op basis van de huidige rijksfinancieringsmethode en met de nieuwe CAO ”aan de slag” is voor IW4 Beheer NV niet kostendekkend. In 2021 wordt gekeken hoe dit passend is te maken. Risico’s
De risico’s voortvloeiende uit de bedrijfsvoering van IW4 liggen binnen IW4 Beheer NV. Dit geldt sinds 2008 ook voor het subsidierisico, het verschil tussen de rijkssubsidie en de personele kosten van Sw-medewerkers. Binnen de NV is echter slechts een beperkte algemene risicoreserve opgebouwd. Dit betekent dat wanneer risico’s daadwerkelijk (ernstige) negatieve gevolgen voor het financieel resultaat binnen de NV hebben, dit zal leiden tot een beroep op de middelen binnen de GR. Het betreft hier risico’s als gevolg van de economie en bedrijfsvoering en andere externe factoren. De Coronacrisis: op het moment van schrijven van deze begroting is het effect hiervan op de bedrijfsvoering 2022 is nog niet te kwantificeren. Indien nodig zal in het najaar een herziene begroting opgesteld worden, waarin het geschatte effect hiervan meegenomen is. In de begroting van IW4 is geen berekening van de verhouding beschikbare weerstandscapaciteit en benodigde weerstandscapaciteit opgenomen.
Naam
Omgevingsdienst regio Utrecht (ODRU), gevestigd te Utrecht Het op een doelmatige, kwalitatief goede, efficiënte en controleerbare manier uitvoeren van de door de deelnemende gemeenten opgedragen adviserende en uitvoerende taken op het gebied van de omgeving, milieu en duurzaamheid in de ruimste zin. Deze samenwerking levert betere garanties voor de kwaliteit van uitvoering, financiële schaalvoordelen en vermindering van de kwetsbaarheid. De gemeenten: Bunnik, De Bilt, De Ronde Venen, Montfoort, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Stichtse Vecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vianen, Wijk bij Duurstede, Woerden, IJsselstein en Zeist. Mevrouw P. Doornenbal-Van der Vlist De bijdrage van de gemeente is gebaseerd op de omvang van taken die wij gegarandeerd afnemen. Bij tekorten of overschotten wordt ook afgerekend op basis van de opdrachtenportefeuilles (of als AB anders bepaalt).
Doel en openbaar belang dat wordt behartigd
Deelnemende partijen
Bestuurder(s) Renswoude Bijdrage Renswoude
62
Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen
Risico’s
Naam Doel en openbaar belang dat wordt behartigd
Deelnemende partijen Bestuurder(s) Renswoude Bijdrage Renswoude
Eigen vermogen verbonden partij
De gemeente Renswoude neemt 4.110 uur af (3.310 uur voor basistaken en, conform raadsbesluit van 7 juli 2020, 800 uur voor extra taken) á € 96,75 per uur. In de gemeentebegroting 2022 zijn de volgende bedragen geraamd: 2022: € 398.000 2023: € 398.000 2024: € 398.000 2025: € 398.000 Naast de DVO uren (gegarandeerd en tijdelijk) verricht de ODRU ook werkzaamheden op projectbasis. De projecturen voor het jaar 2022 zijn nog niet begroot, maar zullen op projectbasis op een andere manier gefinancierd worden. Prognose saldo 1/1/2022: € 0,7 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 0,7 miljoen Prognose saldo 1/1/2022: € 8,1 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 8,0 miljoen 2022: € 5.000 De voorbereidingen en de implementatie van de Omgevingswet blijven de komende jaren een belangrijk deel van de agenda bepalen. De Omgevingswet wordt immers het integrale wettelijke kader voor beheer en ontwikkeling in de fysieke leefomgeving. De wet stelt ODRU en de andere omgevingsdiensten voor de opgave zich aan te passen aan de nieuwe gemeentelijke taken. In het bijzonder de invoering van het digitaal stelsel per 2024 vormt een grote opgave voor gemeenten en ODRU. De voorbereiding op de Omgevingswet betekent ook dat gemeenten en ODRU opnieuw in gesprek gaan over de taken die de ODRU voor de gemeenten uitvoert.
In de begroting van de ODRU is de verhouding beschikbare weerstandscapaciteit en benodigde weerstandscapaciteit berekend op 1,1.
Afvalverwijdering Utrecht (AVU, gevestigd te Soest) Het openbaar lichaam heeft tot doel in het belang van de deelnemers een doelmatige en uit oogpunt van milieuhygiëne verantwoorde wijze van overslag, transport en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen en grondstoffen en andere categorieën van afvalstoffen. Alle 26 gemeenten van de Provincie Utrecht. De heer A. Wijs De gemeente draagt bij op basis van de tonnages die verwerkt worden. In de gemeentebegroting zijn de volgende bedragen geraamd en geïndexeerd over de komende jaren: 2022: € 113.704 2023: € 116.023 2024: € 118.326 2025: € 120.629 Prognose saldo 1/1/2022: € 0,35 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 0,35 miljoen 63
Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen
Risico’s
Naam Doel en openbaar belang dat wordt behartigd
Deelnemende partijen Bestuurder Renswoude Bijdrage Renswoude
Prognose saldo 1/1/2022: € 15,1 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 15,1 miljoen 2022: € 0 Op grond van de ontwerpbegroting 2022 van de AVU bedragen de totale kosten van de AVU voor het jaar 2022 € 113.704 Dit komt grotendeels door een daling van het ingezameld huishoudelijk restafval. De risico’s bestaan uit de normale bedrijfsrisico’s. Door het ontbreken van reserves en voorzieningen heeft de AVU geen weerstandsvermogen. Alle in enig jaar gemaakte kosten worden aan de deelnemers doorberekend. Ook wetswijzigingen kunnen effect hebben op de hoogte van de aan de deelnemers door te belasten kosten. Als gevolg hiervan kunnen schommelingen optreden in de jaarlijks te betalen bedragen.
Regio Foodvalley, gevestigd te Ede De gemeenschappelijke regeling wordt getroffen om de Foodvalley regio een Europese topregio te maken op het gebied van kennis, ontwikkeling en innovatie in de agro-foodsector door versterking van het vestigingsklimaat en de kwaliteit van de leefomgeving. De GR werkt daartoe samen met ondernemers en onderwijs/onderzoek. Regio Foodvalley concentreert zich op de terreinen economie, werkgelegenheid, ruimtelijke ontwikkeling, wonen en mobiliteit. De gemeenten Ede, Veenendaal, Wageningen, Rhenen, Nijkerk, Barneveld, Scherpenzeel en Renswoude. Mevrouw P. Doornenbal-Van der Vlist Algemene bijdrage: Deze algemene bijdrage is gebaseerd op het aantal inwoners. Voor de komende vier jaar zijn hiervoor de volgende bedragen opgenomen in de begroting: 2022: € 18.184 2023: € 18.184 2024: € 18.184 2025: € 18.184 Mobiliteitsfonds: Naast deze algemene bijdrage wordt er bijgedragen aan het mobiliteitsfonds (€ 1 per inwoner). Dit is € 5.640 voor 2022. Projecten: Ook zijn er projecten binnen de verschillende thema’s van de strategische agenda waar de gemeente en bijdrage voor betaald. De bijdrage van Renswoude voor deze werkprogramma’s is in 2022 €28.594. Deze bijdrage maakt geen deel uit van de begroting maar wordt via afzonderlijke besluitvorming voorgelegd aan de colleges van de deelnemende gemeenten. Regiodeal:
64
Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen
Risico’s
Naam Doel en openbaar belang dat wordt behartigd Deelnemende partijen Bestuurder Renswoude Bijdrage Renswoude
Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen Risico’s
Naast de jaarlijks terugkerende bijdragen is er in de begroting 2020 een eenmalig bedrag van € 50.000 opgenomen in het kader van de regiodeal. Op basis van nader gemaakte afspraken wordt dit bedrag niet in één keer (in 2020) betaald, maar in vijf termijnen (van 2020 tot en met 2023). De te betalen bijdragen aan de regiodeal komen ten laste van de algemeen reserve. Prognose saldo 1/1/2022: € 2,9 miljoen Prognose saldo 31/12/2022: € 3,3 miljoen Prognose saldo 1/1/2021: € 0 Prognose saldo 31/12/2021: € 0 2022: € 0 Zoals aangekondigd in de kaderbrief zou er één grote aanpassing komen: de bekostiging van de programmamanagers. In de begroting 2022 is dit onderdeel geworden van de werkprogramma’s waardoor deze begroting nu een volledig overzicht geeft van alle collectieve kosten. Het lijkt nu alsof de begroting gegroeid is, maar dit is niet het geval. De niet zichtbare kosten (namelijk van de programmamanagers die door gemeenten beschikbaar gesteld worden) zijn zichtbaar geworden. De gemeenten die nu een programmamanager ter beschikking stellen krijgen daar een vergoeding voor, die door alle gemeenten naar rato van het inwoneraantal wordt betaald. Kenmerkend voor het risicoprofiel van Regio Foodvalley is dat de regio m.b.t. de strategische samenwerking nauwelijks ontvankelijk is voor risico’s. Bovendien is een Algemene Reserve gevormd voor het opvangen van deze risico’s.
BVO de Valleihopper, gevestigd te Barneveld BVO de Valleihopper is opgericht per 1 januari 2021. BVO de Valleihopper biedt openbaar vervoer waar gewoon openbaar vervoer geen oplossing is. De gemeenten Ede, Veenendaal, Wageningen, Rhenen, Nijkerk, Barneveld, Scherpenzeel en Renswoude. De heer A. Wijs De gemeente draagt financieel bij op basis van een inwonerbijdrage. In de gemeentebegroting zijn de volgende bedragen geraamd: 2022: € 33.549 2023: € 36.541 2024: € 39.661 2025: € 40.454 Deze bedragen zijn overeenkomstig de begroting 2022-2025 van de Valleihopper. Niet opgenomen in de begroting van BVO de Valleihopper.
Niet opgenomen in de begroting van BVO de Valleihopper. Niet opgenomen in de begroting van BVO de Valleihopper.
65
Naam Doel en openbaar belang dat wordt behartigd Deelnemende partijen
Bestuurder(s) Renswoude Bijdrage Renswoude/ opbrengst dividend
Eigen vermogen Vreemd vermogen verbonden partij Resultaat Ontwikkelingen
Risico’s
Naam Doel en openbaar belang dat wordt behartigd Deelnemende partijen Bestuurder(s) Renswoude
Bijdrage Renswoude
Vitens N.V., gevestigd te Zwolle Het dragen van medeverantwoordelijkheid voor de gezondheid door het duurzaam leveren van veilig en betrouwbaar drinkwater met zorg voor de bescherming van natuur en milieu. De gemeenten in de Provincies Flevoland, Friesland, Gelderland, Utrecht, Overijssel en een aantal gemeenten in de Provincies Drenthe en Noord-Holland. De aandeelhouders hebben zeggenschap via het stemrecht op de aandelen die zij bezitten. Wij bezitten 4.389 aandelen (0,076% van het totaal aantal aandelen) met een nominale waarde van € 1,00 per stuk. Deze staan op de balans voor een bedrag van € 60.359. Het bedrag aan dividend dat wordt uitgekeerd bedraagt maximaal 50% van het nettoresultaat. Randvoorwaarde hierbij is de continuïteitsdoelstelling. Bij een solvabiliteit van < 30 % wordt in beginsel geen dividend uitgekeerd. In de begroting zijn de volgende ramingen aan dividendopbrengst geraamd: 2022: € 0 2023: € 0 2024: € 0 2025: € 0 31-12-2020: € 557 miljoen 31-12-2020: € 1.340 miljoen 2020: € 24 miljoen Een belangrijk aandachtspunt voor Vitens zijn de gevolgen voor de bedrijfsvoering als er vaker en langduriger sprake is van droogte. Dit leidt in de komende jaren tot een grotere investeringsopgave en een afroming van de dividenduitkeringen naar nihil voor de komende begrotingsjaren. De dividenduitkering kan tegenvallen.
Afvalcombinatie De Vallei NV (ACV, gevestigd te Ede) ACV richt zich met name op het herwinnen van grondstoffen uit afvalstromen en het beheer van de openbare ruimte. Ede, Wageningen, Renkum, Veenendaal en Renswoude Gemeente is aandeelhouder (lid van AVA). De aandeelhouders hebben zeggenschap via het stemrecht op de aandelen die zij bezitten. Wethouder A. Wijs vertegenwoordigt Renswoude bij de vergadering van aandeelhouders De bijdrage is opgehoogd met de additionele kosten voor het in gebruik nemen van het ABS in Ede. In de gemeentebegroting zijn de volgende bedragen geraamd: 2022: € 300.650 2023: € 300.650 2024: € 300.650 2025: € 300.650 66
Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Verwacht resultaat Ontwikkelingen
Risico’s
Begin 2020: € 11,1 miljoen Eind 2020: € 11,5 miljoen Begin 2020: € 21,9 miljoen Eind 2020: € 21,8 miljoen 2022: nog niet bekend Per 1 januari 2020 is de gemeente Renswoude aandeelhouder van de ACV. Voor een bedrag van €185.394 heeft de gemeente een belang van 1,6%, wat neerkomt op 90.920 aandelen. Het risico voor de gemeente bestaat uit het ingebrachte aandelenkapitaal. Daarnaast heeft de gemeente de verplichting om een eventueel negatief bedrijfsresultaat aan te vullen. Beëindiging contract met ACV kan alleen met toestemming van alle aandeelhouders.
6.0 Paragraaf Lokale heffingen Algemeen
De lokale heffingen bestaan uit (directe) belastingen en retributies. Op grond van de Gemeentewet kunnen gemeenten diverse, met name, genoemde belastingen heffen, mits de gemeenteraad hiertoe een belastingverordening vaststelt. Gemeentebelastingen zijn voor de gemeenten algemene inkomsten. Daarnaast kunnen, ingevolge de Gemeentewet, gemeenten diverse zogenaamde retributies heffen middels een door de gemeenteraad vastgestelde verordening. Retributies zijn heffingen waartegenover een direct aanwijsbare dienst van de gemeente dient te staan. Retributies zijn onder meer rioolrecht, afvalstoffenheffing, reinigingsrecht en diverse leges. Bij retributies mag in principe geen winst gemaakt worden.
De door de gemeente Renswoude geheven belastingen zijn:
Onroerendezaakbelastingen. Toeristenbelasting.
De door de gemeente Renswoude geheven retributies zijn:
Afvalstoffenheffing en reinigingsrecht. Rioolrecht. Begrafenisrechten. Precariorechten. Diverse leges, zoals bouwleges en leges burgerlijke stand, reisdocumenten en rijbewijzen.
Beleid lokale heffingen
Het gemeentelijk belastingbeleid heeft als uitgangspunt dat de retributies kostendekkend zijn. De gemeente streeft daarbij dus naar 100% kostendekking. Bij de belastingen is het 67
uitgangspunt dat de raming opbrengst OZB jaarlijks wordt verhoogd met het inflatiepercentage. Hiervan kan worden afgeweken als blijkt dat de begroting zonder extra belastingverhoging niet sluitend is te krijgen. Daarnaast worden de tarieven OZB jaarlijks aangepast aan de ontwikkeling van de waarden van het onroerend goed in het economisch verkeer: hogere- en lagere waarden worden gecompenseerd in de tariefstelling zodat de belastingdruk c.q. –opbrengst niet wijzigt als gevolg van waardeontwikkelingen. Over de aanpassing van het tarief toeristenbelasting zijn afspraken gemaakt met de recreatieondernemers. In verband met het afsluiten van contracten met de recreanten is het voor deze ondernemers wenselijk om tijdig op de hoogte te worden gesteld van de ontwikkeling van het tarief toeristenbelasting. Bovendien willen zij graag meedenken over de besteding van een deel van de opbrengst van de toeristenbelasting. Afgesproken is dat tweejaarlijks het tarief van de toeristenbelasting zal worden verhoogd met € 0,05. Deze afspraak geldt voor 10 jaar tot en met 2020. In 2019 is het tarief verhoogd met € 0,05 tot € 0,75 per overnachting per persoon. Het aankomende jaar zullen er nieuwe afspraken over de toeristenbelasting gemaakt worden.
Ontwikkeling belastingtarieven en –opbrengsten Onroerendezaakbelastingen (OZB)
De OZB wordt geheven op onroerende zaken van eigenaren van woningen en van eigenaren en gebruikers van niet-woningen. De grondslag voor de OZB is de waarde zoals deze wordt vastgesteld volgens de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ). Vanaf het belastingjaar 2008 is de waardepeildatum telkens 1 januari van het voorafgaande jaar. Voor 2022 is dat 1 januari 2021. Bij de opbrengst OZB is rekening gehouden met een trendmatige verhoging van 1,4% conform het inflatiepercentage dat in de kadernota is opgenomen. Werkelijke en begrote opbrengsten en tarieven gemeentelijke belastingen bedra gen x 1000 2020 werkelijk
2021 geraamd*
2022
Opbrengst
Opbrengst
Opbrengst
Toeristenbelasting (overnachtingen, forfaitair)
€ 51
€ 47
€ 51
Totaal toeristenbel.
€ 51
€ 47
€ 51
Eigenarenheffing woningen
€ 565
€ 579
€ 636
Eigenarenheffing niet-woningen
€ 270
€ 295
€ 312
Gebruikersheffing niet- woningen
€ 196
€ 213
€ 227
Totaal OZB
€ 1.031
€ 1.087
€ 1.175
Totaal opbrengst belastingen
€ 1.082
€ 1.134
€ 1.226
Onroerende- zaakbelastingen (OZB)
*OZB is aangepast met een begrotingswijziging in 2021
68
De opbrengstraming 2022 is gebaseerd op de opbrengstraming 2021, verhoogd met 1,4%. De raad stelt in het najaar van 2021 de belastingtarieven 2022 vast. Begrote opbrengsten en tarieven afvalstoffenheffing en rioolrecht bedra gen x 1000 2020 werkelijk
2021 geraamd*
2022
Opbrengst
Opbrengst
Opbrengst
Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing
€ 592
€ 574
€ 585
Totaal
€ 592
€ 574
€ 585
Bedrijven
€ 109
€ 135
€ 135
Huishoudens
€ 411
€ 477
€ 477
Totaal
€ 520
€ 612
€ 612
Rioolheffing
*Afvalstoffenheffing is aangepast met een begrotingswijziging in 2021
Naast het basistarief wordt een bedrag per lediging in rekening gebracht. Lastenontwikkeling voor onze burgers in het komende jaar
In onderstaand overzicht is aangegeven hoe de ontwikkeling van de lastendruk voor het nieuwe begrotingsjaar is, rekening houdend met de voorgestelde opbrengstverhogingen. Ter vergelijking is ook de lastendruk van het voorgaande begrotingsjaar weergegeven. Definitieve tarieven worden berekend bij het vervaardigen van de belastingverordeningen.
raming 2021
Belastingdruk
raming 2022
Gem.
Gebruiker
Eigenaar/
Gem.
Gebruiker
Eigenaar/
waarde
(huurder)
gebruiker
waarde
(huurder)
gebruiker
woning
woning *
Eenpers.huish. OZB
€ 362.000
€
299 € 358.000
€
297 231
Afvalst.heffing**
€
245
€
245
€
231
€
Rioolheffing
€
239
€
239
€
243
€
239
Totaal
€
484
€
783
€
474
€
767
€
297
€
261
€
263
€
263
Meerpers.huish. OZB
€ 362.000
Afvalst.heffing**
€
299 € 358.000
€
261
Rioolrecht
€
278
€
278
€
283
€
283
Totaal
€
539
€
838
€
546
€
843
*Waarde woning op basis van gegevens CBS **Belastingdruk 2021 is aangepast met een begrotingswijziging in 2021
Bij de berekening van de belastingcapaciteit inzake de algemene uitkering houdt het Rijk rekening met een waardestijging van de woningen in 2022 van 7%. Voor de berekening van de waardeontwikkeling is met eenzelfde stijgingspercentage van de waarde woningen in Renswoude rekening gehouden.
69
Kwijtscheldingsbeleid
Het beleid van de gemeente Renswoude is dat voor kwijtschelding de zogenaamde 100% kwijtscheldingsnorm gemeentelijke belastingen wordt toegepast en geldt voor de onroerendezaakbelasting, de afvalstoffenheffing en het rioolafvoerrecht. In overleg met de afdeling sociale zaken wordt bekeken of en in hoeverre cliënten hiervoor in aanmerking komen. Het is mogelijk dat gezinnen met een uitkering automatisch kwijtschelding krijgen. Kostendekkend diverse heffingen
In het algemeen is het beleidsuitgangspunt van de gemeente Renswoude ten aanzien van de berekening van de gemeentelijke heffingen gebaseerd op het principe “de vervuiler betaalt“. Met andere woorden, iemand die een dienst van de gemeente vraagt of afneemt dient de kosten die de gemeente voor het leveren van deze dienst maakt, te betalen. Van een aantal taakvelden is het duidelijk dat er een direct verband is tussen de kosten die op dit taakveld worden gemaakt en de dienst die door de gemeente wordt verricht. De kosten van sommige taakvelden hebben gedeeltelijk betrekking op een bepaalde dienst die door de gemeente wordt verricht. In deze gevallen worden de kosten van deze taakvelden voor een evenredig deel aan de betreffende dienst toegerekend. Om het percentage overheadkosten te berekenen dienen de ‘overheadkosten’ zoals begroot/verantwoord op taakveld 0.4, gedeeld te worden door het totaal saldo van de lasten (exclusief toevoegingen aan reserves). Voor de begroting is de uitkomst hiervan 15%. Bij de berekening van dit percentage is rekening gehouden met een toename van de kosten van overhead als gevolg van de organisatieontwikkeling en verbouw-/nieuwbouw gemeentehuis. Onderbouwing afvalstoffenheffing/ reinigingsrecht
De lasten die op het taakveld 7.3 Afval worden gepresenteerd, hebben volledig betrekking op de inzameling, afvoer en verwerking van afval. Vanaf 2020 zamelt de gemeente geen afval meer in bij bedrijven. De lasten die staan vermeld op taakveld 2.1 Verkeer en vervoer onderdeel Straatvegen en onkruidbestrijding, worden gedeeltelijk toegerekend aan de kosten van afvalinzameling en reinigingsrecht. De gemeente heeft drie redenen om de straten te vegen en het onkruid te bestrijden. Om de riolering goed te laten functioneren, voor de verkeersveiligheid en omdat mensen hun afval niet juist aanbieden, waardoor er afval op straat achterblijft. Een exacte verdeling is moeilijk te bepalen, maar omdat Renswoude een landelijke gemeente is, is het aandeel bladafval relatief groter dan het zwerfvuil. We rekenen daarom 50% van de kosten van straatwegen en onkruidbestrijding toe aan de rioolheffing, 30% aan verkeersveiligheid en 20% aan de afvalstoffenheffing/ reinigingsrecht. Op taakveld 6.3 Inkomensregelingen staat o.a. geraamd hoeveel de kwijtschelding afvalstoffenheffing bedraagt. Dit bedrag heeft volledig betrekking op afvalstoffenheffing en niet op reinigingsrecht.
70
De overheadkosten worden toegerekend op de wijze zoals hierboven is toegelicht. Van een aantal, dat bij de berekening voor het tarief van de afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht wordt meegenomen, is de BTW compensabel. Bij de onderbouwing van de tarieven wordt deze compensabele BTW meegenomen. bedragen x 1000
Lasten per taakveld
Bedrag in heffing
7.3 Afval
€ 472
2.1 Verkeer en vervoer
€8
6.3 Inkomensregelingen
€ 13
Subtotaal
€ 493
0.4 Overheadkosten 15% van subtotaal
€ 74
Compensabele b.t.w.
€ 89
Totaal lasten
€ 656
7.3 Aval - inkomsten
€ 71
Door te berekenen via heffingen
€ 585
Geraamde opbrengst
€ 585
Dekkingspercentage
100%
Onderbouwing rioolrecht
De lasten die op taakveld 7.2 worden gepresenteerd hebben geheel betrekking op riolering. De lasten die op taakveld 2.1 Verkeer en vervoer onder het kopje Straatvegen en onkruidbestrijding worden gepresenteerd, worden gedeeltelijk meegenomen bij de onderbouwing van het rioolrecht. De gemeente heeft drie redenen om de straten te vegen en het onkruid te bestrijden. Om de riolering goed te laten functioneren, voor de verkeersveiligheid en omdat mensen hun afval niet juist aanbieden, waardoor er afval op straat achterblijft. Een exacte verdeling is moeilijk te bepalen, maar omdat Renswoude een landelijke gemeente is, is het aandeel bladafval relatief groter dan het zwerfvuil. We rekenen daarom 50% van de kosten van straatwegen en onkruidbestrijding toe aan de rioolheffing, 30% aan verkeersveiligheid en 20% aan de afvalstoffenheffing/ reinigingsrecht. De lasten op taakveld 5.7 betrekking hebbend op uitmaaien en uitdiepen van sloten en de afvoer van het slootvuil worden gedeeltelijk meegenomen bij de onderbouwing van het rioolrecht. In een gemeente als Renswoude met een kleine kern en een groot buitengebied kan worden gesteld dat het onderhoud aan sloten voor het grootste deel wordt verricht in het kader van de nakoming van de zorgplicht die de gemeente heeft voor afval-, hemel- en grondwater.
Daarnaast worden deze activiteiten ook gedeeltelijk verricht ten behoeve van de verkeersveiligheid en het milieu. We rekenen deze kosten daarom voor 70% toe aan riolering, voor 20% aan milieu en voor 10% aan verkeersveiligheid.
Op taakveld 6.3 Inkomensregelingen staat gespecificeerd aangegeven hoeveel wordt geraamd aan kwijtschelding van rioolrecht, dit bedrag wordt ook meegenomen bij de onderbouwing van het rioolrecht.
71
De overheadkosten worden toegerekend op de wijze zoals hierboven is toegelicht. Van een aantal kostencomponenten, dat bij de berekening voor het tarief van het rioolrecht wordt meegenomen, is de BTW compensabel. Bij de onderbouwing van de tarieven wordt deze compensabele BTW meegenomen.
bedragen x 1000
Lasten per taakveld
Bedrag in heffing
7.2 Riolering
€ 373
2.1 Verkeer en vervoer
€ 19
5.7 Openbaar groen en recreatieve voorz.
€ 41
6.3 Inkomensregelingen
€ 15
Subtotaal
€ 448
0.4 Overheadkosten 10% van subtotaal
€ 45
Compensabele b.t.w.
€ 51
Totaal lasten
€ 543
Toevoeging voorziening
€ 68
Te dekken via rioolrecht
€ 611
Geraamde opbrengst
€ 612
Dekkingspercentage
100%
Onderbouwing begraafrecht
Op grond van de beraadslagingen in de commissie RF van 4 juni 2015 heeft de gemeenteraad vastgesteld dat de lasten van de begraafplaats minimaal voor 50% moeten worden gedekt door de opbrengsten van de begraafrechten. Daar het totaal aantal jaarlijkse begrafenissen in Renswoude niet zo groot is, worden de opbrengsten begraafrechten en daardoor ook het dekkingspercentage sterk beïnvloed door het feit of er in een bepaald jaar wat minder begrafenissen zijn dan gemiddeld of juist wat meer. In de kadernota 2020 en de begroting 2020-2021 is besloten om de kostendekking van de begraafplaats de komende jaren te vergroten. Dit betekent dus een jaarlijkse stijging van de tarieven.
De lasten die op taakveld 7.5 Begraafplaatsen staan vermeld hebben betrekking op de kosten van begraven met uitzondering van de kosten van het rouwcentrum, deze kosten worden niet meegenomen in de onderbouwing van de kosten van het begraafrecht.
72
De overheadkosten worden toegerekend op de wijze zoals hierboven is toegelicht. Lasten per taakveld
Bedrag in heffing
7.5 Begraafplaatsen
€ 81.335
0.4 Overheadkosten 10%
€ 8.134
Totaal lasten
€ 89.469
Geraamde opbrengst
€ 68.000
Dekkingspercentage
76%
Door een hogere opbrengstraming (€68.000 ten opzichte van € 63.000 in 2020) is het dekkingspercentage hoger dan in 2021 (68%). Onderbouwing legestarieven legesverordening
De tarieven genoemd in de legesverordening en de bijbehorende tarieventabel hebben betrekking op heel veel verschillende en uiteenlopende zaken. Het is ondoenlijk om elk legestarief afzonderlijk te onderbouwen. De in de legesverordening genoemde leges kunnen in 3 groepen worden onderscheiden. 1.
Algemene dienstverlening 2. Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning. 3. Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn. Per groep zal een onderbouwing van de leges worden gegeven.
Algemeen De lasten die op taakveld 0.2 Burgerzaken onder het kopje “bevolkingsaangelegenheden“ worden gepresenteerd hebben voor 15% betrekking op Algemene dienstverlening, voor 35% op dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving /omgevingsvergunning en voor 50% op dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn. Uit de urenregistratie van de medewerk(st)ers blijkt dat 15% van de uren wordt besteed aan algemene dienstverlening, 35% wordt besteed aan dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning en 50% wordt besteed aan dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn.