Omgevingsprogramma openbare ruimte
Tekst van het document
5.5.1. Klein onderhoud Onder klein onderhoud vallen werkzaamheden gericht op het herstellen van kleine schades of om onveilige situaties tegen te gaan. Deze schades en situaties komen aan het licht tijdens de weginspecties en door meldingen en klachten. Het gaat hierbij om schades van beperkte omvang (circa 10 tot 15 m2). Ook het onderhoud aan onverharde en halfverharde wegen en paden vallen hieronder. Dit omvat onder andere het ploegen, schaven, aanvullen en uitvlakken. De wegmarkeringen voor onder andere invalidenplekken, gele en blauwe belijning en overige kleine werkzaamheden vallen ook onder het klein onderhoud.
5.5.2. Groot onderhoud Groot onderhoud omvat de corrigerende maatregelen als gevolg van slijtage na langere periode van gebruik. Het onderhoud is ingrijpend en vaak gepland en zorgt ervoor dat de verharding tijdens de levensduur in stand wordt gehouden. Ook dit type onderhoud komt aan het licht tijdens weginspecties. Maatregelen die onder groot onderhoud vallen zijn onder andere: het herstraten van elementenverhardingen, het vervangen van asfaltdeklagen en het losmaken, opnieuw profileren en verdichten van onverharde en halverharde wegen. Ook valt het grootschalig herstel van de wegmarkeringen (op basis van de jaarlijkse inspectie) onder de categorie groot onderhoud. De
36 van 105
kosten voor groot onderhoud worden verrekend met de voorziening op basis van het meerjaren onderhoudsplan (MJOP).
5.5.3. Levensduurverlengend groot onderhoud Levensduurverlengend groot onderhoud betreft maatregelen die de kwaliteit van de verharding verbeteren waardoor deze langer meegaat dan gepland. Deze investeringen worden geactiveerd en afgeschreven in 20 jaar voor het buitengebied en voor woonwijken in 40 jaar.
5.5.4. Vervanging (rehabilitatie) Wanneer repareren van schade niet meer mogelijk of rendabel is en/of de oorspronkelijke inrichting niet meer voldoet, dan wordt het object vervangen. Er wordt nieuw materiaal en een nieuwe fundering aangebracht en indien nodig wordt de inrichting aangepast op het huidige gebruik. Alle vervangingsinvesteringen zijn opgenomen in het Meerjaren InvesteringsProgramma (MIP) in de begroting. Deze investeringen worden geactiveerd en afgeschreven in 40 jaar. Het team Beheer & Onderhoud is verantwoordelijk voor het laten uitvoeren van de vervangingen.
5.5.5. Aandachtspunten in de uitvoering Onverharde en halfverharde wegen Naast het feit dat Putten gekenmerkt wordt door relatief veel van deze wegen, is het uitgevoerde onderhoud in de afgelopen jaren ontoereikend gebleken. Door langdurige natte periodes of droge periodes kunnen we ons reguliere onderhoud aan onverharde wegen niet of niet goed kunnen uitvoeren. Daardoor zijn inmiddels achterstanden ontstaan. Structureel Er is circa 70 km aan onverharde en halfverharde wegen. Gemiddeld moet er één keer per vier jaar groot onderhoud plaatsvinden om deze wegen in een goede staat te houden. Daarnaast is er voldoende klein onderhoud nodig. Incidenteel De afgelopen jaren zijn deze wegen niet voorzien van groot onderhoud, enkel van klein en tijdelijk oplossend onderhoud. Vanuit het structurele onderhoudsbudget wordt in 2025 1/4e en in 2026 1/4e van het areaal voorzien van groot onderhoud. Dat betekent dat de helft van het areaal pas vanaf 2027 wordt aangepakt. Om deze achterstand in te halen en om de hoge kosten aan klein onderhoud te beperken, wordt er in 2025 en 2026 een inhaalslag gemaakt. Zo is binnen twee jaar het totale areaal aan onverharde en halfverharde wegen voorzien van groot onderhoud. Dit omvat het loshalen, vullen met menggranulaat, opnieuw profileren en verdichten (aftrillen).
Daarnaast geldt dat voor sommige wegen bekeken moet worden of het wenselijk/ noodzakelijk is deze weg of delen daarvan te verharden.
37 van 105
Wegen buitengebied Van de niet op het huidig gebruik ingerichte wegen gaat de kwaliteit versneld achteruit. Hierbij is het lastig om het kwaliteitsniveau tijdens de levensduur in stand te houden. Bovendien nemen de risico’s voor wat betreft verkeersveiligheid en aansprakelijk toe. Structureel Bij vervanging of (levensduurverlengend) groot onderhoud worden wegen (inclusief bermen/bermverhardingen) die niet geschikt zijn voor het huidige verkeer verstevigd en waar nodig verbreed. Aan elke berm moet gemiddeld één keer per vier jaar groot onderhoud worden uitgevoerd om de berm, eventuele bermverharding en de weg in goede staat te houden. Tweejaarlijks wordt met de weginspectie beoordeeld welke bermen in aanmerking komen voor dit groot onderhoud. Daarnaast blijft klein onderhoud en het reguliere maaiwerk noodzakelijk. Daarnaast moeten de vervangingsinvesteringen en investeringen voor levensduurverlengend groot onderhoud worden opgenomen in het meerjareninvesteringsplan. Incidenteel De aanpak van een aantal wegen in het buitengebied staat op de planning voor (levensduurverlengend) groot onderhoud of vervanging. Hierbij worden een aantal bermen/bermverhardingen meegenomen. Voor enkele wegen is er enkel budget voor de aanpak van de rijbaan, maar nog niet voor de aanpak van de bermen/bermverhardingen.
Daarnaast wordt voor de bermen/bermverhardingen van de wegen waar geen onderhoud/vervanging gepland is een eenmalige inhaalslag gemaakt om deze weer in orde te maken. Om deze inhaalslag te maken is incidenteel budget nodig. Voor de komende jaren is het aantal aan te pakken wegen in het buitengebied aanzienlijk. Gelet op de benodigde financiële middelen en de beschikbare capaciteit kan niet alles tegelijk. Bovendien is het met het oog op bereikbaarheid en leefbaarheid niet wenselijk dat vele wegen tegelijk zijn afgesloten. Daarom kiezen we ervoor om de grootschalige aanpak van klinkerwegen te spreiden over de komende 10 jaar. Dit betekent wel dat voor deze wegen tijdelijk een lager kwaliteitsniveau (C in plaats van B) wordt gehanteerd, met beperkte risico’s met betrekking tot veiligheid en aansprakelijkheid. De aanpak van onze asfaltwegen vindt plaats in de komende 4 jaar. We hebben hiervoor gekozen, omdat deze wegen onderdeel uitmaken van de projecten binnen het uitvoeringsprogramma GVVP. Geluidsreducerend asfalt Door de aanmerkelijk kortere levensduur zijn de onderhoudskosten van geluidreducerend asfalt veel duurder dan bij regulier asfalt.
Structureel Geluidreducerende asfaltdeklagen passen we alleen toe bij gebiedsontsluitingswegen met een snelheidsregime van 50 km/uur of hoger, waar het verkeer grotendeels boven de 40 km/uur rijdt en waar de intensiteiten van het (vracht)verkeer relatief hoog zijn. Bij lagere rijsnelheden hebben geluid reducerende wegdekken nauwelijks effect.
38 van 105
Verouderde verhardingen De levensduur van de verhardingen in de gemeente Putten varieert tussen de 40 en 70 jaar. Meer dan 40% van de asfalt- en elementenverhardingen is ouder dan 40 jaar. Structureel Bij de in de jaren zestig en zeventig aangelegde woonwijken kan door het uitvoeren van levensduurverlengend groot onderhoud de technische levensduur van de verhardingen met minimaal 40 jaar verlengd worden. De in deze wijken toegepaste straatbakstenen lenen zich voor hergebruik, al kan met de niet maatvaste stenen geen vlak en strak wegdek aangelegd worden. Om de verhardingen in de verouderde woonwijken op niveau te houden moeten jaarlijks meerdere woonstraten worden aangepakt.
5.5.6. Planning grootschalig onderhoud 2025-2028 In de onderstaande tabellen zijn per onderhoudstype de aan te pakken wegen weergegeven. Grootschalige onderhoudswerkzaamheden worden veelal gecombineerd met andere werkzaamheden en/of maatregelen uit het GVVP.
Groot onderhoud Weg(onderdeel)
Van
Tot
Stenenkamerseweg
Broeksteegje
Waterweg
Rijbanen Hoge Eng-Oost / Hoge Eng-West
Voorthuizerstraat
Halvinkhuizerweg
Fietspaden Hoge Eng
Hoge Eng-Oost
Hoge Eng-West
Fietspaden Buiten Eng
Klaverstraat
Nijkerkerstraat (N798)
Fiets-/ voetpaden Klaarwaterbos
Levensduurverlengend groot onderhoud
39 van 105
Weg(onderdeel)
Van
Tot
Gecombineerd met
Krachtighuizerweg
Oude Prinsenweg
Bato’sweg
Verbeteren weginrichting (GVVP)
Voetpad
Koestraat
Dorpsstraat
Verbeteren toegankelijkheid
P.C. Hooftstraat
Reviusstraat
Bilderdijkstraat
Bilderdijkstraat
P.C. Hooftstraat
Jac. Catsstraat
Brinkstraat
Gecombineerd met Verkeersveilige schoolomgeving
Bosrand
Grieteweg
Margrietlaan
Gecombineerd met Afkoppelen hemelwater
Telgterweg
Oude
Rijksweg
Gemeentegrens
(N798)
Ermelo
Beekweg
Telgterweg
Engersteeg
Zuiderveldweg
Oude
Rijksweg
Telgterweg
(N798) Beulekampersteeg
Verbeteren oversteek Oud Groevenbeeklaan (GVVP)
Huisnummer 53
(inclusief zijweg)
Gemeentegrens Nijkerk
Oude
Voorthuizerstraat
Nijkerkerweg
(N303)
Oude
Huinerbroekweg
Roosendaalseweg
Vervanging bermverharding, verbeteren weginrichting (GVVP)
Groot Hellerweg
Nijkerkerweg Roosendaalseweg
Vervanging bermverharding
Vervanging bermverharding, verbeteren weginrichting (GVVP)
Komgrens Putten
Beulekampersteeg
Vervanging bermverharding, verbeteren weginrichting (GVVP)
Beulekampersteeg
Begin asfalt nabij
Komgrens Huinen
Hogesteeg
Vervanging bermverharding, verbeteren weginrichting (GVVP)
Broekermolenweg
Nijkerkerstraat (N798)
Hellerweg
Vervanging bermverharding
Donkeresteeg
Groot Hellerweg
Meskampersteeg
Vervanging bermverharding
Halvinkhuizerweg
Hooiweg
Koekamperweg
Schoonderbeeklaa
Oude
n
(N798)
Rijksweg
Fietspad Oud Groevenbeeklaan
Vervanging (rehabilitatie) Weg(onderdeel)
Van
Tot
Gecombineerd met
Voorthuizerstraat
Van Geenstraat
Heihaas/ komgrens
Verbeteren weginrichting, verbeteren fietsnetwerk (GVVP)
40 van 105
Weg(onderdeel)
Van
Tot
Gecombineerd met
Engweg - Dorpsstraat
Voorthuizerstraat
Nijkerkerstraat (N798)
Verbeteren weginrichting, instellen 30 km/u (GVVP)
Halvinkhuizerweg
Engweg
Van Geenstraat
Afkoppelen regenwater, verbeteren weginrichting (GVVP)
Kerkstraat
Engweg
Van Geenstraat
Afkoppelen regenwater, verbeteren weginrichting (GVVP)
Lage Engweg
Halvinkhuizerweg
Kerkstraat
Afkoppelen regenwater, verbeteren weginrichting (GVVP)
Aanliggende straten
Aanpassingen en maatregelen
Centrumplan
t.b.v. Centrumplan
Fietspaden park
Parkeerterrein
Van Geenstraat /
Verbeteren fietsnetwerk (GVVP),
De Groene Scheg
Engweg
Roosendaalseweg
integrale aanpak park
Meskampersteeg
Tintelersteeg
Nijkerkerstraat
Verbeteren wegconstructie, vervanging bermverharding
Schremmersteeg
Nijkerkerstraat
Kromme Koesteeg
(N798) Laak
Verbeteren wegconstructie, aanleg bermverharding
Oude Rijksweg
Het Laakhuisje
Verbeteren wegconstructie
Nieuwe Prinsenweg
Laak
Verbeteren fietsnetwerk (GVVP)
Fietspad
Oude Rijksweg
Begin verharde weg
Verbeteren fietsnetwerk (GVVP)
Husselsesteeg
(N798)
Fietspad
Bato’sweg
Boeschoterweg
Verbeteren fietsnetwerk (GVVP)
Schoonderbeeklaan
Oud
Verbeteren fietsnetwerk (GVVP)
(N798) Fietspad Arnhemse Karweg
Krachtighuizerweg Fietspad naar Bosbad / Oud Groevenbeek
Groevenbeeklaan
Bermverharding
Oude Rijksweg
Gemeentegrens
Levensduurverlengend groot
Telgterweg
(N798)
Ermelo
onderhoud
Bermverharding
Voorthuizerstraat
Roosendaalseweg
Levensduurverlengend groot
Oude Nijkerkerweg
(N303)
onderhoud, verbeteren weginrichting (GVVP)
Bermverharding
Huinerbroekweg
Groot Hellerweg
Oude Nijkerkerweg
Levensduurverlengend groot onderhoud, verbeteren weginrichting (GVVP)
Bermverharding
Komgrens Putten
Beulekampersteeg
Roosendaalseweg
Levensduurverlengend groot onderhoud, verbeteren weginrichting (GVVP)
Bermverharding
Begin asfalt nabij
Beulekampersteeg
Hogesteeg
Komgrens Huinen
Levensduurverlengend groot onderhoud, verbeteren weginrichting (GVVP)
Bermverharding
Oude Nijkerkerweg
Roosendaalseweg
Nijkerkerstraat
Hellerweg
Knapzaksteeg Bermverharding Broekermolenweg
Levensduurverlengend groot onderhoud
41 van 105
5.6. Financiën In deze paragraaf wordt de raming weergegeven voor de structurele jaarlijkse kosten, de incidentele kosten wegens inhaalslagen en de investeringen op basis van de eerder genoemde ambities en uitvoeringsstrategie. Deze kosten worden afgezet tegen de huidige beschikbare middelen in de begroting. De kosten zijn berekend op basis van de CROW-normen, rekening houdend met de Puttense kenmerken en situatie. In deze kosten is geen rekening gehouden met bijkomende kosten voor andere assets zoals verlichting, riolering en groen.
5.6.1. Structurele jaarlijkse exploitatiekosten In onderstaande tabel is weergegeven wat de geraamde (jaarlijkse) kosten zijn op basis van. deze actualisatie. Dit wordt afgezet tegen de structureel beschikbaar gestelde middelen (vanaf 2025). In onderstaande bedragen zijn ook de structureel benodigde middelen opgenomen voor onderhoud aan de onverharde en halfverharde wegen, het onderhoud aan bermen, de hogere onderhoudskosten vanwege boomwortelopdruk en geluidreducerend asfalt. De Puttense kenmerken/situatie is dus al vertaald in de raming.
42 van 105
Type onderhoud
Raming nieuwe
Beschikbare
exploitatielasten
budgetten
Verschil
Klein onderhoud
355.000
217.000
-138.000
Groot onderhoud – dotatie voorziening
610.000
542.000
-68.000
Totaal exploitatiekosten
965.000
759.000
-206.000 -/- = nadeel
Toelichting voorziening groot onderhoud Voorheen werden tekorten of overschotten van het onderhoud op wegen verrekend met de Reserve IBOR. Met de Nota Reserves en voorzieningen 2023 is de egalisatievoorziening groot onderhoud wegen gevormd. De kosten van groot onderhoud zullen nu met de voorziening worden verrekend in plaats van met de reserve IBOR. Er wordt per 31 december 2024 een eenmalige dotatie voorgesteld van € 200.000 vanuit de Reserve IBOR. Met deze storting en een jaarlijkse dotatie van € 601.000 wordt de voorziening voldoende gevoed om de onderhoudskosten voor de komende jaren te dekken (tot en met 2029). 2025
2026
2027
2028
Stand van de voorziening per 1-1
200.000
515.000
412.000
567.000
Dotatie
610.000
610.000
610.000
610.000
Onttrekking
-295.000
-713.000
-455.000
-857.000
Stand van de voorziening per 31-12
515.000
412.000
567.000
320.000
5.6.2. Investeringen Onder de investeringen vallen zowel de werkzaamheden in het kader van levensduurverlengend groot onderhoud als de vervanging van wegen en fietspaden. Investeringen voor levensduurverlengend groot onderhoud worden afgeschreven in 20 of 40 jaar, afhankelijk van het type weg en het type maatregel. Vervangings- en rehabilitatieinvesteringen worden in 40 jaar afgeschreven. In onderstaande investeringen is ook de aanpak van de bermen opgenomen omdat deze worden gecombineerd met het groot onderhoud aan de weg. Door dit te combineren zijn de totale kosten voor de aanpak van de berm en groot onderhoud lager. In onderstaande tabel is inzichtelijk gemaakt wat de nieuw geraamde investeringen en de reeds beschikbaar gestelde bedragen zijn en welke kapitaallasten hieruit voortvloeien. Totaal
Levensduurverlengend onderhoud
2025
2026
Nieuwe investering
2.488.000
1.316.000
493.000
569.000
4.866.000
Beschikbaar
1.698.000
1.143.000
1.143.000
1.143.000
5.127.000
Verschil
-790.000
-173.000
650.000
574.000
261.000
Nieuwe kapitaallasten
0
114.000
180.000
205.000
Geraamde kapitaallasten
0
85.000
142.000
199.000
Verschil
0
-29.000
-38.000
-6.000
43 van 105
2027
2028
investeringen
Totaal
Vervanging/rehabilitatie
2025
2026
2027
2028
Nieuwe investering
4.135.000
3.796.000
796.000
294.000
9.021.000
Beschikbaar
6.682.000
582.000
1.422.000
1.352.000
10.038.000
Verschil
2.547.000
-3.214.000
626.000
1.058.000
1.017.000
Nieuwe kapitaallasten
0
103.000
198.000
218.000
Geraamde kapitaallasten
0
172.000
186.000
222.000
Verschil
0
69.000
-12.000
4.000
investeringen
-/- = nadeel
5.6.3. Kosten incidentele inhaalslag Zoals beschreven in de uitvoeringsparagraaf wordt er een inhaalslag gemaakt op het gebied van de onverharde en halfverharde wegen en de bermen. De inhaalslag op on- en halfverharde wegen worden niet geactiveerd en is dus een exploitatielast. De kosten voor de bermen zijn hierboven opgenomen onder de investeringen omdat deze worden opgepakt met het groot onderhoud van de weg. Daarnaast is de vervangingsinvestering van de Hooiweg uitgesteld tot na 2028. Dat leidt in elk geval tot en met 2028 tijdelijk tot extra onderhoudskosten. Vanwege het tijdelijke karakter hiervan worden deze kosten als incidenteel aangemerkt. 2025 Inhaalslag onverharde en halfverharde wegen Tijdelijke onderhoudskosten Hooiweg
2027
2028
70.000
70.000
0
0
40.000
40.000
40.000
40.000
0
0
0
0
-110.000
-110.000
-40.000
-40.000
Beschikbaar Verschil
2026
-/- = nadeel
5.6.4. Samenvatting Bovenstaande financiële gevolgen zijn in onderstaande tabel samengevat. 2025
2026
2027
2028
Totaal nieuwe investeringen
6.623.000
5.112.000
1.289.000
863.000
Totaal beschikbaar
8.380.000
1.725.000
2.565.000
2.495.000
Verschil
1.757.000
-3.387.000
1.276.000
1.632.000
Totaal nieuwe structurele exploitatielasten
965.000
1.182.000
1.343.000
1.388.000
Totaal incidentele kosten
110.000
110.000
40.000
40.000
Totaal beschikbare budgetten
759.000
1.016.000
1.087.000
1.180.000
Verschil
-316.000
-276.000
-296.000
-248.000 -/- = nadeel
44 van 105
6.Productblad beheer Speelruimte 20252028 6.1. Inleiding Dit productblad beschrijft het beheer en onderhoud van de openbare speelruimte in de gemeente Putten. Het omvat formele speelplekken met speeltoestellen, trapveldjes en sportplekken, evenals informele speelruimte. Het productblad geeft een overzicht van de huidige situatie, beleidsambities en plannen voor uitvoering en financiën. Het productblad gaat niet over sportcomplexen van sportverenigingen (sportparken) en niet openbare speelplekken zoals schoolpleinen die niet in beheer van de gemeente zijn.
6.2. Areaal Formele speelruimte Formele speelruimte is een stukje openbare ruimte bestemd voor spelen en/of sport. In Putten zijn er in totaal 65 formele speelplekken, verdeeld in:
34 kleine speelplekken;
16 buurtplekken;
2 losstaande speelelementen
2 bovenwijkse voorzieningen;
6 sportlocaties, waarvan enkele gecombineerd zijn met speelvoorzieningen.
45 van 105
Informele speelruimte Er is in en rondom Putten veel groen aanwezig. De meeste speelplekken zijn klimaatbestendig door de aanwezigheid van bomen, natuurlijke ondergronden en groenstroken met struiken en bloemen. In de wijken Husselerveld en Bijsteren zijn meerdere groenstroken met wadi’s waar veel ruimte is voor vrij spel. Rondom Putten ligt veel bosgebied waar goed gespeeld kan worden. Ook is er daar voldoende ruimte voor de volwassenen om te sporten en de wandelen. Kenmerkend voor het areaal speelruimte van Putten is: 1. Formele speelruimte: -
Gevarieerde inrichting, maar eenzijdige toestelkeuze bij traditionele plekken.
-
Gericht op kinderen van 0-9 jaar; beperkt aanbod voor jongeren en volwassenen.
2. Informele speelruimte: -
Ruim aanbod aan groen, maar kan worden beperkt door brandnetels of doorns.
3. Beweegmogelijkheden: -
Skatepark Hoge Eng en Calisthenicspark zijn populaire locaties.
-
Sport/speelveld Prins Hendrikweg
-
Overwegend voetbalveldjes en korfbalpalen; weinig Urban Sports-faciliteiten.
Doelgroepen Het speelbeleid van Putten richt zich op een brede doelgroep om een inclusieve en beweegvriendelijke leefomgeving te creëren
46 van 105
6.3. Huidige kwaliteit- en belevingsbeeld 6.3.1. Huidige kwaliteit -
Inclusiviteit: niet alle plekken zijn toegankelijk voor rolstoelgebruikers door gras of zand als ondergrond.
-
Variatie en bereikbaarheid: formele plekken zijn redelijk verspreid, maar enkele speelbuurten missen een kwalitatief goede buurtspeelplek.
-
Veroudering: Een deel van de speel- en sportplekken is aan vernieuwing toe.
6.3.2. Beleving en waardering Speelplekken dragen bij aan sociale cohesie en gezondheid. De speelruimte van Putten wordt gewaardeerd voor haar groene karakter en ruime aanbod aan informele speelaanleidingen (klimstenen, wadi’s en bosschages). Veel wijken zijn redelijk autoluw wat spelen op straat mogelijk maakt. Centrale speelplekken (buurtoverkoepelend) zoals het Skatepark Hoge Eng en het naastgelegen calisthenicspark worden zeer gewaardeerd. Recenter gebouwde wijken als Rimpeler en Husselerveld hebben een ruim aanbod aan speelplekken en voldoen goed aan het bovenstaande. In enkele wijken is er behoefte aan meer formele speelplekken.
47 van 105
6.4. Beleidsdoelen en ambities In de Omgevingsvisie 2040 is een integrale, samenhangende visie op de toekomst van de openbare ruimte beschreven. Groen en bomen dragen op de volgende manieren bij aan deze beleidsdoelen: -
Gezonde, sociale en inclusieve woon- en leefomgeving; het wonen met uitzicht op groen, een gezonde luchtkwaliteit en ruimte om te bewegen, spelen, sporten en ontmoeten.
Daarnaast zijn de volgende (beheer)uitgangspunten van toepassing vanuit wetgeving en gemeentelijk beleid: -
Het beheer en onderhoud van toestellen voldoet aan de landelijk gestelde wet- en regelgeving, zoals de Omgevingswet, het Nieuw Burgerlijk Wetboek en het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.
-
Speeltoestellen en valondergronden voldoen en worden onderhouden aan de hand van de ‘Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 (WAS 2023)’
-
Speelvoorzieningen worden onderhouden op beeldkwaliteitsniveau B
Om de speel- en sportruimte in de gemeente Putten nog verder te verbeteren zijn er 5 beleidsambities opgesteld: Goed georganiseerde speelruimte binnen elke speelbuurt Ieder kind heeft op loopafstand goede en gevarieerde speel- en sportruimte tot zijn beschikking. Een goed georganiseerde speelbuurt biedt voldoende variatie in speelvormen volgens de ‘schijf van vijf’. Verschillende speelvormen kunnen ook samenkomen op één speelplek. Het is niet nodig om elke doelgroep te bedienen in elke speelbuurt.
Spreiding en variatie volgens de "Schijf van Vijf" (traditioneel, trapveldje, ’t pleintje, vieze knieën, speelroutes).
48 van 105
Inclusieve speelruimte We nemen sociale en fysieke drempels weg. Putten is voor iedereen ook voor inwoners met een beperking of handicap. Het bieden van een inclusieve speelcultuur, waarin het vanzelfsprekend is dat kinderen met en zonder beperking samen spelen, is een belangrijke ambitie waaraan we de komende jaren gaan werken.
Toepassen van de 100-70-50 richtlijn: o
100% welkom voor iedereen.
o
70% toegankelijk.
o
50% gericht op ontmoeting en samenspel.
Beweegvriendelijke leefomgeving Meer sport- en beweegplekken voor jongeren en volwassenen, met aandacht voor Urban. Door het aanbieden van goede openbare sportruimte stimuleren we bewoners om meer te bewegen. Goede speelplekken spelen een belangrijke rol in het beweeggedrag in de openbare ruimte. Door kinderen van jongs af aan te stimuleren dat voldoende beweging een vast onderdeel van de dag is, wordt het later als volwassenen en ouderen ook vanzelfsprekender om voldoende te blijven bewegen. Het is hiervoor belangrijk om een beweegvriendelijke leefomgeving te creëren voor jong en oud. Participatie en samenwerking Bewoners mogen meedenken over de inrichting van de openbare sport- en speelruimte. Het is belangrijk dat met name kinderen en jongeren (gebruikers) mee kunnen denken over de toekomst van de speel- en sportruimte. Niet alleen kan hierdoor maatwerk worden geboden (wat is er nodig), maar is de betrokkenheid en het gebruik na realisatie over het algemeen beter. Ook de samenwerking met andere organisaties kan de openbare speelruimte versterken.
49 van 105
Versterken van het jongerenaanbod Realiseren van 1-2 Jongeren Ontmoetings Plekken (JOP's) en het uitbreiden van Urban Sportsmogelijkheden. Jongeren krijgen meer plek in de openbare ruimte. Veel jongeren gebruiken de openbare ruimte om elkaar te ontmoeten en hun vrije tijd vorm te geven. Toch tonen verschillende onderzoeken aan dat jongeren steeds meer uitgesloten worden van de openbare ruimte. Hun gedrag wordt voortdurend bekeken en bekritiseerd door volwassenen. De gemeente vindt het belangrijk dat er voor deze doelgroep goede, uitdagende en veilige sporten ontmoetingsplekken zijn in Putten.
6.5. Uitvoering Om aan de bovenstaande beleidsdoelen te voldoen en te werken aan onze huidige aandachtspunten is er een separaat uitvoeringsplan (2024 – 2028) opgesteld dat is vastgesteld door de gemeenteraad. Tussen 2024 en 2028 staan er 37 speelplekken aangemerkt voor renovatie in het Uitvoeringsplan spelen. Onderhoud Het onderhoud aan de speeltoestellen en valondergronden wordt uitgevoerd conform de ambities die worden vastgelegd in het ‘Plan van Uitvoering’ van de gemeente Putten en heeft als hoofddoel het schoon, heel en veilig houden, zodat gebruikers er zo lang mogelijk profijt van hebben. Voorzieningen Binnen het product speelvoorzieningen onderscheiden we de volgende voorzieningen en subcategorieën: ·
Speelvoorzieningen o
Speeltoestellen (vervagingstermijn 12 jaar)
o
Valondergronden (Vervangingstermijn 6 jaar)
Speelvoorzieningen worden onderhouden op beeldkwaliteitsniveau B Het onderhoud omvat onder andere het periodiek reinigen van speeltoestellen, visuele veiligheidsinspecties en het vervangen van onderdelen. Jaarlijks wordt er een technische veiligheidsinspectie uitgevoerd door een extern bedrijf. Daarnaast vinden er drie functionele veiligheidscontroles per jaar plaats door eigen medewerkers. Speeltoestellen ouder dan 10 jaar worden maandelijks gecontroleerd op veiligheid en functionaliteit. Het onderhoud voldoet aan de eisen van de Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen (WAS 2023). Alle vrijgekomen materialen die voortvloeien uit het onderhoud worden afgevoerd naar de gemeentewerf of een erkende verwerkingsinrichting.
50 van 105
Aandachtspunten in de uitvoering Er is beperkt aanbod voor ouderen (beweegtuin) en jongeren (hangplekken en sportaanbod) Door beperkt aanbod voor jongeren wordt overlast ervaren van hangjongeren die zich clusteren op onbedoelde hangplekken zoals speeltuintjes voor kleine kinderen. Structureel Bij renovaties van bestaande speelplekken en/of aanleg van nieuwe wordt gekeken naar het huidige aanbod in de wijk. Als er nog geen plek is voor jongeren wordt er, indien mogelijk, rekening gehouden met een geschikte plek voor jongeren en jongvolwassenen om te kunnen hangen of zich bezig te houden. Het meeste aanbod is gericht op kinderen tussen 5 en 9 jaar oud Veel speeltuinen bieden speeltoestellen gericht op kinderen tussen de 5 en 9 jaar oud. In de praktijk komt er dan ook vaak vraag naar speeltoestellen voor de nog jongere kinderen. Structureel Bij renovaties van bestaande speelplekken en/of aanleg van nieuwe wordt getracht op elke kinderspeelplek minstens één toestel of speelmogelijkheid voor de doelgroep 0-4 te plaatsen. Er is (nog) een beperkt aanbod aan inclusieve / rolstoelvriendelijke speelruimte Vroeger werd minder rekening gehouden met minder valide kinderen bij de aanleg van speeltuinen. Structureel Bij renovaties van bestaande speelplekken en/of aanleg van nieuwe wordt door middel van participatie opgehaald of er behoefte is aan inclusieve toestellen.
Bij buurtspeelplekken of wijkoverkoepelde plekken (zoals de Groene Scheg) wordt de speeltuin altijd deels ingericht met het oog op inclusie. Een aantal speeltuinen zijn verouderd en/of eentonig ingericht Structureel Door middel van participatie, het afwisselen van leveranciers en het maken van meerdere ontwerpen per locatie wordt er voorkomen dat nieuwe en gerenoveerde speelplekken eentonig worden ingericht. Hierbij hanteren we de eerder genoemde schijf van vijf en onze ambities en doelstellingen. Verouderde speeltuinen zijn geïnventariseerd en opgenomen in het uitvoeringsplan spelen. Gebrek aan ruimte voor formeel spel en buurten zonder buurtspeelplek Het Centrum, Centrum-Oost (wonen in het bos) en het buitengebied hebben relatief weinig formele speelruimte. Hier blijkt ook vaak behoefte aan formele speelplekken ten behoeve van de sociale cohesie. Ook zijn er wijken waar een buurtspeelplek ontbreekt.
51 van 105
Structureel Bij nieuwbouwprojecten of herinrichting van de openbare ruimte wordt gekeken naar ruimte voor spelen in plekken waar dergelijke beperkingen aan de orde zijn. Ook wordt er is samenwerking met de buurt gekeken naar ruimte die eventueel in te vullen is als (informele) speelplek. Wanneer een buurtspeelplek ontbreekt wordt er gekeken of één speeltuin in de buurt kan worden opgewaardeerd. Shared space Steeds meer plekken worden ingericht als ‘shared space’. Wadi’s en bosschages delen steeds vaker hun bestemming met spelen. Soms leidt dit tot zorgen of vragen bij bewoners. Structureel Bij aanleg van een shared space moet er goed gecommuniceerd worden met de gebruikers over de beperkingen en de verwachtingen van de plek. Juiste informatie vóór realisatie is daarbij van belang.
6.6. Financiën In deze paragraaf wordt de raming weergegeven voor de structurele jaarlijkse kosten en de investeringen en renovaties. De structurele jaarlijkse kosten voor dagelijkse verzorgend onderhoud zijn gebaseerd op onderhoudsnormen en ervaringscijfers. De jaarlijkse kosten voor investeringen en renovaties zijn gebaseerd op het Uitvoeringsplan Speelruimte Putten 2024-2028. De benodigde budgetten hiervoor zijn in 2023 gesteld door de gemeenteraad en lopen door tot en met 2028.
6.6.1.
Structurele jaarlijkse kosten
In onderstaande tabel is weergegeven wat de geraamde, jaarlijkse kosten zijn voor dagelijkse verzorgend onderhoud. Dit wordt afgezet tegen de structureel beschikbare middelen in de begroting.
Onderhoud
Raming nieuwe
Beschikbare
exploitatielasten
budgetten
Verschil
Regulier onderhoud
80.000
66.000
-14.000
Totaal exploitatiekosten
80.000
66.000
-14.000 -/- = nadeel
6.6.2.
Investeringen
De investeringen zijn de renovaties van speelruimten, zoals vastgesteld in het Uitvoeringsplan Speelruimte Putten 2024-2028. Speelruimten worden afgeschreven in 10 jaar. In onderstaande tabel is weergeven welk investeringsbedrag per jaar benodigd is en dit wordt afgezet tegen de nu in de begroting opgenomen investeringskredieten. De conclusie is dat de huidige renovatiebudgetten in de begroting toereikend zijn.
52 van 105
Vervanging
2025
2026
2027
Totaal
2028
investeringen
Nieuwe investering
168.000
168.000
67.000
67.000
470.000
Beschikbaar
168.000
168.000
67.000
67.000
470.000
Verschil
0
0
0
0
0
Nieuwe kapitaallasten
0
17.000
34.000
40.000
Geraamde kapitaallasten
0
17.000
34.000
40.000
Verschil
0
0
0
0
6.6.3.
Samenvatting
Bovenstaande financiële gevolgen zijn in onderstaande tabel samengevat. 2025 Totaal nieuwe structurele exploitatielasten
2026
2027
2028
80.000
80.000
80.000
80.000
Totaal nieuwe kapitaallasten
0
17.000
34.000
40.000
Totaal beschikbare budgetten
66.000
83.000
100.000
106.000
Verschil
-14.000
-14.000
-14.000
-14.000
-/- = nadeel
53 van 105
7. Productblad beheer Begraafplaatsen 2025-2028 7.1. Inleiding Dit productblad is gericht op het beheer en onderhoud van de gemeentelijke begraafplaatsen in Putten. Onder de scope vallen alle graven, groenvoorzieningen, paden, en overige infrastructuur op de gemeentelijke begraafplaatsen. Buiten de scope vallen begraafplaatsen die in particulier beheer zijn. Dit productblad bevat een beschrijving van het areaal, de huidige staat van onderhoud en uitstraling, de beleidsdoelen en ambities, een beschrijving van de uitvoeringswijze en een overzicht van de bijbehorende financiën. Kwaliteitsniveaus en beleid rondom de inrichtingselementen als groen, bomen, wegen en straatmeubilair zijn opgenomen in de daarvoor bedoelde productbladen. Regelgeving en mogelijkheden rondom het begraven en grafbedekking zijn vastgelegd in ‘nadere regels voor I: grafbedekking en nadere regels voor de II: graven, asbezorging en gedenkplaats op de gemeentelijke begraafplaat in de ’‘Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Putten’.
7.2. Areaal De gemeente Putten beheert meerdere begraafplaatsen, elk met hun eigen karakteristieke eigenschappen en inrichting. Dit betreft de Nieuwe Algemene Begraafplaats en de Oude Algemene Begraafplaats, beide gelegen aan de Engweg, evenals begraafplaats Schootmanshof aan de Hoflaan. Het totale begraafplaatsareaal omvat groenvoorzieningen, infrastructuur en grafvelden, die zorgvuldig zijn afgestemd op de locatie en functie van elke begraafplaats. Het totale oppervlak aan door de gemeente beheerde begraafplaatsen bevat 9.1 hectare waarvan 3.1 hectare aan de Engweg en 6 hectare aan de Hoflaan. Dit areaal bestaat uit diverse beheertypen. Beheertype
Aantal
Productblad
Bomen
468 stuks (waarvan 43 van derden)
Bomen
Groen
9.1 hectare
Groen
Verharding
1.45 hectare
Wegen
Bankjes
25
Straatmeubilair en kunstwerken
Prullenbakken
15
Straatmeubilair en kunstwerken
vaashouders
14
NVT
Watertappunten (niet
13
NVT
drinkbaar)
54 van 105
De bezetting en beschikbare ruimte op de begraafplaatsen die door de gemeente worden beheerd, zijn weergegeven in de onderstaande tabel (peildatum: 6 februari 2025). Begraafplaats Schootmanshof heeft een capaciteit van 5.250 graven, terwijl de begraafplaats aan de Engweg ruimte biedt voor 2.800 graven. Begraafplaats
Type graf
Aantal
Nog vrij
Opmerking
Schootmanshof
Part graf
4673
1718
2 laags
Schootmanshof
Part kind
50
20
1 laags
Schootmanshof
Algemeen
224
82
2 laags
Schootmanshof
Algemeen kind
84
55
2 laags
Schootmanshof
Grafkelder
73
39
Schootmanshof
Urnengraf
32
20
2800
0*
Engweg * Engweg is enkel beschikbaar voor bijzetting
Bij de Algemene Begraafplaats Schootmanshof worden nog nieuwe graven uitgegeven. Bijzetting in een bestaand graf is op alle begraafplaatsen mogelijk. Kenmerkend voor het areaal van de begraafplaatsen in Putten is: -
Diverse soorten graven, waaronder particuliere en algemene graven;
-
Speciale voorzieningen, zoals een aula en een openbaar toiletgebouw bij Schootmanshof, evenals een personeelskantine, kantoor en opslagruimte voor machines;
-
Ecologische zones en onderhoud op beeldkwaliteitsniveau A;
-
Diverse mogelijkheden voor asbestemming, waaronder urnenmuur en verstrooiveld;
-
Beschikbaarheid van kindergraven en immatuur graven;
-
Toegankelijke paden en voldoende parkeergelegenheid voor bezoekers;
-
Monumenten en herdenkingsplaatsen voor persoonlijke herinneringen;
-
Flexibele opties voor grafbedekking en vergunningen;
-
Een gemiddelde van ongeveer 170 begrafenissen per jaar in de periode 2020-2025. Er worden 73 graven gemiddeld per jaar uitgegeven.
Overzicht van de gemeentelijke begraafplaatsen: Schootmanshof (Hoflaan 3) Begraafplaats Schootmanshof wordt gekenmerkt door een afschermende bosplantsoenstrook, bollenvelden en een watergang voor ontwatering en buffering. De begraafplaats is toegankelijk via een toegangsweg met een beukenlaan en beschikt over parkeerplaatsen. Het terrein omvat grafvelden met diverse beplanting, zitplekken, vaste plantenvakken, intensief beheerde grasstroken en sierheesters.
55 van 105
Oude Algemene Begraafplaats (Engweg Noord) De Oude Algemene Begraafplaats heeft een monumentale uitstraling met oude bomen, historische grafmonumenten en een historisch baarhuisje. Daarnaast bevinden zich hier de oorlogsgraven en het monument ter nagedachtenis aan de oorlog van 1940-1945. Het terrein wordt gekenmerkt door smalle paden, karakteristieke groenvoorzieningen en een sterke focus op behoud en onderhoud, mede vanwege de beperkte uitbreidingsruimte.
Nieuwe Algemene Begraafplaats (Engweg Zuid) Deze begraafplaats biedt geen ruimte voor nieuwe graven. Er is enkel nog ruimte voor bijzetting. Het terrein omvat grafvelden met diverse beplanting, zitplekken, vaste plantenvakken, intensief beheerde grasstroken en sierheesters.
56 van 105
7.3. Huidige kwaliteit- en belevingsbeeld 7.3.1.
Huidige kwaliteit
De begraafplaatsen in Putten worden onderhouden op beeldkwaliteitsniveau A. Bepaalde aangewezen gedeeltes worden extensief beheerd om meer biodiversiteit te bevorderen. Het onderhoud omvat regelmatig snoeien, maaien en schoonmaken om een nette en serene omgeving te waarborgen. Bij alle beheerwerkzaamheden wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de wensen van bezoekers, met aandacht voor beschutting, privacy en een verzorgde uitstraling.
7.3.2.
Beleving en waardering
Uit feedback van bezoekers aan de beheerders blijkt dat bezoekers de rust, geborgenheid en niveau van onderhoud van de groenvoorzieningen waarderen. De begraafplaatsen zijn dagelijks toegankelijk van zonsopgang tot zonsondergang, wat zorgt voor een respectvolle en toegankelijke omgeving voor herdenking. Meer kritische feedback gaat vaak om kleine details als de vraag om extra straatmeubilair of incidentele schade aan voorzieningen.
7.4. Beleidsdoelen en ambities De beleidsdoelen voor de periode 2025-2028 zijn gericht op het behoud en verder verbeteren van de kwaliteit en service van de begraafplaatsen in Putten. De focus ligt op: -
Behoud van Beeldkwaliteitsniveau A;
-
Servicegericht en tevredenheid van de bezoeker;
-
Tijdige communicatie met bezoekers over geplande (grootschalige)werkzaamheden;
-
Het behouden en versterken van onze serviceverlening (bv. Invoering van een jaarlijks herdenkingsmoment, bijvoorbeeld tijdens Wereldlichtjesdag en onderzoek naar de inrichting van een ruimte voor ontmoeting);
-
Verbetering van de leesbaarheid en actualisatie van de uitvoeringsregels met betrekking tot grafbedekking, asbezorging en gedenkplaatsen;
-
Samenwerking met maatschappelijke instellingen versterken.
57 van 105
7.5. Uitvoering De beleidsdoelstellingen en beheeruitgangspunten vertalen zich in de volgende beheerstrategie: het onderhoud aan de begraafplaatsen is gericht op kwaliteit, uitstraling, rust en instandhouding. Onderhoud kan worden opgedeeld in onderhoud en investeringen voor vervanging. Hieronder wordt per type onderhoud toegelicht wat hieronder wordt verstaan. Ook worden de acties om beperkingen en aandachtspunten op te lossen benoemd. De financiële vertaling hiervan wordt toegelicht in de paragraaf Financiën.
7.5.1.
Onderhoud
Het onderhoud van het openbare groen, de wegen en het afvalbeheer binnen de begraafplaatsen wordt uitgevoerd volgens het beleid zoals vastgelegd in de daarvoor bestemde productbladen. Waar mogelijk worden werkzaamheden door de eigen dienst uitgevoerd, terwijl voor specifieke taken externe partijen worden ingeschakeld. Tijdens drukke periodes wordt extra personeel ingezet om de continuïteit van het onderhoud te waarborgen. Voor het beheer en onderhoud van de uitgegeven graven geldt de meest actuele versie van de verordening en nadere regels. Het onderhoud van de begraafplaats omvat: -
Schoon, veilig en onkruid vrijhouden van de begraafplaatsen op beeldkwaliteitsniveau A
-
Borgen van boomveiligheid aan de hand van de wet zorgplicht (burg. wetboek art. 6.162)
-
Maaien van grasstroken, gazons en bollenvelden op beeldkwaliteitsniveau A;
-
Extensief beheer op aangewezen ecologische zones
-
Het vrij houden van de watergangen
-
Het legen van prullenbakken;
-
Het onderhouden/schoonmaken van de grafmonumenten;
-
Grafbedekking afhalen, graf openen en in voorkomende gevallen herschikken
58 van 105
Tot slot speelt het personeel naast het regulier onderhoud een belangrijke rol in het vervullen van de rol als gastheer en het begeleiden van ceremonies.
7.5.2.
(Vervangings)investeringen
Onder renovatie en vervangingen vallen grotere, planmatige werkzaamheden met als doel de achteruitgang van de openbare ruimte op de begraafplaatsen te vertragen en/of weer aan de gewenste beeldkwaliteit te laten voldoen wanneer dit door verzorgend onderhoud niet meer haalbaar is. Een deel van begraafplaats Schootmanshof is nog niet ingericht. De inrichting zoals ontworpen bij de uitbreiding van Schootmanshof wordt pas gerealiseerd bij ingebruikname van dit deel van de begraafplaats. De investering die hiervoor nodig is bevat voornamelijk de aanschaf van plantmateriaal en manuren. Het team Beheer & Onderhoud is verantwoordelijk voor het laten uitvoeren van vervangingsinvesteringen.
7.5.3.
Aandachtspunten in de uitvoering
Over +- 20 jaar zijn onze begraafplaatsen volledig bezet Op basis van het gemiddelde aantal begrafenissen per jaar is er nog zo’n 20 jaar ruimte om te begraven op ons huidige areaal begraafplaatsen. Incidenteel In de komende jaren zal er moeten worden onderzocht op welke manieren onze bestaande begraafplaatsen efficiënter kunnen worden benut of op welke manier er uitgebreid kan worden. Een duidelijke aanpak voor de langere termijn moet de komende jaren worden bepaald. De kostendekkendheid van de exploitatie is momenteel niet duidelijk Kosten voor het beheer en onderhoud van de begraafplaats worden verhaald uit leges en grafrechten. Deze is jaarlijks geïndexeerd, maar nog onvoldoende aangepast aan areaaluitbreiding en de extra beheerlasten die het veranderende klimaat met zich meebrengt. Incidenteel: Bij de volgende exploitatieberekening van de begraafplaats wordt de exploitatie op detailniveau bekeken. Hierbij wordt gekeken of leges en grafrechten aangepast moeten worden ten behoeve van de kostendekkenheid van de begraafplaatsen.
59 van 105
7.6. Financiën 7.6.1.
Structurele jaarlijkse kosten
De structurele jaarlijkse kosten voor het beheer van de begraafplaatsen bestaan voornamelijk uit de kosten onderhoud van groen en bomen. De kosten hiervan zijn al eerder uitgewerkt onder de productbladen groen en bomen.
Onderhoud
Geraamde
Huidige
kosten
budgetten
Verschil
Onderhoud groen
343.000
210.000
-133.000
Onderhoud bomen
10.000
10.000
0
Totaal exploitatiekosten
353.000
220.000
-133.000 -/- = nadeel
Daarnaast zijn er ook kosten voor het beheer en onderhoud van de uitgegeven graven. Deze kosten bestaan voornamelijk uit de inzet van eigen personeel. De budgetten voor externe kosten voor dit onderdeel zijn op hoofdlijnen toereikend. Bij de eerstvolgende herziening van (de kostendekkendheid van) de begraafexploitatie zullen de kosten en tarieven van de begraafplaatsen op detailniveau worden uitgewerkt.
7.6.2.
Investeringen
Op de korte termijn zijn er, behoudens groen en bomen, geen plannen voor investeringen. De padenstructuur op Schootmanshof is recent opgeknapt. Tevens is begraafplaats Schootmanshof de afgelopen jaren in 3 fasen opgeknapt ( 2 renovaties en één uitbreiding). Voor deze uitbreiding hoeven enkel nog enkele groenstructuren aangelegd te worden wanneer deze in gebruik genomen worden voor het begraven. Budgetten hiervoor zijn reeds beschikbaar. Zoals eerder uitgewerkt onder productblad groen zijn de investeringen voor groen en bomen als volgt:
60 van 105
Investeringen
2025
2026
2027
2028
Totaal investeringen
Investeringen groen
15.000
15.000
15.000
15.000
60.000
Investeringen bomen
5.000
5.000
5.000
5.000
20.000
Beschikbaar
95.000
95.000
95.000
95.000
380.000
Verschil
75.000
75.000
75.000
75.000
300.000
Nieuwe kapitaallasten
0
1.000
2.000
3.000
Geraamde kapitaallasten
0
4.750
9.500
14.250
Verschil
0
3.750
7.500
11.250 -/- = nadeel
De ruimte in de beschikbare investeringskredieten zal betrokken worden bij de eerstvolgende herziening van de begraafexploitatie.
7.6.3.
Samenvatting
Totaal begraafplaatsen
2025
2026
2027
2028
Totaal nieuwe investeringen
20.000
20.000
20.000
20.000
Totaal beschikbaar
95.000
95.000
95.000
95.000
Verschil
75.000
75.000
75.000
75.000
353.000
354.000
355.000
356.000
Totaal beschikbare budgetten
210.000
214.750
219.500
224.250
Verschil
-143.000
-139.250
-135.500
-131.750
Totaal nieuwe structurele exploitatielasten
-/- = nadeel
De kosten voor het groen op de begraafplaatsen en het onderhoud van de uitgegeven graven zijn onderdeel van de tarieven voor de begraafplaatsen. Het tekort op de beschikbare budgetten zal betrokken worden bij de eerstvolgende herziening van de begraafexploitatie en de daarvoor geldende tarieven.
61 van 105
8. Productblad beheer Riolering 2025-2028 8.1. Inleiding Dit productblad is gericht op het beheer, onderhoud, renovatie en vervanging van alle onderdelen die voortvloeien uit de drie wettelijke zorgplichten die de gemeente heeft. Dit heeft betrekking op het stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater in de gemeente Putten. Hieronder vallen de fysieke delen van de vrijvervalriolering, bergingsvoorzieningen, kolken, lijngoten, bijzondere constructies, gemalen, drukrioleringsunits, IBA’s, infiltratievoorzieningen, drainage leidingen en waterdoorlatende/passerende bestrating. Daarnaast worden onderzoeksactiviteiten verricht in het kader van databeheer, meten en monitoren van het rioolstelsel en het reinigen & inspecteren van de riolering. Dit productblad geeft een beschrijving van het areaal, het huidige kwaliteit- en belevingsbeeld, de beleidsdoelen en ambities, een beschrijving van de uitvoering en een overzicht van de financiën.
8.2. Areaal De gemeente beheert de onderstaande elementen die vallen onder productblad Riolering en Water. Beheertype
Aantal
Gemengd riool
50 kilometer
DWA riool
52 kilometer
HWA riool
27 kilometer
IT riool
8 kilometer
Berg Bezink Bassins (18.000 m³)
3 stuks
Bijzondere constructies
+-100 stuks
Drainage leidingen
5 kilometer
Gemalen
27 stuks
Drukrioleringsunits (huisgemalen)
744 stuks
IBA’s (Individuele Behandeling
6 stuks
Afvalwater) Drukrioleringsleidingen
178 kilometer
Persleiding
4,5 kilometer
Verticale infiltratievoorzieningen
1001 stuks
Zinkputten
54 stuks
straat-/trottoirkolken
6.630 stuks
B-watergang
24.500 m
C-watergang
133.750 m
62 van 105
Kenmerkend voor het areaal van Putten is: -
Door het grote buitengebied is er veel drukriolering aanwezig.
-
Door de afkoppelopgave zijn er ten oosten van de Harderwijkerstraat Voorthuizerstraat veel verticale infiltratievoorzieningen aanwezig.
-
In het westen van Putten bevindt zich in een grondwaterfluctuatie zone waardoor in bepaalde tijden van het jaar de grondwaterstanden dicht onder het maaiveld kunnen komen te staan.
63 van 105
Levensduur riolering -
De grondsoort van de gemeente Putten is voor het overgrote deel zand, waardoor een stabiele en draagkrachtige ondergrond aanwezig is. Voor de gemeente Putten betekent dit dat een goed aangelegd vrijvervalriool een levensduur heeft van 75 jaar.
-
De riolen worden in 60% van de gevallen vervangen en in 40% van de gevallen gerelined.
-
De gemalen hebben bouwkundig een technische levensduur van 50 jaar.
-
De gemalen hebben mechanisch-elektrisch een technische levensduur van 20 jaar. De drukrioleringsunits hebben bouwkundig een technische levensduur van 45 jaar. De drukrioleringsunits hebben een mechanisch-elektrisch technische levensduur van 20 jaar.
-
De drukrioleringsleidingen hebben een technische levensduur van 60 jaar. De persleidingen hebben een technische levensduur van 60 jaar. De verticale infiltratievoorzieningen hebben een technische levensduur van 40 jaar.
8.3. Huidige kwaliteit- en belevingsbeeld 8.3.1.
Huidige kwaliteit
De huidige kwaliteit van het Puttense (vrijverval) rioolstelsel is goed. Jaarlijks wordt circa 10 % van het stelsel gereinigd en geïnspecteerd volgens de NEN 13508-2 norm. Mechanische gebreken en tekortkomingen aan het stelsel worden geïnventariseerd en opgelost. De rioolgemalen en IBA ’s worden jaarlijks door een externe partij geïnspecteerd en onderhouden. Als hier gebreken worden geconstateerd worden die opgelost. Daarnaast worden de rioolgemalen periodiek door de buitendienst gereinigd en getest. De laatste 50 drukrioleringsunits in het buitengebied worden in 2025 gerenoveerd. Hiermee is ook de kwaliteit van de gemalen, IBA ’s en drukrioleringsunits goed. Een goed oordeel over de kwaliteit van de drainageleidingen en verticale infiltratie voorzieningen is door het ontbreken van onderhoudsen inspectierondes nog niet te geven. Om de afvoer van het hemelwater te garanderen worden de straat- en trottoirkolken minimaal 2 keer per jaar gereinigd. De watergangen zijn onder te verdelen in A-, B- en C-watergangen. De A-watergangen worden door het Waterschap Vallei en Veluwe onderhouden. De B- en C-watergangen worden, om een goede afvoer van het (stedelijk) hemelwater te garanderen richtging het Nuldernauw, door de gemeente onderhouden (gemaaid).
8.3.2.
Beleving en waardering
Om naast de technische kwaliteit van de riolering in Putten ook enig beeld te krijgen van de beleving en waardering, zijn de geregistreerde klachten en meldingen over afval-, hemel- en grondwater geanalyseerd. Het grootste deel gaat over verstopte huisaansluitingen of kolken of storingen aan de drukrioleringsunits. Deze meldingen worden door de buitendienst opgepakt en opgelost. Daarnaast zijn de door de extreme natte periode van eind 2023 - begin 2024, met name in de wijk Bijsteren en Rimpeler, een aanzienlijke hoeveelheid klachten binnengekomen over de hoge grondwaterstanden en volgelopen wadi’s. Als actie hierop heeft de gemeente Putten, in het kader van haar onderzoeksverplichting, een extern bureau de opdracht gegeven om een “Systeemanalyse grondwateroverlast Bijsteren” op te stellen. Deze rapportage is in Q1 2025 beschikbaar geworden en gedeeld met de wijkbewoners. De watergangen dienen voor de
64 van 105
najaarsschouw van 1 november schoongemaakt te zijn. Controle hierop vindt plaats door het Waterschap Vallei en Veluwe.
8.4. Beleidsdoelen en ambities In de Omgevingsvisie 2040 is een integrale, samenhangende visie op de toekomst van de openbare ruimte beschreven. Riolering en water dragen op de volgende manieren bij aan de beleidsdoelen/zorgplichten: -
In het belang van de volksgezondheid wordt met de riolering het (stedelijk) afvalwater ingezameld en afgevoerd naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie.
-
De riolering wordt gebruikt om (overtollig) hemelwater in te zamelen en naar een geschikte locatie af te voeren of te infiltreren.
-
We kiezen ervoor om een actieve rol te hebben in de omgang met grondwater. Dit betekent o.a. dat we beschikken over: o
een grondwatermeetnet;
o
een isohypsen-kaart, waarmee inzichtelijk wordt wat de verwachte grondwaterstand is op een bepaalde plek;
o
een systeemanalyse grondwateroverlast Bijsteren (die is opgesteld i.h.k.v. onze onderzoeksverplichting).
Daarnaast zijn de volgende uitgangspunten van toepassing voor Riolering en Water: -
Het beheer en onderhoud van de riolering voldoet aan de gestelde wet- en regelgeving zoals, de voormalige Wet milieubeheer en Waterwet, nu de Omgevingswet en het Nieuw Burgerlijk Wetboek.
-
Bij de uitvoering van het onderhoud wordt rekening gehouden met specifiekere wetgeving en richtlijnen.
-
We onderzoeken de mogelijkheid om decentrale afvalwaterzuivering toe te passen (nieuwbouw wijk Halvinkhuizen).
-
We hanteren een gebiedsgerichte, integrale aanpak bij vervanging van de riolering.
-
We kijken kritisch naar maatregelen om de effecten van overstortingen verder te reduceren. We streven ernaar om schadelijke effecten zoveel mogelijk terug te dringen, zolang dit tegen maatschappelijk verantwoorde kosten mogelijk is en de maatregel een duidelijke meerwaarde biedt.
-
Perceeleigenaren moeten zelf zorgen voor de verwerking van hemelwater. Als blijkt dat dit niet mogelijk is sluiten we bij nieuwbouw het hemelwater aan op een apart hemelwaterriool, of verwerken we het direct.
-
Klimaatverandering is voor ons een reden om de rioolstelsels anders in te richten. We doen dit vooral door aanpassingen aan de openbare ruimte, zodat we daar water kunnen opvangen. Verder bepalen we locaties om water te bergen en te infiltreren. Deze aanpak heeft als gevolg dat water vaker zichtbaar in de openbare ruimte geborgen zal worden.
-
We vervullen een regierol bij meldingen van grondwateroverlast. Als binnen de bebouwde kom het grondwater hoger dan 0,7 meter onder maaiveld staat voor een aaneengesloten periode van minimaal 3 maanden per jaar, dan beschouwen we dat als structurele grondwateroverlast.
65 van 105
-
De gemeente onderzoekt of het mogelijk is doelmatige maatregelen te treffen om de grondwateroverlast te voorkomen/beperken.
-
We investeren in het actueel houden van een grondwatermeetnet.
-
We denken en handelen, i.h.k.v. de samenwerking, vanuit de afvalwaterketen. Zo wordt in 2025 samen met Ermelo, Harderwijk en het Waterschap een Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW), voorheen BRP, opgesteld.
Daarnaast zijn de volgende uitgangspunten van toepassing voor klimaatadaptatie en integraal werken: -
Voor 2050 willen we klimaatadaptief zijn.
-
Bij nieuwbouw verplichten we om het hemelwater van een bui van 70 mm in 1 uur op eigen perceel of binnen het plangebied te verwerken zonder dat er schade ontstaat. Bij bestaande percelen/wijken streven wij hiernaar.
-
Wadi’s, infiltratievelden en infiltratievoorzieningen worden hierop berekend.
-
Wadi’s en infiltratievelden moeten een leeglooptijd hebben van 48 uur.
-
IT-riolen en (verticale) infiltratievoorzieningen moeten een leeglooptijd hebben van 24 uur.
-
We kunnen niet uitsluiten of voorkomen dat bij de meeste extreme weersomstandigheden overlast en economisch- en gezondheidsschade ontstaan, we richten ons op het doelmatig beperken/voorkomen hiervan.
-
We werken regionaal samen in de planvorming en uitvoering om hiermee te komen tot een betere leefomgeving, doelmatige uitvoering van werkzaamheden en minder overlast van werkzaamheden.
-
Door gemeentelijk te werken vanuit een integrale benadering van het gebied, brengen we de verschillende opgaven in beeld. We verbinden deze opgaven met elkaar en zoeken naar oplossingen die passen bij het gebied. In de uitvoering proberen we de werkzaamheden zo af te stemmen, dat er doelmatig wordt gewerkt met zo min mogelijk overlast voor de omgeving. Knelpunten pakken we versneld aan.
-
De laatste jaren hebben we steeds vaker te maken met droogte. We werken samen in een ‘droogte-alliantie’ met andere partijen zoals provincie, waterschap, Vitens, land(goed)eigenaren en -beheerders, bewoners en bedrijven. Dit om te bepalen welke maatregelen we kunnen en moeten treffen om de gevolgen van droogte te verminderen. Ook wordt ingezet op meer waterbewustzijn bij bewoners en bedrijven met als doel het realiseren van waterbesparing.
8.5. Uitvoering De waterkwaliteit is een belangrijk onderwerp geworden. We willen onze wettelijke taken hierin goed vervullen, denk hierbij aan: -
Het goed op orde houden van de riolering, zeker als deze in een grondwaterbeschermingsgebied ligt.
-
Dat hemelwater vaak (licht) vervuild is, daarom infiltreren we niet in grondwaterbeschermingsgebieden.
-
Het voorbereiden op de implementatie van het beleidsplan Water en Riolering in de Omgevingswet. Dit leidt tot de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie, Omgevingsplan en een goede vertaling in de Omgevingsprogramma’s.
66 van 105
-
Het voortzetten van het afkoppelen, zo verminderen we het aantal riooloverstortingen.
-
Het aandacht schenken aan foutieve rioolaansluitingen op het hemelwaterriool die tijdens rioolinspecties worden waargenomen.
-
Het bij nieuwbouw adviseren over een goede inrichting en aansluiting op het omliggende gebied.
-
Dat we de komende jaren blijven werken aan het onderhoud van het areaal en vernieuwing en verbetering waar het nodig is.
-
Het verzamelen en verwerken van data om te komen tot informatie die nodig is voor uitvoering van werkzaamheden.
8.5.1.
Onderhoud
Om de riolering schoon en operationeel te houden moeten er regelmatig terugkerende werkzaamheden uitgevoerd worden. Hierbij wordt/worden o.a.: -
Het onderhoud van het vrijvervalriool (reinigen en te inspecteren) uitgevoerd volgens een vaste onderhoudsfrequentie.
-
De drukrioleringsunits één keer per jaar gereinigd.
-
De rioolgemalen tweemaandelijks gereinigd, en worden één keer per jaar door een externe partij gecontroleerd en onderhouden.
-
De IBA’s één keer per jaar door een externe partij gecontroleerd en onderhouden.
-
De kolken minimaal twee keer per jaar gezogen en gereinigd.
-
Daar waar nodig reparaties uitgevoerd.
De kosten voor deze werkzaamheden komen ten laste van de jaarlijkse exploitatie.
8.5.2.
Onderhoud (renovatie/vervanging)
Onder renovatie en vervangingen vallen grotere, planmatige werkzaamheden met als doel de achteruitgang van het rioolstelsel te vertragen en/of weer aan de gewenste kwaliteit te laten voldoen. Hierbij wordt/worden o.a.: -
Bij scheuren in vrijvervalriolering een liner aangebracht.
-
De besturingen van de rioolgemalen vervangen.
-
De drukrioleringsunits gerenoveerd.
-
Drukrioleringsleidingen vervangen.
Alle vervangingsinvesteringen zijn opgenomen in het Beleidsplan Water en riolering.
8.5.3.
Aandachtspunten in de uitvoering
Onderhoud drainage leidingen Het tot nu toe ontbreken van onderhouds- en inspectierondes aan de drainageleidingen. Met ingang van 2025 worden hier onderhouds- en inspectierondes voor opgestart om de kwaliteit en juiste werking te controleren. Onderhoud verticale infiltratievoorzieningen Het ontbreken van onderhouds- en inspectierondes aan de verticale infiltratie voorzieningen. Met ingang van 2025 worden hier onderhouds- en inspectierondes voor opgestart om de kwaliteit en juiste werking te controleren.
67 van 105
Foutaansluiting op drukriolering Fout(hemelwater)aansluitingen op de drukrioleringsunits veroorzaken een overbelasting van het systeem. In 2025 gaan we een plan van aanpak hiervoor opstellen.
8.6. Financiën In de Beleidsnotitie Riolering en Water 2024-2026 zijn de benodigde financiën voor het product riolering uitgebreid toegelicht. Dit productblad leidt tot niet wijzigingen. De uitgaven voor riolering zijn de komende jaren als volgt: Uitgaven planperiode
2025
2026
2027
2028
Totaal
Exploitatie
2.010.000
1.992.000
1.992.000
2.007.000
8.001.000
Investeringen
1.547.000
1.284.000
1.245.000
1.686.000
5.762.000
Totaal excl. Btw
3.557.000
3.276.000
3.237.000
3.693.000
13.763.000
De hiervoor benodigde budgetten zijn eerder volledig vertaald in de begroting. De kosten worden gedekt uit de tarieven voor riolering.
68 van 105
9. Productblad beheer OVL 2025-2028 9.1. Inleiding Dit productblad is gericht op het beheer en onderhoud van de openbare verlichting in de gemeente Putten (ook afgekort als OVL). Dit productblad hanteert volgens de omgevingsvisie van de gemeente Putten voor de OVL een 9-tal deelgebieden: 1. Centrum 2. Woongebied 3. Agrarisch buitengebied 4. Bosmassief Veluwe 5. Bedrijventerreinen 6. Natuurlijke landschapsen landgoedzone 7. Open landschap en randmeerzone 8. Recreatiezone Krachtighuizen en Veenhuizerveld 9. Buurtschap Koudhoorn Dit productblad is van toepassing op de openbare verlichting van de gemeenten Putten, bestaande uit:
Draagconstructies (lichtmasten, wandbeugel, spandraden)
Armaturen
Lichtbronnen
Feest-/ sfeerverlichting aansluitingen (excl. overspanningen en levering derden)
Verdeelkasten
Kabels & leidingen
Outdoor Light Controllers
Abri aansluitingen
Reclame borden
Verlichten Voetgangers Oversteek Plaats (VOP)
9.2. Areaal Het huidige areaal bestaat uit: functionele verlichting, sfeerverlichting gemeente en sfeerverlichting derden. Functionele verlichting: Dit zijn lichtmasten met armaturen die de belangrijkste en primaire bijdrage leveren aan een sociaal, verkeersveilige en goede leefomgeving. Bij functionele verlichting gaat het met name om een laag energieverbruik, zonder dat deze overdag al te veel opvalt in het straatbeeld.
69 van 105
Sfeerverlichting gemeente: Sfeerverlichtingselementen brengen het centrum, pleinen, gebouwen of kunstwerken extra onder de aandacht. Deze verlichting maakt de openbare ruimte zichtbaar en veilig na zonsondergang, en draagt bij aan de identiteit van het dorp. Voorbeelden zijn de verlichting van pleinen, kerken en kunstwerken zoals de Vrouw van Putten. Sfeerverlichting door derden: Dit zijn lichtobjecten die door externe partijen worden geplaatst om gebouwen te verlichten, maar niet onder gemeentelijk beheer vallen. De gemeente biedt aansluitpunten voor feestverlichting in het winkelgebied. De gemeente zorgt voor de aansluiting tot het punt; de gebruiker is verantwoordelijk voor de installatie en goedgekeurde materialen. De gemeente controleert installaties en koppelt deze af bij onjuist gebruik. Overspanverlichting Binnen de gemeente zijn 5 stuks overspanverlichtingen aangebracht. De verbinding tussen gevel en muurankers verdient extra aandacht en dienen met enige regelmaat te worden gecontroleerd. De types verlichting en objecten kunnen worden opgesplitst in de onderstaande elementen en vormen daarmee het totale areaal. Huidig areaal Huidige situatie Huidige omvang openbare verlichting
4093 st Lichtmasten 28 st Wandbeugel 5 st Overspanning 4216 st Armaturen functioneel 74 st Armaturen architecturaal 610 st Conventionele lichtbronnen* 1050 st Retrofit lichtbronnen 302 st Communicatiemodules 2 st Gateways 18 st Voetganger oversteek plaatsen (VOP) 39 st Overige objecten (o.a. Abri’s/ Mupi’s)
Aantal LED-lichtbronnen
Ca. 90% van het totaalareaal
Leeftijd masten en armaturen
Masten
Eigen net
Armaturen
<= 20 jaar
2695st
<= 10 jaar
3449st
21-30 jaar
774st
11-15 jaar
696st
31-40 jaar
403st
16-20 jaar
56st
41-45 jaar
65st
>20 jaar
89st
> 46 jaar
156st
24 st verdeelkasten 10 st Gevelkasten klein 10 st Putkasten klein
70 van 105
62 km bekabeling eigen net 1722 st objecten aangesloten op eigen net Jaarlijks energieverbruik
Ca. 392 MWh per jaar De gemeentelijke openbare verlichting is aangesloten op energiemeters van de netbeheerder.
* Indien alle vervangingsprojecten zijn afgerond
De onderstaande figuren bieden inzicht in de opbouw van het areaal voor de lichtobjecten. Kenmerkend voor het areaal van Putten is:
Het overgrote deel (90%) is al voorzien van ledverlichting: o
64,9% als volledig LED-armatuur
o
25,1% als Retrofit LED lichtbron in bestaande behuizingen
o
10% armaturen met een conventionele lichtbron
De armaturen die voorzien zijn van de conventionele en retrofit lichtbronnen worden voor 2030 vervangen, hiervoor is budget geraamd in dit OPOR. Areaaluitbreiding Als gevolg van onderstaande gebiedsontwikkelingen neemt de komende beheerperiode het areaal van de openbare verlichting naar verwachting toe door: