concept PIP vergelijkingsdocument nieuwe versie
Tekst van het document
heeft verwijderd: .
heeft verwijderd: geluidsnormen. heeft verwijderd: 15,9 heeft verwijderd: Het plan is daarmee wel
De lokale normstelling voor dit project is opgenomen in de planregels van dit inpassingsplan waardoor het treffen van voornoemde voorzieningen ook afdoende geborgd is. Aanvullend is in het inpassingsplan ook een Reken- en Handhavingsmethodiek opgenomen om zo de handhaafbaarheid van de lokale normstelling te borgen. Cumulatie met andere geluidbronnen Cumulatie met andere geluidbronnen wordt beschouwd als er sprake is van blootstelling aan meer dan één geluidbron conform de rekenregels uit het Reken- en meetvoorschrift windturbines. Voor de cumulatieve geluidbelasting zijn geen wettelijke normen van kracht. Met de cumulatieve rekenmethode uit het Reken- en meetvoorschrift windturbines is de gecumuleerde geluidbelasting berekend. Daarbij wordt rekening gehouden met de verschillende mate van hinderlijkheid van de diverse geluidbronnen: Ÿ Windturbine L*WT = 1,65 * LWT - 20,05 dB Ÿ Wegverkeer L*VL = 1,00 * LVL + 0,00 dB = LVL Ÿ Railverkeer L*RL = 0,95 * LRL - 1,40 dB Ÿ Industrie L*IL = 1,00 * LIL + 1,00 dB Ÿ Scheepvaart L*SL = 0,975 * LSL - 0,7 dB De cumulatieve geluidbelasting wordt bepaald door de afzonderlijke waarden L* bij elkaar op te tellen (zogenoemde energetische sommatie). De geluidbelasting (grootheid L) wordt uitgedrukt in Lden, met uitzondering van industriegeluid waarvoor de etmaalwaarde geldt.
In het plangebied is er sprake van cumulatie met wegverkeersgeluid (VL) en windturbinegeluid (WT). Een gangbare en (door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State) geaccepteerde methodiek om cumulatieve geluideffecten te beoordelen is de 'Methode Miedema'. In deze methode wordt de akoestische kwaliteit van de omgeving bepaald voor en na toevoeging van een nieuwe geluidbron. Hiermee kunnen de gevolgen voor de leefomgeving objectief worden beoordeeld. (zie ook Tabel 5.3 en 5.4). De cumulatieve geluidbelasting van alle geluidbronnen is berekend op de referentietoetspunten, waarbij voor windpark Horst en Telgt in Tabel 5.2 zowel de ongemitigeerde als gemitigeerde waarde naar Lden 45 dB in beeld is gebracht.
heeft verwijderd: <bestaande windturbines ver genoeg weg? alleen toekomstig WT geluid?>¶
heeft verwijderd: .@ heeft verwijderd: .@). heeft verwijderd: (realistisch) heeft verwijderd: .@
58
Provincie Gelderland
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Tabel 5.3 Berekende geluidbelasting (in dB) van alle geluidbronnen (vóór toepassing rekenregels voor cumulatieve geluidbelasting en windpark Horst en Telgt ongemitigeerd en gemitigeerd)
heeft verwijderd: .@
Tabel 5.4 Waardering kwaliteit akoestische omgeving volgens Methode Miedema
heeft verwijderd: .@
In de bestaande situatie, zonder windpark Horst en Telgt, wordt de akoestische omgeving ter plaatse van de geselecteerde toetspunten volledig bepaald door het wegverkeersgeluid (zie 3e kolom Tabel 5.2), al dan niet rekening houdend met de mate van hinderlijkheid. De bestaande akoestische kwaliteit van de omgeving (Lcum referentiesituatie (ref.)) varieert van goed (=<50 dB Lden) tot tamelijk slecht (=<65 dB Lden).
heeft verwijderd: .@),
In de toekomstige situatie met het windpark zowel zonder als met mitigatie wordt de akoestische kwaliteit van de omgeving ter plaatse van de geselecteerde toetspunten nog steeds bepaald door het wegverkeersgeluid en deels ook nog steeds door windturbinegeluid. De toekomstige akoestische kwaliteit van de omgeving varieert ongemitigeerd van redelijk (=< 55 dB Lden) tot tamelijk slecht (=< 65 dB Lden) en gemitigeerd naar Lden 45 dB van goed (=<50 dB Lden) tot tamelijk slecht (=<65 dB Lden) .
heeft verwijderd: nog steeds
Er vindt bij woningen een cumulatieve verslechtering op de schaal van Miedema plaats op 10 van de 15 gehanteerde toetspunten. Bij negen woningen één stap op de schaal van Miedema (van goed naar redelijk en van redelijk naar matig). Er vindt bij één woning een verslechtering plaats van twee
heeft verwijderd: e
Provincie Gelderland
59
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) stappen op de schaal van Miedema (van goed naar matig). Voor de overige vijf toetspunten bij woningen blijft de akoestische kwaliteit gelijk (twee toetspunten goed, twee toetspunten redelijk en één toetspunt tamelijk slecht). De cumulatieve verslechtering is deels inherent aan het realiseren van een windpark in een agrarisch gebied. De cumulatieve verslechtering is niet heel groot doordat de geluidbelasting in de huidige situatie wordt bepaald door de A28 en dat blijft ook zo. Het geluid van windturbines wordt wel extra streng meegerekend in de cumulatieve geluidbelasting vanwege de extra hinderlijkheid 's nachts. Daar waar cumulatief in de bestaande situatie een relatief goede situatie is neemt de geluidbelasting cumulatief slechts gedeeltelijk toe en er ontstaat geen (tamelijk) slechte akoestische situatie. Daar waar in de huidige situatie een slechtere (maximaal tamelijk slecht) akoestische situatie bestaat, treedt geen extra verslechtering op. Een cumulatieve geluidbelasting voor woningen van derden van maximaal 65 dB (tamelijk slecht) wordt in zijn algemeenheid bij de ontwikkeling van windparken acceptabel geacht34, zeker omdat er op de woningen ook nog aan de lokale norm Lden 45 dB voldaan dient te worden.
Bij een cumulatieve geluidbelasting van maximaal 65 dB (akoestische kwaliteit tamelijk slecht volgens Miedema) is er sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Gezien het belang van het realiseren van het windpark als bijdrage aan de gemeentelijke, provinciale en landelijke duurzame energiedoelstelling en de samenhang met de beleidsmatige keuze om het plangebied aan te wijzen als zoekgebied voor windenergie, wordt de toekomstige cumulatieve akoestische situatie bij woningen acceptabel geacht. Wanneer met de definitieve windturbinekeuze gekozen wordt voor realisatie van een 'stillere' windturbine neemt ook de cumulatieve geluidbelasting af. Laagfrequent geluid Er is geen algemeen geaccepteerd normstelsel voorhanden waarmee laagfrequente geluidhinder kan worden geobjectiveerd. Laagfrequent geluid (LFG) is geluid in het voor mensen laagst hoorbare frequentiegebied, onder 200 Hz. Windturbines produceren, net als de meeste andere geluidbronnen, ook laagfrequent geluid. Het RIVM heeft op verzoek van de GGD-en de invloed op de beleving en gezondheid van omwonenden door windturbines onderzocht (2013)35. Hierin wordt gesteld dat windturbines weliswaar laagfrequent geluid produceren maar dat er geen bewijs bestaat dat dit een factor van belang is voor de hinderbeleving.
Er is geen aparte beoordeling nodig bovenop de bescherming die de zogenoemde A-gewogen normstelling op basis van dosis-effectrelaties reeds biedt. De mate van bescherming en de normering worden eveneens beschouwd in een literatuuronderzoek naar laagfrequent geluid van windturbines van Agentschap NL (2013)36. Ook hier zijn geen aanwijzingen dat het aandeel laagfrequent geluid een bijzondere dan wel belangrijke rol speelt. Tenslotte is door de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, mede namens de minister van Economische Zaken en de minister van Infrastructuur en Milieu over het onderwerp laagfrequent geluid van windturbines een brief aan de Tweede Kamer gestuurd (2014)37. Op grond van de brief van de staatssecretaris en het rapport van het RIVM kan gesteld worden dat toetsing aan de standaard Nederlandse geluidnormen tevens voldoende bescherming biedt tegen laagfrequent geluid. In 2017 heeft de GGD Amsterdam in samenwerking met het RIVM nog een literatuurstudie uitgevoerd naar de relatie tussen blootstelling aan windturbinegeluid, waaronder laagfrequent geluid, en gezondheid38. Tweeëndertig (peer reviewed39) wetenschappelijke onderzoeken tussen 2009 en 2017 zijn daarbij onderzocht in de literatuurstudie. Deze literatuurstudie bevestigt nogmaals dat een windturbine geen directe effecten heeft op de gezondheid van omwonenden heeft.
Dit onderzoek heeft in oktober 2020 een update gekregen40 met een literatuuronderzoek waarbij onderzoeken tussen 2017 en medio 2020 op een rij zijn gezet over het effect van geluid van windturbines op de gezondheid van omwonenden. Uit de update literatuurstudie blijkt dat hinder optreedt als gevolg van geluid: hoe sterker het geluid (in dB) van windturbines, hoe groter de hinder ervan. Uit de literatuur bleek niet dat het zogeheten 'laagfrequent geluid' (lage tonen) van windturbines voor extra hinder zorgt dan de hinder die optreedt van 'gewoon' geluid. Voor andere gezondheidseffecten zijn de resultaten van wetenschappelijk onderzoek niet eenduidig: deze effecten hangen niet duidelijk samen met het geluidniveau, maar soms wel met de ervaren hinder.41 In maart 2023 is ten slotte in het internationale tijdschrift Environmental Health Perspectives een onderzoek naar de gezondheidseffecten van windturbinegeluid en dan specifiek infrageluid gepubliceerd,42 deze is (nog) niet meegenomen in de update van het RIVM. Op basis van onderzoek onder geluidgevoelige personen blijkt dat bij geen van de mensen die werden blootgesteld aan infrageluid effecten optreden 60
Provincie Gelderland
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) die kunnen worden omschreven als het windturbinesyndroom. Er was geen impact op slaap, hersenfunctie of cardiovasculaire of psychologische gezondheid. Daarom denken de onderzoekers dat het onwaarschijnlijk is dat infrageluid van windturbines een slechte gezondheid of slaapverstoring veroorzaakt. Kortom: het aandeel laagfrequent geluid is niet onevenredig groot bij windturbines (in tegenstelling tot bijvoorbeeld compressoren of transformatoren), het aandeel laagfrequent geluid is niet significant toegenomen met het formaat van de windturbine en er is geen aanleiding om te veronderstellen dat specifiek laagfrequent en infrageluid een effect op de volksgezondheid veroorzaken of tot additionele hinder leiden ten opzichte van dat wat reeds wordt beoordeeld. Het specifiek toevoegen van een norm voor laagfrequent van windturbines leidt daarmee niet tot een betere beoordeling van de optredende effecten van geluid. Het hanteren van de dosismaat Lden en eventueel bijbehorende Lnight voor windturbinegeluid biedt derhalve voldoende bescherming tegen laagfrequent geluid.
Vaste rechtspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt ook dat windinitiatieven zich op basis van bovenstaande studies in redelijkheid op het standpunt hebben kunnen stellen dat het plan niet zal leiden tot onaanvaardbare hinder door laagfrequent geluid (zie o.a. ABRvS 4 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1228 (Windpark Wieringermeer), 21 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:616 (Windpark De Drentse Monden Oostermoer), 7 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2720 (Windpark De Rietvelden) en recentelijk 16 september 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2226 (Windplan Groen) en ECLI:NL:RVS:2023:1433 (Windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding).
heeft verwijderd: niet
Het is dan ook niet nodig verder onderzoek uit te voeren naar laagfrequent geluid voor het windpark Horst en Telgt. Met naleving van de geluidsnormering is er ook ten aanzien van laagfrequent geluid sprake van een aanvaardbare situatie. 5.2.3
Conclusie
Een lokale norm voor windturbinegeluid van Lden 45 dB op gevoelige objecten voor windpark Horst en Telgt is aanvaardbaar. De norm is ruimtelijk aanvaardbaar op basis van een afweging tussen de te verwachten hinder en het belang van opwekking duurzame elektriciteit met windturbines. De norm is opgenomen in de planregels. Aan de ruimtelijke aanvaardbare norm voor windturbinegeluid kan worden voldaan. De geluidhinder, waaronder laagfrequent geluid, is aanvaardbaar. Cumulatief met andere geluidbronnen vindt er bij woningen geen cumulatieve verslechtering op de schaal van Miedema plaats op 10 van de 15 gehanteerde toetspunten, 9 met één stap op de schaal van Miedema en bij 1 woning 2 stappen op de schaal van Miedema. Voor de overige 5 toetspunten bij woningen blijft de akoestische kwaliteit gelijk. Geconstateerd kan worden dat de cumulatieve verandering van de geluidbelasting beperkt is. Dit wordt aanvaardbaar geacht gezien het belang van het realiseren van het windpark als bijdrage aan de gemeentelijke, provinciale en landelijke duurzame energiedoelstelling. Voor het aspect geluid is sprake van een goede ruimtelijke ordening. <NB. Resultaten van het toegezegde onderzoek naar aanvullende normering voor nacht, piek en LFG worden verwerkt in ontwerp PIP>
Provincie Gelderland
61
heeft verwijderd: v
heeft verwijderd: mede
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp)
5.3
Slagschaduw
5.3.1
Toetsingskader
De draaiende rotoren van windturbines kunnen een bewegende schaduw op hun omgeving werpen. Deze 'slagschaduw' kan als hinderlijk worden ervaren. De mate van hinder wordt bepaald door de duur van de slagschaduw. Flikkering bij windturbines is gerelateerd aan de draaisnelheid van de windturbinebladen. Slagschaduw met flikkerfrequenties vanaf 2,5 Hz wordt als extra hinderlijk ervaren en kan schadelijk zijn (dit komt bij gangbare turbines echter vrijwel nooit voor). De frequenties van de lichtflikkeringen van de voorbeeldwindturbines voor het windpark liggen, gezien hun afmetingen, tussen de 0,24 en 0,95 Hz en worden daarmee niet als extra hinderlijk ervaren en zijn niet schadelijk. De afstand van de blootgestelde locatie tot de windturbine, de stand van de zon, de weersomstandigheden en het al dan niet draaien van de windturbine zijn bepalende aspecten voor de duur van de periode waarin slagschaduw optreedt (slagschaduwduur). In de planregels is een norm voor de toetsing van slagschaduw opgenomen specifiek voor windpark Horst en Tegt.
heeft verwijderd: l
Lokale norm voor slagschaduw Voor onderhavig plan wordt voor slagschaduw getoetst aan de volgende normen voor slagschaduw op basis van paragraaf 5.1.3 en 5.1.2. Ten behoeve van het voorkomen of beperken van slagschaduw en lichtschittering zijn de windturbines van windpark Horst en Telgt voorzien van een automatische stilstandvoorziening die de windturbine afschakelt indien slagschaduw optreedt: Ÿ ter plaatse van slagschaduwgevoelige objecten (gebouwen die bedoeld zijn voor permanent verblijf van personen (zoals woningen en zorginstellingen)), mag windpark Horst en Telgt maximaal 6 uur slagschaduw per jaar toevoegen. Ÿ ter plaatse van deels slagschaduwgevoelige objecten (gebouwen waar gedurende langere tijd personen aanwezig kunnen zijn, maar niet permanent verblijven (zoals scholen, kantoren en recreatiegebouwen)) is geen extra bescherming noodzakelijk. Aanvullend geldt daarbij op basis van uitgangspunten in het uitgevoerde onderzoek (Bijlage 3): Ÿ voor zover er tussen de windturbine en de woningen <slagschaduwgevoelig object?> er nog sprake is van een minimale afdekking van 20% van de zon door het rotorblad (gebied waarbinnen er nog sprake kan zijn van hinderlijke slagschaduw). De afstand geldt van een punt op ashoogte van de windturbine tot de gevel van het object.
Ÿ voor zover zich in de door de slagschaduw getroffen uitwendige scheidingsconstructie van gevoelige gebouwen ramen bevinden. De normstelling voor slagschaduw is juridisch-planologisch verankerd in de planregels. <NB. Resultaten van het nader oderzoek naar toepassing app wordt verwerkt in ontwerp PIP>
62
Provincie Gelderland
heeft verwijderd: :
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) 5.3.2
Onderzoek
Ten behoeve van de windturbines is een slagschaduwonderzoek uitgevoerd om enerzijds te toetsen aan de slagschaduwnorm in de planregels van dit inpassingsplan en anderzijds de effecten op de omgeving in beeld te brengen (zie Bijlage 3). Ter bepaling van de maximale slagschaduweffecten (worst-case) is in het slagschaduwonderzoek voor het plan uitgegaan van turbines met een maximale tiphoogte van 250 meter en een maximale rotordiameter van 170 meter (en daarmee een ashoogte van 165 meter). Voor de slagschaduwberekeningen zijn enkel deze geometrische eigenschappen van belang. Bij de beoordeling van slagschaduw is daarnaast geen rekening gehouden met obstakels in de omgeving die zich kunnen bevinden tussen de windturbines en de toetsobjecten. Op afstanden waar groter dan waar er nog sprake is van een minimale afdekking van 20% van de zon door het rotorblad wordt de slagschaduw niet meer als hinderlijk beoordeeld en daardoor ook niet berekend (in deze maximaal 2.050 meter voor een worst case voorbeeldwindturbine met maximale afmetingen).Binnen een afstand van circa 469 meter van de windturbine kan de zon volledig bedekt worden door een rotorblad . De rotor moet dan haaks staan op de richting van de zon. De schaduw is dan maximaal en wordt als meer hinderlijk ervaren. Op grotere afstanden is de schaduw nooit volledig.
De resultaten van de berekeningen op basis van de voorbeeldwindturbine zijn weergegeven in Tabel 5.5. Hierin is de verwachte hinderduur per jaar gegeven op maatgevende voor slagschaduwgevoelige objecten, in betreft in dit geval alleen woningen. Voor overige voor slagschaduw gevoelige objecten die niet in onderstaande tabellen staan is de duur van slagschaduw vrijwel gelijk of lager dan de resultaten gegeven in de tabel op representatieve toetspunten. In het kader van onderhavig plan kan volstaan worden met mitigerende maatregelen om te voldoen aan de slagschaduwnorm. Tabel 5.5 Verwachte slagschaduw op toetspunten zonder mitigatie door windpark Horst en Telgt (in uu:mm, uren en minuten)
Provincie Gelderland
heeft verwijderd: Bij de bepaling van de schaduwduren is geen rekening gehouden met eventuele beplanting, gebouwen en kunstwerken in de omgeving die het zicht kunnen belemmeren. Binnen een afstand van circa 469 heeft verwijderd: .@. heeft verwijderd: deze allen
heeft verwijderd: .@
63
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Bij 13 van de 15 representatieve toetspunten (woningen) treedt jaarlijks meer 6 uur slagschaduwhinder op. Normoverschrijding van de lokale norm is daar mogelijk. Eventuele overschrijding van de norm wordt weggenomen door een stilstandregeling tot het niveau waarop wordt voldaan aan de norm van maximaal 6 uur slagschaduw uit de planregels. De benodigde mitigatie om te voldoen aan de norm (maximaal circa 1,7% bij een norm van maximaal 6 uur slagschaduw per jaar) zorgt voor een beperkt opbrengstverlies en de uitvoerbaarheid van dit plan is daarmee dus niet in het geding.
heeft verwijderd: alle
In Figuur 5.3 is met isolijnen aangegeven waar de totale jaarlijkse verwachte hinderduur (ongemitigeerd) 0 tot en met 30 uur bedraagt. Overschrijding van de norm voor de jaarlijkse hinderduur kan globaal optreden bij de woningen binnen de blauwe 6-uurscontour. Bij gevoelige objecten buiten de 6-uurscontour wordt met zekerheid aan de norm voor de maximale hinderduur voldaan.
heeft verwijderd: .@
Figuur 5.3 Slagschaduwcontouren verschillende hinderduren windpark Horst en Telgt
heeft verwijderd: .@
heeft verwijderd: @%
Slagschaduw op andere objecten dan gevoelige objecten De slagschaduweffecten op andere objecten zijn eveneens inzichtelijk gemaakt (zie Bijlage 3 en Tabel 5.5). In deze zijn dat enkele campings en een gepland hotel. De te verwachten slagschaduw is op een maatgevend toetspunt berekend. Dit betekent dat er één toetspunt op elke camping of recreatieterrein is beschouwd met afmetingen zoals die voor woningen zijn gehanteerd. Voor andere plekken op de campings kunnen de exacte tijdstippen en periodes in het jaar (beperkt) anders uitvallen, maar zal er altijd minder verwachte slagschaduw zijn dan op de plek waar het toetspunt is gesitueerd. Daarnaast is ter plaatse van het perceel waar mogelijk een hotel wordt gerealiseerd op twee plaatsen een toetspunt geplaatst om inzicht te verschaffen in de verwachte hoeveelheid slagschaduw bij het hotel. Er is een toetspunt op het perceel gepositioneerd waar de verwachte jaarlijkse hoeveelheid het hoogst is en waar de verwachte jaarlijkse hoeveelheid het laagst is. De rekenresultaten van de beschouwde campings en hotel zijn weergegeven in Tabel 5.6.
64
Provincie Gelderland
heeft verwijderd: .@).
heeft verwijderd: .@.
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Tabel 5.6 Slagschaduw ter plaatse van campings en hotel
heeft verwijderd: Figuur heeft verwijderd: .@
De hoeveelheid slagschaduw op overige objecten is gering, zeker wanneer ook de periode waarbinnen de slagschaduw jaarlijks kan optreden in ogenschouw wordt genomen.
heeft verwijderd: <check tabel: in- of excl. mitigatie>
De meeste slagschaduw bij campings treedt op buiten het campingseizoen. Voor het geplande hotel geldt dat slagschaduw juist midden op de dag kan optreden wanneer gasten over het algemeen net in het hotel zijn maar op pad of wel bij een evenement in de toekomstige evenementenhal. Over het algemeen gaat het om kortdurende verblijven waardoor er ook geen aanleiding is om een gelijke norm te stellen als bij gevoelige objecten. De overige objecten profiteren bovendien ook mee van slagschaduwvoorzieningen op de gevoelige objecten. Er is derhalve ook geen aanleiding voor het vaststellen van een aparte norm. Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening. 5.3.3
Conclusie
Een norm voor slagschaduw van maximaal 6 uur per jaar op gevoelige objecten is op basis van een afweging tussen de te verwachten hinder en het belang van opwekking duurzame elektriciteit met windturbines ruimtelijk aanvaardbaar en is opgenomen in de planregels. Er is geen aanleiding een aparte norm voor overige deels-gevoelige objecten vast te stellen. Er is ook sprake van een aanvaardbare slagschaduwduur bij deze objecten.
Provincie Gelderland
65
heeft verwijderd: (ook grotendeels buiten hoogseizoen) heeft verwijderd: .
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Aan de ruimtelijke aanvaardbare norm voor slagschaduwduur op voor slagschaduw gevoelige objecten kan het plan, met het (zo nodig) toepassen van een stilstandvoorziening voldoen. Het windpark is ruimtelijk inpasbaar en haalbaar. Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening. <NB. Resultaten van het toegezegde onderzoek naar slagschaduwapp worden verwerkt in ontwerp PIP>
5.4
Veiligheid
5.4.1
Toetsingskader
Voor de ruimtelijke inpassing van windturbines speelt veiligheid een belangrijke rol. Hoewel het risico laag is, kunnen windturbines omvallen of kunnen er onderdelen afbreken. Het effect van windpark Horst en Telgt op de veiligheidssituatie van de omgeving is beoordeeld aan de hand van een aantal criteria, die zijn afgeleid uit wet- en regelgeving en adviezen voor toetsing van beheerders van infrastructurele werken. Deze toetsingscriteria hebben zowel betrekking op externe veiligheid als op leveringszekerheid ten aanzien van elektriciteitskabels- en (buis)leidingen. Het Activiteitenbesluit en -regeling is gedeeltelijk het kader voor de (externe) veiligheid van windturbines en mag voorlopig niet worden gebruikt op basis van de uitspraken windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding (zie ook paragraaf 5.1.2. In het Activiteitenbesluit milieubeheer was onder andere geregeld hoe vaak een windturbine moet worden gecontroleerd en wanneer een windturbine wel of niet in werking mag zijn. Zo mag bijvoorbeeld een windturbine niet in werking worden gesteld indien een zodanige ijslaag is afgezet op de rotorbladen dat dit een risico vormt voor de veiligheid van de directe omgeving. Bij moderne windturbines kan door middel van ijsdetectiesystemen de windturbine zo nodig automatisch stilgezet worden. Daarnaast bestaat ook nog de interne veiligheid van windturbines.
De interne veiligheid van windturbines is geregeld via de certificering van het ontwerp en de productie van windturbines. In Nederland mogen alleen windturbines worden geplaatst die gecertificeerd zijn volgens de veiligheidsnormen ten behoeve van het voorkomen van risico's voor de omgeving. De voorgenoemde voorwaarden zijn als planregels opgenomen in dit bestemmingsplan. Lokale normstelling plaatsgebonden risicocontour 10-5 en 10-6 Voor onderhavig plan wordt voor externe veiligheid voor wat betreft het plaatsgebonden risico getoetst aan de lokale normstelling van een plaatsgebonden risicocontour van 10-5 per jaar voor beperkt kwetsbare objecten en 10-6 per jaar voor kwetsbare objecten (zie ook paragraaf 5.1.2). Omdat in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en het Besluit externe veiligheid transportleidingen (Bevt) een aanvaardbare kans op overlijden is omschreven die niet afhankelijk is van het type inrichting wordt het niet nodig geacht voor windturbines afwijkende normen voor te schrijven. Met betrekking tot veiligheidsafstanden wordt in grote lijnen aangesloten op het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi)43 en daarmee dat zich geen kwetsbare objecten mogen bevinden binnen de PR 10-6-contour en geen beperkt kwetsbare objecten binnen de PR 10-5-contour. PR staat voor het Plaatsgebonden Risico.
Dit is de kans per jaar dat iemand overlijdt als gevolg van een ongeval van een falende windturbine, als deze persoon permanent en onbeschermd op een bepaalde afstand tot de turbine aanwezig zou zijn. Een PR-norm van 10-5 betekent een maximale kans van maximaal 1 op 100.000, PR 10-6 een kans van 1 op 1.000.000. Met een kans van 1 de 100.000 jaar bij continue jaarlang onbeschermd verblijf op de PR10-5 contour bij beperkt kwetsbare objecten en 1 op de miljoen bij continue jaarlang onbeschermd verblijf op de PR10-6 contour bij kwetsbare objecten is daarmee sprake van een risico dat aanmerkelijk lager ligt dan andere algemeen aanvaarde (maatschappelijke) risico's en gelijk is aan andere risicobronnen van externe veiligheid. Een norm voor externe veiligheid van windturbines van PR10-5 voor beperkt kwetsbare objecten en PR10-6 voor kwetsbare objecten is daarmee ruimtelijk aanvaardbaar als toetsingskader voor de plaatsgebonden risicocontouren. De afstanden die bij deze normen worden gehanteerd, worden hierna geduid. Voor de bepaling van deze contouren wordt verwezen naar De 'Handreiking Risicozonering Windturbines' (v1.1, 20 mei 202044) en 'Handleiding Risicoberekeningen Windturbines' (versie oktober 2019) (hierna: Handboek risicozonering), als vervanger van het 'Handboek Risicozonering Windturbines' (2014) (hierna afgekort als: HRW).
66
Provincie Gelderland
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Overige toetsingskaders Ook wordt voor de bepaling van de effecten op infrastructuren en objecten aansluiting gezocht bij het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb)45. Daarnaast hebben beheerders van infrastructurele werken randvoorwaarden voor situaties van uitval van belangrijke infrastructurele werken zoals grote gasleidingen en elektriciteitsvoorzieningen. Om hier rekening mee te houden is gekeken naar de invloed van plaatsing van windturbines op de leveringszekerheid en betrouwbaarheid van de nabije infrastructurele werken. In tabel 5.7 staat het beoordelingskader voor veiligheid samengevat. Tabel 5.7 Beoordelingskader veiligheid
5.4.2
Onderzoek
Voor het plan is een risicoanalyse uitgevoerd (zie Bijlage 4). Het Handboek risicozonering adviseert een identificatieafstand waarbinnen het veiligheidsrisico voor objecten en infrastructuren onderzocht dient te worden. Deze afstand is gebaseerd op de maximale generieke werpafstand die plaatsvindt als windturbines tweemaal het nominale toerental draaien (ook wel 'overtoeren'). Objecten buiten deze afstand ondervinden geen risico en worden verder buiten beschouwing gelaten. De identificatieafstand (=maximale onderzoeksafstand) van het windpark is 471 meter (zie Figuur 5.4 en Figuur 5.5). Verdere bij het windpark behorende effectafstanden zijn: Ÿ maximale tiphoogte (generieke afstand PR10-06 HRW): 250 meter; Ÿ halve rotordiameter (generieke afstand PR10-05 HRW): 85 meter.
Provincie Gelderland
heeft verwijderd: .@ heeft verwijderd: f heeft verwijderd: .@).
67
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Er zijn ook specifieke afstanden voor de windturbines te berekenen volgens het Handboek, die kleiner zijn. Als voldaan kan worden aan de generieke afstanden is het echter niet noodzakelijk de specifieke contouren te bepalen. In onderstaande figuur worden de (generieke) afstanden weergegeven. Figuur 5.4 Verdere relevante afstanden externe veiligheid voor het plan (noordelijk deel)
heeft verwijderd: .@
Figuur 5.5 Verdere relevante afstanden externe veiligheid voor het plan (zuidelijk deel)
heeft verwijderd: .@
68
Provincie Gelderland
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Er worden binnen de identificatieafstand van het windpark de volgende objecten geïdentificeerd (zie ook Figuur 5.3 en Figuur 5.4): Ÿ een industriefunctie (rood gearceerde vlak in Figuur 5.3); Ÿ de rijksweg A28 (grijs/zwarte lijnen ten westen van en parallel aan het windpark in Figuur 5.3); Ÿ een risicovolle installatie (propaantank binnen terreingrens van de industriefunctie). Bebouwing Voor de windturbines geldt een (generieke) contour van PR10-5 van 85 meter waarbinnen zich geen kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten mogen bevinden. Voor de windturbines geldt een (generieke) contour van PR10-6 van 250 meter waarbinnen zich geen kwetsbare objecten mogen bevinden. Er liggen geen kwetsbare objecten binnen de PR10-05 contouren van de windturbines, er is één pand met industriefunctie binnen de PR10-06 contour van windturbine 1 te vinden. Dit pand is geen risicovolle inrichting en betreft een beperkt kwetsbaar object. Dit beperkt kwetsbare object is gelegen buiten de toetsafstand van een halve rotordiameter/generieke PR10-06 contour van 85 meter en is daarom toegestaan. De windturbines zijn op voldoende grote afstand tot objecten geprojecteerd.
heeft verwijderd: f heeft verwijderd: .@ heeft verwijderd: f heeft verwijderd: .@): heeft verwijderd: ; heeft verwijderd: ; heeft verwijderd: <#>een risicovole instalatie. ¶ heeft verwijderd: er wel heeft verwijderd: (beperkt kwetsbaar object) heeft verwijderd: dus toegestaan.
Wegen De A28 doorkruist de PR10-05 contouren (oftewel ½ keer de rotordiameter) van de windturbines niet en voldoet daarmee aan de eis van Rijkswaterstaat (RWS), die stelt dat de afstand tussen de windturbine en de verharding van de weg tenminste 1/2e rotordiameter moet bedragen. De tiphoogteafstand is gelijk aan de generieke PR10-06 contour en wordt doorkruist door de A28. Omdat de afstand tot de Rijksweg groter is dan de minimale afstand die Rijkswaterstaat voorschrijft is het echter niet strikt noodzakelijk om een studie uit te voeren naar het individueel passanten risico (IPR) en het maatschappelijk risico (MR). Om toch de effecten inzichtelijk te maken wordt de methodiek van Rijkswaterstaat gehanteerd voor de beoordeling. Voor de berekening van het IPR en MR zijn de formules uit het HRW46 gebruikt De trefkans voor een passerend onbeschermd persoon bedraagt maximaal 8,8 x 10-14 per passage bij de maatgevende windturbine. Dit leidt tot een IPR van 4,4 x 10-11 voor de maatgevende windturbine. Cumulatief gezien voor alle zeven windturbines bedraagt dit een totaal IPR voor de gehele snelweg A28 van 1,5 x 10-10 per jaar. Dit is ruim beneden de normstelling van Rijkswaterstaat van een maximaal IPR van 1 x 10-06 per jaar. Het Maatschappelijk Risico (MR) is cumulatief bepaald op 1,0x 10-05 per jaar.
Ook dit is ruim beneden de normstelling van Rijkswaterstaat van maximaal MR van 2 x 10-03. De jaarlijkse verkeersintensiteit op de Rijksweg zou moeten toenemen van tot 4,3 miljard voertuigen voordat het MR overschreden zou worden. Hiervan kan geen sprake zijn. De trefkans voor een enkel passerend voertuig (in plaats van een onbeschermd persoon) bedraagt maximaal 1,5 x 10-11 per passage en 5,2 x 10-11 voor passage van het gehele tracé.
heeft verwijderd: i.p.v.
Voor lokale wegen zijn geen specifieke beleidsregels of eisen van toepassing. Indien de normen voor rijkswegen worden toegepast op de lokale wegen dan wordt aan deze normen voldaan door een beperktere hoeveelheid passanten. Een berekening heeft geen toegevoegde waarde. Op de A28 kunnen transporten van gevaarlijke stoffen aanwezig zijn. De risico’s die dit vervoer met zich meebrengt zouden kunnen worden verhoogd door de aanwezigheid van een windturbine. Ter informatie is de trefkans berekend. Uit de berekeningen in Bijlage 4 blijkt dat het risico van de maatgevende windturbine voor een vrachtwagen per passage circa 1,5 x 10-11 bedraagt over een weglengte van 410 meter (binnen tiphoogteafstand). Conform de Handleiding risicoanalyse transport (HART) v1-2 is de huidige ongevalsfrequentie van een tankwagen onder druk op een autosnelweg gelijk aan 4,3 x 10-09 per kilometer. Dit betekent dat het extra risico van de windturbine 0,85% bedraagt. Een dergelijke risicotoevoeging ruim onder de 10% kan als verwaarloosbaar worden gezien ten opzichte van het aanwezige risico. Het effect op eventuele aanwezige gevaarlijke transporten op de A28 is verwaarloosbaar klein.
heeft verwijderd: <transport gevaarlijke stoffen?>¶
Risicovolle installatie Er ligt een propaantank binnen de identificatieafstand van de windturbines en heeft een bepaalde trefkans van windturbine 1. Deze trefkans is berekend op basis van een worst-case windturbine voor bladworp (Nordex N149/4.X). De propaantank ondervindt enkel effect van het faalscenario bladworp bij overtoeren en heeft daarmee een trefkans van 7,38 10-08. Bij een vergelijking met het eigen intrinsieke risico van de propaantank van PR10-06 zal dit leiden tot een maximale trefkanstoevoeging
Provincie Gelderland
69
heeft verwijderd: (zie figuur 5.@) heeft verwijderd: c
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) van 0,74%. Dit is minder dan de geaccepteerde 10% risicotoevoeging en wordt derhalve als verwaarloosbaar geacht. Kwalitatieve analyse ijsworpscenario Op 1 tot 2 dagen per jaar kunnen de weeromstandigheden in Nederland zodanig zijn dat er sprake is van significante ijs aangroei aan de windturbinebladen. Bij het loskomen van deze ijsblokken kunnen gevaarlijke situaties ontstaan voor onbeschermde personen of door schrikreacties tijdens transport. Moderne windturbines zijn veelal voorzien van systemen die kunnen detecteren of er sprake is van aangroeiend ijs en/of weersomstandigheden waarbij ijsaangroei kan worden verwacht. Bij het merendeel van de aanwezige windturbines in Nederland hoeven geen specifieke maatregelen te worden genomen om ijsaangroei te voorkomen of het vallen van ijs te voorkomen doordat de meeste windturbines worden geplaatst in open agrarische gebieden waar weinig aanwezigheid van personen wordt verwacht. Indien ijsworp toch dient te worden voorkomen dient de windturbine te worden stilgezet indien significante ijsaangroei aanwezig is. Het voorkomen van gevaarlijke situaties en het verplicht moeten stilzetten van windturbines dient zo nodig te worden geregeld in de gebruiksregels van het inpassingsplan. Figuur 5.6 Gevoeligheid omgeving risico ijsafworp
Om te analyseren of de omgeving gevoelig kan zijn voor ijsworp of ijsval wordt gekeken naar de directe omgeving van de windturbines tot aan een afstand gelijk aan de tiphoogte (250 meter). Er zijn binnen dat gebied terreinen en objecten aanwezig die gevoelig zijn voor ijsworp of ijsval (zie Figuur 5.6). Er wordt daarom geadviseerd om de desbetreffende windturbines (windturbine 1 tot en met 4) te voorzien van een ijsdetectiesysteem, wat ijsvorming aan de bladen detecteert en de windturbine stilzet bij significante aangroei aan de windturbines. Daarmee worden de risico's van ijsworp op de omgeving voorkomen. Een planregel hiervoor is opgenomen in de regels.
heeft verwijderd: is
Indien de rotor niet draait wordt ijsval verwacht tot een zone van circa een halve rotordiameter plus 11 meter als afglij-/dwarrelzone. Vanwege de beperkte aanwezigheid van personen binnen deze afstand is er niet sprake van een significant risico. Vanwege de nabijgelegen lokale wegen wordt wel geadviseerd om een ijsprotocol op te stellen. Hierin kan dan onder andere worden geregeld hoe de windturbine gepositioneerd moeten worden bij ijsaangroei zodat het afdwarrelende ijs geen gevaar voor de omgeving vormt. Ook het gecontroleerd afwerpen en weer opstarten kan daarin worden
heeft verwijderd: circa
70
Provincie Gelderland
heeft verwijderd: de beoordeling van heeft verwijderd: (maximale werpafstand bij draaien heeft verwijderd: ) en waarbij ijsval relevant is binnen een afstand 1 tot en met 4) te voorzien van een
heeft verwijderd: (de zone waar ijsval heeft verwijderd: plaatsvinden tijdens heeft verwijderd: stilstaan van een windturbine).
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) beschreven. Met behulp van een dergelijk protocol is er geen sprake meer van significante veiligheidsrisico’s. Er is een planregel opgenomen in het inpassingsplan om veiligheid als gevolg van ijsafworp te borgen. 5.4.3
Conclusie
Een normstelling van een plaatsgebonden risicocontour van 10-05 per jaar voor beperkt kwetsbare objecten en 10-06 per jaar voor kwetsbare objecten turbines is ruimtelijk aanvaardbaar. Met een kans van 1 de 100.000 jaar bij continue jaarlang onbeschermd verblijf op de PR10-05 contour bij beperkt kwetsbare objecten en 1 op de miljoen bij continue jaarlang onbeschermd verblijf op de PR10-06 contour bij kwetsbare objecten is daarmee sprake van een risico dat aanmerkelijk lager ligt dan andere algemeen aanvaarde (maatschappelijke) risico's dat bovendien gelijk is aan andere risicobronnen. De veiligheidsrisico's zijn onderzocht. Omdat er geen (geprojecteerde) beperkt kwetsbare respectievelijk kwetsbare objecten aanwezig zijn binnen de PR10-05 en PR10-06 contour zijn er vanuit externe veiligheid geen belemmeringen voor de ontwikkeling van het windpark. De PR10-05 en PR10-06 zijn ook vastgelegd op de verbeelding en met een passende regeling opgenomen in de planregels.
heeft verwijderd: De omgeving van de windturbines is niet gevoelig voor ijsval of ijsworp. Er is geen sprake van openbaar gebied. De gronden nabij de windturbines zijn agrarisch. Gezien de aard van het gebied wordt er geen aanwezigheid van grote hoeveelheden personen in de buitenlucht verwacht. Binnen de zone waar ijsval kan plaatsvinden tijdens het stilstaan van een windturbine (circa halve rotordiameter + 11 meter) zijn geen kwetsbare personen te verwachten en vinden geen kwetsbare activiteiten plaats. ¶ Er hoeven geen specifieke maatregelen te worden genomen om de risico's als gevolg van ijsval te minimaliseren in de omgeving van de windturbines. Er is dus ook geen noodzaak tot het opnemen van een juridisch-planologische regeling in dit inpassingsplan.¶ <check>¶
De trefkansen voor voertuigen en gevaarlijke transporten zijn verwaarloosbaar klein. De trefkans van de risicovolle installatie is aanvaardbaar. Er is voor het aspect externe veiligheid sprake van een goede ruimtelijke ordening.
5.5
Gezondheid
5.5.1
Toetsingskader
Er bestaat een relatie tussen milieu en gezondheid. Ook andere factoren dan milieufactoren zijn van invloed op de gezondheid van mensen, denk aan roken, beweging en het binnenklimaat van woningen. Uit ervaring bij projecten voor windenergie blijkt dat er bij omwonenden zorgen kunnen bestaan over de mogelijke gevolgen van windenergie op de kwaliteit van de leefomgeving. In deze paragraaf wordt daarom het onderwerp windenergie in relatie tot gezondheid nader belicht. Windturbines worden regelmatig in verband gebracht met gezondheidsproblemen. Hierbij dient te worden opgemerkt dat hinder kan worden ondervonden, terwijl er geen sprake is van gezondheidseffecten. (Ernstige) hinder zou kunnen leiden tot gevoelens van irritatie, boosheid en onbehagen en als gevolg daarvan tot gezondheidseffecten (zoals bijvoorbeeld hoge bloeddruk). Wanneer windturbines in of nabij bewoonde gebieden worden geplaatst, kunnen omwonenden hinder ondervinden van deze aspecten. De invloed van windturbines op omwonenden is globaal in drie aspecten te verdelen: Ÿ geluid en trillingen; Ÿ visuele aspecten (zichtbaarheid en slagschaduw); Ÿ veiligheid. Het aspect gezondheid maakt impliciet deel uit van eerdere paragrafen in dit hoofdstuk, aangezien de normen die zijn opgesteld voor geluid, slagschaduw en externe veiligheid het doel hebben mensen te beschermen tegen onaanvaardbare hinder.
Bij het vaststellen van die normen speelden gezondheidsaspecten een rol. Voor het aspect gezondheid op zich bestaat er geen wettelijk toetsingskader. 5.5.2
Onderzoek
In paragraaf 5.2, 5.3 en 5.4 is al ingegaan op (hinder)aspecten die mede van belang kunnen zijn voor het effect op de gezondheid en bijbehorende (lokale) normen. Dit betreft de aspecten geluid, slagschaduw en veiligheid. In paragraaf 5.2 is ook al specifiek in gegaan op laagfrequent geluid, wat regelmatig wordt aangehaald als gezondheids- en hinder aspect in relatie tot windturbines. In paragraaf 4.3 is in gegaan op de toetsing van landschappelijke effecten en de zichtbaarheid en beleving van de windturbines. Voor deze aspecten is aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening met de voor het windpark gekozen normering en onderbouwing.
Provincie Gelderland
71
heeft verwijderd: wettelijke heeft verwijderd: wordt
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Wetenschappelijke studies Er zijn talrijke studies naar gezondheidseffecten van windturbines uitgevoerd. Juist omdat het om gezondheid gaat, wordt alleen gebruik gemaakt van die studies waaraan in belangrijke mate door onafhankelijke medici of gezondheidsinstituten is meegewerkt. Deze paragraaf bevat een uiteenzetting van de belangrijkste studies, waarbij allereerst de studie van de World Health Organization (WHO) en de literatuurstudies van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) worden behandeld en vervolgens de belangrijkste individuele wetenschappelijke studies in chronologische volgorde. Daarnaast worden er frequent aangehaalde berichtgevingen in de maatschappelijke discussie rond windturbines en gezondheid geëvalueerd, te weten een onderzoek van N. Pierpont, van M. Alves-Pereira, een artikel van S. van Manen en een artikel van J. de Laat. Deze worden allen kort besproken in een kader.
heeft verwijderd: .
heeft verwijderd: .
WHO Environmental Noise Guidelines for the European Region (2018) De WHO heeft richtlijnen voor milieugeluid ontwikkeld op basis van wetenschappelijk onderzoek, waaronder windturbinegeluid.47 De WHO geeft in het rapport een voorwaardelijk advies om de blootstelling van geluidniveaus van windturbines te reduceren tot 45 dB Lden.48 Dit voorwaardelijke advies volgt uit de constatering dat er op basis van vier studies wordt gesteld dat 10 procent van de populatie sterk gehinderd is door blootstelling aan een geluidniveau van 45 dB Lden. Omdat het beschikbare bewijs voor de relatie tussen windturbinegeluid en hinder en gezondheid volgens de WHO van lage kwaliteit is, wordt het advies voor een normstelling van 45 dB Lden door de WHO als conditioneel beschouwd. Verder komt uit het rapport van de WHO naar voren dat er geen statistisch significante relatie gevonden tussen blootstelling aan windturbinegeluid en hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk, cognitieve stoornissen, gehoorproblemen, ongunstige zwangerschap uitkomsten en slaapstoornissen. De WHO vat het bewijs voor de relatie tussen windturbinegeluid en gezondheid als volgt samen: "as the foregoing overview has shown, very little evidence is available about the adverse health effects of continuous exposure to wind turbine noise." (p.
84).Tot slot geeft het rapport aan dat contextuele factoren (zoals de opvatting ten opzichte van windturbines, direct zicht, economisch profijt) een belangrijke rol spelen in de effecten en de ervaring van windturbinegeluid.
heeft verwijderd: World Health Organization ( heeft verwijderd: )
Het RIVM heeft aangegeven de richtlijnen te bestuderen. Onderzoek RIVM & GGD 201349, 201850 en 202051
heeft verwijderd: 48
Het informatieblad GGD 'Windturbines: invloed op de beleving en gezondheid van omwonenden' is in 2013 opgesteld door het RIVM voor de GGD. De GGD52 had behoefte aan concrete, objectieve en evenwichtige informatie om hun adviezen op te baseren. Het informatieblad diende als ondersteuning bij het beantwoorden van gezondheidsvragen van omwonenden van (geplande) windturbines.
heeft verwijderd: heeft
In 2017 heeft de GGD Amsterdam in samenwerking met het RIVM nog een literatuurstudie uitgevoerd naar de relatie tussen blootstelling aan windturbinegeluid en gezondheid. 32 (peer reviewed53) wetenschappelijke onderzoeken tussen 2009 en 2017 zijn onderzocht in de literatuurstudie. In 2020 heeft de GGD Amsterdam in samenwerking met het RIVM nog een update van het onderzoek uit 2017 gepubliceerd. Alle literatuurstudies concluderen dat een windturbine geen directe effecten heeft op de gezondheid van omwonenden. Wel kunnen er indirecte effecten optreden. Mensen die in de nabijheid bij windturbines wonen, kunnen hinder door geluid ondervinden. Slagschaduw, zichtbaarheid en knipperende lichten kunnen bijdragen aan de mate van hinder die wordt ondervonden. Het geluidniveau van windturbines is minder hoog dan van andere bronnen (verkeer en dergelijke), maar het karakter zorgt ervoor dat het windturbinegeluid bij lagere niveaus als hinderlijk wordt ervaren. Hinder kan zich uiten in irritatie, boosheid en onbehagen. Weinig data is beschikbaar om de invloed van windturbines op slaapoverlast te kunnen evalueren. In de onderzoeken is gevonden dat slaapoverlast en andere gezondheidseffecten van omwonenden van windparken gerelateerd kunnen zijn aan hinder, in plaats van directe blootstelling. Eveneens kunnen economische aspecten van invloed zijn op het ervaren van hinder van windturbines.
In een Zweeds onderzoek54 is geconcludeerd dat mensen met een economisch belang bij windturbines geen hinder ondervonden van het windturbinegeluid, ondanks dat zij hetzelfde geluidniveau ondervinden als andere respondenten en dezelfde termen gebruikten om het geluid te karakteriseren. Tevens kunnen persoonlijke omstandigheden zoals gevoeligheid, privacy zaken en het planningsproces van het windpark van invloed zijn op de ervaren hinderen.
72
Provincie Gelderland
Gewijzigde veldcode
heeft verwijderd: er heeft verwijderd: s heeft verwijderd: t heeft verwijderd: 2017
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Het informatieblad van 2013 adviseert om omwonenden zoveel mogelijk te betrekken bij de ontwikkeling van windenergie en waar mogelijk in de exploitatiefase, bijvoorbeeld in de vorm van (financiële) participatie. Hierdoor kan hinder mogelijk worden verminderd. Uit het onderzoek van 2020 blijkt dat er een duidelijke relatie is tussen geluid van windturbines en hinder: hoe sterker het geluid (in dB) van windturbines, des te groter de hinder ervan. Voor andere gezondheidseffecten zijn de resultaten van wetenschappelijk onderzoek niet eenduidig: deze effecten hangen niet duidelijk samen met het geluidniveau, maar soms wel met de ervaren hinder. Wind Turbine Health Impact Study: Report of Independent Expert Panel, Massachusetts (2012) Om meer overzicht te creëren in de wetenschappelijke literatuur over de gezondheidseffecten door windturbines, heeft een panel van zeven onafhankelijke deskundigen een studie van wetenschappelijke literatuur ondernomen om de zorgen en onzekerheden over gezondheidseffecten van windturbines te duiden. Het panel gebruikte onder andere peer reviewed literatuur van vier studies om de gedocumenteerde of potentiële gezondheidseffecten en -risico's van windturbines te identificeren. Kader 5.2 Onderzoek N. Pierpont (2019)55
Uit dit onderzoek komt naar voren dat een deel van de omwonenden het geluid door windturbines als hinderlijk ervaart. Ook het veranderde uitzicht en het waarnemen van de beweging van de rotorbladen wordt als hinderlijke factor benoemd. Onderzoek laat ook zien dat mensen die de windturbines vanuit hun woning kunnen zien, bij vergelijkbare geluidniveaus, eerder hinder rapporteren dan mensen die geen windturbines vanuit huis zien. Wanneer omwonenden economisch voordeel hebben van een windturbine rapporteren ze vrijwel geen hinder. De mate van ervaren hinder is een combinatie van de feitelijke geluidbelasting, zichtbaarheid van windturbine(s) vanuit de woning en of er sprake is van economisch gewin. Wanneer iemand hinder ondervindt, dan betekent dit nog niet dat er een effect is op de gezondheid van die persoon. In de studie worden de volgende conclusies ten aanzien van gezondheidseffecten getrokken: Ÿ Er is onvoldoende bewijs dat windturbinegeluid directe gezondheidsproblemen of ziektes veroorzaakt (dat wil zeggen, onafhankelijk van een effect op hinder of slaap); Ÿ Of ergernis over windturbines leidt tot slaapproblemen of stress is niet voldoende gekwantificeerd. Er is wel bewijs dat verstoring van de slaap een negatief effect kan hebben op stemming, cognitief functioneren en het algeheel gevoel van gezondheid en welzijn.
Dit is niet gebaseerd op bewijs dat zich op windturbines richt;
Provincie Gelderland
73
heeft verwijderd: A nationwide cohort study, Denmark (2018)¶ Tussen 1982 en 2013 zijn alle Deense huishoudens die worden blootgesteld aan windturbinegeluid geïdentificeerd. Deze huishoudens zijn onderzocht op het gebruik van antihypertensiva en ongunstige zwangerschapsuitkomsten. Structurele gebruikers van antihypertensiva binnen deze populatie zijn geïdentificeerd. Antihypertensiva is een soort medicijn dat wordt gebruikt voor de behandeling van hoge bloeddruk. In deze studie is er geen relatie gevonden tussen blootstelling aan windturbinegeluid en het gebruik van antihypertensiva. Verder zijn alle geboren baby's van moeders in deze populatie geïdentificeerd. In deze studie is geen relatie gevonden tussen blootstelling aan windturbinegeluid en ongunstige zwangerschap uitkomsten. ¶
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Ÿ
Er is geen bewijs voor gezondheidseffecten door blootstelling aan windturbines dat gekarakteriseerd kan worden als het 'windturbinesyndroom' (dit wordt verder uitgelegd in Kader 5.2). Kader 5.3 Onderzoek van M. Alves-Pereira56
heeft verwijderd: 2 heeft verwijderd: N. Pierpont
NHMRC Statement: Evidence on Wind Farms and Human Health (2015) Deze verklaring is op basis van een literatuurstudie opgesteld door de 'National Heath and Medical Research Council' (NHMRC) van de Australische nationale overheid. In deze verklaring wordt gesteld dat er geen direct bewijs is dat windturbines nadelige gezondheidseffecten kunnen veroorzaken. De volgende conclusies worden gemaakt: 1. Blootstelling aan geluid kan gezondheidseffecten veroorzaken, maar deze gezondheidseffecten kunnen alleen voorkomen bij geluidsniveaus die veel hoger liggen dan het geluidniveau dat wordt ervaren door omwonenden van windparken. 2. Alhoewel individuen windturbinegeluid op grotere afstand kunnen waarnemen, is het onwaarschijnlijk dat windturbinegeluid als hinderlijk wordt ervaren op afstanden groter dan 1.500 meter. 3. Er is geen direct bewijs voor een verband tussen laagfrequent geluid van windturbines en gezondheidseffecten. Exposure to wind turbine noise: Perceptual responses and reported health effects, Health Canada (2016) Uit de studie van Health Canada, de federale gezondheidsinstantie van Canada, blijkt dat geluid van windturbines geen directe negatieve effecten heeft op de gezondheid van omwonenden. Er zijn geen meetbare effecten op (chronische) ziekten, stress en slaap, zo luidt de conclusie.
Vanaf 2012 zijn 1.238 volwassenen, woonachtig op verschillende woonafstanden van windturbines gevolgd. Voor het onderzoek zijn deze mensen meerdere keren lichamelijk onderzocht op bloeddruk, hartritme, slaap en stresshormonen. Ook moesten zij enquêtes invullen bestaande uit vragen over sociaal-demografische situaties, geluid en hinder, gezondheidseffecten, levensstijl en bestaande chronische ziektes. Tevens is tijdens het onderzoek 4.000 uur aan windturbinegeluid opgenomen om te kijken of er bij een hoger geluidniveau ook meer klachten zijn. Er zijn geen directe verbanden gevonden tussen blootstelling aan windturbinegeluid en klachten als migraine, diabetes, hoge bloeddruk en slapeloosheid. "While some people reported some of the health conditions above, their existence was not found to change in relation to exposure to wind turbine noise," aldus Health Canada. Wel ervaren omwonenden meer hinder van de luchtvaartlichten op de gondels en slagschaduw wanneer het geluidniveau hoger is. A nationwide cohort study, Denmark (2018)57 Tussen 1982 en 2013 zijn alle Deense huishoudens die worden blootgesteld aan windturbinegeluid geïdentificeerd. Deze huishoudens zijn onderzocht op het gebruik van antihypertensiva en ongunstige zwangerschapsuitkomsten. Structurele gebruikers van antihypertensiva binnen deze populatie zijn geïdentificeerd.
Antihypertensiva is een soort medicijn dat wordt gebruikt voor de behandeling van hoge bloeddruk. In deze studie is er geen relatie gevonden tussen blootstelling aan windturbinegeluid en het gebruik van antihypertensiva. Verder zijn alle geboren baby's van moeders in deze populatie geïdentificeerd. In deze studie is geen relatie gevonden tussen blootstelling aan windturbinegeluid en ongunstige zwangerschap uitkomsten.
74
Provincie Gelderland
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Kader 5.4 Artikel S. van Manen, Medisch Contact (2018)58
heeft verwijderd: 3
RIVM Klimaatakkoord: effecten van nieuwe energiebronnen op gezondheid en veiligheid in Nederland (2021)59
heeft verwijderd: NHMRC Statement: Evidence on Wind Farms and Human Health (2015)¶ Deze verklaring is op basis
Het RIVM heeft in mei 2021 een onderzoek gepubliceerd waarin zij de effecten (luchtverontreiniging (buiten), binnenmilieu, (laagfrequent) geluid en overige effecten, zoals elektromagnetische straling en geurhinder) van nieuwe energiebronnen op de gezondheid en veiligheid in Nederland heeft geanalyseerd. Het onderzoek gaat dus niet alleen over windturbines. Uit de geschatte gezondheidseffecten en veiligheidsrisico's volgt dat de impact van de meeste maatregelen uit het klimaatakkoord beperkt zal zijn. Wanneer het RIVM de effecten op hoofdlijnen naast de 'winst' op de gezondheid en veiligheid legt die het afbouwen van het gebruik van fossiele brandstoffen heeft, dan is het beeld dat het netto effect positief zal zijn voor de gezondheid en veiligheid. Wel kunnen enkele energiebronnen negatieve effecten op gezondheid en veiligheid veroorzaken. Zo kunnen windturbines hinder veroorzaken bij omwonenden en veroorzaken houtkachels en installaties om biomassa te verbranden luchtverontreiniging. Eventuele gezondheidseffecten op omwonenden van windmolenparken worden in relatie gebracht met ervaren hinder. De mate van hinder kan worden beperkt door in planvorming rekening te houden met gezondheidsaspecten door de optimalisering van locaties waar windturbines worden geplaatst.
Daarnaast is bekend dat wanneer omwonenden bij de besluitvorming over locaties en landschappelijke inpassing worden betrokken en ze daarbij van goede, betrouwbare informatie worden voorzien, eventuele hinder zo goed mogelijk preventief wordt aangepakt. Ook het inrichten van een klachtensysteem, het beschikbaar stellen van een knop om windturbines stil te zetten en economische incentives (door omwonenden mee te laten delen in de opbrengst van windturbines) kunnen bijdragen aan een preventieve aanpak van hinder. Andere maatregelen om de geluidsbelasting door windturbines te beperken zijn technische innovaties, zoals vermindering van het toerental, het toepassen van een andere bladvorm en het aanbrengen van structuren op de rotorbladen die het geluid verminderen. Het RIVM geeft aan dat er voor sommige maatregelen onvoldoende informatie is om een goede inschatting van de gezondheidseffecten en veiligheidsrisico's te kunnen doen. Dit gaat vooral om de gezondheidseffecten door verbranding van biomassa en biobrandstoffen en de gevolgen van geluidhinder door windturbines.
Provincie Gelderland
75
heeft verwijderd: literatuurstudie opgesteld door heeft verwijderd: 'National Heath and Medical Research Council' (NHMRC) van de Australische nationale overheid. In deze verklaring wordt gesteld dat er geen direct bewijs is dat effecten (luchtverontreiniging heeft verwijderd: nadelige heeft verwijderd: De volgende conclusies worden gemaakt: Zo kunnen windturbines hinder veroorzaken heeft verwijderd: Blootstelling aan geluid kan gezondheidseffecten veroorzaken, maar dezeEventuele
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Kader 5.5 Artikel J. de Laat, Nederlands Tijdschrift voor Gezondheid (2021)60
The Health Effects of 72 hours of Simulated Wind Turbine Infrasound: A Double-Blind Randomized Crossover Study in Noise-Sensitive Healthy Adults (2023)61 In maart 2023 is in het internationale tijdschrift Environmental Health Perspectives een onderzoek naar de gezondheidseffecten van windturbinegeluid en dan specifiek infrageluid62 gepubliceerd. De aanleiding van dit onderzoek is de bezorgdheid van sommige omwonenden van windparken. Deze omwonenden melden hoofdpijn, duizeligheid en slaapstoornissen te ervaren die ze aan de turbines toeschrijven. De symptomen, die ook misselijkheid, tinnitus en prikkelbaarheid omvatten, worden gezamenlijk aangeduid als 'windturbinesyndroom', zie ook Kader 5.2. In het kader van het onderzoek is met behulp van een innovatief aangepast audiosysteem de mogelijke aanwezigheid van het syndroom in het laboratorium onderzocht. Het infrageluid dat door het audiosysteem is gegenereerd, komt overeen met het audiopatroon dat is opgenomen van werkende windturbines en wordt opnieuw afgespeeld op een conservatief hoog niveau dat overeenkomt met een windturbine op ongeveer 390 meter afstand, zonder toepassing van gevelwering. De onderzoekers betrokken 37 gezonde maar voor geluid gevoelige volwassenen (18-72 jaar oud; 51% vrouw) in het onderzoek. De volwassenen hebben drie verblijven van drie nachten doorgebracht in het geluiddichte slaaplaboratorium.
Deelnemers werden willekeurig blootgesteld aan gesimuleerd infrageluid van windturbines, geen geluid of verkeerslawaai. De deelnemers wisten niet of er wel of geen geluid werd afgespeeld, omdat infrageluid onhoorbaar is. Tijdens het onderzoek werden testen uitgevoerd om de slaapkwaliteit en -duur van de vrijwilligers, hersenactiviteit, symptomen, cardiovasculaire veranderingen en neurogedragsprestaties te controleren. Uit de onderzoeken blijkt dat bij geen van de mensen die werden blootgesteld aan infrageluid effecten optreden die kunnen worden omschreven als het windturbinesyndroom. Er was geen impact op slaap, hersenfunctie of cardiovasculaire of psychologische gezondheid. Daarom denken de onderzoekers dat het onwaarschijnlijk is dat infrageluid van windturbines een slechte gezondheid of slaapverstoring veroorzaakt. De bevindingen uit onderzoek bevestigen de theorie dat het windturbinesyndroom wordt veroorzaakt door nocebo-effecten, dat wil zeggen de overtuiging van een persoon dat de blootstelling hen schade zal berokkenen (populair gezegd: 'angst maakt ziek'). Het nocebo-effect is een negatief verwachtingseffect en de tegenhanger van het positieve verwachtingseffect dat bekend is als het placebo-effect. Economische aspecten Economische aspecten kunnen van invloed zijn op de ervaring van hinder door windturbines.
76
Provincie Gelderland
heeft verwijderd: kunnen alleen voorkomen bij geluidsniveaus die veel hoger liggen dan het geluidniveau dat wordt ervaren door gepu
inpassingsplan Windpark Horst en Telgt (concept ontwerp) Omwonenden met een economisch voordeel van de windturbines ervaren over het algemeen minder hinder63. Lichtschitteringen Wanneer de zon op de turbine schijnt, kan het zonlicht reflecteren op de rotorbladen in de richting van de beschouwer. Tegenwoordig worden windturbines uitgevoerd met een anti-reflecterende coating, zodat lichtschittering niet optreedt. RIVM (2013) bevestigt dit ook in haar informatieblad.64
heeft verwijderd: 57
Elektromagnetische velden
Gewijzigde veldcode
Elektrische, magnetische en elektromagnetische velden komen overal voor. Bekende natuurlijke vormen zijn Uv-straling (zon), infrarode straling (warme voorwerpen) en zichtbaar licht. Elektromagnetische velden zijn ook aanwezig bij bijvoorbeeld huishoudelijke elektrische apparaten, zoals de magnetron en de stofzuiger, en bij het transport van elektriciteit over lange afstanden (via hoogspannings-verbindingen). De sterkte van elektromagnetische velden neemt sterk af wanneer de afstand tot de bron groter wordt. Ook rondom de gondel en de kabels die de windturbine koppelen aan het hoogspanningsnet kunnen magnetische velden voorkomen. Het Landelijke Centrum Medische Milieukunde (LCM)65 adviseert situaties te voorkomen waarin kinderen langdurig worden blootgesteld aan een veldsterkte die (jaargemiddeld) hoger is dan 0,4 microtesla. Dit advies richt zich op alle bronnen van magnetische velden die samenhangen met de elektriciteitsvoorziening. Een windturbinegondel (boven op de mast) kan een hoge veldsterkte hebben, maar deze bevindt zich op een grote verticale afstand van plekken waar mensen langdurig verblijven (woningen, scholen, crèches en kinderopvangplaatsen). Recht boven kabels is de veldsterkte in de regel niet hoger dan 1 microtesla, maar deze kabels liggen nooit onder gebouwen waar mensen langdurig verblijven.