CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Geanonimiseerde nota van beantwoording inspraak- en overlegreacties voorontwerpbestemmingsplan Kerkweg Korteweg

Raad Besluitvorming 25 maart 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Kerkweg/Korteweg35.190 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken: de maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Ten aanzien van het bouwen in de stijl van de oude Kerkweg wordt gewezen op het feit dat in het bestemmingsplan geen keuzes worden gemaakt in het kader van materialisering, kleurstelling en nadere uitwerking van architectuur. Het bouwplan moet nog getoetst worden aan de redelijke eisen van welstand door de commissie ruimtelijke kwaliteit.

Deze onafhankelijke commissie zal beoordelen of het voorliggende bouwplan aan de redelijke eisen van welstand voldoet. Genoemde commissie draagt ook zorg voor een passende aansluiting van het bouwplan in de omgeving. Bovendien is de projectontwikkelaar voornemens in het nog lopende participatietraject met de omwonenden in gesprek te gaan over onder andere de materialisering, kleurstelling en nadere uitwerking op het gebied van architectuur, om te komen tot een gebouw dat mooi past in de omgeving. Bestemmingsplan splitsen? De mening van insprekers dat het een onjuiste keuze zou zijn om de projecten aan de Kerkweg en de Korteweg in één bestemmingsplan op te nemen, wordt niet gedeeld. Dat beide projecten een andere planning hanteren, neemt niet weg dat beide projecten op hun eigen merites zijn beoordeeld en de ontwikkeling aan de Korteweg in geen geval ‘nog even snel mee moest, zonder participatie’. Ten aanzien van de Kerkweg, waar het participatietraject vanuit de ontwikkelaar reeds is afgerond, geldt dat de gemeenteraad ook een verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven. Bovendien is voor het bouwplaan aan de Kerkweg/Adam Pijnackerstraat al een vergunning aangevraagd. Voor de locatie aan de Korteweg geldt dat participatie nog afgerond moet worden, dat er geen verklaring van geen bedenkingen is afgegeven en dat er nog geen vergunning is aangevraagd.

De methodiek is dan ook zeker niet misleidend. Integendeel, het is gangbaar om in het kader van efficiëntie de bestemmingsplanherzieningen zoveel mogelijk te bundelen. Het betreft in dit geval het omzetten van twee garagebedrijven naar woonbestemmingen, die niet ver van elkaar verwijderd zijn. Belangrijk hierbij is dat beide garagebedrijven in hetzelfde bestemmingsplan zijn opgenomen, te weten bestemmingsplan ‘Kern Pijnacker Zuid/Zuid-Oost’. Dat houdt in dat genoemd bestemmingsplan op twee locaties gewijzigd moet worden. Het zou juist bijzonder zijn als dit niet in één bestemmingsplanwijziging zou worden meegenomen.

38

15.

Mw. M. Schonewille-Lindenburg Wilhelminasingel 2 2641 JA Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door inspreker als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat heeft inspreker de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving wordt door inspreker als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Inspreker vraagt zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Inspreker vindt dit niet passend en geeft aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens inspreker aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Inspreker wijst in dit kader op extra schaduwwerking in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Inspreker geeft aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geeft inspreker te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te verwachten ontwikkelingen vraagt inspreker de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Inspreker geeft aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Inspreker is niet tegen verandering, maar zegt wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens inspreker geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Inspreker vindt dat opmerkelijk en heeft volgens haar een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben.

Waarom zijn er geen schetsen overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan? Hieruit zou meteen blijken dat een appartementencomplex niet passend is in deze historische omgeving.

39

Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van haar inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg.

De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren.

Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van inspreker dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen (zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het

40

ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan). Blik op de toekomst Inspreker blikt op de toekomst en geeft aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 1-3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geeft inspreker haar mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden.

Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen.

Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren.

41

Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien inspreker echter van mening is dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te harer laste behoort te blijven, dan kan zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

16.

Mw. L. van Rosmalen Kerkweg 60 2641 GE Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door inspreker als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat heeft inspreker de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving wordt door inspreker als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Inspreker vraagt zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Inspreker vindt dit niet passend en geeft aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens inspreker aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Inspreker wijst in dit kader op extra schaduwwerking in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Inspreker geeft aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geeft inspreker te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te 42

verwachten ontwikkelingen vraagt inspreker de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Inspreker geeft aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Inspreker is niet tegen verandering, maar zegt wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens inspreker geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Inspreker vindt dat opmerkelijk en heeft volgens haar een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben. Waarom zijn er geen schetsen overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan? Hieruit zou meteen blijken dat een appartementencomplex niet passend is in deze historische omgeving. Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van haar inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving.

Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt.

Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens 43

deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van inspreker dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen (zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan).

Blik op de toekomst Inspreker blikt op de toekomst en geeft aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 1-3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geeft inspreker haar mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat.

In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond.

44

Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen. Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren.

Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien inspreker echter van mening is dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te harer laste behoort te blijven, dan kan zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

17.

Mw. L.W.M. Willems Willem de Zwijgerlaan 13 2641 HP Pijnacker

Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Inspreker kan zich niet vinden in het huidige ontwerpplan voor de bouw van appartementen aan de Korteweg 1-3. Zij mist de aansluiting aan de sfeer van bebouwing in de wijk (eengezinswoningen). Tevens geeft inspreker aan goede en tijdige inspraak in procedures in deze, van de gezamenlijke huidige bewoners, belangrijk te vinden. Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van haar inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. 45

Inpassing in de omgeving In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt.

Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Ten aanzien van het missen van de aansluiting met de wijk wordt nog opgemerkt dat in het bestemmingsplan geen keuzes worden gemaakt in het kader van materialisering, kleurstelling en nadere uitwerking van architectuur. Het bouwplan moet nog getoetst worden aan de redelijke eisen van welstand door de commissie ruimtelijke kwaliteit. Deze onafhankelijke commissie zal beoordelen of het voorliggende bouwplan aan de redelijke eisen van welstand voldoet. Genoemde commissie draagt ook zorg voor een passende aansluiting van het bouwplan in de omgeving.

Bovendien is de projectontwikkelaar voornemens in het nog lopende participatietraject met de omwonenden in gesprek te gaan over onder andere de materialisering, kleurstelling en nadere uitwerking op het gebied van architectuur.

18.

Dhr. J. Spanbroek en mw. E. Spanbroek Kerkweg 34 2641 GE Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkelingen aan zowel Korteweg 1-3 als Kerkweg 42. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Zo wordt een aantal zorgen gedeeld, die samengevat als volgt luiden: 46

A) Visie Insprekers merken op dat er een gebrek aan visie lijkt op de ontwikkeling van het oude centrum van Pijnacker. Nu komen twee willekeurige ontwikkelaars met een plan, dat vervolgens door de gemeente klakkeloos wordt overgenomen en mogelijk wordt gemaakt in een bestemmingsplan, zo stellen insprekers. Door insprekers wordt verzocht een heldere visie op de ontwikkelingen te creëren en op basis daarvan het bestemmingsplan op te stellen. B) Participatie Insprekers geven aan dat voor de locatie Korteweg geen participatie heeft plaatsgevonden en voor de locatie aan de Kerkweg/Adam Pijnackerstraat slechts in geringe mate. Waar de gemeente zich voor wil laten staan op participatie met de omgeving lijkt vooralsnog een ernstige wassen neus, aldus insprekers. Daarom verzoeken zij om participatie naar de toekomst toe veel serieuzer te nemen en door de gemeente te laten uitvoeren (in plaats van door de ontwikkelaar) en/of dat strikt te laten begeleiden. C) Specifiek t.a.v. locatie Kerkweg/Adam Pijnackerstraat Insprekers stellen dat voor de ontwikkeling op deze locatie een stedenbouwkundig rapport dient te worden opgemaakt. Zij stellen dat zij na meerdere verzoeken dit rapport te verkrijgen, deze nooit hebben ontvangen. Om die reden wordt verzocht het rapport alsnog te overleggen. Aan de Adam Pijnackerstraat wordt een aanzienlijk blok woningen gerealiseerd, dicht aan de straat.

Ten opzichte van de huidige bebouwing wordt de bebouwing aanzienlijk hoger, en komt deze ver naar voren. Dat leidt tot een vernauwing van het straatbeeld, en een forse toename van de schaduw in de straat en de daar tegenover gelegen woningen. Om die reden wordt de gemeente verzocht het voorontwerpbestemmingsplan aan te passen ten aanzien van de rooilijn, maximale nokhoogte en plaats van de nokhoogte ten opzichte van de rooilijn. Daarmee worden het nauwe straatbeeld en de schaduwvorming teruggebracht tot meer aanvaardbare proporties. Tot slot maken insprekers zich zorgen om de parkeerdruk. Insprekers verzoeken de gemeente een heldere visie op parkeren in en rond het plangebied te ontwikkelen, waarbij de huidige formele en informele situatie dient te worden geaccommodeerd, alvorens het bestemmingsplan vast te stellen. Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject met de ontwikkelaars, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Visie In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag.

In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen op de locatie Kerkweg 42 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar dat voor de woningen aan de Kerkweg een maximale goot- en bouwhoogte van respectievelijk 4 en 8 meter hoog aangehouden dient te worden. Voor de Adam Pijnackerstraat geldt dat daar een goot- en bouwhoogte van respectievelijk 7 en 10 meter maximaal toelaatbaar werd geacht. Aan de Adam Pijnackerstraat hebben we namelijk te maken met een stedenbouwkundige geheel andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden 47

blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. De genoemde hoogtes zijn derhalve daar aanvaardbaar. Voorts zijn stedenbouwkundige randvoorwaarden meegegeven die hebben geleid tot de plannen die nu voorliggen. Dat insprekers van mening zijn dat door de gemeente klakkeloos een willekeurig plan van een ontwikkelaar wordt overgenomen en mogelijk wordt gemaakt in een bestemmingsplan wordt in het geheel niet gedeeld. Participatie Door insprekers wordt aangegeven dat participatie vanuit de ontwikkelaars nauwelijks tot stand is gekomen. Hierbij kan worden opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd.

De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Vanzelfsprekend zullen wij als gemeente uit deze ‘pilot participatie’ lessen trekken voor het werken onder de nieuwe omgevingswet, die naar verwachting per 1 januari 2022 in werking treedt. Kerkweg/Adam Pijnackerstraat Aan een bestemmingsplanwijziging ligt altijd een stedenbouwkundige onderbouwing ten grondslag. Enerzijds dient de toelichting van het bestemmingsplan als ruimtelijke onderbouwing van het plan. Daarbij kan paragraaf 2.2.1 beschouwd worden als het stedenbouwkundig advies. Anderzijds zijn er randvoorwaarden meegegeven waaraan het project moet voldoen. Tevens zijn er stedenbouwkundige keuzes meegegeven aan de projectontwikkelaar. Dit zal hieronder nader worden toegelicht.

De rooilijn in de Adam Pijnackerstraat is om stedenbouwkundige redenen bewust in één lijn gelegd met de bestaande zijgevel van de eindwoning op nr. 5. Deze nieuwe rooilijn ligt circa 0,60 meter voor de bestaande rooilijn van nr. 3 t/m 11. De achterliggende gedachte is om de Adam Pijnackerstraat over de volledige lengte overal ongeveer dezelfde breedte te geven. Hierdoor ontstaat een eenduidig profiel, wat de herkenbaarheid ten goede komt. Daarbij wordt opgemerkt dat bij nr. 9 en 11 de uitbouwen (entree en garage) tot aan het trottoir reiken. Deze uitbouwen hebben een diepte van circa 2,30 meter ten opzichte van de voorgevellijn. Het voorstel om het gehele blok circa 0,60 meter naar achteren te schuiven doet geen afbreuk aan de stedenbouwkundige opzet van het plan en de straat. Het gewenste effect (meer licht en ruimte) is echter marginaal. Doordat de woningen hoger zijn en dichter op de rijweg staan dan de bestaande bebouwing spreekt het voor zich dat er meer schaduwwerking zal zijn in de Adam Pijnackerstraat. Uit de bezonningsdiagrammen (zie bijlage 2) blijkt dat deze toename geen onaanvaardbare nadelige gevolgen heeft voor de tegenoverliggende woningen. Alleen in december is er sprake van 48

geringe (extra) schaduw ten opzichte van de bestaande situatie. De berekeningen zijn overigens gebaseerd op een maximale nokhoogte van 9,5 meter. In de uiteindelijke situatie zal derhalve minder schaduwvorming ontstaan. Indien insprekers echter van mening zijn dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te hunner laste behoort te blijven, dan kunnen zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Door insprekers wordt de wens te kennen gegeven dat het ontwerpplan van de ontwikkelaar van 9,5 meter nokhoogte teruggebracht wordt naar 9 meter nokhoogte. In goed overleg met de ontwikkelaar is door de ontwikkelaar de keuze gemaakt om hieraan tegemoet te komen. Derhalve zal de maximale bouwhoogte, zoals deze in het ontwerpbestemmingsplan wordt opgenomen, 9 meter bedragen. Opnieuw een handreiking vanuit deze ontwikkelaar om richting de omwonenden tegemoet te komen. Dit wordt zeker door de gemeente gewaardeerd. Parkeren Insprekers maken zich zorgen om de parkeerdruk. De hoge parkeerdruk in het oudere deel van de dorpskern van Pijnacker wordt niet ontkend. Deze is het gevolg van het toegenomen autobezit tijdens de afgelopen decennia.

Het ontbreekt aan fysieke ruimte de hoeveelheid parkeergelegenheid die beschikbaar is en de behoefte voor alle bestaande woningen met elkaar in evenwicht te brengen. Ten behoeve van het bouwplan dient echter wel voorzien te worden in voldoende parkeerplaatsen voor de toekomstige bewoners. Door te eisen dat die parkeerbehoefte op eigen terrein wordt gerealiseerd, wordt ervoor gezorgd dat de parkeerdruk in de omgeving niet verder toeneemt. Aangezien ruimschoots aan de norm wordt voldaan, neemt de parkeerdruk naar verwachting zelfs enigszins af.

19.

Dhr. Ir. C. Lindenburg Wilhelminasingel 2 2641 JA Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Allereerst geeft inspreker aan het riskant te vinden de plannen Kerkweg en Korteweg in één bestemmingsplan op te nemen. Inspreker vraagt zich dan ook af waarom beide ontwikkelingen in één bestemmingsplan zijn opgenomen. Voorts wordt door inspreker ingebracht dat de bouwhoogte van 10 meter een storende aanblik zal geven voor de aangrenzende percelen. Ten aanzien van de parkeergelegenheid aan de achterzijde wordt door inspreker voorgesteld een parkeergelegenheid te realiseren onder het complex. Daarmee is meteen ook het parkeren van Lidlbezoekers op het perceel Korteweg 1-3 afgelopen. Voor de percelen aan de Kerkweg 58, 60, en 62 betekent de voorgestelde aanwezigheid van een wooncomplex met 3 woonlagen een sterke impact op de privacy, zo stelt inspreker. Inspreker heeft moeite met de huidige vorm van het voorgestelde woningcomplex en stelt voor woonhuizen te bouwen (zie ook Kerkweg) in plaats van een appartementengebouw. Daarmee wordt 49

beter aangesloten op het karakter van de omgeving en is de privacy voor de aangrenzende percelen gewaarborgd. Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van zijn inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Bestemmingsplan splitsen? De mening van inspreker dat het een onjuiste keuze zou zijn om de projecten aan de Kerkweg en de Korteweg in één bestemmingsplan op te nemen, wordt niet gedeeld. Dat beide projecten een andere planning hanteren, neemt niet weg dat beide projecten op hun eigen merites zijn beoordeeld en de ontwikkeling aan de Korteweg in geen geval ‘nog even snel mee moest, zonder participatie’. Het is gangbaar de bestemmingsplanherzieningen zoveel mogelijk te bundelen. Het betreft in dit geval het omzetten van twee garagebedrijven naar woonbestemmingen, die niet ver van elkaar verwijderd zijn. Belangrijk hierbij is dat beide garagebedrijven in hetzelfde bestemmingsplan zijn opgenomen, te weten bestemmingsplan ‘Kern Pijnacker Zuid/Zuid-Oost’. Dat houdt in dat genoemd bestemmingsplan op twee locaties gewijzigd moet worden. Het zou juist bijzonder zijn als dit niet in één bestemmingsplanwijziging zou worden meegenomen.

Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt.

Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het

50

wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van inspreker dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Ook de participatie is bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt.

Indien inspreker echter van mening is dat hij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijdt die redelijkerwijs niet te zijner laste behoort te blijven, dan kan hij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Parkeren Door de gemeente is ten aanzien van parkeren altijd aangegeven dat het de voorkeur geniet om parkeren niet aan de voorzijde van het gebouw maar aan de achterzijde te realiseren. In het plan dat nu voorligt, is voorzien in parkeren aan de achterzijde. Parkeren onder het pand is niet haalbaar. In eerste instantie was het de bedoeling om 13 à 14 appartementen te realiseren en de benodigde parkeerplaatsen in overleg met de Lidl op te vangen (deelparkeren). Laatstgenoemde zag daar niets in, waardoor de projectontwikkelaar parkeren op eigen terrein moet realiseren. Om te kunnen voldoen aan de parkeernorm die vanuit de gemeente is neergelegd in de nota parkeernormen (die geldt als voorwaarde voor het kunnen realiseren van het project), heeft de ontwikkelaar besloten het aantal appartementen terug te brengen naar 10. Daarmee worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd op eigen terrein en zal er geen extra parkeerdruk ontstaan. Tevens worden onveilige situaties aan de voorzijde voorkomen.

20.

Dhr. D. Smit en mw. H. Smit- Lindenburg Pijlpunt 22 2496 SN Den Haag

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Zo wordt een aantal zorgen gedeeld, die samengevat als volgt luiden: -Het ontwerp verwijst op geen enkele manier naar het karakter van het Oude Dorp; -De parkeerplaats is te klein voor 20 auto’s uitgaande van 1,5 auto per huishouden; 51

-Waarom zouden hier sociale woningen gerealiseerd moeten worden? Nieuwe wijken als De Scheg lenen zich daar toch veel meer voor? Het plan is volgens insprekers een devaluatie voor de omgeving. Hier zouden herenhuizen veel beter passen en daar is draagvlak voor. Mocht dit niet tot de mogelijkheden behoren, dan pleiten insprekers onder meer voor: -Een appartementsgebouw van maximaal twee woonlagen; -Een ondergrondse parkeergarage met bergingen en mogelijkheden voor het stallen van fietsen en scooters; -Geen ramen aan de Kerkweg-zijde; -Het karakter van de nieuwbouw moet overeenkomen met de bouwstijl van de Kerkweg; -Het loskoppelen van de plannen Kerkweg en Korteweg. Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde.

Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers).

Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren.

52

Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Ook de participatie is bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien insprekers echter van mening zijn dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te hunner laste behoort te blijven, dan kunnen zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade).

Parkeren Door de gemeente is ten aanzien van parkeren altijd aangegeven dat het de voorkeur geniet om parkeren niet aan de voorzijde van het gebouw maar aan de achterzijde te realiseren. In het plan dat nu voorligt, is voorzien in parkeren aan de achterzijde. Parkeren onder het pand is niet haalbaar. In eerste instantie was het de bedoeling om 13 à 14 appartementen te realiseren en de benodigde parkeerplaatsen in overleg met de Lidl op te vangen (deelparkeren). Laatstgenoemde zag daar niets in, waardoor de projectontwikkelaar parkeren op eigen terrein moet realiseren. Om te kunnen voldoen aan de parkeernorm die vanuit de gemeente is neergelegd in de nota parkeernormen (die geldt als voorwaarde voor het kunnen realiseren van het project), heeft de ontwikkelaar besloten het aantal appartementen terug te brengen naar 10. Daarmee worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd op eigen terrein en zal er geen extra parkeerdruk ontstaan. Tevens worden onveilige situaties aan de voorzijde voorkomen. Sociale woningen In het gemeentelijk beleid is opgenomen dat wanneer een project wordt ontwikkeld met meer dan 9 woningen, er minimaal 30% sociaal van moet zijn. Het project aan de Korteweg ontwikkelt 10 woningen, waarvan dan 30% sociaal moet zijn. Er is geen grond om nu af te wijken van dit beleid.

Bestemmingsplan splitsen? De mening van insprekers dat het een onjuiste keuze zou zijn om de projecten aan de Kerkweg en de Korteweg in één bestemmingsplan op te nemen, wordt niet gedeeld. Dat beide projecten een andere planning hanteren, neemt niet weg dat beide projecten op hun eigen merites zijn beoordeeld en de ontwikkeling aan de Korteweg in geen geval ‘nog even snel mee moest, zonder participatie’. Het is gangbaar de bestemmingsplanherzieningen zoveel mogelijk te bundelen. Het betreft in dit geval het omzetten van twee garagebedrijven naar woonbestemmingen, die niet ver van elkaar verwijderd zijn. Belangrijk hierbij is dat beide garagebedrijven in hetzelfde bestemmingsplan zijn opgenomen, te weten bestemmingsplan ‘Kern Pijnacker Zuid/Zuid-Oost’. Dat houdt in dat genoemd bestemmingsplan op twee locaties gewijzigd moet worden. Het zou juist bijzonder zijn als dit niet in één bestemmingsplanwijziging zou worden meegenomen.

53

21.

Dhr. D. Snijders en dhr. J. van de Ende Adam Pijnackerstraat 6 2641 GS Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Kerkweg 42. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Hetgeen in het voorontwerpbestemmingsplan genoemd wordt, komt volgens insprekers op diverse punten niet overeen met de bij insprekers bekende ontwerptekening, die zij ontvangen hebben van de ontwikkelaar. Insprekers merken op dat het er sterk op lijkt dat de gemeente hier een bestemmingsplan voorstelt dat klakkeloos is aangepast op het plan van de ontwikkelaar. De gemeente heeft zelf niet eerst een visie ontwikkeld, zo stellen insprekers. Bij die visie had tenminste aansluiting moeten worden gezocht bij het bestaande bestemmingsplan voor de naastgelegen woningen aan de Adam Pijnackerstraat. Insprekers geven aan dat de ontwikkeling aan de Kerkweg ten koste gaat van de woonkwaliteit, omdat er aanzienlijke extra schaduwvorming optreed en een nauwer straatbeeld ontstaat. Met name de extra schaduwvorming voor de aan de Adam Pijnackerstraat gelegen woningen aan de overzijde van de ontwikkeling baart insprekers grote zorgen. Insprekers stellen dat voor de ontwikkeling op deze locatie een stedenbouwkundige visie dient te worden opgemaakt.

Zij stellen dat zij na meerdere verzoeken dit rapport te verkrijgen, deze nooit hebben ontvangen en gaan er dan ook van uit dat die er niet is. Wanneer aansluiting gezocht gaat worden met de naastgelegen woningen, zien insprekers graag de volgende aanpassingen: - de woningen gaan circa 1 meter achteruit ten opzichte van het huidige ontwerp; - de maximale nokhoogte wordt 9 meter, in plaats van 9,5m in het huidige ontwerp van de ontwikkelaar; - de maximale hoogte mag pas worden bereikt op 3 meter achter de rooilijn. Met die aanpassingen zou de schaduwvorming er nog steeds zijn, maar op een aanzienlijk minder aantal dagen per jaar. Bovendien wordt, door het aanhouden van de bestaande rooilijn van de woningen op nr. 3, 5 en 7, het straatbeeld minder nauw. Ten aanzien van bodemverontreiniging verzoeken insprekers dat een verkennend bodemonderzoek buiten de kavelgrens gaat plaatsvinden, zodat er geen vervuiling achterblijft in de omgeving. Insprekers geven tot slot aan zich zorgen te maken over het verdwijnen van informele parkeerplaatsen voor het pand van het garagebedrijf. Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject met de ontwikkelaar, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. 54

We zijn insprekers evenzeer erkentelijk voor de opmerking dat het voorontwerpbestemmingsplan niet geheel overeenkomt met de bij insprekers bekende ontwerptekening. Beide zijn tegen het licht gehouden en het is correct dat de maximale bouwhoogte in het voorontwerpbestemmingsplan voor het blok aan de Adam Pijnackerstraat niet correspondeert met de bouwhoogte die in de ontwerptekening van de ontwikkelaar is opgenomen. Derhalve is in goed overleg met de ontwikkelaar gesproken en is door de ontwikkelaar de keuze gemaakt om aan de wens van omwonenden tegemoet te komen door de maximale bouwhoogte van het plan te verlagen naar 9 meter. De maximale bouwhoogte zal daarom, zoals deze in het ontwerpbestemmingsplan wordt opgenomen, 9 meter bedragen. Opnieuw een handreiking vanuit deze ontwikkelaar om richting de omwonenden tegemoet te komen. Dit wordt zeker door de gemeente gewaardeerd. Visie In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen op de locatie Kerkweg 42 tot de mogelijkheden behoorde.

Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar dat voor de woningen aan de Kerkweg een maximale goot- en bouwhoogte van respectievelijk 4 en 8 meter hoog aangehouden dient te worden. Voor de Adam Pijnackerstraat geldt dat daar een goot- en bouwhoogte van respectievelijk 7 en 10 meter maximaal toelaatbaar werd geacht. Aan de Adam Pijnackerstraat hebben we namelijk te maken met een stedenbouwkundige geheel andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. De genoemde hoogtes zijn derhalve daar aanvaardbaar. Voorts zijn stedenbouwkundige randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Dat insprekers van mening zijn dat door de gemeente klakkeloos een willekeurig plan van een ontwikkelaar wordt overgenomen en mogelijk wordt gemaakt in een bestemmingsplan wordt in het geheel niet gedeeld. Kerkweg/Adam Pijnackerstraat Aan een bestemmingsplanwijziging ligt altijd een stedenbouwkundige onderbouwing ten grondslag. Zo ook voor deze wijziging. Enerzijds dient de toelichting van het bestemmingsplan als ruimtelijke onderbouwing van het plan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9776796/1