CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Geanonimiseerde nota van beantwoording inspraak- en overlegreacties voorontwerpbestemmingsplan Kerkweg Korteweg

Raad Besluitvorming 25 maart 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Kerkweg/Korteweg35.190 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een 19

maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl.

Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van inspreker dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Blik op de toekomst Inspreker blikt op de toekomst en geeft aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 1-3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen.

Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt.

20

8.

J. van den Berg en A. van Haaster Kerkweg 62 2641GE Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat hebben insprekers de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving worden door insprekers als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Insprekers vragen zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Insprekers vinden dit niet passend en geeft aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens insprekers aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Insprekers wijzen in dit kader op extra schaduwvorming in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geven insprekers te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te verwachten ontwikkelingen vragen insprekers de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Insprekers geven aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Insprekers zijn niet tegen verandering, maar zeggen wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens insprekers geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Insprekers vinden dat opmerkelijk en dat heeft volgens hen een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben.

Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. 21

Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt.

Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw.

Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen(zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan). Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 122

3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geven insprekers hun mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag.

In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen. Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan.

Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren. Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy.

In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande 23

gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien insprekers echter van mening zijn dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te hunner laste behoort te blijven, dan kunnen zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

9.

Van der Stoep Korteweg 5, 2641 GZ Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door inspreker als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat heeft inspreker de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Plan voor de hele omgeving Inspreker spreekt zijn verbazing uit voor het feit dat er een bestemmingsplan voorligt voor alleen de locatie Korteweg 1-3. Als eigenaar van een aangrenzend perceel had inspreker verwacht dat de gemeente de hele hoek zou ontwikkelen (dus Kortweg 1, 3 en 5 en de achtergelegen terreinen van Europalaan 19-25). Inspreker had verwacht dat de gemeente zou onderzoeken of er eigenaren rondom de Korteweg 1-3 zijn die hun gronden zouden willen afstaan voor een ontwikkeling naar wonen, zodat in één keer de hele (bedrijfs)omgeving naar wonen zou kunnen worden omgezet. 2.

Bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ Inspreker vindt het een onjuiste keuze dat de projecten aan de Kerkweg en aan de Korteweg in één bestemmingsplan zijn opgenomen, omdat: - Kerkweg al min of meer rond was inclusief de participatie van de omgeving en de Korteweg moest nog even snel mee zonder participatie; - Het nu een hamerstuk lijkt te zijn geworden en voor de Kerkweg is dat begrijpelijk, maar voor de Korteweg niet en - Er genoeg grote kavels of bouwlocaties in de gemeente zijn waar genoeg starters en seniorenappartementen gebouwd zouden kunnen worden en door de grotere oppervlakten makkelijker te ontwikkelen zijn. 3. Bouwhoogte, bouwvlak en parkeren Ten aanzien van de bouwhoogte wordt door inspreker aangegeven dat er geen gebouw in de directe omgeving staat dat hoger dan 7 of 8 meter is. Inspreker voegt daaraan toe dat een gebouw, dat met de bovenste verdieping boven alle andere gebouwen in de omgeving uitsteekt, een lelijke puist is. Inspreker vindt het onwenselijk dat er drie bouwlagen naast zijn perceel verrijzen, wat een inbreuk op de privacy oplevert en daarmee het werkgenot aantast. 24

Het bouwvlak wijkt af van de heel andere opstelling van de gemeente in het verleden, zo stelt inspreker. In dit nieuwe bestemmingsplan is er de mogelijkheid om het bouwvlak bijna volledig tot aan het trottoir te benutten. Tussen de bouwlijn van het pand Kerkweg 58 (zijkant) en Korteweg 5 komt een gebouw te staan dat 2 tot 3 meter uitsteekt. Dat lijkt inspreker esthetisch niet verantwoord. Inspreker spreekt de hoop uit dat de gemeente niet zal meewerken aan het realiseren van extra parkeergelegenheid op gemeentegrond/openbaar gebied. Dit vanwege het feit dat door de komst van de Lidl parkeren een heel vervelend verhaal is geworden in de Korteweg. Veel Lidlbezoekers parkeren op parkeerplaatsen die bestemd zijn voor de klanten van inspreker of de parkeerplaatsen die niet in gebruik zijn bij het pand Korteweg 1-3. Als de gemeente extra parkeerplaatsen zou gaan ontwikkelen langs de weg zullen die veelal niet beschikbaar zijn voor bewoners maar ook weer in gebruik genomen worden door Lidl-bezoekers. Wat inspreker betreft zijn ruim voldoende parkeerplekken op het eigen terrein dan ook een harde voorwaarde voor herontwikkeling aan de Korteweg. Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van deze inspraakreactie.

Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Plan voor de hele omgeving Insprekers blikt op de toekomst en geeft aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 1-3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Ook hier is een dergelijk verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar een woonbestemming ingediend en beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt.

Bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ De mening van inspreker dat het een onjuiste keuze zou zijn om de projecten aan de Kerkweg en de Korteweg in één bestemmingsplan op te nemen wordt niet gedeeld. Dat beide projecten een andere planning hanteren, neemt niet weg dat beide projecten op hun eigen merites zijn beoordeeld en de ontwikkeling aan de Korteweg in geen geval ‘nog even snel mee moest, zonder participatie’. In dat kader wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens 25

gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Bouwhoogte, bouwvlak en parkeren In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving.

De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven.

Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Overigens is participatie bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. Indien inspreker echter van mening is dat hij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijdt die redelijkerwijs niet te zijner laste behoort te blijven, dan kan hij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). 26

De situering van het bouwvlak en de parkeerssituatie, waar inspreker op in gaat, hebben een nauw verband. Door de gemeente is ten aanzien van parkeren altijd aangegeven dat het de voorkeur geniet om parkeren niet aan de voorzijde van het gebouw maar aan de achterzijde te realiseren. In het plan dat nu voorligt, is voorzien in parkeren aan de achterzijde. In eerste instantie was het de bedoeling om 13 à 14 appartementen te realiseren en de benodigde parkeerplaatsen in overleg met de Lidl op te vangen (deel-parkeren). Laatstgenoemde zag daar niets in, waardoor de projectontwikkelaar parkeren op eigen terrein moet realiseren. Om te kunnen voldoen aan de parkeernorm die vanuit de gemeente is neergelegd in de nota parkeernormen (die geldt als voorwaarde voor het kunnen realiseren van het project), heeft de ontwikkelaar besloten het aantal appartementen terug te brengen naar 10. Daarmee worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd op eigen terrein en zal er geen extra parkeerdruk ontstaan. Tevens worden onveilige situaties aan de voorzijde voorkomen. Daarom is het bouwvlak naar voren gehaald.

10.

Dhr. T.J.W. van Eijk Kerkweg 57A 2641GB Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door inspreker als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Inspreker ziet hier liever enkele woonhuizen in plaats van een groot en hoog appartementencomplex. Zo’n gebouw is niet passend in dit deel van het ‘oude dorp’. Ook met een blik op de toekomst is het volgens inspreker te verwachten dat er meer woningbouw plaats gaat vinden op de omliggende percelen. Daarom wordt voorgesteld het bestemmingsplan te wijzigen naar een woonbestemming voor bijvoorbeeld maximaal vier woningen (vergelijkbaar met de Kerkweg). Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van zijn inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag.

In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als 27

passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven.

Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van inspreker dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Blik op de toekomst Inspreker blikt op de toekomst en geeft aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 1-3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen.

Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt.

11.

Dhr. H. Pluijm Kerkweg 64 2641GE Pijnacker

Reactie: Inspreker heeft een korte reactie op de rapportage van Tritium Advies inzake de Quickscan bedrijven, kenmerk 2002/168/RV-01, versie 2 die als bijlage bij de toelichting is opgenomen. Inspreker constateert op pagina 5 en 6 foutieve/ verouderde plankaarten van de locatie Europalaan 19-25. Het deel richting de Kerkweg is gewijzigd naar ‘Wonen’ (vastgesteld 26-03-2015 in Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2014). 28

Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van zijn inspraakreactie. In het Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2014 is inderdaad een deel van de voormalige bedrijfsbestemming gewijzigd in de bestemming ‘Wonen’:

De kaartlaag die in de rapportage van Tritium is gebruikt betreft het bestemmingsplan Kern Pijnacker Zuid/Zuid-Oost uit 2012. In die zin heeft inspreker gelijk dat voor dat gedeelte, waar de bestemming naderhand middels een verzamelplan is gewijzigd in de bestemming ‘Wonen’, in bestemmingsplan Kern Pijnacker Zuid/Zuid-Oost verouderde informatie betreft. Desondanks heeft het Tritium het meest actuele bestemmingsplan voor de locatie Korteweg 1-3 aangehouden. In dat bestemmingsplan uit 2012 was de bestemming uiteraard nog ‘Bedrijf’:

Het bestemmingsplan dat later is vastgesteld doet het oudere bestemmingsplan altijd teniet, waardoor voor de betreffende locatie het Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2014 voor die locatie het bestemmingsplan ‘Kern Pijnacker Zuid/Zuid-Oost’ vervangt. Tritium heeft voor de rapportage de kaartlaag uit 2012 gehanteerd.

29

12.

Mw. L. van Rosmalen - Lindenburg Kerkweg 60 2641GE Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door inspreker als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat heeft inspreker de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving wordt door inspreker als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Inspreker vraagt zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Inspreker vindt dit niet passend en geeft aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens inspreker aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Inspreker wijst in dit kader op extra schaduwwerking in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Inspreker geeft aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geeft inspreker te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te verwachten ontwikkelingen vraagt inspreker de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Inspreker geeft aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Inspreker is niet tegen verandering, maar zegt wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens inspreker geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Inspreker vindt dat opmerkelijk en heeft volgens haar een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben.

Waarom zijn er geen schetsen overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan? Hieruit zou meteen blijken dat een appartementencomplex niet passend is in deze historische omgeving.

30

Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van haar inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg.

De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren.

Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van inspreker dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen (zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het

31

ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan). Blik op de toekomst Inspreker blikt op de toekomst en geeft aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 1-3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geeft inspreker haar mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden.

Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen.

Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren.

32

Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien inspreker echter van mening is dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te harer laste behoort te blijven, dan kan zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

13.

Mw. B. van Rosmalen Kerkweg 60 2641GE Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door inspreker als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat heeft inspreker de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving wordt door inspreker als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Inspreker vraagt zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Inspreker vindt dit niet passend en geeft aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens inspreker aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Inspreker wijst in dit kader op extra schaduwwerking in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Inspreker geeft aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geeft inspreker te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te 33

verwachten ontwikkelingen vraagt inspreker de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Inspreker geeft aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Inspreker is niet tegen verandering, maar zegt wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens inspreker geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Inspreker vindt dat opmerkelijk en heeft volgens haar een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben. Waarom zijn er geen schetsen overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan? Hieruit zou meteen blijken dat een appartementencomplex niet passend is in deze historische omgeving. Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van haar inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving.

Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt.

Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens 34

deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van inspreker dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen (zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan).

Blik op de toekomst Inspreker blikt op de toekomst en geeft aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 1-3 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geeft inspreker haar mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat.

In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond.

35

Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen. Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren.

Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien inspreker echter van mening is dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te harer laste behoort te blijven, dan kan zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

14.

Dhr. H.B. Keulen Kerkweg 58 2641 GE Pijnacker Namens de buurt

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Middels handtekeningen is kenbaar gemaakt dat insprekers het voorstel dat nu voorligt niet passend vinden. Tevens heeft geen enkele vorm van ‘participatie’ plaatsgevonden, zo stellen insprekers. De methodiek waarop de Korteweg ter stemming wordt gebracht vinden insprekers misleidend. Het ‘hamerstuk’ is samengevoegd met de Kerkweg/Adam Pijnackerstraat. Dit is een geheel andere ontwikkeling en bevindt zich in een ander stadium. Nu lijkt het dat zou kunnen worden besloten dat 36

de ontwikkeling aan de Kerkweg/Adam Pijnackerstraat door mag gaan en dat de Korteweg met dezelfde motivatie ook goedgekeurd kan worden! Dat vinden insprekers onacceptabel en zij zouden liever zien dat beide ontwikkelingen los van elkaar worden afgehamerd. De uitslag is gebaseerd op 120 deelnemers verdeeld over 64 adressen. Van de ja/nee stemmers stemde 98% tegen. Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Door insprekers wordt zelf al aangegeven dat de participatie vanuit de ontwikkelaar nog niet is afgerond. Het is van belang dat het participatietraject wordt voortgezet en zorgvuldig wordt afgewikkeld. De ontwikkelaar van de locatie Korteweg 1-3 heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan.

Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg inderdaad, ook naar het oordeel van het college, nog niet volledig afgerond. Het college heeft dan ook de verwachting dat op het moment dat het participatietraject afgerond is en daarin de gesprekken tussen de ontwikkelaar en de omwonenden hebben plaatsgevonden een aantal bezwaarpunten kunnen worden weggenomen en de uitkomst van de ja/nee stemmers een hele andere zal zijn. Een keuze voor ja of nee geeft overigens niet altijd een juiste weergave van de zaken. Een volmondig ja tegen een bepaald project zal niet zomaar uitgesproken worden, omdat er altijd wel iets is wat men liever anders had gewild. Een nee is veel makkelijker uit te spreken. Desondanks is het van belang in dit stadium aan te geven wat het standpunt van de gemeente is over het bouwplan. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde.

Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar 37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9776796/1