CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Geanonimiseerde nota van beantwoording inspraak- en overlegreacties voorontwerpbestemmingsplan Kerkweg Korteweg

Raad Besluitvorming 25 maart 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Kerkweg/Korteweg35.190 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Nota van beantwoording inspraaken overlegreacties voorontwerpbestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’

Afdeling Ruimte, Belastingen en Gegevensbeheer Team Ruimte

INLEIDING Inhoud van het plan Aan de Kerkweg en aan de Korteweg in Pijnacker komen woningen op de plaats van de garagebedrijven Hoeke en Wiegel. In onze gemeente is veel behoefte aan woningen. En vooral aan starterswoningen, woningen voor ouderen en sociale huurwoningen. Daarom wil de gemeente in dit bestemmingsplan toestaan dat er nieuwe woningen komen aan de Korteweg en de Kerkweg, die passen bij de vraag vanuit de samenleving. Daartoe is in het voorontwerpbestemmingsplan opgenomen dat op de locatie aan de Kerkweg/Adam Pijnackerstraat twee blokjes van vier ééngezinswoningen gerealiseerd kunnen worden en op de locatie aan de Korteweg een kleinschalig appartementengebouw voor maximaal 14 appartementen. Procedure Het voorontwerpbestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ heeft met ingang van 19 november 2020 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn konden inspraakreacties worden ingediend en heeft het overleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (hierna te noemen Bro) plaatsgevonden. Het voorontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen op de gemeentelijke internetsite (www.pijnacker-nootdorp.nl) en www.ruimtelijkeplannen.nl. Binnen voornoemde termijn is eenieder in de gelegenheid gesteld op het voorontwerpbestemmingsplan te reageren. Dat kon schriftelijk, mondeling en digitaal via de website van de gemeente.

Op het voorontwerp zijn 24 inspraakreacties en 7 overlegreacties ontvangen. Het (voorlopige) standpunt van het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot de ingediende reacties is verwoord in voorliggende Nota van beantwoording inspraak- en overlegreacties. De Nota van beantwoording wordt ter kennisname gebracht aan de gemeenteraad en onder de aandacht gebracht van de indieners van de reacties. Tegen de Nota van beantwoording kunnen geen bezwaren worden ingediend. Het college van burgemeester en wethouders zal na de beantwoording van de ingekomen overlegreacties een ontwerpbestemmingsplan ter inzage leggen. In dat ontwerp zal het gemeentelijke standpunt naar aanleiding van de reacties zijn verwerkt, alsmede een aantal ambtshalve aanpassingen. Op het ontwerpbestemmingsplan kunnen zienswijzen (bezwaren) worden ingebracht. Vervolgens zal de gemeenteraad het bestemmingsplan vaststellen en daarbij de ingediende zienswijzen meewegen en beantwoorden. Tegen dit vastgestelde bestemmingsplan kan, kort gezegd, door hen die bezwaar hebben gemaakt, beroep ingesteld worden bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze hoogste bestuursrechter zal de bezwaren in beroep wegen en er een oordeel over geven. Leeswijzer In de volgende twee hoofdstukken worden de ingediende inspraak- en overlegreacties behandeld.

Aan het eind van deze notitie wordt in een staat van wijzigingen beschreven wat de belangrijkste ambtshalve en overige wijzigingen zijn die in het ontwerpbestemmingsplan ten opzichte van het voorontwerpbestemmingsplan aangebracht zullen worden. Wellicht ten overvloede wordt opgemerkt dat de voorliggende nota een voorlopig standpunt inhoudt en dat het aan de gemeenteraad is om het bestemmingsplan uiteindelijk vast te stellen. Aan de hiernavolgende collegestandpunten kunnen aldus geen rechten worden ontleend.

2

INSPRAAKREACTIES

1.

Mw. W.A. Bouwer Emmastraat 95 2641 EC Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft aan dat het aan de Korteweg niet passend is om drie bouwlagen te realiseren. Inspreker ziet liever dat er maximaal één bouwlaag wordt gerealiseerd of dat er wordt aangesloten op de hoogte van bestaande bouw. Ook wordt de wens te kennen gegeven dat in de stijl van de oude Kerkweg wordt gebouwd en voldoende parkeerplekken worden gerealiseerd. Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van haar inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt.

Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt.

Ten aanzien van het bouwen in de stijl van de oude Kerkweg wordt gewezen op het hiervoor genoemde, maar wordt ook gewezen op het feit dat in het bestemmingsplan geen keuzes worden gemaakt in het kader van materialisering, kleurstelling en nadere uitwerking van architectuur. Het bouwplan moet nog getoetst worden aan de redelijke eisen van welstand door de commissie ruimtelijke kwaliteit. Deze onafhankelijke commissie zal beoordelen of het voorliggende bouwplan aan de redelijke eisen van welstand voldoet. Genoemde commissie 3

draagt ook zorg voor een passende aansluiting van het bouwplan op de omgeving. Bovendien is de projectontwikkelaar voornemens in het nog lopende participatietraject met de omwonenden in gesprek te gaan over onder andere de materialisering, kleurstelling en nadere uitwerking op het gebied van architectuur. Door de gemeente is ten aanzien van parkeren altijd aangegeven dat het de voorkeur geniet om parkeren niet aan de voorzijde van het gebouw maar aan de achterzijde te realiseren. In het plan dat nu voorligt, is voorzien in parkeren aan de achterzijde. In eerste instantie was het de bedoeling om 13 à 14 appartementen te realiseren en de benodigde parkeerplaatsen in overleg met de Lidl op te vangen (deel-parkeren). Laatstgenoemde zag daar niets in, waardoor de projectontwikkelaar parkeren op eigen terrein moet realiseren. Om te kunnen voldoen aan de parkeernorm die vanuit de gemeente is neergelegd in de nota parkeernormen (die geldt als voorwaarde voor het kunnen realiseren van het project), heeft de ontwikkelaar besloten het aantal appartementen terug te brengen naar tien. Daarmee worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd op eigen terrein en zal er geen extra parkeerdruk ontstaan. Tevens worden onveilige situaties aan de voorzijde voorkomen.

2.

H.M. van West en H.B. Keulen Kerkweg 58 2641 GE Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat hebben insprekers de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving worden door insprekers als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Insprekers vragen zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Insprekers vinden dit niet passend en geven aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens insprekers aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Insprekers wijzen in dit kader op extra schaduwvorming in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geven insprekers te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te 4

verwachten ontwikkelingen vragen insprekers de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Insprekers geven aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Insprekers zijn niet tegen verandering, maar zeggen wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens insprekers geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Insprekers vinden dat opmerkelijk en dat heeft volgens hen een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben. Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag.

In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan.

Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren.

5

Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen (zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan). Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 13 niet in eigendom zijn van de gemeente.

Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geven insprekers hun mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd.

In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen. Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden 6

opgemerkt dat participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren. Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy.

In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien insprekers echter van mening zijn dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te hunner laste behoort te blijven, dan kunnen zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

3.

Familie van Niel-Timmermans Kerkweg 56 2641 GE Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat hebben insprekers de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving wordt door insprekers als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de

7

woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Insprekers vragen zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte Dat er in overweging wordt genomen een groot en hoog appartementencomplex te bouwen aan de Korteweg verbaast insprekers zeer en zij vinden dit onacceptabel. Insprekers verwachten van de gemeente dat deze het dorpse karakter hoog in het vaandel heeft staan, en vinden zo’n appartementencomplex niet passend in dit deel van het ‘oude dorp’. 3. Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geven insprekers te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te verwachten ontwikkelingen vragen insprekers de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Insprekers geven aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Insprekers zijn niet tegen verandering, maar zeggen wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan.

In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens insprekers geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Insprekers vinden dat opmerkelijk en dat heeft volgens hen een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben. Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving.

In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen 8

beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag).

De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen(zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan). Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 13 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is.

Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geven insprekers hun mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De 9

ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen. Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling.

Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren. Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter.

De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien insprekers echter van mening zijn dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te hunner laste behoort te blijven, dan kunnen zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

10

4.

De heer en mevrouw Overweg Willen de Zwijgerlaan 2 2641 HT Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat hebben insprekers de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving worden door insprekers als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Insprekers vragen zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Insprekers vinden dit niet passend en geeft aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens insprekers aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Insprekers wijzen in dit kader op extra schaduwvorming in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geven insprekers te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te verwachten ontwikkelingen vragen insprekers de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Insprekers geven aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Insprekers zijn niet tegen verandering, maar zeggen wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens insprekers geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Insprekers vinden dat opmerkelijk en dat heeft volgens hen een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben.

Daarnaast spreekt inspreker de zorg uit dat de parkeerdruk voor de buurt wederom toe zal nemen.

11

Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg.

De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren.

Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen(zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het

12

ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan). Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 13 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geven insprekers hun mening over het participatietraject. Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat.

In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond. Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen. Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet.

Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren.

13

Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien insprekers echter van mening zijn dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te hunner laste behoort te blijven, dan kunnen zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven. De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

Parkeren Door de gemeente is ten aanzien van parkeren altijd aangegeven dat het de voorkeur geniet om parkeren niet aan de voorzijde van het gebouw maar aan de achterzijde te realiseren. In het plan dat nu voorligt, is voorzien in parkeren aan de achterzijde. In eerste instantie was het de bedoeling om 13 à 14 appartementen te realiseren en de benodigde parkeerplaatsen in overleg met de Lidl op te vangen (deel-parkeren). Laatstgenoemde zag daar niets in, waardoor de projectontwikkelaar parkeren op eigen terrein moet realiseren. Om te kunnen voldoen aan de parkeernorm die vanuit de gemeente is neergelegd in de nota parkeernormen (die geldt als voorwaarde voor het kunnen realiseren van het project), heeft de ontwikkelaar besloten het aantal appartementen terug te brengen naar 10. Daarmee worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd op eigen terrein en zal er geen extra parkeerdruk ontstaan. Tevens worden onveilige situaties aan de voorzijde voorkomen.

5.

De heer en mevrouw Bierman Kerkweg 61 2641 GC Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Insprekers zien hier liever enkele woonhuizen in plaats van een groot en hoog appartementencomplex. Zo’n gebouw is niet passend in dit deel van het ‘oude dorp’. Ook met een blik op de toekomst is het volgens insprekers te verwachten dat er meer woningbouw plaats gaat vinden op de omliggende percelen. Daarom wordt voorgesteld het bestemmingsplan te wijzigen naar een woonbestemming voor bijvoorbeeld maximaal vier woningen (vergelijkbaar met de Kerkweg).

14

Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving. De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg.

De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven. Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren.

Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 13 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente 15

tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt.

6.

Familie van Rosmalen Kerkweg 60 2641 GE Pijnacker

Reactie: Insprekers geven een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door insprekers als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Samengevat hebben insprekers de volgende kanttekeningen op het voorontwerpbestemmingsplan: 1. Inpassing in de omgeving De Korteweg wordt gezien als de ‘poort’ naar het oude dorp. De Kerkweg en zijn omgeving behoren tot een van de oudste straten van Pijnacker met veel karakteristieke bouw. Een appartementencomplex in deze historische omgeving worden door insprekers als niet passend beschouwd. Voorgesteld wordt hier woningbouw (zoals bijvoorbeeld Klein Koningshof 1-5 en ook de woningen die op de plaats van garage Hoeke komen) te laten plaatsvinden en geen appartementencomplex. Insprekers vragen zich af waarom hier appartementen moeten komen. 2. Bouwhoogte De maximale bouwhoogte van de nieuwbouw staat in het bestemmingsplan op 10 meter. Insprekers vinden dit niet passend en geeft aan dat het gebouw vanuit de aanliggende percelen wel degelijk hoog en massief zal zijn. Hierbij wordt ook opgemerkt dat geen enkel gebouw in de directe omgeving een nokhoogte van 10 meter heeft. Er dient daarom volgens insprekers aansluiting te worden gezocht met een bouwhoogte zoals die ook in de omgeving gangbaar is.

Insprekers wijzen in dit kader op extra schaduwvorming in de aangrenzende tuinen, omdat de huidige bouwhoogte op 7 meter ligt. 3. Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat deze plannen sterk de indruk wekken dat zeer ad-hoc beslissingen worden genomen. Zo geven insprekers te kennen dat er zeer waarschijnlijk in toekomst meer ontwikkelingen te verwachten zijn op de omliggende percelen met de bestemming ‘Bedrijf’. In het licht van deze te verwachten ontwikkelingen vragen insprekers de plannen te herzien en rekening te houden met verdere woningbouw op de omliggende percelen. 4. Participatie Insprekers geven aan dat er een plan voorligt dat zonder buurtparticipatie tot stand is gekomen en waar de buurt zich niet in kan vinden. Insprekers zijn niet tegen verandering, maar zeggen wel graag betrokken te worden in de besluitvorming. Daar ontbreekt het aan. In een door de ontwikkelaar opgestuurd participatiepakket zijn volgens insprekers geen schetsen met daarop een aanzicht vanaf de Kerkweg meegenomen. Insprekers vinden dat opmerkelijk en dat heeft volgens hen een reden. De inkijk in de nabijgelegen percelen vanuit de appartementen op de tweede 16

en derde laag zal een inbreuk op de privacy opleveren en de extra schaduw zal het woongenot benadelen en een waardedaling van deze aanpalende woningen tot gevolg hebben. Beantwoording: Wij danken insprekers voor het inbrengen van hun inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag. In 2019 is door de ontwikkelaar een verzoek ingediend bij de gemeente, waarin werd gevraagd of het realiseren van woningen in de vorm van appartementen aan de Korteweg 1-3 tot de mogelijkheden behoorde. Bij het beoordelen van dit verzoek heeft de gemeente aangegeven dat dit tot de mogelijkheden behoort, maar het gebouw zou dan een maximale bouwhoogte van 10 meter moeten krijgen. Ook is aangegeven dat het gebouw moet passen in zijn omgeving. In dat kader zijn door de stedenbouwkundige een aantal randvoorwaarden meegegeven, die hebben geleid tot het plan dat nu voorligt. Het plan dat nu voorligt is dan ook een plan, waarvan de gemeente vindt dat het past in de omgeving.

De drie bouwlagen worden als passend gezien, omdat de Korteweg de overgang vormt van het gebied langs de Europalaan naar het woongebied aan en achter de Kerkweg. De Europalaan wordt gekenmerkt door grotere gebouwen die weinig onderlinge samenhang hebben. Daarentegen bestaat de Kerkweg uit kleinschalige lintbebouwing, met incidenteel een grotere woning. Ook qua functie is er onderscheid. Langs de Europalaan staan voornamelijk bedrijven, kantoren en een supermarkt. Het gebied aan en achter de Kerkweg bestaat hoofdzakelijk uit woningbouw. Het beoogde appartementengebouw komt -vanaf de rotonde gezien- vlak voor de overgang tussen beide gebieden te staan. Deze overgang wordt nu al gemarkeerd door een versmalling in de weg (van 50 km-gebied naar 30 km-zone) en een verschil in de verharding (van asfalt naar klinkers). Dat het gebouw zich qua volume en verschijningsvorm voegt bij de bebouwing langs de Europalaan is daarom een logische keuze, waarbij de nadruk ligt op de Lidl. Een architectonische aansluiting op de Willem de Zwijgerlaan leidt daarentegen tot een vreemde eend in de bijt. Kortom: op de locatie Korteweg 1-3 hebben we te maken met een stedenbouwkundige andere setting/structuur dan de Kerkweg. Dit blijkt ook uit de Lintenvisie van de gemeente. Volgens deze visie moet het kleinschalige karakter van de Kerkweg zelf behouden blijven.

Daarbij is het wel mogelijk om in het ‘achtergebied’ (Korteweg en Adam Pijnackerstraat) bebouwing met een grotere schaal te realiseren. Over die grotere schaal gesproken, wordt de mening van insprekers dat de bebouwing hoog en massief zal zijn niet gedeeld. De maximale bouwhoogte van 10 meter is vergelijkbaar met de hoogte van een huidige eengezinswoning (twee lagen en een kap). De terugliggende derde laag zal er voor zorgen dat het gebouw de uitstraling krijgt van een kleinschalig appartementengebouw. Extra schaduwvorming zal ontstaan voor dat gedeelte dat boven de huidige 7 meter wordt gerealiseerd (de derde laag). De aangrenzende percelen (met name Kerkweg 58, 60 en 62) zullen op sommige momenten in het jaar minder zon in hun achtertuin hebben. Blijkens bezonningsdiagrammen(zie bijlage 1), die de huidige situatie vergelijkt met de nieuwe situatie, zal hier zeker geen onaanvaardbare extra schaduwwerking ontstaan. Dat komt deels door het 17

feit dat het appartementengebouw in de nieuwe situatie op grotere afstand uit de perceelsgrens komt te staan dan het bestaande gebouw. Ook zal de derde laag in het ontwerpbestemmingsplan aan de achterzijde worden teruggelegd (zoals dat ook aan de voorzijde is gedaan). Blik op de toekomst Insprekers geven aan dat in de toekomst ontwikkelingen naar woningbouw zullen plaatsvinden op de omliggende percelen rondom Korteweg 1-3. Feit is dat de gronden rondom Korteweg 13 niet in eigendom zijn van de gemeente. Ten aanzien van inbreilocaties voert de gemeente geen actieve grondpolitiek. Dat wil zeggen dat wij niet actief panden en/of gronden gaan opkopen voor een ontwikkeling. Dat laat de gemeente over aan particuliere partijen. Deze partijen doen dat wel en vragen vervolgens aan de gemeente of een dergelijke ontwikkeling mogelijk is. Zoals aangegeven is een dergelijk verzoek ook hier beoordeeld en is de gemeente tot de conclusie gekomen dat een ontwikkeling naar woningbouw aanvaardbaar is. Voor andere percelen in deze omgeving is een verzoek tot het omzetten van een bedrijfsbestemming naar woningbouw (nog) niet ontvangen. Desondanks kan op voorhand niet gesteld worden dat onderhavige ontwikkeling, eventuele toekomstige ontwikkelingen onmogelijk maakt. Participatie Tenslotte geven insprekers hun mening over het participatietraject.

Hierbij wordt opgemerkt dat de participatie bij Korteweg 1-3 wordt vergeleken met de participatie zoals die bij het project aan de Kerkweg heeft plaatsgevonden. Dat is een vergelijking die niet op gaat. In de tijd loopt de ontwikkeling aan de Kerkweg namelijk voor op de ontwikkeling aan de Korteweg. De participatie van de Kerkweg is inmiddels afgerond. Er is daarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de gemeenteraad afgegeven en er loopt een vergunningaanvraag. In tegenstelling tot het project aan de Kerkweg is het participatietraject aan de Korteweg nog in volle gang, is er geen verklaring van geen bedenkingen afgegeven en er is nog geen vergunning aangevraagd. De ontwikkelaar van deze locatie heeft alle input vanuit de omgeving opgehaald en is bezig een participatieverslag op te stellen, met daarin de reactie vanuit de ontwikkelaar. Er zijn tevens gesprekken gevoerd tussen de omwonenden en de ontwikkelaar. Dit betroffen noodgedwongen helaas enkel telefonische gesprekken. Bij een ieder leeft de wens om, wanneer dit weer mogelijk is, fysiek te overleggen over dit plan. Zodra het mogelijk is, zal de ontwikkelaar fysiek met de omwonenden in gesprek gaan, zodat ook het participatietraject aan de Korteweg 1-3 netjes afgerond kan worden. Op dit moment is het participatietraject aan de Korteweg naar het oordeel van het college nog niet volledig afgerond.

Als gemeente waarderen wij het dat omwonenden de moeite hebben genomen te reageren op de door de ontwikkelaar gestelde vragen. Het is aan de projectontwikkelaar om te besluiten wat hij met die reacties doet. Vervolgens is het de taak van de gemeente om te beoordelen of de projectontwikkelaar voldoende aan participatie heeft gedaan. Hierbij moet worden opgemerkt dat de participatie niet per se tot doel heeft aan alle wensen van de omwonenden tegemoet te komen, maar dat het doel van de participatie is: het vergroten van maatschappelijk draagvlak voor de door de projectontwikkelaar gewenste ruimtelijke ontwikkeling. Dat die ontwikkeling (het realiseren van een kleinschalig woongebouw in de vorm van appartementen) door de gemeente in beginsel als aanvaardbaar is beoordeeld, neemt niet weg dat omwonende belanghebbenden hun wensen ten aanzien van deze nieuwe bebouwing kenbaar kunnen maken. Uit de inspraakreactie blijkt voorts dat omwonenden een andere beleving hebben bij het begrip ‘mede-ontwerpen’ dan de ontwikkelaar. Voor de gemeente betekent dit begrip dat omwonenden invloed uit kunnen oefenen op het bouwplan. De mate waarin dat nog kan is echter de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar. Voor de

18

gemeente blijft voorop staan dat geprobeerd moet worden een zo groot mogelijk draagvlak te creëren. Participatie is tevens bedoeld om het bouwplan zo aan te passen dat de inbreuk op bijvoorbeeld de privacy zoveel mogelijk wordt beperkt. Voorshands wordt die inbreuk met het voorliggende plan niet als onaanvaardbaar beoordeeld. In het bestaande gebouw zijn de dakvensters gericht op de achtertuinen van Kerkweg 58 t/m 62. Derhalve is er reeds in de bestaande situatie geen sprake van privacy. In de nieuwe situatie komt het appartementengebouw op grotere afstand uit de perceelsgrens te staan dan het bestaande gebouw. Deze afstand wordt vergroot van circa 2 tot 3 meter naar circa 6 meter. De privacy voor de bewoners van Kerkweg 58 t/m 62 wordt daarmee navenant vergroot, zij het dat het nieuwe gebouw één bouwlaag hoger wordt. Indien insprekers echter van mening zijn dat zij als gevolg van deze herziening van het bestemmingsplan schade lijden die redelijkerwijs niet te hunner laste behoort te blijven, dan kunnen zij die schade claimen bij de gemeente, volgens de daarvoor wettelijke bepalingen (planschade). Op de vraag waarom er in het informatiepakket van de projectontwikkelaar geen schetsen zijn overgelegd met een aanzicht vanaf de Kerkweg / Willem de Zwijgerlaan moeten wij het antwoord schuldig blijven.

De samenstelling van het informatiepakket is de verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar is en niet die van de gemeente.

7.

Mw. M.A. Schenkeveld – Waaijer Kerkweg 71 2641 GC Pijnacker

Reactie: Inspreker geeft een reactie op de voorgestelde ontwikkeling aan de Korteweg 1-3. Hoewel het omzetten van de bedrijfsbestemming naar een woonbestemming door inspreker als passend wordt gezien, wordt aangegeven dat dit niet geldt voor de nu voorgestelde vorm. Inspreker ziet hier liever enkele woonhuizen in plaats van een groot en hoog appartementencomplex. Zo’n gebouw is niet passend in dit deel van het ‘oude dorp’. Ook met een blik op de toekomst is het volgens inspreker te verwachten dat er meer woningbouw plaats gaat vinden op de omliggende percelen. Daarom wordt voorgesteld het bestemmingsplan te wijzigen naar een woonbestemming voor bijvoorbeeld maximaal 4 woningen (vergelijkbaar met de Kerkweg). Beantwoording: Wij danken inspreker voor het inbrengen van haar inspraakreactie. Op deze manier wordt naast het participatietraject dat de ontwikkelaar van de locatie aan de Korteweg 1-3 voert met omwonenden, bij de gemeente ter sprake gebracht wat er leeft in de omgeving. Inpassing in de omgeving en bouwhoogte In het bestemmingsplan ‘Kerkweg Korteweg’ wordt aangegeven, waar, wat en hoe hoog mag worden gebouwd. Uiteraard ligt hier een stedenbouwkundige onderbouwing aan ten grondslag.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9776796/1