CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-056 04 Toelichting

Raad 23 april 2024, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen “Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg ongenummerd Baarlo” (2024-056)20.872 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Faciliteren van energiebesparing en het opwekken van duurzame energie bij bedrijven. Peel en Maas heeft de ambitieuze doelstellingen die geformuleerd zijn in het energieakkoord voor duurzame groei overgenomen. Om deze doelstellingen te behalen moeten alle zeilen bijgezet

BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

30

worden. Dit vraagt een inspanning van alle partijen. Er wordt daarbij uitgegaan van de strategie Trias Energetica om energiebesparende maatregelen te nemen. De energie bestaat uit de volgende drie stappen: -

beperk de energievraag;

-

gebruik duurzame energiebronnen;

-

gebruik fossiele energiebronnen zo efficiënt mogelijk.

De gemeente facilteert met name door kennisdeling over de mogelijkheden voor energiebesparing en het opwekken van duurzame energie bij bedrijven. Afweging Het onderhavige initiatief voldoet aan de kernwoorden ‘dorps’, ‘Ievensloopbestendig’ en ‘duurzaam’. Het initiatief voorziet deels in de herstructurering van het gebied aangezien de oude woning aan de Koesdonkerveldweg 9A zal worden gesloopt en er een kwallitatief goede en duurzame woning voor terug komt op het perceel gelegen tussen de Koesdonkerveldweg

14 en 18. Daarnaast ligt de oude

woning op een plek die beter geschikt is voor het bedrijventerrein dan voor wonen en daarmee wordt de woonfunctie naar een relatief betere plek verhuisd. Ten slotte worden door de verplaatsing ook de mogelijkheden van het bedrijventerrein vergroot. Daarnaast houdt het initiatief rekening met de demografische transitie. De veranderende samenleving vraagt dat anders moet worden nagedacht over hoe maatschappelijke uitdagingen worden aangepakt. Mensen worden steeds ouder en blijven langer thuis wonen. Tevens is er sprake van een snel groeiend tekort aan zorgpersoneel. Het initiatief maakt het mogelijk om zo lang als mogelijk in het eigen dorp te kunnen blijven wonen en onderdeel uit blijven maken van de eigen leefomgeving. Met het ingediende plan laten de initiatiefnemers zien dat ze anticiperen op deze situatie en zelf de regie pakken op het zorgen voor en omzien naar elkaar. Dit initiatief is hèt voorbeeld van regie voeren op het zorgen voor elkaar. Binnen het thema vitale werklocaties is het uitgangspunt inzetten op herstructurering boven uitbreiding het meest van toepassing op het onderdeel van het initatief waarbij de gronden worden herbestemd naar een bedrijfsbestemming. In voorgaande paragrafen is reeds beschreven dat het toevoegen van de bedrijfsbestemming op de planlocatie ruimtelijk gezien de meest wenselijke situatie is.

Hiermee voldoet onderhavig initiatief aan de Kaderstelling: thema's ruimte en economie. 443

_ Vitaal wonen, uitwerking kaderstelling thema wonen

Gemeente Peel en Maas wil graag de juiste woning op de juiste plek realiseren. Om dat te kunnen realiseren zijn een aantal uitgangspunten vastgelegd. Deze zijn onderverdeeld in onder andere de volgende thema's: 1.

Wonen

TBRO

duurzaam

in balans

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

31

Het huidige woningbestand komt kwalitatief niet voldoende overeen met de behoefte van morgen. Dit heeft zowel gevolgen voor (de woningen in) bestaande woonwijken als voor nieuwbouw van woningen. Om het woningbestand toekomstbestendig te maken wordt in het bijzonder ingezet op de huisvesting van ouderen en het transformeren van de bestaande voorraad, zowel in het kader van de duurzaamheid als om langer te kunnen blijven wonen in de eigen woonomgeving. Dat betekent: «

Bestaande woonwijken moeten transformeren naar woningen geschikt voor ouderen, voor kleine huishoudens.

e

Nieuw te bouwen woningen moeten geschikt zijn voor de behoefte van morgen: woningen voor ouderen

«

en voor kleine huishoudens.

Met flexibele/tijdelijke woningen wordt ingespeeld op de vraag van vandaag: woningen voor jongeren en andere urgente doelgroepen.

e

De planvoorraad wordt afgestemd op de behoefte, met een ambitie om instromers aan ons te binden.

2.

Zorgen voor elkaar

Dit betreft enerzijds de ondersteuning van groepen die niet in staat zijn zelf n hun huisvesting te voorzien. Anderzijds het aanpassen van woningen en woonomgeving om prettig te wonen met elkaar. Onderdeel daarvan is het zo lang mogelijk in eigen omgeving blijven wonen. Om dit mogelijk te maken facilteert de gemeente inwoners om hun wooncarrière in hun eigen dorp of wijk te laten doorlopen. Dat betekent: e

Eris zowel kwantitatief als kwalitatief voldoende

woonruimte

beschikbaar voor instromers.

e

Eris zowel kwantitatief als kwalitatief voldoende woonruimte beschikbaar voor zorgbehoevenden/kwetsbare groepen.

e

Erwordt bijgedragen aan het betaalbaar en beschikbaar houden van voldoende kwalitatieve wo ningen voor inwoners die niet zelf in een woning kunnen voorzien.

e

Eris oog voor voldoende vrije sector huur voor de middeninkomens.

e

Erwordt bijgedragen aan het betaalbaar houden van voldoende woningen voor jongeren.

e

De zorg voor woonwagens en/of standplaatsen wordt overgedragen aan de woningcorporaties.

e _ Wijken worden ingericht op ontmoeten en zorgen voor elkaar. 3.

Wonen op de juiste plek

Om de leefbaarheid van de kernen te behouden worden keuzes gemaakt over waar leegstand wel en niet aanvaardbaar is. Herbestemmen met woningen is soms een middel om leegstand op te lossen en verpaupering te voorkomen. Dit is echter niet in alle gevallen wenselijk/mogelijk. e _ Wonen vindt in principe plaats in de kernen. e

Erwordt gestuurd op hergebruik boven uitbreiding en nieuwvestiging en er wordt tegelijkertijd zorg gedragen voor hetgeen achterblijft.

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

32

Afweging De beoogde woning met mantelzorgvoorziening is gelegen in de kernrandzone ten oosten van de dorpskern Baarlo. De kernrandzone dient als buffer tussen woon- en leefkernen en het buitengebied en omvat zowel woonbestemmingen als agrarische en bedrijfsbestemming. Het toevoegen van een woning is daarom in dit gebied voorstelbaar. Het initiatief speelt in op de vraag naar woonruimten voor zorgbehoevenden. De beoogde woning bevat namelijk een woonruimte voor mantelzorg. Daarnaast is de woning op lange termijn ook geschikt voor wanneer de huidige mantelzorgers op leeftijd raken en voldoet daardoor aan de toekomstige behoefte. Ten slotte wordt er per saldo geen woning toegevoegd aan de woningvoorraad wegens de sloop van de woning aan de Koesdonkerveldweg 9A. Hiermee heeft het initiatief geen verstorend effect op de planvoorraad. Er wordt een oudere woning vervangen door een nieuwe, kwalitatief betere woning welke aansluit op de toekomstige woonbehoeften. De levensloopbestendige woning met mantelzorgvoorziening voldoet daarmee aan voornoemde thematische uitgangspunten uit de kaderstelling. 444

_ Structuurvisie kernen en bedrijventerreinen Peel en Maas

Op 31 maart 2015 heeft de gemeenteraad de Structuurvisie kernen en bedrijventerreinen Peel en Maas vastgesteld. Deze structuurvisie bevat het beleid voor de bebouwde kom van alle elf kernen en de bedrijventerreinen in Peel en Maas, met uitzondering van Klavertje 4. In de structuurvisie zijn vier uimtelijke hoofdkeuzes gemaakt, waarmee de gemeente gericht invulling wil geven aan haar identiteit als groene, dynamische plattelandsgemeente en rol binnen de regio: 1.

kleinschalige en diverse woonmilieus;

2.

herkenbare dorpen met 'eigen' voorzieningen;

3.

goede bereikbaarheid;

4. _ innovatie en gebondenheid. De structuurvisie behandelt verscheidene thema's.

Voor de herbestemming van de gronden naar een

bedrijfsbestemming is het thema 'Werken' van toepassing. Bij het thema Werken komt de noodzaak van revitalisering en herstructurering van verouderde bedrijventerreinen aan bod en worden de volgende beleidsuitgangspunten gehanteerd: «

Bedrijvigheid vindt plaats op de bedrijventerreinen, met uitzondering van categorie { en 2 bedrijven aan huis en bestaande bedrijfsvestigingen buiten de bedrijventerreinen.

«

De vijf bedrijventerreinen (Maasbree, Kennedylaan Panningen, Baarlo, Meijel en Kessel) zijn lokale bedrijventerreinen en zijn met name gericht op lokale bedrijvigheid. Een exacte definitie van lokale bedrijvigheid is lastig te geven, maar wel is sprake van 1 of meerdere van onderstaande kenmerken:

- _ bedrijven die voor een groot deel steunen op lokale werkgelegenheid; - _ bedrijven die van oudsher voorkomen in het dorp en er sterke banden mee hebben; - _ bedrijven die sterk verweven zijn in de lokale bedrijfsnetwerken waarmee het een afhankelijkheidsrelatie heeft (dienstverlenend, toeleverende of afnemende bedrijven’;

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

33

- _ lokale gebondenheid kan ook het gevolg zijn van specifieke lokale omstandigheden, bijvoorbeeld omdat met een bestaand bedrijf een duurzaam concept kan worden gerealiseerd (b.v. warmte uitwisseling tussen een bedrijf en een agrarisch bedrijf). Randvoorwaarde voor uitbreiding, verplaatsing of vestiging is dat de bedrijven een maximale bedrijfskavel van 5.000 m2 nodig hebben en dat ze mee investeren in de kwalliteit van de omgeving. Het gaat om categorie 1 en 2 bedrijven en in een aantal gevallen om categorie 3 bedrijven, mits specifiek aangeduid in het bestemmingsplan; «

Herstructurering en revitalisering van verouderde bedrijventerreinen gaat voor de uitbreiding ervan. Bedrijventerrein de Kieën staat op de rol voor revitalisering;

«

Uitbreiding van bedrijventerreinen is incidenteel mogelijk als het gaat om de uitbreiding van bestaande bedrijven, onder de voorwaarde van een kwaliteitsbijdrage en als uitbreiding op het bestaande bedrijventerrein niet mogelijk is. Hierbij hanteren we de ‘Ladder van Duurzame Verstedelijking’ en het dynamisch voorraadbeheer uit het POL 2014, waarvoor de regels nog nader uitgewerkt worden in een of meerdere regiovisies op het gebied van 0.a. detailhandel en werklocaties.

e

Eris ruimte voor maatwerk voor bedrijven of netwerken van bedrijven die op het vlak van de vernieuwingsthema's en duurzaamheid of door middel van samenwerkingsverbanden nieuwe bedrijvigheid willen realiseren of uitbouwen;

e

Op de bedrijventerreinen zijn geen nieuwe bedrijfswoningen toegestaan.

Figuur 4.3: Uitsnede kaart structuurvisie Kernen en Bedrijventerreinen (Koesdonkerveldweg 9A rood omcirkeld}

g BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

34

Uit de kaart is gebleken dat de bestaande woning aan de Koesdonkerveldweg 9A, zorgt voor een opvallende begrenzing in de zone ‘Revitalisering bedrijventerrein’. Het plangebied bevindt zich in de structuurvisie n de ‘Dorpskern’. Hierbij wordt er gefocust op woningbouw, het uitbreiden van de centrumfuncties en werkgelegenheid maar sluit niet zozeer aan bij de toekomstige bedrijvigheid die binnen het plangebied wordt beoogd. Vanwege de opvallende begrenzing en de ligging van het plangebied op bedrijventerrein de Kieën lijkt het planvoornemen meer passend binnen de zone 'Revitalisering bedrijventerrein’. Het beoogd planinitiatief voorziet namelijk in een logische toevoeging van nieuw bedrijventerrein. Gemeente Peel en Maas wil uitbreiding van bestaande bedrijventerreinen facilteren. Afweging De herbestemming en ontwikkeling van de gronden ter plaatse van de Koesdonkerveldweg 9A voorziet in een logische toevoeging van nieuw bedrijventerrein. Revitalisering heeft in het gebied volgens de structuurvisie de voorkeur. Echter zou revitalisering op dit perceel eerder onwenselijk dan wenselijk worden geacht wegens de ligging tussen bedrijven tot een milieucategorie 3 waarbij de richtafstanden volgens de VNG brochure 30 tot 50 meter bedraagt (uitgaande van een gemengd gebied).

Hierbij is het niet wenselijk om, conform de huidige woonbestemming, de woning te behouden of een nieuwe woning op het perceel te realiseren. De herbestemming is derhalve vanuit het kader van een goede ruimtelijke ordening verdedigbaar en voorziet in een afwijking van de structuurvisie kernen en bedrijventerreinen

445

Peel en Maas.

_ Structuurvisie buitengebied Peel en Maas

In februari 2015 heeft de gemeenteraad de Structuurvisie Buitengebied Peel en Maas vastgesteld en op 27 januari 2016 is de gewijzigde versie vastgesteld. In de Structuurvisie Buitengebied wordt het beleid dat ten grondslag ligt aan het bestemmingsplan Buitengebied Peel en Maas samengebracht. Voor een groot gedeelte betreft het bestaand beleid met enkele aanvullingen en uitwerkingen. De Structuurvisie vormt de grondslag voor het toepassen van bovenplanse verevening en bijdragen in de uimtelijke ontwikkeling in het kader van de ontwikkelingsplanologie. In de Structuurvisie Buitengebied zijn de volgende plannen opgenomen: e _ Structuurplan Buitengebied 2008; e _ Structuurvisie Intensieve Veehouderij en Glastuinbouw; « _ Streefkwaliteiten Geur; .

Kwaliteitskader;

e _ Archeologiebeleid. Volgens het structuurplan is de beoogde woning gelegen binnen het gebiedstype ‘Oude, verdichte bouwlanden’. Voor dit gebiedstype gelden de volgende beleidsuitgangspunten. Doel Ruimtelijk-Landschappelijk: « _ versterking van de landschappelijke karakteristiek bestaande uit relatief open akkers met verdichte randen (clusters en linten van bebouwing) en doorzichten;

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

35

«

behoud van cultuurhistorisch waardevolle, open, bolle akkers en behoud van voldoende brede doorzichten vanuit de verdichte clusters en linten naar deze relatief open akkers;

e

behoud van de relatief open (bolle) akkers vanwege de aanwezige archeologische en/of cultuurhistorische waarden;

.

realisatie van een verdere landschappelijke verdichting door weg- en erfbeplantingen in de clusters en linten;

.

realisatie van een landschappelijk raamwerk t.b.v. een zorgvuldige inpassing van (nieuwe) economische

activiteiten.

Ontwikkeling Ruimtelijk-Functioneel: e

ruime toelating van verschillende economische functies;

e

verdere menging van de functies wonen (uimte-voor-ruimte), werken

(nieuwe economische

dra-

gers, recreatie en toerisme) en (verbrede) landbouw met name in de linten; e _ binnen de landbouw een ruime toelating van teeltondersteunende voorzieningen m.u.v. de open, bolle akkers.

Afweging Het beoogde planvoornemen voorziet ter plaatse van het ‘buitengebied' in de realisatie van een nieuwe woning met een woonruimte voor mantelzorg. Vanuit ruimtelijk-landschappelijk opzicht voldoet de gehele ontwikkeling aan de gestelde doelen. De nieuwe woning past functioneel in de omgeving. Het aangrenzend perceel aan de linkerzijde bezit reeds een woonbestemming. Ten oosten bevindt zich nog een woonbestemming en aan de Napoleonsbaan, ten oosten van het plangebied, bevinden zich tevens meerdere woonbestemmingen. Er i sprake van een ruime stedenbouwkundige structuur waardoor het open karakter door de toevoeging van de woning behouden blijft. Tevens wordt de woning landschappelijk ingepast waardoor er geen cultuurhistorische waarden in het gebied worden aangetast. Deze ontwikkeling voldoet derhalve aan ruimtelijk-landschappelijke doelen. Daarnaast voorziet de realisatie van de woning in een verdere menging van de functies wonen, werken en landbouw omdat de toekomstige woning grenst aan verschillende agrarische percelen. Derhalve voldoet het initiatief ook ruimtelijk-functionee! aan de voorwaarden uit de structuurvisie buitengebied

Peel

en

Maas.

In het gemeentelijk kwaliteitskader is opgenomen dat landschappelijke inpassing geldt voor gronden in het bestemmingsplan buitengebied en het overige gebied dat buiten de rode contour ligt zoals vastgesteld door GS. Het Limburgs Kwaliteitsmenu (LKM), waar het gemeentelijke kwaliteitskader een uitwerking van is, is destijds opgesteld voor ontwikkelingen buiten de rode contour. Het perceel voor de beoogde woning is gelegen buiten de oorspronkelijke rode contour van GS en derhalve s dan ook een landschappelijk inpassingsplan en een kwaliteitsbijdrage noodzakelijk geacht.

BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

36

446

Kwaliteitskader buitengebied Peel en Maas

Het Limburgs Kwaliteitsmenu van provincie Limburg heeft zijn uitwerking naar lokaal niveau gekregen in het Kwaliteitskader Buitengebied Peel en Maas. Het doel van het hierin opgenomen kwaliteitsmenu is het bieden van een instrument om noodzakelijke en/ of wenselijke ontwikkelingen n het buitengebied te kunnen combineren met kwaliteitsverbetering. Bij kwaliteitsverbetering wordt in dat kader onderscheid gemaakt in Basiskwaliteit (geldt altijd bij ontwikkelingen), daar bovenop Basiskwaliteit Plus of Aanvullende Kwalliteitsverbetering. Bij iedere nieuwe ontwikkeling buiten een bouwvlak, waaronder de nieuwe woning voor welke nog geen bouwvlak bestaat, in een agrarisch gebied is Basiskwaliteit Plus van toepassing met Aanvullende kwaliteitsverbetering. Basiskwaliteit Plus wil zeggen dat de nieuwe bebouwing of functie goed ingepast moet worden. In verband met de Aanvullende Kwaliteitsverbetering moet 10% van de oppervlakte van het deel van het bouwvlak waar de nieuwe bebouwing en erf komt, te bestaan uit ‘landschappelijke inpassing” of ander groen/natuur.

Figuur 4.4: Uitsnede kaart structuurvisie Keren en Bedrijventerreinen (Koesdonkerveldweg 9A rood omcirkeld)

g BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

37

De ontwikkeling op het perceel gelegen tussen de Koesdonkerveldweg 14 en 18 bestaat uit het realiseren van een woning met woonruimte voor mantelzorg. Voor de nieuwe woning is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld welke voldoet aan de uitgangspunten van het kwaliteitskader. Hierbij zal worden uitgegaan van Basiskwaliteit en Aanvullende Kwaliteitsverbetering waarbij de bijdrage € 100 per m? toename uitgeefbare kaveloppervlakte bedraagt. De landschappelijke inpassing is een onderdeel van dit bestemmingsplan met een voorwaardelijke verplichting inclusief instandhoudingsplicht. 44.7

_ Beleidsregel Woningbouwverzoeken Peel en Maas

Het college van burgemeester en wethouders heeft op 4 juni 2018 de "Beleidsregel Woningbouwverzoeken Peel en Maas 2018" vastgesteld. In deze beleidsregel is bepaald dat in principe geen medewerking wordt verleend aan het toevoegen van extra woningen in afwijking van het bestemmingsplan. In een aantal situaties wordt op deze hoofdregel een uitzondering gemaakt en de gemeenteraad heeft op basis van deze beleidsregel ingestemd met de toevoeging van woningcontingenten. In artikel & van de beleidsregel is een aantal voorwaarden opgenomen voor het kunnen toevoegen van woningen. Hierna wordt per voorwaarde kort toegelicht waarom het onderhavige initiatief past binnen deze beleidsregel. 1. Juiste plek: draagt bij aan Ieefbaarheid door Ieegstand te herstructureren dan wel aan een verbetering van de ruimtelijke structuur. Onderhavig verzoek heeft betrekking op een locatie waar thans een verouderde woning is gelegen. Het onderhavige initiatief voorziet in de sloop van deze woning en de realisatie van een nieuwe woning met daarin een mantelzorgvoorziening. De bebouwing wordt ingepast in de ter plaatse aanwezige ruimtelijke structuur. 2. Juiste type: Deze ontwikkeling voorziet in de realisatie van een levenslooopbestendige woning met een woonruimte voor mantelzorg. Vanuit kwalitatief oogpunt is er behoefte aan woningen die geschikt zijn voor ouderen en zorgvragers. 3.

Juiste kwaliteit: dorps, duurzaam, levensloopbestendig Doordat bij deze ontwikkeling duurzaam gebouwd wordt en het voorziet in de zorgvraag van ouderen, wordt voldaan aan de eisen van de huidige tijd. 4. Anderszins sprake van goede ruimtelijke ordening. Uit it bestemmingsplan, inclusief de verschillende milieuaspecten, volgt dat bij de onderhavige planontwikkeling sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

38

Afweging Met onderhavig initiatief is feitelijk geen sprake van het toevoegen van woningen wegens de sloop van de woning aan de Koesdonkerveldweg 9A (Artikel 1, onder C). De beleidsregel is derhalve niet van toepassing op onderhavig initiatief. 448

_ Nota ruimtelijke kwaliteit (Welstandsnota) Peel en Maas

Het fuseren van de gemeente en het inwerkingtreden van de Wabo en het daarbij behorende vergunningsvrij bouwen is mede aanleiding geweest voor de gemeente om nieuw welstandsbeleid op te stellen. Hiertoe is op 31 mei 2011 de Nota Ruimtelijke Kwalliteit vastgesteld. Basisprincipe: welstandsvrij De gemeente stelt alleen eisen aan de uiterlijke kwaliteit van bouwwerken als dit ook echt nodig is. Hiermee wordt getracht de 'belasting’ of eisen aan de klant zo gering mogelijk te houden waarbij wel het algemeen belang wordt gerespecteerd. Daarom wordt er uitgegaan van een basis van welstandsvrijheid. Bescherming: alleen in uitzonderingsgebieden De gemeente Peel en Maas staat voor zelfsturing en diversiteit. In bepaalde gebieden blijft sturing echter toch nodig. Sommige gebieden zijn beeldbepalend voor een gemeenschap. De gemeente wil voorkomen dat dit beeld wordt aangetast, dit is in het belang van de gehele gemeenschap. Daarnaast zijn er (nieuwbouw)plannen waarin een bepaalde sfeer, thema of kwaliteit wordt nagestreefd. Ook hierin is het niet gewenst om gehele vrijheid te geven. Om de directe omgeving te beschermen is het gewenst om sturing te geven aan bouwplannen die (grote) invloed hebben op de kwaliteit van de omgeving. Middels een beeldkwaliteitsplan kan worden gestuurd op een gewenste uitstraling.

In principe geldt het welstandsvrij beleid voor het gehele grondgebied van de gemeente, maar om bepaalde ruimtelijke en esthetische kwaliteiten beter te beschermen of waarborgen, worden er twee uitzonderingssituaties gemaakt. Deze gebieden zijn dus niet welstandsvrij. Het betreft de beeldbepalende dorpsgezichten en de in- en uitbreidingslocaties. Op de gronden die worden herbestemd tot bedrijventerrein vigeert het bestemmingsplan ‘Bedrijventerreinen’ waarbij er een separaat beeldkwaiteitsplan is opgenomen. De nota Ruimtelijke kwaliteit ste!t dat het voor bedrijventerreinen wenselijk s om een beeldkwaliteitsplan op te stellen om zo de ruimtelijke kwaliteit op de bedrijventerreinen te stimuleren. Op een aanta! bedrijventerreinen liggen immers nog de nodige bouwkavels waarop nog gebouwd kan worden. De uitgangspunten voor het beeldkwaliteitsplan zijn reeds gelegd in de Uitgangspuntennotitie herziening bestemmingsplannen bedrijventerreinen die op oktober 2012 door de raad is vastgesteld. In overleg met de dorpsbouwmeester zijn de volgende uitgangspunten opgesteld:

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

39

e _ Nieuwe bedrijfsgebouwen dienen qua ruimtelijke kwaliteit te passen in de omgeving. e e

Op zichtlocaties en entreegebieden is extra sturing op ruimtelijke kwaliteit wenselijk. De overgang tussen openbare ruimte en bedrijfskavel bepaalt in grote mate de ruimtelijke kwaliteit en verdient extra aandacht.

e _ De openbare ruimte bepaalt mede de ruimtelijke kwaliteit van bedrijventerreinen en ook hiervoor gelden kwaliteitseisen. Het beeldkwaliteitsplan Bedrijventerreinen moet op basis van deze uitgangspunten uitgewerkt worden tot een beknopt en beeldend plan. Toetsing

Het plangebied is niet gelegen binnen het gebied ‘beeldbepalende dorpsgezichten'. Derhalve dient de woningbouwontwikkeling voor onderhavige ontwikkeling niet te worden voldaan aan de welstandseisen. Daarnaast ligt er nog geen concreet bouwplan voor de herbestemde gronden (Koesdonkerveldweg 9A) en is het beeldkwaliteitsplan Bedrijventerrein nog niet verder uitgewerkt. Daardoor kan verder niet worden ingegaan op het beeldkwaliteitsplan bedrijventerreinen. Afweging Bij het bouwplan is gekeken naar de uitstraling en inpassing van de woning ten opzichte van de nabije omgeving en de ontwikkeling op de herbestemde gronden. Alhoewel de woning in een welstandsvrijgebied is voorzien, wordt er voor gezorgd dat de woning goed in de omgeving past. Daarnaast za! bij toekomstige ontwikkelingen op de herbestemde gronden het beeldkwaliteitsplan Bedrijventerreinen in acht worden genomen.

BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

40

5

ONDERZOEK

Bij de toekenning van de nieuwe bestemming aan de locatie dient rekening gehouden te worden met (milieu-)aspecten vanuit de omgeving en op de omgeving. Het onderzoek naar de milieuaspecten bodem, geluid, ucht, geur, externe veiligheid en milieuzonering voor de locatie wordt in de navolgende paragrafen beschreven. Eveneens is gekeken naar de gevolgen van de gewenste ingreep voor de aspecten archeologie en cultuurhistorie, leidingen en infrastructuur, ecologie, waterhuishouding, verkeer en duurzaamheid. De hieruit voortgekomen bevindingen worden in onderstaande paragrafen toegelicht. Per paragraaf wordt de achtergrond uiteengezet, waarna wordt aangegeven wat de onderzoeksresultaten en/of conclusies zijn.

51 511

_ Milieuaspecten Bodem

Bij de verkenning van mogelijkheden om nieuwe functies in een gebied te realiseren dient de bodemkwaliteit te worden betrokken. Inzicht in eventuele beperkingen aan het bodemgebruik (i.v.m. milieuhygiënische risico's voor mens, plant en dier) is noodzakelijk om de beoordelen of de grond geschikt is voor de beoogde functie. Er mogen namelijk geen nieuwe gevoelige functies op een zodanig verontreinigd terrein worden gerealiseerd, dat schade is te verwachten voor de gezondheid van de gebruikers of het milieu. De nieuwe woning wordt gerealiseerd op een agrarisch perceel. In het kader van de

voorgenomen ontwikkeling is er een verkennend bodemonderzoek® uitgevoerd door Econsultancy. Onderstaand wordt kort ingegaan op de onderzoeksresultaten. Het overgrote deel van het perceel is meegenomen

in het onderzoek, enkel het meest noordelijke deel van het perceel is buiten beschou-

wing gelaten. Voor meer informatie wordt verwezen naar de volledige rapportages in de bijlagen. De initiatiefnemer is voornemens een woonhuis op de locatie te bouwen. Voorafgaand aan het bodemonderzoek is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens. Op de onderzoekslocatie zijn geen mogelijke bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging aangetroffen. Tevens liggen er geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. Daarnaast ligt de onderzoekslocatie niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied. Ten slotte blijkt dat volgens de 'PFAS-bodemkwaliteitskaart Regio Limburg Noord’ die in 2020 is opgesteld de gemiddelde PFAS-gehalten van zowel de boven- als de ondergrond ruim beneden de landelijke achtergrondwaarden liggen.

3 Econsultancy, Rapportage verkennend bodemonderzoek Koesdonkerveldweg Baarlo, rapportnummer 20275.001,

BRO

d.d. 10 januari 2023

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

a1

Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie

Uit historisch kaartmateriaal uit de periode 1922 - 2019 blijkt dat de onderzoekslocatie altijd in gebruik als weiland is en heeft voor zover bekend altijd een agrarische bestemming gehad. Uit de geraadpleegde bronnen blijkt geen aanwezigheid van ophogingen, dempingen of stortingen. Tevens zijn er geen aanwijzingen gevonden die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten.

Figuur 5.1 Historisch kaartmateriaal

Conclusie

Uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem blijkt, dat er geen sprake is van bodembelasting, anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting n de grond en het grondwater. Op de locatie worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de landelijk of regionaal geldende achtergrond-waarde voor grond en/of de streefwaarde voor grondwater. Dit geldt zowel voor natuurlijke achter-grondgehalten als voor "antropogene” achtergrondgehalten, waarvan de oorzaak niet eenduidig is aan te wijzen. De resultaten van het bodemonderzoek vormen geen aanleiding voor nader onderzoek en geen belemmering voor een wijziging van de bestemming. Er kan worden aangenomen dat de bodemkwaliteit van het noordelijke deel van het akkerland niet relevant afwijkt van het zuidelijke (onderzochte) deel.

g BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

42

Daarom volstaat het uitgevoerde bodemonderzoek voor het deel van het plangebied waarvan de bestemming verandert naar Wonen. Voor het deel van het plangebied waarvan de bestemming verandert van Wonen naar Bedrijventerrein hoeft in het kader van deze ruimtelijke procedure geen bodemonderzoek uitgevoerd te worden omdat de bestemming niet wijzigt naar een gevoeliger gebruik. Bodem vormt derhalve geen belemmering voor onderhavig initiatief. 512

_ Milieuzonering

De beoogde woningbouw vormt volgens de (indicatieve) brochure 'Bedrijven en Milieuzonering’, uitgegeven door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) 2009, geen milieubelastende functie. Medewerking aan de realisatie van woningbouw is echter pas mogelijk indien blijkt dat een goed woon- en leefklimaat in een woning gegarandeerd is en dat daarnaast bedrijven in de omgeving door de nieuwe woonfunctie niet in hun activiteiten worden belemmerd. Daarom dient getoetst te worden of in de omgeving van het plangebied functies voorkomen die een belemmering kunnen vormen voor de voorgenomen nieuwbouw en of de nieuwe woning een belemmering kan vormen voor in de omgeving gelegen bedrijvigheid. Daarnaast wordt er met de herbestemming nieuw oppervlak bedrijventerrein toegevoegd welke invloed kunnen hebben op omringende gevoelige functies. Door Econsultancy is een quickscan bedrijven en milieuzonering* uitgevoerd. Onderstaand worden de bevindingen kort toegelicht: Het initiatief bestaat uit twee onderdelen. De bestaande woning op nummer 9a wordt gesloopt, waarna het perceel onderdeel wordt van bedrijventerrein De Kieën. Aan de andere zijde van de weg wordt het perceel gelegen tussen de Koesdonkerveldweg 14 en 18 herbestemd om de realisatie van een woning met mantelzorgcomponent mogelijk te maken.

In dit kader is indicatief onderzocht of omliggende bedrijvigheid een belemmering vormt voor de geplande woningen en of het plan een belemmering kan vormen voor de aanwezige bedrijvigheid. Ook wordt nagegaan of de herbestemming van nummer 9a tot bedrijventerrein kan Ieiden tot beperkingen. Het plangebied grenst aan bedrijventerrein De Kieën en wordt daarom wordt getypeerd als ‘gemengd gebied’.

Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast

woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd.

Bedrijfsbestemming

Koesdonkerveldweg

9a

Het perceel behorend bij nummer 9a (Maasbree — M — 753) is momenteel bestemd als Wonen’. De omliggende percelen (met uitzondering van perceel 754) zijn bestemd als ‘Bedrijventerrein — 1' met

* Econsullaney, guickscan bedriven en milieuzonering Koesdonkerveldweg Baarlo, projectnummer:

TBRO

20275.003, d.d. 23 januari 2023

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

43

functieaanduiding ‘bedrijf tot en met categorie 3’. In de toelichting is vermeld dat hier bedrijven tot en met milieucategorie 3 volgens de bijlage mogelijk zijn, de bijlage hanteert echter de indeling volgens de recente VNG-publicatie. Daarom wordt ervan uitgegaan dat als het betreffend perceel dezelfde bedrijfsbestemming krijgt als de omliggende percelen, hier ook inrichtingen tot milieucategorie 3.2 mogelijk zullen zijn. De bijbehorende richtafstand bedraagt 50 meter.

Figuur .2 Richtafstand 50 meter tot Koesdonkerveldweg 9a

Binnen 50 meter afstand tot het perceel zijn diverse woonbestemmingen gelegen, waaronder de nieuw te realiseren bestemming ter plaatse van (1). Hier wordt in de volgende paragraaf nader op ingegaan. De woonbestemmingen (2) en (3) zijn reeds gelegen op kortere afstand tot bestaande bedrijfsbestemmingen aan weerszijden van het te wijzigen perceel, waar inrichtingen in milieucategorie 3.2. aanwezig of planologisch mogelijk zijn. Het woon- en leefklimaat ter plaatse van deze woonbestemmingen zal daarom niet verminderen als gevolg van de voorgenomen bedrijfsbestemming. Woonbestemming (4) is bijzonder n de zin dat deze lijkt te behoren bij de woning op het te wijzigen perceel. Het perceel is echter in gebruik als openbare verkeersruimte ten behoeve van de omliggende bedrijfspercelen. Met de wijziging van perceel 753 tot bedrijfsbestemming, zal de woonbestemming worden ingesloten door bedrijfsbestemmingen. Bovendien ljkt het perceel niet voldoende ruimte te

{] BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

44

bieden om er een woning te realiseren. Het is daarom niet waarschijnlijk dat hier ook daadwerkelijk een woning gerealiseerd zal worden. Daarom wordt de bestemming van perceel 4 eveneens gewijzigd in ‘Bedrijventerrein’. Woonbestemming

Koesdonkerveldweg

16

Ter beoordeling van het woon- en leefklimaat ter plaatse van de woonbestemming is geïnventariseerd of in de omgeving van de bestemming bestemmingen (inrichtingen) aanwezig of mogelijk zijn die het woon- en leefklimaat nadelig kunnen beïnvloeden, door rond de woonbestemming de richtafstanden te projecteren. Er wordt onderscheid gemaakt tussen inrichtingen tot en met milieucategorie 4.2 (met richtafstand 200 meter) en inrichtingen in hogere categorieën. Bestemmingen op minder dan 200 meter afstand In onderstaand figuur zijn de richtafstanden tot en met 200 meter rondom het plangebied geprojecteerd. De genummerde bestemmingen worden nader toegelicht. Evident is de aanwezigheid van de bedrijfsbestemmingen ten zuiden van de Koesdonkerveldweg (5) op minder dan 10 meter afstand, inclusief de nieuw vast te stellen bedrijfsbestemming. Zoals beschreven in de vorige paragraaf zijn hier inrichtingen tot milieucategorie 3.2 mogelijk, met een richtafstand van 50 meter. In het kader van goede ruimtelijke ordening is de voorgevelrooilijn van de nieuwe woning op enige afstand van de weg geprojecteerd. Daarnaast is nader geluidonderzoek uitgevoerd naar de inrichtingen op het bedrijventerrein binnen 50 meter afstand tot de nieuwe woonbestemming.

Figuur 5.3 Bestemmingen op minder dan 200 meter tot Koesdonkerveldweg 16

g BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

45

Ten oosten van de woonbestemming voor de nieuwe woning is de bestemming ‘Agrarisch — Niet grondgebonden’ van kracht (6). De tussen gelegen strook wordt andschappelijk ingericht met leibomen en een haag. Ter plaatse agrarische bestemming is een papegaaienkweker aanwezig. Deze is te scharen onder ‘het fokken van huisdieren’ in milieu-categorie 3.1, met een richtafstand van 10 meter voor geur en 30 meter voor geluid. Voor het aspect geur i relevant dat de afstand van de bestemming ‘Agrarisch — Niet grondgebonden’ tot het bouwvlak voor de nieuwe woning 10 meter bedraagt. De tussen gelegen strook wordt landschappelijk ingericht met leipomen en een haag. De gevel van het dichtstbijzijnde gebouw waar de papegaaien worden gehouden is aan de zijden van de nieuwe woning geheel gesloten uitgevoerd. Daarmee wordt er voldaan aan de richtafstand voor geur en is het woon- en leefklimaat bij nieuwe woning aanvaardbaar.

Voor het aspect geluid is nader onderzoek uitgevoerd. Dit wordt in het navolgende beschreven. De overige bestemmingen binnen 200 meter zijn niet van invloed op het woon- en leefklimaat. Nader onderzoek

industrielawaai

Voor toetsing van de inpasbaarheid van het plan kan de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (2009) als leidraad worden gehanteerd. Het bevoegd gezag, het college van burgemeester en wet‘houders van de gemeente Peel en Maas, heeft geen geluidbeleid voor industrielawaai opgesteld. Econsultancy heeft een akoestisch onderzoek naar industrielawaais uitgevoerd. De volledige rapportage is opgenomen als bijlage bij deze toelichting. In de omgeving van het plangebied is sprake van sterke vermenging van woon- en bedrijvenbestemmingen. Derhalve wordt het gebied getypeerd als gemengd gebied. Binnen het onderzoek is onderscheid gemaakt tussen het zuidelijk gelegen bedrijventerrein en de oostelijk gelegen papagaaienkwekerij. Vooruitlopend op de resultaten is gebleken dat de geluidsbelasting vanuit de papagaaienkwekerij ter plaatse van de nieuw te realiseren woning relatief hoog is. Daarom zijn maatregelen getroffen om binnen de visie van de gemeente Peel en Maas een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te realiseren. Dit resulteert in de volgende maatregelen: .

hetrealiseren van een kokowall van 2,6 meter hoog aan de oostzijde van de woning om bescherming tegen geluid te bieden ter plaatse van de buitenruimte;

«

de gehele oost- en noordgevel doof uit te voeren;

e

rekening te houden met de invulling van de woning, waarbij de slaapkamer aan de laagst belaste zijde is gesitueerd.

Daarnaast is - om zoveel mogelijk afstand te houden tot het zuidelijk gelegen bedrijventerrein - de voorgevelrooilijn van de beoogde woning op enige afstand van de weg geprojecteerd. Ten gevolge van het bedrijventerrein vindt een overschrijding plaats van de richtwaarde van stap 2 van de VNG-

3 Econsultancy, Akoestisch onderzoek industrielawaai, projectnummer 20275.004 versie D3, datum 21 december 2023

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

46

publicatie en de grenswaarde van het Activiteitenbesluit. Aan de richtwaarde van stap 3 van de VNGpublicatie kan worden voldaan. Bestemmingen

op meer dan 200 meter afstand

Inrichtingen tot en met milieucategorie 4.2 kennen in gemengd gebied een richtafstand tot ten hoogste 200 meter. Op grotere afstand zijn derhalve alleen inrichtingen vanaf categorie 5.1 potentieel belemmerend in relatie tot het plangebied. Deze zullen enkel in de bestemmingen “Bedrijf’ of ‘Bedrijventerrein” voorkomen. Binnen 1.000 meter tot het plangebied liggen de ‘autowasserette’ en ‘handel in en reparatie van auto's’ en 'stalling van auto's’ beide op circa 300 meter afstand en zijn derhalve niet relevant ter plaatse van de voorgenomen woonbestemming. Op circa 400 meter ten noordoosten van het plan is de functieaanduiding ‘ijzergieterij’ van kracht. Aangezien er geen zone in het bestemmingsplan is vastgelegd, is ten hoogste sprake van milieucategorie 4.2 met richtafstand 200

meter. Deze inrichting heeft geen invloed op het woon-

en leefklimaat ter

plaatse van het besluitgebied. Overige bestemmingen 'Bedrijf of ‘Bedrijventerrein' binnen 1.000 meter van het plan staan geen inrichtingen in milieucategorie 5.1 of hoger toe. Voor bestemmingen op meer dan 200 meter afstand tot het plan i derhalve geen nader onderzoek noodzakelijk. Conclusie

Het wijzigen van de bestemming voor de Koesdonkerveldweg 9a naar bedrijfsbestemming heeft geen negatief effect op het woon- en leefklimaat ter plaatse van omliggende bestaande woonbestemmingen. De woonbestemming van perceel 754 wordt eveneens gewijzigd, omdat de resterende woonbestemming redelijkerwijs niet als zodanig kan worden ingevuld na de voorgenomen wijziging. Deze herbestemming wordt in onderhavig bestemmingsplan geregeld. Ten behoeve van de nieuw te realiseren woonbestemming aan de Koesdonkerveldweg

16 is nader

onderzoek uitgevoerd naar ‘geluid’ als gevolg van de papegaaienkweker ten oosten van het perceel en de bedrijfsbestemmingen ten zuiden van de Koesdonkerveldweg binnen 50 meter afstand tot de nieuwe woonbestemming.

Uit het onderzoek is gebleken dat er overschrijding plaats vindt van de

richtwaarde van stap 2 van de VNG:-publicatie en de grenswaarde van het Activiteitenbesluit, ten gevolge van het bedrijventerrein. Aan de richtwaarde van stap 3 van de VNG-publicatie kan worden voldaan. Aansluiten bij stap 3 kan enkel na motivatie. Deze motivatie is: «

Hettreffen van (aanvullende) bron- en overdrachtsmaatregelen is niet doelmatig.

«

Met de te realiseren kokowall zal een geluidsluwe buitenruimte geborgd zijn.

e

Doormiddel van maatwerkvoorschriften kunnen de rechten van het bedrijventerrein als het effect hiervan op de woning worden geborgd.

e

Meteen karakteristieke geluidwering van minimaal 20 dB zoals geëist in het Bouwbesluit 2012 kan het binnen niveau worden gewaarborgd.

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

47

5.1.3

Geluid

In het kader van deze planologische procedure is het conform de Wet geluidhinder (Wgh) noodzakelijk dat er aandacht wordt besteed aan de akoestische situatie van de nieuw te bouwen woning.

De plan-

locatie is gelegen binnen de wettelijk vastgestelde zone van de Provinciale weg N273. Daarnaast zijn de omliggende wegen (ter hoogte van het plangebied 30 en 50 km/uur) meegenomen

in het kader van

een goede ruimtelijke ordening. Econsultancy heeft daarom een akoestisch onderzoek naar wegver-

keerslawaais uitgevoerd. De volledige rapportage is opgenomen als bijlage bij deze toelichting. Conclusie

Uit het onderzoek is gebleken dat op alle zijden van de beoogde woning géén overschrijding van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB plaatsvindt. De geluidsbelasting op de nieuw te bouwen woningen bedraagt maximaal 40 dB. Er gelden vanuit akoestisch oogpunt geen belemmeringen voor de realisatie van het plan. 5.1.4

_ Luchtkwaliteit

De hoofdlijnen voor regelgeving rondom luchtkwaiteitseisen zijn beschreven in de Wet milieubeheer (hoofdstuk 5 Wm). Artikel 5.18 Wm

(lid 1) geeft weer, onder welke voorwaarden bestuursorganen be-

paalde bevoegdheden (uit lid 2) mogen uitoefenen, Als aan minimaal één van de volgende voorwaarden wordt voldaan, vormen luchtkwaliteitseisen in beginsel geen belemmering voor het uitoefenen van de bevoegdheid: 1.

Eris geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde.

2.

Een project leidt— al dan niet per saldo — niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit.

3.

Een project draagt ‘niet in betekenende mate' (NIBM) bij aan de luchtverontreiniging.

4.

Een project past binnen het NSL (Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit), of binnen een regionaal programma van maatregelen.

Het Besluit NIBM

De wet stelt bij een (dreigende) grenswaardenoverschrijding aanvullende eisen en beperkingen voor uimtelijke plannen die "In betekenende mate" (IBM) leiden tot verslechtering van de luchtkwaliteit. Daarnaast moet uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening afgewogen worden of het aanvaardbaar is het plan op deze plaats te realiseren. Hierbij speelt de blootstelling aan luchtverontreiniging een rol, ook als het plan "niet in betekenende mate" (NIBM) bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Op 1 augustus 2009 is het nationaal samenwerkingsprogramma luchtkwaliteit (NSL) in werking getreden. Hierdoor dient bij plannen die de luchtkwaliteit beïnvloeden niet langerte worden uit gegaan van de normen uit de interim-periode. Nu het NSL in werking is getreden is een project NIBM, als aannemelijk is dat het project een toename van de concentratie veroorzaakt van maximaal 3%. De 3% grens wordt gedefinieerd als 3% van de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van fijnstof (PMao) of stikstofdioxide (NO:). Dit komt overeen met 1,2 microgram/m3 voor zowel fijnstof en NO».

° Econsultancy, Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai,

BRO

projectnummer 20275.002, datum 26 oktober 2023

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

48

Als de 3% grens voor PM1o of NO2 niet wordt overschreden, dan hoeft geen verdere toetsing aan grenswaarden plaats te vinden. Regeling NIBM Binnen de getalsmatige grenzen van de Regeling NIBM draagt een project altjd niet in betekenende

mate bij aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Voor woningen gelden in de Regeling NIBM de volgende getalsmatige grenzen: Minimaaltont-

Tabel

_

Minimaal 2 ont-

sluitingsweg

sluitngsweg

3%-norm

3%-norm

.1: Getalsmatige grenzen NIBM

Achtergrondwaarden Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door hoofdstuk 5.2 luchtkwaliteitseisen van de Wet milieubeheer (ook wel Wet luchtkwaliteit genoemd, WIk). De WIk bevat grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijn stof, lood en koolmonoxide en benzeen. Hierbij zijn in Nederland met name de grenswaarden voor stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM2s en PMho) van belang. De vigerende grenswaarden voor stikstofdioxide en fijn stof zijn n de navolgende tabel weergegeven.

stof

Toetsing van

stikstofdioxide (NO;)

Jaargemiddelde concentratie

40 um

Fijn stof (PMs)

Jaargemiddelde concentratie

40 ua/m?

Fijnstof (PM2s)

Jaargemiddelde concentratie

25 ue/m

Grenswaarden

WIk

Tabel 5.2: Grenswaarden stikstofdioxide en fijnstof

De grenswaarden gelden voor de buitenlucht, met uitzondering van een werkplek in de zin van de Arbeidsomstandighedenwet en op plaatsen die niet toegankelijk zijn voor publiek en waar geen vaste bewoning is, zoals akkerland en de rijbaan en ontoegankelijke middenbermen van wegen. In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient bepaald te worden of de kwaliteit van de lucht ter plaatse goed genoeg is voor de realisatie van het bouwplan. Volgens de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (GCN en GDN van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu — RIVM) lag de concentratie PM2in 2022 ter plaatse tussen de 6 en 8 ug/m®, de concentratie PMo < 14 ug/ms en de concentratie NO: in tussen de 10 en 15 hg/ms. Volgens de kaarten van het

® BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

49

RIVM is de luchtkwaliteit ter plaatse ruimschoots voldoende. Daarnaast zal naar verwachting de luchtkwaliteit n de toekomst nog verder verbeteren door voortschrijdende technologie. Conclusie

Gezien de bestaande concentraties is er geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde en wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 5.16 Wm

lid 1 onder a. Daarnaast

draagt het project niet in betekenende mate bij aan de luchtkwaliteit. Daarmee voldoet het plangebied aan het bepaalde in artikel 5.16 Wm, id 1 onder c. Kortom, de voorgenomen ontwikkeling is passend in het kader van de luchtkwaliteitseisen uit de Wet milieubeheer

en aanvullend

onderzoek

is niet nood-

zakelijk. 515

Geur

Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dienen te worden getoetst aan de normen uit de per 1 januari 2007 in werking getreden Wet geurhinder en veehouderij (Wgv). Als gevolg van deze wet worden normen gesteld voor de bouw van nieuwe geurgevoelige objecten (gebouwen voor menselijk wonen en menselijk verblijf). Er dient voor deze objecten sprake te zijn van een goed woon- en leefklimaat. Daarnaast mogen de omliggende veehouderijen niet in hun ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt. Individuele geurbelasting toekomstige woning Conform de kaart ‘Zeer kwetsbare gebieden Wet Amoniak en Veehouderij’ van de Atlas Limburg blijkt dat het plan niet is gelegen binnen een kwetsbaar gebied. Binnen een straal van 500 meter rondom het plangebied is slechts é6n veehouderij gelegen, op de locatie Pratwinkel 11. Hier worden varkens gehouden. Voor het houden van varkens geldt een richtafstand van 200 meter. De afstand tussen het plangebied en de varkenshouderij bedraagt circa 360 meter. Er wordt derhalve voldaan aan deze afstand, er is dus geen sprake van geuroverlast van deze varkenshouderij 51.6

_ Externe

veiligheid

Het beleid voor externe veiligheid is gericht op het beperken en beheersen van risico's voor de omgeving vanwege handelingen met gevaarlijke stoffen. De handelingen kunnen zowel betrekking hebben op het gebruik, de opslag en de productie, als op het transport van gevaarlijke stoffen. Uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) vloeit de verplichting voort om in ruimtelijke plannen in te gaan op de risico's in het plangebied ten gevolge van handelingen met gevaarlijke stoffen. De risico's dienen te worden beoordeeld op twee maatstaven, te weten het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Risicovolle

activiteiten

Het voorliggende bestemmingsplan maakt de realisatie van woningen mogelijk. Op basis van paragraaf 1, artikel 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) zijn woningen kwetsbare objecten. In het kader van dit plan moet daarom bekeken worden of er sprake is van risicovolle activiteiten

BRO

Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

50

in de nabijheid (zoals Bevi-inrichtingen, BRZO-bedrijven en/of transportroutes) of dat in het plangebied zelf risicovolle activiteiten worden toegestaan. Onderzoek

Door het IPO is een risicokaart samengesteld waarop de meest belangrijke risico veroorzakende bedrijven, objecten en transportroutes zijn aangegeven. Het gaat hierbij onder meer om risico's van opslag van patronen, stofexplosies, opslag van gasflessen, ammoniakinstallaties, LPG-tankstations enzovoorts.

Figuur 54 Uitsnede risicokaart met globale ligging plangebied (rood omcirkeld)

Risicovolle inrichtingen Op circa 675 meter ten zuidoosten van het plangebied ligt een LPG-tankstation. Voor deze inrichting is het invloedsgebied vastgesteld op 150 meter vanuit het LPG-vulpunt en ondergronds LPG-reservoir. Gezien de afstand is er geen sprake van invloed op het plangebied. Een nadere verantwoording van het groepsrisico is niet nodig.

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

51

Gevaarlijk transport De nieuw te bouwen woning is gesitueerd op circa 220 meter van de Napoleonsbaan (N273). De Napoleonsweg (N273) is een niet Basisnet Weg. Over de N273 worden echter aanzienlijke hoeveelheden gevaarlijke stoffen vervoerd van de categorieën LF1, LF2, LT1, LT2, GF3 en GT3 (Bron: Rapportage Externe Veiligheid Provinciale Wegen Provincie Limburg, d.d. 21 september 2010, code 074935205:b/D01111.000093, Arcadis). De woning ligt binnen het invloedgebied van voornoemde weg. Gelet op het bepaalde in het Besluit externe veiligheid transportroutes dient er invulling gegeven te worden aan de verantwoording van het groepsrisico. Gelet op de afstand tussen de nieuw te bouwen woning en de weg kan worden volstaan met een beperkte verantwoording. De woning wordt uitsluitend blootgesteld aan de gevolgen van een toxisch scenario afkomstig van een calamiteit met gevaarlijke stoffen op de Napoleonbaan (N273). In de beperkte verantwoording dient aandacht geschonken te worden aan bereikbaarheid, bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid. In het kader van de verantwoording dient formeel advies gevraagd te worden aan het bestuur van de Veiligheidsregio Limburg Noord. In dit geval kan echter gebruik worden gemaakt van het standaardadvies dat de VRLN heeft opgesteld voor situaties waar uitsluitend het toxisch scenario van toepassing is. Onderstaand is het standaardadvies weergegeven. 1.

Voor de initiatiefnemer

e

Wanneer voor ventilatie een installatie nodig is, plaats dan op een makkelijk te bereiken plaats, een noodknop waarmee de installatie uitgezet kan worden zodat er geen ventilatielucht meer van buitenaf wordt ingebracht. De noodknop kan bijvoorbeeld in de meterkast of bij een brandmeldinstallatie worden geplaatst.

2. Voor de gebruiker van het gebouw e

Maak de gebruiker bewust van de risico's en het handelingsperspectief binnenblijven, ramen en deuren

e

sluiten en mechanische

ventilatie uitzetten.

Indien gebouwen geheel of gedeeltelijk zijn voorzien van natuurlijke ventilatie i het advies om naar een ruimte te gaan waar ramen en deuren gesloten kunnen worden en de mechanische ventilatie uitgezet kan worden.

e

Neem het toxisch scenario en handelswijze op in het bedrijfsnoodplan.

3. Voor de gemeente *

Informeer de initiatiefnemer en de gebruikers van het plan over de risico's van de risicobron en het daarbij behorende handelingsperspectief en borg dit in overeenkomsten, voorschriften etc. voor zover dt (uridisch) mogelijk is.

Op circa 1,3 kilometer ten oosten van het plangebied is een aardgasleiding van Gasunie gelegen. Deze pijpleiding heeft een uitwendige diameter van 219 mm en een maximale werkdruk van 40 bar. De 1%-Ietaliteitsgrens van deze leiding ligt op een afstand van 95 meter, gemeten aan weerszijden van de leiding. Gezien de grote afstand is geen sprake van invloed op het plangebied. Een nadere verantwoording van het groepsrisico is niet nodig.

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

52

Conclusie

De Veiligheidsregio Limburg Noord s in de gelegenheid gesteld om in verband met het groepsrisico advies uit te brengen. In dit geval kon worden volstaan met het standaardadvies voor het toxisch scenario. Met het advies van de Veiligheidsregio Limburg Noord en de te nemen maatregelen zullen de risico's zoveel mogelijk worden beperkt en wordt de ontwikkeling van het plan uit oogpunt van externe veiligheid verantwoord geacht. 5.1.7

Gewasbeschermingsmiddelen

In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient te worden beoordeeld of het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen onaanvaardbare gevolgen heeft voor het woon- en leefklimaat. Uit urisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State volgt als vuistregel dat een richtafstand van 50 meter tussen het perceel waarop de teelt plaatsvindt en te realiseren nieuwe gevoelige functies zoals woningen kan worden gehanteerd. Kleinere afstanden zijn mogelijk mits er een locatie speoifiek onderzoek wordt uitgevoerd. In de praktijk is een vuistregel ontstaan die aangeeft dat er ten minste een afstand van 50 meter tussen een (fruit)boomkwekerij en een gevoelig object in acht moet worden genomen. Deze afstand van 50 meter rondom (fruit)boomgaarden is een indicatieve afstand. Op basis van specifieke omstandigheden kan gemotiveerd van deze 50 meter worden afgeweken. De afstand tot een (fruit)boomkwekerij wordt bepaald door de driftblootstelling aan de gewasbeschermingsmiddelen. Deze driftolootstelling is afhankelijk van de toxiciteit van het gewasbeschermingsmiddel, de toegepaste spuittechnieken, kale of volle bladsituatie van de (fruit)bomen, een (gedeeltelijke) windhaag rondom het perceel en de overheersende windrichting. Rondom het plangebied bevinden zich geen (fruitboomgaarden. Wel bevinden zich rondom het plangebied allerlei landbouwpercelen.

Zoals gezegd wordt op deze landbouwpercelen geen (fruit)boomgaard geëxploiteerd. Het is ook niet waarschijnlijk dat in de directe omgeving (fruit)boomgaarden worden opgericht. Spuitzones vormen daarmee geen belemmering voor het initiatief. Conclusie

Het perceel ten noorden van de nieuwe woning is ingericht als grasland. Voor grasteelt is het niet wenselijk gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken, gelet op het (toekomstige) gebruik als veevoeder. De afstand tussen dit perceel en het plangebied bedraagt circa 40 meter. Op het perceel ten o0sten van de nieuwe woning is een papegaaienkwekerij aanwezig. Een inrichting voor boomteelt is hier met aan zekerheid grenzende waarschijnljkeid uit te sluiten. De afstand tussen dt perceel en het plangebied bedraagt circa 10 meter. Op beide percelen heeft nooit boomteelt plaatsenvonden en wordt het huidige gebruik in de toekomst gehandhaafd. Indien er in de toekomst boomteelt zal plaatsvinden, dient er dan rekening te worden gehouden met de dan aanwezige omliggende functies. De

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

53

nieuwe woning is daarbij gesitueerd tussen twee bestaande woningen. Het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen is dan ook niet van toepassing. Dit aspect zorgt dan ook niet voor belemmeringen.

52

Archeologie en cultuurhistorie

Archeologie In de Erfgoedwet is een raamwerk gegeven dat regelt hoe Rijk, provincies en gemeenten om moeten gaan met het aspect ‘archeologie’ n ruimtelijke plannen. De uitgangspunten van de Erfgoedwet zijn als volgt: e

De archeologische waarden dienen zoveel mogelijk in de bodem te worden bewaard.

.

Erdient vroeg n het proces van de ruimtelijke ordening al rekening te worden gehouden met het aspect archeologie.

De wet bepaalt tevens dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor hun eigen bodemarchief. De gemeente is dus het bevoegde gezag waar het gaat om het toetsen van bestemmingsplannen op het aspect archeologie en de uit onderzoek voortkomende rapporten. Het plangebied heeft volgens het vigerende bestemmingsplan de bestemming 'Waarde — Archeologie 4’. Ter plaatse van deze dubbelbestemming geldt een onderzoeksplicht bij bodemingrepen groter dan 250 m en dieper dan 40 centimeter. Bij de beoogde ontwikkeling wordt een kelder gerealiseerd. Het bebouwd oppervlak exclusief overkappingen bedraagt circa 190 m2. Naar verwachting zal het oppervlak van de kelder beduidend minder bedragen. Hierdoor wordt de oppervlakte eis niet overschreden en wordt er geen archeologisch onderzoek noodzakelijk geacht. Zodoende is vooralsnog de dubbelbestemming opgenomen op de verbeelding en de regels. Voor de herbestemming van de bestaande woning naar een bedrijfsbestemming is tevens de dubbelbestemming ‘Archeologie - 4’ opgenomen op de verbeelding en de regels. Mocht een toekomstige ontwikkeling de voorschriften overschrijden dan geldt een onderzoeksplicht bij de vergunnings-/bouwfase.

Cultuurhistorie

Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, tweede lid, onderdeel a Bro) dient in het plan rekening gehouden te worden met cultuurhistorie. Cultuurhistorie heeft onder andere betrekking op de historische stedenbouwkundige en historisch geografische waarden in het gebied. In het plan moet beschreven worden hoe met de in het gebied aanwezige waarden en de aanwezige of te verwachten monumenten wordt omgegaan. De Erfgoedwet bevat de wet- en regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed en archeologie in Nederland. Het is op basis hiervan verplicht om de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie mee te nemen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren.

TBRO

_ Bestemmingsplan Koesdonkerveldweg 9A en Koesdonkerveldweg

ongenummerd Baarlo

54

Conclusie

Conform de Cultuurhistorische waardenkaart provincie Limburg zijn er binnen of direct buiten het besluitgebied geen cultuurhistorisch waardevolle gebouwen of ljnelementen gelegen. In het kader van het vigerend bestemmingsplan is daarnaast reeds beschreven dat het besluitgebied niet gelegen is in een beschermd stads- of dorpsgezicht. Vanuit het aspect ‘cultuurhistorie’ bestaan er geen belemmeringen met betrekking tot de beoogde ontwikkeling.

53

Ecologie

De bescherming van de natuur is per 1 januari 2017 in Nederland vastgelegd in de Wet natuurbescherming (Wnb). Deze wet vormt voor wat betreft soortenbescherming en gebiedsbescherming een uitwerking van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtljn. Daarnaast vindt beleidsmatige gebiedsbescherming plaats door middel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), de voormalige Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Gebiedsbescherming vanuit de Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming heeft voor wat betreft gebiedsbescherming betrekking op de Europees beschermde Natura 2000-gebieden. De Vogelrichtlijn- en Habitatrichtlijngebieden worden in Nederland gecombineerd als Natura 2000-gebieden aangewezen. Als er naar aanleiding van projecten, plannen en activiteiten mogelijkerwijs significante effecten optreden, dienen deze vooraf in kaart gebracht en beoordeeld te worden. Projecten, plannen en activiteiten die mogelijk een negatief effect hebben op de beschermde natuur in een Natura 2000-gebied zijn vergunningplichtig. Gebiedsbescherming vanuit provinciaal beleid De provinciale groenstructuur, bestaande uit beschermingszones van verschillende typen (waaronder de goudgroene en zilvergroene natuurzones), is ruimtelijk vastgelegd in het Provinciaal Omgevingsplan Limburg 2014 (POL2014).

De goudgroene natuurzone vormt het netwerk aan bestaande natuurgebieden (voormalige EHS) en nieuw aan te leggen natuur en verbindingszones tussen de gebieden. De beheergebieden voor agrarisch natuurbeheer behoren tot de zilvergroene natuurzone. In het Provinciaal Natuurbeheerplan zijn de na te streven doelen weergegeven op het gebied van (agrarisch) natuur- en landschapsbeheer. De feitelijke beleidsmatige gebiedsbescherming vindt plaats middels de uitwerking van het provinciaal beleid in de gemeentelijke bestemmingsplannen. Houtopstanden De bescherming van houtopstanden, conform de Wet natuurbescherming, heeft betrekking op alle zelfstandige eenheden van bomen, boomvormers of struiken van een oppervlakte van minimaal tien are of een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat, gelegen buiten de bebouwde kom.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=07635174-172a-4680-b6a3-47d5d0923c49