CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-054 09 Toelichting - Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe (geanonimiseerd)

Raad 23 april 2024, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen “Bestemmingsplan ‘Agrarisch Grondgebonden’ naar ‘Wonen’ op Eelserstraat 26 & 28 en uitbreiding bouwvlak Kaumeshoek 6B te Beringe” (2024-054)23.394 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

van lokale bedrijven.

Bij het faciliteren van ondernemers ligt in de kaderstelling de focusop lokale bedrijven. Met name bedrijven die geworteld zijn in de samenleving. Dit zijn bedrijven die een sterke binding en betrokkenheid hebben met de samenleving en die oog hebben voor de leefomgeving. Het gaat in dit plan om een lokaal bedrijf dat reeds jarenlang op deze locatie actief is en zich in de loop der jaren ontwikkeld heeft tot het bedrijf wat het nu is. De initiatiefnemer is op diverse fronten betrokken in de lokale gemeenschap. Verder biedt het bedrijf werkgelegenheid aan onder andere scholieren uit omliggende dorpen in de weekenden en schoolvakanties. Het planvoornemen kan als passend beschouwd worden binnen de Kaderstelling Ruimte en Economie van de gemeente Peel en Maas.

25.6

Uitwerking kaderstellingen

Thema Wonen

In april 2019 is de Uitwerking kaderstellingen Thema Wonen vastgesteld. Deze uitwerking is een visie op het thema wonen

en vormt daarmee

het kader voor nieuwe wooninitiatieven.

De uitgangspunten voor wonen zijn onderverdeeld in de volgende thema's: 1. Wonen

duurzaam

in balans

2. Zorgen voor elkaar 3. Wonen op de juiste plek 4. Klimaatadaptief en energieneutraal wonen

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |28

Zoals uit deze plantoelichting blijkt, wordt met het projectdeel aan de Eelserstraat 28 tegemoet gekomen aan voornoemde uitgangspunten, omdat een agrarisch bedrijf beëindigd en gesloopt wordt en hiervoor in de plaats een burgerwoning wordt gerealiseerd, waardoor er per saldo geen toename van woningen is. Door de sloop van oude, agrarische bedrijfsgebouwen vindt er ontstening plaats en zal door het realiseren van een landschappelijke inpassing de kwaliteit van het buitengebied substantieel verbeteren. Doordat de nieuwe woning gerealiseerd zal worden met een ruime footprint, is het eenvoudig om deze woning levensloopbestendig uit te voeren. De nieuwe woning wordt niet op het aardgasnet aangesloten en er wordt gebruik gemaakt van duurzame bouwmaterialen. Verwezen wordt ook naar de duurzaamheidsmaatregelen als genoemd in paragraaf 3.4 van deze plantoelichting. Voor de Eelserstraat 26is er slechts sprake van de omzetting van de bestaande bedrijfswoning in ene burgerwoning, waardoor er geen sprake is van een nieuw wooninitiatief.

Het project past hiermee binnen de Uitwerking van de Kaderstelling.

2.5.7

Bestemmingsplan

2.5.7.1

Eelserstraat 26

De locatie ligt in de 1e reparatieherziening bestemmingsplan buitengebied Peel en Maas en heeft de bestemming 'Agrarisch - Grondgebonden! gekregen, met de dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie 3 en een bouwvlak en diverse gebiedsaanduidingen. Op onderstaande figuur is de uitsnede van de vigerende verbeelding weergegeven.

Oubbelbestemming Waarde

CS

- Archeologie 4

Bouwsk Funcieaanduidng specifeke vorm van agrrisch oten - undveehouderij

E a

Gebiedsaanduiding

e zone - kermrandzone

Gebiedsaanduiding e ontwikkelingszone ouwingsinten

Gebiedsaanduiding

verwevingsgebied Gebiedsaanduiding

(E

wetgevingzone

wijigingsgebied

itsnedevigerende verbeelding

Voor het wij

igen van de Eelserstraat 26 van agrarische bedrijfswoning naar een burgerwoning is

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |29

wel een wijzigingsbevoegdheid opgenomen. Artikel 46.5 biedt het college de bevoegd de bestemming ' Agrarisch - Grondgebonden' met een bouwvlak te wijzigen n de bestemming "Wonen! onder de voorwaarden (voorzover in casu relevant) dat: de woonfunctie slechts is toegestaan in de hoofdbebouwing; De agrarische bedrijfswoning met aangebouwd bijgebouw is nog de enige resterende bebouwing op het perceel. Alleen de bedrijfswoning zal voor het reguliere wonen worden gebruikt. aangetoond wordt dat het huidige gebruik als (agrarisch) bedrijf/ de huidige voorziening niet

meer mogelijk is; Het perceel met een omvang van 2094 m? is te klein om reële agrarische bedrijfsuitoefening mogelijk te maken.

het huidige gebruik als (agrarisch) bedrijf/ van de huidige voorziening dient te zijn beëindigd; Het agrarisch gebruik is beëindigd. het aantal woningen mag niet toenemen; Er blijft sprake van één woning. in voldoende mate wordt voorzien in een goede landschappelijke inpassing, dan wel in een andere vorm van kwaliteitsverbeterende maatregelen; Verwezen wordt naar paragraaf 3.2. overtollige bedrijfsbebouwing dient te worden gesloopt, tenzij deze bebouwing valt onder de dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorie'; Er is geen overtollige bebouwing aanwezig. de ontwikkeling in voldoende mate moet zijn gericht op verbetering van de omgevingskwaliteit, hiertoe wordt een landschappelijk inrichtingsplan overgelegd dat als bijlage bij de regels wordt opgenomen, waarin de landschappelijke inpassing van de bebouwing en andere te verrichten kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn beschreven en waaromtrent advies is ingewonnen bij een onafhankelijke, objectieve commissie. De landschappelijke inpassing wordt in de vorm van een voorwaardelijke verplichting opgenomen met een daaraan gekoppelde aanleg- en instandhoudingsverplichting; Verwezen wordt naar paragraaf 3.2. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van:

1.

het woon-en leefklimaat; Door de omzetting wordt het woon- en leefklimaat alleen maar beter voor omliggende gevoelige functies. 2. de milieusituatie; Verwezen wordt naar paragraaf 4.2. 3. de bestaande natuurlijke, landschappelijke, cultuurhistorische, aardkundige en/of abiotische waarden; Niet wordt ingezien hoe deze door een inpandige functiewijziging aangetast zouden kunnen worden. 4. gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van aangrenzende gronden en bebouwing; Verwezen wordt naar paragraaf 4.2. in voldoende mate is onderzocht of er effecten zijn te verwachten op aanwezige Natura-2000 gebieden, met dien verstande dat de ontwikkeling per saldo geen significant negatieve effecten mag hebben op de aanwezige Natura-2000 gebieden; Het gebruik van een bedrijfswoning als burgerwoning heeft geen enkel effectop de instandhouding van Natura 2000-gebieden. voldaan wordt aan de voorwaarden van artikel 22 (Wonen). De bestaande bebouwing past geheel binnen de deze bestemming Wonen.

2.5.7.2

Eelserstraat 28

De locatie ligt zowel in het bestemmingsplan buitengebied Peel en Maas als in de 1e reparatieherziening bestemmingsplan buitengebied Peel en Maasen heeft de bestemming ‘Agrarisch’ en 'Agrarisch - Grondgebonden' gekregen, met de dubbelbestemmingen Waarde Archeologie 3 en 4 en een bouwvlak en diverse gebiedsaanduidingen. Op onderstaande figuur zijn de uitsnedes van de vigerende verbeeldingen weergegeven.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina

130

Enkelbestemming

‚Agrarisch-

Grondgebonden

Dubbelbestemming Waarde Archeologie 3 Oubbelbestemming Waarde - Archeologie 4

CS

Bouwsk Funcieaanduidng T specifeke vorm van agrrisch útgesloten rundveehoudeij

ETD

Gebiedsaanduiding

overige

zone -

kermrandzone

Gebiedsaanduiding overige zone - ontwikkelingszone bebouwingsinten

Gebiedsaanduiding

verwevingsgebied Gebiedsaanduiding

(E

wetgevingzone

wijigingsgebied 1

q

Enkelbestemming Agrarisch

Dubbelbestemming Waarde - Archeologie-4

EI

ED

Gebiedsaanduiding

kernrandzone

Gebiedsaanduiding

ontwikkelingszone bebouwingslinten Gebiedsaanduiding reconstructiewetzone

-

verwevingsgebied

E

Gebiedsaanduiding

wro-z0ne - wijigingsgebied 1 ob

Binnen deze agrarische bestemming is de realisatie van een burgerwoning niet toegestaan; evenmin kennen beide bestemmingsplannen toereikende afwijkings- of wijzigingsmogelijkheden om hieraan medewerking te verlenen.

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |31

2.5.7.3

Kaumeshoek

6B

De locatie maakt onderdeel uit van het bestemmingsplan'Huisvesting (tijdelijke) arbeidskrachten Peel en Maas' vastgesteld op 26 mei 2015. De locatie heeft de enkelbestemming

"Agrarisch - Grondgebonden’, het bouwvlak heeft een oppervlakte van circa 8.400 m?.

Enkelbestemming Oubbelbestemming

Dubbelbestemming

Bouwak

runctiesanduiding

Functeaanduidng

Functesanduiding

Gebiedsaanduidng

Gebiedszsnduiding

Gebiedsssnduiding

Figuur: uitsnedevigerende verbeelding

Daarnaast is de locatie voorzien van de dubbelbestemming 'Waarde — Archeologie 3' en 'Waarde — Archeologie 6'. Verder gelden de gebiedsaanduidingen ‘overige zone —ontwikkelingszone bebouwingslinten' en 'reconstructiewetzone - verwevingsgebied' en het wijzigingsgebied 'wro-zone — wijzigingsgebied 1 ob'. De bestaande gebouwen liggen binnen het bestemmingsvlak en bouwvlak met de bestemming “Agrarisch grondgebonden". Ten zuiden van de bestemming, op de plek van de beoogde bebouwing, geldt eveneens de bestemming "Agrarisch - Grondgebonden", maar dan zonder bouwvlak. Ter plaatse is wel een functieaanduiding "specifieke vorm van agrarisch teeltondersteunende voorzieningen". Deze is aanwezig in verband met de teelt van aardbeien op stellingen. Dit is namelijk een vorm van teeltondersteuning. Ter plaatse van de huisvestingsgelegenheid van arbeidsmigranten is er een functieaanduiding 'specifieke vorm van wonen =short stay huisvesting Kaumeshoek 6b' opgenomen. Direct aangrenzende gronden c.q. panden zijn bestemd als 'Water, 'Verkeer’, en 'Wonen'. Conform de ter plaatse vigerende bestemming is uitsluitend het gebruik als grondgebonden agrarisch bedrijf toegestaan. Het bestaande gebruik is passend binnen de bestemming. Het oprichten van de nieuwe bebouwing is strijdig met de planregels voor zover deze bebouwing buiten het bouwvlak ligt.

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |32

n artikel 5.5.1 van het vigerende bestemmingsplan is een bevoegdheid opgenomen om het bouwvlak binnen de bestemming 'Agrarisch - Grondgebonden' te vergroten. Aan deze bevoegdheid zijn de volgende voorwaarden gekoppeld: a.

de gronden niet tevens zijn gelegen ter plaatse van de aanduiding 'ecologische hoofdstructuur';

b.

) g.

h. i.

j.

uitbreiding van de nevenactiviteit intensieve veehouderij niet is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'reconstructiewetzone - extensiveringsgebied, 'kernrandzone’, 'wro - zone wijzigingsgebied 3 bd' en 'wro - zone - wijzigingsgebied 6 bn'; de noodzaak voor een doelmatige agrarische bedrijfsvoering is aangetoond; er sprake is van een volwaardig agrarisch bedrijf; het bouwvlak mag worden uitgebreid tot maximaal 1,5 ha; ten behoeve van het grondgebonden bedrijf is in het bestemmingsvlak tevens een containerveld toegestaan, met dien verstande dat: 1. daardoor de bestaande natuurlijke, andschappelijke, cultuurhistorische en/of abiotische waarden niet onevenredig worden aangetast; 2. in het betreffende gedeelte van het bestemmingsvlak de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - containerveld’ wordt opgenomen; de ontwikkeling in voldoende mate moet zijn gericht op verbetering van de omgevingskwaliteit, hiertoe wordt een landschappelijk inrichtingsplan overgelegd dat als bijlage bij de regels wordt opgenomen, waarin de landschappelijke inpassing van de bebouwing en andere te verrichten kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn beschreven en waaromtrent advies is ingewonnen bij een onafhankelijke, objectieve commissie.

De landschappelijke inpassing wordt in de vorm van een voorwaardelijke verplichting opgenomen met een daaraan gekoppelde aanleg- en instandhoudingsverplichting; he aanduiding aantal toegestane bedrijfswoningen mag niet worden gewijzigd; in voldoende mate is onderzocht of er effecten zijn te verwachten op aanwezige Natura-2000 gebieden, met dien verstande dat de ontwikkeling per saldo geen significant negatieve effecten mag hebben op de aanwezige Natura-2000 gebieden; geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1.

hetwoon-en

leefklimaat;

2.

de milieusituatie;

3.

de bestaande natuurlijke, landschappelijke, cultuurhistorische, aardkundige en/of abiotische waarden;

4. k.

de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bebouwing;

voldaan wordt

aan de voorwaarden

van artikel 5.

Hieronder zal een toetsing aan de wijzigingsvoorwaarden plaatsvinden. Ad. a: Ter plaatse is geen sprake van de aanduiding "ecologisch hoofdstructuur". Aan deze voorwaarde

wordt voldaan.

Ad. b: Er is geen sprake van de uitbreiding van de nevenactiviteit intensieve veehouderij. Er wordt voldaan aan de gestelde voorwaarden. Ad. c: Medio 2014 is er op het bedrijf een loods gebouwd waarin de gewassen gesorteerd en gekoeld worden. Dit gebouw heeft een afmeting van 26 x 50 meter. Na realisatie van het gebouw heeft het bedrijf de afgelopen jaren een groei doorgemaakt. Daardoor is er een tekort ontstaan aan met name stallingsruimte van materialen en is de koelruimte beperkt. Plan is daarom om een tweetal nieuwe bedrijfsruimtes te bouwen. Ten eerste zal de in 2014 gebouwde loods

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |33

verlengd worden met ca. 25 meter. Dat geeft de ruimte voor met name extra koelruimte ter realiseren.

Ten tweede zal er aan de oostzijde een stallingsruimte (ca. 20 x 35 meter) gecreëerd worden voor in hoofdzaak opslagruimte voor folies (gebruikt in de teelt van asperges onder tunnels en minitunnels) en materialen die minder intensief gebruikt worden binnen het bedrijf. Deze ontwikkelingen passen slechts deels binnen het bestaande bouwvlak. Om het plan

mogelijk te maken is het nodig om het bouwvlak met ca. 1.400 m?te vergroten. Voor een doelmatige bedrijfsvoering is de ontwikkeling noodzakelijk. Indien het plan geen doorgang kan worden zal er meer materiaal buiten gestald en opgeslagen moeten worden. Los van de vraag of dat wenselijk is, gaat buitenstalling en -opslag leiden tot extra onderhoudskosten en het eerder moeten vervangen van werktuigen, machines, folies, etc. Dat is niet wenselijk op langere termijn.

Ad. d: Er is sprake van een ruimschoots volwaardig bedrijf. Medio 2023 omvatte het bedrijf een teeltplan van 5.57 hectare aardbeien, 7.66 hectare asperges, 3.65 hectare suikerbieten, 3.11 hectare gerst, 1.05 hectare grasland en 2.96 hectare mais. De huidige bedrijfsomvang is in de (N)SO rekenmodule van Wageningen University en Research ingevoerd om de volwaardigheid te kunnen bepalen. Hieruit blijkt (bijlage 8: berekening bedrijfsomvang) dat het bedrijfin de huidige vorm in de categorie "zeer grote bedrijven" valt. Bij een verdere doorontwikkeling zal dat nog steeds het geval zijn. Daarmee is voldoende aangetoond dat er sprake is van een volwaardig agrarisch bedrijf.

Ad. e: Het bouwvlak heeft in de huidige vorm een omvang van ca. 8.400 m?. Middels onderhavig

plan wordt daar ca. 1.400 m?aan toegevoegd. Het oppervlak komt daarmee uit op 9.800 m?. Daarmee wordt voldaan aan de voorwaarde dat het bouwvlak na vergroting maximaal 1,5 hectare mag bedragen. Ad. f: Met onderhavig plan wordt binnen het bestemmingsvlak niet verzocht om extra containervelden mogelijk te maken. Aan deze voorwaarde hoeft daarom niet verder getoetst te worden.

Ad. g: Onderdeel van dit bestemmingsplan is dat er een landschappelijk inpassingsplan is opgesteld en zal worden uitgevoerd. In paragraaf 3.2. zal hierop worden ingegaan. Daarmee wordt voldaan aan deze wijzigingsvoorwaarde. Ad. h: Binnen het bestaande bouwvlak is één bedrijfswoning aanwezig. Deze blijft ook aanwezig. Het aantal bedrijfswoningen wijzigt daarmee niet. Aan deze wijzigingsvoorwaarde wordt voldaan.

Ad i: Het vergroten van het bouwvlak leidt niet tot negatieve effecten ter plaats van Natura 2000 gebieden. Hierop wordt in paragraaf 4.5 verder ingegaan. Aan deze voorwaarde wordt derhalve voldaan.

Ad. . Uit de toetsing die in hoofdstuk 4 plaatsvindt blijkt dat er geen aantasting plaatsvindt van het woon-en leefklimaat ter plaatse, milieusituatie, natuurlijke, cultuurhistorische, aardkundige en/of abiotische waarden. Tenslotte vindt er geen aantasting plaats van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van aangrenzende gronden en bebouwing. Ad k. Initiatiefnemer conformeert zich aan de regels zoals opgenomen in artikel $ van het vigerende bestemmingsplan. Daarmee wordt voldaan aan deze voorwaarde. Uit het bovenstaande blijkt dat voldaan wordt aan de wijzigingsbevoegdheid zoals opgenomen in artikel 5.5.1 uit het bestemmingsplan "huisvesting (tijdelijke) arbeidskrachten Peel en Maas". Daarmee kan de conclusie getrokken worden dat de ontwikkeling past binnen de kaders zoals de

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina 134

gemeenteraad die gesteld heeft.

26

Conclusie

Geconcludeerd kan worden dat het project niet in strijd is met het planologisch beleid in ruime zin en dat er alleen een strijdigheid met het vigerende bestemmingsplan is; om medewerking te kunnen verlenen aan het project zal het bestemmingsplan daarom herzien moeten worden.

I bestemmingsplan Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |35

Hoofdstuk3 3.1 3.1.1

Projectbeschrijving

Uitgangspunten en doelstellingen

van het plan

Eelserstraat 28

Initiatiefnemer heeft op de |ocatie Eelserstraat 28 te Beringe de bestaande agrarische opstallen

(circa 6730 m’) gesloopt en voor de duur van maximaal 3 jaar staat deze |ocatie ten dienste aan de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Na beëindiging van de opvang van vluchtelingen zal de locatie worden ingericht als een regulier woonperceel met één woning. Het voornemen is om de locatie een passende woonbestemmingte geven, waarbij de gronden welke niet voor bebouwing en gebruik gerelateerd aan de woonfunctie noodzakelijk zijn, een niet te bebouwen agrarische bestemming krijgen. Na de bestemmingsherziening en na beëindiging van de tijdelijke opvang van Oekraïense vluchtelingen, zullen deze gronden in de verkoop worden gezet. De nieuwe eigenaar heeft na bestemmingsherziening de mogelijkheid om hier é&n woning te realiseren, waarbij de mogelijkheid bestaat tot het hobbymatig houden van enkele paarden (maximaal 5). De woning, welke samen met de overige bouwwerken een

maximaal volume mag hebben van 2500 m? (via toepassing van de sloop-bonusregeling welke in de bouwregels al is verwerkt) zal ongeveer worden gerealiseerd op de footprint van het voorste bedrijfsgebouw. Voor het onderkomen voor paarden kan een stal worden gerealiseerd en overige bijbehorende bouwwerken, die bij benadering gerealiseerd zullen worden op de plek van de huidige bedrijfswoning. De paardrijbak kan ten zuidwesten van de paardenstal worden gerealiseerd; hieromheen zal voorzien worden in een fraaie en gebiedseigen landschappelijke inpassing. Door de recente sloop van de vier achter elkaar gelegen bedrijfsgebouwen, ontstaat er een zichtlijn tussen de bebouwing aan de Eelserstraat 28 en 28a richting het agrarisch gebied. In deze zichtlijn kan een paardenwei komen te liggen, welke wordt voorzien van houten omheining. Het eerste idee voor een passende woning is het type ‘schuurwoning’ ‚ waarbij de esthetische kwaliteit van de woning in het verlengde ligt van het karakter van het landelijk gebied. Onderstaand is een impressie van een schuurwoning weergegeven:

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |36

Figuur: Voorbeeldschuurwoning

Een eerste idee voor de nieuwe invulling van het perceel is onderstaand weergegeven:

zichtiijn

Optie : woning met paardenstal, waarbij de om de woning liggende gronden worden ingericht voor de woonfunctie en de gronden vanaf de paardenstal een semi-agrarisch gebruik krijgen.

I bestemmingsplan Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |37 Figuur: Voorstelherinrichtingperceel

3.1.2

Eelserstraat 26

Aanvullend zal de agrarische bedrijfsbestemming van de Eelserstraat 26 worden gewijzigd in de bestemming Wonen, nu hier geen sprake meer is van een agrarisch bedrijf, er geen bedrijfsgebouwen staan en de agrarische bedrijfswoning gebruikt wordt als burgerwoning.

3.13

Kaumeshoek

6B

De doelstelling van dit plan is gericht op het doorontwikkelen van het agrarische bedrijf aan de Kaumeshoek 6B te Beringe. Daarvoor wordt het bouw- en bestemmingsvlak "Agrarisch

-Grondgebonden" aan de zuidzijde met 1.400 m? vergroot.

Figuur: bestaande bouwviakrood omlijnd,

gewenste vergroting bouwviak geel omli

De nieuwe bebouwing wordt gerealiseerd aan de zuidzijde van de bestaande bebouwing. Aan de

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina 138

straatzijde heeft het plan geen impact omdat de bestaande bebouwing aan deze zijde veel meer

bepalend is dan de nieuwe bebouwing. Vanuit de zijde Eelserstraat/Kanaalstraat is de impact ook beperkt omdat de afstand tussen straat en bebouwing 150 tot ruim 500 meter bedraagt. Andere bebouwing is hier veel meer bepalend.

3.2

Landschappelijke inpassing

3.2.1

Eelserstraat 26

Voor de Eelserstraat 26is ter aanvulling van de bestaande erfbeplanting, een beknopt landschappelijk inpassingsplan opgesteld. Ook deze landschappelijke inpassing dient te voldoen aan de basiskwaliteit à 10% van de omvang van het nieuwe bouwvlak. De omvang van de nieuwe

bestemming Wonen bedraagt bijna 2100 m?; de landschappelijke inpassing beslaat een oppervlak van 10% hiervan, zodat voldaan wordt aan de basiskwaliteit. De bomen op achtererf nabij de kippenren blijven behouden, zorgen voor schaduw en passen mooi in het geheel. De bomen zullen volledig uitgroeien en niet gesnoeid worden. Langs de vorozijde van het perceel, afbuigend naar de voordeur, zal een beukenhaag worden aangeplant met hoogte van 1,20 meter, bijna gelijk met het open hekwerk. Hiermee komt de poort ook mooi tot zijn recht. Verder zullen er een winterlinde en andere bomen worden aangeplant en een

vogelbosje met struiken (circa 96 m?). Op onderstaande schets (en tevens toegevoegd als bijlage 6) is deze inpassing weergegeven:

Het landschapsinpassingsplan

In de planregels is bepaald dat het perceel voorzien dient te worden van een landschappelijke inpassing op basis van het Kwaliteitskader Buitengebied Peel en Maas 10% van het nieuwe

bouwvlak (120 m?), welke ook als zodanig wordt in stand wordt gehouden.

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |39

3.2.2

Eelserstraat 28

De landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering voor de Eelserstraat 28 zal worden opgesteld door degene die het bouwkavel zal verwerven, nadat de tijdelijke opvang van Oekraïense vluchtelingen beëindigd is. Deze koper dient bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de bouw van de woning een landschappelijk inpassingsplan te overleggen. Deze landschappelijke inpassing dient te voldoen aan de basiskwaliteit à 10% van

de omvang van het nieuwe bouwvlak (2275 x 10% = 227,5 m?). Na akkordering hiervan door het bevoegd gezag dient deze inpassing ook te worden uitgevoerd; hiertoe is in de planregels een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarin is bepaald dat de toe te voegen woning en daarbij behorende gebouw{(en) uitsluitend in gebruik mogen worden genomen onder de voorwaarde dat de bij de omgevingsvergunningaanvraag voor de woning ingediende en door het bevoegd gezag geakkordeerde landschappelijke inpassing binnen 1,5 jaar nadat de omgevingsvergunning voor het onderdeel bouw van de woning onherroepelijk is geworden, geheel is gerealiseerd én deze in stand gehouden wordt conform dat landschappelijk

inpassingsplan ten belope van 227,5 m?. Hierbij dient tevens (in onderlinge afstemming met het Waterschap Limburg) onderzocht te worden of een deel van de overkluisde watergang Kaumeshoek opengewerkt kan worden. Door bebouwing (anders dan vergunningsvrije bouwwerken welke van beperkte omvang en impact zijn) tussen het nieuwe bouwvlak binnen de bestemming Wonen en de Eelserstraat 28C niet toe te staan, ontstaat een mooie zichtlijn naar het agrarisch gebied. Nieuw aan te brengen beplanting zal zodanig van positionering en omvang moeten zijn, dat hierdoor de zichtlijn als het ware versterkt wordt.

Er zal gebruik gemaakt moeten worden van gebiedseigen beplanting en de landschappelijke inpassing dient een eenheid te vormen met de omgeving. Door aanplant van fruitbomen en besdragende heesters zal de biodiversiteit worden versterkt. Initiatiefnemer zal in overweging dienen te nemen of het, in nauw overleg met en met toestemming van het Waterschap Limburg, haalbaar is om een groot deel van de overkluisde watergang Kaumeshoek weer open te maken en de waterloop hiermee in het zicht brengen, omzoomd door bijpassende vegetatie.

3.2.3

Kaumeshoek

6B

De gemeente Peel en Maas heeft vanuit hun kwaliteitskader de eis gesteld dat er ook een all inclusive landschapsplan toegevoegd dient te worden, dat voor de groene omgeving een meerwaarde oplevert en ook de biodiversiteit van dit stukje landschap een impuls krijgt. Hierbij is ook aangegeven om het oude aanplantplan uit november 2013 te integreren bij deze nieuwe uitbreiding. Voor de Kaumeshoek 6B is ter aanvulling van de bestaande erfbeplanting daarom een landschappelijk inpassingsplan opgesteld. Deze landschappelijke inpassing dient te voldoen

aan de basiskwaliteit à 10% van de omvang van het nieuwe bouwvlak (circa 1400 x 10% = 140 m?). Op onderstaande schets is deze inpassing weergegeven:

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina

|40

Figuur:landschappelijkinpassingsplan

Het landschappelijk inpassingsplan is integraal toegevoegd als bijlage 7 bij de planstukken.

3.3

Privacy en bezonning

Als gevolg van voornoemde landschappelijke inpassing, het feit dat de nieuw te realiseren woning, de naar burgerwoning om te zetten agrarische bedrijfswoning en de toevoeging van de agrarische bedrijfsbebouwing op de respectievelijke deelgebieden n de landschappelijke inpassing worden ingebed en de onderlinge afstand tussen de diverse woningen op de belendende percelen, zullen omliggende functies minimaal in hun privacy zullen worden aangetast.

Ook qua bezonning (en schaduwwerking) heeft de nieuwe bebouwing geen effect op omliggende functies; zeker niet in relatie tot de bouwmassa's welke voorheen op de locatie Eelserstraat 28 aanwezig waren.

3.4

Duurzaamheid en klimaatadaptatie

In de gemeente Peel en Maas wordt gestreefd naar duurzame bouw, waarbij het energieverbruik zoveel mogelijk wordt teruggedrongen en zoveel mogelijk duurzame bouwmaterialen worden gebruikt. Er dient te worden voldaan aan de eisen op grond van het Bouwbesluit, Bouwverordening en aan alle verplichte maatregelen van de basislijst Duurzaam Bouwen. Het Bouwbesluit stelt dat per januari 2021 nieuwbouw bijna energieneutraal (BENG) moet zijn: er is vrijwel geen energie nodig, energie die nog nodig is komt uit groene bronnen.

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |41

De binnen het plangebied te realiseren woning zal in ieder geval voldoen aan 'BENG'. In onderhavig plan zijn de volgende duurzaamheidsmaatregelen voorzien: e _ de woning wordt niet aangesloten op gas (elektrisch koken); e _ de woning zal worden aangesloten op een aard- of luchtwarmtepomp ter verwarming en koeling van de woning;

« _ in de woning wordt balansventilatie toegepast (warmte-terugwin-installatie); + _ de woning zal een substantiële hoeveelheid energie opwekken middels zonnepanelen; e _ de woning wordt zeer goed geïsoleerd en hebben een zeer lage warmtevraag.

Door de beide woonpercelen met veel natuurlijk groen in te richten, wordt gezorgd voor voldoende schaduw rondom de woning, waardoor hittestress wordt voorkomen. Op het perceel Eelserstraat 28 zal het op de verharding neerslaand hemelwater worden geïnfiltreerd. Deze hemelwaterinfiltratie zal bij de nieuw te realiseren woning bij voorkeur middels een open wadi plaatsvinden, welke in de landschappelijke inpassing van het perceel zal worden verwerkt. Een andere optie is het infiltreren van het hemelwater via het openwerken van het nu nog overkluisde deel van de waterloop. Bij de Eelserstraat 26 blijft de afgekoppelde hemelwaterinfiltratie ongewijzigd. Ook bij de in de toekomst nieuw te realiseren bedrijfsbebouwing aan de Kaumeshoek 6B zal een substantiële hoeveelheid nieuwe beplanting worden aangebracht en zal hemelwater op eigen terrein worden gerealiseerd. Het nieuwe dakvlak leent zich verder ook voor het aanbrengen van zonnepanelen.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |42

Hoofdstuk 4 4.1

Sectorale aspecten

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt vanuit verschillende sectorale aspecten (0.a. milieu, veiligheid, water, natuur en archeologie) het initiatief getoetst of men zal voldoen aan de criteria van deze aspecten.

4.2

Milieuaspecten

4.2.1

Milieu Effect Rapport

Op 7juli 2017 is het gewijzigde Besluit m.e.r. in werking getreden. In het gewijzigde Besluit staat de procedure voor de vormvrije m.e.r-beoordeling. Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde is moet een m.e.r-beoordelingsbesluit worden genomen. Dit houdt in dat in afwijking van voorheen voor iedere activiteit die wordt genoemd in kolom 1, ook al blijft deze onder de drempelwaarde van gevallen in kolom 2, een m.e.r-beoordelingsbesluit moet worden genomen. Onderhavige plantoelichting met beschrijving van de activiteiten, de noodzaak en de (milieu)gevolgen dient tevens gezien te worden als 'aanmeldnotitie vormvrije m.e.r’ op basis waarvan het m.e.r.-beoordelingsbesluit kan worden genomen. IKolom

1

IKolom

|Activiteiten

2

Kolom

|Gevallen

3

Kolom

Plannen

Deaanleg,

wijziging of

n gevallen waarin de

_

uitbreiding

van een

activiteit betrekking heeft

Besluiten

[Destructuurvisie, |bedoeld

4

_

in de

[De vaststelling van het plan, bedoeld in

stedelijk

op:

artikelen 2.1, 22 en |artikel 3.6, eerste Iid,

ontwikkelingsproject met

|1°. een oppervlakte van

|23 van de Wet

D

|inbegrip van de bouw van

|100 hectare of meer,

[ruimtelijke ordening,

|van de Wet

11.

winkelcentra of

2° een aaneengesioten

|en het plan, bedoeld

|ruimtelijke ordening

2

|parkeerterreinen

gebied en 2000 ofmeer

|in artikel 3.1, eerste

|dan wel b het

woningen omvat, of

[|iid, van diewet.

|ontbreken daarvan

3=

Uit bijlage onderdeelD, Besluit

_

_

een

_

_

|onderdelen a en b,

\van het plan, bedoeld

bedrijfsvloeroppervlakte

n artikel 3.1, eerste

\van 200.000

d, van die wet

m2 of meer.

milieueffectrapportage.

Wanneer het project wordt getoetst aan onderdeel D11.2 en wordt gekeken in kolom 2 van de D-lijst, is hier een drempelwaarde opgenomen voor een oppervlakte van 100 ha of 2000 woningen.

In casu behoeft er geen m.e.r.-beoordelingsbesluit te worden genomen. De omvang van de ontwikkelingsruimte die onderhavig bestemmingsplan biedt (realisatie van één woning, omzetting van een agrarische bedrijfswoning n een burgerwoning en een beperkte uitbreiding

I bestemmingsplan Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |43

(bouwvlak wordt met slechts 1400 m? vergroot) van de mogelijkheden voor de bouw van extra agrarische bedrijfsbebouwing bij een bestaand agrarisch bedrijf) is zodanig beperkt dat absoluut geen sprake is van overschrijding van voornoemde drempelwaarden uit het Besluit MER. sinds de wijziging van het Besluit m.e.r. is een vormvrije aanmeldnotitie nodig wanneer er sprake is van een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Dit geldt voor alle ruimtelijke ontwikkelingen die voorkomen in onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. maar onderde drempelwaarden blijven (en daarmee niet planMER-plichtig zijn). Er is geen ondergrens wat betreft het plan zelf, dus ook bij het ontwikkelen van een klein ruimtelijk plan is een aanmeldnotitie nodig. Vanwege de zeer beperkte omvang en impact van de project delen, is er geen sprake van significante milieueffecten als gevolg van de ontwikkeling. Op basis van het bovenstaande dient de voorliggende ontwikkeling niet aangemerkt te worden als 'de aanleg van een stedelijk ontwikkelingsproject' als bedoeld in kolom I van categorie 11.2, onderdeel D, van de bijlage bij het Besluit m.e.. Er hoeft dan ook geen milieueffectrapport te worden opgesteld en er hoeft ook geen m.e.r.-beoordeling te worden doorlopen.

Ter onderbouwing van de omgevingsvergunning worden in deze plantoelichting uiteraard wel alle aspecten onderzocht die het gevolg zijn, dan wel kunnen zijn van de drie project delen. Hiervoor zij met name verwezen naar onderhavig hoofdstuk 4.

4.2.2

Bodem- en grondwaterkwaliteit

Het is verboden om bouwwerken waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend mensen zullen verblijven te bouwen op verontreinigde grond. Teneinde de kwaliteit van de bodem zeker te stellen dient in zo'n geval een onderzoeksrapport naar de kwaliteit van bodem en grondwater overlegd te worden. De bodemkwaliteit kan namelijk van invloed zijn op de beoogde functie van het plangebied.

4.2.2.1

Eelserstraat 26

Voor de Eelserstraat 26 is er sprake van een wijziging van de bestemming zonder dat dit bouwkundige ingrepen tot gevolg heeft en zonder dat het feitelijke gebruik wijzigt: immers, zowel een agrarische bedrijfswoning als een burgerwoning worden voor hetzelfde doel gebruikt, namelijk voor de functie wonen. Het gebruik wordt door de omzetting naar de bestemming Wonen derhalve niet gevoeliger, zodat het niet noodzakelijk is om hiertoe een bodemonderzoek

uit te voeren.

Hieruit kan worden geconcludeerd dat de bodemkwaliteit niet aan de beoogde woonfunctie in de weg staat.

4.2.2.2

Eelserstraat 28

Op 21 april 2023 is voor de Eelserstraat 28 door M & A Milieuadviesbureau BV onderzoek uitgevoerd naar asbest in de grond en aanvullend onderzoek naar de mogelijke aanwezigheid van minerale olie in de grond. Uit dit onderzoek blijkt dat de hypothese "diffuus belaste locatie met heterogeen verdeelde verontreinigingen op schaal van de monsterneming” worden aanvaard, gezien de verhoging met asbest bij M1 boven de toetsingswaarde voor nader onderzoek.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |44

Uit de resultaten van de analyse blijkt dat de concentratie asbest voor

M1 83 mg/kg ds bedraagt.

Dit is hoger dan de toetsingswaarde voor nader onderzoek van 50 mg/kg ds. Dit betekent dat er voor dit gedeelte van het pad een nader onderzoek noodzakelijk is. Voor M2 en M3 bedraagt de

concentratie asbest respectievelijk lager dan 2 en 20 mg/kg ds. De resultaten van de minerale olie/BETXN tonen aan dat ten hoogste overschrijdingen van de AW voor minerale olie zijn aangetroffen bij MS en M6. Gezien de gehalten is geen nader onderzoek noodzakelij Geconcludeerd wordt dat er geen sterke verontreinigingen met asbest zijn aangetroffen op de locatie. Wel is bij 1 mengmonster een overschrijding van de toetsingswaarde voor nader onderzoek geconstateerd. Te zijner tijd zal hiervoor een nader onderzoek uitgevoerd dienen te worden. Hiervoor is een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan opgenomen. Totdat het aanvullend onderzoek en de eventueel daaruit voortvloeiende maatregelen zijn uitgevoerd moet de weg ter plaatse van mengmonster M1 degelijk afgedekt worden, zodat er

geen contactmogelijkheden zijn met en/of verstuiving kan plaatsvinden van de huidige bovengrond.

M.b.t. minerale olie/BETXN zijn geen belemmeringen geconstateerd.

Dit onderzoeksrapport is als bijlage 1 opgenomen bij deze plantoelichting.

4.2.2.3

Kaumeshoek

6B

Op basis van de resultaten van het uitgevoerde vooronderzoek (bijlage 9: bodemonderzoek) wordt geconcludeerd dat de onderzoekslocatie als onverdacht ten aanzien van bodemverontreiniging te beschouwen is. Ter plaatse wordt, met uitzondering van de bekende verhoogde achtergrondgehalten, geen bodemverontreiniging verwacht. Daarom wordt, conform het gemeentelijk beleid, de uitvoering van een bodemonderzoek niet noodzakelijk geacht.

4.2.3

Geluid

De Wet geluidhinder (Wgh) is van toepassing op woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen (onder meer onderwijsgebouwen, ziekenhuizen, verpleeghuizen en andere gezondheidszorggebouwen) en geluidsgevoelige terreinen (onder meer woonwagenstandplaatsen). Aan de Eelserstraat geldt ter hoogte van het plangebied een snelheidsregime van 60 km/uur; bij

de bebouwde kom gaat dit over in een maximum snelheid van 30 km/uur. Het plangebied ligt dus in de geluidszone van de Eelserstraat en zal de gevelbelasting dienen te worden bepaald.

Hoewel het plangebied ook net binnen de geluidszone van Kaumeshoek (voorzover parallel aan Eelserstraat gelegen) ligt, is dit weggedeelte dermate verkeersluw dat dit geen impact kan hebben op de gevelbelastingen ter plaatse van het plangebied.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |45

4.2.3.1

Eelserstraat 26

Aan de Eelserstraat 26 betreft het een bestaande agrarische bedrijfswoning, die alleen van gebruik (cq de dagelijkse activiteiten van de hoofdbewoner) wisselt. In dergelijk geval is een akoestisch onderzoek niet nodig, omdat in beide gevallen sprake is van de activiteit wonen. Het maakt dan niet uit of de woning een agrarische woning of een burgerwoning is.

4.2.3.2

Eelserstraat 28

Op 4 april 2023 is voor de Eelserstraat 28 door K-Plus een akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai uitgevoerd, dat integraal als bijlage bij de planstukken is gevoegd. In het akoestisch onderzoek wordt het volgende geconcludeerd: 'De voorkeursgrenswaarde wordt nergens op het plangebied overschreden. De geluidbelasting bedraagt maximaal 46 dB (incl. aftrek art. 1108 Wgh). Het Besluit Geluidhinder [egt ten gevolge van deze weg geen restricties op aan het plan. * Hieruit kan worden geconcludeerd dat wegverkeerslawaai niet leidt tot een te hoge gevelbelasting.

4.2.3.3

Kaumeshoek

6B

Bij de vergroting van het agrarisch bouwvlak is géén sprake van het realiseren van een nieuwe geluidgevoelige functie. Een akoestisch onderzoek naar de geluidbelasting vanwege (spoor)wegverkeer of industrie is derhalve niet noodzakelijk.

4.2.4

Luchtkwaliteit

De regels inzake luchtkwaliteit kennen het onderscheid tussen 'kleine' en grote' projecten. Kleine projecten dragen niet in betekenende mate bij aan de luchtkwaliteit. Een paar honderd grote projecten dragen juist wel 'in betekenende mate' bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Het gaat vooral om bedrijventerreinen en infrastructuur (wegen). Wat het begrip ‘In betekenende mate' precies inhoudt, staat in het Besluit “Nietin betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)”. Op hoofdlijnen komt het erop neer dat 'grote' projecten - die jaarlijks meer dan 3 procent van de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van PM10 en NO2 bijdragen- een 'betekenend' negatief effect hebben op de luchtkwaliteit. 'Kleine' projecten die minder dan 3 procent bijdragen, kunnen doorgaan zonder toetsing. De Regeling 'Niet in betekenende mate bijdragen' bevat regels omtrent de aanwijzing van categorieën van gevallen die in ieder geval niet in betekenende mate bijdragen als bedoeld in artikel 5.16, eerste lid, onder c‚ van de Wet milieubeheer (Regeling niet n betekenende mate

bijdragen (luchtkwaliteitseisen)). Het gaat hierbij om de volgende categorieën: 1.

inrichtingen

2.

infrastructuur

3.

kantoorlocaties

4.

woningbouwlocaties

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |46

Voor woningbouw geldt dat woningbouwprojecten van netto niet meer dan 1500 woningen (in geval van één ontsluitingsweg) niet in betekende mate bijdragen aan de verslechtering van de

luchtkwaliteit (art. 4lid 1 Besluit NIBM jo. art. 4 lid 2,

4.2.4.1

bijlage 38.2 Regeling NIBM).

Eelserstraat 26en 28

Onderhavig plan heeft betrekking op de realisatie van één burgerwoning, nadatde agrarische

bedrijfsbebouwing is gesloopt en de tijdelijke opvang van vluchtelingen is beëindigd, en één bestaande agrarische bedrijfswoning die wordt omgezet naar burgerwoning. In vergelijking met

een project van 1500 woningen is onderhavige functiewijziging zodanig beperkt van omvang en impact dat kan worden geconcludeerd dat het project niet in betekende mate bijdraagt aan de

verslechtering van de luchtkwaliteit. Op basis van de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland is de luchtkwaliteit

(PM,en NO,) beschouwd. Hieruit blijkt dat de concentraties voor de verschillende stoffen een goede luchtkwaliteit laten zien en er dus sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (GCN en GDN)

sss

-_

07

ä D

Giëeseeerde

1275

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |47

Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (SCN en GDN)

[Fisremm _ | n seof (PU10) am <u

16218 18-20 20-2

Giksbmerde

1669

Figuur: luchtkwaliteitskaartensituatie2022

Luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de beoogde ruimtelijke ontwikkeling.

4.2.4.2

Kaumeshoek

6B

Heersende luchtkwaliteit

In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient te worden bezien of de luchtkwaliteit ter plaatse voldoende is. Rondom het plangebied bevinden zich diverse wegen als emissiebronnen van

luchtverontreinigende stoffen (uitlaatgassen van verkeer). Deze bronnen zijn opgenomen in de achtergrondconcentraties, zoals die door het RIVM jaarlijks in kaart worden gebracht. Normaal gesproken zijn er in het oosten en zuiden van Nederland geen knelpunten op het gebied van de luchtkwaliteit met betrekking tot fijn stof en stikstofdioxide te verwachten. De grootschalige

concentratiekaart Nederland (GCN) geeft per km-vak de huidige achtergrondconcentraties weer. Volgens de kaarten van het RIVM bedraagt momenteel de concentratie fijn stof (PMo) circa 17 ug/m? en de concentratie stikstofdioxide (NO,) 13 ug/m*. In de Wet milieubeheer is de

jaargemiddelde grenswaarde voor PM

40 ug/m? . Voor NO, bedraagt de jaargemiddelde

grenswaarde eveneens 40 ug/m3. Volgens de kaarten van het RIVM is de luchtkwaliteit ter plaatse voldoende, waardoor er sprake is van een goed woon- en leefklimaat.

Effect op luchtkwaliteit

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |48

De AMvB 'NIBM legt vast, wanneer een ruimtelijke ontwikkeling niet in betekenende mate (NIBM) bijdraagt aan de concentratie van een bepaalde stof. De achtergrond van het beginsel 'niet in betekende mate' is dat de gevolgen van een ontwikkeling voor de luchtkwaliteit in een aantal gevallen (beschreven in de ministeriële Regeling NIBM) worden tenietgedaan door de ontwikkeling van bijvoorbeeld schonere motoren in het gehele land. Op 1 augustus 2009 is het nationaal samenwerkingsprogramma luchtkwaliteit (NSL) in werking getreden. Hierdoor dient bij plannen die de luchtkwaliteit beïnvloeden niet langer te worden uit gegaan van de normen uit de interimperiode. Nu het NSL in werking is getreden is een ontwikkeling NIBM, als aannemelijk is dat de ontwikkeling een toename van de concentratie veroorzaakt van maximaal 3%. De 3% grens wordt gedefinieerd als 3% van de grenswaarde voor

de jaargemiddelde concentratie van fijn stof (PM,) of stikstofdioxide (NO,). Dit komt overeen

met 1,2 microgram/m? voor zowel fijn stof en NO,. Als de 3% grens voor PM,9 of NO, niet wordt overschreden, dan hoeft geen verdere toetsing aan grenswaarden plaats te vinden. Bijlage 1 van de Regeling NIBM geeft aan, wanneer een nieuwe inrichting of een uitbreiding van een bestaande inrichting NIBM is. In de Regeling NIBM zijn voor twee categorieën inrichtingen (getalsmatige) grenzen opgesteld: 1. landbouwinrichtingen (voorschrift 1A.1en 18.1) 2. spoorwegemplacementen (voorschrift 1A.2 en 1B.2) De Regeling NIBM noemt de volgende subcategorieën van landbouwinrichtingen: a. akkerbouw- of tuinbouwbedrijven met open grondteelt. * b. inrichtingen die uitsluitend of in hoofdzaak bestemd zijn voor witloftrek of teelt van eetbare paddenstoelen of andere gewassen in een gebouw. * c. permanente en niet-verwarmde opstanden van glas of van kunststof voor het telen van gewassen* d. permanente en verwarmde opstanden van glas of van kunststof voor het telen van gewassen, mits niet groter dan 2 hectare. e. kinderboerderijen. * + Aldeze inrichtingen zijn NIBM, ongeacht de omvang van het bedrijf.

In dit geval is er sprake van een activiteit die te scharen valt onder punt a. Het merendeel van de gewassen wordt in de open grond geteeld, de aardbeien worden op stellingen geteeld. De teelt van de aardbeien vindt weliswaar niet in de grond plaats, maar is daar qua effecten goed mee te vergelijken. Daarmee is het project NIBM ongeacht de omvang daarvan. Het initiatief draagt dan ook 'niet in betekenende mate' (NIBM) bij aan de luchtverontreiniging.

4.2.5

Bedrijven en milieuzoneringen

Om te komen tot een ruimtelijk relevante toetsing van bedrijfsvestigingen op milieuhygiënische aspecten wordt milieuzonering gehanteerd. Hieronder wordt verstaan een voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds milieubelastende bedrijven of inrichtingen en anderzijds milieugevoelige gebieden zoals woongebieden. Om milieuzonering hanteerbaar te maken wordt gebruik gemaakt van de Staat van bedrijfsactiviteiten zoals die is opgenomen in de VNG brochure 'Bedrijven en milieuzonering’, van maart 2009.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |49

Bedrijven en milieuzonering De indeling van de bedrijven c.q. bedrijfsactiviteiten is vastgelegd een Staat van bedrijfsactiviteiten die is opgenomen in de VNG brochure 'Bedrijven en milieuzonering’, van maart 2009. In deze Staat worden bedrijfsactiviteiten ingedeeld in een zestal categorieën met toenemende potentiële milieuemissies. Op grond van deze Staat kan een beleidsmatige selectie worden gemaakt van de op het plangebied toe te laten bedrijfsactiviteiten. De bedrijven zijn op basis van de Standaard Bedrijfs Indeling (SBI-codes) in deze Staat gerangschikt. Per bedrijfsactiviteit is voor elk ruimtelijk relevante milieucomponent (geur, stof, geluid en gevaar) een richtafstand aangegeven die in beginsel moet worden aangehouden tussen een bedrijfen milieugevoelige objecten (woningen) om hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen te houden. Bij het bepalen van deze richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: * _ het betreft 'gemiddelde' moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen;

° °

de richtafstanden hebben betrekking op de omgevingstype 'rustige woonwijk' ‚ 'rustig buitengebied' of vergelijkbare omgevingstypen; de richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten.

De grootste afstand van de milieucomponenten vormt de indicatie voor de aan te houden afstand van de bedrijfsactiviteit tot een milieugevoelig object. Elk bedrijf c.q. bedrijfsactiviteit wordt in een bepaalde milieucategorie ingedeeld. Indien de aard van de omgeving dit rechtvaardigt, kunnen gemotiveerd kortere richtafstanden worden aangehouden bij het omgevingstype 'gemengd gebied', dat gezien de aanwezige functiemenging of ligging nabij drukke wegen al een hogere milieubelasting kent. In zo'n geval is het ruimtelijk aanvaardbaar dat de richtafstanden met één afstandsstap worden verlaagd.

4.2.5.1

Invloed milieuhinder op Eelserstraat 26 en 28

Als gevolg van onderhavig project worden de vigerende agrarische bedrijfsbestemmingen gewijzigd in een reguliere woonbestemming.

Een woonfunctie veroorzaakt geen milieuhinder, maar is wel gevoelig voor van buiten komende milieu-invloeden.

Andersom moet beoordeeld worden of omliggende functies belemmerd worden door de nieuwe woonbestemming. De omgeving van het plangebied is te typeren als ‘gemengd gebied' aangezien de locatie i gelegen in een bebouwingslint in het buitengebied waar agrarische bedrijven worden afgewisseld met burgerwoningen. adres

soort bedrijf

richtafstand

|afstand tot nieuwe woning resp. Eelserstraat 26

Eelserstraat 22 Eelserstraat 25

varkenshouderij agrarische

100m 30m

90m-70m 15m-40m

10m

15m-20m

bedrijfsbestemming maar feitelijk burgerwoning

Eelserstraat 23

akkerbouwbedrijf

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |50

Eelserstraat 30 Kaumeshoek6/6B Kaumeshoek7/7A

_

\varkenshouderij

100m

60m-140m

|akkerbouwbedrijf

10m

70m - 200m

|grondgebondenagrarisch

|10m

200m - 270 m

bedrijf

Hieruit blijkt dat de milieuzone van drie (planologisch toegestane) bedrijven over het

plangebied aan de Eelserstraat 28 valt en dat betreft de varkenshouderijen aan de Eelserstraat 22 en 30 en de agrarische grondgebonden bedrijfsbestemmingen (rundvee uitgesloten) aan de

Eelserstraat 25. De woning Eelserstraat 26ligt alleen binnen de richtafstand van de varkenshouderij aan de Eelserstraat 22.

Omdat het aspect 'geurhinder (achtergrondbelasting)' hierbij bepalend is voor de varkenshouderijen, zijn de kaarten van de Nedbrowser gemeente Peel en Maas (kaart: Analyse

geur intensieve veehouderij Peel en Maas 2021) geraadpleegd:

Figuur: Bron: Nedbrowser gemeente Peelen Maas kaart: Analyse geur intensieve vechouderij Pl en Maas 2021 (plangebiedaangeduidmet awarte p}

Hieruit blijkt dat ter plaatse van het plangebied in 2021 (ten tijde van het opstellen van

bovenstaande kaart) aan de Eelserstraat 26 en 28 overwegend sprake was van een matig woonen leefklimaat in relatie tot het aspect geurhinder

en ter plaatse van het beperkte deel aan de

Eelserstraat 28 waar het woon- en leefklimaat 'tamelijk slecht' lijkt te zijn, is uit de Notitie geurbelasting Eelserstraat 28a t.b.v.

wijzigen bestemming d.d. 15 oktober 2020 gebleken dat het

woon- en leefklimaat aan de woning Eelserstraat 28c voldoende van kwaliteit is voor wat betreft het aspect geurhinder, dat die voormalige agrarische bedrijfswoning een reguliere

woonbestemming kon krijgen. De Eelserstraat 28c ligt op veel kortere afstand van de varkenshouderij Eelserstraat 30, zodat de [ogische conclusie getrokken kan worden dat de geurbelasting op nummer 28 eveneens aanvaardbaar is. Voor onderhavig project is op 23 november 2023 een geuronderzoek (bijgevoegd als bijlage 4 bij

de plantoelichting) uitgevoerd. Hieruit blijkt dat qua voorgrondgeurbelasting de bestaande woningen in de omgeving maatgevend zijn voor beide bedrijven Eelserstraat 22 en 30. Voor de

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina 151

Eelserstraat 22 en 30 zijn de bestaande woningen reeds dermate beperkend, dat kan worden gesteld dat de bedrijven alleen uitbreidingsruimte hebben door toepassing van de 50% regeling volgens de Wet geurhinder en veehouderij of het Activiteitenbesluit. De nieuwe woonbestemmingen zorgen daarom niet voor een nieuwe belemmering in deze. Voor de bedrijven binnen 2 kilometer van de onderzoekslocatie, zijn de vergunninggegevens ontleend van de website KRD Limburg. Aan de hand van deze gegevens is met behulp van V-stacks Gebied V2020.1 de achtergrondgeurbelasting in de omgeving bepaald. Uit de rekenresultaten op de rand van het plangebied blijkt dat een achtergrondgeurbelasting wordt

berekend tussen 13,1 en 20,0 Oue/m*. Een dergelijke geurbelasting kan worden gekwalificeerd als matig. Voor de nieuwe woonbestemmingen betekent dit dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat uit oogpunt van geurhinder. Uit oogpunt van geurhinder kan worden geconcludeerd dat er bij de nieuwe woonbestemmingen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en dat de woonbestemmingen vormen geen nieuwe belemmering voor de veehouderijen aan de Eelserstraat 22 en 30.

Voor wat betreft de planologisch maximaal toegestane bedrijfsactiviteiten (paardenhouderij) aan de Eelserstraat 25 kan gesteld worden dat op beide locaties nu geen paardenhouderij aanwezig is. Zou hiertoe een initiatief ontplooid worden, dan is voor een paardenhouderij aan de Eelserstraat 25 de burgerwoning op nummer 28c een eerste belemmering om tot nieuwvestiging over te gaan. Voor ieder ander toegestaan agrarisch gebruik geldt een richtafstand van 30 meter in een rustig buitengebied en 10 meter in een gemengd gebied als onderhavig. Deze richtafstand van 10 meter rondom nieuwe bedrijfsgebouwen kan overal in acht worden genomen. Inmiddels (november 2023) heeft betreffende eigenaar echter te kennen gegeven zijn agrarische bedrijfslocatie eveneens om te willen zetten naar de bestemming Wonen, zodat de ontwikkeling tot paardenhouderij hierdoor nu puur hypothetisch is.

Voor de wijziging van het gebruik van de agrarische bedrijfswoning als burgerwoning ontstaat er feitelijk geen nieuwe situatie en ten opzichte van omliggende agrarische bedrijven is deze woning steeds beschouwd als 'woning van derden' en ook al zodanig meegenomen in geurberekeningen. Het woon- en leefklimaat van de bewoners zal na de planologische wijziging niet verschillen met de geurbelasting vóór de planologische wijziging.

Alle drie de agrarische bedrijven zullen door onderhavig initiatief ook niet extra in hun bedrijfsvoering worden belemmerd, omdat er woningen van derden dichterbij zijn gelegen die bepalend zijn voor de ontwikkelingsmogelijkheden van de bedrijven.

4.2.5.2

Kaumeshoek

In de schuur

6B

die het meest zuidoostelijk ligt zullen alleen stallingsactiviteiten plaatsvinden. Die

leiden slechts tot geluidsproductie op de momenten dat er machines/materialen/werktuigen uit het gebouw gehaald worden of er in gezet. Hier is sprake van een extensieve bedrijfsvoering. In de loods die verlengd wordt komen koelruimtes. Door deze nieuwe ruimtes zal de bestaande koeling minder intensief gebruikt worden. De nieuwe koelingen liggen op grotere afstand van woningen van derden. Er is daarmee qua geluid sprake van een afwaartse beweging.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |52

Bij de exploitatie van het agrarisch bedrijf dient het bedrijf te voldoen aan de

voorwaarden/normen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer. Ter plaatse van geluidsgevoelige objecten van derden is daarmee voldoende geborgd dat er sprake is van een akoestisch aanvaardbare situatie.

voor deze deellocatie worden geen nieuwe geurgevoelige objecten gecreëerd. Omliggende veehouderijen worden daarmee niet in hun ontwikkelmogelijkheden beperkt. Daarnaast is er binnen het plangebied geen sprake van geuremissie waarmee rekening gehouden dient te worden. Er hoeft daarom geen verdere toetsing aan het onderdeel geurhinder plaats te vinden.

4.2.5.3

Conclusie

Het aspect 'milieuzonering' vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de drie project delen.

4.2.6

Externe veiligheid

Risicovolle inrichtingen (bevi} De veiligheid rond bedrijven wordt gereguleerd in de vigerende milieuvergunning (of een geldende Algemene Maatregel van Bestuur) en het Besluit externe veiligheid inrichtingen van 21

oktober 2004 (Bevi). In het Bevi worden specifieke regels opgenomen voor

specifieke risicovolle

inrichtingen. In het Bevi heeft iedere risicovole inrichting een veiligheidszone gekregen. Dit

heet de plaatsgebonden risicocontour (PR-contour). Binnen deze contour mogen nieuwe kwetsbare objecten (zoals woningen, scholen, ziekenhuizen, grootschalige kantoren, hotels, winkelcentra, campings) of beperkt kwetsbare objecten (zoals verspreid liggende woningen, bedrijfswoningen dan wel bedrijfsgebouwen van derden, kleinere kantoren, hotels en winkels,

sporthallen, zwembaden) niet of niet zonder meer worden opgericht. Het Bevi gaat uit van een PR-contour 105/jr. Het kan gaan om inrichtingen waarbij door middel van een vaste afstand wordt voldaan aan deze contour (zogenaamde “categoriale inrichtingen”) en inrichtingen waarbij deze contour

individueel moet worden berekend (Quantitative Risk Assement (QRA)). Dit

is geregeld in

Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi). Bij het nemen van een planologische besluit (zoals de vaststelling van een bestemmingsplan of een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan) moet het bevoegd gezag

deze contour in acht nemen voor kwetsbare objecten. Hierbij geldt de PR-contour 10%/jr. als grenswaarde. Voor beperkt kwetsbare objecten geldt de contour als richtwaarde, d.w.z. in

principe moet PR 10%/jr. aangehouden worden, maar er mag gemotiveerd van worden afgeweken.

Naast het plaatsgebonden risico kent het Bevi ook het groepsrisico (GR). Het groepsrisico geeft aan wat de kans is op een ongeval met ten minste 10, 100 of 1000 dodelijke slachtoffers in de omgeving van de beschouwde bron. Het aantal personen dat in de omgeving van de bron verblijft bepaalt daardoor mede de hoogte van het groepsrisico. Voor het GR geldt geen harde

juridische norm (zoals de PR-contour 10°/jr. wel is) maar een zogenaamde oriënterende waarde. Het berekende groepsrisico wordt weergegeven in een curve, waarbij de kans op een ongeval wordt uitgezet tegen het aantal mensen dat daarbij omkomt. In dezelfde grafiek wordt de oriënterende waarde uitgezet. Als die wordt overschreden door een ruimtelijke ontwikkeling moet dat worden verantwoord. Hiermee wordt in beeld gebracht of en in welke mate het

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina 153

bevoegd gezag het GR wel of niet aanvaardbaar vindt, al dan niet na het nemen van maatregelen.

Volgens de Signaleringskaart Externe Veiligheid ligt in de directe omgeving (in een straal van bijna 800 m) van de drie delen van het plangebied géén risicovolle inrichting.

ignaleri

gskaart EV

@

Legende

mezo

segenzngen caties

e

5

| T

A

e

erios)

VeighiesonesKwetsbaar(ookPRIO#)

e

® Figuur: uitsnedesignaleringskaart

Derhalve kan geconcludeerd worden dat het aspect externe veiligheid (inrichtingsgerelateerd) geen belemmering vormt voor de project delen.

Vervoer gevaarlijke stoffen Vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg Over de N275 kan transport van gevaarlijke stoffen plaatsvinden. Deze ligt op een afstand van circa 340 meter. Geconcludeerd wordt dat het plangebied niet binnen het invloedsgebied van transportroutes van gevaarlijke stoffen over de openbare weg is gelegen. Risicovol transport per spoor In de wijde omgeving rond het plangebied is geen sprake van de aanwezigheid van een spoorlijn. Risicovol transport over het water De afstand van het plangebied tot de dichtstbijzijnde rivier waarover vervoer van gevaarlijke stoffen kan plaatsvinden (Maas), bedraagt circa 8,5 kilometer. Geconcludeerd wordt dat het plangebied niet binnen het invloedsgebied van transportroutes van gevaarlijke stoffen over de Maas is gelegen. Risicovolle buisleidingen

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |54

Per 1 januari 2011 is het Besluit externe veiligheid buisleidingen in werking getreden. Deze AMvB sluit aan bij de risiconormering uit het Bevi. Dat betekent dat ook bij leidingen sprake is van een afstand voor het plaatsgebonden risico en een afstand voor het invloedsgebied van het groepsrisico. In een straal van 1000 meter rond het plangebied i er geen sprake van de aanwezigheid van risicovolle buisleidingen.

Er kan worden geconcludeerd dat het aspect externe veiligheid derhalve geen belemmering vormt in het kader van de drie project delen.

4.3

Waterparagraaf

Waterbeleid

Het plangebied ligt binnen het beheersgebied van het Waterschap Limburg. In het kader van het beleid van zowel de gemeente Peel en Maas als het waterschap dient binnen het plangebied een duurzaam waterhuishoudkundig systeem gerealiseerd te worden. Concreet betekent dit dat er sprake moet zijn van gescheiden schoon- en vuilwaterstromen die afzonderlijk worden verwerkt. Vanuit het Waterschap Limburg gelden daarbij de volgende uitgangspunten: * _ afkoppelen van 100% van het verhard oppervlak, waarbij de beslisboom verantwoord afkoppelen van toepassing is; * de trits vasthouden-bergen-afvoeren is van toepassing, waarbij hergebruik dan wel infiltratie van schoon regenwater de voorkeur heeft; * verontreiniging van het water dient door bronmaatregelen voorkomen te worden; «

grondwateroverlast dient voorkomen te worden;

*

een gelimiteerde afvoer naar het oppervlaktewatersysteem is toegestaan.

4.3.1

Waterhuishoudkundige

situatie Eelserstraat 26 en 28

Afvoerend verhard oppervlak en riolering Binnen het plangebied i alle agrarische bedrijfsbebouwing gesloopt en erfverharding verwijderd. Na beëindiging van de vluchtelingenopvang en ontruiming van het perceel, zal op deze locatie een woning met bijbehorende bouwwerken worden gerealiseerd met parkeergelegenheid en (half open) verhardingen rondom de bebouwing. Het nieuw afvoerend verhard oppervlak zal bij benadering een omvang krijgen van in totaal circa 500

m?.

Oppervlaktewater

In (de omgeving van) het plangebied bevinden zich de Kaumeshoek (strak langs het plangebied), de Aanvoerleiding Everlosche Beek (primaire watergangen) en het Gommesveld

(secundaire

watergang). Op onderstaande figuur is een uitsnede van de legger van het waterschap weergegeven waarop de waterlopen zijn te zien in relatie tot de ligging van het plangebied.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=9df6fee1-a1f2-4039-b512-df89bffd769c