CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-054 09 Toelichting - Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe (geanonimiseerd)

Raad 23 april 2024, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen “Bestemmingsplan ‘Agrarisch Grondgebonden’ naar ‘Wonen’ op Eelserstraat 26 & 28 en uitbreiding bouwvlak Kaumeshoek 6B te Beringe” (2024-054)23.394 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina

Kaumeshoek

Figuur: uitsnedelegger waterschap

Doordat onderhavig project naast de waterloop Kaumeshoek ligt, vallen delen van de tot het plangebied aan de Eelserstraat 28 behorende gronden binnen de beschermingszone van deze watergang (profiel van vrije ruimte), zoals op onderstaande afbeelding is te zien:

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

55

Pagina |56

Figuur: beschermingszone watergang

Binnen deze beschermingszone zal niet worden gebouwd. Hier zal, ter plaatse van het

overkluisde deel, enkel erfverharding worden aangebracht. Er zal met het Waterschap onderzocht worden of de overkluizing weer open gemaakt kan

worden of de beek verlegd kan worden. Bij deze wijziging van het nu nog overkluisde deel van de waterloop zal rekening worden gehouden met onderhavig project.

Op basis van de vigerende bestemmingsplanregels is het is verboden op of in de voor "Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden zonder omgevingsvergunning

de volgende werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden uit te voeren: *

het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginnen, bodemverlagen,

egaliseren, afgraven, diepploegen, indrijven of ophogen; * _ het aanleggen van watergangen, het vergraven, verruimen of dempen van reeds bestaande watergangen;

*

het aanbrengen van gesloten oppervlakteverharding , het aanleggen van kabels en/of leidingen en daarmee verband houdende constructies;

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina 157

+ _ hetaanbrengen, vellen en/of rooien van bomen en/of diepwortelende beplantingen.

Deze werken of werkzaamheden zijn toelaatbaar, mits: e _ geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het doelmatig functioneren van het waterbergend waterbed; e vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen de beheerder van de watergang.

De erfverharding ter plaatse van de ontsluiting van het woonperceel is gesitueerd binnen de beschermingszone. Doordat de watergang ter plaatse al is overkluisd en de erfverharding zal worden gerealiseerd als halfverharding, kan gesteld worden dat er geen onevenredige aantasting zal plaatsvinden van het functioneren van de watergang.

Hemel- en afvalwater Infiltratie van

hemelwater:

Binnen het plangebied aan de Eelserstraat 28 vindt een toename van het afvoerend verhard

oppervlak plaats van circa 500 m?. Gelet op het feit dat het gaat om een nieuw project zal deze geheel afgekoppeld dienen te worden. De K-waarde (geeft de mate van infiltratiegeschiktheid aan) van het plangebied bedraagt volgens de kaart inzake de bodemdoorlatendheid (K-waarde) van de gemeente Peel en Maas van het waterschap 0,45 - 0,75 m/dag. Deze gronden zijn gemiddeld geschikt voor hemelwaterinfiltratie. De GHG ligt dieper dan 2 m onder maaiveld. Bij de bepaling van de capaciteit/kwantiteit van de infiltratievoorziening dient voor het plangebied te worden uitgegaan van een neerslaggebeurtenis van 100 mm. Kwantiteitsberekening per deelgebied

Neerslag T=100

>

Te verwerken

>

_

100mm neerslag/m? 500 m?x0,1m =50 m?

Voor deze hoeveelheid hemelwater zal binnen het plangebied een wadi worden gerealiseerd

met een bergingscapaciteit van circa 50 m? (althans in ieder geval gerelateerd aan het verharde oppervlak), welke onderdeel zal gaan uitmaken van de landschappelijke inpassing.

Aan de Eelserstraat 26 vindt er geen toename plaats van het afvoerend verhard oppervlakte en zal door de omzetting naar de bestemming Wonen juist minder bebouwing zijn toegestaan; het hemelwater is al afgekoppeld en hierin zal geen verandering komen.

Afvalwater Het afvalwater zal via de gemeentelijke riolering worden afgevoerd.

Bouwmaterialen

De gemeente Peel en Maas streeft naar het terugdringen van het gebruik van uitlogende bouwmaterialen. Dit aspect is opgenomen in het pakket duurzaam bouwen. Van de initiatiefnemer wordt daarom gevraagd geen gebruik te maken van uitlogende bouwmaterialen.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |58

Concluderend kan gesteld worden dat door onderhavig project geen knelpunten ontstaan tussen grondgebruik en de waterhuishouding.

4.3.2

Kaumeshoek

6B

Bodemgesteldheid en grondwater De bodem in het plangebied is vlak. De maaiveldhoogte ter plaatse van de vergroting van het bouwvlak gemiddeld 33.90 meter + NAP. De originele bodem bestaat volgens de di bodemkaart van Nederland uit een hoge enkeerdgrond, die voornamelijk is opgebouwd uit lemig fijn zand. Conform de algemene gegevens van het Waterschap Limburg blijkt het plangebied een redelijk

goede bodemdoorlatendheid te hebben van 0,45 tot 0,75 m/dag. De gemiddeld hoogste grondwaterstand bevindt zich op circa 1 meter beneden maaiveld volgens de GHG kaart van het Nieuw Limburgs Peil. Oppervlaktewater In het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig. Ten westen en noordwesten, direct grenzend aan het bestaande bouwvlak is de waterlossing "Kaumeshoek" gelegen. Dit is een primaire waterlossing die uitmondt in de "Aanvoerleiding Everlose beek!.

Afvalwater / riolering Het vuilwater van de bestaande bebouwing is aangesloten op het gemeentelijk rioleringssysteem. Grondwaterbescherming Het plangebied is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied, zoals vastgelegd in de Omgevingsverordening Limburg 2014. Hemelwater

Het hemelwater afkomstig van de bestaande bebouwing wordt op de bodem geïnfiltreerd in een zaksloot op eigen erf. Deze zaksloot is voorzien van een overloop naar het oppervlaktewater zodat bij extreme neerslag het water vertraagd afstroomt naar het oppervlaktewater.

Water in relatie tot de ontwikkeling (nieuwe situatie) Afvalwater Vanuit de nieuwe bebouwing komt geen afvalwater vrij. Hemelwater

Met onderhavig plan wordt de ruimte gecreëerd om nieuwe bebouwing ten behoeve van de agrarische bedrijfsvoering op te richten. De nieuwe bebouwing zal een oppervlak hebben van

1400 m?. Daarnaast zullen er nieuwe erfverhardingen aangelegd worden. Naar schatting zal het hier gaan om een oppervlak van ca. 400 m?. Bij het aanvragen van de bouwvergunning voor de nieuwe bebouwing zal initiatiefnemer dan ook moeten aantonen dat voldoende opvangcapaciteit aanwezig is, of gerealiseerd wordt. Conform de eisen van het Waterschap Limburg geldt als uitgangspunt dat minimaal een bui van T=100 (100mm) opgevangen moet

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |59

kunnen

worden.

&

&

Bestaande zaksloot

-

Te

verlengen

zaksloot

4

Figuur: bestaande, te verlengen infitratiesloot.

Voornemen is om de bestaande infiltratievoorziening te vergroten en te verlengen. Voor de

nieuw beoogde gebouwen en verhardingen dient 180 m? extra berging gerealiseerd te worden. Hiervoor i op eigen terrein ruim voldoende ruimte aanwezig. De bestaande zaksloot zal verbreed worden en verlengd. Voor de exacte dimensionering wordt verwezen naar het landschappelijk inpassingsplan.

Waterkwaliteit

Ten aanzien van de waterkwaliteit zijn er een aantal aspecten om in acht te nemen: e

af te koppelen dakoppervlakken mogen niet worden vervaardigd van uitlogende bouwmaterialen.

«

*

afte koppelen verhardingen (wegen, parkeervoorzieningen en stoepen) kunnen verontreinigingen bevatten. Door tussenkomst van olie- / slibafscheidende kolken, of een voldoende brede bermpassage dient de kwaliteit van het afgevoerde hemelwater te worden gewaarborgd. Initiatiefnemer draagt er zorg voor dat het erf wordt schoongehouden zodat er geen

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina

afvalstoffen

in het water terecht kunnen

|60

komen.

Concluderend kan gesteld worden dat door de ontwikkeling geen knelpunten ontstaan tussen grondgebruik en de waterhuishouding.

44

Kabels en leidingen

Op 1 januari 2011 is het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) in werking getreden. Dit besluit is gebaseerd op de Wet milieubeheer (artikelen 5.1lid 1,5.2 lid 1,5.3lid Len 2 en 9.2.2.1) en de Wet ruimtelijke ordening (artikelen 3.37 en 4.3 lid 1 en 2). Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. De normstelling is in lijn met het Bevi en bevat, analoog aan het Beví, normen voor het plaatsgebonden risico en een verantwoordingsplicht voor het groepsrisico. De drie delen van het plangebied zijn niet gelegen binnen een (hinder)zone of werkstrook van hoofdleidingen voor olie of water en hoogspanningsleidingen. Voordat met eventuele graafwerkzaamheden een aanvang wordt gemaakt, zal initiatiefnemer een Klic-melding doen, zodat ook rekening gehouden kan worden met de ligging van de gebruikelijke leidingen en kabels.

De drie delen van het plangebied zijn verder niet gelegen binnen een obstakelbeheer- of radarverstoringsgebied van een civiel of militair luchtvaartterrein en over het plangebied loopt geen straalpad van telecomaanbieders.

4.5

Natuurbescherming

45.1

Gebiedsbescherming

Uit de POL-kaarten ‘Natuur’ en 'Landschap! blijkt dat het plangebied niet als een waardevol element is aangeduid. Het dichtstbijgelegen Natura 2000 gebied (Deurnsche Peel en Mariapeel) bevindt zich op ruim 4,5 km afstand van het plangebied. Onderstaand zijn de omringende Natura 2000-gebieden weergegeven (lichtgroene vlakken). Het Natuurnetwerk Nederland (voorheen: EHS) is in donkergroen aangegeven, en ligt niet over het plangebied.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |61

Figuur: plangebiedten opzichtevan NNN en Natura 2000 -gebieden

Significant verstorende effecten van het project op deze gebieden zijn, in vergelijking met het reeds toegestane agrarische gebruik op basis van de vigerende bestemming, niet te verwachten, omdat er geen oppervlakteverlies of verontreiniging plaatsvindt, geen mechanische effecten zijn en geen sprake is van verstoring door licht en geluid. Ook een optische verstoring is niet voorstelbaar.

Met het programma Aerius Calculator wordt de depositie van stikstofverbindingen in de vorm

van ammoniak (NH,) en stikstofoxiden (NO,) op het oppervlak van de omliggende Natura 2000-gebieden inzichtelijk gemaakt. Bij een projecteffect van 0,00 mol/ha/jaar zorgt het beoogde plan niet voor een significante toename in stikstofdepositie en worden negatieve effecten

uitgesloten. Wanneer het projecteffect hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar dient een vergunning te worden aangevraagd en is nader aanvullend onderzoek noodzakelijk. De vergunning kan alleen worden verleend indien de zekerheid is verkregen dat de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied niet worden aangetast.

Eelserstraat 28

De relevante emissies van stikstofoxiden (NO,) en ammoniak (NH,) tijdens aanlegfase vinden plaats door (vracht)verkeer van en naar de bouwplaats en de te gebruiken kranen, machines en apparaten. De emissies in de gebruiksfase vinden plaats door de verkeersbewegingen van en naar het plangebied door bewoners en bezoekers. De berekening van het projecteffect dient te worden verricht met behulp van het programma Aerius Calculator. Het projecteffect op de Natura 2000-gebieden die op meer dan 4,5 km afstand liggen, is zonder

meer kleiner dan of gelijk aan 0,00 mol/ha/jaar. Bij een dergelijk projecteffect zal het beoogde plan niet voor een significante toename in stikstofdepositie zorgen en kunnen negatieve effecten worden uitgesloten. Om deze aanname te staven is een Aeriusberekening uitgevoerd

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina 162

voor de bouw van een woning aan de Eelserstraat 28 en gebruik hiervan, welke als bijlage bij de plantoelichting is gevoegd. Eelserstraat 26

Voor de Eelserstraat 26 s er geen sprake van een gewijzigde activiteit welke enig effect op stikstofdepositie kan hebben. Enige andere aantasting van Natura 2000-gebieden op deze afstand zal als gevolg van het project ook niet plaatsvinden. Kaumeshoek

6B

De uitbreiding van de agrarische bedrijfsbebouwing is beschouwd op basis van de effectenindicator:

1. Oppervlakteverlies

Afname beschikbaar oppervlak leefgebied soorten en / of habitattypen. Het plangebied ligt buiten en is zelfs ver verwijderd van de betreffende Natura2000-gebieden. De vergroting van het bouwvlak leidt daarom niet tot een afname van de oppervlakte van deze Natura2000-gebieden. Vanuit het plangebied zijn er geen effecten voor wat betreft oppervlakteverlies. 2. Versnippering

Van versnippering is sprake bij het uiteenvallen van een natuurgebied. Het plangebied ligt buiten en is zelfs ver verwijderd van de betreffende Natura2000-gebieden. De vergroting van het bouwvlak Ieidt daarom niet tot een doorsnijding van deze Natura2000-gebieden. Vanuit het plangebied zijn er geen effecten voor wat betreft versnippering.

3. Verzuring

Verzuring van bodem of water is een gevolg van de uitstoot (emissie) van vervuilende gassen door bijvoorbeeld fabrieken en (vracht)auto's. De uitstoot bevat onder andere zwaveldioxide, stikstofoxide, ammoniak en vluchtige organische stoffen. Deze verzurende stoffen komen via lucht of water in de grond terecht en leiden aldus tot het zuurder worden van het biotische milieu. De belangrijkste bronnen van verzurende stoffen zijn de landbouw, het verkeer en de industrie.

Vanuit het bedrijf vindt beperkte uitstoot van stikstof plaats. Dit vooral door de mogelijkheid tot het verwarmen van kassen/gebouwen en verkeersbewegingen van en naar de locatie. Hierdoor zouden er ter plaatse van Natura2000 gebieden mogelijk effecten op kunnen treden. Om deze mogelijke effecten in beeld te krijgen is er met het programma Aerius een berekening gemaakt van de gebruiksfase. Binnen het te vergroten bouwvlak komen vanuit de op te richten bebouwing zelf geen emissies van stikstofverbindingen plaats. Beide te realiseren bedrijfsgebouwen zijn onverwarmd. Alleen de verkeersbewegingen van en naar de gebouwen en het manoeuvreren met

tractoren/vrachtwagens en dergelijke kunnen leiden tot emissie van stikstof. Het verkeer is gemodelleerd vanuit het bedrijf naar het kruispunt met de N275. Ter plaatse is het verkeer opgegaan in het reguliere verkeersbeeld. Omdat alle verkeer in deze richting wordt gemodelleerd kan dit als "worstcase" beschouwd worden omdat dit richting het meest nabij gelegen N2000 gebied is.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina 163

Voor wat betreft de aanlegfase is eveneens een berekening gemaakt met het programma Aerius. In deze fase is rekening gehouden met de bouw van de 2 bedrijfsgebouwen. Hierbij is ook alle verkeer als worst-case richting de kruising met de N275 gemodelleerd. Uit de berekeningen voor zowel de aanleg- als gebruiksfase (bijlage 10) blijkt dat er ter plaatse van Natura2000 gebieden geen effecten op het gebied van verzuring optreden. Aangezien er geen effecten optreden is het ook niet noodzakelijk om bij de Provincie Limburg een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming aan te vragen. Effecten ter plaatse van Natura2000 gebieden zijn uitgesloten. 4. Vermesting

Vermesting is de 'verrijking' van ecosystemen met name stikstof en fosfaat, Het kan gaan om aanvoer door de lucht (drogeen natte neerslag van ammoniak en stikstofoxiden) of nitraat-en fosfaataanvoer door het oppervlaktewater. Aangezien uit het hierboven behandelde punt blijkt dat er geen effecten optreden op het gebied van verzuring, zullen er ook geen effecten optreden voor het onderdeel vermesting omdat vermesting tot stand komt door de depositie van ammoniak en stikstof. Vanuit het plangebied vinden er daarom geen effecten meer plaats voor wat betreft vermesting ter plaatse van het Natura2000-gebied. 5 Verontreiniging

Er is sprake van verontreiniging als er verhoogde concentraties van stoffen in een gebied voorkomen, welke stoffen onder natuurlijke omstandigheden niet of in zeer lage concentraties aanwezig zijn. Bij verontreiniging is sprake van een zeer brede groep van

ecosysteem/gebiedsvreemde stoffen: organische verbindingen, zware metalen, schadelijke stoffen die ontstaan door verbranding of productieprocessen, straling (radioactief en niet radioactief), geneesmiddelen, endocrien werkende stoffen etc. Deze stoffen werken in op de bodem, grondwater, lucht. Het plangebied ligt buiten en is zelfs ver verwijderd van de betreffende Natura2000-gebieden. Er is geen sprake van toename van exogene stoffen die een effect kunnen hebben op de kwaliteit van deze Natura2000-gebieden. Er is geen toename van straling of uitstoot van stoffen vanuit het te vergroten bouwvlak. Vanuit het plangebied zijn er geen effecten voor wat betreft verontreiniging.

6. Verdroging

Verdroging uit zich in lagere grondwaterstanden en/of afnemende kwel. De actuele grondwaterstand neemt dan af ten opzichte van de gewenste / huidige grondwaterstand. Nieuwe bebouwing en of verhardingen binnen het plangebied dienen hydrologisch neutraal ontwikkeld te worden. Er zijn daarmee geen negatieve effecten te verwachten. 7. Verstoring door geluid Verstoring door onnatuurlijke geluidsbronnen; permanent, zoals geluid van wegverkeer danwel tijdelijk, zoals geluidsbelasting bij evenementen. Geluid is een hoorbare trilling, gekenmerkt door geluidsdruk en frequentie. Het plangebied ligt buiten en is zelfs ver verwijderd van de betreffende Natura2000-gebieden. Het is onmogelijk dat geluidsemissies vanuit het plangebied ter plaatse van deze Natura2000-gebieden waarneembaar zijn of tot een verstoring door geluid leiden. 8. Verstoring door licht

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |64

Verstoring door licht leidt tot een aantasting van de nachtelijke duisternis. Het plangebied ligt buiten en is zelfs ver verwijderd van de betreffende Natura2000-gebieden. Het i onmogelijk dat lichtbronnen vanuit het plangebied ter plaatse van de Natura2000-gebieden waarneembaar zijn of tot een verstoring door licht leiden. 9. Bewuste verandering soortensamenstelling Eris sprake van bewust ingrijpen in de natuur door herintroductie van soorten, introductie van exoten, uitzetten van vis, inzaaien van genetisch gemodificeerde organismen etc.. Er vinden geen ingrepen op de soortensamenstelling plaats door de ontwikkeling van de locatie. Er vindt geen introductie of herintroductie plaats van soorten binnen of buiten het plangebied. Daarmee zijn eventuele effecten ook uit te sluiten. Blijkens deze toets blijkt dat de ontwikkeling geen negatieve significante gevolgen heeft voor de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura2000-gebieden. Gezien de ontwikkeling zijn negatieve effecten op het Natura2000-gebied over deze afstand uit te sluiten.

In de volgende paragraaf zal ingegaan worden op mogelijke aantasting van flora en fauna.

4.5.2

Soortenbescherming

Op 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wn) in werking getreden. Deze vervangt drie wetten; de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en Faunawet. De gebiedsbescherming wordt geregeld in hoofdstuk 2 van de Wn. Met de Wn wordt een eind gemaakt aan de discussies over de implementatie van de Europese richtlijnen. In artikel 3.1 Wn wordt direct een link gelegd met de Vogelrichtlijn. Alle vogels die beschermd zijn op grond van artikel 1 Vogelrichtlijn vallen onder het beschermingsregime van de artikel 3.1 Wn, voor zover deze vogels van nature in Nederland voorkomen. Artikel 3.1 eerste lid Wn ziet op het verbod om vogels te doden of vangen. De verboden in de W zijn vrijwel letterlijk overgenomen uit de artikelen 5 en 6 Vogelrichtlijn. Net als de in de Vogelrichtlijn zijn de verboden beperkt tot opzettelijke handelingen. Het beschermingsregime voor vogels is iets versoepeld ten opzichte van het systeem onder de Flora en faunawet. Het verbod op het opzettelijk verstoren van vogels is beperkt tot verstoringen die van “wezenlijke invloed” zijn op de staat van instandhouding van de soort. Onder wezenlijke invloed wordt verstaan: “een wezenlijke negatieve invloed op een beschermde soort”. Of daar sprake van is hangt af van de populatie van de diersoort. Hoe zeldzamer de soort hoe groter de kans dat naar bijvoorbeeld een lokale populatie moet worden gekeken.

Daarnaast is van belang of de populatie een negatief effect zelf teniet kan doen, bijvoorbeeld of er voldoende uitwijkmogelijkheden zijn naar een volwaardig leefgebied elders. Als een populatie het effect niet zelf teniet kan doen is de kans groter dat het effect als wezenlijke invloed kan worden aangemerkt. Bij vogels is verstoring tijdens het broedseizoen niet langer verboden als de gunstige staat van instandhouding niet in gevaar is. De wet voorziet in ruime mogelijkheden voor het verlenen van vrijstellingen, ook voor vogels en

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |65

strikt beschermde soorten. Bij het verlenen van de vrijstelling moet aan dezelfde voorwaarden worden voldaan als bij het verlenen van de vroegere ontheffing. Een ontheffing van een verbod ex artikel 3.1 Wn kan slechts worden verleend indien: e e e

ergeen andere bevredigende oplossing voorhanden is; ergeen sprake is van verslechtering van de staat van instandhouding van de soort; enereen limitatief opgesomde ontheffingsgrond aan de ontheffing ten grondslag kan worden gelegd.

Quickscan flora en fauna Aan de Eelserstraat 26vinden als gevolg van onderhavige planologische wijziging geen vbiteiten plaats welke negatieve invloed zouden kunnen hebben op de ecologische situatie.

Omdat bestaande bebouwing aan de Eelserstraat 28 gesloopt is geworden, is op 13 maart 2023 door QX Ontwerp & Advies Buro een verkennend onderzoek uitgevoerd op de locatie Eelserstraat 28 in Beringe. Deze veldopname betreft een quickscan flora & fauna rondom en in de panden van de voormalige boerderij. De rapportage is als bijlage bij de plantoelichting gevoegd.

Tijdens het veldwerk zijn geen specifiek beschermde plantensoorten aangetroffen. Wel staan er een paar oude eikenbomen op de locatie langs de erfgrens met de sloot. Deze eikenbomen blijven behouden. In het gebied zijn geen zoogdieren waargenomen. Eris gekeken naar pootafdrukken, krabsporen, haren, uitwerpselen, uileballen, holen etc. maar er zijn slechts op twee plaatsen wat krabsporen van konijnen aangetroffen. In een oude stal zijn knaagsporen aan tempex waargenomen, waarschijnlijk veroorzaakt door muizen. In de sloot naast de locatie waar de werkzaamheden plaatsvinden zijn ook geen amfibieën of

reptielen aangetroffen. In de sloot zijn geen vissen en/of overige waterfauna aangetroffen. De sloot ligt echter het plangebied. Erzijn ook geen bijzondere insecten aangetroffen. In en rondom het plangebied zijn wel diverse vogels waargenomen. Echter geen van deze

soorten nestelt op dit moment of maakt gebruik van een vaste rust en/of verblijfplaats binnen de werkgrenzen. Aangetroffen zijn: + Roodborstje e Merel

+ Koolmeesje e Houtduif

Erzijn geen in aanbouw zijnde of bewoonde nesten aangetroffen. In het struweel bij de poort (ingang) aan de wegzijde zitten wat oude duivennesten.

In de stammen en takken van de bomen zijn geen holten waargenomen of sporen van rust en/of verblijfsplaatsen van bijvoorbeeld uilen, vleermuizen etc. Alle schuren, overkappingen, stallen en de hooizolder zijn geïnspecteerd op aanwezigheid van vleermuizen, uilen, marterachtigen etc. maar er zijn geen sporen van hun aanwezigheid gevonden.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |66

Gelet op het bovenstaande is een verstoring van flora en fauna van in de omgeving voorkomende broedvogelsoorten door onderhavig project niet te verwachten. Ten overvloede wordt gewezen op de algemene zorgplicht welke in artikel 1.11 van de Wnis opgenomen.

Door eventuele (graaf)werkzaamheden buiten de periode van maart tot augustuste starten, is de kans op verstoring van broedende vogels het kleinst. Ook buiten deze periode mogen broedende vogels niet worden verstoord en moet gewacht worden tot het broeden voorbij is en de jongen zijn uitgevlogen.

Door de bestemmingswijziging wordt het mogelijk om aan de Kaumeshoek 6B extra bebouwing op te richten. Op dit moment is het gebruik ter plaatse van de vergroting van het bouwvlak de teelt van aardbeien op stellingen. Het is daarom niet te verwachten dat er ter plaatse soorten voorkomen die beschermd moeten worden. Volledigheidshalve is er op 13 november 2023 door IVN Helden een inventarisatie uitgevoerd van de bestaande situatie. Deze inventarisatie en analyse van de natuurwaarden heeft geen bijzonderheden opgeleverd. Hieruit blijkt dat er geen soorten

voorkomen

die beschermd

4.6

Archeologie

4.6.1

Archeologie

dienen

te worden.

en cultuurhistorie

In de vergadering van 28 juni 2011 heeft de raad van Peel en Maas het archeologie beleid vastgesteld. Dit archeologie beleid geeft aan op welke wijze de gemeente met archeologie om wil gaan. Om archeologische restanten zo goed mogelijk te kunnen bewaren s er een pragmatisch en goed doordacht beleidsplan met beleidskaart opgesteld. De raad heeft een generieke diepte van 40 cm vastgesteld. Dat wil zeggen dat tot een diepte van 40 cm geen archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Wil een initiatiefnemer dieper dan 40 cm de grond

verstoren/bewerken dan geldt er een formele onderzoekplicht. De archeologische beleidskaart fungeert dan als kompas. Gemeente

Peeten Maas : Belefdipan archeciogie

Kaartbijlage I- Archeologische beleidskaart

_ geazezerz0s)

ogeneetis

Figuur: uitsnedearcheologische beleidskaart

I bestemmingsplan Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |67

De archeologische beleidskaart geeft aan in welke gebieden de kans op archeologische resten hoog is en waar bijvoorbeeld middelhoog of laag. Hierdoor kan verschillend worden omgaan met mogelijke grondwerkzaamheden in een bepaald gebied. Daar waar een lage verwachting geldt, is verder geen archeologisch onderzoek nodig. In de andere verwachtingsgebieden moet, indien de grond dieper dan 40 cm wordt verstoord, mogelijk archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. Dit is mede afhankelijk van de mate van de oppervlakte die verstoord gaat worden. Bij gebieden waar een zeer hoge verwachtingswaarde geldt, geldt dat bij een verstoring groter

dan 100 m? oppervlakte en dieper dan 40 cm onderzoek noodzakelijk is. In een gebied met hoge archeologische verwachting geldt dezelfde dieptegrens, maar is het maximale

verstoringsoppervlak verruimd tot 250 m?. Volgens de vigerende bestemmingsplannen liggen binnen de delen van het plangebied archeologisch waardevolle gebieden die zijn aangeduid als Waarde - Archeologie - 4 en 6, (corresponderend met categorie 4 op de beleidskaart) en de historische bewoningskern waarvoor de dubbelbestemming Waarde - Archeologie - 3 geldt. Dit betekent dat voor dit deel van het perceel een archeologisch onderzoek noodzakelijk is indien er sprake is van

bodemverstoringen met een oppervlakte van meer dan 250 m? of een verstoringsdiepte van

meer dan 40 cm onder maaiveld en bij het andere deel is de maximale verstoringsmaat 100 m?. Deze dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie 3, 4 respectievelijk 6 zullen worden overgenomen in onderhavige bestemmingsplan.

Als gevolg van het feit dat bij de bouw van de agrarische bedrijfsbebouwing aan de Eelserstraat 28 de ondergrond, waar ook het nieuwe bouwvlak voor de bestemming Wonen wordt gesitueerd, veel grondwerk i verricht, moet de bodem hier als ernstig verstoord worden beschouwd. Een grotere verstoring zal in elk geval niet plaatsvinden door de realisatie van een burgerwoning met bijbehorende bebouwing en het aanbrengen van nutsvoorzieningen, leidingwerk en erfverharding. Een onderzoek is, aldus de archeologische dubbelbestemmingen, niet vereist wanneer naar het oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. In casu kan het bevoegd gezag bepalen dat de ondergrond dusdanig is verstoord dat afgezien kan worden van het uitvoeren van een archeologisch onderzoek.

Aan de Eelserstraat 26 vinden geen ingrepen plaats welke mogelijk aanwezige archeologische waarden

4.6.2

zouden

kunnen

aantasten.

Cultuurhistorie

Het plangebied kent geen bijzondere cultuurhistorische waarden welke mogelijk in het geding zouden kunnen zijn als gevolg van onderhavig project met beperkte impact voor de omgeving.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |68

4.7

Verkeer en parkeren

4.7.1

Verkeer

Eelserstraat 26 en 28

Het plangebied wordt ontsloten op de Eelserstraat. Hiertoe zal een nieuwe, permanente inrit worden aangelegd. Vanaf de inrit is er goed zicht op de weg, welke relatief verkeersluw is en gericht is op het verwerken van bewonersverkeer en het verkeer naar de agrarische bedrijven die aan de Eelserstraat liggen. De Eelserstraat heeft een erg smal wegprofiel en is buiten de bebouwde kom niet voorzien van een fietsstrook of trottoir. Hierdoor moeten alle verkeersdeelnemers gebruik maken van de weg zelf, hetgeen voor het langzaam verkeer mogelijk gevaarlijke situaties kan opleveren. Echter, op 165 m vanaf het plangebied begint de bebouwde kom en is de weg aan beide zijden voorzien van een verhoogd trottoir. De gemiddelde verkeersgeneratie voor een woning bedraagt 9 vervoersbewegingen per etmaal. Dit zijn minder verkeersbewegingen dan ten tijde van de agrarische bedrijfsvoering, waarbij

naast de 9 verkeersbewegingen gerelateerd aan de bedrijfswoning, ook nog (zware) verkeersbewegingen gerelateerd aan het bedrijf plaatsvinden. Het verkeer gerelateerd aan de nieuw te realiseren woning wordt meteen en zonder problemen opgenomen in de reguliere verkeersstroom; onderhavig plan heeft geen negatief effect op de verkeersintensiteit en de verkeersveiligheid.

Kaumeshoek

6B

Het plangebied is en blijft ontsloten via de Kaumeshoek. Door het vergroten van het bouwvlak

zal er logischerwijs een (beperkte) toename zijn van het aantal verkeersbewegingen op de Kaumeshoek en omringende wegen. Het plangebied is goed bereikbaar. Via de huidige opritis het perceel prima toegankelijk.

4.7.2

Hier wijzigt niets aan.

Parkeren

Op 3 juli 2018 is de nota parkeernormen

vastgesteld. Op basis van deze nota is de parkeereis

berekend.

Voor vrijstaande woningen buiten het centrum is in de nota een parkeernorm opgenomen van 2 parkeerplaatsen per woning. Parkeren kan bij de bestaandeen bij de nieuwte realiseren woning geheel op eigen terrein plaatsvinden; afhankelijk van de situering van de nieuwe woning en inrichting van het voor- en zijerf, zijn er voor de 2 parkeerplekken meerdere varianten mogelijk. Aan de Kaumeshoek 6B is op eigen terrein ruimschoots voldoende ruimte aanwezig voor het parkeren van voertuigen.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina 169

Hoofdstuk5 5.1

Juridische vormgeving

Algemeen

Het bestemmingsplan heeft als doel het planologisch-juridisch kaderte geven voor de ontwikkeling van het beschreven plan. De nadere juridische invulling is gedetailleerd geregeld. Dit bestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: * * *

plantoelichting planregels; verbeelding.

Bij het opstellen van het onderhavige bestemmingsplan is aansluiting gezocht bij de in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening geformuleerde uitgangspunten. Waar dat noodzakelijk was , is afgeweken van de standaard en is het plan specifiek toegesneden op de feitelijke situatie in het onderhavige plangebied. De plansystematiek voldoet aan de volgende RO-standaarden

2012:

* _ Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP) 2012;

*

PraktijkRichtlijn BestemmingsPlannen (PRBP) 2012;

*

Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten (STRI) 2012.

5.2

Planmethodiek

Aan de bestemmingen zijn bouw- en gebruiksregels gekoppeld die direct inzichtelijk maken welke ontwikkelingen zijn toegestaan. Verbeelding en regels bieden een directe bouwtitel voor bebouwing en gebruik.

5.3

Verbeelding

Op de verbeelding hebben alle gronden binnen het plangebied een bestemming gekregen. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. Deze aanduidingen hebben slechts juridische betekenis ingevolge het voorliggende plan, indien en voor zover deze in de regels daaraan wordt gegeven. Als een aanduiding juridisch gezien geen enkele betekenis heeft, is deze niet opgenomen in de verbeelding. Ten behoeve van de leesbaarheid is het plan wel op een topografische ondergrond gelegd. De bestemmingen en de aanduidingen zijn ingedeeld in de hoofdgroepen volgens de SVBP2012 en zijn bij de verbeelding opgenomen in een

54

renvooi.

Planregels

De planregels zijn verdeeld in 4 hoofdstukken, te weten: * *

Hoofdstuk 1: Inleidende regels met daarin de begrippen en de wijze van meten; Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels. Hiermee worden de op de verbeelding opgenomen bestemmingen geregeld; e _ Hoofdstuk 3: Algemene regels, waaronder zijn opgenomen de antidubbeltelbepaling, algemene bouwregels en algemene ontheffingsregels;

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |70

°

Hoofdstuk4: Overgangsen slotregels, waarin het overgangsrechten de slotregel zijn opgenomen.

Het belangrijkste doel van de planregels is om de bouw- en gebruiksregels van de verschillende bestemmingen aan te geven.

5.4.1

Inleidende

regels

Begrippen (artikel 1

In dit artikel zijn bepalingen (begrippen) opgenomen welke in het algemeen spraakgebruik onvoldoende vastliggen en waarbij verschillen in interpretatie bij toepassing van de planregels

mogelijk zijn. Voor het gemak

zijn enkele begrippen uit de Woningwet/ Bouwverordening

overgenomen.

Wijze van meten (artikel 2) Hierin wordt aangegeven op welke manier hoogte, lengte, breedte, inhoud en oppervlakte van

bouwwerken / percelen gemeten moeten worden.

5.4.2

Bestemmingsregels

De regels van een bestemming worden als volgt opgebouwd en benoemd: * °

Bestemmingsomschrijving Bouwregels

+

Nadereeisen

° _ Afwijken van de bouwregels * Specifieke gebruiksregels ° Afwijken van de gebruiksregels ° Wijzigingsbevoegdheid Duidelijk zal zijn dat een bestemmingsregel niet alle elementen hoeft te bevatten. Dit kan per bestemming verschillen. In de bestemmingsomschrijving wordt een omschrijving gegeven van de aan de gronden toegekende functies. Als eerste wordt de hoofdfunctie aangegeven. Indien nodig worden vervolgens de andere aan de grond toegekende functies genoemd. In de bouwregels wordt bepaald aan welke voorwaarden de bebouwing moet voldoen. Voorzover nodig wordt een onderscheid gemaakt in woningen, bijgebouwen en aan- en uitbouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waardoor de toetsing van aanvragen voor een bouwvergunning aanmerkelijk vereenvoudigd en inzichtelijker is. Op de verbeelding worden bebouwingsgrenzen opgenomen die samen een bouwvlak vormen. Op een aantal plaatsen valt de bebouwingsgrens samen met de bestemmingsgrens. In dat geval dient de bestemmingsgrens tevens als bebouwingsgrens te worden gezien. In het onderstaande worden de regels van de opgenomen

bestemmingen nader toegelicht.

Artikel 3 Agrarisch Binnen deze bestemming zijn agrarisch en hobbymatig bedrijfsmatig gebruik toegestaan; ter plaatse van de aanduiding 'ontsluiting' voor een nieuwe erfontsluiting met een maximale

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina |71

breedte van 5 m toegestaan.

Artikel 4 Agrarisch - grondgebonden Deze gronden zijn bestemd voor agrarisch bedrijfsmatig gebruik, in de vorm van een grondgebonden bedrijf, wonen in een bedrijfswoning, short-stay huisvesting van tijdelijke arbeidskrachten ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - short stay huisvesting Kaumeshoek 6b'.

Artikel 5 Wonen

Deze bestemming is opgenomen voor de bestaande grondgebonden woning binnen het plangebied. Deze regelingis flexibel gehouden, met als gevolg dat er bij het bouwen, verbouwen of veranderen van een woning aan maar weinig voorwaarden voldaan hoeft te worden.

Artikel 6, 7 en 8 Waarde- Archeologie 3, 4 en 6 (dubbelbestemming) Indien een ontwikkeling binnen deze dubbelbestemming plaatsvindt, dient getoetst te worden of archeologische waarden verstoord kunnen worden.

Artikel 9 Waterstaat - Beschermingszone Deze gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor de beschermingen het beheer van de watergang met inachtneming van de Keur van het waterschap.

5.4.3

Algemene

regels

In de Anti-dubbeltelregel wordt bepaald dat grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het verlenen van een bouwvergunning waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, deze bij de beoordeling van latere plannen buiten beschouwing blijft. Het nog overgebleven terrein mag dus niet nog eens meegenomen worden bij het toestaan van een ander

bouwwerk.

In de Algemene bouwregels zijn bepalingen over ondergrondse werken, en ondergrondse bouwwerken opgenomen. Deze regelen de uitvoering van alle werken en bouwwerken onder peil. Daarnaast is aangegeven dat ondergeschikte bouwdelen binnen de aangegeven grenzen buiten beschouwing worden gelaten. Ook is een bepaling opgenomen ten aanzien van bestaande

afstanden

en andere

maten.

In de Algemene gebruiksregels is een verbodsbepaling opgenomen ten aanzien van gebruik in strijd met het bestemmingsplan. In de Algemene aanduidings- en afwijkingsregels en de Algemene wijzigingsregels zijn regels opgenomen ten aanzien van algemene regels, afwijkings- en wijzigingsmogelijkheden die voor het gehele plangebied gelden en die burgemeesteren wethouders de benodigde flexibiliteit bieden ten aanzien van het bestemmingsplan. In de Overige regels zijn regels opgenomen ten aanzien van de voorrang tussen

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina 172

dubbelbestemmingen onderling en over andere wettelijke regelingen.

5.4.4

Overgangs- en slotregels

Tot slot zijn het Overgangsrecht en de Slotregel opgenomen, met daarin de citeertitel van het bestemmingsplan, 'Eelserstraat 26 en 28 en Kaumeshoek 6B Beringe'.

I bestemmingsplan Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status: vastgesteld |

Pagina |73

Hoofdstuk6 6.1

Economische

Uitvoerbaarheid uitvoerbaarheid

De realisatie van het project geschiedt voor rekening van de betrokken initiatiefnemers. De gronden zijn eigendom van deze initiatiefnemers (ieder voor hun eigen deelgebied), met uitzondering van de waterloop. Het deel van de (overkluizing van de) waterloop Kaumeshoek i eigendom van het Waterschap Limburg; met het waterschap zullen hierover afspraken worden gemaakt. Deze gronden zijn niet belast met beperkt zakelijke rechten van derden.

Kostenverhaal zal geregeld worden in tussen de gemeente Peel en Maas en de initiatiefnemers af te sluiten overeenkomsten, waarin het aspect planschade-afwenteling, zoals bedoeld in art. 6.4a Wro met initiatiefnemer wordt geregeld. Hiermee wordt gewaarborgd dat eventueel te vergoeden planschade niet voor rekening van de gemeente Peel en Maas komt maar voor rekening van de initiatiefnemer.

6.2

Maatschappelijk uitvoerbaarheid

6.2.1

Procedure

Elk nieuw bestemmingsplan ontstaat uit een initiatief. De totstandkoming begint met de beslissing dat een bestemmingsplan zal worden opgesteld. Artikel 3.8 Wro regelt de procedure van het bestemmingsplan. Op de voorbereiding van een bestemmingsplan is afdeling 3.4 van de Awb van toepassing. Hierbij zijn een aantal aanvullingen: 1. kennisgeving, zoals bedoeld in artikel 3:12 Awb, dient tevens te worden gepubliceerd in de Staatscourant en langs elektronische weg te worden verzonden; 2. het ontwerpbestemmingsplan dient te worden verstuurd aan het Rijk, provincie, waterschappen en aan de besturen van bij het plan een belang hebbende gemeenten; 3. kennisgeving aan de eigenaren van percelen welke de bestemming in de naaste toekomst zal worden verwezenlijkt; 4. door een ieder kunnen zienswijzen naar voren worden gebracht; S. de gemeenteraad dient binnen 12 weken, na de ter inzage termijn beslissen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan.

Binnen twee weken wordt het besluit tot vaststelling bekend gemaakt. Indien door Gedeputeerde Staten (GS) een zienswijze is ingediend en deze niet volledig is overgenomen, dan vindt bekendmaking plaats binnen zes weken na vaststelling. Dit geldt tevens indien de gemeenteraad wijzigingen aanbrengt in het ontwerp. In deze gevallen zend het college na vaststelling onverwijld een afschrift van het raadsbesluit aan GS. Indien het Rijk of de provincie gebruik wil maken van haar aanwijzingsbevoegdheid gaat deze termijn niet op. Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan wordt dan, met uitsluiting van het onderdeel waarop het aanwijzingsbesluit ziet, samen met het aanwijzingsbesluit bekend

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

Pagina 174

gemaakt. Het besluit treedt in werking 1 dag na afloop van de beroepstermijn.

6.2.2

Omgevingsdialoog

Eelserstraat 28

Op donderdag 9 maart 2023 vond in gemeenschapshuis De Wieksjlaag een door het bevoegd gezag geïnitieerde informatiebijeenkomst plaats over de tijdelijke opvang van Oekraïense vluchtelingen aan de Eelserstraat 28 in Beringe. Bij de bijeenkomst waren circa 40 personen aanwezig: omwonenden van de locatie en vertegenwoordigers van de dorpscommissie Steingood Beringe. Tijdens deze bijeenkomst is ook gesproken over het definitief wijzigen van de agrarische bedrijfsbestemming naar een woonbestemming. Op dit laatste onderdeel zijn verder geen opmerkingen geplaatst. Het verslag van deze omgevingsdialoog is opgesteld door het bevoegd gezag en gedeeld met de aanwezigen.

Eelserstraat 26 en Kaumeshoek

6B

Beide deelinitiatieven zijn dermate marginaal qua impact op de omgeving dat hiervoor een omgevingsdialoog achterwege is gelaten.

6.2.3

Inzage ontwerp-bestemmingsplan

Het ontwerp-besluit tot wijziging van het bestemmingsplan heeft met ingang van 18 december 2023 tot en met 4 februari 2024 voor een ieder ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn geen zienswijzen ingediend.

I bestemmingsplan

Eelserstraat26 en 28 en Kaumeshoek6B Beringe | status:

vastgesteld |

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=9df6fee1-a1f2-4039-b512-df89bffd769c