CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-060 03 Jaarstukken 2022.docx

Raad 4 juli 2023, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Jaarstukken 2022 (2023-060)37.496 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Heeft het gekost wat het mocht kosten?

Baten Lasten Saldo

Realisatie begrotingsjaar 10.666.380 16.263.682 -5.597.303

Raming begrotingsjaar ná wijziging 10.376.077 16.552.076 -6.175.999

Raming begrotingsjaar vóór wijziging 10.376.077 16.252.076 -5.875.999

Het programma 1.2 laat over 2022 een positieve afwijking van € 578.696 zien. De baten zijn € 290.303 hoger dan begroot en de lasten zijn € 288.393 lager dan begroot zodat per saldo een positieve afwijking resteert. De afwijkingen kunnen (afgerond op € 1.000) als volgt worden verklaard: Lasten: • Lagere uitgaven motie gevelgroen € 25.000 In de Kadernota 2020 is jaarlijks € 25.000 beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de motie gevelgroen. We zijn druk bezig met de voorbereiding om planmatig en gecombineerd met het bomenplan en Waterklaar uitvoering te geven aan deze motie. Als gevolg van andere prioriteiten zijn we daar niet eerder aan toegekomen. • Hogere uitgaven optimalisatie beheersysteem openbare ruimte -/- € 92.000 In de Begroting 2021 is € 170.000 beschikbaar gesteld voor optimalisatie beheersysteem openbare ruimte. In 2021 is er € 78.000 uitgegeven. De resterende € 92.000 is in 2022 uitgegeven. De bijbehorende dekking, onttrekking uit de algemene reserve, is via het programmaonderdeel financiering en dekkingsmiddelen geboekt. • Lagere uitgaven afval € 81.000 Minder verwerkingskosten bij het milieupark als gevolg van minder aanbod. • Hogere uitgaven wegen -/- € 16.000 Deze kosten zijn voornamelijk voor extra herstelwerkzaamheden (degeneratiekosten) waarvoor we vergoedingen van Enexis en Essent hebben ontvangen.

En voor het aanleggen van inritten waarvoor we ook vergoedingen hebben ontvangen.

30

• Hogere uitgaven wijk, natuur en landschap -/- € 84.000 Het betreft meer uitgaven voor onderhoud plantsoenen, renovaties, inboet, snoeien en onderhoud bomen. De oorzaak hiervan is gelegen in het feit dat de kosten voor inhuur van personeel en inkoop van materialen fors zijn toegenomen. Ook de uitgaven van speeltoestellen zijn hoger. Tegenover deze uitgaven staan ook hogere inkomsten. • Hogere uitgaven externe kosten riolering -/- € 62.000 De kosten van huisaansluitingen zijn hoger dan begroot. Tegenover de kosten staan ook hogere inkomsten. Daarnaast is in 2022 een ronde kolkenreiniging niet uitgevoerd in verband met personele problemen bij de aannemer. De eerste ronde in 2023 wordt eerder uitgevoerd. • Lagere doorverdeelde kosten € 7.000 De doorverdeelde kosten op product 1.2 zijn iets lager begroot. • Lagere kapitaallasten € 408.000 De werkelijk doorberekende rentekosten op de kapitaallasten zijn lager dan begroot, omdat we voor de lopende en de nieuw aangetrokken leningen veel minder rente hoeven te betalen dan waar we bij de begroting van zijn uitgegaan. • Overige uitgaven per saldo € 21.000 lager Per saldo zijn er op de diverse producten binnen 1.2 vele kleinere afwijkingen geweest. Per saldo is er € 21.000 minder uitgegeven.

Baten: • Lagere inkomsten afvalinzameling -/- € 69.000 Als gevolg van minder inkomsten milieupark (poorttarief) door minder bezoekers en minder inkomsten afvalstoffenheffing door hogere kwijtscheldingen. • Hogere inkomsten wegen € 111.000 Het betreft voornamelijk degeneratievergoeding en inkomsten aanleg inritten. Tegenover deze inkomsten staan ook uitgaven. • Hogere inkomsten wijk, natuur en landschap € 39.000 De inkomsten zijn hoger dan begroot door vergoedingen erfbeplanting, subsidies en bijdrages voor de vergroening en aanleg speelterreinen bij scholen. • Hogere inkomsten openbare verlichting € 11.000 De inkomsten zijn hoger dan begroot door de elektriciteitsvergoeding lichtmastreclame. • Hogere inkomsten riolering € 202.000 Meer inkomsten rioolrecht door de vereenvoudigde procedure om panden en perceel te splitsen of anders te bestemmen wat tot meer aansluitingen heeft geleid dan was ingeschat. Er zijn hogere inkomsten uit leges rioolaansluitingen, tegenover deze inkomsten staan ook uitgaven. • Hogere inkomsten ondergrondse infrastructuur € 7.000 De legesinkomsten uit glasvezel en beheer- en degeneratiekosten (vergoeding van energieleverancier ter dekking van de kosten van bestrating als gevolg van openbreking) zijn hoger dan begroot. • Overige kleine afwijkingen per saldo -/- € 11.000 Er zijn binnen het programma 1.2 diverse kleine afwijkingen.

Deze afwijkingen leiden per saldo tot lagere baten.

31

Programma: 2.1 Werk en inkomen Peel en Maas is een vitale gemeenschap waar iedereen naar vermogen in kan participeren. Wij organiseren de ondergrens. Dat betekent dat we bepalen vanaf welk moment door de overheid hulp wordt geboden. Alleen deze ondergrens is onvoldoende om het goede leven te behouden. Daarom sluiten wij aan bij de krachten van onze gemeenschap om dit te realiseren. We stimuleren en faciliteren collectieven in onze gemeenschap om het goede leven in samenspraak en samenwerking met alle belanghebbenden – inwoners, organisaties, bedrijven, overheid – te bereiken, uit te bouwen en in stand te houden. Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? 1. Iedereen neemt, naar eigen vermogen, deel aan de gemeenschap.

Hebben we gedaan wat we ervoor zouden doen? 1.1 We innoveren gezamenlijk met ondernemers het bestaande netwerk “Wij maken werk van werk “ door met nieuwe ideeën, kwetsbare burgers een beter perspectief te bieden. Uit gesprekken met enkele “Wij maken Werk van Werk”ondernemers blijkt dat hun prioriteit ligt bij het vinden van (geschikt te maken) personeel. Op deze behoefte spelen we in met het ontwikkelen van het Experience Centre (EC). Dit is een plek waar mensen kunnen ontmoeten, oriënteren, ontwikkelen en ondersteunen om zo een zelfstandig en zinvol bestaan op te bouwen. 1.2 We onderzoeken of het concept van het ondernemersplatform van “Wij maken werk van werk” in relatie tot mensen met achterstand tot de arbeidsmarkt ook te gebruiken is voor de groep zorgaanbieders in Peel en Maas. Om die samenwerking inhoudelijk goed vorm te geven sluiten we aan bij de uitgangspunten van de pilot Hendig. Beide netwerk-ontwikkelingen vormen input voor de leer- en ontwikkelroutes (zie hiervoor ook programma 3.1). De eerste netwerkbijeenkomsten voor zorgaanbieders zijn georganiseerd met de thema’s regionale sturing en inkoop, lokaal samenwerken en UWV dienstverlening. 1.3 We actualiseren het arbeidsmarktbeleid waarbij we lokaal aangeven hoe: - we ondernemers benaderen om samen meer kansen te creëren voor onze werkzoekenden en; - onderwijs beter aan kan sluiten bij de vraag van ondernemers.

- we welke ondersteuning ontwikkelen om bovenstaande mogelijk te maken. Het beleid wordt door het college vastgesteld en vormt een onderdeel van het regionaal vast te stellen arbeidsmarktbeleid in Noord-Limburg. Het arbeidsmarktbeleid (uitvoeringsbeleid) is nog niet geactualiseerd omdat het afgelopen jaar de nadruk heeft gelegen op de implementatie van extra ondersteuningsmaatregelingen rondom energietoeslagen en opvang Oekraïners. 1.4 We ondersteunen – door de coronacrisis getroffen – ondernemers met heroriëntatie op het eigen bedrijf en beroep. Het aantal faillissementen was in 2022 lager dan voor de coronaperiode. In het kader van het Besluit Bijstandsverlening Zelfstandigen en in nauwe samenwerking met partners zoals het Ondernemers Klankbord hebben we enkele tientallen getroffen ondernemers en zzp-ers doorverwezen of advies gegeven. 32

1.5 We nemen deel in het regionaal mobiliteitsteam om ‘werk naar werk’ trajecten te ondersteunen door scholing en bemiddeling op het moment dat de burger werkloos dreigt te worden. We hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheden van het regionaal mobiliteitsteam. Niet-uitkeringsgerechtigden hebben hierdoor ondersteuning gekregen zoals beroepenoriëntatie en korte scholingen. 2.

Iedereen heeft een inkomen dat het mogelijk maakt om als volwaardig burger mee te doen in de samenleving.

2.1 Wij voeren de verschillende onderdelen van het minima beleid integraal uit. Dit leggen we in een collegebeleid vast. Door de extra werkzaamheden rondom de energietoeslagen is dit beleid nog niet vastgesteld. In 2023 staat de vaststelling gepland waarbij we aanhaken bij de herijkte kaderstelling. 2.2 We zijn (samen met de gemeente Horst aan de Maas) in gesprek met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de te lage toekenning als gevolg van de verdelingssystematiek van de BUIG. Het ministerie heeft de BUIG op het onderdeel loonkostensubsidie aangepast en daarmee vervalt ons bezwaar. 2.3 We participeren ook in 2022 in een regionale taskforce ‘corona’. Door het dashboard van deze taskforce houden we zicht op de ontwikkelingen van werkeloosheid en de gevolgen hiervan. Op basis daarvan stemmen we het ondersteuningspakket af. Dit pakket bestaat uit landelijke en gemeentelijke ondersteuningsmaatregelen. De corona-ondersteuningsmaatregelingen Tozo en TONK zijn in 2022 gestopt. Het dashboard is inmiddels opgenomen in de reguliere monitoren.

3.

Voorkómen van financiële problemen, zodat burgers (beter) kunnen participeren in de samenleving.

3.1 We ontwikkelen onze schuldhulpverlening door meer aandacht voor preventie. De preventieve aanpak is gericht op het voorkomen van complexe en dure hulpverlening. Op basis van signalen van zorgverzekeraars, energiebedrijven, woningverhuurders en drinkwaterbedrijven benaderen we inwoners met betaalachterstanden proactief en bieden hulp aan. De contracten met alle aangesloten organisaties (ca. 55) zijn in 2022 geactualiseerd en er zijn nieuwe partijen aangesloten. 3.2 We ontzorgen inburgeringsplichtige statushouders financieel in het kader van de nieuwe Wet inburgering (januari 2022). Vanaf 2022 brengen we op de uitkering de kosten voor huur, energie en ziektekostenverzekering in mindering om de statushouder te ontzorgen en schulden te voorkomen. De ingehouden bedragen maken wij vervolgens over naar de betrokken instanties.

4.

Uitkeringscliënten zijn zich bewust van hun rechten en plichten.

4.1 We onderzoeken de effectiviteit van de gemeentelijke website op de onderdelen werk, inkomen, schuldhulpverlening en aanverwante onderwerpen en het gebruik van Antwoordop.nl. Er heeft een effectiviteitsonderzoek plaatsgevonden, met een aantal verbeteringen van de website tot gevolgd. De meest in het oog springende daarvan is Grip op geld.

33

Wat hebben we verder binnen dit programma gedaan? Werk • • • • • • • • •

Uitvoering Wet Sociale Werkvoorziening via NLW. Re-integratie van uitkeringsgerechtigden én niet-uitkeringsgerechtigden mét afstand tot de arbeidsmarkt. Re-integratie van onder andere VSO-ers (Voortgezet Speciaal Onderwijs) en leerlingen zonder startkwalificatie. Het acquireren van beschut werk plekken (taakstellend door SZW opgelegd). Het ondersteunen van burgers bij hun indicatie voor het doelgroepenregister (doelgroep banenafspraak) en beschut werken. Het vaststellen van arbeidspotentieel aan de hand van de Dariuz loonwaardenmethodiek. Participatie in het Werkgeverservicepunt (WSP). Het organiseren van een Meet 2 Match variant in 2022. Het organiseren van een jaarlijks afstemmingsoverleg lokaal arbeidsmarkt met ondernemers, onderwijsinstellingen en gemeente (Triple Helix).

Inkomen • Verstrekken van uitkeringen en bijzondere bijstand. • We voeren controles uit, zoals staat in de kwaliteitsborging SD en het controleprotocol Tozo en TONK. • Uitvoeren van debiteurenbeheer voor verstrekte leningen, borgsommen of kredieten uit bijzondere bijstand, Bbz of Tozo3 tot en met Tozo5 en TONK. Voor de Tozo en TONK geldt hetzelfde als de controles. • Verstrekken van middelen (subsidie) voor initiatieven rondom collectieve minimaregelingen, zoals collectieve ziektekostenverzekering, stichting Leergeld, Jeugdfonds Sport en Cultuur, Volwassenenfonds Sport en Cultuur, kleding- en Voedselbank. • Ondersteunen bij de uitbetaling van het leefgeld voor Oekraïense vluchtelingen in samenwerking met programma 4.1 economie. • Verstrekken van mondmaskers en zelftesten aan minima op verzoek van het ministerie SZW. • Verstrekken van eenmalige energietoeslag 2022 voor minima zonder en mét vermogen. • Verstrekken van energieboxen in samenwerking met programma 1.1 vitale leefomgeving. • Toegang geven tot goedkope(re) energie voor álle inwoners van de gemeente via de website Gemeentepolis (gezondverzekerd.nl). Schuldhulpverlening • De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) voeren wij uit in samenwerking met netwerkpartners zoals Vorkmeer (Wegwijzer) en woningcorporaties (preventief én curatief).

• Verwerken van vroeg signaleringen en terugkoppeling aan melders om afsluiting van nutsvoorzieningen, royement van zorgverzekering en huisuitzetting te voorkomen. • Deelnemen aan en input leveren voor bijeenkomsten van nieuwe (wettelijke) ontwikkelingen. • Coördineren van de bijeenkomsten voor het Platform Armoedevrij Peel en Maas. Naleving en controle (op onderdeel Werk en Inkomen) • Voorlichting geven over en bijwerken van de gemeentelijke website, folders en (digitale) dienstverlening op alle onderdelen van dit programma. • Fraudebestrijding. • Controles en handhaving maken deel uit van het toepassen van een eerlijke benadering. Algemeen • Ondersteunen van de stichting ‘Het Ontdeklab Peel en Maas’. • We nemen deel aan het regionaal beleidsoverleg met betrekking tot de Participatiewet, de Wet inburgering en de arbeidsmarktontwikkelingen om integraliteit in regionaal beleid aan te moedigen. • De gemeente Peel en Maas neemt als vertegenwoordiger van de regiogemeenten deel aan het regionaal werkbedrijf waarin arbeidsmarktbeleid met vakbonden, ondernemers, UWV en Limburgse werkgeversvereniging verder wordt ontwikkeld. Dit doen we namens de regiogemeenten. • Actueel houden van verordeningen, beleidsregels en de gemeentelijke website en folders.

34

Heeft het gekost wat het mocht kosten?

Baten Lasten Saldo

Realisatie begrotingsjaar 6.535.145 18.333.223 -11.798.078

Raming begrotingsjaar ná wijziging 6.660.000 17.578.435 -10.918.435

Raming begrotingsjaar vóór wijziging 6.660.000 15.444.435 -8.784.435

Het programma 2.1 laat over 2022 een negatieve afwijking van € 879.643 zien. De baten zijn € 124.855 lager dan begroot en de lasten zijn € 754.788 hoger dan begroot zodat per saldo een negatieve afwijking resteert. De afwijkingen kunnen (afgerond op € 1.000) als volgt worden verklaard: Lasten: • Lagere lasten product werk € 196.000 Het verschil in lasten op het product werk moet in samenhang worden gezien met het nadeel op de baten (-/- € 125.000). Dat betreft de afrekening van de bijdrage aan NLW over eerdere jaren die binnen de lasten al is afgedekt. Er resteert dan nog een positieve afwijking op de lasten van € 71.000. Dit verschil wordt met name veroorzaakt doordat minder extern personeel is ingezet voor re-integratie dan was geraamd. • Hogere lasten product inkomen -/- € 524.000 In 2022 zien we een toename van de kosten voor uitkeringen wat leidt tot een overschrijding van € 300.000. Dat wordt veroorzaakt door een stijging van het aantal uitkeringsgerechtigden. Ook op de uitgaven voor de loonkostensubsidie is in 2022 een overschrijding ontstaan omdat dit instrument meer is ingezet dan was geraamd. In de gebundelde uitkering BUIG (voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 en loonkostensubsidie) worden tegenwoordig de daadwerkelijke kosten van de loonkostensubsidie gecompenseerd.

Een deel van de overschrijding zal in 2023 worden gecompenseerd door een hogere BUIG. • Hogere lasten product minima -/- € 427.000 De uitkering en compensatie van de energietoeslag aan huishoudens is verantwoord onder het product minima. In totaal is er in 2022 € 2,1 miljoen uitgekeerd aan energietoeslag (€ 1.300 per huishouden). De rijkscompensatie bedraagt in totaal € 2,0 miljoen maar daarvan is € 200.000 opgenomen onder algemene dekkingsmiddelen. In totaal is er dus een tekort van € 100.000 op de energietoeslag (excl. uitvoeringskosten). Omdat een deel van de rijksmiddelen op een ander product is opgenomen zien we bij minima een nadeel van € 300.000. Op de andere minimaregelingen is in 2022 een groter beroep gedaan dan was begroot waardoor een tekort van € 127.000 is ontstaan. Baten: • Lagere baten product werk -/- € 125.000 In 2022 heeft een afrekening plaatsgevonden over de bijdrage aan NLW van de afgelopen jaren. Deze afrekening is binnen de lasten van het product al geraamd en afgedekt.

35

Programma: 2.2 Zorg en Ondersteuning Gemeenschappen in Peel en Maas kenmerken zich doordat iedereen naar vermogen mee doet; het goede leven wordt vanuit de samenleving bevorderd. Als ondersteuning nodig is worden collectieve voorzieningen ingezet. Waar nodig wordt als aanvulling de maatwerkvoorziening aangeboden. Om collectieve voorzieningen te realiseren, faciliteert de gemeente en ondersteunen we, waar nodig, verbanden van burgers en maatschappelijke partners. We leven in een samenleving waarin de mens leidend is in plaats van het systeem. Daarom willen we met zijn allen een wereld opbouwen vanuit de talenten die er zijn en daar de systemen op aanpassen. Het samenleven van inwoners kenmerkt zich door het mee laten doen van iedereen, met specifieke aandacht voor mensen in een kwetsbare positie. Inwoners kunnen zo de kwaliteit van hun eigen leven en elkaars leven bevorderen. Deze manier van leven in de gemeenschap helpt om zo lang mogelijk de regie over het eigen leven te voeren en om mee te doen. Daarbij bepalen gemeenschappen zelf welke voorzieningen ze vanuit hun eigen kwaliteiten realiseren en welke aanvullende woon-, welzijns- en zorgvoorzieningen nodig zijn. Als gemeente zijn wij vangnet voor kwetsbare groepen en zetten daarvoor maatwerkvoorzieningen en/of maatschappelijke opvang in.

Als het gaat om professionele inzet geven we ruim baan aan nieuw vakmanschap van de zorgprofessional. Daarnaast brengen we regelgeving en protocollen terug tot het verantwoorde minimum. Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? 1. Burgers en gemeenschappen voeren zelf regie en geven zelf vorm aan het zorgen voor elkaar.

Hebben we gedaan wat we ervoor zouden doen? 1.1

We leggen begin 2022 het beleid Heerlijk Thuis Wonen voor aan het college. Dit is erop gericht om inwoners er bewuster van te maken wat er nodig is om op een fijne en veilige manier langer thuis te kunnen blijven wonen. Met als doel om te zorgen dat mensen zelf de regie nemen om passend te wonen. We adviseren en faciliteren bij aanvragen voor mantelzorg- en premantelzorgwoonvoorzieningen om burgers op weg te helpen bij het zelf vorm geven aan het zorgen voor elkaar. In 2022 zijn ruim 50 informatie- en adviesverzoeken rondom (pré)mantelzorgwoningen binnengekomen en zijn 25 gesprekken op locatie gevoerd. Er zijn diverse (pré)mantelzorgwoningen gerealiseerd en enkele tientallen in voorbereiding. Heerlijk Thuis Wonen wordt niet als apart beleid voorgelegd aan het college maar deels opgenomen in de woonzorgvisie, zie ook 2.7. Bewustwording rondom langer thuis wonen is gestimuleerd via o.a. het Huis van Morgen.

1.2

We gaan verder in gesprek met de dorpsontmoetingen over de toekomstbestendigheid, onder andere hoe houden we het betaalbaar en hoe kunnen we inspelen op nieuwe behoeftes? De denktanknotitie uit 2020 is geëvalueerd met alle stichtingsbesturen en maatschappelijke partners. Hierbij is gekeken wat er speelt bij elke dorpsontmoeting en wat er nodig is. Op basis hiervan hebben we een uitvoeringsnotitie opgesteld waarin we met een aantal dorpsontmoetingen een intensiever proces inzetten om aan te sluiten op de ontmoetingsbehoefte van het dorp.

1.3

We investeren in netwerksamenwerking en korte lijnen met formele en informele zorgpartijen in de dorpen. Zo nemen we deel aan de werkgroep ‘WKK 2.0, Integratie zorg en welzijn Kessel-Kessel-Eik’ die tot doel heeft tot een meer klantgerichte en geïntegreerde aanpak. Ook doen we mee met het regionale project ‘Naar een nieuw perspectief voor ouderenzorg’ waarbij Beringe als een van de pilots is gekozen. Hier onderzoeken partijen samen of de zorg voor de (oudere) inwoners van het dorp op een andere manier kan. 36

Tot slot gaan we een structureel overleg met ergotherapeuten opzetten. De pilot in Beringe is begin 2022 afgerond. Er zijn diverse ideeën uit gekomen over ouderenzorg in de toekomst. Dorpscoöperatie Steingood geeft hier met ondersteuning van Vorkmeer vervolg aan. Doel is met name om samenwerking en verbinding van welzijn en zorg in het dorp te bevorderen. Met WKK hebben we meermaals gesproken over hoe hun project meer kan aansluiten bij de behoefte en ontwikkelingen die zich in Kessel voordoen. We stemmen twee keer per jaar af met ergotherapeuten over de mogelijkheden van de Wmo.

2.

Er zijn toegankelijke algemene voorzieningen aangevuld met passende maatwerkvoorziening.

1.4

We zetten in op positieve gezondheid via het regionale project ‘Burgerparticipatie en positieve gezondheid in de huisartsenzorg’ om niet-medische hulpvragen (deels) terug te brengen naar gemeenschappen. In plaats van medicaliseren, druk op de zorg te leggen en onnodig zorgkosten te maken zonder dat mensen echt geholpen worden. Zo wordt in het project op dorpsniveau de samenwerking tussen huisartsen, opbouwwerk en algemene voorzieningen bevordert. Drie huisartsenpraktijken in Beringe, Kessel en Baarlo zijn in 2022 in dit project gestart. De eerste inzet is gericht op het elkaar te leren kennen en weten te vinden in het lokale netwerk en naar elkaar te verwijzen.

1.5

Het Integraal Team Jongvolwassenen gaat bij een aantal casussen de uitgangspunten en werkwijze van Hendig hanteren zodat burgers zelf nadrukkelijker regie kunnen voeren. We hebben afgelopen jaar partijen bij elkaar gebracht om elkaar te leren kennen in deskundigheid, kennis en taal als voorbereiding op het daadwerkelijk starten met casuïstiek.

2.1

We monitoren de dorpsvoorziening hulp bij het huishouden en blijven aandacht houden en acties ondernemen (lobbyen) voor de BTW-kwestie in overleg met de dorpen en alle betrokken partijen. In 2022 zijn alle voorbereidingen getroffen met de dorpen ten behoeve van de realisatie van de dorpsvoorziening. De dorpen hebben hiertoe, mede op basis van juridische adviezen t.a.v. de BTW-kwestie, gekozen voor de oprichting van de zorgcoöperatie Peel en Maas. Deze leveren hulp bij het huishouden in alle dorpen met uitzondering van Baarlo.

2.2

We geven uitvoering aan de afspraken uit het regionale programma Sturing en Inkoop met het doel om te komen tot meer grip en sturing in het sociaal domein. Op 1 januari 2022 gaan de nieuwe contracten voor onder andere ondersteuning vanuit de Wmo in. Daarbij gaat het om: - uitbreiding en doorontwikkeling van het regionale Leveranciersmanagement; - doorontwikkeling van het toegangsmanagement; - monitoren en bijstellen van de ingezette ontwikkelingen en Ontwikkeldoelen; - vormgeven van lokaal leveranciersmanagement. We hebben deelgenomen aan zowel de regionale als de lokale leveranciersgesprekken. Hierbij zijn met name knelpunten rondom de implementatie van de nieuwe contracten en de samenwerking besproken. Per segment hebben we samen met aanbieders afspraken gemaakt over ontwikkeldoelen en hoe deze te bereiken. 37

In 2022 heeft onze toegang veel energie gestoken in het werken met trajecten en de communicatie daarover met inwoners en aanbieders. 2.3. We gaan ervaring opdoen met deelmobiliteit, waarbij we beginnen met het inrichten van een scootmobielpool. Doel is om van individueel bezit en gebruik naar collectief bezit en deelgebruik te gaan. De eerste pilot vindt plaats bij de nieuwe aanleunwoningen van Antares naast woonzorgcentrum Sint Jozef in Meijel. De scootmobielpool is in september 2022 gestart met twee scootmobiels en een aantal omwonenden. De eerste evaluatie volgt na een half jaar. 2.4. We doen ervaring op met het verstrekken van voorzieningen voor algemeen gebruik binnen woonvormen. Nu worden deze voorzieningen nog op individueel niveau aangevraagd. Bijvoorbeeld collectieve tilliften bij geclusterde zorgwoningen. Bij een woonzorgcentrum zijn twee tilliften geplaatst die ingezet kunnen worden voor alle bewoners. 2.5

We vragen gebruikers van het sociaal domein en hun naasten naar hun ervaringen via het ‘Vertelpunt vele handen’. We gaan dit uitbreiden naar een werkwijze van alle consulenten en gezinscoaches. We stimuleren en faciliteren ook netwerkpartners om het Vertelpunt te gebruiken. We zijn gestart met het ontwikkelen van een nieuwe werkwijze die meer aansluit bij de wensen en behoeften van inwoners en de beroepskrachten.

2.6

We maken inwoners bewuster van digitale en technische mogelijkheden om zo langer thuis te kunnen wonen, waardoor ze meer regie houden en minder afhankelijk zijn van professionele zorg. In 2022 gaan we met de werkgroep ‘Technologie achter de voordeur’ gericht aan de slag voor thuiswonende ouderen. We trekken bij dit thema ook regionaal samen op met de gemeenten Horst en Venray, maatschappelijke partijen, onderwijsinstituten en bedrijven om van elkaar te leren en elkaar te versterken. In gesprekken met ouderen halen we op hoe we hen kunnen ondersteunen om bekend te raken met bestaande slimme hulpmiddelen, en deze ook echt aan te schaffen en te gaan gebruiken. Het Huis van Morgen is met twee jaar verlengd en zoekt actief naar nieuwe partners. Naast rondleidingen in het Huis geven ze ook steeds vaker presentaties op locatie op uitnodiging van derden.

2.7

We sturen op de realisatie van voldoende woonvormen voor kwetsbare groepen op basis van de uitkomsten van de in 2021 opgestelde woonzorganalyse en visie. In Meijel (St. Jozef – wonen en zorg) en Panningen (Zorgcentrum Vincent Depaul) is een uitbreiding van verpleeghuisplekken gerealiseerd. In Beringe is een nieuwe woonlocatie opgeleverd voor verstandelijk beperkte inwoners. Voor huisvesting van kwetsbare jongvolwassenen zijn we bezig met diverse locaties en partners.

38

3.

Er is maatschappelijke opvang voor kwetsbare groepen.

3.1 We gaan zelf de indicaties voor beschermd wonen afgeven, die voorheen door centrumgemeente Venlo werden gedaan. Daarbij hanteren we waar mogelijk de uitgangspunten van Hendig om duurzame antwoorden te vinden op knelpunten die nu bestaan in de driehoek GGZ-zorg – Beschermd Wonen – Arbeidsparticipatie. Om zo te komen tot vergroting van zelfstandigheid op het gebied van wonen, werken en/of meedoen. Zie ook onderdeel 1.2 bij dit programma. De toegang voor Beschermd Wonen is lokaal ingericht. Consulenten Zorg en Ondersteuning doen de intake en geven indicaties af. Eventuele knelpunten komen enerzijds regionaal aan bod in het regionale Toegangsoverleg en anderzijds lokaal in het Integraal Team Jongvolwassenen. 3.2 We realiseren een lokale toegang en een lokaal trajecthuis (lokale dak- en thuislozen opvang) waar mensen maximaal drie maanden kunnen wonen om met goede begeleiding tot passende huisvesting te komen. Ook voor maatschappelijke opvang hebben we een lokale toegang ingericht. Consulenten Zorg en Ondersteuning gaan in gesprek met dakloze inwoners en kijken samen met partners naar oplossing voor het woonprobleem. Het lokaal trajecthuis is door de aanbieder nog niet gerealiseerd. Het ontbreekt aan een geschikte locatie.

3.3 Op basis van het lokale woonwagenonderzoek maken we een verdiepingsslag naar de daadwerkelijke behoefte aan woonwagenlocaties ter voorbereiding van eventuele uitbreiding van woonwagenplekken. De gemeenteraad heeft ingestemd met een voorbereidingskrediet voor de uitbreiding van vijf standplaatsen. 3.4 Samen met het Zorg- en Veiligheidshuis en binnen de regionale werkgroep personen met onbegrepen gedrag werken we aan sluitende en passende voorzieningen en trajecten. Dit doen we voor mensen met zware psychosociale problemen waarbij we de directe omgeving van deze mensen betrekken. In 2022 is subsidie ontvangen van ZonMw voor het regionale programma Grip op onbegrip. Dit programma zet in op het doorontwikkelen van 24/7-aanpak voor personen met verward gedrag en het realiseren van een goede bestuurlijke structuur om beter en sneller zorg te kunnen leveren.

4.

We faciliteren gemeenschappen en (groepen) burgers bij het bevorderen van een gezonde leefstijl.

a.

We zetten in op de beweging naar positieve gezondheid, onder andere door het faciliteren van initiatieven uit gemeenschappen, het Sportakkoord ‘Beweeg Peel en Maas’, de Health Impact Bond Valpreventie, het uitbreiden van het lokaal netwerkoverleg Gezond Opvoeden met maatschappelijke partners en het regionaal project genoemd onder 1.1. In diverse dorpen zijn implementatiecoaches positieve gezondheid opgeleid die de beweging verder vorm kunnen geven. Ook stond positieve gezondheid centraal tijdens de jaarlijkse ‘dag van de ouderen’, georganiseerd door de gezamenlijke KBO’s. De Heath Impact Bond Stevig Staan, een regionaal project gericht op valpreventie bij ouderen, is eind 2022 gestart na een jarenlange voorbereiding. Vorkmeer ziet daarbij toe op een lokale aanpak aansluitend op wat er al gebeurt in Peel en Maas.

39

• • • • • • • • • • • • • • • • • • •

4.2

De LeerOntwikkelRoutes werken vanuit het gedachtengoed positieve gezondheid. De consulenten Zorg & Ondersteuning maken kennis met positieve gezondheid in hun werk. De samenwerking met Sport & Bewegen en de medewerkers Gezonde Leefstijl van Vorkmeer blijft intensief. In het Leer-Ontwikkel-Netwerk Vitaal & Gezond Noord-Limburg is in 2022 een stevige basis gelegd voor het verder ontwikkelen van positieve gezondheid in de regio. Consulenten en andere beroepskrachten bundelen de krachten, omdat positieve gezondheid niet in je eentje lukt.

4.3

We brengen bij de Omgevingsvisie de verbinding tussen het fysieke domein en het sociale domein in. Daarbij gaat het naast gezondheidsbescherming, preventie en positieve gezondheid ook om ontmoeten en bewegen. In de door de raad vastgestelde omgevingsvisie is een ‘gezonde en veilige omgeving’ als een van de zes opgaves benoemd. In deze opgave zetten we ons in voor een omgeving die uitnodigt tot o.a. bewegen, spelen en ontmoeten. Ook veiligheid en gezondheid zijn expliciet opgenomen als aandachtspunt bij ruimtelijke ontwikkelingen.

Wat hebben we verder binnen dit programma gedaan? Uitvoeren van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning door het voeren van gesprekken, afhandelen van meldingen en aanvragen, geven van informatie en advies etc.. Inhoud geven aan het Integraal Team Jongvolwassenen. Relatiebeheer met lokale zorgaanbieders. Voorzitten van het lokale zorgnetwerk voor complexe GGZ-problematiek. Aanpak van huiselijk geweld, waaronder ouderenmishandeling. Deelnemen aan regionale overleggen rondom beschermd wonen, maatschappelijke opvang en mensen met onbegrepen gedrag. Structurele afstemming tussen zorg (MO) en veiligheid (OOV). Afstemming en vormgeven van Zorg en veiligheidshuis Limburg Noord. Voorbereiden en adviseren over agendapunten/ regionale ontwikkelingen binnen de Bestuurscommissie Wmo regionale taken. Faciliteren en subsidiëren van de dorpsvoorziening hulp bij het huishouden. Faciliteren en subsidiëren van algemene voorzieningen: de dorpsinfoloketten, dorpsontmoetingen, dorpsvervoer, TWP, begeleidingsdienst, inloop GGZ en Plattelandshoes. Ondersteunen van burgerinitiatieven op het gebied van wonen, zorg en welzijn. In gesprek met zorgpartijen, zorgverzekeraar/zorgkantoor en gemeenschappen over thema’s als Mantelzorg, dementie en eenzaamheid. Periodiek overleg met Cohesie en huisartsen, samen met Jeugd.

In gesprek met zorgverzekeraar en zorgkantoor VGZ over doorstroming in de zorgketen, knelpunten in wetgeving en zorgtechnologie. Regionaal inkopen van maatwerkvoorzieningen Wmo. Dit loopt via de MGR Limburg Noord. Regionale contractering van hulpmiddelen. Regionaal inkopen van collectief vervoer via GR Omnibuzz. Regionaal besturen van GR VRLN. GGD Limburg Noord is hier onderdeel van. Daarbij wordt ingezet op gezondheidsbescherming enerzijds en preventie/positieve gezondheid anderzijds. Nadruk ligt op een heldere scheiding maken in de (extra) preventietaken en rol in de beweging naar positieve gezondheid. Er loopt een kerntakendiscussie bij GGD Limburg Noord. De kerntakendiscussie heeft geleid tot de VISIE 2030 voor de GGD (publicatie in mei 2022): “Waar gezondheid publieke zorg wordt”. Daarin zijn twee centrale doelen van het in 2021 met partijen opgestelde manifest overgenomen, namelijk: ‘vergroten van gelijke kansen en makkelijker maken van gezond leven'.

40

• • •

Handhaving op rechtmatig en doelmatig gebruik van zorg en ondersteuning en toezicht houden op kwaliteit en rechtmatigheid via regionale toezichthouders. Periodiek overleg met belangengroepen (mantelzorgforum, gehandicaptenplatform) en Adviesraad Sociaal Domein. Monitoring cijfers gebruik zorg en ondersteuning. De Arrangementenmonitor verschaft in het jaarbeeld van het sociaal domein.

Heeft het gekost wat het mocht kosten?

Baten Lasten Saldo

Realisatie begrotingsjaar 2.721.122 13.728.229 -11.007.107

Raming begrotingsjaar ná wijziging 2.531.379 15.135.968 -12.604.589

Raming begrotingsjaar vóór wijziging 917.279 13.933.968 -13.016.689

Het programma 2.2 laat over 2022 een positieve afwijking van € 1.597.482 zien. De baten zijn € 189.743 hoger dan begroot en de lasten zijn € 1.407.739 lager dan begroot zodat per saldo een positieve afwijking resteert. De afwijkingen kunnen (afgerond op € 1.000) als volgt worden verklaard: Lasten: • Lagere lasten Hulp in de Huishouding € 389.000 Op basis van de groei van het aantal cliënten HbH in de afgelopen jaren is in de Begroting 2022 het budget verhoogd. De verwachte toename is echter lager dan verwacht o.a. door personeelsgebrek bij aanbieders HbH. Daarom is op het budget HbH een voordeel van € 389.000 ontstaan. • Hogere lasten woon- en vervoersvoorzieningen -/- € 298.000 De overschrijding op de kosten voor woon- en vervoersvoorzieningen heeft enerzijds te maken met een toename in de aanvragen maar anderzijds hebben de hogere kosten voor (bouw)materialen ook invloed. In totaal bedraagt de overschrijding € 298.000. • Lagere lasten Wmo Begeleiding € 1.156.000 Het jaar 2022 is een overgangsjaar wat betreft de inkoopsystematiek in het sociaal domein. Voor nieuwe hulpvragen wordt gewerkt met trajectfinanciering en de bestaande hulp wordt nog op de PxQ systematiek afgerekend. Vanwege de onzekerheid over de (financiële) effecten bij sturing en inkoop is in de begroting gerekend met een ruime toename van de kosten.

In werkelijkheid blijkt die groei beperkt en liggen de daadwerkelijke zorgkosten Wmo ongeveer op het niveau van 2021. Daardoor ontstaat financieel een voordeel op dit product. • Lagere lasten Wonen, Welzijn en Zorg € 54.000 In 2022 minder lasten voor incidentele projecten dan begroot. • Lagere lasten maatschappelijke opvang € 54.000 Regionaal is afgesproken om de bijdrage van bemoeizorg en preventie in de regionale begroting op te nemen. • Lagere lasten verward gedrag € 12.000 In 2022 lagere lasten omdat een gedeelte van de kosten gesubsidieerd is door ZonMw.

41

• Lagere lasten volksgezondheid € 54.000 Minder lasten op dit programma geboekt omdat we uitgaven op het gebied van gezondheid niet op dit programma hebben verantwoord. We hebben gebruik gemaakt van de middelen vanuit de regeling Specifieke uitkering lokale preventieakkoorden en preventieaanpakken. Dit zijn middelen beschikbaar gesteld voor bewegen en gezondheid. Deze middelen zijn verantwoord op het programma Sport en Bewegen. Bij het niet inzetten van de extra middelen hadden we deze moeten terugbetalen aan het Rijk. • Overige lasten per saldo -/- € 13.000 Per saldo zijn er op andere producten binnen programma 2.2 enkele kleinere afwijkingen geweest die leiden tot € 13.000 hogere uitgaven. Baten: • Hogere baten Wmo begeleiding € 190.000 Vanwege de doordecentralisatie van Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang ontvangen gemeenten in de regio Noord- en Midden-Limburg een bijdrage uit het (verwachte) overschot op de regionale begroting Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang. Die bijdrage is in werkelijkheid hoger dan in onze begroting opgenomen. De reden daarvan is dat de regionale begroting BW/MO hogere rijksinkomsten heeft en lagere uitgaven. Dat voordeel wordt verdeeld over de deelnemende gemeenten. In totaal bedraagt de bijdrage voor Peel en Maas € 2,5 miljoen.

42

Programma: 2.3 Jeugd en onderwijs We willen graag dat kinderen opgroeien in een gezonde en veilige omgeving zodat ieder kind de kans krijgt zich te ontwikkelen tot een zelfbewuste, betrokken en leergierige jongvolwassene met een maatschappelijke startkwalificatie. Een jongvolwassene die in staat is om verantwoordelijkheid te nemen en die bijdraagt aan de eigen vitale gemeenschappen. Ieder binnen zijn/haar mogelijkheden. Opvoeden en opgroeien zien wij als een ‘gemeenschapsverantwoordelijkheid’. Wij stimuleren gemeenschappen om ‘hun jeugd’ (0-23 jaar) te laten ontdekken wat ze willen in dit leven, met ruimte voor ontwikkeling van het sociale en culturele. Basisvoorzieningen zoals onderwijs en kinderopvang spelen hierin een belangrijke rol. Als daarvoor aanleiding is spreken we deze partijen aan op hun rol en verantwoordelijkheid. Als ouders tegen vragen of problemen aanlopen, is er professionele hulp die erop is gericht de opvoedvaardigheden van ouders te bevorderen. Daarnaast zetten we erop in de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de jeugdige, zijn ouders en de sociale omgeving in te schakelen en te herstellen. Daarbij richten wij ons op het voorkómen van en vroege interventie bij opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen. Deze hulp zetten we waar mogelijk aanvullend in op wat de gemeenschap hierin zelf kan betekenen.

Als er sprake is van meervoudige problematiek wordt integrale hulp aan de jeugdige en zijn ouders geboden. Bij dit soort interventies staat het kind voorop. We geven ruim baan aan vakmanschap van de zorgprofessional en brengen regelgeving en protocollen terug tot het verantwoorde minimum. Wij bevorderen de veiligheid van de jeugdige in de opvoedsituatie waarin hij opgroeit. Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? 1.1 Veilig en gezond opgroeien 1.1 van kinderen en jongeren.

Hebben we gedaan wat we ervoor zouden doen? We maken in samenwerking met Vorkmeer een plan voor het versterken van de pedagogische samenleving en de rollen die we daarin hebben. In een sterke pedagogische samenleving gaat het gesprek in de gemeenschap ook over het opgroeien van kinderen in die gemeenschap en geeft de gemeenschap, waar gewenst, gelegenheid om elkaar te ondersteunen in de opvoeding. We hebben in samenwerking met Vorkmeer een plan van aanpak voor het uitvoeringsbeleid opvoeden en opgroeien opgesteld. Vervolgens zijn we met de basisvoorzieningen jeugd (scholen primair onderwijs en voortgezet onderwijs, kinderopvang en Jeugdgezondheidszorg) in gesprek gegaan over de pedagogische samenleving om bewustwording en rolduidelijkheid te creëren.

1.2 We versterken de samenwerking tussen en met de basisvoorzieningen zoals Vorkmeer, onderwijs, kinderopvang, GGD, huisartsen en MEE. Dit doen we onder andere door het maken van afspraken binnen Hendig. Daarnaast zetten we dit jaar in op de verbinding met het onderwijs. Sterke basisvoorzieningen die elkaar aanvullen zijn van belang om een volgende stap te kunnen zetten in het normaliseren, te weten een samenleving waar vragen over opvoeden en opgroeien normaal zijn en antwoorden en steun in de nabije omgeving gevonden kunnen worden en niet als eerste bij een specialist. Aan elke school in Peel en Maas is een gezinscoach verbonden. De gezinscoaches en de scholen hebben gekeken hoe ze de samenwerking kunnen versterken. Een aantal scholen heeft aangegeven behoefte te hebben aan een spreekuur van de gezinscoach op de school. Deze spreekuren vinden plaats.

43

2.1 Kinderen, jongeren en gezinnen krijgen de hulp die nodig is.

2.1

We stimuleren samenwerking tussen de partners in de jeugdhulpketen in Peel en Maas (en de regio Noord-Limburg). In 2022 zetten we in op het verder uitbreiden van Hendig Jeugdhulp en bekijken we of we deze werkwijze structureel invoeren. We werken verder aan het project Hendig uit het uitvoeringsprogramma Vitaal en Gezond van de Gezondste Regio. In juni hebben we samen met Hendig-partners een bijeenkomst georganiseerd voor nieuwe partners en (nieuwe) medewerkers van bestaande partners over de ontwikkeling van Hendig. De focus ligt daarbij op meer normaliseren door een sterkere positie van en meer samenwerking tussen beroepskrachten van onze basisvoorzieningen. Daarnaast de verbreding van Hendig door het stimuleren van integraal werken binnen en tussen domeinen en het blijvend en structureel ontschotten. En het hendig regelen waarbij experts meedenken over bedrijfsvoering en vraagstukken over rechtmatigheid, privacy en aanbesteding.

2.2

We borgen het werken volgens de gefaseerde ketenaanpak. Dit is de centrale visie uit de regiovisie “Aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling 2019-2022”. Samenwerking met Veilig Thuis en andere jeugdpartners is hier van belang. Hiervoor is een plan opgesteld dat we dit jaar uitvoeren. In 2022 is een nieuwe regionale projectleider Geweld Hoort Nergens Thuis aangesteld. In september 2022 is een tweedaagse training “After Summer School Geweld Hoort Nergens Thuis” georganiseerd die nieuwe impulsen heeft gegeven voor de regionale aanpak. In 2023 krijgt dat zijn weerslag. De gezinscoaches werken steeds meer conform de Top-3 methodiek waarbij de focus ligt op veiligheid brengen binnen het gezin.

2.3

We geven uitvoering aan het nieuwe regionaal beleidsplan jeugd dat 1 januari 2022 ingaat. Het regionale beleidsplan hebben we uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. Een onderdeel daarvan is het voeren van ontwikkelgesprekken met aanbieders en contractmanagement over het realiseren van de ontwikkeldoelen op het gebied van wonen, dagbesteding en dagbehandeling en ambulant. Daarnaast is er een nieuwe uitvoeringsregeling jeugdbescherming en jeugdreclassering opgesteld. Dit was nodig om subsidieverstrekking aan de gecertificeerde instellingen vanaf 2023 mogelijk te maken. Ook zijn er nieuwe tarieven vastgesteld voor jeugdbescherming en jeugdreclassering.

2.4

Onderdeel van het nieuwe regionaal beleidsplan jeugd is de Regionale transformatieagenda jeugdhulp Noord-Limburg 20192020. Doel van deze agenda is om meer kinderen zo thuis mogelijk te laten opgroeien. Veel pilots zijn pas in 2020 opgestart en lopen door in 2022. Wij doen mee met verschillende pilots waaronder Voorzorg, Steuntje in de rug en gezamenlijk werven en ondersteunen van gezinsgericht verblijf. De pilots zijn uitgevoerd en afgerond. Regionaal gaan we bekijken hoe we lessen kunnen trekken uit het onderzoek Ketenbreed leren en Thuis door jou. De pilot Steun door jou is verlengd met twee jaar. De beweging van ondersteuning door professionals naar netwerkversterking vraagt om een lange adem, het aanboren van andere kanalen/netwerken en blijvend pionieren. 44

3.1 Kinderen en jongeren zijn in staat om te groeien naar zelfstandigheid, om zo voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren.

2.5

We geven uitvoering aan de afspraken uit het regionale programma Sturing en Inkoop met het doel om te komen tot meer grip en sturing in het sociaal domein. Per 1-1-2022 gaan de nieuwe contracten voor onder andere jeugdhulp in (zie ook programma 2.2). In 2022 zijn we gestart met het voeren van contractgesprekken met aanbieders en contractmanagement om de nieuwe contracten te monitoren. Voor de toegang (gezinscoaches en gecertificeerde instellingen) betekenen nieuwe contracten ook nieuwe werkwijzen. Deze zijn gedurende het jaar geoptimaliseerd.

2.6

Van segment 1 “Opname vervangende behandeling en verblijf met behandeling van de Jeugdhulp” gaan de nieuwe contractafspraken pas per 1-1-2023 in. Om deze afspraken te realiseren gaan we op Noord- en Midden-Limburgse schaal een intensief samenwerkingstraject aan met aanbieders. De aanbesteding en gunning van segment 1 “Opname vervangende behandeling en verblijf met behandeling van de Jeugdhulp” is afgerond. Vervolgens hebben we voorbereidingen getroffen om de nieuwe contracten per 1 januari 2023 in te voeren.

3.1 We bevorderen dat kinderen en jongeren, met of zonder beperking of chronische ziekte, samen opgroeien in een inclusieve samenleving: samen spelen, samen naar school, samen sporten en gebruik maken van dezelfde voorzieningen. Dit doen we door met het onderwijs duidelijke afspraken te maken over de inzet van extra zorg, ondersteuning of hulpmiddelen. Ook leveren we extra inspanning om jongeren met een beperking aan een duurzame arbeidsplaats te helpen, in samenwerking met onderwijs en arbeidsmarkt. We maken maatwerkafspraken over casussen op het snijvlak van onderwijs en jeugdhulp. Op casusniveau kijken we wat passend en nodig is voor de jeugdige. Dit doen we in samenwerking met het onderwijs. In de driehoek gemeentezorg-onderwijs zijn stappen gezet in de samenwerking om hiermee de hulp en ondersteuning rondom kinderen op elkaar af te stemmen. 3.2 Door de coronacrisis is voor het bestrijden van onderwijsachterstanden een Nationaal Programma Onderwijs (NPO) gestart waarvoor zowel de scholen als de gemeente middelen voor de leerjaren 2021/2022 en 2022/2023 hebben gekregen. Op basis van het in 2021 opgestelde plan van aanpak geven we in 2022 in samenwerking met alle betrokken partijen uitvoering aan dit plan. Met de basisvoorzieningen is in een gezamenlijke bijeenkomst bepaald dat het accent van maatregelen met name op jongeren van het voortgezet onderwijs komt te liggen.

Er is onder andere een Rebootklas gestart op het Bouwens en het ondersteuningsplein van het Bouwens is uitgebreid met spreekuren van jongerenwerkers. Daarnaast is er webinar Less depress georganiseerd voor ouders van schoolgaande jeugd. Samen met partners, waaronder het Bouwens, hebben we gesproken over de zorgen die er zijn t.a.v. mentale gezondheid van jongeren en hoe we hier ondersteunend in kunnen zijn naar elkaar.

45

Wat hebben we verder binnen dit programma gedaan? • • • • • • • • • • • • • •

• •

Ondersteuning van goede basisvoorzieningen zoals kinderopvang, primair en middelbaar onderwijs, consultatiebureau, jeugd- en jongerenwerk en gezinscoach. Uitvoeren van het regionale project Kansrijke Start om de omstandigheden voor een kind in de eerste 1000 dagen zo optimaal mogelijk te maken. Inzetten van gezinscoaches die zelf hulp en ondersteuning kunnen bieden aan gezinnen en die wanneer nodig andere beschikbare ondersteuning binnen het sociaal domein of gespecialiseerde hulp in kunnen zetten én faciliteren dat ouders regie voeren over de opvoeding van hun kind. Integrale hulp verlenen aan gezinnen. Jongeren van 18 t/m 26 jaar hebben een vast aanspreekpunt binnen het sociaal domein via het integraal team jongvolwassenen waar de gezinscoach deel van uitmaakt. Maatwerk leveren (licht waar kan, zwaar waar nodig, dichtbij waar kan, op afstand waar nodig). Actief ingrijpen als de veiligheid van het kind in het geding is. Duurzaam verbeteren van het jeugdhulpstelsel (transformatie onder andere via Hendig)). Faciliteren van deelname aan kinderopvang door het aanbieden van een Peuterprogramma, Voorschoolse Educatie en kinderopvang op maat via een Sociaal Medische Indicatie. De uitvoering van de wettelijke taken op het gebied van handhaving en toezicht van de kwaliteit van de kinderopvang. De uitvoering van wettelijke taken op het gebied van (preventieve) gezondheid.

Inzetten van de leerplichtambtenaar om voortijdig schoolverlaten te voorkomen en schoolverzuim te minimaliseren. Uitvoeren van het leerlingenvervoer. Stimuleren van samenwerking, gezamenlijke visieontwikkeling, vernieuwing en uitvoering bij organisaties die zich bewegen op de terreinen van jeugd en onderwijs. Op het gebied van handhaving en toezicht vroegtijdig informeren van zorgaanbieders en jongeren en/of hun ouders over hun contractuele verplichtingen en rechten om fraude te voorkomen. Handhaving op rechtmatig en doelmatig gebruik van jeugdhulp en toezicht houden op rechtmatigheid via regionale toezichthouders. Verder ontwikkelen van monitoring en het gemakkelijker genereren van monitorgegevens voor evaluatie van beleid. Samen met een verscheidenheid aan partners uit zowel het veiligheids- als het zorgdomein werken we samen aan de aanpak van overlastgevende jongeren en/of jongeren die crimineel gedrag vertonen. Dat doen we onder andere structureel in het veiligheidsoverleg 18- (zie ook programma 5.1). Hierbij heeft jongerenwerk veel geïnvesteerd in overlastgevende jeugd. Ze hebben deze jongeren in beeld en onderhouden contact. De inzet heeft zich met name gericht op de locaties Kaupmanshof, Sjiwa en MAF.

46

Heeft het gekost wat het mocht kosten?

Baten Lasten Saldo

Realisatie begrotingsjaar 833.113 15.456.428 -14.623.314

Raming begrotingsjaar ná wijziging 856.198 16.154.513 -15.298.315

Raming begrotingsjaar vóór wijziging 856.198 14.608.513 -13.752.315

Het programma 2.3 laat over 2022 een positieve afwijking van € 675.001 zien. De baten zijn € 23.085 lager dan begroot en de lasten zijn € 698.086 lager dan begroot zodat per saldo een positieve afwijking resteert. De afwijkingen kunnen (afgerond op € 1.000) als volgt worden verklaard: Lasten: • Lagere lasten maatwerkvoorzieningen jeugd € 550.000 Het jaar 2022 is een overgangsjaar wat betreft de inkoopsystematiek in het sociaal domein. Voor nieuwe hulpvragen wordt gewerkt met trajectfinanciering en de bestaande hulp wordt nog op de PxQ systematiek afgerekend. Bij jeugd zagen we in 2021 een toename van de kosten als gevolg van corona. Alhoewel de verwachting was dat het zou gaan om incidentele kosten is vanwege de onzekerheid over de (financiële) effecten bij Sturing en Inkoop de begroting gebaseerd op het kostenniveau 2021. De werkelijke kosten in 2022 liggen echter lager dan in 2021 waardoor ook ten opzichte van de begroting een voordeel ontstaat. • Lagere lasten project Voorzorg € 50.000 Deze lasten zijn in 2022 betaald vanuit een provinciale subsidie. • Lagere lasten nieuwe initiatieven € 23.000 Jaarlijks word in de begroting een bedrag opgenomen voor nieuwe initiatieven op het gebied van jeugd en gezin. In 2002 was er één nieuw initiatief; namelijk Vrienden-in-de-zorg-app.

• Lagere lasten bijdrage veiligheidsregio € 45.000 In 2022 hebben we een terugbetaling ontvangen van de veiligheidsregio. Dit komt door een lagere loonindexatie dan begroot. De afspraak met de deelnemende gemeenten is dan dat deze wordt terugbetaald. • Diverse kleinere afwijkingen € 30.000 Er zijn binnen dit programma diverse kleine afwijkingen. Deze afwijkingen leiden per saldo tot lagere lasten. Baten: • Diverse kleinere afwijkingen -/- € 23.000 Er zijn binnen dit programma diverse kleine afwijkingen. Deze afwijkingen leiden per saldo tot lagere baten.

47

Programma: 3.1 Gemeenschapsontwikkeling Inwoners nemen maximaal deel aan ontwikkelingen in de (lokale) samenleving. Daarbij nemen zij zelf de regie over hun eigen ontwikkeling en de ontwikkelingen in hun omgeving, als onderdeel van de grotere samenleving. In het samenleven met andere inwoners gaan inwoners tolerant met elkaar om en respecteren zij elkaars verschillen. Generaties dragen zorg voor elkaar en geven elkaar ruimte om te vernieuwen en te veranderen: sociale innovatie en emancipatie zijn basisvoorwaarden voor het behoud van het goede leven. Inwoners zijn leidend als het gaat om het hoofddoel: het realiseren en behouden van vitale en intelligente gemeenschappen, die gevormd en gedragen worden door betrokken inwoners. Overheden en maatschappelijke organisaties nemen dit hoofddoel als uitgangspunt voor hun handelen en leveren, waar gevraagd, hieraan een ondersteunende bijdrage. Diversiteit zien we als een belangrijk gespreksthema in de ontwikkeling naar inclusieve gemeenschappen. Als overheid nemen we verantwoordelijkheid wanneer minderheidsgroepen onvoldoende deelnemer zijn in de gemeenschappen, wanneer ze te maken krijgen met discriminatie of voorzieningen hen onvoldoende bereiken. Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? 1. Vitale gemeenschappen die regie hebben over de eigen ontwikkeling.

Hebben we gedaan wat we ervoor zouden doen? 1.1 We ondersteunen de ontwikkeling van zelfsturende gemeenschappen. Dit doen we door procesmatige begeleiding van gemeenschappen, buurten en inwonersinitiatieven, onder andere via welzijnsorganisatie Vorkmeer. Vanuit de gemeente voorzien we in een contactpersoon per kern, die de relatie met de gemeenschap onderhoudt en ondersteuningsvragen op kan pakken of doorgeleidt naar de juiste plek. In alle kernen geven betrokken inwoners richting aan processen om na te denken over toekomst van de eigen leefomgeving. Zij konden rekenen op steun en facilitering door gemeente en Vorkmeer. De rol van kerncontactpersoon is in 2022 intern geëvalueerd en met verschillende dorpen besproken. Deze rol voorziet in een behoefte in het samenspel tussen gemeenschappen en gemeente, in het relatiebeheer en scherpte op rolzuiverheid bij projecten en processen. Om ons als organisatie goed te blijven verhouden tot gemeenschappen, is een training van drie dagdelen georganiseerd voor nieuwe en geïnteresseerde medewerkers. Hierin staat het gedachtengoed van Peel en Maas over gemeenschapsontwikkeling door zelfsturing centraal. Met actieve inbreng uit de gemeenschappen is deze drie keer georganiseerd en wordt erg goed ontvangen.

1.2 We stimuleren verbindingen tussen gemeenschappen die met eenzelfde thema bezig zijn (samen ontwikkelen) of zijn geweest (leren van elkaar). Actuele thema’s voor 2022 zijn onder andere communicatie, jeugd, buitengebied. We faciliteren het gezamenlijk dorpsoverleg dat meerdere keren per jaar bij elkaar komt om kennis en ervaringen uit te wisselen. Op het onderdeel communicatie is er in dit verband in twee bijeenkomsten uitgewisseld. Gezamenlijk dorpsoverleg heeft, ondersteund door gemeente en vorkmeer, twee hoog gewaardeerde bijeenkomsten georganiseerd om het samenspel tussen gemeente (1x organisatie, 1x raad) en dorpsinitiatieven in verschillende werkvormen te bespreken en te verbeteren. Daarnaast zijn op o.a. thema’s wonen, nieuwkomers en 48

ondernemers verschillende verbindingen gelegd tussen dorpen die elkaar verder hebben geholpen. 1.3 We faciliteren gemeenschappen bij het maken van hun eigen, integrale dorpsontwikkelingsvisies. Hierin geven gemeenschappen zelf richting aan hun sociale, economische en fysieke leefomgeving. In 2022 vraagt de doorontwikkeling van de projecten uit onder andere de visies van Baarlo, Kessel-Eik en Maasbree specifieke aandacht. Naar verwachting komt Koningslust in 2022 met een hernieuwde visie en oriënteert ook de vernieuwde dorpscommissie uit Grashoek zich op een visieproces. De dorpsontwikkelingsvisie van Kessel-Eik is in februari door het college beantwoord, en krijgt op onderdelen nu zijn vervolg. Voor zaken waar we als gemeente een verantwoordelijkheid hebben, zijn er o.a. afspraken gemaakt over ondersteuning in 2023 door een projectleider om een aantal ruimtelijke opgaven in samenhang te bekijken. De toekomstvisie centrum Maasbree is in december door het college beantwoord. Eerste afspraken over het vervolg zijn gemaakt over onderdelen waar we als gemeente voor aan de lat staan. De gebiedsvisie rond de Kazing is in 2022 verder opgepakt en vertaald in een aantal deelopdrachten (centrum, locatieonderzoek onderwijs en binnensport, accommodatieplan, verkeer), die in 2023 moeten leiden tot een aantal adviezen.

Dorpsoverleg Koningslust heeft ons laten weten nog een aantal thematische dorpsgesprekken te willen organiseren voordat ze hun dorpsontwikkelingsvisie kunnen afronden. We faciliteren dit proces waar nodig. 1.4 We zijn met partners in gesprek zodat de inzet van maatschappelijke partijen en ondernemers zich op de juiste wijze verhoudt tot en ondersteunend is aan het realiseren en behouden van vitale gemeenschappen. De agenda’s en ambities van de gemeenschappen zijn leidend. We sturen er op dat organisaties waarde toevoegen aan het gemeenschapsproces en zich samenwerkend opstellen. In 2022 verwachten we specifieke aandacht te geven aan het positioneren van netwerkpartijen die vanuit regionale investeringsagenda inzet in Peel en Maas willen verrichten, onder andere Stichting Gezondste Regio 2025. Met name regionaal blijft het soms tegen de stroom in varen. Waar het gedachtengoed rond gemeenschapsontwikkeling op papier breed gedragen lijkt te worden in de regiovisie en uitvoeringsagenda, blijkt de praktijk weerbarstiger. Goed bedoelde initiatieven rond de Regio Deal (o.a. welzijn op recept, gezondheidsprikkel) hebben de neiging zichzelf voorop te stellen en doen een beroep op de gemeenschap, terwijl daar niet altijd om gevraagd wordt.

We blijven scherp op deze initiatieven en zijn in 2022 met een constructieve grondhouding in gesprek gegaan met deze initiatieven, om hen aanvullend aan de gemeenschap te laten zijn, in plaats van agenderend.

49

1.5 We zijn intensief in overleg met gemeenschappen die zich, in lijn met Zelfsturing 3.0 en het Manifest van de Dorpsoverleggen, verantwoordelijk voelen voor nieuwe ontwikkelingen en de gezonde borging van lopende trajecten en voorzieningen in de gemeenschap. In 2022 gaat een aantal kernen voor een tweede keer met een meer integrale dorpsbegroting werken. In overleg bepalen we de omvang, reikwijdte en andere voorwaarden die met dit experiment samenhangen. We bouwen op basis van casuïstiek uit de kernen aan een passend afwegingskader voor de pilot Zelfsturing 3.0. De werkgroep (die bestaat uit een afvaardiging van gemeente, dorpen en adviesraad sociaal domein) heeft in 2022 intensief overleg gehad om te komen tot een gezamenlijk beeld op economische huishouding en het benodigde samenspel tussen gemeenschappen en gemeente. De resultaten zijn verwerkt in een notitie die in concept besproken is tijdens een themasessie van het gezamenlijk dorpsoverleg. Uitwerking volgt in 2023 via evaluatie pilot en voorstel tot uitvoeringsbeleid. 1.6 We dragen bij aan de organisatie en ontwikkeling van een regionaal programma inclusief leer- en ontwikkelnetwerk op het gebied van Vitale Gemeenschappen. Dit is onderdeel van het regionaal uitvoeringsprogramma Vitaal en Gezond.

We hebben deelgenomen aan het programmateam Vitaal en Gezond en leveren een bijdrage aan beoordeling en rolzuivere implementatie van initiatieven en projecten. We zijn betrokken bij het schrijven van de programmateksten en de herijking van uitvoeringsprogramma. 2. Stabiliteit en ontwikkelperspectief voor vrijwilligersorganisaties (verenigingen en stichtingen)

2.1

We waarderen het werk van vrijwilligersorganisaties en subsidiëren dat via de systematiek van de waarderingssubsidies voor verenigingen en stichtingen. Met ingang van 2022 werken we met een vernieuwde 4-jaarlijkse systematiek (2022-2025), die onder andere op basis van gesprekken met een dwarsdoorsnede van verenigingen en stichtingen tot stand is gekomen. We hebben uitvoering gegeven aan de nieuwe systematiek. Dit is goed verlopen.

3. Eigenaarschap van accommodaties ligt zo veel mogelijk bij gemeenschappen, organisaties en verenigingen.

3.1 We ondersteunen organisaties, verenigingen en gemeenschappen bij accommodatievraagstukken. In 2022 ondersteunen we het bestuur van gemeenschapshuis de Ankerplaats in Grashoek bij de verdere voorbereidingen van de renovatie. Afhankelijk hiervan volgt een voorstel voor de raad. Er is in 2022 overleg geweest met het bestuur van De Ankerplaats over de noodzaak en aard van de voorgenomen werktuigbouwkundige renovatie. Dit leidt mogelijk in 2023 tot een nieuw voorstel aan de raad. De Paort Kessel: wanneer aan de gestelde voorwaarden voldaan is, stellen we krediet beschikbaar voor de vernieuwbouw. We blijven dit proces volgen. In 2022 is gebleken dat door fors gestegen bouwprijzen het krediet niet toereikend is. Hierover is in 2022 intensief overleg geweest met het bestuur van MFA Kessel. Dit leidt in 2023 tot een nieuw voorstel aan de raad.

50

4. Nieuwkomers zijn onderdeel van en nemen actief deel aan gemeenschappen.

4.1 We onderzoeken met gemeenten uit de regio samenwerkingsmogelijkheden op het gebied van sociale integratie van arbeidsmigranten. Wij hebben het thema ‘arbeidsmigranten’ toegevoegd aan de agenda van de regionale werkgroep “sociale integratie”. Daarnaast hebben we een regionale projectleider op het gebied van arbeidsmigranten die wil komen tot samenwerking met werkgevers op het gebied van integratie en taal. 4.2 De nieuwe Inburgeringswet legt de regie voor inburgering per 1 januari 2022 weer bij gemeentes neer. We monitoren de kwaliteit van de lokaal ingekochte inburgeringsvoorzieningen. Onder voorzieningen verstaan we onder andere het duaal leren: participeren door middel van een leerontwikkelroute en het volgen van inburgeringslessen. Ook monitoren we de voortgang van de individuele inburgeringstrajecten. We hebben de samenwerking met Gilde Educatie (inburgeringslessen) en Vorkmeer (maatschappelijke begeleiding statushouders) geëvalueerd. We zijn tevreden over hun werkwijze en continueren de samenwerking. 4.3 We stellen de inburgeringsvoorzieningen op basis van de behoefte open voor andere (met/zonder migratie achtergrond) doelgroepen met een afstand tot de arbeidsmarkt. We hebben geen vraag gekregen vanuit overige doelgroepen om gebruik te maken van de inburgeringsvoorzieningen. 4.4 We ontwikkelen vraaggericht nieuwe LeerOntwikkelRoutes.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=ec870e1e-ce11-4cbd-93ad-34a3efc4be11