CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Planregels.pdf

Raadsvergadering Papendrecht 7 december 2023, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 15: Vaststelling Reparatie Veeg Beheersverordening Papendrecht 2023 - Voorstel28.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

28.2.4 Dakkapel op voordakvlak en zijdakvlak naar het openbaar gebied gekeerd Voor het bouwen van een dakkapel gelden de volgende regels: a. b. c. d.

de afstand tot de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet bedraagt; de afstand vanaf nok en de zijkanten van het dakvlak ten minste 0,5 m bedraagt; de bouwhoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, ten hoogste 1,75 m bedraagt; de breedte van dakkapellen aan de voor- of zijkant van het hoofdgebouw ten hoogste 50% van het dakvlak bedraagt.

28.2.5 Andere bouwwerken zonder dak Voor het bouwen van andere bouwwerken zonder dak gelden de volgende regels: a. b. c.

d. e.

de bouwhoogte van erfafscheidingen achter de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 1 meter; in afwijking van het bepaalde onder b. mag, indien het voorerfgebied groter is dan het achtererfgebied en het perceel groter is dan 400 m², de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van de mobiele kraan ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen bootopslag' bedraagt maximaal 8 meter; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken zonder dak mag niet meer bedragen dan 3 meter.

65

28.3 Afwijken van de bouwregels 28.3.1 Eenlaags opbouw op aangebouwd bijbehorend bouwwerk naast de woning Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 28 lid 2.3 sub e. ten behoeve van het realiseren van een eenlaags opbouw op een aangebouwd bijbehorend bouwwerk naast de woning, onder de volgende voorwaarden: a.

b. c.

d. e.

na realisatie van een eenlaags opbouw mag de bouwhoogte van de aanbouw na realisatie van de opbouw op de aanbouw naast de woning niet meer bedragen dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw verminderd met 1 meter; de opbouw op de aanbouw past binnen de stedenbouwkundige structuur van de woonbuurt en de typologie van de bebouwing; de opbouw op de aanbouw naast de woning doet geen afbreuk aan het oorspronkelijke karakter van het hoofdgebouw, zoals dit bepaald is door hoofdafmetingen en onderlinge maatverhoudingen; aan de zijde van het openbaar gebied steekt in de doorsnede de opbouw op de aanbouw niet uit ten opzichte van het dakvlak van het hoofdgebouw; na realisatie van de opbouw dienen omliggende woningen nog steeds te voldoen aan de door TNO opgestelde norm van het aantal zonuren zoals opgenomen in bijlagen bij de regels bijlage 3, waarbij het verlies aan zonuren niet meer mag bedragen dan 35%.

28.3.2 Tweelaags opbouw op aangebouwd bijbehorend bouwwerk naast de woning Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 28 lid 2.3 sub h. ten behoeve van het realiseren van een tweelaags opbouw op een aangebouwd bijbehorend bouwwerk naast de woning, onder de voorwaarden zoals genoemd in artikel 28 lid 3.1. 28.3.3 Erkers Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 28 lid 2.3 sub a. ten behoeve van het realiseren van een uitbreiding aan de voorzijde van de woning in de vorm van een erker, onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d. e.

de breedte van de uitbreiding mag niet meer bedragen dan 4 meter; de diepte van de uitbreiding mag niet meer bedragen dan 1,5 meter; de bouwhoogte van de uitbreiding mag niet meer bedragen dan 3 meter; de uitbreiding mag niet tot gevolg hebben dat de afstand tot de voorerfgrens kleiner wordt dan 2 meter; de aanwezige parkeergelegenheid dient behouden te blijven.

28.3.4 Nokverhogingen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 28 lid 2.2 onder b., e. en f. ten behoeve van een nokverhoging onder de volgende voorwaarden: a. b. c.

de bouwhoogte bedraagt maximaal 10 meter; de afstand van de achtergevel van de woning tot het hoofdgebouw op het achter de woning gelegen perceel bedraagt minimaal 12 meter; na realisatie van de nokverhoging dienen de omliggende woningen nog steeds te voldoen aan de door TNO opgestelde norm van het aantal zonuren zoals opgenomen in bijlagen bij de regels bijlage 3, waarbij het verlies aan zonuren niet meer mag bedragen dan 35%.

66

28.3.5 Dakopbouwen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 28 lid 2.2 onder d. tot en met f. ten behoeve van een dakopbouw onder de volgende voorwaarden en/of in de volgende gevallen: a. b. c. d.

e. f. g.

h. i. j.

de bouwhoogte bedraagt maximaal 10 meter; een dakopbouw mag slechts uit één bouwlaag bestaan; de afstand van de achtergevel van de woning waarop de dakopbouw wordt gerealiseerd tot het hoofdgebouw op het achter de woning gelegen perceel bedraagt minimaal 12 meter; na realisatie van de dakopbouw dienen de omliggende woningen nog steeds te voldoen aan de door TNO opgestelde norm van het aantal zonuren zoals opgenomen in bijlagen bij de regels bijlage 3, waarbij het verlies aan zonuren niet meer mag bedragen dan 35%; de dakopbouw was reeds toegestaan in het voorheen geldende bestemmingsplan en/of beheersverordening; er is reeds vergunning verleend voor een dakopbouw; indien in hetzelfde bouwblok reeds een vergunning is verleend voor een dakopbouw dan wel een dakopbouw gerealiseerd is overeenkomstig een verleende vergunning, dan is een identieke dakopbouw toegestaan; indien in hetzelfde bouwblok sprake is van meerdere typen vergunde dakopbouwen die divers zijn uitgevoerd dan gelden de maximale maten als toelaatbaar; op een identiek bouwblok/type woning zonder dakopbouw(en) wordt een dakopbouw op dezelfde wijze gebouwd als eerder uitgevoerd; indien een dakopbouw als stedenbouwkundig accent is opgericht in de bestaande bebouwing of het straatbeeld, is een nieuwe dakopbouw niet toegestaan.

28.3.6 Woningvorming Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 28 lid 2.2 sub c ten behoeve van het verbouwen van een woonruimte tot twee of meer woonruimten, mits: a. b. c.

de oppervlakte van de woonruimte/woonruimten die door woningvorming ontstaat/ontstaan niet kleiner is dan 40 m² gebruiksoppervlakte per woning; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een berging; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een buitenruimte.

67

28.4 Specifieke gebruiksregels 28.4.1 Aan huis gebonden beroep of bedrijf De uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf is onder de volgende voorwaarden toegestaan: a.

de uitoefening van de bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten is uitsluitend toegestaan in het hoofdgebouw met inbegrip van bijbehorende bouwwerken; b. de wijziging in gebruik betekent geen uitbreiding van het aantal woningen; c. het gebruik ten behoeve van bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten beslaat niet meer dan 25% van het bebouwde bruto-vloeroppervlak, tot een maximum van 60 m²; d. er is niet meer dan één arbeidsplaats; e. de activiteiten leveren geen ernstige c.q. onevenredige hinder op voor de directe woonomgeving en doen geen ernstige afbreuk aan het woonkarakter van de buurt en de woning; f. er is geen sprake van bedrijfsactiviteiten die normaliter in een winkelcentrum of winkelstraat worden uitgeoefend; g. de woonfunctie blijft als hoofdfunctie gehandhaafd; h. degene die de bedrijfs- of beroepsactiviteit uitoefent bewoont permanent de woning; i. detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd ondergeschikte detailhandel en detailhandel in de vorm van webshops, onder de voorwaarde dat het enkel verzending vanuit de woning en geen balieverkoop betreft; j. horeca is niet toegestaan; k. het onbebouwde deel van het perceel mag niet voor bedrijfs- of beroepsactiviteiten worden gebruikt; l. aan de buitenzijde of elders op het perceel mogen slechts reclame-uitingen overeenkomstig het gemeentelijk reclame- en welstandsbeleid worden opgericht; m.

de activiteit maakt niet dat er een inrichting ontstaat als genoemd in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht; n. er is geen sprake van een duurzame ontwrichting van bestaande distributievoorzieningen en/of verstoring van de verzorgingsstructuur; o. de parkeerdruk en/of de verkeersbelasting in het openbare gebied mag niet onevenredig toenemen. 28.5 Afwijken van de gebruiksregels 28.5.1 Bed & breakfast Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 28 lid 4.1 sub i ten behoeve van het realiseren van een toeristisch-recreatieve overnachtingsmogelijkheid in de vorm van een bed & breakfast, onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d. e. f. g.

de voorwaarden zoals genoemd in artikel 28 lid 4.1 onder a. tot en met h. en onder j. tot en met m.; de bed & breakfast voorziening kan binnen de bestaande woning en in de bijbehorende bouwwerken worden gerealiseerd; de woning dient door de hoofdgebruiker te worden bewoond en de hoofdgebruiker dient aanwezig te zijn tijdens het nachtverblijf; het maximaal aantal bedden ten dienste van de bed & breakfast is vier (volwassenen en kinderen); de bed & breakfast mag niet als zelfstandige wooneenheid functioneren; de realisatie van een aparte kookgelegenheid is niet toegestaan; het authentieke uiterlijk of de verschijningsvorm van de woning dient te worden gehandhaafd.

28.6 Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk 28.6.1 Vergunningplicht Ter plaatse van de aanduiding 'Karakteristiek' is het verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de op de gronden aanwezige cultuurhistorisch waardevolle en/of karakteristieke bebouwing (beeldbepalende panden) geheel of gedeeltelijk te slopen.

68

28.6.2 Uitzonderingen Het bepaalde in artikel 28 lid 6.1 is niet van toepassing op: a. b. c. d.

normale onderhoudswerkzaamheden; sloopwerkzaamheden van ondergeschikte betekenis; sloopwerkzaamheden gericht op de instandhouding van gebouwen en terreinen met cultuurhistorische waarden; sloopwerkzaamheden, die op het tijdstip van inwerkingtreding van de beheersverordening in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip verleende (omgevings)vergunning/zijn mede of anderszins mogen worden uitgevoerd.

28.6.3 Toelaatbaarheid Voor de beslissing omtrent de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 28 lid 6.1 geldt het toetsingskader ingevolge de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

69

Artikel 29 Wonen - 3 29.1 Bestemmingsomschrijving 29.1.1 Doeleinden De voor 'Wonen - 3' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

wonen in zelfstandige woonruimte (gestapeld), met dien verstande dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'gemengd' wonen niet is toegestaan op de begane grond; 2. wonen in onzelfstandige woonruimte is toegestaan, wanneer de onzelfstandige woonruimte wordt bewoond door maximaal 2 personen, ook in gevallen waarin de eigenaar al dan niet met zijn gezin tevens woonachtig is in de betreffende woning; b. tevens een zorginstelling ter plaatse van de aanduiding 'zorginstelling'; c. tevens zelfstandige kantoren en praktijken tot een maximum bruto-vloeroppervlak van 100 m² per vestiging en een gezamenlijk maximum bruto-vloeroppervlak van 500 m², uitsluitend op de eerste en tweede bouwlaag en bereikbaar vanaf de begane grond, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - zelfstandige kantoren en praktijken'; d. aan huis gebonden beroep of bedrijf (inclusief webshops); e. tevens detailhandel, dienstverlening en kantoren uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'gemengd' en detailhandel en dienstverlening ter plaatse van respectievelijk de aanduiding 'detailhandel' en de aanduiding 'dienstverlening', en alle functies uitsluitend op de begane grond, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'maximum vloeroppervlakte' voor detailhandel een maximum winkelverkoopvloeroppervlakte van 200 m² per vestiging geldt; f.

ter plaatse van de aanduiding 'onderdoorgang' mogen tot een hoogte van 4 m ten opzichte van het maaiveld geen gebouwen worden gebouwd en dient de ruimte tussen de pijlers minimaal 5 m te bedragen in verband met het uitvoeren van onderhoud; g. tevens horeca van de aangeduide categorie ter plaatse van de aanduiding 'horeca van categorie 1b'; h. tevens maatschappelijke doeleinden ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk'; i. tevens garageboxen ter plaatse van de aanduiding 'garage'; j. tevens een chiropractor ter plaatse van de aanduiding 'persoonsgebonden overgangsrecht praktijkruimte'; k. het overige bestaande gebruik uitsluitend overeenkomstig de Lijst bestaand gebruik die als bijlagen bij de regels bijlage 2 bij de regels is gevoegd (incl. indien van toepassing de daarin opgenomen maximale oppervlakte en nadere specificatie) ter plaatse van de aanduiding 'bestaand gebruik'; l. erven, tuinen, parkeerplaatsen en overige verhardingen en (al dan niet ondergrondse) parkeervoorzieningen ten behoeve van de toegelaten functies; m. water en waterhuishoudkundige voorzieningen. 29.1.2 Dubbelbestemmingen en aanduidingen Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen dubbelbestemmingen en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 50 lid 1.

29.2 Bouwregels 29.2.1 Algemeen Op de voor 'Wonen - 3' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b. c. d.

woningen (in de vorm van gestapelde woningen); bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken zonder dak; Bestaande garages dienen behouden te blijven voor het parkeren van auto's.

70

29.2.2 Woningen Voor het bouwen van de gestapelde woongebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g. h.

het hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd; uitbreiding van het hoofdgebouw is niet toegestaan; het aantal bestaande woningen mag niet worden vergroot; de goothoogte mag niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte'; de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte'; nokverhogingen en dakopbouwen zijn niet toegestaan; uitsluitend de bestaande legale balkons en dakterrassen zijn toegestaan; ter plaatse van de aanduiding 'onderdoorgang' mogen tot een hoogte van 4 meter ten opzichte van het maaiveld geen gebouwen worden gebouwd en dient de ruimte tussen de pijlers minimaal 5 meter te bedragen in verband met het uitvoeren van onderhoud.

29.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a.

b.

bijbehorende bouwwerken in de vorm van bijgebouwen zijn uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' in de vorm van (niet-inpandige) bergingen en ter plaatse van de aanduiding 'garage' in de vorm van garageboxen; de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 meter.

29.2.4 Andere bouwwerken zonder dak Voor het bouwen van andere bouwwerken zonder dak gelden de volgende regels: a. b. c.

de bouwhoogte van erfafscheidingen achter de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 1 meter; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken zonder dak mag niet meer bedragen dan 3 meter.

29.3 Afwijken van de bouwregels 29.3.1 Woningvorming Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 29 lid 2.2 sub c ten behoeve van het verbouwen van een woonruimte tot twee of meer woonruimten, mits: a. b. c.

de oppervlakte van de woonruimte/woonruimten die door woningvorming ontstaat/ontstaan niet kleiner is dan 40 m² gebruiksoppervlakte per woning; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een berging; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een buitenruimte.

29.4 Specifieke gebruiksregels 29.4.1 Aan huis gebonden beroep of bedrijf De uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf is onder de volgende voorwaarden toegestaan: a. b. c. d.

de uitoefening van de bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten is uitsluitend toegestaan in het hoofdgebouw met inbegrip van bijbehorende bouwwerken; de wijziging in gebruik betekent geen uitbreiding van het aantal woningen; het gebruik ten behoeve van bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten beslaat niet meer dan 25% van het bebouwde bruto-vloeroppervlak, tot een maximum van 60 m²; er is niet meer dan één arbeidsplaats;

71

e.

de activiteiten leveren geen ernstige c.q. onevenredige hinder op voor de directe woonomgeving en doen geen ernstige afbreuk aan het woonkarakter van de buurt en de woning; f. er is geen sprake van bedrijfsactiviteiten die normaliter in een winkelcentrum of winkelstraat worden uitgeoefend; g. de woonfunctie blijft als hoofdfunctie gehandhaafd; h. degene die de bedrijfs- of beroepsactiviteit uitoefent bewoont permanent de woning; i. detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd ondergeschikte detailhandel en detailhandel in de vorm van webshops, onder de voorwaarde dat het enkel verzending vanuit de woning en geen balieverkoop betreft; j. horeca is niet toegestaan; k. het onbebouwde deel van het perceel mag niet voor bedrijfs- of beroepsactiviteiten worden gebruikt; l. aan de buitenzijde of elders op het perceel mogen slechts reclame-uitingen overeenkomstig het gemeentelijk reclame- en welstandsbeleid worden opgericht; m. de activiteit maakt niet dat er een inrichting ontstaat als genoemd in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht; n. er is geen sprake van een duurzame ontwrichting van bestaande distributievoorzieningen en/of verstoring van de verzorgingsstructuur; o. de parkeerdruk en/of de verkeersbelasting in het openbare gebied mag niet onevenredig toenemen.

29.4.2 Detailhandel Ter plaatse van de aanduiding 'detailhandel' is (per aanduiding) maximaal 1 detailhandelsvestiging toegestaan.

72

Artikel 30 Wonen - 4 30.1 Bestemmingsomschrijving 30.1.1 Doeleinden De voor 'Wonen - 4' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d.

wonen in zelfstandige woonruimte, met dien verstande dat wonen in onzelfstandige woonruimte is toegestaan, wanneer de onzelfstandige woonruimte wordt bewoond door maximaal 2 personen, ook in gevallen waarin de eigenaar al dan niet met zijn gezin tevens woonachtig is in de betreffende woning; aan huis gebonden beroep of bedrijf (inclusief webshops); erven, tuinen, parkeerplaatsen en overige verhardingen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

30.1.2 Dubbelbestemmingen en aanduidingen Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen dubbelbestemmingen en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 50 lid 1. 30.2 Bouwregels 30.2.1 Algemeen Op de voor 'Wonen - 4' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b. c. d.

woningen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken (zonder dak); Bestaande garages dienen behouden te blijven voor het parkeren van auto's.

30.2.2 Woningen Voor het bouwen van woningen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g.

het hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd; uitbreiding van het hoofdgebouw is niet toegestaan; per bouwvlak is maximaal 1 woning toegestaan; de goothoogte mag niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte'; de voorgevelbreedte bedraagt minimaal 5 meter; de inhoud mag niet meer bedragen dan 500 m³, met dien verstande dat de inhoud van een bestaande woning die groter is dan 500 m³ ten hoogste gelijk mag zijn aan de bestaande inhoud; nokverhogingen en dakopbouwen zijn niet toegestaan, tenzij daarvoor een omgevingsvergunning is verleend op grond van het bepaalde in artikel 30 lid 3.5 respectievelijk artikel 30 lid 3.6.

73

30.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a.

b.

c.

d. e. f. g.

bijbehorende bouwwerken mogen alleen worden gebouwd op het achtererfgebied, op minimaal 1 meter achter de voorgevelrooilijn, uitgezonderd ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1', waar ook bijbehorende bouwwerken op het voorerfgebied zijn toegestaan; de totale oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 50% van het achtererfgebied bedragen, tot een maximum van: 1. 50 m² bij percelen met een oppervlakte tot 250 m²; 2. 75 m² bij percelen met een oppervlakte van 250 m² tot 500 m²; 3. 100 m² bij percelen met een oppervlakte groter dan 500 m²; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' mogen bijbehorende bouwwerken ook op het voorerfgebied worden gerealiseerd, waarbij: 1. de totale oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken op het voorerf niet meer dan 50% van het voorerfgebied mag bedragen (met dien verstande dat erkers die zijn gerealiseerd op grond van artikel 30 lid 3.3 niet worden meegeteld bij de bepaling van het bebouwingspercentage); 2. de totale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken op voor- en achtererfgebied, de onder b genoemde oppervlakte niet mag overschrijden (met dien verstande dat erkers die zijn gerealiseerd op grond van artikel 30 lid 3.3 niet worden meegeteld bij de bepaling van het bebouwingspercentage); 3.

de afstand tussen bijbehorende bouwwerken enerzijds en het openbaar gebied anderzijds minimaal 1 meter bedraagt; 4. de aanwezige parkeergelegenheid behouden dient te blijven; de goothoogte van grondgebonden bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 meter; de diepte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken aan de achtergevel en zijgevel mag niet meer bedragen dan 3 meter; opbouwen op (aangebouwde) bijbehorende bouwwerken zijn niet toegestaan; het oprichten van dakterrassen en balkons is niet toegestaan.

30.2.4 Dakkapel op voordakvlak en zijdakvlak naar het openbaar gebied gekeerd Voor het bouwen van een dakkapel gelden de volgende regels: a. b. c. d.

de afstand tot de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet bedraagt; de afstand vanaf nok en de zijkanten van het dakvlak ten minste 0,5 m bedraagt; de bouwhoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, ten hoogste 1,75 m bedraagt; de breedte van dakkapellen aan de voor- of zijkant van het hoofdgebouw ten hoogste 50% van het dakvlak bedraagt.

74

30.2.5 Andere bouwwerken zonder dak Voor het bouwen van andere bouwwerken zonder dak gelden de volgende regels: a. b. c.

d.

e.

de bouwhoogte van erfafscheidingen achter de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 1 meter; in afwijking van het bepaalde onder b. mag ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1', indien het voorerfgebied groter is dan het achtererfgebied en een achterpad ontbreekt, de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn niet meer bedragen dan 2 meter; in afwijking van het bepaalde onder b. mag, indien het voorerfgebied groter is dan het achtererfgebied en het perceel groter is dan 400 m², de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken zonder dak mag niet meer bedragen dan 3 meter.

30.3 Afwijken van de bouwregels 30.3.1 Eenlaags opbouw op aangebouwd bijbehorend bouwwerk naast de woning Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.3 sub f. ten behoeve van het realiseren van een eenlaags opbouw op een aanbouw bij woningen met aanbouwen bestaande uit één dan wel twee bouwlagen, onder de volgende voorwaarden: a.

b. c.

d. e.

na realisatie van een eenlaags opbouw mag de bouwhoogte van de aanbouw na realisatie van de opbouw op de aanbouw naast de woning niet meer bedragen dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw verminderd met 1 meter; de opbouw op de aanbouw past binnen de stedenbouwkundige structuur van de woonbuurt en de typologie van de bebouwing; de opbouw op de aanbouw naast de woning doet geen afbreuk aan het oorspronkelijke karakter van het hoofdgebouw, zoals dit bepaald is door hoofdafmetingen en onderlinge maatverhoudingen; aan de zijde van het openbaar gebied steekt in de doorsnede de opbouw op de aanbouw niet uit ten opzichte van het dakvlak van het hoofdgebouw; na realisatie van de opbouw dienen omliggende woningen nog steeds te voldoen aan de door TNO opgestelde norm van het aantal zonuren zoals opgenomen in bijlagen bij de regels bijlage 3 verlies aan zonuren niet meer mag bedragen dan 35%.

30.3.2 Tweelaags opbouw op aangebouwd bijbehorend bouwwerk naast de woning Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.3 sub f. ten behoeve van het realiseren van een tweelaags opbouw op een aangebouwd bijbehorend bouwwerk naast de woning, onder de voorwaarden zoals genoemd in artikel 30 lid 3.1 . 30.3.3 Erkers Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.3 sub a. ten behoeve van het realiseren van een uitbreiding aan de voorzijde van de woning in de vorm van een erker, onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d. e.

de breedte van de uitbreiding mag niet meer bedragen dan 4 meter; de diepte van de uitbreiding mag niet meer bedragen dan 1,5 meter; de bouwhoogte van de uitbreiding mag niet meer bedragen dan 3 meter; de uitbreiding mag niet tot gevolg hebben dat de afstand tot de voorerfgrens kleiner wordt dan 2 meter; de aanwezige parkeergelegenheid dient behouden te blijven.

75

30.3.4 Agrarische bedrijfsgebouwen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.3 onder b. en d. ten behoeve van het realiseren van agrarische bedrijfsgebouwen ten behoeve van beroepsuitoefening (c.q. agrarische bedrijfsuitoefening) aan huis, onder de volgende voorwaarden: a. b.

c. d.

de afwijking is alleen geldig ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf aan huis'; de goothoogte mag niet meer bedragen dan: 1. 6 meter indien de oppervlakte van het agrarische bedrijfsgebouw niet meer dan 200 m² bedraagt; 2. 4 meter in overige gevallen; er vindt geen, uit landschappelijk oogpunt, onaanvaardbare aantasting van het buitengebied plaats; de noodzaak van de uitbreiding in verband met bedrijfsuitoefening aan huis dient voldoende te zijn aangetoond, dan wel aangetoond dient te worden dat de agrarische bedrijfsgebouwen de vervanging van bestaande aanbouwen en bijgebouwen betreffen.

30.3.5 Nokverhogingen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.2 onder b., d., f. en g. ten behoeve van een nokverhoging onder de volgende voorwaarden: a. b. c.

de bouwhoogte bedraagt maximaal 10 meter; de afstand van de achtergevel van de woning tot het hoofdgebouw op het achter de woning gelegen perceel bedraagt minimaal 12 meter; na realisatie van de nokverhoging dienen de omliggende woningen nog steeds te voldoen aan de door TNO opgestelde norm van het aantal zonuren zoals opgenomen in bijlagen bij de regels bijlage 3, waarbij het verlies aan zonuren niet meer mag bedragen dan 35%.

30.3.6 Dakopbouwen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.2 onder b, f en g. ten behoeve van een dakopbouw onder de volgende voorwaarden en/of in de volgende gevallen: a. b. c. d.

e. f. g.

h. i. j.

de bouwhoogte bedraagt maximaal 10 meter; een dakopbouw mag slechts uit één bouwlaag bestaan; de afstand van de achtergevel van de woning waarop de dakopbouw wordt gerealiseerd tot het hoofdgebouw op het achter de woning gelegen perceel bedraagt minimaal 12 meter; na realisatie van de dakopbouw dienen de omliggende woningen nog steeds te voldoen aan de door TNO opgestelde norm van het aantal zonuren zoals opgenomen in bijlagen bij de regels bijlage 3, waarbij het verlies aan zonuren niet meer mag bedragen dan 35%; de dakopbouw was reeds toegestaan in het voorheen geldende bestemmingsplan en/of beheersverordening; er is reeds vergunning verleend voor een dakopbouw; indien in hetzelfde bouwblok reeds een vergunning is verleend voor een dakopbouw dan wel een dakopbouw gerealiseerd is overeenkomstig een verleende vergunning, dan is een identieke dakopbouw toegestaan; indien in hetzelfde bouwblok sprake is van meerdere typen vergunde dakopbouwen die divers zijn uitgevoerd dan gelden de maximale maten als toelaatbaar; op een identiek bouwblok/type woning zonder dakopbouw(en) wordt een dakopbouw op dezelfde wijze gebouwd als eerder uitgevoerd; indien een dakopbouw als stedenbouwkundig accent is opgericht in de bestaande bebouwing of het straatbeeld, is een nieuwe dakopbouw niet toegestaan.

76

30.3.7 Woningvorming Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.2 sub c ten behoeve van het verbouwen van een woonruimte tot twee of meer woonruimten, mits: a. b. c.

de oppervlakte van de woonruimte/woonruimten die door woningvorming ontstaat/ontstaan niet kleiner is dan 40 m² gebruiksoppervlakte per woning; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een berging; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een buitenruimte.

30.4 Specifieke gebruiksregels 30.4.1 Aan huis gebonden beroep of bedrijf De uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf is onder de volgende voorwaarden toegestaan: a.

de uitoefening van de bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten is uitsluitend toegestaan in het hoofdgebouw met inbegrip van bijbehorende bouwwerken; b. de wijziging in gebruik betekent geen uitbreiding van het aantal woningen; c. het gebruik ten behoeve van bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten beslaat niet meer dan 25% van het bebouwde bruto-vloeroppervlak, tot een maximum van 60 m²; d. er is niet meer dan één arbeidsplaats; e. de activiteiten leveren geen ernstige c.q. onevenredige hinder op voor de directe woonomgeving en doen geen ernstige afbreuk aan het woonkarakter van de buurt en de woning; f. er is geen sprake van bedrijfsactiviteiten die normaliter in een winkelcentrum of winkelstraat worden uitgeoefend; g. de woonfunctie blijft als hoofdfunctie gehandhaafd; h. degene die de bedrijfs- of beroepsactiviteit uitoefent bewoont permanent de woning; i. detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd ondergeschikte detailhandel en detailhandel in de vorm van webshops, onder de voorwaarde dat het enkel verzending vanuit de woning en geen balieverkoop betreft; j. horeca is niet toegestaan; k. het onbebouwde deel van het perceel mag niet voor bedrijfs- of beroepsactiviteiten worden gebruikt; l. aan de buitenzijde of elders op het perceel mogen slechts reclame-uitingen overeenkomstig het gemeentelijk reclame- en welstandsbeleid worden opgericht; m.

er is geen sprake van een duurzame ontwrichting van bestaande distributievoorzieningen en/of verstoring van de verzorgingsstructuur; n. de activiteit maakt niet dat er een inrichting ontstaat als genoemd in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht; o. de parkeerdruk en/of de verkeersbelasting in het openbare gebied mag niet onevenredig toenemen.

77

30.5 Afwijken van de gebruiksregels 30.5.1 Bed & breakfast Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 4.1 sub i. ten behoeve van het realiseren van een toeristisch-recreatieve overnachtingsmogelijkheid in de vorm van een bed & breakfast, onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d. e. f. g.

de voorwaarden zoals genoemd in artikel 30 lid 4.1 onder a. tot en met h. en onder j. tot en met n.; de bed & breakfast voorziening kan binnen de bestaande woning en in de bijbehorende bouwwerken worden gerealiseerd; de woning dient door de hoofdgebruiker te worden bewoond en de hoofdgebruiker dient aanwezig te zijn tijdens het nachtverblijf; het maximaal aantal bedden ten dienste van de bed & breakfast is vier (volwassenen en kinderen); de bed & breakfast mag niet als zelfstandige wooneenheid functioneren; de realisatie van een aparte kookgelegenheid is niet toegestaan; het authentieke uiterlijk of de verschijningsvorm van de woning dient te worden gehandhaafd.

78

Artikel 31 Wonen - 5 31.1 Bestemmingsomschrijving 31.1.1 Doeleinden De voor 'Wonen - 5' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d.

wonen in zelfstandige woonruimte, met dien verstande dat wonen in onzelfstandige woonruimte is toegestaan, wanneer de onzelfstandige woonruimte wordt bewoond door maximaal 2 personen, ook in gevallen waarin de eigenaar al dan niet met zijn gezin tevens woonachtig is in de betreffende woning; aan huis verbonden beroep of bedrijf (inclusief webshops) met inachtneming van het in artikel 31 lid 4.1 bepaalde; erven, tuinen, parkeerplaatsen, (perceel)ontsluitingswegen, nutsvoorzieningen, voet- en fietspaden en overige verhardingen ten behoeve van de toegelaten functies; water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

31.2 Bouwregels 31.2.1 Algemeen Op de voor 'Wonen - 5' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b. c. d. e. f.

woningen in de vorm van vrijstaande woningen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken zonder dak; waterhuishoudkundige voorzieningen, waaronder bruggen en duikers. nutsvoorzieningen; bestaande garages dienen behouden te blijven voor het parkeren van auto's.

met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – talud' geen bouwwerken zijn toegestaan. 31.2.2 Woningen Voor het bouwen van woningen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j.

het hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd; de oppervlakte van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 150 m²; per perceel is maximaal 1 woning toegestaan, waarbij de voorgevel van de woning in de voorgevelrooilijn moet worden gebouwd; de goothoogte mag niet meer bedragen dan 3 meter; de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 10 meter; het hoofdgebouw dient te worden voorzien van een zadeldak, waarvan de dakhelling minimaal 45 graden en maximaal 60 graden dient te bedragen; een kelder onder een hoofdgebouw is toegestaan met dien verstande dat een hellingbaan die toegang biedt tot een kelder niet is toegestaan; het verbinden van een kelder onder een hoofdgebouw met de kelder onder een bijbehorend bouwwerk is toegestaan; uitbreiding van het hoofdgebouw is niet toegestaan; nokverhogingen, dakopbouwen, balkons en dakterrassen zijn niet toegestaan.

79

31.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.

c. d. e. f. g. h. i. j. k.

bijbehorende bouwwerken dienen binnen het bouwvlak en in het achtererfgebied te worden gebouwd, op minimaal 1 meter achter de voorgevelrooilijn; de totale oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 50% van het achtererfgebied bedragen, tot een maximum van: 1. 50 m² bij percelen met een oppervlakte van 250 m²; 2. 75 m² bij percelen met een oppervlakte van 250 m² tot 500 m²; 3. 100 m² bij percelen met een oppervlakte groter dan 500 m²; de goothoogte van grondgebonden bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 meter; de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 6 meter; de dakhelling is minimaal 45 graden en maximaal 60 graden; de bouwhoogte van een overkapping of luifel mag niet meer bedragen dan 3 meter; de oppervlakte van bijbehorende overkappingen (zonder of met maximaal twee wanden) en daarmee gelijk te stellen andere bouwwerken, mag niet meer bedragen dan 25 m²; een kelder onder een bijbehorend bouwwerk is toegestaan met dien verstande dat een hellingbaan die toegang biedt tot een kelder niet is toegestaan; het verbinden van een kelder onder een hoofdgebouw met de kelder onder een bijbehorend bouwwerk is toegestaan; opbouwen op (aangebouwde) bijbehorende bouwwerken zijn niet toegestaan; het oprichten van dakterrassen en balkons is niet toegestaan.

31.2.4 Dakkapel op voordakvlak en zijdakvlak naar het openbaar gebied gekeerd Voor het bouwen van een dakkapel gelden de volgende regels: a. b. c. d.

de afstand tot de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet bedraagt; de afstand vanaf nok en de zijkanten van het dakvlak ten minste 0,5 m bedraagt; de bouwhoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, ten hoogste 1,75 m bedraagt; de breedte van dakkapellen aan de voor- of zijkant van het hoofdgebouw ten hoogste 50% van het dakvlak bedraagt.

31.2.5 Andere bouwwerken zonder dak Voor het bouwen van andere bouwwerken zonder dak gelden de volgende regels: a. b. c.

de bouwhoogte van erfafscheidingen achter de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 1 meter; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken zonder dak mag niet meer bedragen dan 3 meter.

80

31.3 Afwijken van de bouwregels 31.3.1 Goothoogte Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 31 lid 2.2 sub d ten behoeve van de realisatie van een hogere goothoogte aan maximaal 2 gevels van de woning onder de voorwaarde: a.

dat de goothoogte maximaal 4.00 meter mag bedragen over een gootlengte van maximaal 25 %.

31.3.2 Praktijkruimte Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 31 lid 2.3 sub b ten behoeve van het bouwen van een praktijk- en/of kantoorruimte aan huis voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf onder de volgende voorwaarden: a. b. c.

de gezamenlijke bruto vloeroppervlakte van de praktijk- en/ of kantoorruimten per perceel bedraagt 60 m²; de ruimte mag gedeeltelijk in de woning worden gebouwd of worden aangebouwd aan de woning, maar mag niet vrijstaand worden gerealiseerd; de parkeerdruk en/ of verkeersbelasting in het openbare gebied mag niet onevenredig toenemen.

31.3.3 Woningvorming Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.2 sub c ten behoeve van het verbouwen van een woonruimte tot twee of meer woonruimten, mits: a. b. c.

de oppervlakte van de woonruimte/woonruimten die door woningvorming ontstaat/ontstaan niet kleiner is dan 40 m² gebruiksoppervlakte per woning; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een berging; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een buitenruimte.

31.4 Specifieke gebruiksregels 31.4.1 Aan huis gebonden beroepen en bedrijven De uitoefening van aan huis gebonden beroepen en bedrijven is onder de volgende voorwaarden toegestaan: a. b. c. d. e. f. g. h. i.

j. k. l.

de uitoefening van de bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten is uitsluitend toegestaan in het hoofdgebouw met inbegrip van aan- en uitbouwen; de wijziging in gebruik betekent geen uitbreiding van het aantal woningen; het gebruik ten behoeve van bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten beslaat niet meer dan 25% van het bebouwde bruto vloeroppervlak, tot een maximum van 60 m2; er is niet meer dan één arbeidsplaats; de activiteiten leveren geen ernstige c.q. onevenredige hinder op voor de directe woonomgeving en doen geen ernstige afbreuk aan het woonkarakter van de buurt en de woning; er is geen sprake van bedrijfsactiviteiten die normaliter in een winkelcentrum of winkelstraat worden uitgeoefend; de woonfunctie blijft als woonfunctie gehandhaafd; degene die de bedrijfs- of beroepsactiviteit uitoefent bewoont permanent de woning; detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd ondergeschikte detailhandel en detailhandel in de vorm van webshops, onder de voorwaarde dat het enkel verzending vanuit de woning en geen balieverkoop betreft; horeca is niet toegestaan; het onbebouwde deel van het perceel mag niet voor bedrijfs- of beroepsactiviteiten worden gebruikt; aan de buitenzijde of elders op het perceel mogen slechts reclame-uitingen overeenkomstig het gemeentelijk reclame- en welstandsbeleid worden opgericht;

81

m. de activiteit maakt niet dat er een inrichting ontstaat als genoemd in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht of diens rechtsopvolger; n. er is geen sprake van een duurzame ontwrichting van bestaande distributievoorzieningen en/of verstoring van de verzorgingsstructuur; o. de parkeerdruk en/ of verkeersbelasting in het openbare gebied mag niet onevenredig toenemen. 31.5 Afwijken van de gebruiksregels 31.5.1 Bed & breakfast Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 31 lid 4.1 ten behoeve van het realiseren van een toeristisch-recreatieve overnachtingsmogelijkheid in de vorm van een bed & breakfast, onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d. e. f. g. h.

de voorwaarden zoals genoemd in artikel 31 lid 4.1 onder a. tot en met h. en onder j tot en met n; de bed & breakfast voorziening kan binnen de bestaande woning en in de bijbehorende bouwwerken worden gerealiseerd; de woning dient door de hoofdgebruiker te worden bewoond en de hoofdgebruiker dient aanwezig te zijn tijdens het nachtverblijf; het maximaal aantal bedden ten dienste van de bed & breakfast is vier (volwassenen en kinderen); de bed & breakfast mag niet als zelfstandige wooneenheid functioneren; de realisatie van een aparte kookgelegenheid is niet toegestaan; het authentieke uiterlijk of de verschijningsvorm van de woning dient te worden gehandhaafd; de parkeerbehoefte voor een bed & breakfast dient op eigen terrein te worden opgelost.

82

Artikel 32 Wonen - 6 32.1 Bestemmingsomschrijving 32.1.1 Doeleinden De voor 'Wonen - 6' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d. e.

wonen in zelfstandige woonruimte, met dien verstande dat wonen in onzelfstandige woonruimte is toegestaan, wanneer de onzelfstandige woonruimte wordt bewoond door maximaal 2 personen, ook in gevallen waarin de eigenaar al dan niet met zijn gezin tevens woonachtig is in de betreffende woning; bedrijfsmatige activiteiten aan huis met inachtneming van het in artikel 32 lid 4.1 bepaalde; aan huis verbonden beroepen (inclusief webshops) met inachtneming van het in artikel 32 lid 4.1 bepaalde; erven, tuinen, parkeerplaatsen en overige verhardingen en (al dan niet ondergrondse) parkeervoorzieningen ten behoeve van de toegelaten functies; water.

32.2 Bouwregels 32.2.1 Algemeen Op de voor 'Wonen - 6' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b. c.

woningen in de vorm van vrijstaande woningen; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken zonder dak;

met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifiek vorm van wonen - talud' geen bouwwerken zijn toegestaan, met uitzondering van een damwand tot een hoogte van 15 cm boven de waterlijn en een brug. 32.2.2 Woningen Voor het bouwen van woningen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g.

het hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd; maximaal het aantal woningen ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; de oppervlakte (de 'footprint') van het hoofdgebouw mag niet meer dan bedragen dan is aangegeven op de verbeelding met de aanduiding 'maximum oppervlakte (m2)'; de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan is aangegeven op de verbeelding met de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; binnen een bouwvlak waar maximaal twee wooneenheden zijn toegestaan, dient de minimale afstand tussen het hoofdgebouw en de zijdelingse perceelsgrens 3 meter te zijn; de woningen dienen te worden voorzien van een schuine kap, waarvan de dakhelling minimaal 45 graden en maximaal 60 graden dient te bedragen; in aanvulling op het bovenstaande mag op de gronden, waar 2 vrijstaande woningen zijn toegestaan, de locatie en omvang van een vrijstaande woning niet zodanig zijn dat de bouw van een tweede vrijstaande woning binnen het bouwvlak onmogelijk wordt in verband met strijd met de regels van deze bestemming.

83

32.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g. h.

bijbehorende bouwwerken dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd, op minimaal 1 meter achter de voorgevelrooilijn; de goothoogte van grondgebonden bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 meter; de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 4,5 meter; de dakhelling is minimaal 50 graden en maximaal 55 graden; de oppervlakte van bijbehorende overkappingen (zonder of met maximaal twee wanden) en daarmee gelijk te stellen andere bouwwerken, mag niet meer bedragen dan 25 m²; de diepte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken aan de achtergevel en zijgevel mag niet meer bedragen dan 3 meter; opbouwen op (aangebouwde) bijbehorende bouwwerken zijn niet toegestaan. In afwijking van het voorgaande gelden ter plaatse van de 'specifieke bouwaanduiding bijbehorende bouwwerken Zaling 8a' de volgende regels: 1. bijbehorende bouwwerken dienen ter plaatse van de 'specifieke bouwaanduiding bijbehorende bouwwerken Zaling 8a' te worden gebouwd of binnen een bouwvlak, op minimaal 1 meter achter de voorgevelrooilijn; 2. de totale oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 50% van het achtererfgebied bedragen, tot een maximum van 100 m². 3. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 3 meter; 4. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 4,5 meter; 5. de diepte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken aan de achtergevel en de zijgevel mag niet meer bedragen dan 3 meter; 6.

de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in de vorm van een overkapping (zonder of met maximaal twee wanden) en daarmee gelijk te stellen andere bouwwerken, mag niet meer bedragen dan 25 m². De overkapping of daarmee gelijk te stellen bouwwerk telt mee bij het totaal aan oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken; 7. in afwijking van het bepaalde onder f wordt een overkapping of daarmee gelijk te stellen ander bouwwerk, binnen het bouwvlak niet meegeteld bij de oppervlakte voor overkappingen en het totaal aantal aan oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken; 8. opbouwen op (aangebouwde) bijbehorende bouwwerken zijn niet toegestaan; 9. het oprichten van dakterrassen en balkons is niet toegestaan.

32.2.4 Dakkapel op voordakvlak en zijdakvlak naar het openbaar gebied gekeerd Voor het bouwen van een dakkapel gelden de volgende regels: a. b. c. d.

de afstand tot de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet bedraagt; de afstand vanaf nok en de zijkanten van het dakvlak ten minste 0,5 m bedraagt; de bouwhoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, ten hoogste 1,75 m bedraagt; de breedte van dakkapellen aan de voor- of zijkant van het hoofdgebouw ten hoogste 50% van het dakvlak bedraagt.

32.2.5 Andere bouwwerken zonder dak Voor het bouwen van andere bouwwerken zonder dak gelden de volgende regels: a. b. c.

de bouwhoogte van erfafscheidingen achter de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 1 meter; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken zonder dak mag niet meer bedragen dan 3 meter.

84

32.3 Afwijken van de bouwregels 32.3.1 Woningvorming Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 30 lid 2.2 sub c ten behoeve van het verbouwen van een woonruimte tot twee of meer woonruimten, mits: a. b. c.

de oppervlakte van de woonruimte/woonruimten die door woningvorming ontstaat/ontstaan niet kleiner is dan 40 m² gebruiksoppervlakte per woning; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een berging; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een buitenruimte.

32.4 Specifieke gebruiksregels 32.4.1 Bedrijfsmatige activiteiten aan huis en aan huis verbonden beroepen De uitoefening van bedrijfsmatige activiteiten aan huis en aan huis verbonden beroepen is onder de volgende voorwaarden toegestaan: a. b.

de wijziging in gebruik betekent geen uitbreiding van het aantal woningen; het gebruik ten behoeve van bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten beslaat niet meer dan 25% van het bebouwde brutovloeroppervlak, tot een maximum van 60 m²; c. er is niet meer dan één arbeidsplaats; d. de activiteiten leveren geen ernstige c.q. onevenredige hinder op voor de directe woonomgeving en doen geen ernstige afbreuk aan het woonkarakter van de buurt en de woning; e. er is geen sprake van bedrijfsactiviteiten die normaliter in een winkelcentrum of winkelstraat worden uitgeoefend; f. de woonfunctie blijft als hoofdfunctie gehandhaafd; g. degene die de bedrijfs- of beroepsactiviteit uitoefent bewoont permanent de woning; h. detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd ondergeschikte detailhandel en detailhandel in de vorm van webshops, onder de voorwaarde dat het enkel verzending vanuit de woning en geen balieverkoop betreft; i. horeca is niet toegestaan; j. het onbebouwde deel van het perceel mag niet voor bedrijfs- of beroepsactiviteiten worden gebruikt; k. aan de buitenzijde of elders op het perceel mogen slechts reclame-uitingen overeenkomstig het gemeentelijk reclame- en welstandsbeleid worden opgericht; l. de activiteit maakt niet dat er een inrichting ontstaat als genoemd in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht; m.

de parkeerdruk en/of de verkeersbelasting in het openbare gebied mag niet onevenredig toenemen. Dit betekent dat in ieder geval: n. extra verharding voor parkeren niet is toegestaan op het bouwperceel en langs de Zuidkil; o. parkeren niet is toegestaan op fietspaden; p. parkeren niet is toegestaan in de berm van wegen. 32.4.2 Parkeren Per bouwperceel dienen minimaal 2 parkeerplaatsen aanwezig te zijn.

85

32.5 Afwijken van de gebruiksregels 32.5.1 Bed & breakfast Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 32 lid 4.1 sub i. ten behoeve van het realiseren van een toeristisch-recreatieve overnachtingsmogelijkheid in de vorm van een bed & breakfast, onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d. e. f. g. h.

de voorwaarden zoals genoemd in artikel 32 lid 4.1 onder a. tot en met h. en onder j. tot en met m.; de bed & breakfast voorziening moet binnen de bestaande woning worden gerealiseerd; de woning dient door de hoofdgebruiker te worden bewoond en de hoofdgebruiker dient aanwezig te zijn tijdens het nachtverblijf; het maximaal aantal bedden ten dienste van de bed & breakfast is vier (volwassenen en kinderen); de bed & breakfast mag niet als zelfstandige wooneenheid functioneren; de realisatie van een aparte kookgelegenheid is niet toegestaan; het authentieke uiterlijk of de verschijningsvorm van de woning dient te worden gehandhaafd; per kamer dient 1 extra parkeerplaats beschikbaar te zijn.

86

Artikel 33 Wonen - 7 33.1 Bestemmingsomschrijving 33.1.1 Doeleinden De voor 'Wonen - 7' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d.

wonen in zelfstandige woonruimte, met dien verstande dat wonen in onzelfstandige woonruimte is toegestaan, wanneer de onzelfstandige woonruimte wordt bewoond door maximaal 2 personen, ook in gevallen waarin de eigenaar al dan niet met zijn gezin tevens woonachtig is in de betreffende woning; aan huis gebonden beroep of bedrijf (inclusief webshops); erven, tuinen, parkeerplaatsen en overige verhardingen en (al dan niet ondergrondse) parkeervoorzieningen ten behoeve van de toegelaten functies; taluds.

33.1.2 Dubbelbestemmingen en aanduidingen Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen dubbelbestemmingen en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 50 lid 1. 33.2 Bouwregels 33.2.1 Algemeen Op de voor 'Wonen - 7' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b. c. d.

woningen in de vorm van eengezinsrijenwoningen, twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaand; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - vlonder': tevens een vlonder; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken zonder dak, met inachtneming van het bepaalde in artikel 33 lid 2.5.

33.2.2 Woningen Voor het bouwen van woningen gelden de volgende regels: a. b.

c.

het hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd; het maximaal aantal woningen bedraagt 30, met dien verstande dat het aantal toegestane woningen ten hoogste het met de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' aangegeven aantal woningen per bouwvlak bedraagt; de goothoogte en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte(m) en maximum bouwhoogte(m)'.

33.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.

c.

bijbehorende bouwwerken mogen alleen worden gebouwd op het achtererfgebied; de totale oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 50% van het achtererfgebied bedragen, tot een maximum van: 1. 50 m² bij percelen met een oppervlakte tot 250 m²; 2. 75 m² bij percelen met een oppervlakte van 250 m² tot 500 m²; de bouwhoogte bedraagt ten hoogste 3 m, met dien verstande dat aan de achterkant en zijkant van de woning tot een diepte van maximaal 2,5 m buiten de aanduiding 'bouwvlak' een bouwhoogte is toegestaan van 0,30 m boven de vloer van de eerste bouwlaag tot een maximum van 4 m;

87

33.2.4 Dakkapel op voordakvlak en zijdakvlak naar het openbaar gebied gekeerd Voor het bouwen van een dakkapel gelden de volgende regels: a. b. c. d.

de afstand tot de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet bedraagt; de afstand vanaf nok en de zijkanten van het dakvlak ten minste 0,5 m bedraagt; de bouwhoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, ten hoogste 1,75 m bedraagt; de breedte van dakkapellen aan de voor- of zijkant van het hoofdgebouw ten hoogste 50% van het dakvlak bedraagt.

33.2.5 Andere bouwwerken zonder dak Voor het bouwen van andere bouwwerken zonder dak gelden de volgende regels: a. b. c.

d.

e.

de bouwhoogte van erfafscheidingen vóór de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 1,2 meter; achter de voorgevelrooilijn mogen erfafscheidingen uitsluitend in de zijdelingse perceelsgrenzen worden gebouwd; de bouwhoogte van erfafscheidingen achter de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 2 meter, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – talud' en de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding – vlonder' gemeten boven het waterpeil; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen – talud' zijn naast erfafscheidingen uitsluitend beschoeiingen toegestaan, welke niet mogen worden verhoogd of op andere wijze aangepast; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding – vlonder' gelden de volgende regels: 1. per bouwperceel is één vlonder toegestaan; 2. de vloer van de vlonder mag niet hoger liggen dan 0.35 m boven het waterpeil; 3. de bouwhoogte van de vlonder mag niet meer bedragen dan 1.10 meter boven het waterpeil; 4. beschoeiingen mogen niet worden verhoogd of op andere wijze aangepast.

33.3 Afwijken van de bouwregels 33.3.1 Woningvorming Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 33 lid 2.2 sub c ten behoeve van het verbouwen van een woonruimte tot twee of meer woonruimten, mits: a. b. c.

de oppervlakte van de woonruimte/woonruimten die door woningvorming ontstaat/ontstaan niet kleiner is dan 40 m² gebruiksoppervlakte per woning; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een berging; de bestaande en de te vormen woonruimten beschikken over een buitenruimte.

33.4 Specifieke gebruiksregels 33.4.1 Specifieke vorm van wonen - talud Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - talud' is het verboden het talud op te hogen. 33.4.2 Aan huis gebonden beroep of bedrijf De uitoefening van een aan huis gebonden beroep en bedrijf is onder de volgende voorwaarden toegestaan: a. b. c. d.

de wijziging in gebruik betekent geen uitbreiding van het aantal woningen; het gebruik ten behoeve van bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten beslaat niet meer dan 25% van het bebouwde bruto-vloeroppervlak, tot een maximum van 60 m²; er is niet meer dan één arbeidsplaats; de activiteiten leveren geen ernstige c.q. onevenredige hinder op voor de directe woonomgeving en doen geen ernstige afbreuk aan het woonkarakter van de buurt en de woning;

88

e.

er is geen sprake van bedrijfsactiviteiten die normaliter in een winkelcentrum of winkelstraat worden uitgeoefend; f. de woonfunctie blijft als hoofdfunctie gehandhaafd; g. degene die de bedrijfs- of beroepsactiviteit uitoefent bewoont permanent de woning; h. detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd ondergeschikte detailhandel in de vorm van webshops, onder de voorwaarde dat het enkel verzending vanuit de woning en geen balieverkoop betreft; i. horeca is niet toegestaan; j. het onbebouwde deel van het perceel mag niet voor bedrijfs- of beroepsactiviteiten worden gebruikt; k. aan de buitenzijde of elders op het perceel mogen slechts reclame-uitingen overeenkomstig het gemeentelijk reclame- en welstandsbeleid worden opgericht; l. de activiteit maakt niet dat er een inrichting ontstaat als genoemd in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht; m. er is geen sprake van een duurzame ontwrichting van bestaande distributievoorzieningen en/of verstoring van de verzorgingsstructuur; n. de parkeerdruk en/of de verkeersbelasting in het openbare gebied mag niet onevenredig toenemen. 33.5 Afwijken van de gebruiksregels 33.5.1 Bed & breakfast Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 33 lid 4.2.

ten behoeve van het realiseren van een toeristisch-recreatieve overnachtingsmogelijkheid in de vorm van een bed & breakfast, onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d. e. f.

de bed & breakfast voorziening kan binnen de bestaande woning en in de bijbehorende bouwwerken worden gerealiseerd; de woning dient door de hoofdgebruiker te worden bewoond en de hoofdgebruiker dient aanwezig te zijn tijdens het nachtverblijf; het maximaal aantal bedden ten dienste van de bed & breakfast is vier (volwassenen en kinderen); de bed & breakfast mag niet als zelfstandige wooneenheid functioneren; de realisatie van een aparte kookgelegenheid is niet toegestaan; het authentieke uiterlijk of de verschijningsvorm van de woning dient te worden gehandhaafd.

89

Artikel 34 Wonen - Woonwagenstandplaats 34.1 Bestemmingsomschrijving 34.1.1 Doeleinden De voor 'Wonen - Woonwagenstandplaats' aangewezen gronden zijn bestemd voor wonen in zelfstandige woonruimte in woonwagens. 34.1.2 Dubbelbestemmingen en aanduidingen Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen dubbelbestemmingen en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 50 lid 1. 34.2 Bouwregels 34.2.1 Algemeen Op de voor 'Wonen - Woonwagenstandplaats' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b. c.

woonwagens; bijbehorende bouwwerken; andere bouwwerken zonder dak.

34.2.2 Woonwagens Voor het bouwen van woonwagens gelden de volgende regels: a. b. c. d.

het aantal standplaatsen bedraagt maximaal 3; de woonwagens mogen uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak', met dien verstande dat per bouwvlak maximaal 1 woonwagen is toegestaan; er mag maximaal 1 bouwlaag worden gerealiseerd; de bouwhoogte bedraagt maximaal 4 meter.

34.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. b. c.

de totale oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken per standplaats bedraagt maximaal 50 m²; er mag maximaal 1 bouwlaag worden gerealiseerd; de bouwhoogte bedraagt maximaal 4 meter.

34.2.4 Andere bouwwerken zonder dak Voor het bouwen van andere bouwwerken zonder dak gelden daarnaast de volgende regels: a. b. c.

de bouwhoogte van erfafscheidingen achter de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 2 meter; de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de voorgevelrooilijn mag niet meer bedragen dan 1 meter; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 meter.

90

34.3 Specifieke gebruiksregels 34.3.1 Aan huis gebonden beroep of bedrijf De uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf is onder de volgende voorwaarden toegestaan: a.

de uitoefening van de bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten is uitsluitend toegestaan in het hoofdgebouw met inbegrip van bijbehorende bouwwerken; b. de wijziging in gebruik betekent geen uitbreiding van het aantal woningen; c. het gebruik ten behoeve van bedrijfs- of beroepsmatige activiteiten beslaat niet meer dan 25% van het bebouwde bruto-vloeroppervlak, tot een maximum van 60 m²; d. er is niet meer dan één arbeidsplaats; e. de activiteiten leveren geen ernstige c.q. onevenredige hinder op voor de directe woonomgeving en doen geen ernstige afbreuk aan het woonkarakter van de buurt en de woning; f. er is geen sprake van bedrijfsactiviteiten die normaliter in een winkelcentrum of winkelstraat worden uitgeoefend; g. de woonfunctie blijft als hoofdfunctie gehandhaafd; h. degene die de bedrijfs- of beroepsactiviteit uitoefent bewoont permanent de woning; i. detailhandel is niet toegestaan, uitgezonderd detailhandel in de vorm van webshops, onder de voorwaarde dat het enkel verzending vanuit de woning en geen balieverkoop betreft; j. horeca is niet toegestaan; k. het onbebouwde deel van het perceel mag niet voor bedrijfs- of beroepsactiviteiten worden gebruikt; l. aan de buitenzijde of elders op het perceel mogen slechts reclame-uitingen overeenkomstig het gemeentelijk reclame- en welstandsbeleid worden opgericht; m.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/656/documents/11966