CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

22-06-21.08 Relevant stuk 3, Toelichting bestemmingsplan

Gemeenteraadsvergadering 12 juli 2022, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Bestemmingsplan “Elst, De Pas”33.708 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Per beschermingsregime is aangegeven welke verboden er gelden en onder welke voorwaarden ontheffing of vrijstelling kan worden verleend door het bevoegd gezag. Beoordeling Het plan betreft de ontwikkeling van een grootschalig woongebied met bijbehorende infrastructuur en realisatie van groen. In de huidge situatie is er sprake van voornamelijk agrarische gronden. Om het plan mogelijk te maken, moeten enkele gebouwen worden gesloopt. In het kader van de bestemmingsplan is een quickscan flora en fauna uitgevoerd om de potentiële effecten van het plan op beschermde soorten en gebieden te onderzoeken. Deze rapportage is opgenomen in Bijlage 10. Hierna worden de resultaten en vervolgstappen besproken. Gebiedsbescherming Het plangebied ligt niet in een Natura 2000-gebied. Wel ligt Natura 2000-gebied "Rijntakken" in de directe omgeving van Elst, op bijna kilometer van het plangebied. Natura 2000-gebied "Veluwe" ligt op ruim 7 kilometer van het plangebied. Andere Natura 2000-gebieden liggen op meer dan 10 kilometer van

48

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas het plangebied. In afbeelding 5.9 is de ligging ten opzichte van Natura 2000-gebieden aangegeven.

Af beelding 5.9: ligging plangebied ten opzichte v an Natura 2000-gebieden (bron: Natura 2000 network v iewer)

Door de afstand tot het Natura 2000-gebied zijn vrijwel alle soorten verstoringen op voorhand uitgesloten. Vanwege de ontwikkelingen is van het plan wel stikstofuitstoot te verwachten die tot aan Natura 2000-gebied zou kunnen reiken. Echter, ook in de huidige situatie vindt al stikstofuitstoot uit het plangebied plaats, doordat grote delen in gebruik zijn als landbouwgrond en worden bemest. In de quickscan is een Aerius-berekening uitgevoerd. Gelet op de datering daarvan en een aantal wijzigingen in het plan, is een nieuwe, actuele berekening van de aanleg- en gebruiksfase uitgevoerd. De berekeningen zijn inclusief een toelichtende rapportage opgenomen in 12. De realisatie van het woongebied wordt gefaseerd uitgevoerd. In de aanlegfase ontstaat in elk jaar van de aanlegfase een geringe toename van stikstofdepositie, namelijk 0,01 mol/ha/j op de gebieden Rijntakken en Veluwe. Conform de vigerende wetgeving is er geen vergunning benodigd. Er is enkel sprake van een geringe toename. Zorgvuldigheidshalve is door middel van verschilberekeningen onderzocht of er in de aanlegfase sprake is van een toename ten opzichte van de referentiesituatie. Dit is voor geen enkel jaar het geval. Significant negatieve effecten als gevolg van de aanlegfase zijn daarom uitgesloten. In de gebruiksfase treden geen resultaten 0,00 mol/ha/j op stikstofgevoelige habitats op.

Significant negatieve effecten in de gebruiksfase zijn derhalve uitgesloten. Negatieve effecten op Natura 2000-gebied van de ontwikkeling zijn uitgesloten. De bescherming van Natura 2000 staat de ontwikkeling niet in de weg en aanvullend onderzoek is niet noodzakelijk. Verder is in de omgeving van het plangebied geen Natuurnetwerk Nederland of andere provinciaal beschermde natuur aanwezig. De provinciale bescherming van deze gebieden staat de uitvoering van

Toelichting (ontwerp)

49

bestemmingsplan Elst, De Pas het plan dan ook niet in de weg en nader onderzoek hiernaar is niet noodzakelijk. Soortenbescherming In en rondom het plangebied kunnen in het wild levende planten en dieren aanwezig zijn. Iedereen dient voldoende zorg in acht te nemen voor deze soorten en hun directe leefomgeving. Uit de quickscan blijkt verder dat in en rondom het plangebied vogels kunnen broeden. Om overtreding van de Wnb te voorkomen wordt geadviseerd om de geplande ruimtelijke ontwikkeling buiten de broedperiode te starten (globaal half maart tot half augustus). Op deze manier worden geen in gebruik zijnde nesten beschadigd of vernield. Mogelijk is ook leefgebied of een nestplaats aanwezig van de steenuil. Nestplaatsen en leefgebied van deze soort zijn jaarrond beschermd. Om hierover duidelijkheid te krijgen is een nader soortgericht onderzoek uitgevoerd. Op voorhand is ook de aanwezigheid van nest- en verblijfplaatsen en leefgebieden van verschillende soorrten vleermuizen, bunzing, hermelijn, wezel, steenmarter en grote modderkruiper niet uitgesloten. In het nader onderzoek is daarom ook de (potentiële) aanwezigheid van nest- en verblijfplaatsen en leefgebieden van deze soorten onderzocht. Het nader onderzoek is opgenomen in Bijlage 11. Uit het onderzoek blijkt dat er geen essentiële elementen voor de onderzochte beschermde soorten in het plangebied aanwezig zijn.

Met de voorgenomen plannen gaan daarom dus ook geen essentiële elementen van de leefgebieden van deze soorten verloren. Het is daarom niet noodzakelijk een ontheffing Wet natuurbescherming aan te vragen. Wel dient te allen tijde rekening gehouden te worden met broedende vogels en de zorgplicht (zie eerder). In en nabij het plangebied kunnen ook soorten voorkomen die zijn beschermd onder de Wet natuurbescherming, maar waarvoor een provinciale vrijstelling van de verboden geldt, voor werkzaamheden die men uitvoert in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting. Door de provinciale vrijstelling staat de aanwezigheid van deze soorten de geplande ontwikkeling niet in de weg. Houtopstanden Bij de ruimtelijke ontwikkeling worden bomen geveld. Bomen worden beschermd door enerzijds de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente en anderzijds de Wet natuurbescherming. In de APV is bepaald dat het verboden is om zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag houtopstanden te vellen of te doen vellen die staan vermeld op de gemeentelijke 'Lijst van monumentale en waardevolle bomen'. Geen van de te kappen bomen staan op de lijst. In het plangebied zijn meerdere boomgroepen en bomenrijen aanwezig, waarop het beschermingsregime van houtopstanden van toepassing is.

Dit betreft een bomenrij aan de uiterste westzijde van het plangebied en boomgroepen ten zuiden van de speeltuin, aan de westzijde van het plangebied. Een meldings- of vergunningplicht is pas aan de orde als het gaat om bos van minimaal 10 are of een bomenrij van minimaal 21 bomen. De houtopstanden worden niet geveld; mogelijk worden hooguit kleine delen geveld. Hierdoor is er geen vergunning voor het onderdeel houtopstanden benodigd in het kader van dit plan. Er is een bomeneffectanalyse opgesteld, waarin alle 107 bomen en 14 boomgroepen in het plangebied zijn geïnventariseerd en op behoudenswaardigheid beoordeeld (Bijlage 13). Zes boomgroepen (56 bomen) zijn beoordeeld als relatief hoog behoudenswaardig vanwege ecologische waarden. Vervolgens zijn de effecten van het plan pp de mogelijkheden tot behoud van de bomen onderzocht en is bepaald welke bomen en boomgroepen al dan niet gehandhaafd kunnen worden. In totaal zijn volgens de onderzochte inrichting van het plangebied in totaal 26 bomen niet te handhaven om diverse redenen (kwaliteit/veiligheid bomen, of vanwege beoogde bebouwing/tuinen/wegen/paden). Er worden geen bomen verplaatst. In totaal worden er 270 nieuwe bomen aangeplant. Conclusie Er is uitvoerig onderzoek gedaan naar de potentiële gevolgen van het plan op beschermde soorten en

50

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas natuurgebieden. Gebleken is dat er geen significant negatieve effecten op beschermde natuurgebieden optreden. In de aanlegfase is er sprake van een tijdelijke, beperkte toename van stikstofdepositie. Hiervoor is geen vergunning benodigd. Daarnaast zijn er geen belemmeringen of een vergunningplicht met betrekking tot beschermde soorten en houtopstanden aan de orde. In het kader van de zorgplicht moet bij de uitvoering van het plan met name rekening worden gehouden met broedende vogels in het plangebied en de omgeving.

5.12

Archeologie en cultuurhistorie

De bescherming van archeologisch en cultureel erfgoed in Nederland is vastgelegd in de Erfgoedwet, die op 1 juli 2016 in werking is getreden. Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening moet in het plan rekening worden gehouden met cultuurhistorische waarden. De gemeente Overbetuwe heeft voor haar gemeentelijk grondgebied een erfgoedplan en een archeologische beleidsadvieskaart gemaakt. Het erfgoedplan beoogt versterking van de plaats en betekenis van cultuurhistorie als factor in het ruimtelijk beleidsproces. Beoordeling en conclusie Archeologie Ter plaatse van het plangebied is volgens de archeologische beleidsadvieskaart geheel een middelhoge archeologische verwachtingswaarde aanwezig. In het huidige bestemmingsplan is de bestemming 'Waarde - Archeologische verwachting 3' opgenomen. Als er bodemingrepen dieper dan 0,30 meter en met een oppervlakte van minimaal 500 m² binnen deze gebieden plaatsvinden, moet volgens deze bestemming archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. Gezien de aard en omvang van de beoogde werkzaamheden, is een archeologisch onderzoek noodzakelijk voordat de werkzaamheden kunnen worden gestart. In het kader van deze bestemmingsplanherziening is daarom een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen in Bijlage 14.

In dit vooronderzoek is de archeologische verwachtingswaarde in het plangebied nader gespecificeerd. Uit het onderzoek volgt dat het aantreffen en vergraven van archeologische resten in het plangebied bij uitvoering van de geplande ingrepen niet uitgesloten is. Aanbevolen wordt om een verkennend booronderzoek, gevolgd door een proefsleuvenonderzoek uit te voeren. Hierbij wordt, vanwege de brede archeologische verwachting, geadviseerd een brede zoekoptie te hanteren. In 2002 is voor een deel van het plangebied eveneens een verkennend archeologisch onderzoek uitgevoerd. Dit betreft het centrale gedeelte van het plangebied, grofweg tussen de bocht in de Groenestraat aan de westkant tot het perceel Groenestraat 11 aan de oostkant. Hiervan zijn rapportages opgenomen in Bijlage 15, Bijlage 17 en Bijlage 16. Voor deze gebieden is archeologische begeleiding van de eerste fase van de werkzaamheden voor delen van de betreffende gebieden geadviseerd. Voor dit gebied is een archeologisch vervolgonderzoek niet noodzakelijk. Vanwege de gespecificeerde archeologische verwachtingswaarde, die uit het bureauonderzoek en de eerdere archeologische onderzoeken volgt, is nader onderzoek voorafgaand aan het uitvoeren van de werkzaamheden noodzakelijk voor een deel van het plangebied (oostelijk en westelijk deel).

Voor het middengebied kan worden volstaan met archeologische begeleiding van de werkzaamheden. De bestemming 'Waarde - Archeologische verwachting 2' is vooralsnog in het plan opgenomen in overeenstemming met de archeologische verwachtingswaarde in het gebied. Hiermee worden eventueel aanwezige archeologische waarden adequaat beschermd en is het tijdig uitvoeren van een onderzoek c.q. het treffen van andere maatregelen gewaarborgd. In het kader van dit bestemmingsplan is dit aspect voldoende onderzocht. Romeinse limes Het oostelijke deel van het plangebied ligt volgens de provinciale Omgevingsverordening aan de rand van de Romeinse limes (zie afbeelding 5.10). Nieuwe ontwikkelingen mogen de kernkwaliteiten van de Romeinse Limes niet aantasten (artikel 2.60). Deze kernkwaliteiten bestaan uit: forten (castella), burgerlijke nederzettingen, kampdorpen (vici) grafvelden, de militaire infrastructuur, bestaande uit wegen, waterwerken en wachttorens en scheepswrakken.

Toelichting (ontwerp)

51

bestemmingsplan Elst, De Pas Het plangebied is in het oostelijk deel in gebruik als agrarische bedrijfslocatie, niet-agrarische bedrijfslocatie en agrarisch gebied. Er zijn geen zichtbare restanten van de limes aanwezig. Uit het archeologisch vooronderzoek (Bijlage 14) is gebleken dat direct ten noorden van het plangebied een terrein met nederzettingssporen uit de IJzertijd en Romeinse tijd is opgegraven (Brienenshof). Op het terrein is een inhumatie uit de Romeinse tijd aangetroffen. Verder oostelijk (buiten het opgravingsterrein en de zone die als oude woongronden bekend stond) zijn vondsten uit crematiegraven gedaan. Met de kans op het aantreffen van archeologische resten moet rekening worden gehouden in het vervolgonderzoek dat voor het oostelijk plandeel is geadviseerd. Door het borgen van nader onderzoek c.q. archeologische begeleiding van de bouwwerkzaamheden is het plan niet in strijd met artikel 2.60 van de Omgevingsverordening.

Af beelding 5.10: ligging te ontwikkelen gebied t.o.v . Romeinse limes (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Cultuurhistorie In het plangebied en de directe omgeving zijn geen bijzondere cultuurhistorische waarden aanwezig. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van een cultuurhistorisch waardevol gebied. Er zijn geen monumenten in het plangebied aanwezig. Dit aspect vormt daarom geen belemmering voor het plan.

5.13

Verkeer en parkeren

Parkeren De gemeente Overbetuwe heeft haar parkeerbeleid vastgelegd in de Nota Parkeernormen Overbetuwe 2016 (hierna ook: de Nota). Uitgangspunt voor nieuwe ontwikkelingen is dat de parkeerbehoefte geheel op eigen terrein moet worden opgevangen. De Nota bevat parkeernormen voor verschillende categorieën van functies. Het plangebied wordt beschouwd als kern Elst, rest bebouwde kom, omdat het gebied bij realisatie onderdeel van de bebouwde kom zal uitmaken. In de Nota zijn daarnaast berekeningsaantallen opgenomen. Deze bepalen in hoeverre een bepaalde voorziening (zoals garage met enkele oprit, garage met dubbele oprit) als parkeerplaats mag worden gerekend. Op basis van de Nota zijn de volgende voor het plan relevante parkeernormen van toepassing: Functie

Norm

Vrijstaande woning, koop

2,6

Twee-onder-een-kapwoning, koop

2,5

Rijwoning, koop

2,3

52

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas

Rijwoning, sociale huur

2,0

Appartement, duur

2,4

Appartement, midden

1,8

Appartement, sociale huur

1,8

Zorggebouwen (per gebouw/complex) 9,0 Het onderhavige bestemmingsplan voorziet in de ontwikkeling van een woongebied met diverse typen woningen, alsmede twee zorggebouwen. De exacte verkaveling en de aantallen woningen per type woning zijn niet vastgelegd in het bestemmingsplan. De finale toetsing aan de Nota vindt plaats bij de omgevingsvergunningen voor het bouwen. Op basis van de voorlopige, indicatieve verkaveling is wel inzichtelijk gemaakt op welke wijze aan de Nota kan worden voldaan. Hiertoe is een parkeerbalans opgesteld. Deze is opgenomen in Bijlage 18. Daarbij is een balans per deelgebied binnen het plan opgesteld, op basis van de thans voorziene woningtypen en met toepassing van de berekeningsaantallen. Conform de Nota moeten bij alle vrijstaande woningen en twee-onder-een-kapwoningen ten minste twee opstelplaatsen op eigen terrein worden gerealiseerd. Overige parkeerplaatsen worden in het openbaar gebied voorzien. Hierbij is ervoor gekozen om, mede met het oog op de gewenste (groen) uitstraling van het woongebied, parkeervoorzieningen zoveel mogelijk te clusteren en centraal binnen de woonvelden te realiseren. Daarnaast zijn er kleinere stroken met parkeerplaatsen aan de woonstraten voorzien. De parkeerplaatsen worden zoveel mogelijk uit het zicht dan wel omgeven met groenvoorzieningen gerealiseerd.

Uit de indicatieve parkeerbalans blijkt dat binnen het plangebied in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien. Voor de meeste deelgebieden is een positieve balans zichtbaar. Enkele gebieden komen tot maximaal 6 parkeerplaatsen tekort. Binnen de aangrenzende deelgebieden zijn echter voldoende resterende parkeerplaatsen beschikbaar op acceptabele loopafstand, waardoor er geen parkeerprobleem ontstaat. Geconcludeerd wordt dat het plan voorziet in voldoende parkeerplaatsen binnen het plangebied, op acceptabele loopafstand van de woningen en voorzieningen in het plangebied. Er wordt geen parkeerdruk afgewenteld op de omgeving. Verkeer Inleiding Door de ontwikkeling van een woongebied met in totaal maximaal 354 woningen en twee zorggebouwen is er sprake van een toename van verkeer. In de huidige situatie is de verkeersaantrekkende werking van de functies in het plangebied (agrarisch bedrijf, agrarische gronden en niet-agrarisch bedrijf) gering. Er is dan ook een verkeersonderzoek uitgevoerd, waarin de verkeersgeneratie ten gevolge van het plan is onderzocht. Daarnaast is onderzocht of en op welke wijze het verkeer op acceptabele wijze kan worden afgewikkeld. De rapportage van het verkeersonderzoek is opgenomen als Bijlage 19.

Verkeersgeneratie en -afwikkeling De planontwikkeling genereert op basis van het verkeersmodel (kencijfers van het CROW) in totaal circa 2.250 verkeersbewegingen per etmaal. Het verkeer van het nieuwe woongebied wordt vrijwel geheel afgewikkeld via de Olympiasingel ten zuiden van de ontwikkelingslocatie, door middel van twee ontsluitingen. Hiervoor is gekozen om het verkeer direct op de hoofdontsluitingsstructuur van Elst af te wikkelen en extra verkeer door de aangrenzende woonwijken te voorkomen. Een drietal woningen aan de Groenestraat wordt ontsloten op de betreffende straat. Daarnaast worden de rijwoningen, welke aan de Korte Bemmelsweg zijn voorzien en een gezamenlijke parkeervoorziening krijgen, op de Korte Bemmelseweg ontsloten (totaal 9 woningen). Gezien de geringe aantallen verkeersbewegingen, die voor de afwikkeling van deze woningen aan de Korte Bemmelseweg en de Groenestraat te verwachten zijn, kunnen verkeerskundige problemen en bezwaren worden uitgesloten. Om de twee ontsluitingen van het woongebied op de Olympiasingel te kunnen realiseren, zijn aanpassingen aan de Olympiasingel benodigd. Toelichting (ontwerp)

53

bestemmingsplan Elst, De Pas

Nadere beschouwing Vanwege het te verwachten significante aantal verkeersbewegingen dat op de Olympiasingel wordt afgewikkeld, zijn nadere studies naar deze afwikkeling gedaan. Hiertoe zijn twee kruispunten met de Olympiasingel onderzocht: kruispunt Olympiasingel - oostelijke ontsluiting De Pas - TEOstraat; kruispunt Olympiasingel - westelijke ontsluiting De Pas - sportpark de Pas. Daarnaast is de toekomstige verkeersafwikkeling op de zuidwestelijk van het plangebied gelegen rotonde Olympiasingel - Rijksweg-Zuid onderzocht. Voor de nieuwe kruispunten zijn in aanvang drie varianten onderzocht: voorrangskruispunten met middengeleider en separate fietsoversteek, voorrangspleinen en rotondes. Hierbij zijn verschillende relevante aspecten beoordeeld en tegen elkaar afgewogen, waaronder verkeersveiligheid, verliestijden voor auto- en fietsverkeer, kosten en mogelijke terugslagen op andere kruisingen. Maar ook toekomstige uitbreiding ten zuiden van het plangebied. Op basis van de onderzoeken is een voorrangskruispunt voor de oostelijke ontsluiting De Pas TEOstraat gekozen. Met deze uitwerking en maatregelen wordt een verkeersveilige situatie gecreëerd door een combinatie van drempels en een slinger in de weg, die beide snelheidsverlagend werken, enerzijds en opstelplaatsen in de middenberm voor een veilige oversteek anderzijds.

Bovendien zijn de verliestijden voor zowel auto- als fietsverkeer beperkt. Ook is het ruimtebeslag met deze variant beperkt. Voor de toekomst (2040) is het goed rekening te houden met de mogelijke plaatsing van een verkeersregelinstallatie. Op basis van het genoemde onderzoek wordt voor de westelijke ontsluiting van De Pas (tegenover sportpark de Pas) het ontwerp nog nader uitgewerkt en onderzocht. Deze ontsluiting heeft prioriteit op basis van de aangenomen raadsmotie M-08 Onderzoek verkeersveiligheid rondom scholen en sportaccommodaties (kenmerk 18mo068). Er is eerder ook een budget beschikbaar gesteld van € 150.000 voor de optimalisatie aansluiting sportpark de Pas. Bij vaststelling van het bestemmingsplan zal een (voorlopig) ontwerp met kostenraming gereed zijn dat robuust en veilig is. Qua hoofdopzet wordt – net als bij de Oostelijke ontsluiting - uitgegaan van een voorrangskruispunt met middengeleider inclusief de mogelijkheid tot het plaatsen van een verkeersregelinstallatie (VRI) in de toekomst (2040).

Aandachtspunten bij de nadere uitwerking van de westelijke ontsluiting zijn: functioneren bestaande rotonde Olympiasingel/Rijksweg; eventuele ontvlechting toegang sportpark van autoverkeer en fietsers; wateropgave zuidzijde Olympiasingel bij Sportpark de Pas; mogelijke wijziging in de fietsstructuur rondom de Olympiasingel ten behoeve van het project Knoop 38 en Westflankroute (snelfietsroute tussen Arnhem-Elst-Nijmegen); toekomstige uitbreidingen ten zuiden van het plangebied (bedrijventerrein, wonen, sport). Binnen het voorliggende bestemmingsplan en het bestemmingsplan 'Zuidtangent' bieden de bestemmingen voldoende ruimte om beide varianten met het daarbij ingecalculeerde ruimtebeslag mogelijk te maken. Door de nieuwe ontsluitingen wijzigt de verkeerssituatie op de Olympiasingel en neemt het aantal conflictsituaties toe. Daarom is tevens uitgebreid onderzoek verricht naar de gevolgen van deze wijzigingen op de verkeersveiligheid op deze weg. Een maximumsnelheid van 50 km/uur op de Olympiasingel en de Rijksweg-Zuid kan op basis van de onderzoeksbevindingen als een veilige snelheid worden beschouwd. De verkeersmaatregelen om de maximumsnelheid geloofwaardig te maken worden parallel aan de planvorming nader uitgewerkt. Uit het onderzoek blijk dat dit haalbaar is. Het plan is daarmee uitvoerbaar op een verkeersveilige wijze en met een acceptabele verkeersafwikkeling.

54

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas Langzaam verkeer en calamiteiten Bovenstaand is ingegaan op het autoverkeer. Omdat het woongebied uitsluitend aan de zuidkant middels twee centrale ontsluitingen wordt ontsloten voor gemotoriseerd verkeer, zijn extra calamiteitenroutes, die voor hulpdiensten toegankelijk zijn, wenselijk. In het plan zijn enkele calamiteitenroutes voorzien in alle richtingen. Deze sluiten aan op de Rijksweg-Zuid, de Groenestraat (op twee plekken) en de Korte Bemmelseweg. Ook tussen de woongebieden zelf zijn calamiteitenroutes voorzien. Hierdoor is het plangebied via alle kanten toegankelijk voor hulpdiensten. In het plan zijn verder diverse fiets- en voetgangersverbindingen opgenomen. De fietsverbindingen sluiten goed aan op het bestaande fietsroutenetwerk. Fietsers en voetgangers kunnen het plangebied via verschillende paden betreden en verlaten. De verkeersveiligheid voor fietsers en voetgangers ten aanzien van de nieuwe ontsluitingen voor het gemotoriseerd verkeer is in het verkeersonderzoek beschouwd en wordt voor de westelijke ontsluiting (bij sportpark De Pas) nog nader uitgewerkt. Daarnaast is er voldoende ruimte in het plan opgenomen om de beoogde snelfietsroute tussen Arnhem en Nijmegen in de toekomst door het plangebied te kunnen laten lopen. Het plan is hierin faciliterend.

Conclusie De planontwikkeling leidt tot een aanzienlijke toename van de verkeersgeneratie. Het plangebied kan echter op een acceptabele wijze worden ontsloten op het omliggende wegennet. Het plangebied is goed bereikbaar door de directe ontsluitingen op de Olympiasingel. De verkeersveiligheid kan voldoende worden gewaarborgd, mits de maximumsnelheid van 50 km/uur in acht wordt genomen. Hiervoor zijn aanvullende verkeersmaatregelen op de Olympiasingel benodigd, die voor de westelijke ontsluiting nog nader worden uitgewerkt. Deze maatregelen zijn reëel en hebben een daadwerkelijk effect op de verkeerssnelheid. Het plan voorziet daarnaast in ruimschoots voldoende ontsluitingsmogelijkheden voor fietsers, voetgangers en hulpdiensten. Daarmee is het plan veilig en robuust.

5.14

Duurzaamheid

Duurzaamheid, gezondheid en sociale verbinding zijn voor de gemeente belangrijke kernwaarden, die ook in de Omgevingsvisie Overbetuwe 2040 naar voren komen. In het bijzonder bij de ontwikkeling van nieuwe stedelijke voorzieningen, zoals woongebieden, dienen deze kernwaarden integraal onderdeel van de ontwikkeling te maken en dient in de toelichting van het bestemmingsplan te worden beschreven en verantwoord op welke wijze hieraan invulling is gegeven. Doorwerk ing plangebied Een prettige leefomgeving, waarin sociale verbindingen kunnen worden gestimuleerd, heeft centraal gestaan bij de planvorming. Dit vertaalt zich het meest nadrukkelijk in de stedenbouwkundige opzet van het pan, waarin zeer veel ruimte voor (robuust) groen is opgenomen. De ontwikkelaars hebben daarnaast concrete duurzaamheidsambities geformuleerd, die bij de ontwikkeling van het woongebied in acht worden genomen en die met de gemeente zijn afgestemd. Deze ambities worden thematisch beschreven. Klimaat, landschap en gezondheid Beoogd wordt om de bioiversiteit te verbeteren en klimaatadaptief te ontwikkelen door voldoende regenwater te bergen, droogte te voorkomen met infiltratie en waterbuffering en hittestress te verminderen door het creëren van koele plekken in de openbare ruimte.

Concrete voorgestelde maatregelen/invullingen zijn: zoveel als mogelijk verbinden van de bestaande en nieuwe groen-/ en waterstructuren tot een natuur-inclusieve en klimaatadaptieve omgeving. regenwaterafvoeren (HWA's) van woningen worden niet op het riool aangesloten, maar wateren direct af naar open water of wadi's. toepassen half-open bestrating bij parkeervakken voor extra waterbergend vermogen. natuurlijke oevers, voor zover aanwezig, voorzien van oeverbeplanting. bloemrijk grasland in de grotere groenstructuren realiseren. Dit draagt bij aan de biodiversiteit. informeren van toekomstige bewoners over een klimaatbestendige tuininrichting.

Toelichting (ontwerp)

55

bestemmingsplan Elst, De Pas

Gezondheid De omgeving moet uitnodigen tot bewegen, er moet voldoende groen zijn en ontmoetingen (sociale interactie) moeten worden gestimuleerd. Hiertoe zijn de volgende concrete maatregelen voorgesteld: de Pas wordt een inclusieve woonomgeving waarin jong en oud met elkaar gaan wonen in een dorpse setting. Door een mix van diverse woningtypen en met voldoende betaalbare woningen wordt dit bereikt. de openbare ruimte faciliteert ontmoetingen en geeft ruimte voor (buurt)community vorming. er worden speelvoorzieningen voor de jeugd gerealiseerd, die uitnodigen tot bewegen en creativiteit. De Pas wordt een groene woonomgeving met aantrekkelijke recreatieve verbindingen (fietsen, wandelen, hardlopen, e.d.) naar onder meer het buitengebied. Energie Energietransitie is een 'hot item' bij transformatie- en nieuwbouwopgaven. Energieneutrale ontwikkeling is de norm. De volgende concrete doelen en maatregelen zijn in het plan opgenomen: grondgebonden woningen worden energieneutraal (BENG 2=0). appartementengebouwen worden bijna energieneutraal (BENG). strategisch plaatsen van laadpalen in de openbare ruimte om elektrisch rijden te stimuleren en faciliteren. onderzoeken van de mogelijkheden voor een collectief koude-/warmtenet boven een indovidueel systeem. all-electric, gasloze woningen. basisvraag naar energie terugdringen met energiezuinige woningen.

Circulariteit Doel is om de circulariteit van materiaal te bevorderen, woningen (deels) demontabel te maken en afvalstromen te verminderen. Hiertoe worden de volgende maatregelen voorzien: zoveel mogelijk werken met gerecyclede en duurzaam geproduceerde materialen. Hierbij wordt altijd een afweging gemaakt tussen duurzaamheid, kosten en functionaliteit. van de woningen worden materiaalpaspoorten gemaakt waardoor meer inzicht ontstaat in toekomstige materiaalstromen. zoveel als mogelijk gebruik maken van in fabrieken vervaardigde bouwelementen (prefab).

56

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas

Hoofdstuk 6 6.1

Juridische planopzet

Algemene opzet

Inleiding Dit hoofdstuk bevat de concrete vertaling van het beleidsgedeelte (voorafgaande hoofdstukken) in het juridisch gedeelte van het bestemmingsplan (de verbeelding en regels). Het bestemmingsplan 'Elst, De Pas' bestaat uit de volgende onderdelen: De toelichting In de toelichting is de ontwikkeling verantwoord, zowel op basis van het beleid, als op basis van milieu-hygiënische aspecten, aangevuld met een toelichting op de juridische opzet. De bestemmingsregels De bouw- en gebruiksregels binnen de verschillende bestemmingen. Daarnaast zijn waar nodig afwijkings- en wijzigingsbevoegdheden opgenomen, om het plan de benodigde flexibiliteit te geven. De verbeelding Op de verbeelding zijn de bestemmingen 'Groen', 'Wonen', 'Woongebied' en 'Water' opgenomen met de daarbij behorende aanduidingen en bouwvlakken. Tevens zijn de dubbelbestemmingen 'Waarde Archeologische verwachting 2', 'Leiding - Gas' en 'Waterstaat - Waterlopen' opgenomen. De bestemmingen en aanduidingen worden in paragraaf 6.2 nader toegelicht. De opzet van het plan Het bestemmingsplan is een juridisch plan, dat bindend is voor de burgers en voor de overheid. Er is gekozen voor een relatief flexibel bestemmingsplan, waarbij de ruimtelijke en functionele hoofdstructuren, met name aan de randen van het gebied, op de verbeelding zijn vertaald.

De exacte ruimtelijke en functionele uitwerking van de woongebieden ligt echter niet vast. Voor deze gebieden is de bestemming 'Woongebied' opgenomen. Binnen deze gebieden is het mogelijk om de positionering van woningen, woonstraten, paden, tuinen, groen, etc. nader te bepalen. In de volgende paragraaf wordt deze opzet nader toegelicht. Bouwplan Als een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend wordt, zijn in eerste instantie de bestemming met bijhorende regels van belang. Als het nieuwe en het beoogde gebruik past binnen de toegekende bestemming dan kan de omgevingsvergunning worden verleend.

6.2

Toelichting op de verbeelding en regels

Op de verbeelding zijn de bestemmingen onderscheiden. De bestemmingen zijn afgeleid uit het gebruik (de aanwezige functies). De bestemmingen vormen het zogenaamde casco van het plan, waarvan in beginsel niet mag worden afgeweken. Groen In Hoofdstuk 3 zijn de ruimtelijke uitgangspunten van de beoogde ontwikkeling toegelicht en is benadrukte dat een groene inpassing van het gebied, met groene dooradring en groengebieden binnen de woonvelden centraal staan in de ontwikkeling van het gebied. Dit is op de verbeelding vertaald door de bestemming 'Groen' op te nemen voor de grotere groengebieden en de groene randen. De ruimtelijk-stedenbouwkundige hoofdstructuur is op deze manier juridisch vertaald. Binnen deze bestemming zijn groenvoorzieningen, bermen en beplanting, extensieve dagrecreatie, paden, water en waterhuishoudkundige voorzieningen toegestaan. Binnen de bestemming zijn enkele zones anagegeven waar een calamiteitenroute of een ontsluiting voor gemotoriseerd verkeer is toegestaan. Binnen de bestemming mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd.

Toelichting (ontwerp)

57

bestemmingsplan Elst, De Pas

Wonen De bestemming 'Wonen' is opgenomen voor de twee kleinschalige ontwikkelingen in het plangebied, aan de Groenestraat 11 en naast Groenestraat 7. Op laatstgenoemd perceel zijn 2 woningen toegestaan. Op eerstgenoemd perceel is één woning rechtstreeks toegestaan, maar kunnen met toepassing van een wijzigingsbevoegdheid twee extra woningen worden toegevoegd, mits aan de voorwaarden wordt voldaan. Hiervoor wordt een rood-voor-rood regeling toegepast: het te slopen oppervlak aan agrarische bebouwing mag worden teruggebouwd. De gronden met de bestemming 'Wonen' zijn bestemd voor het wonen in woningen, eventueel met een beroep aan huis, alsmede voor tuinen en erven, water, groen en parkeren. Met bouwvlakken is aangegeven waar een hoofdgebouw (woning) mag worden gebouwd. Er is één woning per bouwvlak toegestaan. Verder zijn regels opgenomen voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken (aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen) en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Woongebied Het grootste deel van het plangebied is bestemd als 'Woongebied'. Er is gekozen voor een relatief flexibele bestemming, waarbinnen woningen, tuinen, groen, infrastructuur (wegen, paden, parkeervoorzieningen) en water zijn toegestaan. De exacte inrichting van het gebied is niet bepaald, maar alleen de hoofdcontouren.

De twee zorggebouwen (maatschappelijke functies) zijn specifiek aangegeven op de verbeelding met de aanduiding 'maatschappelijk'. Bij het wonen is onder voorwaarden een aan huis verbonden beroep of bedrijf toegestaan. Mantelzorg is mogelijk binnen de omgevingsvergunningvrije mogelijkheden, die het Besluit omgevingsrecht biedt. Binnen de bestemming zijn maximaal 350 woningen toegestaan, waarvan maximaal één bedrijfswoning per zorggebouw. Per zorggebouw zijn maximaal 20 zorgeenheden toegestaan. Naast de zorggebouwen zijn ook de gestapelde woningen specifiek aangegeven op de verbeelding, waarbij een redelijke mate van flexibiliteit is ingebouwd. Voor het overige is de woningtypologie en de precieze situering van de bebouwing vrij gelaten. Het bouwvlak, dat het grootste deel van het woongebied beslaat, vormt de uiterste grens. De toegestane bebouwing wordt op perceelsniveau bepaald in de bouwregels. Hierbij zijn regels voor hoofdgebouwen, aan-/uitbouwen/bijgebouwen, overkappingen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde opgenomen. De twee ontsluitingen op het omliggende weggennet (Olympiasingel) zijn met een specifieke aanduiding 'ontsluiting' aangegeven. Dergelijke ontsluitingen zijn elders niet mogelijk. Water en Waterstaat - Waterlopen De bestaande A-watergangen in het plangebied hebben de bestemming 'Water' gekregen.

Daar waar deze worden verbreed, is dit mogelijk binnen de bestemming 'Groen' en/of 'Woongebied'. De gronden met de bestemming 'Water' zijn bestemd voor water en waterhuishoudkundige doeleinden in brede zin. Binnen de bestemming mag slechts beperkt worden gebouwd. De onderhoudsstroken rondom de A-watergangen zijn bestemd als 'Waterstaat - Waterlopen'. Naast de betreffende dubbelbestemming hebben de betrokken gronden altijd nog de betreffende hoofdbestemming. De regels van de hoofdbestemming en de dubbelbestemming zijn beide van toepassing, maar bij strijd tussen deze bepalingen prevaleren de bepalingen van de dubbelbestemming. De reden hiervoor is dat de belangen van de dubbelbestemming zwaarder wegen dan die van de hoofdbestemming. Met deze dubbelbestemming is het belang van het beheer en onderhoud van de watergangen geborgd en zijn beperkingen aan het bebouwen van deze gronden en het uitvoeren van bepaalde werkzaamheden gesteld. Leiding - Gas De hogedruk gasleiding in het plangebied is, inclusief bijbehorende belemmeringenstrook van 2 meter aan weerzijden van de leiding, bestemd als 'Leiding - Gas'. Deze gronden zijn primair bestemd voor de

58

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas gasleiding en het beheer en onderhoud daarvan. Binnen deze bestemming mag in beginsel niet worden gebouwd. Daarnaast geldt een omgevingsvergunningplicht voor het uitvoeren van bepaalde categorieën van werkzaamheden. Waarde - Archeologische verwachting 2 In het plan is de archeologische beleidskaart vertaald in de dubbelbestemming 'Waarde Archeologische verwachting 2', ten behoeve het behoud en de bescherming van archeologische waarden in of nabij het plangebied. Zie hierover ook paragraaf 5.12. Naast de betreffende dubbelbestemming hebben de betrokken gronden altijd nog de betreffende hoofdbestemming. De regels van de hoofdbestemming en de dubbelbestemming zijn beide van toepassing, maar bij strijd tussen deze bepalingen prevaleren de bepalingen van de dubbelbestemming. De reden hiervoor is dat de belangen van de dubbelbestemming zwaarder wegen dan die van de hoofdbestemming. De dubbelbestemming bevat een omgevingsvergunningplicht en plicht tot het doen van archeologisch onderzoek voor bodemingrepen dieper dan 0,3 meter onder het maaiveld en met een omvang groter dan 100 m².

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene bouwregels In dit artikel is een regeling voor het ondergronds bouwen opgenomen. Algemene gebruiksregels Deze bepaling bevat de vormen van gebruik, die in ieder geval strijdig zijn met de regels van het bestemmingsplan voor alle opgenomen bestemmingen. Algemene afwijkingsregels In dit artikel wordt een opsomming gegeven van de regels waarvan door middel van een omgevingsvergunning afgeweken kan worden van het bestemmingsplan. Het gaat hierbij om de bevoegdheid om door middel van een omgevingsvergunning af te kunnen wijken van de regels die gelden voor alle bestemmingen in het plan. De criteria, die bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven. Opgenomen zijn bevoegdheden voor kleine afwijkingen in maatvoeringen en bouwgrenzen en voor ondergronds bouwen, alsmede voor het bouwen van hogere geluidwerende voorzieningen.

Algemene wijzigingsregels In dit artikel wordt een opsomming gegeven van de regels waarvan door middel van een wijzigingsplan afgeweken kan worden van het bestemmingsplan. Dit betreft kleine wijzigingen van de bestemmingsgrenzen. Algemene procedureregels In dit artikel is de procedure opgenomen in geval van toepassing van een in het plan opgenomen afwijkings- of wijzigingsbevoegdheid of bij een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werkzaamheden. Overige regels Hierin is een voorrangsregeling opgenomen voor de verschillende (dubbel)bestemmingen in het plan, in geval van onderlinge strijdigheden. Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Het voor alle bestemmingsplannen verplichte overgangsrecht is opgenomen. Bouwwerken, welke op het

Toelichting (ontwerp)

59

bestemmingsplan Elst, De Pas moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. De overgangsbepaling houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen kan worden verleend. Burgemeester en wethouders kunnen in beginsel dus nog gewoon gebruik maken van hun handhavingsbevoegdheid. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan, mag eveneens worden voortgezet. Slotregel Dit artikel geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald.

60

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas

Hoofdstuk 7

Financiële toelichting

Uitgangspunt voor de beoogde wijziging is dat deze voor de gemeente budgetneutraal worden ontwikkeld. Op grond van artikel 6.12 lid 1 Wet ruimtelijke ordening (Wro) is de gemeenteraad van Overbetuwe verplicht om, als sprake is van een bouwplan, de gemeentelijke kosten te verhalen. Dit bestemmingsplan voorziet in een bouwplan. Het verhalen van de gemeentelijke kosten is daarom verplicht. Met de ontwikkelaars van de gronden in het plangebied zijn door de gemeente anterieure overeenkomsten afgesloten. Hierin zijn afspraken gemaakt over het verhaal van kosten, waaronder planschade. Door middel van deze overeenkomsten is het kostenverhaal volledig anderszins verzekerd. Een exploitatieplan behoeft daarom niet opgesteld te worden.

Toelichting (ontwerp)

61

bestemmingsplan Elst, De Pas

Hoofdstuk 8 8.1

Overleg en inspraak

Inleiding

Algemeen De procedures voor vaststelling van een bestemmingsplan zijn door de wetgever geregeld. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties waar nodig overleg over het plan moet worden gevoerd, voordat een ontwerpplan ter visie gelegd kan worden. Bovendien kan het noodzakelijk zijn om belanghebbenden de gelegenheid te bieden om hun visie over het plan te kunnen geven. Dit is afhankelijk van de inspraakverordening van de gemeente. Pas daarna kan de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van het plan van start gaan. Crisis- en herstelwet Op het onderhavige bestemmingsplan is de Crisis- en Herstelwet (Chw) van toepassing (Hoofdstuk 2, afdeling 6, versnelde uitvoering bouwprojecten). Het project voldoet aan de criteria voor toepassing van de Chw. De toepassing van de Chw heeft gevolgen voor de (beroeps)procedure van het bestemmingsplan.

8.2

Inspraak

De Wro zelf bevat geen bepalingen over inspraak. Dat neemt niet weg dat het de gemeente vrij staat toch inspraak te verlenen op grond van de gemeentelijke inspraakverordening. In relatie daarmee bepaalt artikel 150 van de Gemeentewet onder meer dat in een gemeentelijke inspraakverordening moet worden geregeld op welke wijze personen en rechtspersonen hun mening kenbaar kunnen maken. Voor dit bestemmingsplan heeft, vanwege de aard en omvang van het plan, een uitvoerig participatietraject plaatsgevonden. In Bijlage 20 is een verslag van de gevoerde participatie opgenomen. Hierna volgt een beknopte samenvatting van het doorlopen participatietraject. In 2019 is het participatietraject voor het te ontwikkelen woongebied door de ontwikkelaars in samenwerking met de gemeente opgestart rond de vastgestelde ontwikkelvisie voor het gebied. Vervolgens is een concept stedenbouwkundig plan plan voor het gebied gemaakt, waarin de resultaten van de eerste participatieronde zijn betrokken. Parallel hieraan is in het voorjaar van 2021 een tweede participatieronde georganiseerd. Deze bestond uit twee online-informatiebijeenkomsten, gesprekken met aanwoningen en een enquête. Ook zijn de omgeving en andere belangstellenden via een website, nieuwsbrieven en andere communicatie op de hoogte gehouden. Meer dan 250 mensen namen deel aan de bijeenkomsten en ruim 500 mensen hebben de enquête ingevuld.

Naast talloze vragen zijn ook verschillende opmerkingen gemaakt op het concept stedenbouwkundig plan. Op een aantal punten heeft dit bij de aanpassing van het stedenbouwkundig plan geleid tot aanscherpingen/aanpassingen. In het verslag in de bijlagen zijn alle vragen verzameld en door de ontwikkelaars beantwoord. Het verslag laat ook zien waarover de participanten zich zorgen maken, waar bij de verdere ontwikkeling van en communicatie over De Pas rekening gehouden kan worden. Daarnaast spreekt uit de ontvangen reacties veel waardering en enthousiasme voor de plannen. De bouw kan voor sommige deelnemers aan de participatie niet snel genoeg beginnen. Door de deelnemers werd veel nadruk gelegd op het dorpse karakter dat het nieuwe woongebied zou moeten kenmerken. Bijzondere aandacht is gevraagd voor diverse aspecten van de inrichting van het groen. Over de juiste wijze van verkeersafwikkeling zijn de meningen wat meer tegengesteld, maar ten aanzien van de ontsluiting van de wijk werd vaak gevraagd om grote aandacht voor de veiligheid van met name fietsers en voetgangers. De kruispunten met de Olympiasingel worden samen met een verkeerskundig bureau verder uitgewerkt.

Voor de positionering van een zorggebouw aan de oostzijde van het plangebied in relatie tot privacy waarover zorgen werden uitgesproken, zal middels een nadere ontwerpstudie worden gekeken naar een alternatieve positionering. Door wijziging van de plaatsing van enkele parkeervakken aan de Groenestraat werd in het aangescherpte concept stedenbouwkundig plan tegemoetgekomen aan de wensen van een aantal aanwonenden.

62

Toelichting (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas

8.3

Overleg

Artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) geeft aan dat het bestuursorgaan, dat belast is met de voorbereiding van een ruimtelijk plan, overleg pleegt met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen. Ook moet overleg worden gepleegd met die diensten van provincie en Rijk, die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of die belast zijn met de behartiging van belangen, welke in het plan in het geding zijn. Het bestemmingsplan wordt tijdig aan de betrokken overlegpartners toegezonden. Bij de voorbereiding van het bestemmingsplan heeft bovendien reeds uitgebreid afstemming plaatsgevonden met de provincie Gelderland voor wat betreft het woningbouwprogramma en met het waterschap omtrent het waterstructuurplan. Het waterschap zal in de verdere planuitwerking betrokken blijven (zie ook paragraaf 5.10).

8.4

Vaststellingsprocedure

De vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan vindt plaats volgens artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Het bestemmingsplan is, samen met het ontwerpbesluit tot verlening van hogere geluidwaarden, in dit kader gedurende zes weken ter inzage gelegd van 30 september tot en met 10 november 2021. Gedurende deze periode kon een ieder zijn zienswijzen kenbaar maken tegen het plan. Er zijn negen zienswijzen ingediend tegen het plan. De zienswijzen zijn samengevat en voorzien van een reactie van de gemeente op alle onderdelen in het 'Rapport zienswijzen & ambtshalve wijzigingen Ontwerpbestemmingsplan "Elst, De Pas"'. Deze nota is opgenomen bij het vaststellingsbesluit van het bestemmingpslan. De zienswijzen hebben gedeeltelijk aanleiding gegeven tot aanpassingen aan zowel het bestemmingsplan, de bijbehorende bijlagen als het verkavelingsplan. Ook zijn er enkele ambtshalve aanpassingen doorgevoerd. In de nota zijn de aanpassingen uitvoerig beschreven.

De voornaamste wijzigingen betreffen de volgende: Gedeeltelijk aanpassen van bouwvlak bestemming 'Woongebied'; Uitvoeren van nader onderzoek naar geluid- en geurhinder in relatie tot Heinz, inclusief waarborgen in de planregels en op de verbeelding; Kleine aanpassingen in begrenzing bestemming 'Groen'; Aanpasisng van de regeling voor evenementen in de bestemming 'Groen'; Update stikstofdepositieberekeningen aan de hand van herziene Aerius-calculator. Vervolgens wordt het bestemmingsplan ter gewijzigde vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad.

8.5

Beroep

Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Hierbij zijn de procedurele bepalingen van de Crisis- en Herstelwet van toepassing. Als geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking.

Toelichting (ontwerp)

63

bestemmingsplan Elst, De Pas

Inhoudsopgave

Regels

5

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

5 5 11

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9

Bestemmingsregels Groen Water Wonen Woongebied Leiding - Gas Waarde - Archeologische verwachting 2 Waterstaat - Waterlopen

12 12 14 15 18 22 24 27

Hoofdstuk 3 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Algemene procedureregels Overige regels

28 28 28 28 29 29 30 30

Hoofdstuk 4 Artikel 17 Artikel 18

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

31 31 31

(ontwerp)

3

bestemmingsplan Elst, De Pas

Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder: 1.1

Plan

Het bestemmingsplan 'Elst, De Pas' met identificatienummer NL.IMRO.1734.0361ELSTwngbiedpas-ONTD van de gemeente Overbetuwe. 1.2

Bestemmingsplan

De geometrisch bepaalde objecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3

Aan- en uitbouwen

Een aan een hoofdgebouw ondergeschikte ruimte, die daaraan ruimtelijk (door zijn constructie of afmetingen) ondergeschikt is, maximaal bestaande uit één bouwlaag al dan niet met kap, met dien verstande dat een aanbouw een zelfstandige ruimte is en een uitbouw een uitbreiding van een reeds bestaande ruimte van het hoofdgebouw is. 1.4

Aanduiding

Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.5

Aanduidingsgrens

Grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.6

Aaneengebouwde woning

Een woning die onderdeel uitmaakt van minimaal drie aaneengebouwde woningen, niet zijnde gestapelde woningen. 1.7

Archeologisch deskundige

De regionaal (beleids)archeoloog of een andere door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg. 1.8

Archeologisch onderzoek

Onderzoek (bureauonderzoek en/of boren en/of geofysisch onderzoek en/of graven en/of begeleiden) verricht door een dienst, bedrijf of instelling beschikkend over een door een erkende certificerende instelling afgegeven certificaat voor opgraven en werkend conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie (KNA) dan wel, na vaststelling ervan door de Minister van OCW, de normen zoals opgesteld door het Centraal College van Deskundigen Archeologie (CCvD). 1.9

Archeologische verwachting

Een toegekende hoge, middelmatige of lage archeologische verwachting in verband met de kennis en wetenschap van de in dat gebied te verwachten overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten uit het verleden; 1.10

Archeologische waarde

Een toegekende archeologische waarde in verband met de kennis en studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten uit het verleden;

Regels (ontwerp)

5

bestemmingsplan Elst, De Pas

1.11

Bebouwing

Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.12

Bed & breakfast

Het bieden van de ten opzichte van het hoofdgebruik ondergeschikte mogelijkheid tot recreatief nachtverblijf en ontbijt aan personen die elders hun hoofdverblijf hebben. 1.13

Bedrijf

Een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis verbonden beroepen daaronder niet begrepen. 1.14

Bedrijfswoning

Eén woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting ter plaatse noodzakelijk is, gelet op het feitelijk gebruik van het gebouw en/of terrein in overeenstemming met de bestemming. 1.15

Begane grondvloer

De onderste bouwlaag van een gebouw, niet zijnde een kelder. 1.16

Beroep of bedrijf aan huis

Beroeps- of bedrijfsactiviteit waarvan de activiteiten niet specifiek publiekgericht zijn en dat op kleine schaal in een woning en of in het bijgebouw wordt uitgeoefend. 1.17

Bestaand

a. bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het moment van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaat en is gebouwd krachtens een onherroepelijke omgevingsvergunning voor het bouwen, of wordt gebouwd, dan wel nadien kan worden gebouwd krachtens een onherroepelijke omgevingsvergunning voor het bouwen, waarvoor de aanvraag vóór het tijdstip van terinzagelegging is ingediend; b. bij gebruik: het gebruik dat op het moment van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaat en in overeenstemming is met het voorheen geldende planologische regime. 1.18

Bestemmingsgrens

De grens van een bestemmingsvlak. 1.19

Bestemmingsvlak

Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.20

Bijgebouwen

Een vrijstaand gebouw dat door zijn vorm, functie, situering en/of afmetingen ondergeschikt is aan het op hetzelfde perceel gelegen hoofdgebouw. 1.21

Bouwen

Plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten van een bouwwerk. 1.22

Bouwgrens

De grens van een bouwvlak. 1.23

Bouwlaag

Een gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van een kelder en de ruimte(n) in de kap.

6

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas

1.24

Bouwperceel

Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.25

Bouwperceelsgrens

De grens van een bouwperceel. 1.26

Bouwvlak

Een geometrisch bepaald vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. 1.27

Bouwwerk

Constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren, met inbegrip van de daarvan deel uitmakende bouwwerkgebonden installaties anders dan een schip dat wordt gebruikt voor verblijf van personen en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart. 1.28

Bouwwerk, geen gebouw zijnde

Bouwwerk of gedeelte daarvan, voor zover dat geen gebouw of onderdeel daarvan is. 1.29

Detailhandel

Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Horeca-activiteiten en detailhandel in volumineuze goederen zijn hieronder niet begrepen. 1.30

Erf

Bebouwd of onbebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, waarbij het plan die inrichting niet verbiedt. 1.31

Evenement

een georganiseerde gebeurtenis, (openlucht)manifestatie of themadag(en) in de vorm van een voor publiek bestemde uitvoering / verrichting van vermaak. Hierbij worden de volgende categorieën onderscheiden: type 1: evenementen zonder geluid waarbij het aantal bezoekers per dag niet meer bedraagt dan of gelijk is aan 500 personen. type 2: evenementen met geluid waarbij het aantal bezoekers per dag niet meer bedraagt dan of gelijk is aan 500 personen; type 3: evenementen met of zonder geluid waarbij het aantal bezoekers per dag meer bedraagt dan 500 personen en niet meer bedraagt dan of gelijk is aan 3.000 personen; type 4: evenementen met of zonder geluid waarbij het aantal bezoekers per dag meer bedraagt dan 3.000 personen en niet meer bedraagt dan of gelijk is aan 10.000 personen. 1.32

Evenement met geluid

een evenement waarbij sprake is van versterkt geluid; 1.33

Evenement zonder geluid

wen evenement waar alleen sprake is van onversterkt geluid;

Regels (ontwerp)

7

bestemmingsplan Elst, De Pas

1.34

Extensieve dagrecreatie

Recreatief medegebruik van gronden zoals wandelen, paardrijden, fietsen, varen, zwemmen en vissen, waarbij de recreatie geen specifiek beslag legt op de ruimte. 1.35

Gebouw

Bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.36

Gebruiken

Gebruiken, het doen gebruiken, laten gebruiken en in gebruik geven. 1.37

Geluidgevoelige ruimte

ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon-, of eetkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik is bestemd, alsmede een keuken met een oppervlakte van ten minste 11 m². 1.38

Gestapelde woning

Boven dan wel beneden en/of naast elkaar gesitueerde woningen waarbij per woning een zelfstandige toegankelijkheid, al dan niet direct vanaf het voetgangersniveau, gewaarborgd is. 1.39

Hobbymatig agrarisch grondgebruik

Het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of door middel van het houden van dieren op niet bedrijfsmatige wijze. Onder hobbymatig agrarisch gebruik wordt niet verstaan een volkstuin. 1.40

Hoofdgebouw

Een gedeelte van een gebouw, exclusief aan- en uitbouwen, dat door zijn situering en/of afmetingen als belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel is aan te merken. 1.41

Huishouden

Een persoon of groep personen die gezamenlijk, onbestendig voor onbepaalde tijd, een huishouding voert. 1.42

Kelder

Een overdekte, met wanden omsloten, voor mensen toegankelijke ruimte, beneden of tot ten hoogste 0,50 meter boven de kruin van de weg, waaraan het bouwperceel is gelegen. 1.43

Lawaaisporten

Sportbeoefening die met veel lawaai gepaard gaat zoals bijvoorbeeld motor- en autosport, karten, modelvoer- en vaartuigen. 1.44

Maatvoeringsgrens

De grens van een maatvoeringsvlak. 1.45

Maatvoeringsvlak

Een geometrisch bepaald vlak waarmee de gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels voor bepaalde bouwwerken eenzelfde maatvoering geldt. 1.46

Normaal onderhoud, gebruik en beheer

Werkzaamheden die ter plaatse regelmatig terugkeren, teneinde tot een goed beheer van de gronden te komen; hieronder vallen niet de incidentele ingrepen in bijvoorbeeld de cultuurtechnische situatie of werkzaamheden die een onherstelbare aantasting betekenen van de aan een gebied toegekende waarde.

8

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas

1.47

Nutsvoorziening

Voorziening ten behoeve van algemeen nut in ruime zin zoals: voorzieningen/installaties ten behoeve van gas, water en elektriciteit, signaalverdeling, telecommunicatieverkeer, waterzuivering, waterbeheersing, waterhuishouding, vuil- en afvalverwerking, compostering, wijkverwarming, milieuvoorzieningen e.d. 1.48

Ondergeschikte bouwdelen

Ondergeschikte delen aan een gebouw zoals trappen, bordessen, funderingen, kelderingangen, overstekende daken, goten, luifels, balkons, balkonhekken, schoorstenen, liftopbouwen en andere ondergeschikte dakopbouwen. 1.49

Ondergronds

Onder peil. 1.50

Ondergronds bouwwerk

Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal die onder het straatpeil is gelegen. 1.51

Overkapping

Een bouwwerk, geen gebouw zijnde voorzien van een gesloten dak. 1.52

Peil

a. Voor gebouwen: de hoogte van de afgewerkte begane grondvloer ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde bouwhoogte van het aansluitend terrein; 1.53

Prostitutie

Het zich tegen vergoeding beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander. 1.54

Publieksgerichte beroeps- of bedrijfsactiviteit aan huis

Een publieksgerichte beroeps- of bedrijfsactiviteit, waarvan de activiteiten in hoofdzaak publieksaantrekkend zijn en waarvan de omvang en uitstraling zodanig is, dat de activiteit past binnen de desbetreffende woonomgeving en derhalve in een woning en/of de bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden toegestaan. 1.55

Seksinrichting

Een voor publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in omvang als zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in elk geval verstaan: een (raam)prostitutiebedrijf, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater, een parenclub of een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.56

Twee-aaneengebouwde woning

Een woning die onderdeel uitmaakt van twee aaneengebouwde woningen, waarvan de hoofdgebouwen tegen elkaar aan gebouwd zijn. 1.57

Uitvoeren

Uitvoeren, het doen uitvoeren, laten uitvoeren en in uitvoering geven. 1.58

Voorgevel

De naar de weg en/of fiets- en voetpad gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die kennelijk als zodanig dient te worden aangemerkt.

Regels (ontwerp)

9

bestemmingsplan Elst, De Pas

1.59

Vrijstaande woning

Een woning die hoogstens door middel van de aan- en/of uitbouwen met een andere woning verbonden is en waarvan geen van de beide zijgevels van het hoofdgebouw in de zijdelingse perceelgrens staan. 1.60

Waterhuishoudkundige voorzieningen

Voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging en waterkwaliteit. 1.61

Wonen

Wonen in een woning. 1.62

Woning

Een complex van ruimten inclusief aangebouwde bijbehorende bouwwerken, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.63

Zorgeenheid

Een (gedeelte van een) gebouw, bestemd voor (24 uurs-) zorg voor mensen die vanwege hun leeftijd, gezondheid of beperkingen aangewezen zijn op zorg en ondersteuning, ongeacht of deze door een professional, vrijwilliger of mantelzorger wordt verstrekt. 1.64

Zorggebouw

Een complex van ruimten bestemd voor zorgeenheden, een bedrijfswoning en bijbehorende voorzieningen, zoals gemeenschappelijke ruimten en personeelsruimten.

10

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Elst, De Pas

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

De goothoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel, met uitzondering van de goot van dakkapellen en wolfseinden. 2.2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=ea886b4d-87ce-47fa-b418-a0bc57561384