CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief Boekwerk begroting-2026-2029 24-09-2025.pdf

Raadsvergadering 3 november 2025, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: B: Programmabegroting 2026-202929.515 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Lasten Bestaand beleid

6.654

7.366

7.684

8.453

Beleidsmatige ontwikkelingen

-

-

-

-

-

Autonome ontwikkelingen

-

128-

213-

718-

365

6.654

7.238

7.471

7.735

8.818

1.255

Totaal lasten

8.453

Baten Bestaand beleid

1.255

1.255

1.255

1.255

Beleidsmatige ontwikkelingen

-

-

-

-

-

Autonome ontwikkelingen

-

6-

6-

6-

6-

1.255

1.249

1.249

1.249

1.249

Totaal baten

56

Programma 3 (x 1.000)

Begroting 2025

Totaal programma 3

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

5.398-

5.989-

6.222-

6.486-

7.569-

Afschrijvingen/Rente

1.034

1.447

1.746

1.975

3.022

Verdeling interne kosten

1.355

1.514

1.513

1.513

1.513

Totaal

2.389

2.961

3.259

3.488

4.535

inclusief:

Beleidsmatige ontwikkelingen. Voor programma 3 zijn er geen beleidsmatige ontwikkelingen.

Autonome ontwikkelingen.

Wat zijn onze reguliere taken in dit programma.

57

58

Programma 4: De dienstverlenende gemeente Inleiding Bij de dienstverlening staat centraal: het verstrekken van diensten en producten en de contacten van de inwoners en bedrijven met de gemeente. Denk daarbij aan vragen, verzoeken, aanvragen of klachten. De gemeente levert passend, eigentijds en betrouwbare dienstverlening. Naast de gemeente zelf, verlenen ook andere samenwerkingspartners diensten namens ons. Wij verwachten van hen dat zij zich committeren aan onze kwaliteit en manier van dienstverlening. De kwaliteit van de dienstverlening heeft verschillende aspecten. In de eerste plaats de relatie tot de inwoner die een dienst nodig heeft zoals bejegening, klantgerichtheid en aansluiten op de behoefte. Ten tweede zijn snelheid, juiste informatie, integraliteit en deskundigheid belangrijk voor de kwaliteit van de dienstverlening. Verder moet het kanaal dat de inwoner kan gebruiken zoals de website, balie, telefoon of webportal goed geregeld en toegankelijk zijn. En tot slot is de werkwijze binnen de organisatie van belang: eenduidigheid, zorgvuldigheid, integraliteit en communicatie. Omdat de dienstverlening vanuit de verschillende eenheden plaatsvindt is een goede verbinding nodig binnen en ook tussen de eenheden. Dit kan nog verder worden versterkt met als hoofddoel: uniformiteit en herkenbaarheid naar buiten toe.

Wat geven we eraan uit? In totaal geven we binnen programma 4 ruim € 8 miljoen uit. In onderstaand overzicht is te zien waar het geld naar toe gaat.

59

Doelen en acties -4.1 Versterken van bereikbaarheid en persoonlijke dienstverlening

Doelomschrijving We willen een sterke publieke dienst zijn, die toegankelijk is voor iedereen, waarbij vertrouwen in de gemeente essentieel is. Het optimaliseren (doorontwikkelen) van onze dienstverlening bij Publiekszaken draagt bij aan het toegankelijk maken en het opbouwen van vertrouwen in onze gemeente als overheidsorgaan. Wanneer onze dienstverlening optimaal is ingericht sluiten we aan bij de behoefte van de samenleving als het gaat om de toegang tot de gemeente die eerlijk, begripvol en benaderbaar is. Termijn

Middellang

Primair SDG doel

Secundaire SDG doelen

-

Portefeuillehouder(s) Werger Taakveld

0.8 Overige baten en lasten

Context De samenleving verwacht een toegankelijke en eenvoudig benaderbare overheid. Mensen hebben enerzijds behoefte aan fysiek contact, maar een steeds groter wordende groep wil ook graag via de digitale weg contact hebben met de gemeente op een door hem of haar gekozen tijdstip. We willen aansluiten op deze behoefte en zetten daarom in op het doorontwikkelen van onze dienstverlening zowel op digitaal als analoog vlak. We willen daarmee onze bereikbaarheid vergroten. Continuïteit en kwaliteit van onze dienstverlening is daarbij een belangrijk aandachtspunt. Tegelijkertijd komt er steeds meer wetgeving die van invloed is op onze dienstverlening. Ook de vragen die onze inwoner heeft worden complexer. Dat betekent dat onze persoonlijke dienstverlening de komende jaren aan veranderingen onderhevig is. We willen daar zorgvuldig uitvoering aan geven zodat inwoners blijvend kunnen rekenen op de continuïteit en kwaliteit van onze dienstverlening.

60

Uitvoering 2026 

Bereikbaarheid We hebben in 2025 de bereikbaarheid verbeterd door het invoeren van een aantal nieuwe systemen. 2026 staat daarom in het teken van evaluatie en monitoring van deze nieuwe ondersteunende techniek. Eind 2026 willen we alle systemen naar tevredenheid hebben ingericht. We zorgen ook voor nieuwe gemeente brede afspraken over bereikbaarheid en gebruik van techniek.

Paspoortpiek Paspoorten en identiteitskaarten waren in 2014 voor het eerst tien jaar geldig in plaats van vijf jaar. In verband met deze langere geldigheidsduur, hebben destijds veel mensen gewacht op de komst van het nieuwe document. Zo hoefden ze pas na tien jaar terug te komen voor een nieuw document in plaats van na vijf jaar. De vraag naar nieuwe paspoorten en identiteitskaarten was tussen 2019 en 2024 daarom erg laag. Maar sinds 2024 is er juist weer een stijging in het aantal aanvragen voor paspoorten. Dit houdt de komende jaren nog aan. Vooral 2027 is het jaar waarin de paspoortpiek op zijn hoogst gaat zijn. Onze dienstverlening is daar goed op ingericht.

Gemeenteraadsverkiezingen 2026 In 2026 vinden de gemeenteraadsverkiezingen plaats. Dat brengt zoals altijd weer veel werk met zich mee. Verschillende collega's binnen de organisatie maken deel uit van het 'Verkiezingsteam'. Zij zijn in het voorafgaande jaar al bezig met de voorbereidingen; het neemt ongeveer een half jaar doorlooptijd in beslag. Dat is dus gelijktijdig met het organiseren en afronden van de landelijke verkiezingen in oktober 2025. Eén en ander vraagt veel van de collega's. Monitoring De nieuwe applicaties en systemen zijn in gebruik genomen. De afspraken over bereikbaarheid zijn geactualiseerd. De gemeenteraadsverkiezingen 2026 zijn afgerond

-4.2 Veiligheid

Doelomschrijving Het veiligheidsdomein is een zeer dynamisch domein. Ontwikkelingen doen zich voor op het gebied van veiligheid die men niet of niet zo snel ziet aankomen. Denk aan de toename van de digitale criminaliteit, de behoefte aan een integrale samenwerking tussen zorg- en veiligheid en het tegengaan van ondermijning. Ondermijning is al lange tijd zowel landelijk als lokaal een speerpunt en daar blijven we ontwikkelingen zien waar we als gemeente op in moeten zetten. Met het huidige veiligheidsbeleid hebben we met name ingezet op 3 prioriteiten, te weten het vormgeven van de samenwerking op zorg en veiligheid, cybercriminaliteit en ondermijning. Met dit beleid als basis werken we met al onze ketenpartners in het zorg- en veiligheidsdomein, met onze ondernemers en natuurlijk onze inwoners aan een veilige en leefbare gemeente. Termijn

Middellang

Primair SDG doel

Secundaire SDG doelen

-

Portefeuillehouder(s) Werger Taakveld

61

1.2 Openbare orde en veiligheid

Ondermijning Ondermijning gaat over de vermenging van de onder- en bovenwereld. We willen hier als gemeente weerbaar tegen zijn. De gemeente wordt door de aanpak van ondermijning onaantrekkelijker voor criminele activiteiten. Ondermijnende criminaliteit kent veel verschillende uitingsvormen die de veiligheid, leefbaarheid, economie en onze democratie kunnen aantasten. Dit is ook de reden geweest om ondermijning op te nemen als prioriteit in het veiligheidsbeleid, vastgesteld door de raad. De gemeente staat voor een krachtige aanpak van ondermijning en ondermijnende criminaliteit. Om dit te bereiken werken we aan een sterke informatiepositie, integrale samenwerking en aan verstoring en voorkoming van georganiseerde criminaliteit. Door de aanpak van georganiseerde ondermijnende criminaliteit te prioriteren, behouden we een brede scope. Dit biedt de mogelijkheid om in te kunnen spelen op bijvoorbeeld actualiteiten en/of trends die voor onze gemeente belangrijk zijn en waar we accenten op willen leggen.

Uitvoering 2026

• Investeren in het creëren van weerbaarheid op verschillende niveaus, zowel bij de gemeente als bij inwoners, ondernemers en ketenpartners. • We voeren in samenwerking met onze partners integrale controles uit om beter zicht te krijgen op criminele samenwerkingsverbanden en deze te verstoren. • Actief gebruik maken van de verschillende mogelijkheden van wet- en regelgeving om ondermijnende criminaliteit tegen te gaan, waaronder de Wet Bibob. • We werken intensief samen met onze netwerkpartners, zowel publiek als privaat. Voorbeelden hiervan zijn de werkgroepen veilig buitengebied, winkelgebied en bedrijventerreinen. • Continuering van het Lokaal Ondermijningsoverleg. In het overleg bespreken we signalen van ondermijning met samenwerkingspartners en zetten we waar nodig acties uit. • We investeren in de bekendheid van het meldpunt Meld Misdaad Anoniem waar inwoners en ondernemers alle verdachte signalen kunnen melden. • Achterhoekbrede campagne om aandacht te vragen voor het tegengaan van het produceren van- en handelen in drugs. • Onderzoeken welke aanbevelingen uit het onderzoek 'ondermijning in de Achterhoek' van Van der Torre overgenomen kunnen worden en op welke wijze. Zorg en veiligheid We werken aan het verbeteren van de samenwerking en daardoor integrale aanpak binnen het zorg- en veiligheidsdomein.

De focus ligt daarbij op vroegsignalering en het voorkomen van herhaling (recidive). Ook is er een kwetsbare groep die het niet alleen redt. Deze kwetsbare inwoners kampen met (meerdere) problemen rondom wonen en zorg (werk & inkomen, Wmo, jeugdhulp) in combinatie met veiligheidsvraagstukken. Als gemeente zijn we regisseur van zowel het veiligheidsdomein als het sociaal domein en kunnen we bijdragen aan het beter op elkaar afstemmen van de ketens en versteviging van de samenwerking. Vroegtijdig signaleren en inzetten van interventies kan helpen om te voorkomen dat complexe zorgcasuïstiek in de (repressieve) veiligheidshoek terechtkomt. Daarnaast is het ook belangrijk ontwikkelingen nauwgezet in de gaten te houden en hier de samenwerking op te zoeken. Denk hierbij aan het toenemende gevoel van onveiligheid bij vrouwen, huiselijk geweld, femicide en de polarisatie in de maatschappij. Zie ook het doel in programma 2 'integrale aanpak zorg en veiligheid'.

Uitvoering 2026 • • •

62

Inbedden van de ketenaanpak mensenhandel. Aanjagen van een preventieve/repressieve aanpak van geweld tegen vrouwen Stevig positioneren van het team zorg- en veiligheid

Digitale weerbaarheid en veiligheid (“cybercrime”) Hoewel de geregistreerde criminaliteit in Nederland al jaren afneemt, zijn er andere (minder zichtbare) vormen die toenemen. Digitale criminaliteit, in de volksmond ook wel cybercrime genoemd, is hier een voorbeeld van. De gevolgen van digitale criminaliteit voor slachtoffers kunnen groot zijn. Niet alleen in de zin van materiële schade en/of vermogensverlies, maar het schaadt ook het vertrouwen van slachtoffers in bekenden, bedrijven en (overheids-) instellingen waarvan bijvoorbeeld de naam misbruikt wordt bij oplichting. Zie ook het doel in programma 5 'vergroten(cyber-)bewustzijn en weerbaarheid van inwoners, organisatie en de gemeente'.

Uitvoering 2026

• We krijgen (beter) inzicht in de aard en omvang van digitale criminaliteit. We vragen van de politie om deze informatie op een zodanige wijze met ons te delen zodat, daar waar mogelijk, gerichte acties ondernomen kunnen worden. • We blijven inzetten op voorlichting en communicatiecampagnes over digitale criminaliteit. Op deze manier zetten we in op het vergroten van de digitale weerbaarheid van inwoners en ondernemers. • Wij (als vertegenwoordiger van Achterhoek West) nemen deel aan het expertteam cybercrime/digitale veiligheid eenheid Oost. • Agendering van de aanpak gedigitaliseerde criminaliteit in de Achterhoekse (veiligheids-)gremia. • Nauwe samenwerking met veiligheidspartners zoals bijvoorbeeld het Platform Veilig Ondernemen en de politie. • Bevorderen van de meldings- en aangiftebereidheid. • Structureel overleg tussen adviseurs Openbare Orde & Veiligheid en Chief Information Security Officer om onder andere informatie uit te wisselen tussen veiligheidspartners vanuit openbare orde en tussen partners die interne informatie delen zoals de Informatiebeveiligingsdienst, het Nationaal Cyber Security Centrum en de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst. • Het oefenen van een Cybersecurity incident. Monitoring Een eerste veiligheidsmonitor is uitgevoerd en geeft inzicht in cijfers voor onze gemeente.

De resultaten van de tweede veiligheidsmonitor worden in maart 2026 verwacht. Door de resultaten naast elkaar te leggen kunnen we analyseren waar de gemeente staat op het gebied van veiligheid. We kunnen zo bepalen waar de speerpunten moeten komen te liggen op het vlak van openbare orde en veiligheid. Actuele thema’s die meer aandacht kunnen vragen zijn bijvoorbeeld geweld tegen vrouwen en mensenhandel.

Wat kost het? Programma 4 (x 1.000)

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Lasten Bestaand beleid

7.334

7.432

7.611

7.585

7.585

Beleidsmatige ontwikkelingen

-

150

150

150

150

Autonome ontwikkelingen

-

861

288

208

115

7.334

8.443

8.049

7.943

7.850

1.171

Totaal lasten Baten Bestaand beleid

1.181

1.231

1.314

1.171

Beleidsmatige ontwikkelingen

-

-

-

-

-

Autonome ontwikkelingen

-

130

162

164

210-

Totaal baten

1.181

1.362

1.477

1.336

962

Totaal programma 4

6.153-

7.081-

6.572-

6.608-

6.889-

inclusief: Afschrijvingen/Rente

87

659

71

71

71

Verdeling interne kosten

2.509

2.751

2.749

2.749

2.749

Totaal

2.597

3.410

2.821

2.820

2.820

63

Programma 4 (x 1.000)

Begroting 2025

Begroting 2026

Beleidsmatige ontwikkelingen.

Autonome ontwikkelingen.

Wat zijn onze reguliere taken in dit programma.

64

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

65

Programma 5: Bedrijfsvoering / overhead

Inleiding We streven naar een goede bedrijfsvoering die bijdraagt aan de realisatie van de doelen en ambities van de programma’s en de dienstverlening aan onze inwoners. De expertise van de teams van financiën, p&o, informatisering, DIV, belastingen, inkoop, facilitair en gebouwen en communicatie ondersteunen de uitvoering van de beleidsmatige primaire processen en de ondersteunende secundaire processen. Dit doen zijn door hun kader stellende, adviserende en uitvoerende rol op een efficiënte en effectieve manier op te pakken. De medewerkers werken daarbij nauw samen met de andere eenheden en teams. De bedrijfsvoering is verantwoordelijk voor het beheer van de financiële middelen, de begrotingsplanning en financiële rapportages. Verder is er aandacht voor goed en inclusief werkgeverschap, participatie en de invoering van de verschillende fases van de Wet Open Overheid. We gaan het procesmatig en datagedreven werken als een nog vanzelfsprekender manier van werken verder ontwikkelen en zorgen dat de informatievoorziening op orde is. We zetten de koers van het hybride werken door en we doen onderzoek naar onze huisvestingsbehoefte door verschillende scenario’s onderbouwd in beeld te brengen. De concernstaf is de verbindende schakel tussen het gemeentebestuur en de eenheden van de organisatie en ziet toe vanuit de controlerende rol.

De medewerkers ondersteunen het bestuur en organisatie bij de ontwikkeling van strategische doelstellingen en monitoren de voortgang en de kwaliteit. Verder onderhouden zij de relaties met andere stakeholders en kan bij crisis of een noodsituatie expertise en coördinatie geboden worden om snel en effectief te reageren. De concernstaf geeft ondersteuning aan het gemeentebestuur waaronder agendabeheer en advies. De interne beheersing zal planmatig worden aangepakt, daarbij is specifiek aandacht voor het in beeld brengen van de belangrijkste bedrijfsprocessen in relatie tot de (financiële) rechtmatigheid. Informatiebeveiliging en privacy staan hoog op onze agenda.

66

Wat geven we eraan uit? In totaal geven we binnen programma 5 bedrijfsvoering ruim € 19 miljoen uit. In onderstaand overzicht is zichtbaar waar het geld naar toe gaat. Zoals te zien, gaat het grootste deel naar de overhead. Dit wordt onder het kopje ‘toelichting overhead’, aan het eind van dit hoofdstuk, verder uitgewerkt.

Doelen en acties -5.1 We zijn een inclusieve werkgever

Doelomschrijving We gaan voor inclusie en willen een afspiegeling zijn van de diversiteit in onze gemeenschap. Wij willen dat iedereen mee kan doen, ongeacht sekse, religie, gender, leeftijd, afkomst of beperking. We hebben oog voor de speciale behoeften van elke groep. We zorgen dat iedere medewerker zichzelf kan zijn, erbij hoort en dat ook zo voelt. Termijn

Middellang

Primair SDG doel

Secundaire SDG doelen

-

Portefeuillehouder(s) Werger Taakveld

67

0.4 Overhead

Context Het realiseren van een inclusievere samenleving staat hoog op de maatschappelijke agenda. Een inclusieve samenleving, en dus ook inclusieve organisaties dragen bij aan het verminderen van vooroordelen en discriminatie. In tijden waarin polarisatie toeneemt is het des te belangrijker dat diverse groepen met elkaar in contact komen en in contact blijven. Hiervoor is het nodig om een samenleving te creëren waarin ieder mens zo zelfstandig mogelijk mee kan doen, diens potentieel kan benutten en bij kan dragen aan de samenleving. Het is belangrijk om drempels voor deelname in onze maatschappij weg te nemen. Toegankelijke voorzieningen voor iedereen en bevordering van de participatie van groepen die achterblijven zijn hiervoor voorwaarden. Dit is een complexe opgave waar wij als gemeente een belangrijke rol in spelen, ook binnen onze eigen organisatie. Uitvoering 2026 

We zetten onze personeelsinstrumenten (werving en selectie, gesprekscyclus, opleiden en ontwikkeling, personeelshandboek) in om te komen tot een divers personeelsbestand met kansen voor iedereen.

We bieden stageplaatsen en traineeships aan jonge mensen om een goede balans te krijgen tussen ervaren medewerkers en jongere werknemers met frisse ideeën en nieuwe energie.

Acties om de vitaliteit van medewerkers te bevorderen. Dit doen we onder andere op basis van de resultaten van het driejaarlijkse vitaliteitsonderzoek.

Bieden van werkplekken en werkervaringsplaatsen aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. We gebruiken daarbij ook de korte lijnen met STOER.

De werkgroep GENDERingen doet gevraagd en ongevraagd aanbevelingen aan het CMT en is actief om diversiteit en inclusie op het gebied van gender te stimuleren. Monitoring 

We houden eenmaal per drie jaar (eerstvolgend in 2027) een groot vitaliteitsonderzoek waarbij wordt gekeken naar lichamelijke en geestelijke gezondheid, werkbeleving en werkdruk. Er wordt verslag uitgebracht aan de directeur.

We meten de verhouding man/vrouw op het niveau van eenheidsmanagers, leiders en binnen onze teams en streven naar een gelijke verdeling.

We meten de aantallen werkplekken/werkervaringsplaatsen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

We meten hoe wij ons verhouden tot de banenafspraak.

De vertrouwenspersoon brengt eenmaal per jaar een verslag uit met bevindingen over psychische incidenten en de mentale veiligheid van de medewerkers.

-5.2 Vergroten(cyber-)bewustzijn en weerbaarheid van inwoners, organisatie en de gemeente

Doelomschrijving We voorkomen en beperken schade door onder meer de impact van verstoring van onze voorzieningen tijdig in beeld te hebben. Daarom maken we onze collega’s, inwoners en organisaties bewuster van (cyber-)risico’s en vergroten we de (digitale) weerbaarheid aan de hand van standaarden. Daarnaast hebben we een beeld van het gedrag en de cultuur waarmee we de weerbaarheid kunnen vergroten en kunnen voorbereiden op crisissituaties. Termijn

Kort

Primair SDG doel

Secundaire SDG doelen

Portefeuillehouder(s) Werger

68

Taakveld

0.4 Overhead

Context De digitale afhankelijkheid van onze samenleving groeit snel. Inwoners regelen zaken online, organisaties werken steeds meer digitaal samen en de gemeente is daarbij een belangrijke schakel. Tegelijk nemen de risico’s toe: cyberaanvallen, technische storingen en misbruik van gegevens ondermijnen direct het functioneren van de overheid én het vertrouwen van inwoners. Wij zijn hierin als gemeente mede afhankelijk van de regionale ICT-Samenwerking. Nieuwe wetgeving, zoals de Cyberbeveiligingswet (inwerkingtreding verwacht in het tweede kwartaal van 2026), maakt het college en de raad bestuurlijk verantwoordelijk en aansprakelijk. Collegeleden worden zelfs deels hoofdelijk aansprakelijk bij ernstige incidenten ofwel nalatig handelen. Wet- en regelgeving zoals NIS2, BIO2 en de CER-richtlijn verplichten gemeenten om informatiebeveiliging structureel op orde te hebben. Ook internationale spanningen, waaronder digitale dreiging vanuit Rusland en China, maken duidelijk dat lokale overheden kwetsbare doelen kunnen zijn. Het recente rekenkameronderzoek naar informatieveiligheid bevestigt dat er nog belangrijke stappen te zetten zijn, met name binnen en samen met de ICT-samenwerking en in het op orde brengen van de basiseisen uit de BIO2.

De verdere centralisatie van het sociaal domein in het Frank Daamenpand – met één toegangspunt voor inwoners – vraagt bovendien om extra aandacht voor veilige gegevensuitwisseling en gezamenlijke beveiligingsnormen. Digitale weerbaarheid is daarmee niet alleen een technische, maar ook een bestuurlijke en maatschappelijke opgave. De punten uit de motie 'Digitale veiligheid', die raadsbreed is aangenomen bij de voorjaarsnota, zijn verwerkt in dit doel. Uitvoering 2026 Voor 2026 zetten we verschillende activiteiten uit: 

We continueren onze aanpak op het gebied van bewustzijn: verplichte training voor nieuwe medewerkers, onderhoudstrainingen en themasessies op basis van de actualiteit, waaronder in 2026 een Red-Teamingsessie.

We oefenen een cybercrisis samen met het college en betrekken de raad bij de resultaten van de oefening.

We voeren samen een bewustzijnsprogramma uit op het gebied van Cyber-bewustzijn uit voor inwoners en organisaties, dit is een samenwerking met verschillende teams uit de organisatie.

We ronden de implementatie van een Informatiesecuritymanagementsysteem (ISMS) in de organisatie af. Het ISMS is een hulpmiddel voor de eenheden om te kunnen voldoen aan de eisen die op ons afkomen, maar ook om structureel te kunnen monitoren per eenheid op de voortgang. Dit wordt gecombineerd met het versterken van de interne beheersing.

We brengen de formatie van informatieveiligheid op sterkte door uitbreiding van de ruimte van de rol Functionaris Gegevensbescherming en onderzoeken de benodigde formatie voor de Privacy- & Securityofficer ter ondersteuning van de verschillende eenheden en doen daar bij de voorjaarsnota 2027 een voorstel toe.

We implementeren contract- en leveranciersmanagement conform Baseline Informatiebeveiliging Overheid 2 (BIO2).

We zorgen voor een groeipad naar een certificering van de ICT-Samenwerking, met als aandachtspunt: een scheiding van de techniek per organisatie. Monitoring

69

We controleren en rapporteren welke collega’s, welke trainingen gevolgd hebben en delen dit met de teamleiders en eenheidsmanagement.

Er is een cybercrisis gesimuleerd.

We hebben samen met andere teams een bewustzijnsprogramma uitgevoerd voor inwoners en organisaties.

Er is een ISMS geïmplementeerd. Dit wordt gevuld onder verantwoordelijkheid van de verschillende eenheidsmanagers en de directeur.

We hebben de Rol van Functionaris Gegevensbescherming (FG) weer (structureel) ingevuld, met voldoende ruimte om de taken van de FG uit te voeren, passend bij de vraag uit de organisatie. Daarnaast onderzoeken we de benodigde capaciteit voor de rol van de Privacy- en Securityofficer, passend bij de ontwikkelnoodzaak in relatie tot de BIO2.

Er is een monitoring ingericht voor contract- en leveranciersmanagement, waarbij we zijn gestart met de primaire processen en de daarbij behorende ondersteunende systemen.

Certificeren van de ICT-Samenwerking is gepland en er is zicht op de kosten en impact van technische scheiding van organisaties binnen de ICT-Samenwerking.

Afkorting Betekenis

Toelichting

NIS2

Network and Information Security 2

Europese richtlijn voor Informatiebeveiliging (2e)

BIO2

Baseline Informatiebeveiliging Overheid 2

Kader voor NL-overheden informatieveiligheid (2e)

CER

Critical Entities Resilience

Richtlijn en beschrijving kritische infrastructuur (vanaf eind 2026 ook voor gemeentes)

ISMS

Informatie Security Management Systeem

Systeem van (vastgesteld) beleid, procedures en werkafspraken t.b.v. controle (plan, do, check, act)

FG

Functionaris Gegevensbescherming

Interne toezichthouder op gebied van privacy

-5.3 Een betrouwbare gemeente

Doelomschrijving 

De inwoner beoordeelt de communicatie als betrouwbaar, transparant en duidelijk.

Door de communicatie voelt de inwoner zich meer betrokken bij de opgaven waar we als gemeente en samenleving voor staan.

Door de inclusieve communicatie voorkomen we ongelijkheid in de bereikbaarheid van diensten.

Door inwoners meer te betrekken en samen te werken worden plannen en beleid kwalitatief beter. Dit draagt bij aan vertrouwen in de overheid.

Termijn

Middellang

Primair SDG doel

Secundaire SDG doelen

-

Portefeuillehouder(s) Werger Taakveld

0.4 Overhead

Context We willen een betrouwbare partner zijn voor onze inwoners, ondernemers, organisaties en partners. We bouwen aan dit vertrouwen door te luisteren, door uit te leggen wat we doen en waarom we dingen doen. We hanteren een herkenbare, herhaalbare participatieaanpak bij de uitvoering van projecten en beleid, zodat inwoners weten wat ze kunnen verwachten. We zijn daarbij consequent en transparant over de speelruimte. Vertrouwen ontstaat door inwoners tijdig, heldere en laagdrempelige informatie aan te bieden over besluiten en plannen, de dialoog aan te gaan en afspraken na te komen. Participatie en communicatie kan bijdragen aan een ander en transparanter beeld van de gemeente en wederzijds begrip. We betrekken de samenleving bij onze opgaven en monitoren wat er leeft, zodat we ons beleid en de communicatie beter af kunnen stemmen op de behoefte. We werken voortdurend aan de toegankelijkheid van onze communicatiemiddelen; dat wil zeggen dat inwoners, met en zonder beperking, onze informatie tot zich kunnen nemen en begrijpen. Uitvoering 2026

70

We verwerken de resultaten van het onderzoek onder inwoners naar communicatie en participatie. Via een vragenlijst voor het online panel is in 2025 gemeten hoe inwoners de communicatie en participatie van de gemeente ervaren.

We actualiseren de visie 'Oog en oor voor communicatie' uit 2018, mede op basis van de resultaten van het onderzoek, trends en externe ontwikkelingen.

We actualiseren en verbeteren de website, zodat inwoners snel en eenvoudig de juiste informatie kunnen vinden, onder meer met behulp van een chatbot. De website is ons centrale communicatiekanaal, die 24/7 beschikbaar is.

We voeren het participatiebeleid uit, waaronder de invoering van een leidraad voor participatie bij civiele planontwikkeling, inclusief tools.

-5.4 Versterken interne beheersing

Doelomschrijving Doelstellingen van de organisatie zijn duidelijk en de organisatie is goed ingericht om die doelen te realiseren. Bijsturen is mogelijk doordat processen op orde zijn en er sprake is van betrouwbare (management)informatie waarin de voortgang van de doelen wordt gemonitord. Door datagedreven te gaan werken (het consequent analyseren en sturen op basis van (onbewerkte) feiten en data) ontstaat meer inzicht en wordt nieuwe kennis verworven zodat we nog beter gefundeerde beslissingen kunnen nemen. Dit alles doen we met inachtneming van wet- en regelgeving. Termijn

Middellang

Primair SDG doel

Secundaire SDG doelen

Dit raakt alle andere doelen

Portefeuillehouder(s) Bennink, Werger Taakveld

0.4 Overhead

Context Als overheidsorganisatie ligt voor ons de focus vooral op het creëren van 'publieke waarde'. Daarvoor is allereerst van belang dat we zo duidelijk mogelijk omschrijven welke maatschappelijke effecten we nastreven en hoe we die trachten te bereiken. Dit ondersteunen we door het consequent analyseren van (onbewerkte) feiten en data (datagedreven werken). Hiermee vergroten we het fundament van onze beslissingen en van waar we op sturen. Ook voldoen we door het concreter maken van onze doelstellingen aan de aanbeveling vanuit zowel de auditcommissie als de rekenkamer (rekenkameronderzoek Samenspel uit 2023). Vervolgens is het van belang dat onze (gemeentebrede) processen bijdragen aan het behalen van die doelstellingen. Hoe meer inzicht we hebben in 'hoe' we dingen doen (dagelijkse werkzaamheden) en 'wat' het oplevert (resultaten), des te beter kunnen we (bij)sturen als we onze doelen niet dreigen te halen. Het inzicht en de kennis, door het analyseren en sturen op data, helpen ons hierbij. En als bijsturen niet kan, kunnen we eerder mogelijke afwijkingen melden, zodat de voorspelbaarheid toeneemt. Dergelijk inzicht stelt ons ook in staat tussentijds middelen anders te alloceren, waardoor de kans op het alsnog halen van een doel toeneemt.

Mede op aangeven van de accountant is het noodzakelijk om duidelijker in beeld te hebben hoe belangrijke processen lopen, welke risico’s we daarin zien en welke beheersingsmaatregelen we hebben getroffen. Dat is ook voor de rechtmatigheidsverantwoording van het college belangrijk. Die verantwoording gaat over drie onderdelen: misbruik en oneigenlijk gebruik, naleving wet- en regelgeving, en begrotingscriterium. Het versterken van ons financiële inzicht en onze sturingsmogelijkheden dragen positief bij aan het resultaat van deze rechtmatigheidsverantwoording. Uitvoering 2026 (deels meerjarig) 

71

We zetten de lijn voort om de SDG’s als middel in te zetten om onze doelstellingen te structureren en te concretiseren. Daarnaast werken we vanuit de praktijk aan de SDG’s. Dat gaan we op twee manieren doen. We stellen een afwegingskader op. En dit afwegingskader passen we toe in een pilot.

We versterken onze management- en bestuurlijke informatiecyclus door verbeterde rapportages en het ontwikkelen en implementeren van een bijpassend instrumentarium om tijdig te kunnen bijsturen. We verwerken dit in een periodiek rapportageproces. Zo geven we steeds meer inhoud en vorm aan onze sturing. Hiermee bereiden we ons ook voor op onze toekomstige financiële uitdagingen. Onderdeel hiervan is een analyse/onderzoek naar ons lange termijn financieel perspectief (voorbij de meerjarenraming in de begroting), de mogelijkheid om bestemmingsreserves te vormen ter dekking van investeringen en eventuele andere manieren om onze middelen zo optimaal mogelijk te benutten.

We werken verder aan het vormgeven van ons risicomanagement. In 2026 voeren we een risicoanalyse uit rond onze belangrijkste financiële processen. We inventariseren welke risico’s we hierin lopen. We toetsen onze beheersmaatregelen en onderzoeken welke verbeteringen nodig zijn.

We zijn in staat de rechtmatigheidsverantwoording af te geven en hanteren daarbij het uitgangspunt om deze te verbeteren ten opzichte van het voorgaande jaar. We implementeren daarvoor onder andere de spelregels die hierover zijn opgenomen in de geactualiseerde Financiële verordening. In deze actualisatie worden ook nieuwe regels vastgesteld rondom de rapportering van de P&C-cyclus waaronder het terugbrengen van twee bestuursrapportages naar één bestuursrapportage.

Vanaf 2025 starten we met een nieuwe accountant. Dit zorgt ook voor een nieuwe dynamiek (en misschien ook wel extra werk);

 We hebben een begin gemaakt om de belangrijkste processen uit te werken en vast te leggen. Monitoring 

De belangrijkste taken en (interne) doelstellingen zijn op dezelfde manier uitgewerkt als de speerpunten in deze begroting en opgenomen in de teamplannen

De (interne) verslaggevingscyclus is verbeterd en geeft periodiek inzicht in de stand van zaken.

Er is een risicoanalyse uitgevoerd rond de belangrijkste financiële processen en hierbij is duidelijk welke verbeteringen in beheersingsmaatregelen wenselijk en noodzakelijk zijn.

Er is een begin gemaakt met het ontwikkelen en implementeren van een sturingsinstrumentarium rond de vier levers of control.

De Financiële verordening is aangepast en bevat spelregels hoe we omgaan met financiële afwijkingen in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording.

 De eerste processen zijn uitgewerkt en vastgesteld. Met college, auditcommissie en raad stemmen we af of de stappen die we zetten aansluiten op de bestuurlijke wensen. In de ambtelijke organisatie evalueren we of de veranderende aanpak betere sturing mogelijk maakt en we zien daarop toe. Zowel intern als met de accountant wordt de voortgang van de stappen rond procesverbetering, risico-inventarisatie en rechtmatigheidsaanpak periodiek besproken. Uit de bevindingen van zowel onze eigen interne controle als de accountant blijkt de voortgang op dit onderwerp. -5.5 Een toekomstbestendig en toegankelijk gemeentehuis

Doelomschrijving We willen onze gemeentelijke locaties toekomstbestendig maken en brengen naar de huidige eisen, zodat de locaties toegankelijk blijven voor onze inwoners en we hen optimaal kunnen blijven bedienen. Daarnaast zijn onze locaties werkomgevingen die ondersteunend zijn aan ons werk zodat we onze taken op diverse manieren kunnen uitvoeren; faciliterend aan een hybride en vitale werkstijl. Termijn

Primair SDG doel

72

Middellang

Secundaire SDG doelen

Portefeuillehouder(s) Bennink Taakveld

0.4 Overhead

Context In 2023 hebben we een scenariostudie uitgevoerd om de toekomstbestendigheid van ons gemeentehuis te onderzoeken. De basis daarvoor was een eerdere startnotitie op basis van het MJOP (meerjaren onderhouds programma). We hebben een aantal scenario’s onderzocht en drie mogelijke scenario’s uitgewerkt en financieel onderbouwd, met als einddoel over kunnen gaan tot de realisatie van een toekomstbestendig gemeentehuis. De scenariostudie gaf ons inzicht. Echter, geen van de uitgewerkte scenario’s bleek financieel haalbaar te zijn. Maar we wisten ook: niets doen is geen optie. We zijn in vervolg op de scenariostudie in 2024 een onderzoek gestart naar een mogelijk vierde scenario aangezien duidelijk was geworden dat er ook gekeken moet worden naar de huisvesting van STOER. De redenen hiervoor waren van inhoudelijke en huisvestingstechnische aard. Dit heeft geleid tot het uitvoeren van een haalbaarheidsstudie. Op basis van deze haalbaarheidsstudie heeft de gemeenteraad in mei 2025 een investeringsbudget beschikbaar gesteld om de gewenste integrale toegang tot het sociaal domein in het Frank Daamenpand vorm te geven. Uitvoering 2026 • In het tweede kwartaal van 2026 hebben we vormgegeven aan een integrale toegang tot het sociaal domein. Het sociaal domein werkt in zijn geheel samen met een aantal ketenpartners vanuit het Frank Daamenpand in Ulft.

• In 2026 stellen we een aanpak op voor het toekomstbestendig maken van het gemeentehuis op basis van het MJOP en de gestelde eisen aan (overheids)gebouwen op gebied van verduurzaming en milieu. Monitoring De huisvesting van het sociaal domein en daarmee vormgeving aan een integrale toegang in het Frank Daamenpand is gerealiseerd binnen de daarvoor gestelde kaders en budgetten. -5.6 Publiceren Woo-informatie

Doelomschrijving Wij stellen informatie zoveel mogelijk vrij beschikbaar, omdat dit een belangrijke bijdrage levert aan de transparantie, de participatie en het vertrouwen in de overheid. Daarom publiceren we actief informatie zoals bedoeld in de Wet open overheid (Woo). Termijn

Kort

Primair SDG doel

Secundaire SDG doelen

-

Portefeuillehouder(s) Werger Taakveld

73

0.4 Overhead

Context In 2025 is een technische voorziening geïmplementeerd om als gemeente actief informatie mee te kunnen publiceren. Voor elke informatiecategorie die actief gepubliceerd moet worden, wordt een apart koninklijk besluit genomen. We zorgen ervoor dat we in 2026 voldoen aan deze verplichting tot actief publiceren Vanuit de Woo wordt ook van ons gevraagd om onze informatiehuishouding te verbeteren en op orde te krijgen. We hebben ons beleid met betrekking tot het bewaren van onze informatie aangescherpt. Hierbij verwachten we onder andere van collega's dat zij niet meer de netwerkschijven gebruiken. In 2026 gaan wij aan de slag met het opruimen van de netwerkschijven. Hierbij gebruiken wij een tool die in het laatste kwartaal van 2025 is aanbesteed. Uitvoering 2026 

In 2026 publiceren wij informatiecategorieën die het Rijk aanwijst om actief te moeten publiceren.

In 2026 zetten wij de netwerkschijven dicht voor het opslaan van informatie.

 In 2026 starten we met het archiveren van de netwerkschijven. Monitoring 

In 2026 voldoen wij aan de wet door actief informatie te publiceren.

Eind 2026 staan alle netwerkschijven dicht.

Wat kost het? Bedrijfsvoering en overhead (x 1.000)

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Lasten Bestaand beleid

18.721

16.913

16.342

17.035

Beleidsmatige ontwikkelingen

-

1.404

901

580-

580-

Autonome ontwikkelingen

-

1.126

2.199

2.118

1.236

18.721

19.443

19.442

18.574

17.691

1.812

7.645

6.855

7.950

7.950

-

-

-

715

812

Totaal lasten

17.035

Baten Bestaand beleid Beleidsmatige ontwikkelingen Autonome ontwikkelingen Totaal baten Totaal bedrijfsvoering en overhead

-

5.582-

4.943-

5.332-

6.401-

1.812

2.063

1.912

3.333

2.361

16.909-

17.380-

17.530-

15.241-

15.330-

inclusief: Afschrijvingen/Rente

922

866

1.009

986

983

Verdeling interne kosten

22.843-

24.388-

24.425-

24.075-

24.075-

Totaal

21.922-

23.521-

23.416-

23.089-

23.092-

Beleidsmatige ontwikkelingen.

74

Autonome ontwikkelingen.

Wat zijn onze reguliere taken in dit programma.

75

Toelichting overhead Overhead, zoals bedoeld in het BBV, wordt samengevat als bedrijfsvoeringskosten of als kosten die voortvloeien uit de PIOFACH-taken (personeel, informatie, organisatie, financiën, automatisering, communicatie en huisvesting). Overhead mag wel worden toegerekend aan grondexploitaties, investeringen en kostendekkende activiteiten als (subsidie)projecten.

76

Indicatoren

77

Algemene dekkingsmiddelen Inleiding Baten en lasten van de gemeente, die niet direct aan een programma zijn toe te rekenen, zijn in de algemene dekkingsmiddelen opgenomen. Het gaat hierbij om - lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is; - de algemene uitkering uit het Gemeentefonds; - dividend; - rente converteerbare hybride obligatielening van Alliander; - het saldo van de financieringsfunctie; - de overige algemene dekkingsmiddelen; - het bedrag voor onvoorzien.

Beleid De beleidsruimte “Algemene dekkingsmiddelen” is beperkt. De belangrijkste regels zijn opgenomen in de Gemeentewet, het Besluit Begroting en Verantwoording, de Wet Financiering Decentrale Overheden en de Wet Waardering Onroerende Zaken. Voor zover de gemeente aanvullende lokale regels wil stellen voor het financiële beleid vindt dat plaats in een aantal verordeningen en nota’s. In Oude IJsselstreek zijn de volgende kaderstellende notities en verordeningen vastgesteld: • verordening financieel beleid, beheer en financiële organisatie (2016) • verordening controle financieel beheer en financiële organisatie (2005) • verordening periodiek onderzoek doelmatigheid en doeltreffendheid (2005) • treasurystatuut (financiering) (2017)

Overzicht algemene dekkingsmiddelen

78

Beleidsmatige ontwikkelingen

Autonome ontwikkelingen

79

Toelichting Lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is. De lokale heffingen zijn uitgebreid beschreven in de betreffende paragraaf. Algemene uitkeringen uit het Gemeentefonds De berekening van de Algemene Uitkering is gebaseerd op de Meicirculaire 2025. De raming BTW compensatiefonds is gezet op € 693.000, conform het werkelijke bedrag 2024. Daarnaast is de stelpost eigen bijdrage Jeugdzorg op 50% gezet van het bedrag in de algemene uitkering. Ondanks de ruimere richtlijnen van de provinciaal toezichthouders moeten wij nog onderzoeken of deze inkomsten volledig te realiseren zijn bij inwoners met een hulpvraag. De herijking gemeentefonds is conform de maximale bijdrage van € 37,50 per inwoner verwerkt. De raming van het gemeentefonds gebaseerd op constante lonen en prijzen, net als alle overige ramingen. In de meerjarenraming is rekening gehouden met de gevolgen die voortvloeien uit de bij de begrotingsuitgangspunten genoemde aantallen. De financiële uitgangspunten zijn benoemd in het betreffende hoofdstuk. De algemene uitkering valt uiteen in een algemeen deel en een deel wat betrekking heeft op de daarbij behorende onderwerpen (decentralisatie- en integratie-uitkeringen). 

Algemene deel

Integratieuitkeringen / Decentralisatieuitkering

Het algemene deel omvat het deel van het budget, waar de gemeente vrij over kan beschikken. De verschillen in de hoogte van de uitkering komen ten opzichte van eerdere ramingen op grond van de meicirculaire 2024 onder andere door: o Compensatie voor loon- en prijsstijgingen en nieuw beleid. o Actualisering van aantallen (bv aantal inwoners, bijstandsgerechtigden, woningen, etc). o Actualisering van de WOZ-waarden van ons onroerend goed. o In de meicirculaire 2025 is de financieringssystematiek gekoppeld van het accres aan de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Het volume accres is gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bbp. o In de meicirculaire 2025 zijn de effecten jeugdzorg uit het rapport van Ark verwerkt.

Deze uitkeringen zijn bedoeld voor een specifiek doel, hieronder vallen uitkeringen als participatie, sociale infrastructuur, voorschoolse voorziening peuters, armoedebestrijding kinderen, wet kwaliteitsborging bouwen en vergunningverlening/toezicht/handhaving. Voor loon- en prijscompensatie is een bedrag van 3.269.000 beschikbaar gekomen in de meicirculaire. De ramingen in de begroting zijn in totaliteit voor een bedrag van 2.740.000 geïndexeerd. Hiermee resteert een positief saldo van 529.000. Dividend Het bedrag dat we aan dividend verwachten in de komende begrotingsperiode is omlaag gegaan op basis van de dividend uitkeringen in 2025, te weten € 800.000. Dividend vanuit de BNG bank ramen we deze begrotingsperiode op € 400.000 én dividend vanuit Alliander op € 400.000. Zie ook het onderdeel deelnemingen van de paragraaf Verbonden partijen.

80

Saldo financieringsfunctie Het saldo van de financieringsfunctie wordt bepaald door de verschillen in de geraamde rente en de gerealiseerde rente. Zie ook de paragraaf Financiering. Het percentage bespaarde rente dat wordt berekend over de stand van de eigen financieringsmiddelen per 1 januari is bepaald op 0%. De rentelasten van de vaste activa (investeringen) worden aan de programma's toegerekend tegen de volgende omslagpercentages. Deze verschillen per jaar naar aanleiding van de begrote meerjarige financieringsbehoefte: Jaar 2026 - 1,88%, jaar 2027 - 2,12%, jaar 2028 - 2,42%, jaar 2029 - 2,55% (voor enkele geactiveerde kapitaaluitgaven gelden (historisch bepaalde) uitzonderingspercentages). Op rekeningbasis vindt nogmaals een (her)berekening plaats en worden op nacalculatorische wijze de kapitaallasten doorbelast. Rente converteerbare hybride obligatielening van Alliander Eind 2021 hebben wij Alliander een geldlening verstrekt van € 2.565 miljoen. Hiervoor ontvangen 0,10% rente (de marktrente van dat moment) met een opslag van 1,975%. Deze opslag is een vrij te besteden voordeel voor onze gemeente én wordt derhalve vanaf nu, tot het moment dat de lening is afgelost of geconverteerd, verantwoord bij de algemene dekkingsmiddelen.

81

Onvoorzien Op basis van wet- en regelgeving is in de begroting een stelpost onvoorzien opgenomen. Dit is € 50.000 per jaar. Om van de stelpost onvoorzien gebruik te maken, moet het doel voldoen aan de 3 O’s, onvoorzien, onvermijdbaar en onuitstelbaar.

82

Vennootschapsbelasting Vennootschapsbelasting Sinds 1 januari 2016 is de Wet modernisering vennootschapsbelastingplicht overheidsondernemingen (vpb) een feit. Dit betekent dat de belastingplicht ingevoerd is voor ondernemingen van overheden voor de vennootschapsbelasting. Het achterliggende doel van de wet is, mede onder druk van de Europese Commissie, het scheppen van een gelijkwaardig speelveld tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen. Het is de bedoeling dat overheden die winst of structureel overschotten behalen met activiteiten die concurreren met de ‘markt’, vennootschapsbelasting gaan betalen. Overheidsondernemingen zijn dus vpb-plichtig indien en voor zover zij een onderneming drijven. Dat betekent dat gemeenten vpb moeten betalen over de winst die ze met hun ondernemingsactiviteiten maken. De inventarisatie van vpb-plichtige activiteiten, de vpb-druk, het inrichten van de financiële administratie, de juridische structuur en het uiteindelijke beheer van de vpb-geldstroom is cruciaal voor het beheersen van de (fiscale) risico’s. Op basis van de gedefinieerde en beoordeelde clusters en na afstemming met de Belastingdienst is voor gemeente Oude IJsselstreek in de programmabegroting 2026-2029 structureel € 3.000 opgevoerd voor het cluster bedrijfsafval.

Voor de overige clusters binnen de exploitatie en het grondbedrijf verwachten wij op dit moment dat, deze begrotingsperiode, geen of geringe afdracht zal moeten plaatsvinden. Het grondbedrijf wordt jaarlijks afzonderlijk beoordeeld door een externe adviseur. Een definitief oordeel volgt uiteindelijk, ieder jaar, na controle door de Belastingdienst.

83

Paragrafen Paragrafen

In de paragrafen geven we een dwarsdoorsnede van de begroting op een aantal onderwerpen door alle opgaven en programma’s heen. Dit betekent dat hier algemene beleidsregels worden geformuleerd die doorwerken in verschillende opgaven en programma’s. Het is dan ook mogelijk dat er doublures ontstaan met wat gemeld is in de programma’s zelf. De gemeente is vrij om extra paragrafen toe te voegen.

84

Paragraaf Financiering Inleiding De paragraaf financiering geeft inzicht in de financieringspositie en de beheersing van de risico’s die aanwezig kunnen zijn bij het aantrekken en/of uitzetten (uitlenen) van geld. In deze paragraaf brengen we de kansen en risico’s rond financiering in beeld.

Beleid Bij het aantrekken en uitlenen van geld is het van belang dat slechts beperkt risico wordt genomen. De belangrijkste kaders hierover zijn opgenomen in de volgende beleidsdocumenten: 

Financiële verordening, artikel 212 (2016)

Treasurystatuut (2017) Het treasurystatuut heeft de raad in 2017 vastgesteld. Het treasurystatuut is de vertaling van het door de gemeente gehanteerde treasurybeleid. In dit statuut zijn de doelstellingen, richtlijnen en limieten van het beleid vastgesteld. Doel van het treasurybeleid is enerzijds om op een verantwoorde wijze een zo goed (lees: hoog) mogelijk rendement te maken op belegde gelden. Anderzijds is het doel om op een verantwoorde wijze gelden aan te trekken tegen een zo aantrekkelijk (lees: laag) mogelijke rente. Kort gezegd levert een actief en gedegen treasurybeleid de gemeente juist geld op, respectievelijk bespaart het de gemeente geld.

Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido). Op de bepalingen in deze wet berust het treasurystatuut. Het uitgangspunt van de Wet Fido is het beheersen van risico’s. Het doel is om doelmatig en doeltreffend om te gaan met de beschikbare financiële middelen.

Financiering Financieringsbehoefte De financieringsbehoefte is het verschil tussen de boekwaarde van de investeringen en de vaste financieringsmiddelen. Deze zijn terug te vinden op de balans. Onder vaste financieringsmiddelen verstaan we de reserves en voorzieningen plus de vaste geldleningen. Hierbij houden we rekening met investeringen waarover is besloten (nieuwe investeringen). Een eventueel financieringstekort wordt eerst opgevangen door het opnemen van kasgeld (tot de kasgeldlimiet – zie onder kasgeldlimiet-). Voor het overige deel wordt een vaste geldlening aangetrokken. Het komend jaar verwachten wij een financieringstekort, dat wordt opgevangen door een aanvullende kasgeldlening. We gebruiken langlopende geldleningen ook om de voorraden te kunnen financieren. We verwachten daarom ook aankomende jaren, naast kasgeldleningen, langlopende geldleningen aan te moeten trekken.

Financieringsbehoefte (x 1.000)

1-1-2026

Financieringsbehoefte

boekwaarde (im)materiële vaste activa

85

154.139

boekwaarde financiële vaste activa

12.489

Totaal financieringsbehoefte

166.628

Financieringsmiddelen

reserves

43.043

voorzieningen

5.950

vaste geldleningen

114.616

Totaal financieringsmiddelen

163.609

Financieringstekort

-/-3.019

Leningenportefeuille De gemeente heeft behoefte aan externe financiering voor het herfinancieren van de huidige (aflopende) geldleningen, voor het bekostigen van investeringen en voor tijdelijke liquiditeitsbehoeften van de exploitatie uitgaven.

Leningenportefeuille (x 1.000)

86

2026

Stand leningen per 1 januari

114.616

Reguliere aflossingen

15.279

Nieuwe leningen (*1)

25.000

Stand leningen per 31 december

124.337

(*1) Op basis van de huidige (restant) investeringskredieten en de verwachte kosten voor (nieuwe) bouwgrondexploitaties. Toekomstige leningen worden afgesloten voor een duur van 20 jaar. Renteschema In onderstaand overzicht presenten wij het rente schema van het 1e begrotingsjaar. De totaal verschuldigde rente over onze langlopende leningen en het kort geld, minus de rente die wij ontvangen vanuit de bouwgronden in exploitatie, worden middels de kapitaallasten uiteindelijk verdeeld over de diverse taakvelden. Renteschema

2026

a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering

3.439.783

b. De externe rentebaten over de korte en lange financiering

0

Saldo externe rentelasten en rente baten

c1. Doorberekende rente aan de grondexploitatie

3.439.783

-236.756

c2. Doorberekende rente van projectfinanciering aan taakvelden

0

c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen

0

Aan de taakvelden toe te rekenen externe rente

-236.756

d1. Rente over eigen vermogen

0

d2. Rente over voorzieningen

0

Aan taakvelden toe te rekenen interne rente

0

Totaal aan taakvelden toegerekende rente

3.203.027

e. De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

3.203.027

f. Renteresultaat op het taakveld Treasury

87

0

Activa De activa bestaan uit investeringen met maatschappelijk nut en investeringen met economisch nut. Investeringen die kunnen leiden tot of bijdragen aan het verwerven van inkomsten zijn investeringen met economisch nut. Investeringen met maatschappelijk nut hebben geen mogelijkheid tot het verwerven van inkomsten, zoals wegen en bruggen. Op het moment dat een investering volledig is afgerond, worden de kapitaallasten berekend en het eerstvolgende jaar meegenomen in de exploitatie. De kapitaallasten bestaan uit rente en afschrijving. Als de investering helemaal is afgeschreven (bijvoorbeeld na 10 jaar), vallen de afschrijvingslasten vrij. Elk jaar hebben we daardoor zogenaamde ‘vrijval’ in de afschrijving. Dit is in feite de ruimte voor nieuwe investeringen, uitgaande van een vast bedrag per jaar voor kapitaallasten. In deze Programmabegroting houden we de komende jaren rekening met nieuwe kapitaallasten.

Risicobeheer Wij zijn als gemeente voor onze uitgaven afhankelijk van externe financiering. De gemeente leent alleen geld voor de uitvoering van gemeentelijke taken binnen de kaders van de Wet Fido en het treasurystatuut. Er is sprake van totaalfinanciering; de gemeente trekt geen financiering aan voor specifieke projecten. Totaalfinanciering houdt in dat de gemeente alle uitgaven samen financiert. Deze wijze van financiering leidt tot eenvoud en efficiency. De gemeente gebruikt bij de financiering geen ingewikkelde financiële producten, zoals derivaten. In de Wet Fido zijn kaders opgenomen ter beperking van het renterisico op de netto vlottende schuld (kasgeldlimiet) en het renterisico op de vaste schuld (renterisiconorm). Kasgeldlimiet Om het risico van kortlopende financiering te beperken is in de Wet Fido de kasgeldlimiet vastgesteld. De kasgeldlimiet is een vastgesteld percentage berekend over de lastenkant van de begroting. De kasgeldlimiet bedraagt 8,5 % van het begrotingstotaal. We sluiten een langlopende lening af zodra de hoogte van de kortlopende geldleningen de kasgeldlimiet drie opeenvolgende kwartalen overschrijdt. Wij benutten de kasgeldlimiet, afhankelijk van de rentestand, zo maximaal mogelijk. Kasgeldlimiet (x 1.000) Begrotingstotaal per 1 januari Vastgesteld percentage

2026 149.701 8,5%

Kasgeldlimiet

12.725

Verwacht gemiddelde op te nemen kortlopende leningen

8.500

Ruimte (+)

4.225

Op grond van de Wet Fido is voor gemeenten de zogenaamde renterisiconorm ingesteld. Doel hiervan is dat gemeenten hun leningenportefeuille zodanig spreiden, dat de renterisico’s gelijkmatig over de jaren worden gespreid ingeval van herfinanciering en renteherziening van geldleningen. De renterisiconorm geeft een aanwijzing voor de gevoeligheid van de gemeente voor veranderingen in de rente. De renterisiconorm is gesteld op 20% van het begrotingstotaal per 1 januari. Daar wordt het berekende renterisico op de vaste schuld tegen af gezet. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm niet overtreffen. Navolgend schema laat de berekening over 2025 zien. Renterisiconorm (x 1.000)

2026

Renterisiconorm Lasten begroting Percentage risiconorm

88

149.701 20%

Totaal renterisiconorm

29.940

Aflossingen en renteherzieningen Reguliere aflossingen geldleningen

15.279

Geldleningen met renteherziening

0

Totaal aflossingen en renteherzieningen

15.279

Ruimte (+)

14.661

Op basis van de voorliggende begroting en het investeringsprogramma, met daarin ook opgenomen de restantkredieten uit voorgaande jaren, is de doorkijk voor de renterisiconorm voor de komende jaren als volgt: Doorkijk renterisiconorm

2026

2027

2028

2029

Leningenportefeuille, ultimo jaar

114.616

124.337

129.733

139.212

Begrotingstotaal

149.701

148.523

151.846

151.784

Norm wet FIDO 20%

29.940

29.705

30.369

30.357

Aflossingen berekend

15.279

-

-

-

14.605

15.520

14.479

15.100

14.849

15.878

Aflossingen globaal benaderd Ruimte binnen wet FIDO

14.661

Hierbij zijn de aflossingen in de jaren 2027 t/m 2029 globaal naar rato benaderd. Op basis hiervan is de verwachting dat we de komende jaren ruim onder de norm blijven. Dit komt onder meer door: • het verlengen van de aflossingstermijn voor nieuwe leningen op basis van 20 jaar • Een hoger begrotingssaldo door het beter separaat ramen van baten en lasten op diverse plekken in de begroting (in plaats van alleen het saldo).

89

Paragraaf Verbonden partijen Inleiding Op grond van het BBV zijn verbonden partijen, partijen waar de gemeente een bestuurlijke relatie mee heeft en waarin we een financieel belang hebben. We hebben een zetel in het bestuur (vertegenwoordiging) of we hebben vanwege eigendom van aandelen stemrecht in de aandeelhoudersvergadering. Met financieel belang wordt bedoeld dat de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld die in geval van een faillissement achterblijven. In het geval dat formeel juridisch geen sprake is van een verbonden partij door het ontbreken van een financieel belang conform de BBV maar er wel sprake is van een structurele bekostiging (subsidie, overeenkomst) én een bestuurlijk belang dan wordt geadviseerd deze organisaties ook op te nemen in deze paragraaf.

Beleid Het BBV schrijft voor om van de verbonden partijen een samenvattend overzicht te geven en onderscheid te maken in gemeenschappelijke regelingen, stichtingen/verenigingen en coöperaties/vennootschappen. Conform onze financiële verordening (verordening op grond van artikel 212 gemeentewet), lichten we de verbonden partijen op hoofdlijnen toe in deze paragraaf. Het gaat hierbij om partijen met aanmerkelijk financieel belang (dit zijn partijen waar we jaarlijks minimaal € 50.000 aan bijdragen). Per verbonden partij zijn de doelstellingen, activiteiten, ontwikkelingen en risico’s benoemd. De paragraaf sluit af met het financieel overzicht. De wijze waarop de verbonden partijen bijdragen aan het realiseren van onze maatschappelijke opgaven is in de programma's van deze begroting inzichtelijk gemaakt.

Erfgoed Centrum Achterhoek Liemers (Doetinchem)

Relatie met de programma's

Doelstelling

Activiteiten

Deelnemende partijen

90

1. De gemeente waar het goed wonen is.

Uitvoeren van alle wettelijke archieftaken voor de acht gemeenten in de Achterhoek.

Uitvoeren van de zogenoemde “Staring-taken” (diensten op het gebied van behoud van en onderzoek naar streekcultuur en –historie). Voor 15 gemeenten in Achterhoek en Liemers.

Het beheren, toegankelijk maken en beschikbaar stellen van archiefbewaarplaatsen van de deelnemende overheidslichamen conform de Archiefwet.

Het toezicht door de streekarchivaris op het beheer van de niet naar de centrale archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden van de (8) gemeenten in de Achterhoek.

Het in stand houden en bevorderen van het cultureel erfgoed in het gebied van de Achterhoek en de Liemers in de ruimste zin van het woord.

Aalten

Montferland

Berkelland

Oost Gelre

Bronckhorst

Oude IJsselstreek

Doetinchem

Winterswijk

Bestuurlijk belang

Wethouder Kock neemt namens Oude IJsselstreek zitting in het Algemeen Bestuur.

Ontwikkelingen

Het ECAL richt zich vooral op het in goede, geordende en toegankelijke staat brengen en houden van archieven zowel fysiek als digitaal. Hierbij hoort ook het digitaliseren van de archieven en collecties. Het ECAL heeft voor de periode van 2026-2029 de bijdrage gelijk gehouden met 2025. Het ECAL blijft kijken naar de opties om de kosten laag te houden. Het ECAL gaat bezig met een meerjarenplan waarin wordt gekeken naar de berekening van de eigen bijdrage naar de toekomst toe.

Risico's en getroffen beheersmaatregelen

Geen.

GGD Noord- en Oost Gelderland (Warnsveld) Relatie met de programma's

2. Een leefbare gemeente

Doelstelling

De Gemeentelijke Gezondheids Dienst Noord- en Oost-Gelderland (GGD NOG) is de gezondheidsdienst van 22 gemeenten. Vanuit het missiestatement ‘een gezond houvast’ bewaakt, beschermt en bevordert de GGD NOG de gezondheid van inwoners in de regio Noord- en Oost-Gelderland. Met de werkzaamheden geeft de GGD NOG invulling aan de verantwoordelijkheid van gemeenten voor de publieke gezondheid van inwoners. Daarnaast voert de GGD NOG ook een aantal wettelijke taken van de Wet publieke gezondheid (Wpg) uit. De basistaken van de GGD NOG zijn onder andere:

Activiteiten

Jeugdgezondheid (4-18 jaar)

Infectieziektebestrijding

Vaccinaties

Medische milieukunde

Technische hygiënezorg

Maatschappelijke zorg

Beleidsadvisering

Epidemiologie

Gezondheidsbevordering

Bevolkingsonderzoeken

Forensische zorg

Bovenstaande basisdienstverlening is voor alle gemeenten gelijk op basis van een financiële bijdrage per inwoner. De GGD NOG voert daarnaast ook nog aanvullende dienstverlening tegen betaling uit. Dat gaat om de volgende drie taken: 

Wettelijke gemeentelijke taken: gemeenten hebben de keuze om deze taken in opdracht door de GGD NOG uit te laten voeren.

Autonome gemeentelijke taken: gemeenten hebben de keuze om deze taken in opdracht door de GGD NOG uit te laten voeren.

Externe taken: de GGD NOG voert deze uit in opdracht van externen (bijvoorbeeld politie).

De GGD NOG heeft een Producten- en Diensten Catalogus (PDC) voor het aanbieden van concrete, actuele, toegankelijke en praktische informatie over de GGD-dienstverlening.

Deelnemende partijen

91

Aalten

Ermelo

Apeldoorn

Harderwijk

Berkelland

Hattem

Bronckhorst

Heerde

Brummen

Lochem

Doetinchem

Montferland

Elburg

Nunspeet

Oost Gelre

Oude IJsselstreek

Putten

Voorst

Winterswijk

Zutphen

 Bestuurlijk belang

Epe

Oldebroek

Wethouder Bennink is lid van het Algemeen Bestuur en de Auditcommissie. Het Algemeen Bestuur heeft een Bestuursagenda voor de periode 2023 – 2027 vastgesteld. Hierin staan de belangrijkste uitgangspunten en prioriteiten voor de GGD in de jaren 2023-2027. In de Bestuursagenda 2023-2027 staan vier prioriteiten:

Ontwikkelingen

Vergroten van gelijke kansen op gezondheid voor iedereen;

Mentale gezondheid;

Gezonde leefstijl;

Gezonde fysieke en sociale leefomgeving;

Meer informatie is te vinden in de Bestuursagenda 2023-2027. De GGD NOG werkt de prioriteiten uit de Bestuursagenda jaarlijks verder uit in een Programmabegroting. De Programmabegroting bestaat uit vijf onderdelen: Jeugdgezondheid, Algemene Gezondheidszorg, Kennis en Expertise, Organisatieprojecten en Overhead. Een belangrijke actuele ontwikkeling voor de Programmabegroting 2026 zijn de bezuinigingen op preventie. Het (inmiddels demissionaire) kabinet heeft forse bezuinigingen doorgevoerd op preventie, onder andere door het schrappen van het budget voor pandemische paraatheid. Daarnaast hebben ook gemeenten te maken met financiële uitdagingen door het (inmiddels uitgestelde) ravijnjaar. Het Algemeen Bestuur heeft de onderstaande risico’s als belangrijkste risico’s voor het risicomanagement vastgesteld: 

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4952/documents/32165