24-160b Rekenkamer gemeente OIJ - Definitief rapport Samenwerkingsverbanden.pdf
Tekst van het document
Geen Geen juridische basis; overleg
Afspraken informatievoorziening raad
Geen afspraken
Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities Belangrijkste risico’s
Wethouder zit namens de regio bij dit overleg, het gaat over de knelpunten en verdeling van de energie-infrastructuur in de toekomst. Inhoudelijk technische risico’s
Belangrijkste behaalde resultaten
Afstemming regionale zaken
Naam
Bestuurlijk overleg Water / Bestuurlijk overleg Achterhoek +
Kosten 2022 Juridische vorm
Geen Geen juridische basis; overleg
Afspraken informatievoorziening raad
Geen afspraken. BOW behandelt soms onderwerpen die relevant zijn voor de raden. In zo'n geval wordt per onderwerp en/of per gemeente gekozen hoe de raad wordt betrokken.
Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
Gezamenlijke aanpak Water, omdat dit een bovenlokaal thema is.
Belangrijkste risico’s
Niet of nauwelijks risico's. Samenwerking heeft betrekking op gezamenlijke belangen, zoals verkrijgen van Impulssubsidie en onderzoek t.b.v. aanpak droogte.
Belangrijkste behaalde resultaten
Oplevering feitenbeeld aanpak droogte en start uitwerking handelingsperspectief. Continuering samenwerking DPRA (deltaprogramma ruimtelijk adaptatie), waaronder aanvraag Impulssubsidie. Evalueren samenwerking water met als resultaat voorstel voor herziening van de structuur. Per 2023 een strategisch beraad klimaat en water, een beleidstafel DPRA en een beleidstafel water en riolering.
Naam Kosten 2022
Stuurgroep West-Achterhoek Geen
Juridische vorm Afspraken informatievoorziening raad Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
Uitvoering geven aan Regionaal Programma Werklocaties (RPW); 20% belang Raad wordt geïnformeerd over de voortgang
Geen
Samenwerken in de stuurgroep geeft ons en de regio de mogelijkheid om bedrijventerreinen te ontwikkelen.
29 / 64
Belangrijkste risico’s
In economisch slechte tijden is het pijn verdelen.
Belangrijkste behaalde resultaten
Niet ingevuld
Naam
Duitsland / Nederland 6+2 overleg
Kosten 2022 Juridische vorm
Uren ambtelijke inzet Geen juridische basis. Er is een strategiedocument dat is ondertekend door bestuurders.
Afspraken informatievoorziening raad
Geen afspraken. Geen betrokkenheid of rol raad. Het is een Nederlands / Duits burgemeestersoverleg
Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
Samenwerking met Duitsland.
Belangrijkste risico’s Belangrijkste behaalde resultaten
Geen. Bestuurlijk waterhoofd zonder serieuze activiteiten Opstellen en ondertekenen door bestuurders van een strategiedocument. Bestuurlijke legitimatie voor het organiseren van netwerkbijeenkomsten.
Naam
Euregio Gronau
Kosten 2022 Juridische vorm
Niet ingevuld Nederlands Duitse GR
Afspraken informatievoorziening raad
Geen afspraken. Afvaardiging vanuit de raad en de politiek fracties. Raadsleden koppelen zelf terug.
Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
Samenwerking met Duitsland
Belangrijkste risico’s Belangrijkste behaalde resultaten
Geen Geen aantoonbare resultaten. Netwerk. Lobbyclub bij andere overheden NL/D, zoals Rijk en Europa.
Naam
Euregio Rijn Waal
Kosten 2022 Juridische vorm
Niet ingevuld Grensoverschrijdend Openbaar Lichaam, er zijn statuten
Afspraken informatievoorziening raad
Geen afspraken. Afvaardiging vanuit de raad en de politiek fracties. Raadsleden koppelen zelf terug.
Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
Samenwerking met Duitsland
Belangrijkste risico’s Belangrijkste behaalde resultaten
Geen Geen aantoonbare resultaten. Netwerk. Lobbyclub bij andere overheden NL/D, zoals Rijk en Europa.
Naam
Regionaal College Politieregio NOG
Kosten 2022 Juridische vorm
Geen Niet ingevuld
Afspraken informatievoorziening raad
Het concept MJBP is het enige stuk waarover de gemeenteraad gehoord wordt. In het driehoeksoverleg worden afspraken gemaakt over de lokale prioriteiten en criminaliteitsbestrijding. Voor de dagelijkse aansturing van de politie kan de
30 / 64
Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
gemeenteraad de burgemeester wensen meegeven die hij in de lokale driehoek aan de orde kan stellen. De burgemeester is wat betreft sturing op de politie, intermediair voor de raad. Hij kan ter verantwoording worden geroepen in de gemeenteraad over het door hem gevoerde gezag op de politie (art. 15 Politiewet 2012). Uitvoeren van de Politiewet en hiermee zoveel als mogelijk zorgen voor een veilige woon- en leefomgeving.
Belangrijkste risico’s
Onder politie eenheid Oost-Nederland vallen 76 gemeenten. Er zal dan ook altijd gekeken moeten worden naar het algemeen belang. Persoonlijke wensen zijn op eenheidsniveau niet toe te passen. Om dit risico zoveel mogelijk te beperken zijn er basisteams. Gemeente Oude IJsselstreek valt onder basisteam Achterhoek West welke 4 gemeenten onder zich heeft.
Belangrijkste behaalde resultaten
Er is een kwaliteitsslag gemaakt in de samenwerking tussen de wijkhandhavers en wijkagenten. Daarnaast is er zoveel als mogelijk gezorgd voor een veilige woon- en leefomgeving.
Naam
Leisurelands BV statutaire zetel
Kosten 2022 Juridische vorm
Niet ingevuld Deelneming en samenwerkingsverband gemeentelijke aandeelhouders via het POHO-VE. Gemeente Berkelland is per Q1 2023 gemachtigd voor regionale afvaardiging bij AVA Leisurelands B.V. tijdens collegeperiode 2022 – 2025.
Afspraken informatievoorziening raad Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities Belangrijkste risico’s
Geen afspraken. Terugkoppeling aan wethouder R&T via het POHO-VE. Daar waar nodig zal de raad op de hoogte worden gebracht en gehouden van ontwikkelingen. Niet ingevuld
Belangrijkste behaalde resultaten Naam Kosten 2022
Niet of nauwelijks risico's. Samenwerking t.b.v. recreatieplassen, er wordt geen dividend uitgekeerd aan de aandeelhouders. Door volmacht geen fysieke aanwezigheid van wethouder bij AVA, is efficiënt, wel betrokken en evt. collectief signaal afgeven Samenwerkingsconvenant collegiale uitruil toezichthoudend ambtenaren en boa’s openbare ruimte Geen
Juridische vorm Afspraken informatievoorziening raad
Convenant Geen afspraken. Raad heeft kennis door het Toezicht- en Handhavingsbeleid.
Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
Samenwerking, trainen, kennis en ervaring, ondersteuning bij bijvoorbeeld ziekte, pieken en vakantie.
Belangrijkste risico’s Belangrijkste behaalde resultaten
Onvoldoende nakomen van afspraken. Gezamenlijke RTGB-training, enkele malen uitruil
Naam Kosten 2022
Ring der Europäischen Schmiedestädte Niet ingevuld
Juridische vorm
Niet ingevuld
31 / 64
Afspraken informatievoorziening raad Bijdrage aan lokale doelstellingen/ambities
Belangrijkste risico’s Belangrijkste behaalde resultaten
Raadsleden worden elk jaar uitgenodigd om deel te nemen aan de jaarvergadering van de Ring, binnenkort wordt de commissie MO bijgepraat over de verschillende projecten van de lokale werkgroep Internationale ervaringen te delen en deel te nemen in projecten die voor onze gemeente van belang zijn. Het ijzer verbindt en de belangen die hiermee verbonden zijn, worden vanuit een sociaaleconomische, culturele en toeristische invalshoek opgepakt. Een gezamenlijke aanpak en samenwerking is ook belangrijk voor de projectsubsidies die bij de EU worden ingediend. Niet of nauwelijks risico's Langdurige zorg en instandhouding van de Europese en regionale ijzer- en smeedcultuur door middel van samenwerking. kennis en uitwisseling van cultureel erfgoed.
32 / 64
4. Verdieping op STOER en Buurtzorg Jong Door de fracties zijn voorafgaand aan dit rekenkameronderzoek STOER en Buurtzorg Jong genoemd als mogelijk interessante onderzoeksonderwerpen. Tijdens het gesprek met de raad in het kader van dit onderzoek werd dit nogmaals bevestigd. De raad vindt STOER en Buurtzorg Jong belangrijk vanwege de rol binnen het sociaal domein, waarbinnen de afgelopen jaren veel ontwikkelingen zijn geweest. Op deze ontwikkelingen gaan we in paragraaf 4.1 kort in. Specifiek voor STOER weten raadsleden dat er na het uittreden bij Laborijn voor een ander construct is gekozen maar is er op dit moment nog (te) weinig zicht op de opzet en werking van STOER in de praktijk. Hierbij staan we stil in paragraaf 4.2. In paragraaf 4.3 wordt tenslotte gekeken naar de samenwerking met Buurtzorg Jong.
4.1. Context: ontwikkelingen sociaal domein in Oude IJsselstreek 2015: decentralisaties binnen het sociaal domein In 2015 vonden de decentralisaties in het sociaal domein plaats. Met de decentralisaties in het sociaal domein werd het takenpakket van gemeenten uitgebreid met de Jeugdwet, WMO en Participatiewet. Op het gebied van de jeugdzorg werd de gemeente verantwoordelijk voor de uitvoering van alle taken die voorheen bij de Bureaus Jeugdzorg van de provincie lagen. Ook werd de gemeente verantwoordelijk voor de jeugd ggz, jeugdbescherming, jeugdreclassering en zorg voor jongeren met een licht verstandelijke beperking. De Participatiewet heeft de Wet werk en bijstand (WWB), Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een deel van de Wajong vervangen. Een belangrijk doel van de decentralisaties was dat de gemeente haar inwoners sneller en beter kon helpen bij zorg- en ondersteuningsvragen. Gemeenten kunnen een integraal beleid voeren bij de zorg en ondersteuning aan kwetsbare groepen aangezien deze doelgroepen deels overeen komen. De decentralisaties vragen om een transformatie bij zowel overheden als zorgorganisaties. Deze transformatie gaat richting een participatiesamenleving waarin mensen meedoen naar vermogen met ondersteuning van – waar mogelijk – voornamelijk mensen uit de eigen omgeving.
2018: financiën sociaal domein onder druk In 2018 kwamen de financiën binnen het sociaal domein, net als elders in het land, in de gemeente Oude IJsselstreek onder druk te staan. De tekorten waren omvangrijk en structureel van aard. Het college heeft hierover onder andere de raad meegenomen via informatiebrieven en commissievergaderingen (Maatschappelijke Ontwikkeling). Vanaf september 2018 was dit vrijwel maandelijks een belangrijk onderwerp in de commissie-/ en raadsvergaderingen. 2019 en 2020: bestuursopdrachten en visies transformaties sociaal domein In navolging van de (financiële) druk binnen het sociaal domein heeft het college in maart 2019 de bestuursopdracht ‘Transformatie in de kijk op zorg en hulp voor jeugd en gezin’6 en op 1 mei 2020 de bestuursopdracht ‘Transformatie Wmo’ vastgesteld.7 Daarnaast is in december 2019 de visie ‘Transformatie in de kijk op werk’ door de gemeenteraad unaniem vastgesteld en is op 20 februari 2020 is de startnotitie opbouw uitvoering Participatiewet vastgesteld. 8
6
Gemeente Oude IJsselstreek (maart 2019). Bestuursopdracht transformatie in de kijk op zorg en hulp voor jeugd en gezin.
7
Gemeente Oude IJsselstreek (1 mei 2020). Bestuursopdracht transformatie in de kijk op zorg en hulp voor volwassenen.
8
Gemeente Oude Ijsselstreek (25 juni 2020). Invulling transformatie in de kijk op werk.
33 / 64
Bij de transformaties staan drie uitgangspunten centraal: 1. Normaliseren: als er zorg of ondersteuning nodig is, moet deze zo licht en dichtbij als mogelijk en zoveel mogelijk aansluiten bij het normale leven. 2. Voorkomen: de preventieve infrastructuur van de samenleving versterken. 3. Samenwerken/innoveren: met een beperkt aantal samenwerkingspartners invulling geven aan de wens om verder te innoveren in Oude IJsselstreek. De gemeente zoekt nadrukkelijk naar strategische partners om slagkracht te vergroten en versnippering en bovenmatige administratieve lasten tegen te gaan. In 2020 heeft de gemeente ook haar visie op het sociaal domein herschreven. Het resultaat hiervan is het visiedocument “Naar het hart van de beweging”.9 Het kernidee waarin de gemeente gelooft is dat er ruimte nodig is voor bezieling in de hulp, zorg en ondersteuning voor hen die dat nodig hebben. Hulp en ondersteuning moet makkelijk bereikbaar zijn op een manier die past bij wat inwoners logisch vinden. Dat betekent ook dat “het systeem” met zijn procedures, regels, financiën, bureaucratie, bestuurlijke drukte, ondergeschikt is aan de menselijke kant en de wereld waarin onze inwoners leven. De gemeente houdt alleen de ‘systeemzaken’ die daadwerkelijk bijdragen aan wat we nastreven in stand.
En bouwt geen bureaucratische organisatie of procedures maar een waarden-gedreven samenwerking waarbij de vorm ondersteunend is aan de doelstellingen. Ieder mens is van waarde, elk kind, elke jongere, elke volwassene, elke oudere. De gemeente gelooft in de kracht van mensen en dat mensen, soms met hulp, hun eigen oplossingen moeten en kunnen vinden. mogen ons ook uitdagen bij het organiseren van wat zij nodig hebben om mee te kunnen doen. De gemeente gelooft dat mensen zelf een plan voor hun leven moeten kunnen maken. Als mensen zeggen dat ze dat niet kunnen, dan legt de gemeente zich hier niet bij neer, maar kijkt samen met de inwoner hoe deze wel zelf zijn of haar plan kan maken.
4.2. STOER In deze paragraaf gaan we in op STOER. Hierbij zoomen we in elke subparagraaf in op een deelvraag of op meerdere deelvragen.
4.2.1. Overwegingen oprichting STOER In deze paragraaf staat de volgende deelvraag centraal: Welke overwegingen lagen ten grondslag aan STOER? Overweging uittreden Laborijn Het college van de gemeente Oude IJsselstreek maakte op 13 juni 2019 het voornemen bekend om, ten aanzien van de Participatiewet, op 1 januari 2021 uit de GR Laborijn te treden.10 Hierbij speelden een aantal overwegingen. Als onderdeel van de transformatie die de gemeente voorstond binnen het sociaal domein (paragraaf 4.1) sloot de visie van de gemeente op de transformatie in de kijk op werk niet meer aan op die van Laborijn. De gemeente was ervan overtuigd dat met de visie op de uitvoering van de Participatiewet meer uitstroom en participatie kon realiseren dan het geval was binnen Laborijn. Daarbij wil de gemeente meer lokaal werken; dichtbij de inwoners en in samenhang met andere ondersteuning in het sociaal domein.
9
Gemeente Oude IJsselstreek (2020). Visiedocument sociaal domein ‘Naar het hart van de beweging’.
10
Gemeente Oude IJsselstreek (13 juni 2019). Collegetoelichting op het besluit tot het voornemen uit de GR Laborijn te treden.
34 / 64
Daar komt bij dat Oude IJsselstreek een zogeheten nettobetaler was aan Laborijn. Dit betekent dat de gemeente jaarlijks uit eigen middelen bij moest dragen aan Laborijn omdat er meer mensen een uitkering ontvingen dan volgens het verdeelmodel van het Rijk zou mogen en waarvoor de gemeente een Rijksvergoeding ontving. Oude IJsselstreek was de enige gemeente binnen Laborijn waarvoor dit gold. Bij de gemeente was de behoefte om hier meer maatwerkafspraken over te maken met Laborijn maar hier is geen invulling aangegeven. De gemeente heeft op dit onderdeel geen solidariteit ervaren. Tenslotte ontving de gemeente in februari 2019 een brief van Rooie Vrouwen Oude IJsselstreek waarin gemeld werd dat de Rooie Vrouwen regelmatig geconfronteerd worden met klachten over de werkwijze van Laborijn. Het ging hierbij om klachten die uiteenlopen van intimidatie tot het weigeren van een uitkering. Een onderzoek van Berenschot dat in juni 2019 verscheen bevestigde dat de behandeling van klanten door Laborijn onvoldoende was.
De raad van Oude IJsselstreek heeft op 12 december 2019 toestemming verleend aan het college om het voorgenomen besluit tot uittreden uit Laborijn te bekrachtigen door een definitief besluit te nemen.11 Overweging uitvoering Participatiewet in eigen beheer Na het raadsbesluit van 12 december 2019 kwam de gemeente Oude IJsselstreek in een fase terecht waarin werd bekeken hoe de Participatiewet vanaf januari 2021 uitgevoerd ging worden. De gemeente wilde een invulling die paste bij de visie op de transformaties. De kerngedachte uit de visie ‘Transformatie in de kijk op werk’ hierbij was dat mensen onnodig afhankelijk worden gemaakt wanneer zij in het systeem van het verstrekken van uitkeringen terechtkomen. De gemeente sprak daarom de ambitie uit dat uitkeringen naar dienstverbanden omgezet konden worden. De ‘droom was, zo is in de interviews gesteld, dat géén enkele inwoner van Oude IJsselstreek meer een uitkering zou hoeven ontvangen. Op 25 juni 2020 hebben de raad en het college in de vergadering gesproken over de invulling van de transformatie in de kijk op werk en zijn de Uitvoeringsprincipes voor deze nieuwe uitvoering vastgesteld. Daarbij is het volgende vastgelegd: ‘Al onze inwoners die zonder werk zitten op of na 1 januari 2021 geven wij geen uitkering maar een arbeidsovereenkomst met een salaris ter hoogte van een uitkering.
Een arbeidsovereenkomst met rechten en plichten en op basis van gelijkwaardigheid en wederkerigheid zoals dat bij andere arbeidsovereenkomsten ook is. Waar dat kan sluiten mensen een arbeidsovereenkomst met een reguliere werkgever, we willen daarvoor met werkgevers samenwerkingsafspraken maken. Waar het (nog) niet mogelijk is dat mensen bij een werkgever aan de slag gaan krijgen zij een overeenkomst binnen een door ons als gemeente op te zetten organisatie in de vorm van een onderneming. Deze onderneming geven wij de werknaam Oude IJsselstreek BV.’12 Beoordeling van de norm Aspect
Norm
Overwegingen
Er liggen duidelijke overwegingen aan het construct STOER ten grondslag
De gemeente heeft een weloverwogen keuze gemaakt om in het kader van de uitvoering van de Participatiewet uit te treden bij Laborijn. Belangrijke overwegingen hierbij waren de behoefte aan maatwerk, passend bij de eigen visie op het sociaal domein, bejegening en het feit dat de gemeente een nettobetaler was. De gemeente heeft een duidelijke
11
Gemeente Oude IJsselstreek (12 december 2019). Raadsbesluit definitief besluit tot uittreding Laborijn.
12
Gemeente Oude IJsselstreek (25 juni 2020). Invulling transformatie in de kijk op werk.
35 / 64
keuze gemaakt om de uitvoering van de Participatiewet meer naar zichzelf toe te trekken en voor een andere vorm te kiezen. Daarmee wordt er ‘voldaan’ aan deze norm.
4.2.2. Opzet STOER en doelstellingen In deze paragraaf staan de volgende deelvragen centraal: • Hoe is STOER opgezet en waarom is voor die vorm gekozen, inclusief financiën en wijze van governance? • Welke doelen wil de gemeente realiseren met STOER? Voornemen tot oprichten Besloten Vennootschap (BV) Zoals in de vorige paragraaf is toegelicht was de gemeente op zoek naar een andere manier van het uitvoeren van de Participatiewet en is in de raadsvergadering van 25 juni 2020 de werknaam Oude IJsselstreek BV geïntroduceerd. Dit is, zo staat beschreven, de organisatie: • waarbinnen de gemeente per 1 januari 2021 de inwoners voor wie dat geldt een arbeidsovereenkomst krijgen; • waarin als dat nodig is de Sociale Werkvoorziening wordt uitgevoerd; • waar een voorziening is voor mensen die niet mee willen werken aan een arbeidsovereenkomst en een beroep doen op een uitkering; en • waar als dat kan ook de Schuldhulpverlening, de Bijzondere Bijstand, Meedoenregelingen en kwijtscheldingen worden uitgevoerd evenals de maatschappelijke banen. Oude IJsselstreek BV is de werknaam voor de te vormen organisatie. In lijn met de visie op het sociaal domein kiest de gemeente voor een organisatie buiten de gemeentelijke organisatie met wie een samenwerkingsrelatie wordt aangaan. Het ligt voor de hand om te kiezen voor een vorm die aansluit bij de rol van werkgever en ondernemer.
Of het daadwerkelijk een BV zou worden of een andere rechtspersoon was onderwerp van nader onderzoek.13 Vanuit de documenten blijkt dat er overleg en afstemming met de juridisch adviseur van de gemeente heeft plaatsgevonden. Op basis hiervan is vastgesteld dat een Besloten Vennootschap (BV) inderdaad de meest geëigende vorm was voor de op te richten organisatie.14 Op 29 oktober 2020 lag vervolgens het raadsvoorstel ‘Uitspreken geen wensen en bedenkingen te hebben bij het oprichten van de Besloten Vennootschap Oude IJsselstreek BV (werktitel)’ voor aan de raad. In het raadsvoorstel wordt voortgebouwd op dat wat besproken is in de raad op 25 juni 2020. De raad besluit geen wensen en bedenkingen te hebben bij het oprichten van de BV, omdat: • de uitvoering van deze werkzaamheden zoals bedoeld in de Transformatie in de kijk op werk, en de vastgestelde uitvoeringsprincipes (25 juni 2020) in Oude IJsselstreek het meest past bij een samenwerkingsverband tussen een privaatrechtelijke organisatie en de gemeente; en • deze keuzes lijken op de lijn zoals die gevolgd is bij de Jeugdhulp. Voor Jeugd wordt ook samengewerkt met een private partij (zie paragraaf 4.3). De gemeente Oude IJsselstreek zal enig aandeelhouder worden. Waarbij uiteindelijk de AVA (Algemene Vergadering van Aandeelhouders) het gezaghebbend orgaan.
De AVA gaat over de oprichting en ontbinding van de BV, over de wijziging van de statuten en eventueel over fusies en verhandeling van aandelen. De programmamanager Sociaal Domein is vertegenwoordiger van de gemeente in de AVA. De wethouder Sociaal Domein is opdrachtgever van STOER
13
Ibid
14
Gemeente Oude IJsselstreek (20 oktober 2020). Transformatie in de kijk op Werk – oprichten externe entiteit
36 / 64
BV. Beschreven staat dat de daadwerkelijke uitvoering van werkzaamheden gebeurt binnen de BV in nauwe samenwerking met de gemeente. De dienstverlening naar de inwoners zal worden uitgevoerd door de BV. Oprichting STOER In lijn met het hiervoor genoemde raadsbesluit van 29 oktober 2020 besluit het college op 1 december 2020 om STOER BV op te richten. De BV moet per 1 januari 2021 operationeel worden . Hiermee wordt dus ook de werktitel ‘Oude IJsselstreek BV’ vervangen. De raad wordt hierover per memo geïnformeerd op 3 december 2020. 15 Eerder, op 10 november 2020, is raad ook al op de hoogte gesteld van het Bedrijfsplan van STOER. 16 In deze raadsinformatiebrief staat de taakverdeling tussen de gemeente (OIJ) en STOER als volgt omschreven.
Figuur 3. Taakverdeling activiteiten STOER – gemeente (Bedrijfsplan STOER) In het Bedrijfsplan zelf is opgenomen dat de medewerkers van STOER in dienst komen bij de gemeente, met uitzondering van de (deeltijd)directeur. Die treedt in dienst van STOER om daarmee de handelingsbevoegdheid van STOER formeel te regelen. De reden dat de rest van de medewerkers bij de gemeente in dienst komen is omdat op deze manier maximaal gebruik gemaakt kan worden van de bestaande infrastructuur van de gemeente. Bovendien geeft het aan mensen die overstappen van andere gemeentelijke organisaties de zekerheid dat ze hun CAO inschaling behouden. Medewerkers die werkzaamheden verrichten op het gebied van loopbaanbegeleiding, werkgeversdiensten en de gastheer/gastvrouw en bijbehorende beleids- en projecttaken, worden gedetacheerd naar STOER. Zij vallen daarmee onder de directe aansturing van de directeur. De overige functies blijven onder directe verantwoordelijkheid van de gemeente vallen (figuur 4).17
15
Gemeente Oude IJsselstreek (3 december 2020). Besluit tot oprichting STOER B.V.
16
Gemeente Oude IJsselstreek (10 november 2020). Bedrijfsplan uitvoering Transformatie in de kijk op werk fase 1 en vervolgproces
17
Gemeente Oude IJsselstreek (november 2020). Bedrijfsplan STOER.
37 / 64
Figuur 4. Beoogde detachering vanuit gemeente naar STOER op functies (Bedrijfsplan STOER) Doelstellingen STOER In het Bedrijfsplan is beschreven dat er voor de werkzaamheden ten aanzien van de uitvoering van de Participatiewet door STOER en de gemeente Oude IJsselstreek twee hoofddoelstellingen gelden:18 1. Alle inwoners van de gemeente Oude IJsselstreek die recht hebben op een uitkering op grond van de Participatiewet krijgen voor tenminste hetzelfde bedrag en op hetzelfde moment dan zij gewend waren geld op hun bankrekening. Hun bestaanszekerheid is geborgd. 2. Alle inwoners die, op grond van een door de gemeenteraad vast te stellen verordening, behoren tot de doelgroep van de Participatiewet waar het gaat om re-integratie activiteiten krijgen passende loopbaanontwikkeling en/of loopbaanbegeleiding. De activiteiten van STOER bij de start op 1 januari 2021 richten zich op het doen van loopbaanontwikkeling en loopbaanbegeleiding.
In de loop van 2021 komen daar de volgende activiteiten bij: • Aanbieden van maatschappelijke banen • Het werken aan verbreding via pilot of experiment om (op termijn) tot het sluiten van arbeidsovereenkomsten te komen (in samenwerking met de gemeente) • Voorbereiden uitvoering van de Wet Inburgering voor samen met de gemeente en maatschappelijke partners met betrekking tot loopbaanontwikkeling • Voorbereiden van de uitvoering van het Beleidsplan Schuldhulpverlening samen met de gemeente en maatschappelijke partners met betrekking tot het begeleiden van inwoners. Financiën STOER In het Bedrijfsplan is tenslotte ook een begroting opgenomen voor de uitvoering door de gemeente en STOER. Alles bij elkaar komt deze rond de € 3,0 miljoen per jaar uit (figuur 5). In het Bedrijfsplan wordt tevens gesproken over een dienstverleningsovereenkomst (DVO) waarin afspraken zijn gemaakt tussen de gemeente en STOER over de financiering. Afgesproken is dat STOER jaarlijks een budget voor de uitvoering van haar taken ontvangt. De werkelijke kosten en betalingen hiervan zullen via de gemeentelijke administratie lopen en worden periodiek administratief doorbelast aan STOER.
18
Ibid.
38 / 64
Figuur 5. Begroting uitvoering gemeente en STOER (Bedrijfsplan STOER) Beoordeling van de normen Aspect Opzet STOER
Norm 1. 2.
De opzet van het construct STOER is duidelijk (inclusief financiën en governance) Er zijn duidelijke doelstellingen geformuleerd voor STOER
Norm 1 De overwegingen voor de opzet van het construct STOER zijn duidelijk. Er wordt duidelijk gekozen voor een samenwerkingsverband tussen een privaatrechtelijke organisatie en de gemeente omdat dit past bij de visie op de Transformatie in de kijk op werk en de vastgestelde uitvoeringsprincipes en in lijn is met de gevolgde lijn bij de Jeugdhulp. De governance en taakverdeling tussen de gemeente en STOER is helder uitgewerkt in het Bedrijfsplan. De gemeente heeft zijn eigen taken en vanuit de BV wordt (o.a.) de dienstverlening richting inwoners uitgevoerd. Er zullen medewerkers vanuit de gemeente gedetacheerd worden richting STOER BV. Ook de financiering is duidelijk uitgewerkt, zowel in omvang (begroting) als in wijze waarop geldstromen zullen lopen. We constateren daarmee dat er aan norm 1 wordt ‘voldaan’. Norm 2 In het Bedrijfsplan zijn twee hoofddoelstellingen voor STOER uitgewerkt. Deze gaan over de borging van bestaanszekerheid en passende loopbaanontwikkeling. Aan de doelstellingen zijn ook de activiteiten gekoppeld, die door STOER uitgevoerd zullen worden en door de gemeente. We constateren daarmee dat er aan norm 2 wordt ‘voldaan’.
39 / 64
4.2.3. STOER BV in de praktijk In deze paragraaf staat de volgende deelvraag centraal: ‘Is de uitvoeringspraktijk van STOER conform opzet of zijn hier veranderingen in geweest?’ Als we kijken naar hoe STOER nu functioneert zien we dat in de praktijk de beoogde opzet, waarover de raad geen bedenkingen heeft uitgesproken, is losgelaten. In de praktijk is er nu ‘STOER Versterkt!, wat, zo is in de interviews aangegeven, valt onder de eenheid Sociaal Domein van de gemeente Oude IJsselstreek is. STOER Versterkt! werkt niet vanuit het gemeentehuis in Gendringen maar vanuit de DRU in Ulft. In de ‘branding’ richting inwoners is STOER Versterkt! wel een aparte organisatie. Alle medewerkers staan op de loonlijst van de gemeente maar zijn niet gedetacheerd naar STOER, zoals wel in het Bedrijfsplan is vastgelegd. De STOER BV is in de praktijk wel opgericht en actief maar vanuit hier worden geen activiteiten uitgevoerd. Vanuit de STOER BV wordt niet, zoals oorspronkelijk het idee was, de dienstverlening richting inwoners uitgevoerd. In de STOER BV zijn de dienstverbanden voor de inwoners met een beschut werk indicatie en de inwoners met een maatschappelijke baan ondergebracht. Met deze constructie is het mogelijk om de inwoners te verlonen via de CAO die voor hen van toepassing is, te weten “CAO aan de slag”.
De BV is in de praktijk dus een administratieve entiteit geworden om mensen een dienstverband te kunnen bieden met een passende CAO. In het Bedrijfsplan was opgenomen dat in de DVO afspraken gemaakt zouden worden over de financiering en dat STOER jaarlijks een budget voor de uitvoering van haar taken zou ontvangen. In de praktijk lopen er geen geldstromen vanuit de gemeente richting STOER BV voor de uitvoering van taken omdat vanuit de BV geen uitvoering wordt gegeven aan deze taken. In de interviews is toegelicht dat er wel een DVO is opgesteld maar dat hierin niet de oorspronkelijke afspraken zijn vastgelegd. Alleen voor de verloning van de maatschappelijke banen en nieuw beschut gaan er financieringsstromen vanuit de gemeentelijke administratie naar de BV. Alle andere geldstromen verlopen via de gemeentelijke administratie. We constateren dus dat STOER BV in werkelijkheid op een andere manier is ingericht dan beschreven is in het bedrijfsplan en waarover de raad geen bedenkingen heeft uitgesproken. Zo is er wat betreft de bedrijfsvoering in het plan opgenomen dat al het personeel van STOER in dienst zou zijn van de gemeente en een deel gedetacheerd zou worden naar de BV (figuur 4). In werkelijkheid is dit nooit geformaliseerd.
In het besluit van de raad waarin het geen bedenkingen uitspreekt over het oprichten van een externe entiteit wordt daarnaast gesproken van ‘een samenwerkingsverband tussen een privaatrechtelijke organisatie en de gemeente’, hetgeen goed zou passen bij de visie op transformatie. In de praktijk is er geen sprake van een samenwerkingsverband met een BV die taken uitvoert maar is STOER Versterkt! in de lijn ondergebracht. STOER Versterkt! valt onder de eenheid Sociaal Domein van de gemeente en daarmee geldt er in de praktijk lijnsturing zoals dit ook voor andere afdelingen binnen de gemeente geldt. Wat in de praktijk ook niet gelukt is, is het oorspronkelijke uitgangspunt (of de ambitie) dat niemand meer een uitkering krijgt maar een baan. Uit de interviews komt naar voren dat er in dezelfde periode waarin nagedacht werd over het zelf uitvoeren van de Participatiewet een commissie op Rijksniveau bezig was met veranderingen binnen de Participatiewet. De gemeente is in gesprek gegaan met het Rijk over de nieuwe invulling van de uitvoering van de Participatiewet. Hieruit bleek dat het omzetten van uitkeringen naar dienstverbanden, wat de ambitie was van de gemeente, tot gevolg zou hebben dat Oude IJsselstreek geen uitkeringsgerechtigden meer had en hierdoor ook substantieel minder BUIG-budget zou ontvangen. Dit zou voor een dusdanig financieel gat zorgen, dat deze opzet
40 / 64
realistisch gezien niet haalbaar bleek. In een beantwoording van raadsvragen hierover heeft het college aangegeven dat, mocht het mogelijk zijn, dit wel de droom blijft van de gemeente. De wens dat iedere inwoner de ruimte krijgt om aan de samenleving deel te kunnen nemen op het voor hen wordt nog steeds nagestreefd.19 Beoordeling van de norm Aspect
Norm
Werking STOER
Het construct STOER functioneert in de praktijk zoals bij de opzet beoogd werd, inclusief financiën en wijze van governance
Het construct STOER functioneert in de praktijk anders dan bij de opzet beoogd werd. In de oorspronkelijke kaders waarover de raad geen bedenkingen heeft uitgesproken was er sprake van een BV waar vanuit de dienstverlening richting inwoners zou worden uitgevoerd. In de praktijk is er sprake van een administratieve entiteit om inwoners te verlonen. Er is in die zin geen sprake van een samenwerkingsverband tussen de privaatrechtelijke organisatie STOER BV en de gemeente. STOER Versterkt! is feitelijk onderdeel van de gemeente, met bijpassende lijnsturing en eigen gemeentelijke financiering. Dat niemand een uitkering krijgt maar een baan, wat bij de overweging van het construct STOER wel geambieerd werd, is ook niet gerealiseerd omdat hiervoor geen ruimte wordt gelaten door het Rijk. Er wordt daarmee ‘niet voldaan’ aan deze norm.
4.2.4. Betrokkenheid van de raad In deze paragraaf staan de volgende deelvragen centraal: • Op welke wijze is de raad betrokken bij en/of geïnformeerd over de opzet en uitwerking van STOER, het functioneren van STOER (incl. financiën) en de doelrealisatie? • Vraagt de raad zelf actief om informatie (welke?) en gebruikt de raad die om zo nodig met het college te bespreken of ze op koers liggen en zo nodig bij te sturen? Betrokkenheid van de raad bij oprichting STOER BV In paragraaf 4.2.1 en 4.2.2 is al ingegaan op de betrokkenheid van de raad bij het uittreden bij Laborijn tot aan de oprichting van STOER BV. In elk geval is de raad (chronologisch) op de volgende momenten betrokken geweest. • •
• •
19
13 juni 2019: het college maakt het voornemen bekend om ten aanzien van de Participatiewet, op 1 januari 2021 uit de GR Laborijn te treden.20 12 december 2019: De raad van Oude IJsselstreek heeft op 12 december 2019 toestemming verleend aan het college om het voorgenomen besluit tot uittreden uit Laborijn te bekrachtigen door een definitief besluit te nemen.21 25 juni 2020: in de raadsvergadering wordt gesproken over de transformatie kijk op werk en de raad stelt de hierbij horende uitvoeringsprincipes vast.22 8 juli 2020: in een werksessie met de gemeenteraad wordt gesproken over de governance van de op te richten entiteit. De input van de gemeenteraad over sturing wordt vertaald naar de opdrachtverlening/ DVO die nog zal plaatsvinden van de gemeente Oude IJsselstreek aan de op te richten BV.
Gemeente Oude IJsselstreek (10 oktober 2020). Beantwoording schriftelijke vragen.
20
Gemeente Oude IJsselstreek (13 juni 2019). Collegetoelichting op het besluit tot het voornemen uit de GR Laborijn te treden.
21
Gemeente Oude IJsselstreek (12 december 2019). Raadsbesluit definitief besluit tot uittreding Laborijn.
22
Gemeente Oude Ijsselstreek (25 juni 2020). Invulling transformatie in de kijk op werk.
41 / 64
• • •
29 oktober 2020: raad spreekt uit geen wensen en bedenkingen te hebben bij het oprichten van de Besloten Vennootschap Oude IJsselstreek BV (werktitel) 10 november 2020: De raad wordt op de hoogte gesteld van het Bedrijfsplan van STOER.23 3 december 2020: de raad wordt geïnformeerd dat het college twee dagen ervoor besloten heeft STOER BV op te richten. De BV moet per 1 januari 2021 operationeel worden. 24
Op basis van bovenstaande opsomming kunnen we stellen dat er een actieve betrokkenheid van de raad is geweest. De raad is op gezette tijden actief geïnformeerd en er is ook ruimte geweest om in gesprek te gaan over voor de raad belangrijke onderwerpen, zoals de governance van de entiteit. De raad heeft tenslotte via raadsbesluiten kaders meegegeven richting het college. Concreet betekent dit dat de raad op 29 oktober uitspreekt geen bedenkingen te hebben bij het oprichten van een BV die taken uit gaat voeren. Opzet kaderstellende en controlerende rol van de raad bij STOER BV Kaderstellende rol van de raad In het bedrijfsplan van STOER BV is de kaderstelling zoals deze voorzien werd als volgt schematisch weergegeven:
Figuur 5. Kaderstellende rol van de raad (Bedrijfsplan STOER) Omschreven staat dat de raad vanuit zijn kaderstellende rol gebruik kan maken van de gebruikelijke instrumenten zoals het indienen van moties en het uitoefenen van het recht van amendement. Anders dan in een gemeenschappelijke regeling, beschikt het college via de jaarlijks vast te stellen dienstverleningsovereenkomst met STOER over een instrumentarium om zelfstandig uitvoering te geven aan (gewijzigde) kaderstelling door de raad.
23
Gemeente Oude IJsselstreek (10 november 2020). Bedrijfsplan uitvoering Transformatie in de kijk op werk fase 1 en vervolgproces
24
Gemeente Oude IJsselstreek (3 december 2020). Besluit tot oprichting STOER B.V.
42 / 64
Controlerende rol van de raad
Figuur 6. Controlerende rol van de raad (Bedrijfsplan STOER) Over de informatievoorziening aan de raad is opgenomen dat een belangrijk deel van de politieke verantwoording plaats zou vinden binnen de reguliere P&C cyclus van de gemeente. De informatievoorziening zou zo moeten worden ingericht dat het college en de wethouder in staat zijn hun eigen controlerende rol op de uitvoering uit te oefenen. De (backoffice)administratie wordt in de gemeentelijke organisatie gevoerd waardoor de gemeente zicht heeft op de kwantitatieve en financiële voortgang. Deze informatie wordt vervolgens periodiek gedeeld met STOER, die hier vervolgens kwalitatieve duiding aan geeft. Dit vormt de basis van de hoofdlijnenrapportage aan de gemeente. 25 Rol van de raad in de praktijk Uit de interviews met ambtelijk betrokkenen blijkt dat de stroomschema’s uit het bedrijfsplan (figuur 5 en 6) in de praktijk geen doorgang hebben gevonden. Deze stroomschema’s waren gericht op een zelfstandig en op afstand functionerend STOER. Dit blijkt ook uit het blokje ‘STOER’ dat in beide figuren als aparte entiteit is opgenomen. En uit de beschrijving dat STOER een hoofdlijnenrapportage ‘aan de gemeente’ zou verstrekken. Aangezien STOER Versterkt! in de praktijk de gemeente zelf is en onder het sociaal domein valt, is hier ook de kaderstelling en verantwoording in onder gebracht.
De begroting van STOER Versterkt! is opgenomen in de begroting onder ‘Programma 2: Een leefbare gemeente’ en de verantwoording rondom STOER Versterkt! is opgenomen in de reguliere P&C-cyclus van de gemeente. Dit is anders dan in de tijd dat Laborijn verantwoordelijk was voor de uitvoering van de Participatiewet. En de Participatiewet in de verplichte paragraaf ‘verbonden partijen’ bij Laborijn zichtbaar was. Omdat de STOER B.V. een deelneming is van de gemeente wordt hierover ook verantwoord in de P&C-cyclus. In de jaarstukken van 2022 staat onder STOER B.V. opgenomen: ‘STOER geeft namens de gemeente Oude IJsselstreek uitvoering aan een aantal activiteiten die behoren tot de werkzaamheden op grond van de Participatiewet. Loopbaanbegeleiding vormt de basis van de dienstverlening van STOER’.26 Op deze manier lijkt het alsof deze taken
25
Gemeente Oude IJsselstreek (10 november 2020). Bedrijfsplan uitvoering Transformatie in de kijk op werk fase 1 en vervolgproces
26
Gemeente Oude IJsselstreek (25 mei 2023). Jaarstukken 2022.
43 / 64
vanuit de BV worden uitgevoerd maar dit is niet het geval. We kunnen ons daarom voorstellen dat het voor de raad nog niet helemaal duidelijk is wat de B.V. wel doet en niet doet. Dat dit niet duidelijk is bleek ook uit het groepsgesprek met de raad. Raadsleden ervaren dat STOER een black box is en dat niet het duidelijk is welke activiteiten er worden uitgevoerd en wat de resultaten zijn. Dat er vragen zijn kwam ook tot uiting in vragen van een raadsfractie van 13 september 2023. Een vraag luidde: ‘Hebben de activiteiten/werkwijzen van STOER BV geresulteerd in een betere aansluiting tot de arbeidsmarkt?’. Het college antwoordde hier op 10 oktober 2023 op dat vanuit de STOER BV alleen gebruikt wordt voor het onderbrengen van dienstverbanden en zelf geen taken uitvoert.27 Andere vragen van de raad over STOER waren; of het uittreden bij Laborijn tot een verbetering van de dienstverlening heeft geleid; hoeveel het uittreden bij Laborijn gekost heeft; en wat er gerealiseerd was omtrent de ambitie ‘niemand meer een uitkering’. De raad heeft eerder ook technische vragen gesteld naar aanleiding van een presentatie in de commissie MO op 13 april 2023.
Deze vragen gingen onder andere over het aandeel van de statushouders in de gemeente die op dat moment aan het werk waren en het aantal inwoners in een WSNP-regeling (Wettelijke Schuldsanering Natuurlijke Personen).28 Hoe is de raad de afgelopen periode geïnformeerd? Uit de interviews komt naar voren dat na de start in 2021 door STOER (Versterkt!) de nadruk is gelegd op het borgen van de verstrekking van uitkeringen. Er is veel aandacht uitgegaan naar en gecommuniceerd over de continuïteit zodat alles voor de inwoners goed zou verlopen. Ambtenaren die nu bij STOER Versterkt! betrokken zijn hebben het idee dat het maken van afspraken over de informatievoorziening en verantwoording daardoor wat naar de achtergrond verdwenen is. Ambtelijk betrokkenen die later bij STOER Versterkt! zijn ingestapt konden ook geen correspondentie richting de raad vinden over de manier waarop het construct STOER zich nu verhoudt tot wat ooit beoogd was. Dat STOER iets anders is geworden een BV waarin de daadwerkelijke uitvoering van werkzaamheden gebeurt, waaronder het verzorgen van dienstverlening, lijkt niet formeel aan de raad te zijn teruggekoppeld. In de interviews is benadrukt dat de P&C-cyclus nu dus leidend is voor de informatievoorziening aan de raad. Daarnaast is aangegeven dat de raad periodiek geïnformeerd wordt over de ontwikkelingen binnen STOER.
Belangrijke beslissingen worden ter informatie naar de raad gestuurd en worden op verzoek toegelicht. Als er bijvoorbeeld een memo wordt verstuurd aan de raad is dat een moment om hen op inhoud mee te nemen. In het najaar van 2022 is er een raadsbijeenkomst geweest over STOER. Hiervoor zijn raadsleden in kleine groepjes op werkbezoek geweest bij STOER. In april 2023 is een presentatie gegeven in de raadscommissie waarbij de cijfers van 2022 en focuspunten voor 2023 zijn gepresenteerd. Er is vervolgens afgesproken dat de volgende presentatie van de jaarcijfers in het eind van het eerste of begin van het tweede kwartaal wordt besproken. Naar verwachting wordt deze presentatie in mei 2024 gegeven. In mei 2023 is STOER in de commissievergadering geagendeerd en is de wijziging van de verordening en aanvraag voor de Vangnetuitkering besproken. In oktober 2023 is een evaluatie over de voortgang van de maatschappelijke
27
Gemeente Oude IJsselstreek (10 oktober 2020). Beantwoording schriftelijke vragen.
28
Gemeente Oude IJsselstreek (april 2023). Technische raadsvragen naar aanleiding van presentatie commissie MO 13 april 2023.
44 / 64
banen met de raad gedeeld29. Eind dat jaar is er verder een memo over re-integratie gedeeld met en gepresenteerd aan de raad.30 Ten tijde van dit onderzoek wordt voor het eerst een jaarplan opgesteld, voor het jaar 2024. Hierin wordt ook de huidige werkwijze vastgelegd. Dit zal ook gedeeld worden met de raad. Beoordeling van de normen Aspect Betrokkenheid van de raad
Norm 1. 2. 3.
De raad is duidelijk betrokken geweest bij de overwegingen, opzet en uitwerking van STOER De raad wordt duidelijk geïnformeerd over het functioneren van STOER (inclusief financiën) en de doelrealisatie. De raad vraagt zelf actief informatie en gebruikt deze om zo nodig met het college te bespreken of STOER op koers ligt
Norm 1 We zien dat de raad actief betrokken is geweest en meegenomen door het college in het uittreden bij Laborijn en het voornemen om zelf de Particpatiewet uit te voeren. Daarbij is ook interactief gesproken over de governance van de entiteit. De raad is daarbij ook kaderstellend geweest richting het college voor wat betreft het oprichten van de BV en daarbij uitgesproken geen bedenkingen te hebben bij het oprichten van een BV die taken uit gaat voeren. Er wordt daarmee ‘voldaan’ aan deze norm. Norm 2 De raad is actief meegenomen in het proces van het oprichten van de STOER BV. De raad is echter niet formeel geïnformeerd over de wijze waarop STOER feitelijk is gaan functioneren. En hoe dat zich verhoudt tot de oorspronkelijke overwegingen en kaders. Dit heeft tot onduidelijkheid bij raadsleden gezorgd. Er wordt daarmee ‘niet voldaan’ aan deze norm. Hierbij plaatsen we wel de positieve kanttekening dat er de afgelopen tijd geïnvesteerd is in het wegnemen van onduidelijkheid bij de raad door raadsleden mee te nemen in STOER via memo’s en presentaties. ’ Norm 3 De raad heeft zelf in april en oktober 2023 vragen gesteld aan het college over STOER. Deze vragen gingen onder andere over meer context bij cijfers, de uitgevoerde activiteiten en de bijdragen hiervan aan ambities omtrent STOER.
De raad toont zich daarmee actief op dit onderwerp en benut de mogelijkheid om vragen te stellen om het gesprek met het college aan te gaan over de koers. Er wordt daarmee ‘voldaan’ aan deze norm.
29
Gemeente Oude IJsselstreek (10 oktober 2020). Evaluatie en toekomst van de Maatschappelijke banen
30
Gemeente Oude IJsselstreek (10 november 2020). Ontwikkelingen op het gebied van re-integratie bij STOER Versterkt!
45 / 64
4.3. Buurtzorg Jong In deze paragraaf zoomen we in op de samenwerkingsvorm tussen de gemeente en Buurtzorg Jong.
4.3.1. Ambities en doelen In deze paragraaf staan de volgende deelvragen centraal: • Wat zijn ambities en doelen die de gemeente wil realiseren met de samenwerking met Buurtzorg Jong? • Hoe zijn deze ambities en doelen uitgewerkt in afspraken met Buurtzorg Jong wat betreft te verrichten activiteiten, te bereiken resultaten en daarvoor ter beschikking te stellen budgetten? Subsidietender: opdracht aan Buurtzorg Jong Het college heeft door het opstellen van de ‘bestuursopdracht transformatie in de kijk op zorg en hulp voor jeugd en gezin’ in maart 2019 haar visie kenbaar gemaakt op de wijze waarop zij jeugdzorg in de gemeente wil vormgegeven. 31 Voorheen werd toegang tot jeugdzorg door consulenten binnen de gemeentelijke organisatie beheerd. Het college had de overtuiging dat deze consulenten onvoldoende professionele ruimte kregen omdat zij gebonden zijn aan regelgeving. Zo ontstond de wens voor een ‘huisartsenmodel’; een samenwerkingspartner waarmee de lijnen kort zijn en die gesprekken voert met inwoners, zelf zorg kan verlenen en waar nodig kan doorverwijzen naar specialistische zorg.
In navolging hiervan is subsidietender ‘Lokaal Team Jeugd’ opgesteld en in juni 2019 uitgezet om een samenwerkingspartner te selecteren die samen met de gemeente de visie op transformatie gaat realiseren.32 In het kader van de nieuwe visie, waarin meer ruimte is voor professionals, zijn in deze tender zo weinig mogelijk regels en procedures opgenomen. Ambtelijk betrokkenen geven aan dat ze in dit aanbestedingsproces veel nadruk op de visie hebben gelegd en dat de inhoud voorop stond. Drie partijen zijn de dialoogfase ingegaan. Hierin zijn niet alleen de managers maar ook een breed palet aan professionals aan het woord gekomen. Uiteindelijk heeft Buurtzorg Jong de opdracht gegund gekregen op 10 september 2019. Het subsidiebudget is vastgesteld op €1.300.000 voor het eerste jaar.33 Op 1 januari 2020 is Buurtzorg Jong gestart met de rol van jeugdhulpverlener, verwijzer en casusregisseur in de gemeente Oude IJsselstreek. Afgesproken is dat er een jaarlijkse subsidie wordt versterkt voor de duur van vijf jaar (tijdvak 2020-2024). Ambities en doelen In de Leidraad voor de subsidietender is beschreven dat transformatie van de jeugdzorg gaat over het realiseren van de volgende doelen: 1. Het verbeteren van de gezondheid en kwaliteit van leven van de jeugd binnen de gemeente; 2. Het verbeteren van de door de inwoner ervaren kwaliteit van de hulp en ondersteuning; 3.
Het beheersen en verlagen van de kosten voor de gemeente. Een belangrijk onderdeel van de selectiecriteria in de subsidietender was de wijze waarop de te contracteren partij
31
Gemeente Oude IJsselstreek (maart 2019). Bestuursopdracht transformatie in de kijk op zorg en hulp voor jeugd en gezin.
32
Gemeente Oude IJsselstreek (18 juni 2019). Leidraad subsidietender Lokaal Team Jeugd Oude IJsselstreek.
33
Gemeente Oude IJsselstreek (30 juni 2019). Subsidieregeling lokaal Team Jeugd Oude IJsselstreek 2019.
46 / 64
invulling zou geven aan de thema’s normaliseren, voorkomen en samenwerken/vernieuwen. Ofwel, de thema’s die centraal staan in de visie op de transformatie van de gemeente Oude IJsselstreek. In de beginperiode van de samenwerking hebben de gemeente en Buurtzorg Jong veel gesprekken gevoerd waarin deze begrippen verder zijn verkend. Een belangrijke overweging om Buurtzorg te selecteren is het feit dat Buurtzorg Jong meer normaliserend en preventief wil werken en gericht is op samenwerken en innoveren. Deze drie begrippen komen ieder jaar terug in de subsidieaanvraag die Buurtzorg Jong doet en in de beschikking vanuit de gemeente. In de interviews is toegelicht dat het vloeiende begrippen die aan elkaar raken en in elkaar overlopen. En waarbinnen ook jaarlijks andere prioriteiten aan gegeven kunnen worden, afhankelijk van wat er gevraagd wordt. Zo wordt er jaarlijks het gesprek gevoerd over de focus van de doelstellingen en wordt dit ook jaarlijks herijkt aan de hand van de resultaten, trends en ontwikkelingen. En naar aanleiding hiervan wordt de focus voor het jaar erna bepaald.
Zo lag in 2021 op het aspect ‘normaliseren’ in 2021 de focus op het aanbieden van een meidengroep, zoveel mogelijk de ondersteuning vanuit het lokale team aan te bieden, het kritisch bekijken van het aantal uren dat een aanbieder wil inzetten in het gezien en door het samenwerken met scholen waardoor het gedrag van kinderen beter geduid kan worden. Ten aanzien van ‘voorkomen’ lag in 2021 onder andere de focus op het meer inzetten van het netwerk en ervaringsdeskundigen zodat er meer hulpvragen vanuit preventie in het lokale veld al opgelost worden. Tenslotte lag in 2021 ten aanzien van ‘samenwerken en ‘innoveren’ de focus onder andere aan het gezamenlijk ontwikkelen van een werkwijze voor intervisie, casuïstiekbespreking en coaching door de teamcoach.34 Het voorgaande laat zien dat de afspraken over doelen en ambities tussen de gemeente meer kwalitatief van aard zijn in plaats van dat deze sterk SMART geformuleerd zijn. Ook in de subsidieaanvraag en de beschikking zijn er beperkt concreet geformuleerde doelen vastgelegd. Dit is een bewuste keuze zo is in de interviews toegelicht omdat de jeugdhulp een weerbarstig vraagstuk is waar verschillende factoren van invloed op zijn. En omdat de thema’s preventie, normaliseren en innoveren ook een kwalitatief karakter hebben.
In lijn hiermee is in de subsidieleidraad opgenomen dat er géén in recht afdwingbare verplichtingen overeen worden gekomen. Wel is het college gerechtigd om de subsidie geheel of gedeeltelijk in te trekken (en terug te vorderen) indien de gesubsidieerde activiteiten niet of gebrekkig worden uitgevoerd. Activiteiten en budgetten Vanuit de organisatie is toegelicht dat de subsidie aan Buurtzorg Jong in 2021 en 2022 gebaseerd is op de inschrijving vanuit Buurtzorg Jong. Deze is inschrijving is zoals gebruikelijk bij aanbestedingen niet openbaar in verband met bedrijfsgevoelige informatie. Op de inschrijving is daarnaast door het college expliciet geheimhouding gelegd met een collegebesluit d.d. 12-11-2019 (zaaknr 59520). De inschrijving is voor raadsleden wel op kantoor bij de griffie in te zien. Vanuit de documenten is er daarom voor ons weinig zicht op de aanvragen en bijbehorende activiteiten. Er zijn bij ons wel Plannen van Aanpak voor de ‘ontwikkelagenda 2021 en verder’ in bezit en een Plan van Aanpak voor een aanvullende opdracht. In deze ontwikkelagenda en het Plan van Aanpak zijn concrete activiteiten beschreven die Buurtzorg Jong gaat ondernemen met de te ontvangen subsidie.
Ter illustratie een paar voorbeelden: • Ontwikkelen dashboard ten behoeve kwaliteitszorg en monitoring • Deelname aan het bouwteam ‘Specialistische Jeugdhulp in de buurt’ • Uitwerken thuisbegeleiding i.s.m. Yunio; en
34
Buurtzorg Jong (april 2022). Jaarrapportage Oude IJsselstreek 2021.
47 / 64
•
Kansrijke Start: deelnemen aan (opstarten van) lokale coalitie met o.a. verloskundige, jeugdgezondheidszorg, kraamzorg, kinderopvang, poli kwetsbare zwangeren, huisartsen, etc.
Aan de subsidies zijn duidelijke budgetten verbonden welke hun oorsprong vinden in de subsidieregeling Lokaal Team Jeugd. De gemeente geeft jaarlijks eerst een voorlopige beschikking af aan Buurtzorg Jong en daarna een definitieve beschikking. De definitieve budgetten in de afgelopen jaren waren: • 2020: € 947.501 • 2021: € 1.134.739 • 2022: € 1.558.866. Over deze budgetten is door de organisatie toegelicht dat de gemeente niet van Buurtzorg Jong verwachtte dat zij meteen in 2020 de volle omvang (in fte’s) zouden realiseren. In samenspraak is Buurtzorg Jong in 2020 klein gestart en heeft op basis van de vragen die aan hen gesteld werden in 2020, 2021 en 2022 de formatie opgeschaald. Vanaf 2022 is op basis van een aanvullende opdracht wel een extra bedrag toegekend bovenop de oorspronkelijke subsidie. Dit bedrag is aangevraagd middels het eerder gememoreerde Plan van Aanpak. Beoordeling van de normen Aspect Ambities en doelen
Norm 1. 2. 3.
Er ligt een duidelijke overweging aan de keuze voor Buurtzorg Jong als samenwerkingspartner ten grondslag De gemeente heeft duidelijke ambities en doelen geformuleerd voor de samenwerking met Buurtzorg Jong De te bereiken doelen zijn uitgewerkt in afspraken over te verrichten activiteiten, resultaten en budgetten
Norm 1 Er ligt een duidelijke overweging aan de keuze voor Buurtzorg Jong als samenwerkingspartner ten grondslag. In lijn met de visie op de transformatie binnen de jeugdzorg is gekozen voor een samenwerkingsvorm vergelijkbaar met het ‘huisartsenmodel’. Hierin krijgt Buurtzorg Jong als private samenwerkingspartner de ruimte om vanuit professie te handelen. Een subsidierelatie was hierbij volgens de gemeente de meest geschikte vorm. We constateren dat er daarmee wordt ‘voldaan’ aan deze norm. Norm 2 In de subsidietender waar Buurtzorg Jong op heeft ingeschreven zijn drie doelen opgenomen die aan de subsidie ten grondslag liggen. En is vastgelegd dat er wordt ingezet op normalisatie, preventie en samenwerking/innovatie. Deze doelen zijn meer hoogover en kwalitatief geformuleerd en niet SMART gemaakt. Dit laatste is volgens betrokkenen ook niet wenselijk omdat er binnen deze begrippen ruimte is om jaarlijks een andere focus aan te brengen. Daarmee zijn er wel doelen maar lijken deze niet concreet uitgewerkt waarmee er ‘deels voldaan’ wordt aan de norm. Norm 3 Buurtzorg Jong maakt aan de gemeente kenbaar op welke activiteiten zij zich gaat richten binnen de ambities en doelen van de gemeente. Hieraan zijn ook jaarlijks herleidbare budgetten gekoppeld.
Omdat er beperkt concrete doelen zijn geformuleerd is er echter niet echt sprake van een uitwerking waarin wordt duidelijk gemaakt hoe de activiteiten gaan bijdragen aan de te bereiken doelen. Er wordt daarmee ‘deels voldaan´ aan de norm.
48 / 64
4.3.2. Governance In deze paragraaf staan de volgende deelvragen centraal: • Hoe is de governance geregeld op de aspecten beheersen en toezicht? • Verlopen de beheersing en het toezicht conform de opzet? Rechtmatigheid geborgd via subsidieregeling Een algemeen kader waarin uitgangspunten over de governance zijn vastgelegd is de Subsidieregeling lokaal Team Jeugd Oude IJsselstreek 2019.35 Hierin zijn een aantal belangrijke aspecten rondom het subsidieproces vastgelegd, waaronder de indieningsvereisten, de omvang van het eerste jaar van de subsidie, de beslistermijn en de wijze waarop vaststelling plaatsvindt. Bepaald is dat de geselecteerde partner, in dit geval Buurtzorg Jong, in elk geval een overzicht moet geven van de uitgevoerde gesubsidieerde activiteiten, een op het betreffende kalenderjaar ziende jaardocument maatschappelijke verantwoording moet indienen; en een financieel verslag moet indienen inclusief controleverklaring. Op deze manier is via de subsidieregeling de rechtmatigheid van de subsidie geborgd. Toezicht en sturing ambtelijk en bestuurlijk Voor wat betreft de governance is verder georganiseerd dat er maandelijks een gesprek plaatsvindt tussen de gemeente en Buurtzorg Jong over de voortgang van de subsidieafspraken. Aan de kant van de gemeente nemen hier een kwaliteitsmedewerker en de accountmanager en de manager van Wmo deel.
Aan de kant van Buurtzorg Jong is de directeur vertegenwoordigd. Tijdens deze overleggen worden de lopende zaken besproken en wordt ingegaan op de ontwikkel- en focuspunten die ook specifiek voor de aspecten normaliseren, voorkomen en samenwerken/vernieuwen zijn afgesproken. Daarnaast vindt er drie à vier keer per jaar een bestuurlijk overleg plaats waarbij naast de accountmanager, de manager inkoop en de regisseur zorg en veiligheid, de verantwoordelijk wethouder en burgemeester ook betrokken zijn. In de interviews is toegelicht dat deze overleggen meer gaan over de grote lijnen binnen het sociaal domein in Oude IJsselstreek. Vragen als ‘welke visie heeft de gemeente over heel het sociaal domein en hoe willen we daar naartoe?’ en ‘wat hebben we daarvoor nodig van andere domeinen binnen de gemeente?’ staan hierbij centraal. Deze periodieke gesprekken zijn dus strategischer van aard dan de meer operationele en meer frequente gesprekken die alleen op ambtelijk niveau plaatsvinden. Vanuit de interviews komt naar voren dat dit iets afwijkt van de standaard werkwijze voor de governance van grote subsidierelaties. Toegelicht is dat ook voor de andere strategische subsidiepartners (zie eerder paragraaf 3.1.2. Subsidies) een governance is opgezet met ambtelijke kwartaalgesprekken tussen accounthouders en subsidierelaties.
Aan het einde van een subsidiejaar levert Buurtzorg Jong, conform ook is afgesproken in de subsidieregeling, een jaarrapportage aan. Hierin gaat Buurtzorg Jong in op de voortgang en resultaten, de samenwerking met de gemeente en worden trends in hulpvragen geschetst, onderbouwd met cijfers. Ook voert Buurtzorg Jong jaarlijks een evaluerend gesprek met de klankbordgroep van cliënten waarin zij worden gevraagd naar hun ervaringen. Deze ervaringen gebuikt Buurtzorg Jong om de dienstverlening te verbeteren. De resultaten van de evaluatie maken ook onderdeel uit van het jaarverslag.
Beoordeling van de normen
35
Gemeente Oude IJsselstreek (30 juni 2019). Subsidieregeling lokaal Team Jeugd Oude IJsselstreek 2019.
49 / 64
Aspect
Norm
Opzet en doelstellingen
1. 2.
Er zijn duidelijke afspraken gemaakt over de governance van de samenwerking met Buurtzorg Jong op de aspecten beheersen en toezicht De beheersing en het toezicht op Buurtzorg Jong lopen conform opzet
Beoordeling van de normen Norm 1 Er zijn afspraken gemaakt over het jaarlijkse subsidieproces rondom de aanvraag, beslissing en verantwoording. Daarbij hanteert de gemeente een standaard werkwijze voor het toezicht op de ‘grotere’ subsidierelaties via maandelijkse ambtelijke accounthouderoverleggen en bestuurlijke periodieke overleggen over de voortgang. Er is daarmee ‘voldaan´ aan de norm. Norm 2 Het subsidieproces wordt gevolgd met een jaarlijkse aanvraag en de daarbij behorende verantwoording via een jaarrapportage. Ook vindt conform is afgesproken maandelijks een accounthoudersoverleg plaats waarbij de lopende zaken worden besproken aan de hand van gegevens die Buurtzorg Jong vanuit de uitvoeringspraktijk genereert. Conform is afgesproken vinden ook periodiek de bestuurlijke gesprekken plaats waarin de strategische visie binnen het sociaal domein centraal staat. Er wordt daarmee ‘voldaan’ aan de norm.
4.3.3. Doelrealisatie In deze paragraaf worden de volgende deelvragen beantwoord: • Wat zijn de bereikte resultaten en worden daarmee de doelen en ambities gerealiseerd? • Stuurt het college actief bij op de samenwerking met Buurtzorg Jong indien de verantwoording daartoe aanleiding geeft? Verantwoording 2022 We zien dat Buurtzorg Jong in 2022 de verantwoording via de jaarrapportage heeft aangepast ten opzichte van 2021. Daar waar in 2021 de jaarrapportage een lijviger verslag was van 21 pagina’s, bestaat het jaarverslag van 2022 uit 4 pagina’s die meer lezen als een factsheet. De factsheet bestaat uit een combinatie van cijfers, grafieken en trends (kwantitatief) en verhalen en casuïstiek (kwalitatief). Kwantitatief maakt Buurtzorg Jong onder andere inzichtelijk dat: • De verwijzingen naar specialistische jeugdhulp tussen januari 2021 en december 2022 is afgenomen van 1028 naar 916 en de verwijzingen naar de Jeugd-GGZ in dezelfde periode zijn gedaald van 296 naar 252. Vermoed wordt dat die laatste daling mede komt door de gezamenlijke visie van de gemeente en Buurtzorg Jong op normaliseren. • Het gemiddelde cijfer dat de hulpverlening van Buurtzorg Jong kreeg een 8,5 was. • Het eigen netwerk en lokale partners steeds meer ingezet worden. Bij 140 gezinnen (20%) kon (een deel van) de hulpvraag worden beantwoord door het eigen netwerk of een vrijwilliger.
In 2021 waren dit 76 gezinnen (14%). Verder kon bij 145 gezinnen (21%) kon een lokale partner worden ingezet om (een deel van) de hulpvraag te beantwoorden. In 2021 waren dit 73 gezinnen (13%). Buurtzorg Jong levert dus verschillende data aan en kijkt hierbij samen met de gemeente naar voor hun belangrijke criteria zoals de inzet van specialistische hulp. Ter illustratie, als specialistische hulp wordt teruggebracht, is dat een vorm van normaliseren. Maar het is niet met zekerheid te zeggen dat de gepleegde inzet en uitgevoerde activiteiten