Toelichting bestemmingsplan Walkwartier Oss 2021.PDF
Tekst van het document
Er moet innovatief worden omgegaan met de benutting van de infrastructuur. Het Rijk kiest voor een selectieve inzet van rijksbeleid op dertien nationale belangen. Voor die belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaat boeken. Buiten deze dertien belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. De 13 nationale belangen zijn: Vergroten van de concurrentiekracht van Nederland: 1. een excellente ruimtelijk-economische structuur van Nederland door een aantrekkelijk vestigingsklimaat in en goede internationale bereikbaarheid van de stedelijke regio’s met een concentratie van topsectoren; 2. ruimte voor het hoofdnetwerk voor (duurzame) energievoorziening en de energietransitie; 3. ruimte voor het hoofdnetwerk voor vervoer van (gevaarlijke) stoffen via buisleidingen; 4. efficiënt gebruik van de ondergrond. Verbeteren en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid 5. een robuust hoofdnet van wegen, spoorwegen en vaarwegen rondom en tussen de belangrijkste stedelijke regio’s inclusief de achterlandverbindingen; 6. betere benutting van de capaciteit van het bestaande mobiliteitssysteem; 7. het instandhouden van het hoofdnet van wegen, spoorwegen en vaarwegen om het functioneren van het mobiliteitssysteem te waarborgen. Waarborgen kwaliteit leefomgeving 8.
verbeteren van de milieukwaliteit (lucht, bodem, water) en bescherming tegen geluidsoverlast en externe veiligheidsrisico’s; 9. ruimte voor waterveiligheid, een duurzame zoetwatervoorziening en kaders voor klimaatbestendige stedelijke (her)ontwikkeling; 10. ruimte voor behoud en versterking van (inter)nationale unieke cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten; 11. ruimte voor een nationaal netwerk van natuur voor het overleven en ontwikkelen van flora- en faunasoorten; 12. ruimte voor militaire terreinen en activiteiten. Overkoepelend 13. zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Zie verder paragraaf 5: Verantwoording.
Walkwartier – 2021, pag. 29 van 67 vastgesteld januari 2021
4.2.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)
Indien nationale belangen met het oog op een goede ruimtelijke ordening dat vergen, kan de minister regels stellen aan de inhoud van bestemmingsplannen. Dit heeft de minister, in de vorm van een algemene maatregel van bestuur, gedaan in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Op 30 december 2011 is dit besluit in werking getreden. Het kabinet heeft in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld dat voor een aantal onderwerpen verdere regels gesteld moeten worden. In het Barro komen dertien nationale belangen als titels terug. De volgende kunnen relevant zijn voor ruimtelijke plannen in de gemeente Oss: • rijks vaarwegen; • grote rivieren; • defensie; • hoofdwegen en hoofdspoorwegen; • elektriciteitsvoorziening; • buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen; • ecologische hoofdstructuur; • primaire waterkeringen buiten het kustfundament. De regels in het besluit zijn concreet normstellend benoemd en moeten direct of indirect (door tussenkomst van de provincie) doorwerken tot het niveau van de lokale besluitvorming. De indirecte doorwerking komt enkel bij de Ecologische Hoofdstructuur en de Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarden voor. Het Barro voorziet verder in een hoofdstuk overige bepalingen en gaat gepaard met meerdere bijlagen.
In deze bijlagen worden onder andere de belangen van de grote rivieren en defensie geografisch begrensd. Bij het opstellen van bestemmingsplannen (en andere ruimtelijke besluiten) dient rekening te worden gehouden met de bepalingen van het Barro. Voor de gemeente Oss zijn met name de titels met betrekking tot de rijks vaarwegen, de grote rivieren, primaire waterkeringen buiten het kustfundament en defensie (rechtstreeks) van belang. De regels in titel 2.4 Grote rivieren vormen feitelijk de doorwerking van de Beleidsregels Grote rivieren. Ten aanzien van titel 2.6 Defensie wordt de enige mogelijke beperking gevormd door de bescherming van het radarverstoringsgebied van de vliegbasis Volkel. Zie verder paragraaf 5: Verantwoording. 4.2.3
Ladder voor duurzame verstedelijking
Plannen, die nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken, moeten gemotiveerd worden vanuit de ‘ladder voor duurzame verstedelijking’. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De bepaling luidt (artikel 3.1.6 lid 2 Besluit ruimtelijke ordening): “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien”. Als er sprake is van een wijzigings- of uitwerkingsplan, geldt het volgende (artikel 3.1.6 lid 3 Besluit ruimtelijke ordening): “Indien in een bestemmingsplan een wijzigings- of uitwerkingsbevoegdheid is opgenomen, dan kan in dat bestemmingsplan worden bepaald dat de beschrijving van de behoefte aan een nieuwe stedelijke ontwikkeling en de motivering daarvan (als bedoeld in artikel 3.1.6. lid 2 Bro) wordt opgenomen in de toelichting bij het wijzigings- of het uitwerkingsplan als bedoeld in dat artikel”. Stedelijke ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld een bedrijventerrein, kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.
Nieuwe stedelijke ontwikkeling zijn ontwikkelingen, die nog niet eerder in een bestemmingsplan of ander juridisch verbindend ruimtelijk plan zijn opgenomen. Het plan Walkwartier) maakt de herontwikkeling van een verouderd deel van het Oss centrum naar een nieuwe samenhangende ruimtelijke structuur met meerdere centrumvoorzieningen en wonen mogelijk.
Walkwartier – 2021, pag. 30 van 67 vastgesteld januari 2021
Het geheel is aan te merken als stedelijke ontwikkeling, maar slechts ten dele als een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Ten opzichte van de huidige situatie blijft de bebouwingscontour van plan Walkwartier nagenoeg gelijk (ongeveer 6.000m2 versus 5.700m2). Ook is een groot deel van de beoogde centrumfuncties al vanuit het eerdere bestemmingsplan (Centrum Oss-2013) juridisch mogelijk. De planologische uitgangspunten voor het plangebied blijven gericht op centrumfuncties maar worden meer toegesneden op de positionering binnen het centrum van Oss. Daartoe wordt het onderscheid centrum-kern of centrum-rand op het plangebied doorgevoerd. De planologische regeling in het zuidelijk deel van het Walkwartier sluit daardoor aan bij de gemengde centrumfuncties die in de randen van het centrum van Oss passend zijn. Dit zijn vooral ook publieksgerichte cultureel-maatschappelijke voorzieningen. Detailhandel en horeca worden echter beperkt. De aard van de functies verandert dus niet en blijft gericht op centrumvoorzieningen. De zeer beperkte toename van het ruimtebeslag en de handhaving van het ruimtegebruik door centrumfuncties maakt dat de beoogde ontwikkeling in het kader van de Ladder niet is aan te merken als een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Paragraaf 5 gaat verder in op de verantwoording van de centrumfuncties.
Hoewel wonen op de verdieping ook al eerder opgenomen mogelijk is, gaan de huidige plannen uit van een flink hogere bouwhoogte. De ruimte voor wonen wordt daarmee aanzienlijk uitgebreid en is wel aan te merken als nieuwe stedenbouwkundige ontwikkeling. De verantwoording van het programma wonen is opgenomen in paragraaf 5. De planlocatie ligt binnen het bestaand stedelijke gebied van de stad Oss. De ladderverantwoording is daarom gericht op de beschrijving van de behoefte. Een verzwaarde motivering is niet nodig.
4.3
Provinciaal wettelijk kader
4.3.1
Interim omgevingsverordening Noord-Brabant
In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vertaalt de provincie Noord-Brabant de kader stellende elementen uit haar beleid en rijksbeleid, waaronder het Besluit algemene regels Ruimtelijke ordening, in regels die van toepassing zijn op (gemeentelijke) bestemmingsplannen. De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is in oktober 2019 vastgesteld. Voor het onderhavige plan zijn regels uit de paragraaf Afdeling 3.5 Stedelijke ontwikkeling en mobiliteit relevant. Voor stedelijke ontwikkeling zijn er twee werkingsgebieden opgenomen: 1. stedelijk gebied met een onderverdeling in: • stedelijk concentratiegebied; • kernen in landelijk gebied; 2. verstedelijking afweegbaar. Hierbij is een basisregeling geformuleerd voor een duurzame stedelijke ontwikkeling: uitgangspunt daarbij is dat eerst de mogelijkheden in Stedelijk gebied worden benut of de mogelijkheden in leegkomend of leegstaand erfgoed elders in de gemeente. Als daarbinnen vanuit kwalitatieve- of kwantitatieve overwegingen geen ruimte beschikbaar is, kan een afweging worden gemaakt voor nieuw ruimtebeslag in Verstedelijking afweegbaar. Duurzame stedelijke ontwikkeling wordt nader gekaderd in artikel 3.42: Lid 1 : Een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen ligt binnen Stedelijk gebied en bevat een onderbouwing dat: a.
de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken; b. het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Lid 2 : Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: a. bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; b. bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie van verouderde stedelijke gebieden;
Walkwartier – 2021, pag. 31 van 67 vastgesteld januari 2021
c. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; d. houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water; e. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; f. draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie. Ook is bij stedelijke ontwikkelingen de relatie gelegd met de afspraken die in het regionaal overleg zijn gemaakt. Deze afspraken gaan onder andere over duurzame verstedelijking en zorgvuldig ruimte gebruik. Afdeling 5.4 Regionaal samenwerken, gaat nader in op de wijze van regionale samenwerking, de onderwerpen van de samenwerking en het maken van regionale afspraken in het regionale overleg. Van belang daarbij zijn de prognoses en analyses die periodiek door de provincie worden opgesteld. Artikel 5.18 Prognoses zegt daarover: Lid 1: Gedeputeerde Staten stellen in overleg met de regio's ten minste eens per bestuursperiode relevante prognoses en analyses op, zoals in ieder geval een bevolkings- en woningbehoefteprognose, een prognose voor de ruimtebehoefte aan bedrijventerreinen en een trendanalyse van de mobiliteitsontwikkeling, die richting gevend zijn voor de gezamenlijk te maken afspraken. Lid 2 : De prognoses en analyses houden rekening met het principe van concentratie van verstedelijking.
Artikel 5.19 gaat in op de opstelling van een regionale omgevingsagenda. De regionale omgevingsagenda is het instrument waarin regio en provincie hun gezamenlijke ambitie en de bijbehorende opgaven en acties benoemen en de wijze waarop partijen willen gaan samenwerken om die doelen te halen. Het is de basis voor het tweejaarlijks overleg en een belangrijke bouwsteen voor de inbreng van provincie en regio in het overleg over de Omgevingsagenda op landsdeelniveau als opvolger van de Mirtgebiedsagenda. De Regionale Omgevingsagenda wordt eenmaal in de 3 à 4 jaar opgesteld en is leidend bij de verdere uitwerking en bespreking van de opgaven in het tweejaarlijkse regionaal overleg. Over de uitwerking van de regionale omgevingsagenda zegt artikel 5.20: Lid 1: De uitwerking van de gezamenlijke ambities en hoofdopgaven in integrale gebiedsontwikkelingen en concrete programmering vindt plaats op een schaal die past bij de ruimtelijk-functionele relaties van de opgave zoals opgenomen in de Regionale omgevingsagenda. Lid 2: Gedeputeerden Staten maken jaarlijks -uiterlijk 31 december- ten minste afspraken over: 1.
duurzame verstedelijking en bereikbaarheid binnen het netwerk van de (sub-)regionaal samenwerkende steden en dorpen, in samenhang met de opgaven met betrekking tot klimaatadaptatie, energietransitie, mobiliteit, economische structuurversterking, sociale veerkracht en zorgvuldig ruimtegebruik; 2. de prioritaire integrale gebiedsopgaven in de betreffende (sub-)regio's en de gezamenlijke aanpak hiervan, die liggen in gebieden waar meerdere urgente transitieopgaven uit de provinciale omgevingsvisie samenkomen. Lid 3: De afspraken over duurzame verstedelijking, als bedoeld in het tweede lid over de ontwikkeling, herbestemming en/of transformatie van locaties voor wonen, werken en voorzieningen: 1. maken duidelijk hoe het (sub-)regionale woningbouwprogramma en de behoefte aan werklocaties, zowel in kwantitatieve, kwalitatieve als ruimtelijke zin, de komende jaren worden ingezet; 2. zijn gericht op zorgvuldig ruimtegebruik en op een realistische, flexibele en vraaggerichte planning en programmering van woningbouw, werklocaties en voorzieningen; 3. zijn er op gericht over programmering te voorkomen en gaan waar nodig in op deprogrammering; 4. worden gemaakt, rekening houdend met (toekomstige) binnenstedelijke transformatieopgaven en het aanpakken en voorkomen van leegstand; 5.
de werkwijzen die gehanteerd worden, de voorwaarden waaraan voldaan moet worden, en het (sub)regionale besluitvormingsproces dat doorlopen wordt om nieuwe locaties voor wonen, werken en voorzieningen te ontwikkelen of bestaande locaties van functie te laten veranderen. Lid 4: Periodiek, ten minste eens per bestuursperiode, maken partijen in de (sub-)regio afspraken over de toepassing van artikel 3.9 Kwaliteitsverbetering landschap en worden de resultaten met elkaar besproken.
Walkwartier – 2021, pag. 32 van 67 vastgesteld januari 2021
Lid 5: Er is sprake van een afspraak wanneer er overeenstemming is tussen provincie, gemeenten en waterschappen in de betreffende regio. Lid 6: In het geval partijen niet tot overeenstemming komen, stellen Gedeputeerde Staten de afspraken vast, gehoord de mening van deelnemers aan de Regionale omgevingsagenda. Het onderhavige plan voor het centrum van de stad Oss valt binnen het ‘stedelijk concentratiegebied’. De ontwikkelingen die binnen het plangebied mogelijk worden gemaakt zien vooral op wonen en centrumvoorzieningen en passen binnen de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant. De afstemming op regionaal niveau vindt plaats binnen de regio Noordoost Brabant. Zie verder paragraaf 5 Verantwoording. 4.4
Provinciaal beleid
4.4.1
Omgevingsvisie Brabant
De provincie wil alvast gaan werken volgens de uitgangspunten van de nieuwe Omgevingswet. Daarom is in december 2018 de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld. De Brabantse Omgevingsvisie is een samenhangende visie op de fysieke leefomgeving. De Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Dat gaat om ambities op gebied van de energietransitie, een klimaat proof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. Die visie is zelfbindend, dat wil zeggen dat een overheids laag zich aan haar eigen visie moet houden. Een overheid kan de keuzes uit de Omgevingsvisie vastleggen in regels, de Omgevingsverordening. Aan die regels moeten overheden, bedrijven en burgers zich houden. 4.5
Gemeentelijk beleid
4.5.1
Structuurvisie
Op 1 maart 2006 is de structuurvisie voor de gemeente Oss vastgesteld. De structuurvisie schetst de ruimtelijke koers van de gemeente op de langere termijn (tot 2020). Het is de opvolger van het Ruimtelijk Ontwikkelingsplan 1996 - 2015. In de visie zijn op het gebied van het wonen de volgende opgaven geformuleerd: • het versterken van de kwaliteit en de diversiteit van de woonmilieus; • het verhogen van de leefbaarheid in de wijken en de kernen; • het voorzien in de woningbehoefte, met name voor ouderen en jongeren; • het verhogen van de keuzemogelijkheden in het aanbod van woningen en woonmilieus; • het vasthouden van de huishoudens met de hogere inkomens. Ten aanzien van het voorzieningenniveau is in de visie neergelegd dat de gemeente Oss er naar zal streven een bereikbaar voorzieningenpakket voor de wijken en de kernen in stand te houden. Op dit moment wordt een nieuwe omgevingsvisie voorbereid. 4.5.2
Wonen
De Woonvisie Gemeente Oss 2020 formuleert de belangrijkste doelen en ambities voor het wonen in Oss voor de komende jaren. De woonvisie 2020 bestendigt de visie en ambities uit de Woonvisie 2013 en plaatst deze in het huidig tijdsgewricht. Daarbij geeft de Woonvisie 2020 de richting en focus op het gemeentelijk woonbeleid voor de komende jaren. Met de woonvisie wil de gemeente Oss aan vier
Walkwartier – 2021, pag. 33 van 67 vastgesteld januari 2021
ambities uitvoering geven: Complete woongemeente. Aandacht voor de woonomgeving in bestaande wijken en kernen. Een flexibel en gedifferentieerd woningbouwprogramma. Comfortabele woningvoorraad. Een woningvoorraad die aansluit bij de behoeften en wensen van de bewoners. De woningen zijn duurzaam en toekomstbestendig. Een (t)huis van alle groepen inwoners. Aandacht voor de groep kwetsbare inwoners met een zorgbehoefte die in de toekomst in een reguliere woning moeten blijven wonen. Ook aandacht voor de inwoners met een middeninkomen en jongeren die in de koop- en huursector buiten de boot dreigen te vallen. Versterking van de woonfunctie van Oss, ook in regionaal opzicht. 4.5.3
Portefeuillemanagement ‘Wonen’
Voor de bepaling van het woningbouwprogramma hanteert de gemeente Oss sinds 2012 de systematiek van het Portefeuillemanagement Wonen (PFM Wonen Oss). Dit is ook vastgelegd in de Woonvisie Oss, actualisatie 2020. Er vindt periodiek een strategische afweging en prioritering van woningbouwprojecten plaats. De provinciale prognoses en de gemeentelijke doelstellingen voor woningbouw zijn de basis voor deze afweging. De systematiek van de PFM wordt steeds toegepast bij de afweging van nieuwe plannen voor woningbouw, telkens tegen de achtergrond van de meest actuele ontwikkelingen op de Osse woningmarkt. In 2019 zijn de uitgangspunten van het portefeuillemanagement Wonen geactualiseerd (PFM Wonen, actualisatie december 2019). Daarmee wordt aangesloten op de actuele behoefte, ontwikkelingen en de prognoses Enkele uitgangspunten van PFM Wonen Oss zijn: • met het portefeuillemanagement bepalen we het woningbouwprogramma van Oss, zowel naar omvang als kwalitatieve samenstelling. Dit programma stemmen we af op de bestaande woningvoorraad en de behoefte van de verschillende doelgroepen qua woningtype, eigendomsvorm en woonmilieus; • PFM Wonen maakt het mogelijk om nieuwbouwprojecten in de hele gemeente strategisch af te stemmen in planning en prioriteit. De keuzen en prioritering maken we op basis van een afweging van beleidskeuzes uit de woonvisie.
Maar ook de ruimtelijk-functionele meerwaarde voor een gebied, de verplichtingen uit het verleden en de financiën wegen we mee; • de omvang van de woningbouwopgave is afgeleid van de prognose van de provincie Noord-Brabant. De meest recente prognose is van mei 2017 en geeft een bandbreedte voor de opgave: Laag (autonome opgave woningvoorraad vanuit bevolkingsprognose) en hoog (autonome opgave + inlopen huidige tekorten). We richten ons voor de komende 10 jaar periode op de opgave op basis van de hoge prognose. Dit is het kader waarbinnen we woningbouw in dit bestemmingsplan afwegen; • de provinciale prognose is berekend op het niveau van de totale gemeente. We vertalen deze prognose door naar de woningbehoefte in de verschillende gebiedsdelen van Oss. Voor het landelijke gebied is de opgave voor woningbouw gericht op de behoefte vanuit de natuurlijke bevolkingsontwikkeling in de landelijke kernen. Het zwaartepunt van stedelijke ontwikkelingen, waaronder woningbouw, ligt in de stedelijke zone Oss-Berghem. Dit is ook het uitgangspunt van het provinciale beleid; • de kwalitatieve samenstelling van het woningbouwprogramma is afgestemd op de behoefte vanuit de verwachte ontwikkeling van de bevolkingssamenstelling en de bevindingen uit verschillende onderzoeken1. De kwalitatieve opgave verschilt per gebiedsdeel (stedelijk gebied - landelijk gebied).
Gezien de vergrijzing van de bevolking en de toename van kleinere huishoudens zijn starters en ouderen belangrijke aandachtgroepen; • voor de afweging en prioritering in het woningbouwprogramma zijn alle mogelijkheden voor woningbouw in Oss in beeld gebracht. Op de eerste plaats is dit de zogenaamde harde plancapaciteit. Woningbouw is op deze plekken al rechtstreeks mogelijk op basis van de bestaande bestemmingsplannen en bouwvergunningen. Daarnaast hebben we ook de zachte plancapaciteiten in beeld gebracht. Dit zijn concrete initiatieven voor woningbouw, die al dan niet al in procedure zijn, globale plannen die in gebiedsvisies zijn opgenomen en mogelijkheden voor woningbouw door herontwikkeling of transformatie van bestaande gebouwen of functies.
1 Onder andere het regionaal perspectief op bouwen en wonen (2019) en de Regionale Woningmarktmonitor 2018, het Regionale Woningmarktonderzoek (2019).
Walkwartier – 2021, pag. 34 van 67 vastgesteld januari 2021
De planlocatie Walkwartier ligt in het centrum van de stad Oss. Woningen op deze locatie zijn daarmee gericht op de behoefte vooral vanuit het gehele stedelijke gebied Oss-Berghem. De woningen in het plan Walkwartier zijn onderdeel van een algehele transformatie en herontwikkeling van de locatie, gericht op verbetering en versterking van het stadscentrum van Oss en het bieden van een stedelijk woonmilieu. Zie verder paragraaf 5 Verantwoording. 4.5.4
Koers Stadshart Oss
Op 15 december 2016 is de Koers Stadshart Oss vastgesteld door de Raad. In het koersdocument staat hoe wij als gemeente Oss, samen met ondernemers, inwoners en eigenaren, willen komen tot een vitaal en toekomstbestendig centrum van Oss: compact, vol verrassing en uitgesproken. De Koers formuleert hiervoor de hoofdopgaven, de strategische keuzen en de richtlijnen voor de uitwerking. Met de Koers willen we een richting uitzetten voor het centrum om duidelijkheid en vertrouwen te bieden aan investeerders, ondernemers, eigenaren en bewoners. De Koers is nadrukkelijk geen blauwdruk, maar een richtinggevend kader voor de nabije toekomst. De Osse Koers is er op gericht om een toekomstbestendig Stadshart Oss te houden. Een Stadshart dat compact is, vol verrassing en uitgesproken. Een Stadshart dat past bij Oss, bij de identiteit, DNA en behoeftes van Oss. Passend bij de ontwikkelingen in detailhandel, horeca, kantoren en wonen. Passend bij de uitdagingen waarvoor middelgrote steden staan. De hoofdrichting van de Koers is vertaald in de vijf belangrijkste opgaven voor het centrum. Elke opgave vormt een menu bestaande uit voor-, hoofd- en nagerechten. Hieronder wordt een samenvatting van de menu’s gegeven. Compact centrum We concentreren centrumfuncties in een compacter en kleiner centrum. Het hart van het centrum, ‘de pit’, ligt tussen de Heuvel, Heuvelstraat, Walplein en Walstraat.
Hier ligt het zwaartepunt voor winkels en ondersteunende horeca, maar er bestaan ook mogelijkheden voor cultuur en ontspanning. Leegstand wordt voorkomen door werving van nieuwe (winkel)concepten of door verplaatsing van bestaande publieksvoorzieningen. In een flexibele schil rondom de pit blijven mogelijkheden voor ondersteunende functies en bijzondere voorzieningen. Maar er zal ook meer transformatie naar wonen zijn. Buiten dit compacte centrum moeten de mogelijkheden voor centrumfuncties worden beperkt. Bestaande functies worden zo mogelijk verplaatst. Smaakmakers in de directe omgeving van het centrum, die niet verplaatst worden, moeten op een goede manier met het centrum verbonden worden. Meer verrassing en beleving We willen de aantrekkingskracht van het centrum versterken door het aanbod aan publieksvoorzieningen te verbreden. Door publieksvoorzieningen op het gebied van cultuur en ontspanning toe te voegen versterken we de positie van het centrum als huiskamer van Oss. Het centrum blijft daarmee de centrale plek van Oss waar veel inwoners samenkomen, omdat er voor ieder iets te doen en te beleven valt. Ondernemers zetten in op moderne en vernieuwde concepten, waarbij online en offline samengaan. Functies versterken elkaar door samen nieuwe verbindingen aan te gaan. De markt en evenementen geven een stukje extra verrassing en beleving.
De verblijfsfunctie van het centrum wordt versterkt en uitgebreid. Een goede en aantrekkelijke uitstraling van panden, straten en pleinen levert een belangrijke bijdrage aan de sfeer. Ook meer groen en wonen in het centrum met bijbehorende voorzieningen draagt daaraan bij. Uitgesproken identiteit en authenticiteit Het Osse centrum is er vooral voor Oss en door Oss. Door in te zetten op een meer ‘eigen’ en authentieke identiteit wordt de binding met de bezoekers versterkt. Een levendig centrum met een ‘couleur locale’, waar de mensen uit Oss en de omliggende kernen zich thuis voelen, waar men graag verblijft en waar men trots op is. Een eigen identiteit en sfeer die herkenbaar is en waarmee het Osse centrum zich ook onderscheidt van de omliggende centra. Belangrijk daarbij zijn winkels, publieksvoorzieningen en onderscheidende evenementen met een Osse couleur. Maar ook een sfeervolle ruimtelijke uitstraling van het centrum, waarbij verschillende straten en pleinen hun eigen karakteristiek en identiteit hebben. Voorwaarde om ‘het merk centrum-Oss’ te realiseren, is een gezamenlijke inzet en samenwerking van alle partijen die betrokken zijn bij het centrum.
Walkwartier – 2021, pag. 35 van 67 vastgesteld januari 2021
Parkeren en bereikbaarheid Het centrum moet goed bereikbaar zijn te voet, per auto en fiets. Er zijn voldoende en comfortabele mogelijkheden voor parkeren. Door de opkomst van de e-bike neemt het belang van goede (bewaakte) stallingsmogelijkheden voor de fiets dichtbij de pit toe. Parkeren voor de auto is geconcentreerd op enkele pleinen en garages rondom het centrum, met aangename en korte loopafstanden tot de pit. Bij herontwikkeling van het plein De Wal wordt parkeren geconcentreerd in de bestaande parkeerfaciliteiten langs de Oostwal. Belangrijk is een duidelijke en logische verkeerscirculatie om zoekverkeer door het centrum te vermijden. Revitalisering De Wal en omgeving Het gebied in de omgeving van De Wal (Molenstraat, Walplein, Walstraat, De Wal, Galerij) is niet meer in balans. Er is sprake van relatief veel leegstand en de V&D als belangrijke publiekstrekker is weggevallen. De ruimtelijke structuur is gericht op grootschalige ontwikkelingen en niet flexibel genoeg om in te spelen op de verminderde behoefte aan (winkel)ruimte. Een samenhangende herontwikkeling van het gebied moet voorkomen dat een groot en centraal deel van het centrumgebied verloren gaat. Belangrijke onderdelen zijn een kleinschaligere Retail ontwikkeling met ondersteunende functies aan de zijde van het Walplein, waardoor dit (winkel)plein weer volwaardig wordt.
De Wal wordt omgevormd tot een meer multifunctioneel groen plein met een eigen onderscheidende identiteit en verblijfskwaliteit. Vernieuwende voorzieningen en activiteiten op en aan het plein, waaronder bijvoorbeeld cultuur, ontspanning, de markt, kunnen elkaar versterken. Daarbij vervalt de parkeerfunctie van de Wal en wordt parkeren geconcentreerd in de Bergossgarage. Dit vraagt ook om verbetering van de kwaliteit van de looproute via de Walstraat, zowel ruimtelijk als functioneel. Hiertoe behoort ook de oversteek van de Oostwal. De herontwikkeling biedt ook kansen voor wonen. Voor de Galerij is het belangrijk om weer te gaan functioneren als volwaardig centrumgebied. Als dit niet mogelijk blijkt, moet transformatie worden overwogen. Zie verder paragraaf 5: Verantwoording. 4.5.5
Beleid aan huis gebonden activiteiten
Op 22 november 2012 heeft de gemeenteraad het Beleid aan huis gebonden activiteiten – Actualisatie 2012 vastgesteld. Het beleid voor aan huis gebonden activiteiten is opgesteld om mogelijkheden te bieden aan ondernemen vanuit de eigen woning. Door de jaren heen zijn de activiteiten die aan huis worden ondernomen steeds meer divers geworden. Het gaat allang niet meer alleen om een huisarts of accountant aan huis. Er is een breed scala dat aan huis uitgeoefend kan worden. Voorbeelden zijn een adviesbureau, pedicure of afslanksalon. Ook komen er steeds vaker vragen om kleinschalige cursussen te mogen geven, voor kleinschalige kinderopvang, ambachtelijke bedrijfjes of een bed en breakfast. Met het beleid wordt ingespeeld op de veranderende inzichten over aan huis gebonden activiteiten. Er wordt ruimte gegeven aan deze nieuwe vormen om vanuit de thuissituatie te werken. Het gaat dus altijd om een bewoner die de activiteit uitvoert. Een andere belangrijke voorwaarde is steeds dat de activiteit zich goed verhoudt met de (woon)omgeving. Het beleid aan huis gebonden activiteiten is er op gericht om zoveel mogelijk rechtstreeks toe te staan. Er is een lijst opgesteld met een breed scala aan activiteiten die rechtstreeks mogen worden uitgeoefend in de woning. Deze lijst is als bijlage 2 opgenomen bij de regels.
Bij het opstellen van de lijst van rechtstreeks toegestane activiteiten is de woonomgeving het uitgangspunt geweest. Dit houdt in dat er geen bedrijven op staan die veel verkeer aantrekken of activiteiten die milieuhinder veroorzaken, die niet past in een woonomgeving. Het oppervlak van de rechtstreeks toegestane activiteiten is 35m2. Maar niet alle activiteiten kunnen rechtstreeks in een woning worden uitgevoerd. Soms is een toetsing vooraf nodig. Als dit positief is, wordt toestemming verleend in de vorm van een ‘omgevingsvergunning waarbij van het bestemmingsplan wordt afgeweken’. Bij deze afweging spelen publiek aantrekkende werking en milieu- en verkeersaspecten altijd een rol. Voorbeelden van activiteiten waarbij een toetsing vooraf nodig is zijn: een groter oppervlak dan het toegestane 35 m2, andere activiteiten dan die in de lijst zijn opgenomen of groepsmatige activiteiten. In het nieuwe beleid worden de mogelijkheden voor dit afwijkend gebruik beschreven. Voor het verlenen
Walkwartier – 2021, pag. 36 van 67 vastgesteld januari 2021
van een omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik moet de aanvrager een concrete aanvraag om toestemming bij de gemeente indienen. 4.5.6
Water
Het huidige beleid van het rijk, de provincie, de waterbeheerder en de gemeente is gericht op een duurzamer waterbeheer. Het Rijk heeft de uitgangspunten van Waterbeleid 21ste eeuw (2000) en het advies van de Commissie Waterbeheer 21ste eeuw onderschreven. Daarnaast gelden de uitgangspunten zoals deze zijn vastgelegd in de vierde nota waterhuishouding (NW4). Het waterbeheer moet veranderen om Nederland in de toekomst wat water betreft, veilig, leefbaar en aantrekkelijk te houden. Belangrijk in de nieuwe aanpak is het realiseren van veerkrachtige watersystemen die weer de ruimte krijgen, het niet afwentelen van knelpunten in tijd of plaats, de drietrapsstrategie 'vasthouden, bergen, afvoeren', en het reserveren van de ruimte die nodig is voor de wateropgave. Dit heeft er toe geleid dat sinds 2003 in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) de watertoets, als verplichting, is opgenomen voor de wijziging van een bestemmingsplan. Waterbeheerplan 2016-2021 In het Waterbeheerplan (WBP) beschrijft het waterschap Aa en Maas haar doelstellingen voor de periode 2016 – 2021 en de wijze waarop deze doelstellingen bereikt moeten worden. Hiermee geeft het waterschap invulling aan de verplichting vanuit de Waterwet en de Verordening water Noord-Brabant om een waterbeheerplan op te stellen.
In het waterbeheerplan wordt een indeling gemaakt in de volgende programma’s: • Veilig en bewoonbaar; • Voldoende water en robuust watersysteem; • Schoon water; • Gezond en natuurlijk water; • Het leveren van maatschappelijke meerwaarde Deze programma’s zijn verder uitgewerkt in het WBP naar concrete doelstellingen. Deze doelstellingen vinden onder andere een doorwerking in de beschikbare instrumenten van het waterschap; Keur, legger, communicatie en stimuleringsmiddelen. Keur De Keur is een waterschapsverordening en omvat samen met de Waterwet alle gebods- en verbodsbepalingen met betrekking tot ingrepen of activiteiten die consequenties hebben voor de waterkwantiteit, waterkwaliteit en waterveiligheid. De Keur is verder uitgewerkt beleids- en algemene regels. Legger De Keur verwijst in de gebods- en verbodsbepalingen volop naar de legger. De legger legt de status en afmetingen behorende bij de regels van de Keur vast in een overzichtskaart van het waterbeheersgebied. Op deze kaart zijn onder andere dijken, waterlopen en bijbehorende beschermingszones aangegeven. De gemeente heeft in overleg met de provincie en het waterschap het waterplan ‘Water in Oss’ opgesteld. Uitgangspunt van het beleid is dat er in Oss naar een duurzaam watersysteem wordt gestreefd, waarbij voorkomen wordt dat de problemen worden afgewenteld naar elders of naar later.
Aan de hand van vier thema’s wordt het waterbeleid verder uitgewerkt. Beleving van water Oss streeft naar een functioneel, veerkrachtig en mooi watersysteem met zichtbaar en veilig water waardoor een prettige leefomgeving ontstaat. Water als ordenend principe De gemeente wil rekening houden met water tijdens het ontwerp van nieuwe wijken. Water is steeds meer ordenend. Er wordt hydrologisch neutraal ontwikkeld. Herinrichting of nieuwbouw mag dus niet leiden tot een grotere afvoer uit het plangebied. Het beleid is erop gericht om veel meer en langer water vast te houden, te bergen en pas daarna af te voeren.
Walkwartier – 2021, pag. 37 van 67 vastgesteld januari 2021
Waterkwaliteit Oss streeft naar water dat helder en schoon is. De kwaliteit van oppervlaktewater en grondwater moet op alle punten aan de vereiste ecologische en milieukwaliteitsmaatstaven voldoen. De vuiluitworp van overstorten en andere lozingen mogen het oppervlaktewater niet nadelig beïnvloeden. Voor de waterkwaliteit wordt de strategie gevolgd van schoon houden, schoon en vuil scheiden, zuiveren. Waterketen De gemeentelijke riolering moet op termijn volledig voldoen aan het waterkwaliteitsspoor. Om dit te bereiken wordt zoveel mogelijk regenwater afgekoppeld van het riool en worden de schoon- en vuilwaterstromen zoveel mogelijk gescheiden. Al het afvalwater moet worden gezuiverd. Stedelijk oppervlaktewater Vanuit het gemeentelijk waterbeleid (“Water in Oss”) is op termijn meer water in de stad noodzakelijk ten behoeve van de stedelijke wateropgave. Regenwater dat op het stedelijk gebied valt zal vooral in het gebied moeten worden vastgehouden en geborgen. Bestaande afvoeren moeten via de gemengde riolering op termijn worden ontkoppeld. Daarnaast zal de gemeente maatregelen moeten treffen om overlast (1x/100 jaar) door overstroming van oppervlaktewater en/of door regenwater uit rioleringen te voorkomen. Naast meer ruimte voor water in kwantitatieve zin liggen er ook kwalitatieve opgaven.
De kwaliteit van stedelijk water zal moeten voldoen aan de kwaliteitseisen die daaraan via de KRW (Kader Richtlijn Water) worden gesteld. Kort samengevat betekent e.e.a. voor stedelijk oppervlaktewater: • vergroting van bestaand/aanleg van nieuw oppervlaktewater (kwantiteit); • verminderen van overstorten vanuit gemengde riolering (kwaliteit); • berging/buffering en afvoer van afgekoppelde/niet aangekoppelde regenwaterafvoeren van bebouwing en verhardingen (kwantiteit); • van vast peilbeheer naar variabel peilbeheer (kwantiteit en kwaliteit: meer berging en natuurlijk water); • meer ecologische/natuurlijke inrichting van oevers en waterpartijen (biodiversiteit en kwaliteit oppervlaktewater); • meer doorstroming van oppervlaktewater (kwaliteit); • recreatief medegebruik stimuleren/verder ontwikkelen. Er is een watertoets uitgevoerd voor dit bestemmingsplan. Zie verder paragraaf 5: Verantwoording. 4.5.7
Verkeer en Parkeren
Verkeer De Mobiliteitsvisie Oss uit 2009 heeft als doel het in balans brengen van bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid. De mobiliteitsvisie wordt uitgewerkt in het ‘Mobiliteitsplan Oss 2020, Bereikbaar, Leefbaar en Verkeersveilig’. Dit plan is door de gemeenteraad vastgesteld in mei 2011. Het centrale doel is het in balans brengen van de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid in de gemeente Oss nu en in de toekomst. We streven hierbij naar verschuiving van gebruik van auto naar fiets en openbaar vervoer. Dit doen we niet door het ontmoedigen van de automobilist, maar door het stimuleren van het gebruik van de fiets en het openbaar vervoer. Deze vervoerswijzen moeten veilig, comfortabel en snel zijn. We werken aan een goed bereikbaar centrum, met comfortabele en veilige routes vanuit de wijken en kernen, en met voldoende en aantrekkelijke fietsenstallingen en parkeervoorzieningen dichtbij. In februari 2014 is het plan ‘Verkeersstructuur Centrum Oss’, door de gemeenteraad vastgesteld. Dit plan laat een streefbeeld zien voor de verkeersstructuur van het centrum. Beleidsuitgangspunt is om in het centrum meer ruimte te geven aan de fietser. De wegen rondom het Walkwartier zijn gekwalificeerd als erftoegangsweg (sluit aan bij Mobiliteitsplan Oss 2020).
De route Eikenboomgaard-BurgwalCarmelietenstraat-Haarviltstraat vormt samen met de fietsstraat aan de westzijde een fietsring rondom het kerngebied. Deze fietsroutes zijn direct, samenhangend, verkeersveilig, comfortabel en aantrekkelijk. Zo wordt de bereikbaarheid van het centrum voor de fiets versterkt. Wanneer de stallingsvoorzieningen aan deze fietsring worden geconcentreerd, ontstaat een prima fietsklimaat.
Walkwartier – 2021, pag. 38 van 67 vastgesteld januari 2021
In 2016 is de Koers Stadshart vastgesteld. Het doel van de opgave voor verkeer en parkeren is om het centrum van Oss bereikbaar te houden voor auto en fiets. Het is van belang dat bezoekers van het centrum gemakkelijk en comfortabel kunnen parkeren. Dit betekent dat er voldoende parkeren op relatief korte afstand van de pit met auto en fiets mogelijk moet blijven en makkelijk bereikbaar. De routes tussen parkeervoorzieningen en centrum moeten comfortabel zijn. In 2017 is de Visie Centrumring, Raadhuislaan, Oostwal, Molenstraat en omgeving vastgesteld. Deze visie geeft richting aan de inrichting van de openbare ruimte van dit gebied. De visie is een toetsingskader voor toekomstige herinrichtings- en onderhoudswerkzaamheden in de openbare ruimte. Parkeren Het ‘Parkeerbeleidsplan Oss’ is in oktober 2005 vastgesteld door de gemeenteraad van Oss. In de notitie ‘Parkeernormen 2017 gemeente Oss’ (in december 2016 door het college van B&W vastgesteld) zijn de parkeernormen geactualiseerd. Uitgangspunt is dat er voldoende parkeerplaatsen zijn voor bewoners, centrumbezoekers en werkers. De parkeervraag wordt bepaald op basis van de parkeernormen. Daarnaast gelden in het centrum maatregelen voor parkeerregulering (vergunningen, betaald parkeren). 4.5.8
Prostitutiebeleid
Op 1 oktober 2000 is de opheffing van het bordeelverbod in werking getreden. Het gemeentelijk beleid inzake prostitutie heeft zijn juridische neerslag gevonden in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Oss. Het doel van het gemeentelijk prostitutiebeleid is door middel van een vergunningenstelsel invloed uit te oefenen op de aard en het aantal van prostitutiebedrijven en daarmee te voorkomen dat de aanwezigheid van deze bedrijven leidt c.q. kan leiden tot aantasting van de openbare orde en/of veiligheid, woon- en/of leefklimaat of andere vormen van overlast. Raam en straatprostitutie zijn verboden. De vestiging van seksinrichtingen en escortbedrijven is alleen mogelijk na vergunningverlening. Voor de vestiging van seksinrichtingen is een concentratiegebied aangewezen, waarbij het aantal inrichtingen is gemaximaliseerd. Het plangebied van dit bestemmingsplan valt niet binnen het concentratiegebied. 4.5.9
Archeologie
Op 14 oktober 2010 heeft de gemeente Oss haar ‘Archeologiebeleid’ vastgesteld. Het beleid is vastgelegd in een ‘Archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart’. Deze kaart is een ‘voorspellingskaart’ waarop verwachtingen met betrekking tot de situering van (nog) onbekende archeologische vindplaatsen zijn vertaald in termen van vlakken en zones. Op de kaart worden zones aangegeven met verschillende verwachtingen: hoge, middelhoge of lage en indien van toepassing zeer lage verwachtingswaarde. Deze verwachting heeft geen kwaliteitswaarde, het gaat om de kans op aanwezigheid van archeologische waarden. De archeologische verwachtingswaarden vormen de basis voor de beleidsadvieskaart, die gebruikt kan worden voor de toetsing van ruimtelijke plannen, omgevingsvergunningaanvragen, kabelleggingen en graafmeldingen op de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. Op deze manier kan vroegtijdig bij planvorming rekening worden gehouden met archeologie. Het plangebied heeft een hoge archeologische verwachtingswaarde als historische kern. Een klein gedeelte van het plangebied is archeologisch onderzocht. Verwezen wordt naar paragraaf 5. Verantwoording. 4.5.10 Duurzaamheid en Klimaat De duurzaamheidscirkel Oss Oss werkt al langere tijd aan een duurzame gemeente op een aantal speerpunten. Deze vormen de zgn. duurzaamheidscirkel.
Het gaat dan om veiligheid, economische participatie, gezondheid, onderwijs en wonen (People). Energie, afval en grondstoffen, natuur en klimaat (Planet). En arbeid, kennis, infra en ruimtelijke vestigingsvoorwaarden (profit). We vinden het belangrijk dat er evenwicht is tussen mens, natuur en economie, zodat niet alleen wij maar ook onze kinderen en kleinkinderen goed kunnen leven. Global Goals
Walkwartier – 2021, pag. 39 van 67 vastgesteld januari 2021
Duurzaamheid en klimaatadaptie zijn belangrijk voor de gemeente Oss. In 2020 is Oss nog uitgeroepen tot meest inspirerende Global Goals Gemeente.
De kracht van de Global Goals agenda zit in haar ondeelbaarheid. Het uitgangspunt is dat alleen sprake kan zijn van duurzame ontwikkeling bij een goede balans tussen de pijlers ‘People’, ‘Planet’ en ‘Prosperity’, ofwel het welzijn van mensen, de kwaliteit van natuurlijke ecosystemen en economische welvaart. De 17 doelen omvatten deze ‘drie P’s’, en voegen daar de pijlers ‘Peace’ en ‘Partnerships’ als randvoorwaarden aan toe. De bovenstaande visualisatie van de 3 P’s laat de raakvlakken zien tussen sociale, ecologische en economische waarden. Waar twee van de pijlers elkaar raken vindt integratie plaats tussen een aantal deelgebieden van duurzame ontwikkeling. Van integrale duurzame ontwikkeling is sprake als de drie P’s elkaar raken: hier wordt met alle aspecten rekening gehouden. Klimaatakkoord Gemeenten staan ook aan de lat bij de uitvoering van het Klimaatakkoord. Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (onderdeel van het Deltaprogramma) betekent voor Oss dat wij onze gemeente klimaat robuust maken en de kwaliteit van onze natuur verbeteren. Stad en buitengebied bieden onze inwoners en bezoekers aantrekkelijke, veilige en gezonde mogelijkheden om te wonen, verblijven, recreëren en ondernemen. Klimaat robuust betekent dat wij bestand moeten zijn tegen overlast door hevige regenval, hitte en droogte.
Walkwartier – 2021, pag. 40 van 67 vastgesteld januari 2021
Walkwartier – 2021, pag. 41 van 67 vastgesteld januari 2021
Hoofdstuk 5
Verantwoording
5.1
Programma
5.1.1
Verantwoording Centrumfuncties
Deze paragraaf geeft de verantwoording van het programma voor centrumfuncties van het plan Walkwartier op basis van het gemeentelijke beleid, de provinciale bepalingen en de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Vanuit het gemeentelijke beleid vormt de Koers Stadshart het kader voor de planologische uitwerking in het plan Walkwartier. Oss zet in op een meer compact centrum; versterking van het kerngebied (‘de Pit’); versterken van ontmoeten en beleving in het centrum, door verbreding van de publieksfuncties (met name ook cultureel-maatschappelijke voorzieningen en wonen); en transformatie van de Wal en omgeving (waaronder het Walkwartier). Vanuit het provinciale beleid zijn vooral de Brabantse Aanpak Leegstand (waaronder detailhandelsbeleid), programma Binnenstedelijke Transformatie en de Brabantse agenda Wonen relevant. De provincie zet daarbij in op vitale centrumgebieden, het tegengaan van over programmering van detailhandel en reduceren van structurele leegstand van commercieel en maatschappelijk vastgoed door transformatie naar niet-winkel-functies en wonen. Daarbij onderkent de provincie dat met name de middelgrote steden voor een forse opgave staan om hun centra vitaal en toekomstbestendig te maken. Op basis van de Interim Omgevingsverordening worden in regionaal verband bestuurlijke afspraken gemaakt, over onder andere voorzieningen, transformatie en wonen.
De regio Noordoost Brabant heeft onder andere een regionale detailhandelsvisie opgesteld, waarin een gezamenlijke visie op een toekomstgerichte ontwikkeling van detailhandel in de regio is opgesteld, en die de basis is voor bestuurlijke afspraken en afstemming2. Uitgangspunten zijn o.a. concentratie van detailhandel in compacte, perspectiefrijke bestaande centrumgebieden en het tegengaan van versnippering. In paragraaf 4.2.3. is aangegeven dat de beoogde centrumfuncties in plan Walkwartier in het kader van de Ladder voor duurzame verstedelijking niet als nieuwe stedelijke ontwikkeling worden aangemerkt. Een behoefteverantwoording vanuit de Ladder is daarom niet nodig. Maar de ontwikkeling van het Walkwartier is wel een belangrijke stedelijke herontwikkeling, die juist voort komt uit de veranderende behoefte aan voorzieningen in het centrum van Oss. Onderstaande paragrafen gaan hier verder op in. Het programma voor centrumfuncties Op de begane grond en een deel van de 1ste verdieping van de bebouwing van het Walkwartier wordt een mix van centrumfuncties nagestreefd. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen het noordelijke en zuidelijke deel van het plangebied. Het noordelijke deel is onderdeel van het centrum-kerngebied.
Hier ligt het accent op commerciële functies: detailhandel, (dag)horeca, publieksgerichte dienstverlening en aanvullende kleinschalige culturele voorzieningen (bestemming centrum-kern). Aan de zuidrand zijn de centrum-doeleinden meer toegespitst op de centrum-rand positie. Het accent verschuift daarmee naar vooral centrum-ondersteunende maatschappelijke en culturele functies, met aanvullende mogelijkheden voor dienstverlening en kleinschalige bedrijvigheid (bestemming centrum-rand). In de planologische regeling tot dusver behoorde de hele locatie tot het winkelkerngebied van het centrum. De onderverdeling centrum-kern <- > centrum-rand op de planlocatie komt voort uit de Koers Stadshart Oss. Gezien de afnemende ruimtebehoefte van vooral detailhandel wordt ingezet op verkleining van het winkelgebied. In de bestemming centrum-rand is detailhandel niet meer toegestaan en zijn de mogelijkheden voor zelfstandige (dag)horeca beperkt tot maximaal 700m2 (in de hoeken met de Carmelietenstraat). Ten opzichte van de huidige situatie, waarin tot 5.600m2 detailhandel en horeca en publieke dienstverlening mogelijk is, wordt het maximaal mogelijke areaal voor detailhandel en (dag)horeca dus ruim gehalveerd. Concreet blijft langs het Walplein-Walstraat detailhandel mogelijk tot
2 Regionale Detailhandelsvisie Agrifood Capital/Noordoost Brabant, 2016 (opnieuw bekrachtigd tijdens bestuurlijke Regio dag Noordoost Brabant, poho Economie, juni 2019)
Walkwartier – 2021, pag. 42 van 67 vastgesteld januari 2021
een ruimtebeslag van maximaal 2.200m2 bvo. Dit is overigens ongeveer gelijk aan de omvang van de detailhandel in het Walkwartier per december 2019. Een andere belangrijke doelstelling van de Koersstadshart is de functie van het centrum als ‘huiskamer van Oss’ te versterken door een meer gevarieerd aanbod van publieksfuncties. Op dit moment is het centrum eenzijdig van samenstelling, vooral winkels, horeca en dienstverlening. Door ook cultureelmaatschappelijke voorzieningen in het centrum toe te voegen wil Oss de publieksfunctie (‘ontmoeten en beleving’) verbreden. Dit wordt gestalte gegeven door in het Walkwartier een het cultuurhuis te realiseren: een concentratie van meerdere cultuurfuncties in een vernieuwend en toekomstgericht concept. De concrete plannen gaan uit van verweving van meerdere cultureel-maatschappelijke voorzieningen rond een centrale semiopenbare ruimte. Het totale ruimtebeslag is ongeveer 4.200m2 bvo. De opzet is om zowel bestaande als nieuwe cultureel –maatschappelijke voorzieningen samen te brengen. Zo verhuizen de bibliotheek en het stadsarchief naar het cultuurhuis. Maar ook het Centrum Management Oss en Platform Global Goals verhuizen naar het cultuurhuis.
De huidige locatie aan de Raadhuislaan van de bibliotheek en stadsarchief, met een omvang van ongeveer 3.300m2, wordt betrokken in het onderzoek voor modernisering en uitbreiding van het naastgelegen theater ‘de Lievekamp’. Met de zone voor commerciële functies langs het Walplein-Walstraat en de concrete plannen voor het cultuurhuis is de beschikbare ruimte in het Walkwartier nagenoeg gevuld. In de planologische regeling zijn gemengde bestemmingen opgenomen, met hoofddoeleinden en kleinschalige gebruiksdoeleinden te aanvulling. Dit biedt flexibiliteit bij de realisering van de plannen of bijstelling in de toekomst. De hoofdkoers voor de centrumfuncties is daarbij nadrukkelijk wel gekaderd, met een onderscheid naar centrum-kern of centrum-rand. 5.1.2
Verantwoording Wonen
Deze paragraaf geeft de verantwoording van het programma voor wonen van het plan Walkwartier op basis van het gemeentelijke beleid, de provinciale bepalingen en de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Wonen in het plan Walkwartier Het plan maakt de ruimtelijke en functionele transformatie van de zuidoostelijke flank van het centrum van Oss mogelijk. Onderdeel hiervan is de realisering van ongeveer 134 woonappartementen in een stedelijke setting boven centrumvoorzieningen. De woningen worden gesitueerd langs de randen van het nieuwe bouwblok met een zwaartepunt langs de zijde van de Carmelietenstraat (zowel in aantal als woonlagen). De appartementen hebben een grote mate van diversiteit, voor meer persoons en kleine huishoudens. Uitgangspunt is een hoge mate van duurzaamheid en levensloopbestendigheid. Het indicatieve programma gaat uit van een verdeling van circa 45% vrije sector huur en circa 55% koopappartementen, zowel in de middel dure als dure prijsklasse. In aantallen is het indicatieve programma indicatief: 63 huurappartementen, 71 koopappartementen, waarvan 2 goedkoop, 12 middelduur en 57 duur. De behoefte aan woningen De capaciteiten voor woningbouw in dit bestemmingsplan hebben we afgewogen en beoordeeld volgens de systematiek van Portefeuillemanagement Wonen Oss (PFM Wonen).
Met het PFM Wonen wordt zowel kwantitatief als kwalitatief sturing gegeven aan het totale woningbouwprogramma van de gemeente Oss. Daarbij wordt ook rekening gehouden met de kaders vanuit de provincie en de regionale afspraken. Conform de provinciale Interim Omgevingsverordening en de bestuurlijke afspraken in het Regionaal Overleg Noordoost Brabant (RO NOB) is de meest actuele provinciale prognose de richtlijn voor de gemeentelijke woningbouwplanning- en programmering. De prognose van de provincie is gebaseerd op de verwachte ontwikkeling van de bevolking en huishoudens per gemeente. Hieruit is de verwachte behoefte aan woningen afgeleid. De meest actuele provinciale woningbehoefteprognose is van mei 2017. Daarbij wordt een bandbreedte gehanteerd. Variant ‘Hoog’ gaat uit van het inlopen van de huidige tekorten, in variant ‘Laag’ blijft deze verhouding constant. Voor de sub regio Noordoost-Brabant West (waartoe ook Oss behoort) is bestuurlijk een regionaal perspectief wonen vastgesteld (geactualiseerd op 28 november 2019). Daarin heeft de sub regio haar hoofdkoers voor wonen bepaald en zijn nadere afspraken gemaakt over afstemming van de woningbouwplannen. Onder andere is afgesproken dat de gemeenten ruim baan geven aan plannen voor
Walkwartier – 2021, pag. 43 van 67 vastgesteld januari 2021
wonen door inbreiding, herstructurering en transformatie. Deze plannen worden éénmaal per jaar gedeeld. Over uitbreidingsplannen, buiten bestaand stedelijk gebied moet regionale afstemming plaatsvinden3. Dit geldt ook voor plannen die de opgave vanuit de prognose per gemeente overschrijden. Als uitgangspunt voor de gemeentelijke opgave geldt de variant ‘Hoog’ uit de provinciale woningbehoefteprognose. Per 1 januari 2019 zijn er ongeveer 39.865 woningen in de gemeente Oss. Op basis van de provinciale woningbehoefteprognose moeten er tot 2029 nog 3.300 tot 4350 woningen toegevoegd worden (exclusief vervangende nieuwbouw). In onderstaande tabel is de bandbreedte van de woningbehoefte van de gemeente Oss in de periode 2019 t/m 2028 afgezet tegen de plancapaciteit voor woningen. Behoefte woningen versus capaciteiten gemeente Oss 2019 t/m 2029 bandbreedte toevoeging woningen gemeente Oss waarvan periode prognose prognose Totale harde hoog laag capaciteiten* capaciteit* 2019 t/m 2023 2.402 1.777 2.348 1.323 2024 t/m 2028 1.955 1.510 554 368 Totaal 4.357 3.287 2.902 1.691 *1-1-2019 Bron: PMF Wonen Oss, actualisatie dec. 2019 De totale capaciteit in woningbouwplannen voor de hele gemeente Oss in de periode 2019 tot en met 2028 bedraagt bijna 3.000 woningen. Dit is zowel de harde capaciteit (juridisch bindend) als woningen die zijn opgenomen in zogenaamde zachte plannen.
De zachte plannen variëren van bijna rijp tot groen: van uitgewerkte en concrete plannen tot eerste ideeën. Ook alle bekende mogelijkheden voor herontwikkeling of transformatie van bestaande bebouwing zijn hierin opgenomen (inventarisatie januari 2019). Daarmee is de woningbouwprogrammering van Oss ook nadrukkelijk gericht op benutten van de mogelijkheden voor transformatie van leegkomende gebouwen of herontwikkeling van gebieden. Ook het onderhavige plan voor de woningbouw in het Walkwartier is opgenomen in de geïnventariseerde capaciteit, zij het met 120 woningen. Ook met ongeveer 14 woningen extra blijft de geïnventariseerde plancapaciteit voor woningen voor de gehele gemeente 2029 binnen de kaders van de provinciale prognose en de regionale afspraken. De woningbehoefte in het stedelijk gebied Oss-Berghem Het plangebied Walkwartier ligt in het centrum van de stad Oss. Woningbouw op deze locatie is gericht op de woningbehoefte vanuit het gehele stedelijk gebied Oss-Berghem en opvang van het grootste deel van de migratie naar de gemeente Oss. De provinciale woningbouwprognose is doorberekend naar de verschillende gebiedsdelen van Oss (PFM Wonen Oss 2019). Onderstaande tabel geeft de behoefte en capaciteiten voor woningen in het stedelijk gebied Oss-Berghem weer. Hierbij zijn 120 van de circa 134 woningen van plangebied Walkwartier al opgenomen in de capaciteiten.
Uit het overzicht blijkt dat de woningen in het Walkwartier –ook met ongeveer 14 woningen meer- naar omvang passen in de bandbreedte van de behoefte van het stedelijke gebied Oss-Berghem. Na realisering van het plan blijft nog een ruim tekort aan woningbouwmogelijkheden tot en met 2028.
3 Deze afspraak geldt voor locaties groter dan 25 woningen (uitbreiding in landelijk gebied) of groter dan 75 woningen
(uitbreiding in stedelijk gebied)
Walkwartier – 2021, pag. 44 van 67 vastgesteld januari 2021
Behoefte woningen versus capaciteiten stedelijk gebied Oss-Berghem 2019 t/m 2028 bandbreedte toevoeging woningen stedelijk gebied Oss-Berghem Waarvan periode prognose prognose Totale harde hoog laag Capaciteit Capaciteit 2019 t/m 2023 1.896 1.403 1.793 956 2024 t/m 2028 1.561 1.206 369 226 Totaal 3.457 2.609 2.162 1.182 PFM Oss, actualisatie 2019 Ook in kwalitatieve zin voorzien de nieuwe woningen in de behoefte Bij de doorrekening van de woningbehoefte is door Oss ook een indicatieve raming gemaakt van de behoefte aan verschillende kwaliteiten (PFM Wonen Oss 2019). Hierbij is een onderscheid gemaakt naar woningtype, eigendomsvorm en woonmilieus4. De indicatieve raming is gebaseerd op recente woningmarktonderzoeken en ontwikkelingen in de woningmarkt van Oss en de regio (zie paragraaf 5.4.3). Hierbij is ook rekening gehouden met de wisselwerking met de bestaande woningvoorraad en de behoefte vanuit de verschillende doelgroepen (starters, gezinnen, ouderen, inkomensklassen e.d.). Voor de komende periode wordt een toenemende behoefte aan woningen voor kleinere huishoudens en ouderen voorzien, als gevolg van vergrijzing van de samenleving en gezinsverdunning. In de kwalitatieve raming is dit vertaald naar een toenemend aandeel appartementen of levensloopbestendige woningen. Ook is er sprake van een blijvende behoefte aan goedkopere woningen en vrije sector huur.
Dit is onder andere het gevolg van veranderde regels voor financiering, de beperking van de toegankelijkheid van de sociale sector en de toenemende behoefte aan kleinere woningen. Voor de korte termijn wordt nog een inhaalslag verwacht in de behoefte aan grondgebonden woningen, ook in de duurdere sectoren. Om de woonfunctie van Oss te versterken is het van belang om ook bijzondere woonmilieus te ontwikkelen waaronder stedelijke woonmilieus.
Bijgaande figuren geven de indicatieve behoefte voor het stedelijke gebied Oss-Berghem weer. Globaal bestaat het programma voor het Walkwartier uit 45% huurappartementen en 55% koopappartementen, zowel in de middel dure als dure koopsector. Vertaald in aantallen is het indicatieve programma ongeveer 63 huurappartementen en 71 koopappartementen, waarvan 2 goedkoop, 12 middelduur en 24+ 57 duur. Het merendeel van dit programma is al opgenomen in de capaciteiten, met uitzondering van 10 appartementen vrije sector huur en 5 dure koopappartementen. Deze toevoeging heeft maar beperkt effect in bovenstaand beeld. Ook in kwalitatieve zin sluit het woningbouwprogramma van het Walkwartier aan bij de verwachte behoefte aan woningen in het stedelijke gebied. Met name het aandeel vrije sector huur-appartementen voorziet in belangrijke mate in de behoefte voor het stedelijke gebied. Volgens het behoeftemodel is de omvang van het aandeel duurdere woningen een aandachtspunt, met name de vraag of deze woningen aansluiten op de vraag vanuit de Osse markt. Het Walkwartier voorziet echter in een bijzonder woonmilieu midden in het centrum van Oss. De woningen komen tegemoet aan de toenemende behoefte aan binnenstedelijk wonen, zowel voor kleine huishoudens als gezinnen.
De centrumvoorzieningen, maar 4 De prijssegmenten zijn als volgt: huur goedkoop, kale huur < liberalisatiegrens; huur middelduur, kale huur >
liberalisatiegrens; koop goedkoop < € 225.000; koop middelduur, > € 225.000 < € 300.000, koop duur > € 300.000.
Walkwartier – 2021, pag. 45 van 67 vastgesteld januari 2021
ook onderwijs en openbaar vervoer, zijn volop in de directe omgeving aanwezig. Meer wonen op deze locatie draagt ook in belangrijke mate bij aan versterking van de leefbaarheid en levendigheid in het Osse stadscentrum, een van de uitgangspunten van de Koers Stadshart. Belangrijk is ook dat wonen in het Walkwartier nadrukkelijk uitvoering geeft aan de opgave om voor woningbouw te realiseren op binnenstedelijke herontwikkelingslocaties en transformatiegebieden. Dit is ook een van de uitgangspunten van de Brabantse Agenda Wonen, het provinciale programma binnenstedelijke transformatie en het regionaal perspectief wonen Noordoost-Brabant. De conclusie is dan ook dat het plan voor appartementen in het Walkwartier voorziet in de behoefte aan stedelijke woonmilieus in Oss en de opgave benutten van de mogelijkheden voor wonen door binnenstedelijke herontwikkeling. En daarmee voldoet aan de Ladder voor duurzame verstedelijking en aansluit bij de Woonagenda van provincie, regio en de gemeente Oss. 5.1.3