Nota reserves 2025
Tekst van het document
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
40
Egalisatie rioolbeheer (742008) Beleidsdoel/noodzaak reserve Vanuit de boekhoudvoorschriften (BBV) maken we onderscheid in een voorziening en een reserve rioolbeheer. In het tarief mogen spaarbedragen voor toekomstige vervangingsinvesteringen worden meegenomen. Deze worden in de exploitatie als last aan de voorziening rioolbeheer toegevoegd. Daarnaast hebben we een bestemmingsreserve egalisatie rioolbeheer. Afwijkingen ten opzichte van de begroting, zoals efficiency- en aanbestedingsverschillen, kunnen we aan de bestemmingsreserve riolering toevoegen of onttrekken. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming We hebben afgesproken dat er maximaal € 250.000 in de reserve mag zitten. Als er meer geld in de reserve zit kijken we of de tarieven voor de rioolheffing verlaagd kunnen worden. In de komende jaren worden structureel bedragen onttrokken tot het niveau van € 250.000 behaald is. Met deze reserve kunnen we nog een aantal jaar het tarief gelijk houden. Op termijn is dit echter niet meer mogelijk en moeten we rekening houden met een jaarlijkse stijging van het tarief met minimaal de inflatiecorrectie. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
926
0
0
-289
637
2026
637
0
0
0
637
2027
637
0
0
0
637
2028
637
0
0
0
637
2029
637
0
0
0
637
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We houden rekening met een onttrekking van € 289.000 om kosten te kunnen betalen. Hierdoor kunnen we de tarieven voor rioolheffing gelijk houden. De reserve is hiervoor toereikend. 2026-2029 In de periode 2026-2029 is sprake van een 100% kostendekkende exploitatie. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
41
Afvalstoffenheffing (742015) Beleidsdoel/noodzaak reserve De reserve afvalstoffenheffing is bedoeld om schommelingen in de kosten van afvalinzameling en verwerking op te vangen. Door de reserve daarvoor in te zetten voorkomen we grote schommelingen in de tarieven voor de afvalstoffenheffing. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Bij het vormen van de reserve is besloten dat het plafond van de reserve € 800.000 is. Daarmee kunnen we prijsschommelingen tot 5% opvangen. Als er meer geld in de reserve zit kijken we of de tarieven voor de afvalstoffenheffing verlaagd kunnen worden. Ook kan diftar ertoe leiden dat burgers beloond worden voor hun goede gedrag bij het aanbieden van restafval. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
1.863
0
1.090
-620
2.334
2026
2.334
0
0
-158
2.176
2027
2.176
0
0
-13
2.163
2028
2.163
0
18
0
2.181
2029
2.181
0
15
-7
2.189
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
€ 620.000 ten behoeven van het incidenteel verwachte tekort in 2025.
We hebben de volgende stortingen begroot: -
€ 1.090.000 uittredingsvergoeding Gemeente Maashorst: We storten conform besluit jaarrekening 2024 deze vergoeding in de reserve afval ter dekking van kosten afvalinzameling koersnota afval. Het plafond wordt hier tijdelijk mee overschreden
2026-2029 In 2026 rekening gehouden met een bedrag van € 134.000 vrijval uit de reserve ten behoeve van de compensatie vsan verenigingen (stopzetten ophalen oud papier). Het restant is "sluitend maken" reguliere exploitatie afval 100% kostendekkendheid. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
42
Groenfonds landelijk gebied (742017) Beleidsdoel/noodzaak reserve Deze reserve zetten we in om onze ambities op het gebied Groen, Blauw en Natuur in brede zin te kunnen uitvoeren en opvolgende periodieke (door het bevoegd bestuursorgaan) vastgestelde uitvoeringsprogramma’s. Daarnaast wordt de reserve ingezet om aan verplichtingen te voldoen welke direct voortvloeien aan gerichte bijdragen vanuit derden. De reserve wordt gevoed vanuit meerdere bronnen: 1.
Grondbedrijf. Met ingang van het jaar 2022 verandert de structuur van stortingen via het grondbedrijf. De storting bestond uit (tussentijdse) winstneming van het grondbedrijf voor een bedrag van € 5 per verkochte m2 grond. Deze bijdrage is vervallen.
2.
Hiervoor in de plaats komt de bijdrage verbetering fysieke kwaliteit leefomgeving. Voor de periode 2022 tot en met 2031 is een aanvulling nodig van € 1,3 miljoen. Deze stortingen komen vanuit de reserve verbetering fysieke kwaliteit leefomgeving. De gemeente kan deze middelen inzetten voor natuurontwikkeling, landschapsverbetering, toeristisch-recreatieve ontwikkelingen, sloop en sanering van ongewenste bebouwing en bedrijvigheid, aanleg van ontsluitingen en (toegangs-)wegen in het landelijk gebied en cultuurhistorische ontwikkelingen.
3.
Ruimtelijke kwaliteitsregelingen. We storten bedragen die we van particulieren ontvangen voor ruimtelijke kwaliteitsverbetering. Deze stortingen kennen in hoofdzaak een drietal viertal grondslagen: a.
De regeling kwaliteitsverbetering landschap. Het betreft niet planmatige ontwikkelingen in het landelijk gebied met een grote impact op de omgeving en het landschap (de zgn “categorie 3 ontwikkelingen”). Hiervoor geldt een bijdrage van minimaal 20% van de bestemmingswinst. Dit kan “in natura” of middels een storting in deze reserve. De stortingen moeten worden ingezet in landschapsprojecten in het landelijk gebied.
b.
De 1% bijdrage bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Bij stedelijke ontwikkelingen is de basisinspanning voor de landschappelijke tegenprestatie bepaald per m2 op 1% van de uitgifteprijs van de gronden. Dit kan worden gestort in een landschapsfonds, of worden geïnvesteerd in een landschapsplan. Die investering moet buiten het (toekomstig) stedelijk gebied landen. Het groen in de wijk maakt intrinsiek onderdeel van uit van een stedenbouwkundige ontwikkeling, en kan niet worden ingezet voor kwaliteitsverbetering landschap.
c.
Stimuleringsbijdrage vanuit de Ruimte voor Ruimte regeling. Per ontwikkelde Ruimte voor Ruimte woning ontvangen we een stimuleringsbijdrage van de provincie (m.u.v. het grondgebied van de voormalige gemeente Maasdonk). Deze bijdrage moet worden ingezet voor een kwaliteitsimpuls voor het landelijk gebied.
d.
Bijdrage vanuit de regeling Maatwerk Omgevingskwaliteit, anders dan de stimuleringsbijdrage voor RvR. Voor de ontwikkeling van een nieuwe woning op een ruimtelijk aanvaardbare locatie in het landelijk gebied kan in plaats van de aanschaf van een RvR titel gekozen worden voor het leveren van een tegenprestatie in omgevingskwaliteit. Deze zal in de meeste gevallen bestaan uit een fysieke tegenprestatie zoals de sanering van een VAB locatie, maar kan ook bestaan uit een (aanvullende) storting in deze reserve ten behoeve van de realisatie van omgevingskwaliteit zoals de sloop van opstallen, afwaardering van gronden ten behoeve van natuur, ontwikkeling van natuur, behoud van cultuurhistorische waarden. Voor de realisatie van de deze maatregelen geldt een termijn van 5 jaar.
4.
Incidentele stortingen. Deze lichten we ieder jaar toe onder de rubriek stortingen. Incidentele stortingen worden niet geraamd, de werkelijke ontvangsten worden gestort.
Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijk omvang van de reserve aan het einde van de meerjarenraming bedraagt € 1,2 mln.
43
Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
1.882
0
462
0
2.344
2026
2.344
0
0
-255
2.089
2027
2.089
0
0
-190
1.899
2028
1.899
0
0
-440
1.459
2029
1.459
0
0
-150
1.309
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. We zijn bezig met het opstellen van een bestedingsplan voor het Groenfonds. We denken aan onderstaande onttrekkingen. Dit wordt nog nader uitgewerkt. 2025 We hebben de volgende stortingen begroot: Afrekening Ruimte voor Ruimte bijdragen provincie Noord-Brabant
€ 462.000
2026 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie
€ 105.000
-
Gebiedsontwikkeling Herperduin Keent
€ 100.000
-
Projecten koppelkansenkaart
€ 50.000
2027 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie
€ 40.000
-
Gebiedsontwikkeling Herperduin Keent
€ 100.000
-
Projecten koppelkansen
€ 50.000
2028 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie
€ 290.000
-
Gebiedsontwikkeling Herperduin Keent
€ 100.000
-
Projecten koppelkansen
€ 50.000
2029 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Gebiedsontwikkeling Herperduin Keent
€ 100.000
-
Projecten koppelkansen
€ 50.000
Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
44
Klimaatadaptatie (742054) Beleidsdoel/noodzaak reserve Deze reserve is nodig om te kunnen anticiperen op de gevolgen van klimaatverandering. Hoe groot de gevolgen precies zijn, is niet met zekerheid te zeggen. We ondervinden al langere hete periodes en periodes met extreme neerslag en verhoogde afvoeren via de Maas. De gevolgen zijn divers: van schade aan ecosystemen en gezondheidsschade tot directe economische schade. De opgave is om de kwetsbaarheid van onze stad en het buitengebied met de kernen te verminderen. Zowel voor onze inwoners en ondernemers, als voor onze flora en fauna. Deze reserve willen we inzetten om robuuste ecosystemen te bouwen die beter bestand zijn tegen de klimaatverandering. Ook zijn de middelen nodig om directe verlichting te creëren op hittegevoelige plaatsen en plaatsen met veel wateroverlast. We kiezen hierbij voor een werkwijze die het water- en bodemsysteem als leidend principe neemt. Dit betekent in de praktijk dat we kiezen voor het vergroenen van bebouwde gebieden, voor natuurlijke waterbuffers en voor minder verharding. We vullen deze maatregelen aan met technologische oplossingen waar dat nodig is. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang is € 225.000. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
890
0
500
-339
1.051
2026
1.051
0
0
-350
701
2027
701
0
0
-290
411
2028
411
0
0
-186
225
2029
225
0
0
0
225
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We storten in 2025 een bedrag van
€ 500.000.
We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie
€ 339.000
2026 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie
€ 350.000
2027 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie
€ 290.000
2028 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie
€ 186.000
45
De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
46
Bodemsanering (742018) Beleidsdoel/noodzaak reserve We gebruiken deze reserve om noodzakelijke en/of wenselijke bodemonderzoeken en saneringen te betalen waar op een andere manier geen geld voor beschikbaar is. Dat doen we op basis van het beheerplan bodemsanering. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de meerjarenraming is € 0. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
396
0
0
-73
323
2026
323
0
0
-165
158
2027
158
0
0
-115
43
2028
43
0
0
-38
5
2029
5
0
0
-5
0
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025-2029 In de periode 2024-2028 halen we jaarlijks geld uit de reserve voor bodemsaneringsprojecten. De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
47
Ontwikkeling windpark (742026) Beleidsdoel/noodzaak reserve We gebruiken deze reserve om de voorbereidingskosten voor de ontwikkeling van een windmolenpark bij bedrijventerrein Elzenburg-De Geer te betalen. Als het windpark er inderdaad komt worden de inkomsten uit het park in deze reserve gestort. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de meerjarenraming is € 225.000. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
48
0
0
0
48
2026
48
0
0
0
48
2027
48
0
0
0
48
2028
48
0
0
0
48
2029
48
0
0
0
48
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. We hebben geen stortingen of onttrekkingen geraamd. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
48
Risicoreserve waardering lening Wachtmeesters (742059) Beleidsdoel/noodzaak reserve We hebben een lening van in totaal € 2,1 miljoen aan de Wachtmeesters BV verstrekt. Daarvan is € 1,4 miljoen een achtergestelde lening. Het terugbetalen van de lening is afhankelijk van het realiseren van de noodzakelijke externe financiering en de businesscase in de exploitatie van de beoogde windmolens. Voor deze onzekerheden hebben we een voorziening en een reserve gevormd. Deze risicoreserve betreft het deel van de lening wat niet besteed is en/of geen verplichtingen voor zijn aangegaan op 31 december 2022. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de planperiode is € 800.000. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
800
0
0
0
800
2026
800
0
0
0
800
2027
800
0
0
0
800
2028
800
0
0
0
800
2029
800
0
0
0
800
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld We hebben geen stortingen of onttrekkingen geraamd. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
49
Energietransitie (742020) Beleidsdoel/noodzaak reserve De reserve Energietransitie, voorheen Investeringsfonds Duurzaamheid, heeft als doel het in brede zin doen van investeringen in- en het financieren van kosten voor de warmte- en energietransitie, en het bevorderen van circulaire economie (grondstoffen). We financieren kosten voor de opgaven die we als gemeente moeten uitvoeren als uitvloeisel van het klimaatakkoord. Het fonds is ook opgericht voor de (nog te starten) financiële businesscases van de windmolens op industrieterrein Elzenburg-de Geer en duurzame polder, en eventuele grootschalige zonnevelden. Vanuit de opbrengsten van die businesscases kunnen nieuwe initiatieven en investeringen in duurzaamheid worden gefinancierd. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de meerjarenraming is nihil. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
1.168
0
0
0
1.168
2026
1.168
0
94
0
1.261
2027
1.261
0
44
0
1.305
2028
1.305
0
31
0
1.336
2029
1.336
0
31
0
1.368
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben geen stortingen en onttrekkingen begroot. 2026 In 2026 hebben we een storting van € 94.000 euro begroot. Dit bedrag wordt toegevoegd vanuit de reserve Economie. Omdat alle kosten voor het verduurzamen bedrijventerreinen uit de Rijkssubsidie (CDOKE) worden betaald, vindt er in de reserve Energietransitie en Reserve Economie een verrekening plaats. 2027 In 2027 hebben we een storting van € 44.000 euro begroot. Dit bedrag wordt toegevoegd vanuit de reserve Economie. Omdat alle kosten voor het verduurzamen bedrijventerreinen uit de Rijkssubsidie (CDOKE) worden betaald, vindt er in de reserve Energietransitie en Reserve Economie een verrekening plaats. 2028 In 2028 hebben we een storting van € 31.000 euro begroot. Dit bedrag wordt toegevoegd vanuit de reserve Economie. Omdat alle kosten voor het verduurzamen bedrijventerreinen uit de Rijkssubsidie (CDOKE) worden betaald, vindt er in de reserve Energietransitie en Reserve Economie een verrekening plaats. 2029 In 2029 hebben we een storting van € 31.000 euro begroot. Dit bedrag wordt toegevoegd vanuit de reserve Economie. Omdat alle kosten voor het verduurzamen bedrijventerreinen uit de Rijkssubsidie (CDOKE) worden betaald, vindt er in de reserve Energietransitie en Reserve Economie een verrekening plaats.
50
De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. Bij de jaarrekening maken we een afrekening van het project Duurzame Polder en het deel van de kosten voor Oss onttrekken we eventueel uit deze reserve. Ook eventuele kosten voor het Windmolenpark Elzenburg de Geer verrekenen we bij de jaarrekening eventueel uit deze reserve of uit de reserve Ontwikkeling Windpark. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
51
Quick wins binnenhavens (742029) Beleidsdoel/noodzaak reserve Deze reserve is bedoeld voor het ontwikkelen van de Osse binnenhaven tot hét multimodale goederenknooppunt van de regio Noordoost-Brabant. In 2012 hebben we van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu een bijdrage van € 3,8 miljoen gekregen voor de verdere ontwikkeling van de containeroverslag in onze binnenhaven. Deze bijdrage komt overeen met 50% van de investeringskosten van het plan dat we gemaakt hebben. De andere 50% moet door andere publieke en/of private partijen gefinancierd worden. De reserve kan worden ingezet ter dekking en financiering van investeringen in haveninfrastructuur. Dit voor zover deze investeringen voldoen aan de DUB-regeling van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de meerjarenraming is € 0. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
0
0
7.556
0
7.556
2026
7.556
0
0
0
7.556
2027
7.556
0
0
0
7.556
2028
7.556
0
0
0
7.556
2029
7.556
0
0
0
7.556
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 De storting betreft de wijziging van een reserve ter dekking van de afschrijvingslasten naar een bestemmingsreserve. De investering zoals oorspronkelijk gepland ging niet door, daarom hebben we de reserve ter dekking van de afschrijvingslasten afgesloten en deze reserve weer gevormd. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
52
Economie (742028) Beleidsdoel/noodzaak reserve De reserve economie is bedoeld om projecten en activiteiten te versnellen die bijdragen aan het realiseren van onze economische ambities. Het gaat om projecten die een stimulans zijn voor economische innovatie, kennisontwikkeling, ondernemerschap en nieuwe business initiatieven binnen de gemeente. In de afgelopen jaren hebben we bijvoorbeeld bijdragen verstrekt aan de Kracht van Oss, Pivot Park, BioConnection en Agrifood Capital. We gebruiken de volgende criteria om af te wegen of we geld uit de reserve halen:
-
Het moet gaan om het ondersteunen van projecten of activiteiten die een directe relatie hebben met ondernemers/bedrijven. Zij doen bij voorkeur ook mee aan de projecten.
-
De projecten of activiteiten zijn bedoeld om de samenwerking tussen het bedrijfsleven onderling en/of met het onderwijs en overige maatschappelijke instellingen te bevorderen.
-
Er is bij voorkeur sprake van een multiplier-effect: het project vormt een vliegwiel voor andere projecten of activiteiten.
-
We ondersteunen geen projecten of activiteiten die vooral gericht zijn op infrastructuur, locatieontwikkeling, gebiedsontwikkeling of vastgoedontwikkeling. Daarvoor hebben we andere middelen (bijvoorbeeld de reserve mobiliteit en het grondbedrijf).
De reserve kan ook gebruikt worden om economische haalbaarheid- en/of beleidsonderzoeken te betalen. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang bij deze reserve aan het einde van de meerjarenraming is nihil. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
638
0
300
-103
836
2026
836
0
0
-421
415
2027
415
0
0
-44
371
2028
371
0
0
-31
340
2029
340
0
0
-31
309
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Kracht van Oss
€ 50.000
-
Farma/marketing Pivot Park
€ 30.000
-
Aantrekken van talent
€ 15.000
-
Visie haven
€ 30.000
-
Bijdrage start up ecosysteem
€ 40.000
-
Door hogere opbrengsten voor het Verduurzamen Moleneind ontstaat het huidige saldo. De resterende geplande onttrekking voor Moleneind is nu in 2026 verwacht.
We hebben een storting begroot van € 300.000 om de reserve weer aan te vullen.
53
2026 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Verduurzamen Moleneind
€ 232.000
-
Ruimte voor bedrijven
€ 25.000
-
Aantrekken van talent
€ 15.000
-
Brabant Ports
€ 15.000
-
Bijdrage start up ecosysteem
€ 40.000
-
Verduurzamen Bedrijventerreinen
€ 94.000.
De werkelijke kosten worden betaald vanuit Rijkssubsidie (CDOKE). Dit bedrag is de bijdrage vanuit programma Economie voor de totale kosten en wordt gestort in de reserve Energietransitie.
2027 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Verduurzamen Bedrijventerreinen
€ 44.000.
De werkelijke kosten worden betaald vanuit Rijkssubsidie (CDOKE). Dit bedrag is de bijdrage vanuit programma Economie voor de totale kosten en wordt gestort in de reserve Energietransitie. 2028 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Verduurzamen Bedrijventerreinen
€ 31.000.
De werkelijke kosten worden betaald vanuit Rijkssubsidie (CDOKE). Dit bedrag is de bijdrage vanuit programma Economie voor de totale kosten en wordt gestort in de reserve Energietransitie. 2029 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Verduurzamen Bedrijventerreinen
€ 31.000.
De werkelijke kosten worden betaald vanuit Rijkssubsidie (CDOKE). Dit bedrag is de bijdrage vanuit programma Economie voor de totale kosten en wordt gestort in de reserve Energietransitie. De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
54
Walkwartier en omgeving (742024) Beleidsdoel/noodzaak reserve De financiële middelen in de reserve Walkwartier zijn gereserveerd voor: -
investeringsbijdrage voor initiatieven in het centrum
-
centrumontsluiting
-
de revitalisering van De Wal en omgeving
-
Warenhuis en fietsenstalling
Investeringsbijdrage voor initiatieven in het centrum Voor initiatieven in het centrum resteert een eenmalig bedrag van € 87.664. Deze is door COVID 19 niet aangewend. Het gaat hierbij om gelden die kunnen worden ingezet om een bijdrage te verrichten voor fysieke aanpassingen in de stad. Dit geld gaan we inzetten om de evenementencoördinator van het CMO voor de jaren 2026, 2027 en 2028 te betalen (motie evenementen coördinator centrum). Centrumontsluiting Visie De visie centrumring geeft de gewenste kwaliteitsverbetering voor dit gebied weer. De visie geeft op hoofdlijnen aan waar de openbare ruimte aan moet voldoen. Het schetst een totaalbeeld van hoe de gebieden binnen het plangebied zich tot elkaar verhouden, welke sfeer deze gebieden zouden moeten uitstralen en op welke manier dat ruimtelijk zou kunnen. Uitgevoerde werkzaamheden In het voorjaar 2019 is de eerste fase opgeleverd. Dit betreft delen van de Raadhuislaan, Molenstraat en Oostwal. In deze fase is ook de rotonde met het kunstzwaard aangelegd. Voor deze fase is een subsidie van de provincie Noord-Brabant ontvangen. Deze inkomstenpost is op de uitgaven in mindering gebracht. In 2020 is de Bram van den Berghstraat opgeleverd en is de dynamische afsluiting (paaltjes uit de grond) in het centrum vernieuwd. In 2025 wordt de Haarviltstraat en de Molenstraat tot Carmelietenstraat opgeleverd.
Nog uit voeren werkzaamheden 2026 In 2026 wordt de Oostwal vanaf kruising Bram van Den Berghstraat tot Hooghuisstraat (inclusief kruising) opgepakt. Revitalisering De Wal en omgeving De kernopgave binnen dit onderdeel is de herontwikkeling van het gebied V&D-De Wal. Deze herontwikkeling draagt bij aan het streven naar een compact stadscentrum en voegt nieuwe functies toe op deze plek. De revitalisering betreft de Molenstraat tot TBL, Walplein, Walstraat, Wal, Carmelietenstraat en het opheffen en omvormen van de parkeerplaats De Wal. Tevens worden de straten Hooghuisstraat en Burgwal hierbij betrokken. Voor deze investeringen is een bedrag geraamd op basis van kengetallen en hergebruik van bestaand materiaal. Naast deze investeringen behoort de boekwaarde van de parkeerplaats de Wal te worden afgeboekt. Ons aandeel voor de kosten waterberging bij het Walkwartier is bij deze post geraamd. De parkeerplaats van de Wal is inmiddels opgeheven. De boekwaarde van deze parkeerplaats is per 31-122020 uit deze reserve afgeboekt. De werkzaamheden worden voorzien in het jaar 2025 en 2026. Na de realisatie van het Walkwartier.
55
Warenhuis en fietsenstalling TBL Uit deze reserve wordt een deel van de afbouw van Warenhuis, externe adviseurs, verhuisbijdrage en de verplaatsing van de fietsenstalling naar de omgeving van het Walkwartier betaald. De projectleider/adviseurskosten voor de TBL ontwikkelingen (verplaatsen fietsstalling) is onderdeel van deze reserve. Tevens is in deze reserve een post onvoorzien van € 500.000 voor de bouw/inrichting van het Warenhuis opgenomen (raadsbesluit 30 januari 2020). Egalisatiereserve De reserve wordt gevoed vanuit de Programmabegroting 2018-2021 en de incidentele vrijval impulsgelden stadscentrum 2019 tot en met 2023. De impulsgelden dekken de exploitatie Warenhuis vanaf 2024 af. Deze middelen zijn nodig om de investeringen in het openbaar gebied te kunnen uitvoeren. Op het moment dat de projecten/investeringen worden uitgevoerd gaan we geld aan de reserve onttrekken. Middelen die we in een bepaald jaar niet uitgeven storten we terug in de reserve, zodat ze beschikbaar blijven voor de beschreven investeringen. Eventuele aanbestedingsvoordelen van de afzonderlijke projecten blijven in deze reserve aanwezig om tegenvallers van toekomstige aanbestedingen te kunnen afdekken.
Restantgelden We verwachten dat de VAT (Voorbereiding, Advies en Toezicht) voor deze projecten niet allemaal zijn uitgegeven omdat deze projecten grotendeels met de ambtelijke formatie is uitgevoerd en niet met inhuurkrachten. Hierdoor hebben andere projecten wat vertraging opgelopen. We willen daarom deze (inhuur) gelden inzetten voor de grote majeure nieuwe projecten die op ons afkomen zoals de gebiedsontwikkeling van de Heihoeksingel. De restantgelden zullen -als alle bovengenoemde projecten in het centrum zijn afgewikkeldnaar de reserve fysieke verbetering kwaliteit leefomgeving worden overgeboekt en hiervoor worden geoormerkt. De reserve Wal Kwartier en omgeving zal dan worden opgeheven. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Alle beschikbare middelen in deze reserve zijn de komende jaren nodig voor de investeringen die we hiervoor beschreven hebben. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
2.579
0
0
-751
1.828
2026
1.828
0
0
-30
1.798
2027
1.798
0
0
-30
1.768
2028
1.768
0
0
-30
1.738
2029
1.738
0
0
0
1.738
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
€ 301.165 voor het investeringskrediet van de centrumontsluiting (Oostwal). De werkzaamheden in dit gebied worden momenteel uitgevoerd. We willen deze werkzaamheden in 2026 hebben uitgevoerd;
-
€ 300.000 voor de afbouw van het Warenhuis. De opzet is om de afbouw in 2025 gereed te hebben;
-
€ 150.000 bijdrage voor realisering fietsenstalling in het stadssportpark TBL (raadsbesluit 23 oktober 2025)
56
2026 -
€ 30.000 voor evenementencoördinator CMO
2027 -
€ 30.000 voor evenementencoördinator CMO
2028 -
€ 30.000 voor evenementencoördinator CMO
Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
57
Investeringsfonds Stadshart Oss (742025) Beleidsdoel/noodzaak reserve Doel investeringsfonds Het investeringsfonds draagt bij aan de realisatie van de koers Stadshart Oss. Het investeringsfonds is hierbij gericht op majeure investeringen in stedelijke (vastgoed) ontwikkeling waarvan parkeren en openbare ruimte & groen onderdeel kunnen zijn. Het betreft investeringen op fysieke plekken die een belangrijke bijdrage leveren aan een toekomstbestendig Stadscentrum, waarin vernieuwen van de vitaliteit, attractiviteit en de economische veerkracht centraal staat. Daarnaast wordt deze reserve gebruikt voor stimuleringsregelingen om de fysieke aantrekkelijkheid en de compactheid van het stadshart te verbeteren. Zo worden de regeling Wonen in het centrum en budget voor vergroening (beide raadsbesluiten van april 2020) gedekt uit deze reserve. Verder willen we middelen beschikbaar stellen voor regelingen die bijdragen aan het compact maken van het stadshart, zoals een regeling die de verplaatsing stimuleert van ondernemers naar de pit (en de schil) van het stadshart. Ook de stimulering van gevelverbeteringen dekken we uit deze reserve. Deze regelingen zijn voor een aantal jaren gefinancierd. Voor de beschikbare middelen voor deze regelingen wordt naar onderstaand financieel meerjarenbeeld verwezen (onttrekkingen).
Het werkgebied voor dit investeringsfonds is primair gericht op de ‘pit en de flexibele schil’. Investeringen in de ‘omgeving van het centrum’ komen (pas) in tweede instantie in aanmerking voor een bijdrage uit het fonds. Niet bedoeld zijn (consumptieve) bestedingen ten behoeve van bijvoorbeeld de samenwerking tussen partijen in het stadscentrum, de organisatie van evenementen, stimulering van ondernemerschap of de profilering van het Stadscentrum. Criteria en procedure De investeringsprojecten worden getoetst aan de hand van de volgende criteria. Aan de verschillende criteria kennen we geen relatieve weging en/of volgorde van voorkeur toe. Ook omdat weging in de tijd kan verschillen, bijvoorbeeld door marktomstandigheden of externe factoren. De criteria zijn: Mate waarin een project bijdraagt aan de vorming van een compacter centrum en aan de versterking van de ‘pit’ of de ‘flexibele schil’. Mate waarin projecten bijdragen aan de ontwikkeling van de prioritaire locaties uit de dynamische meerjarenplanning. Mate waarin een project bijdraagt aan stedelijk transformatie. Mate waarin ook andere partijen financieel bijdragen aan een project. Mate waarin voor projecten ook middelen beschikbaar zijn vanuit andere gemeentelijke budgetten. De bijdrage voor deze projecten worden aan de gemeenteraad voorgelegd.
Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Plannen stadssportpark TBL We hebben overeenstemming met stichting Carmel College voor de ontwikkelingen van het Stadssportpark TBL. De plannen kunnen binnen de destijds gestelde beschikbare middelen van € 1,7 miljoen gerealiseerd worden. Er is één wijziging in de plannen doorgevoerd. De sportzaal vervalt en wordt vervangen door 4 kleedruimten. Onze bijdrage komt nu in totaal uit op € 1,5 miljoen. Dit bedrag wordt voor € 150.000 betaald uit de reserve Wal Kwartier en omgeving en voor € 1.386.859 betaald uit deze reserve Investeringsfonds stadshart Oss. Inzet beschikbare restantgelden reserve investeringsfonds stadshart Oss We zetten de restantgelden van het investeringsfonds stadshart Oss ad. € 2,8 miljoen in voor de realisatie van de koers Stadshart Oss. In 2025 is de nieuwe Koers Stadshart vastgesteld. We kunnen niet met deze middelen alle gewenste doelen in de koers Stadshart Oss realiseren. We gaan een uitvoeringsprogramma opstellen waarin wordt voorgelegd welke projecten met de beschikbare middelen gaan uitvoeren.
58
Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
4.490
0
0
-142
4.348
2026
4.348
0
0
-228
4.120
2027
4.120
0
0
-1.309
2.811
2028
2.811
0
0
0
2.811
2029
2.811
0
0
0
2.811
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
€ 6.500 voor afwikkeling van een subsidie voor "stimulering gevelverbeteringen"
-
€ 75.000 voor extra afvalronde in het centrum. Hiermee willen we kwaliteitsniveau in het centrum realiseren. Dit is een proef voor drie jaar. Tevens gaan we onderzoeken of we deze kosten -als de proef slaagt- betalen uit de afvalstoffenheffing
-
€ 60.000 voor evaluatie koers stadshart
2026 We hebben de volgende onttrekking begroot: -
€ 75.000 voor extra afvalronde in het centrum. Hiermee willen we kwaliteitsniveau in het centrum realiseren. Dit is een proef voor drie jaar. Tevens gaan we onderzoeken of we deze kosten -als de proef slaagt- betalen uit de afvalstoffenheffing
-
€ 152.870 bijdrage voor investeringen in het Stadssportpark TBL.
2027 We hebben de volgende onttrekking begroot: -
€ 75.000 voor extra afvalronde in het centrum. Hiermee willen we kwaliteitsniveau in het centrum realiseren. Dit is een proef voor drie jaar. Tevens gaan we onderzoeken of we deze kosten -als de proef slaagt- betalen uit de afvalstoffenheffing.
-
€ 1.233.989 bijdrage voor investeringen in het Stadssportpark TBL. Totaal € 1.386.859 (€ 152.870 + € 1.233.989). Raadsbesluit 23 oktober 2025.
De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
59
Heesch-West (742030) Beleidsdoel/noodzaak reserve Deze reserve is bedoeld als (extra) financiële buffer voor de ontwikkeling van het Regionaal bedrijventerrein Heesch West. In 2014 is de gemeenschappelijke regeling (GR) Heesch West voor het ontwikkelen van dit regionaal bedrijventerrein vastgesteld. Oss neemt voor 30% deel aan deze gemeenschappelijke regeling. De grondexploitatieberekening Heesch West is begin 2025 geactualiseerd en vastgesteld door het Algemeen Bestuur. De exploitatieberekening sluit met een exploitatietekort van € 38 miljoen. Dit is € 5,5 miljoen lager dan het jaar daarvoor omdat met reële grondprijzen is gerekend. De gehanteerde behoedzaamheidsmarge (afslag op de grondprijs) is daardoor vervallen. Het voordeel van € 5,5 miljoen is gestort in een egalisatiereserve binnen de GR Heesch West. De deelnemende gemeenten hebben in april 2022 de verliesvoorziening overgedragen aan de GR. Het aandeel van Oss bedroeg € 13,1 miljoen. Dit bedrag is afgeleid van ons deelnemingspercentage van 30% en het toen gecalculeerde verlies. De reserve Heesch West is om risico’s die met deze grondexploitatie samenhangen af te dekken. In de grondexploitatie is een aantal belangrijke (in)schattingselementen opgenomen. De gemeenschappelijke regeling kent een gevoeligheidsanalyse en geen echte risicoanalyse. Iedere gemeente doet de vorming van deze reserve naar eigen inzicht.
Oss heeft vanuit de specifieke uitgangspunten, kennis en omstandigheden een inschatting gemaakt. Op basis van deze risicoanalyse is een risicoreserve van € 2,5 miljoen nodig. De grootste onzekerheden binnen de GR Heesch West zijn de start van uitgifte bouwgrond en de netcongestie. Door de beroepsprocedure bij de Raad van State is een enorme vertraging opgelopen. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Op basis van berekening moet de minimaal noodzakelijke omvang € 2.512.700 zijn. Deze omvang is gebaseerd op de risicoanalyse die we gemaakt hebben op basis van exploitatieberekening 2025 vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 28 maart 2025 (jaarstukken 2024 GR Heesch West). Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
2.513
0
0
0
2.513
2026
2.513
0
0
0
2.513
2027
2.513
0
0
0
2.513
2028
2.513
0
0
0
2.513
2029
2.513
0
0
0
2.513
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld We hebben geen stortingen of onttrekkingen geraamd. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja op basis van de in maart 2025 vastgestelde exploitatieberekening
wel. Deze berekening wordt jaarlijks geactualiseerd en daardoor kan het benodigde reservebedrag eventueel wijzigen. Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
60
Mobiliteit (742010) Beleidsdoel/noodzaak reserve Koersnota Mobiliteit De Koersnota Mobiliteit is 6 juli 2023 vastgesteld. De Koersnota Mobiliteit wordt als ambitie gezien voor onze mobiliteit en infrastructuur. Dit document vormt het vertrekpunt voor de integrale uitwerking binnen individuele projecten en programma's in ons ruimtelijk domein. We werken aan de volgende doelstelling(en): Versterken van de kwaliteit van de openbare ruimte
Toegankelijk en bereikbaar voor iedereen
Verduurzamen van de mobiliteit
Versterken van het economisch vestigingsklimaat
Vergroten van de verkeersveiligheid en terugdringen van de hinder
Wij willen hierbij een leefbare, verkeersveilige en bereikbare gemeente zijn die tevens invulling geeft aan de verstedelijksopgave van de stad. Om dat te kunnen bereiken willen wij de kwaliteit van verblijven en ontmoeten in de openbare ruimte centraal stellen. Hierin is veel plaats voor fietsers en voetgangers. Fietsverkeer op korte afstand, zoals binnen de stad, willen wij stimuleren. De auto blijft belangrijk voor de bereikbaarheid van de stad. Op plekken waar de leefbaarheid belangrijk is, zoals in de binnenstad en de kloppende harten in wijk en dorp (zie Koersnota Mobiliteit), streven we naar een verkeersluwe inrichting. Om dat mogelijk te maken moet op andere plekken in de stad de doorstroming voor het autoverkeer worden verbeterd. Voor verplaatsingen op langere afstand zetten wij daarnaast in op gedeelde mobiliteit. Naast de trein en hoogwaardig busvervoer (zoals Bus Rapid Transit) blijven kleinschalige mobiliteitssystemen, zoals buurtbus en wijkbus en deelmobiliteit, een belangrijke aanvulling. Uitvoeringsprogramma Mobiliteit Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit is in maart 2025 vastgesteld. In het uitvoeringsprogramma is inzicht gegeven aan de uitvoering aan de programma’s, projecten en maatregelen waarmee we de komende vier jaar willen beginnen, met een doorkijk naar tien jaar. Op de korte termijn ligt hierbij de focus liggen op de verstedelijkingsopgave:
Verhelpen/voorkomen van (toekomstige) knelpunten in de hoofdwegenstructuur.
Verbeteren van de fietsinfrastructuur, inclusief fietsparkeren.
Verbeteren OV-voorzieningen (inclusief aanleg BRT).
Verbeteren verkeersveiligheid en deelmobiliteit.
De mobiliteitsopgave is hierbij integraal onderdeel van onder andere gebiedsontwikkelingen Amsteleind, Schadewijk, Oss Centraal en Euterpepark. Financiële middelen voor mobiliteitsopgave We hebben vanuit deze reserve een bedrag van circa 40 miljoen euro beschikbaar voor de realisatie van projecten. Dit bedrag is niet toereikend en daarom zijn we doorlopend op zoek naar mogelijkheden voor cofinanciering door andere overheden. We leggen verbinding met het Integraal UitvoeringsProgramma (IUP) om waar mogelijk ook werk met werk te kunnen maken. Bijvoorbeeld wanneer een weg of kruispunt aan groot onderhoud toe is, kunnen we een project eerder of juist later uitvoeren. Om tot prioritering van de projecten te kunnen komen is in veel gevallen gewerkt met kostenramingen. De volgende projecten zijn geraamd op een bedrag tot € 500.000: - Uitwerken toekomstige inrichting Doctor Saal van Zwanenbergsingel tussen Euterpelaan en Julianasingel (€ 50.000) - Opstellen mobiliteitsplannen voor de wijken en kernen (€ 200.000 voor alle plannen).
61
- Uitwerken toekomstige inrichting Euterpelaan-Wethouder van Eschstraat (€ 100.000). - Uitvoeren van quick-wins voor de fietser (€ 250.000, budget om meerdere jaren ingrepen te kunnen doen zoals het verwijderen van paaltjes en het vervangen van markeringen). - Uitvoeren verbeteringen kwaliteit haltes en stations (€ 250.000). - Uitvoeren fietsstimuleringscampagne- en acties (€ 250.000, budget om meerdere jaren acties en campagnes te kunnen uitvoeren). - Uitwerken aanpassingen kruispuntaansluiting Cereslaan – A59 (€ 150.000). - Uitwerken aanpassingen onderliggend wegennet knooppunt Paalgraven (€ 150.000). - Uitwerken mogelijke verbeteringen doorstroming en veiligheid Julianasingel m.b.t. het kruispunt met de Nieuwe-Hescheweg (€ 50.000). - Uitvoeren verkeersveiligheidsscan inclusief rotondes (€ 150.000). - Uitvoeren verkeersgedragscampagnes en educatie (€ 500.000, budget om meerdere jaren campagnes en educatiepakketten te kunnen uitvoeren en faciliteren). - Monitoren van de maatregelen door middel van metingen en enquêtes (€ 250.000). Totaal vragen deze 12 projecten een geraamde investering van € 2.350.000 van de beschikbare € 40.000.000. Over de voortgang van deze projecten wordt verantwoording afgelegd in de financiële rapportages.
Voor de activiteit ‘veerverkeer over de Maas’ geldt dat er reeds een langjarig subsidiebudget (á € 300.000 in totaliteit) is toegezegd met dekking vanuit de reserve mobiliteit. Projecten met grotere investering (boven € 500.000) Voor de andere projecten in het Uitvoeringsprogramma geldt dat er een hogere investering mee is gemoeid en dat er separate voorstellen aan de raad zullen worden voorgelegd, inclusief de dekking van de financiën. Het gaat daarbij om de volgende projecten: -
Herinrichten Heihoeksingel
-
De uitvoering van maatregelen in kernen en wijken die volgen uit de wijkmobiliteitsplannen
-
Herinrichten Oostwal, Molenstraat en Raadhuislaan
-
Realiseren fietsroute Amsteleind-centrum
-
Uitwerken scenario's voor realisatie fietsstraat Berghemseweg en daarna uitvoeren
-
Aanpassen rotonde Kantsingel-Gasstraat Oost t.b.v. Bus Rapid Transit (BRT)
-
Verplaatsen HOV bushalte naar zuidkant van station Oss en aanpassen van de route (Gasstraat) er
-
Realiseren BRT halte tussen Kantsingel-Zuid en Vorstengrafdonk en onderzoek naar en aanpassen van
-
Realiseren van 3 fietsenstallingen in het centrum
-
Realiseren fietsroute F59 Wijchen-Oss
-
Realiseren rotonde Huizenbeemdweg-Gewandeweg
-
Uitvoeren van maatregelen als gevolg van verkeersveiligheidsscan waaronder N329.
naartoe. rotonde Julianasingel
De totale investering voor deze projecten komt naar verwachting op een bedrag van tussen € 30.000.000 en € 40.000.000 miljoen. Voor een deel zijn deze namelijk afhankelijk van de resultaten van nog uit te voeren onderzoeken en van de mate waarin het lukt om cofinanciering aan te vragen. Relatie met nota kostenverhaal - bovenwijkse voorzieningen Indien een mobiliteitsmaatregel een bovenwijkse karakter heeft wordt deze naar de reserve bovenwijkse voorzieningen -met de financiële dekking vanuit deze reserve- overgeheveld. Dit zullen wij te zijner tijd bij het uitvoeringsprogramma mobiliteit in beeld brengen. Alle investeringen die benoemd en gefinancierd worden uit de reserve bovenwijkse voorzieningen vormen namelijk onderdeel van de berekening van bijdrage bovenwijkse voorzieningen (nota kostenverhaal). De nota kostenverhaal wordt in 2026 geactualiseerd. Deze actualisatie biedt mogelijkheden om een deel van de mobiliteitsprojecten hieruit te betalen. Dit wordt bij de nota kostenverhaal 2026 inzichtelijk gemaakt.
62
Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
18.831
0
8.470
-1.321
25.980
2026
25.980
0
1.470
-121
27.329
2027
27.329
0
470
-121
27.678
2028
27.678
0
470
-121
28.027
2029
28.027
0
470
-8.000
20.497
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben de volgende stortingen begroot: -
€ 470.000: Beschikbaar vanuit PB 2023-2026 voor investeringsbedrag van € 17 miljoen
-
€ 8.000.000: Beschikbaar vanuit PB 2023-2026. Onderdeel van het beschikbaar stellen van incidenteel € 23 miljoen
We hebben de volgende onttrekking begroot: -
€ 121.000: Voor Slimme Mobilteit/Brabant Stad.
-
€ 150.000 onderzoekskosten reconstructie Heihoeksingel
-
€ 500.000 aanleg Oostwal tot aan de Singel
-
€ 550.000 voorbereidingskrediet voor herinrichting ontsluitingsweg Heihoeksingel
2026 We hebben de volgende stortingen begroot: -
€ 470.000: Beschikbaar vanuit PB 2023-2026 voor investeringsbedrag van € 17 miljoen
-
€ 1.000.000: Beschikbaar vanuit PB 2023-2026. Onderdeel van het beschikbaar stellen van incidenteel € 23 miljoen
We hebben de volgende onttrekking begroot: -
€ 121.000: Voor Slimme Mobilteit/Brabant Stad.
2027 We hebben de volgende storting begroot: -
€ 470.000: Beschikbaar vanuit PB 2023-2026 voor investeringsbedrag van € 17 miljoen
We hebben de volgende onttrekking begroot: -
€ 121.000: Voor Slimme Mobilteit/Brabant Stad.
2028 We hebben de volgende storting begroot: -
€ 470.000: Beschikbaar vanuit PB 2023-2026 voor investeringsbedrag van € 17 miljoen
We hebben de volgende onttrekking begroot: -
€ 121.000: Voor Slimme Mobilteit/Brabant Stad.
63
2029 We hebben de volgende storting begroot: -
€ 470.000: Beschikbaar vanuit PB 2023-2026 voor investeringsbedrag van € 17 miljoen
Voorgenomen onttrekking Voor de herinrichting van de Heihoeksingel is vanuit deze reserve een gemeentelijke bijdrage van € 8 miljoen geraamd. Deze maatregel is onderdeel van de WoKT aanvraag. We verwachten de aanleg in de periode van 2029-2030. Voor een actueel overzicht is deze in dit overzicht opgenomen. Het definitieve voorstel wordt nog aan de gemeenteraad voorgelegd. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
64
Parkeren (742009) Beleidsdoel/noodzaak reserve Met deze reserve vangen we schommelingen in de opbrengsten van betaald parkeren op. In het parkeerbeleidsplan gaan we uit van een kostendekkende gesloten exploitatie. Dit betekent dat we er vanuit gaan dat we de kosten van parkeren kunnen betalen uit de parkeeropbrengsten. In de berekeningen gaan we er vanuit dat de volumes gelijk blijven. Hierin schuilt het risico dat de volumes door een forse tariefstijging zullen dalen en dat de verwachte parkeeropbrengsten niet gerealiseerd worden. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Noodzakelijke omvang Minimaal noodzakelijke omvang: € 527.000 Maximale omvang: € 1.054.000 Het parkeerbedrijf heeft een gesloten exploitatie: de tarieven dekken de kosten van parkeren. Dit uitgangspunt hebben we als basis gebruikt voor de meerjarige berekening. De minimale omvang van de reserve is berekend op het kunnen opvangen van een vraaguitval van 5% over een periode van 4 jaar. Bij de maximale omvang gaan we uit van een vraaguitval van 10% over een periode van 4 jaar. We verwachten over de periode 2025 t/m 2028 een parkeeropbrengst van € 10.535.000. Opbouw reservebestand parkeren In deze reserve is een post opgenomen die we niet meenemen bij het bepalen van de noodzakelijke omvang. Het gaat om de bijdragen van derden in verband met de parkeereis in het centrum.
In het parkeerbeleidsplan is opgenomen dat een derde een bijdrage van € 10.000 moet betalen voor iedere parkeerplaats die een derde niet zelf kan aanleggen. De gemeente is verplicht om deze parkeerplaats binnen 10 jaar te realiseren. Als dat niet lukt wordt de € 10.000 terugbetaald. We hebben voor 12 parkeerplaatsen een bijdrage ontvangen. Deze bijdragen hebben we in de reserve gestort, in totaal dus € 120.000. In het komende beleidsplan parkeren wordt dit onderwerp behandeld c.q. het beleid hiervoor bepaald. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
1 januari
bijschrijven
Storting
Onttrekking
Saldo
2025
1.518
0
282
-318
1.481
2026
1.481
0
1.708
0
3.190
2027
3.190
0
1.705
0
4.894
2028
4.894
0
1.658
0
6.553
2029
6.553
0
1.654
0
8.207
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We storten € 282.000 vanuit het beheerplan parkeren in de reserve. Per oktober 2025 verhogen we de parkeertarieven. Hiernaast verlengen we de parkeertijden voor betaald parkeren volgens de nota parkeren 2025 wat zorgt voor hogere opbrengsten. We onttrekken € 318.000 voor ruimtelijke onderzoeken voor de parkeervoorziening Raadhuislaan-Zuid.
65
2026-2029 We storten € 1,7 miljoen in de reserve parkeren om toekomstige parkeervoorzieningen en ontwikkelingen te kunnen betalen ten behoeve van de leefbaarheid van de stad. Deze opbrengsten komen door hogere parkeertarieven en door het verlengen van de parkeertijden voor betaald parkeren volgens de nota parkeren 2025. Het maximum van de reserve wordt hierdoor tijdelijk overschreden. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
66
Maasveren (742062) Beleidsdoel/noodzaak reserve De reserve Maasveren is bedoeld om financiële steun te verlenen aan Stichting de Maasveren om het veerverkeer over de maas te behouden. We ondersteunen de Stichting de komende acht jaar met een jaarlijkse tegemoetkoming van maximaal € 37.500. Dit bedrag is gebaseerd op 50% van het werkelijke exploitatietekort van de Stichting. Het doel van deze steun is om ervoor te zorgen dat het veerverkeer over de Maas als onderdeel van het lokale en regionale netwerk behouden blijft. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de meerjarenraming is € 113.000. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
263
0
0
-38
225
2026
225
0
0
-38
188
2027
188
0
0
-38
150
2028
150
0
0
-38
113
2029
113
0
0
-38
75
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Subsidie Stichting Maasveren € 37.500
2026 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Subsidie Stichting Maasveren € 37.500
2027 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Subsidie Stichting Maasveren € 37.500
2028 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Subsidie Stichting Maasveren € 37.500
2029 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
Subsidie Stichting Maasveren € 37.500
De begrote mutaties van deze reserve zijn een inschatting. Bij het opstellen van de jaarrekening bekijken we welke werkelijke kosten of opbrengsten er zijn geweest en dit storten we in/onttrekken we uit deze reserve. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
67
Openbare verlichting (742012) Beleidsdoel/noodzaak reserve De reserve is bedoeld voor de dekking van de vervangingsinvesteringen van alle lichtmasten en armaturen voor de komende planperiode en voor schilderwerk aan de lichtmasten. Dagelijks onderhoud (inclusief energielasten) betalen we doorgaans uit de structurele begroting. We geven een impuls aan het verduurzamen van de openbare ruimte. In deze periode halen we gefaseerd bedragen uit de reserve om lichtmasten te vervangen en armaturen met led-verlichting te plaatsen. Bij het dagelijks onderhoud betaalt de ombouw naar led-verlichting zich terug in een afname van het aantal storingen en energieverbruik. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de meerjarenraming is € 0 Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
0
0
0
0
0
2026
0
0
0
0
0
2027
0
0
0
0
0
2028
0
0
0
0
0
2029
0
0
0
0
0
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld We hebben geen stortingen of onttrekkingen geraamd. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
68
Geluid (742016) Beleidsdoel/noodzaak reserve Deze reserve gebruiken we om knelpunten op het terrein van geluidsoverlast op te lossen. Het niet gereserveerde saldo van € 370.000 laten we in 2024 vrij vallen. Na afwikkeling van de laatste onttrekkingen kan deze reserve opgeheven worden. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming De minimaal noodzakelijke omvang aan het einde van de meerjarenraming is nihil. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
423
0
0
-408
15
2026
15
0
0
0
15
2027
15
0
0
0
15
2028
15
0
0
0
15
2029
15
0
0
0
15
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 We hebben de volgende onttrekkingen begroot: -
€ 38.000 voor de MER Nieuw Zevenbergen
Het restantsaldo van € 370.000 laten we vrij vallen in 2025. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
69
Strategische aankopen (742027) Beleidsdoel/noodzaak reserve Doelstelling Om de ambitie van 8.500 woningen tot 2040 te realiseren en nieuwe bedrijventerreinen mogelijk te maken, wordt conform het vigerende grondbeleid op een actieve grondpolitiek ingezet. Bij een actief grondbeleid houdt de gemeente zelf de regie bij de aankoop, transformatie, uitgifte en ontwikkeling. De gemeente voert hierbij zelf de grondexploitatie. De gemeente heeft hierbij de regie over de kwaliteit en het programma van plannen en het bouwtempo. Bij een actief grondbeleid is een actief aankoopbeleid noodzakelijk om de gewenste grondposities in bezit te krijgen. Het gaat om zogenaamde koude of warme strategische verwervingen voor uitbreidingslocaties van woningbouw of bedrijventerreinen of inbreidingslocaties. Voor inbreidingslocaties in de Spoorzone van de stad Oss wordt verwezen naar de reserve binnenstedelijke transformaties. De reserve strategische aankopen biedt financiële ruimte om locaties in een vroeg stadium te kunnen verwerven en de eventuele financiële risico’s te dekken. Inzet reserve De reserve wordt hierbij voor meerdere onderdelen ingezet, te weten: 1.
Afdekken overwaarde In het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten van de commissie BBV worden regels gesteld aan de waardering van gronden. Voor strategische aankopen waarbij nog geen concreet project voorhanden is, wordt deze reserve ingezet voor de afdekking van de eventuele overwaarde. Dit is het verschil tussen de marktwaarde en de verwervingswaarde. De gronden die zijn verworven met het oog op concrete ontwikkeling door de gemeente, maar waarvoor nog geen operationele grondexploitatie is vastgesteld waarderen we, voor wat betreft de toepassing van artikel 65 lid 1 BBV, tegen de waarde volgens de toekomstige bestemming. Er moet dan wel worden voldaan aan de voorwaarden zoals verwoord in paragraaf 4.1.1 van de notitie grondbeleid in begroting en jaarstukken 2023 (BBV). Afdekking van de zogenaamde overwaarde is niet meer nodig. Echter, voor de resterende gevallen blijft deze reserve beschikbaar als dekking alsmede voor gedane afwaarderingsgevallen uit het verleden. Hiermee worden de risico’s voor de gemeente beperkt.
2.
Afdekken rentekosten voorfinanciering Bij een actief grondbeleid worden de aankopen door de gemeente voorgefinancierd. Het uitgangspunt hierbij is om de rentekosten voor de aankoop van locaties middels deze reserve af te dekken. De locaties die worden aangekocht, worden indien mogelijk tussentijds beheerd/verpacht. De eventueel daarmee gemoeide opbrengsten worden op deze rentekosten in mindering gebracht.
3.
Voorbereidingskosten Tijdens het proces van aankoop en de daaraan voorafgaande verkenningen worden veelal externe kosten gemaakt, zoals onderzoeken en taxaties.
Voeding reserve De reserve wordt op basis van de ambities op het gebied van toekomstige grondexploitaties geactualiseerd. Een benodigde aanvulling van deze reserve wordt met voorrang uit de eventuele vrijval van ABR verricht. De ABR grondbedrijf wordt gevoed vanuit de grondexploitaties, normaliter volgend op aankopen, en heeft dus een sterk causaal verband met deze reserve. Vooralsnog is het saldo van de reserve voldoende, omdat de rentelasten en voorbereidingskosten relatief beperkt zijn.
70
Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Noodzakelijk omvang Het bepalen van de benodigde omvang van deze reserve is afhankelijk van de ambities. In het huidige saldo is rekening gehouden met de ambities op het gebied van wonen en werken voor de periode tot en met 2034. Op basis van de voorziene onttrekkingen is het uitgangspunt dat het huidige saldo voor deze periode toereikend is. Doorkijk reserve meerjarenbeeld Deze reserve wordt voor een drietal doeleinden benut. Om de rentekosten van de grondaankopen voor een MVA (Materiële Vaste Activa) te betalen, om een strategische grondaankoop te kunnen verrichten voor woningbouw en industrie in de verre toekomst en om noodzakelijke voorbereidingskosten bij een voorgenomen strategische aankoop mogelijk te maken. Komende periode wordt met andere beleidsafdelingen onderzocht welke financieringsvraag er de komende jaren gaat ontstaan. 1. Afdekken overwaarde Momenteel zijn nog geen reserveringen voor de afdekking van de overwaarde opgenomen, omdat voor de beoogde projecten nog geen besluitvorming heeft plaatsgevonden. Of en zo ja dit het geval is, worden de bijbehorende financiën in de toekomst geraamd. 2. Rentekosten Voor nu wordt een last van bijna € 4 ton in 2025 voorzien en bijna € 1 ton in 2026. Vanwege activeringen van de betrokken grondexploitatie vervallen deze vanaf 2027.
In 2025 wordt eenmalig de vrijval van de afwaardering van strategische gronden verwerkt als baat. Deze eerdere afwaardering is gedaan onder het oude regime van het eerder genoemde BBV. 3. Voorbereidingskosten Bij de onttrekkingen is hieronder nog geen uitgavenpost geraamd voor voorbereidingskosten. Voorgesteld wordt om hiervoor een jaarlijkse een post op te nemen. De kosten zijn jaarlijks relatief beperkt en worden in de volgende cyclus meegenomen. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar
Saldo
Rente
Storting
Onttrekking
Saldo
1 januari
bijschrijven
2025
5.665
0
376
-91
5.950
2026
5.950
0
0
-68
5.883
2027
5.883
0
0
0
5.883
2028
5.883
0
0
0
5.883
2029
5.883
0
0
0
5.883
31 december
Toelichting op het meerjarenbeeld 2025 - 2029 De onttrekkingen hebben betrekking op de rentekosten van de grondaankopen voor IMVA’s Amsteleind te Oss. De rentekosten worden hieruit betaald tot het moment dat de grondexploitatie wordt geopend en eventueel verrekend. De eenmalige storting heeft te maken met een afwaardering uit het verleden, welke teruggedraaid is na de activering van grondexploitatie Stationskwartier te Ravenstein. Zit er voldoende geld in de reserve?
Ja
Moet de reserve aangevuld worden?
Nee
Kan de reserve verlaagd worden?
Nee
71
Binnenstedelijke transformaties (742046) Beleidsdoel/noodzaak reserve Omvang reserve en actuele stand van zaken Het project Noordelijke ontsluitingsweg is opgestart, uitvoering wordt verwacht in 2026-2027. In deze reserve is rekening gehouden met een bijdrage van € 7,4 mln aan de Noordelijke ontsluitingsweg (fase 1 en 2). Aan de westzijde van Oss wordt de nieuwe wijk Amsteleind gebouwd. Om de ontsluiting ook hier goed te regelen worden de werkzaamheden vanaf 2025 opgepakt. Buiten zullen deze werkzaamheden naar planning vanaf 2026 zichtbaar worden met de aanleg van de Parkway. In februari 2025 is het uitvoeringsprogramma Mobiliteit vastgesteld. Doorkijk reserve We hebben bovenstaande ontwikkelingen in het meerjarenbeeld verwerkt. In dit overzicht zijn de afdrachten van de bovenwijkse voorzieningen uit de ABR van de IMVA's nog niet opgenomen, deze plannen zijn immers nog niet door de raad geactiveerd. De afdracht van de bovenwijkse voorzieningen van de BIE's is een prognose op basis van de geplande woningaantallen en brutovloeroppervlakte. Deze wordt elk jaar geactualiseerd. Minimaal noodzakelijke omvang einde meerjarenraming Omvang Het is op voorhand beperkt mogelijk om de omvang voor deze reserve binnenstedelijke transformatie te bepalen. Een aantal gebiedsontwikkelingen is in beeld waaronder het Euterpepark, Raadhuislaan Noord en Zuid, Schadewijk en de huidige zwembadlocatie.
Op basis van kengetallen zijn deze gebiedsontwikkelingen in 2022 grofmazig doorgerekend. Op basis van deze uitkomsten is het bedrag van € 19,6 miljoen normatief verdeeld over deze gebiedsontwikkelingen. De berekening wordt (jaarlijks) geactualiseerd waarbij de bedragen per project binnen het gebied worden herijkt. De kosten kunnen op basis van de huidige inzichten in sommige gevallen aan een grondexploitatie worden toegerekend, deze worden geconfronteerd met hoge tekorten. Kostenverhaal is ook veelal niet volledig mogelijk. Om onze opgave op dit gebied te realiseren worden aanvragen voor provinciale en rijkssubsidies onderzocht. Alle projecten worden hiertoe geactualiseerd in 2026, zodat nieuwe financiële doorrekeningen kunnen worden gemaakt. Op basis van separate besluitvorming kunnen de middelen worden toebedeeld. Mogelijk zijn aanvullende stortingen in de reserve vereist of wordt geconcludeerd dat bepaalde projecten niet financieel haalbaar zijn. Zodra dit in de eerste helft van 2026 gereed is wordt onderstaande tabel specifieker ingevuld. Bij de onttrekkingen in de tabel hieronder is eveneens nog geen uitgavenpost geraamd voor voorbereidingskosten. Na besluitvorming over de nieuwe tekst kunnen bij de volgende begroting relevante bedragen worden opgevoerd. Meerjarenbeeld op basis van bestaand beleid bedragen x € 1.000 Jaar