Kadernota 2026-2029
Tekst van het document
Wij zullen in de komende maanden onderzoeken waar de grootste vragen liggen en zullen daar waar mogelijk komen met financiële dekking. Onder andere
23
een op het stellen strategisch personeelsplan en het door uw rekenkamer aangekondigde onderzoek over de ambtelijke organisatie moeten hiervoor input geven. In volgende tabel hebben we de prioriteiten uit deze kadernota op hoofdlijnen financieel vertaald. Bedragen x € 1.000 + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten
Posten nieuw beleid: Programma 1 Werkwijze participatie internationale werknemers Programma totaal Programma 2 Maatschappelijk vastgoed (onderwijs en ontmoeten) Fysieke locatie Werkcentrum Noordoost Brabant Programma totaal
2025
2026
2027
2028
2029
0
65 65
65 65
65 65
65 65
-350 87 -263
-2.300 87 -2.213
PM
0
-50 87 37
25
25
25
20
20
20
0
20 60 PM 105
PM 45
PM 45
PM 20
PM
PM
PM
0
40 -40 150 -150 0
0
0
0
Programma 3 BrabantStad werkplan cultuur Project SKIP (denormalisering drugsgebruik) Subsidieproces en beleid MJOP Programma totaal Programma 5 Agrifood Capital/Elevate-X Uit reserve economie Gebiedsmarketing/Toerisme Uit verhoging toeristenbelasting Programma totaal
0
Programma 7 Storting reserve Fysieke kwaliteit leefomgeving/spoorzone Programma totaal
0
5.000
0
0
0
Programma 8 Versterken capaciteit veiligheid Programma totaal
42 42
664 664
664 664
664 664
664 664
Programma 9 Vorming concernstaf
474
605
605
605
Aanpassing organisatie & bedrijfsvoering
205
205
205
205
5.000
Versterken afdeling P&O Organisatieontwikkeling Duurzame inkoop
357
793 500 66
540 500 66
Programma totaal
357
2037
1916
810
810
0
0
0
-810 -810
-810 -810
399
7.908
2.427
-1.439
749
Programma 10 Opdracht: Op zoek naar financiële ruimte Programma totaal Totaal nieuw beleid
24
4. Ontwikkeling lokale lastendruk Voor het jaar 2026 kiezen we voor een OZB verhoging van 2,67%. Dit is een reguliere inflatiecorrectie voor 2026 vanuit het CPB. We houden vast aan het uitgangspunt om onze lastendruk minimaal € 22,50 onder het landelijke gemiddelde te houden. Daarnaast hebben we bij de vorige begroting de OZB al flink verhoogd. Onderstaand geven we een beeld van de lokale lastendruk in 2025 ten opzichte van het landelijke gemiddelde weer. 2025 Lastendruk standaardwoning
2024
Oss
Landelijk
Oss
Landelijk
Onroerende zaakbelastingen
€ 461
€ 453
€ 403
€ 423
Afvalstoffenheffing
€ 333
€ 364
€ 292
€ 346
Rioolheffing
€ 178
€ 235
€ 178
€ 225
Totaal
€ 972
€ 1.052
€ 873
€ 994
De lokale lastendruk is dus € 80 onder het landelijke gemiddelde. Dit bedrag bestaat uit: -
OZB: € 8 boven gemiddeld;
-
Afvalstoffenheffing: € 31 onder gemiddeld;
-
Rioolheffing: € 57 onder gemiddeld.
Opgemerkt hierbij wordt dat bij de afvalstoffenheffing bepalend is het aantal keer dat een huishouden de container aanbiedt. Het COELO gaat voor 2025 uit van 11-12 ledigingen per jaar (korting 27,50). Dit op basis van landelijke CBS cijfers. Als we onszelf vergelijken met vergelijkbare gemeenten (G40) ontstaat het volgende beeld. Twee derde van de G40 leden heeft een hogere lastendruk dan Oss.
5.
Financiële kaders en uitgangspunten
In het coalitieakkoord ‘Samen Duurzaam Vooruit’ is gekozen voor een degelijk financieel beleid in onzekere tijden. Onze ambitie is om ons huishoudboekje blijvend op orde te houden door een stabiel financieel beleid, heldere afspraken en financiële lenigheid om in te spelen op nieuwe omstandigheden. We willen de lokale lastendruk voor onze inwoners en bedrijven laag houden. Tegen deze achtergrond gelden de volgende algemene financiële kaders en uitgangspunten: 1.
Ons financieel beleid blijven we gedegen en solide vormgeven. We gaan voor deze begroting uit van een geaccepteerd tekort van € 3 miljoen, zijnde de tekorten op jeugdzorg waarvan we uitgaan dat deze extra 25
gefinancierd gaan worden door het Rijk vanaf 2028. Wij, en ook VNG, vinden dat het Rijk dit verplicht is omdat jeugdzorg een taak in medebewind is. Het Rijk is dus verantwoordelijk voor adequate financiering hiervan. Dit betekent dus dat we bij de programmabegroting een niet meerjarig sluitende begroting zullen presenteren. Dit doen we op druk op het kabinet te houden. We blijven hiermee onverminderd lobbyen voor voldoende compensatie vanuit het Rijk. 2.
Het financiële kader voor deze kadernota is:
Er is géén c.q. nauwelijks ruimte voor nieuwe wensen (nieuw beleid);
Nieuwe wensen moeten in principe binnen bestaande budgetten gerealiseerd worden en er is alleen financiële ruimte voor grote prioriteiten waarvan we inschatten dat deze van groot belang voor de ontwikkeling van onze stad c.q. van de organisatie.
We kijken extra kritisch naar aanwezige reserves en naar ruimte in de begroting (begrotingsposten die in jaarrekeningen meerdere jaren niet volledig besteed zijn c.q. waarbij opbrengsten jaarlijks hoger zijn).
3.
We hebben een algemene reserve die voldoet aan de gestelde normen (10% van de algemene uitkering). Eventuele incidentele ruimte binnen de algemene reserve kunnen we inzetten om onze ambities uit het coalitieakkoord waar te maken.
4.
We kijken jaarlijks kritisch naar alle reserves. In de nota reserves, die de gemeenteraad tegelijk met de programmabegroting behandelt, lichten we de reserves uitgebreid toe.
5.
De winsten uit het grondbedrijf zetten we in voor onze omvangrijke ruimtelijke opgaves (ontsluitingswegen, spoorzone, mobiliteitsplan, plan Groen/ blauw/ natuur). Daarbij merken we op dat de algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf weer geleidelijk stijgt, maar dat door nieuwe woningbouwplannen ook het risicoprofiel stijgt en dat als gevolg hiervan deze reserve moet gaan stijgen. Dit betekent ook dat er de komende jaren er geen sprake meer zal kunnen zijn van een afroming ten behoeve van de algemene reserve.
6.
Via actieve lobby en netwerken zetten we in op actief geld van derden te verwerven zoals bijdragen uit landelijke, regionale en Europese fondsen. De landelijke fondsen voor woningbouwimpulsen, volkshuisvesting en klimaat & energie bieden nadrukkelijk kansen.
7.
Via de voorjaarsnota 2025 vanuit het Rijk is een degelijke financiële compensatie aan gemeenten gegeven voor de jaren 2025 tot en met 2027. Net als de VNG vinden we de reeks vanaf 2028 te ambitieus (de ingeboekte besparingen op jeugdzorg en ook het verder verhogen van de opbrengst uit de hervormingsagenda). Daarnaast wordt er geen index van de kosten voor jeugdzorg toegepast, zoals de deskundigencommissie had aanbevolen. Concreet is afgesproken dat de deskundigencommissie Van Ark in het eerste kwartaal 2027 een uitspraak doet over de haalbaarheid van het financieel kader vanaf 2028. Onze structurele financiële positie blijft dus onzeker. Feitelijk schuift het Ravijnjaar op van 2026 naar 2028. We blijven lobbyen voor een realistisch en robuust financieel kader voor de uitvoering van jeugdzorg ook na 2028.
Meer specifiek gelden de volgende kaders: Gemeentelijke belastingen en heffingen De lokale lastendruk houden we minimaal op € 22,50 onder het landelijke gemiddelde. We blijven uitgaan van 100% kostendekking van tarieven en heffingen. We verhogen de OZB jaarlijks met de inflatie (2,67%). Prijsontwikkeling Het CPB verwacht in 2026 voor de overheidsuitgaven een prijsontwikkeling van 1,8% (prijs overheidsconsumptie netto materieel). Voor de loonontwikkeling gaan ze uit van recente CAO van 3,24%. Gezien de huidige ontwikkelingen in de wereld zit hierin een behoorlijk risico. In de jaarlijkse meicirculaire van het gemeentefonds krijgen gemeenten in principe geld voor de verwachte loon- en prijsontwikkeling. Vanuit de meicirculaire zetten we daarom de noodzakelijke bedragen apart om loonen prijsstijgingen op te kunnen vangen.
26
Gesubsidieerde instellingen Bij gesubsidieerde professionele instellingen is in zijn algemeenheid sprake van een 80/20-verhouding tussen het loongevoelige en prijsgevoelige deel van de uitgaven. Voor budgetsubsidies wordt voor de compensatie van loonstijging uitgegaan van de specifieke CAO-ontwikkelingen per sector en voor de compensatie van prijsstijging wordt uitgegaan van een inflatie van 1,8% (% overheidsconsumptie netto materieel 2026). Bij de overige subsidies zoals professionele instellingen zonder budgetovereenkomst en niet-professionele organisaties wordt ook dit percentage van 1,8% voor prijscompensatie gehanteerd. Post onvoorzien In de begroting hebben we een jaarlijkse post onvoorzien opgenomen. Op dit moment hebben we een post onvoorzien van € 300.000. Bij de strategische heroriëntatie stellen we voor om dit bedrag te verlagen naar € 200.000 vanaf 2025. Dit bedrag kan door het college gedurende het jaar ingezet worden voor incidentele tegenvallers. Criteria daarvoor zijn: -
onuitstelbaar
-
onvermijdbaar
-
onvoorzienbaar
De verantwoording van de inzet van deze post nemen we op in de reguliere planning- en controldocumenten. 6. Kader vanuit de provincie De provincie is onze toezichthouder. Belangrijke kaders uit de begrotingscirculaire vanuit de provincie zijn: -
De begroting 2026-2029 moet structureel en reëel sluitend zijn.
-
Vanuit de herijking vanuit het gemeentefonds verwachten we mogelijk nog een potentieel voordeel. Maximaal circa € 0,6 miljoen. Hiermee mogen we géén rekening houden omdat deze inkomsten te onzeker zijn.
-
Jeugdzorg moet geraamd worden op basis van de meicirculaire 2025.
-
Uitvoeringskosten voor klimaat en energie (de zogenaamde CDOKE-gelden) gelden voor de periode 20232025. Er wordt gewerkt aan een regeling voor na 2025. Nog niet duidelijk hoe deze eruit komt te zijn. We mogen ervan uit gaan dat deze middelen structureel worden.
Over bezuinigingen geven ze concreet aan: -
Het is belangrijk dat bezuinigingen, stelposten, ombuigingen, taakstellingen en/of verwerving van extra inkomsten zowel benoemd als concreet toegelicht worden. Ze moeten voldoende onderbouwd worden (anders corrigeert de provincie dit in hun beoordeling);
-
Taakstellingen op gemeenschappelijke regelingen mag alleen als het algemeen bestuur van de GR hierover een besluit heeft genomen;
-
Structurele inzet van de algemene reserve. Het is vanuit de toezichthouder en anderen mogelijk om een deel van het surplus van de algemene reserve in te zetten voor structurele lasten. Het surplus is dat deel dat niet nodig is voor het afdekken van risico’s. Over een bedrag van € 2,8 miljoen zetten we jaarlijks 10% in ten gunste van de reguliere begroting (voorstel in de strategische heroriëntatie). Dit mag met de voorwaarde dat de solvabiliteit groter of gelijk aan 20% is en blijft. Dit is bij onze gemeente zeker geen probleem.
27
Programma 1. Welzijn en zorg
28
1. Wat willen we bereiken? Meedoen mogelijk maken voor alle inwoners van Oss is dé missie van het sociaal domein Oss (begrotingsprogramma’s 1, 2 en 3). Een solide sociale basis helpt de meeste mensen een prima leven te leiden, voor zichzelf en anderen te zorgen en om te gaan met de hobbels in het leven. Meedoen mogelijk maken gebeurt dan ook in eerste instantie door mensen zelf en hun verschillende sociale netwerken. Wij helpen de samenleving daarbij waar we kunnen. En als inwoners daarnaast ondersteuning nodig hebben, dan bieden we deze samen met onze partners. Hierbij behandelen we mensen als mensen en vertrouwen we op het goede van de mens. Normaliseren, substitutie en voorkomen zijn hierin sleutelwoorden. Evenals de inhoudelijke speerpunten, zoals die ook in de landelijke VNG propositie van het sociaal domein staan: bestaanszekerheid herstellen, kansengelijkheid vergroten en gezond leven makkelijker maken. We werken hierbij waarde gedreven vanuit onze vijf waarden: de mens centraal, eenvoud, nabijheid, partnerschap en vakmanschap. De samenstelling van de Nederlandse bevolking verandert tot ongeveer 2040 flink, het huidige zorgstelsel is daar niet op ingericht. We zien een toenemende hulpvraag omdat de bevolking groeit en vergrijst.
Tegelijkertijd is sprake van voorzieningen in dorpen en wijken die onder druk staan, een oplopende personeelsschaarste en een wooncrisis die (kwetsbare) inwoners raakt. Ook ontwikkelingen in het medische domein hebben invloed op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De Wet langdurige zorg (Wlz) en de Zorgverkeringswet (Zvw) werken met steeds scherpere criteria voor inwoners om in aanmerking voor zorg te komen. De Wmo wordt gezien als vangnet voor bezuinigingen in andere zorgwetten. Met enerzijds de groei van het aantal inwoners dat ondersteuning nodig heeft, terwijl het aantal beroepskrachten, vrijwilligers en mantelzorgers afneemt, en anderzijds onzekere en over het algemeen ontoereikende compensatie door het Rijk, moeten we ons voorbereiden op een verder toenemende schaarste van het aanbod van zorg en ondersteuning. Des te meer omdat we ook in de gemeente Oss rekening moeten houden met een financiële opgave en strategische heroriëntatie. Voor programma Zorg & Welzijn vertaalt dit zich in een beweging naar het versterken van de sociale basis, meer collectieve ondersteuning en ondersteuning door naasten. Werken aan een toekomstbestendig zorgstelsel vereist domeinoverstijgende afstemming en afstemming met onder andere programma 2 en 3 (sociaal domein), 7 (wonen) en 10 (veiligheid). Begin 2025 is het Wmo-beleidskader Wmo 2025-2029 'Meedoen mogelijk maken’ vastgesteld.
Hierin staan onze ambities en doelen beschreven, inclusief een doorkijk naar een beleidsagenda voor de komende jaren. In deze kadernota beschrijven we waar in 2026 de prioriteit ligt. We volgen de demografische en landelijke ontwikkelingen zoals de resultaten van het houdbaarheidsonderzoek Wmo dat momenteel wordt uitgevoerd door het ministerie van VWS en de VNG. Oss heeft een bijdrage aan dit onderzoek geleverd. Of de overgang van het abonnementstarief naar de inkomensafhankelijke eigen bijdrage Wmo die opnieuw is uitgesteld naar 1 januari 2027. En tot slot de ontwikkelingen rond het zogenaamde AZWA (Aanvullend Zorg en Welzijn Akkoord) en IZA (Integraal Zorg Akkoord). Deze ontwikkelingen kunnen forse impact hebben, zowel inhoudelijk als financieel. 2. Wat zijn de belangrijkste speerpunten voor de resterende bestuursperiode? In Oss helpen inwoners elkaar en mag iedereen meedoen (sociale basis) Een sterke sociale basis kan een belangrijke bijdrage leveren aan een leefbare samenleving en de houdbaarheid van de zorg. Daarom blijven we investeren in de sociale basis, met enkele speerpunten. Mantelzorg Ons nieuwe mantelzorgbeleid gaat in vanaf 2025, hierbij hebben we breed onderzoek gedaan naar de behoefte van mantelzorgers.
De focus ligt onder andere op toegankelijke, vindbare voorzieningen en informatie zodat de mantelzorgers en zorgvrijwilligers toegerust zijn om hun dierbare te ondersteunen. Daarnaast blijft de waardering belangrijk en we zetten in op het vergroten van mantelzorgbewustzijn in de domeinen zorg, welzijn, wonen, werk en onderwijs.
29
Inclusie Medio 2025 leggen we een lokale inclusie agenda ter besluitvorming voor waar we vervolgens uitvoering aan zullen geven. Wonen en zorg We zetten ons samen met collega’s van wonen en (regionale) partners in om uitvoering te geven aan de uitvoeringsagenda van de woonzorgvisie. Relevant voor de Wmo beleidsagenda is hierin de huisvesting van aandachtgroepen: kwetsbare ouderen, mensen met een beperking, psychisch kwetsbaren, kwetsbare jongeren, vergunninghouders en dak- en thuisloze mensen. De wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting verplicht ons om een huisvestingsverordening vast te stellen met een urgentieregeling. De komende tijd gaan we nog meer aandacht besteden aan afspraken over de manier waarop huurwoningen worden toegewezen aan woningzoekenden. Inwoners van Oss die dat nodig hebben, krijgen passende ondersteuning, waarbij informele, lichte of collectieve hulp de basis is. Van proeftuin Oss naar een nieuwe inrichting sociaal domein Oss Eind 2025 neemt de gemeenteraad een besluit over het vervolg van de proeftuin Oss op basis van een evaluatie. Dit besluit heeft hoe dan ook consequenties voor de inrichting van het sociaal domein in Oss. Vanaf 2026 moeten we uitvoering geven aan dit besluit. Momenteel is nog niet te voorzien welke consequenties, dat is afhankelijk van het besluit.
Basishulp is uitgangspunt: substitutie Substitutie kan een belangrijke bijdrage leveren aan het omgaan met schaarste en meer mensen helpen met hetzelfde geld. We zetten op verschillende manieren in op substitutie, bijvoorbeeld door individuele ondersteuning om te buigen naar collectieve en voorliggende voorzieningen. Dit doen we op verschillende manieren. Enerzijds door vanuit de Wmo anders te verwijzen naar hulp en meer samen te werken met vrijwilligersinitiatieven en andere voorliggende activiteiten. En anderzijds door initiatieven in de Osse dorpen en wijken te stimuleren. Zoals dagontmoetings-initiatieven en het onderzoeken of we initiatieven zoals Zorgbuurthuis 't Hageltje kunnen verbreden. Overgang van Jeugdwet naar de Wmo We starten in 2025 met een betere verbinding van de overgang van jongeren naar volwassenen oftewel van ondersteuning vanuit de Jeugdwet naar de Wmo. In 2026 zal dit verder vorm worden gegeven. Psychisch kwetsbaar De ondersteuning van psychisch kwetsbare inwoners blijft ook de komende jaren een belangrijk thema. Onder andere door te investeren in passende woonvoorzieningen, een transformatie van de maatschappelijke opvang naar kleinschalige, kortdurende opvang en een nieuwe regionale aanpak dakloosheid. Daarnaast investeren we in toegankelijke hulpverlening en laagdrempelige ontmoetingspunten.
Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties (VIA) We werken regionaal samen op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling. We geven in Oss uitvoering aan de ambities zoals beschreven in het regionale Koersplan VIA. Medio 2025 concretiseren we onze inzet voor de komende jaren in een lokaal uitvoeringsplan voor de gemeente Oss. Dit plan richt zich op een integrale aanpak van onveiligheid in gezinnen. Jeugdigen en gezinnen in de knel zijn niet per definitie geholpen met (alléén) de inzet van ondersteuning of jeugdhulp. We sluiten aan op de landelijke ontwikkelingen voor het Toekomstscenario: de aanvulling van expertise rondom veiligheid voor de sterke lokale teams.
30
Voorzieningen zijn vindbaar, toegankelijk, betaalbaar en kwalitatief goed Samenwerking medisch domein en het Integraal zorgakkoord (IZA) Het is voor de toekomstbestendigheid van zorg van essentieel belang dat het sociaal domein en het medisch domein samenwerken. Omdat beide domeinen nu gefinancierd worden door verschillende stelsels zijn er hindernissen die doorbroken moeten worden. Het IZA en het regioplan dat in onze regio is opgesteld hebben een flinke impuls gegeven aan regionale samenwerking met het medische domein, het zorgkantoor en de zorgverzekeraar. Medio 2025 is door de sub-regio Samen in gezondheid een aanvraag ingediend voor de IZA transformatiemiddelen. Indien hier akkoord voor gegeven wordt, kunnen we in 2026 starten met de uitvoering. Benutten ervaringskennis We maken in 2025 een start met het meer benutten van ervaringskennis bij nieuw beleid en bij de uitvoering hiervan. En we investeren in het vakmanschap van onze medewerkers zodat zij met een open houding en zonder oordeel in gesprek gaan met de Osse inwoners. Aanscherping (integrale) verordening Wmo We actualiseren onze verordening en werkinstructies op basis van de beleidsuitgangspunten Wmo Oss. Hierbij kijken we of we de juiste instrumenten hebben om een afweging voor ondersteuning volgens de waardendriehoek Instituut voor Publieke Waarden (IPW) te maken.
We halen hiertoe op wat de consulenten nodig hebben om de afweging weloverwogen te maken, denk aan scholing en handvatten. Hiermee maken we ook een strengere toekenning van voorzieningen mogelijk (onderdeel van de strategische heroriëntatie). Samenwerking ruimtelijk domein De samenwerking die we de afgelopen periode in gang gezet hebben met het ruimtelijk domein, intensiveren we in 2026 verder. Denk aan wonen en zorg (de woonzorgvisie), advisering bij de Intaketafel bij complex ruimtelijke initiatieven, programma Schadewijk, gezonde leefomgeving en de omgevingsvisie. Zorg & veiligheid Veel thema's spelen zich op het snijvlak zorg en veiligheid af. Het gaat dan om thema's zoals personen met onbegrepen gedrag, huiselijk geweld en kindermishandeling (VIA), structurele overlastgevers, de aanpak van complexe casuïstiek, en jeugd. Vanuit het Sociaal Domein werken we hierin samen met team Veiligheid en de ketenpartners. We streven naar een integrale aanpak op de genoemde thema's. Voor deze thema’s blijft de komende periode veel aandacht. Jeugdhulp Het lokale beleidskader Integraal Jeugdbeleid verwoordt onze ambitie voor alle jeugdigen in Oss; namelijk dat zij opgroeien tot gezonde, zelfstandige volwassenen, die zichzelf kunnen redden, voor zichzelf opkomen en meedoen in de samenleving.
De aanwezigheid van een stevige pedagogische basis is goed voor alle jeugdigen, en helpt ook beschermend voor de meer kwetsbare jeugd. Het gebruik van jeugdhulp is de afgelopen jaren fors toegenomen. Dit leidt -samen met stijgende tarieven- tot kosten voor jeugdhulp die hoger zijn dan de landelijke bijdrage. Wij hebben daarom diverse kostenbeheersingsmaatregelen verkend om het gebruik terug te dringen. Met schaarse middelen betekent dat keuzes maken en anders organiseren. Uitgangspunt blijft om te zorgen voor de best passende hulp voor de meest kwetsbare kinderen. Daarvoor is een variatie aan specialistische hulp in onze regio beschikbaar. De Landelijke Hervormingsagenda Jeugdhulp is voor ons de komende jaren een belangrijke leidraad. De ontwikkelingen hierin van sterke lokale teams, minder specialistische jeugdhulp, kwaliteitsverbetering en monitoring sluiten aan bij onze inhoudelijke uitgangspunten die wij in het Regionaal Beleidsprogramma hebben vertaald in zes programmalijnen. Naast inhoudelijke ontwikkelingen gericht op verbetering van zorg voor onze jeugd, stelt de Hervormingsagenda ons ook voor de opdracht tot kostenbeheersing. In 2025 passen we onze lokale Verordening Jeugdhulp aan. In de nieuwe verordening nemen we bepalingen op, die ons helpen ervoor te zorgen dat de jeugdhulp terecht komt bij de jeugdigen en gezinnen in de meest kwetsbare situaties.
31
Concreet werken we in 2025/2026 (verder) aan de kostenbeheersing, transformatie van de gesloten jeugdzorg, stevige lokale teams die gezinsgericht ondersteunen, bredere toepassing van de Samenwerkwijze voor jeugd, een goede aansluiting onderwijs-jeugdhulp en evaluatie en borging van pilots als het echtscheidingsloket, de aanpak zorgintensieve gezinnen en jongerenaanpak 16-27 jaar (BIG 5). Integratie en opvang Participatie kwetsbare internationale werknemers (arbeidsmigranten) Momenteel voeren Stichting Barka en ONS welzijn een pilot uit gericht op het meedoen van kwetsbare internationale werknemers. Het doel is het verbeteren van het welzijn, de integratie en participatie van de internationale werknemer. De eerste resultaten zijn positief en laten een meerwaarde zien. Er worden kwetsbare arbeidsmigranten geholpen, die we voorheen niet bereikten en onder de radar bleven. We verwachten in de toekomst een groei van het aantal internationale werknemers in Oss, en daarmee ook de vraag naar (preventieve) ondersteuning. Daarom stellen we voor de pilot om te zetten in een structurele werkwijze. Huisvesting en integratie vergunninghouders De huisvesting van vergunninghouders is een wettelijke taak. Het rijk bepaalt jaarlijks hoeveel vergunninghouders onze gemeente moet huisvesten.
Tot nu toe slagen we erin om aan onze opgave te voldoen op het vlak van wonen, inburgering, meedoen aan het maatschappelijk verkeer. Dit doen we volgens de Osse aanpak: we zorgen voor woonruimte, goede begeleiding en ondersteuning samen met onze netwerkpartners Vluchtelingenwerk, ONS welzijn, Thuis in Oss, politie, BrabantWonen en Mooiland. Door wijzigingen in het landelijk beleid is het moeilijk te voorspellen welke gevolgen dit gaat hebben voor de jaarlijkse taakstelling. Vooralsnog houden we vast aan de Osse aanpak. Financiële vertaling van de speerpunten IZA/GALA De speerpunten van dit programma voeren we in principe uit binnen bestaande middelen. Wel hebben we te maken met een aantal onzekere factoren zoals beschreven in de inleiding. Het gaat onder andere om de ontwikkelingen rond het AZWA (IZA en GALA), houdbaarheid van de Wmo en besluitvorming over het vervolg van de proeftuin. En het vervallen van de incidentele GALA middelen in 2026 zoals deze oorspronkelijk zijn geformuleerd in het GALA. Participatie internationale werknemers We stellen voor om € 65.000 beschikbaar te stellen voor participatie van internationale werknemers. Voor 2023 en 2024 was in opdracht van de gemeenteraad € 50.000 per jaar incidenteel beschikbaar voor uitvoering van deze pilot, en in 2025 hebben we een bedrag van € 60.000 beschikbaar gesteld vanuit de reserve voor Wonen Welzijn Zorg.
Het bedrag werd in 2025 hoger vanwege de groeiende vraag en omdat er geen rekening was gehouden met vrijwilligersvergoedingen, reiskosten, etc. De ervaringen zijn positief, we willen de aanpak structureel maken. We stellen voor om vanaf 2026 hiervoor structureel € 65.000 beschikbaar te stellen.
32
Strategische heroriëntatie In de Strategische heroriëntatie hebben we weergegeven wat de koers is om te komen tot een meerjarig sluitende begroting. We geven hierna aan welke voorstellen we voor dit programma door willen voeren. Bedragen x € 1.000 Bedrag 2025
+ is besparing/voordeel Bedrag Bedrag Bedrag 2026 2027 2028
Nr
Omschrijving
1
Stoppen met Specialistische Ontmoetingsfunctie
-
-
100
190
3
Budget voor anti stigma verlagen
-
50
50
50
4
Doorbraakbudget laten vervallen
30
30
30
30
11
Woningaanpassingen minder toewijzen
-
12
Leges Gehandicapten Parkeerkaart (GPK) verhogen.
-
26
Verhogen begrote inkomsten huurinkomsten Het Honk Oss
27 28
100 40
40
40
5
5
5
5
Verhoging begrote inkomsten Tritongebouw Oss
8
8
8
8
Vrijval post onvoorzien Scouting Geffen
11
11
11
11
Minder meerkosten Voor dit programma zetten we ook in op maatregelen voor 'minder meerkosten'. Het gaat om de beleidsterreinen Wmo individuele voorzieningen en jeugdhulp. We maken ons zorgen over stijgende zorgkosten, zowel binnen de Wmo als Jeugdhulp. Ombuigingsvoorstellen op deze beleidsterreinen zorgen vooral voor beperking van stijgende meerkosten en zullen een beperkte bijdrage hebben bij het terugdringen van het huidige begrotingstekort. De maatregelen zijn er op gericht dat nieuwe tekorten in de toekomst worden voorkomen of beperkt. Het gaat om forse maatregelen met maatschappelijke impact maar waarvan wij inschatten dat ze onvermijdelijk zijn om te komen tot een houdbaar en betaalbaar sociaal domein. Wmo Individuele voorzieningen We hebben te maken met stijgende kosten voor individuele voorzieningen. Daarom zetten we nadrukkelijk in op substitutie en het terugdringen van indicaties. We kunnen op diverse producten stijgende meerkosten afremmen door strakker te sturen op de verstrekking van individuele indicaties Wmo. We stellen voor om aan de slag te gaan met:
Aanscherping criteria in verordening en werkinstructies.
Vakmanschapsontwikkeling, waarmee we niet alleen kennis en vaardigheden vergroten, maar ook verwachten consulenten aan onze gemeente te binden en daarmee verloop te voorkomen.
Dit voorstel is in lijn met het Wmo-beleidskader 2025-2029 en randvoorwaardelijk voor een aantal andere voorstellen binnen dit programma. In totaal gaat het om een totale mogelijke besparing van ruim € 0,5 miljoen.
33
Het gaat om de volgende maatregelen: Bedragen x € 1.000 + is besparing/voordeel Nr
Omschrijving
10
Aantal indicaties terugbrengen
14
Onderzoek huishoudelijke verzorging:
15
Onderzoeken aanpassen inkoop beleid Wmo
16
Realiseren substitutie: kosten individuele
17
Substitutie: kosten dagbesteding nemen af met
Bedrag
Bedrag
Bedrag
Bedrag
2025
2026
2027
2028
-180
-360
0
0
0
PM
PM
PM
0
PM
PM
PM
-50
-50
50
435
5
65
120
strenger/minder indiceren
ondersteuning laten afnemen met 5% 10% Jeugdhulp Om de kosten voor jeugdzorg te beheersen, hebben we in aansluiting op de analyse van data en regionale en landelijke ontwikkelingen en voorbeelden, diverse maatregelen geformuleerd. Doel van de maatregelen is het terugdringen van gebruik. Concreet betekent dit verminderen van de instroom en beperken van de omvang van de inzet. De beoogde maatregelen zijn ingedeeld in 2 categorieën. 1. Sturen op beperken instroom 2. Sturen op zorgpaden/trajecten (duur/alternatieve zorg) Een eerste mogelijke doorrekening van de kostenbeheersingsmaatregelen geeft een mogelijk bedrag aan van € 5,5 miljoen als doelstelling. Omdat de haalbaarheid van deze doelstelling onzeker is, stellen we voor om een taakstelling op te nemen van € 4 miljoen. Zie hiervoor het hoofdstuk 'Op weg naar de begroting' en 'Ontwikkelingen Jeugdhulp'. We zetten in op de volgende ombuigingsvoorstellen: Bedragen x € 1.000 + is besparing/voordeel Nr
Omschrijving
Bedrag
Bedrag
Bedrag
Bedrag
2025
2026
2027
2028
18
Kostenbeheersing Jeugdzorg algemeen
0
PM
PM
PM
19
Ondersteuningsstructuur rondom onderwijs
0
PM
PM
PM
20
Sterke sociale teams
0
PM
PM
PM
21
Meer focus aanbrengen op duurste en urgentste
0
PM
PM
PM
22
Versterken kostenbewust handelen in de toegang
0
PM
PM
PM
23
Inzet Wmo/volwassenenzorg
0
PM
PM
PM
vragen
34
Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs
35
1. Wat willen we bereiken? Meedoen mogelijk maken is dé missie van het sociaal domein Oss. Al onze inwoners moeten de mogelijkheid hebben om mee te doen aan onze samenleving. We bieden ondersteuning om voor iedere inwoner meedoen mogelijk te maken. In het sociaal domein doen we dat vanuit de waarden: mens centraal, nabijheid, eenvoud en vakmanschap & partnerschap. Het sociaal domein is breed: welzijn, inkomen, leefbaarheid, sport, cultuur, onderwijs, gezondheid, participatie, ontmoeten, zorg. Het zijn allemaal terreinen die bijdragen aan een goede, fijne leefomgeving en aan meedoen in de samenleving. Daarbij bieden individuele ondersteuning als dat nodig is. Omdat problemen soms het oplossend vermogen van mensen en hun netwerken overstijgen. Zo hebben we allerlei voorzieningen die mensen kunnen helpen bij integratie naar werk, geldzorgen, leren, opvoeden, ouderdom, eenzaamheid. Het goed inzetten van die voorzieningen zien we als een kerntaak. En daarbij is ‘goed’ meer dan efficiënt en rechtmatig. Het gaat ook over rechtvaardigheid en menswaardigheid. Inhoudelijk onderschrijven we de landelijke agenda voor het sociaal domein. Dat betekent investeren in herstellen van bestaanszekerheid, vergroten kansengelijkheid en gezond leven makkelijker maken.
Bij bestaanszekerheid gaat het om de zekerheid van voldoende en voorspelbaar inkomen via werk of anderszins om mee te kunnen doen in de samenleving. Ook zekerheid van betaalbaar wonen, toegang tot betaalbare zorg en de mogelijkheid om een financiële buffer op te bouwen zijn noodzakelijke voorwaarden om je als mens te ontwikkelen en te participeren in de samenleving. We werken daarom aan een inclusieve arbeidsmarkt met mogelijkheden voor mensen om te werken naar vermogen. Daarbij bieden we ondersteuning als mensen stress ervaren op het gebied van bestaanszekerheid. Om de kansen op meedoen te vergroten investeren we in onderwijs. We streven naar inclusief onderwijs en kinderopvang, en passende ondersteuning voor jeugdigen en jongvolwassenen. Daarbij zijn basisvaardigheden op het gebied van taal, rekenen en digitaal gebied van groot belang. Dit vertaalt zich in de aanpak laaggeletterdheid en geslaagde inburgeringstrajecten. Allemaal opgaven waaraan wij in dit programma werken. 2. Wat zijn de belangrijkste speerpunten voor de resterende bestuursperiode? Inclusieve arbeidsmarkt Voor alle vragen rondom werk (en ontwikkeling) van inwoners en werkgevers, hebben we -in aansluiting op de landelijke hervorming van de arbeidsmarktinfrastructuur- sinds begin 2023 regionaal Werkcentrum Noordoost Brabant ingericht. We werken aan een fysieke locatie in Oss.
Dat vraagt naast een investering in de huisvesting, om extra inzet vanuit team Werk. Er is een enorme krapte op de arbeidsmarkt; vanuit ons regionale arbeidsmarktbeleid zetten we volop in om werkgevers daarbij te helpen en zoveel mogelijk mensen aan het werk te houden en te krijgen. Daarom hebben we als partners in de arbeidsmarktregio NOBW gekozen voor extra inzet op specifieke sectoren: maatschappelijke sectoren zoals zorg en onderwijs, en ook economische sectoren waaronder techniek, energietransitie en ICT. We zetten in op verhogen arbeidsproductiviteit, modern HR-beleid, leven lang ontwikkelen en vergroten instroom richting sectoren. Ondanks de arbeidskrapte, zien we dat niet iedereen makkelijk aan het werk kan. Voor deze inwoners, jong en ouder, bieden wij ondersteuning op zoek naar een passende werkplek. Het overgrote deel van de mensen met een bijstandsuitkering heeft een zeer grote afstand tot de arbeidsmarkt; toeleiding naar werk is dan niet aan de orde en wij bieden vooral ondersteuning gericht op meedoen in de samenleving. Een belangrijke samenwerkingspartner is ons sociaal ontwikkelbedrijf IBN. IBN voert in opdracht van het Werkvoorzieningschap de Wsw uit, en gemeenten en IBN verzorgen beide een deel van de re-integratietaak van de doelgroepen van Participatiewet, veelal mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt.
In het partnership gemeenten-IBN maken we regionale afspraken over dienstverlening die we van IBN afnemen en hoe we hierin samenwerken. Op dit moment werken we aan een toekomstscenario voor de invulling van het partnership voor de langere termijn. Eind 2025/begin 2026 stellen we de visie van de 6 gemeenten over de toekomst van het partnership gemeenten-IBN op lange termijn vast. Vervolgens bekijken we hoe we de Osse dienstverlening in samenhang daarmee verder vormgeven.
36
Lerende stad Oss Oss is een Unesco Learning City. Een predicaat waar we trots op zijn. Wij geven de Lerende stad Oss verder vorm met onze partners uit onderwijs en bedrijfsleven. Leven Lang Ontwikkelen is nodig om mee te blijven doen in de samenleving en op de arbeidsmarkt van de toekomst. De technologische innovatie, digitalisering, robotisering en de impact van globalisering op de lokale arbeidsmarkt vraagt om een sterke leer- en ontwikkelcultuur. Zodat inwoners en ondernemers mee kunnen bewegen met de veranderingen op de arbeidsmarkt. Een Leven Lang Ontwikkelen raakt het sociaal en economisch domein. Om deze opgave vorm te geven wordt er gezamenlijk ingezet op de verbinding tussen onderwijs, ondernemers, maatschappelijke instellingen en inwoners. Daarbij werken we aan duurzame inzetbaarheid op de arbeidsmarkt en het boeien en binden van talenten om op alle niveaus, om zo de economische ontwikkeling te versterken. De Talentencampus wordt een belangrijke aanjager van de ontwikkelingen Lerende stad Oss en gaat daarvoor nauw samenwerken met de Kracht van Oss/Economic Board. We formuleren lokaal arbeidsmarktbeleid waarbij elk talent telt, leven lang ontwikkelen en werkgevers fit voor de toekomst de belangrijkste pijlers zijn. Zo werken we samen om de arbeidskrapte zo goed mogelijk op te vangen.
De Lerende Stad Oss begint bij onderwijs én gaat over ontwikkelen in brede zin; ook het leren van basisvaardigheden is belangrijk omdat het mogelijk maakt om mee te blijven doen in de samenleving. Bestaanszekerheid Bestaanszekerheid is van wezenlijk belang voor inwoners. Daarom bieden wij een vangnet bij onverwachte kosten; en met AZOSS een goede verzekering die betaalbaar is. Wij zorgen voor aanvullende voorzieningen zodat mensen die leven in armoede zoveel mogelijk mee kunnen blijven doen in de samenleving. Samen met onze partners bieden we extra ondersteuning bij kosten voor school, sport en culturele activiteiten. Ook de komende jaren van bezuinigingen willen wij deze ondersteuning doorzetten. Voor mensen in een problematische financiële situatie hebben wij een variatie aan dienstverlening, waarbij we inzetten op hulp en ondersteuning om de schulden op te lossen en zoveel mogelijke financiële zelfstandigheid te realiseren. Wij werken hierbij samen met (professionele) partners en hebben de intentie om ook het bedrijfsleven wat nadrukkelijker te betrekken bij dit thema. Door goede voorlichting en een aanbod bij vroegsignalering proberen we ernstige financiële problemen zoveel mogelijk te voorkomen. De komende periode zetten we vooral in op financiële educatie van jeugd en jongeren. Ook treffen we voorbereidingen op de implementatie van de Participatiewet in Balans.
Deze landelijke wijziging van wet- en regelgeving moet ervoor zorgen dat een aantal onderdelen in de wet versimpeld en verruimd worden voor de inwoner. Inclusief onderwijs Wij zetten ons in om samen met samenwerkingspartners uit onderwijs, kinderopvang, jeugdhulp, zorg, cultuur en sport in om gezinnen te ondersteunen en kinderen, jongeren te helpen op weg naar een gelijkwaardige deelname aan de samenleving. We zetten gezamenlijk in op het Osse onderwijskansenbeleid. De voor- en vroegschoolse educatie (vve), taalstimulering (inclusief Bibliotheek op school) en de verlengde, verrijkende schooldagen (Kodoss) maken hier deel van uit. We werken verder aan een nieuwe ondersteuningsstructuur rondom het onderwijs, ook in relatie tot jeugdhulp. Verder investeren we samen met twee schoolbesturen voor het basisonderwijs in vernieuwing van het burgerschapsonderwijs; vanuit een landelijke pilot waarin gemeente Oss, VNG en de ‘Coöperatie Leren voor Morgen’ samenwerken. De ambitie -in aansluiting op de Kamerbrief van het ministerie van OCW- om inclusiever onderwijs en inclusievere kinderopvang vorm te geven, is complex. Zowel inhoudelijk voor professionals uit onderwijs en kinderopvang, als meer technisch bij huisvesting van onderwijs en kinderopvang. Dit werkt door in de ondersteuningsstructuur en verbinding met jeugdhulp waarin Brugfunctionarissen en het Jongerenwerk een rol zullen hebben.
De komende jaren vraagt dit nog veel uitwerking. Samen met de schoolbesturen werken we aan een nieuw Integraal Huisvestingsplan (IHP): we maken een Beleidskader Onderwijshuisvestig - waar inclusief onderwijs een onderdeel van is - en een Waardenmodel. Voor een goed inzicht in de stand van zaken brengen we alle onderwijshuisvesting in kaart. Op basis hiervan komen we tot de langetermijnvisie voor onderwijshuisvesting en maken we strategische keuzes, zodat we weer een
37
actueel overzicht hebben van de meerjarenplanning met investeringen. Het herijkte IHP wordt begin 2026 vastgesteld en is dan onze leidraad voor de komende jaren. We betrekken de raad aan de voorkant en gedurende het proces. Op basis van het bestaande IHP zijn diverse projecten in onderzoek en uitvoering in 2025/2026: de vervangende voorziening voor De Lockaert, De Polderhof en SBO Het Baken. In het project Kindlandschap De Eiber realiseren we een vervangende voorziening voor de basisscholen in Megen, Macharen en Haren te realiseren. Daarnaast verbouwen we MFA Noorderlicht voor de basisscholen De Evenaar en ’t Kleurenbos. Met het schoolbestuur kijken we naar de huisvesting van basisschool De Wissel in MFC De Koppellinck in verband met de groei van het aantal leerlingen. Tot slot zijn we bezig met de planvorming voor het (voortgezet) speciaal onderwijs, een basisschool in de nieuwe wijk Amsteleind en de huisvesting van de basisscholen in de Schadewijk. In 2026 gaan we starten met de planvorming voor de vervangende voorziening voor basisschool Hertogin Johanna locatie Vianenstraat. Financiële vertaling van de speerpunten Fysieke locatie Werkcentrum Noordoost Brabant We stellen voor om voor 3 jaar formatie beschikbaar te stellen voor de fysieke locatie Werkcentrum Noordoost Brabant.
In aansluiting op de nieuwe landelijke hervorming arbeidsmarktinfrastructuur hebben we in de regio alle dienstverlening voor inwoners (inclusief jongeren) en werkgevers rondom werk samengebracht in het Werkcentrum Noordoost Brabant. Er is een centraal digitaal loket. Dat wordt uitgebreid met fysieke locaties verspreid over de regio. Ook in Oss komt een fysieke locatie. Voor een goede bemensing en de aansluiting bij de Osse dienstverlening is 1 fte extra inzet vanuit team Werk nodig. MIP Onderwijshuisvesting We hebben een inschatting gemaakt van de verwachte investeringskosten voor de projecten voor maatschappelijk vastgoed voor komende planperiode. Dit werken we richting de programmabegroting 20262029 verder uit in het Meerjaren Investeringsplan (MIP). In het MIP is rekening gehouden met een stijging van de kosten door de indexering van de kengetallen die we hanteren. De jaren 2025 – 2028 geven een voordeel ten opzichte van wat we nu in de begroting hebben opgenomen door verschuivingen van investeringen naar later in de tijd. We stellen voor om vanaf 2029 een PM post op te nemen voor kapitaallasten vanaf 2030. We starten namelijk al met de voorbereidingen van projecten die na deze jaarschijf vallen, zoals het vernieuwen van de gymzaal Ruwaard II en het bouwen van de voorzieningen in de nieuwe woonomgeving Amsteleind.
Een nieuwe investering in het lopende MIP is het aanpassen van de sporthal de Rusheuvel, voor een verbetering van de bezetting. Daarnaast maken we de ramingen in het MIP vollediger door rekening te houden met de aanvullende kosten, zoals sloopkosten en openbaar gebied kosten, dan sec alleen de investeringen voor het gebouw. Voor de investeringen voor het specialistisch onderwijs (SO en VSO) nemen we een PM post op door vertraging. Dit komt doordat tijdens de voorbereidingsfase 2 schoolbesturen zich - na elkaar en om verschillende redenen terugtrokken uit de intentie overeenkomst om tot 1 specialistische voorziening te komen. Ook heeft het ministerie van Onderwijs aangegeven toe te gaan werken naar inclusief onderwijs. Deze gebeurtenissen hebben er toe geleid dat het gehele project herijkt wordt en dat onder andere onderzocht wordt of alle voorzieningen separaat worden opgepakt en op welke locatie dit gaan plaatsvinden. Daarom stellen we voor om deze voorgenomen investering nu uit het MIP halen en als PM post benoemen. Na verdere planuitwerking in de toekomst wel zal leiden tot een (onderbouwde) claim in de begroting.
38
Strategische heroriëntatie In de Strategische heroriëntatie hebben we weergegeven wat de koers is om te komen tot een meerjarig sluitende begroting. We geven hierna aan welke voorstellen we voor dit programma door willen voeren. Bedragen x € 1.000 + is besparing/voordeel Nr 32
Omschrijving WSW-onderrealisatie vooraf naar gemeente
Bedrag
Bedrag
Bedrag
Bedrag
2025
2026
2027
2028
-
-
-
PM
36
72
72
48
-
-
342
342
verleggen 35
Inzet Oss voor partnership doorberekenen aan de overige gemeenten
39
Bijzondere bijstand: inboeken verlaging eigen risico AZOSS
49
Talentencampus
-
30
30
30
51
Bijstellen begroting onderwijshuisvesting
23
23
23
23
52
Afschrijvingstermijn 40 jaar ophogen naar 45 jaar
-
-
42
125
39
Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur
40
1. Wat willen we bereiken? Meedoen mogelijk maken is dé missie van het sociaal domein Oss. Al onze inwoners moeten de mogelijkheid hebben om mee te doen aan onze samenleving. We bieden ondersteuning om voor iedere inwoner meedoen mogelijk te maken. In het sociaal domein doen we dat vanuit de waarden: mens centraal, nabijheid, eenvoud en vakmanschap & partnerschap. Het sociaal domein is breed: welzijn, inkomen, leefbaarheid, sport, cultuur, onderwijs, gezondheid, participatie, ontmoeten, zorg. Het zijn allemaal terreinen die bijdragen aan een goede, fijne leefomgeving en aan meedoen in de samenleving. Daarbij bieden individuele ondersteuning als dat nodig is. Omdat problemen soms het oplossend vermogen van mensen en hun netwerken overstijgen. Zo hebben we allerlei voorzieningen die mensen kunnen helpen bij integratie naar werk, geldzorgen, leren, opvoeden, ouderdom, eenzaamheid en meer. Het goed inzetten van die voorzieningen zien we als een kerntaak. En daarbij is ‘goed’ meer dan efficiënt en rechtmatig. Het gaat ook over rechtvaardigheid en menswaardigheid. Inhoudelijk onderschrijven we de landelijke agenda voor het sociaal domein. Dat betekent investeren in herstellen van bestaanszekerheid, vergroten kansengelijkheid en gezond leven makkelijker maken.
Voor het programma Ontmoeten, sport, gezondheid en cultuur vertaalt dit zich in het vormgeven van de sociale basis in voorzieningen, het stimuleren van gezond leven en ontmoeten en het bieden van een breed cultuuraanbod. Hier zien we een groot spanningsveld ontstaan op de (financiële) houdbaarheid van voorzieningen, verduurzaming en het maatschappelijk belang ervan. Daarnaast staat vrijwilligersinzet al langer onder druk, bij verenigingen en in het sociale leven. Vanuit de sociale basis zijn voorzieningen op het gebied van sport, cultuur en ontmoeten van groot belang, maar door de stijgende kosten en verschillende wensen niet altijd financieel houdbaar. We zetten daarom in op meervoudig gebruik van voorzieningen en vragen daarbij ook iets van gemeenschappen. Dit doen we via Thuis in de buurt, een nieuw op te stellen visie op 'Bewegen, Ontmoeten, Spelen en Sporten' en het op peil houden van onze culturele voorzieningen. Ook het subsidiebeleid vraagt onze aandacht. Knelpunten die al langer spelen gaan we aanpakken. We zijn ervan overtuigd dat het op deze manier ondersteunen van onze gemeenschappen bijdraagt aan het welzijn en de gezondheid van onze inwoners. De belangrijkste speerpunten dit programma zijn:
Ontmoeten mogelijk maken
Sport en bewegen voor iedereen
Gezond leven makkelijker maken
Breed cultuuraanbod in Oss
Vrijwilligers beter ondersteunen.
2. Wat zijn de belangrijkste speerpunten voor de resterende bestuursperiode? Ontmoeten mogelijk maken Ontmoeten en actief zijn spelen een belangrijke rol in mee kunnen doen en verbeteren het welzijn en de gezondheid van onze inwoners. Om dat mede mogelijk te maken hebben we in dorpen, stadjes en wijken van de gemeente Oss toegankelijke gemeenschapshuizen. Deze wijk- en dorpshuizen bieden gelegenheid aan verschillende vormen van ontmoeten en samenkomen voor de inwoners: voor het verenigingsleven en voor allerhande andere activiteiten voor inwoners, inclusief laagdrempelige ontmoetingsactiviteiten voor kwetsbare inwoners. De gemeenschapshuizen bieden ook vrijwilligers een betekenisvolle tijdsbesteding en kunnen fungeren als broedplaats voor gemeenschapsactiviteiten en sociaal ondernemerschap. We ontwikkelen plannen voor nieuwe maatschappelijke voorzieningen in Amsteleind voor Onderwijs, Ontmoeten en Sport op één locatie. Met stakeholders is de locatie en integraal multifunctioneel gebruik van voorzieningen overeengekomen.
41
We maken vanuit dit programma een stevige verbinding met de uitvoering van Programma Schadewijk. Binnen dit programma is het verbeteren van de sociale basis inclusief ontmoeten, sport en bewegen een belangrijke doelstelling. Voor bestaande voorzieningen lopen in 2026 meerdere trajecten:
Herijking en verduurzaming van voorzieningen in Geffen, zoals het Oude Klooster en de Koppelinck.
Voorbereiding bouwkundige aanpassingen in buurthuis Ont-moet Centrum.
Vervolgproject in Maren Kessel gericht op laagdrempelig ontmoeten en locatiekeuze.
(Duurzame) aanpassingen in wijk- en dorpshuizen voor "Thuis in de Buurt" (programmering, huiskamers en keukens) en de financiële ondersteuning daarvan.
In het kader van het IHP Ontmoeten worden in 2025 en 2026 in totaal 24 ontmoetingscentra beoordeeld via quickscans. Dit betreft incourante multifunctionele gebouwen. De kosten voor deze quickscans betalen we uit de reserve integraal voorzieningenbeleid. Sport en bewegen voor iedereen Op basis van de Osse Sport- en Beweegvisie 2030 blijven we in 2026 ons bestaande beleid versterken en vernieuwen waar nodig. Belangrijke pijlers in 2026 zijn:
We blijven investeren in sporten in stedelijk gebied. We ontwikkelen een visie op kernaccommodaties (Rusheuvel, Amstelhoef, Talentencampus, Koppelsteeg) en verbreden de functie van kleinere sportparken. Open sportparken zijn ontmoetingsplekken voor alle inwoners.
We willen ervoor zorgen dat alle kinderen gelijke kansen hebben om van jongs af aan te leren sporten, bewegen en gezond leven. De buurtsportcoach is hierbij een belangrijke schakel. We willen de inzet van buurtsportcoaches op en rondom scholen behouden, ondanks de veranderende voorwaarden in de Brede Regeling Combinatiefuncties vanuit de Rijksoverheid.
We werken aan een Integraal Huisvestingsplan Sport. We willen voorzieningen die toekomstbesteding en toegankelijk zijn. We willen niet alleen de voorzieningen vernieuwen, maar vooral het gebruik stimuleren en laagdrempelig gebruik mogelijk maken.
We ontwikkelen een nieuwe beheerstructuur voor een duurzaam sportpark Talentencampus, met behoud van het open karakter en ruimte voor sportverenigingen, ondernemende aanbieders en ongeorganiseerde sporters.
We werken een voorstel uit om de tennishal Rusheuvel aan te passen naar een duurzame multifunctionele sporthal voor tennis, balsporten, turnen en gymonderwijs.
We werken de ontmoetings- en sportvoorzieningen in Onder d’n Plag, Demen, verder uit.
We doen onderzoek naar de toekomst van sportparken Bergsche Hoeve, De Rooijen en De Neervelden, met focus op brede maatschappelijke functie.
Nieuw Zwembad Op het moment van het opstellen van de kadernota bereidt het college een raadsvoorstel voor over het nieuwe zwembad, inclusief de gebiedsontwikkeling en de exploitatie. Voor de gebiedsontwikkeling en het zwembad is een ontwerp opgesteld en voor de exploitatie is de businesscase uitgewerkt. Na besluitvorming wordt gestart met het vergunningentraject. Het zwembad vormt een belangrijk onderdeel van het sport- en ontmoetingsaanbod in Oss. Gezond leven makkelijker maken In 2025 is het nieuwe Gezondheidsbeleid aangeboden aan de raad. In 2026 stellen we hiervoor een Uitvoeringsplan op. Daarbij laten we ons onder andere leiden door het regiobeeld en regioplan, zoals opgesteld in het kader van het Integraal Zorgakkoord (IZA). Deze documenten bieden richtinggevende thema’s die ook in programma 1. Welzijn en zorg terugkomen. Zo maken we de verbinding tussen gezondheidsbeleid, zorgtransformatie en sociale basis.
We hebben meer aandacht voor een gezond leven en laten zien hoe breed gezondheid is:
42
een gezonde start
een gezonde leefstijl
een gezonde geest
elkaar ontmoeten
een gezonde, sociale, veilige leef-, woon- en werkomgeving
het terugdringen van gezondheidsachterstanden.
We volgen de ontwikkelingen van het nieuwe Aanvullende Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). We gaan op basis daarvan na hoe om te gaan met de huidige vijf ketenaanpakken en het transformatieplan van de subregio Samen in gezondheid (Sig).
We herijken het speelruimtebeleid met de nieuwe nota Bewegen, Ontmoeten, Spelen en Sporten (BOSS).
We verkennen een gezondheidsbeweging of platform in Oss, geïnspireerd op voorbeelden zoals Nijmegen (Wij zijn groen, gezond en in beweging) en Eindhoven (STAP naar gezonder).
We gaan aan de slag met een preventie- en handhavingsplan rond alcohol en drugs misbruik en zetten de deelname aan het regionale project SKIP voort. SKIP is gericht op denormalisering van drugsgebruik.
We maken - naar alle waarschijnlijkheid - beleid op basis van de Wet integrale suïcidepreventie. De verwachting is dat iedere gemeente dit eind 2026 moet hebben.
Breed cultuuraanbod in Oss In 2026 geven we verder vervolg aan onze samenwerking binnen Brabantstad. Daarnaast nemen we het Landelijk Voorzieningenniveau Cultuur (LVK) in beschouwing, om de positie van onze culturele instellingen in landelijke kaders te waarborgen en kansen voor aanvullende financiering te benutten. De samenwerking binnen BrabantStad biedt kansen om via de themalijnen cultuur, sport, sociaal-maatschappelijk en mobiliteit nauwer samen te werken met andere Brabantse steden. De Lievekamp De Lievekamp is een van de kernvoorzieningen binnen de culturele infrastructuur van Oss. In maart 2025 heeft de gemeenteraad ingestemd met het Definitief Ontwerp en een investeringsbudget van € 74,26 miljoen voor de (ver)nieuwbouw van het theater. Ook is een aanvullend krediet beschikbaar gesteld voor de verwerving van de grond. Het project staat symbool voor circulair bouwen, onder andere door hergebruik van materialen uit het voormalige Zuiderstrandtheater in Den Haag. De bouw start naar verwachting eind 2025 en verloopt gefaseerd. Tijdens de realisatie blijft het theater open voor publiek. In 2026 volgen de aanbesteding en de nadere uitwerking van het technisch ontwerp. Via deze kadernota onderstrepen we het belang van De Lievekamp voor Oss en houden we zicht op de beleidsmatige en financiële voortgang van dit project richting de programmabegroting.
Vrijwilligers beter ondersteunen Vrijwilligers zijn onmisbaar in onze samenleving. Zij dragen bij aan sociale samenhang, zorg, sport, cultuur en het organiseren van activiteiten in wijken en dorpen. In 2026 blijven we inzetten op een sterke, faciliterende rol van de gemeente voor vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties. We geven invulling aan drie hoofddoelen:
Een meewerkende, ondersteunende houding vanuit de hele organisatie.
Verder ontwikkelen van het Vrijwilligerspunt Oss als laagdrempelig aanspreekpunt en netwerkversterker.
Actieve waardering van vrijwilligers via publieke zichtbaarheid, communicatie en gezamenlijke activiteiten.
Jaarlijks stellen we een uitvoeringsagenda op waarin de acties concreet worden gemaakt. Subsidiebeleid We staan voor de uitdaging om het subsidieproces te herzien, te moderniseren en juridisch te borgen. De Rekenkamer heeft hier in 2025 onderzoek naar en aanbevelingen gedaan. Ze hebben geconstateerd dat er knelpunten in het huidige subsidieproces zijn en de bestaande ICT-applicatie ontoereikendheid is. De ondersteuning hiervan loopt eind 2026 af. Ook hebben we te maken met het ontbreken van een actuele onderbouwing voor huurprijzen van gemeentelijk vastgoed, wat zich weer kan vertalen in subsidiebeleid. Dit is
43
een project dat in 2025 van start gaat, om zo het nieuwe college in staat te stellen de kaders te laten vaststellen. Ook zijn dan eind 2026 de aanbevelingen van de Rekenkamer opgevolgd.
Financiële vertaling van de speerpunten BrabantStad - Cultuur We stellen voor om voor 2026 tot en met 2028 € 25.000 beschikbaar te stellen voor het werkplan van de themalijn cultuur binnen de samenwerking met BrabantStad. BrabantStad was oorspronkelijk een samenwerking tussen de vijf grootste steden van Brabant (Breda, Eindhoven, Helmond, 's-Hertogenbosch en Tilburg) en de provincie Noord-Brabant. In 2023 zijn Oss en Roosendaal uitgenodigd om hierbij aan te sluiten. De gemeentes zitten zich gezamenlijk in voor een sterk cultureel klimaat in de regio. Oss mocht in 2024 en 2025 voor beperkte bijdrage meedoen aan het werkplan, maar hierdoor dragen andere gemeentes hogere kosten. Vanaf 2026 verwacht men de volledige bijdrage aan de themalijn cultuur. Het werkplan loopt tot en met 2028. Project SKIP We stellen voor vanaf 2026 structureel € 20.000 beschikbaar te stellen voor deelname aan het project SKIP. SKIP een samenwerking van 32 gemeenten in Oost-Brabant, gericht op het tegengaan van de normalisering van drugsgebruik onder jongeren. SKIP doet onderzoek, geeft voorlichting en houdt campagnes die jongeren helpen minder drugs te gebruiken. Deelname aan het project kost de gemeente jaarlijks € 20.000. Subsidiebeleid We stellen voor om in 2026 € 60.000 beschikbaar te stellen voor het aanpakken van het subsidiebeleid.
Het subsidieproces oppakken, verbeteren en uitvoeren is een project dat eind 2026 afgerond moet zijn. We vragen daarom eenmalig € 60.000 om dit project op te starten. MJOP Het beheerplan voor het onderhoud van het maatschappelijk vastgoed is geactualiseerd. Dit wordt elke 5 jaar gedaan. Het vorige beheerplan kwam vanuit een andere contractvorm, waarbij al het onderhoud onder verantwoordelijkheid van de contractpartners viel. In 2020 is intern een nieuwe organisatievorm opgezet en het beheerplan ingeregeld. Dit is onlangs geëvalueerd en met een extern bureau is een nieuw beheerplan opgesteld. Alle gebouwen zijn met een conditiemeting gescand. Het MJOP gaat voor een stijging zorgen. Een gedeelte hiervan is de prijsindex van de onderhoudskosten wat niet binnen de huidige begroting past. Voor de stijging van de prijsindex is structureel € 600.000 nodig. Deze vangen we op vanuit de stelpost loon- en prijscompensatie. Vanuit de evaluatie zijn nog meer punten naar voren gekomen, zoals dat het onderhoud aan installaties hoger uitvalt dan verwacht en er nieuwe gebouwen aan de portefeuille toegevoegd zijn. De impact van de totale evaluatie op de onderhoudsbegroting wordt nog nader uitgezocht en meegenomen in de begroting.
44
Strategische heroriëntatie In de Strategische heroriëntatie hebben we weergegeven wat de koers is om te komen tot een meerjarig sluitende begroting. We geven hierna aan welke voorstellen we voor dit programma door willen voeren. Bedragen x € 1.000 + is besparing/voordeel Nr 60
Omschrijving Alternatieve huisvesting K26 Stichting Kunst en
Bedrag
Bedrag
Bedrag
Bedrag
2025
2026
2027
2028
-
-
20
43
-
-
-
29
15
15
15
-
10
10
78
78
78
134
134
172
172
85
85
85
85
Cultuur in culturele voorziening 61
Onderzoek verkoop N-H Garnizoenskerk in Ravenstein
65
Stoppen subsidies overige lokale omroepen
68
Subsidie Bonte Hoef stopzetten als gevolg van
-
samenvoeging 71
Verlagen budget achtervang aan Stichting Wijkcentrum Ruwaard
73
Juist ramen bijdragen onderhoud en energie vanuit onderwijs
74
Vrijval begrote kosten exploitatie Zuidergebouw en andere panden
79
Doorbelasten energiekosten sporthal Rusheuvel
28
28
28
28
80
Actualiseren huurinkomsten binnensport
35
35
35
35
81
Doorbelasten belastingaanslagen
12
12
12
12
83
Besparing op onderhoud sportaccommodaties en
40
60
80
onderzoeksopdracht langere termijn 84
Afstoten gymzaal Hoefeind I en II
-
-
-
69
88
Verlagen onderhoudsbudget sportterreinen
50
50
-
-
93
Stelpost sportstimulering afschaffen
-
-
18
18
94
Vrijval budget stichting Sportbedrijf
69
69
69
Talentencampus
45
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte
46
1. Wat willen we bereiken? Eén van de grote opgaven in het Osse coalitieakkoord 2022-2026 is de verduurzaming van onze samenleving. In 2025 zijn de ogen dan ook gericht op uitvoering van het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie. Specifieke acties richten zich straat/buurtniveau. Tegelijkertijd kijken we naar knelpunten op wijk- en gemeenteniveau. Daar zetten we in op koppelkansen, wanneer daar vanuit andere programma’s of ontwikkelingen zich al een verandering voordoet. Meanderende Maas gaat de uitvoeringsfase in en het Bos van Oss zal verder aangelegd worden. De energietransitie is in een andere fase gekomen: het besef van de complexiteit en omvang van de opgave leidt tot een noodzakelijke herijking van de activiteiten. Ambitieniveau - mensen - middelen wordt in balans gebracht. Daarbij wordt het 'geen spijt-perspectief' leidend: wat we doen, krijg je geen spijt van. We blijven volop inzetten in het verduurzamen van woningen onder andere door isolatie. De opgave aardgasvrije woningen blijkt juridisch, technisch en financieel lastig en is een worsteling van alle gemeenten in Nederland. De ambitie aardgasvrij in 2050 blijft onveranderd. Een lager energieverbruik draagt bij aan de onafhankelijk van Nederland én helpt om de maandelijkse energielasten te drukken. Bovendien is het een belangrijke stap in aanloop naar aardgasvrij worden.
De beleidskaders die dat ondersteunen zijn in ontwikkeling en zullen in 2025 en de jaren daarna in de raad ter besluitvorming voorgelegd worden. Voor wat betreft duurzame opwek is de koers onveranderd, al zijn externe factoren wel van invloed op de snelheid voor realisatie (beschikbaarheid aansluiting, financiering, etc.). Het beheer van de openbare ruimte is uitdagend: het biedt kansen om ambities van de gemeente te verwezenlijken op het gebied van onder andere klimaat, energie en mobiliteit, maar levert ook nieuwe beheervraagstukken op als gevolg van aanzienlijke kostenstijgingen. Wat betreft afval blijven we ons inzetten op het realiseren van onze afvaldoelstellingen: minder restafval, meer grondstoffen scheiden en hergebruiken, de CO2-uitstoot beperken, de kosten van afvalbeheer beter beheersbaar maken en de dienstverlening aan de inwoners op peil houden. 2. Wat zijn de belangrijkste speerpunten voor de resterende bestuursperiode? Fundament voor de warmtetransitie, verduurzamen woningen en bedrijvigheid In 2024 hebben we onze aanpak voor de warmtetransitie gewijzigd. We werken nu toe naar een warmteprogramma dat we eind 2026 vaststellen. Met het warmteprogramma willen we onze inwoners, ondernemers en organisaties met publieke functie duidelijkheid geven welk warmtealternatief we in welk gebied verwachten.