CConstaterende datOpsterland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Ontwerpbestemmingsplan Beetsterzwaag Kom.pdf

Raadsvergadering 5 juli 2021, gemeente OpsterlandBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom en Ruimtelijk kwaliteitsplan Hoofdstraat Beetsterzwaag (B)31.051 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

2.9

Recreatie - Volkstuinen

De bestemming 'Recreatie - Volkstuinen' regelt de aanwezige volkstuinen in het dorp. 2.9.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden Deze bestemming maakt volkstuinen, met de daarbij behorende gebouwen, andere bouwwerken, tuinen en erven, mogelijk. Ondergeschikt zijn functies als groenvoorzieningen, wegen en paden en parkeervoorzieningen toegestaan. Hierdoor wordt flexibiliteit in het gebruik van de gronden met deze bestemming gegarandeerd. Bouwmogelijkheden Binnen de bestemming is een onderhoudsgebouw toegestaan, verder wordt voorzien in een regeling voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. Hieronder vallen erf- en terreinafscheidingen en overige. 2.9.2 Uitgangspunten van de regeling Uitgangspunten huidige situatie  Behoud van de volkstuinen als specifieke recreatieve functie binnen de dorpskom;  Kleinschalige bebouwing (bouwwerken, geen gebouwen zijnde) ten behoeve van de functie is toegestaan, de maatvoering is opgenomen in de regels; Uitgangspunten beleid  Behoud van de volkstuinen als recreatieve functie;  Aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwen binnen de bestemming moeten getoetst worden aan het welstandsbeleid. 2.9.3 Huidige situatie en beleid Huidige situatie Een specifieke recreatieve functie in Beetsterzwaag, zijn de volkstuinen aan de Helomareed.

Het is een aaneengesloten gebied van volkstuinen, omzoomd door hagen, bebossing en lagere hekwerken. Op het terrein is één berging aanwezig.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 23

Beleid Er is voor dergelijke functies geen specifiek beleid op provinciaal niveau. In de Omgevingsvisie Gemeente Opsterland 2015-2030, zoals vastgesteld op 21 september 2015, is een analyse gemaakt van de maatschappelijke ontwikkelingen op het wonen en leven in de dorpen van Opsterland. Het gaat daarbij om belangrijke maatschappelijke veranderingendieingrijpendegevolgenhebbenvoor deruimtelijke ontwikkeling, zoals demografischeveranderingen, veranderingenophetgebiedvaninkomen,zorg, koopgedrag, participatie, vrijwilligerswerk, vrijetijdsbesteding, alsmede technologischeveranderingen,zoalsinternet,socialmedia, domotica, milieu, energiegebruik, landbouw, verkeer, vervoer en transport. Daarnaasthebbendestagnerendeeconomie,dekrimp endebeperkte gemeentelijkemiddeleneveneensingrijpendegevolgenvoorde samenleving en voor de benodigde voorzieningen. Deze omgevingsvisie geeft voor dergelijke (recreatieve) voorzieningen geen uitgangspunten. In alle gevallen moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning, waar het gaat om bouwen, voldoen aan de criteria die zijn opgenomen in de Welstandsnota Opsterland 2009. Voor deze gronden in het plangebied geldt het welstandsgebied 'buitengebied (besloten landschap)'. De daarbij geldende gebiedscriteria zijn, waar nodig en mogelijk, voorzien van een passende regeling in dit bestemmingsplan.

2.9.4 Achtergrondinformatie  Inleiding  Omgevingsaspecten  Uitvoerbaarheid  Inspraak en Overleg

2.10

Sport

De bestemming 'Sport' maakt het gebruik van gronden voor sportvoorzieningen en de daarbij behorende bebouwing mogelijk. 2.10.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden De bestemming is bedoeld voor sport- en speelterreinen, daarbij gaat het om zelfstandige sport- en speelterreinen. Daarnaast is geregeld dat de gebouwen, ten behoeve van de hoofdfunctie en voor de recreatie, zijn toegestaan. Dit zijn bijvoorbeeld gebouwen voor onderhoud en beheer en kantines. Ondergeschikte functies, die van belang zijn voor de hoofdfunctie zijn ook toegestaan. Daarbij gaat het om onder meer wegen en paden, parkeervoorzieningen en waterlopen en -partijen. Door het toestaan van deze functies is flexibiliteit in het gebruik van de gronden met deze bestemming mogelijk. Bouwmogelijkheden Binnen de bestemming zijn de gebouwen voor onderhoud en beheer en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toegestaan. De gebouwen mogen alleen binnen het bouwvlak worden gebouwd, zodat de bebouwing niet de overhand neemt in dit deel van het gebied. In de regels is de maximum bouwhoogte opgenomen. Deze is gebaseerd op de huidige situatie. Daarnaast zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogelijk. Hieronder vallen lichtmasten, ballenvangers, een uitkijktoren en overige. De lichtmasten en ballenvangers hebben vooral een doel bij de sportvoorzieningen.

Deze bouwwerken mogen hoog worden, namelijk 20,00 en 10,00 meter hoog. Dit is gebaseerd op de werkelijke maten van dergelijke bouwwerken en is nodig voor de functie ervan.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 24

115503

Verder zijn er overige bouwwerken, geen gebouwen zijn, mogelijk tot een maximale hoogte van 5,00 meter. Hieronder vallen onder meer vlaggenmasten, maar ook erf- en terreinafscheidingen. De op het terrein aanwezige telecommunicatiemast is vanwege de afwijkende hoogte specifiek geregeld. Flexibiliteitsbepalingen In de bestemming zijn afwijkingsmogelijkheden opgenomen, daarbij gaat het om de mogelijkheden voor het - met een omgevingsvergunning - afwijken van de bouwregels van de bestemming. Het gaat om afwijking voor het verhogen van de maximale bouwhoogte van een gebouw naar 10,00 meter. Aan de afwijkingsregels zijn voorwaarden gebonden, waaraan voldaan moet worden op het moment van aanvraag van een omgevingsvergunning voor afwijking. 2.10.2 Uitgangspunten van de regeling Uitgangspunten huidige situatie  De activiteiten van de bestaande sportvoorzieningen blijven mogelijk;  Bij de hoofdfuncties horende voorzieningen zijn (ondergeschikt) mogelijk, daarbij gaat het om bijvoorbeeld parkeerterreinen;  De ruimtelijke verschijningsvorm voor de hoofdgebouwen voor de genoemde functies is specifiek geregeld;  Aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn ruimtelijk ondergeschikt aan de hoofdgebouwen, tenzij dit vanwege de functie niet mogelijk is;  Bouwwerken die nodig zijn voor de functies zijn mogelijk gemaakt, daarbij gaat het bijvoorbeeld om terreinafscheidingen en lichtmasten.

Uitgangspunten beleid  Behoud van de sportvoorzieningen is belangrijk;  Verdere ontwikkeling van het sportcomplex is mogelijk binnen de kaders van de (voorheen) geldende planologische mogelijkheden;  Aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwen binnen de bestemming moeten getoetst worden aan het welstandsbeleid. 2.10.3 Huidige situatie en beleid Huidige situatie In het dorp zijn een aantal sportvoorzieningen aanwezig, onder andere een tenniscomplex en voetbalcomplex en een scouting-terrein.In het plangebied is bij het sportcomplex van VV De Sweach (langs Vlaslaan) een antennemast aanwezig van 40 meter hoog. Bij de voorzieningen is bebouwing aanwezig, waarbij het gaat om (verenigings)gebouwen voor kantines en kleedruimten en gebouwtjes voor de opslag van goederen voor de sportfunctie. De bebouwing varieert in afmeting, vooral waar het gaat om de oppervlakte. De hoogte van de bebouwing is beperkt en uniform. De afmeting en architectuur van de bebouwing is bepaald door de functie ervan. Bij de bebouwing horende aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn ruimtelijk ondergeschikt aan de hoofdgebouwen. Voor de functionaliteit van de sportvoorzieningen zijn verschillende bouwwerken (geen gebouwen zijnde) aanwezig. Daarbij horen onder andere de hekwerken rond de voorzieningen, maar ook de ballenvangers achter de goals op de voetbalvelden.

Daarnaast zijn er ook (grotere) lichtmasten en vlaggenmasten die dienst doen voor de hoofdfunctie. Beleid Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân 2014 vastgesteld. Deze verordening behelst een aanpassing van de op 15 juni 2011 vastgestelde verordening.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 25

Deze verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. Deze verordening voorziet niet in nieuw beleid. Uitsluitend geldend provinciaal ruimtelijk beleid is omgezet in algemeen geldende regels. Het ruimtelijk beleid is beschreven in de op 26 maart 2014 vastgestelde Structuurvisie "Grutsk op 'e Romte". Deze structuurvisie vervangt het geldende Streekplan op het gebied van kernkwaliteiten van het cultuurhistorische erfgoed en het landschap van Fryslân. Daarnaast wordt richting gegeven aan de toekomst: de provincie geeft aan wat zij met de kernkwaliteiten wil doen. In de visie geeft de provincie een top 10 van gebiedsoverschrijdend landschappelijke en cultuurhistorische structuren van provinciaal belang. Daarnaast beschrijft de visie van elf deelgebieden in Fryslân de kernkwaliteiten. Met betrekking tot sport geven de visie en verordening geen specifieke regels. In de Omgevingsvisie Gemeente Opsterland 2015-2030, zoals vastgesteld op 21 september 2015, is een analyse gemaakt van de maatschappelijke ontwikkelingen op het wonen en leven in de dorpen van Opsterland.

Het gaat daarbij om belangrijke maatschappelijke veranderingendieingrijpendegevolgenhebbenvoor deruimtelijke ontwikkeling, zoals demografischeveranderingen, veranderingenophetgebiedvaninkomen,zorg, koopgedrag, participatie, vrijwilligerswerk, vrijetijdsbesteding, alsmede technologischeveranderingen,zoalsinternet,socialmedia, domotica, milieu, energiegebruik, landbouw, verkeer, vervoer en transport. Daarnaasthebbendestagnerendeeconomie,dekrimp endebeperkte gemeentelijkemiddeleneveneensingrijpendegevolgenvoorde samenleving en voor de benodigde voorzieningen. In samenhang met het eerder vastgestelde en uitgevoerde ruimtelijk beleid is de Omgevingsvisie Opsterland 2015-2030 vertaald in het plan. In alle gevallen moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning, waar het gaat om bouwen, voldoen aan de criteria die zijn opgenomen in de Welstandsnota Opsterland 2009. Voor deze gronden in het plangebied gelden de welstandsgebieden 'sport- en recreatiegebieden, parken en begraafplaatsen' en (klein deel bij tennisvelden) 'lintbebouwing'. De daarbij geldende gebiedscriteria zijn, waar nodig en mogelijk, voorzien van een passende regeling in dit bestemmingsplan. 2.10.4 Achtergrondinformatie  Inleiding  Omgevingsaspecten  Uitvoerbaarheid  Inspraak en Overleg

2.11

Verkeer

De bestemming 'Verkeer' maakt het gebruik van gronden voor hoofdzakelijk verkeersafwikkeling en de daarbij behorende bebouwing mogelijk. 2.11.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden Het doel van de bestemming wordt mogelijk gemaakt door in de bestemming de functies wegen, straten, voet- en rijwielpaden bij recht mogelijk te maken. Ook daarbij behorende, maar ondergeschikte, functies als groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en nutsvoorzieningen zijn toegestaan. De bestemming ligt op de wegen met overwegend een functie voor de verkeersafwikkeling. Het gaat daarbij om wegen waarop de maximumsnelheid 50 km/uur of meer bedraagt.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 26

115503

Bouwmogelijkheden De bestemming biedt alleen ruimte aan de bouw van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor de in de bestemming toegestane functies. De bouwwerken die zijn toegestaan, zijn erf- en terreinafscheidingen en bouwwerken die bedoeld zijn voor de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer. Voor erf- en terreinafscheidingen geldt een maximale bouwhoogte van 2,00 meter. Deze hoogte garandeert dat dergelijke afscheidingen voldoende bescherming en afscherming bieden. Bouwwerken voor het verkeer mogen maximaal 5,00 meter hoog worden. Gedacht kan worden aan bouwwerken als verkeersborden en lichtmasten.

2.11.2 Uitgangspunten van de regeling Uitgangspunten huidige situatie  Het behoud van de verkeersfunctie Beetsterweg en Gerdyksterwei, buiten de bebouwde kom (Wegen en verkeerswet);  Het behoud van de (gebieds)ontsluitingsfunctie van de Beetsterweg en Gerdyksterwei;  Het behoud van de vrijliggende voet-/fietspaden;  Het mogelijk maken van uitwisselbaarheid van de hoofdfunctie met andere ondergeschikte functies, in verband met de flexibiliteit; Uitgangspunten beleid  Het behoud van de functie van de Beetsterweg en Gerdyksterwei voor de ontsluiting van het dorp;  Het behoud van de erfontsluitingswegen binnen de bebouwde kom;  De herinrichting van de wegen in het plangebied wordt mogelijk gemaakt, met inachtname van de voorwaarden en inrichtingseisen vanuit het Uitvoeringsplan van het Gemeentelijke Verkeer- en Vervoerplan 2010; Uitgangspunten omgevingsaspecten  Het aantal rijbanen van de wegen binnen de bestemming blijft gelijk, zodat toename van geluid op bestaande geluidgevoelige objecten wordt voorkomen. 2.11.3 Huidige situatie en beleid Huidige situatie In het plangebied is sprake van verschillende soorten wegen, namelijk gebieds- en erfontsluitingswegen. De gebiedsontsluitingswegen (max. snelheid 80 km/uur) vallen in deze bestemming, omdat de erfontsluitingswegen vooral een verblijfsfunctie, met een maximaal toegestane snelheid van 30 km/uur.

Deze zijn daarom bestemd als 'Verkeer - Verblijf'. De belangrijkste gebiedsontsluitingswegen zijn de Beetsterweg en Gerdyksterwei. Deze hebben een belangrijke ontsluitingsfunctie vanuit het dorp naar onder meer de snelweg A7 en het dorp Gorredijk. Naast beide wegen zijn vrijliggende (utilitaire) fietspaden aanwezig. De Hoofdstraat sluit op genoemde wegen aan, dit is voor het dorp een belangrijke erfontsluitingsweg. Gebouwen zijn in de gebieden met deze bestemming niet aanwezig. Wel komen bouwwerken als nutsvoorzieningen, hekwerken, palen en masten voor. Deze hebben een beperkte afmeting in oppervlakte en hoogte. Beleid Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân 2014 vastgesteld. Deze verordening behelst een aanpassing van de op 15 juni 2011 vastgestelde verordening.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 27

Deze verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. Deze verordening voorziet niet in nieuw beleid. Uitsluitend geldend provinciaal ruimtelijk beleid is omgezet in algemeen geldende regels. Het ruimtelijk beleid is beschreven in de op 26 maart 2014 vastgestelde Structuurvisie "Grutsk op 'e Romte". Deze structuurvisie vervangt het geldende Streekplan op het gebied van kernkwaliteiten van het cultuurhistorische erfgoed en het landschap van Fryslân. Daarnaast wordt richting gegeven aan de toekomst: de provincie geeft aan wat zij met de kernkwaliteiten wil doen. In de visie geeft de provincie een top 10 van gebiedsoverschrijdend landschappelijke en cultuurhistorische structuren van provinciaal belang. Daarnaast beschrijft de visie van elf deelgebieden in Fryslân de kernkwaliteiten. In het plangebied zijn geen provinciale wegen aanwezig. In het plangebied zijn verder ook geen ontwikkelingen gepland die een wezenlijke invloed hebben op de verkeersstromen en -bewegingen over de bestaande infrastructuur. Deze verordening heeft geen invloed op de regeling van deze bestemming. 2.11.4 Achtergrondinformatie  Inleiding  Omgevingsaspecten  Uitvoerbaarheid  Inspraak en Overleg

2.12

Verkeer - Verblijf

De bestemming 'Verkeer - Verblijf' maakt het gebruik van gronden voor de verkeers- en verblijfsfunctie en de daarbij behorende bebouwing mogelijk. 2.12.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden De functies binnen deze bestemming zijn gericht op zowel de verkeers- als de verblijfsfunctie in het plangebied. Daarom zijn naast wegen en straten, voet- en rijwielpaden en parkeervoorzieningen bijvoorbeeld ook speelvoorzieningen overal in de bestemming mogelijk. Hierdoor komt de verblijfsfunctie naast de verkeersfunctie nadrukkelijk naar voren. Ondergeschikt zijn tuinen, erven, terreinen en nutsvoorzieningen mogelijk. Dit maakt bijvoorbeeld een geringe wijziging van begrenzingen van dergelijke functies mogelijk. Bouwmogelijkheden De bestemming biedt alleen ruimte aan de bouw van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor de in de bestemming toegestane functies. De bouwwerken die zijn toegestaan, zijn erf- en terreinafscheidingen en overige. Voor erf- en terreinafscheidingen geldt een maximale bouwhoogte van 2,00 meter. Deze hoogte garandeert dat dergelijke afscheidingen voldoende bescherming en afscherming bieden. Overige bouwwerken mogen maximaal 5,00 meter hoog worden. Gedacht kan worden aan bouwwerken als lichtmasten, die nodig kunnen zijn voor de sociale veiligheid op en rond de wegen, voet- en rijwielpaden.

Maar ook bouwwerken als bruggen, duikers en dammen zijn mogelijk in de bestemming. 2.12.2 Uitgangspunten van de regeling Uitgangspunten bestaande situatie  Behoud van de verblijfsfunctie naast de verkeersfunctie, door naast de wegen voet- en rijwielpaden, parkeerterreinen en dergelijk toe te staan;  Flexibiliteit bieden voor aanpassing van de wegen, door (ondergeschikt) andere functies toe te staan, zoals groen- en watervoorzieningen;  Bieden van veiligheid door toestaan van bouwwerken als hekwerken en lichtmasten;

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 28

115503

Uitgangspunten beleid  Behoud van erftoegangswegen als dusdanig;  Herinrichting van de bestaande gebieden mogelijk maken; Uitgangspunten omgevingsaspecten  Behoud van de 30 km/uur-zones om geluidhinder voor omwonenden te voorkomen. 2.12.3 Huidige situatie en beleid Huidige situatie Binnen de bebouwde kom (Wegen- en verkeerswet) heeft de infrastructuur in het plangebied naast de verkeersfunctie een verblijfsfunctie. Het gaat daarbij vooral om woonstraten (erfontsluitingswegen), voet- en fietspaden en parkeervoorzieningen. Enkele kleinere groenstroken horen bij deze infrastructuur, bijvoorbeeld als scheiding tussen weg en voetpad/trottoir. Op de woonstraten (erfontsluitingswegen) geldt een maximale snelheid van 30 km/uur, zodat de straten relatief veilig gebruikt kunnen worden voor de verblijfsfunctie, bijvoorbeeld door spelende kinderen. Rondom deze infrastructuur zijn op sommige plaatsen bouwwerken, zoals hekwerken en lichtmasten, aanwezig. Deze dienen voor de sociale en verkeersveiligheid van de gebruikers van de infrastructuur. Beleid Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân 2014 vastgesteld. Deze verordening behelst een aanpassing van de op 15 juni 2011 vastgestelde verordening. Deze verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen.

Deze verordening voorziet niet in nieuw beleid. Uitsluitend geldend provinciaal ruimtelijk beleid is omgezet in algemeen geldende regels. Het ruimtelijk beleid is beschreven in de op 26 maart 2014 vastgestelde Structuurvisie "Grutsk op 'e Romte". Deze structuurvisie vervangt het geldende Streekplan op het gebied van kernkwaliteiten van het cultuurhistorische erfgoed en het landschap van Fryslân. Daarnaast wordt richting gegeven aan de toekomst: de provincie geeft aan wat zij met de kernkwaliteiten wil doen. In de visie geeft de provincie een top 10 van gebiedsoverschrijdend landschappelijke en cultuurhistorische structuren van provinciaal belang. Daarnaast beschrijft de visie van elf deelgebieden in Fryslân de kernkwaliteiten. In het plangebied zijn geen provinciale wegen aanwezig. In het plangebied zijn verder ook geen ontwikkelingen gepland die een wezenlijke invloed hebben op de verkeersstromen en -bewegingen over de bestaande infrastructuur. Deze verordening heeft geen invloed op de regeling van deze bestemming. 2.12.4 Achtergrondinformatie  Inleiding  Omgevingsaspecten  Uitvoerbaarheid  Inspraak en Overleg

2.13

Wonen / Wonen - Landgoed

De bestemming 'Wonen' maakt het gebruik van gronden voor een woonhuizen (eengezinswoningen) en de daarbij behorende bebouwing mogelijk. Het landgoed aan de Van Harinxmaweg 1 is specifiek als 'Wonen - Landgoed' bestemd.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 29

2.13.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden Alle functies die bij de functie wonen horen, worden in deze bestemming mogelijk gemaakt. Allereerst gaat het om eengezinswoningen, deze vormen de hoofdfunctie, met de daarbij behorende aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen. Een combinatie met een ruimte voor een aan-huis-verbonden beroep is mogelijk. In een enkel geval is sprake van een menging van de woonfunctie met een andere functie, in dit plangebied detailhandel of een bedrijf in de categorie 1 of 2. Deze functies zijn, onder voorwaarden, verenigbaar met de woonfunctie, maar niet overal gewenst. Om die reden worden deze functies specifiek aangeduid in deze bestemming. In sommige gevallen is sprake van vrijstaande garageboxen, die een relatie hebben met de woonfunctie. Om deze specifiek te kunnen regelen, zijn ook deze aangeduid. Ondergeschikt zijn onder andere woonstraten, speelvoorzieningen, groenvoorzieningen, waterlopen en waterpartijen mogelijk. Hierdoor is uitwisseling tussen functies mogelijk, wat de nodige flexibiliteit biedt. Enkele functies zijn uitgesloten. Het gaat om de bewoning van vrijstaande bijgebouwen en het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca, detailhandel en bedrijvigheid.Aan-huis-verbonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten zijn wel toegestaan wanneer voldaan wordt aan oppervlaktevereisten.

Deze regeling is opgenomen in de specifieke gebruiksregels. Binnen deze bestemming zijn enkele gebouwen aangeduid als 'karakteristiek'. Bij deze gebouwen is de instandhouding van de bestaande karakteristieke hoofdvorm van belang voor het ruimtelijke (straat)beeld. Bouwmogelijkheden Binnen de bestemming zijn de volgende bouwwerken mogelijk gemaakt: hoofdgebouwen, aan en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Algemeen geldt een regel voor de maximaal te bebouwen oppervlakte. Deze regel bepaalt dat de gezamenlijke oppervlakte van alle bouwwerken, maximaal 50% van het bouwperceel (dus niet bouwvlak) mag zijn. Dit met uitzondering van die gevallen waarbij de bestaande totale oppervlakte van alle bouwwerken dit percentage overschrijdt. Deze algemene bouwregel biedt een richtlijn binnen de globale regeling, maar biedt ook flexibiliteit in de locatie en afmetingen van bouwwerken. Voor de hoofdgebouwen geldt dat het in de bestemming om woonhuizen gaat, omdat deze in ruimtelijke en functioneel opzicht de hoofdgebouwen op het perceel zijn. Deze moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd. Uitgegaan wordt daarbij van vrijstaande hoofdgebouwen, mits dit op de ruimtelijke verbeelding anders is aangeduid (maximum aantal aaneen te bouwen hoofdgebouwen). Voor de hoofdgebouwen is geen maximale bouwdiepte aangegeven.

Wel is een afstand tot de zijdelingse en achtererfgrens opgenomen, waar het hoofdgebouw minimaal vanaf gebouwd moet worden. Deze regels gelden niet op het moment dat in de bestaande situatie de genoemde afstanden al kleiner zijn, bijvoorbeeld bij rijen- en twee-onder-één-kap woningen. In die gevallen gelden de kleinere afstanden. De maatvoering van de hoofdgebouwen is in principe afgestemd op de bestaande situatie. en per bouwvlak aangegeven. Daar waar in het straatbeeld overwegend sprake is van twee bouwlagen met kap, is dit in het bouwvlak vertaald door het aangeven van een maximum goot- en bouwhoogte (7/10) en een minimale en maximale dakhelling (30/60).In een gebied waar woningen uit één bouwlaag met kap bestaan of woningen overwegend plat zijn, zijn de aangegeven maatvoeringen op de verbeelding daarop afgestemd. Door deze bouwregels te hanteren is de hoofdstructuur van een woongebied vastgelegd.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 30

115503

De bestemming 'Wonen - Landgoed heeft betrekking op het monumentale pand Harinxmastate met bijbehorende dienstwoningen en tuin. Overeenkomstig de nabijgelegen andere tuinen en overtuinen in de Hoofdstraat geldt ter bescherming van de cultuurhistorische waarden van de tuin een omgevingsvergunning voor het verwijderen van bebossing. Voor aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen is een specifieke regeling opgenomen. Deze bouwwerken horen nadrukkelijk bij de hoofdfunctie. De functie van de bouwwerken komt ruimtelijk tot uiting in een kleinere maatvoering dan de hoofdgebouwen. In principe zijn is dit type toegestaan op het achtererf bij het hoofdgebouw overal buiten het bouwvlak toegestaan. Het achtererfgebied begint op minimaal 1,00 meter achter het verlengde van de naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw. Daar waar bijgebouwen of carports vóór het achtererfgebied zijn gebouwd, is dit specifiek aangeduid. Voor de erfbebouwing is een maximale gezamenlijke oppervlakte opgenomen, in m2 en een percentage van het bouwperceel. Hierdoor wordt volbouwen van het achtererf voorkomen, maar ontstaat wel een flexibele regeling. Voor de goothoogte van aan- en uitbouwen is een specifieke regeling opgenomen. Daarbij is gerefereerd aan de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw.

Daardoor kan een dergelijk bouwwerk op een passende manier gebouwd worden aan het bestaande hoofdgebouw. Voor garageboxen is in deze bestemming een aparte bouwregeling opgenomen. Het gaat om garageboxen die in het openbaar gebied staan, maar wel gebruikt worden door de bewoners van de omliggende woningen. De garageboxen zijn alleen mogelijk binnen het aangeduide gebied. Voor de afmetingen is een uniforme maximale bouwhoogte in de regels opgenomen. Deze maat is afgestemd op de functie van de box en voorkomt dat deze gebouwen te grootschalig worden. Tot slot zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogelijk. Daarbij gaat het bij deze bestemming om erfen terreinafscheidingen en overige. De regeling voor erf- en terreinafscheidingen is afgestemd op de mogelijkheden die gelden voor vergunningvrij bouwen van het Besluit omgevingsrecht. Dit betekent dat ze achter de naar de weg gekeerde gevel 2,00 meter hoog mogen zijn. Op andere plaatsen is de hoogte maximaal 1,00 meter. Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen maximaal 5,00 meter hoog worden. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om vlaggenmasten. Deze bouwwerken zijn dusdanig kleinschalig in omvang dat een dergelijke hoogte te verantwoorden is. Flexibiliteitsbepalingen In deze bestemming zijn regels opgenomen die het mogelijk maken - met een omgevingsvergunning - af te wijken van de bouw- en (specifieke) gebruiksregels.

Afwijken kan alleen wanneer voldaan wordt aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de afwijkingsregels. Voorbeelden van mogelijke afwijkingen van de bouwregels zijn een lagere minimale dakhelling (bijvoorbeeld plat dak) en het bouwen van een hoofdgebouw achter de aangeduide rooilijn, tot een maximum van 5,00 meter. Een voorbeeld van een mogelijke afwijking van de gebruiksregels is het gebruik van een vrijstaand bijgebouw als woning voor maximaal één huishouden, waarbij aangetoond is dat er sprake is van zorgbehoefte die tijdelijk van aard is. Hierdoor is het mogelijk om, door toepassing van een relatief korte planologische procedure, ruimte te bieden aan nieuwe ontwikkelingen op de gronden of in de gebouwen in deze bestemming. Omgevingsvergunning Voor enkele werken (geen bouwwerken) en werkzaamheden is het mogelijk om een omgevingsvergunning te verlenen. In dit geval is deze vergunning bedoeld voor het geheel of gedeeltelijk slopen van gebouwen die zijn aangeduid als 'karakteristiek'. Deze panden zijn ruimtelijk waardevol voor het beeld van het centrum en mogen niet zonder meer gesloopt worden. Daarom moet, voordat de vergunning verleend wordt, voldaan worden aan de opgenomen toetsingscriteria.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 31

2.13.2 Uitgangspunten van de regeling Uitgangspunten huidige situatie  De functie van de hoofdgebouwen (woonhuizen / landgoed) is wonen en deze blijft behouden;  De gebouwen van het landgoed aan de Van Harinxmaweg 1 en de ter plaatse aanwezige cultuurhistorische groenstructuur blijft behouden;  Aan-huis-verbonden beroep is mogelijk in de woonhuizen, maar is ondergeschikt;  De bestaande ruimtelijke hoofdstructuur van de bebouwing blijft behouden, geringe afwijkingen zijn mogelijk;  De bestaande afmetingen van de hoofdgebouwen zijn leidend voor de toekomst, geringe afwijkingen zijn mogelijk;  De bebouwingsmogelijkheden voor hoofdgebouwen en daarbij behorende bebouwing zijn verruimd. Uitgangspunten beleid  Geen toevoeging van woningen mogelijk maken;  Aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwen binnen de bestemming moeten getoetst worden aan het welstandsbeleid;  De karakteristieke panden worden voorzien van een beschermende regeling ('aanduiding 'karakteristiek').

Uitgangspunten omgevingsaspecten  Voordat grootschaligere nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden, moet duidelijk worden of geen hinder door weg verkeerslawaai ontstaat;  Bij nieuwe ontwikkelingen moet advies worden gevraagd bij het Wetterskip Fryslân;  Voordat grootschaligere nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden, moeten de effecten ervan op de ecologische, archeologische en cultuurhistorische waarden duidelijk zijn. 2.13.3 Huidige situatie en beleid Huidige situatie De functie wonen is de meestvoorkomende functie van het dorp. Het dorp is ontstaan vanuit de Hoofdstraat. Langs deze straat vind een menging van de functie wonen en andere functies plaats. In noordelijke en zuidelijke richting is het dorp uitgebreid met buurten waar vooral de woonfunctie voorop stond. De genoemde gebieden zijn in verschillende perioden ontstaan en onderscheiden zich daardoor in de ruimtelijke structuur. De lintbebouwing langs de Hoofdstraat kent een karakteristiek afwisselend bebouwingsbeeld in plaatsing, hoofdvorm en afmetingen van de bebouwing. De lintbebouwing is niet planmatig aangelegd tot circa 1950. Deze bestemming richt zich vooral op de woonbuurten buiten het de lintbebouwing langs de Hoofdstraat die in de overige bestemmingen is opgenomen. De woningen (eengezinswoningen) zijn in het hele dorp verschillend in verschijningsvorm.

Per planmatig opgezette buurt is meer uniformiteit in plaatsing, hoofdvorm en afmetingen van de hoofdgebouwen. Dit vertaalt zich onder meer in een vaste rooilijn of een vast ritme van bebouwing in het straatbeeld. Deze gebieden zijn planmatig aangelegd vanaf circa 1950. Het landgoed Harinxmastate aan de van Harinxmaweg 1 is typerend voor het oude ruimtegebruik van Beetsterzwaag. Het huis met koetshuis en omringende siertuin is het hart van het landgoed, dat zich geheel volgens de historische verkavelingsstructuur, uitstrekt vanaf de gemeentegrens in het noorden tot aan de grenzen van het Koningsdiep in het zuiden. In de loop van de tijd hebben bewoners uitbreidingen gedaan bij de woningen, in de vorm van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen. In sommige gevallen was dit nodige voor de realisatie van bijvoorbeeld een aan-huis-verbonden beroep of bedrijf, zoals een kapsalon.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 32

115503

Het wonen blijft in alle gevallen de hoofdfunctie. De gemeente Opsterland heeft in de meeste gevallen positieve medewerking aan dergelijke bouwwerken verleend en wil deze lijn doorzetten. Uiteraard worden de bouwwerken vanuit het Besluit omgevingsrecht ook bij de woningen toegestaan. Hiervoor is een specifieke regeling gemaakt. Beleid Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân 2014 vastgesteld. Deze verordening behelst een aanpassing van de op 15 juni 2011 vastgestelde verordening. Deze verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. Deze verordening voorziet niet in nieuw beleid. Uitsluitend geldend provinciaal ruimtelijk beleid is omgezet in algemeen geldende regels. Het ruimtelijk beleid is beschreven in de op 26 maart 2014 vastgestelde Structuurvisie "Grutsk op 'e Romte". Deze structuurvisie vervangt het geldende Streekplan op het gebied van kernkwaliteiten van het cultuurhistorische erfgoed en het landschap van Fryslân. Daarnaast wordt richting gegeven aan de toekomst: de provincie geeft aan wat zij met de kernkwaliteiten wil doen. In de visie geeft de provincie een top 10 van gebiedsoverschrijdend landschappelijke en cultuurhistorische structuren van provinciaal belang. Daarnaast beschrijft de visie van elf deelgebieden in Fryslân de kernkwaliteiten.

In deze verordening zijn regels over inbreiding en uitbreiding van woningbouw aangegeven. Deze regels zijn gericht op een evenredige verdeling van de woningbouwruimte over de verschillende kernen. Van belang is dat een woningbouwplan opgenomen is in een (gemeentelijk) woonplan. De regels van dit bestemmingsplan hebben daarom invloed op deze bestemming. Hierna wordt ingegaan op de manier waarop de inbreiding en uitbreiding van woningbouw is opgenomen in de gemeentelijk structuurvisie en het woonplan. In de Omgevingsvisie Gemeente Opsterland 2015-2030, zoals vastgesteld op 21 september 2015, is een analyse gemaakt van de maatschappelijke ontwikkelingen op het wonen en leven in de dorpen van Opsterland. Het gaat daarbij om belangrijke maatschappelijke veranderingendieingrijpendegevolgenhebbenvoor deruimtelijke ontwikkeling, zoals demografischeveranderingen, veranderingenophetgebiedvaninkomen,zorg, koopgedrag, participatie, vrijwilligerswerk, vrijetijdsbesteding, alsmede technologischeveranderingen,zoalsinternet,socialmedia, domotica, milieu, energiegebruik, landbouw, verkeer, vervoer en transport. Daarnaasthebbendestagnerendeeconomie,dekrimp endebeperkte gemeentelijkemiddeleneveneensingrijpendegevolgenvoorde samenleving en voor de benodigde voorzieningen.

In samenhang met het eerder vastgestelde en uitgevoerde ruimtelijk beleid is de Omgevingsvisie Opsterland 2015-2030 vertaald in het plan. Op 18 april 2017 heeft de gemeenteraad - in aansluiting op de Omgevingsvisie 2015-2030 - de Woonvisie 2017-2021 vastgesteld. Met deze Woonvisie wordt richting gegeven aan het wonen in de gemeente voor de middellange termijn. Demografische ontwikkelingen, zoals afnemende groei dan wel krimp van de bevolking, vergrijzing en ontgroening hebben invloed op de woningbehoefte. In januari 2017 heeft de provincie Fryslân nieuwe bevolkingsprognoses gepubliceerd: "Prognose bevolking en huishoudens Fryslân 2016-2040). Het aantal inwoners in Opsterland daalt al langzaam en vanaf 2030 versnelt de afname. Het aantal huishoudens blijft voorlopig nog toenemen. Vanaf 2025 vlakt deze groei af. De verwachting is dat het aantal huishoudens na 2030 licht zal krimpen. Dientengevolge is er een beperkte groei van de woningbehoefte. Tussen 2016 en 2030 is de behoefte maximaal 600 woningen. Gelet op de demografische ontwikkelingen zullen inwoners van Opsterland voor het grootste deel aangewezen zijn op de bestaande woningvoorraad. We voegen nog maar weinig nieuwbouw toe. Bij nieuwbouw wordt de voorkeur gegeven aan het benutten van de mogelijkheden binnen de bebouwde kom. De focus ligt op inbreiding in plaats van uitbreiding.

Woningtoevoegingen door nieuwbouw op uitbreidingslocaties zal zich concentreren in de grotere dorpen Gorredijk, Ureterp, Beetsterzwaag en Bakkeveen. In de andere dorpen wordt terughoudend omgegaan met nieuwbouw. Na nadruk ligt hier op herstructurering en op het herbestemmen van niet-woonbebouwing. Bovendien moet er sprake zijn van een aantoonbare vraag aan woningen en draagvlak onder de bevolking.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 33

In regionaal verband (de 5 gemeenten Heerenveen, Ooststellingwerf, Opsterland, Smallingerland en Weststellingwerf) zijn er met de provincie nieuwe woningbouwafspraken gemaakt voor de periode 1 januari 2016 tot 1 januari 2026. De maximale woningbouwruimte voorOpsterland in de periode 1 januari 2016 tot 1 januari 2026 bedraagt467 woningen. Het aantal van 467 woningen voor Opsterland past in het aantal woningen dat is opgenomen in de Woonvisie 2017-2021. Hierin staat aangegeven: 'een beperkte groei van de woningbehoefte tussen 2016 en 2030 (maximaal 600 woningen)'. Na vaststelling van de Woonvisie 2017-2021 door de raad heeft er, rekening houdende met de demografische ontwikkelingen en de woningbouwafspraken met de provincie, een nadere uitwerking van de woonvisie plaatsgevonden naar keuzes per dorp. Per dorp zijn alle (potentiële) woningbouwlocaties in de dorpen in beeld gebracht en is er een richting aangegeven voor woningbouw in het betreffende dorp. In Beetsterzwaag zijn verscheidene (potentiële) woningbouwlocaties. Bij een aantal locaties is sprake van harde plancapaciteit. De invulling van de andere locaties is afhankelijk van initiatieven van onder meer marktpartijen en de woningbouwruimte (woningbouwafspraken met de provincie).

In alle gevallen moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning, waar het gaat om bouwen, voldoen aan de criteria die zijn opgenomen in de Welstandsnota Opsterland 2009. Afhankelijk van het woongebied is een specifiek welstandsregime geldend. De welstandscriteria die horen bij het welstandsregime zijn gerelateerd aan de stedenbouwkundige en architectonische kenmerken van het betreffende woongebied. De daarbij geldende gebiedscriteria zijn, waar nodig en mogelijk, voorzien van een passende regeling in dit bestemmingsplan. 2.13.4 Achtergrondinformatie  Inleiding  Omgevingsaspecten  Uitvoerbaarheid  Inspraak en Overleg

2.14

Wonen - Wooncentrum

De bestemming 'Wonen - Wooncentrum' maakt het gebruik van gronden voor een wooncentra en de daarbij behorende bebouwing mogelijk. 2.14.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden De mogelijkheden van deze bestemming wijken af van andere woonbestemmingen, omdat het hier nadrukkelijk gaat om een combinatie van wonen met maatschappelijke voorzieningen. Daaronder vallen onder meer zorgvoorzieningen. Bij de bestemming zijn ondergeschikt parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, en waterlopen toegestaan. Bij de bestemming horende tuinen, erven en terreinen zijn bij recht mogelijk. Het gebruik van gronden voor bedrijfsdoeleinden en detailhandel is in de specifieke gebruiksregels uitgesloten. Bouwmogelijkheden Binnen deze bestemming wordt een onderscheid gemaakt tussen gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Voor gebouwen geldt dat per bouwvlak een gebouw mag komen. Het bouwvlak is ruim om de bestaande bebouwing gelegd, zodat flexibiliteit in plaatsing ontstaat. De maatvoering van de gebouwen is in de ruimtelijke verbeelding aangeduid, daarbij gaat het om een maximale bouwhoogte en een maximale dakhelling. Hierdoor is een plat dak bij dit type gebouw ook mogelijk. Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 34

115503

Daarnaast zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogelijk. Daarbij gaat het bij deze bestemming om erf- en terreinafscheidingen en overige. De regeling voor erf- en terreinafscheidingen is afgestemd op de mogelijkheden die gelden voor vergunningvrij bouwen van het Besluit omgevingsrecht. Dit betekent dat ze achter de naar de weg gekeerde gevel 2,00 meter hoog mogen zijn. Op andere plaatsen is de hoogte maximaal 1,00 meter. Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen maximaal 5,00 meter hoog worden. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om vlaggenmasten. Deze bouwwerken zijn dusdanig kleinschalig in omvang dat een dergelijke hoogte te verantwoorden is. Flexibiliteitsbepalingen In deze bestemming zijn regels opgenomen die het mogelijk maken - met een omgevingsvergunning - af te wijken van de bouwregels. Afwijken kan alleen wanneer voldaan wordt aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de afwijkingsregels. Een voorbeeld van een mogelijke afwijking van de bouwregels is het buiten het bouwvlak bouw van ondergeschikte gebouwen. Hierdoor is het mogelijk om, door toepassing van een relatief korte planologische procedure, ruimte te bieden aan nieuwe ontwikkelingen op de gronden of in de gebouwen in deze bestemming.

2.14.2 Uitgangspunten van de regeling Uitgangspunten huidige situatie  Naast de woonfunctie (meergezins wonen) zijn ondersteunende functies toegestaan, bijvoorbeeld zorgvoorzieningen;  Bij woon- en zorgvoorzieningen horende functies als parkeren en water zijn toegestaan binnen de bestemming;  De afmetingen van de bebouwing worden specifiek geregeld, maar ruimte wordt geboden voor mogelijk toekomstige ontwikkelingen;  Bouwwerken worden mogelijk gemaakt, maar daarbij zijn erf- en terreinafscheidingen uitgesloten; Uitgangspunten beleid  Ontwikkelingsmogelijkheden bieden, zodat een kwalitatieve verbetering speciale woongebouwen en woonzorgcomplexen mogelijk is;  Aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwen binnen de bestemming moeten getoetst worden aan het welstandsbeleid. 2.14.3 Huidige situatie en beleid Huidige situatie Aan de Fundatielaan in Beetsterzwaag is een wooncentrum aanwezig. Dit centrum bestaat uit een complex van gebouwen met woningen en ondersteunende functies. Gedacht kan worden aan zorgvoorzieningen en maaltijdverzorging. Bij het wooncentrum horen (ondergeschikt) voet- en fietspaden, parkeervoorzieningen, groen- en watervoorzieningen. Het wooncentrum bestaat uit meerdere (samengestelde) hoofdgebouwen. De bebouwing is divers, maar in de meeste gevallen maximaal twee tot drie bouwlagen (al dan niet met een kap).

Er is sprake van enkele aan- en uitbouwen en bijgebouwen bij de hoofdgebouwen. Deze zijn qua afmeting ondergeschikt aan de hoofdgebouwen en worden vooral gebruikt voor opslag en berging. Rond het gebouw zijn vrijwel geen hekwerken aanwezig, het gebouw staat in een groene omgeving (erf) aan drie zijden omgeven door boomsingels.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 35

Beleid Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân 2014 vastgesteld. Deze verordening behelst een aanpassing van de op 15 juni 2011 vastgestelde verordening. Deze verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. Deze verordening voorziet niet in nieuw beleid. Uitsluitend geldend provinciaal ruimtelijk beleid is omgezet in algemeen geldende regels. Het ruimtelijk beleid is beschreven in de op 26 maart 2014 vastgestelde Structuurvisie "Grutsk op 'e Romte". Deze structuurvisie vervangt het geldende Streekplan op het gebied van kernkwaliteiten van het cultuurhistorische erfgoed en het landschap van Fryslân. Daarnaast wordt richting gegeven aan de toekomst: de provincie geeft aan wat zij met de kernkwaliteiten wil doen. In de visie geeft de provincie een top 10 van gebiedsoverschrijdend landschappelijke en cultuurhistorische structuren van provinciaal belang. Daarnaast beschrijft de visie van elf deelgebieden in Fryslân de kernkwaliteiten. In deze verordening zijn regels over inbreiding en uitbreiding van woningbouw aangegeven. Deze regels zijn gericht op een evenredige verdeling van de woningbouwruimte over de verschillende kernen. Van belang is dat een woningbouwplan opgenomen is in een (gemeentelijk) woonplan.

In de Omgevingsvisie Gemeente Opsterland 2015-2030, zoals vastgesteld op 21 september 2015, is een analyse gemaakt van de maatschappelijke ontwikkelingen op het wonen en leven in de dorpen van Opsterland. Het gaat daarbij om belangrijke maatschappelijke veranderingendieingrijpendegevolgenhebbenvoor deruimtelijke ontwikkeling, zoals demografischeveranderingen, veranderingenophetgebiedvaninkomen,zorg, koopgedrag, participatie, vrijwilligerswerk, vrijetijdsbesteding, alsmede technologischeveranderingen,zoalsinternet,socialmedia, domotica, milieu, energiegebruik, landbouw, verkeer, vervoer en transport. Daarnaasthebbendestagnerendeeconomie,dekrimp endebeperkte gemeentelijkemiddeleneveneensingrijpendegevolgenvoorde samenleving en voor de benodigde voorzieningen. In samenhang met het eerder vastgestelde en uitgevoerde ruimtelijk beleid is de Omgevingsvisie Opsterland 2015-2030 vertaald in het plan. Op 18 april 2017 heeft de gemeenteraad - in aansluiting op de Omgevingsvisie 2015-2030 - de Woonvisie 2017-2021 vastgesteld. Met deze Woonvisie wordt richting gegeven aan het wonen in de gemeente voor de middellange termijn. Demografische ontwikkelingen, zoals afnemende groei dan wel krimp van de bevolking, vergrijzing en ontgroening hebben invloed op de woningbehoefte.

In januari 2017 heeft de provincie Fryslân nieuwe bevolkingsprognoses gepubliceerd: "Prognose bevolking en huishoudens Fryslân 2016-2040). Het aantal inwoners in Opsterland daalt al langzaam en vanaf 2030 versnelt de afname. Het aantal huishoudens blijft voorlopig nog toenemen. Vanaf 2025 vlakt deze groei af. De verwachting is dat het aantal huishoudens na 2030 licht zal krimpen. Dientengevolge is er een beperkte groei van de woningbehoefte. Tussen 2016 en 2030 is de behoefte maximaal 600 woningen. Gelet op de demografische ontwikkelingen zullen inwoners van Opsterland voor het grootste deel aangewezen zijn op de bestaande woningvoorraad. We voegen nog maar weinig nieuwbouw toe. Bij nieuwbouw wordt de voorkeur gegeven aan het benutten van de mogelijkheden binnen de bebouwde kom. De focus ligt op inbreiding in plaats van uitbreiding. Woningtoevoegingen door nieuwbouw op uitbreidingslocaties zal zich concentreren in de grotere dorpen Gorredijk, Ureterp, Beetsterzwaag en Bakkeveen. In de andere dorpen wordt terughoudend omgegaan met nieuwbouw. Na nadruk ligt hier op herstructurering en op het herbestemmen van niet-woonbebouwing. Bovendien moet er sprake zijn van een aantoonbare vraag aan woningen en draagvlak onder de bevolking.

In regionaal verband (de 5 gemeenten Heerenveen, Ooststellingwerf, Opsterland, Smallingerland en Weststellingwerf) zijn er met de provincie nieuwe woningbouwafspraken gemaakt voor de periode 1 januari 2016 tot 1 januari 2026. De maximale woningbouwruimte voorOpsterland in de periode 1 januari 2016 tot 1 januari 2026 bedraagt467 woningen. Het aantal van 467 woningen voor Opsterland past in het aantal woningen dat is opgenomen in de Woonvisie 2017-2021. Hierin staat aangegeven: 'een beperkte groei van de woningbehoefte tussen 2016 en 2030 (maximaal 600 woningen)'.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 36

115503

Na vaststelling van de Woonvisie 2017-2021 door de raad heeft er, rekening houdende met de demografische ontwikkelingen en de woningbouwafspraken met de provincie, een nadere uitwerking van de woonvisie plaatsgevonden naar keuzes per dorp. Per dorp zijn alle (potentiële) woningbouwlocaties in de dorpen in beeld gebracht en is er een richting aangegeven voor woningbouw in het betreffende dorp. In Beetsterzwaag zijn verscheidene (potentiële) woningbouwlocaties. Bij een aantal locaties is sprake van harde plancapaciteit. De invulling van de andere locaties is afhankelijk van initiatieven van onder meer marktpartijen en de woningbouwruimte (woningbouwafspraken met de provincie). In alle gevallen moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning, waar het gaat om bouwen, voldoen aan de criteria die zijn opgenomen in de Welstandsnota Opsterland 2009. Voor het wooncentrum zijn de criteria van het gebied 'lintbebouwing' van toepassing. De welstandscriteria die horen bij het welstandsregime zijn gerelateerd aan de stedenbouwkundige en architectonische kenmerken van het betreffende gebied. De daarbij geldende gebiedscriteria zijn, waar nodig en mogelijk, voorzien van een passende regeling in dit bestemmingsplan. 2.14.4 Achtergrondinformatie  Inleiding  Omgevingsaspecten  Uitvoerbaarheid  Inspraak en Overleg

2.15

Wonen - Woongebouw

De bestemmingen 'Wonen - Woongebouw 1','Wonen - Woongebouw 1' en 'Wonen - Woongebouw 3' maken het wonen in (niet grondgebonden) woongebouwen, met de daarbij behorende voorzieningen, mogelijk. Daarbij is de bestemming 'Wonen - Woongebouw 1' gelegd op de bestaande woongebouwen. Nieuwe woongebouwen waarvoor specifieke bestemmingsplanprocedures zijn gevoerd, zijn integraal in dit bestemmingsplan opgenomen met een specifieke bestemming. Het gaat hierbij om de woongebouwen aan de Vlaslaan ('Wonen - Woongebouw 2') en in het Van Lyndenpark ('Wonen - Woongebouw 3') die respectievelijk in het Bestemmingsplan Beetsterzwaag Herinvulling Vlaslaan e.o. (2012) en het Bestemmingsplan Beetsterzwaag - Van Lyndenpark (2009) planologisch mogelijk zijn gemaakt. 2.15.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden De bestemming staat woongebouwen (bijvoorbeeld appartementen), al dan niet in combinatie met aanhuis-verbonden beroep, en daarbij behorende bijgebouwen toe. Ondergeschikt zijn voor de hoofdfunctie van belang zijnde voorzieningen, zoals parkeer- en groenvoorzieningen, mogelijk. Aan-huis-verbonden beroep is bij recht mogelijk, maar wel gebonden aan specifieke gebruiksregels. Deze sluiten daarnaast het gebruik van gronden en gebouwen voor onder meer detailhandel en horeca uit.

Bouwmogelijkheden Binnen deze bestemming wordt een onderscheid gemaakt tussen woongebouwen, bijgebouwen en overkappingen en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Voor gebouwen en overkappingen geldt dat deze in een bouwvlak mogen worden gerealiseerd. Het bouwvlak is ruim om de bestaande bebouwing gelegd, zodat flexibiliteit in plaatsing ontstaat. De maatvoering van de woongebouwen is in de ruimtelijke verbeelding aangeduid, daarbij gaat het om een maximale bouwhoogte en een maximale dakhelling. Hierdoor is een plat dak bij dit type gebouw ook mogelijk. Woongebouwen vallen onder de gebouwen die in het bouwvlak geplaatst moeten worden. Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 37

De maatvoering van de bijgebouwen en overkappingen is opgenomen in de regels. Deze regeling is uniform en geldt voor alle bijgebouwen en overkappingen bij woongebouwen. Tot slot zijn overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogelijk. Daarbij gaat het bij deze bestemming om erf- en terreinafscheidingen en overige. De regeling voor erf- en terreinafscheidingen is afgestemd op de mogelijkheden die gelden voor vergunningvrij bouwen van het Besluit omgevingsrecht. Dit betekent dat ze achter de naar de weg gekeerde gevel 2,00 meter hoog mogen zijn. Op andere plaatsen is de hoogte maximaal 1,00 meter. Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen maximaal 5,00 meter hoog worden. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om vlaggenmasten. Deze bouwwerken zijn dusdanig kleinschalig in omvang dat een dergelijke hoogte te verantwoorden is. Flexibiliteitsbepalingen In deze bestemming zijn regels opgenomen die het mogelijk maken - met een omgevingsvergunning - af te wijken van de bouwregels. Afwijken kan alleen wanneer voldaan wordt aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de afwijkingsregels. Een voorbeeld van een mogelijke afwijking van de bouwregels is het buiten het bouwvlak bouw van ondergeschikte gebouwen. Hierdoor is het mogelijk om, door toepassing van een relatief korte planologische procedure, ruimte te bieden aan nieuwe ontwikkelingen op de gronden of in de gebouwen in deze bestemming.

2.15.2 Uitgangspunten van de regeling Uitgangspunten huidige situatie  Niet grondgebonden woningen (appartementen) mogelijk maken;  Bij de hoofdfunctie horende voorzieningen als parkeren en groen mogelijk maken;  Aan-huis-verbonden beroep is mogelijk in de woningen, maar is ondergeschikt;  Alle gebouwen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd. Uitgangspunten vanuit beleid  Flexibiliteit in bouwvlak voor de in het plangebied aanwezige woongebouwen, om zo herinrichting ten behoeve van herstructurering te vergemakkelijken;  Beroep-aan-huis is in beperkte mate mogelijk; (meergezins) wonen is de hoofdfunctie.  Aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwen binnen de bestemming moeten getoetst worden aan het welstandsbeleid. Uitgangspunten omgevingsaspecten  Voordat grootschaligere nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden, moet duidelijk worden of geen hinder door weg verkeerslawaai ontstaat;  Bij nieuwe ontwikkelingen moet advies worden gevraagd bij het Wetterskip Fryslân;  Voordat grootschaligere nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden, moeten de effecten ervan op de ecologische, archeologische en cultuurhistorische waarden duidelijk zijn. 2.15.3 Huidige situatie en beleid Huidige situatie Verspreid in het dorp zijn een aantal woongebouwenc.q. appartementencomplexenaanwezig.

Voor de nieuw ontwikkelde appartementencomplexen aan de Vlaslaan en in het Van Lyndenpark is de voorheen geldende bestemming integraal overgenomen.

Beleid Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân 2014 vastgesteld. Deze verordening behelst een aanpassing van de op 15 juni 2011 vastgestelde verordening.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

Rho Adviseurs B.V.

blz 38

115503

Deze verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. Deze verordening voorziet niet in nieuw beleid. Uitsluitend geldend provinciaal ruimtelijk beleid is omgezet in algemeen geldende regels. Daarnaast is op 26 maart 2014 de Structuurvisie "Grutsk op 'e Romte" vastgesteld. Deze structuurvisie vervangt het geldende Streekplan op het gebied van kernkwaliteiten van het cultuurhistorische erfgoed en het landschap van Fryslân. Daarnaast wordt richting gegeven aan de toekomst: de provincie geeft aan wat zij met de kernkwaliteiten wil doen. In de visie geeft de provincie een top 10 van gebiedsoverschrijdend landschappelijke en cultuurhistorische structuren van provinciaal belang. Daarnaast beschrijft de visie van elf deelgebieden in Fryslân de kernkwaliteiten. In deze verordening zijn regels over inbreiding en uitbreiding van woningbouw aangegeven. Deze regels zijn gericht op een evenredige verdeling van de woningbouwruimte over de verschillende kernen. Van belang is dat een woningbouwplan opgenomen is in een (gemeentelijk) woonplan. De regels van deze verordening hebben daarom invloed op deze bestemming. Hierna wordt ingegaan op de manier waarop de inbreiding en uitbreiding van woningbouw is opgenomen in de gemeentelijk structuurvisie en het woonplan.

In de Omgevingsvisie Gemeente Opsterland 2015-2030, zoals vastgesteld op 21 september 2015, is een analyse gemaakt van de maatschappelijke ontwikkelingen op het wonen en leven in de dorpen van Opsterland. Het gaat daarbij om belangrijke maatschappelijke veranderingendieingrijpendegevolgenhebbenvoor deruimtelijke ontwikkeling, zoals demografischeveranderingen, veranderingenophetgebiedvaninkomen,zorg, koopgedrag, participatie, vrijwilligerswerk, vrijetijdsbesteding, alsmede technologischeveranderingen,zoalsinternet,socialmedia, domotica, milieu, energiegebruik, landbouw, verkeer, vervoer en transport. Daarnaasthebbendestagnerendeeconomie,dekrimp endebeperkte gemeentelijkemiddeleneveneensingrijpendegevolgenvoorde samenleving en voor de benodigde voorzieningen. In samenhang met het eerder vastgestelde en uitgevoerde ruimtelijk beleid is de Omgevingsvisie Opsterland 2015-2030 vertaald in het plan. Op 18 april 2017 heeft de gemeenteraad - in aansluiting op de Omgevingsvisie 2015-2030 - de Woonvisie 2017-2021 vastgesteld. Met deze Woonvisie wordt richting gegeven aan het wonen in de gemeente voor de middellange termijn. Demografische ontwikkelingen, zoals afnemende groei dan wel krimp van de bevolking, vergrijzing en ontgroening hebben invloed op de woningbehoefte.

In januari 2017 heeft de provincie Fryslân nieuwe bevolkingsprognoses gepubliceerd: "Prognose bevolking en huishoudens Fryslân 2016-2040). Het aantal inwoners in Opsterland daalt al langzaam en vanaf 2030 versnelt de afname. Het aantal huishoudens blijft voorlopig nog toenemen. Vanaf 2025 vlakt deze groei af. De verwachting is dat het aantal huishoudens na 2030 licht zal krimpen. Dientengevolge is er een beperkte groei van de woningbehoefte. Tussen 2016 en 2030 is de behoefte maximaal 600 woningen. Gelet op de demografische ontwikkelingen zullen inwoners van Opsterland voor het grootste deel aangewezen zijn op de bestaande woningvoorraad. We voegen nog maar weinig nieuwbouw toe. Bij nieuwbouw wordt de voorkeur gegeven aan het benutten van de mogelijkheden binnen de bebouwde kom. De focus ligt op inbreiding in plaats van uitbreiding. Woningtoevoegingen door nieuwbouw op uitbreidingslocaties zal zich concentreren in de grotere dorpen Gorredijk, Ureterp, Beetsterzwaag en Bakkeveen. In de andere dorpen wordt terughoudend omgegaan met nieuwbouw. Na nadruk ligt hier op herstructurering en op het herbestemmen van niet-woonbebouwing. Bovendien moet er sprake zijn van een aantoonbare vraag aan woningen en draagvlak onder de bevolking.

In regionaal verband (de 5 gemeenten Heerenveen, Ooststellingwerf, Opsterland, Smallingerland en Weststellingwerf) zijn er met de provincie nieuwe woningbouwafspraken gemaakt voor de periode 1 januari 2016 tot 1 januari 2026.

Rho Adviseurs B.V.

Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

115503

blz 39

De maximale woningbouwruimte voor Opsterland in de periode 1 januari 2016 tot 1 januari 2026 bedraagt467 woningen. Het aantal van 467 woningen voor Opsterland past in het aantal woningen dat is opgenomen in de Woonvisie 2017-2021. Hierin staat aangegeven: 'een beperkte groei van de woningbehoefte tussen 2016 en 2030 (maximaal 600 woningen)'. Na vaststelling van de Woonvisie 2017-2021 door de raad heeft er, rekening houdende met de demografische ontwikkelingen en de woningbouwafspraken met de provincie, een nadere uitwerking van de woonvisie plaatsgevonden naar keuzes per dorp. Per dorp zijn alle (potentiële) woningbouwlocaties in de dorpen in beeld gebracht en is er een richting aangegeven voor woningbouw in het betreffende dorp. In Beetsterzwaag zijn verscheidene (potentiële) woningbouwlocaties. Bij een aantal locaties is sprake van harde plancapaciteit. De invulling van de andere locaties is afhankelijk van initiatieven van onder meer marktpartijen en de woningbouwruimte (woningbouwafspraken met de provincie). In alle gevallen moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning, waar het gaat om bouwen, voldoen aan de criteria die zijn opgenomen in de Welstandsnota Opsterland. Afhankelijk van het woongebied is een specifiek welstandsregime geldend.

De welstandscriteria die horen bij het welstandsregime zijn gerelateerd aan de stedenbouwkundige en architectonische kenmerken van het betreffende woongebied. De daarbij geldende gebiedscriteria zijn, waar nodig en mogelijk, voorzien van een passende regeling in dit bestemmingsplan. 2.15.4 Achtergrondinformatie  Inleiding  Omgevingsaspecten  Uitvoerbaarheid  Inspraak en Overleg

2.16

Leiding - Gas

De dubbelbestemming 'Leiding - Gas' heeft tot doel de nodige bescherming te bieden voor de aanwezige hoofdgastransportleiding. 2.16.1 Toelichting op de bestemming Functionele mogelijkheden De gronden waarop deze bestemming ligt zijn, naast de gebruiksmogelijkheden van onderliggende bestemmingen, ook bedoeld voor een of meerdere gasleidingen. Dit betekent dat bij het gebruik van de gronden altijd rekening gehouden moet worden met de aanwezigheid van deze leidingen. Bouwmogelijkheden Ongeacht de regels van de onderliggende bestemmingen, zijn op de gronden met deze bestemming geen bouwwerken toegestaan. Hierdoor wordt beschadiging van de leidingen door bouwwerkzaamheden en toename van veiligheidsrisico's voorkomen. Omgevingsvergunning Werken (geen bouwwerken) en werkzaamheden mogen alleen uitgevoerd worden na het verkrijgen van een omgevingsvergunning. Het kan daarbij gaan om het ontgronden en afgraven van gronden, of het in de grond brengen van voorwerpen. Hieraan zijn toetsingscriteria gekoppeld. Door een omgevingsvergunning op te nemen worden werken en werkzaamheden toegestaan. Door de criteria op te nemen kan getoetst worden of de gasleidingen voldoende beschermd blijven na de ingreep. Het is dan ook altijd noodzakelijk om advies in te winnen bij de leidingbeheerder.

De omgevingsvergunning is niet nodig voor normaal onderhoud van geringe omvang en al in uitvoering zijnde werken en werkzaamheden. Dit laatste geldt op het moment van het van kracht worden van dit bestemmingsplan. Bestemmingsplan Beetsterzwaag Kom Status: Ontwerp / 10-11-2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Opsterland&id=b38a8d93-28a0-48f6-962b-cba0332f5ce7