CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Jaarstukken 2025

Raadsvergadering 9 juni 2026, gemeente OoststellingwerfBij agendapunt: Jaarstukken 202539.577 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Het programmaplan helpt ons focus aan te brengen en tegelijk te zorgen voor verbinding tussen de verschillende thema's energietransitie, circulaire samenleving, klimaatadaptatie, biodiversiteit, landelijk gebied en sociale duurzaamheid. In het najaar hebben we duidelijkheid gekregen over en uitbreiding van het budget vanuit het Rijk. Dit geld is bedoeld voor ambtelijke inzet op met name de thema's energie en circulair. Met het budget realiseren we een uitbreiding van de formatie in 2026. De combinatie van programmaplan en beschikbaar budget zorgt dat we stevig kunnen inzetten op een duurzaam Ooststellingwerf en onze bedrijven en inwoners kunnen helpen. Duurzaamheid In 2025 hebben we het Programma Duurzaam Ooststellingwerf 2025-2030 opgesteld. Verschillende samenwerkings- en/of ketenpartners hebben hier hun inbreng opgegeven. Het Programma Duurzaam Ooststellingwerf 2021-2025 is geëvalueerd. De belangrijkste conclusies uit de evaluatie zijn: 1. Er zijn veel acties uit het programmaplan 2021-2025 uitgevoerd en afgerond. Veel van de acties zijn structureel geborgd in de organisatie. De terugblik is opgenomen in de bijlage van het nieuwe programmaplan. 2. In het Programma Duurzaam Ooststellingwerf 2021-2025 zijn een aantal ambities opgenomen. Tijdens de evaluatie bleek dat het lastig was om het behaalde resultaat van een actie te koppelen aan de ambitie.

In het nieuwe programmaplan staan daarom per speerpunt meetbare doelen. 3. Bij het opstellen van het Programma Duurzaam Ooststellingwerf 2021-2025 was niet voorzien dat er vanuit de Rijksoverheid in deze periode veel inzet gevraagd zou worden op het thema Energietransitie. De Rijksoverheid heeft hiervoor ook extra geld aan gemeenten beschikbaar gesteld. Daardoor is er de afgelopen periode extra ingezet op acties rondom het thema Energietransitie. Dit had gevolgen voor de uitvoering van het thema Circulaire economie. De uitwerking van de acties van dit thema en de uitvoering van de Circulaire Uitvoeringsstrategie liggen achter op planning. Energie • We werken met de Friese overheden samen in de Friese Energietafel (FET). We wisselen kennis uit en werken samen aan verschillende onderwerpen, zoals batterijbeleid en het Warmteprogramma. • We helpen inwoners met het verduurzamen van hun woning. In september 2025 is het aantal Energieverkenners uitgebreid van drie naar vier. Daarnaast geven vrijwillige Energiecoaches inwoners thuis advies over kleine energiebesparende maatregelen en gedrag. • Met een specifieke Rijksuitkering helpen we inwoners bij de isolatie van hun woning. We stimuleren inwoners om hun koopwoning met lage WOZ-waarde en laag energielabel te isoleren door gerichte communicatie, advies, subsidie en goedkope lening.

Hiervoor hebben we als OWO gezamenlijk een energiebureau opgezet. In juni 2024 zijn we gestart met de isolatiesubsidie. Halverwege december 2025 waren er 882 aanvragen ingediend voor de gemeentelijke subsidie.

64

•

•

•

• •

•

•

Met de ‘Stimuleringslening Duurzaamheid’ stellen we duurzaamheidsleningen beschikbaar voor inwoners. Hiermee kunnen woningeigenaren indien nodig tegen een aantrekkelijk tarief een lening afsluiten om duurzame maatregelen te treffen, zoals bijvoorbeeld dakisolatie of zonnepanelen. In 2025 zijn 11 nieuwe duurzaamheidsleningen voor een totaalbedrag van € 166.000 verstrekt. Met een specifieke Rijksuitkering hebben we inwoners geholpen met onder andere het omwisselen naar energiezuinig witgoed en het geven van maatwerk- en financieel adviezen voor het verduurzamen van de eigen woning. Met laagdrempelig aanbod, zoals vrijwillige energiecoaches en fixteams helpen we inwoners om hun energierekening te beheersen en comfortabel te leven. We werken hiervoor samen met de woningcorporaties. We kopen onze energie in via OVEF. Dit geeft ons de mogelijkheid lokaal geproduceerde, duurzame energie in te kopen voor gebruik in onze eigen organisatie. De gemeente is gecertificeerd op de CO2prestatieladder, waarmee we laten zien dat we werken aan het verminderen van onze eigen CO2uitstoot. Vanaf 1 september 2025 rijden onze gemeentelijke dieselauto's op HVO100. HVO100 is een schone variant van diesel. Dit verlaagt onze CO2-uitstoot aanzienlijk. We werken samen met energiecoöperatie de Eendracht. Dit jaar is ingezet op het stimuleren van hybride warmtepompen.

De energiecoöperatie heeft haar inbreng gegeven op het nieuwe programmaplan. We zijn gestart met het opstellen van het Warmteprogramma. Dit doen we in samenwerking met de gemeenten Weststellingwerf en Opsterland. Hierin onderzoeken we hoe de verwarming van onze woningen en bedrijven aardgasvrij kan worden. En hoe we dat als gemeente gaan ondersteunen de komende jaren. Netcongestie betekent dat het energienetwerk 'vol' zit; er kunnen geen nieuwe aansluitingen meer bij. Netcongestie is een groot probleem geworden. We werken met Liander samen aan het zoeken naar oplossingen. Een groep bedrijven uit Haulerwijk heeft ons gevraagd om met hen samen te werken. Met de bedrijven in Haulerwijk zoeken we naar oplossingen voor netcongestie en verduurzamen van hun energiegebruik. Met een groep bewoners, Liander en de Rabobank hebben we thuisbatterijen getest en gekeken welk effect die hebben op netcongestie. In 2025 is de inzet van thuisbatterijen, samen met onder meer Liander, beoordeeld. Uit de beoordeling blijkt dat het afgesproken tijdsvenster ervoor zorgt dat de thuisbatterijen pieken niet verergeren. Thuisbatterijen blijken netcongestie te kunnen verminderen, door ’s avonds tussen vijf en negen uur te ontladen. En door overdag als de zon schijnt te laden. Ook ’s nachts, als weinig energie verbruikt wordt, kunnen de batterijen opgeladen worden.

Soortenmanagementplan Soortenmanagementplan (SMP): de gemeente heeft sinds begin 2025 een pre-Soortenmanagementplan, waaronder inwoners onder bepaalde voorwaarden verder kunnen met isoleren. Inwoners van deze gebieden hoeven hierdoor geen flora- en faunaonderzoek meer te doen voordat ze gaan isoleren. Ze moeten wel natuurvriendelijk isoleren. Het isoleren voor inwoners is hiermee gemakkelijker en goedkoper gemaakt en de dieren worden beter beschermd. In augustus 2025 is het ecologisch onderzoek afgerond voor het volledige SMP. Groene dorpsprofielen Eind 2024 zijn er bijeenkomsten georganiseerd in Appelscha, Nijeberkoop, Haule en Haulerwijk. Tijdens deze avonden gingen we met inwoners in gesprek over de thema’s natuur, water en biodiversiteit. De ideeën en aandachtspunten die daarbij naar voren kwamen, zijn door de gemeente bekeken en waar mogelijk verder uitgewerkt door het team Openbare Ruimte. Deze input gebruiken we bij het opstellen van de groene dorpsprofielen. In 2025 zijn de eerste ideeën van inwoners uit deze dorpen uitgevoerd. Zoals het planten van bloembollen en inzaaien van bloemrijk kruidenmengsel op verschillende plekken. Nu worden er nog bomen en struiken op verschillende plekken aangebracht. Afval • • •

We doen mee aan de provinciale communicatiecampagne 'Samen Halen We Alles Eruit'. Met deze campagne krijgen inwoners via de sociale media informatie over minder afval, beter scheiden en het nascheiden van restafval en kunststoffen bij onze afvalverwerker Omrin. De gemeente is Supporter van Schoon en vraagt inwoners om mee te doen. De gemeente faciliteert vrijwilligers met inzamelmiddelen. Op basisscholen en in het voortgezet onderwijs zijn projecten over (zwerf)afval uitgevoerd.

65

• •

We gaan door met de projecten uit het beleids- en uitvoeringsprogramma aanpak zwerfafval 2014-2022. Er loopt een bewustwordingscampagne over wasbare luiers. Dit wordt vervolgd in 2026.

Duurzaamheidseducatie Met duurzaamheidseducatie investeren we in kennis en bewustwording over duurzaamheidsthema’s bij kinderen. Samen met de scholenkoepels Comprix en de Tjongerwerven, Kunst & COO en de gemeente is het programma voor duurzaamheidseducatie Wortels & Vleugels opgezet. In augustus 2025 is door de partijen een nieuwe samenwerkingsovereenkomst voor onbepaalde tijd aangegaan. Daarnaast nemen we deel aan Junior Energiecoach waarvoor scholen, BSO’s en scouting zich aan kunnen melden. Via Junior Energiecoach betrekken we bij energie en energiebesparing. Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt Riolering en water Inwoners konden gebruikmaken van een veilig en goed werkend riool. Daardoor was er weinig overlast door veel regen of een hoge grondwaterstand. Op een enkele locatie was wel schade en overlast. Dat kwam door zeer zware regen en het lozen van regenwater op het vuilwaterriool. Afval Inwoners die hun afval goed scheiden en daardoor minder afval hebben, betalen minder afvalstoffenheffing. Er zijn vrijwilligers die (wekelijks of maandelijks) zwerfafval in hun leefomgeving opruimen. Met de afvalapp hebben inwoners inzicht in hun afvalscheiding. Inwoners hebben de campagne 'Samen Halen We Alles Eruit' via de socials en in de krant kunnen volgen.

Energie Inwoners konden laagdrempelig advies krijgen over de verduurzaming van hun woning, daarvoor subsidie krijgen en een duurzaamheidslening met een lage rente aanvragen. Steeds meer inwoners treffen duurzame maatregelen, zoals isolatie van de woning. Inwoners die te maken hebben met energiearmoede hebben we geholpen om hun energiegebruik terug te brengen. Basisschoolkinderen krijgen structureel les over duurzaamheidsthema’s. Biodiversiteit Kinderen krijgen een groenere omgeving door groene schoolpleinen. Inwoners zijn betrokken bij het vergroenen van hun buurt. Beleidskaders • Milieubeleidsplan Ooststellingwerf 2010-2016 (mei 2010) • Versnellingsagenda Duurzaam Ooststellingwerf 2030 • Infographic Versnellingsagenda Duurzaam Ooststellingwerf 2030 • Beleid zonnepaneelvelden gemeente Ooststellingwerf (vastgesteld in 2021) • Paraplubestemmingsplan windturbines Ooststellingwerf (vastgesteld maart 2022) • Nota van uitgangspunten Programma Duurzaam Ooststellingwerf 2021-2025 • Programma Duurzaam Ooststellingwerf 2021-2025 • Biodiversiteitsplan • Water en rioleringsprogramma (Wrp) 2025-2029 • Beleids- en uitvoeringsplan zwerfafval 2014-2022 • Wet milieubeheer • Landelijk Afval Plan (LAP) • Afvalstoffenverordening Ooststellingwerf • Circulaire uitvoeringsstrategie Ooststellingwerf 2023-2030 • Uitvoeringsplan klimaatadaptatie • Uitvoeringsplan energietransitie • Programma Duurzaam

Ooststellingwerf 2026-2030 (in ontwikkeling)

66

Belangrijkste afwijkingen programma 7 x € 1.000 Wat heeft het ons gekost?

Rekening

Primitieve

Actuele

Rekening

2024

Begroting

Begroting

2025

Verschil

7-1 Volksgezondheid

-1.773

-2.470

-2.547

-2.123

424 V

7-2 Riolering

-2.154

-2.074

-2.074

-2.128

- 54 N

7-3 Afval

-2.975

-3.035

-3.196

-3.497

- 301 N

7-4 Milieubeheer

-1.914

-1.862

-3.134

-1.747

1.387 V

Totaal Lasten

-8.815

-9.442

-10.951

-9.494

1.457 V

273

157

214

201

- 13 N

7-2 Riolering

3.001

3.067

3.067

3.122

55 V

7-3 Afval

3.659

3.676

3.776

4.064

288 V

367

125

1.492

786

- 706 N

Totaal Baten

7.300

7.025

8.549

8.173

- 376 N

Saldo van baten en lasten

-1.515

-2.417

-2.402

-1.321

1.081 V

Totaal Toevoegingen

-1.367

-

-

-441

- 441 N

Totaal Onttrekkingen

1.122

565

702

331

- 371 N

Mutatie reserves

-245

565

702

-110

- 812 N

-1.760

-1.852

-1.700

-1.432

269 V

Saldo van baten en lasten Lasten

Baten 7-1 Volksgezondheid

7-4 Milieubeheer

Mutatie reserves

Resultaat

67

x € 1.000 Belangrijkste afwijkingen Programma 7

Verschil

GoYoFlo (OKO)

334 V

Algemene reserve

- 334 N

Gezondheidsbeleid

33 V

GGD

40 V

CDOKE

- 92 N

Landelijk gebied

307 V

Algemene reserve

- 173 N

Uitvoeringsbudget programma duurzaamheid

268 V

Algemene reserve

- 268 N

Klimaatmiddelen

24 V

Algemene reserve

- 24 N

Handhaving

149 V

Overige kleine afwijkingen Totaal afwijkingen

5V 269 V

Toelichting belangrijkste afwijkingen In onderstaand overzicht lichten we afwijkingen > € 25.000 toe. Taakveld 7.1 Volksgezondheid, voordeel € 412.000 GoYoFlo (OKO), voordeel € 334.000 Binnen GoYoFlo is stevig geïnvesteerd in preventie, talentontwikkeling, gezonde leefstijl en het versterken van alle omgevingen waarin jongeren opgroeien. Binnen het GoYoFlo programma hebben we een vrijetijdspas geïntroduceerd waarmee iedere jongere van 10 tot 18 jaar jaarlijks € 200 vrijetijdsgeld ontvangt. Hiermee kunnen zij deelnemen aan sport- en cultuuractiviteiten. Ondanks een gericht en breed ingezet communicatieplan en het uitbreiden van de vindplaatsen voor de jeugd is de vrijetijdspas in de opstartfase niet door alle jongeren verzilverd. Hierdoor is het uitvoeringsbudget van € 509.000* in 2025 niet volledig benut. In 2026 wordt via gerichtere communicatie gewerkt aan het vergroten van de bekendheid en het gebruik, en vindt een evaluatie plaats die richting geeft aan de vervolgaanpak van GoYoFlo. Een deel van de uitgaven hebben we gedekt met SPUK-middelen vanuit GALA en Friza. Door de lagere benutting en de inzet van SPUK-middelen is de onttrekking uit de algemene reserve lager dan geraamd. Algemene reserve, nadeel € 334.000* Lagere onttrekking uitvoeringsbudget GoYoFlo. Zie ook hierboven.

Gezondheidsbeleid, voordeel € 33.000 Hier realiseren we een voordeel doordat we verschillende uitgaven hebben gedekt met SPUK-middelen vanuit GALA en Friza. Hierdoor hoefden we het eigen budget voor gezondheidsbeleid niet volledig in te zetten. GGD, voordeel € 40.000 Dit voordeel is ontstaan door positieve afrekeningen van de GGD. Taakveld 7.2 Riolering Begroot was een dotatie van € 147.000 aan de voorziening. Er is in de werkelijkheid een aanwending geweest van € 46.301 vanuit het exploitatieresultaat. In totaal dus een verschil van € 193.301 door hogere lasten. Dit wordt veroorzaakt door de extra kosten door de regenoverlast in de Haule, extra kosten voor reiniging en inspectie (inhaalwerkzaamheden 2024), een bijdrage aan het Wetterskip voor de verwerking van baggerslip en kosten voor een eenmalige overstort registratie.

68

Taakveld 7.3 Afval Ondanks de beperkte afwijking van € 5.000 zijn er binnen het taakveld Afval wel verschillen die opvallen. Vanuit Verpact is er een vergoeding geweest voor zwerfafval 2023 en 2024 van € 108.000. De kosten voor inzameling van huishoudelijk afval was € 45.000 lager dan begroot en de kosten van de inzameling op de milieustraat € 33.000 lager. Daarentegen waren de kosten voor de verwerking van het ingezamelde materiaal op de milieustraat € 75.000 hoger. De inkomsten vanuit de afvalstoffenheffing was € 108.000 lager dan begroot. Taakveld 7.4 milieubeheer, voordeel € 681.000 CDOKE, nadeel € 92.000 Nadeel komt door een te hoge inschatting van de personele inzet voor klimaat- en energietaken. Nadeel wordt gecompenseerd door een voordeel op de personeelsbegroting in programma 0. Landelijk gebied, voordeel € 307.000 Ambtelijke inzet landelijk gebied van € 134.000 is geboekt in programma 0. Dit betekent een voordeel in programma 7 en een nadeel in programma 0. Na aftrek van de personele inzet resteert er een voordeel van € 173.000*. Door weinig beleid/projecten vanuit het Rijk en de Provincie heeft onze focus gelegen op de bestaande werkzaamheden gerelateerd aan de landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties. Gezien de huidige ontwikkelingen verwachten we dat er de komende tijd wel beleid komt waar we mee aan de slag kunnen gaan.

Ook de werkzaamheden gerelateerd aan de landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties lopen door. Het resterende budget is hiervoor nodig. Algemene reserve, nadeel € 173.000* Toevoeging van het resterende budget landelijk gebied aan de algemene reserve. Uitvoeringsbudget programma duurzaamheid, voordeel € 268.000* Bij de najaarsrapportage 2025 hebben we aangegeven dat dit budget in 2025 niet volledig benut wordt vanwege diverse oorzaken. Toen is aangegeven dat we bij de jaarrekening 2025 gaan voorstellen om het resterend budget van het programma duurzaamheid ultimo 2025 toe te voegen aan de reserve. Algemene reserve, nadeel € 268.000* Toevoeging van het resterende budget duurzaamheid aan de algemene reserve. Klimaatmiddelen, voordeel €24.000* We zijn in 2025 gestart met het warmteprogramma. Dit loopt door in 2026. Algemene reserve, nadeel € 24.000* Lagere onttrekking voor klimaatmiddelen. Handhaving, voordeel € 149.000 De lasten zijn lager dan begroot doordat uit de nacalculatie van de Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO) blijkt dat er minder uren nodig waren voor de basis- en plustaken dan begroot. * Maakt onderdeel uit van de incidentele baten en lasten.

69

Programma 8 | Bouwen, wonen en gronden Thema 8.1 Bouwen en wonen Wat willen we bereiken Bouwen en Wonen Er moeten woningen aan de voorraad worden toegevoegd, met name voor senioren en starters. Er is ook een stevige vraag naar zorggeschikte woningen. De komende jaren neemt de vraag naar levensloopbestendige woningen aanzienlijk toe, waardoor ouderen langer zelfstandig met zorg aan huis kunnen blijven wonen. Ook ligt er een grote opgave om de noodzakelijke uitbreiding van de 24-uurs zorgplekken voor psychogeriatrie (dementiezorg) en somatiek te realiseren, waardoor dit zorgaanbod in onze gemeente geborgd wordt. De gemeente Ooststellingwerf heeft in de Regio Deal Zuid Oost Fryslân afspraken gemaakt met betrekking tot de toe te voegen woning voorraad. • Voor Ooststellingwerf geldt de unieke situatie dat in alle dorpen binnenstedelijk vrij in aantal mag worden gebouwd. In de Regio Deal 'wonen' is deze afspraak bevestigd. Dit geeft de mogelijkheid om bestaande panden waarvan de huidige functie is vervallen om te zetten naar wonen. Het biedt mogelijkheden om ‘rotte kiezen’ aan te pakken, te herstructureren en op deze plekken woonmogelijkheden te creëren.

• Zorgvuldige invulling van de leefomgeving is van essentieel belang; door goede ruimtelijke ordening, klimaatbestendig ontwerpen, groene openbare ruimte en een gezond leefklimaat te creëren kan er een plus aan de leefomgeving worden toegevoegd. • Ouderen kunnen langer zelfstandig blijven wonen in levensloopgeschikte woningen en geclusterde woonvormen. • De 24 uurs-zorgplekken met toezicht voor psychogeriatrie en somatische zorg zijn uitgebreid. • ‘Zorgen voor elkaar’ wordt mogelijk gemaakt voor jong en oud en voor generaties door dit te faciliteren met verschillende woonconcepten. • We willen een aantrekkelijke woongemeente zijn voor onze huidige en toekomstige inwoners. • Onze inwoners wonen in een huur- of koopwoning die past bij hun financiële situatie, gezinssamenstelling of zorgbehoefte. Daarnaast willen we dat deze woning energieneutraal en digitaal ontsloten is. • We staan open voor innovatieve woonconcepten zoals ouderenhofjes, collectief particulier opdrachtgeverschap en tijdelijke woningen. • We willen dat we bij de uitvoering van de Woon(zorg)visie indien nodig kunnen bijsturen. We vinden het belangrijk dat (nieuwbouw) woningen ook voor inwoners van Ooststellingwerf en jongeren bereikbaar zijn.

Grondexploitaties • We hebben met het ministerie en de provincie afgesproken om tot en met 2030 ten minste 700 woningen te realiseren (update 2025: ipv 700 woningen 820 woningen). Huisvesting vluchtelingen • De huisvesting van de bijzondere doelgroepen en statushouders in de sociale woningvoorraad vraagt de nodige aandacht, zowel kwantitatief als kwalitatief. Hiervoor maken we afspraken met de provincie. • Afhankelijk van de invoeringsdatum van de Wet regie op de volkshuisvesting heeft de gemeente twee jaar de tijd om een urgentieverordening vast te stellen. De beoogde invoeringsdatum ligt tussen 1 juli 2026 en 1 januari 2027. In de urgentieverordening wordt een aantal door het Rijk aangewezen doelgroepen opgenomen. De gemeente mag het aantal categorieën urgenten onderbouwd uitbreiden, maar niet verminderen (nb statushouders en herhuisvesters zijn in het wetsontwerp geen aangewezen urgente categorie).

70

Wat hebben we bereikt Bouwen en Wonen Er zijn eind 2025 concrete plannen voor 879 extra woningen in 2030, waarvan voor 250 woningen de ruimtelijke procedure is doorlopen. Bij 196 woningen is de bouw gestart of kan met de bouw gestart worden. Grondexploitaties De grondexploitaties voor de gemeentelijke woningbouwplannen in Oldeberkoop ('t Hooge, fase 2), Makkinga (Muldersveld), Oosterwolde Rikkingahof (4 kavels aan de es) en Oosterwolde-West (4 kavels nabij Flippobrug en Rozendael) zijn vastgesteld. Deze maken het mogelijk om alle kavels uit te geven in de vooraf bepaalde woningbouw-segmenten. Huisvesting vluchtelingen De huisvesting van vluchtelingen is voor de komende twee jaar geborgd, met uitzondering van de huisvesting van statushouders. Monumentenzorg, gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit en kerkenvisie • Een jaarlijks budget maakt het mogelijk om subsidies te verstrekken aan monumenteigenaren die hun monument herstellen of onderhouden. Van het budget wordt ook de Open Monumentendag georganiseerd. Dit jaar kreeg deze dag een andere invulling. De eigenaren van de monumenten kregen nu zelf de kans om te genieten van bijzonder erfgoed. Voor hen was een speciale architectuur-bustour georganiseerd. • Monumentenambassadeurs brengen met hulp van de gemeente een paar keer per jaar een nieuwsbrief uit aan monumenteigenaren.

• In 2023 is de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit vastgesteld, waardoor hûs en hiem onder de Omgevingswet als adviseur van het college kon blijven opereren. In 2025 heeft hûs en hiem wederom op bouwplannen geadviseerd. • De kerkenvisie was in 2020 vastgesteld. In 2025 is er geen aanpassing op doorgevoerd. Wat hebben we ervoor gedaan Bouwen en Wonen • Nieuwe woondeal. We sloten een nieuwe woondeal met de provincie Fryslân. Daardoor kunnen we nu 820 extra woningen bouwen in de periode tot en met 2030 (de eerste woondeal was in 2022 nog 500). • Woningbouwprogrammering. Om invulling te geven aan de 'opdracht' van het Rijk en de provincie om 820 extra woningen te realiseren in onze gemeente (woondeal 2025) hebben we eind 2025 onze woningbouwprogrammering tot en met 2030 bij de provincie neergelegd voor instemming. Het programma bevat plannen voor 879 extra woningen tot en met 2030 op verschillende locaties in 11 van de 13 dorpen in onze gemeente. We hebben dus iets meer plannen dan nodig, omdat er altijd plannen uitvallen. • Betaalbaarheid. Van alle nieuwe 820 woningen moet 2/3e betaalbaar (prijspeil 2025) zijn.

Dit houdt in: • 30% van alle woningen is sociaal (maximale huur € 900,07 per maand) • de rest van die 2/3e valt in het middensegment (huur tot ongeveer € 1.184,82 per maand en betaalbare koop tot € 405.000) • 1/3e van alle woningen valt in het duurdere segment (huur of koop) • De locaties liggen deels binnen dorpen en deels buiten dorpen. • De voormalige busremise in Oosterwolde is gekocht van Arriva. Er ontstaat daardoor in de toekomst ruimte voor woningbouw. Om dat te realiseren was in 2024 al een voorkeursrecht gevestigd op het Arriva-terrein en percelen daar in de buurt. • Initiatiefnemer. Soms is de gemeente zelf initiatiefnemer van de woningbouwplannen (grond van de gemeente). Meestal gaat het om een initiatief van een projectontwikkelaar of een particulier. Bij elk plan is een goede leefomgeving het uitgangspunt.

71

•

•

• • • •

Woonbehoefte onderzoek. We deden onderzoek naar de woningbehoefte. Hieruit blijkt dat er woningen nodig zijn voor: o voor jongvolwassenen die zelfstandig willen wonen o voor gezinnen die willen doorgroeien o voor ouderen die graag gelijkvloers en dichtbij voorzieningen willen wonen Voorrang eigen inwoners. We onderzochten de mogelijkheden om woningen toe te wijzen aan eigen inwoners. De gemeente heeft geen directe wettelijke mogelijkheden. Wel is het mogelijk om eigen inwoners een voordeel te geven via uitgifte van grond aan een collectief (CPO). In 2025 hadden wij hiermee goede ervaringen. Wij maakten prestatieafspraken met woningcorporaties, onder andere over sociale woningbouw. We gaan uit van 30% sociale woningen. Een deel daarvan is geclusterd en gelijkvloers voor senioren. We werkten aan regels voor woningsplitsing en bereidden een pilot met woningdelen voor. In 2026 voeren we de regels uit en start de pilot. We maakten regels voor premantelzorgwoningen bij bestaande woningen. We behandelden zeven aanvragen. Een premantelzorgwoning is nu gebouwd. Beleid. De gemeenteraad stelde een addendum bij de woonzorgvisie 2022-2026 vast, waardoor dit beleid weer actueel is.

Grondexploitaties • De grondexploitaties zijn vastgesteld door de gemeenteraad en hiermee actief geworden. Zowel de kosten als opbrengsten worden hierop per gemeentelijk woningbouwplan verantwoord. Huisvesting vluchtelingen • Voor de taakstelling asiel is de huisvesting door het COA in Rikkingahof verlengd tot aan de sloop van het pand. Naar verwachting zal de sloop in de loop van 2028 plaatsvinden. • Voor de inspanningsverplichting opvang Oekraïners zijn lopende contracten verlengd en aanpassingen doorgevoerd in hotel Appelscha, zodat bewoners zelfstandig kunnen koken. Daarnaast is de opvang op de Roggeberg definitief beëindigd en is in plaats daarvan een nieuwe locatie geopend in de accommodatie de Vrije Vogel in Elsloo. • Voor de taakstelling huisvesting statushouders is voldaan aan de opgave voor 2025, maar de achterstand die is ontstaan in 2023 is niet of nauwelijks ingelopen. Deze achterstand betreft ongeveer 25 personen. Monumentenzorg, gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit en kerkenvisie • We zijn de gemeentelijke website voor het onderwerp monumenten aan het verbeteren. Deze wordt daardoor aantrekkelijker en beter leesbaar. We overwegen daarbij om informatie over monumenten beschikbaar te stellen op de Erfgoedstandaard. We hebben daarover afgestemd met de gemeenten Weststellingwerf en Opsterland.

De Erfgoedstandaard wordt door de rijksoverheid geadviseerd voor het vastleggen en uitwisselen van data met betrekking tot het gebouwde, vervaardigde en aangelegde erfgoed (objecten en structuren met een zekere of verwachte cultuurhistorische waarde) in de fysieke omgeving. • In 2025 is voor € 22.000 subsidie verstrekt voor onderhoud en herstel van monumenten. Het subsidieplafond van € 25.000 is daarmee niet overschreden. Een opgebouwde reserve blijft beschikbaar. • In 2025 is door Stichting Interieurs in Fryslân doorgegaan met een onderzoek naar historische interieurs. Het onderzoek is vertraagd, maar zal in 2026 worden afgerond. • Het beheer en onderhoud van de kerkenvisie-website kost geld. We willen deze website niet langer operationeel houden. Van de kerkenvisie is een pdf-bestand gemaakt, dat we gaan plaatsen op de gemeentelijke website.

72

Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt Bouwen en Wonen • Inwoners ervaren dat Ooststellingwerf een goede woongemeente is. • Inwoners merken dat we in (bijna) alle dorpen woningbouwplannen ontwikkelen en daarmee investeren in de leefbaarheid. • Inwoners merken dat er woningen in verschillende typen en prijsklassen te koop staan of in ontwikkeling zijn. Dat geldt voor starters, gezinnen en ouderen. Ze zien ook dat er plannen zijn voor sociale woningbouw. • Inwoners die voor elkaar zorgen hebben meer ruimte om dat thuis te doen. Bijvoorbeeld via een mantelzorgwoning of een premantelzorgwoning. Grondexploitaties • We zijn gestart met de uitgiften van de kavels in Oldeberkoop ('t Hooge, fase 2) en Makkinga (Muldersveld). De starterswoningen in deze beide plannen zijn uitgegeven in de vorm van Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO). De kavels voor sociale huurwoningen zijn verkocht aan Stichting Actium. De hernieuwde uitgifte van kavels voor vrijstaande woningen en twee-onder-eenkap staat gepland vanaf 17 december 2025. Potentiële kopers kunnen zich dan inschrijven. De kavels worden in februari 2026 door middel van loting in optie gegeven. In de optieperiode tekenen kopers het koopcontract bij de gemeente. De notaris regelt daarna de levering. Inwoners zien in 2026 dat de bouw start voor verschillende doelgroepen.

Dat geldt in ieder geval voor de woningen van starters en voor de sociale huurwoningen. • Inwoners in Oosterwolde-West zien dat de voorbereidingen voor vier nieuwe woningen in 2025 zijn gestart. De uitgifte van de kavels volgt in 2026. Huisvesting vluchtelingen • De opvang van de verschillende doelgroepen op de verschillende locaties verliep zonder incidenten. Inwoners ervaarden geen overlast. Monumentenzorg, gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit en kerkenvisie • Monumenteigenaren lezen via de nieuwsbrief de laatste informatie over (hun) monumenten. Ze zijn ook bijgepraat op informatieve avond in het gemeentehuis die in maart 2025 was georganiseerd. Ook in 2026 wordt op deze manier informatie gedeeld met de eigenaren. • De gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit adviseert aan de hand van het door de gemeenteraad vastgestelde beleid (bijvoorbeeld de welstandsnota of een beeldkwaliteitsplan) over de omgevingskwaliteit. Inwoners merken bij een toets aan de welstandsnota nog wel eens dat deze nota niet meer op alle onderdelen past bij de huidige inzichten. In de OWO-gemeenten wordt een Nota Omgevingskwaliteit voorbereid. Tegelijk wordt voor concrete nieuwbouwprojecten in een vroeg planstadium overleg gevoerd met de adviescommissie over de te hanteren ontwerp-concepten, die later worden uitgewerkt in een beeldkwaliteitsplan.

Voor concrete kleinere plannen wordt af en toe een omgevingstafel georganiseerd, waarin ook omgevingskwaliteit (ontwerp erf en gebouw) een onderwerp is. • De kerkenvisie is een hulpmiddel om het gesprek over de toekomst van een kerkgebouw te kunnen voeren met de kerkeigenaren of met andere belanghebbenden. Beleidskaders • Structuurvisie 2010-2020-2030 Ooststellingwerf • Notitie 'Platteland aan zet' (kaders gebiedsuitwerkingen) (januari 2012) • Notitie 'Voortgang pilot dorpsagenda’s/gebiedsagenda’s' (voorjaar 2012) • Woon(zorg)visie Ooststellingwerf 2022-2026 en het addendum daarop (2025) • Afwegingskader woningbouwplannen 2025 • Regiodeal wonen Z-O Fryslan 2025 • Huisvestingswet • Nota Grondbeleid 2022 • Nota Grondprijzen 2022 -2026 • Nota bouwleges gemeente Ooststellingwerf 2016-2019 (januari 2016) • Kerkenvisie (januari 2021) • Notitie Tiny Houses Ooststellingwerf (januari 2021)

73

Belangrijkste afwijkingen programma 8 x € 1.000 Wat heeft het ons gekost?

Rekening

Primitieve

Actuele

Rekening

2024

Begroting

Begroting

2025

Verschil

-1.645

-1.330

-2.787

-2.044

744 V

-105

21

-442

-370

71 V

8-3 Wonen en bouwen

-1.906

-2.251

-8.157

-2.983

5.175 V

Totaal Lasten

-3.657

-3.560

-11.387

-5.397

5.990 V

8-1 Ruimtelijke ordening

398

205

190

505

314 V

8-2 Grondexploitatie niet bedrijventerreinen

183

-

281

278

-3N

8-3 Wonen en bouwen

779

725

6.846

2.151

- 4.695 N

Totaal Baten

1.360

930

7.317

2.934

- 4.384 N

Saldo van baten en lasten

-2.297

-2.629

-4.069

-2.463

1.606 V

Totaal Toevoegingen

-3

-

-

-312

- 312 N

Totaal Onttrekkingen

295

-

1.231

210

- 1.021 N

Mutatie reserves

292

-

1.231

-102

- 1.333 N

-2.006

-2.629

-2.838

-2.565

273 V

Saldo van baten en lasten Lasten 8-1 Ruimtelijke ordening 8-2 Grondexploitatie niet bedrijventerreinen

Baten

Mutatie reserves

Resultaat

x € 1.000 Belangrijkste afwijkingen Programma 8

Verschil

Faciliterend grondbeleid

- 177 N

Omgevingswet

459 V

Algemene reserve

- 385 N

Taskforce woningbouw Algemene reserve Volkshuisvesting/woningbouwleningen

809 V - 809 N 280 V

Omgevingsvergunningen

158 V

Overige kleine afwijkingen

- 62 N

Totaal afwijkingen

273 V

74

Toelichting belangrijkste afwijkingen In onderstaand overzicht lichten we afwijkingen > € 25.000 toe. Taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening, voordeel € 1.058.000 Faciliterend grondbeleid, nadeel € 177.000 Sommige plannen/overeenkomsten met derden schuiven, door diverse redenen, op in tijd. Hierdoor zijn er wel uren gemaakt maar er staat nog geen bijdrage tegenover. Dit volgt dan in 2026. Zie ook programma 0, daar staat het voordeel voor de doorbelaste uren. Omgevingswet, voordeel € 459.000 De ambtelijke inzet omgevingswet van € 74.000 is geboekt in programma 0. Dit betekent een voordeel in programma 8 en een nadeel in programma 0. Na aftrek van de personele inzet resteert er een voordeel van € 385.000*. De voorbereidingen voor de start van de werkzaamheden van externe partijen hebben langer geduurd dan verwacht. Hierdoor is er in 2025 minder uitgegeven dan begroot. Het resterend budget 2025 is nodig gedurende de transitiefase welke duurt tot 2032. Algemene reserve, nadeel € 385.000* Lagere onttrekking voor omgevingswet. Taskforce woningbouw, voordeel € 809.000* De lasten die ten laste van dit budget komen zijn in 2025 € 191.000. Daarnaast waren er ook personeelslasten die zijn ten laste gebracht van de reeds actieve complexen en voorbereidingskosten. Dus die komen dan niet ten laste van dit budget.

Het resterende budget blijft beschikbaar voor verdere versnelling van de woningbouwopgave. Zie hieronder. Algemene reserve, nadeel € 809.000* Lagere onttrekking wegens lagere lasten taskforce. Taakveld 8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Ontwikkelplannen, inclusief grondexploitatie Industrieterreinen, € 0 (resultaat neutraal) Dit bestaat uit twee onderdelen: één ervan heeft invloed op het rekeningsresultaat en de ander niet. Invloed op het rekeningsresultaat is de jaarlijkse actualisatie van de omvang van de reserve grondexploitatie. De omvang van de reserve is normaal gesproken gebaseerd op de risico's met betrekking tot de toekomstige verkopen voor de komende vijf jaar en de huidige boekwaarde van de complexen. Sinds 2022 is de omvang van de reserve niet via de gebruikelijke actualisatie bepaald. Ook voor 2025 stellen wij voor deze lijn te volgen. In 2025 zijn er twee nieuwe exploitaties (1132 Rikkingahof en 1133 Oosterwolde West) vastgesteld door de raad. In 2025 is er één exploitatie (1117 Elsloo) afgesloten. Voor het complex 1131 Muldersveld is in 2024 een voorziening gevormd voor het verlies op de exploitatie van € 182.000. Dit is gedekt met een onttrekking van de reserve grondexploitatie. Bij de actualisatie van de ramingen van dit complex wordt het verlies nu geschat op € 30.000.

Dat betekent dat € 152.000 kan vrijgevallen uit de voorziening, dit is weer toegevoegd aan de algemene reserve grondexploitatie. De grondexploitatie is in administratief opzicht een sluitend systeem. Het saldo van de baten en lasten, na winstneming via de reserve, wordt verrekend met de boekwaarde op de balans. De toename van de boekwaarde is € 1.347.000: • Resultaat uit reguliere baten en lasten € 1.372.000 (toename boekwaarde). In 2025 is er één kavel bij complex ‘t Hooge verkocht. Er is nog 1 kavel in Langedijke beschikbaar en die wordt in 2026 verkocht. Voor de exploitaties ’t Hooge, Muldersveld en Oosterwolde West is de verkoop van de kavels gestart in 2025 en zal worden geëffectueerd in 2026. • Onttrekking van de reserve (afname boekwaarde) in verband met winstneming volgens de POCmethode (percentage of completion) € 25.000.

75

Taakveld 8.3 Wonen en bouwen, voordeel € 479.000 Volkshuisvesting/woningbouwleningen, voordeel € 280.000 Er is een subsidie van € 280.000 aangevraagd vanuit de Realisatiestimulans (financiële bijdrage vanuit het Rijk van € 7.000 per gerealiseerde woning in 2025). Dit bedrag willen we vanaf 2026 inzetten om sociale huur en betaalbare koop te stimuleren. Wij stellen u daarom voor dit bedrag beschikbaar te houden voor 2026. Wij komen hierover nog bij de raad terug. Omgevingsvergunningen, voordeel € 158.000 In de laatste maanden van 2025 zijn er meer omgevingsvergunningen voor grotere projecten afgegeven dan verwacht bij de najaarsrapportage. * Maakt onderdeel uit van de incidentele baten en lasten.

76

Paragrafen Paragraaf 1 | Lokale Heffingen De gemeente stuurt rekeningen (aanslagen) voor een aantal belastingen en heffingen. Denk aan o.a. de onroerendezaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Deze lokale heffingen zijn een belangrijk onderdeel van onze inkomsten. Deze paragraaf laat de hoogte van de inkomsten zien en geeft een overzicht van de diverse heffingen. Algemene beleidslijn Het fiscale beleid voeren we uit in overeenstemming met de fiscale wetgeving, de gevormde jurisprudentie en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, zoals die gelden voor het belastingrecht. Daarnaast zijn rechtvaardigheid, redelijkheid en billijkheid zowel bij de heffing als bij de invordering de bepalende elementen. Bijzonderheden en ontwikkelingen De Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ) Zoals elk jaar, worden de nieuwe WOZ-waarden gebruikt voor o.a. de heffing van de onroerendezaakbelasting en forensenbelasting, gebaseerd op het prijspeil van het voorliggende jaar. De waardepeildatum ligt steeds één jaar voor het belastingjaar en blijft daardoor actueel. Door de actualiteit van de waarde wordt deze mede voor andere doeleinden, zoals de Belastingdienst voor de erfbelasting en eigen woningforfait, forensenbelasting, waterschapslasten en door notarissen gebruikt. Tot en met 2021 werden de woningen getaxeerd op basis van de inhoud.

Vanaf 2022 gebeurt dit op basis van de gebruiksoppervlakte van een woning (een nieuwe ontwikkeling en wettelijke verplichting). Landelijk waren er verschillen in waarderingsmethodiek waardoor ervoor gekozen is om alle gemeenten de woningen op basis van oppervlakten te laten taxeren. De Landelijke Voorziening WOZ is openbaar voor vele afnemers zoals notarissen, het CBS, de burgers etc. Door de overgang op de gebruiksoppervlakte bij woningen zijn er ook geen problemen bij de verplichte levering aan de afnemers. De gebruiksoppervlakte van alle niet-woningen zoals winkels, agrarische- en overige bedrijven met een woning, dient nu ook ingemeten te worden. Vanaf november 2024 is een inventariseerder in de gemeente bezig om dit ter plaatse op te meten. Dit proces is na de zomer 2025 opgeleverd en afgerond. Basisregistraties Vanaf 1 juli 2011 geldt het verplicht gebruik van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) en de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ). Aangezien de WOZ de overgang naar de gebruiksoppervlakten van de woningen heeft gerealiseerd volgt nu de afstemming met de oppervlakten in de BAG. De BAG/WOZ koppeling speelt hierbij een belangrijke rol als het gaat om de onderlinge afstemming. Deze afstemming tussen basisregistraties is het begin van de Samenhangende objectenregistratie (SOR).

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) is gestart met Doorontwikkeling in Samenhang van de GEO-basisregistraties (DisGeo). Doelstelling daarvan is om meer samenhang te creëren in de Geo-informatie Infrastructuur. Onderdeel is de doorontwikkeling van enkele bestaande basisregistraties tot een Samenhangende Objectenregistratie (SOR). Dit betreft een objectenregistratie met daarin basisgegevens van objecten in de fysieke werkelijkheid zoals o.a. gebouwen, wegen, water, spoorlijnen, bomen, terreindelen en gemeentegrenzen. Er wordt nu gewerkt door BZK aan een roadmap voor de vervolgstappen. Het betreft een intensief traject en zal de komende jaren verder ingevuld worden. De BAG, Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) en de WOZ gaan onderdeel uitmaken van de SOR. Ook zijn er belangrijke raakvlakken met de basisregistratie topografie (BRT) en het Nationaal Wegenbestand.

77

Omgevingswet De Omgevingswet bundelt en moderniseert de wetten voor de leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. De Omgevingswet staat voor een goed evenwicht tussen het benutten en beschermen van de leefomgeving. Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. Zodat het bijvoorbeeld makkelijker is om bouwprojecten te starten. Legesverordening De Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) zijn per 2024 ingegaan. Gelijktijdig met het invoeren van de nieuwe wetgeving, moest ook de legesverordening worden aangepast om aan te sluiten op de nieuwe wetgeving. Via themabijeenkomsten bent u geïnformeerd over de belangrijkste gevolgen van de nieuwe wetgeving. Belastingsoorten Onroerendezaakbelasting (OZB) De hoogte van de OZB is een percentage van de WOZ-waarde van een pand. Het percentage wordt ieder jaar opnieuw vastgesteld. Eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen (bedrijfspanden voornamelijk) betalen OZB. De opbrengst OZB is voor een gemeente vrij te besteden. Rioolheffing Met de inkomsten vanuit de rioolheffing worden de kosten gedekt die de gemeente maakt voor de uitvoering van de gemeentelijke watertaken. In het Water- en rioleringsprogramma (Wrp) 2025-2029 is beschreven hoe de gemeente dit uitvoert.

Uitgangspunt is dat de rioolheffing jaarlijks met 3,5% (excl. inflatiecorrectie) stijgt. In het kostendekkingsplan behorende bij het Wrp is weergegeven hoe de heffing zich ontwikkelt in de periode 2025-2029. Leges Leges zijn bedoeld om de kosten te dekken van diensten die de gemeente levert, zoals vergunningverlening of burgerzaken. Gemeenten moeten aantonen dat de totale begrote opbrengsten van alle leges niet hoger zijn dan de totale begrote kosten (maximaal 100% kostendekkendheid). In 2024 zijn de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) ingevoerd. Deze wetten hebben impact op de legesbaten. Ook zien we een toename in de bouwactiviteiten. Per saldo heeft dit geleid tot meer legesbaten dan begroot. We monitoren de komende jaren de werkelijke kosten en opbrengsten en kunnen tarieven desgewenst bijstellen. Toeristenbelasting Per 1 januari 2024 is de verordening toeristenbelasting gewijzigd. Het forfaitair tarief is uit de verordening geschrapt. Recreatieondernemers kunnen hier geen gebruik meer maken vanaf 2024. Voor de ondernemers die dat wensen is een vaststellingsovereenkomst beschikbaar. In deze vaststellingsovereenkomst wordt met vaste, eenduidige normen het aantal overnachtingen forfaitair vastgelegd. De tarieven voor de periode 2024-2026 zijn € 1,65 en € 1,20 per persoon per nacht.

Het tarief van € 1,20 per persoon per nacht is voor overnachtingen in kampeermiddelen op kampeerterreinen en in kampeerboerderijen. Het tarief van € 1,65 per persoon per nacht is voor verblijf in andere verblijfsaccommodaties. In de raadsvergadering van 27 juni 2023 heeft de raad bij amendement besloten om leeftijd van vrijstelling toeristenbelasting kinderen te verhogen van vier jaar naar 12 jaar. Forensenbelasting Onder de naam ‘forensenbelasting’ heffen we een belasting van personen die (voor meer dan 90 dagen per jaar) een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet voor zichzelf en/of hun gezin beschikbaar houden. De belasting heffen we naar de heffingsmaatstaf voor de onroerendezaakbelastingen (de WOZ-waarden). De belasting van caravans of chalets met een standplaats voor meerdere jaren wordt naar een vast bedrag geheven.

78

Bedrijven Investeringszone (BIZ) BIZ (Bedrijven Investeringszone): Op 20 oktober 2021 heeft u ingestemd met de verordening Bedrijveninvesteringszone Oosterwolde Centrum 2021 (BIZ). De opbrengsten van de BIZ worden als subsidie uitgekeerd aan de stichting BIZO. Met de stichting is een uitvoeringsovereenkomst gesloten waarin de activiteiten zijn opgenomen die zij met de subsidie gaan verwezenlijken. Op 22 april 2025 is de Verordening Bedrijveninvesteringszone Oosterwolde BizO weer voor vijf jaar vastgesteld. Door de BizO weer met vijf jaar te verlengen kan de samenwerking tussen vastgoedeigenaren, ondernemers en de gemeente wederom versterkt worden. Ook in de komende vijf jaar worden de opbrengsten als subsidie uitgekeerd een de stichting BIZO. Afvalstoffenheffing Met de inkomsten vanuit de afvalstoffenheffing worden de kosten gedekt die de gemeente maakt voor de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval. De afvalstoffenheffing bestaat uit een vast bedrag per woning (vastrecht), een bedrag voor het aantal keren dat afval wordt aangeboden en het aantal kilo's restafval. Dit noemen we Diftar+. Kwijtschelding We voeren de kwijtschelding uit volgens de Uitvoeringsregeling van de Invorderingswet 1990. Als inkomenstoets voor de kwijtschelding wordt de 100% bijstandsnorm gehanteerd.

Dit betekent dat, afgezien van vermogen en alles wat daarbij hoort, aanvragers met een inkomen op bijstandsniveau in principe voor kwijtschelding in aanmerking komen. Kwijtschelding geldt niet voor alle belastingsoorten, alleen voor de afvalstoffenheffing vast deel (+ Diftar tot € 100) en rioolheffing (alleen gebruikersdeel). Sinds begin 2018 is er een versnelde en vereenvoudigde, geautomatiseerde toets vooraf (via het Inlichtingenbureau) om te bepalen of iemand in aanmerking komt voor kwijtschelding. De kosten voor kwijtschelding worden uiteindelijk vertaald in het tarief voor rioolheffing en vastrecht van de afvalstoffenheffing. Het aantal aanvragen in 2025 is iets afgenomen ten opzichte van het jaar 2024.

Inkomsten x € 1.000 Lokale heffingen en leges

Rekening

Primitieve

Actuele

Rekening

2024

Begroting

Begroting

2025

Verschil

leges

1.182

1.102

1.457

1.552

95 V

lokale heffingen

9.791

10.130

10.200

10.245

45 V

Totaal

10.973

11.233

11.658

11.797

139 V

79

x € 1.000 Lokale heffingen

Rekening

Primitieve

Actuele

Rekening

2024

Begroting

Begroting

2025

Verschil

2.629

2.656

2.656

2.681

25 V

Onroerende zaakbelasting eigenaren

378

430

430

446

16 V

Onroerende zaakbelasting gebruikers

255

287

287

296

9V

58

60

60

65

5V

Toeristenbelasting

384

309

379

419

40 V

Forensenbelasting

145

145

145

156

11 V

2.987

3.067

3.067

3.113

46 V

Reinigingsrechten en afvalstoffenheffing

2.956

3.176

3.176

3.068

- 108 N

Totaal

9.791

10.130

10.200

10.245

45 V

0-61 OZB Woningen Onroerende zaakbelasting eigenaren

0-62 OZB niet-woningen

0-64 Belastingen Overig Bedrijven investeringszone

3-4 Economische promotie

7-2 Riolering Rioolheffing (gecombineerd)

7-3 Afval

80

x € 1.000 Leges

Rekening

Primitieve

Actuele

Rekening

2024

Begroting

Begroting

2025

Verschil

Burgerlijke stand / huwelijk

26

13

13

19

6V

Burgerzakenleges

506

468

588

526

- 62 N

8

15

15

13

-2N

4

-

-

5

5V

36

27

27

27

-0N

-

-

--

20

30

15

4

- 10 N

582

550

800

958

158 V

1.182

1.102

1.457

1.552

95 V

0-2 Burgerzaken

Overige leges

0-4 Overhead Gemeentehuis en buitendienst

2-1 Verkeer en vervoer Verharding

6-60 Hulpmiddelen en diensten (Wmo) Overige voorzieningen WMO materieel

-

8-1 Ruimtelijke ordening Bestemmingsplannen

8-3 Wonen en bouwen Omgevingsvergunningen, baten

Totaal

81

Kostendekking Berekening van kostendekkendheid riolering en reiniging In onderstaande tabellen staan de berekeningen van kostendekkendheid van de heffingen riolering en reiniging. Het uitgangspunt bij deze heffingen is volledige kostendekking. Naast de baten en lasten verantwoord op het taakveld mogen we een aantal lasten toerekenen, waaronder overhead. De overhead is berekend als opslagpercentage over de directe salarislasten die op het taakveld verantwoord zijn. Daarbij is onderscheid gemaakt in een opslagpercentage voor de salarislasten van de buitendienst (62%) en van de binnendienst (82%). Op basis van de vastgestelde scenario's van kostendekkendheid, wordt voor 2025 voor reiniging net geen kostendekkendheid gerealiseerd en is er sprake van een onttrekking aan de egalisatiereserve (reserve lastenverlichting). De mutatie in de rioleringsvoorziening voor de exploitatie is verwerkt in de lasten van het taakveld. Berekening van kostendekkendheid leges In onderstaande tabel staan de berekeningen van kostendekkendheid van de heffingen leges. De totale kostendekkendheid van de legesverordening komt uit op 101%. Dit is aanzienlijk meer dan de begrote kostendekkendheid van 74%. Het verschil komt hoofdzakelijk door hogere baten in hoofdstuk 2 (leges omgevingsvergunningen) dan begroot.

Kostendekkendheid bij leges burgerzaken (hoofdstuk 1) is niet haalbaar, vanwege wettelijke maximumtarieven voor de belangrijkste diensten in dit hoofdstuk. De lage kostendekkendheid bij APV gerelateerde onderwerpen (hoofdstuk 3) is een politieke keuze om te stimuleren dat vergunningen voor deze diensten worden aangevraagd. De berekening van de tarieven gebeurt extracomptabel. Bij de kosten taakvelden zijn de directe personeelskosten en de materiële kosten opgenomen die samenhangen met het verstrekken van de diensten waarvoor leges geheven wordt. Bij directe personeelskosten gaat het bijvoorbeeld om de uren van baliemedewerkers en van de uren van de medewerkers bij Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) en Ruimtelijke Ordening (RO). De basis voor de toerekening van deze kosten zijn de teamplannen en historische cijfers. Materiële kosten zijn bijvoorbeeld de kosten die samenhangen met de afdracht aan het Rijk voor reisdocumenten en de afdracht aan de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) voor rijbewijzen. De overhead wordt via een opslag op de directe personeelskosten toegerekend. Voor hoofdstuk 1 rekenen we met het integraal uurtarief van Ooststellingwerf. Daarin hanteren we een opslag van 82% voor overhead over de directe loonkosten. Voor hoofdstuk 2 en 3 rekenen we met het integraal uurtarief van VTH.

Daarin hanteren we een opslag van 62% voor overhead over de directe loonkosten. Er is voor gekozen om de btw niet als kostenelement mee te wegen, omdat het overgrote deel van de kosten de eigen personele kosten betreft waarvoor geen btw verschuldigd is. De wel toerekenbare btw maakt slechts een klein onderdeel uit van de kosten. Toelichting overhead Op de taakvelden verantwoorden we alle baten en lasten die direct betrekking hebben op het taakveld, waaronder salarislasten. De lasten die we niet direct aan de taakvelden kunnen toerekenen, zijn de overheadkosten. Overhead is 'alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces'. Het gaat hier dan om onder andere personele kosten, huisvesting, ICT, etc. Omdat alle directe kosten al rechtstreeks zijn toegerekend aan de taakvelden, passen we een opslagpercentage toe voor overhead op salarislasten bij taakvelden waarvoor we kostendekkende tarieven mogen berekenen. Bijvoorbeeld afval, riolering en leges.

82

Berekening van kostendekkendheid

Begroting Rioolheffing Realisatie Rioolheffing (taakveld 7.2)

Begroting Reinigingsheffing Realisatie Reinigingsheffing

(taakveld 7.2)

(taakveld 7.3)

(taakveld 7.3)

Lasten Lasten

2.074

2.127

3.036

3.272

Baten

0

-8

-500

-773

2.074

2.119

2.536

2.499

Overhead

470

462

145

141

Kwijtschelding

51

44

95

91

-1

-1

10

10

Netto lasten taakveld

Toe te rekenen lasten

Rente Dubieuze debiteuren

7

7

Slootonderhoud en straatreiniging

160

199

BTW

305

282

391

393

Totaal toe te rekenen lasten

993

994

640

634

Totale lasten

3.067

3.113

3.176

3.133

Opbrengst heffingen

-3.067

-3.113

-3.176

-3.067

Dekkingspercentage

100%

100%

100%

-98%

x € 1.000 Berekening van kostendekkendheid

Hoofdstuk

Hoofdstuk

Hoofdstuk

Totaal

Hoofdstuk

Hoofdstuk

Hoofstuk

Totaal

1

2

3

begroting

1

2

3

realisatie

Lasten Lasten

562

389

26

Baten

0

0

0

562

389

26

977

607

389

26

1.022

Overhead

270

230

16

516

270

230

16

516

Totaal toe te rekenen lasten

270

230

16

516

270

230

16

516

Totale lasten

832

619

42

1.493

877

619

42

1.538

Opbrengst heffingen

-508

-580

-15

-1.103

-577

-962

-13

-1.552

Dekkingspercentage

61%

94%

36%

74%

66%

155%

31%

101%

Netto lasten

977

607

389

26

0

1.022 0

Toe te rekenen lasten

83

Paragraaf 2 | Weerstandsvermogen en risicobeheersing Deze paragraaf laat zien hoe solide onze begroting is en in hoeverre we financiële tegenvallers kunnen opvangen. Het gaat om de relatie tussen de (financiële) weerstandscapaciteit en alle risico’s die de gemeente loopt die niet zijn afgedekt door reserves, voorzieningen en verzekeringen. Door het vormen van een weerstandsvermogen hoeven we bij een financiële tegenvaller in de begrotingsuitvoering niet direct te anticiperen. Het weerstandsvermogen is op dit moment voldoende om de risico’s af te dekken. Conclusie weerstandsvermogen De beschikbare weerstandscapaciteit is per 1 januari 2025 € 29,321 miljoen. Dit bestaat uit de Algemene reserve van € 27,133 miljoen (exclusief het bodembedrag van € 5,2 miljoen) en de bestemmingsreserves van € 2,188 miljoen. Het totaal van de bestemmingsreserves is € 8,420 miljoen. Voor de weerstandscapaciteit halen we hier de reserve Kapitaallasten € 4,093 miljoen en de Algemene reserve grondexploitatie € 2,139 miljoen vanaf. De benodigde weerstandscapaciteit is € 4,078 miljoen (zie overzicht bij risico's). Het weerstandsvermogen is ruim voldoende om de risico’s af te dekken. Naast de beschikbare weerstandscapaciteit van € 29,321 miljoen is er nog de algemene buffer van € 5,2 miljoen (als onderdeel van de Algemene reserve).

Deze beide gecombineerd maakt dat in relatie tot de omvang van de activiteiten er voldoende buffer aanwezig is voor het opvangen van de risico’s. Risico’s die zich regelmatig voordoen en die vrij goed meetbaar zijn, maken geen onderdeel uit van de risico’s binnen het weerstandsvermogen. Hiervoor zijn verzekeringen afgesloten of reserves en voorzieningen gevormd. We gaan op de volgende manier om met de risico’s rondom grondexploitatie, openeinderegelingen, verbonden partijen en decentralisaties: Grondexploitatie Hiervoor is de Algemene reserve grondexploitatie ingesteld. Deze reserve is bestemd voor het opvangen van verliezen (bijvoorbeeld van niet-kostendekkende complexen), planschadeclaims en verlaging van verkoopprijzen. We beoordelen ieder jaar opnieuw of de reserve toereikend is. Openeinderegelingen De belangrijkste openeinderegelingen zijn de regelingen Sociaal Domein en Wet werk en bijstand (WWB). De risico's door openeinderegelingen nemen we waar mogelijk mee in de bepaling van de weerstandscapaciteit. Verbonden Partijen Jaarlijks beoordelen we de jaarrekeningen, begrotingen en tussentijdse rapportages van de verbonden partijen en leggen die aan u voor. We nemen deel aan aandeelhoudersvergaderingen en bij de meeste verbonden partijen ook aan tussentijdse overleggen.

Er is geen extra financiële buffer noodzakelijk, omdat er geen risico’s zijn die een gevaar vormen voor de financiële positie. Als dit wel het geval is, nemen we dat risico mee in deze paragraaf. Dat beoordelen we ieder jaar opnieuw. Projecten De risico's bij projecten worden per project geïnventariseerd en maken onderdeel uit van het projectplan. Algemene beleidslijn Om het weerstandsvermogen te beoordelen zetten we de beschikbare weerstandscapaciteit af tegen de benodigde weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit is een optelsom van middelen die beschikbaar zijn om de gevolgen van risico's die niet begroot zijn te dekken.

84

Benodigde weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit stellen we vast aan de hand van een risico-inventarisatie. Per risico is een inschatting gemaakt van de kans dat het risico zich voordoet. Daarnaast zijn de financiële gevolgen van deze risico’s zo veel mogelijk weergegeven. Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en de mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet-begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, te dekken. Het gaat dan vooral om de reservecapaciteit (algemene- en bestemmingsreserves), de onbenutte begrotingscapaciteit, de onbenutte investeringscapaciteit en de stille reserves. We bepalen de beschikbare weerstandscapaciteit aan de hand van de algemene reserve en bestemmingsreserve. We willen een beschikbare weerstandscapaciteit met minimaal de omvang van de benodigde weerstandscapaciteit. Risicobeheersing Risicobeheersing is de manier waarop we risico’s beheersen, inclusief de processen en systemen waarmee we dat doen. Onze organisatie heeft tal van beheersmaatregelen getroffen om de doelstellingen in de programma's te realiseren.

Er is een grote verscheidenheid aan maatregelen, die we als volgt indelen: • Juridische beheersmaatregelen (inkoopvoorwaarden, contractbepalingen, leveringsvoorwaarden, juridische kwaliteitszorg) • Financiële beheersmaatregelen (financial control, verzekeringen, bankgaranties, financieringsfunctie artikel 13 Financiële verordening) • Organisatorische beheersmaatregelen (AO/IC, procedures, 4-ogen-principe, audits) • Materiële beheersmaatregelen en informatiebeveiligingsbeheersmaatregelen (gemeentelijk informatiebeveiligingsplan). Twee keer per jaar, als onderdeel van de P&C-cyclus, actualiseren we het overzicht met de belangrijkste risico’s. Dit doen we op basis van dossieronderzoek en interviews met management en medewerkers. Na identificatie van het risico brengen we de oorzaak en het gevolg van het risico in beeld. We kwantificeren ieder risico (als dat mogelijk is). En we maken een inschatting van de kans dat het risico zich voordoet, evenals het financiële gevolg. Dit resulteert in het risicoprofiel voor onze gemeente. Vervolgens inventariseren we voor elk risico de getroffen beheersmaatregelen. Bij de kwantificeerbare risico's staat een opsomming van de risico’s. Per risico is een inschatting gemaakt van de kans dat het risico zich voordoet, evenals de financiële gevolgen. Bij deze inschattingen gebruiken we onderstaande tabel: Categorie

Kans op voorkomen

Kwantitatief

Financieel gevolg

1.

< of 1 keer per 10 jaar

10%

Geen geld gevolgen

2.

1 keer per 5-10 jaar

30%

< € 25.000

3.

1 keer per 2-5 jaar

50%

> € 25.000 - € 100.000

4.

1 keer per 1-2 jaar

70%

> € 100.000 - € 500.000

5.

1 keer per jaar of meerdere keren per jaar

90%

> € 500.000

85

Risico's Niet-kwantificeerbare risico's zijn ingedeeld in de risicoklasse klein, gemiddeld en groot. Hieraan zijn vervolgens vaste bedragen gekoppeld, zodat ook deze risico's voorzien zijn een financiële impact. Het totale risicobedrag ten opzichte van de begroting 2026 is gestegen met € 255.000. Dit komt doordat het risico op bijstelling van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is bijgesteld, dit betreft nu 1% van het daadwerkelijk ontvangen bedrag in 2025. Nr. Risico en beheersmaatregel

Kans op voorkomen Financieel gevolg

Benodigde weerstands-

risico 1 Risico: afschrijvingen bedrijfsgebouwen met restwaarde (60% van de

1

capaciteit 5

€ 734.875

WOZ waarde) Toelichting risico: Bij de heroverwegingen in 2021 is besloten om miv 2022 de bedrijfsgebouwen ipv 50%, af te schrijven tot 60% van de WOZ-waarde. Als het bedrijfsgebouw niet meer de maatschappelijke functie vervult is er het risico dat de resterende boekwaarde hoger is dan de eventuele verkoop c.q. vervanging. Beheersmaatregel: Het percentage ligt in lijn met het percentage van de WOZ bij verkopen de laatste jaren (59%). De kans dat dit de komende jaren fors verslechterd is beperkt. 2 Risico: financiele kwetsbare positie Jeugdhulp Friesland (JHF)

3

3

€ 97.500

Toelichting risico: De financieel kwetsbare positie kan leiden tot een aanvullende steunvraag aan onze gemeente. Dit kan de maken hebben met een lagere toekenning van een SPUK-regeling, frictiekosten bij een mogelijke overname en bijspringen in het geval van een verslechterende financiele situatie. Beheersmaatregel: verzoek van uitstel van terugbetaling van het SPUK voorschot en lening is gehonoreerd door de gemeente Leeuwarden en het Rijk in het belang van zorgcontinuïteit. Door JHF rust te geven in de liquiditeit, kan de zorgaanbieder zich de komende tijd richten op de toekomstscenario’s. 3 Risico: bijstelling Algemene uitkering gemeentefonds (au)

5

5

€ 680.246

Toelichting risico: De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven, de zogenaamde “trap op, trap af systematiek”. Als na afloop van een jaar blijkt dat de rijksuitgaven lager zijn dan gepland, wordt de algemene uitkering naar beneden aangepast. Dit vertaalt zich in een aanpassing van het accres. We nemen 1% van de algemene uitkering

op als benodigd weerstandsvermogen.

Beheersmaatregel: Drie keer per jaar verschijnt er een circulaire. Deze circulaires beoordelen we en rekenen we door. 4 Risico: afwijking op WWB I-deel budgetten, waardoor beroep op

2

4

€ 185.378

algemene middelen onvermijdelijk is Toelichting risico: Het eigen risico voor vangnetuitkeringen omvat een drempel van 7,5%, waarbij tekorten tot deze drempel volledig voor rekening van de gemeente komen. Voor tekorten tussen 7,5% en 12,5% wordt 50% gecompenseerd, en tekorten boven 12,5% worden volledig vergoed. Hierdoor is het maximale eigen risico voor een gemeente 10%. Beheersmaatregel: Eén keer per maand ontvangen we managementcijfers met de stand van zaken. Hierdoor kan op financieel gebied bijgestuurd worden. Ook zijn er procesmaatregelen aan de poort en ten aanzien van uitstroom. Beïnvloeding van klantaantallen is niet of zeer marginaal mogelijk. 5 Risico: ontoereikende exploitatie MFS Oosterwolde Zuid

5

3

€ 90.000

Toelichting risico: De verwachting is dat de exploitatie van MFS Oosterwolde Zuid uiterlijk 2026 voor rekening van de gemeente komt. In 2026 wordt een nieuwe MOP opgesteld omdat de bestaande MOP gedateerd is. We verwachten dat de accommodatie op basis van de nieuwe MOP niet meer kostendekkend te exploiteren valt voor de Stichting. Beheersmaatregel: Overname exploitatie door de gemeente. Hiervoor is waarschijnlijk aanvullend budget nodig. 6 Risico: overige garanties

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=75813e4e-74c7-43cb-880e-df47028b0a5c