Agendabundel
Tekst van het document
Pagina 7 van 49
Ontwikkelingen van het interbestuurlijk programmaplan (IBP) De conclusies uit het rapport van de commissie ‘Van Aartsen’ maken het nodige los en hebben geleid tot het Interbestuurlijk programma (IBP VTH). In het programma worden de aanbevelingen van de commissie opgepakt en verder gezamenlijk (drie ministeries, VNG, IPO, od.nl) uitgewerkt. Elke deelnemende partij is daarbij verantwoordelijk voor adequate betrokkenheid van de eigen achterban, de benodigde bestuurlijke inbedding en de organisatie van het noodzakelijke commitment. Gezamenlijk is het Programmaplan versterking VTH-stelsel gemaakt. De primaire focus van het programma is het op orde krijgen van de uitvoering van de basistaken. De omgevingsdienst moet in staat zijn om de opgedragen taken op een professionele manier uit te voeren. De effectiviteit en slagvaardigheid van de omgevingsdiensten moet gelet daarop worden versterkt. De rol die omgevingsdiensten spelen wordt in het programma echter breder gezien. De maatschappij staat voor grote transitieopgaven: de energietransitie, de stikstofopgave, woningbouwopgave, klimaatadaptatie en circulariteit. Het is, binnen het programma, de ambitie van het Rijk, provincies en gemeenten dat de omgevingsdiensten klaar zijn om een essentiële rol te pakken in de grote transitieopgaven waar Nederland voor staat. Het Interbestuurlijk Programma bevat de volgende pijlers: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Robuuste omgevingsdiensten en financiering Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en vervolging Informatie-uitwisseling en datakwaliteit Kennisinfrastructuur inclusief arbeidsmarkt Onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving Monitoring kwaliteit milieutoezicht
Ten aanzien van pijler 1 is er plan van aanpak geschreven om te kunnen voldoen aan de robuustheidscriteria, dit document zal behandeld worden tijdens de extra ingelaste AB-vergadering van 29 februari 2024. De uitvoering van het plan van aanpak zal, indien vastgesteld, in 2024 en 2025 verder vorm krijgen. Daarnaast vindt er in het kader van pijler 1 ook een onderzoek plaats naar de financiering van Omgevingsdiensten. Op 4 oktober 2023 is een contourennota opgeleverd, waarin de belangrijkste bevindingen worden gepresenteerd. Zo blijken er grote verschillen te bestaan in de financieringssystematieken van de omgevingsdiensten in Nederland. Ook worden in de contourennota voorstellen gedaan om te komen tot een stabiele financiering voor de taken en opgaven van omgevingsdiensten. De contourennota is vervolgens voorgelegd aan diverse partners (gemeenten, het Rijk, IPO en de koepel van de omgevingsdiensten). Op basis van de reacties van deze partners worden de voorstellen aangescherpt. Dit zal in de loop van 2024 verder vorm en inhoud krijgen. Ten aanzien van pijler 6 heeft er eerder een visitatie bij de FUMO plaatsgevonden. Naar aanleiding van deze visitatie is er een plan van aanpak opgesteld om de voorgestelde verbeteringen te implementeren. Dit plan van aanpak zal behandeld worden tijdens de AB-vergadering van 11 april 2024.
Ook voor dit plan van aanpak geldt dat het in 2024 en 2025 meer vorm zal gaan krijgen. Energiebesparingsplicht Het Toezicht en de Handhaving op de plicht tot energiebesparing was al een basistaak voor de ‘grootverbruikers’ (niet zijnde ETS bedrijven), maar is per 1 juli 2023 uitgebreid. De FUMO zal dat toezicht vanaf 1 januari 2025 gaan uitvoeren, conform besluit in het AB van 6 april 2023. De werkgroep Energie is in opdracht van het VTH Managementoverleg bezig om de consequenties van de nieuwe wettelijke energietaak in kaart te brengen (eind 2023). Het Plan van Aanpak Energiebesparing, waarin de organisatie en financiering is meegenomen is gereed. De taakuitvoering
Pagina 8 van 49
(aantallen) zal in eerste instantie indicatief zijn op basis van CBS-data. De controlefrequentie is in de AB-vergadering van 19 oktober 2023 vastgesteld. Voor deze taak is in de begroting 1.870 uur (1.4 fte) opgenomen. Ontwikkelingen circulaire economie, energietransitie en Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) Door de transities die nu plaatsvinden op het gebied van energie en grondstoffen ontstaan nieuwe bedrijven en bedrijfsprocessen en gaan de technische ontwikkelingen erg snel. Denk hierbij aan de ontwikkelingen rond waterstof als energiedrager, aardgasloze wijken, grootschalige opslag van elektrische energie in batterijen, windturbines, grote vergisters, en bodemenergiesystemen. Deze ontwikkelingen komen vanuit de maatschappij en om deze te kunnen reguleren moet de FUMO investeren in capaciteit en kennis. Zodat FUMO het juiste advies kan geven, de juiste vergunning kan verlenen en het daarop volgend toezicht kan verrichten. Daarmee is er ook samenhang met de doelstellingen vanuit pijler 1 IBP VTH waarbij omgevingsdiensten voldoende robuust moeten zijn om hun rol te kunnen pakken in de ontwikkelingen waar Nederland voor staat. Voor de werkwijze Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) is het AB door middel van een notitie geadviseerd tijdens de AB vergadering van 19 oktober 2023. Het AB heeft de FUMO opdracht gegeven tot het opstellen van een plan van aanpak rondom ZZS.
In het plan van aanpak zal inzichtelijk worden gemaakt wat we hebben te doen op het gebied van ZZS en wat de financiële consequenties zijn daarvan. Daarover zal dan nog nadere besluitvorming plaatsvinden in 2024, wat ook zijn effect zal hebben op de periode vanaf 2025. De aanpak op het gebied van Circulaire Economie (CE) wordt gefinancierd door de provincie. Zij hebben de behoefte uitgesproken dat de Friese gemeenten ook gaan bijdragen aan het stimuleren van een circulaire economie. In 2024 willen wij graag in gezamenlijkheid met de provincie en gemeenten verkennen wat de mogelijkheden hierin zijn. Omdat deze ontwikkelingen nog in de beginfase zitten, wordt ervoor gekozen deze niet mee te nemen in de begroting voor 2025.
2.2 Doorontwikkeling Voor de doorontwikkeling binnen de FUMO zal in eerste instantie een beroep worden gedaan op de ontwikkelkracht binnen de eigen organisatie. Voor een goede implementatie van nieuwe ontwikkelingen is de participatie van medewerkers uit de primaire processen nodig. Voor de deelname van medewerkers aan projecten wordt het structurele ontwikkelbudget ingezet. In 2025 hebben we het eerste jaar van werken onder de Omgevingswet achter de rug. Vervolgens zal er naar verwachting veel aandacht uitgaan naar het verder doorontwikkelen van de manier van werken onder de Omgevingswet. Verder zullen we te maken krijgen met verschillende maatschappelijke opgaven waar we samen met onze deelnemers goed aan willen voldoen. De maatschappelijke uitdagingen die wij verwachten zijn de genoemde ontwikkelingen op het gebied van circulaire economie, energietransitie, ZZS en de uitdaging van het aantrekken en behouden van kundig en gekwalificeerd personeel. Vanuit het IBP VTH verwachten we als FUMO gesterkt te worden in het pakken van een essentiële rol bij deze maatschappelijke ontwikkelingen Als FUMO willen wij graag gezamenlijk met onze deelnemers toewerken naar een efficiëntere aanpak van toezicht. Het doel hiervan is dat we de kosten voor onze deelnemers willen beperken en met de huidige middelen en mensen een optimaal rendement willen bereiken. We zien steeds meer taken en
Pagina 9 van 49
verantwoordelijkheden op ons afkomen in een tijd dat deelnemers voor financiële uitdagingen staan. We zullen keuzes moeten maken. Dit kan bijvoorbeeld door strakker risicogericht toezichthouden, meer informatie gestuurd werken en toezichthouden op afstand waarbij toegestuurde verantwoordingsdocumenten digitaal getoetst worden door onze toezichthouders. Mochten er afwijkingen naar voren komen uit deze digitale toets, dan kan er alsnog voor gekozen worden om een fysieke controle uit te voeren. Om deze werkwijze te implementeren wordt er een budget van € 100.000 opgenomen in deze begroting. In 2023 heeft de FUMO een visie op de Informatievoorziening opgesteld. Deze visie is in samenwerking met haar deelnemers tot stand gekomen. In 2024 zal deze visie voor bestuurlijke behandeling worden aangeboden.
Pagina 10 van 49
3. Programma’s In dit hoofdstuk leest u per programma: • wat we willen bereiken; • wat we ervoor gaan doen en • welke kosten de uitvoering met zich meebrengt (welke financiële middelen zijn er). Voor de programma’s zijn duidelijk geformuleerde en realistische doelstellingen opgesteld (wat willen we bereiken). Het programma ‘Bedrijfsvoering’ wijkt enigszins af qua opzet en inhoud van de programma’s van de primaire afdelingen. Deze afdeling kent veel verschillende disciplines, die per thema in deze begroting zijn uitgewerkt. De programma’s van het primaire proces worden verder uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma voor de basistaken 2025 en het uitvoeringsprogramma 2025 VTH voor de provincie. Bedrijfsvoering maakt hier geen onderdeel van uit. De collectieve taken zijn onderdeel van de uren van de programma’s ‘Vergunningverlening en specialistisch advies’ en ‘Toezicht en handhaving’. In bijlage 7 is dit nader uitgewerkt.
3.1 Programma Vergunningverlening en specialistisch advies De afdeling Vergunningverlening en specialistisch advies voert o.a. toetsingswerkzaamheden uit en behandelt vergunningsaanvragen en meldingen op het gebied van milieu. Dit met in acht name van de geldende wet- en regelgeving en met oog voor de ontwikkelingsmogelijkheden van bedrijven binnen die wet- en regelgeving. Zo leveren wij een bijdrage aan een duurzame en gezonde leefomgeving. Wij zijn een schakel in de keten en zoeken hierbij nadrukkelijk de samenwerking op met onze ketenpartners, zoals de Veiligheidsregio Fryslân en Wetterskip Fryslân. Voor de provincie Fryslân verzorgt de FUMO ook de taken op het gebied van bouwen, reclame, inrit, kappen en slopen (BRIKS-taken). De specialisten op het gebied van licht, trillingen, geur, geluid, lucht, bodem, ZZS en externe veiligheid en de juristen ondersteunen de vergunningverleners en toezichthouders bij de uitvoering van hun taken. Daarnaast wordt door individuele deelnemers regelmatig gebruik gemaakt van hun specialistische kennis. Dit gaat via opdrachtverlening in de vorm van een plustaak of een incidentele opdracht. Zo leveren zij hun bijdrage aan een schone, gezonde, duurzame en veilige leef- en werkomgeving voor de inwoners van Fryslân. Voor een deel worden onze specialisten intern ingezet, bij de ondersteuning zoals hiervoor beschreven.
Het andere deel wordt rechtstreeks ingezet voor advisering en dienstverlening aan provincie en gemeenten.
Ontwikkelingen op het gebied van vergunningverlening en specialistisch advies Actualiseren vergunningen Het actualiseren van vergunningen is onder de Omgevingswet een belangrijke basistaak die door de FUMO wordt uitgevoerd. Op basis van het plan van aanpak Actualisaties, dat in afstemming met deelnemers wordt opgesteld, worden de actualisaties van vergunningen uitgevoerd. De aard en omvang van deze werkzaamheden volgen uit het plan aanpak. Hierbij zal ook worden beoordeeld op welke wijze het doorlichten en actualiseren zo efficiënt mogelijk kan plaatsvinden. Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de Omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) komen te vervallen.
Pagina 11 van 49
Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) Het Algemeen Bestuur heeft de FUMO op 19 oktober 2023 opdracht gegeven om, in afstemming met deelnemers, een plan van aanpak op te stellen voor ZZS bij gemeentelijke inrichtingen. Voor de provincie geldt dat we dit al doen op basis van een thematische of landelijke aanpak (bijvoorbeeld bij afvalbedrijven). Samen met de deelnemers wordt in 2024 een meerjarige aanpak uitgewerkt. Jaarlijks zullen onderdelen in het uitvoeringsprogramma een plek krijgen. Wij willen de negatieve effecten van ZZS op onze gezondheid en leefomgeving zoveel mogelijk beperken. Hiervoor willen we in kaart brengen welke soorten ZZS veel voorkomen en bij welke bedrijven sprake is van ZZS. Ontwikkelingen vergunningverlening Het vakgebied van vergunningverlening is landelijk gezien volop in ontwikkeling. In 2024 zal de FUMO voor drie belangrijke ontwikkelingen in kaart brengen of en zo ja, op welke wijze en onder welke condities dit vanaf 2025 kan worden toegepast binnen vergunningverlening. Het betreft: Altijd Actuele Digitale Vergunning (AADV), Robuust vergunnen en Risicogericht vergunnen. Wij willen hiermee graag toewerken naar een effectievere en efficiëntere werkwijze waarbij we meer op specifieke risico’s focussen, ook in relatie tot de arbeidsmarktkrapte. Bij robuust vergunnen is het doel dat er minder snel wijzigingen optreden in de vergunning.
De vergunning wordt zodanig ingericht dat deze niet aangepast hoeft te worden bij kleine wijzigingen bij een bedrijf. Hierdoor hoeven er niet onnodig vergunningsprocedures te worden opgestart.
Wat willen we bereiken Programma Vergunningen Productie
Tijdigheid
Kwaliteit
Beoogd resultaat
Doel 2025
95-105% van de werkprogramma’s en aanvullende opdrachten zijn gerealiseerd
95-105%
Verlenen van advies of vergunningen (Wabo/Omgevingswet) binnen de afgesproken wettelijke termijn
90%
Totaal percentage dvo-uren voor basistaken dat is geleverd
90-100%
Totaal percentage dvo-uren voor plustaken dat is geleverd Percentage medewerkers dat voldoet aan kwaliteitscriteria
75-85%
De kwaliteit van onze besluiten meten we af aan het percentage bezwaren en beroepen dat niet gegrond wordt verklaard.1
80%
80%2
Tabel 4: Doelen programma Vergunningen en specialistisch advies
1 De afdeling is hierbij ook afhankelijk van doorlooptijden en kwaliteit van deelnemers 2 Bij de bepaling van dit percentage is rekening gehouden met de situatie op de arbeidsmarkt, waardoor er meer
sprake is van instroom van zogenaamde zij-instromers en starters op de arbeidsmarkt.
Pagina 12 van 49
Wat gaan we er voor doen We gaan ons bezighouden met het uitvoeren van de reguleringstaken en in voorkomende gevallen plustaken van deelnemers. In onderstaande tabel zijn deze taken weergegeven inclusief de uren zoals opgenomen in de DVO. Productie Productie
2024
2025
Producten in uren Basistaken - Reguliere uren (incl. actualisaties) - Algemene vragen - Uren maatwerk - Uren onvoorzien - Projecten - Opslag Omgevingswet
31.327 917 3.565 1.892 0 7.929
39.405 1.015 3.010 2.030 0 0
Plustaken - Regulering - Juridisch vergunningverlening3 - Administratieve ondersteuning - Externe veiligheid - Register externe veiligheid - EED - Advies Juridisch - Shared Service - Specialistisch Advies Geluid - Specialistisch Advies Bodem - Specialistisch advies Lucht - Beleidsondersteuning - Overige adviezen/diverse
975 432 150 1.714 174 50 1.339 147 4.158 123 50 180 403
1.281 150 1.664 174 1.871 156 4.558 123 50 180 453
In 2025 is sprake van een toename van de reguleringsuren. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door het opnemen van uren inzake het actualiseren va vergunningen (ca 6.000 uur). Daarnaast hebben enkele deelnemers op eigen verzoek meer uren ingebracht op basis van ervaringscijfers van het verleden en verwachtingscijfers richting de toekomst. Indien blijkt dat de vraag in werkelijkheid lager is, kan de formatie relatief snel worden afgeschaald door de aanwezigheid van een flexibele schil.
3 Is samengevoegd met Advies juridisch
Pagina 13 van 49
Welke financiële middelen zijn er Programma 2024 2025 Vergunningverlening en Specialistisch advies Begroting Begroting Lasten 7.151.092 5.982.174 Baten - Reguliere bijdragen 6.735.328 5.467.188 - Brikstaken 74.302 78.028 - Incidentele opbrengsten 341.462 436.958 Saldo Tabel 5: Productie en financiën programma Vergunningen en Specialistisch Advies
Formatie De begrote formatie voor het programma Vergunningverlening en Specialistisch Advies bedraagt 59,0 fte. Taakgebied
VSPA
Inri chting gebonden ba s i s ta ken
34,3
Overi ge ba s i s ta ken ba s i s ta ken
5,7
Pl us ta ken provi nci e
6,8
Pl us ta ken gemeente
7,4
Overi ge ta ken
4,8
Brikstaken onverdeeld
0,1
Collectieve opdrachten incl ketentoezicht
1,9
Specifieke uitkeringen
0,0
Incidentele opdrachten onverdeeld
2,8
Totaal
59,0
Tabel 6: Begrote formatie programma vergunningverlening en Specialistisch Advies
Pagina 14 van 49
3.2 Programma Toezicht en handhaving De afdeling Toezicht en handhaving ziet toe op de naleving van de wet- en regelgeving betreffende Milieu, Water (Indirecte lozingen), Bouw, Ruimtelijke ordening, Provinciale milieuverordening, Zwemwater, Natuurtoezicht, Sloop in combinatie met asbest, Vuurwerk, Warmte/koude opslag, (industriële) Grondwateronttrekkingen, Kleine luchtvaart en bodemactiviteiten. Hierbij hebben we als doel het naleefgedrag te bevorderen teneinde het realiseren van een duurzame en gezonde leefomgeving. Preventief toezicht op (bedrijfsmatige) activiteiten is hier een onderdeel van. We handelen hierbij transparant, eenduidig en oplossingsgericht.
Wat willen we bereiken We willen bereiken een veilige en schone leefomgeving conform het door de deelnemers vastgestelde VTH beleid dan wel andere uitgangspunten van de deelnemers en dat voeren we uit middels uitvoeringsprogramma’s. Dat betekent dat we normconform gedrag willen realiseren door te werken met risicoanalyses en toezichtplannen voor individuele activiteiten of branches. Dit is werken overeenkomstig het jaarprogramma voor de basistaken, dat is opgesteld op basis van het VTH-beleid Fryslân. Het VTH-beleid Fryslân zal in 2024 geactualiseerd worden, als FUMO willen we zorgdragen voor een kwalitatief goede uitvoering hiervan. Dit houdt ook in dat meldingen, informatieplichten en klachten adequaat worden afgehandeld, de piketregeling wordt onderhouden en de landelijke handhavingsstrategie Omgevingswet (overeenkomstig het VTH-beleid Fryslân) wordt aangehouden bij bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhavingszaken. Het jaarprogramma voor 2025 wordt op basis van het geactualiseerde VTH-beleid Fryslân opgesteld, daarnaast willen wij aanhaken bij de ontwikkelingen en adviezen die voortkomen uit het Interbestuurlijk programma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving. Een belangrijk onderdeel voor uitvoering en handhaving4 is het risicogericht werken waarmee we de beschikbare financiële middelen zo effectief mogelijk benutten.
Onze insteek is resultaatgericht waarbij ook aandacht is voor de trends, ontwikkelingen en innovaties, zodat we voldoende geëquipeerd zijn om bedrijven te adviseren en/of aan te spreken. Uiteraard werken we hierbij samen met onze (keten)partners. Zoals benoemd in het hoofdstuk ontwikkelingen (2.2) willen wij een efficiëntere aanpak gaan hanteren op het gebied van toezicht. Als afdeling gaan wij ons inzetten op een goede implementatie van deze aanpak, waarbij gedacht kan worden aan meer risicogericht toezichthouden en toezichthouden op afstand. Dit mag niet ten koste gaan van de kwaliteit van het toezicht en het te bereiken effect. De insteek is om na te gaan of er mogelijkheden zijn om met minder middelen een zelfde effect te bereiken of met dezelfde middelen een groter effect.
4
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt het begrip VTH niet meer gebruikt. Handhaving omvat zowel handhaving als toezicht en onder uitvoering wordt zowel verstaan vergunningverlening als het stellen van maatwerkvoorschriften.
Pagina 15 van 49
Programma Toezicht en handhaving Productie Tijdigheid
Kwaliteit
Beoogd resultaat
Doel 2025
95-105% van de werkprogramma’s en aanvullende opdrachten gerealiseerd - Na controle binnen twee weken advies/brief uit - Binnen 2 weken na hersteltermijn wordt hercontrole uitgevoerd5 - FUMO voldoet aan kwaliteitscriteria - Collegiale toets - Uitvoering m.b.v. digitale checklists
95-105% 95% 50% 80%6 75% 80%
Tabel 7: Doelen programma Toezicht en handhaving
Wat gaan we er voor doen De meest voorkomende producten in dit programma zijn het uitvoeren van niet-inrichtinggebonden basistaken en het uitvoeren van reguliere controles bij inrichtingen. De niet-inrichtinggebonden taken zijn toezicht op de bodemactiviteiten, vuurwerk, het behandelen van meldingen asbest en het toezicht hierop. De uren voor de taken op het gebied van asbest zijn gebaseerd op de geprognotiseerde aantallen en kentallen, die in afstemming met de opdrachtgevers tot stand zijn gekomen. Voor de inrichtinggebonden taken wordt overeenkomstig het VTH-beleid Fryslân gewerkt met brancheplannen en worden zowel integrale – als aspectcontroles uitgevoerd. In het programma VTH voor de basistaken FUMO wordt de uitvoering van de basistaken jaarlijks nader uitgewerkt. Wij zorgen voor uniformiteit in en handelen naar de vastgestelde kengetallen per product. Is maatwerk nodig dan informeren wij de deelnemer hierover conform de gemaakte afspraken. Productie Productie
5
2024
2025
Producten en diensten in uren: Inrichting gebonden basistaken - Reguliere controles - Hercontroles - Klachten - Informatieverzoeken - Onvoorzien (meer controles dan begroot) - Maatwerk (geen regulier product)
21.268 7.490 2.127 1.063 100 8.050
20.740 7.384 2.074 1.037 100 8.365
Overige basistaken Plustaken Specifieke uitkering energie (SPUK energie)
33.456 1.972 4.703
34.558 2.663 5.958
Deze KPI geldt alleen voor het uitvoeren van toezicht waarbij de FUMO mandaat heeft de brief te versturen.
6
Bij de bepaling van dit percentage is rekening gehouden met de situatie op de arbeidsmarkt, waardoor er meer sprake is van instroom van zogenaamde zij-instromers en starters op de arbeidsmarkt.
Pagina 16 van 49
Welke financiële middelen zijn er Programma Toezicht en handhaving Lasten Baten - Reguliere bijdragen - Brikstaken - Incidentele opbrengsten Saldo
2025 2024 Begroting Begroting 6.617.147 7.345.304 6.201.383 74.302 341.462 -
6.830.318 78.028 436.958 -
Tabel 8:Financiën programma Toezicht & Handhaving
Formatie De begrote formatie voor de afdeling toezicht en handhaving bedraagt 81,3 fte. Taakgebied
Toezicht en handhaving
Inri chting gebonden ba s i s taken
28,4
Overi ge ba s i s taken ba s i s taken
22,3
Pl us taken provi nci e
12,3
Pl us taken gemeente
2,4
Overi ge taken
15,9
Brikstaken onverdeeld
1,0
Collectieve opdrachten incl ketentoezicht
7,9
Specifieke uitkeringen
4,3
Incidentele opdrachten onverdeeld
2,8
Totaal
81,3
Tabel 9: Begrote formatie Toezicht en handhaving
Pagina 17 van 49
3.3 Programma Bedrijfsvoering (incl. management) De afdeling Bedrijfsvoering verricht werkzaamheden om het primaire proces van de FUMO zo effectief en efficiënt mogelijk laten verlopen. De ondersteuning door de afdeling heeft betrekking op de volgende onderdelen: personeel & organisatie, financiën & control, informatievoorziening &automatisering, facilitaire zaken, communicatie, secretariaat & frontoffice en beleidsondersteuning & advies. Het programma Bedrijfsvoering is onderverdeeld in de thema’s Mensen, Huisvesting en Digitalisering. Thema mensen Onze medewerkers zijn ons belangrijkste kapitaal. Door het uitvoeren van periodieke medewerkers tevredenheid onderzoeken (MTO), Periodieke medische onderzoeken (PMO), strategische personeelsplanning (SPP) en persoonlijke gesprekken met de medewerkers heeft de FUMO inzicht in de aandachtsgebieden en vraagstukken die bij haar medewerkers spelen. Op basis hiervan maakt de FUMO jaarlijks keuzes, die voor haar organisatie naast wet- en regelgeving leidraad zijn om gestructureerd en integraal uitvoering te geven aan het Human Resource Management (HRM)-beleid. Vanuit goed werkgeverschap en personeelszorg wordt gewerkt met instrumenten als Strategische Personeelsplanning (SPP), leren en ontwikkelen, goed werkgeverschap, in-, door- en uitstroom.
De FUMO-organisatie wil inclusief zijn, waarin ieder met zijn kennis, ervaring en talenten gewaardeerd wordt en waar onze medewerker zichzelf kan zijn. Een belangrijke externe ontwikkeling is de veranderde arbeidsmarkt en de krapte op deze arbeidsmarkt. Dit is door de drie Noordelijke Omgevingsdiensten in 2022 onderkend en hierop is een flinke investering gedaan door het gezamenlijk opzetten van een gemeenschappelijk digitaal platform met een gerichte arbeidsmarktcampagne. De doelstellingen zijn: naamsbekendheid, het zijn van een interessante werkgever en het aantrekken van o.a. jonge professionals met instroom in trainee programma’s. Dit programma wordt in 2025 gecontinueerd om de bemensing van noodzakelijke functies te blijven waarborgen. Ook wordt het goede werkgeverschap bij de FUMO voor personeel in dienst bij de FUMO gecontinueerd. Hiervoor investeren wij in opleidingsmogelijkheden, faciliteren doorstroom op functies, faciliteren een goede werkplek en werkfaciliteiten in combinatie met een goed pakket aan primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden. Thema huisvesting Afspraken over gebruik, investeringen en onderhoud van onze huisvesting zijn vastgelegd in overeenkomsten. Ons gebouw is verduurzaamd met een innovatieve oplossing als aquathermie voor koeling en verwarming.
Elektrificeren en energieneutraal maken staat bij het vormgegeven van deze begroting als actiepunt nog open bij de gemeente Leeuwarden. (er zijn afspraken gemaakt over het aanleggen zonnepanelen en aanleg aanvullende groepen voor laadpalen De gebiedsontwikkeling HaveAlbertsma in Grou door projectontwikkelaar PIAVA zal aandachtig en op eventuele gevolgen voor de bereikbaarheid, veiligheid en huisvesting van de FUMO zijn voortdurend onderwerp van gesprek met de verhuurder en de ontwikkelaar. Of dit evt. consequenties heeft qua huisvesting is niet bekend. Het bestuur wordt op de hoogte gehouden. Thema digitalisering Digitalisering speelt een sleutelrol bij het realiseren van efficiënte bedrijfsvoering. Door de invoering van de Omgevingswet en de daarmee samenhangende wijzigingen in onze systemen is de noodzaak om data op orde te hebben evenals de afhankelijkheid van informatievoorziening en Informatie- en Communicatietechnologie (ICT) nog duidelijker geworden.
Pagina 18 van 49
Een goed modern technisch fundament is nodig. Naast de inzet van ons eigen ICT-personeel zijn wij als FUMO voor de werking van onze eigen bedrijfsapplicaties en middelen en specifiek de financiële applicatie afhankelijk van de ICT-architectuur en middelen van de provincie Fryslân. Voor de werking van andere applicaties en functies in met name het HRM-proces maken wij gebruik van de faciliteiten van de gemeente Leeuwarden. Deze constructen zijn door de diversiteit van belangen en afhankelijkheden complex en zijn operationeel vertaald in meerdere Dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s). Wij sturen als FUMO op het leveren van kwaliteit en tijdigheid van de gevraagde dienstverlening van zowel de provincie als de gemeente Leeuwarden. In 2025 loopt de DVO met de Provincie Fryslân inzake de ICT dienstverlening af. Bij het presenteren van deze begroting is verlengen van de DVO met de Provincie Fryslân nog onderwerp van onderzoek en gesprek.. De Provincie Fryslân heeft informeel te kennen gegeven dat wij rekening moeten houden met feit dat zij de DVO willen beëindigen waarbij wij hebben aangegeven dat wij meer dan een jaar nodig hebben voor een dergelijke transitie. Over hoe de inrichting van de ICT dienstverlening na 2025 wordt ingericht vinden verkenningen plaats.
Daarnaast onderzoeken wij met de drie Omgevingsdiensten in Noord-Nederland of er situationele mogelijkheden zijn om bepaalde ICT-aangelegenheden gezamenlijk vorm te geven. Data, digitalisering, informatievoorziening en innovatie worden steeds belangrijker voor overheidsorganisaties. Door de inpassing van nieuwe data, applicaties en functies met ICTkoppelingen is de vraag gerezen of de ICT-architectuur voor het RO- en VTH-domein in combinatie met de FUMO efficiënter en slimmer kan worden ingericht (van diverse bedrijfsapplicaties met verschillende leveranciers, portal en (zaaksysteem) LEEF naar een mogelijk geïntegreerde oplossing). De FUMO zal zichzelf professioneel moeten versterken door procesaanpassingen, systeemaanpassingen en een hogere mate van digitale volwassenheid. Voor het verbeteren van onze digitale volwassenheid zijn we bijvoorbeeld bezig met het opstellen van een informatievisie, in 2023 zijn wij hiermee van start gegaan. Tijdens de AB-vergadering van 11 april 2024 zal de informatievisie ter besluitvorming aan het AB voorgelegd worden. De verdere vertaling van deze thema’s naar wat we willen bereiken in de vorm doelstellingen en werkwijzen, is opgenomen in bijlage 8 van deze ontwerpbegroting.
Welke financiële middelen zijn er Programma Bedrijfsvoering Lasten Baten - Reguliere bijdragen
Saldo
2025 2024 Begroting Begroting 8.350.159 8.855.440 8.350.159 -
8.855.440 -
Tabel 100: Begrote kosten programma Bedrijfsvoering
Pagina 19 van 49
Formatie De begrote formatie voor Bedrijfsvoering bedraagt 26,7 fte, dit is exclusief 1,5 fte flexibele schil. Naast de formatie voor bedrijfsvoering is 12 fte begroot voor de managementstructuur. Deze bestaat uit één secretaris/ directeur, drie afdelingshoofden en acht teamleiders. De formatie is als volgt opgebouwd: Deelgebied
FTE
Personeel (P)
4,00
Informatievoorziening (I)
7,88
Organisatie (O)
5,89
Financiën (F)
2,89
Administratieve organisatie (A)
3,26
Communicatie (C.)
1,78
Kwaliteit
1,00
Directeur
1,00
Afdelingshoofden
3,00
Teamleiders
8,00
Totaal
38,7
Tabel 11: Begrote fte's Bedrijfsvoering per deelgebied
Pagina 20 van 49
4.
De financiële begroting 2025
4.1 Uitgangspunten Indexering Voor de financiële begroting is, conform de Kadernota 2025-2029, voor de loon- en prijsindexatie de verwachting van het Centraal Plan Bureau (CPB) gevolgd: Omschrijving Jaar Indexering personeelskosten Periodieken Subtotaal personeelskosten Index materiële kosten Gewogen gemiddelde
Index/jaar 2025 5.2% 1% (3% in ca. 30% van de gevallen) 6.2% 3.6% 5.94%
Tabel 11: Begrote indexeringen
De lasten in de begroting bestaan voor ca. 90% uit personeelskosten en voor 10% uit materiële kosten. Het gewogen gemiddelde van de indexering bedraagt op basis hiervan 5.94%.
Kostennormering In de reguliere begroting is rekening gehouden met de volgende uitgangspunten. • Als productiviteitsnorm wordt uitgegaan van 1.360 uur, een percentage van 72,6% van de totale beschikbare uren per fte (1.872). Dit betreft de ‘declarabele’ uren, oftewel directe uren waarvoor in de begroting dekking is opgenomen. • Als flexibele schil voor het primair proces wordt 15% aangehouden. Dit betreft de verhouding externe medewerkers ten opzichte van het totaal aantal medewerkers (op basis van fte). De norm was in 2023 en 2024 tijdelijk verhoogd (was 20%) als gevolg van de krappe arbeidsmarkt. Conform het besluit met het algemeen bestuur wordt deze vanaf 2025 weer verlaagd.
Wijze van financieren In de vergadering van het AB van 10 december 2020 is het sturings- en financieringsmodel vastgesteld. De begroting van 2025 is op basis van dit model opgesteld. De belangrijkste uitgangspunten van dit model zijn:
Taakgebied Inrichting gebonden basistaken - regulering
Inrichting gebonden basistaken - Toezicht
Omschrijving financieringswijze • In samenspraak met de deelnemers wordt per product uit de PDC een inschatting gemaakt van het aantal te verwachten producten • Het aantal verwachte producten x het kengetal = aantal begrote uren • In samenspraak met de deelnemers worden uren opgenomen voor informatieverstrekking, maatwerk en onvoorzien. • Het totaal aantal uren x het integrale uurtarief = deelnemersbijdrage • Het aantal inrichtingen x kengetal x frequentie = aantal basistaakuren • In samenspraak met de deelnemers worden uren opgenomen voor onvoorzien, maatwerk en indien gewenst een hoger ambitieniveau.
Pagina 21 van 49
• Overige basistaken
•
•
• • •
•
BOA-coördinatie
• •
Ketentoezicht
• •
Omgevingswet
•
Collectieve taken
• •
Plustaken
• •
Aantal basistaakuren x integrale uurtarief = deelnemersbijdrage voor inrichtinggebonden basistaken; Voor meldingen sloop/asbest en bodem wordt in samenspraak met de deelnemers per product een inschatting gemaakt van het aantal te verwachten ingediende meldingen. Het aantal verwachte producten x het kengetal x het integrale uurtarief = deelnemersbijdrage. Voor toezicht sloop/asbest en bodem: het aantal meldingen x kengetal x frequentie = aantal toezichtsuren bodem en asbest/sloop. Dit maal het integrale uurtarief = deelnemersbijdrage. Voor vrije veld toezicht bodem is 1.600 uur begroot. Voor handhaving wordt uitgegaan van dezelfde aantallen als in de begroting van 2024. (na wijziging) Voor de bodemactiviteiten is in samenspraak met de deelnemers per product een inschatting gemaakt van het aantal te verwachten ingediende meldingen. Vervolgens is op basis van het aantal meldingen het aantal toezichtscontroles, hercontroles, vooroverleggen en ongewone voorvallen bepaald. Tenslotte is op basis van normen en kentallen, afkomstig uit het advies van de Werkgroep Financiën in het kader van project FUMO24, het aantal begrote uren berekend. Deze uren maal het integrale uurtarief = deelnemersbijdrage. Voor de taken in het kader van energiebesparing is de toezicht frequentie gehanteerd conform het besluit van het algemeen bestuur (eens per 16 jaar).
Conform besluitvorming in het bestuurlijke VTH-overleg is 700 uur opgenomen in voorliggende begroting; De uren zijn naar rato van de deelnemersbijdrage voor basistaken verdeeld over de deelnemers en opgenomen onder de collectieve taken. Voor ketentoezicht zijn 4 fte opgenomen. De uren zijn naar rato van de verhouding reguliere toezicht uren verdeeld over de deelnemers. Het budget dat beschikbaar is gesteld voor de implementatie van de Omgevingswet wordt vertaald naar een bijdrage per deelnemer op basis van de verhouding in de bijdrage van de basistaken. Voor collectieve taken is 7.200 uur opgenomen. Deze uren zijn naar rato van de deelnemersbijdrage voor basistaken verdeeld over de deelnemers. De omvang en samenstelling van de plustaken is in samenspraak met de deelnemers tot stand gekomen. Per plustaak is vervolgens de tariefgroep bepaald. Het aantal uren per type plustaak vermenigvuldigd met het geldende tarief, leidt tot de deelnemersbijdrage voor de plustaken.
Tabel 12: Gehanteerde berekeningswijzen
Voor alle taken, behalve de BOA-uren, geldt dat deze jaarlijks achteraf middels een nacalculatie worden afgerekend op basis van de werkelijk bestede uren.
Pagina 22 van 49
4.2 Overzicht van baten en lasten Het totaaloverzicht van de baten en lasten is hieronder in vergelijking met 2024 (na wijziging) weergegeven. Begroting (Bedragen x € 1000)
Begroting 2024 wijziging
Begroting Verschil 2025
%
Lasten Personeelskosten Overige personeelskosten Kapitaallasten Wagenpark Huisvesting Administratie ICT Overige kosten Onvoorzien Ontwikkelkosten Implementatie omgevingswet Totale lasten
18.818 1.087 85 195 695 56 500 250 100 257 75 22.118
18.426 1.140 214 202 720 58 593 284 104 367 75 22.183
-392 53 129 7 25 2 93 34 4 110 0 65
-2,1% 4,9% 151,8% 3,6% 3,6% 3,6% 18,6% 13,6% 3,6% 42,8% 0,0% 0,3%
Baten Baten uit extra opdrachten Specifieke uitkeringen Renteopbrengst Deelnemersbijdrage Totale baten
683 555 0 20.880 22.118
874 656 150 20.502 22.183
191 101 150 -378 65
28,0% 18,3% >100% -1,8% 0,3%
0
0
0
Saldo baten en lasten
Tabel 13: Begroting 2025
Toelichting op de financiële begroting De totale omvang van de reguliere begroting 2025 is met € 0.1 mln. gestegen ten opzichte van 2024. Hierin zijn de volgende effecten opgenomen: Indexering personeel en materieel Actualisatieslag vergunningen ouder dan 10 jaar Mutaties overige uren (zoals ureninbreng deelnemers en verhogen extra opdrachten) Inzet op basistaak energiebesparing Implementatie efficiënter werken toezicht en handhaving Structurele personele en juridische kosten uit onvoorzien Vervallen tijdelijke inzet werken onder de Omgevingswet Verlagen inwerkuren naar 2.000 (10 fte x 200 uur) Effect verjonging personeelsbestand en lagere werkgeverslasten op loonsom Verlagen flexibele schil van 20% naar 15% (conform AB besluit) Overige effecten Totaal
Pagina 23 van 49
€ 1.174.000 € 423.000 € 346.000 € 130.000 € 100.000 € 50.000 € 1.118.000 € 459.000 € 360.000 € 252.000 € 31.000 € 65.000
Nadeel Nadeel Nadeel Nadeel Nadeel Nadeel Voordeel Voordeel Voordeel Voordeel Nadeel Nadeel
De dekking voor dit nadeel komt tot stand door verschillen baten. € 190.000 € 101.000 € 150.000 -/- € 378.000 € 65.000
Hogere verwachte baten uit extra opdrachten Hogere specifieke uitkeringen Opnemen renteopbrengst in begroting Lagere deelnemersbijdrage Totaal
In bijlage 1 wordt de deelnemersbijdrage en de mutatie hiervan nader gespecificeerd. Hieronder worden de verschillende begrotingsposten toegelicht.
Lasten Personeelskosten Hieronder is een specificatie van de personeelskosten opgenomen.
Reguliere begroting (Bedragen x € 1000)
Personeelskosten Personeelskosten primair proces Personeelskosten management Personeelskosten bedrijfsvoering DVO Provincie DVO Leeuwarden Detachering Wetterskip Totaal personeelskosten
Begroting 2024 wijziging
Begroting Verschil 2025
13.739 1.532 2.612 798 108 28 18.818
13.299 1.614 2.751 622 112 28 18.426 -
440 82 139 176 4 392
%
-3,2% 5,3% 5,3% -22,1% 3,6% 0,0% -2,1%
Tabel 14: Specificatie personeelskosten
Personeelskosten primair proces De personeelskosten primair proces bestaan uit salariskosten en kosten van inhuur. De kosten dalen met ca € 400.000 ten opzichte van 2024. De volgende factoren spelen een rol in de totstandkoming van de begrote kosten: • Het begrote aantal fte in het primaire proces daalt met ca. 7 fte. De belangrijkste oorzaken zijn het vervallen tijdelijke inzet werken onder de Omgevingswet en het verlagen van de inwerkuren. Hier tegenover staan de effecten van het opnemen van uren voor energietoezicht en het actualiseren van vergunningen. • De genormeerde flexibele schil daalt van 20% naar 15%, conform AB besluit. • Conform de Kadernota 2025-2029 is rekening gehouden met 5,2% indexering. Dit heeft vooral betrekking op de verwachte CAO-ontwikkeling. Daarnaast wordt rekening gehouden met 1% voor periodieke loonstijging. • Autonome ontwikkelingen. De uren die deelnemers inbrengen muteren jaarlijks. Dit is het gevolg van gewijzigde inzichten met betrekking tot het aantal verwachte meldingen en vergunningen. Ook kan de inbreng van plusuren wijzigen, bijvoorbeeld door de inbreng van extra plustaak-inrichtingen. • Door verlaging van de sociale lasten voor de werkgever (met name pensioenpremies) en verjonging van het personeelsbestand stijgt de gemiddelde loonsom per fte minder snel dan de indexering. Ten opzichte van 2024 is deze gemiddelde loonsom 3,5% hoger.
Pagina 24 van 49
Personeelskosten management en bedrijfsvoering De loonkosten bedrijfsvoering bestaan uit salariskosten en kosten van inhuur. De kosten stijgen als gevolg van indexeringen. DVO provincie en Leeuwarden De kosten van de DVO’s met de provincie Fryslân en gemeente Leeuwarden zijn geïndexeerd. Daarnaast zijn de kosten voor de DVO-provincie verlaagd, omdat er nieuwe afspraken zijn gemaakt over de investeringen in laptops en telefoons. Voorheen werden deze investeringen door de provincie gedaan en werden de afschrijvingen doorbelast aan de FUMO. Conform de nieuwe afspraken worden de investeringen nu door de FUMO zelf gedaan en worden deze ook zelf afgeschreven. Dit leidt tot een verlaging van de kosten van de DVO en een verhoging van de kapitaallasten en ICT-kosten. Zie hiervoor de toelichting op de kapitaallasten. Overige personeelskosten Onder de overige personeelskosten vallen onder meer de kosten voor opleiding en vorming, kosten voor secundaire arbeidsvoorwaarden, reis- en verblijfkosten en arbeidsmarktaanpak. Deze kosten zijn grotendeels een afgeleide van de loonsom en in de overige gevallen geïndexeerd ten opzichte van 2024. Ook zijn hier de kosten voor de bedrijfsarts opgenomen, conform de kadernota. Kapitaallasten De kapitaallasten bestaan in principe uit afschrijvingskosten en financieringskosten (rente).
De kapitaallasten stijgen ten opzichte van 2024, als gevolg van de wijzigingen in investeringen in laptops en telefoons. Bedrijfskosten Op de volgende kosten zijn alleen indexeringen toegepast - Wagenpark - Huisvesting - Administratie Op de volgende kosten zijn naast de indexeringen ook andere mutaties opgetreden -
ICT-kosten: De kosten voor de DVO met de provincie zijn verlaagd als gevolg van gewijzigde afspraken. Een deel van deze verlaging wordt ingezet voor licenties en overige ICT-kosten. De overige kosten zijn verhoogd met advocaatkosten, conform de kadernota 2025-2029.
Ontwikkelkosten De ontwikkelkosten zijn geïndexeerd. Ook is hier € 100.000 opgenomen als gevolg van het implementatie van efficiënter werken toezicht en handhaving, conform de kadernota 2025-2029. Onvoorzien Voor onvoorziene uitgaven is de post onvoorzien opgenomen. De post onvoorzien is geïndexeerd. Baten Bijdragen uit extra opdrachten Vanaf 2019 wordt in het meerjarenperspectief jaarlijks rekening gehouden met opbrengsten uit incidentele opdrachten. De afgelopen jaren is gebleken dat buiten de afspraken in de dienstverleningsovereenkomsten extra baten uit incidentele opdrachten worden verkregen. De verwachte inkomsten uit extra opdrachten zijn
Pagina 25 van 49
geïndexeerd ten opzichte van vorig jaar. Ook is hier 1 fte toegevoegd als gevolg van te verwachten extra opdrachten inzake extra juridische procedures als gevolg van de Omgevingswet. Omdat er sprake is van nieuwe wetgeving, worden meer rechtszaken verwacht, waarvoor naar verwachting extra juridische ondersteuning benodigd is. Specifieke uitkeringen De baten uit specifieke uitkeringen bestaan uit baten inzake de Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht (SPUK THE). Er wordt een stijging in de ureninzet verwacht ten opzichte van 2024. Deze taak wordt gefinancierd door het Rijk. Renteopbrengst Conform de kadernota is € 150.000 opgenomen als verwachte renteopbrengst. Deelnemersbijdrage De deelnemersbijdrage daalt met € 0.4 mln. De deelnemersbijdragen bestaan uit de volgende bijdragen: • Basistaken (inrichting gebonden en niet-inrichting gebonden) • Eventuele plustaken • Collectieve taken • Implementatie van de Omgevingswet • Bijdrage abonnementskosten NAZCA De bijdrage voor de inrichting gebonden basistaken op het gebied van toezicht is afhankelijk van het aantal inrichtingen. In bijlage 1 is een specificatie per deelnemer opgenomen. In onderstaande tabel is het aantal inrichtingen per categorie opgenomen. Het totaal aantal inrichtingen is gelijk gehouden aan 2024, waarbij de mutatie van de zuivelbedrijven wel is meegenomen. Aantal inrichtingen 2024
Aantal inrichtingen 2025
Categorie B
2.776
2.776
Categorie C
785
785
Categorie IPPC
105
111
Provinciaal
47
47
3.713
3.719
Categorie
Totaal
Tabel 15: Aantal begrote (basistaak)inrichtingen per type 2024-2025
De bijdrage voor de plustaken (aanvullende taken) wordt bepaald op basis van de afgesproken uren. In onderstaande tabel is een specificatie van de plusuren per deelnemer opgenomen.
Pagina 26 van 49
Deelnemer
Plusuren 2024 Plusuren 2025
Achtkarspelen
499
499
Ameland
280
280
Dantumadiel
365
1.260
De Fryske Marren
946
946
Harlingen
1.320
1.320
Heerenveen
586
586
Leeuwarden
1.542
1.542
Noard-East Fryslân
1.607
1.607
Ooststellingwerf
248
648
Opsterland
161
161
Schiermonnikoog
97
97
Smallingerland
1.196
1.196
Súdwest-Fryslân
296
296
Terschelling
464
464
Tytsjerksteradiel
628
628
Vlieland
296
296
1.161
1.372
Weststellingwerf
176
176
Provincie Fryslân
27.647
25.960
Totaal
39.514
39.334
Waadhoeke
Tabel 16: Overzicht plusuren 2024-2025 Het aantal begrote plusuren in 2025 is nagenoeg gelijk aan 2024. Wel zijn er verschillen tussen de deelnemers. Zo heeft Dantumadeel extra plusuren ingebracht. De provinciale plusuren zijn gedaald als gevolg van het vervallen van de tijdelijke opslag inzake het werken onder de Omgevingswet.
Collectieve taken In de begroting 2025 zijn 7.200 uren opgenomen voor de uitvoering van collectieve taken. De nadere uitwerking van de ‘collectieve uren’ is onderdeel van het jaarprogramma uitvoering VTH-taken van de FUMO.
Integraal uurtarief en gedifferentieerde tarieven Het integrale uurtarief voor basistaken bedraagt voor 2025 € 114,75. Dit is een stijging ten opzichte van 2024 van 5,0%. Deze stijging is vooral het gevolg van indexeringen. Voor aanvullende taken worden gedifferentieerde tarieven gehanteerd conform het besluit van het AB van 29 juni 2015. Deze tarieven zijn in 2025 als volgt: Omschrijving
Uitvoering
Ta riefgroep 1
Scha a l 6-7
Tarief € 90,50
Ta riefgroep 2
Scha a l 8-9
€ 102,00
Ta riefgroep 3
Scha a l 10
€ 118,00
Ta riefgroep 4
Scha a l 11
€ 130,00
Tabel 17: Tariefstelling plustaken
Pagina 27 van 49
4.3 Financieel meerjarenperspectief Hieronder is het financieel meerjarenperspectief opgenomen van de begroting. Meerjarenperspectief begroting (Bedragen x € 1000)
Lasten Personeelskosten Overige personeelskosten Kapitaallasten Wagenpark Huisvesting Administratie ICT Overige kosten Onvoorzien Ontwikkelkosten Implementatie omgevingswet Totale lasten excl indexering Indexering Totale lasten incl indexering Baten Baten uit extra opdrachten excl indexering Specifieke uitkeringen Renteopbrengst Deelnemersbijdrage excl indexering Indexering Totale baten Saldo baten en lasten
2024 (na wijziging)
Mutatie
2025
Mutatie
2026
2027
2028
2029
18.818 1.087 85 195 695 56 500 250 100 257 75 22.118 0 22.118
-392 53 129 7 25 2 93 34 4 110 0 65 0 65
18.426 1.140 214 202 720 58 593 284 104 367 75 22.183 0 22.183
0 0 0 0 0 0 0 0 0 -100 0 -100 1.060 960
18.426 1.140 214 202 720 58 593 284 104 267 75 22.083 1.060 23.143
18.426 1.140 214 202 720 58 593 284 104 267 75 22.083 2.120 24.203
18.426 1.140 214 202 720 58 593 284 104 267 75 22.083 3.180 25.262
18.426 1.140 214 202 720 58 593 284 104 267 75 22.083 4.240 26.322
683 555
191 101 150 -378
874 656 150 20.502 0 22.183
0 0 0 -100 1.060 960
874 656 150 20.402 1.060 23.143
874 656 150 20.402 2.120 24.203
874 656 150 20.402 3.180 25.262
874 656 150 20.402 4.240 26.322
0
0
0
0
20.880 0 22.118 0
65
0
Tabel 18: Financieel meerjarenperspectief
Hierbij wordt opgemerkt dat het lastig is om te voorspellen wat de ontwikkeling van de deelnemersbijdrage zal worden. Gezien het feit dat de taken van de FUMO sterk afhankelijk zijn van overheidsbeleid, kunnen als gevolg hiervan wijzigingen optreden die impact hebben op de FUMO. Hierbij kan gedacht worden aan de impact van de Omgevingswet, maar ook de uitwerking van de aanbeveling van de Commissie Van Aartsen met betrekking tot landelijke normfinanciering.
Pagina 28 van 49
4.4 Geprognosticeerde balans en toelichting Activa Vaste activa Financieel vast actief Materiele vaste activa
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
31-12-2027
31-12-2028
10.000 736.674
10.000 620.276
10.000 423.878
10.000 227.479
10.000 454.757
Vlottende activa Overige vorderingen en overlopende activa Liquide middelen
1.000.000 2.653.326
1.000.000 2.769.724
1.000.000 2.966.122
1.000.000 3.162.521
1.000.000 2.935.243
Totaal activa
4.400.000
4.400.000
4.400.000
4.400.000
4.400.000
Eigen vermogen
1.200.000
1.200.000
1.200.000
1.200.000
1.200.000
Vreemd vermogen Lening
200.000
200.000
200.000
200.000
200.000
Vlottende passiva Crediteuren en overlopende passiva
3.000.000
3.000.000
3.000.000
3.000.000
3.000.000
Totaal passiva
4.400.000
4.400.000
4.400.000
4.400.000
4.400.000
Tabel 19: Geprognosticeerde balans
In de geprognosticeerde balans is rekening gehouden met de volgende punten: - Afschrijvingen conform begroting en investeringen in de periode 2025 – 2028. - Het eigen vermogen blijft ongewijzigd op de omvang die benodigd is conform de risicoanalyse;
Pagina 29 van 49
5. Paragrafen 5.1 Paragraaf bedrijfsvoering Commissie Van Aartsen De uitkomsten en aanbevelingen van de Commissie Van Aartsen (in haar rapport 'Om de leefomgeving. Omgevingsdiensten als gangmaker van het bestuur') en de bevindingen van de Algemene Rekenkamer in haar rapporten 'Een onzichtbaar probleem' en 'Handhaven in het duister' zijn leidend voor het IBP. Voor de opvolging van deze aanbevelingen zijn voor 2022-2023 eenmalige middelen beschikbaar gesteld door de Rijksoverheid. Het is nog niet bekend welke maatregelen in 2025 voor Omgevingsdiensten als opvolging uit dit IBP aan de orde zijn en welke gevolgen dit heeft voor de bedrijfsvoering van de FUMO. Rechtmatige en doelmatige organisatie Het DB zal voor de eerste keer over begrotingsjaar 2023 een rechtmatigheidsverantwoording afleggen, als onderdeel van de jaarrekening. Hiermee verantwoord het DB zich rechtstreeks aan het AB over de (financiële) rechtmatigheid van het gevoerde beleid. Voor overige ontwikkelingen wordt verwezen naar het programma bedrijfsvoering.
5.2 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de paragraaf weerstandsvermogen wordt beschreven in welke mate de weerstandscapaciteit toereikend is om eventuele risico’s op te vangen. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden om niet begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, op te kunnen vangen. Hiervoor is de algemene reserve en de post onvoorzien beschikbaar. Als blijkt dat deze capaciteit niet voldoende is om de gekwantificeerde risico’s die zich kunnen voordoen te dekken dan is de FUMO aangewezen op een extra bijdrage van de deelnemers. Bepalingen in de Gemeenschappelijke Regeling FUMO In artikel 29 van de GR FUMO zijn bepalingen opgenomen over de vorming van een weerstandsvermogen. Een batig rekeningsaldo wordt toegevoegd aan het weerstandsvermogen, dat ten hoogste 10% van de jaaromzet bedraagt. Voor zover het batig saldo van enig jaar leidt tot een weerstandsvermogen van meer dan 10% van de jaaromzet, wordt het meerdere uitgekeerd naar rato van de bijdragen van de deelnemers. Een nadelig rekeningsaldo in enig jaar wordt ten laste gebracht van de deelnemers naar rato van hun bijdragen voor zover het niet geheel of gedeeltelijk ten laste van het weerstandsvermogen kan worden gebracht.
Nota weerstandsvermogen In de visie van de FUMO is aangegeven dat de FUMO een stabiele en heldere begroting moet krijgen. Onderdeel daarvan is dat fluctuaties en risico’s door de FUMO zelf kunnen worden opgevangen. Hiervoor is een weerstandsvermogen nodig.
Pagina 30 van 49
Begin 2018 is een nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement met een geactualiseerde risicoinventarisatie opgesteld waarin de uitgangspunten voor het bepalen van de noodzakelijke omvang van het weerstandsvermogen zijn aangegeven. In de bestuursconferentie van 25 januari 2018 is ingestemd (richting gegeven) met het vormen van een weerstandsvermogen door het in drie jaar tijd op te bouwen. Uit de risico-inventarisatie (zie bijlage 5) blijkt dat de FUMO een weerstandsvermogen nodig heeft van € 1.119.000. Hier wordt aan voldaan. Kengetallen In de verslaggevingsvoorschriften (het Besluit Begroting en Verantwoording) is aangegeven dat enkele kengetallen moeten worden opgenomen in de begroting (en jaarstukken). 2025
2026
2027
2028
-3% -3% 27% 0%
-3% -3% 27% 0%
-4% -4% 27% 0%
-3% -3% 27% 0%
116.398
196.398
196.398
-227.278
Netto schuld quote Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte ontwikkeling EMU saldo
Tabel 20: Overzicht kengetallen
De netto schuldquote betreft de omvang van de schulden ten opzichte van de totale baten in de begroting. Het feit dat hier sprake is van een negatieve netto schuldquote geeft aan dat de FUMO per saldo geen schuldpositie heeft. De solvabiliteitsratio geeft het aandeel eigen vermogen ten opzichte van het totaal vermogen aan. Het EMU (Europese Monetaire Unie)-saldo, ook wel begrotingssaldo van de rijksoverheid en de decentrale overheden genoemd, is de optelsom van alle inkomsten en uitgaven.
5.3 Paragraaf financiering De FUMO is als Gemeenschappelijke Regeling op basis van de Wet FIDO verplicht om in de begroting en de jaarrekening een paragraaf financiering op te nemen. Daarin worden ontwikkelingen opgenomen over de kasgeldlimiet, de rente-risiconorm, de verwachte af- of toename van geldleningen of uitzettingen en het beleid ten aanzien van treasury. De FUMO wordt gefinancierd doordat de bijdragen van deelnemers per kwartaal vooruit worden betaald. Voor eventuele investeringen kunnen daarnaast leningen worden aangetrokken. Eind november 2023 is de in 2017 aangetrokken lening gecontinueerd, nadat deze ook in 2020 al is gecontinueerd. Hierbij is de hoofdsom verlaagd van € 3,0 miljoen naar € 1,0 miljoen. De lening betreft een zogenaamde roll over lening en heeft een looptijd van 3 jaar (tot eind november 2026). Van het bedrag van € 1,0 miljoen is gedurende deze looptijd een bedrag van € 200.000 niet aflosbaar. De kasgeldlimiet betreft het bedrag dat de FUMO kortlopend mag financieren voor het doen van investeringen. Volgens de Uitvoeringsregeling van de Wet Fido is dit een percentage van 8,5% van de begroting. Dit komt overeen met circa € 1,9 miljoen. Deze ruimte is tot nog toe niet gebruikt. In de financiële verordening is aangegeven op welke wijze wordt omgegaan met het aantrekken en uitzetten van geldmiddelen. Dit beleid houdt o.a.
in dat geldleningen alleen worden aangegaan voor de taken van de FUMO en voor zover er geen andere financieringsbronnen (bijvoorbeeld reserves) aanwezig zijn. Bij het uitzetten van (eventuele) overtollige middelen gelden strikte voorwaarden, waarbij het gebruik van derivaten niet is toegestaan. Overigens is de mogelijkheid hiertoe al flink beperkt doordat ook de FUMO verplicht valt onder het schatkistbankieren. Voor de FUMO betekent dit dat alle overtollige middelen boven € 250.000 verplicht moeten worden afgedragen aan de schatkist.
Pagina 31 van 49
Bijlage 1: Bijdragen per deelnemer In bijlage 1 zijn drie tabellen opgenomen met specificaties van de deelnemersbijdrages. Als eerste is een totaalspecificatie opgenomen van de deelnemersbijdrage 2025. Als tweede is een specificatie opgenomen van de ontwikkeling van de deelnemersbijdrage 2025 ten opzichte van 2024. Als derde is een mutatieoverzicht opgenomen, waarin de verschillen worden verklaard tussen de deelnemersbijdrage in de oorspronkelijke begroting 2024 en de ontwerpbegroting 2025. Als laatste zijn overzichten opgenomen van het aantal basistaakbedrijven per categorie, de kostprijzen per categorie en van de prijsstelling van de plustaken.
Pagina 32 van 49
Specificatie bijdrage per deelnemer Deelnemer
Totale bijdrage
Basistaken
Plustaken
Overige opbrengsten
Collectieve opdrachten incl ketentoezicht
Implementatie omgevingswet
Abonnement NAZCA
Gehanteerde verdeelsleutels: Basistaken:
Achtkarspelen
617.420
491.189
60.097
-
61.925
2.593
1.616
Ameland
119.757
79.774
32.621
-
6.520
343
500
Dantumadiel
450.216
276.334
139.163
-
32.061
1.560
1.097
1.303.082
1.069.678
109.323
-
115.658
5.424
3.000
Harlingen
608.136
411.397
150.303
-
43.544
1.977
915
Heerenveen
843.759
696.123
69.101
-
72.158
3.443
2.933
Leeuwarden
1.726.454
1.417.628
183.106
-
119.384
6.336
-
Noard-East Fryslân
1.399.366
1.063.265
192.869
-
134.891
5.706
2.634
Ooststellingwerf
798.982
643.395
76.022
-
74.750
3.340
1.475
Opsterland
525.892
449.290
19.256
-
53.191
2.428
1.726
De Fryske Marren
Schiermonnikoog
51.886
36.485
11.131
-
3.565
204
500
Smallingerland
815.881
602.824
142.803
-
63.836
3.172
3.246
Súdwest-Fryslân
2.348.451
2.063.390
34.928
-
234.287
10.634
5.212
Terschelling
208.115
134.724
56.253
-
15.916
722
500
Tytsjerksteradiel
591.965
462.262
76.488
-
48.881
2.478
1.857
Vlieland
83.200
43.578
34.489
-
4.417
216
500
1.302.314
1.009.905
156.536
-
127.905
5.295
2.673
Waadhoeke Weststellingwerf
-
Regulering: Aantal verwachte meldingen/ vergunningen Toezicht: Aantal inrichtingen per categorie Asbest: Aantal asbest meldingen Bodem: Aantal bodem meldingen
Plustaken: -
Aantal ingebrachte plusuren per categorie
Collectieve taken: -
Verhouding bijdrage basistaken
Implementatie Omgevingswet:
610.002
521.743
21.133
-
62.711
2.902
1.513
Subtotaal
14.404.877
11.472.984
1.565.622
-
1.275.599
58.774
31.897
-
Provincie Fryslân
14.900
Abonnement Nazca:
5.894.909
2.660.811
2.947.840
-
255.132
16.226
Wetterskip
46.753
-
46.753
-
-
-
Brikstaken
156.057
-
-
156.057
-
-
Specifieke uitkeringen
656.407
Rente opbrengsten
150.000
Overige opdrachten incidenteel
873.917
-
-
873.917
-
-
22.182.920
14.133.795
4.560.215
1.836.380
1.530.732
75.000
Eindtotaal
-
656.407 150.000
Pagina 33 van 49
46.797
Verhouding bijdrage basistaken Bijdrage conform kadernota 2024-2028
Inwoneraantal per gemeente. Separate afspraak voor de provincie Fryslân
Ontwikkeling deelnemersbijdrage
Deelnemer
c = b -/- a
a
b
Totale bijdrage begroting 2024 (na wijziging) 656.169
Totale bijdrage begroting 2025
Mutatie
-5,9%
617.420
- 38.750
Ameland
118.171
119.757
1.587
1,3%
Dantumadiel
363.439
450.216
86.777
23,9% -1,0%
Achtkarspelen
1.316.112
1.303.082
- 13.030
Harlingen
631.168
608.136
- 23.032
-3,6%
Heerenveen
959.981
843.759
- 116.222
-12,1%
Leeuwarden
1.551.767
1.726.454
174.687
11,3%
Noard-East Fryslân
1.409.593
1.399.366
- 10.227
-0,7%
Ooststellingwerf
719.029
798.982
79.953
11,1%
Opsterland
500.963
525.892
24.929
5,0%
Schiermonnikoog
60.739
51.886
- 8.853
-14,6%
De Fryske Marren
Smallingerland
821.579
815.881
- 5.699
-0,7%
Súdwest-Fryslân
2.344.092
2.348.451
4.359
0,2%
Terschelling
197.761
208.115
10.354
5,2%
Tytsjerksteradiel
613.193
591.965
- 21.229
-3,5%
Vlieland
85.720
83.200
- 2.520
-2,9%
1.255.016
1.302.314
47.298
3,8%
621.192
610.002
- 11.190
-1,8%
Subtotaal
14.225.685
14.404.877
179.192
1,3%
Provincie Fryslân
Waadhoeke Weststellingwerf
6.459.507
5.894.909
- 564.597
-8,7%
Wetterskip
46.753
46.753
-
0,0%
Brikstaken
148.604
156.057
7.452
5,0%
Specifieke uitkeringen
554.925
656.407
101.482
18,3%
150.000
150.000
0,0%
682.923
873.917
190.994
28,0%
22.118.397
22.182.920
64.523
0,3%
Rente opbrengsten Overige opdrachten incidenteel Eindtotaal
Pagina 34 van 49
Mutatie deelnemersbijdrage
Deelnemer Achtkarspelen
Mutatie
Basistaken regulering en toezicht
Oorzaken mutatie deelnemersbijdrage Basistaken Plustaken Collectieve Implementatie bodem opdrachten omgevingswet
Asbest
Overige opbrengsten
Abonnement NAZCA
- 38.750
- 17.196
934
- 913
2.845
- 24.298
- 121
-
Ameland
1.587
2.060
58
1.003
1.526
- 3.061
-0
-
Dantumadiel
86.777
10.409
1.121
- 10.453
97.775
- 12.153
78
-
De Fryske Marren
- 13.030
16.923
1.809
8.023
5.130
- 45.006
90
-
Harlingen
- 23.032
- 15.141
409
3.754
7.151
- 19.124
- 80
-
Heerenveen
- 116.222
- 64.889
2.334
- 16.527
3.221
- 39.834
- 527
-
Leeuwarden
174.687
178.029
3.735
19.536
8.579
- 36.143
952
-
Noard-East Fryslân
- 10.227
17.248
2.965
6.646
9.917
- 47.132
129
-
Ooststellingwerf
79.953
49.708
1.681
3.016
48.582
- 23.316
282
-
Opsterland
24.929
37.368
1.809
1.605
924
- 16.983
206
-
Schiermonnikoog
- 8.853
- 3.243
175
- 4.094
524
- 2.197
- 17
-
Smallingerland
- 5.699
9.257
2.801
2.958
6.795
- 27.540
29
-
Súdwest-Fryslân
4.359
48.757
4.085
32.475
1.628
- 82.992
406
-
Terschelling
10.354
11.339
654
670
2.688
- 5.057
61
-
Tytsjerksteradiel
- 21.229
14.120
1.389
- 17.829
3.653
- 22.538
- 24
-
Vlieland
- 2.520
- 2.333
82
302
1.673
- 2.228
- 15
-
Waadhoeke
47.298
43.339
6.001
6.796
30.773
- 39.904
293
-
Weststellingwerf
- 11.190
16.089
1.121
- 5.949
1.011
- 23.557
95
-
Provincie Fryslân
- 564.597
- 350.514
-
-
- 38.556
- 173.692
- 1.835
-
-
-
-
Wetterskip Brikstaken
7.452
Specifieke uitkeringen
101.482
Rente opbrengsten
150.000
Overige opdrachten incidenteel
190.994
Eindtotaal
64.523
7.452 101.482 150.000
1.331
33.161
31.019
195.840
-
-
190.994
- 646.756
-0
449.928
-
De deelnemersbijdrage voor basistaken regulering, asbest, bodemtaken en plustaken, komt in samenspraak met de deelnemers tot stand. Mutaties in de bijdrage zijn een gevolg van gewijzigde inbreng van uren. Op basis van ervaringscijfers wordt een inschatting gemaakt van de verwachte ureninzet. Ook wordt de formatie van de FUMO op basis van deze verwachte ureninzet berekend.
Pagina 35 van 49
Overzicht aantal inrichtingen (basistaken) Specificatie inrichtingen Gemeente
Categorie B-
Categorie B
Categorie C
Categorie Provinciaal Totaal IPPC 24 15 475
Achtkarspelen
333
103
Ameland
35
12
5
-
-
52
Dantumadiel
233
72
22
1
-
328
De Fryske Marren
690
262
75
7
-
1.034
Harlingen
93
69
41
3
-
206
Heerenveen
420
118
46
8
-
592
Leeuwarden
541
148
99
4
-
792
Noard-East Fryslân
534
389
72
12
-
1.007
Ooststellingwerf
241
95
50
13
-
399
Opsterland
287
87
43
5
-
422
Schiermonnikoog
11
9
1
-
-
21
Smallingerland
448
139
34
4
-
625
Súdwest-Fryslân
2.054
1.258
669
111
16
-
Terschelling
34
21
21
-
-
76
Tytsjerksteradiel
427
79
30
4
-
540
Vlieland
20
6
5
-
-
31
Waadhoeke
419
408
53
13
-
893
Weststellingwerf
288
90
53
6
-
437
Provincie Fryslân
-
-
-
-
47
47
6.312
2.776
785
111
47
10.031
Totaal
Specificatie inrichtingen type bGemeente Achtkarspelen
Industrie
Agrarisch
Totaal
236
97
Ameland
10
25
35
Dantumadiel
136
97
233
De Fryske Marren
69
621
690
Harlingen
79
14
93
Heerenveen
235
185
420
Leeuwarden
358
183
541
Noard-East Fryslân
309
225
534
Ooststellingwerf
77
164
241
Opsterland
92
195
287
Schiermonnikoog
11
Smallingerland
323
125
448
Súdwest-Fryslân
629
629
1.258
Terschelling
29
5
34
Tytsjerksteradiel
226
201
427
Vlieland
20
-
20
Waadhoeke
253
166
419
Weststellingwerf
92
196
288
Provincie Fryslân
-
-
-
3.184
3.128
6.312
Totaal
333
11
Pagina 36 van 49
Tariefstelling plustaken: Omschrijving
Uitvoering
Tarief
Ta riefgroep 1
Scha a l 6-7
€ 90,50
Ta riefgroep 2
Scha a l 8-9
€ 102,00
Ta riefgroep 3
Scha a l 10
€ 118,00
Ta riefgroep 4
Scha a l 11
€ 130,00
Pagina 37 van 49
214
-
82
107 9 8 -
250 9 25 -
27 60 3 2
Waadhoeke
250 -
200
-
200
74
8 100 3 2 30 -
50 20 18 20
Vlieland
Terschelling
-
Tariefgroep
-
335 -
Totaal
-
Weststellingwerf
450 50 -
Tytsjerksteradiel
Súdwest-Fryslân
Opsterland
Ooststellingwerf