programmabegroting 2024-2027
Tekst van het document
72
Bedrijfsvoering
Toename wachtgeld- en/of pensioenverplichtingen door (politieke) ontwikkelingen. Maatregel: N.v.t. Werving en ontslag van personeel.
Tekort aan gekwalificeerd personeel. Maatregel: •
Overdragen van kennis van oudere naar jongere collega's,
•
We werken aan goede (secundaire) arbeidsvoorwaarden om daarmee een aantrekkelijke werkgever te blijven.
Verschil tussen aanwezige en gewenste competenties (ontwikkeling ambtenaar 3.0). Beschikbaarheid gekwalificeerd personeel
Maatregel: We zetten het instrument strategische personeelsplanning in. We brengen in beeld welke formatie nu en in de toekomst nodig is. Daarnaast stellen we vast over welke competenties onze medewerkers moeten beschikken.
Cybersecurity en privacy
Gemeenten zijn voor steeds meer beleidsterreinen verantwoordelijk en maken daarbij gebruik van de mogelijkheden van informatie-uitwisseling. Bij de uitwisseling van informatie kunnen beveiligings- en privacy risico’s voordoen die een groot impact kunnen hebben (financieel en imago). Maatregel: Informatiebeveiliging
Vanaf 1 januari 2020 hanteren we de Baseline Informatiebeveiliging Overheden als norm voor de informatieveiligheid in onze gemeente. De BIO is een doorontwikkeling van de BIG en is meer gericht op managen van de risico's. We voeren een baseline toets BIO uit en jaarlijks een audit uit conform de ENSIA systematiek. De mogelijkheid tot het verzekeren van schade als gevolg van security incidenten wordt onderzocht.
73
Bedrijfsvoering
Wet- en regelgeving
Niet voldoen aan fiscale bepalingen met naheffing en boetes tot gevolg. Maatregel: Fiscale regels
Omgevingswet
Permanente educatie medewerkers financiën en periodieke scholing van budgethouders. Overleg met Belastingdienst en indien noodzakelijk inschakelen van een fiscalist.
Om de financiële impact van de invoering van de Omgevingswet te kunnen bepalen zou er naast het Dialoogmodel ook een landelijk Effectenmodel verschijnen om de financiële effecten in de exploitatiefase in beeld te kunnen brengen. Dit model komt er niet, maar wel een zogenaamde Werkwijze structurele effecten Omgevingswet. Maatregel: Een risicoanalyse uitvoeren mede aan de hand van het Dialoogmodel en de Werkwijze structurele effecten Omgevingswet om de financiële impact na invoeringsdatum in beeld te brengen.
Nadere toelichting van de belangrijkste financiële risico's Btw-compensatiefonds De ontwikkeling van het BTW-compensatiefonds (BCF) en het bijbehorende plafond leiden conform het Financieel Akkoord Rijk/VNG met ingang van 2015 tot een toename of afname van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Bij overschrijding van dit maximum worden gemeenten gekort op hun uitkering uit het Gemeentefonds. Bij Miljoenennota 2023 werd de ruimte onder het plafond voor 2022 geraamd op € 320,917 miljoen Bij de definitieve afrekening blijkt deze ruimte te zijn afgenomen met € 2,929 miljoen. De verwachting is dat in 2024 de ruimte onder het plafond zal blijven. Het eventuele overschot wordt toegevoegd aan het gemeentefonds. Ontwikkeling van de algemene uitkering De algemene uitkering uit het gemeentefonds is in 2023 gestegen als gevolg van de ontwikkeling van het accres (met name door de hoge inflatie) en de extra middelen voor het sociaal domein. Ten opzichte van de primaire begroting 2023 ad € 56,5 miljoen bedraagt de totale uitkering uit het gemeentefonds voor 2023 (inclusief meicirculaire) € 58 miljoen. Deze trend zet zich ook in de jaren 2024 en 2025 voort. Daar staat tegenover dat de algemene uitkering in 2026 daalt met circa € 3 miljoen (ten opzichte van 2025) welke het gevolg is van de wijziging van normeringsmethodiek welke het kabinet voorstelt.
Opschalingskorting De opschalingskorting is een aantal jaren opgenomen als drukmiddel om te komen tot grotere gemeenten (100.000+) Zowel in beleidsmatige als praktische zin is hier niets van terecht gekomen. Ook voor de periode 2022 tot en met 2025 is de opschalingskorting bevroren. Echter in het coalitieakkoord van het rijk wordt deze na 2025 alsnog ingevoerd, ondanks hevige protesten van VNG en gemeenten.
74
Openeinderegelingen Minimabeleid, schuldhulpverlening en leerlingenvervoer zijn zogenoemde open einderegelingen waarbij vooral de afgelopen jaren het beroep op de schuldhulpverlening aanzienlijk is toegenomen. Ook binnen de regeling leerlingenvervoer kunnen door omstandigheden de kosten aanzienlijk oplopen. Wmo De afgelopen jaren zien we de vraag naar professionele ondersteuning stijgen. Wat we al verwachtten, gebeurt: als mensen (vaak 75+) nu professionele ondersteuning nodig hebben, nadat ze eerst van het voorliggende veld gebruik hebben gemaakt, is er sprake van een zwaardere en complexere ondersteuningsvraag. Het is ook deze groep die, zoals het Rijk wilde, nu langer zelfstandig blijft wonen. Wij betalen daarvoor de rekening (o.a. door woningaanpassingen en hulp bij het huishouden). Naast de toename van de hulpvraag hebben we ook te maken met de gevolgen van het Rijksbeleid. De toegenomen vraag als gevolg van het verlagen van de eigen bijdrage door het rijk heeft tot een structureel hogere vraag geleid. Landelijk is nog steeds een lobby gaande om deze maatregel ongedaan te maken. Het toepassen van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) reële prijs Wmo heeft structureel tot hogere kosten geleid terwijl de inkomsten niet zijn toegenomen. Er is door het rijk in 2021 gewerkt aan een nieuwe verdeelsystematiek voor beschermd wonen vanaf 2024.
Nog onduidelijk is welke financiële gevolgen dat voor Oost Gelre heeft. Dit mede omdat het samengaat met de doordecentralisatie en op/afbouw van regionale en lokale financieringsstromen. Jeugdzorg Als gemeente zijn we niet de enige verwijzer op grond van de jeugdwet maar wel verantwoordelijk voor alle kosten. Ook gecertificeerde instellingen (GI’s), huisartsen en kinderartsen kunnen doorverwijzen. Hier hebben wij dus beperkte invloed op de doorverwijzingen en dit vormt een risico. We zetten vol in op preventie en verdere samenwerking met de huisartsen (middels de Praktijkondersteuners Huisartsen). Doel is om te normaliseren en dure verwijzing naar tweedelijns zorg te voorkomen. De samenwerking met de huisartsen is inmiddels structureel waarbij zorgverzekeraar Menzis al co-financier functioneert. Met de GI’s worden afspraken gemaakt op Gelders niveau middels de Gelderse verbeteragenda. Doel is de dienstverlening te verbeteren waarbij ook de samenwerking (het samen optrekken) tussen gemeentelijke teams en de GI’s een belangrijk speerpunt is. Op verwijzingen binnen de jeugdzorg hebben we dus niet altijd invloed. Daarnaast zijn er zeer intensieve vormen van jeugdhulp die ook zeer kostbaar zijn, zoals Jeugdzorg Plus.
Door de wijziging va het woonplaatbeginsel in 2022 zijn de risico’s inmiddels wel beter in te schatten, maar we blijven natuurlijk nog wel verantwoordelijk voor jeugdigen uit onze eigen gemeente. Ook deze (financiële) risico’s kunnen substantieel zijn. De tarieven voor jeugdzorg blijven in en aantal gevallen onder druk staan en kunnen voor een aantal zorgaanbieders ontoereikend zijn. Dit vormt mogelijk een risico voor de kwaliteit van de geleverde zorg en zorgcontinuïteit Participatiewet We willen bereiken dat zoveel mogelijk mensen deelnemen aan het arbeidsproces en in de samenleving. Dit gaan we bereiken door integratie van de taken in het sociaal domein. Niet de wet staat centraal maar de vraag van onze inwoners. Hiervoor hebben we 1 verordening voor het sociaal domein vastgesteld en hebben we de bestuursopdracht 'Samen aan het Stuur'. geïmplementeerd Dit heeft geleid tot een nieuw werkleerbedrijf per 1 januari 2022 maar nog belangrijker tot een nieuwe werkwijze waarbij de medewerkers van de het werkleerbedrijf onderdeel zijn van ons sociaal team. Wij zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet. Deze uitvoering (zoals het verstrekken van uitkeringen en het zoveel mogelijk regulier aan het werk helpen van werkzoekenden) hebben wij bij de (GR) Werkleerbedrijf belegd. Wij dragen echter de financiële risico’s.
De effecten van de coronacrisis nog geen impact op onze economie en zorgen niet voor een toename van het aantal uitkeringsgerechtigden. De inflatie en hogere prijzen kunnen leiden tot verslechterde economische omstandigheden waardoor er mogelijk meer mensen een beroep op bijstand doen. Onzeker is of de bijdrage van het rijk om de uitkeringen te financieren (BUIG) ook zal stijgen. Inwoners met een arbeidsbeperking We verwachten nog niet dat de hele groep inwoners met een arbeidsmarktbeperking die onder de
75
participatiewet valt snel zal uitstromen richting regulier werk. Voor deze groep inwoners hebben we loonkostensubsidie beschikbaar om de beperkte loonwaarde te compenseren. En daarnaast kunnen we een voorziening beschut werk toekennen. Een steeds grotere groep slaagt er op deze manier in om werk te vinden. De loonkostensubsidie en de kosten voor beschut werk moeten echter wel gefinancierd worden uit het BUIG budget. Dus ook succesvolle plaatsingen met loonkostensubsidie houden een financieel risico in voor de gemeente. Gebundelde uitkering (BUIG) Wij ontvangen een gebundelde uitkering (de BUIG) om daarmee de uitkeringen in het kader van de Participatiewet te bekostigen. De Participatiewet kent een budgetteringsystematiek. Dit is een financieringssystematiek die zo is ingericht dat het gemeenten moet prikkelen om zoveel mogelijk mensen uit de uitkering en aan het werk te helpen en te houden. De gebundelde uitkering is een ongeoormerkt budget. Wij mogen een overschot op het budget vrij besteden, maar moeten een tekort op het budget in beginsel zelf opvangen. Gemeenten die tekorten hebben op hun budget op grond van de Wwb/PW moeten deze tekorten in beginsel opvangen uit eigen middelen. Gemeenten die een omvangrijk tekort hebben, kunnen onder voorwaarden in aanmerking komen voor een aanvullend budget, de zogenaamde vangnetregeling.
Uitvoering Wsw De uitvoering van de Wsw is belegd bij de GR Fijnder. De beschut binnen populatie wordt begeleid vanuit een werklocatie in Groenlo. De werknemers in detachering worden begeleid door consulenten van Fijnder, dit betreft ongeveer 65% van de Sw’ers. Wel zijn er zorgen over het subsidieresultaat binnen de Wsw. Het subsidieresultaat is de som van de loonkosten enerzijds en de Wsw-subsidie anderzijds. Voor iedere swmedewerker kan het subsidieresultaat worden vastgesteld. Bij het invoeren van de participatiewet is uitgegaan van een daling met ongeveer € 500 per SE per jaar. De bijdrage is gecorrigeerd voor loon- en prijsstijgingen. Schuldhulp Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de schuldhulpverlening. Hierin werken we samen met de Stadsbank Oost Nederland en de vrijwilligers van Schuldhulp Op Maat. Een andere wettelijke taak is vroegsignalering waarbij het doel is om onoplosbare schulden te voorkomen en zo snel mogelijk perspectief te bieden aan onze inwoners. Door de hoge inflatie zijn de kosten van levensonderhoud enorm gestegen. Indien het Rijk niet met aanvullende ondersteuningsmaatregelen komt is het aannemelijk dat er een (veel) groter beroep wordt gedaan op schuldhulp en vroegsignalering. De hiervoor beschikbare middelen zullen dan onvoldoende zijn. Statushouders Een steeds groter deel van ons uitkeringsbestand bestaat uit statushouders.
Deze groep heeft vaak een grote afstand tot de arbeidsmarkt vanwege allerlei oorzaken (taal, relevante opleiding, trauma etc.). Uiteraard bieden we deze inwoners taal en integratietrajecten aan. Desondanks lopen we het risico dat deze groep langdurig een beroep moet doen op een uitkering. Hierdoor kan er en tekort ontstaan op het BUIG budget. Wet Inburgering Met de invoering van de nieuwe wet inburgering op 1 januari 2022 is de regie op de inburgering weer bij de gemeenten komen te liggen. Een deel van de nieuwe inburgering is lokaal belegd. Daarbij kan gedacht worden aan het Participatieverklaringstraject en het financieel ontzorgen. De drie nieuwe leerroutes zijn gezamenlijk ingekocht door de regio Achterhoek bij vier aanbieders: Toptaal en Interbeek verzorgen de B1leerroute en de Zelfredzaamheidsroute. Het Graafschap College en de HAN/Universiteit Nijmegen verzorgen de Onderwijsroute (MBO en HBO). Bij de inkoop is rekening gehouden met een verdeling tussen de verschillende leerroutes zoals die door het Rijk is geprognotiseerd. Het kan zijn dat die verdeling niet klopt en dat er meer mensen in de duurdere route instromen dan door het Rijk is geprognotiseerd; dus meer mensen in de onderwijsroute en de Z-route.
76
Bouwgrondexploitatie Vanuit strategisch en financieel oogpunt is het noodzakelijk om minimaal 1 keer per jaar de ontwikkeling en verkoop van woningen en bedrijventerreinen herzien. De financiële gevolgen brengen we bij de vaststelling van de bestemmingsplannen met bijbehorende exploitatieopzetten in beeld. Ook houden we al bij nieuwe bestemmingsplannen rekening met de uitspraak van de Raad van State over stikstof. De nota grondbeleid is door u vastgesteld. Uitgangspunt voor bouwgrondexploitatie blijft een sluitende exploitatieopzet. Jaarlijks actualiseren we de exploitatieopzetten. Als hieruit blijkt dat een tekort ontstaat, verwerken we het verlies in de jaarrekening. Wij verwachten dat de exploitatie van zowel woningbouw als bedrijventerreinen minimaal kostendekkend is. In de nota grondbeleid gaan we nader in op de exploitaties en de maatregelen die nodig zijn om financiële risico’s te beheersen. Bij de waardering van de gronden houden we rekening met invoering van de vennootschapsbelastingplicht en kiezen we voor de fiscaal meest gunstige optie. Regionaal bedrijvenpark Laarberg In de huidige economische situatie zijn er financiële risico’s verbonden aan de bouwgrondexploitatie van Laarberg. De risico’s en onzekerheden kunnen we moeilijk inschatten. De financiële risico’s hebben we verdisconteerd in het benodigde weerstandsvermogen.
Hierbij hebben we rekening gehouden met de lange looptijd van de exploitatie en het te verwachten exploitatieresultaat bij verschillende scenario’s. Planschadevergoeding Bij bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen met projectafwijking sluiten we een afwentelingsovereenkomst planschade af. Zo vergoedt de initiatiefnemer eventuele planschadekosten. Een tegemoetkoming in planschade als gevolg van de toekomstige ontwikkeling van bouwgrond bekostigen we binnen de exploitatieopzet van het plan. Implementatie Omgevingswet Met de invoering van de Omgevingswet krijgt de gemeente meer decentrale ruimte om eigen beleidskeuzes te maken. Deze beleidsvrijheid zorgt voor een relatief grote kennisonzekerheid: We weten nog niet welke keuzes gemaakt worden en dus ook niet welke effecten die keuzes zullen hebben. Het effect van de keuzes kan zowel een financieel gunstig dan wel een financieel minder gunstig effect hebben voor burgers en bedrijven als ook voor de gemeente. Voor het berekenen van de kosten in de exploitatiefase gaan we gebruik maken van het landelijk ontwikkelde model “Werkwijze structurele effecten Omgevingswet”. De uitkomsten van deze berekening kunnen aanleiding zijn om ramingen bij te stellen. Wet Kwaliteitsborging Bouw Vanaf 1 januari 2024 zal stapsgewijs de Wet Kwaliteitsborging voor het Bouwen (Wkb) worden ingevoerd.
Deze wet voorziet in een strenger bouwtoezicht en een betere aansprakelijkheidsregeling teneinde de kwaliteit van de bouw te verbeteren. Het nieuwe stelsel geldt eerst alleen voor bouwwerken in de laagste risicoklasse. Dit zijn bijvoorbeeld eengezinswoningen en simpele bedrijfspanden. De (financiële) gevolgen zijn voor ons als gemeente in de rol van vergunningverlener en handhaver zijn in de begroting 2024 ingeschat op een inkomstenderving van € 200.000. Fiscale risico’s Wij hebben geïnventariseerd welke activiteiten belastingplichtig zijn voor de vennootschapsbelasting en de fiscale openingsbalans is opgesteld. Eindelijk is in 2022 een akkoord bereikt met de belastingdienst over de beginbalans van de Laarberg. De vennootschapsbelasting kan ook een last in de begroting met zich meebrengen, over de fiscale winst moeten we vennootschapsbelasting betalen. De prognose is dat wij verliezen kunnen verrekenen zodat er geen vennootschapsbelasting verschuldigd is. Het boekenonderzoek naar de verbouwing van het Marianum door de Belastingdienst is afgerond. Deze door meer gemeenten toegepaste fiscale constructie zogenoemde “schoolmodel” wordt door de Belastingdienst bestreden. In verband met de coronacrisis is de voortgang in het proces uitgesteld. In 2022 hebben inzage gekregen in de bewijsvoering van de belastingdienst. Dit heeft niet geleid tot een ander inzicht.
De rechtsgang zal worden voortgezet.
77
Verzekeringsrisico’s Voor zowel materiële (gebouwen/kunstvoorwerpen e.d.) als immateriële zaken (aansprakelijkheid, fraudeverzekering en bestuurdersaansprakelijkheid e.d.) hebben we met verzekeringspolissen de risico’s afgedekt. Jaarlijks heroverwegen we de verzekeringspolissen. In regionaal verband besteden we de diverse verzekeringen aan. Vastgoed De financiële risico’s maken we door middel van een jaarlijkse update van het kwaliteitsniveau van de gebouwen en de financiële vertaling daarvan zowel op het niveau van groot onderhoud als op niveau van klachtenonderhoud inzichtelijk. De omvang van de bestemmingsreserve groot onderhoud gebouwen is op dit moment voldoende. Een belangrijk financieel risico betreft de mogelijke waardedaling van het gemeentelijk vastgoed. Het gaat hierbij om vastgoed waarbij de gemeente voornemens is wijzigingen door te voeren zoals een bestemmingsplanwijziging, verkoop of sloop. Jaarlijks kijken we of er sprake is van een wijziging bij een van de gemeentelijke gebouwen. Als sprake is van een waardedaling corrigeren we dat bij de jaarrekening. Het financieel effect hiervan kan van redelijk grote omvang zijn en een fors negatief effect hebben op het rekeningresultaat en daarmee op de vrij besteedbare reserve. Toereikende bestemmingsreserves voor onderhoudsvoorzieningen Op basis van de beschikbare beheerprogramma’s zijn de bestemmingsreserves op niveau.
Onvoorziene omstandigheden daargelaten zijn de financiële risico’s voldoende afgedekt. Financiële kengetallen Onderstaande kengetallen maken inzichtelijk(er) over hoeveel (financiële) ruimte onze gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen afdekken of opvangen. Ze geven zodoende inzicht in de financiële weerbaarheid en wendbaarheid.
Kengetallen
Jaarrek. 2022
Begrot. 2023
Begrot. 2024
Cat. A
Cat. B
Cat. C
Netto schuldquote
74%
89%
75%
<90%
90-130%
>130%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
60%
77%
62%
<90%
90-130%
>130%
Solvabiliteitsratio
35%
30%
32%
>50%
20-50%
<20%
Grondexploitatie (waarde van de grond t.o.v. geraamde baten)
4%
1%
1%
<20%
20-35%
>35%
Structurele exploitatieruimte Begroting
9,28%
0,49%
1,90%
Begr. en MJR >0%
Begr. of MJR >0%
Begr. en MJR < 0%
Gemeentelijke belastingcapaciteit
71%
72%
73%
<95%
95-105%
>105%
Weerstandsvermogen
934%
228%
292%
>100%
80-100%
<80%
78
Kengetallen
Netto schuldquote
begroting 2025
begroting 2026
begroting 2027
categorie A
Categorie B
Categorie C
74%
76%
75%
<90%
90-130%
>130%
61%
63%
63%
<90%
90-130%
>130%
32%
31%
31%
>50%
20-50%
<20%
1%
1%
1%
<20%
20-35%
>35%
Begr. en
Begr. of
Begr. en MJR
MJR >0%
MJR >0%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsrisico Grondexploitatie (waarde van de grond t.o.v. de geraamde baten)
Structurele exploitatieruimte
Gemeentelijke belastingcapaciteit Weerstandsvermogen
4,50%
0,86%
1,83%
0%
74%
74%
75%
<95%
95-105%
>105%
335%
265%
258%
>100%
80-100%
<80%
79
Paragraaf 2: Verbonden partijen en participaties Verbonden partijen en participaties Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee Oost Gelre een bestuurlijke en financiële band heeft, zoals deelnemingen (vennootschappen), gemeenschappelijke regelingen, stichtingen en verenigingen. Het is niet onze bedoeling te rapporteren over alle partijen waarmee een verbintenis bestaat. We beperken ons tot de partijen waarin wij een bestuurlijk en/of financieel belang hebben. Wat voor ons de verbonden partijen vaak ingewikkeld maakt, is dat we zowel bestuurder als klant zijn. Bovendien zijn er vaak meerdere deelnemers aan de verbonden partij. Wij zijn dan niet de enige bestuurder en niet de enige klant en moeten dus onze bestuurlijke doelen en ‘klantwensen’ afstemmen met die van andere deelnemers. Dit alles maakt de aansturing van verbonden partijen complex. Centraal staat daarom de vraag hoe wij meer grip krijgen op het beleid, de financiën en het product van onze Wet gemeenschappelijke regelingen verbanden (Wgr). De sturing op en verantwoording van verbonden partijen versterken we door: •
De planning- en control-cyclus van gemeenten en WGR-verband beter op elkaar af te stemmen’; het gaat daarbij om afstemmen van de onderlinge informatievoorziening via begroting, tussentijdse rapportages en jaarrekening;
•
De overlegstructuren tussen gemeenten en WGR-verband verder te optimaliseren;
•
Meer invloed uit te oefenen aan de voorkant van het beleidsproces; meedenken over visie, ambities en de vertaling daarvan naar kaders is effectiever dan achteraf uitkomsten toetsen;
•
De begrotingsrichtlijnen tussen deelnemende gemeenten onderling af te stemmen en eenduidig te communiceren naar de verbonden partijen.
Verbonden partijen met bijzondere ontwikkelingen De volgende verbonden partijen kennen ontwikkelingen die belangrijk zijn.
Veiligheidsregio Noord en Oost Nederland (VNOG) De VNOG bestaat uit 22 gemeenten. Het bestuur van de VNOG, het Algemeen Bestuur, bestaat uit de 22 burgemeesters van de gemeenten. De VNOG zal in 2024 in ieder geval haar wettelijke taken gaan uitvoeren: rampenbestrijding, brandweerzorg, risico- en crisisbeheersing, bevolkingszorg en geneeskundige hulpverlening. En de VNOG zal alle voorbereidende en administratieve taken die daarbij horen doen. Daarbij zal de VNOG, indachtig haar missie (“Samen werken aan veiligheid”), de samenwerking met de vele partners opzoeken. Rode draad in deze begroting 2024-2027 zijn de Opgaven van VNOG uit het regionaal beleidsplan 20212024 en de hieronder liggende Toekomstvisie 2020-2026. De Opgaven vormen het concrete antwoord van VNOG op de vragen van de samenleving. Deze Opgaven zijn: 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises (maatschappelijke opdracht) (Incidentbestrijding en crisisorganisatie) 1. Zelfredzaam & risicobewust 2. Vakbekwaam & deskundig 3. Sterke informatiepositie 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers (randvoorwaarde) (gezonde bedrijfsvoering) De afgelopen jaren hebben grote uitdagingen met zich meegebracht voor de hele wereld en dus ook voor VNOG. Na de coronajaren volgden nieuwe crises, zoals de oorlog in Oekraïne, de asielcrises, etc.
De veiligheidsregio’s hebben hierbij een steeds grotere rol gekregen en zijn op allerlei fronten ingezet. Deels kwam het reguliere werk daardoor in de knel. Inmiddels zijn achterstanden waar mogelijk ingelopen. VNOG werd overigens, naast haar directe taakuitvoering, ook op andere manieren door de crises geraakt. Prijzen stegen en door grondstoffentekorten namen levertijden van leveranciers toe. Planningen moesten worden bijgesteld en voor gestegen kosten moesten oplossingen worden gevonden.
80
Het Rijk voorziet dat komende crises langduriger zullen zijn, met een grote maatschappelijke impact en dat de veiligheidsregio’s hierbij een belangrijke rol gaan spelen. Dit wordt op termijn ook meegenomen in de aangepaste Wet veiligheidsregio’s. Het Rijk wil daarom de crisisbeheersing en informatiepositie van de veiligheidsregio’s versterken en hun flexibiliteit om in te spelen op actuele crises. In de periode 2023 t/m 2026 verhoogt het Rijk daarom stapsgewijs structureel haar bijdrage aan de veiligheidsregio’s (de BDUR, Brede Doeluitkering Rampenbestrijding). Overige belangrijke thema’s voor 2024 vormen: − Het regionaal beleidsplan 2021-2024 loopt af. Per 2025 moet er een nieuw vierjarig regionaal beleidsplan zijn. In 2024 zal VNOG met de gemeenten het traject voor het nieuwe beleidsplan doorlopen, waaronder ook de wettelijke consultatie van de raden; − Naar aanleiding van de aangepaste Wet gemeenschappelijke regelingen moet de gemeenschappelijke regeling van VNOG worden bijgewerkt en in 2024 worden vastgesteld.
De raden moeten de colleges toestemming geven om de bijgewerkte regeling aan te gaan; − VNOG moet voldoen aan overige veranderende wetgeving en goede aansluiting daarop regelen (bijvoorbeeld Omgevingswet, inrichting vrijwillig brandweerbestel, etc.); − VNOG gaat verdere stappen zetten op het gebied van duurzaamheid en energietransitie; − VNOG blijft het eigen personeel door ontwikkelen, zowel repressief als ondersteunend, qua kennis en vaardigheden, opdat VNOG de vragen van de samenleving blijvend kan beantwoorden en duurzame inzetbaarheid, met oog voor vitaliteit voor medewerkers, wordt gerealiseerd; − VNOG voert de, als gevolg van de wereldmarktsituatie, bijgestelde planningen uit voor de aanschaf van materieel en materiaal, opdat het eindbeeld van de Toekomstvisie in 2026 wordt gehaald. Risico's - Repressieve huisvesting (brandweerkazernes): de brandweerkazernes zijn in eigendom van ons als gemeente. Op dit moment zijn er definitieve afspraken gemaakt over de demarcatie en heeft het college de regeling demarcatie vastgesteld. De voorgestelde begrotingswijziging 2023 laat een enorme stijging van de beheer- en onderhoudskosten zien voor de brandweerkazernes in Oost Gelre. Op dit momenteel is nog niet duidelijk hoe de kosten voor het beheer en onderhoud van de repressieve huisvesting zich gaan ontwikkelen. - De onrust in de wereld houdt aan.
Er zijn vele onzekerheden, snelle ontwikkelingen en uitdagingen op allerlei vlakken, zoals klimaat, energie, prijzen, polarisatie en (wereldwijde) instabiliteit. Niemand kan overzien of voorspellen waar deze ontwikkelingen toe zullen leiden; voorstelbaar is dat deze een effect gaan hebben op de veiligheid. De ontwikkelingen zullen hoe dan ook effect hebben op de uitvoering en kostenontwikkeling van deze en nog komende begrotingen. Het is lastig om de risico’s en gevolgen exact in te schatten, omdat zaken elkaar snel opvolgen. Tot slot is een overzicht van alle risico's opgenomen in de programmabegroting 20224- 2027 van de VNOG.
Fijnder Per 1 januari 2022 kennen we een nieuwe werkleerbedrijf, genaamd Fijnder. Het betreft hier een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Berkelland, Oost Gelre en Winterswijk. De taken van Werkbaan Oost (SW) en SDOA (Participatiewet) worden nu door 1 organisatie uitgevoerd. Dit bevorderd de doorgaande lijn (ontschotting) van arbeidsmatige dagbesteding naar regulier werk. Voor de programmabegroting hanteert Fijnder de volgende uitgangspunten: Het vastgestelde/bestaande beleid 2023 van de drie gemeenten dient als vertrekpunt voor de begroting 2024; Indexatie vindt plaats op basis van de in de septembercirculaire 2022 gepubliceerde indexatiecijfers volgens de macro-economische verkenning; De cao SGO had een looptijd tot en met 31 december 2022. De uitkomsten van de cao-onderhandelingen kunnen gevolgen hebben voor de begroting 2024 die niet kunnen worden opgevangen vanuit de voorgestelde indexatie;
81
De programma’s en producten zoals vastgesteld in de begroting 2023 blijven ongewijzigd. Op basis van bestuurlijke besluitvorming wordt het product Arbeidsmatige dagbesteding toegevoegd aan programma Werk en Activering en het product Leefgeld Oekraïne toegevoegd aan programma Inkomen; De ingezette lijn met betrekking tot de integrale dienstverlening (Samen aan het stuur) wordt verder doorontwikkeld; Kritische prestatie-indicatoren: Voor de begroting 2024 worden dezelfde indicatoren gehanteerd als voor 2023. Het werkleerbedrijf voert ook de minimaregelingen en de bijzondere bijstand (waaronder de energietoeslag) uit. Hier is de ontwikkeling ingezet om veel meer te kijken naar de hele leefsituatie van een aanvrager in plaats van de beoordeling of iemand recht heeft op een voorziening.
Stadsbank Oost Nederland (SON) De SON is een samenwerkingsverband van 22 gemeenten in de Achterhoek en Twente. De SON beschikt over kennis en ervaring als financieel schulddienstverlener en verstrekker van sociale kredieten. In samenwerking met de ketenpartners werkt SON aan een oorzaakgerichte oplossing. Met oog voor het geheel en het besef dat schulden nooit alleen komen. SON werkt interdisciplinair en is geografisch ingedeeld in een vijftal gebiedsteams (waaronder Gebiedsteam Achterhoek). Elk gebiedsteam bestaat uit een klantmanager, budgetconsulent, schuldregelaar, allround consulent en een administratief ondersteuner. Doel: de klanten maximaal faciliteren door middel van een integrale aanpak, discipline overstijgend. De vernieuwde strategie strategie van Stadsbank; ‘Samen lossen we schulden op’, is bekrachtigd door het Algemeen Bestuur in november 2022. Het toekomstprofiel van de Stadsbank is een klant- en resultaatgerichte expertise organisatie in optimale verbinding met en faciliterend naar gemeenten en hun regie op het sociaal domein. Samen met de inzet vanuit het sociaal teams wordt daarmee de impact van de dienstverlening van de Stadsbank in het gemeentelijk sociaal domein vergroot. De vernieuwde strategie is vertaald in een meer klant- en resultaatgerichte dienstverlening (klantreis), die in 2023 is ingezet.
In 2024 wordt ook het aangepaste en toekomstbestendige bekostigingsmodel geïmplementeerd. Een model dat zoals voorheen is gebaseerd op solidariteit, gemeenschappelijkheid en flexibiliteit, maar met meer voorspelbaarheid, minder productdifferentiatie en meer ruimte voor ontwikkeling.
Regio Achterhoek Oost Gelre neemt samen met 6 andere gemeenten deel aan de gemeenschappelijke regeling Regio Achterhoek. Regio Achterhoek heeft hoofdzakelijk tot doel het behartigen van de gemeentelijke belangen op diverse terreinen. De gemeenten werken daarbij nauw samen met ondernemers en maatschappelijke organisaties onder de vlag van Achterhoek Ambassadeurs. De samenwerking vindt plaats aan Thematafels en in de Achterhoek Board. De gemeenten voeren daarbij hun controlerende en visievormende taak uit via de Achterhoek Raad. Regio Achterhoek zelf voert de regie op de algehele samenwerking en heeft daarbij met name een faciliterende en adviserende rol. Tevens richt Regio Achterhoek zich op het uitvoeren van de regionale lobby, regiomarketing en het verwerven en verstrekken van subsidies. Centraal in de regionale samenwerking staat de Achterhoek Visie 2030. In deze visie staan de ambities van de regio om in 2030 te excelleren als gezonde, schone, leefbare, gekwalificeerde, productieve en bereikbare regio. De visie draagt integraal, beleidsterrein- en gemeentegrensoverstijgend bij aan de beleidsdoelstellingen van Oost Gelre. Het realiseren van de regionale ambities gebeurt voor een belangrijk deel via (interne en externe) projecten waar het samenwerkingsverband een bijdrage aan levert in financiële zin of in een andere vorm.
2024 zal net als voorgaande jaren in het teken staan van diverse bestaande en nieuwe projecten die bijdragen aan de regionale ambities. Belangrijk daarvoor is het hebben van voldoende (co)financiering. De provincie Gelderland heeft aangegeven haar bijdragen te zullen staken per 2025 en ook ontvangt de regio niet langer rijksfinanciering via de Regio Deals. Daarom zal 2024 naast de uitvoering van projecten hoofdzakelijk in het teken staan van het zorgen voor voldoende financiële dekkingsmogelijkheden voor de jaren na 2024.
82
NV Rova De afvalinzameling door de ROVA, met het systeem van het omgekeerd inzamelen, levert aanhoudend een goed beeld op ten aanzien van de afvalscheiding als ook de klanttevredenheid. Hoewel de landelijke doelstellingen voor 2020 afvalscheiding al lange tijd ruimschoots worden behaald wordt doorlopend ingestoken op een goed scheidingsgedrag. Zo heeft het project #Terugwinnaars intensief met algemene informatievoorziening, voorlichting en controles gewerkt aan een kwaliteitsslag teweeg gebracht. Project #Terugwinnaars is een opstart geweest, in 2023 en de jaren daaropvolgend blijven we inzetten op een goede algemene informatievoorziening, controles waarbij het doel is om naar de landelijke doelstelling van 2025 toe te werken qua scheidingspercentage. Naast de afvalinzameling verzorgt de ROVA sinds 1 januari 2020 de taken behorend bij de uitvoering Beheer Buitenruimte in de gemeente. Belangrijke doelstelling is dat we financieel de komende jaren het groenonderhoud passend houden binnen de begroting. Dat is met de taakstelling van 300K uit 2019 en de inflatie waarmee we in de huidige situatie mee hebben te maken een uitdaging. We blijven ons inzetten om financieel gezien rond het begrote bedrag te blijven. Knelpunt voor de komende jaren financieel gezien is de gevolgschade aan beplanting/bomen als gevolg van de droge jaren en droge perioden die nog gaan komen.
Een ander knelpunt is de beheersing van invasieve exoten, die ook langzaam toenemen en waar we de komende jaren op dienen te acteren. Beide knelpunten kunnen financieel nadelige gevolgen hebben voor de begroting.
Omgevingsdienst Achterhoek (ODA) De coronacrisis heeft het werk van de ODA behoorlijk beïnvloed. Een groot deel van het takenpakket wat de ODA namens de gemeente uitvoert is het toezicht en handhaving. Tijdelijk is de aandacht meer gericht geweest op de "kleinere" controles, zoals op de stoppersregeling en gevelcontroles. De grotere integrale controles zijn daardoor minder uitgevoerd. Ondanks de coronacrisis was er een toename bij de vergunningverlening en de specialismen. Voor de invoering van de Omgevingswet is veel voorbereidend werk verricht en heeft de ODA gezorgd voor het organiseren van workshops. Naast haar primaire VTH taken vervult de ODA hierin een belangrijke rol.
Achterhoekse Groene Energie Maatschappij (AGEM) AGEM Gemeentelijke Energie B.V. (AGE BV) AGE BV is leverancier van groene energie voor de gemeentelijke aansluitingen van de Achterhoekse gemeenten (m.u.v. Berkelland). Doelstelling van AGE BV is het energieneutraal maken van het gemeentelijke energieverbruik. Naast inkoop en levering van energie zorgt AGE BV dan ook voor eigen opwekking van duurzame energie. Hiervoor is het Zonnepark Braamt in eigendom genomen waarmee tegen kostprijs, via het "zelfleveringsmodel", zonnestroom wordt geleverd voor gemeentelijk gebruik. Coöperatie Energieloket Achterhoek Het Energieloket Achterhoek werkt in opdracht van de Achterhoekse gemeenten. Bij het loket kunnen inwoners en ondernemers terecht voor kennis en onafhankelijk advies op het gebied van verduurzamen. Het loket zorgt ook voor begeleiding bij subsidie- en financieringsmogelijkheden ten behoeve van de energietransitie. Daarnaast worden er door het loket collectieve acties georganiseerd en zorgt men voor ondersteuning bij initiatieven om te verduurzamen.
Dimpact Dimpact is de Coöperatieve vereniging van, voor en door gemeenten. Dimpact helpt ons om de digitale dienstverlening verder te ontwikkelen. De leden zijn de eigenaar van de coöperatie en sturen de ontwikkelingen aan. De digitale innovatie van dienstverlening aan inwoners en bedrijven moet versneld worden, en dat kunnen we niet alleen. Samen staan we voor dezelfde uitdagingen en ambities. Daarom ligt samen organiseren voor de hand. Sinds 2006 zijn wij lid van de vereniging Dimpact. Ook is Dimpact de partij die voor ons (40 gemeenten, 3 miljoen inwoners) landelijke ontwikkelingen probeert te vertalen naar een stuk digitale informatievoorziening en bedrijfsvoering. Verder vertegenwoordigt Dimpact ons in overleggen (bijv. VNG en VNG Realisatie), waarin landelijke afspraken gemaakt worden over het realiseren en invoeren van ontwikkelingen. Te denken valt hierbij aan de informatiehuishouding rond de Omgevingswet, invoering zaakgericht werken, informatiebeveiliging. Ook organiseren zij de samenwerkingsprocessen voor collectieve
83
vraagbundeling, collectieve aanbesteding en collectief contractmanagement ten behoeve van doorontwikkeling en beheer van ICT-diensten. Dit resulteert voor de leden in een gezamenlijk verworven portfolio. Dimpact is inmiddels koploper als het gaat om de transitie van de gemeentelijke informatiearchitectuur naar een informatiestructuur op basis van Common Ground.
Erfgoed Centrum Achterhoek Liemers (ECAL) Het ECAL beheert, maakt archiveren toegankelijk en stelt archieven beschikbaar van de deelnemende overheidslichamen overeenkomstig de Archiefwet. Daarnaast zorgt het ECAL voor het in stand houden en bevorderen van het cultureel erfgoed in het gebied van de Achterhoek en de Liemers in de ruimste zin van het woord. Sinds 2019 gebeurt dit ook voor digitale archiefbescheiden met het e-Depot.
GGD GGD Noord- en Oost-Gelderland is de gezondheidsdienst van 22 gemeenten die de gezondheid van alle inwoners bewaakt, beschermt en bevordert. Alle deelnemende gemeenten aan deze gemeenschappelijke regeling nemen de basisproducten van de GGD af die betrekking hebben op de Publieke gezondheid. Deze taken liggen vast en worden omschreven in de Wet publieke gezondheid (Wpg). Met uitzondering van de gemeente Apeldoorn nemen de overige 21 gemeenten ook de taken af die betrekking hebben op de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) 4-18 jaar. De gemeenten bekostigen de basisproducten voor de publieke gezondheidszorg en voor de JGZ op basis van bijdragen per inwoner aan de GGD. Daarnaast biedt de GGD aan diverse partijen op contractbasis andere producten aan. In 2023 is de nieuwe bestuursagenda 2023-2027 vastgesteld. Deze is bedoeld als kader voor de komende jaren en gaat uit van de volgende vier prioriteiten: •
vergroten van gelijke kansen op gezondheid voor iedereen
•
mentale gezondheid
•
gezonde leefstijl
•
gezonde fysieke en sociale leefomgeving
Laarberg In ontwikkeling is een volgende fase van het terrein. Het beschikbare areaal is vrijwel volledig verkocht of in optie gegeven. Een bestemmingsplanprocedure is in voorbereiding. Door de stikstofproblematiek is de bestemmingsplanprocedure voorlopig ”on hold” gezet. Inmiddels is door de raad een beleidskader vastgesteld. Bij nieuwe bedrijfsvestigingen zal op basis van dit kader nu steeds maatwerk geleverd gaan worden om te voorkomen dat bedrijven op slot gaan. Het opstellen van het Regionale Programma Werklocaties (RPW) is afgerond. Inmiddels is de vraag naar kavels nog meer aangetrokken waardoor verdere uitbreiding van De Laarberg nodig is.
84
Overzicht verbonden partijen Het overzicht van de verbonden partijen is opgenomen in de onderdeel 'verbonden partijen' in de financiële programmabegroting 2024. 1. De volgens de Vestigingsplaa Openbaar belang rekenkamer ts gedefinieerde verbonden partijen met een bestuurlijk en aanmerkelijk financieel belang.
Bestuurlijke relatie
Collegevertegenwoordigi Aantal ng deelnemer s
Eigen vermogen
Vreemd vermogen
veranderin resulta g belang at Financiële bijdrage
begin eind begin eind dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar Gemeenschappelij ke regelingen Regio Achterhoek
Doetinchem
Regio Achterhoek zet zich ABin voor een duurzaam Bestuurslid vitale, aantrekkelijke en gezonde regio door samen met andere partners (bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties) de Achterhoekvisie 2030 en jaarplannen uit te voeren. Met deze agenda wil de regio een antwoord bieden op diverse ontwikkelingen die op de Achterhoek afkomen, zoals demografische krimp, economische uitdagingen en klimaat- en milieuproblematiek. Door krachten te bundelen en slimme verbindingen te leggen kan de Achterhoek vitaal gehouden worden. Via Regio Achterhoek wordt er gewerkt aan een coöperatieve regio die nieuwe, onverwachte oplossingen ontwikkelt en toepast. Daarnaast zal invulling gegeven worden aan de Regio Deal Achterhoek die de regio heeft gesloten met het Rijk en waarmee een (extra) impuls gegeven wordt aan
Burgemeester A. Bronsvoort, Plv. Wethouder J. Hoenderboom
7 6.485.000 gemeente n
6.048.000 15.245.00 15.266.00 geen 0 0
0
221.633
85
de regionale opgaven waar gemeenten voor staan. Veiligheidsregio Noord- en OostGelderland
Apeldoorn
De veiligheidsregio werkt in DB/ABnauw overleg met Bestuurslid maatschappelijke partners aan een veilige leefomgeving. Zeven dagen per week, 24 uur per dag ligt de focus op het beheersen van risico's en het bestrijden van incidenten. Voortdurend goed voorbereid zijn in samenspraak met burgers, bedrijven en instellingen in de regio Noord- en OostGelderland
Omgevingsdienst Achterhoek (ODA)
Hengelo (Gld) De Omgevingsdienst ABAchterhoek is voor Bestuurslid overheden in deze regio (en namens deze overheden ook voor bedrijven en burgers) hèt aanspreekpunt voor vraagstukken op het gebied van milieu. De adviseurs bieden hoogwaardige kennis en expertise aan op het gebied van vergunningverlening, toezicht, handhaving en milieuadvies. Door de bundeling van kennis, de korte lijnen en het snel en efficiënt werken zijn de geleverde producten steeds van hoog niveau. Het doel van de ODA is om samen met haar opdrachtgevers zich dagelijks in te zetten voor een gezonde, schone en veilige leefomgeving voor de inwoners en bedrijven in haar werkgebied.
Burgemeester A. Bronsvoort, Plv. Wethouder J. Hoenderboom
22 14.149.00 12.691.000 44.112.00 56.608.00 geen gemeente 0 0 0 n
0 1.918.000
AB lid: Wethouder B. Porskamp
8 gemeente n
164.000
210.000 1.050.000 1.146.000 geen
0
636.000
8 gemeente n
175.946
187.793
43.222
185.572
Plv lid: Wethouder J. Hoenderboom Erfgoed Centrum Doetinchem Achterhoek Liemers (ECAL)
Het Erfgoedcentrum Achterhoek Liemers beheert het archief van de acht Achterhoekse gemeenten Aalten,
AB Bestuurslid Lid: Wethouder J. Hoenderboom
592.838
451.591 geen
86
Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk. Voor deze gemeenten bewaart het Erfgoedcentrum historische informatie en stelt deze beschikbaar. Het beschikbaar stellen gebeurt via de website of op de studiezaal. De komende jaren zal het archief naast papieren informatie meer en meer digitale informatie bevatten. Plv lid: Wethouder E. Dusseldorp 1. De volgens de Vestigingsplaa Openbaar belang rekenkamer ts gedefinieerde verbonden partijen met een bestuurlijk en aanmerkelijk financieel belang.
Bestuurlijke relatie
Collegevertegenwoordigi Aantal ng deelnemer s
Eigen vermogen
Vreemd vermogen
veranderin resulta g belang at Financiële bijdrage
begin eind begin eind dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar Fijnder
Groenlo
De dienst is van en voor de DBgemeenten (Berkelland, Bestuurslid Oost Gelre en Winterswijk); De dienst staat voor maximale zelfstandigheid op het gebied van arbeid, inkomen en participatie; De dienst is klantgericht, resultaatgericht en levert in haar samenwerking met partners maatwerk; De dienst voert de opgedragen taken uit met betrokken, professioneel en kwalitatief goed personeel; De dienst heeft ambitie en wenst een voortrekkersrol te vervullen
AB lid 1: Wethouder E. Dusseldorp
3 1.500.000 gemeente n
1.500.000 11.628.00 10.988.00 geen 0 0
0 11.502.00 0
AB lid 2: Wethouder A. Schuten ABBestuurslid
Plv lid 1: Wethouder J. Hoenderboom Plv lid 2: Wethouder B. Porskamp
87
Stadsbank Oost Nederland
Enschede
De Stadsbank Oost ABNederland is een Bestuurslid Gemeenschappelijke Regeling ‘van en voor’ gemeenten. De missie is om financiële weerbaarheid en eigen kracht van huishoudens te versterken. Dit doen door voortdurend te bouwen aan een betrouwbare, transparante en kwalitatief hoogwaardige uitvoeringsorganisatie, die samen met klanten duurzame resultaten boekt en zich daarover altijd maatschappelijk verantwoordt.
Lid: Wethouder E. Dusseldorp
22 gemeente n
892.100
1.289.900 11.496.60 5.790.100 geen 0
0
0
22 2.211.000 gemeente n
2.410.000 2.879.000 2.629.000 geen
0
626.862
Plv lid: Wethouder vA. Schutten GGD Noord- Oost Gelderland
Warnsveld
De GGD is de ABgezondheidsdienst van en Bestuurslid voor de gemeenten Aalten, Apeldoorn, Berkelland, Bronckhorst, Brummen, Doetinchem, Elburg, Epe, Ermelo, Hattem, Harderwijk, Heerde, Lochem, Montferland, Nunspeet, Oldebroek, Oost Gelre, Oude IJsselstreek, Putten, Voorst, Winterswijk en Zutphen. Centraal bij de GGD staat preventie: het voorkomen van ziekten in de regio.
AB lid: Wethouder E. Dusseldorp
Plv lid: Burgemeester A. Bronsvoort Naamloze, Vestigingsplaa Openbaar belang Commanditaire en ts Besloten Vennootschappen en verenigingen
Bestuurlijke relatie
Collegevertegenwoordigi Aantal ng deelnemer s
Eigen vermogen
begin eind dienstjaar dienstjaar Gebiedsondernemin Groenlo g Laarberg CV
Laarberg is het regionale bedrijvenpark in het oostelijke deel van de Achterhoek. Door een bundeling van krachten
Vennoot
Vert : Wethouder A. Schutten
2 gemeente n
Vreemd vermogen
veranderin resulta g belang at Financiële bijdrage
begin eind dienstjaar dienstjaar dienstjaar 48% aandelen
88
kunnen we de concurrentiepositie van de regio waarborgen, verstevigen en verbeteren. Met ruimte voor ondernemingen tot en met milieucategorie 5 Gebiedsondernemin Groenlo g Laarberg BV
Laarberg is het regionale bedrijvenpark in het oostelijke deel van de Achterhoek. Door een bundeling van krachten kunnen we de concurrentiepositie van de regio waarborgen, verstevigen en verbeteren. Met ruimte voor ondernemingen tot en met milieucategorie 5
Lid raad van Vert : Wethouder A. commissariss Schutten en Aandeelhoude r
2 gemeente n
48% aandelen
Niet in kaart gebracht
395.494 aandelen
Niet in kaart gebracht
Ca. 2.500
Plv vert: Wethouder J. Hoenderboom Alliander NV
Arnhem
Alliander is een Aandeelhoude Vert: Wethouder A. netwerkbedrijf en zorgt voor r Schutten een betrouwbare, betaalbare en bereikbare energievoorziening (gas en elektra) Plv vert: Wethouder B. Porskamp
Nuval Platform
-
De gemeenten die zich Lid vereniging Vert: Wethouder A. verenigd hebben in het Schutten Nuval-platform hebben afgesproken in een aantal onderwerpen met één stem op te treden tijdens de aandeelhoudersvergaderin gen van Alliander en Vitens. Plv vert: Wethouder B. Porskamp
Vitens NV
Zwolle
Het beschikbaar Aandeelhoude Vert: Wethouder A. stellen van voldoende r Schutten betrouwbaar drinkwater.
Niet in kaart gebracht
€ 684,8 miljoen
€ € 1537 724,1miljoe miljoen n
€ 1682 miljoen
18.693 aandelen
Plv vert: Wethouder B. Porskamp NV ROVA
Zwolle
ROVA is een duurzaam dienstenbedrijf dat voor de aandeelhoudende
Aandeelhoude Vert: Wethouder B. r Porskamp
23 gemeente n
295 aandelen
89
gemeenten zorg draagt voor de inzameling van het huishoudelijk afval en het onderhoud van de openbare ruimte. De missie van de ROVA is om zorg te dragen voor een schone en duurzame leefomgeving voor de inwoners van de aandeelhoudende gemeenten. De ROVA is actief voor 23 gemeenten verdeeld in 3 regio's: Zwolle, Achterhoek en Eemland. Plv vert: Wethouder A. Schutten AGEM
Doetinchem
De AGEM levert een bijdrage aan de energie transitie in de Achterhoek.
Lid vereniging Vert: Wethouder B. Porskamp
8 gemeente n
38 aandelen
BNG Bank N.V.
Den Haag
Het behoud van een Aandeelhoude vert. Wethouder A. belangrijk marktaandeel in r Schutten het Nederlandse publieke en semipublieke domein en rendement voor de aandeelhouders.
De staat, gemeente n, provincies
51.363 aandelen
Coöperatieve vereniging “Dimpact” u.a.
Enschede
Gemeenten staan allemaal Lid vereniging Vert: Wethouder J. voor dezelfde uitdagingen, Hoenderboom zoals digitalisering, antwoord geven, zaakgericht werken en ketensamenwerking. Elke gemeente heeft daarbij te kampen met onvoldoende middelen, kennis en capaciteit. Samenwerken met elkaar ligt dan voor de hand. Dimpact is een coöperatieve vereniging 100% van, voor en door gemeenten. De Dimpactgemeenten hebben de handen ineen geslagen om vraagstukken rondom dienstverlening en bedrijfsvoering gezamenlijk op te pakken.
Thans 31 gemeente n lid
90
Plv vert: Wethouder A. Schutten Leisurelands B.V.
Arnhem
Openbare toegankelijkheid Aandeelhoude Vert. gemeente dagrecreatieterrein r Berkelland gemachtigd namens Oost Gelre
Niet in kaart gebracht
1.049 aandelen
91
Paragraaf 3: Bedrijfsvoering Inleiding Met bedrijfsvoering bedoelen we de manier waarop processen in onze organisatie zijn georganiseerd en worden aangestuurd en de wijze waarop de verschillende bedrijfsmiddelen worden ingezet. De kwaliteit van de bedrijfsvoering bepaalt in belangrijke mate of we de doelstellingen, benoemd in de programma’s van de voorliggende begroting, succesvol kunnen realiseren. De paragraaf Bedrijfsvoering heeft een expliciete relatie met het programma Bestuur, bedrijfsvoering en dienstverlening. De scheiding die we hier trekken is dat het programma zich inhoudelijk richt op de relatie tussen de burger en de gemeente. Deze paragraaf richt zich vooral op de reguliere operationele kaders en doelstellingen met betrekking tot onze bedrijfsvoering. De eisen die burger- en overheidsparticipatie stellen aan onze bedrijfsvoering worden ook belicht. De operationele kaders hebben betrekking op het beleid ten aanzien van communicatie, personeel, integriteit, informatisering en automatisering en planning & control. In deze paragraaf gaan we in op de ontwikkelingen die aan de orde zijn binnen de bedrijfsvoering.
Communicatie in het hart van beleid Verbinding met de samenleving De gemeente staat midden in de samenleving. We vinden het belangrijk om een goede relatie te hebben met onze inwoners, ondernemers en instellingen. Daarom steken we er veel energie in om met hen in contact te komen. En we communiceren hierbij nadrukkelijk vanuit onze kernwaarden Verbindend, Nabij en Vindingrijk. We staan in verbinding met onze inwoners via offline en online communicatie. Van de gemeentepagina’s in de lokale huis-aan-huisbladen tot aan bijeenkomsten met klankbordgroepen voor projecten en van onze website, sociale media en video’s tot en met digitale enquêtes voor het peilen van meningen bij inwoners. We gebruiken ‘alle kanalen’ zoals dat heet, om te communiceren met onze inwoners. Zeker online vraagt de monitoring en zorgvuldigheid bij het beantwoorden van vragen en opmerkingen inmiddels veel inzet. Inwoners informeren en betrekken bij diverse onderwerpen en projecten wordt steeds belangrijker. Voor de meeste projecten en onderwerpen plannen we in onze aanpak al één of meerdere participatiebijeenkomsten. Door ideeën en suggesties van onze inwoners mee te nemen, ontstaan vaak betere plannen en besluiten. Bovendien ontstaat er verbinding doordat mensen met elkaar in contact komen over het onderwerp of project. Het wordt een wederkerig proces.
Een ambitieuze gemeente als Oost Gelre vraagt ook veel van de advisering over en ondersteuning met communicatie. Goede communicatie is de verbinding met de samenleving.
Personeelsbeleid Doorontwikkeling organisatie ‘hart voor Oost Gelre’ De raad en college hebben in het coalitieakkoord en college-uitvoeringsprogramma op de verschillende beleidsterreinen hun ambities uitgesproken. Daarbij verandert de omgeving en de vraagstukken waar onze gemeente voor komt te staan van een gemeente continue. Dit vraagt om wendbare organisatie, die kan inspelen op het vraagstuk dat op dát moment aan de orde is. Dit vraagt weer van een organisatie dat zij continu in ontwikkeling is. Het ene moment zit deze ontwikkeling in het vormgeven van projectmatig werken, of in het verbeteren van contacten met de omgeving. Het andere moment in scholing op vakinhoud en vaardigheden of het verbeteren van de dienstverlening. Daarom startten wij eerder ons doorontwikkelingstraject ‘Hart voor Oost Gelre’. Per 1 januari 2023 werken wij via een nieuwe organisatiestructuur waardoor een (extra) managementmiddenlaag is ingevoerd (teamleiders). In 2023 hebben we stevig ingezet we in op de ontwikkeling van onze leidinggevenden, zowel teamleiders als afdelingshoofden. We ontwikkelden het afgelopen jaar een leiderschapsontwikkelprogramma en deze is ook gestart in het najaar van 2023. Dit proces gaat ook in 2024 en de jaren erna door. Dit is een continue proces.
92
De doorontwikkeling is meer dan een organisatiestructuurwijziging en ontwikkeling van het management. Daarom pakte per 1 januari 2023 elk afdelingshoofd de verdere doorontwikkeling op via één van de volgende pijlers: 1. Buiten met binnen verbinden; 2. Bestuurlijk en ambtelijk samenspel; 3. Aandacht voor groei en ontwikkeling. Het MT wordt hierin bijgestaan door diverse adviseurs uit de organisatie en enthousiaste medewerkers uit de organisatie In de loop van 2023 hebben we prioriteiten verder uitgewerkt en opgepakt en zullen we de bijbehorende acties uitvoeren in de jaren erna. Het jaar 2023 is ook het jaar waarin wij ons verhaal (organisatievisie, koers en kernwaarden) zullen presenteren. Ons verhaal komt voort uit verschillende bijeenkomsten, interviews, werkgroepen en projecten net zoals het beeld van de samenleving door ons is meegenomen. Uitvoering vindt plaats in 2024 en erna. Aantrekkelijk werkgeverschap In 2024 behouden we onze focus op aantrekkelijk werkgeverschap. Dit draagt namelijk bij aan het kunnen blijven inspelen op de komende ontwikkelingen, anders gezegd we willen een toekomstbestendige organisatie zijn en blijven. Richting geven aan aantrekkelijk werkgeverschap voor zowel toekomstige als huidige medewerkers kun je op diverse manieren doen.
Zaken waarop wij ons dit jaar richten zijn de evaluatie van het in 2023 ingevoerde mobiliteitsregeling (vergoeding woon/werk), arbeidsmarktcommunicatie, arbeidstevredenheid, preventie en vitaliteit. Ook kijken we naar bestaand beleid/regelingen om deze waar nodig te actualiseren. Investeren in jong talent We trekken jongeren aan via vacatures. Daarnaast investeert onze organisatie in jong talent door de inzet van trainees. We hebben in 2023 meerdere trainees mogen verwelkomen binnen onze organisatie. Door hen kennis te laten maken met het werken in deze mooie regio kun je jong talent binden aan de regio. Voor onze organisatie levert het ook waardevolle dingen op. Trainees zorgen voor een boost als het gaat om vernieuwend werken en/of verandering. Naast trainees verwelkomen we ook graag stagiaires en afstudeerders. Onze positie op de arbeidsmarkt in 2023 hebben we veel van onze vacatures kunnen invullen. Hoe mooi dit ook is, we blijven zeker aandacht geven aan onze positie op de arbeidsmarkt. In 2023 onderzoeken we wat ons gaat helpen bij het versterken van onze arbeidsmarktpositie en dit voeren we de komende jaren door. Ook verwachten we in 2024 het huidige functiehuis te actualiseren. Een functiehuis dat past bij de organisatie die we willen zijn.
Daarnaast blijven we regionaal actief meedenken en -doen met gezamenlijke initiatieven om ons samen met buurgemeenten te profileren. Een ander initiatief om de krapte op de arbeidsmarkt 'te tackelen' is de zittende medewerker zó te binden en boeien dat ze onze organisatie niet willen verlaten. Zaken zoals goed leiderschap, focus op een duurzame inzetbaarheid en het aanbieden/faciliteren van ontwikkelingsmogelijkheden kunnen hier positief aan bijdragen. Dit pakken we op via het al genoemde leiderschapsontwikkelingstraject en strategische personeelsplanning. Maatschappelijke verantwoordelijkheid Wij hebben de maatschappelijke verantwoordelijkheid mensen een kans te geven deel te nemen aan de arbeidsmarkt. In deze jaren continueren we onze werkwijze. Als er taken in onze organisatie mogelijk te matchen met iemand met een afstand op de arbeidsmarkt, dan zoeken we contact met FIJNDER. Samen bekijken we of deze persoon via hen bij ons te werk gesteld kan worden. Zo zetten wij in om voor deze groep mensen de afstand tot de arbeidsmarkt te verkleinen. Momenteel werken 4 mensen in onze organisatie met een bijzondere aanleg via detachering vanuit FIJNDER. Daarnaast is in de overeenkomst met de gecontracteerde partij als het gaat om inzet van flexwerkers de voorwaarde Social Return opgenomen.
Gezonde en veilige werkomgeving / ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage bedroeg in 2022 4,7%. Dit is een stijging in vergelijk met het voorgaande jaar. We wijken hiermee niet af van de landelijke tendens, ook daar liet 2022 een stijging zien ten opzichte van voorgaande jaren. Wel vallen we onder het landelijk percentage. Dat ontlast ons niet aandacht te geven aan preventie en verzuim. Het is en blijft dit jaar en komende jaren iets waaraan we werken. We gaan hiervoor onder andere het volgende doen. Sinds januari 2023 hebben we leidinggevenden dichtbij de medewerkers
93
georganiseerd. We verwachten dat dit een positief effect heeft op het ziekteverzuimpercentage. Daarnaast namen we in 2023 het initiatief om onze leidinggevenden (nog) meer mee te nemen in het proces van reintegratietrajecten waardoor zij zelf nadrukkelijk de rol kunnen pakken in deze processen. We organiseerden een training waarin we de verschillende aspecten van zo’n traject doorlopen en hierin schenken we ook zorgvuldig aandacht aan zijn/haar rol in deze processen. We blijven de komende periode werken aan een gezonde en veilige werkomgeving. In een gezonde en veilige werkomgeving is iedereen zich bewust is van risico’s op de werkplek, worden passende maatregelen genomen om die risico’s tegen te gaan en zorgen we met elkaar voor het handhaven van veilig gedrag op de werkplek. De werkgever is samen met de werknemers hier verantwoordelijk. In 2023 voerden we in dit kader de volgende zaken uit: een Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) en een Periodiek Arbeidsgezondheidskundig Onderzoek (PAGO). De resultaten zorgen voor een up to date inzicht van hoe onze organisatie er momenteel voorstaat op het gebied van gezondheid en veiligheid waar we vervolgens punten uit halen voor het vervolgtraject. Dit vervolgtraject pakken we uit in de komende jaren.
Integriteit en ondermijning Bestuurlijke en ambtelijke integriteit Om als gemeente een betrouwbare en integere partner te zijn, besteden we aan dit onderwerp blijvend aandacht. We willen dat zowel bestuurders als ambtenaren integriteitskwesties herkennen en ernaar handelen. Daarom bevorderen we een sfeer waarin we hier open over spreken. Dat geldt voor raadsleden, collegeleden en de ambtelijke organisatie. Het is van belang dat ambtenaren, wethouders en raadsleden alert zijn op mogelijke onverenigbaarheid van nevenfuncties en handelingen die ze verrichten. We werken transparant doordat ambtenaren hun nevenfuncties melden bij hun leidinggevende. Vanuit het oogpunt van bestuurlijke transparantie publiceren we de nevenfuncties van de politieke ambtsdragers op onze website . Ook de declaraties van bestuurders zijn opvraagbaar en op de gemeentelijke website in te zien. Gedragscodes Er zijn naast het wettelijk kader (Gemeentewet) ook gemeentelijke gedragscodes van toepassing. Eén code voor de integriteit van collegeleden / raadsleden (door de gemeenteraad op 22/11/2022 opnieuw vastgesteld) en één voor medewerkers. Zij vormen een beoordelingskader en leidraad bij twijfel, vragen en discussies. We beschikken over een integriteitscoördinator die adviseert over integriteitskwesties. Daarnaast zijn er vertrouwenspersonen (extern en intern) aan wie meldingen kunnen worden gedaan.
Dat gebeurt op basis van de Gedragscode voor medewerkers of in het kader van de zogenaamde klokkenluidersregeling. Dit geldt ook voor integriteitskwesties. Ambtseed – belofte / Verklaring Omtrent Gedrag / bijeenkomsten-trainingen Onze nieuwe medewerkers leggen een ambtseed of –belofte af. Dit geldt op vergelijkbare wijze voor tijdelijke krachten (uitzendkrachten, gedetacheerden, payrollers etc.). Zij hebben een schriftelijke verklaring afgelegd die vergelijkbaar is met de ambtseed. Verder vragen we voor elke medewerker die nieuw in dienst komt een Verklaring Omtrent Gedrag aan. In 2022 is er, na vaststelling van de nieuwe gedragsregels, voor de college- en raadsleden een bijeenkomst/training rondom integriteit/ongewenst gedrag georganiseerd. In 2023 is er voor de medewerkers op afdelings- en teamniveau ook aandacht voor dit onderwerp. Voor 2024 is de planning integriteit organisatie-breed bijeenkomsten en trainingen te organiseren rond om integriteit. Ondermijning We hebben als gemeente het RIEC (het Regionaal Informatie en Expertise Centrum) convenant ondertekend. Dat geeft ons met betrekking tot de aanpak van ondermijning de mogelijkheid om informatie uit te wisselen met belangrijke partners zoals de politie, het Openbaar Ministerie en de Belastingdienst.
Specifiek met betrekking tot het onderwerp ondermijning werken we samen met het RIEC aan bewustwording rond dit onderwerp waarbij ook de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Bibob) aandacht krijgt. Samen met het RIEC is er onder andere een ondermijningsbeeld, analyse van het buitengebied en de bedrijventerreinen gemaakt. Dit vormt onder andere de basis voor de effectieve inzet van preventie en interventiecapaciteit en het fundament onder (nieuw) beleid. De uitkomsten van de analyses zijn grotendeels opgepakt en veel adviezen zijn werkzaamheden die continu doorlopen.