CConstaterende datOldenzaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcriptverslag raadsvergadering 13 november 2023 (begroting) vastgesteld in de raadsvergadering van 18 december 2023

Gemeenteraad 13 november 2023, gemeente OldenzaalBij agendapunt: Notulen van deze vergadering54.449 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

En om daar nu precies al bedragen aan te koppelen, daarvan zeg ik, laten we dat even vooruitschuiven. Want als college willen we echt met een proces bij u komen, hoe om te gaan met deze tekorten. Dan de VVD vraagt wat er zoal wordt gedaan. Want ik zei net, het zit vooral veel op het landelijke. En de VVD vraagt ook, wat gebeurt er landelijk? Allereerst is er tijdens het laatste VNG-congres een resolutie aangenomen, waarbij het landelijk bestuur ook heeft opgeroepen om vooral de tekorten te laten zien. Want we kunnen als gemeente altijd heel goed problemen oplossen en kijken welke voorzieningen we al willen wegstrepen. Maar deze keer geeft de VNG heel duidelijk aan, laat zien wat je tekort komt, want anders dan wordt het gewoon niet serieus genomen. En inmiddels lijkt het wel dat we wat serieuzer worden genomen. Er zijn inmiddels ook al echt wat stappen gezet. Maar we moeten ook nog wel veel stappen zetten. VNG richt zich in de gesprekken met het Rijk op een viertal punten. Dat is het herstel van het acres van 2026, de indexering van het Gemeentefonds passend maken bij de stijgende zorgvraag, het afschaffen van de opschalingskorting, waarmee 675 miljoen uiteindelijk gepaard gaat, en het in balans brengen van taken en middelen. En één punt welke waarschijnlijk wel politiek haalbaar is, dat is het afschaffen van de opschalingskorting.

Tijdens de behandeling van de begroting van BZK is er een meerderheid geweest voor de motie om die opschalingskorting af te schaffen. -53-

Daar zien we een kans. Maar u weet ook, volgende week zijn de verkiezingen. En het kan ook zomaar zijn dat als er een nieuw kabinet zit, dat hij daar weer anders over denkt. Met alles wat er nu gebeurt, blijft het toch nog wel zeker een spanning, gaat het wel of niet gebeuren? En dat ligt er gewoon echt aan hoe de verkiezingsuitslag er volgende week uit gaat zien. Daarnaast zijn we ook op provinciaal niveau wel bezig. Vanuit VNG Overijssel zijn we in beeld aan het brengen hoe de financiële situatie is bij de 25 Overijsselse gemeenten. En dat willen we ook uiteindelijk richting het landelijke brengen om aan te geven, dit is wat we in Overijssel tekortkomen. Als we gewoon het reguliere doen wat we doen. En dat is wat we nodig achten om toch bij geplust te hebben. Maar wat ik al zeg, het is gewoon echt de vraag of dat gaat lukken. Maar als blijkt dat er geen oplossing komt, dan zullen wij moeten gaan kijken hoe wij die baten en lasten beter in balans brengen en wat daar dan voor nodig is. Als college vinden we het belangrijk dat we daar een zorgvuldig proces gaan doorlopen. We willen het eerste kwartaal 2024 met een procesvoorstel bij u komen om te laten zien hoe wij richting de Kadernota 2025 met voorstellen gaan komen. Want we vinden in ieder geval wel dat we niet langer kunnen wachten. Uiteindelijk zullen we wel besluiten moeten nemen.

En we kunnen niet alleen maar afwachten of Den Haag met geld gaat komen, want als het niet zo is en we zijn te laat, dan gaat het flink geld kosten. D66 gaf het ook al aan. Tot die tijd vinden wij het belangrijk om daarmee voorzichtig te begroten en niet nog ambitieuzer te zijn dan dat we al zijn. Want we doen heel erg veel in deze mooie gemeente. En we willen ook gewoon dat doen wat we hebben gezegd dat we gaan doen. En met de capaciteit die we hebben, denken we dat we nu ook wel zo ongeveer aan die max zitten. D66 heeft het ook over ons weerstandsratio. Want het is inderdaad zo dat wanneer zulke negatieve resultaten worden behaald dat ook weldegelijk een effect heeft op het weerstandsratio. Maar uit onze berekeningen blijkt dat we ook na deze negatieve resultaten binnen de gestelde norm blijven. En dat is dan wel na de Najaarsnota. Het is denk ik goed dat straks ook nog een keer de berekening doet met de Najaarsnota, want die is iets gunstiger, gelukkig. Maar het is wel zaak om daar naar te blijven kijken. Want ik ben het wel met u eens dat we ook dat in ons achterhoofd moeten houden. U heeft destijds een weerstandsratio op twee gezet, de norm. Dn daar willen we ook graag aan blijven voldoen. De voorzitter: Een korte interruptie van de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Heel kort.

Houdt u bij de weerstandsratio in enige toekomst rekening met het risico in het begrotingsresultaat? Want dat heb ik meegenomen om op die anderhalf te komen. Niet was mijn doel, maar dat kwam eruit. De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Het weerstandsratio is een onderdeel van die risico-opgave. En daar staan alle risico’s in. En op basis van die risico's hebben wij juist die weerstandsratio. Dat is wat wij doen. Daarvoor hebben wij ook het weerstandsvermogen. De voorzitter: Heel kort, de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Zoals u het formuleert, draait u het in mijn ogen even om. De weerstandsratio is een gevolg van de risico's. Als je de risico's volledig inschat, dan kan je een weerstandsratio berekenen. De voorzitter: De wethouder, gaat u verder.

-54-

Mevrouw Zinkweg-Ankone: Wij hebben daar een andere berekening voor. En die kunt u ook zien. En dat is volgens ons de manier waarop je deze weerstandsratio moet berekenen. Dan ga ik verder, want dat was de weerstandsratio. Dan werd door GroenLinks aangeven dat de leesbaarheid van de begroting... Dat daar toch wel wat aan schort. En u heeft ook een mooie begroting voor dummy's aan mij net aangereikt. En u heeft in een eerdere begroting al geld beschikbaar gesteld om de Planning en Control cyclus te digitaliseren. En dat heeft ook tot gevolg dat we in 2024 overgaan naar dat nieuwe systeem. En wij verwachten ook, of nee, dat verwachten we niet alleen, dat is zeker zo, dat het effect gaat hebben op de uniformaliteit en de leesbaarheid van de begroting. We willen dat graag voorrang geven en prioriteit daaraan geven voordat wij nog weer eventueel een extra slag willen slaan. En dat is dan uiteindelijk natuurlijk ook aan u allen of u vindt dat dat nodig is. Maar volgend jaar gaan wij daarmee aan de slag. En we verwachten dat bij de volgende begroting dat het al wat duidelijker is. Daarmee zou ik de motie van GroenLinks willen ontraden, voor de duidelijkheid. Dan de vragen over het smarter maken van de Programmabegroting en van de doelstellingen. Want zoals ik ook bij het Politiek Forum heb aangegeven, staan in deze begroting bij programma één al nieuwe beleidsindicatoren per ambitie.

Dat is bij 2.1.3.1. Dat is vanuit ons als college een eerste aanzet geweest tot een smartere begroting. Ik denk dat u die wellicht heeft gemist of misschien dat u ook wat anders had verwacht. Want u kan natuurlijk ook andere beleidsindicatoren wensen. En dan hadden we dat ook graag hier gehoord. Maar uiteindelijk is het natuurlijk aan u. U kunt het misschien ook nog op een ander moment bespreken. Maar dit was de eerste aanzet. En het was ook de bedoeling dat we per Planning en Control product dat we dat ging oppakken bij doelstellingen. De verwachting is ook dat we dat binnenkort verder op gaan pakken. Dan komen we bij programma twee. En zo komen we dan ook bij de binnenstad uit, waar u ook naar vraagt. Maar als u hier andere voorstellingen bij heeft, dan hoor ik dat ook graag. De voorzitter: De heer Snijders, korte interruptie. De heer Snijders: Prima antwoord. Alleen wat de binnenstad betreft, daar hebben we gezegd, voor eind 2023. De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Dan ga ik meteen door met het volgende kopje, want dan kom ik daar ook op terug bij u. Binnenstad. Want ook daar zijn een aantal vragen over gesteld, zoals onder andere de toegangsregeling voor bezoekers van de binnenstad en het laden en lossen. Daar kwam Solidair Oldenzaal op. Dat is één van de acties die als prio één is aangegeven door de StadsNoabers.

En daarover hebben we u ook al in september geïnformeerd. We hebben inmiddels op het gebied van dit laden en lossen en die toegangsregeling samen met een aantal ambtenaren en vertegenwoordigers van de binnenstadondernemers, maar ook de horecaondernemers een brainstormsessie gehad. Was erg interessant overigens. En daarbij hebben we echt wel geconstateerd dat we het belangrijk vinden dat zowel bezoekers, bewoners, maar ook zeker ondernemers het goed hebben. En dat betekent niet per se dat laden en lossen makkelijker moet, maar wel duidelijker. Want dat dat niet duidelijk is en dat er inderdaad door het bord wat eronder hangt, dat dat niet voor iedere bezoeker direct helder is, dat is bij ons bekend. Wat wij nu hebben gezegd, het moet duidelijker. En samen met die binnenstadondernemers en met die horecaondernemers gaan we kijken, en met de mensen van de StadsNoabers, wat er het best passend is. Dat wordt gevolgd. Wordt bij de StadsNoabers neergelegd en gaan we mee aan de aan de slag. Dan het invalidentoilet. We hebben in eerste instantie onderzocht of dit mogelijk was bij een binnenstadondernemer. Vervolgens hebben we bekeken of het mogelijk was in combinatie met de bewaakte fietsenstalling. Daar heb ik u eerder ook al eens over geïnformeerd. Maar dat bleek geen -55-

geschikte locatie te zijn. Uiteindelijk hebben we wel een geschikte locatie gevonden. En we zijn nu ook bezig om dat voor te bereiden. En dat moet natuurlijk met een vergunning gaan. U kunt zich voorstellen dat we daar ook zorgvuldig mee om willen gaan en dat we afhankelijk zijn van mogelijke zienswijzen. En als het allemaal goed gaat, hopen we dat we dit in kwartaal één 2024 kunnen realiseren. Dan de fietsenstallingen, want daar geeft Partij van de Arbeid ook aan dat het erg lang duurt. En daar kan ik me eigenlijk wel bij aansluiten, want we hebben te maken eigenlijk met een volgebouwde binnenstad. We hebben heel veel wensen. We willen groen, we willen parkeren, we willen fietsen, we willen een invalidentoilet en we willen vast nog heel veel meer, maar we hebben ook maar beperkte ruimte in de binnenstad. We moeten daar keuzes maken. Toch hebben we ook hier eigenlijk twee plekken gevonden waar we denken meer fietsen te kunnen stallen dan dat er op dit moment is. En daarbij zitten we ook weer te kijken, dat is weer even afhankelijk van hoe de processen lopen, maar daar krijg ik nu mee dat het waarschijnlijk in Q2 volgend jaar gerealiseerd kan worden. De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel.

Fijn om te horen dat er vooruitgang geboekt wordt als het gaat om het realiseren van de fietsenstalling en invalidentoilet. Maar die toezegging hebben we al vaker hier in deze zaal van u gekregen of van het college. Wij willen er echt wel met klem benadrukken dat de planning nu wel een keer klaar moet zijn en dat we nu moeten overgaan tot realisatie. Want jaren mensen aan het lijntje houden, is volgens mij niet van deze tijd. De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Eens. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Solidair Oldenzaal heeft daar wel een motie voor opgesteld, voor de fietsenstallingen. Wat ik net al aangaf, ook vanuit de Partij van de Arbeid, ik begrijp dat hier vragen voor zijn,, maar het staat in de Programmabegroting als actie. Eigenlijk is dit een overbodige motie. En u kunt ook bij de Planning en Control cyclus het college bevragen op dit onderdeel. Volgens mij doet een motie daar niet heel veel... Voegt daar niet heel veel aan toe. Maar dat is aan u. De voorzitter: Per interruptie, de heer Bouwman. Kort. De heer Bouwman: Ik weet dat het in een Programmabegroting staat, maar een invalidentoilet staat ook in een Programmabegroting. En het is bedoeld om een signaal af te geven van, wij willen dat gerealiseerd zien binnen korte tijd en maak daar alsjeblieft snel werk van. Vandaar en ik ga hem ook niet intrekken.

De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Prima. Dat is aan u. Het is ook duidelijk dat hier echt wel behoefte aan is om daar snelheid in te maken. Wat dat betreft geeft u dat goed mee aan mij. De parkeervisie wordt ook naar gevraagd door Partij van de Arbeid. Er vindt momenteel een door StadsNoabers gedragen onderzoek plaats naar parkeren in de binnenstad. Daarover bent u ook geïnformeerd in september door de StadsNoabers. En het onderzoek is ongeveer februari, maart klaar. College neemt vervolgens een besluit over het voorgelegde advies en komt bij u met de voorgestelde maatregelen. Die worden dan bij u voorgelegd. Volgens mij moet u daar nog even op wachten. En dat is ook wel -56-

volgens de planning, zoals wij die in september met u hebben gedeeld. Om nu al te verwachten dat er een parkeervisie ligt, is volgens mij een beetje voorbarig. Zelf zie ik dat soort dingen ook liever altijd eerder. Maar we hebben wel te maken met een capaciteit en met toch wel bepaalde zorgvuldigheid die we in de dit proces moeten doorlopen. Dat is mijn antwoord. En dan nog even iets over de gelden van de binnenstad, want daarover begon de heer Snijders. Bij het behandelen van de gewijzigde Programmabegroting 2023 heeft u ook een reserve binnenstad en vastgoed ingesteld. En die reserve binnenstad en vastgoed heeft een bepaald doel, namelijk het versterken van de binnenstad. En u heeft daarbij ook het college mandaat gegeven om geld beschikbaar te stellen als er een plan voorligt wat voldoet aan dat doel. Zoals we ook al hebben besproken bij het Politiek Forum met de StadsNoabers is dat de situatie. Er is geen geld naar de StadsNoabers gegaan. Dat geld staat gewoon hier op de rekening. En op het moment dat er plannen worden voorgelegd, dan zullen ze worden getoetst door het college. En dan kunnen wij die gelden beschikbaar stellen. Er wordt ook niet in 2024 een hele bups met geld beschikbaar gesteld. Dat is niet aan de orde. Het is gewoon op basis van de plannen die worden voorgelegd. Zo werkt het. En zo heeft u volgens mij besloten. Die motie roepen we op van, geen geld.

Maar we hebben een reserve ingesteld en er gaat geen geld naar StadsNoabers of naar Oldenzaal Promotie. Pas als er een plan ligt wat voldoet aan het doel. Dat was de binnenstad. En dan komen nu bij De Höfte, want daar is ook door iedere partij hier uiteraard aandacht aan besteed. Want de zorgen over deze voorziening, die houdt als inmiddels ook al wel een hele tijd bezig. Niet alleen het college, niet alleen de raad, maar eigenlijk de hele samenleving in Oldenzaal. En het is denk ik goed om toch nog heel even terug te kijken. Want in 2021 zijn wij als college, samen met De Höfte, met elkaar begonnen aan de opdracht om de afspraken over en weer goed in kaart te brengen en goed op te stellen. Want die waren er niet. Ik bedoel, er lagen afspraken, die waren niet helder over en weer. We vonden het echt een taak. Dat hebben we ook na elkaar uitgesproken dat we daarmee aan de slag gingen. Maar aan het begin van dit jaar zijn we in een situatie beland waarbij we het hadden over financiële problemen. En daar bent u natuurlijk zelf ook in meegenomen. Heeft u ook aangegeven dat u daar bereid bent om in mee te denken. Maar dat is wel waar we in een keer in beland kwamen, terwijl we eigenlijk bezig waren met wat anders. Maar dat is dan toch goed om dat nog even weer terug te halen van waar ze begonnen.

De Höfte ontvangt al jaren een structurele subsidie en heeft zich de afgelopen jaren prima gered. Voor januari hadden wij in ieder geval als gemeente geen signalen gekregen van financiële problemen. U heeft als raad eerder dit jaar 40.000 euro extra beschikbaar gesteld om de financiële zorgen voor dit jaar op te lossen. Die middelen zijn overgemaakt naar De Höfte, nadat we samen met hen hebben geconstateerd dat ze het niet konden redden zonder die 40.000 euro. Daarnaast had u ook ons opgeroepen om voor de behandeling van de Programmabegroting duidelijkheid te verschaffen over de toekomst. Ook dat hebben we gedaan. We hebben aangegeven dat we de structurele subsidie, die er in onze begroting staat, willen behouden en niet meer middelen beschikbaar willen stellen. Geen structurele middelen. En dat is natuurlijk iets waar De Höfte zorgen over heeft. En dat begrijpen wij ook goed, want zij hebben zelf een andere kijk erop. Ze hebben een andere ambitie. En dat kost meer geld dan dat zij op dit moment ontvangen. Richting De Höfte hebben wij tijdens het laatste bestuurlijk overleg een aanbod gedaan om voor hen op zoek te gaan naar iemand die expertise heeft op de vraagstukken die er nu spelen. Die hebben wij naar ons idee gevonden en de naam ook aangereikt bij De Höfte. Deze persoon kan kijken wat er nodig is om een structureel sluitende begroting te krijgen.

Samen met hen kan deze persoon kijken naar mogelijke tijdelijke tekorten die ontstaan doordat de huur bijvoorbeeld van de bso niet meer bij De Höfte binnenkomt. Maar ook door de kosten die gepaard gaan met het misschien wel kleiner worden van de organisatie. Of ook een compensatie die kan gelden voor de inventaris die wordt overgenomen voor de bso. Het kan van alles zijn. Dat hebben wij ook uitgesproken richting het bestuur. Dat hebben wij ook uitsproken naar de persoon die wij daarvoor hebben benaderd. En dat hebben wij ook gedaan, omdat wij vanuit u als raad, tijdens de eerdere gesprekken die we hebben gevoerd, dat we -57-

hebben gemerkt dat er wel comfort zat bij u van, als er tijdelijk nog iets moet, dan zouden wij daar best naar willen kijken. Vanuit daar hebben wij dat ook gezegd. Maar natuurlijk wel, als wij iets voorleggen, is het altijd nog wel afhankelijk van hoe u daar instaat. En u bent natuurlijk degene die gaat over waar we het geld aan uitgeven. Dat hebben wij gedaan. Maar tot op heden is er helaas nog geen gebruik gemaakt van dat aanbod. We hebben diegene aangereikt, maar daar is nog geen gebruik van gemaakt. En het leek er ook op, naar aanleiding van de mail die is gekomen vorige week maandag, dat De Höfte dat aanbod niet wilde nemen, omdat ze aangaven, als het geld niet komt, dan stoppen we. Dat was voor ons reden van, er gaat geen gebruik meer worden gemaakt van die verkenner. Schijnbaar hebben we ook dat niet goed gezien, want we kregen gisteren een brief, die is naar u gegaan, maar die heb ik in cc ontvangen, waaruit toch blijkt dat ze mogelijk na vandaag wel in gesprek willen gaan met een verkenner. Wij hopen daarmee dat het bestuur zich sterker zou blijven maken voor deze mooie voorziening, want wij zien als gemeente een prachtige voorziening. En wij denken ook dat dit gewoon een kans van slagen moet krijgen.

En waar misschien ook al die enthousiaste mensen, die een petitie hebben ondertekend en die hebben aangegeven vooral De Höfte te willen steunen, dat die wel, een deel daarvan, vrijwilliger zou kunnen worden of dat ze vriend of donateur willen zijn. Al met al heeft dat er misschien wel toe bijgedragen, alle commotie die is ontstaan, dat daar misschien toch nog wel wat mensen zijn die zich extra willen inzetten. Dat is in ieder geval wel wat wij hopen. Vanuit het CDA werden nog een aantal concrete vragen gesteld over onder andere de werkwijze en over de huur om niet. Wij zijn eigenlijk wel van mening dat De Höfte zelf over haar contracten moet gaan met derden. Als de aangeboden hulp vanuit onze kant daar een rol in zou kunnen spelen, dan is dat prima. Maar in eerste instantie vinden wij dat aan De Höfte zelf. En dan de opmerking over huur om niet. Daar kan ik me ook wel in vinden, in uw suggestie. Volgens mij is het goed om daar transparant over te zijn. Wat wordt er verstrekt aan, en dan hoeft het niet alleen De Höfte te zijn, maar ook andere partijen, huur om niet? Dat dat dan ook mee wordt genomen, zodat u een transparant beeld heeft van, over welke bedragen hebben het eigenlijk. Welke waarde vertegenwoordigt dat. Daar zou ik me wel sterk voor willen maken, maar dat lukt niet meer in deze begroting.

Maar om dat wel volgende begroting eens te kijken van, welke partijen zijn dat allemaal in Oldenzaal? Welke waarde vertegenwoordigt dat? En hoe kunnen we dat voor u zo transparant mogelijk in de begroting zetten? Solidair Oldenzaal vraagt nog om de kosten voor het groenonderhoud. Het totale groenonderhoud kost ons 3,6 miljoen. En ik begrijp ook wel waar u naartoe wil, als u deze vraag stelt. Want u heeft het over zoveel hectare. En u denkt van, als ik dat dan deel, dan kom ik wel uit op wat de kosten zijn voor De Höfte. Dan kan ik u wel zeggen dat het zo niet helemaal werkt, want je hebt ook te maken met verschillende vormen van onderhoud. Ik denk wel dat het verstandig is dat we ons daar niet aan gaan wagen. Wij hebben 120.000 euro beschikbaar gesteld. Aan de ene kant heeft u gehoord dat de huur van de bso bij hen weggaat. Maar aan de andere kant hebben wij ook het onderhoud overgenomen. Dat vertegenwoordigt natuurlijk ook een waarde. En als we dat dan weer gaan... Als je op die manier ernaar gaat kijken, dan wordt het een hele rekensom. Zij krijgen een subsidie. En het is aan hen om te kijken hoe ze die subsidie besteden. En als ze meer wensen hebben en ambitieuzer zijn dan de middelen die zij vanuit de gemeente krijgen, dan is hun vrij om die ambitie zeker waar te maken. En dan moeten ze op zoek naar alternatieve inkomstenbronnen. Die motie ontraden wij.

De voorzitter: Wethouder, voordat u verder gaat. Ik zag twee interrupties. Ik zag eerst de heer Maartens en dan kom ik bij de heer Bouwman. Allebei kort graag. De heer Maartens. De heer Maartens: Heel kort. Ik heb gevraagd om de huurinkomsten van 2024 eenmalig nog beschikbaar te stellen aan De Höfte. Daar heb ik nog geen antwoord op. De voorzitter: De wethouder. -58-

Mevrouw Zinkweg-Ankone: Ik heb net aangegeven dat de degene die wij hebben aangereikt, dat die in beeld kan brengen wat eventueel de mindere inkomsten zijn en kijken naar de totale begroting, wat ze dan tekortkomen. En dat kan de bso huur zijn, maar dat kan ook andere dingen zijn. De bedoeling is dat daar een overzicht van komt. En dan willen wij daar wel naar kijken of dat acceptabel is en of dat te betalen is. De voorzitter: Nog een keertje heel kort. De heer Maartens: Heel kort. Daar ben ik het mee eens. De voorzitter: Mooi. Dan ga ik naar de heer Bouwman. De heer Bouwman: Ik heb twee vragen gesteld. Op de eerste heb ik een antwoord. Op die tweede, u geeft aan, ik weet wel waar u naartoe wil. Maar het feit is dat ik graag wil weten hoe die 120.000 euro subsidie, bijdragen, daar kunnen we over debatteren wat het is, hoe dat is opgebouwd? Want er zit toch vast iets van een idee achter van, zoveel procent gaat naar het verzorgen van de dieren, zoveel procent gaat naar het verzorgen van het groenonderhoud, het betalen van vrijwilligersvergoedingen. Wilt u op vraag twee nog een antwoord geven? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Ik kan daar niet precies een antwoord op geven hoe die verdeling is. Er zijn bepaalde dingen uitgehaald. Er zijn bepaalde dingen bijgekomen. En we hebben gemeend, we houden het op 120.000.

Volgens mij is dat heel reëel en eerlijk om dat te doen. Want misschien is er wel meer uitgegaan wat er aan korten zijn dan dat er uiteindelijk bijvoorbeeld qua bso huur weer is uitgehaald. Al met al, u kan zeggen van, de hele begroting, maar zo kijken wij niet naar subsidierelaties. De voorzitter: Nog een keertje heel kort. En dan ga ik naar mevrouw Nevels. De heer Bouwman. De heer Bouwman: Ik begrijp dat u dan dat niet paraat hebt, wat de percentuele bijdrages zijn van activiteiten. Maar kunt u dat niet inzichtelijk maken voor ons als ik het vraag van, zou u dat toe kunnen zeggen dat u dat volgende week naar ons toestuurt? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Nee, dat kan ik niet. De voorzitter: Dan ga ik naar mevrouw Nevels. Mevrouw Nevels: Even als reactie op de heer Bouwman. Maar volgens mij hebben we het dan over beleidsvoering. Volgens mij hebben we het dan over invulling van. En volgens mij is De Höfte daarvoor zelf verantwoordelijk. De voorzitter: Ik ga weer naar de wethouder. Wethouder, gaat u verder met uw betoog. De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Er wordt een bedrag beschikbaar gesteld voor een kinderboerderij en een aantal educatieve projecten. En hoe zij precies de invulling doen, dat is aan hen. Dat is niet per se gekoppeld. Dat kunnen we niet op die manier koppelen. Dan nog een vraag die ook over bleef staan. -59-

En dat gaat over de wenselijkheid van een evenement op Het Hulsbeek. Het gaat om een evenement dat plaatsvindt op een terrein dat eigendom is van het Recreatieschap Twente. En daarom is het niet aan ons om te bepalen wat wenselijk is op deze plek. Dat doen we ook niet als het bijvoorbeeld om een particulier gaat die op eigen terrein iets wil organiseren. Of als je het vergelijkt met een verhuurder die een groot pand verhuurt en waarbij de ene huurder niet blij is met de activiteiten van de andere ondernemer. Dan moet toch echt die verhuurder aan de slag en niet de gemeente. Wij komen in beeld op een moment dat er een evenementenvergunning aangevraagd moet worden. En dan volgen wij de regels, zoals deze zijn vastgesteld. Dat zal in dit geval ook moeten gebeuren. En om nu al te gaan zeggen, is iets wenselijk ja of nee, daar gaan wij niet over. Dat is echt aan het Recreatieschap Twente. En daarover heb ik al wel gesprekken gevoerd met het Recreatieschap Twente en ondernemers, gewoon in een regulier overleg. Daarbij is dat ook ter sprake gekomen. En dat is ook de plek waar het gesprek moet voeren. En niet dat wij hier als gemeente over gaan. Dat wil ik u meegeven. U roept daar wel van, daar willen we over in discussie. Maar ik vraag me dan serieus af wat dan de discussie moet gaan worden, want het is nog niet onze taak.

En wel op het moment dat er een evenementenvergunning wordt aangevraagd. Dan moeten wij toetsen of het voldoet aan de regels. Dat over Het Hulsbeek. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. De heer Bouwman, kort. De heer Bouwman: Dat was exact wat ik wilde zeggen inderdaad, dat de gemeente in zicht komt op het moment als er een evenementenvergunning wordt aangevraagd. Maar u gaat dan toetsen aan het beleid of tenminste aan de wetgeving? U heeft toch ook denk ik wel de signalen vanuit de ondernemers? Kijk, er zijn heel veel zaken wenselijk of niet wenselijk. Ik probeer toch een beetje te sturen, zodat er ergens een oplossing komt. Want het is heel makkelijk om te zeggen, we wachten op de vergunning. En dan kijken we of het wettelijk past. En dan gaan we gaan we vinkjes zetten, ja of nee. Ik hoop iets meer actie hierin. Om toch een beetje de ondernemers een goed gevoel hierover te laten krijgen. De voorzitter: De wethouder, maar hij begint nu ook een beetje op het snijvlak van deze portefeuille te komen. Als de wethouder denkt, ik voel me hier wat minder comfortabel bij, dan mag ze hem ook parkeren. Dat ik hem pak. Maar ga uw gang. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Ik wil toch nog weer het even benadrukken over welke rol we te hebben.

Als wij als gemeente gaan zeggen dat wij het niet wenselijk vinden dat zo'n evenement op Het Hulsbeek plaatsvindt, dan kan het ook zijn dat het Recreatieschap Twente zegt, gemeente Oldenzaal, wat heeft u dan ervoor over? En ik vind het echt belangrijk dat we gewoon zuiver blijven. En dit is wat de gemeente moet doen. En dat is wat het Recreatieschap moet doen. En als we dat teveel gaan vertroebelen, dan kan het zomaar zijn dat het Recreatieschap een claim bij ons neerlegt, want dan missen ze inkomsten die ze anders misschien wel zouden kunnen hebben. Ik vind dat wel belangrijk om dat ook hier te benadrukken. De voorzitter: Dan ga ik nu naar de heer Visscher. Ik zag de heer Winkelhuis en ook mevrouw Berger. Maar ik wil u echt vragen om het kort te houden. De heer Visscher. De heer Visscher: De vraag is eigenlijk, ik weet ook niet of dat dan voor de portefeuillehouder is of voor de burgemeester is, hebben wij hier überhaupt een rol nog in te spelen of volgen we gewoon de regels en dat is het? Oftewel, heeft de raad hier nog iets over te zeggen of is het gewoon besloten? De voorzitter: De wethouder. -60-

Mevrouw Zinkweg-Ankone: Normaal gesproken heeft de raad daar niks over te zeggen, want het is gewoon aan de burgemeester. Die kan een evenementenvergunning afgeven en die volgt de regels. An als iets afwijkt, dan is het ook aan de burgemeester om iets tegen te houden. Als raad gaat u daar niet over. U heeft de regels vastgesteld. En het is aan ons om dat de toetsen. De voorzitter: Zo is het. De heer Winkelhuis. En dan ga ik naar mevrouw Berger. De heer Winkelhuis. De heer Winkelhuis: Dan toch een laatste poging, want het gaat om de gevoelens die de raad hier uitspreekt, namens een heleboel Oldenzalers. Waar we onze zorgen uitspreken over dat wat daar gaat gebeuren. En als je die zorgen misschien bij voorbaat toch al op een voorzichtige, diplomatieke manier daar kunt laten landen waar ze thuishoren, weet je, meer kun je dan op dat moment niet doen. Maar volgens mij is dat wat wij hier aan u vragen, zonder dat we zeggen, en het kan niet, het mag niet. Dat is onze vraag helemaal niet. Breng onze zorgen over. Volgens mij is dat een beetje wat ik hier zo proef. De voorzitter: Wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Daar kan ik alleen maar op zeggen dat dat al is gebeurd. Dat hebben we al wel gedaan. De voorzitter: En dan ga ik nog even heel kort naar... Niet? Oké. Dan toch nog, want dan hebben we hem in één keer rond. U heeft zelf de regels vastgesteld.

Op het moment dat er een partij is die een aanvraag indient, die heeft ook rechten. En die moet uitgaan van wat er op dat moment beschikbaar is aan de verordening en aan de regels. Het kan niet zo zijn dat we tijdens het spel de regels gaan aanpassen. Dan bent u niet aan zet. Het is precies wat de wethouder net aangaf. Natuurlijk, het is goed om ook de gevoelens mee te nemen, maar uiteindelijk moet degene die de vergunning of eigenlijk de aanvraag beoordeelt dat doen op objectieve criteria. En daar spelen allerlei partijen, ook het de Veiligheidsregio Twente, de politie, et cetera, allemaal een rol in. Maar wel op basis van objectieve criteria. En we gaan niet tijdens het spel de spelregels aanpassen. Maar als we dat een keer doen, dames en heren, dan gaan we dat vaker doen. En dat is echt een glijdend vlak. Dat moeten we niet willen. Ik ga weer terug naar de wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Er was nog een vraag aan de wethouder middelen gesteld. En dan gaat het over het StadsID. De heer Mekelenkamp vroeg daar over hoe de wethouder middelen daarnaar kijkt. Volgens mij kan mijn collega daar zo het beste iets over vertellen. Die gaat over de inhoud. En u heeft gezien dat wij tot nu toe nog geen middelen hebben opgenomen. En het is uiteindelijk aan u hoe om te gaan met dat voorstel. Volgens mij heb ik dan de beantwoording van mijn vraag gehad. De voorzitter: Mooi. Dank u wel.

Ik zie nog mevrouw Oude Engberink. En dan ga ik over naar het volgende collegelid. Mevrouw oude Engberink. En mijnheer Mekelenkamp, excuus, dat zag ik niet zo snel. Komt door de opstelling. Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor de portefeuillehouder aangeven dat er het eerste kwartaal een procesvoorstel komt vanuit het college, om richting de Kadernota besluiten te nemen. Is dat het antwoord op het verzoek wat wij in ons betoog meegegeven hebben aan het college? De voorzitter: De wethouder.

-61-

Mevrouw Zinkweg-Ankone: Ja, dat klopt. We willen graag daar direct al mee aan de slag en niet afwachten. Wij komen met een procesvoorstel, hoe om te gaan met de baten en lasten in balans brengen. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: We hebben niet alleen gevraagd op procesvoorstellen, maar ook om een pakket aan maatregelen. Die zit daar dan bij in? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Ik hoop dat wij die, en daar ga ik ook... Moeten we intern ook gewoon kijken, wat kunnen we klaar hebben bij de Kadernota? Maar ik hoop dat er dan al wel richtingen liggen. De voorzitter: De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, korte vraag. De portefeuillehouder zegt, we hebben geen middelen opgenomen in de Programmabegroting. Is er wel rekening gehouden met menselijke middelen? Dan lees ik ambtelijke capaciteit. De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Ik denk dat daar mijn collega prima antwoord op kan geven. De voorzitter: Dan ga ik naar wethouder Christenhusz. Ik kijk even. Hij maakt aanstalten. Dat is mooi. Wethouder Christenhusz. De heer Christenhusz: Dank u wel, voorzitter. Ik heb denk ik niet zoveel tijd nodig als collega Zinkweg, maar dat kwam ook omdat ik gewoon veel minder vragen heb gekregen. Zo eerlijk moet ik natuurlijk ook zijn. Ik beantwoord de vragen naar aanleiding van de inbreng van de politieke partijen.

Bij GroenLinks zie ik in mijn portefeuille geen vragen komen. VVD, en dan hebben we het toch ook direct over het amendement. Is meteen weer het bruggetje naar de vraag die net gesteld is. En u gaat toch van mij een beetje een procesantwoord krijgen. Want de initiatiefnemer van Vondelpark 2.0 heeft op een gegeven moment zijn plannen gepresenteerd in een Politiek Forum als zijnde een StadsID. Op dat moment heeft u als raad aan ons als college gezegd van, ga eens kijken of u dit verder voor ons kunt uitwerken, samen met de initiatiefnemer. En breng dan op een gegeven moment terug naar ons wat het allemaal moet gaan kosten, zodat we echt een goede afweging kunnen maken of we ook inderdaad de financiële middelen als raad beschikbaar willen stellen voor Vondelpark 2.0. Vervolgens heeft het college dat proces nog een keer uitgelijnd in een raadsinfobrief. Daar hebt u kennis van kunnen nemen hoe we dat zouden gaan doen. En daarin heeft het college ook aangegeven dat we eigenlijk bij de Programmabegroting op dit moment dat inzicht aan u zouden willen gaan verschaffen. Zover zijn we nog niet. Dat heeft ook mede te maken met het feit dat ook de initiatiefnemer nog zaken in onze richting moet gaan aanleveren.

Maar om precies datgene te kunnen doen wat de heer Maartens ook zei, zorg dat er een goed doordacht overwegingskader komt te liggen voor u als raad, zodat u een beslissing kunt nemen, dan hebt u ook een stukje ambtelijke inzet daarop nodig. En dat betekent niet dat de ambtelijke inzet gericht is dat de schop in de grond gaat. Nee, want u moet eerst nog een besluit nemen als raad wat u van dit initiatief vindt. Maar dat kunnen we niet doen zonder ambtelijke inzet. Dat moge toch hopelijk ook duidelijk zijn. En dan nog even naar de discussie over het amendement van vorige keer. Dat was volgens mij een amendement van de WG, om uiteindelijk middelen ter beschikking te stellen voor dit project. Daar ging een discussie aan

-62-

deze raad aan vooraf, waarbij die fractie op een gegeven moment zei, wij halen het amendement terug. Maar er is ten opzichte van de opdracht die u ons als college gegeven heeft niks veranderd. Dan had u bij de Kadernota daar een amendement in moeten doen, zoals nu de VVD bij deze begroting gepresenteerd heeft. Dat amendement ligt er. En volgens mij moet u daar straks maar met elkaar zien hoe daar de verhoudingen in liggen. De voorzitter: Ik ga even naar de heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Een tweeledige vraag, voorzitter. Enerzijds, welke acties zijn er inmiddels sinds de Kadernota al uitgezet om tot een vervolgplan te komen voor Vondelpark. 2.0? Anderzijds, hoeveel actie, hoeveel uren, hoeft niet helemaal specifiek te zijn, verwacht de portefeuillehouder nog nodig te hebben o überhaupt tot een plan te komen? De voorzitter: De heer Christenhusz. De heer Christenhusz: Op zich hebben wij nu in ieder geval iemand gekoppeld aan de initiatiefnemer, die de initiatiefnemer ook moet helpen om een kader neer te zetten waar u ook weer een afwegingskader kunt maken. Ik denk niet dat ik op voorhand kan zeggen hoeveel uur dat zal moeten zijn. Maar u mag van ons ook verwachten dat wij kritisch zijn op het aantal uren dat we daaraan zullen gaan koppelen.

De initiatiefnemer weet ook dat zij aan de bak moeten als het gaat om het inbrengen van informatie, die dan ook ambtelijk verwerkt kan worden, zodat u bij de volgende Kadernota daar een weloverwogen besluit over kunt gaan nemen. Dan ga ik even door, voorzitter. Want bij de PvdA zag ik niet direct wat vragen in mijn richting. Bij SO gaat het nog even over de rapportage van het Synarchis. Maar volgens mij krijgt u exact hetzelfde antwoord wat ik in het Politiek Forum ook heb gegeven. Synarchis heeft een rapport opgeleverd. Daar hebt u kennis van kunnen nemen. Dat is hier gepresenteerd tijdens een Politiek Forum in deze raad. En het college gaat naar aanleiding van het rapport, wat opgesteld is door Synarchis, dit nu in een beleidsstuk verwerken. En dat komt in de eerste helft van volgend jaar bij u op de agenda te staan. En nogmaals, volgens mij exact hetzelfde antwoord wat ik u al twee keer eerder heb gegeven. Even kijken, even zien, verder SO volgens mij geen vragen meer in mijn richting. De WG, de vraag om meegenomen te worden rondom de ontwikkelingen van Vondelpark 2.0. Volgens mij heb ik net beantwoord. Ik loop snel even door de inbreng van D66 heen. Daar zie ik ook niet direct vragen in mijn richting. En als laatste de bijdrage van het CDA. En dan gaat het vooral om het sociaal hart. De doorontwikkeling van het Sociaal plein.

In de afgelopen periode hebben wij met alle partijen gesproken die mogelijkerwijs interesse hebben in een gezamenlijke huisvesting binnen het Sociaal plein. De rapportage daarvan zit in een afrondende fase. Ik denk dat hij in december, door middel van een raadsinfobrief, ook in uw richting gaat verschijnen. Mogelijk begin januari. En dan hopen we u in ieder geval inzichtelijk te kunnen gaan geven welke partijen ook aankijken, dat ze een inbreng kunnen leveren in de doorontwikkeling van het maatschappelijk plein. En dan komt daar ook een proceslijn achter te zitten, hoe we het vervolg verder vorm willen gaan geven. Er is in de achterliggende maanden weldegelijk gewerkt aan die inventarisatie, hoe we die doorontwikkeling tot stand kunnen gaan brengen. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Mooi. Ik zie nog een interruptie, nog een vraag en dan... Niet? Oké. De heer Bouwman: Punt van orde. De voorzitter: Ga uw gang.

-63-

De heer Bouwman: Ik heb tijdens mijn bijdrage het nog gehad over het amendement over De Höfte. Die heb ik nog niet definitief ingebracht, maar dat doe ik bij deze. De voorzitter: Dit is wel een beetje een gek moment, maar u heeft hem al aangekondigd. Nu weet iedereen het. Maar u had daar een tweede termijn voor om dat te kunnen doen. Maar u heeft het nu al gedaan. En dat is trouwens ook geen punt van orde, want dit betreft niet de orde van deze vergadering. Maar dat even terzijde. Ik ga nu naar wethouder Yildirim. De heer Yildirim: De heer Yildirim: Dank u wel, voorzitter. Ik heb even een aantal algemene punten die ik zo door verschillende bijdragen heb opgepakt. Ik begin met de eerste. Dat is de NOT en de aangevraagde subsidie. Volgens mij is ons standpunt als college wel duidelijk en ook de argumentatie die erbij hoort, die hebben we aangegeven. Wel wil ik nog even opmerken dat in de verschillende bijdragen en ook het amendement nog voor ons wat onduidelijkheid is in hoe u de financiële steun wil geven. Is dat incidenteel, structureel? Welke bedragen hebben wij het over? Het zou voor u, straks ook voor de besluitvorming, maar dat is aan u, goed zijn om hier toch wel wat meer duidelijkheid in te geven naar elkaar toe. Die oproep wil ik gewoon naar u doen. Wonen. De voorzitter: Excuus, een momentje wethouder. Ik zag een interruptie van de heer Bouwman. De heer Bouwman.

Kort graag. De heer Bouwman: Ik kan er nu wel even duidelijkheid over geven. Het gaat om een structurele subsidie van 2,50 euro per inwoner, totdat er meer duidelijkheid is over de herstructurering van het publieke omroepbestel. Dat we dan weer een nieuwe afweging maken. Of je dat structureel of incidenteel noemt, wij vinden tot die tijd. Dan kun je het beter structureel noemen dan incidenteel. Bij deze. De voorzitter: De wethouder. De heer Yildirim: Daarom gaf ik ook inderdaad net aan dat u het met elkaar daarover straks eens bent of niet. Besluitvorming ligt straks gewoon bij u. Dan het volgende gezamenlijke punt is wonen. Daarin wordt door verschillende fracties ook de zorg gedeeld over het aantal woningen, de realisatie ervan, ook de betaalbaarheid van de woningen, dat we het moeten gaan versnellen. Dat we nog wat creatiever moeten gaan kijken naar de mogelijkheden, leegstaande panden, gebouwen. Kijk naar gronden waar nog eventueel een mogelijkheid bestaat om te gaan groeien. Er worden zelfs aantallen gegeven voor aantal inwoners. Dat zijn allemaal punten die we ook in ieder geval zullen meenemen in de toekomstige planvorming. En ook een punt van zorg is, hoe nemen we dan... Met name de participatie van onze inwoners is daar van belang.

Hoe nemen we onze inwoners mee in de verschillende planvormen? Hier wil ik gewoon algemeen, ik kom straks even ook nog per partij terug op de vragen die daar onder zitten, aangeven dat we dat in ieder geval meenemen. Deels zijn er veel punten en zorgen ook wel meegenomen in de woonagenda, in de woonprogrammering en in de toekomstige planvorming, zodat we verder nog mee gaan nemen wat hier aan punten en zorgen gedeeld is. Mijn volgende punt is dan de duurzaamheid, met name op gebied van zon- en windbeleid. We weten allemaal wat er nu speelt om ons heen. Er zijn heel veel actuele ontwikkelingen rondom dit thema. Netcongestie is al ook deze avond meerdere keren genoemd. Wat dat allemaal voor gevolgen heeft. Ook het provinciaal beleid, die nu vooral op zon-, maar ook windgebied is, deels aangepast. Grip op wind is geweest. En zo zitten wij ook in een situatie op dit moment dat we niet meer helemaal de consequenties van al die wijzigingen nog hebben kunnen verwerken. En we zijn ook binnen de -64-

RES Twente organisatie. En kijken met elkaar van, maar wat betekent dit nu? En hoe zouden we hierop moeten gaan anticiperen? Vandaar mijn oproep ook naar jullie toe, wees vooral toch op dit moment even terughoudend in de moties en de opdrachten die u op dit gebied wilt verstrekken. Want het geeft misschien wat meer op bepaalde terreinen toch onduidelijkheid. Niet alleen voor ons, maar ook voor de mensen die hiermee te maken hebben. Dat kunnen ondernemers zijn, maar dat kunnen ook initiatiefnemers zijn die op dit gebied actief zijn. Maar wel wil ik hierbij aangeven dat we gewoon goed luisteren naar wat u ook vanavond hier heeft ingebracht. En dat we dat ook zullen meenemen op de momenten dat wij meer duidelijkheid hebben. En dat wij op de momenten dat het kan uw punten ook gewoon meenemen om de kaders wat scherper te stellen van, wat is wel mogelijk en wat niet? En wat tot nu toe wel heel erg naar voren komt, is wat u ook hier eerder in de raad heeft aangegeven, dat met name zon op dak voor Oldenzaal gewoon essentieel is en essentieel blijft. En dat we daar ook zoveel mogelijk op moeten gaan inzetten. Maar even, wat ik ook al heb aangegeven, wat terughoudender op dit moment is wel een advies dat ik graag wil meegeven. Dat waren de algemene punten, voorzitter. En als ik dan gewoon even inga op de bijdragen vanuit de fracties, dan kom ik bij Solidair Oldenzaal.

Daar werd even gesproken over het initiatiefvoorstel realisatie van flexwoningen. Er werd ook aangegeven, hoe staan we er nu voor en wat is de stand van zaken? Of we daar nog een reactie op konden geven. We hebben een collegeadvies nu op tafel liggen. Dat moet nu ook nog besloten worden. En daarna komen we zo snel mogelijk daarop terug ook bij u daarover. En zult u ook geïnformeerd worden met de vraagstelling die u heeft gesteld tijdens de raad, kijk naar mogelijkheden en kijk waar de noodzaak is. En die zullen we dan ook meteen daarin beantwoorden. En dan kunt u dat ook met ons mee lezen. Wat wel duidelijk is op dit moment, de vraag wat u ook stelde van, waar is de grootste behoefte aan nu? Dat zijn toch wel de één- en tweepersoonshuishoudens. Welke vorm en hoe, dat staat dan buiten nog even van de behoefte. Maar het zijn wel de één- en de tweepersoonshuishoudens waar we in Oldenzaal op zouden moeten inzetten. De voorzitter: Wethouder, momentje. Ik zie een korte interruptie van de heer Bouwman. De heer Bouwman: Klopt. Behoefte is groot aan één- en tweepersoonshuishoudens. Maar niet iedereen heeft de behoefte om bijvoorbeeld in een klein appartementje te wonen. Sommigen vinden een flexwoning helemaal niks. En ik had juist graag gewild dat het college dat had uitgezocht wat de behoefte is van...

Een behoefteonderzoek onder de sociale huur zoekenden van, wilt u in een flex woningwoning wonen? Vinden ze dat een probleem? Zou u dat wel willen? Allemaal dat soort vragen. Is er geen enquête of iets dergelijks uitgegaan naar woningzoekenden? De voorzitter: U krijgt ook nog een stuk. Maar de wethouder, ga uw gang. De heer Yildirim: Ik heb net al aangegeven, ik denk dat het goed is om het collegeadvies af te wachten en daarop dan ook te kijken van, is dat voldoende beantwoord volgens u? Zo niet, dan komt u daar zeker op terug. Dan vanuit D66 de wijkuitvoeringsplannen. We hebben de uitwerking van de wijkuitvoeringsplannen ook. Ook het tijdspad dat daarbij hoort. Die hebben we vastgelegd in de Warmtevisie, die ook in 2020 is vastgelegd. En op dit moment zijn we met name bezig met toch de inventarisatie van de kansrijke wijken. De evaluatie van de ervaringen vanuit de wijkuitvoeringsplan De Thij. En ook proberen we aan te haken op de wijkinitiatieven die her en der plaatsvinden. En als u het heeft over, waarom zien we dit dan niet terug in de begroting? Wij hebben de WUP-initiatieven. Die hebben we in EvNOT-verband ook opgepakt en zijn deze in de begroting verankerd. Vandaar dat ze daar in verwerkt zijn en niet los zo weer opnieuw hierin terug te vinden zijn. De voorzitter: Heel kort, de heer Van der Waal, per interruptie. -65-

De heer Van der Waal: Dank u, voorzitter. Kunt u een tijdpad geven voor het gereedkomen van desnoods concept WUP-en? De voorzitter: De wethouder. De heer Yildirim: Dat hebben wij samen vastgesteld ook in dat uitvoeringsplan, die wij hier met de Warmtevisie 2020 hebben vastgesteld. En als ik me niet vergis nog met de uitwerking van de uitvoering WUP is daar ook een periode voor vastgesteld. Volgens mij is dat, binnen drie jaar moet daar ook een wijkuitvoeringsplan liggen. Maar die wil ik nog wel voor u navragen. Maar dat hebben wij met elkaar al vastgesteld. Ook het hele proces dat daarbij hoort. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: 2020 plus drie kom ik op 2023. De heer Yildirim: Nee, dat is de Warmtevisie. De voorzitter: De wethouder bedoelt iets anders. Volgens mij is het goed om de wethouder nog een keer de gelegenheid te geven. Wethouder. De heer Yildirim: Sorry, voorzitter. De Warmtevisie is inderdaad vastgesteld 2020. Maar we hebben in, als ik me niet vergis, 2022, maar dat moeten we echt even nakijken, en anders is het begin 2023, ook nog het wijkuitvoeringsplan De Thij verder uitgewerkt, met het hele proces die daarbij hoort. En dat is binnen drie jaar. De voorzitter: U krijgt nog een reactie, inhoudelijk. De heer Van der Waal: Mag ik verdergaan met de wethouder? Nog heel kort. Heel kort, de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Een vraag.

Dezelfde vraag als die ik net stelde. Voor het plan of een planning voor de andere wijken. Want De Thij is maar één wijkje. En we hebben nog een vijf, zes, zeven andere wijken. De voorzitter: De wethouder, gaat u verder. De heer Yildirim: Ook in dat plan hebben we de andere wijken wel benoemd en dat dat gefaseerd gaat gebeuren. Dat gaat niet allemaal tegelijk met dezelfde wijken. Die kunnen we ook niet zomaar aanpakken. Dit is ook een van de pilots die in deze regio wordt opgepakt en is opgepakt. Even kijken. U geeft ook aan van, kunnen we nog iets doen op het gebied van isolatie van rijtjeswoningen en dergelijke? Wij zijn al sowieso bezig met het hele isolatieplan. Daar hebben we al een ronde voor gehad. De tweede ronde is ergens onderweg nu in de pijplijn. Die komt ook binnenkort. Met de nodige middelen en beschikbare middelen proberen dit soort dingen sowieso op te pakken. En uiteindelijk, zoals u dat ook heeft aangegeven, het is toch aan de bewoner van zo'n woning om het wel of niet te doen. En daar kunnen we helaas niet in verplichten. We kunnen alleen maar enthousiasmeren. En dat ze ook hierin meegaan. En ook stimuleren door er eventueel financiële middelen tegenover beschikbaar te stellen. Even kijken. Zon op dak en wind heb ik eigenlijk al wel net aangegeven.

En ook de dorpsmolens, dat hoort bij de initiatieven die we dan ter plekke moeten gaan kijken van, kunnen we daar dan, als wij wat meer duidelijkheid hebben op het windbeleid, met name ook vanuit de provincie en wat er gebeurt met de RES en RES Twente, met name de -66-

uitwerking van de RES 2.0, wat daar de mogelijkheden zijn. Als dat duidelijkheid over is, dan zouden we met elkaar ook verder moeten kijken. Even kijken. Dan nog het CDA met wonen en wijken. Ik snap dat daar wat onrust is ontstaan, maar ik vind ook dat we... En ik denk dat ik daar ook wel zo meteen een reactie op zal krijgen, maar toch wil ik hem benoemen. Het is een opdracht geweest vanuit de raad die wij hebben uitgevoerd. Maar van de andere kant is het ook onze gezamenlijke taak, en daar hebben wij ook een eigen rol in, om goed na te denken over, wat doen we dan met de communicatie die hierbij hoort? U vraagt hierin als vraag van, hoe kunnen we dit in de toekomst voorkomen? Door gewoon aan de voorkant al duidelijk aan te geven, wat willen we nu met ook een initiatiefvoorstel, met wat we daarin als opdracht hebben u gegeven en wij gekregen? En hoe gaan we daar gewoon vooraf mee om, met ook de communicatie? Als we dat soort dingen aan de voorkant duidelijk met elkaar afspreken, denk ik dat we hiermee wel heel veel kunnen voorkomen. Niet alles waarschijnlijk, maar wel veel. De voorzitter: Ik zag een beweging van de heer Maartens. Ik heb dat maar even geïnterpreteerd als een interruptie. De heer Maartens. De heer Maartens: Dank u wel, voorzitter. Wat we ook doen op dit gebied wonen en wijken, daar wonen mensen. En mensen hebben belangen op de plek waar ze wonen.

En dat betekent eigenlijk dat je, voordat je echt naar buiten komt... Staat zomaar in de krant. Het zal te maken met dat er in Berghuizen twee locaties waren. Maar ik heb ongelooflijk veel reacties daarop gehad. En ik weet zeker dat op een aantal plekken nu de hakken in het zand staan. En ik denk dat we hoe dan ook bij dit soort initiatieven, of het een voorstel uit de raad is of iets wat het college zelf bedacht is of iets wat een wijkbewoner wil, dat we in elke situatie naar die bewoners moeten, dit zijn de ideeën en gedachten. Help ons. De voorzitter: De wethouder. De heer Yildirim: Dank u wel, voorzitter. Dat klopt. We moeten ook echt werken aan soms het verwachtingsmanagement, die daarbij hoort, met het delen van de informatie die wij hebben. Die suggestie en opmerking nemen we ook sowieso mee. Even kijken of ik dan... Dat is wel voldoende. Dan kom ik uit bij de moties. En één is nu geen motie meer, maar een amendement geworden. Hierbij is ons advies om dit gewoon geheel mee te nemen in de integrale afweging, na herziening van het landelijke omroepbestel bij de investering in de lokale democratie. Hiermee ontraden wij als college ook het amendement dat hier voorgesteld wordt. Duurzaam op dak. De voorzitter: Wethouder, momentje, want ik kan me indenken dat het niet helemaal duidelijk was welk amendement bedoelde. Maar ik denk dat u bedoelde Twente FM.

Ik weet niet of dat de vraag was van de heer Bouwman. De heer Bouwman. De heer Bouwman: Wij hebben een amendement ingediend voor een structurele subsidie. Als de wethouder daarom de motie ontraadt, als we het hebben over een incidentele subsidie, hoe kijkt het college daar dan tegenaan? De voorzitter: De wethouder. De heer Yildirim: We blijven bij het standpunt, zoals we gewoon hebben gedeeld. Geen bijdrage op dit moment. De voorzitter: Wethouder, gaat u verder met de andere delen.

-67-

De heer Yildirim: Dan hebben we duurzaam op dak. Ook hierbij heb ik net aangegeven in mijn betoog van, dat we toch gebaat zijn bij duidelijkheid. En ook gezien de actualiteiten en de ontwikkelingen die op dit gebied plaatsvinden, ontraden we ook deze motie. De voorzitter: Wethouder, pardon. De heer Snijders, bij interruptie. De heer Snijders, kort. De heer Snijders: Ik merk daar wel een tegenspraak. Want u zegt dat de enige mogelijkheid die we hebben is zon op dak. En is er de motie om dat te bevorderen en die ontraadt u. Dat is een beetje een raadsel. De voorzitter: En ik neem aan dat dat een vraag is. De wethouder. De heer Yildirim: U geeft wel hierbij aan in de motie dat het op, in ieder geval, alle projecten is. En inhoudelijk als je er dan naar kijkt, zijn er nog wel een aantal punten waar we toch onze vraagtekens hebben, ook bij de uitvoering. En ik heb net aangegeven, het gaat echt om die duidelijkheid verschaffen van vooral het grootschalig opwekken. Hoe dat kan, wat er allemaal mogelijk is, ook met de problematiek rondom de netcongestie, om dit op dit moment gewoon niet te doen. Vandaar onze ontrading van ook de motie. De voorzitter: Dat was hem? Dank u wel, wethouder. Excuus, ik was iets te snel. De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Het argument van netcongestie wordt genoemd. Dat is technisch gezien een terecht argument.

Maar de netbeheerder is eraan bezig om dat op te heffen. En iedere keer als er ruimte is, zou je op basis van deze motie direct wat zonnepanelen kunnen plaatsen. Wat is uw visie daarop? De voorzitter: De wethouder. De heer Yildirim: Volgens mij gaan wij die discussie ook weer voeren als we meer duidelijkheid krijgen van wat er wel of niet hier op dit gebied kan. De verwachting is inderdaad dat er rond 2027 wel oplossingen komen voor de netcongestie. Maar tot die tijd moeten we gewoon in overleg bepaalde dingen gaan doen. Als er initiatieven zijn, die moeten we steunen. Maar om nu met alle projecten dit op deze manier op te pakken, daar zijn we nog geen voorstander van. De voorzitter: Nog een keer heel kort de heer Snijders. En dan wil ik graag naar wethouder Rödel. De heer Snijders, momentje. U bent iets snel. De heer Snijders: Ik zit naar de tijd te kijken. De voorzitter: Heel goed. Dat moet u vaker doen. Ik juich dat toe. De heer Snijders. De heer Snijders: 2027 kunnen we weer gaan leveren. Bent u dan bereid om alle daken die wij hebben overgeslagen, omdat het toen niet rendabel was, opnieuw te bekijken? Omdat we niet zo heel veel ruimte in Oldenzaal hebben namelijk. De heer Yildirim: Ik heb net al aangegeven, onze grootste, volgens mij, investering wordt straks gewoon zon op dak.

En of dat alle daken zijn of welke daken, moeten we gewoon afwachten en zien wat ook daar op dat moment initiatieven zijn.

-68-

De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar wethouder Rödel. De heer Yildirim: Nee, ik ben nog niet klaar. De voorzitter: Ik dacht dat u al klaar was. De heer Yildirim: Helaas, ik heb nog een motie. De voorzitter: U heeft nog een motie. Ik was helemaal in de veronderstelling dat u klaar was. Excuus, dat ligt aan mij. Wethouder. De heer Yildirim: Dank u wel. Ik had nog een motie. En dat is vanuit de Partij van de Arbeid. Over met name ook de transformatie van leegstaande locaties naar ruimte om te gaan wonen. Dit is toch een motie die ons denk ik allemaal wel aan het denken ook heeft gezet en zal zetten. Want als wij gaan kijken, u heeft het er zelf ook in uw betoog over, wat voor een stad willen we gaan worden? Wat verwachten we nu? We hebben de toekomstvisie Oldenzaal 2040. Wij halen nu input op vanuit allerlei organisaties, verenigingen, ondernemers, leerlingen. En daarin komen heel veel toch ideeën, oplossingen voor ook de toekomst. En ook de dingen die wij moeten vasthouden of juist moeten gaan veranderen of misschien toch de verwachting van dat we op een heel andere manier hier in Oldenzaal zouden moeten gaan inrichten. Dan is het ook goed om dat soort dingen hierin mee te nemen. En ook als je dat dan bekijkt van, is dan de timing juist? De motie met inhoud, ja.

Maar als je echt gaat kijken naar de timing, is dit naar ons idee te vroeg om met deze motie nu ook aan de slag te gaan. Vandaar ook dat we toch willen ontraden om de motie nu in te dienen, maar wel met elkaar het gesprek aan te gaan om hierover met elkaar te praten en te kijken, wat zijn de mogelijkheden? Wat kunnen we nog hierin ook gaan betekenen? En ook met elkaar te kijken van, wat zijn de ideeën? Want als je nu al gaat kijken naar, welke panden staan er leeg? Wat zou je daarin... Dan heb je al meteen de opdracht alweer heel erg in de uitvoering. En we zouden er naar mijn idee beter gebaad bij zijn als we met elkaar eerst de discussie voeren van, welke kant willen we op? Wat willen we op die bedrijfsterreinen? En dan ook hiermee verder te gaan. Uw opmerking in een motie over het hulp vragen bij het expertteam ,die nemen we sowieso mee. En zullen we navraag doen ook bij dat expertteam wat zij voor ons kunnen betekenen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Ik wilde eerst recht doen aan de indiener. Ik hoop dat u mij dat niet euvel duidt. En dan kijk ik ook naar de andere twee handen. Eerst de heer Lulofs. De heer Lulofs: Serieus, ik vind het teleurstellend. En dan kunt u wel zeggen, de timing is niet helemaal goed. Maar we hebben ook te maken met onze buurgemeenten. En dan noem ik Enschede, Hengelo, zelfs Borne, Almelo. Die hebben allemaal hun vizier al ver weg gezet.

Het tempo waarin wij hier tot besluitvorming komen, die is vrij lang. En dan denk ik dat we er nog meer dan een jaar over doen om hier een fatsoenlijk ei te leggen. En dan zijn we te laat. Ik handhaaf wel de motie. Zeker. En een deel van de motie bestaat ook nog uit een oproep om samen met de buurgemeenten in overleg te gaan, om te kijken hoe we elkaar kunnen versterken. En ik hoop dat u, tenminste dat deel, dat het college dat deel ook serieus meeneemt en daar wel de eerste verkennende besprekingen begint. De voorzitter: Dat heb ik gehoord als een vraag. Daar kom ik bij de wethouder terug. Wethouder. En daarna kijk ik nog even naar de andere interruptiegevers. Dat is niet helemaal goed Nederlands, maar u weet wat ik bedoel. Wethouder.

-69-

De heer Yildirim: Dank u wel, voorzitter. Kijk, het laatste onderdeel samenwerking NOT, dan moeten we ook kijken naar waar de kansen liggen. En als die kansen er zijn, dat we die ook met de buurgemeenten ook op gaan pakken. Zo wil ik die wel in ieder geval meenemen. De voorzitter: Dan ga ik eerst naar de heer Lulofs. De heer Lulofs: Dat is maar een deel van een antwoord op de bredere vraag. Het gaat er ook om, we hebben op dit moment best wel heel veel locaties waar interesse voor is om dat te transformeren. Die kansen moeten we niet voorbij laten gaan. Ziet u niet kans om daar een versnelling in aan te brengen? De voorzitter: De wethouder. De heer Yildirim: Dan moeten we denk ik ook wel weer gewoon de koppen bij elkaar steken en kijken wat wij op het gebied van strategische grondbeleid en dat soort zaken kunnen doen. En ook kijken naar de ontwikkelingen. De voorzitter: Ik ga nu naar mevrouw Berger, want volgens mij, de heer Lulofs heeft nu twee interrupties gehad. Ik kijk even, mevrouw Berger, of u nog behoefte heeft aan een interruptie. Ga uw gang. Mevrouw Berger: Dank u wel. Ik viel erg over, de timing is niet juist. We hebben nu een wooncrisis. Niet over drie jaar. Ik ben heel blij met de motie die de PvdA heeft ingediend. Je kunt ook op steun rekenen van onze fractie. Wij zaten net al even te bakkeleien.

Zouden we er misschien een amendement van kunnen maken, zodat je iets meer druk bij het college legt. Maar dat heb ik al gehoord, dat kan niet. Want nu ben ik bang dat die motie naast zich neergelegd wordt. Dat zou ik persoonlijk heel erg jammer vinden. Ik begrijp ook echt niet zo goed wat... De voorzitter: Even weer terug naar de wethouder. Als u precies het knopje uit wil doen? Wethouder. De heer Yildirim: Ik heb volgens mij aangegeven hoe wij als college hier insteken. En het is aan u als raad om de motie in te dienen en aan de rest van de raad om hier iets van te vinden. Wij kunnen niet zomaar de motie naast ons neerleggen, als u hem aanneemt. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Mekelenkamp. En dan kom ik bij u. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, enerzijds een vraag aan de portefeuillehouder of hij in beeld heeft... Tenminste, wij nemen aan dat de portefeuillehouder wel in beeld heeft wat momenteel allemaal leegstaande kantoorpanden zijn, die voor transformatie rijp zijn. Tenminste, dat is een vraag die al lange tijd leeft. Anderzijds, en dan dank ik eigenlijk de heren van de PvdA voor de mooie voorzet over het expertteam, want begin van het jaar hebben wij hier vragen over gesteld. Die zijn ook beantwoord. Beantwoordingsbrief moest ik even op de iPad van collega Nevels uitzoeken. 26-6 in de gemeenteraad is deze geagendeerd geweest.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13625464/3