Transcriptverslag raadsvergadering 13 november 2023 (begroting) vastgesteld in de raadsvergadering van 18 december 2023
Tekst van het document
De heer Visscher: Daar hebben wij als raad voor gekozen om Jufferbeek-Noord uitsluitend te bestemmen voor nieuw industrieterrein. Dat is het zinnetje wat u aangeeft. De voorzitter: De heer Lulofs. De heer Lulofs: Dat uitsluitend sloeg op dat we dat zouden gebruiken voor industrie. Maar uitsluitend sloeg niet op het feit dat daar alleen maar dozen worden gebouwd waar niet wordt gewerkt. De voorzitter: Dan ga ik naar de overkant. Mevrouw Egbers. Mevrouw Egbers: Wat mooi dat de heer Lulofs zegt dat we willen groeien naar een stad met 40.000 inwoners. Wat dat betreft kan natuurlijk een stad zonder zwembad dan nooit bestaan. Met 40.000 inwoners denk ik dat we zeker voor een zwembad moeten gaan. Dank u wel. De voorzitter: De heer Lulofs. De heer Lulofs: Fantastische voorzet, mevrouw Egbers. Daar zit de hele kneep van het hele verhaal. We hebben een gigantisch hoog voorzieningenniveau in Oldenzaal. Alleen voor 32.000 inwoners is dat wel op zo'n hoog level gekomen inmiddels dat we het eigenlijk niet meer goed kunnen betalen. Daarvoor zullen we moeten groeien. En daar is dit betoog voor bedoeld. Even voor de duidelijkheid, als aan mij de keuze wordt voorgelegd, moet het zwembad open of dicht blijven, dan zeg ik, dat zwembad moet in principe openblijven. Maar hij moet wel betaalbaar zijn. Daar zit de kneep van het verhaal. De voorzitter: Dan ga ik naar mevrouw Egbers nog een keertje.
En ik heb rechts van mij ook gezien. Mevrouw Egbers.
-18-
Mevrouw Egbers: Ik denk dat we elkaar daar dan wel in kunnen vinden. Tegen die tijd denk ik dat we wel weer, ik wilde haast zeggen, een robbertje kunnen vechten. Maar tegen die tijd komen we hier wel weer op terug. De voorzitter: Dank u wel. Gaat u door met uw betoog, de heer Lulofs. De heer Lulofs: We hebben in Oldenzaal een gebrek aan voldoende bouwgrond voor woningen. Daarom lopen we binnen de kortste keren tegen onze grenzen aan. Omdat uitbreiden daarmee lastig is voor Oldenzaal moeten we koersen op inbreiding. En dat is hoognodig, want de PvdA Oldenzaal voorziet dat in het meest gunstige geval het inwonertal zal stabiliseren. Zonder ingrijpen zal het in ieder geval zeker niet toenemen. Het is voor de economische groei van Oldenzaal van belang dat een evenwichtige groei en bevolkingsopbouw tijdig als uitgangspunt van bestuurlijk handelen wordt genomen. En daarmee een onderdeel wordt van onze Toekomstvisie 2040. Heel moeilijk hoeft het niet te zijn, voorzitter. We zien relatief veel leegstaande panden die slecht zijn voor de leefbaarheid. Daarnaast worden we nog steeds geconfronteerd met een groeiende vraag naar woonruimte. Daarom dient de PvdA de volgende motie in, waarin ze onder meer oproept om te inventariseren welke leegstaande panden er op dit moment zijn.
En het college oproept om samen met onze buurgemeenten in NOT-verband te bezien of eventuele uitbreidingslocaties over de gemeentegrenzen van Oldenzaal heen kunnen bijdragen aan het versterken van het gebied als geheel. En dan hebben we hier de motie. De voorzitter: Momentje. Ik zie de heer Maartens. De heer Maartens. De heer Maartens: Met name over de gemeentegrenzen heen, dat vind ik wel bijzonder. Want we hebben het over 40.000 inwoners voor Oldenzaal. En over de gemeentegrenzen heen wordt dat volgens mij Dinkelland, Losser of Enschede. De voorzitter: De heer Lulofs. De heer Maartens: Ik ben wel benieuwd hoe u dat ziet. De voorzitter: De heer Lulofs. De heer Lulofs: In het verlengde daarvan. We hebben dat al eens een keer eerder gedaan. We zijn richting Dinkelland gegaan. En delen van Lemselo zijn gevoegd aan Oldenzaal. Wat je dan krijgt, is dat als er uitbreiding plaatsvindt in Weerselo, ik noem maar een dwarsstraat, dan komt er een straat bij waarschijnlijk. Maar die inzet zou je ook op een andere manier kunnen inzetten. En het maakt voor die bewoners niet zo heel veel uit. Maar ook in dit geval, de oplossingsrichting komt straks nog wel voorbij. Maar je zou in Lemselo bij kunnen bouwen tegen Oldenzaal aan. Hebben de mensen daar ook de voorzieningen. Hebben wij niet het inwoneraantal erbij, maar wel de mensen die dan gebruik maken van het geheel.
De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Maar dat is toch wat wij altijd al roepen, dat de Oldenzaalse voorzieningen ook bedoeld zijn voor alle kleinere dorpen, steden in de omgeving? De voorzitter: Excuus. De heer Lulofs.
-19-
De heer Lulofs: Ja, dat klopt. Dat roepen we altijd. En daar hebben we ook heel wat besluiten over genomen de laatste jaren. Integraal huisvestingsplan voor de school. Noem een dwarsstraat. Dat is gewoon zo. Klopt. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Van der Waal, want die had ik beloofd. En dan kom ik bij de heer Bouwman. De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Dank u. Inhakend op de vraag van de heer Maartens. Toen ik werk had in Delft, verbaasde het me dat er een hele grote wijk aan Delft vastzat, op het grondgebied van Rijswijk, wat totaal niet hoorde bij het dorp of de stad, of hoe je dat dan ook noemt, van Rijswijk. Je kan uitbreiden over de gemeentegrens heen op het terrein van een andere stad. Uiteraard in overleg. Maar dat is niet onmogelijk. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Bouwman. De heer Bouwman: Even een verduidelijkende vraag. Begrijp ik het goed, als er over de gemeentegrenzen wordt heen gebouwd, dat dat... Uit uw woorden begrijp ik dat dat geen inwoners van de gemeente Oldenzaal worden. Heb ik daar een vervolgvraag op. Want u zegt, die kunnen dan gebruik maken van onze voorzieningen. Maar ze betalen de lokale belastingen aan een andere gemeente. Die kosten voor die voorzieningen worden niet lichter daarvan. Ik zie daar ergens een probleem. De voorzitter: De heer Lulofs. En dan ga ik daarna naar de heer Mekelenkamp. De heer Lulofs.
De heer Lulofs: Ik snap dat u daar ergens een probleem ziet. Maar die mensen moeten ook leven. Die moeten ook boodschappen gaan doen. Die moeten kleren hebben. Als je dan tegen Oldenzaal aan woont... En dat maakt voor die inwoners eigenlijk helemaal niet zoveel uit. Die hebben helemaal niet dat hele grote bewustzijn van, sta ik nu op dit moment in de gemeente Dinkelland of sta ik op dit moment in de gemeente Oldenzaal? Maar woon je geografisch dichtbij Oldenzaal, tegenaan, dan zal hier de activiteiten in de binnenstad er ook beter van worden. De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog. Ik zie dat de heer Mekelenkamp verder geen aanstalten meer maakt. Gaat u verder. De heer Lulofs: Ik was gekomen bij de indiener van de motie. Ik zal het beperken dan tot het dictum. De PvdA roept het college op om een inventarisatie te maken van leegstaande kantoorpanden. En met de eigenaren in gesprek te gaan om te komen tot een versnelde transitie van de leegstaande panden naar woningen. En twee. Het expertteam woningbouw, uitgevoerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, te vragen om hulp en advies te geven bij het toepassen van bouwkundige wet- en regelgeving, projectorganisatie, financiering, belastingen, woon- en inrichtingsconcepten en matching van eigenaren en potentiële afnemers. Ten derde.
Met onze buurgemeente in NOT te bezien of eventuele uitbreidingslocaties over de gemeentegrenzen van Oldenzaal heen kunnen bijdragen aan het versterken van het gebied als geheel. Ook voor de andere gemeenten. En ten vierde. Voor de begrotingsbehandeling van de begroting 2025, medio 2024, de gemeenteraad op de hoogte te brengen van de aanvullende mogelijkheden en het resultaat van bovengenoemde inspanningen Voorzitter, als u mij toestaat om even een glas water te pakken.
-20-
De voorzitter: Natuurlijk sta ik u dat toe. En dan hoop ik dat u daarna richting een afronding komt. De tijd is al een klein beetje overschreden. Ik wil u wat reservetijd gunnen. Ik zie mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel. Even voor de orde. Volgens mij had u in het begin van het behandelen van dit agendapunt aangeven dat interrupties niet zouden meetellen bij de tien minuten spreektijd van degene aan het spreekgestoelte. De voorzitter: Dat klopt. Daar houden we rekening mee. Dat klopt. De heer Lulofs, u bent. De heer Lulofs: Dan wil ik de VAR heel erg bedanken. Voorzitter, voor ons ligt een Programmabegroting waarin expliciet wordt genoemd dat het uitbreiden van de huidige woningvoorraad een van de belangrijkste aandachtspunten is. Met deze oproep geven wij het college een concrete oplossingsrichting om hieraan invulling te geven. Tegen het college zeggen we daarom alvast, graag gedaan. Tegelijkertijd zeggen we nogmaals dat het uitbreiden van de huidige woningvoorraad met duizend woningen niet voldoende is. Het aanbod dient fors uitgebreid te worden. En snel. Back to the future. Terug naar 2040.
Waar staat Oldenzaal in 2040? Als u het aan de PvdA Oldenzaal vraagt, dan ziet u een gemeente die samenwerkt in Noordoost-Twente verband, voldoende sociale woningbouw gerealiseerd heeft en snel kan anticiperen op de behoeftes van de lokale samenleving. Dit staat in schril contrast met het Oldenzaal van 2023. Hoe kan het bijvoorbeeld zijn dat Oldenzaal het enthousiast ontvangen initiatief over een invalidentoilet nog steeds niet gerealiseerd heeft? Hoe kan het zo zijn dat we nog steeds geen plannen hebben gezien voor Jufferbeek-Noord? En hoe kan het zijn dat een goede parkeervisie voor de binnenstad nog steeds niet gepresenteerd is aan de raad. En we praten al jarenlang over uitbreiding en verbetering van bewaakte fietsenstallingen. Hoe staat het hiermee? Wanneer kunnen we deze realiseren? In hoeverre heeft het achterblijven van resultaten op deze dossiers een relatie met het ontbreken van ambtelijke capaciteit? Voorzitter, ik ontvang graag een antwoord vanuit het college, temeer omdat we deze projecten jaren geleden al omarmd hebben. Dan hebben we nog een actueel probleem, De Höfte. We hebben de raadsinfobrief hierover gelezen en hebben de reactie van het bestuur van De Höfte voorbij zien komen, ook in de krant. Wat de fractie van de PvdA betreft, is het teleurstellend om te ervaren dat het bestuur van De Höfte alleen tevreden is met het middelste en beide uiteinden.
En dat ze ieder verder overleg hebben afgewezen. Graag hoor ik nog een reactie van het college. Daarnaast hebben we afgelopen maandag van de bestuurder van Twente FM gehoord hoe hoog daar de financiële nood is. We begrijpen het belang van een goed functionerende lokale nieuwsvoorziening en de rol van de radio daarin. De gemeenteraad in Dinkelland heeft de bijdrage met 20.000 euro verhoogd. Ik hoor graag van de andere fracties en het college of wij hier vandaag met eenzelfde extra bijdrage akkoord kunnen gaan. Voorzitter, ik rond af. We hebben vanmiddag gesproken over het Oldenzaal van 2040. Het is van groot belang dat we investeren in groei, zodat we voldoende slagkracht hebben om te anticiperen op veranderende behoeftes van onze inwoners. En nog belangrijker, zo kunnen we toewerken aan een eerlijke en sociale visie op de toekomst van Oldenzaal. Want iedereen weet waar visie ontbreekt, komt het volk om, aldus Joop. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even. Dan ga ik naar de heer Bouwman. Excuus. Ik zie nog een interruptie over het hoofd. De heer Visscher.
-21-
De heer Visscher: Misschien is het een beetje flauw. Maar ik zag vandaag dat PvdA-GroenLinks Enschede gaan fuseren. En wij zitten hier nog steeds met zeven partijen. Ik ben eigenlijk wel benieuwd, hoe staat het met de Oldenzaalse fusiebesprekingen. De voorzitter: De heer Lulofs. Het is weliswaar niet de Programmabegroting, maar ik sta het toe om iets af te wijken. De heer Lulofs. De heer Lulofs: Dat laten we op dit moment nog eerst even over aan het bestuur. De beide besturen zijn met elkaar in overleg. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. d.
AB SO
De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Bouwman voor de bijdrage vanuit zijn fractie Solidair Oldenzaal. De heer Bouwman: Bedankt dat je hier verschil in maakt. Vorig jaar rond deze tijd maakten we een virtueel reisje naar China. En wat bleek die dag? Er stond stomtoevallig Chinees op het menu. En vanavond? Vanavond eten we stamppot. Dat is lekkere Hollandse kost. En daarmee een mooie gelegenheid voor onze fractie om het nu dicht bij huis te gaan zoeken. En het leek ons wel een mooi idee om een lokaal virtueel rondje met jullie te gaan maken, met de begroting onder onze arm. Daar gaan we. Als we ons klaarmaken voor ons rondje bladeren we in een Stadhuishal door de begroting. En het moet ons nog een keer van het hart, want weer wordt er in het begrotingsprogramma de Global Goals aangehaald, als zijnde dat het ons ontzettend helpt met het stellen van doelen. Maar we hebben het afgelopen jaar met meerdere voorbeelden gezien, het brengt niets dan alleen maar ellende, voorzitter. Want sinds de invoering van deze VN-doelen is het er alleen maar onrustiger op geworden in de wereld. En wij kunnen ons daar niet aan de indruk onttrekken dat dit niks met deze doelen te maken heeft. Ze zijn bovendien ontzettend onrealistisch en ze worden allemaal ingegeven door de Global Goals. De voorzitter: Dank u wel. Ik hoorde een punt. De heer Winkelhuis. Bij interruptie, de heer Winkelhuis.
De heer Winkelhuis: Als ik het goed beluister, hoor ik de heer Bouwman zeggen dat de ellende die nu in de hele wereld eigenlijk aan orde is min of meer veroorzaakt wordt door het feit dat wij de Global Goals omarmen? De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Nee, dat zeg ik niet. Ik zeg dat de uitwerking van Global Goals, de tegenstellingen die de Global Goals in zich hebben, die mogen elkaar niet bijten. En daardoor krijg je situaties in de wereld. We zien het op de woningmarkt. We zien het in de stikstofproblematiek. We zien lokaal zo meteen nog een voorbeeld. Dat zijn allerlei voorbeelden dat wij denken, is het handig om die Global Goals nog iedere keer te ondersteunen? Maar ik kom zo met een voorbeeld, want ik heb maar tien minuten en ik moet nog een heel rondje maken. Als u mij toestaat. De voorzitter: Gaat u door. De heer Bouwman: Wij dienen bij deze alvast even een amendement in om die koppeling met de Global Goals uit het raadsprogramma te halen. Ga ik alleen even het dictum voorlezen. Met dien -22-
verstande dat in de teksten van het Programmabegroting 2024 de koppelingen met de Global Goals worden geschrapt. Dat gezegd hebbend, lopen we het stadhuis uit. En we zien een Oale Grieze verschijnen. Onze prachtige basiliek, met daaromheen het Sint Plechelmusplein. De schemering valt straks over het plein. Wellicht nu al. En vanaf dat moment is het een donkere ruimte. Hoewel de basiliek wel wat is verlicht, en bij twee kanten met wat LED verlichting, verdient het wat ons betreft meer aandacht. En het plein verdient, wat ons betreft, ook meer aandacht. Want hoe mooi zou het zijn om de basiliek nog meer allure te geven door de prachtige glas-in-loodramen in de avonduren aan onze Oldenzalers te tonen en deze van binnenuit te verlichten? Welke Oldenzaler wordt hier niet blij van, voorzitter? En wij denken dat Plechelmus zelf hier ook dolenthousiast van wordt en een vreugdesprongetje gaat maken om zijn sokkel, als hij dit hoort. Want we zijn nog wel benieuwd wat de plannen zijn van het college met het Plechelmusplein, behalve wat in de begroting is opgenomen als zijnde vergroenen. En ik ga even het dictum van de motie voorlezen. De voorzitter: Voordat u dat doet. Ik zie in ieder geval nog twee interrupties. Allereerst de heer Visscher. En dan kom ik bij mevrouw Oude Engberink. De heer Visscher. De heer Visscher: Dank u wel, voorzitter.
Of Plechelmus vandaag blij wordt, dat moeten we maar afwachten. Maar volgens mij is dit al een oud plan. Een heel sympathiek plan. Ik ben alleen benieuwd, hebben jullie onderzoek gedaan wat dat gaat kosten? Want ik heb ooit weleens hele hoge bedragen gehoord voor dat verlichten van de Plechelmus. Misschien dat het college daar straks op kan reageren. Maar hebben jullie daar zelf iets over bedacht? De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Ja, exact getal vind ik heel lastig om te zeggen. Wij hebben vernomen dat dat zo'n 60.000 tot 80.000 euro zal kosten. Maar in deze motie roepen wij ook op om dat niet alleen als gemeente te gaan dragen, maar juist ook, helemaal in lijn met uw inbreng net, om dat met de binnenstadpartners of met de gemeenschap... We roepen in de motie ook op om de samenwerking te zoeken met de binnenstadpartners. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik mevrouw Oude Engberink nog. Ik zie nog meer handen. Allereerst mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit aan bij de heer Visscher. Wij hebben navraag gedaan bij ons oud-wethouder, mevrouw Vloothuis. Zij was destijds ook betrokken bij dit initiatief. En destijds is het plan afgeketst, omdat het kerkbestuur hier niet aan mee wilde werken. Omdat de armaturen van de verlichting bij ornamenten en dergelijke vastgemaakt zouden worden.
De vraag hierover is, heeft u ook zelf al contact opgenomen met het kerkbestuur, voordat u dit over het pand als voorstel in gaat dienen? Dank u wel. De voorzitter: De heer Bouwmand. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Maar overigens, wij juichen het verlichten van de Plechelmus zeker daarin wel toe. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: We hebben geen contact opgenomen met het kerkbestuur. Maar volgens mij is deze motie bedoeld om als raad uit te spreken, dat zouden we een heel mooi idee vinden en ga in
-23-
gesprek, ook met het kerkbestuur. En probeer dan samen tot een oplossing te komen. We kunnen als raad hier een signaal afgeven. En dan gaan we in gesprek. Dat is de insteek van de motie. De voorzitter: Ik ga gewoon even het rijtje langs. De heer Lulofs. De heer Lulofs: De vraag werd net gesteld door mevrouw Oude Engberink. Klaar. De voorzitter: Dank u wel. De heer Maartens. De heer Maartens: Twee opmerkingen. Het kerkbestuur is eigenaar. Volgens mij moeten we daar zijn als we wat zouden willen. En een tweede opmerking. Kerken zijn zo gebouwd met glas-in-loodramen om juist als je in die kerk zit van buitenaf het zonlicht op die kerken te krijgen. En daar van binnenuit van die glas-in-loodramen te kunnen genieten. Precies het omgekeerde geval. En het is maar de vraag, en we hebben daar serieus over nagedacht voor die tijd, er zitten nogal wat kleuren in dat glas-in-loodraam, of dat een verrijking betekent van de Plechelmuskerk, zoals hij er nu bijstaat. De voorzitter: Ik kijk even. De heer Bouwman, want u wil daar nog op reageren. Dan ga ik vervolgens naar de heer Van der Waal. De heer Bouwman. De heer Bouwman: Inderdaad prachtig als die zon daardoor schijnt en u zit binnen in de Plechelmusbasiliek, dan geeft dat een prachtig effect. Maar in de avonduren is het donker. Dan hebben we geen zonlicht. Dan gaat we het vanuit een andere kant belichten.
De voorzitter: Als u toestaat, de heer Maartens. De heer Maartens: Toch even heel helder. Een kerk is niet voor niets op die manier ontworpen, met dat doel. Laat ik hem anders verwoorden. Als je naar een nachtmis gaat met Kerstmis, dan zijn die glas-in-loodramen niet of nauwelijks zichtbaar. En dat is juist omdat er op dat moment die nachtmis is. En het lijkt een wat onnatuurlijk gebruik. Ik zou dat in ieder geval in de overwegingen mee willen nemen. Het lijkt een wat onnatuurlijk gebruik om dat van binnen aan te lichten. De voorzitter: De heer Bouwman. En dan ga ik naar de heer Van der Waal. De heer Bouwman: Volgens mij zijn prima oplossingen voor te bedenken op het moment dat daar een mis is. Dat je de lichten dooft. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Dank u, voorzitter. Ik begrijp dat er geld nodig is voor het verlichten van de Plechelmus. En dat er ook gekeken moet worden naar de functie van het gebouw. Maar er is al geld beschikbaar gesteld binnen het onderwerp binnenstad en binnen het onderwerp cultuurhistorie. Dat is zoveel geld, ik denk dat dit er toch nog wel van af zou moeten kunnen. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Klopt. Ik heb ook in de overwegingen genoemd dat dit een logisch gevolg is op het budget wat wij hebben toegekend.
Maar dit is juist bedoeld om de werkgroep die met sfeer en beleving is ook aan te moedigen dat dit een nadrukkelijke wens is vanuit een raad. En als zij vinden dat dat geld niet uit dat potje zou kunnen komen, dan kan het college nog kijken op welke manieren dat gefinancierd of gedekt kan worden. -24-
De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog. De heer Bouwman: Dan ga ik nu even het dictum van de motie voorlezen. Samen met de binnenstadpartners toe te werken naar de interne verlichting van de glas-in-loodramen van de Plechelmusbasiliek. Te zoeken naar financiële impulsen om dit plan te bekostigen en daarbij binnenstadpartners aan te moedigen deel te nemen in de financiering. De raad over de voortgang te informeren. En bij geen haalbare financiële kaderstelling de raad hiervan op de hoogte te brengen en daarbij inzichtelijk te maken op welke wijze het plan wel financieel gedekt kan worden. Tot zover. Deze motie ingediend hebbende, lopen we verder door de binnenstad. We lopen via de Kerkstraat over de Grote Markt richting de Grootestraat. Hier zitten veel van onze lokale ondernemers. Een groot punt van aandacht is de mogelijkheid voor het laden en lossen. Zoveel mensen, zoveel wensen. Dat is ons wel duidelijk geworden. We hadden eigenlijk een motie willen indienen om te zoeken naar een passende laad- en losregeling, maar we hebben vernomen dat het college bezig is met het aantrekkelijker maken van het laden en lossen van onze ondernemers. En dat juichen wij van harte toe. Via de Grootestraat lopen we de Nagelstraat in. Aan het eind van deze straat kijken we al ruim acht jaar lang aan tegen een keet met dranghekken. We hebben het over de bewaakte fietsenstalling.
Dit is een groot succes. Er wordt veel gebruik van gemaakt. En uit de evaluaties blijkt dat het ook nog is bewezen effectief te zijn. Wat ons echter stoort, is de aanblik van deze locatie. Prominent gelegen in het entreegebied van de binnenstad. En wat ons betreft pakken we dit aan en maken we er een permanente invulling van, waarbij er duidelijk oog is voor een goede kwaliteit en een mooi visitekaartje voor onze binnenstad. Dan dien ik de volgende motie in. Werk te maken van het zoeken naar een structurele invulling van de bewaakte fietsenstalling, waarbij in ieder geval de uitstraling van de fietsenstalling recht doet aan de ambities die gesteld zijn aan de openbare ruimte in de binnenstad. En de raad over de voortgang en de financiële consequenties te rapporteren. We zijn op dreef, want nog maar koud uit de binnenstad en we zijn al drie voorstellen verder om Oldenzaal een beetje beter te maken. Waar zal dit toe leiden? We besluiten langs het politiebureau te lopen en richting Jumbo Kuipers te gaan. Over de inhoud van dit plan gaan we het later hebben. Maar onlangs heeft de raad een krediet verstrekt voor de herontwikkeling van dit gebied. En dat krediet heeft toch echt heel veel raakvlakken met deze begroting.
Want welke keuzes maken wij als het gaat om hoe we ons geld gaan uitgeven? Bij de kredietverstrekking is een 60/40-regeling opgenomen voor de verfraaiing van de openbare ruimte. Dat wil zeggen 60 procent betaalt de gemeenten, 40 procent betaalt de ontwikkelende partij. Maar wat is nu het geval. Normaliter zijn die kosten in het openbaar gebied uiteraard voor de gemeente. Echter, de gemeente had deze kosten niet hoeven maken als de ontwikkelende partij zijn plannen niet had gehad. Als het aan onze fractie had gelegen, hadden we deze kosten volledig verlegd naar de ontwikkelaar. En dat lijkt ons alleszins redelijk en schappelijk. Dat had ons 219.000 euro gescheeld op dit moment. De voorzitter: Ik ga naar de heer Visscher, per interruptie. De heer Visscher. De heer Visscher: Voorzitter, dank u wel. Volgens mij tijdens de vorige raadsvergadering hebben wij ook al daar een kleine discussie over gehad. Maar ik ben wel benieuwd wie de heer Bouwman nu als de ontwikkelende partij ziet. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Ik heb geprobeerd om dat op die manier te beschrijven, want ik hoef iedere keer geen namen te noemen in de betogen die ik schrijf. Maar ik bedoel hier de Jumbo Kuipers als ontwikkelende partij, inderdaad. Als u dat wilt weten, dan bedoel ik dat.
-25-
De voorzitter: De heer Visscher. De heer Visscher: Maar ik heb u de vorige keer ook al verteld, dit is niet het plan van Jumbo Kuipers. Dit is het plan van de buurt. Want Jumbo Kuipers wilde dit helemaal niet. Dit is ontstaan doordat de buurt bang was voor verkeersoverlast. En die hebben met elkaar gezegd, we gaan een heel mooi integraal plan maken, waarin de verkeersveiligheid geregeld wordt en we met elkaar een heel mooi plein maken. En ik zou u eigenlijk adviseren om eens met de ondernemer gaan praten en hem de vraag te stellen hoeveel hij al betaald heeft aan dit project. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Volgens mij is dit wel een plan van Jumbo Kuipers om A, efficiënt zijn winkel in te richten. B, de verkeersproblematiek op te lossen. C, meer parkeerplaatsen, zodat mijnheer Kuipers, Jumbo Kuipers extra klandizie naar de supermarkt kan trekken. En dat dat dan in samenspraak is gegaan met de buurt, dat juichen wij van harte toe. Er is goed geparticipeerd. Volgens mij is grotendeels van de direct omwonenden tevreden over dit plan. Maar dat ontslaat ons niet van het feit dat wij vinden dat als de ergens een plan ligt dat wij zoiets hebben van, dat hoeven wij niet te betalen als daar een wens is vanuit de ondernemer. De voorzitter: De heer Visscher. De heer Visscher: Het originele plan hoefden wij ook niks aan bij te dragen.
We moeten nu bijdragen, omdat het een integraal plan is geworden. Het heeft niks met het originele plan te maken. De voorzitter: De heer Bouwman. En dan mag u uw betoog ook verder afmaken. Gaat u verder. De heer Bouwman: Dit wordt straks wel weer bij de bestemmingsplanbehandeling nog een discussie, want we komen er denk ik niet uit. Want ik heb er een andere visie op, denk ik. Wat teleurgesteld lopen we verder door de Glindestraat. 219.000 euro uitgegeven aan een plan dat niet van de gemeente is. Zonde geld. We komen aan op de Ootmarsumsestraat, de fietsstraat, en slaan linksaf richting De Essen. En dat is een typische woonwijk uit de jaren 80. Veel gezinnen wonen hier naar tevredenheid. Echter wonen er ook veel jongeren onder de 30 nog thuis. Jongeren die geen eigen plekje kunnen vinden op de woningmarkt. In feite kunnen zij geen start maken met het volwassen leven. Althans, ze krijgen daartoe onvoldoende kansen en mogelijkheden. Reden voor onze fractie om met een initiatiefvoorstel te komen om meer betaalbare en snel realiseerbare flexwoningen te realiseren. Gelukkig stond onze gehele raad achter dit initiatief. In het Forum van september vroegen we de wethouder om inzichtelijk te maken wat exact de behoefte is in Oldenzaal. En dan ook nadrukkelijk te kijken naar leegstaande gebouwen. Het is alsof de PvdA met ons meeloopt.
Kan de wethouder ons aangeven wat de stand van zaken is betreffende inzicht in de behoefte aan flexwoningen en de zoektocht naar leegstaande gebouwen? Want wij zien bijvoorbeeld het oude Vosgebouw aan de Lossersestraat wat nu te koop staat als een reële optie. Ik denk dat de PvdA het met ons eens is. Zouden we niet samen met de WBO met een projectontwikkelaar in gesprek kunnen gaan om hier goedkope appartementen van te maken? Het scheelt tijd, schaarse ruimte en dat voorkomt waarschijnlijk een heleboel bezwaren. Denkend aan dit idee lopen we zo langzamerhand richting het stadspark. In de bocht van de Weerselosestraat zien we het Sportpark De Weschterik door de bomen verschijnen. Ergens achter deze bomen moeten straks gerenoveerde en nieuwe kleedkamers verrijzen. Onlangs kwam hiervoor een kredietaanvraag onze kant op. Er is de wens om verregaand te verduurzamen voor deze kleedkamers. Onder andere daarom loopt het extra benodigd krediet op tot 1,1 miljoen euro. Maar wat waren de kosten geweest als deze wens voor vergaande -26-
verduurzaming er niet was geweest? We weten het niet. En geen enkel ander raadslid vindt het belangrijk genoeg om het inzichtelijk te hebben. Wat ons betreft hadden wij bij het noodzakelijke gehouden. En hadden we deze extra gevraagde gelden nuttiger besteed. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Maartens. Als u een momentje heeft. De heer Maartens. De heer Maartens: Volgens mij hebben wij het hier over gemeentelijk vastgoed. En ik hoor hier zeggen dat we de verduurzaming daarvan maar achterwege moeten laten. En dat snap ik niet. We hadden kennelijk minder geld moeten uitgeven en dit niet moeten verduurzamen. Leg mij dat nog eens uit hoe dat kan bij gemeentelijk vastgoed. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Ik had hem nog aanstaan. Dat is typisch zoiets dat ik denk, er stond in het raadsvoorstel, eer is de wens om verregaand te verduurzamen. Niet de eis om vergaand te verduurzamen. U kunt prima een kleedkamer realiseren volgens de eisen van deze tijd, zonder de wens om vergaand te verduurzamen. En wij hadden heel graag gezien wat de kosten waren op het moment als je gewoon had voldaan aan de wettelijke eisen voor het bouwen van kleedkamers. In onze ogen waren wij dan een stuk goedkoper uit geweest en hadden we nog steeds prima kleedkamers gehad. De voorzitter: De heer Maartens, want u wilt nog een vervolgvraag stellen.
De heer Maartens: Ik heb het gevoel dat niet begrepen wordt wat ik bedoel. We hebben eigenlijk, volgens mij, als staand beleid als wij gemeentelijk vastgoed, zeker als wij nieuw bouwen, dan moet dat een duurzaam gebouw zijn. En dan moet dat voldoen aan, volgens mij zoals bij scholen, de bijna energieneutrale gebouwen. En dat geldt ook, kleedkamers zijn gemeentelijk vastgoed. Ik denk dat we ook daar moeten voldoen aan die bijna energieneutrale gebouwen. Ik snap dit echt niet. De voorzitter: De heer Bouwman. En dan mag u uw betoog verder weer vervolgen. De heer Bouwman: Als dat de afspraak was binnen onze raad, waarom wordt er dan een aanvullend krediet aan onze raad gevraagd als wens om vergaand te verduurzamen? Dat is natuurlijk een wens vanuit het college, want het was al opgenomen in de Kadernota. En opeens komt er een verzoek naar onze kant om vergaand te verduurzamen. In onze ogen was dat niet noodzakelijk geweest. En volgens mij hadden we dan nog steeds een nul op de meter kleedkamer, of hoe de term tegenwoordig heet, kunnen realiseren. Maar dat was ook iets waarvan wij graag de informatie hadden willen hebben voordat we een gedegen afweging kunnen maken. De voorzitter: Ik kijk even. Mevrouw Oude Engberink, u wilde ook een interruptie plaatsen. Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel, voorzitter.
Wij zitten nu in het betoog van Solidair Oldenzaal. En we zitten nog niet op de helft. En wat mij opvalt, is dat bij alle onderwerpen die u noemt dat u ingaat op discussies, debatten en onderwerpen waar we in het verleden al eerder over debat hebben gevoerd en besluiten over hebben genomen. U benoemt de Global Goals. Daar hebben we al eerder debat over gehad. Daarbij is uw voorstel tegengestemd. En de raad geeft aan, wij gaan door met Global Goals gemeente. Vervolgens gaat u over andere onderwerpen. U noemt de ontwikkeling bij de Glindestraat en de Nagelstraat. En een aantal andere onderwerpen. Volgens mij -27-
kunt u daar heel makkelijk overheen stappen, omdat we daar al eerder over hebben gesproken. Hoe kijkt u daarnaar? De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Ik kijk daar echt anders naar, want het gaat hier over algemene beschouwingen. En daarin geeft onze partij aan waar voor ons de knelpunten liggen en waarom wij zien dat bijvoorbeeld een dossier als De Höfte zo kan escaleren in deze stad. Omdat wij keuzes maken op basis van, onder andere ingegeven door de Global Goals. Vergaand verduurzamen nu voor kleedkamers dat wij denken, had niet gehoeven. Had ons sloten met geld gescheeld. En hadden we hier de discussie over de Global Goals of over De Höfte niet hoeven te voeren. Het is een integrale visie hoe wij kijken hoe voorstellen onze raad in komen, welke besluiten wij daarop nemen en wat het voor gevolgen heeft voor de verschillende dossiers in de stad. Zo kijken wij ernaar. De voorzitter: Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dan verschillen wij daar totaal van mening. En ik wil u in ieder geval meegeven van, maak uw verhaal af. Dank u wel. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Ik moet een beetje doorlopen, volgens mij. De voorzitter: Zeker. Dat klopt. De heer Bouwman: Lopend langs de sportvelden richting stadspark vragen we ons af... Excuus, ik ben nog niet helemaal klaar met het vorige stukje.
Want laten wij het voor de verduurzaming de extra kosten dan maar eens even houden op 500.000 euro aan meerkosten voor de kleedkamers. We hebben nog wel een vraag aan de wethouder hierover. Want we lezen dat de evaluatie van de 22procentregeling en de privatiseringsmogelijkheden al in 2021 had moeten plaatsvinden. We zijn wel even benieuwd wanneer deze evaluatie gepland staat. En wat zijn de verwachtingen van de wethouder als het gaat om de 22-procentregeling? Want een wens voor vergaande verduurzaming is mooi, maar we vragen ons toch echt af wat de gevolgen zijn voor onze sportclubs als we zulke dure investeringen gaan doen. Lopend langs de sportvelden richting... De voorzitter: Ik zie nog een interruptie. Excuus, heer Bouwman. Maar ik zie nog een interruptie van de heer Snijders. De heer Snijders. De heer Snijders: Ik heb toch een vraagje over die verduurzaming. U noemt de kosten voor het verduurzamen, maar heeft ook gekeken over de totale tijd van dat de kleedkamers er zijn? De vorige hebben 56 jaar gestaan of zo. Hoe dan de meerwaarde is of de besparing is, omdat ze duurzaam zijn gebouwd? Dat kunt u niet, want u weet niet wat de energieprijs over tien jaar gaat doen. Maar misschien heeft u daar een gedachte over gehad. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Dat is een terechte vraag die u stelt.
Dat was ook het informatieverzoek, die wij ook tijdens de raadsvergadering nogmaals hebben gesteld. We hebben daar gewoon onvoldoende inzicht in. En dan kunnen wij daar ook moeilijk afwegingen over maken. En als u zegt, dat wordt in 40 jaar afgeschreven. Dat is dan een enorm bedrag. Dat klopt. Maar dat weerhoudt het natuurlijk niet -28-
van als het 4 miljoen kost en als we het ook voor 2,5 miljoenen hadden kunnen doen dat we kunnen kiezen voor die 2,5 miljoen. De voorzitter: De heer Snijders. De heer Snijders: Dan bent u niet helemaal eerlijk, want u noemt het wel een hoog bedrag, maar u kijkt niet naar de exploitatiekosten. En het zou best kunnen zijn in 56 jaar, en zeker met die energietransitie wat we allemaal zo voor de kiezen krijgen, dat het weleens goedkoper uit kon zijn om het nu maar gelijk door te pakken dan aan minimale regeltjes te houden, omdat je dan de wet volgt. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Snijders: Maar dat weten we niet. Maar het is ook niet zo gezegd dat het niet zo is. En daar gaat u aan voorbij. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Klopt. Maar we hebben het over kleedkamers. Dat wordt door maximaal duizend man in Oldenzaal een paar keer per week gebruikt. Of dat echt gaat schelen op de exploitatiekosten vraag ik me werkelijk even af. Als het over een clubgebouw of iets dergelijks gaat, dan is dat echt een ander verhaal, maar kleedkamers. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Bouwman: Ik ga verder. De voorzitter: Ik wil u wel tot spoed manen. U heeft nog een hele tekst, volgens mij, voor de boeg. En we zitten al een eindje over de tijd. Ik wil u toch wel echt verzoeken om tot een afronding te komen. De heer Bouwman: Ik ga proberen er snel doorheen...
We lopen door Sportpark richting De Höfte. En wij vragen ons af of wij dit allemaal kunnen verantwoorden aan de buurman. Want zij vragen immers om een structurele extra bijdrage van 65.000 euro. De houding van het college staat hier in schril contrast met de wijze waarop zonder enige verantwoording... Ik heb het net allemaal al benoemd. Wat ons betreft hadden we tijdens dit rondje door de stad al zo’n 700.000 euro kunnen besparen. En daar had je 10 jaar lang De Höfte op kunnen laten draaien met al hun ambities. Het toont maar weer eens aan, het heeft niets met geld te maken, maar met keuzes. De voorzitter: Excuus. De heer Maartens, per interruptie. De heer Maartens. De heer Maartens: Dat klopt, dat het met keuzes te maken heeft. Ik wil ook graag kiezen of ik een appel of een peer kan eten. Dit vind ik appels en peren met elkaar vergelijken. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Is uw mening. Het gaat over het uitgeven van gelden. En volgens mij is een euro nog steeds een euro. Laten wij het over de inhoud van De Höfte hebben. We merken een duidelijke impasse. En we vragen ons echt af hoe een ogenschijnlijk rustige en voor iedereen van belang achtende voorziening tot zoveel commotie heeft moeten leiden. Want wat ons betreft had het niet zover hoeven komen. We begrijpen de situatie van De Höfte, maar we begrijpen ook enigszins de beantwoording van het college.
We hebben van beide kanten informatie ingewonnen. Zowel vanuit -29-
de zijde van het college als vanuit De Höfte. En wat ons betreft is de discussie als volgt uiteen te zetten. De Höfte heeft ambities en heeft daarvoor meer fte nodig. 65.000 euro per jaar geven ze aan. Begrijpelijk. College vindt 120.000 euro genoeg en roept eigenlijk op om de ambities terug te schroeven naar niveau kinderboerderij. Bovendien wil het college, logischerwijs, waarborgen dat voor deze 65.000 euro extra de ambities van De Höfte wel waargemaakt worden. In het laatste geval heeft het college een onafhankelijk verkenner aangeboden om te onderzoeken of voor de 120.000 euro toch een gezonde bedrijfsvoering gevoerd kan worden. En hierin begrijpen we toch wel de reactie van De Höfte, want zij kunnen prima zelf inzichtelijk maken wat er nodig is voor een gezonde toekomst. De voorzitter: Ik zie nog een interruptie van mevrouw Nevels. Mevrouw Nevels. Mevrouw Nevels: Dank u wel, voorzitter. Met name de laatste zin triggert mij. Hierin begrijpen wij toch wel de reactie van De Höfte. Zij kunnen prima zelf inzichtelijk maken wat er nodig is voor een gezonde toekomst. In de gesprekken die wij hebben gevoerd met het bestuur hebben zij aangegeven dat zij daar moeite mee hebben. Dan lijkt het mij een heel logische keuze waar het college mee komt. Hoe ziet u dat dan zo anders? De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Zij hebben gevraagd om 65.000 euro.
Ze hebben uiteengezet dat zij dat bedrag nodig hebben voor extra fte. En dat is aangegeven. Je kunt daar natuurlijk over twisten of dat realistisch is of niet, maar daarom kom ik straks met dat amendement, om daar wat waarborgen in aan te brengen. De voorzitter: Mevrouw Nevels. Mevrouw Nevels: Ik ga daar helemaal niet over twisten, maar ik weet heel goed wat ik in de gesprekken gehoord heb. En de vragen die ik gehoord heb, is hulp. Help ons, want wij hebben het eigenlijk ook zelf niet helemaal goed ingeschat en goed gedaan. Dat is wat wij hebben gehoord. Maar dan hebben wij waarschijnlijk een ander verhaal gehoord dan dat u heeft gehoord. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Dat is helemaal correct. En dat is ook precies wat hier denk ik in dit hele dossier speelt, dat we ontzettend veel informatie tot ons hebben gekregen vanuit verschillende kanten, waarbij wij onmogelijk een goede afweging kunnen maken wat precies de waarheid is en hoe de stromen exact lopen. Maar daarom hebben wij ook een amendement voorbereid, om partijen weer wat dichter bij elkaar te brengen. Ik geef mevrouw Nevels even het woord. De voorzitter: Dat is heel vriendelijk. Dat gaat natuurlijk via de voorzitter. Mevrouw Nevels. En dan ga ik naar de heer Snijders. Mevrouw Nevels. Mevrouw Nevels: Absoluut de laatste reactie.
Ik vind het dan toch bewonderenswaardig als het voor u ook niet helemaal duidelijk is dat u dan toch bereid bent om dat geldbedrag direct op tafel te leggen. Dat vind ik dan een hele vreemde zaak. Dank u wel. De voorzitter: De heer Bouwman.
-30-
De heer Bouwman: Dan heeft u niet de strekking van het amendement gelezen, want wij geven niet direct 65.000 euro uit. Dat zal ik nu even toelichten. De voorzitter: Ik ga eerst nog even naar de heer Snijders. En dan kunt u in één keer dit punt afronden. De heer Snijders. De heer Snijders: Een euro is een euro. Als je kijkt naar 40 jaar kleedkamers en 1,1 miljoen is veel. 40 jaar 65.000 euro is 2,6 miljoen. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Klopt. Wat ons betreft pakken we onze verantwoordelijkheid en proberen we met een amendement partijen weer bij elkaar te brengen door vraag en aanbod van partijen bij elkaar te brengen. Het amendement is bedoeld om De Höfte de kans in geven om inzichtelijk te maken dat het gevraagde bedrag echt nodig is. Daarbij kan een onafhankelijke verkenner, die het college heeft aangeboden, ons helpen. Hij of zij kan beoordelen welke extra gelden er nodig zijn. Ook al vindt De Höfte dat het dit prima zelf kan, daarmee geef je wel ruimte aan het oordeel van het college en kom je dichter tot elkaar. Dat lijkt ons voor nu het belangrijkste. In het amendement roepen we op om een bedrag te reserveren, niet direct uitgeven, van maxima 65.000 euro per jaar. Dit bedrag wordt pas uitgekeerd bij gebleken haalbaarheid van de ambities en een binnen dat budget passend kostenplaatje. Met deze constructie is zowel De Höfte als de gemeente geholpen.
Er wordt niet zomaar geld uitgegeven, het bedrag kan immers ook lager uitvallen. Er worden duidelijk ambities op papier gezet en er wordt een bedrag aan gekoppeld. Het argument van het college dat wil bezuinigen, strookt geenszins met alle andere projecten in de stad die veel goedkoper kunnen in onze ogen. We hopen uw raad mee te krijgen met het amendement, zodat er voor beide partijen duidelijkheid komt en waarbij De Höfte en college een duidelijke en reële opdracht wordt meegegeven. Het geïnvesteerde geld zien wij als een maatschappelijke investering. We willen nog wel even wachten met het definitief in stemming brengen van het amendement, want we hebben echt nog een prangende vraag aan het college om meer inzicht te krijgen. Want in de begroting wordt een totale oppervlakte aan openbaar groen genoemd in Oldenzaal van 244 hectare. Daarvan wordt 10 hectare onderhouden door De Höfte, zo hebben we ons laten vertellen. Kan de wethouder ons aangeven wat de jaarlijkse totale kosten zijn van het groenonderhoud in Oldenzaal? En hoeveel geld krijgt De Höfte voor het onderhouden voor die 10 hectare? Ik ga echt even heel snel door. Want we lopen naar Het Hulsbeek. En wat ons daar aan zorgen baart, is het aankomende Psy-Fi festival. Want ondernemers op Het Hulsbeek maken zich daar terecht zorgen om. Want wat ons betreft mag een festival... Wij zijn zeker niet tegen een festival.
Integendeel, wij vinden het heel belangrijk dat er evenementen kunnen worden georganiseerd. Maar dat mag nooit ten koste gaan van de lokale ondernemers en de bedrijfsvoering daarvan. En we zouden graag ook even een reactie willen ontvangen van het college, hoe het daar tegenaan kijkt? En wij willen graag in het volgende presidium daar een debat over aanvragen. De voorzitter: Een momentje nog, want ik zie een interruptie op dit punt van de heer Visscher. De heer Visscher. De heer Visscher: Heel kort. Dit punt steunen wij. Wij hebben dezelfde geluiden gehoord. Wij steunen van harte om daar een debat over aan te gaan. De voorzitter: De heer Bouwman.
-31-
De heer Bouwman: Mooi. De voorzitter: Excuus. Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: En ook vanuit WG Oldenzaal een steunbetuiging voor dit onderwerp, omdat wij ook al contact hebben gehad met de ondernemers daar. Dank u wel. De voorzitter: Excuus, dan ga ik terug naar de heer Bouwman. De heer Bouwman: Want ik loop weer naar het stadhuis. En ik doe voor de laatste kilometers mijn koptelefoon op en dan zet ik Twente FM op. En wij vinden dat een echte meerwaarde voor Oldenzaal, onafhankelijke journalistiek met focus op lokaal nieuws. En dat is enorm belangrijk in een democratisch bestel. En wat ons betreft de moeite waard om daar extra gelden aan te besteden. En wij hebben dan ook net met GroenLinks daar een motie over ingediend. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan probeer ik langzamerhand naar de volgende fractie te gaan. Maar ik zie in ieder geval nog de heer Kramer. De heer Bouwman, als u nog even zou willen blijven staan. De heer Kramer, Partij van de Arbeid. De heer Kramer. De heer Kramer: Dank u wel, voorzitter. En mooi om te horen dat de heer Bouwman zo sportief is. Ik denk niet dat ik die kilometers zelf kan lopen, zonder buiten adem te zijn. In ieder geval, ik hoorde een kritisch betoog.
Maar ik heb heel veel moeite om de heer Bouwman serieus te nemen, omdat ik hoor dat heel veel zaken die niet goed gaan in Oldenzaal dat daaraan ten grondslag ligt dat wij Global Goals hebben. En ik wil daar toch even mijn eigen beschouwing op loslaten en uiteindelijk vragen wat de heer Bouwman ervan vindt. Want is het niet zo dat dat soort doelstellingen per definitie met elkaar op gespannen voet moeten staan en dat wij als politiek moeten bepalen waar de ideale verhouding ligt? Het zogeheten pareto-optimum. Ik hoor graag wat de reactie van de heer Bouwman is. De voorzitter: De heer Bouwman. De heer Bouwman: Kijk, in beginsel zijn de Global Goals, hebben we al vaker over gehad, natuurlijk hartstikke goed. Daar kan niemand op tegen zijn. Maar wat je ziet, is dat er nadrukkelijk is opgenomen dat de ene doelstelling de ander niet mag bijten. En we zien alweer een praktisch voorbeeld, bijvoorbeeld bij de netcongestie. We zitten allemaal met smart te wachten tot het net weer wat meer beschikbaar is voor het leveren van stroom. Dat is een enorm probleem, niet zozeer voor onze ambities, maar voor de ambities van de raad. Tegelijkertijd, heb ik de VVD laatst ook horen zeggen, dat de oplossing van die netcongestie nog heel ver weg is. Ik hoorde net dat dat allemaal opgelost gaat worden, maar daar hebben wij onze vraagtekens bij, door de stikstofproblematiek.
En dat heeft dan weer te maken met Global Goals 15. Dat is één voorbeeld. We hebben net gezien dat we verregaand willen verduurzamen. Hoort vast bij een of ander pictogrammetje, waarbij we enorm willen verduurzamen. Maar aan de andere kant, De Höfte kunnen we dan niet steunen, omdat we willen bezuinigen, omdat de rest allemaal zoveel geld kost. En dan erbij, ik weet niet of u het nog in gedachte heeft, maar tijdens onze documentatie die wij erover geschreven hebben, ik weet niet of ze nog steeds een Global Goals organisaties zijn, maar De Höfte was tot vorig jaar in ieder geval nog een Global Goals organisatie. Het zijn doelen die de raad zo belangrijk vindt. En we hebben hier nu een Global Goals organisatie in Oldenzaal. En dan zeggen we, doe maar even rustig aan met de ambities. Dat strookt gewoon niet met elkaar. Dat is ook alweer dat we denken, het is leuk op papier,
-32-
maar in de praktijk zie je gewoon heel veel voorbeelden dat je denkt, dit werkt gewoon niet. Dit is gewoon niet handig om daar als Oldenzaal aan verbonden te zijn. De voorzitter: Ik zie u knikken. e.
AB WG
De voorzitter: Dan ga ik naar de volgende fractie. En dat is de WG. Dank u wel, de heer Bouwman. Dan kom ik bij mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel, voorzitter. Onze bijdrage is beduidend korter dan die van mijn voorganger. En omdat wij zo genoten hebben van de rondgang van de fractie van Solidair Oldenzaal, want u had het bijna als een folder uit kunnen brengen, zou ik u graag in herinnering willen brengen dat onze fractie in 2021 en 2022 ook rondjes heeft gedaan door onze stad, langs verschillende gebieden waar wij als gemeente ook bij betrokken zijn geweest. Dat was een wandelrondje en een fietsroute. Daar hebben wij ook folders van gemaakt. Met uw goedvinden, voorzitter, zou ik graag de fractie van Solidair Oldenzaal onze folder willen overhandigen. De voorzitter: Dat mag u ook na afloop doen. Dan kunt u niet linksom, maar dan mag u rechtsom lopen. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Prima. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Voorzitter, mederaadsleden, mensen op de tribune en iedereen die thuis meeluistert en meekijkt, voor ons ligt de Programmabegroting 2024. En de boodschap die we al wisten, is duidelijk. Wij moeten heel strak aan de wind zeilen om de aankomende jaren ons hoofd boven het financiële water te houden.
Voorstellen voor extra financiële investeringen betekent een beroep doen op de algemene reserve of andere taken of zaken niet meer uitvoeren. Het ravijnjaar 2026 hangt als een donkere wolk boven onze stad. WG Oldenzaal heeft daarom besloten voor de Programmabegroting 2024 geen extra voorstellen in te dienen. In 2026 worden wij geconfronteerd met een financieel tekort van drie miljoen euro. Dat betekent dat wij voor heel zware keuzes komen te staan die kunnen variëren van zware bezuinigingen tot lastenverzwaring, van uitstel van investeringen tot inkomensverhogende maatregelen. Het college heeft ons in een raadsinformatiebrief geïnformeerd dat preventief toezicht door de provincie Overijssel kan worden voorkomen. En geeft ook aan hoe we dat kunnen bereiken. De fractie van WG Oldenzaal vindt dat we nog een stap verder moeten gaan. Wij vinden dat we nu al moeten anticiperen op de begrotingen van 2026 en 2027. Wij vragen het college om inzichtelijk te maken welke bezuinigingen of extra inkomsten kunnen worden gegenereerd om de grote tekorten in beide jaren ‘26 en 2027 te verminderen. Onze behoefte is om een pakket met maatregelen te ontwikkelen om de gevolgen van het ravijnjaar 2026 en in de periode daarna te verminderen. Wij willen daarover met elkaar, het college en de raad, opiniërend in gesprek bij het bespreken van de Kadernota 2025. De voorzitter: Ik hoor een punt.
De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Dank u, voorzitter. Ik hoor begrijpelijk de noodzaak tot bezuinigen. Ik heb in andere stukken ook gelezen dat het wellicht door het Rijk wordt voorgeschreven om eigen inkomsten te genereren binnen de gemeente. Waarom roept u niet het college op om daar ook alvast op de brainstormen? -33-
De voorzitter: Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel, voorzitter. Het is onze oproep om juist samen met ons in gesprek te gaan over al die effecten van de tekorten in 2026 en ‘27 op ons afkomen. En als daar ook inkomensverhogende maatregelen bij zitten, dan is dat onderdeel van het pakket van maatregelen die wij vragen. Dank uw wel voor uw aanvulling. De volgende zin. Wij zijn erg benieuwd naar de reactie van het college op dit verzoek. Dank u. In de voorliggende Programmabegroting is het Vondelpark 2.0 ook benoemd. Wij zijn blij hoe het college het Vondelpark 2.0 serieus oppakt. En we zijn heel benieuwd naar de uitwerking van de plannen die we bij de Kadernota gepresenteerd krijgen. Graag worden wij door het college meegenomen in de ontwikkelingen. Kan de wethouder ons die toezegging doen? De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Visscher en mevrouw Berger. Maar ik ga eerst naar de heer Visscher. Die zag ik als eerste. Excuus. De heer Visscher. De heer Visscher: Dank u wel, voorzitter. Ik snap het niet meer. Tijdens mijn betoog, waar wij als VVD aangeven, dit moeten eruit, zei u van, het is een project wat de gemeenschap moet gaan oppakken. Wat moet het college dan eigenlijk nu gaan doen? Dat is mij niet helemaal duidelijk. De voorzitter: Mevrouw Oude Engberink.
Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dan hebben we denk ik elkaar verkeerd begrepen, want ik heb niet gezegd dat de gemeenschap het project moet gaan uitvoeren. Ik heb u de vraag gesteld, hoe u er tegenaan kijkt als er onderdelen vanuit het plan door de gemeenschap worden opgepakt. Ons idee, zoals het ook tijdens de Kadernota is besproken, daarin hebben we aangegeven dat het een initiatiefvoorstel is vanuit de gemeenschap. In onze gesprekken die we hebben gevoerd in 2019 met inwoners van de wijk, daar kwam ook de behoefte voor dit sport- en beweegpark heel nadrukkelijk naar boven. En zo is het ook aan ons als raad gepresenteerd. Vervolgens is er een initiatiefnemer die daar plannen voor heeft ontwikkeld. Daar is een groot masterplan voor gemaakt. Alleen is nog niet helemaal helder welke onderdelen daarvan... Hoe dat eruit komt te zien en welke kosten daarmee gemoeid zijn. En volgens mij is dat precies zoals het college nu in de Programmabegroting aangeeft dat dat onderzocht moet worden van, welke onderdelen moeten op welke manier worden uitgevoerd? En daar zijn we groot voorstander van om daar eerst goed naar te kijken, te beluisteren van hoe dat eruit komt te zien, voordat wij daar een akkoord op geven. De voorzitter: De heer Visscher. De heer Visscher: Dat is precies de reden waarom wij een amendement indienen om het helemaal uit de boeken te halen.
Maar ben ik benieuwd naar het antwoord van het college in de eerste termijn beantwoording wat er dan op dit moment in dit huis voor het Vondelpark gedaan wordt. Ben ik dan heel erg benieuwd naar. De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij zag ik mevrouw Berger. Mevrouw Berger Mevrouw Berger: Dank u wel, voorzitter. Ik moet mijnheer Visscher van de VVD hier gelijk in geven. Naar aanleiding van het initiatief van de gemeenschap had de WG een motie willen indienen. Vanwege te weinig steun heeft u die motie ingetrokken. Ik heb weleens geginnegapt met hier naast me, als wij zo de politiek zouden bedrijven, kan ik wel de handdoek in de ring gooien, want je krijgt nooit wat voor elkaar met zijn tweeën. En dan gaat alsnog het college aan het werk om dingen uit te
-34-
zoeken over een motie die de WG heeft ingetrokken. En vorige week heb ik gevraagd naar de ambtelijke capaciteit. En dan kreeg ik allemaal gezucht en gesteun en gekreun hier dat die allemaal overbelast zijn. Maar die worden aan het werk gezet door de WG wethouder met een ingetrokken WG motie. Ik snap het ook totaal niet waarom het Vondelpark daar nog geld aan wordt gespendeerd. De voorzitter: Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Nu maakt u mij wel aan het twijfelen. Volgens mij was het geen motie, maar een amendement wat we hebben ingetrokken. En het is niet zozeer ... U noemt het een WG wethouder. Volgens mij hebben we hier een college, die met elkaar inhoud geven aan deze Programmabegroting. En het betrof een initiatiefvoorstel, wat we vervolgens met zijn allen als raad ook hebben aangehoord. En u geeft nu aan dat het ons idee is, maar het is niet ons idee, het is het idee vanuit de gemeenschap wat komt uit de wijk De Thij om die wijk verder mooier te maken en dat gebied verder invulling te geven. De voorzitter: Ik ga eerst naar mevrouw Berger en dan kom ik bij mevrouw Nevels. Mevrouw Berger. Mevrouw Berger: Dat kan wel zo zijn. En dan had u als volksvertegenwoordiger een amendement, dat corrigeer ik mij in, moeten indienen. Maar u heeft ervoor gekozen om dat terug te trekken. Voor ons als raad ligt er geen initiatief voor het Vondelpark.
De voorzitter: Ik ga nog even naar mevrouw Oude Engberink terug en dan kom ik bij mevrouw Nevels. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Ik heb geen vraag gehoord, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Excuus. Dan ga ik naar mevrouw Nevels. Mevrouw Nevels. Mevrouw Nevels: Dank u wel, voorzitter. Wat ons betreft, en de heer Visscher zei het net al, u geeft erg aan dat het een initiatief is vanuit de wijk De Thij. Vervolgens wordt er gezegd, het is een park voor heel Oldenzaal. Dat kan ik dan al niet rijmen. En we hebben destijds gezegd, het initiatiefvoorstel prima. Laten wij maar onderzoeken en laat ook degene die het voorstel heeft gedaan terugkomen met feiten en cijfers. Wij hebben daar nog niet al te veel van gezien. En vervolgens horen we nu dat het college misschien al wel twee jaar bezig is om ermee bezig te zijn. Wij wachten even vanuit het college af wat daar dan als antwoord op komt. Want dat lijkt ons ook een beetje te gek gaan op dit moment. De voorzitter: Mevrouw Oude Engberink, gaat u verder. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel. Dan ga ik verder met het volgende onderwerp. De afgelopen weken was De Höfte wereldnieuws in Oldenzaal, nadat we als raad boven de al toegekende subsidie van 120.000 euro nog eens 40.000 euro incidenteel extra beschikbaar hadden gesteld.
Is zowel ambtelijk als bestuurlijk overleg geweest met het bestuur van De Höfte om te komen tot een duurzaam gezonde bedrijfsvoering. Ook WG Oldenzaal heeft gesprekken gevoerd met het bestuur en met het college en met onze collega politieke partijen. Dit alles om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen over de ontstane patstelling. Maar ook om mee te denken en mee te werken aan het voortbestaan van De Höfte. Helaas is het inmiddels duidelijk dat het bestuur de handreiking van de gemeente slechts deels pakt, getuige de brief die wij vanochtend hebben ontvangen. Wij zeggen nadrukkelijk helaas, omdat we er na alle gesprekken van overtuigd zijn dat die onafhankelijke persoon, de onderhandelaar, samen met het bestuur een totaaloplossing zou kunnen vinden. Eén -35-
ding staat voor ons als paal boven water, alle partijen hebben hetzelfde doel. En dat is zeker ook die van WG Oldenzaal. De Höfte moet blijven. En we moeten zorgen dat De Höfte klaar is voor een gezonde toekomst. En dat betekent ook dat we concessies moeten doen van alle kanten. Wij gunnen het dit bestuur, maar ook alle vrijwilligers dat ze uiteindelijk kunnen genieten van een De Höfte die klaar is voor een gezonde toekomst. En we hopen dan ook van harte dat het bestuur alsnog de volledige handschoen wil oppakken. Afgelopen periode zijn we als WG Oldenzaal op verschillende manieren benaderd. En op social media publiekelijk min of meer verantwoordelijk gemaakt voor het al dan niet voorbestaan van De Höfte. Collega Visscher noemde dat ook al. Het gaf ons het gevoel dat we onder druk werden gezet. Dat voelde als intimidatie. Misschien was dat onbedoeld, maar zo voelde het wel En dat doet wat met ons. Laat het voor al die Oldenzalers, die vinden dat De Höfte moet blijven, duidelijk zijn dat wij het volledig met ze eens zijn. De Höfte moet ook blijven. En we hebben het al gezegd, het is even zo duidelijk dat we meer dan ooit scherp aan de wind moeten zeilen. We zijn voor het voorstel van het college om een onafhankelijk persoon mee te laten kijken bij De Höfte. Laat andere ogen meekijken. WG Oldenzaal wil dat Oldenzaal die fijne stad blijft om te wonen.
Daar hoort De Höfte zeker bij. Maar niet alleen De Höfte, ook een Stadstheater, sportvelden, zwembad, noem maar op. En dat moet ook allemaal betaalbaar blijven. In Oldenzaal zijn ontzettend veel vrijwilligers werkzaam. Die maken het mogelijk dat in onze stad zoveel verenigingen en organisaties kunnen bestaan. Hun inzet is onmisbaar en verdient van ons enorme waardering. Namens WG Oldenzaal spreek ik hier onze dank uit voor de inzet van al die vrijwilligers in onze stad. En dat geldt ook voor al die vrijwilligers van De Höfte, inclusief het bestuur. Voorzitter mederaadsleden, we zijn er nog niet. Want er was nog een partij die dringend een oproep op ons deed, namelijk FC Twente. Eh, FC Twente? De wens van de gedachte. Twente FM. Excuus. En ook met Twente FM hebben we uiteraard gesproken. Ook hier hebben we verdere informatie ingewonnen bij het college, andere partijen en collega's van nabuurgemeenten om een volledig beeld te krijgen. Wij begrijpen de wens van Twente FM. Wij waarderen hun passie en hun gedrevenheid en hun liefde voor de journalistiek. Maar gezien de financiële situatie waar wij ons als gemeente Oldenzaal voor geplaatst zien, zien wij geen kans om structureel een subsidie van 52 per inwoner, dat is omgerekend meer dan 80.000 euro, op jaarbasis beschikbaar te stellen.
Tijdens een bijeenkomst, waarin raadsleden van 4 gemeentes werden bijgepraat, heeft ons fractielid gevraagd naar de consequenties als 1 gemeente niet mee zou doen. Dezelfde vraag werd vorige week ook in het Politiek Forum gesteld. Het antwoord was dat er voor die gemeente dan geen of minder journalistieke aandacht zou zijn. Dat accepteren wij als WG Oldenzaal. De voorzitter: Ik heb een interruptie. Ik zag in ieder geval de heer Van der Waal en de heer Bouwman. De heer Van der Waal. Ga uw gang. De heer Van der Waal: Dank u, voorzitter. Er wordt gesproken, zowel in de motie of het amendement, wat het ook is, als in deze voordracht over een structurele subsidie van 2,50. Het college zegt, we willen even afwachten de reorganisatie en daarna kijken we verder. Wat ik zo meteen in mijn voordracht gaan voorstellen, is om een tijdelijke subsidie van 2,50 per inwoner te geven. En dan te zien hoe de reorganisatie uitpakt, om te zien hoeveel geld we op dat moment beschikbaar moeten stellen. Wat is daarover uw gedachten? De voorzitter: Mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Zoals u in mijn voordracht kunt lezen, stellen wij voor om vooral nu zo terughoudend mogelijk te zijn in het aannemen van nieuwe financiële verplichtingen. Wij zijn sowieso eerst ook benieuwd hoe het college hierin kijkt.