CConstaterende datOldenzaal
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Transcriptverslag raadsvergadering 15 december 2025

Gemeenteraad 26 januari 2026, gemeente OldenzaalBij agendapunt: Transcriptverslag van de vergadering van 15 december 202540.652 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

uiteindelijk die 192.000 euro op te halen en daarmee niemand te raken. Je raakt hiermee mensen en dat is ook het lastige. Dat is nooit fijn, maar dat is wel waar wij 2 jaar geleden voor hebben gekozen, dat we een heel pakket aan maatregelen hadden waarbij echt verschillende mensen in die samenleving dat zouden voelen. Dat was hier ook het geval. Dat zijn echt lastige opgaven die we met elkaar hebben gehad en dit was de laatste die nog plaats moest vinden van al die opgaven. Voor de rest hebben we natuurlijk een aantal ook wat uitgeschoven, maar dit was de laatste. Daarbij ook toch nog weer even terug richting mevrouw Berger, want u stelt, u heeft beloftes gedaan en die maakt u nu, die komt u nu niet na. Wij hebben de belofte gedaan dat op een moment dat Den Haag met structurele middelen over de brug zou komen en dat wij daarmee voldoende geld hebben om rond te komen, dat wij dan terug zouden gaan naar de eerder vastgestelde voorstellen. Dat hebben we ook beloofd en daar blijven we ook bij. U doet nu net voorkomen alsof wij bepaalde beloftes die zijn gemaakt nu niet nakomen. Dat is niet terecht, want het gaat niet om structurele middelen die we van het Rijk hebben gekregen, maar om 2 jaar. U bent uiteindelijk aan zet als raad om de keuzes te maken. Als u op dit moment vindt dat er belastingen anders opgenomen moeten worden en dat u andere belastingen wilt, is dat aan u.

Die opmerking dat we beloftes niet nakomen, die is niet terecht en die is niet op zijn plaats hier. Op het moment dat Den Haag alsnog met geld over de brug komt, dan kunnen we die belofte nog steeds nakomen en de belastingverhogingen en de voorgestelde bezuinigingen terugdraaien. De voorzitter: Moment, wethouder. Ik zag een interruptie van mevrouw Berger. Mevrouw Berger: Dank u wel. Ik vind dit wel even goed om te melden. Er staat namelijk niet in de programmabegroting dat als het Rijk met structurele middelen over de brug komt. Er staat in, als het Rijk met middelen over de brug komt. Precies wat u hier als laatste aanhaalt, doet u weer een belofte, als het Rijk met middelen over de brug komt kunnen wij verlagen. Dat staat namelijk niet in de begroting, ben ik het niet mee eens. De voorzitter: Wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: De belofte die was dat op het moment dat Den Haag met structurele middelen over de brug komt, dat we dan ook met structurele middelen weer terugkomen. U heeft nu volgens mij ook besloten om een aantal dingen nu niet door te voeren, om een paar dingen door te schuiven. Dat is ook nog steeds nog steeds het geval, dat is wat er is afgesproken. De voorzitter: Moment, wethouder. Ik dacht dat mevrouw Berger nog een interruptie wilde plaatsen. Mevrouw Berger. Mevrouw Berger: Er staat niet, structurele middelen.

Op pagina zeven van de programmabegroting staat alleen, middelen. Daarom hebben wij deze motie ingediend. De voorzitter: Wethouder, gaat uw gang. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Dan ga ik even verder. U heeft inderdaad, allereerst over het amendement. Het is denk ik goed om aan te geven dat dit, u gaat hier uiteindelijk over en ik denk dat u echt heeft gepoogd om toch zoveel mogelijk van die 192.000 euro toch wel in te boeken. Vanuit het college kunnen wij dit steunen. Wel is het natuurlijk zo dat u dan wat middelen mist. De vraag is of we volgend jaar, want er wordt gevraagd om een integrale parkeerstrategie, om die klaar te hebben voordat de programmabegroting vastgesteld wordt. Dat is best een ambitieuze opgave, moet ik eerlijk zeggen. De vraag is of dat gaat lukken. Dat wil ik u zeker teruggeven. Ik denk dat die te ambitieus is

-17-

en dat dat niet gaat lukken. Dan is de vraag, maar daar gaat u dan weer over, of u volgend jaar opnieuw bereid bent om het tekort wat dan nog niet wordt binnengehaald van die ingeboekte bezuiniging, of u die dan opnieuw vanuit die algemene reserve wilt bekostigen. Maar dat is dan aan u. Dat wil ik wel even gezegd hebben. Volgens mij voor de rest over het amendement hoef ik daar niks over te zeggen. De voorzitter: Moment, wethouder. Ik zag de heer Mekelenkamp bij het laatste punt wat u maakte willen reageren. Mijnheer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, ik wil graag een bekende Nederlandse filosoof aanhalen. Die zei, sprak de letterlijke woorden, het kan wel. In welke constellatie, wat is ervoor nodig, wat gaat er voor nodig zijn om volgend jaar bij de begroting wel die integrale parkeerstrategie klaar te hebben? Moeten wij als raad daar keuzes voor gaan maken zeggen van, we willen bepaalde dingen niet doen, moeten wij middelen beschikbaar stellen? Gewoon de vraag, wat moeten we doen om het wel te kunnen realiseren? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Dank u wel. Wat moeten we daarvoor laten? We hebben natuurlijk een programmabegroting vastgesteld die best ambitieus is, ook op het gebied van verkeer. We hebben allerlei verkeersknelpunten die we volgend jaar willen aanpakken.

We waren al bezig met een parkeeronderzoek, niet het onderzoek, maar het vervolg daarvan. Ook om te kijken hoe we daar invulling aan kunnen geven. Om dit er nu nog even bij te doen, is gewoon best veel. Dat betekent dat we andere dingen of niet meer kunnen doen. Maar ik verwacht dat u dat ook niet wenselijk vindt. Maar dat zouden we dan wellicht voor moeten houden. Ik wil daarbij ook meegeven, want u noemt ook dat er allerlei partijen, het is een integrale parkeerstrategie. Bij integraliteit is het ook belangrijk dat wij de betrokken partijen meenemen. Er zal ook een participatietraject mee gemoeid zijn. Dat is ook iets wat over het algemeen de nodige tijd kost. Ik wil u nu alvast de waarschuwing meegeven dat het waarschijnlijk niet over een jaar gereed kan zijn. Dat is dan aan u. U geeft ons een opdracht en dit is de reactie. De motie die kunnen we omarmen, want ik denk echt dat dit een steun is in de rug waar we al mee bezig waren. Dat dit een mooie aanvulling is. U zet hem wel onder tijdsdruk. Daar wil ik echt die waarschuwing geven dat dat waarschijnlijk niet haalbaar is. Ik ben ook benieuwd of u hier nog wat middelen voor beschikbaar wilt stellen. Want zonder dat hier middelen voor beschikbaar zijn, is het ook lastig om dit uit te voeren. De voorzitter: De heer Mekelenkamp, toch nog, excuus. Mijnheer Mekelenkamp.

De heer Mekelenkamp: Mijn enige vraag aan de portefeuillehouder is, welke orde van grootte moet ik dan aan denken? Dan kunnen we dat aanpassen in het dictum van de motie. De voorzitter: Wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Die heb ik nog niet scherp, die zou ik even na moeten vragen. Daar kan ik hopelijk zo meteen op terugkomen. De voorzitter: Gaat u verder. Excuus, die had ik niet gezien. Mevrouw Vloothuis nog. Dat is niet erg, dat kan gebeuren. Mevrouw Vloothuis: Even ten aanzien van de motie. Wij pleiten voor zorgvuldigheid in deze. Wat ik zojuist ook al aangaf, parkeren moet je reguleren. Dat betekent niet alleen dat je moet kijken naar die -18-

binnenstad, maar zeer zeker ook moet kijken naar die wijken. Neem alsjeblieft de tijd daarvoor. Of het nou het jaar 2027 of 2028, dat maakt dan niet zo heel veel uit. Ik zou ook willen verzoeken aan de indieners van de motie om het even wat ruimer op te gaan stellen. De voorzitter: Wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Dank u wel. Zorgvuldigheid ben ik het helemaal mee eens. De vraag is wel of we daarbij ook de wijken mee zouden moeten nemen. Dan gaat het echt wel weer heel wat langer kosten. De vraag is ook in hoeverre wij daaraan kunnen sturen. Dat proberen we uiteraard ook bij bijvoorbeeld de wijkaanpak Glinde-Hooiland, door te kijken, wat kunnen wij daar aan bijvoorbeeld parkeerhubs organiseren? Zodat het parkeren beter wordt gereguleerd. Maar om dat nu voor heel Oldenzaal te doen, vraag ik me af of dat wenselijk is. Maar daarbij is het ook even aan u of u de motie daarvoor aan wilt passen. De voorzitter: Mevrouw Vloothuis nog een keer. Mevrouw Vloothuis: Ik heb het dan ook niet over parkeertarieven of dat soort dingen. Ik heb het over heel goed kijken naar een parkeerregime. Je kunt zelfs bedenken, blauwe zone parkeren. Je kunt zelfs het idee wat de PvdA ook al een keer eerder naar voren gebracht heeft, met een totaal ander regime op het innen van belastingen om kunnen gaan. Kortom, neem zorgvuldig de tijd hiervoor. Daar gaat het om. De voorzitter: Wethouder.

Mevrouw Zinkweg-Ankone: Dank u wel. Die nemen we zeker aan, de zorgvuldigheid. Ik laat het even aan de indieners van de motie of zij dat nog willen toevoegen of niet. De voorzitter: Voordat u verdergaat, ga ik naar de heer Mekelenkamp. Die had ik beloofd. Mijnheer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, een vraag aan de portefeuillehouder. Ten eerste constateer ik in ieder geval dat mevrouw Vloothuis uit een ander hout gesneden is dan ik. Want in mijn geval is het niet altijd dat zorgvuldigheid en snelheid niet gepaard kunnen gaan. We zien wel zeker een situatie voor ons dat het wel zou moeten kunnen. Hoe kijkt de wethouder daar tegenaan? De voorzitter: Wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Dat staat soms wel op gespannen voet met elkaar natuurlijk. Ik denk wel dat het belangrijk is dat we de ruimte voelen om het zorgvuldig te doen en niet te veel onder druk gezet worden door de tijd. Neemt niet weg dat we uiteraard ook daarbij snelheid willen maken, want wij willen het ook graag doorvoeren en daar niet al te lang mee wachten. Ik begrijp uw oproep en ik ga zo meteen even in overleg wat daarbij mogelijk is en wat we verwachten, hoeveel tijd het gaat kosten en wat de eventuele kosten daarvan zijn. En of we dan ook wijken mee kunnen nemen en dat nog integraler bekijken. Want hij wordt wel wat groter als je nog naar allerlei alternatieven wil kijken, hoe je dat wilt doen.

Ik ga die vraag zo meteen even kort stellen aan de ambtenaren. Dan hoop ik dat zij daar een antwoord op kunnen geven, zodat u ook weet of daar wat aangepast moet worden. Dan de motie OZB-verhoging 2027, de indexatie niet doorvoeren. Die is inderdaad wat vroeg wellicht. Daarbij wil ik teruggeven aan u allen, de indexatie is er niet voor niks. Die indexatie is gekoppeld aan de indexatie die ook voor lonen en voor prijzen geldt. Op het moment dat wij geen indexatie doorvoeren, dan kunnen wij minder met de inkomsten. Het is aan u dan om ook te bepalen wat we -19-

dan eventueel niet meer willen doen. Wellicht dat Solidair Oldenzaal daar dan goede ideeën voor heeft, of andere partijen. Dat wil ik u meegeven. Het college ontraadt deze motie, maar het is uiteraard, u gaat daarover. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Bouwman. Mijnheer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel. Dat wordt altijd als argument gebruikt, dat we moeten indexeren. Maar er wordt aan de andere kant altijd als tegenargument gebruikt, we hebben eenmalig die 10 procent vorig jaar verhoogd. Maar dat is niet eenmalig, dat is structureel, heb je elk jaar 10 procent meer opbrengsten OZB. Als je in 2030 kijkt, dan heb je 37,5 procent meer OZB geïnd ten opzichte van het basisjaar 2024. Als de OZB-verhoging van 10 procent eenmalig niet was doorgevoerd, dan hadden we 25 procent minder opgebracht. Ons voorstel om het slechts eenmalig niet te indexeren, levert in 2030 32 procent meer OZB opbrengsten op, als je uitgaat van de komende jaren met een inflatiecorrectie, basis genomen 4 procent om dat aan te houden. Wat ons betreft mag de raad te allen tijde wel eenmalig die 10 procent verhogen. Dan vinden we het allemaal oké en prima, omdat het ten gunste komt van de gemeente. Maar als wij zeggen, eenmalig doen we dat niet, dan is dat hier een heel groot probleem, omdat we dan overal dekking moeten zoeken.

Maar die dekking heeft u al met die 10 procent eenmalig voor de komende jaren al bereikt. Dat is precies het punt dat we iedere keer proberen te maken. Ik hoop dat de raad ook een keer op die manier tegen de OZB aan gaat kijken. Dank u wel. De voorzitter: Was dat nou een vraag richting de wethouder? Ik ga even kijken wat de wethouder daar nog op wil zeggen. De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Volgens mij heb ik geen vraag gehoord. Dat is uw uiteenzetting, hoe u daarnaar kijkt. Het is nog steeds zo dat op het moment dat de prijzen stijgen en de lonen, en we gaan minder ontvangen, dan kunnen we minder. Dan is het aan u om daar keuzes in te maken. Volgens mij bent u ook bij iedere begroting aan zet om keuzes te maken. Dan is het uiteindelijk de meerderheid van de raad die daarvoor kiest. Dat is de reactie die ik daar nog op wil geven. Volgens mij zijn er ook niet meer vragen gesteld dan dat. De voorzitter: De raad is aan ze. Mevrouw Berger nog tot slot. Dan ga ik even kijken of u kunt instemmen met een korte schorsing. Mevrouw Berger. Mevrouw Berger: Dank u. Ik had een tweetal vragen nog openstaan, toch? We hadden het gehad over het grote document en dat we de programmabegroting, een heel klein tabelletje was de parkeerverhoging.

Ik had gevraagd of wij voortaan van het college zouden mogen verwachten bij zulke exorbitante verhogingen, dat dit genoteerd wordt in de programmabegroting, als wij weten, we halen 192.000 euro meer inkomsten op, dat zijn we van plan om op deze manier te innen, is dat mogelijk? 2 was de vraag aan het college om niet meer de 2e auto zo actief te ontmoedigen. De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Excuus, die heb ik inderdaad vergeten te beantwoorden. Ik verwacht dat het mogelijk is dat wij eerder de tarieven daar, de mogelijke tarieven, want dat is dan uiteindelijk pas bij de belastingverordeningen, dat die natuurlijk worden vastgesteld, dat we die in de begroting zouden kunnen opnemen. Helemaal bij forse verhogingen zoals deze. Want daar ben ik het helemaal met u eens dat dit een forse verhoging is. Ik hoop niet dat die in de toekomst nodig is, maar dat kunnen we natuurlijk nu niet weten. Ik vind het lastig om daar een toezegging in te doen. Ik denk dat

-20-

wij ons uiterste best gaan doen om dat eerder dan bij u kenbaar te maken, zodat u ook eerder weet of u dan bij de begroting daar een keuze in kan maken. Volgens mij gaat het dan daarom. Wij zijn niet van plan om het verder te gaan ontmoedigen, door wat voor manieren dan ook. Als mensen een tweede, derde of vierde auto nodig hebben, dan moeten ze dat vooral doen. Maar het is wel zo dat de ruimte ergens beperkt is. Op het moment dat er, we kunnen zeggen, dan gaan we nog heel veel meer parkeerplaatsen erbij bouwen. Uiteindelijk moet ook dat weer betaald worden. Dan moet je kijken, hoe gaan we dat doen met elkaar? Dan zal waarschijnlijk ook die eigenaar daar wat voor moeten betalen. Maar dat is volgens mij niet ontmoedigen. Dat heeft gewoon te maken met uiteindelijk dat je, als je ruimte daarvoor moet creëren, dat dat ook geld kost. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even of de raad kan instemmen met een korte schorsing. Ik kijk even richting het college, hoeveel tijd? Vijf? Vijf minuten? Dan schors ik de vergadering voor vijf minuten. Dames en heren, volgens mij zijn de vijf minuten voorbij. Als ik iedereen weer mag uitnodigen om op zijn of haar plek te gaan zitten, dan zou dat heel fijn zijn. Dan heropen ik bij deze de vergadering. Ik kijk nog even, want dat was ook de aanleiding, naar de wethouder voor extra informatie. Mevrouw Zinkweg.

Mevrouw Zinkweg-Ankone: Dank u wel, voorzitter. We hebben inderdaad even overlegd. Een half jaar is, want zo zie ik het, als wij starten en voor de programmabegroting klaar moeten zijn, dan hebben we ongeveer een half jaar om aan te werken, is dat te kort. Helemaal als we dit zorgvuldig willen doen, lijkt het ons niet verstandig om daar zoveel druk op te gaan zetten. Ik hoor ook wel verschillende wensen en behoeften. Aan de ene kant staat er natuurlijk de integrale parkeerstrategie, heeft u echt wel richtingen meegegeven wat uw behoefte is. Maar als wij dan een opdracht uit gaan zetten, dan hebben we als college ook de behoefte om nog even te toetsen bij u, is dit nou werkelijk wat u van ons vraagt? Voordat wij straks een mooie strategie hebben liggen waarvan u denkt, dat was helemaal niet de bedoeling en dat is niet waar we op zitten te wachten. Het voorstel is om de opdracht, om die nog eens met u te bespreken, dan weten we ook wat dat mogelijk gaat kosten. Daar hebben wij een richting van 50.000 euro kan dat wellicht kosten. Ik denk dat het goed is dat u dat opneemt in de motie, als u ons dan een opdracht meegeeft.

Maar het zou fijn zijn als wij de komende maanden nog bij u kunnen toetsen, is dit de richting waar u over nadenkt als het gaat om die opdracht voor de integrale parkeerstrategie? Dat zou ik u graag willen vragen, dat het goed is om dat nog een keer terug bij u te toetsen. Dat zou dan nog voor de verkiezingen moeten lukken. Dan kan dat onderzoek ook starten. Dan kan er vervolgens een volgende raad en een volgend college kan daar dan mee aan de slag. Dat als reactie op de schorsing, de vragen die ik nog uit had staan. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag in ieder geval de heer Van der Waal en de heer Mekelenkamp. Ik ga eerst naar de heer Mekelenkamp als indiener van deze motie. Mijnheer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, als ik het goed begrijp, zegt de portefeuillehouder, want dan heb ik het goed voor mezelf helder, geef ons iets meer respijt in de tijd, geef ons als raad duidelijke kaders mee wat er wel en wat er niet in moet en geef ons de financiële ruimte om dit uit te voeren. Klopt dat? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Ja, dat klopt. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Van der Waal.

-21-

De heer Van der Waal: Voorzitter, in mijn werkzame leven had ik een zeer klein bedrijfje en wat klanten. Als ik tegen een klant zei, dat kan niet op tijd af volgens wat jullie plannen. Of als ik iemand voor mij aan het werk had, die ik wat vroeg, die zei, ik krijg het niet in die tijd klaar, dan was altijd de volgende vraag, wanneer heb je het dan wel klaar? Dan was dat vervolgens de schatting waar degene die iets beloofd had aan gebonden was. Nu vraag ik de wethouder, wanneer kan het dan wel klaar zijn als het niet in een half jaar, kan ik me helemaal voorstellen, wanneer het niet in een half jaar klaar kan? De voorzitter: Wethouder Zinkweg. Mevrouw Zinkweg-Ankone: De reactie die ik net gaf, dat was al een richting van, u moet niet denken aan een half jaar. De verwachting is dat wij een dergelijke strategie niet zelf uit gaan voeren. Daar zijn echt professionals voor, waarvan ik denk dat het beter is dat wij die daarvoor inschakelen. Op dit moment hebben wij ook nog niet in beeld, die vraag hebben we nog niet uitgezet bij een bepaald bureau, wanneer die dan beschikbaar zijn. Daar zijn we echt nog te veel afhankelijk. Ik krijg nu een motie onder de ogen. Ik kan nu van alles gaan roepen van, wel over een jaar. Maar als dat dan niet haalbaar is, dan zadel ik mijn opvolger weer op met een probleem. Daar heb ik ook, volgens mij is dat niet goed.

Ik denk dat het beter is om ook hierin zorgvuldig te zijn, om de uitvraag goed te doen. Hebben we met elkaar het goede wat we willen laten onderzoeken? Dan een bureau vragen, hoeveel tijd kost dat, wat kost dat? Dan bij u terugkomen, dan weet u wanneer dat dan af is en ook wat het kost. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee is de eerste termijn van het college wat mij betreft ten einde. Kijk ik even rond of er vanuit de zijde van de raad behoefte is aan een tweede termijn. Ik zie in ieder geval een aantal handen. Dat is goed. Ik hanteer weer dezelfde volgorde, ik noem het rijtje maar even op. De heer Van der Waal, namens D66. Inderdaad, dat mag vanaf die plek. Gaat uw gang. De heer Van der Waal: Voorzitter, ik heb geen tekst voorbereid, want het is een tweede ronde. Ik doe het even à l’improviste. Om te beginnen wil ik de wethouder een vorm van compliment toch geven, omdat zij voldaan heeft aan de opdracht vanuit de begroting die aangenomen is door de raad. De manier waarop ze de opdracht heeft uitgevoerd stelt niet helemaal tevreden, maar daar is de politiek ook een beetje voor. De wethouder gaf aan dat ze bij de tarievenvaststelling de voorkeur heeft, ik noem het even zo, omdat ik het zo voorlees, heeft gegeven aan de bezoeker. Ik weet niet of ik daar helemaal gelukkig mee ben, u ziet het al aan de voorgestelde tabel.

Dat betekent dat de inwoner op de tweede plaats stond en daarbij, ik neem even mijn eigen woorden, toch enigszins het vel over de neus is getrokken, wat jammer is. Maar we hebben een mooi alternatief gevonden en dat gaat wat geld kosten. Ik ben het met de wethouder eens dat welke keuze je ook doet, zeker als je de volledige 192k wil innen, dan raak je altijd de inwoners, de bezoekers en/of de ondernemers. Het is niet anders. Wat het nu is, we raken de begroting, we raken alsnog tenminste de inwoners. Wat betreft mijn amendement wil ik even wijzen, daar wijs ik dan ook de wethouder op, dat in het aanvullende dictum gezegd wordt, we verrekenen met de algemene reserve zolang het bestaand parkeerbeleid geldig is. Als dat nieuwe parkeerbeleid 3 jaar gaat duren, dan zitten we 3 jaar met een verrekening. Wat niet wil zeggen dat de tabel constant is, want die wordt volgend jaar weer vastgesteld. Dan kunnen we eventueel de bewoners nog een paar procentjes erbij geven naast de inflatie, maar dat is aan de volgende raad om te beslissen. Ten slotte iets over de OZB. De wethouder geeft aan dat het heel moeilijk is om de indexatie een jaar niet te doen. Formeel heeft ze daar misschien gelijk in.

Maar we kunnen volgend jaar zeggen van, op basis van de financiële situatie veroorzaakt door wat we allemaal van het Rijk krijgen en allerlei andere verwikkelingen en programma’s, kunnen we die OZB bij de kadernota of uiteindelijk bij de begroting wel iets aanpassen door de 10 procent ietsjes minder -22-

te maken. Dan heb ik het niet over een inflatie, maar over een aantal procenten. Laat dat misschien toevallig overeen komen met de inflatie. Ik denk dat dit mijn tweede termijn inbreng is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu naar de VVD, mijnheer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, ik heb even contact gehad met de mede-indieners van de motie. De woorden van de wethouder hebben wij ter harte genomen. Ja, het moet zorgvuldig. Dat staat buiten kijf. Maar we willen de wethouder wel uitdagen om daar toch wel met gezwinde spoed mee aan de slag te gaan. We hebben ook gehoord, er moet budget beschikbaar zijn. Dat budget willen wij in ieder geval voorstellen te dekken, eenmalig 50.000 euro uit algemene reserve. De timing, daar hebben wij het met zijn drieën over gehad. De vraag is in hoeverre daar de portefeuillehouder in mee kan gaan als we zeggen dat die gereed is bij de kadernota 2028. Dan kunnen we meteen de financiële gevolgen daarvan meenemen in de kadernota 2028. Dan hebben we meteen een mooi, compleet, doorgerekend plaatje. Met incidentele inkomsten vanuit het Rijk kunnen we mogelijk eventueel zelfs dan voor het jaar 2027 dan wel nog het tekort dekken. De voorzitter: Dank u wel. Als ik het goed begrijp, voor de helderheid, u laat het, als je kijkt naar uw motie, roept het college op. Het eerste punt laat u intact, het tweede punt laat u ook intact.

Het derde punt waar staat, begroting 2027, dat past u aan, dat wordt kadernota 2028. Dan voegt u er nog een vierde punt aan toe, de kosten te dekken uit de algemene reserve, kosten die gemoeid zijn met het opstellen van een strategische visie als je het hebt over parkeren. De heer Mekelenkamp: Waarbij ik wel in ieder geval een maximum heb aangegeven van 50.000 euro. Mocht het meer zijn, dan gaan we er gemakshalve even vanuit dat de portefeuillehouder zich gaat melden bij de raad. De voorzitter: Dan gaan we even aan deze kant van de tafel kijken hoe we dat in een mooie zin kunnen gieten. Dat checken we dan ook nog even bij de wethouder of dat zo kan. Maar de strekking is helder. Dan ga ik naar de volgende en dat is SO, mevrouw Berger. Niet. Dan de WG, mevrouw Vloothuis. Mevrouw Vloothuis: Dank u, voorzitter. Wij steunen de wethouder in de uitspraken die ze gedaan heeft ten aanzien van de zorgvuldigheid. Heel erg belangrijk om wanneer je een parkeerstrategie op gaat stellen daar heel veel zorgvuldigheid in te betrachten. Ik ben benieuwd hoe uiteindelijk de motie eruit zal gaan zien. Mogelijk zegt het college wel, helemaal niet nodig deze motie, we hebben uw raad goed gehoord. Dan is een motie overbodig. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar het CDA, mevrouw Van der Woning. Niet, Partij van de Arbeid. Niet. Tot slot, GroenLinks. Niet. Volgens mij heb ik dan iedereen gehad.

Dan denk ik dat het goed is om even kort te schorsen om te kijken of we de motie zo kunnen aanpassen dat die recht doet aan wat er net is ingebracht. Dan horen we of er vanuit het college nog een reactie is à la wat mevrouw Vloothuis naar voren bracht. Maar we gaan eerst kijken of we hem kunnen aanpassen. Ik schors de vergadering kort. Loop niet weg, want hij kan zo weer verder gaan. Ik heropen de vergadering. U ziet hier nu de aangepaste tekst. Die is gecheckt bij de wethouder, maar uiteraard ook bij de indiener. U ziet waar de aanpassingen zitten. Die zitten in punt 3 en in punt 4. 3, dat is de kadernota 2028 geworden. Punt 4 is toegevoegd. Daar staat dan, de kosten hiervoor maximaal, hiervoor slaat op de parkeerstrategie, maximaal 50k mogelijke bedragen te dekken uit de algemene reserve en deze via de voorjaarsnota aan de raad voor te stellen. Dan weet u wat de aangepaste tekst is van het amendement. Volgens mij kan ik nu de beraadslagingen als beëindigd … Excuus, het -23-

is een motie. Dan kan ik de beraadslagingen als beëindigd beschouwen. De wethouder, excuus, want die had ik natuurlijk nog de gelegenheid moeten bieden. De wethouder. Mevrouw Zinkweg-Ankone: Toch nog even één vraag, voorzitter, aan de indieners. Er wordt nu gesteld via de voorjaarsnota dit beschikbaar te stellen. Op het moment dat wij eerder zouden kunnen beginnen met het onderzoek, normaal gesproken, als u zegt, dan wordt het pas beschikbaar gesteld, dan kunnen we niet eerder beginnen. Maar als u zegt, als het binnen die 50.000 euro blijft, ga dan alvast maar wel van start en dan wordt het na die tijd. Mag ik hem zo lezen? Ja, dank u. De voorzitter: Ik denk dat het goed is om dat ook zo in het verslag op te nemen, dat we alle raadsleden zagen knikken bij het voorstel zoals u dat net deed. Op deze manier hebben we het wel netjes vastgelegd. Dan beschouw ik de beraadslagingen als beëindigd. Dan moet u even goed met mij samen opletten, want we gaan wellicht wat dingen herhalen, maar dat is even niet anders, omdat het voorstel het nou eenmaal niet anders toe staat. Ik breng eerst het amendement van D66 in stemming.

Op het moment dat, dat moet u zich realiseren, het amendement van D66, en door een aantal andere partijen ook mede ingediend, wordt aangenomen, dan zal ik zeker het dictum wat gaat over de verrekening, ook bij het voorstel nog een keer weer herhalen, omdat het betrekking heeft op het voorstel. Ik denk dat u zich dat goed moet realiseren, omdat dit financieel is en de verordening niet financieel is. Iedereen is al aan het … Ik denk al, doe ik iets verkeerd? Ik heb nog niet gezegd dat de stemming is geopend. Dat doe ik zo dadelijk. Dit was nog eerst even een uitleg hoe we het doen. Nu breng ik het amendement, ik breng het amendement in stemming. Als u een stemverklaring wilt uitbrengen, dan kan dat nu. Mijnheer Snijders. De heer Snijders: Wij gaan tegen stemmen. De reden is omdat op deze wijze ongeveer twee ton uit de algemene reserves wordt gehaald. En de algemene reserves waren not done voor allerlei preventiemaatregelen. Hier kunnen we niet mee akkoord gaan. De voorzitter: Anderen nog een stemverklaring bij het amendement? Niet? Dan breng ik het amendement nu in stemming. Dan mag hij alvast door, dan kunnen we meteen zien. Nee, dat doen we niet. 23 uitgebrachte stemmen, voor 22, tegen 1. Dan mag de volgende ook, want dan kunnen we meteen zien hoe gestemd is. Dat was conform ook de stemverklaring. Dank. Het amendement is aangenomen.

Dan moeten we dat zo meteen ook bij het voorstel zelf nog een keer weer noemen. Dan breng ik nu de afzonderlijke verordeningen ook in stemming. Daar moet u elke keer weer uw stem op uitbrengen. Ik haal ze er nu één voor één bij. Allereerst breng ik nu in stemming de verordening afvalstoffenheffing 2026. Daar mag u nu uw stem op uitbrengen. Unaniem aangenomen. Dan ga ik naar de verordening leges 2026. Daar mag u nu uw stem op uitbrengen. Unaniem aangenomen, 23 raadsleden voor. Dan ga ik naar de verordening onroerendezaakbelasting. Ik kijk even naar rechts. Solidair Oldenzaal, gaat uw gang. Stemverklaring. De heer Bouwman: Dank u wel. Het zal niet echt een verrassing zijn, maar we hebben meermaals voorstellen ingebracht om de OZB te dempen. Heeft hem de afgelopen keren niet gehaald, we gaan dan ook zo meteen tegen de onroerendezaakbelasting, de verordening daarvan, stemmen. Dank u. De voorzitter: Stemverklaring, dat was dat. Dank u wel. Dan breng ik de verordening onroerendezaakbelasting 2026 in stemming. Dat is conform de verwachting 21 voor, 2 tegen. Daarmee is de verordening aangenomen. Dan ga ik naar de verordening parkeerbelastingen. Daar is het amendement op aangenomen. Ik breng het geamendeerde voorstel, de verordening parkeerbelastingen 2026, in stemming. U kunt uw stem nu uitbrengen. 22 voor, 1 tegen. Ik denk goed om de volgende ook nog even te laten zien.

Zo ziet u terug hoe er gestemd is. Dat betekent dat die is -24-

aangenomen, deze verordening. Dat brengt mij tot de volgende verordening en dat is de verordening reclamebelasting. U kunt uw stem, tenzij er nog behoefte is aan een stemverklaring. Dat is niet het geval. U kunt uw stem nu uitbrengen. 23 voor, 0 tegen. Unaniem aangenomen. Dan kom ik bij de verordening rioolheffing 2026. Nog behoefte aan een stemverklaring? Niet het geval. Dan kunt u uw stem nu uitbrengen. 0 tegen, 23 voor, unaniem aangenomen. Conform, unaniem voor. Hij is aangenomen. Dan kom ik tot slot bij het rijtje en dat is de kwijtscheldingsverordening 2026. Nog behoefte aan een stemverklaring? Niet? Dan mag u nu uw stem uitbrengen. U ziet het, 23 voor. Ook deze verordening is aangenomen. Dat brengt mij bij het voorstel zelf. U moet zich daarbij wel het volgende bedenken. Dat betekent dat we aan het besluit het punt gaan toevoegen, de mindere of meerdere ontvangsten uit de parkeerbelastingen te verrekenen met de algemene reserve, zolang het bestaand parkeerbeleid geldig is. Zoals dat ook in het amendement, zoals net besproken, staat. Maar dat voegen we aan het besluit bij dit voorstel toe. Nog behoefte aan een stemverklaring? Niet? Dan mag u uw stem nu uitbrengen. Dank u wel. 22 voor, 1 tegen. We kunnen nog even kijken hoe de stemverhouding precies is. Hier ziet u het terug. Dat betekent dat het voorstel, de belastingverordeningen 2026, het gehaald heeft.

Die is aangenomen. Dan heb ik nog een tweetal moties. Allereerst de motie die aangepast is, zoals net ook is toegelicht. U heeft het op het scherm teruggezien. Dat zullen we ook bij het verslag meenemen. Ik weet niet of er nog behoefte is aan een stemverklaring bij deze motie van VVD, CDA en ik dacht nog een aantal andere, SO en D66. Maar andere partijen hebben daar ook het nodige van gevonden. Ik weet niet of er nog behoefte is aan een stemverklaring. Niet? Dan breng ik hem nu in stemming, de motie Integrale parkeerstrategie. Unaniem voor, 23 raadsleden om precies te zijn. Deze motie is, deze aangepaste motie, is aangenomen. Dat brengt mij tot de laatste motie bij dit agendapunt. Dat is de motie van de fractie van Solidair Oldenzaal. Stemverklaring, iemand? Mijnheer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, hoewel wij als partij altijd voorstander zijn van het dempen van OZB-verhogingen, zullen wij tegen deze motie gaan stemmen, omdat wij het nu nog te prematuur vinden. We vinden dat deze discussie plaats hoort te vinden bij de kadernota 2027. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond voor nog anderen. Mijnheer Van der Waal. De heer Van der Waal: De laatste woorden van de heer Mekelenkamp zijn ook op mij van toepassing. Mocht het nuttig zijn, dan kunnen we altijd met de kadernota nog iets zeggen over de OZB. Nu is het te prematuur. De voorzitter: Dank u wel.

Ik zag ook de heer Maartens van het CDA. De heer Maartens: Heel kort. Wij sluiten ons daar gewoon bij aan. De voorzitter: Dank u wel. Genoeg? Dan breng ik nu de motie in stemming. U kunt uw stem uitbrengen. Dank u wel. Voor hebben er 2 gestemd, tegen 21. Als er nog even weer doorgeschakeld wordt, dan kunt u zien hoe er precies is gestemd. Dat ziet u hier terug. Dat betekent dat de motie is verworpen. Dat betekent ook dat we bij het volgende agendapunt aan gaan komen. 7. Vernieuwbouw stadhuis De voorzitter: Dat betreft agendapunt 7, vernieuwbouw van het stadhuis. Omdat het mede een project is van uw voorzitter, zal hij de voorzittershamer over geven aan iemand die al heel veel verschillende rollen in deze raad, in dit huis, heeft mogen vervullen. Mijnheer Liebrand, als u deze kant op zou willen komen, dan mag u volgens mij voor het eerst in uw bestaan, misschien ook wel in

-25-

het bestaan van de gemeente Oldenzaal, de voorzittershamer hanteren. Het woord is aan de voorzitter, mijnheer Liebrand. De plaatsvervangend voorzitter: Heel bijzonder dat ik dat vanaf deze plek mag doen, dat ik dat nog een keer mag meemaken. Beste raadsleden, voor ons ligt het raadsvoorstel voor de vernieuwbouw van het stadhuis. Hierover hebben we als raad al tweemaal in een politiek forum van gedachten gewisseld. Er zijn vele technische vragen en politieke vragen gesteld en beantwoord. Ik wil als voorzitter van de gelegenheid gebruikmaken om namens de gemeenteraad de betrokken ambtenaren te bedanken voor de beantwoording van de vele vragen in dit dossier. Dit heeft ons in staat gesteld om hier goed beslagen ten ijs te komen, om vanavond het besluitvormend debat met elkaar te kunnen voeren. Het gaat vanavond wel ergens over. Een noodzakelijke renovatie van ons stadhuis met onder meer verduurzaming en verbeterde dienstverlening. Daarnaast wordt er een voorstel gedaan over de invulling van het afgesloten gedeelte, de zogenaamde L-vleugel. Naar aanleiding van de bespreking in het politiek forum van afgelopen maandag is er tussen uw fracties veel overleg geweest. Voor het onderwerp zijn twee amendementen en een tweetal moties ingediend. Ik geef dan ook de fractie van de PvdA Oldenzaal als eerste het woord. Daarna de fractie van Solidair Oldenzaal, dan D66 en de overige fracties.

Ik zou graag het woord willen geven aan de heer Lulolfs. De heer Lulofs: Voorzitter, ik denk dat we toch even moeten beginnen met een punt van orde. Er is een andere afspraak gemaakt voor wie het amendement indient. Dat is de VVD. De plaatsvervangend voorzitter: Dan lijkt het me verstandig dat we eerst de VVD aan het woord laten. Ik geef graag het woord aan de heer Visscher. De heer Visscher: Afscheidsspeech. Ik was al aan het kijken naar wie ik vanavond kon gaan lonken, maar ik bedacht me net, dat is strafbaar, dat mag helemaal niet. Dat slaan we over, dat stukje. Voorzitter, de afgelopen maanden blijkt dat Oldenzalers weer echt iets vinden van de politiek, getuige de vele social media berichten over dit onderwerp, maar ook bijvoorbeeld hoge opkomsten in het forum over de parkeervergunningen. Overigens, de persoon die de meeste woorden gewijd heeft aan het stadhuis zie ik niet in de zaal zitten, maar die zal ongetwijfeld in spanning op de bank zitten met ChatGPT op schoot. Dat gaan wij de komende weken nog wel terugvinden in de berichtgeving. Natuurlijk is het mooi dat er veel aandacht is voor de politiek, want wij zitten hier namelijk voor onze inwoners. Maar ik constateer ook dat heel veel discussies nogal eendimensionaal zijn. Zwart-wit, je bent of voor de verbouw van het stadhuis of je bent tegen.

Je bent of voor een andere locatie voor het sociaal domein, of het Sociaal Plein, of je bent daar tegen. Uiteindelijk is dat natuurlijk zo, want uiteindelijk moeten wij op dat groene plusje of dat rode minnetje drukken. Maar wij gaan natuurlijk nooit over één dag ijs, over één nacht ijs, met dit soort moeilijke discussies. We maken een brede afweging om tot deze beslissing te komen. Als we praten over, wat we net gehad hebben, de parkeervergunning, is niet één onderwerp waar we over beslissen. Dat is een onderdeel van een hele grote begroting. Net als de verbouwing van het stadhuis, is niet zomaar het oppoetsen van een paar stenen. Het is een werkplek voor heel veel mensen en het is ook een belangrijk gebouw in onze stad. Dat brengt mij op misschien wel het belangrijkste onderwerp voor dit complexe voorstel, dat is communicatie. Het is helaas een feit dat wij als gemeente veel te laat gestart zijn met een gedegen communicatietraject naar de inwoners. Daarom horen we nog steeds heel veel verhalen die niet zo goed kloppen. Natuurlijk zullen wij nooit alle inwoners bereiken. Maar met een goed plan, waar je goed over nadenkt welke middelen je inzet, kun je wel de meeste bereiken. Wij hebben als fractie al een tijdje gezegd, wij hebben als gemeente Oldenzaal behoefte aan een echte communicatiestrateeg.

Of misschien moeten we die wel spindoctor noemen als we dat een beetje landelijk pakken. Ik heb begrepen dat die persoon op 2 januari gaat beginnen. Daar ben ik als VVD-26-

fractie heel blij mee. Nu de inhoud. Ik ga het voorstel in drie punten hakken. De verbouwing van het stadhuis, de locatie van het Sociaal Plein en tot slot iets over de L-vleugel. Het stadhuis. Het is helder, ons stadhuis moet verbouwd worden. Het gebouw heeft drastisch groot onderhoud nodig. Dat kost alleen al 12 miljoen. Het stuk extra van 5 miljoen is bedoeld om onze manier van werken te verbeteren, door er een veel meer eigentijds kantoor van te maken. Ook geen overbodige luxe. Binnen het bedrag zit ook een complete verduurzaming. Niet per se omdat we dat als raad willen, maar simpelweg omdat het wettelijk verplicht is. Wat er niet in zit, er komen geen gouden kranen, er komt geen fitnessstudio, er komt geen luxe restaurant. Het is een sobere en doelmatige verbouwing. Precies zoals we dat als raad ook gevraagd hebben. Inwoners zijn er, die vinden dat heel veel geld. Wij begrijpen dat gevoel, want wij vinden dat ook heel veel geld. Echter, als we kijken naar de bouwkosten, hoe die de afgelopen jaren zijn gestegen, is in onze afweging deze investering zeker reëel. Conclusie, de verbouwing moet doorgaan en wij kunnen ons vinden in het voorstel van het college. Deel 2, locatie van het Sociaal Plein. In 2024 is er een motie aangenomen door de raad over het treffen van de voorbereiding om over te gaan naar een populatiebekostiging binnen het sociaal domein.

Deze motie gaat niet alleen over het uitrollen van een nieuw financieel systeem, maar vooral over het versterken van de sociale basis voor onze inwoners en samenwerking binnen het netwerk. Als raad hebben wij de opdracht verleend om integrale samenwerking binnen het sociaal domein te bevorderen. Met deze opdracht en de motie is door professionals en samenwerkingspartners gekozen voor huisvesting buiten het stadhuis, namelijk in de voormalige bibliotheek op Ganzenmarkt 11. Dat gebouw leent zich als gebouw perfect voor deze opdracht. Een L-vleugel is als gebouw niet geschikt, omdat daar nog steeds alles in hokjes wordt weggestopt. Tijdens de kadernota van 2025 hadden we daar al mee ingestemd, maar door de vernieuwbouw hebben we er nog een keer goed naar gekeken om ons definitief oordeel te vellen. Mensen in het sociaal domein hebben nogmaals hun plan toegelicht en daarin kunnen wij ons vinden. Dit is dan gebaseerd op een inhoudelijke keuze en niet een beslissing gebaseerd op een gebouw wat wij nog over hebben. Wat wel kleeft aan deze beslissing is het onderscheid tussen Ganzenmarkt 1 en Ganzenmarkt 11. Gelukkig heeft collega Kramer hier afgelopen week een briljante ingeving van gehad. Dat zal de heer Lulofs in zijn bijdrage zo meteen gaan toelichten.

Wij willen bouwen aan een sterke sociale basis voor onze inwoners, zodat mogelijk hogere kosten in de toekomst voorkomen kunnen worden. Een mooi stadshuis naast ons eigen stadhuis kan daar een belangrijke bijdrage aan leveren. Uiteindelijk is dat wat wij willen. Een centrale en veilige plek voor alle inwoners om hun vragen te stellen en alle ruimte te bieden aan het integraal werken binnen het sociaal domein. Tot slot, voorzitter, de L-vleugel. Hoewel ik zelf heb voorgesteld om de beslissing van het stadhuis uit te stellen tot er meer duidelijkheid was over de Lvleugel, ga ik dat nu toch weer loskoppelen. De reden is dat wij niet tevreden zijn met de voorgestelde richting door het college. In TC Tubantia werd afgelopen zaterdag door aanwezigen ook al iets gezegd over gele briefjes. Die gele briefjes hadden wij als fractie ook al besproken. Hebben we nu wel echt creatief gekeken naar de invulling van die L-vleugel? Wij denken dat we daar meer uit kunnen halen. Het verhuur als kantoorruimte spreekt ons niet aan. Dat komt niet door het feit dat we die inkomsten niet zouden willen hebben, maar meer omdat wij als gemeente echt niet goed hierin zijn. Kijk naar de problemen die we gehad hebben met het verhuren van ruimte in Vondersweijde. Wij zijn als gemeente geen verhuurorganisatie. Daar hebben wij de kennis en ervaring niet voor en ook niet de juiste mensen.

Daarom opdracht aan het college om met betere alternatieven te komen. We zijn ervan overtuigd dat binnen de beperkingen, als het gaat om netcongestie, dat we echt wel andere dingen kunnen bedenken. Voorop staat wat ons betreft nog steeds dat het een echte toegevoegde waarde moet zijn voor Oldenzaal. Zoals dat ook het geval zou zijn geweest als we mogelijk toch appartementen of een hotel hadden kunnen realiseren. Maar misschien, ik zie al mensen op de tribune die zullen misschien denken, laten we er een museum van maken of misschien wel de skydive toren die nooit op Het Hulsbeek kwam. In een ultiem geval moeten we misschien ook nog wel denken aan het slopen van de L-vleugel om ruimte te maken voor misschien een parkeergarage of -27-

parkeerplaats op de grond. Dat laatste klinkt natuurlijk nu heel erg pijnlijk, maar het zou wel een alternatief kunnen zijn. Kortom, we koppelen de besluiten nu los, maar vragen wel om zo snel mogelijk met de nieuwe alternatieven te komen. Dan dien ik nu samen met PvdA, WG en CDA het amendement in wat gaat over dit besluit over de L-vleugel. Ik zal dat oplezen. De raad van de gemeente Oldenzaal, bijeen in de vergadering van 15 december 2025, stelt voor de tekst in het besluit waar staat: 3, de L-vleugel van het stadhuis alsnog niet af te stoten, maar tijdelijk te verhuren ten behoeve van kantoorfuncties, met als doel de vleugel op een later moment alsnog af te stoten, zodra de omstandigheden dit toelaten. 4, een krediet van 1,2 miljoen beschikbaar stellen voor het verhuurbaar maken van de L-vleugel van het stadhuis. De kapitaallasten van 53.000 vanaf 2029 worden gedekt door de verhuuropbrengsten van 213.000. En het positieve saldo van 160.000 jaarlijks te storten in een nieuw te vormen bestemmingsreserve verkoop L-vleugel. Te wijzigen in: 3, het college opdracht te geven onderzoek te doen naar invulling van de ruimte met een andere functie. Tussen haakjes, anders dan verhuur. 4, de resultaten van dit onderzoek in februari 2026 aan de raad aan te bieden, waarna de raad een besluit kan nemen over de invulling van het af te stoten gedeelte van het stadhuis, namelijk de L-vleugel.

Voorzitter, tot slot, we hebben uitvoerig nagedacht over ons besluit. Dat was niet eendimensionaal. Dat hebben we vanuit alle invalshoeken gekeken wat het beste is voor Oldenzaal. Die is helder, het stadhuis moet verbouwd worden. Het Sociaal Plein moet gehuisvest worden op Ganzenmarkt 11. De opties voor de vleugel zien wij graag tegemoet. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter: Ik kijk even rond of er nog vragen zijn van andere fracties. Dat is niet het geval. Dan geef ik graag het woord aan Solidair Oldenzaal, mevrouw Berger. Mevrouw Berger: Voorzitter, de laatste vergadering van het jaar, de afsluiter. Bij deze vergadering sluiten wij nog meer af vanavond. Een dossier dat al zes, misschien zeven jaar in de koker zit, de verbouwing van ons stadhuis. We hebben hier heel veel over gediscussieerd, hierover gepraat, het besluit weer teruggestuurd, weer in raad teruggezien. Uiteindelijk ligt hier een besluit voor ons, dat bomvol staat van informatie en daar willen wij nog een keer onze waardering voor uitspreken. Het is geen verrassing dat wij dit besluit gaan amenderen in de lijn der verwachting van onze fractie. Een laatste poging om van dit huis een Huis van de Stad te maken. Maar gezien het vorige amendement met zulke hoedanigheid werd ingediend, denk ik dat dit ook weer een sympathiek amendement is. Ik wil nog even refereren aan het raadsprogramma.

Wij hebben hier aan het begin van onze termijn met zijn allen heel erg lang aan gewerkt. We hebben raadsbreed een raadsprogramma ingediend. Voorzitter, u begrijpt wellicht mijn opgetrokken wenkbrauw één jaar later bij de motie van CDA en WG, gesteund door D66, over het vinden van een sociaal-maatschappelijk hart van Oldenzaal. Precies alles wat niet in het raadsprogramma stond. Het was aangenomen en ook dat is democratie. Het college ging op zoek naar een andere locatie voor het Sociaal Plein, of in elk geval in kaart te brengen waar deze het beste gehuisvest zou kunnen worden. We hoorden helemaal niets meer over het belang van integraal werken, laagdrempeligere toegang van het Huis van de Stad waar de inwoner terecht kon voor alles wat ze nodig acht. Alle onderzoeken over het gebruiksgemak en het gevoel van de inwoner dat zij ervaart bij het Sociaal Plein zijn gebaseerd op de huidige huisvesting. Ik noem het gekscherend een hok, omdat er geen raam open kan. Het zit weggestopt in de hoek van het stadhuis. Natuurlijk zouden deze uitslagen tegenvallen. Dat zou voor niemand een verrassing moeten zijn. Dat in combinatie met het vorige raadsvoorstel, waarin het scenario twee Huis van de Stad één van de duurste oplossingen zou zijn, maakt het logisch dat dat niet op een meerderheid kon rekenen. Inmiddels blijkt dat het niet de duurste optie zou zijn.

Ons hart draagt nog steeds uit naar een Hart van de Stad. Ik heb nog wel wat vragen over de L-vleugel aan het college. Er is geen duidelijke lijn in wanneer wij nu wel of niet ambitieus omgaan met klimaatdoelstellingen. Laat ik voor de goede orde duidelijk zijn, wij zijn tegen overijverige klimaatambities, omdat onze realiteit dit -28-

simpelweg in de weg staat. Mijn verbazing was groot toen ik las dat er waardevermindering van onroerend goed zou kunnen plaatsvinden bij het niet ParisProof maken van de L-vleugel. De wethouder vertelde destijds dat dat een standpunt van Solidair Oldenzaal was, maar dat heb ik ook gelezen uit het raadsbesluit. Ik zou hier heel graag alsnog een antwoord op willen krijgen. Ook welke afweging het college maakt om te kiezen voor al dan niet ParisProof maken van haar eigen gebouwen. Als verhurende partij is de gemeente Oldenzaal immers nog steeds eigenaar van de Lvleugel en bij mijn weten verplicht om hieraan te voldoen. Op basis van welke wetgeving en welk besluit wijkt het college hier vanaf? Begrijpelijk, de L-vleugel geeft ons een beetje hoofdpijn. Het is daarom verwonderlijk dat het college in september van ons verwachtte om hier nog een besluit over te moeten nemen, om hier al een besluit over te moeten nemen. Onder het mom van, het komt wel goed. Maar het kwam helemaal niet goed. Er kon geen stadshotel, er kon geen stadsappartementen. Er worden nu door de raadsleden mooie opties geopperd. Ik ben daarom ook trots op onze raad dat wij er niet in mee zijn gegaan en dat wij dit niet konden verantwoorden bij onze kiezer. We hebben dit als volksvertegenwoordiging goed gedaan, al zeg ik het zelf en klop ik jullie daarmee op de borst.

Wij als raad hebben last minute nog alternatieve scenario's aangedragen waar het college mee aan de slag kon. Drie maanden voor hier terwijl we al zeven jaar hiermee bezig zijn. Dan nog even over de inwoner. Ik hoorde het net ook in de bijdrage van de VVD. De communicatie richting de inwoner zorgde voor veel onvrede, onbegrip. Dit had in onze ogen beter kunnen gaan. Wanneer kwamen zij aan bod met het participatietraject bij het huis dat voor hen het middelpunt van de samenleving zou moeten zijn? Dat had wat ons betreft beter gekund. Lang verhaal kort, college, dit dossier, waar zeven jaar de tijd voor was, had in veel betere hoedanigheid aan de raad gepresenteerd moeten worden in eerste instantie. Dat ligt nu voor ons, waar wij fatsoenlijk mee aan het werk kunnen. Nogmaals, daar wil ik mijn complimenten voor uiten. De inwoner hadden we wat ons betreft veel eerder en breder mee moeten nemen. Dan hadden zij misschien wat meer feeling bij het dossier kunnen hebben, was er minder onbegrip. In lijn met de verwachting dienen wij het amendement in om toch te kiezen voor het Huis van de Stad. Om verwarring te voorkomen, in dit besluit is dat variant vier. Maar in het vorige besluit was dat scenario twee. Alvorens ik mij richt tot het dictum … De plaatsvervangend voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Mekelenkamp.

De heer Mekelenkamp: Voorzitter, ik was benieuwd naar het dictum van mevrouw Berger. Mag ze die eerst voorlezen? De plaatsvervangend voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw Berger: Dank u wel. Wij zouden in ons amendement graag gewijzigd zien, punten 3 en 4. Punt 3, te kiezen voor variant 4, waarbij het Sociaal Plein in de L-vleugel wordt gehuisvest, een deel beschikbaar wordt gesteld voor de verhuur ten behoeve van kantoorfuncties voor maatschappelijke en commerciële partners en de locatie Ganzenmarkt 11 te verkopen ten behoeve van woningbouw voor 1- en 2persoonshuishoudens. Dan punt 4, een krediet van 4,5 miljoen euro beschikbaar te stellen voor het huisvesten van het Sociaal Plein in de L-vleugel, het verhuurbaar maken van de rest van het deel van de L-vleugel ten behoeve van kantoren en maatschappelijke en commerciële partners en hiervoor dekking te vinden en dit aan de raad voor te leggen. De plaatsvervangend voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, mevrouw Berger doet in haar amendement het voorstel om eenen tweepersoonshuishoudens te gaan vestigen aan Ganzenmarkt 11. Maar met de boekwaarde die erop zit, stijgende bouwkosten, die ook door de heer Visscher al eerder aangehaald zijn natuurlijk, -29-

worden dat wel redelijk dure een- en tweepersoonshuishoudens. Zeker als ook nog eens een keer een partij als Solidair Oldenzaal zijn starters niet wil helpen door ze een starterslening te geven. Hoe ziet mevrouw Berger het voor zich dat een starter dan een- of tweepersoon huishouden in Ganzenmarkt 11 kan kopen? Mevrouw Berger: Dank u wel voor uw inbreng. Wij hopen dat hier een partij zich voor vestigt die hier wel heil in ziet om dit te doen. Het is voor ons vooral dat wij dit op deze manier indienen, dat dit ook in het besluit als optie wordt genomen. Wij vinden het ook heel lastig uit te leggen om een deel van je eigen gebouw te verkopen, misschien gaat dat niet door naar aanleiding van uw amendement, om het in een ander gebouw verder te huisvesten. Maar in lijn van het scenario en om het allemaal behapbaar te maken, hebben wij het op deze manier moeten amenderen. Anders is het niet technisch juist, kunnen we er helemaal geen touw aan vastknopen. Vandaar. De plaatsvervangend voorzitter: Ik zie een interruptie van D66. Mijnheer Van der Waal, gaat uw gang. De heer Van der Waal: Dank u wel, voorzitter. Ik ga voor vijftig procent ongeveer mee met uw redenering, zoals zal blijken uit mijn inbreng. Ik mag niet te veel verklappen. U wilt het Sociaal Plein huisvesten in de L-vleugel, maar u heeft het niet over aanpassingen, bijvoorbeeld voor een gewijzigde ingang.

Zoals het hier nu staat, blijft de ingang zoals die is. Vindt u dat gewenst of zou u daar bij uw motie, of amendement, excuus, nog een aanpassing op wensen? De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Berger. Mevrouw Berger: Dank u. Ben ik het met u mee eens. Wij zien inderdaad liever ook de mogelijkheid dat degene die dat wil, ook via een andere ingang met iets meer privé naar binnen zou kunnen gaan. Als u wilt kan ik dat duidelijk verwoorden in mijn amendement. De plaatsvervangend voorzitter: Ik kijk even rond, zijn er nog andere vragen aan mevrouw Berger? Niet? Dank u wel voor uw inbreng. Dan ga ik door naar de partijen die een motie hebben ingediend. Dan geef ik graag het woord aan de PvdA. Mijnheer Lulofs. De heer Lulofs: Voorzitter, zoals we reeds in eerdere fora en andere bijeenkomsten hebben aangegeven, is de fractie van de PvdA een voorstander van vernieuwbouw van het huidige stadhuis. Hoewel op de sociale media en ook in de fysieke wereld veel meningen worden geuit over de bijbehorende kosten en de diverse mogelijke alternatieven, zijn we toch van mening dat we met dit voorstel grotendeels op de goede weg zijn. Jazeker, de bedragen die worden genoemd zijn voor de meeste mensen duizelingwekkend.

Van ongeveer 12 miljoen euro nodig voor noodzakelijk onderhoud tot een budget van 17 miljoen voor een intensieve vernieuwbouw, waarvan we feitelijk al weten dat we alleen al door het tijdsverloop en de wettelijke eisen van de begrotingsregels uitkomen op een hoger bedrag. Maar dit geldt uiteraard voor alle varianten. Bij deze kosten hoort feitelijk ook de investering in de oude bibliotheek. Hiermee weten we dat de totale investering waar we als gemeente voor staan verder op zullen lopen. Nogmaals, de investering in een goed geoutilleerd stadhuis, dat hiermee voor de komende 40 jaren toegerust is voor haar taak, is niet hetzelfde als geld verbranden. De gemeente investeert, er staat tegenover de schuld een bezit en daarmee verarmt de gemeente niet. Trek de vergelijking maar eens door naar de investering in 1967 tot de waarde momenteel van dit pand. Waar wij als fractie van de PvdA wel de grootste moeite hebben, is het feit dat in het voorliggende voorstel het Sociaal Plein het stadhuis fysiek gaat verlaten. Want het Sociaal Plein is de plek waar inwoners komen op momenten dat het leven wringt. Juist daar moet de gemeente zichtbaar, herkenbaar en aanspreekbaar zijn. Dat is voor ons het stadhuis. Inwoners moeten niet -30-

hoeven zoeken naar een plek waar ze geholpen kunnen worden. Het voorkomen dat het Sociaal Plein het stadhuis zou verlaten was voor mijn fractie de hoofdprijs als resultaat. Helaas hebben we daar in eerdere overleggen geen meerderheid voor kunnen vinden die deze mening deelt. We zijn realistisch en daarom gaan we niet meer voor de hoofdprijs, maar voor de eerste prijs. Het principieel borgen van gemeentelijke aanwezigheid, los van de uiteindelijke locatie. Voor de fractie van de PvdA is de nabijheid van de overheid op cruciale levensmomenten nog belangrijker dan de uiteindelijke huisvesting. Daarom hebben we samen met de fracties van WG, de Oldenzaalse VVD en het CDA een motie opgesteld waarvan het dictum luidt: te onderzoeken op welke wijze de gemeente Oldenzaal als deelnemende instantie een duidelijke en herkenbare plek kan krijgen in het te realiseren Sociaal Plein aan de Ganzenmarkt 11. De uitkomsten van dit onderzoek met de raad te delen voorafgaand aan de behandeling van het afzonderlijk raadsvoorstel over het krediet voor huisvesting van het Sociaal Plein. Onze overwegingen om tot deze motie te komen zijn terug te vinden in de volgende punten. Het Sociaal Plein heeft een publieke en maatschappelijke functie en is geen reguliere uitvoerings- of kantoorlocatie.

Fysieke aanwezigheid van de gemeente doet er voor de inwoners toe in termen van vertrouwen, toegankelijkheid en ervaren ondersteuning. Zichtbaarheid van de gemeente versterkt de samenhang tussen partners in het sociaal domein, zorgt voor herkenbaarheid en voorkomt versnippering. De motie is niet tegen samenwerking of vernieuwing, maar voor het expliciet meenemen van gemeentelijke zichtbaarheid als uitgangspunt in de verdere uitwerking. Het verzoek is principieel van aard en heropent het eerdere locatiebesluit niet. Het andere hete hangijzer in het voorstel is wat we gaan doen met de L-vleugel van het stadhuis, nu het erop lijkt dat deze ruimte niet meer zal worden ingevuld door de gemeente zelf. Het heeft de raad tot nu toe steeds ontbroken aan een goede discussie over wat we met dit deel van het stadhuis kunnen of moeten doen. De raad moet kunnen besluiten op basis van meerdere realistische alternatieven, niet op 1 uitgewerkt verhuur scenario. Dit amendement, dat samen met de fracties van de WG, Oldenzaalse VVD en het CDA zal worden ingediend, is geen afwijzing van verkoop of herontwikkeling, maar een pas op de plaats om de raad een daadwerkelijke keuze te laten maken. Onze overwegingen om tot dit amendement te komen, met de andere partijen, zijn terug te vinden in de volgende punten.

De toekomstige functie van de L-vleugel heeft jarenlange financieel, ruimtelijke en maatschappelijke gevolgen. Op dit moment ontbreekt voldoende inzicht in alternatieven naast verhuur, zoals maatschappelijke functies, publieke dienstverlening of gemengd gebruik. Het huidige voorstel stuurt sterk op kantoorverhuur, vraagt structurele vastgoed en beheer inzet en legt beslag op schaarse ambtelijke capaciteit. De gemeente is beperkt toegerust op de rol van vastgoed exploitant. Dit hebben we ook al in eerdere gevallen hebben we dat bewezen. Onzekerheden rond de kantoormarkt en de energie infrastructuur, netcongestie, vragen om extra voorzichtigheid bij langjarige verhuurkeuzes. Het amendement vertraagt de vernieuwbouw niet, voorkomt onomkeerbare besluiten en versterkt de kaderstellende rol van de raad. Tot zover mijn bijdrage in eerste termijn. De plaatsvervangend voorzitter: Ik heb een interruptie van de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter, ik lees in de oproep dat de gemeente als deelnemende instantie een duidelijk herkenbare plek gaat krijgen op het Sociaal Plein. Hoe moet ik dat zien, mede ook in het licht van het gegeven dat het Sociaal Plein volgens de wens van de sociale partners gescheiden moet zijn, in ieder geval een volledig gescheiden ingang moet hebben, ten opzichte van het stadhuis? Ik begrijp niet helemaal hoe u dit ziet.

Kunt u dat verduidelijken? De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Lulofs. De heer Lulofs: Die gescheiden ingang, dat is een wens van een aantal instanties die met ons samenwerken. De primaire instantie waar je als burger terecht zou moeten, of moet, dat is de -31-

gemeente. Daarom was ook ons uitgangspunt steeds, hier in het stadhuis. Hier in het stadhuis, dat is de plek waar mensen die problemen hebben geholpen kunnen worden en niet op een andere locatie. Helaas, dat was voor ons de hoofdprijs, nu gaan we voor die eerste prijs. Daarbij moet de gemeente duidelijk zichtbaar aanwezig zijn. De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Waal. De heer Van der Waal: Op basis van mijn redenering, die impliciet in mijn vraag zat, gaat u voor de poedelprijs. Het Sociaal Plein wordt moeilijk bereikbaar voor mensen die enige angst hebben voor de gemeente. Nu plaatst u weer de gemeente bij het Sociaal Plein. Bent u niet bang dat u hiermee het doel te ver kiest? De heer Lulofs: Hoor ik u nu zeggen dat de gemeente zich zou moeten terugtrekken uit die sociaalmaatschappelijke markt? De plaatsvervangend voorzitter: Mijnheer Van der Waal. De heer Van der Waal: Nee, het gaat om de fysieke aanwezigheid. Het gaat om de zichtbaarheid van de mensen die om hulp komen naar het Sociaal Plein, die kwetsbaar zijn en wellicht wat angst hebben voor de ambtenarij. Zonder de ambtenarij als angstige organisatie te laten zien. Als je bij het Sociaal Plein vervolgens weer de gemeente laat zien als deelnemende instantie, dan heb je een deel van het probleem niet opgelost, lijkt mij.

Wat is daarop uw mening? De heer Lulofs: Als u al stelt dat de mensen geen vertrouwen hebben in de lokale overheid, dan is de enige plek waar je dat zou kunnen herstellen, dat is de locatie van de lokale overheid. Dat ga je niet op een andere plek doen. Dat kan iets langer duren, dat zal niet van de ene op de andere dag gerealiseerd zijn. Maar er moet in geïnvesteerd worden. De plaatsvervangend voorzitter: Ik heb nog een interruptie van SO, mevrouw Berger. Mevrouw Berger: Dank u wel, voorzitter. Ik vond het een mooi betoog, mijnheer Lulofs. Daar waar u eieren voor uw geld kiest en voor de eerste prijs gaat, ben ik nog steeds voor de hoofdprijs gegaan. Ik weet dat het het niet gaat halen, maar ik wil het wel in lijn der verwachting ingediend hebben. Ik denk, ik weet, sorry, ik weet dat ons amendement het niet gaat halen. Deze motie, die vat nou precies samen wat wij ook graag voor ons zien. Een hart van de stad, een Sociaal Plein waar iedereen bij komt. Ik vind dit een heel mooi idee en u mag hier van ons op steun rekenen. De plaatsvervangend voorzitter: Ik heb verder geen aanvullende vragen gehoord. Ik geef graag het woord aan de heer Maartens. Interruptie. Als u nog heel even terug wilt keren naar uw plek. Mijnheer Maartens. De heer Maartens: Dank u wel, voorzitter. Ik val soms van verbazing van mijn stoel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16451670/1