Nota van antwoord NRD De Baars
Tekst van het document
33.1
Indieners vinden de locatie ongeschikt vanwege negatieve gevolgen voor de leefomgeving. Het windpark komt onder andere te dicht bij het nieuwbouwproject 'VanBesouw' te liggen.
We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
33.2
Indiener stelt dat de geplande windturbines leiden tot aantoonbare financiële schade door waardedaling van woningen in de omgeving.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
33.3
Indieners stellen dat de gehanteerde afstandsnorm te kort is en in strijd is met Europese aanbevelingen. Ook wordt gewezen op ongelijke toepassing van normen binnen het REKS-gebied.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.3 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
33.4
Indiener stelt dat hinderlijke flikkering door slagschaduw stressklachten veroorzaakt en onvoldoende wordt meegenomen in de plannen.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2.
33.5
Indiener stelt dat laagfrequent geluid en rotorgeruis op 500 meter afstand permanente hinder veroorzaken. Indiener stelt dat vergelijkbare situaties leiden tot hoofdpijn en concentratieproblemen, en dat deze risico’s onvoldoende worden erkend.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.4.2 van hoofdstuk 2.
33.7
Indieners vrezen lichtvervuiling door constante obstakelverlichting ten behoeve van luchtverkeer.
We verwijzen naar paragraaf 2.5.2 van hoofdstuk 2.
33.8
Indiener verzoekt heroverweging van de locatiekeuze en pleit voor grotere afstand tot woonwijken.
34.1
Indieners vinden de locatie ongeschikt vanwege negatieve gevolgen voor de leefomgeving. Het windpark komt onder andere te dicht bij het nieuwbouwproject 'VanBesouw' te liggen. Indiener stelt dat de geplande windturbines leiden tot aantoonbare financiële schade door waardedaling van woningen in de omgeving. Indieners stellen dat de gehanteerde afstandsnorm te kort is en in strijd is met Europese aanbevelingen. Ook wordt gewezen op ongelijke toepassing van normen binnen het REKS-gebied. Indiener stelt dat hinderlijke flikkering door slagschaduw stressklachten veroorzaakt en onvoldoende wordt meegenomen in de plannen.
We waarderen het dat u de moeite heeft genomen om uw opmerkingen met ons te delen. Uw inbreng wordt meegenomen in de verdere uitwerking van het proces. We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
33.6
34.2 34.3
34.4
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.2.3 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2. 61
Nummer 34.5 34.6 34.7 34.8
35.1
35.2
35.3
Reactie Indiener stelt dat laagfrequent geluid en rotorgeruis op 500 meter afstand permanente hinder veroorzaken. Indiener stelt dat vergelijkbare situaties leiden tot hoofdpijn en concentratieproblemen, en dat deze risico’s onvoldoende worden erkend. Indieners vrezen lichtvervuiling door constante obstakelverlichting ten behoeve van luchtverkeer. Indiener verzoekt heroverweging van de locatiekeuze en pleit voor grotere afstand tot woonwijken. Indieners vinden de locatie ongeschikt vanwege negatieve gevolgen voor de leefomgeving. Het windpark komt onder andere te dicht bij het nieuwbouwproject 'VanBesouw' te liggen. Volgens indiener is dit slecht onderbouwd en in strijd met jurisprudentie over geluid, slagschaduw, verlichting, gezondheid en waardeverlies. Indiener stelt dat sinds het ‘Delfzijl Zuid’-arrest gemeenten zelf moeten onderbouwen dat geluidoverlast aanvaardbaar is. Volgens indiener wordt de WHO-richtlijn van maximaal 45 dB Lden waarschijnlijk overschreden op 500 meter afstand.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.4.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.5.2 van hoofdstuk 2. We waarderen het dat u de moeite heeft genomen om uw opmerkingen met ons te delen. Uw inbreng wordt meegenomen in de verdere uitwerking van het proces. We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 van hoofdstuk 2.
Indiener stelt dat de norm van maximaal zes uur slagschaduw per jaar volgens de Raad van State niet mag worden overschreden. Bij een afstand van 500 meter acht indiener het aannemelijk dat deze norm wordt overschreden. Indiener stelt dat permanente obstakelverlichting alleen is toegestaan na een zorgvuldige afweging van hinder voor omwonenden. Volgens indiener ontbreekt deze afweging in het plan, terwijl permanente verlichting vereist is vanwege vlieg- en traumaroutes.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2.
35.5
Indiener stelt dat het recht op een gezond leefmilieu onvoldoende is meegewogen. Volgens het ‘Delfzijl Zuid’-arrest kunnen strengere normen nodig zijn om dit recht te beschermen.
35.6
Indiener verwijst naar jurisprudentie waarin planschadevergoeding is toegekend bij vergelijkbare afstanden, en stelt dat ook hier sprake zal zijn van waardevermindering.
We begrijpen dat het recht op een gezond leefmilieu een belangrijk aandachtspunt is. In het OER wordt onderzocht welke effecten het project kan hebben op gezondheid en leefklimaat. Daarbij wordt ook bekeken of strengere normen nodig zijn om dit recht te waarborgen. Uw inbreng nemen we hierin mee. We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
35.4
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.5.2 van hoofdstuk 2.
62
Nummer 36.1
36.2 36.3
36.4 36.5 36.6 36.7 36.8
Reactie Indieners vinden de locatie ongeschikt vanwege negatieve gevolgen voor de leefomgeving. Het windpark komt onder andere te dicht bij het nieuwbouwproject 'VanBesouw' te liggen. Indiener stelt dat de geplande windturbines leiden tot aantoonbare financiële schade door waardedaling van woningen in de omgeving. Indieners stellen dat de gehanteerde afstandsnorm te kort is en in strijd is met Europese aanbevelingen. Ook wordt gewezen op ongelijke toepassing van normen binnen het REKS-gebied. Indiener stelt dat hinderlijke flikkering door slagschaduw stressklachten veroorzaakt en onvoldoende wordt meegenomen in de plannen. Indiener stelt dat laagfrequent geluid en rotorgeruis op 500 meter afstand permanente hinder veroorzaken. Indiener stelt dat vergelijkbare situaties leiden tot hoofdpijn en concentratieproblemen, en dat deze risico’s onvoldoende worden erkend. Indieners vrezen lichtvervuiling door constante obstakelverlichting ten behoeve van luchtverkeer. Indiener verzoekt heroverweging van de locatiekeuze en pleit voor grotere afstand tot woonwijken.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.2.3 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.4.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.5.2 van hoofdstuk 2. We waarderen het dat u de moeite heeft genomen om uw opmerkingen met ons te delen. Uw inbreng wordt meegenomen in de verdere uitwerking van het proces. We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
36.9
Indiener wijst op de afstanden tot woningen in West-Europa.
37.1
Indiener stelt dat windturbines onaanvaardbare gezondheidsrisico’s veroorzaken, waaronder slaapstoornissen, stress, hart- en vaatziekten, verstoring van suikerspiegel en negatieve effecten op bestaande aandoeningen zoals Parkinson. Indiener stelt dat plaatsing van windturbines leidt tot waardedaling van woningen, aantasting van natuur, overlast voor vogels en visuele verstoring van de omgeving. Indiener stelt dat het doel van energieopwekking al is behaald en dat er sprake is van een energie-overschot. Daarnaast wordt gewezen op de groeiende afvalberg bij afbraak van turbines.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
Indiener verzoekt met klem om af te zien van plaatsing van windmolens in De Baars vanwege de onomkeerbare gevolgen voor mens en natuur.
In deze fase onderzoeken wij zorgvuldig de milieueffecten en alternatieven in het OER, zodat een goed onderbouwde afweging kan worden gemaakt. Hierin nemen we de gevolgen voor mens en natuur mee.
37.2
37.3
37.4
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.6, 2.7.4 en 2.9.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.1.3 en 2.7.5 van hoofdstuk 2.
63
Nummer 38.1
Reactie Indiener stelt dat plaatsing van windturbines op 500 meter van woningen in strijd is met aanbevelingen van de WHO en het Europese voorzorgsbeginsel. Indiener verwijst naar Windwiki, dat grotere afstanden adviseert om gezondheidsproblemen te voorkomen. Indiener maakt zich zorgen over mogelijke slaapproblemen en andere gezondheidsklachten, zoals stress, bij plaatsing binnen 2 kilometer van de woning. Extra zorg wordt geuit over de impact op mensen met bestaande aandoeningen zoals Parkinson.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
38.3
Indiener stelt dat de gehanteerde geluidsnormen verouderd zijn en vermoedt dat besluitvormers zelf niet in de overlastgebieden wonen. Indiener verzoekt af te zien van het plan en van de 500-meterafstand.
39.1
Indieners vinden de locatie ongeschikt vanwege negatieve gevolgen voor de leefomgeving. Het windpark komt onder andere te dicht bij het nieuwbouwproject 'VanBesouw' te liggen.
In het OER blijven we kritisch kijken naar de methoden en uitgangspunten die worden toegepast. Uw inbreng nemen we mee in dit proces. We verwijzen daarnaast naar paragraaf 2.3.3 en 2.3.4 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
39.2
Indiener stelt dat de geplande windturbines leiden tot aantoonbare financiële schade door waardedaling van woningen in de omgeving.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
39.3
Indieners stellen dat de gehanteerde afstandsnorm te kort is en in strijd is met Europese aanbevelingen. Ook wordt gewezen op ongelijke toepassing van normen binnen het REKS-gebied.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.3 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
39.4
Indiener stelt dat hinderlijke flikkering door slagschaduw stressklachten veroorzaakt en onvoldoende wordt meegenomen in de plannen.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2.
39.5
Indiener stelt dat laagfrequent geluid en rotorgeruis op 500 meter afstand permanente hinder veroorzaken. Indiener stelt dat vergelijkbare situaties leiden tot hoofdpijn en concentratieproblemen, en dat deze risico’s onvoldoende worden erkend.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.4.2 van hoofdstuk 2.
Indieners vrezen lichtvervuiling door constante obstakelverlichting ten behoeve van luchtverkeer.
We verwijzen naar paragraaf 2.5.2 van hoofdstuk 2.
38.2
39.6
39.7
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
64
Nummer 39.8
Reactie Indiener verzoekt heroverweging van de locatiekeuze en pleit voor grotere afstand tot woonwijken.
40.1
Indiener stelt dat windturbines veel belastinggeld kosten zonder dat dit leidt tot lagere energieprijzen of daadwerkelijke verduurzaming. Volgens indiener wordt het begrip ‘duurzame energie’ misbruikt.
40.2
Indiener stelt dat windturbines grote hoeveelheden beton en staal vereisen, niet recyclebaar zijn, en schade toebrengen aan bodemleven en grondwater. Ook wordt gewezen op het gebruik van schadelijke stoffen zoals Bisfenol A in de coating.
40.3
Indiener stelt dat windturbines schadelijk zijn voor vogels en insecten, die door de rotorbladen worden geraakt.
We verwijzen naar paragraaf 2.6.5 en 2.6.6 van hoofdstuk 2.
40.4
Indiener stelt dat windturbines tot op 2–3 km afstand overlast veroorzaken, waaronder slaapstoornissen en stress, en dat dit niet weggenomen wordt door meer onderzoek.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
40.5
Indiener verzoekt de gemeente om af te zien van plaatsing van windturbines in De Baars en roept op tot besluitvorming op basis van gezond verstand en het belang van bewoners.
41.1
Indieners vinden de locatie ongeschikt vanwege negatieve gevolgen voor de leefomgeving. Het windpark komt onder andere te dicht bij het nieuwbouwproject 'VanBesouw' te liggen. Volgens indiener is dit slecht onderbouwd en in strijd met jurisprudentie over geluid, slagschaduw, verlichting, gezondheid en waardeverlies.
We betreuren het dat dit zo door u wordt ervaren. In het nationale Klimaatakkoord en onze regionale energiestrategie is bepaald dat inzet op windenergie op land een noodzakelijke stap is om de CO2-uitstoot te verminderen, het energiesysteem te verduurzamen en de klimaatdoelstellingen voor 2030 te halen. Dit draagt bij aan een betrouwbare en duurzame energievoorziening wat onmisbaar is voor alle andere opgaven waar we als gemeenten ook voor staan, zoals onze welvaart. Dit is een eerste stap in een nog lang lopend proces waarbij nog op verschillende momenten inspraak en participatie zal plaatsvinden. We verwijzen daarnaast naar hoofdstuk 0 en paragraaf 2.1.3 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
Beantwoording We waarderen het dat u de moeite heeft genomen om uw opmerkingen met ons te delen. Uw inbreng wordt meegenomen in de verdere uitwerking van het proces. We betreuren dat u dit zo ervaart. In het OER worden de kosten van de verschillende varianten meegenomen naar aanleiding van ingediende reacties. Financiële participatie komt aan bod in een latere fase, tijdens het vergunningtraject. We verwijzen naar paragraaf 2.4.7 en 2.7.5 van hoofdstuk 2.
65
Nummer 41.2
Reactie Indiener stelt dat windturbines continu hoorbaar en laagfrequent geluid produceren, wat volgens RIVM en WHO kan leiden tot slaapverstoring, stress en andere gezondheidsklachten.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.4.2 van hoofdstuk 2.
41.3
Indiener stelt dat bewegende slagschaduw en permanente verlichting hinder veroorzaken, vooral voor thuiswerkers en bewoners nabij de aanvliegroutes van helikopters en vliegtuigen.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 en 2.5.2 van hoofdstuk 2.
41.4
Indiener stelt dat gezondheidsklachten zoals hinder, slaapverstoring en stress serieus moeten worden meegenomen, conform het voorzorgsbeginsel. Indiener stelt dat windturbines het open landschap blijvend aantasten en schade veroorzaken aan flora, fauna en cultuurhistorische waarden. Volgens indiener zijn negatieve effecten op beschermde natuurgebieden in strijd met de Wet natuurbescherming en Natura 2000-richtlijnen.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.5 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
41.6
Indiener stelt dat woningen binnen 2 km gemiddeld 2–5% in waarde dalen, met uitschieters tot boven de 10%, wat leidt tot directe financiële schade.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
41.7
Indiener stelt dat in Duitsland strengere afstandsnormen gelden, zoals de 10H-regel in Beieren, en vindt het onbegrijpelijk dat Goirle kortere afstanden overweegt.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
42.1
Indiener stelt dat windturbines van 250 meter hoogte het uitzicht vanuit de woning langs de Leij blijvend aantasten. Volgens indiener vormt dit een ernstige inbreuk op het persoonlijk woongenot.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.4 van hoofdstuk 2.
42.2
Indiener stelt dat het besluit uit 2021 over de energiehub en windturbines nooit rechtstreeks is gecommuniceerd met belanghebbenden. Indiener vraagt zich af of dit gevolgen heeft voor de rechtmatigheid van het besluit en of het nog kan worden herzien.
42.3
Indiener stelt dat het gebied rond de Leij een uniek natuurgebied is met hoge ecologische en landschappelijke waarde, waaronder insectenrijkdom en bijzondere vogelsoorten zoals de ijsvogel. Volgens
De REKS is tot stand gekomen op basis van een zorgvuldig proces. Uitgangspunt daarbij was het op hoofdlijnen bepalen van geschikte locaties voor het realiseren van een energiehub en de daarbij beoogde opwekopgaven voor wind en zon. Om een zorgvuldige afweging te kunnen laten plaatsvinden over de daadwerkelijke inpasbaarheid wordt nu eerst nader onderzoek voorgesteld. Hiervoor is de voorbereide NRD een eerste stap. We verwijzen daarnaast naar paragraaf 2.1.1 en 2.1.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.6 van hoofdstuk 2.
41.5
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.5.4, 2.6.7 en 2.7.4 van hoofdstuk 2.
66
Nummer
Reactie indiener gaat een groot deel van deze waarde verloren door plaatsing van windturbines.
Beantwoording
42.4
Indiener stelt dat windturbines leiden tot geluidsoverlast, slagschaduw en negatieve effecten op de gezondheid van mens en dier.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1, 2.3.2, 2.4.8 en 2.6.6 van hoofdstuk 2.
42.5
Indiener stelt dat de voorgestelde locatie ondoordacht is en verzoekt om alternatieve locaties, bijvoorbeeld langs de snelweg, waar de impact kleiner zou zijn.
We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 en 2.7.1 van hoofdstuk 2.
43.1
Indiener maakt zich ernstige zorgen over de plaatsing van 225 meter hoge windturbines op slechts 500 meter van de dorpskern van Goirle. Indiener stelt dat het besluit over locatiekeuze in 2021 niet duidelijk is gecommuniceerd met inwoners. Indiener vraagt op welke gronden deze locatie als beste is gekozen en waarom andere locaties zijn afgevallen.
We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
43.2
De REKS is tot stand gekomen op basis van een zorgvuldig proces. Uitgangspunt daarbij was het op hoofdlijnen bepalen van geschikte locaties voor het realiseren van een energiehub en de daarbij beoogde opwekopgaven voor wind en zon. Om een zorgvuldige afweging te kunnen laten plaatsvinden over de daadwerkelijke inpasbaarheid wordt nu eerst nader onderzoek voorgesteld. Hiervoor is de voorbereide NRD een eerste stap. We verwijzen naar paragraaf 2.1.1 en 2.1.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
43.3
Indiener stelt dat onderzoeken aantonen dat plaatsing van windturbines binnen 2 km negatieve gevolgen heeft voor gezondheid en leefbaarheid. Indiener pleit voor plaatsing op minimaal 2 km afstand van de dorpsrand.
43.4
Indiener stelt dat het onduidelijk is waarom juist deze locatie is gekozen, ondanks de verwachte negatieve effecten. Indiener vraagt of financiële motieven zwaarder wegen dan het welzijn van inwoners.
We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
43.5
Indiener pleit voor een second opinion door een onafhankelijk bureau, waarbij specifiek gekeken wordt naar de invloed van windturbines op het welzijn van inwoners. Volgens indiener moet het gebiedsonderzoek worden herzien met nieuwe inzichten.
Op dit moment wordt een uitgebreid onderzoek naar de inpasbaarheid van de beoogde energiehub voorbereid. Deze inspraakperiode is juist ingesteld om ook de inbreng van inwoners en andere belanghebbenden te kunnen betrekken bij de afweging om te komen tot de juiste inzichten om in dit onderzoek te gaan betrekken.
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
67
Nummer 44.1
Reactie Indiener vindt het onthutsend dat een deel van het college verrast was door de hoge opkomst bij de informatiebijeenkomst van 23 juni, gezien de omvang van het plan. Indiener overweegt het college bij voorbaat aansprakelijk te stellen voor de schade.
44.2
Indiener stelt dat de concept-Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) fundamentele wetenschappelijke, juridische en maatschappelijke tekortkomingen bevat. Volgens indiener moeten deze tekortkomingen niet worden doorgeschoven naar de MER-fase, maar nu al op hoofdlijnen worden gecorrigeerd en de uitgangspunten worden bijgesteld.
44.3
Indiener stelt dat windturbines in het ecologisch waardevolle buitengebied van Goirle een direct gevaar vormen voor flora, fauna en ecosystemen. Volgens indiener is het gebied erkend als volwaardige ecologische zone en onderdeel van natuurfietsroutes.
We verwijzen naar paragraaf 2.6 van hoofdstuk 2.
44.4
Indiener stelt dat de NRD nalaat om voorafgaand aan de locatiekeuze een integrale natuurtoets uit te voeren, wat in strijd zou zijn met de Wet natuurbescherming en EU-richtlijnen. Volgens indiener worden risico’s voor beschermde soorten, migratiecorridors en seizoensgebonden effecten structureel onderschat. Indiener stelt dat er geen onderzoek is gedaan naar alternatieve locaties buiten kwetsbare natuurgebieden of naar windloze varianten.
We verwijzen naar paragraaf 2.6.7 van hoofdstuk 2.
44.6
Indiener stelt dat de huidige aanpak te afhankelijk is van latere correcties, waardoor onherstelbare schade kan ontstaan voordat eventuele mitigatie effectief is.
In deze fase onderzoeken wij de milieueffecten zorgvuldig. Dit gebeurt in een hoger detailniveau dan gebruikelijk is in een OER. Voor meer informatie over de scope verwijzen we naar hoofdstuk 0.
44.7
Indiener verzoekt om de gevolgen voor biodiversiteit volledig te onderzoeken vóórdat een locatiebesluit wordt genomen, en om deze zwaarder te laten wegen dan het opwekpotentieel.
We verwijzen naar paragraaf 2.6.7 van hoofdstuk 2.
44.8
Indiener stelt dat de NRD aantoonbare gezondheidsrisico’s door geluid, slaapverstoring en laagfrequent geluid (LFG) bagatelliseert. Volgens
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1, 2.4.2 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
44.5
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
Beantwoording In 2021 is na een zorgvuldig voorbereidingsproces de REKS Hart van Brabant vastgesteld door de gemeenteraden van de negen gemeenten, de Provinciale Staten en de algemene besturen van de waterschappen. We begrijpen dat nu de uitwerking hiervan meer concreet begint te worden meer inwoners zich zorgen beginnen te maken over de eventuele gevolgen van deze plannen voor hun leefomgeving. We zijn blij dat zoveel mensen de informatiebijeenkomsten hebben bezocht en hun reactie op de NRD aan ons kenbaar hebben gemaakt. Dit helpt ons om te komen tot een zorgvuldige belangenafweging bij de verdere besluitvorming. We streven ernaar het proces zo zorgvuldig mogelijk te doorlopen. Daarom onderzoeken we bepaalde onderwerpen al in een vroeg stadium, ook als dat detailniveau formeel pas in een latere fase vereist is. Zo worden bijvoorbeeld extra geluidsnormen inzichtelijk gemaakt. We verwijzen daarnaast naar hoofdstuk 0.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.1 van hoofdstuk 2.
68
Nummer
44.9
44.10
44.11
Reactie indiener worden actuele richtlijnen van WHO, UBA en recente studies genegeerd, terwijl juist bij lage geluidsniveaus al ernstige hinder optreedt. Indiener stelt dat het voorzorgsbeginsel, zoals verplicht in Nederlands en Europees milieurecht, stelselmatig wordt genegeerd. Volgens indiener ontbreekt feitelijke bescherming doordat beoordeling wordt doorgeschoven naar latere fases. Indiener stelt dat het voorzorgsbeginsel, zoals verplicht in Nederlands en Europees milieurecht, stelselmatig wordt genegeerd. Volgens indiener ontbreekt feitelijke bescherming doordat beoordeling wordt doorgeschoven naar latere fases.
Beantwoording
Indiener stelt dat de NRD uitgaat van verouderde geluidsmodellen die niet representatief zijn voor moderne turbines. Kinderen, ouderen, zorginstellingen en scholen worden volgens indiener onvoldoende beschermd. Indiener stelt dat er onvoldoende stopcriteria zijn bij negatieve uitkomsten van de planMER, wat als onverantwoord wordt beschouwd.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.3.3 van hoofdstuk 2.
44.12
Indiener verzoekt om strengere afstandsnormen (minimaal 1.500 meter of 10× tiphoogte), een LFG-contouranalyse en systematische toetsing van gevolgen voor kwetsbare groepen. Alle alternatieven dienen volgens indiener getoetst te worden aan het voorzorgsbeginsel.
44.13
Indiener stelt dat windturbines via rotorbladslijtage continu microplastics en Bisfenol A (BPA) in bodem en water verspreiden. Volgens indiener wordt dit risico erkend door onder andere RIVM, Umweltbundesamt en ECHA, maar volledig genegeerd in de NRD en MER.
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.2.5 van hoofdstuk 2.
We bevinden ons momenteel in de onderzoeksfase, waarin we zoveel mogelijk inzicht willen krijgen in de milieueffecten. Het is juist de bedoeling van deze fase om te onderzoeken of de locatie geschikt is en of aan de (milieu)normen kan worden voldaan. Het is niet uitgesloten dat uit het OER zal blijken dat bepaalde posities windturbineopstellingen niet haalbaar zijn, of dat het project niet uitvoerbaar is binnen de geldende regelgeving. In dat geval kan het project vanzelfsprekend niet doorgaan. Het vooraf benoemen van stopcriteria achten we in deze fase nog niet passend, omdat dit de openheid van het onderzoek zou kunnen beperken. We verwijzen naar paragraaf 2.2.5, 2.4.1 en 2.4.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.7 van hoofdstuk 2.
69
Nummer 44.14
Reactie Indiener stelt dat er geen plan is voor sloop, sanering of fondsvorming na afloop van de levensduur van windturbines. Hierdoor kunnen milieuschade en kosten bij de gemeenschap terechtkomen.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.7.5 van hoofdstuk 2.
44.15
Indiener stelt dat er geen risicoanalyse, monitoringsplicht of saneringsplan is opgenomen. Ook ontbreken materiaal- en afvalanalyses, een afvalpreventiestrategie en circulair beleid.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.5 van hoofdstuk 2.
44.16
Indiener verzoekt om directe BPA-toetsing en saneringsfinanciering als vergunningsvoorwaarde op te nemen, en om nu al een volledig plan te publiceren voor sloop, materiaalhergebruik en landschapsherstel na afloop van het project.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.7 en 2.7.5 van hoofdstuk 2.
44.17
Indiener stelt dat de NRD faalt in een realistische beoordeling van geluidshinder. De gebruikte Lden-norm zou misleidend zijn en belangrijke factoren zoals laagfrequent geluid, amplitude-modulatie en cumulatie worden genegeerd. Indiener verzoekt een volledige hinderanalyse met actuele modellen en harde grenswaarden. Indiener stelt dat het combineren van turbines tot 240 meter hoogte met afstanden van 500–600 meter tot woningen onhoudbaar is. Europese landen hanteren strengere normen. Indiener verzoekt toepassing van internationale afstandsnormen en worst-casebeoordelingen.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1, 2.3.3, 2.4.2, 2.4.3 en 2.4.4 van hoofdstuk 2.
44.19
Indiener stelt dat visuele overlast, slagschaduw en horizonvervuiling structureel worden genegeerd. Mentale en sociale schade, waardeverlies en negatieve effecten op toerisme en recreatie worden volgens indiener niet meegenomen in de afweging.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8, 2.5.3 en 2.7.4 van hoofdstuk 2.
44.20
Indiener stelt dat financiële schade door waardevermindering en psychologische belasting volledig worden genegeerd. Indiener verzoekt onafhankelijk onderzoek en vooraf gepubliceerde compensatieregelingen.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
44.22
Indiener stelt dat bewezen alternatieven zoals zon-op-dak en energieopslag onvoldoende zijn onderzocht. Indiener verzoekt selectie van minder ingrijpende opties en eerlijke afweging van milieuschade. Indiener stelt dat het project schade toebrengt aan recreatieve voorzieningen zoals de Beekse Bergen en daarmee aan toerisme en werkgelegenheid. Dit zou leiden tot kapitaalsvernietiging en aantasting van regionale aantrekkingskracht.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.1 van hoofdstuk 2.
44.18
44.23
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.5.3 van hoofdstuk 2.
70
Nummer 44.24
Reactie Indiener stelt dat de gemeente Goirle meerdere rollen combineert zonder onafhankelijke toetsing. Participatie wordt als schijnproces ervaren. Indiener verzoekt scheiding van verantwoordelijkheden, instelling van een onafhankelijke commissie en herhaling van participatie met reële invloed.
44.25
Indiener verzoekt om onmiddellijke opschorting van de planvorming, herbeoordeling op basis van actuele wetenschap, toepassing van strengere normen, onafhankelijke toetsing en échte participatie met open uitkomsten. Indiener stelt dat de gemeente Goirle meerdere rollen vervult zonder onafhankelijke toetsing, wat het besluitvormingsproces juridisch kwetsbaar maakt. Indiener verzoekt scheiding van rollen en externe beoordeling. Indiener stelt dat de gehanteerde vijfpuntsschaal in de NRD geen objectieve basis heeft. Er ontbreken duidelijke criteria, wegingen en onzekerheidsmarges, waardoor besluitvorming arbitrair wordt.
45.1
45.2
45.3
45.4
21 oktober 2025
Indiener stelt dat de NRD gebruikmaakt van achterhaalde modellen uit 2008, terwijl turbines van 250 meter worden voorgesteld. Recente wetenschappelijke inzichten zouden genegeerd worden, waardoor hinder en gezondheidsschade worden onderschat. Indiener stelt dat Lden piekbelasting en laagfrequent geluid maskeert. Indiener verzoekt invoering van momentane normen en nachtcriteria conform WHO-richtlijnen.
kenmerk: nva-2.0-20251021
Beantwoording In het nationale Klimaatakkoord en onze regionale energiestrategie is bepaald dat inzet op windenergie op land een noodzakelijke stap is om de CO2-uitstoot te verminderen, het energiesysteem te verduurzamen en de klimaatdoelstellingen voor 2030 te halen. Dit draagt bij aan een betrouwbare en duurzame energievoorziening wat onmisbaar is voor onze welvaart. We betreuren het dat dit zo door u wordt ervaren. Dit is een eerste stap in een nog lang lopend proces waarbij nog op verschillende momenten inspraak en participatie zal plaatsvinden. We verwijzen naar paragraaf 2.2.2 en 2.8 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.1.3, 2.2.2 en 2.8 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.2 van hoofdstuk 2.
Een vijfpuntsschaal wordt gebruikt omdat deze een goede balans biedt tussen helderheid en detail. De categorieën negatief, beperkt negatief, neutraal, beperkt positief en positief maken het mogelijk om effecten op een overzichtelijke en duidelijke manier in te delen. Hierdoor worden verschillen tussen alternatieven goed zichtbaar, zonder dat het beoordelingsproces te complex wordt. Bovendien is deze schaal een veelgebruikte standaard binnen milieueffectrapportages, waardoor de resultaten eenvoudig te vergelijken zijn en voor iedereen goed te begrijpen blijven. We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.3 van hoofdstuk 2.
71
Nummer 45.5
Reactie Indiener stelt dat slagschaduw, horizonvervuiling en visuele stress onvoldoende zijn onderzocht. Effecten op gezondheid, toerisme en recreatie worden genegeerd.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.3.2, 2.4.8, 2.5.3 en 2.7.4 van hoofdstuk 2.
45.6
Indiener stelt dat turbines van 240 meter minimaal 1500–2000 meter van woningen geplaatst moeten worden. Indiener verzoekt toepassing van internationale normen.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
45.7
Indiener stelt dat de NRD actuele inzichten over slaapverstoring, stress en effecten op kwetsbare groepen negeert. Het voorzorgsbeginsel wordt niet toegepast.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.5 van hoofdstuk 2.
45.8
Indiener stelt dat geluidsnormen in de praktijk vaak worden overschreden en dat handhaving ontbreekt. Er is geen realtime monitoring of sanctiebeleid. Indiener stelt dat de analyse geen rekening houdt met laagfrequent geluid en binnenshuis ervaren hinder, waardoor het aantal gedupeerden wordt onderschat. Indiener stelt dat financiële en sociale schade niet wordt gecompenseerd. Indiener verzoekt onafhankelijk onderzoek en concrete compensatieregelingen. Indiener stelt dat de NRD uitgaat van een opgesteld vermogen van 20 MW aan windenergie in De Baars, zonder dat dit onderbouwd is. Er is geen milieueffectrapport opgesteld bij de REKS 1.0 en er ontbreekt een integrale afweging van alternatieve locaties of vermogens. Volgens indiener moet het vermogen een uitkomst zijn van het MER-proces, niet het uitgangspunt.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.1 van hoofdstuk 2.
45.9
45.10
46.1
46.2
Indiener stelt dat de locatiekeuze voor De Baars niet is gemotiveerd in regionaal verband. De REKS 1.0 bevatte meerdere zoekgebieden, maar er is nooit onderzocht of deze allemaal nodig zijn of hoe ze zich tot elkaar verhouden. De NRD zou dit alsnog moeten onderbouwen.
46.3
Indiener verwijst naar de bestuursopdracht van maart 2024, waarin staat dat het MER inzicht moet geven in de afbakening van zoekgebieden en dat alle redelijk te beschouwen alternatieven onderzocht moeten worden. De NRD voldoet hier volgens indiener niet aan.
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.3.3 en 2.4.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
Op het moment dat de REKS werd vastgesteld was dit nog geen programma dat door wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen was voorgeschreven en was er dus geen verplichting tot een plan-mer. In de REKS is ook geen op te wekken vermogen voor de specifieke energiehubs bepaald. Wel is in de Voortgangsrapportage REKS ’23 de verwachting uitgesproken dat energiehub De Baars ruimte kan bieden aan 20 Megawatt (MW). Nader onderzoek moet aantonen of dit realistisch is. We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
Het klopt dat de bestuursopdracht benoemd dat de afbakening van de zoekgebieden onderbouwd dient te worden in het OER bij de gebiedsvisie. Dit onderzoek wordt nu voorbereid. Als voorbereiding hierop is eerst onderzocht waar technisch ruimte wordt gezien voor de plaatsing van windmolens. De voorbereide NRD stelt voor om binnen dit gebied uitersten varianten (om de effecten van de bandbreedte van 72
Nummer
Reactie
Beantwoording keuzes inzichtelijk te maken) nader te onderzoeken als basis voor een zorgvuldige afweging over de locatie keuze.
46.4
Indiener stelt dat bestuurlijk vastgestelde randvoorwaarden uit de bestuursopdracht en toekomsttuin onvoldoende zijn meegenomen in de NRD. Er zou onvoldoende aandacht zijn voor landschappelijke inpassing, maatschappelijke belangen en de positie van Beekse Bergen als onderscheidende stakeholder.
46.5
Indiener stelt dat plaatsing van windturbines binnen 1.250 meter van Beekse Bergen de rendabele exploitatie van het park bedreigt en negatieve effecten heeft op beschermde diersoorten. Dit zou strijdig zijn met de beoogde poortfunctie van het gebied en met beleidsdoelen.
De NRD vormt de basis voor het OER, waarin de effecten van verschillende wind- en water alternatieven worden onderzocht. Deze alternatieven combineren keuzes voor waterbeheer en energieopwekking, en worden beoordeeld op hun impact op onder andere klimaat, gezondheid, natuur, landbouw, landschap en recreatie, waaronder de Beekse Bergen. Dit als basis voor een gebiedsvisie waar ook aspecten als landschappelijke inpassing en maatschappelijke belangen een plek zullen krijgen. We verwijzen naar paragraaf 2.5.3 en 2.6.6 van hoofdstuk 2.
46.6
Indiener stelt dat de varianten in de NRD niet voldoen aan de definitie van ‘reële alternatieven’ zoals bedoeld in artikel 11.3 van de Omgevingswet. Doelbereik is onvoldoende uitgewerkt en alternatieven zijn strijdig met beleidsuitgangspunten.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.1 van hoofdstuk 2.
46.7
Indiener stelt dat de verhouding tussen wind- en zonne-energie (20 MW vs. 5 MW) niet is onderbouwd. Zonne-energie maakt een substantieel deel uit van de energyhub en zou volwaardig moeten worden meegenomen in de integrale afweging.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.1 van hoofdstuk 2.
46.8
Indiener stelt dat ‘recreatie’ te algemeen wordt behandeld. De Beekse Bergen heeft een unieke economische en toeristische waarde en zou niet als reguliere recreatie moeten worden beschouwd. De toekomstbestendigheid van het park is een randvoorwaarde.
We verwijzen naar paragraaf 2.5.3 van hoofdstuk 2.
46.9
Indiener stelt dat een passende beoordeling verplicht is als negatieve effecten op Natura 2000-gebieden niet kunnen worden uitgesloten. De NRD stelt ten onrechte dat dit nog niet nodig is. Ook nietstikstofgerelateerde effecten moeten nu al worden onderzocht.
We verwijzen naar paragraaf 2.6.7 van hoofdstuk 2.
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
73
Nummer 46.10
Reactie Indiener stelt dat de status van belemmeringen in de kaart (figuur 8) onduidelijk is. Er moet onderscheid worden gemaakt tussen harde uitsluitingsgronden en minder wenselijke aspecten, als basis voor een navolgbaar trechteringsproces.
46.11
Indiener stelt dat de bandbreedtes van verschillende turbine-alternatieven niet gekoppeld zijn aan het opgewekte vermogen. Hierdoor is het niet mogelijk om het doelbereik van 20 MW te toetsen. Indiener stelt dat de natuurvariant zich baseert op beleidsstatus (NNB) in plaats van feitelijke aanwezigheid van soorten. Er wordt verzocht om een variant gebaseerd op daadwerkelijke natuurwaarden, zoals vogels en vleermuizen.
46.12
46.13
Indiener stelt dat de vijfpuntsschaal voor milieueffecten te weinig onderscheidend is. Er wordt verzocht om een zevenpuntsschaal te hanteren in het OER.
46.14
Indiener stelt dat randvoorwaarden ten onrechte als beoordelingscriteria worden meegenomen. Als een variant niet aan randvoorwaarden voldoet, is het geen reëel alternatief en hoort het niet in de effectbeoordeling thuis.
46.15
Indiener stelt dat recreatieve verblijven en daggasten ook als geluidgevoelige objecten moeten worden meegenomen in de beoordeling. Dit geldt niet alleen voor geluid, maar ook voor andere omgevingsaspecten zoals gezondheid en externe veiligheid.
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
Beantwoording Het is juist dat in figuur 8 geen onderscheid is gemaakt tussen zogenoemde harde en zachte belemmeringen. De posities die onderzocht gaan worden, zijn wel ingetekend op basis van deze juiste belemmeringen. We zullen hier in het vervolg rekening mee houden, door dit duidelijker in de figuren weer te geven. We nemen dit punt mee in het OER en zullen daarin het vermogen per variant inzichtelijk maken. We nemen in het OER al enkele extra varianten op, maar kunnen helaas niet alle aangedragen varianten onderzoeken. In hoofdstuk 1 vindt u de varianten die wel worden meegenomen. Met deze varianten verwachten we ook tegemoet te komen aan uw wens om natuurwaarden, zoals vogels en vleermuizen, meer mee te wegen. Een vijfpuntsschaal wordt gebruikt omdat deze een goede balans biedt tussen helderheid en detail. De categorieën negatief, beperkt negatief, neutraal, beperkt positief en positief maken het mogelijk om effecten op een overzichtelijke en duidelijke manier in te delen. Hierdoor worden verschillen tussen alternatieven goed zichtbaar, zonder dat het beoordelingsproces te complex wordt. Bovendien is deze schaal een veelgebruikte standaard binnen milieueffectrapportages, waardoor de resultaten eenvoudig te vergelijken zijn en voor iedereen goed te begrijpen blijven.
In deze fase willen wij alle opties openhouden en alternatieven zorgvuldig onderzoeken, ook als nog niet vaststaat dat zij aan alle randvoorwaarden voldoen. Dit zorgt ervoor dat we een zo volledig mogelijke afweging kunnen maken in het OER. Recreatieve verblijven en daggasten zijn niet aangemerkt als geluidgevoelige of slagschaduwgevoelige gebouwen/objecten, omdat deze geen woonfunctie hebben. Dit volgt uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Voor externe veiligheid geldt dat in de NRD is opgenomen dat de afstand van de plaatsgebonden risico-contour (PR-contour) wordt berekend op basis van de eigenschappen van de windturbine. De beoordeling vindt plaats ten opzichte van zeer kwetsbare, kwetsbare en beperkt kwetsbare gebouwen en locaties. We verwijzen daarnaast naar paragraaf 2.5.3 van hoofdstuk 2 waarin wordt toegelicht hoe recreatie en toerisme wel wordt meegenomen in het OER. 74
Nummer 47.1
Reactie Indiener stelt dat ernstige gezondheidseffecten van windturbinegeluid, zoals slaapverstoring, stress en hartklachten, bewust worden genegeerd. Laagfrequent geluid en nachtelijke piekbelasting worden niet onderzocht, en kwetsbare groepen krijgen geen extra bescherming. Indiener stelt dat plaatsing op 500–600 meter van woningen onverantwoord is. In andere landen gelden afstandsnormen van 1000– 2500 meter, gebaseerd op gezondheidsrisico’s.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.4.1, 2.4.2, 2.4.4 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
Indiener stelt dat geluidsnormen in de praktijk worden overschreden en dat Lden als jaargemiddelde ongeschikt is voor handhaving. Piekbelasting en amplitude-modulatie worden genegeerd. Indiener stelt dat slagschaduw, horizonvervuiling en lichtvervuiling leiden tot stress, slaapverstoring en verlies van woongenot. Effecten op buitenruimte en reflecties worden niet meegenomen.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.3 en 2.4.4 van hoofdstuk 2.
47.5
Indiener stelt dat het participatieproces niet transparant is en geen invloed biedt op inhoudelijke keuzes. Er is geen onafhankelijke begeleiding, toetsing of verwerking van bewonersinbreng.
47.6
Indiener stelt dat sprake is van belangenverstrengeling en beleidsmatige inconsistentie, doordat gemeente Goirle als financieel belanghebbende en vergunningverlener zou zijn. Indiener stelt dat windloze alternatieven, zoals zon-op-dak, energiebesparing of wind op zee, niet serieus zijn onderzocht. Volgens indiener worden burgers zonder keuze geconfronteerd met ingrijpende gevolgen. Indiener verzoekt: • Herbeoordeling van het voorzorgsbeginsel en stopzetting van vervolgstappen tot gezondheidseffecten volledig zijn onderzocht. • Minimumafstand van 1500 meter tot woningen, scholen en zorginstellingen. • Volledige openbaarheid van technische parameters en geluidsmodellen. • Onafhankelijke toetsing van gezondheid en alternatieven vóór besluitvorming. • Compensatie voor waardevermindering en psychologische schade. • Serieuze verwerking van praktijkervaringen en bewonersgetuigenissen
We erkennen het belang van objectieve beoordeling. Het milieueffectonderzoek (OER) wordt daarom uitgevoerd door een professioneel onderzoeksbureau en getoetst door een onafhankelijke commissie van experts: de Commissie mer. We verwijzen daarnaast naar hoofdstuk 0 en paragraaf 2.8 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.2.2 en 2.2.1 van hoofdstuk 2.
47.2
47.3
47.4
47.7
47.8
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8, 2.5.2 en 2.7.4 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.1 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.5, 2.1.3, 2.3.1, 2.3.6, 2.3.5, 2.7.1, 2.9.2 en 2.8 van hoofdstuk 2.
75
Nummer 48.1
48.2
48.3
48.4
48.5
49.1
49.2
49.3
21 oktober 2025
Reactie Indiener stelt dat de NRD ernstige gezondheidseffecten van windturbinegeluid, zoals slaapverstoring, stress en hartklachten, structureel bagatelliseert. Effecten van laagfrequent geluid, piekbelasting en impact op kwetsbare groepen worden niet onderzocht. Indiener stelt dat het gebruik van Lden als jaargemiddelde ongeschikt is voor windturbines. Piekbelasting, amplitude-modulatie en nachtelijke hinder worden gemaskeerd. Andere landen hanteren strengere, direct meetbare normen. Indiener stelt dat Nederland geen minimale afstandsnorm hanteert, in tegenstelling tot andere Europese landen. Binnen 500 meter ervaart een groot deel van de bewoners ernstige hinder. Indiener pleit voor een afstand van minimaal 1,5–2 km.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.4.1, 2.4.2, 2.4.4 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
Indiener stelt dat slagschaduw leidt tot slaapverstoring, concentratieproblemen en stress. De huidige norm is ontoereikend en slecht gecontroleerd. Buitenruimtes en reflecties worden niet meegenomen in de analyse. Indiener stelt dat waardedaling van woningen en de psychische belasting voor bewoners niet worden erkend of gecompenseerd. Dit veroorzaakt stress, onzekerheid en sociale onvrede.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2.
Indiener stelt dat laagfrequent geluid, nachtelijke piekbelasting en cumulatie met verkeers- en luchtverkeer niet worden meegenomen. Er wordt verzocht om: • Ambitienormen van 42 dB Lden en 38 dB Lnight te hanteren. • Gevoelige objecten binnen de 35 dB-contour in beeld te brengen. • Een nachtblokkade (22–07 u) te analyseren bij overschrijding van 38 dB Lnight. Indiener stelt dat slagschaduw en visuele belasting onvoldoende zijn onderzocht. Verzocht wordt om: • Berekening van slagschaduwduur per woning. • Fotorealistische visualisaties (dag/nacht) vanuit specifieke locaties in Goirle, Hilvarenbeek en langs de A58. • Analyse van cumulatieve horizonbelasting met bestaande infrastructuur. Indiener stelt dat de interactie tussen windturbines en geplande watermaatregelen van Waterschap De Dommel onvoldoende is uitgewerkt. Verzocht wordt om: • Gebruik van een 3Di-hydrologisch model.
We hebben besloten om in het OER naast de in de NRD benoemde geluidsnormen ook Lmax inzichtelijk te maken. Daarnaast brengen we, zoals in de NRD benoemd, het aantal gevoelige objecten binnen de 42, 45 en 47 dB Lden-contouren in beeld, inclusief een berekening per GWh/jaar. Daarmee borgen wij een zorgvuldig onderzoek.
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 en 2.3.3 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 en 2.7.4 van hoofdstuk 2.
De NRD is een startdocument en vormt de basis voor de MER-procedure en MER-onderzoeken (=OER). Hieruit volgen keuzes voor het programma van eisen van de integrale gebiedsontwikkeling. Voor deze integrale gebiedsontwikkeling zijn in stappen van grof naar fijn vele onderzoeken 76
Nummer
Reactie • Toetsing van effecten op waterberging, kwel en maaivelddaling. • Onderzoek naar zetting door funderingen in veenlagen.
49.4
Indiener stelt dat de NRD te beperkt is in de variantenkeuze. Verzocht wordt om: • Een nul-plusvariant (alleen watermaatregelen, geen turbines). • Een licht-variant (tiphoogte max. 150 m, afstand 10× ashoogte). • Vergelijking van milieueffecten en energieopbrengst per variant.
49.5
Indiener stelt dat participatie onvoldoende meetbaar en transparant is. Verzocht wordt om: • SMART-doelen (zoals 60% bereik binnen 1 km). • Minimaal twee bewonerspanels vóór vaststelling OER. • Een openbare Nota van Antwoord per reactie.
49.6
Indiener stelt dat de netinpassing onvoldoende is onderzocht. Verzocht wordt om: • Analyse van aansluitcapaciteit op station Tilburg-Zuid/Goirle. • Onderzoek naar alternatieven zoals batterijopslag, cable pooling en gefaseerde ingebruikname. • Inzicht in de impact van netcongestie op planning en exploitatie. Indieners vinden de locatie ongeschikt vanwege negatieve gevolgen voor de leefomgeving. Het windpark komt onder andere te dicht bij het nieuwbouwproject 'VanBesouw' te liggen.
50.1
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
Beantwoording noodzakelijk, waaronder hydrologische onderzoeken en daarnaast economische en bedrijfskundige onderzoeken (o.a. financiële effecten), cultuurhistorisch onderzoek, bodemonderzoek, onderzoek naar flora en fauna, recreatief onderzoek, mobiliteitsonderzoeken, enzovoort. In verschillende fasen van planvorming zijn deels andere en/of gedetailleerdere onderzoeken nodig. Op basis van de toetsing van varianten worden keuzes in het ontwerpproces en de MER-procedure gezamenlijk gemaakt in een ontwerpend participatieproces. Met betrekking tot het gebruik van het 3Di-hydrologisch model: Waterschap De Dommel heeft minder goede ervaringen met dit model voor vrij afwaterende gebieden als deze. Op het moment dat de keuze van locaties van de windturbines bekend is, zal verder bodemonderzoek worden gedaan. In hoofdstuk 1 staat welke nieuwe varianten we wel meenemen. We hebben ervoor gekozen om varianten op te nemen die realistisch zijn om het opwekdoel te halen en voldoende verschillen van de al bestaande varianten om een goede vergelijking te maken. De genoemde varianten vallen buiten de scope van het OER en/ of zijn onvoldoende realistisch om het opwekdoel te halen en worden daarom niet onderzocht. Iedereen is in de gelegenheid gesteld om een inspraakreactie kenbaar te maken over de voorbereide NRD.
Bewoners in het gebied zijn hierover per brief geïnformeerd en verder zijn alle gangbare gemeentelijke publicatie kanalen zoals de website ingezet om mensen hierover te informeren . In het nu voorliggende vindt een afweging plaats over alle ingekomen reacties en worden deze beantwoord. Ook is dit document openbaar beschikbaar gesteld en zijn alle insprekers hierover geïnformeerd. We verwijzen naar paragraaf 2.7.1 en 2.7.6 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.1.2 van hoofdstuk 2.
77
Nummer 50.2 50.3
50.4 50.5 50.6 50.7 50.8
Reactie Indiener stelt dat de geplande windturbines leiden tot aantoonbare financiële schade door waardedaling van woningen in de omgeving. Indieners stellen dat de gehanteerde afstandsnorm te kort is en in strijd is met Europese aanbevelingen. Ook wordt gewezen op ongelijke toepassing van normen binnen het REKS-gebied. Indiener stelt dat hinderlijke flikkering door slagschaduw stressklachten veroorzaakt en onvoldoende wordt meegenomen in de plannen. Indiener stelt dat laagfrequent geluid en rotorgeruis op 500 meter afstand permanente hinder veroorzaken. Indiener stelt dat vergelijkbare situaties leiden tot hoofdpijn en concentratieproblemen, en dat deze risico’s onvoldoende worden erkend. Indieners vrezen lichtvervuiling door constante obstakelverlichting ten behoeve van luchtverkeer. Indiener verzoekt heroverweging van de locatiekeuze en pleit voor grotere afstand tot woonwijken.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.2.3 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.4.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2. We verwijzen naar paragraaf 2.5.2 van hoofdstuk 2. We waarderen het dat u de moeite heeft genomen om uw opmerkingen met ons te delen. Uw inbreng wordt meegenomen in de verdere uitwerking van het proces. We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
50.9
Indiener wijst op de afstanden tot woningen in West-Europa.
51.1
Indiener stelt dat windturbinegeluid ernstige gezondheidsklachten veroorzaakt, zoals slaapstoornissen, stress, hartklachten en hoofdpijn. Volgens indiener worden laagfrequent geluid, piekgeluiden en cumulatie met ander omgevingsgeluid genegeerd in de NRD. Er is geen specifieke bescherming voor kinderen en andere kwetsbare groepen.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1, 2.4.2, 2.4.4 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
51.2
Indiener stelt dat de minimale afstand van 500 meter tussen woningen en windturbines in Nederland ontoereikend zou zijn in vergelijking met strengere internationale normen. In landen als Duitsland, Polen, en Finland gelden grotere afstanden (1000–2500 meter), mede op basis van gezondheid, woongenot en veiligheid. Volgens indiener leidt de korte afstand tot verlies van rust, privacy en gezondheid. Indiener stelt dat turbines van 240 meter hoogte het landschap domineren en slagschaduw leidt tot stress, verlies van woongenot en gezondheidsrisico’s, zoals bij epilepsie. De NRD biedt volgens indiener geen realistische visualisaties of effectieve bescherming.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
Indiener stelt dat de komst van windturbines leidt tot directe waardevermindering van woningen, zonder compensatie. Dit veroorzaakt
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
51.3
51.4
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 en 2.7.4 van hoofdstuk 2.
78
Nummer
Reactie stress en onzekerheid, vooral voor gezinnen die recent een woning hebben gekocht. Indiener stelt dat het participatieproces niet transparant of invloedrijk was. Volgens indiener was er geen inspraak over fundamentele keuzes, zoals de locatie van windturbines, en is de gemeente zelf belanghebbende bij het project. Indiener maakt zich ernstige zorgen over de gezondheidseffecten van windturbines, met name slaapverstoring. Volgens indiener worden deze risico’s onvoldoende erkend in de plannen.
Beantwoording
52.2
Indiener stelt dat andere Europese landen grotere afstanden hanteren dan 500 meter tussen woningen en windturbines.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
52.3
Indiener vreest waardevermindering van woningen.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
52.4
Indiener hoopt dat een alternatieve oplossing voor verduurzaming gevonden wordt.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.1 van hoofdstuk 2.
53.1
Indiener maakt zich zorgen over permanente geluidsoverlast door laagfrequent geluid en rotorbladen van windturbines op 500 meter afstand, vooral ’s nachts wanneer omgevingsgeluiden lager zijn.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.4.2 van hoofdstuk 2.
53.2
Indiener stelt dat slagschaduw hinderlijk is en stressklachten kan veroorzaken, vooral in de wintermaanden door de laagstaande zon. De effecten op leefbaarheid worden volgens indiener onderschat.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2.
53.3
Indiener verwijst naar meldingen van hoofdpijn, concentratieproblemen en stress in andere gemeenten bij vergelijkbare afstanden. Volgens indiener is er nog onvoldoende wetenschappelijke duidelijkheid, en moet daarom terughoudend worden omgegaan met plaatsing op 500 meter. Indiener stelt dat turbines van 250 meter het landschap domineren en de rust en ruimte van de woonwijk blijvend aantasten.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
53.5
Indiener stelt dat permanente verlichting van windturbines hinder veroorzaakt vanwege de ligging in een aanvliegroute, waardoor de lichten niet kunnen worden uitgeschakeld.
We verwijzen naar paragraaf 2.5.2 van hoofdstuk 2.
53.6
Indiener vreest financiële schade door waardedaling van woningen als gevolg van de nabijheid van windturbines.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
51.5
52.1
53.4
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.2.2 en 2.8 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.7.4 van hoofdstuk 2.
79
Nummer 53.4
Reactie Indiener stelt dat in veel Europese landen minimaal 1000-1500 meter afstand gehouden wordt. Volgens indiener is het ook onbegrijpelijk dat binnen het REKS-gebied verschillende gemeenten uiteenlopende normen hanteren, wat als oneerlijk wordt ervaren. Indiener stelt dat de geplande afstand van circa 500 meter tot woningen veel te gering is. Volgens de 10H-regel zou een veilige afstand bij turbines van 200–250 meter minimaal 2 kilometer moeten zijn. Indiener is niet tegen windmolens op zich, maar wel tegen plaatsing zo dicht bij woonwijken en het dierenpark Beekse Bergen.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.2.3 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
Indiener stelt dat windturbines op korte afstand kunnen leiden tot geluidsoverlast, slaapverstoring en chronische stress. Volgens onderzoek nemen deze klachten significant af bij plaatsing op meer dan 2 kilometer afstand. Indiener stelt dat bewegende slagschaduw en de visuele dominantie van turbines van 200–250 meter hoogte het landschap en de woonbeleving ernstig aantasten. Nieuwe inwoners van Goirle worden volgens indiener onaangenaam verrast door deze plannen. Indiener stelt dat het gebied De Baars bestaat uit natuur en cultuurhistorisch waardevol landschap. Windturbines zouden leiden tot aantasting van het landschap, verstoring van vogels en vleermuizen, en schade aan biodiversiteit. Ook Beekse Bergen zou hinder ondervinden.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
54.5
Indiener stelt dat woningen in de nabijheid van windturbines vaak in waarde dalen, wat leidt tot financieel nadeel. Compensatie zou volgens indiener nooit volledig recht doen aan de schade.
We verwijzen naar paragraaf 2.9.2 van hoofdstuk 2.
54.6
Indiener stelt dat er onvoldoende draagvlak is voor de plannen. Volgens indiener is het onacceptabel dat één wethouder de koers bepaalt, terwijl meerdere lokale partijen tegen zijn en inwoners zich niet gehoord voelen.
We verwijzen naar paragraaf 2.1.1, 2.1.2 en 2.8.1 van hoofdstuk 2.
54.7
Indiener stelt dat het plan in strijd is met de gemeentelijke Omgevingsvisie, waarin staat dat er geen windmolens binnen 500 meter van de bebouwde kom mogen komen en geen plaatsing op Goirles grondgebied zolang landelijke afstandsnormen ontbreken.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.1 van hoofdstuk 2.
54.1
54.2
54.3
54.4
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1, 2.5.3 en 2.6.6 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.8 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.5.4, 2.6.4, 2.6.5, 2.6.6 en 2.5.3 van hoofdstuk 2.
80
Nummer 54.8
Reactie Indiener verzoekt om: • Geheel af te zien van plaatsing van windturbines in De Baars, of • Minimaal de 10H-regel toe te passen: 2 kilometer afstand tot woningen.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.1.3 en 2.3.1 van hoofdstuk 2.
55.1
Indiener stelt dat het voorzorgsbeginsel onvoldoende wordt toegepast in de NRD. Volgens internationale verdragen moet bij redelijke vermoedens van schade al in een vroeg stadium worden ingegrepen. In de NRD worden onzekerheden over gezondheid en geluid doorgeschoven naar de MERfase, zonder duidelijke eisen of afsluitingscriteria. Indiener stelt dat de informatievoorziening richting burgers niet transparant genoeg is. Er is behoefte aan duidelijke, volledige en toegankelijke informatie om goed geïnformeerd te kunnen deelnemen aan besluitvorming. Indiener stelt dat internationale aanbevelingen wijzen op aanzienlijke hinder bij te geringe afstanden. De WHO adviseert strengere normen dan in Nederland gelden. Een afstand van minimaal 1.500 meter tot woningen wordt aanbevolen om ernstige hinder te voorkomen.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.5 van hoofdstuk 2.
55.4
Indiener stelt dat de uitzonderlijke hoogte van de geplande turbines leidt tot meer laagfrequent geluid en visuele hinder. Er is behoefte aan een nauwkeurige beoordeling van de impact van deze schaalgrootte op gezondheid en landschapswaarde.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.2 en 2.7.4 van hoofdstuk 2.
55.5
Indiener stelt dat de NRD de impact van windturbinegeluid op gezondheid stelselmatig onderschat. Recente studies tonen aan dat slaapverstoring en stress ook optreden bij lagere geluidsniveaus dan de huidige normen. Indiener stelt dat de NRD verouderde gegevens gebruikt om het aantal gehinderden te schatten. Recente wetenschappelijke inzichten tonen hogere percentages ernstig gehinderden, die als uitgangspunt zouden moeten dienen. Indiener verzoekt om: • Strikte afstandsnormen volgens internationale standaarden. • Transparante en gedegen beoordeling van gezondheid en milieu, met aandacht voor laagfrequent geluid en risicogroepen. • Toepassing van het voorzorgsbeginsel in een vroeg stadium van besluitvorming.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.2 van hoofdstuk 2.
55.2
55.3
55.6
55.7
21 oktober 2025
kenmerk: nva-2.0-20251021
We verwijzen naar hoofdstuk 0 paragraaf 2.8 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 en 2.3.2 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.4 van hoofdstuk 2.
We verwijzen naar paragraaf 2.2.5, 2.3.1 en 2.3.6 van hoofdstuk 2.
81
Nummer 56.1
Reactie Indiener stelt dat een minimale afstand van 500 meter tussen windturbines en woningen onvoldoende is en pleit voor een afstand van ten minste 1000–1500 meter.
Beantwoording We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
56.2
Indiener maakt zich zorgen over permanente overlast door geluid en slagschaduw van windturbines, wat volgens indiener negatieve effecten kan hebben op het welzijn van omwonenden.
We verwijzen naar paragraaf 2.4.1 en 2.4.8 van hoofdstuk 2.
57.1
Indiener waardeert dat er op 23 juni 2025 een informatieavond is georganiseerd over Energiehub De Baars. Tegelijkertijd stelt indiener dat de opzet van de avond, in combinatie met de grote opkomst, onvoldoende ruimte bood om in gesprek te gaan met beleidsmakers of specialisten. Hierdoor konden zorgen en vragen niet goed gedeeld worden.
We verwijzen naar paragraaf 2.8 van hoofdstuk 2.
57.2
Indiener betreurt de gespannen sfeer en de manier waarop de wethouder door enkele aanwezigen werd aangesproken. Volgens indiener is het belangrijk dat kritiek met respect wordt geuit, zodat gezamenlijk gewerkt kan worden aan een zorgvuldige gebiedsontwikkeling.
Wij onderschrijven uw feedback.We onderschrijven de feedbacke verwijzen daarnaast naar paragraaf 2.8 van hoofdstuk 2.
57.3
Indiener stelt dat de voorgestelde afstand van 500 meter tot woningen achterhaald is. In het Ontwerpbesluit windturbines leefomgeving wordt 600 meter overwogen, en internationaal gelden vaak grotere afstanden (1.000–2.000 meter). Indiener verzoekt om in de NRD ook piekbelasting en geluidsspreiding in de tijd mee te nemen.
We verwijzen naar paragraaf 2.3.1 van hoofdstuk 2.
57.4
Indiener stelt dat gezondheidseffecten zoals slaapverstoring en stress onvoldoende worden beschermd. Er ontbreekt toetsing aan concrete normen en aandacht voor laagfrequent geluid (LFN), dat binnenshuis hinder kan veroorzaken. Ook piekgeluiden en cumulatieve effecten worden niet meegenomen.