CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 18. Bijlage Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden

Raadsvergadering 29 juni 2023, gemeente NunspeetBij agendapunt: UItvoeringsplan bestaanszekerheid en schulden.22.601 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De Ombudsman noemt een aantal redenen waarom ouderen geen gebruik maken van beschikbare regelingen, waaronder dat ouderen vaak onterecht denken dat zij geen recht hebben op een inkomensvoorziening, dat de voorwaarden te ingewikkeld zijn of dat zij onafhankelijk van de gemeente willen zijn. De Ombudsman draagt ook een aantal oplossingen aan (zowel landelijk als lokaal). Een aantal van deze aanbevelingen vertalen wij naar de praktijk in de gemeente Nunspeet. Zo willen we (net als dat we bij jongeren die bijna achttien worden) onderzoeken op welke wijze aanstaand gepensioneerden met een brief benaderd kunnen worden over bestaande voorzieningen en mogelijkheden voor (financiële) ondersteuning. Daarnaast willen we de samenwerking tussen gemeente en intermediairs (bijvoorbeeld ouderenconsulenten van het welzijnswerk of sociaal raadslieden) versterken, zodat de ouderenconsulenten inwoners adequaat kunnen informeren over passende regelingen en zodat de sociaal raadslieden meer gevonden worden voor bijvoorbeeld een voorzieningencheck. Zij kunnen ook ter plekke hulp krijgen bij het aanvragen van verschillende regelingen. Hierbij stimuleren we bezoeken bij de ouderen thuis, om zo de drempel te verlagen. Er valt te denken aan vragen en voorzieningen waar de gemeente en maatschappelijke partners bij kunnen helpen en hulpmiddelen van het Nibud voor financiële stabiliteit.

12 ‘Werken zonder armoede’ (2021). Sociaal-Economische Raad. 13 Met te weinig genoegen nemen’ (2022). Nationale Ombudsman. 11

24.

Uit wetenschappelijke onderzoeken blijkt dat er een verschil is in bereik van communicatiekanalen per doelgroep. Zo blijkt bijvoorbeeld dat papieren documenten beter werken bij ouderen en sociale media beter werken bij jongeren. Daarom wordt er, afhankelijk van de doelgroep, een mix van promotiemateriaal gebruikt, zoals folders, de website, sociale media kanalen en persoonlijke voorlichting.

3.

We benutten de preventie kracht van vroegsignalering van schulden.

4.

We benaderen inwoners proactief om mee te denken over het beleid.

Binnen het proces van de vroegsignalering is de gemeente proactief bezig inwoners met (beginnende) schulden te benaderen voor hulp. Nutsbedrijven, woningcorporaties en zorgverzekeraars (zogenoemde signaalpartners) zijn vanaf 1 januari 2021 verplicht om schulden te melden bij de gemeente. In de Startnotitie Bestaanszekerheid en Schulden gemeente Nunspeet 2023 is het proces van de vroegsignalering reeds benoemd. De Minister voor Armoedebeleid heeft aangekondigd de vroegsignalering te intensiveren en om meer middelen beschikbaar te stellen. Het kabinet onderzoekt aan de hand van pilots de mogelijkheid om het aantal signaalpartners uit te breiden en dit wettelijk te verankeren. Hierbij wordt gedacht aan hypotheekachterstanden, belasting- en toeslagschulden en studieschulden. Naar aanleiding van de doorgegeven signalen zoekt de gemeente actief contact met de inwoner door middel van huisbezoeken, een brief en/of mail en er wordt telefonisch contact gezocht om hulp aan te bieden. Deze ‘outreachende’ aanpak wordt ook voortgezet naar aanleiding van de landelijke ontwikkelingen. Indien er structurele formatie uitbreiding nodig is als gevolg van de uitbreiding van het aantal signaalpartners, en daardoor een stijging in het aantal op te pakken signalen, volgt hiervoor een apart collegevoorstel.

Inwoners worden proactief geraadpleegd. Dit is een doorlopende actie. In gesprek met de inwoner zullen persoonlijke ervaringen besproken worden en zullen ideeën uitgewisseld worden voor het te schrijven beleid. De input van de inwoners zal voor zover mogelijk worden meegenomen in de vormgeving van het beleid. Via de verschillende hulporganisaties in Nunspeet en de sociale media kanalen zal er contact gezocht worden met de desbetreffende inwoners.

Gedragsaanpak Wat gaan we doen? We zetten in op het vergroten van de financiële bewustwording en zelfredzaamheid van inwoners door financiële voorlichtingen, trainingen en workshops aan te bieden. Ook worden gedragsaanpassingen van inwoners die leiden tot financiële stabiliteit gestimuleerd.

25.

Hoe gaan we dit doen?

1.

We onderzoeken de mogelijkheid voor laagdrempelige budgetcoaching.

2.

We faciliteren inwoners structureel met trainingen en workshops om financiële bewustwording en zelfredzaamheid te bevorderen.

Inwoners met (beginnende) financiële zorgen zullen de mogelijkheid voor budgetcoaching aangeboden krijgen op kosten van de gemeente. Budgetcoaching is gericht op het aanleren van de noodzakelijke financiële vaardigheden, zoals het inzichtelijk maken van inkomsten en uitgaven, en het sturen op de nodige gedragsverandering(en) voor een gezonde financiële situatie. De NVVK noemt budgetcoaching, naast budgetbeheer en beschermingsbewind, als een belangrijk instrument om beschikbaar te stellen voor inwoners binnen de schuldhulpverlening. We willen laagdrempelige budgetcoaching beschikbaar stellen. Er zal een pilot gestart worden met de aanwezigheid van een budgetcoach bij het Financieel Trefpunt. Budget coaching kost tussen de € 35,- en € 40,- per uur. Dit betekent dat deze pilot naar verwachting tussen de € 3.640,-- en € 4.160,-- zal kosten. Doordat de budgetcoach aansluit bij het Financieel Trefpunt is budgetcoaching ook een mogelijkheid voor de doelgroep die niet bij de gemeente in beeld is.

Om financiële problemen bij inwoners te voorkomen is het van belang om structureel trainingen en/of workshops aan te bieden aan inwoners om financiële bewustwording en zelfredzaamheid te creëren. Hierbij kan de doelgroep die bekend is bij de gemeente (vroegsignalering, schuldhulpverlening en bijstand) gericht benaderd worden, maar zullen alle inwoners van Nunspeet uitgenodigd worden voor deze trainingen en/of workshops via een brief, de website en de sociale media kanalen. Het aanbieden van de volgende trainingen zal opgestart worden in de vorm van een pilot en zal voor eventuele structurele voortzetting geëvalueerd worden. Nibud biedt de budgetcursus Omgaan met geld aan en de workshop Wisselende inkomsten voor uitzendkrachten, flexwerkers en zzp’ers. De budgetcursus Omgaan met geld zal naar verwachting € 7.776,-- kosten voor een groep van twaalf deelnemers. De workshop Wisselende inkomsten zal naar verwachting € 2.495,-- kosten voor een groep van dertig deelnemers. In de Wet inburgering 2021 is het onderdeel financiële ontzorging opgenomen14. Hierbij is een van de pijlers het vergroten van financiële zelfredzaamheid van statushouders. Uit de eerste evaluatie blijkt dat de taalbarrière aan het begin van het inburgeringstraject het lastig maakt om wegwijs te worden in het Nederlandse financiële systeem.

Om de financieel zelfredzaamheid van statushouders te bevorderen zal er gebruik worden gemaakt van de training Eurowijzer die wordt aangeboden door Vluchtelingenwerk. Deze training is opgenomen in de offerte van Vluchtelingenwerk en kan betaald worden uit de beschikbare middelen voor de Wet inburgering 2021. De cursus zal naar verwachting € 3.563,- kosten voor een groep van 12 deelnemers. Met het oog op de taakstelling van de gemeente Nunspeet zullen er drie bijeenkomsten georganiseerd worden, waardoor de totale kosten naar verwachting € 10.689 zullen bedragen. Uit gesprekken met inwoners blijkt dat het van belang is om ook de mogelijkheid tot digitale trainingen aan te bieden, omdat voor sommige mensen de drempel tot fysiek aansluiten te hoog is, waardoor er vaak afgezien wordt van het volgen van de trainingen. Bij genoemde cursussen wordt de mogelijkheid tot digitale aanwezigheid geboden.

26.

14

Zie Uitvoeringsplan inburgering gemeente Nunspeet 2022

3.

We ontwikkelen een effectieve aanpak tegen energiearmoede.

Het Rijk heeft begin 2022 een bedrag beschikbaar gesteld aan de gemeente om huishoudens (huurders en eigenaar bewoners) met een laag besteedbaar inkomen te helpen die te maken hebben met hoge energielasten als gevolg van gestegen energieprijzen in combinatie met de lagere energetische kwaliteit van de woningen. De aanpak van de energiearmoede is gericht op gedragsverandering, zodat inwoners hun energie- en gasverbruik verlagen om te besparen op de rekeningen. Een klusteam bezoekt huishoudens met een laag inkomen om kleine energiebesparende maatregelen te implementeren in het huis en voorziet hen daarbij van besparingsadvies. Het bewustzijn van het energie- en gasverbruik wordt vergroot bij de inwoners en ze krijgen handvaten om op het verbruik te besparen. De implementatie van de verschillende onderdelen van het projectplan staat los van dit uitvoeringsplan15.

Omzien naar elkaar Wat gaan we doen? Een effectieve aanpak voor bestaanszekerheid en schulden komt niet alleen van de gemeente of de maatschappelijke partners. We hebben hier de hele samenleving voor nodig, inwoners die omzien naar elkaar.. We willen het gezamenlijke gevoel van verantwoordelijkheid voor de samenleving versterken. Hoe gaan we dit doen? We omarmen lokale initiatieven die bestaanszekerheid bevorderen. Inwoners van de gemeente Nunspeet zijn gedreven, creatief en houden van aanpakken. We kijken naar elkaar om. Dit zien we terug in verschillende initiatieven die vanuit de maatschappij ontstaan. Denk bijvoorbeeld aan de buurtkasten van Stichting Verborgen Armoede Nunspeet of het hulpfonds dat in 2023 is opgericht om huishoudens die moeilijk kunnen rondkomen te ondersteunen. Dit zijn initiatieven die de gemeente toejuicht. Samen komen we namelijk verder. Als er goede plannen vanuit de samenleving worden voorgedragen kiezen we daarom voor een houding waarbij we vooral kijken hoe we kunnen faciliteren. Soms gaat dit alleen om meedenken, soms gaat dit om het beschikbaar stellen van locaties en soms gaat dit om financiële ondersteuning. Daarnaast sturen we er bij maatschappelijke organisaties op aan om ook de verbinding tussen inwoners waar mogelijk te bevorderen.

Dit raakt aan ‘normaliseren’ (en het benutten van de eigen kracht) zoals dat in het Beleidsplan Sociaal Domein is beschreven. Met normaliseren bedoelen we: kom je als inwoner ergens niet uit of zit je ergens mee? Dan is het heel normaal om hierover ook het gesprek te voeren met de eigen omgeving. Samen staan we immers sterker.

1.

15

Zie Startnotitie Bestaanszekerheid en Schulden gemeente Nunspeet 2023.

27.

Z Gedragsaanpak

Z

Gerichte aanpak kinderarmoede Omzien naar elkaar

!

€ Gerichte aanpak kinderarmoede

Preventie

Betaalbare zorg

Gebruik van bestaande voorzieningen

Perspectief

Z

Z

Laagdrempelig en begrijpelijk

Perspectief bij schulden

Z Gedragsaanpak

Ondersteunen (meedoen)

Z (ontwikkelen)

Stimuleren

Betrekken maatschappelijk veld

Meedoen in de maatschappij

Z

Z Omzien naar elkaar

Z

Z Toegankelijke zorg

Z

Z Signaleren

Z

Z Proactieve gemeente

Ondersteuning inkomen en werk

Veel kinderen die opgroeien in armoede krijgen minder kansen om zich volwaardig te ontwikkelen en hebben soms al op jonge leeftijd te maken met sociale uitsluiting. Dit heeft invloed op de sociaal-emotionele ontwikkeling, het welbevinden en het toekomstperspectief van deze kinderen16. Daarnaast hebben kinderen en jongeren die opgroeien in armoede een grotere kans om early-life stress17 te ervaren, met alle gevolgen van dien. Zij hebben een grotere kans dat zij fysieke of psychische klachten ontwikkelingen, waar zij ook op latere leeftijd nog de gevolgen van ondervinden. Armoede wordt vaak doorgegeven van generatie op generatie. Kinderen die in armoede opgroeien hebben vaak niet dezelfde ontwikkelkansen als hun leeftijdsgenoten die niet in armoede opgroeien. Dit kan verschillende oorzaken hebben: zo hebben ouders soms, van huis uit, minder vaardigheden meegekregen die ontwikkeling en groei van de kinderen stimuleren, hebben ouders niet de financiële middelen om de kinderen volwaardige ontwikkelkansen te geven of is er sprake van een familiecultuur waarin zelfontplooiing moeilijk tot zijn recht komt. We vinden het belangrijk dat kinderen volwaardig mee kunnen doen in de samenleving en zich kunnen ontwikkelen en ondersteuning krijgen als dit nodig is, onafhankelijk van de achtergrond van het gezin.

Signaleren van kinderarmoede Wat gaan we doen? Door in te zetten op het signaleren in welke huishoudens met kinderen sprake is van armoede, wordt hulp gerichter ingezet en komt hulp terecht bij de huishoudens waarin dit nodig is.

“Het is lastig om het gesprek met ouders aan te gaan als je niet goed weet op welke hulp je de ouders kunt wijzen”.

- een medewerker van een basisschool uit Nunspeet.

28.

16 17

‘Omgaan met kinderarmoede in het sociaal domein’ (2021). Divosa. Ieder kind leert omgaan met fysieke, sociale en emotionele oorzaken van stress. Als dit op jonge leeftijd een te grote stapeling is, spreken we van early-life stress.

Hoe gaan we dit doen?

1.

We faciliteren scholen (en andere instanties) zodat zij op een passende manier naar financiële hulp door kunnen verwijzen.

Scholen vervullen een sleutelrol als het gaat om het vroegtijdig signaleren van armoede. Zij zien immers alle kinderen voorbij komen en zien hiermee dus ook alle kinderen die in armoede opgroeien. Scholen kennen de leerlingen goed en signaleren al veel. In de gesprekken die de gemeente heeft gevoerd met scholen geven zij aan dat zij moeite hebben om opvolging te geven aan deze signalen, doordat zij niet goed weten naar welke regelingen en ondersteuning zij kunnen doorverwijzen. Ze geven aan baat te hebben bij een simpele en heldere manier om door te kunnen verwijzen naar ondersteuning. We ontwikkelen daarom overzichtelijk informatiemateriaal (bijvoorbeeld infographics van voorzieningen op posterformaat) die scholen kunnen ophangen, waarbij we eventueel gebruik maken van een QR-code die direct doorlinkt naar de juiste informatie. Dit materiaal kan ook worden gebruikt voor bijvoorbeeld verloskundigen, consultatiebureaus, jeugd- en huisartsen en sportverenigingen. Zij zien immers ook veel kinderen. Hierbij is het natuurlijk wel zaak dat de informatie waar naar wordt doorverwezen ook helder en begrijpelijk is.

Ondersteunen (meedoen) van kinderen Wat gaan we doen? We ondersteunen kinderen en jongeren met passende regelingen en voorzieningen, zodat ieder kind op een goede manier kan opgroeien en mee kan doen met sport en culturele activiteiten. Hoe gaan we dit doen?

1.

We verhogen de bijdrage voor sport en cultuur en versimpelen het gebruik van deze regeling.

De gemeente Nunspeet kent een bijdrage voor sport en cultuur voor huishoudens met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. Deze bijdrage is momenteel € 150,-- voor een volwassene per jaar en € 300,-- voor een kind per jaar. Het bedrag voor volwassenen is het bedrag dat in 2015 is vastgesteld. Het bedrag voor kinderen was initieel ook € 150,--, maar is in 2017 opgehoogd naar € 300,-- per kind. Doordat deze bedragen in de loopt der tijd niet zijn geïndexeerd, maar de prijzen voor bijvoorbeeld sportkleding en contributie wel zijn gestegen, zijn deze bedragen niet meer toereikend om bijvoorbeeld mee te kunnen doen bij een sportof muziekvereniging. We verhogen daarom de bijdrage voor sport en cultuur vanaf 2024 met € 50,-- per jaar, hiermee komt de bijdrage voor een volwassene op € 200,-- per jaar en voor minderjarige op € 350,-- per jaar. Bij een gelijkblijvend gebruik betekent dit meerkosten van ongeveer € 30.000,-- per jaar. De huidige gemeentelijke verordening voor de bijdrage sport en cultuur18 belemmert laagdrempelig gebruik van deze regeling, omdat het bedrag op declaratiebasis wordt overgemaakt aan de inwoner. Veel inwoners zijn echter niet in staat om dit bedrag te kunnen voorschieten, waardoor deze manier van werken inwoners tegenhoudt om de bijdrage sport 18

Verordening bijdrageregeling minima gemeente Nunspeet 2020.

29.

en cultuur te gebruiken. Deze manier van controle bevordert rechtmatigheid, maar doet tegelijkertijd afbreuk aan de doelmatigheid van de regeling (en leidt tot meer uitvoeringskosten). We stappen daarom af van de werkwijze op declaratiebasis en gaan over naar een systematiek gebaseerd op vertrouwen, waarbij de bijdrage in de eerste maand van het jaar in zijn geheel wordt uitbetaald aan de inwoner19. Hierbij bestaat wel het risico dat de bijdrage ook aan andere zaken wordt besteed dan sport en cultuur. Dit risico accepteren we, omdat autonomie over de bestedingen de eigenwaarde van deze doelgroep ook bevordert, hetgeen sociale inclusie op zijn beurt weer kan bevorderen. Een raadsvoorstel m.b.t. de wijziging van de minima verordening wordt in 2024 separaat aan de raad voorgelegd. De uitwerking van deze werkwijze monitoren we via de vastgestelde KPI’s in de kwartaalrapportages aan de raad.

2.

We breiden het aanbod van het Jeugdfonds Sport en Cultuur (JFSC) uit en positioneren het JFSC meer in de maatschappij.

De gemeente Nunspeet is aangesloten bij het Jeugdfonds Sport en Cultuur. Hierdoor kunnen kinderen uit de gemeente Nunspeet een beroep doen op dit fonds, en via het fonds meedoen aan sport- en cultuurverenigingen. Het JFSC kent geen harde inkomenseisen, maar is er voor ieder huishouden dat, om wat voor reden dan ook, waarin kinderen zijn die niet mee kunnen sporten. Hierbij valt te denken aan huishoudens die niet in aanmerking komen voor de gemeentelijke bijdrage voor sport en cultuur, omdat zij een te hoog inkomen hebben, maar tegelijkertijd hoge woonlasten hebben, waardoor zij onder aan de streep net zo veel te besteden hebben als iemand die een laag inkomen heeft (bijvoorbeeld middeninkomens). De inwoner kan geen zelfstandige aanvraag doen bij het JFSC, dit verloopt altijd via een intermediair. Voorheen verliep minimaal 90% van de aanvragen via de gemeente Nunspeet. De kracht van de maatschappij wordt hierin nog onvoldoende benut. De gemeente Nunspeet is daarom eind 2022/begin 2023 een wervingsactie voor intermediairs gestart bij maatschappelijke partners, zodat het JFSC een veel bredere doelgroep kan bereiken. Inmiddels zijn er 8 nieuwe intermediairs gevonden20. Deze lijn willen we de komende jaren doortrekken, zodat het Jeugdfonds echt een onderdeel wordt van de maatschappij, gefaciliteerd door de gemeente Nunspeet.

De gemeente heeft een lokaal aanspreekpunt waar intermediairs terecht kunnen met vragen over aanmeldingen bij het JFSC. Financiële redenen mogen geen reden zijn waarom een kind niet veilig kan zwemmen. Daarom is de gemeente vanaf 2023 een pilot aangegaan met het JFSC, waarbij inwoners een beroep op het JFSC kunnen doen voor zwemles voor kinderen. De prijzen voor zwemles zijn zodanig hoog (ongeveer € 615,-- voor zwemdiploma A of € 890,-- voor zwemdiploma ABC) dat de bijdrage sport en cultuur hier geen uitkomst voor biedt. In de pilot zijn twee partijen aangewezen als specifieke intermediair voor zwemlessen: Stichting Verborgen Armoede en VluchtelingenWerk. De pilot zal in 2024 worden geëvalueerd, waarna besloten zal worden of de zwemlessen vanaf 2025 structureel onderdeel worden van het JFSC.

30.

In praktijk wordt deze nieuwe werkwijze sinds de zomer 2021 gehanteerd, mede vanwege de hoge druk in de uitvoering i.v.m. de vele noodmaatregelen (Tozo, TONK, energietoeslag, leefgeld Oekraïne). 20 O.a. scholen, CJG en VluchtelingenWerk. 19

3.

We betrekken scholieren bij het gemeentelijk beleid voor bestaanszekerheid en schulden.

4.

We ondersteunen ‘nieuwe’ ouders door het gebruik van Stichting Babyspullen te stimuleren.

Jongeren moeten kunnen meedoen in de maatschappij, niet alleen in verenigingsverband, maar ook maatschappelijk. We maken het mogelijk voor scholieren om de maatschappelijke diensttijd (MDT) in te vullen door een project rondom bestaanszekerheid en schulden samen met de gemeente op te pakken. We willen hierbij gebruik maken van het project Speaking Minds (MDT)21. In dit traject legt de gemeente een vraagstuk voor op het gebied van bestaanszekerheid of schulden en gaan leerlingen met een getrainde professional aan de slag om tot een advies aan de gemeente te komen. Dit vraagstuk kan zich bijvoorbeeld richten op hoe schulden bij jongeren kunnen worden voorkomen, zodat we de preventieve aanpak onder jongeren kunnen versterken. Zo leren de scholieren de lokale politiek en de gemeente beter kennen, maar leert de gemeente tegelijkertijd wat jongeren belangrijk vinden op het gebied van bestaanszekerheid en waar hun behoefte ligt. Op deze manier willen we gelijk invulling geven aan het onderdeel uit het collegeprogramma waarin we willen onderzoeken hoe we scholen intensiever kunnen betrekken bij financiële voorlichting. De jongeren komen aan het eind van dit traject met een concreet advies aan het college, en voeren vervolgens een praktische opdracht uit in de maatschappij op het gebied van bestaanszekerheid.

Het college komt vervolgens met een terugkoppelingsbijeenkomst voor de jongeren, zodat de jongeren ook horen wat er met hun adviezen zijn gedaan. Het project wordt voor 75% gefinancierd door de Rijksoverheid, 25% komt voor rekening van de gemeente. De kosten voor de gemeente bedragen dan nog ongeveer € 12.000,--. Hiervoor zijn momenteel nog geen middelen begroot, we stellen daarom voor om vanaf 2024 een bedrag van € 12.000,-- op de begroting te laten opnemen voor de invulling van deze jongerenparticipatie.

Verschillende welzijnsorganisaties lieten weten dat inwoners in de financiële problemen komen door de komst van een kind. Ze kunnen regelmatig de goederen die nodig zijn niet betalen. Ook de Minister voor Armoedebeleid, Carola Schouten, noemt de komst van een kind expliciet als een levensgebeurtenis waar meer aandacht aan besteed moet worden en waar preventief op gehandeld moet worden, omdat dit vaak financiële zorgen als gevolg heeft. In het kader van een Kansrijke Start willen we daarom een samenwerking starten met Stichting Babyspullen. Deze stichting verstrekt babystartpakketten (ter waarde van ongeveer € 300,--) met hierin onder andere kleding, verzorgingsproducten, speelgoed en beddengoed, voor aanstaande ouders die moeilijk kunnen rondkomen. De stichting zamelt landelijk gebruikte en nieuwe babyspullen in en stelt daar de pakketten van samen. Een hulpverleningsorganisatie dient als intermediair en vraagt voor de ouders een babypakket aan. De stichting kent twee type pakketten: één die al tijdens de zwangerschap wordt toegestuurd met o.a. verschillende maten kleding en één die na twee jaar wordt toegestuurd. We willen hierin graag samenwerken met de verloskundigen. Zij kennen de gezinnen, ze komen er vaak letterlijk achter de voordeur en kunnen als aanvragende intermediair optreden.

De pakketten kosten ongeveer € 60,-- per pakket, er is daarom een bepaalde terughoudendheid bij de verloskundigen om deze pakketten aan te vragen wanneer de verloskundigen of de ouders zelf voor deze kosten moet opdraaien. We verwachten dat er in de gemeente 21

Dit is een samenwerking van Save The Children, Defence for Children en Stimulansz.

31.

Nunspeet ongeveer 30 geboortes per jaar22 zijn in huishoudens met armoede. Ieder van deze kinderen krijgt 2 pakketten á € 60,-- (= € 120,--). De totale kosten voor de gemeente komen hiermee op 30 x € 120,-- = € 3.600,--. Dit bedrag willen we beschikbaar stellen aan Stichting Babyspullen voor huishoudens uit de gemeente Nunspeet, waarmee de verloskundigen geen financiële drempel meer hoeven te ervaren om een babystartpakket aan te vragen, zodat aanstaande ouders die in armoede leven ondersteund worden met babygoederen bij de geboorte van een kind en zij minder financiële stress hoeven te ervaren. Voor de bekostiging zoeken we aansluiting bij de GALA-SPUK.

Stimuleren van ontwikkelkansen van kinderen Wat gaan we doen? We bieden passende voorzieningen en regelingen aan, zodat kinderen, ongeacht hun thuissituatie, waar mogelijk gelijkwaardige ontwikkelkansen hebben.

“Ik heb er wakker van gelegen toen mijn kinderen de overstap naar de middelbare school maakten. Ik wist niet hoe ik dit moest betalen.”

- een inwoner uit de gemeente Nunspeet.

Hoe gaan we dit doen?

1.

We gaan een samenwerking aan met Stichting Leergeld, zodat kinderen onbezorgd onderwijs kunnen volgen en mee kunnen doen aan schoolactiviteiten.

Uit gesprekken met inwoners en lokale organisaties is gebleken dat de overstap van basisschool naar middelbare school veel zorgen opleveren in gezinnen met een laag inkomen. Volgens het Nibud kan deze overstap al snel € 600,-- per kind kosten23. Er zijn dan veel spullen nodig zoals een fiets, een laptop, boeken en andere schoolspullen (waaronder een (grafische) rekenmachine). Dit is echter voor een aantal huis-houdens moeilijk betaalbaar, waardoor er een kansenongelijkheid kan ontstaan. We willen voorkomen dat de financiële status van gezinnen tot kansenongelijkheid leidt. We gaan daarom als gemeente Nunspeet samenwerken met Stichting Leergeld, om zo kansengelijkheid voor kinderen en jongeren te vergroten. Stichting Leergeld (momenteel actief in 75% van alle Nederlandse gemeenten) helpt kinderen in armoede bij bijvoorbeeld de overgang van basisschool naar middelbare school. De stichting doet dit door bepaalde voorzieningen te bekostigen zoals, laptops, fietsen en schoolspullen (die bijvoorbeeld nodig zijn bij de overstap van basis- naar middelbaar onderwijs). Stichting Leergeld werkt met lokale afdelingen. Er is onderzocht of een lokale Nunspeetse afdeling haalbaar is, maar dit is, vanwege de grootte van de gemeente, geen haalbare optie.

We onderzoeken daarom de mogelijkheid om aan te sluiten bij Stichting Leergeld Randmeren, de samenwerking van Stichting Leergeld in Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde. Ouders kunnen zelfstandig een aanvraag indienen bij deze lokale afdeling van Stichting Leergeld. De vrijwilligers van de stichting komen ook bij de gezinnen thuis, waardoor zij ook weer verder kunnen verwijzen naar ondersteuning wanneer dit nodig is. De inzet van Stichting Leergeld heeft voor de gemeente drie grote voordelen: 1) de aanvragen

32.

Gebaseerd op 334 geboortes in 2020 en ongeveer 1 op de 13 huishoudens die leven in armoede (334/13= 26, dit ronden we af naar 30). 23 ‘Huidig inkomensondersteuningssyteem onvoldoende om armoede tegen te gaan’ (2020). Nibud. 22

worden niet behandeld door medewerkers van de gemeente, waardoor er geen extra formatieruimte nodig is, 2) door de inzet van Stichting Leergeld hoeven inwoners niet langer de bijdrage sport en cultuur (deels) te gebruiken voor schoolreisjes of schoolspullen. Hierdoor blijft er in de bijdrage sport en cultuur meer ruimte over die écht voor sport en cultuur kan worden ingezet, en 3) doordat vrijwilligers bij de mensen thuis komen, kunnen zij ook het gesprek aangaan over andere hulpverlening en andere ondersteunende voorzieningen. De financieringssystematiek die gehanteerd wordt is vergelijkbaar met die van het Jeugdfonds Sport en Cultuur. De gemeente maakt jaarlijks een bedrag over naar de stichting. Dit bedrag wordt vervolgens beschikbaar gesteld voor voorzieningen voor inwoners uit de gemeente Nunspeet met een laag inkomen. We verwachten jaarlijks een bedrag van € 25.000,--24 nodig te hebben voor Stichting Leergeld.

2.

Het onderdeel bestaanszekerheid en schulden sluit aan bij de plannen die rondom het OKO-model worden ontwikkeld.

In de gemeente Nunspeet willen we aandacht geven aan het verminderen van middelengebruik onder jongeren. Samen met regiogemeenten op de Noord-Veluwe zijn we daarom met ingang van 2023 begonnen met het project ‘Opgroeien in een Kansrijke Omgeving’, oftewel OKO. OKO is een preventiemodel dat zich richt op een positieve, gezonde en gelukkige leefomgeving van jongeren door ons te focussen op vier beschermende factoren bij middelengebruik: school, vrije tijd, peergroep (vrienden) en ouders. Samen met stakeholders rondom opgroeiende jeugd creëren we een community en proberen we deze beschermende factoren te versterken in de hoop het middelengebruik te verkleinen. Dit doen we door telkens de volgende cyclus te doorlopen: we monitoren tweejaarlijks door middel van een vragenlijst het welbevinden van jongeren en de aanwezigheid van middelen, bespreken de uitkomsten met de community en bieden interventies en/of activiteiten aan die passend zijn bij de beschermingsfactor waarop we ons willen focussen. De OKO-werkwijze is datagedreven en communitybased en vormt een bewezen aanpak voor resultaten op de lange termijn. Bestaanszekerheid en schulden betreft in beginsel geen domein waar OKO zich op richt. Desalniettemin komt het vraagstuk in hoeverre bestaanszekerheid en schulden van invloed zijn binnen deze domeinen mogelijk aan de orde wanneer de uitkomsten van de monitor bekend zijn.

Zo kan financiële problematiek bijvoorbeeld van invloed zijn op de relatie tussen ouders en kind en kunnen financiële problemen een reden vormen om niet mee te doen aan activiteiten op het gebied van vrije tijdsbesteding. Ook met het oog op een integrale werkwijze is het van belang om hiervoor aandacht te hebben bij het aanbieden van interventies en/of activiteiten die volgen uit OKO. Hieraan zal daarom aandacht worden besteed in het plan van aanpak voor OKO, dat op een later moment zal worden voorgelegd aan het college en de raad.

24

Dit bedrag is vergelijkbaar met het bedrag dat de gemeente Putten bijdraagt.

33.

Z Omzien naar elkaar

Betaalbare zorg ! Preventie

€ Gerichte aanpak kinderarmoede

Betaalbare zorg

€

Gebruik van bestaande voorzieningen

Perspectief

Z Perspectief bij schulden

Gedragsaanpak

Ondersteunen

Betrekken maatschappelijk veld

Meedoen in de maatschappij

(meedoen)

Z

Z

Omzien naar elkaar

(ontwikkelen)

Stimuleren

Z

Z

Z Laagdrempelig en begrijpelijk

Z

Z Toegankelijke zorg

Z

Z Signaleren

Z

Z Proactieve gemeente

Ondersteuning inkomen en werk

Armoede en schulden hebben invloed op het welzijn en de gezondheid van mensen25. Deze mensen hebben een grotere kans om problemen te ervaren op het gebied van geestelijke gezondheid, sociaal netwerk of werk. Gezondheid raakt hierdoor dus ook aan andere leefgebieden. Zo kan er een negatieve cirkel ontstaan tussen gezondheid, werk en financiën. Als er gebrek is aan perspectief, dan is het moeilijk om zo’n cirkel te doorbreken (zie het voorbeeld bij figuur 1). Het gaat hierbij in eerste instantie om het creëren van een positieve beweging (Positieve Gezondheid), waardoor iemand weer in staat wordt gesteld om nieuwe positieve stappen te zetten. Tegelijkertijd Financiële willen we zoveel mogelijk voorkomen problemen dat inwoners door gezondheid in de problemen komen. Stress is voor veel inwoners met schulden van grote invloed op hun gezondheid Problemen op Fysieke en en op de keuzes die zij maken, ook de werkvloer psychische problemen financieel. Een perspectiefgerichte aanpak vraagt daarom ook om een stress-sensitieve aanpak. Zo creëren Figuur 1: voorbeeld van ‘armoedecirkel’. Van ziek worden, naar werk we door stress te verminderen weer verliezen, naar financiële problemen, naar psychische problemen, perspectief. naar niet meer in staat zijn om te werken, etc.

Toegankelijke zorg Wat gaan we doen? We zorgen ervoor dat zorg betaalbaar is, zodat mensen geen zorg hoeven te mijden vanwege financiële redenen. Inwoners die chronische zorg nodig hebben, ondersteunen we met passende financiële regelingen.

34.

25

https://www.loketgezondleven.nl/gezondheidsthema/armoede-schulden-en-gezondheid/relatie-armoedeen-gezondheid (2022). RIVM.

Hoe gaan we dit doen?

1.

We bieden een betaalbare collectieve zorgverzekering aan die past bij de zorgbehoefte van de inwoner.

2.

We starten een regeling ‘compensatie eigen risico’ voor inwoners met een laag inkomen en chronische ziektekosten.

De gemeente Nunspeet biedt inwoners met een laag inkomen een collectieve zorgverzekering aan via Zilveren Kruis Achmea, de zogenaamde gemeentepolis. De gemeentepolis bestaat uit een basisverzekering, een aanvullende verzekering en een tandartsverzekering. Voor iedere inwoner die gebruik maakt van de gemeentepolis draagt de gemeentelijke maandelijks een bedrag bij aan Zilveren Kruis, waardoor de premie die de inwoner nog moet betalen lager is. Daarnaast is de dekking in de gemeentepolissen net wat ruimer dan in de reguliere aanvullende pakketten. In 2022 is het gemeentelijke aanbod van de gemeentepolis uitgebreid. Veel inwoners waren niet passend verzekerd, doordat het gemeentelijke aanbod relatief ‘zware’ zorgpakketten waren (Aanvullend 2 en 3). Vanaf 2023 biedt de gemeente daarom ook een Aanvullend 1 pakket, voor inwoners met een beperkte zorgbehoefte. Zij kunnen zich op deze manier toch goed laten verzekeren (inclusief tandartsverzekering), zonder dat zij te veel betalen voor zorg die niet voor hen van toepassing is. Daarnaast is de maandelijkse gemeentelijke bijdrage per gemeentepolis verhoogd26, waardoor de zorgpolis betaalbaarder is geworden. De gemeente ontving namelijk van o.a.

inwoners, maatschappelijke organisaties en bewindvoerders signalen dat er geen aanvullende verzekering meer werd afgesloten voor inwoners die wél een hoge zorgbehoefte hadden, omdat er geen financiële ruimte meer was voor deze aanvullende verzekering. Deze inwoners lopen een groot risico op schulden wanneer de zorgkosten zelf gedragen moeten worden. Er is zodoende, vooruitlopend op dit uitvoeringsplan, besloten de maandelijkse bijdrage te verhogen, waardoor de zorgverzekeraar betaalbaarder is geworden vanaf 1 januari 2023. Om de zorgverzekering (en hiermee de toegang tot zorg) betaalbaar te houden voor inwoners met een grotere zorgbehoefte en een laag inkomen, behouden we ook de komende jaren de collectieve zorgverzekering beschikbaar, waar nodig passen we de maandelijkse bijdrage aan.

Inwoners die te maken hebben met chronische ziekte, hebben een grotere kans dat zij bijstandsafhankelijk zijn en blijven. In veel gevallen zullen zij, ook met begeleiding, niet in staat zijn om met betaald werk een inkomen boven de bijstandsnorm te verdienen. Tegelijkertijd moeten zij wel jaarlijks het volledig eigen risico betalen, vanwege de chronische ziekte die zij hebben. Doordat zij een laag inkomen hebben en meer kosten maken, kunnen zij minder vaak een financiële buffer opbouwen om financiële tegenslagen op te kunnen vangen. Om deze inwoners de ondersteunen starten we vanaf 1 april 2024 met de regeling ‘compensatie eigen risico chronisch zieken’. Deze regeling zal verder worden uitgewerkt in beleidsregels, maar zal in ieder geval de volgende kaders bevatten:

26

De maandelijkse bijdrage die tot 1 januari 2023 gold is vastgesteld in 2015 en is daarna niet meer geïndexeerd of aangepast.

35.

Z de regeling is bedoeld voor: • inwoners van de gemeente Nunspeet van 18 jaar of ouder; • inwoners die minimaal drie aaneengesloten jaren voorafgaand aan de aanvraag het volledig wettelijk eigen risico hebben gebruikt; Z de compensatie wordt aangevraagd in het half jaar ná afloop van het kalenderjaar waarin het eigen risico volledig is betaald; Z de compensatie bedraagt 100% van het wettelijk eigen risico van het kalenderjaar voorafgaand waarin de aanvraag wordt ingediend; Z er wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de inkomens- en vermogensgrenzen die ook gelden voor de andere minimaregelingen die de gemeente Nunspeet aanbiedt. Een voorbeeld: een alleenstaande met een laag inkomen en weinig vermogen heeft in 2021, 2022 en 2023 het volledige wettelijke eigen risico betaald. Hij kan dan van januari tot en met juni 2024 een compensatie vragen van het wettelijk eigen risico zoals deze in 2023 gold (€ 385,--). Betaalt hij in 2024 opnieuw het volledige eigen risico? Dan kan hij van januari tot en met juni 2025 opnieuw een compensatie aanvragen voor het wettelijk eigen risico zoals die in 2024 gold. Hij heeft dan immers opnieuw drie opeenvolgende jaren het volledig eigen risico moeten betalen. We verwachten dat jaarlijks ongeveer 100 personen gebruik zullen maken van deze regeling27.

Als we rekenen met een 100% vergoeding van het wettelijk eigen risico van 2023 (€ 385,--) dan verwachten we 100 x € 385,-- = € 38.500,-- aan verstrekkingen. Hier boven op komen nog uitvoeringskosten, de aanvragen zullen immers behandeld (en administratief verwerkt) moeten worden. Een belangrijke voorwaarde voor de uitvoering van deze regeling is dan ook structurele formatie-uitbreiding van 0,20 FTE28, ofwel € 14.000,-- per jaar. De totale kosten voor de uitvoering van deze regeling komen dan naar verwachting structureel uit op € 52.500,-- per jaar.

3.

We faciliteren trainingen of workshops om gezond te kunnen koken met een laag budget.

Het is voor veel inwoners moeilijk om gezond te kunnen koken wanneer zij een laag inkomen hebben. Een zak patat is immers veel goedkoper dan verse groenten. Mensen met een (langdurig) laag inkomen hebben gemiddeld genomen een hogere kans op overgewicht en hebben daarmee uiteindelijk ook vaker te maken met hogere zorgkosten. We onderzoeken daarom de mogelijkheid met maatschappelijke partners (welzijn, WOC en volksuniversiteit) tot een gezamenlijke (voor de inwoner kosteloze) training of workshop te komen waarin inwoners met een laag inkomen kunnen leren hoe zij met een laag budget toch gezond kunnen koken. De gemeente pakt hier een faciliterende rol en laat de invulling van de training of workshop bij de maatschappelijke partners. Wel geeft de gemeente een doelstelling mee: inwoners met een (langdurig) laag budget zijn na de training/workshop in staat om zelfstandig gezond te koken. Tijdens deze training/workshop zal ook ruimte zijn voor het bespreken van de financiële situatie van de inwoner. Waar nodig kan ook worden 27

36.

28

Gebaseerd op gebruik van een soortgelijke regeling bij vergelijkbare gemeenten in de regio. Gebaseerd op 100 aanvragen per jaar voor de behandeling, administratie, bezwaar/beroep, en informeren inwoners en partners.

doorverwezen naar andere ondersteuningsmogelijkheden. Dit doen we in eerste instantie in de vorm van een pilot in 2024, waarin twee trainingsrondes (één per halfjaar) plaats zullen vinden. De groepen bestaan uit maximaal 12 personen. De kosten zullen naar verwachting in totaal € 3.700,-- bedragen (€ 1.850,-- per trainingsgroep29). Voor de bekostiging zoeken we aansluiting bij de GALA-SPUK.

4.

We faciliteren maatschappelijke organisaties mee te doen in de aanpak van menstruatiearmoede door aan te sluiten bij het Armoedefonds.

Levensmiddelen en verzorgingsproducten worden steeds duurder. Sommige mensen worden hierdoor gedwongen om keuzes te maken tussen voeding of verzorging. Meisjes blijven hierdoor soms thuis van school en krijgen zo een lesachterstand. Ook bij volwassen vrouwen kan het gebrek aan menstruatieproducten leiden tot een achterstand in de maatschappij (doordat zij bijvoorbeeld een hogere drempel naar werk ervaren of minder kansen krijgen op de werkvloer als zij vanwege het gebrek aan menstruatieproducten thuis blijven). Dit leidt tot kansenongelijkheid op basis van geslacht. Om dit probleem aan te pakken willen we een netwerk creëren van menstruatie-uitgiftepunten. De gemeente sluit hiervoor aan bij het Armoedefonds en doet een jaarlijkse bijdrage aan dit fonds. Hierdoor kunnen maatschappelijke organisaties bij het Armoedefonds een aanvraag doen om uitgiftepunt voor menstruatieproducten te worden. Deze partijen kunnen dan periodiek aanvragen doen bij het Armoedefonds voor menstruatieproducten, die zij vervolgens weer kosteloos aan de inwoner kunnen verstrekken. De Voedselhulp Nunspeet is momenteel al een uitgiftepunt. We willen ook graag dat andere organisaties zich aansluiten als uitgiftepunt, om zo een breed dekkend netwerk te hebben waar inwoners gratis menstruatieproducten kunnen verkrijgen.

We willen daarom een samenwerking aangaan met het Armoedefonds, waarbij de gemeente een jaarlijkse bijdrage doet aan het fonds van € 5.500,-- per jaar30 om de materiaalkosten te bekostigen. Ook voor dit onderdeel willen we aansluiting zoeken bij de GALA-SPUK.

29 30

Gebaseerd op een eerste kosteninschatting na overleg met de samenwerkende partijen. Gebaseerd op een kostenschatting van het Armoedefonds bij een gemeente met ongeveer 28.000 inwoners.

37.

Z Gedragsaanpak

Z

Gebruik van bestaande voorzieningen Omzien naar elkaar

! Preventie

€ Gerichte aanpak kinderarmoede

Betaalbare zorg

Gebruik van bestaande voorzieningen

Perspectief

Z Perspectief bij schulden

Gedragsaanpak

Ondersteunen

Betrekken maatschappelijk veld

Meedoen in de maatschappij

(meedoen)

Z

Z

Omzien naar elkaar

(ontwikkelen)

Stimuleren

Z

Z

Z Laagdrempelig en begrijpelijk

Z

Z Toegankelijke zorg

Z

Z Signaleren

Z

Z Proactieve gemeente

Ondersteuning inkomen en werk

De gemeente Nunspeet biedt veel verschillende voorzieningen aan op het gebied van armoede en schulden. Zo zijn er verschillende gemeentelijke regelingen en schuldhulpverleningsmogelijkheden. Het is belangrijk dat de bestaande voorzieningen bekend zijn bij de inwoners en dat de voorzieningen gemakkelijk aan te vragen zijn. Hierdoor is het intensiveren van het gebruik van bestaande voorzieningen een belangrijke pijler in dit uitvoeringsplan. We willen inzetten op het vergroten van de bekendheid van bestaande voorzieningen door deze zo begrijpelijk mogelijk aan de man te brengen. Hier is heldere communicatie vanuit de gemeente voor nodig31 en het gebruikmaken van de relevantie communicatiekanalen om de doelgroep te bereiken32. Ook is het van belang om de aanvraag van een voorziening zo laagdrempelig, eenvoudig en mensgericht mogelijk in te richten33. Het is van belang om de mentale en administratieve drempel voor aanmelding te verlagen en actieve en eenvoudige ondersteuning bij het aanvragen van de voorzieningen te bieden34. Daarnaast willen we meer gebruik maken van de mogelijkheden die het maatschappelijk middenveld biedt en hun signaleringsfunctie optimaliseren. Inwoners weten niet altijd bij wie ze terecht kunnen voor hun hulpvraag, waardoor ze sneller in de problemen komen35.

Laagdrempelig en begrijpelijk Wat gaan we doen? Inkomensvoorzieningen zijn bedoeld voor huishoudens die het financieel, al dan niet tijdelijk, niet of moeilijk redden. We vinden het belangrijk dat ondersteunende voorzieningen zoveel mogelijk worden gebruikt, daar zijn ze immers voor. We zetten daarom in op intensieve communicatie, het verbeteren van het taalgebruik in communicatie en de begrijpelijkheid van de bestaande regelingen en voorzieningen. De regelingen moeten makkelijk aan te vragen zijn. Komt iemand er niet uit? Dan weet hij de weg te vinden naar hulp bij het aanvragen van voorzieningen. ‘Preventieplan zorg en veiligheid: Stop het stapelen’ (2022). VNG. ‘Huidig inkomensondersteuningssyteem onvoldoende om armoede tegen te gaan’ (2020). Nibud. 33 ‘Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden’ (2020). Movisie. 34 ‘Van schuld naar schone lei’ (2022). RVS. 35 ‘Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden’ (2020). Movisie 31 32

38.

Hoe gaan we dit doen? We maken de informatievoorziening en aanvraagroutes zo begrijpelijk en laagdrempelig mogelijk voor de inwoner, met hierin speciale aandacht op doelgroepen die minder (digi)taalvaardig zijn, zoals ouderen en laaggeletterden. Er valt nog veel winst te behalen in het gebruik van ondersteunende voorzieningen. Uit het kwalitatieve cliëntervaringsonderzoek Schuldhulpverlening van 2021 blijkt 53% van de respondenten aangeeft onvoldoende bekend te zijn met informatie over hulpverlening bij schulden en geldzaken (buiten schuldhulpverlening om). De overige respondenten geven aan de informatie te kennen via de gemeentelijke website, folder of medewerkers van de gemeente of via Stimenz. Uit het kwantitatieve cliëntervaringsonderzoek Minimaregelingen van 2022 blijkt dat ruimt twee derde van de respondenten voldoende op de hoogte is van waar zij terecht kunnen voor financiële ondersteuning. Een derde van de respondenten is echter onvoldoende op de hoogte van de mogelijkheden voor (financiële) ondersteuning. We onderzoeken daarom hoe we de informatievoorziening kunnen verbeteren, zodat inwoners 1) weten waar zij terecht kunnen als zij vragen over financiële ondersteuning hebben en 2) weten wat het aanbod aan inkomensregeling is en hoe zij deze regelingen kunnen gebruiken.

In de afgelopen jaren is er wel steeds meer aandacht geweest om informatie zoveel mogelijk in begrijpelijke en heldere taal te schrijven, zowel op de gemeentelijke website als in schriftelijke communicatie naar de inwoner toe. Dit is een doorlopend en continu proces. Afgelopen jaren is ook ingezet op visuele communicatie en zijn er animatiefilmpjes ontwikkeld die gebruikt worden in communicatie-uitingen rondom de collectieve zorgverzekering en de minimaregelingen (zowel via sociale media als op de gemeentelijke website). Hierin wordt ook de link naar het Financieel Trefpunt gelegd. Hiermee zijn we er echter nog niet. We hebben een aantal concrete actiepunten met betrekking tot het verbeteren van de informatievoorziening: a) We gaan samen met inwoners en maatschappelijke partners aan de slag om onze communicatie te verbeteren. Om de informatievoorziening verder te verbeteren onderzoeken we hoe we de we gemeentelijke website aan moeten passen, zodat inkomensondersteuning begrijpelijk, helder en goed te vinden is. Dit doen we samen met inwoners en maatschappelijke partners. We organiseren een klankbordsessie waarin zij kunnen meedenken over de gemeentelijke website, brieven en andere communicatie-uitingen. Deze werkwijze is ook toegepast bij het uitvoeringsplan inburgering 2021 en bracht waardevolle informatie op36.

b) Medewerkers van de gemeente zijn op de hoogte van de ondersteuningsmogelijkheden en weten de vraag van de inwoner op de juiste plek in de organisatie te beleggen. Daarnaast moet een inwoner goed geholpen worden als hij een vraag heeft over financiën. We moeten daarbij niet alleen kijken naar de vraag op zich, maar we moeten ook meedenken. Kunnen we bijvoorbeeld ook informeren over een individuele inkomenstoeslag als er een vraag over de bijdrage voor sport en cultuur binnenkomt? Dit vraagt ook goede interne afstemming. Een vraag kan bij de gemeente namelijk via allerlei verschillende kanalen binnenkomen (bijvoorbeeld via het KCC, Publiek Loket, receptie, maar ook via collega’s die contact hebben met bijvoorbeeld ondernemers, scholen, woningbouw, etc.). We nemen de gemeentemedewerkers daarom gemeentebreed mee in interne communicatie over inkomensvoorzieningen- en ondersteuningsmogelijkheden. 36

Zie Uitvoeringsplan Wet inburgering gemeente Nunspeet 2021.

39.

c) We vereenvoudigen het aanvragen van inkomensondersteunende regelingen. Uit het cliëntervaringsonderzoek Minimaregelingen 2022 blijkt dat een groot deel het niet makkelijk vindt om regelingen aan te vragen. Zo gaf 57% in de leeftijdscategorie 36 tot en met 55 jaar aan hulp nodig te hebben bij het invullen van het aanvraagformulier voor de minimaregelingen. In de categorie 56 tot en met 65 jaar was dit 31%. Redenen die zij hiervoor geven zijn dat het formulier te moeilijk is te vinden op de website en dat vragen onvoldoende duidelijk zijn. Beide onderdelen nemen we mee bij de klankbordsessies die we organiseren. Om het aanvragen makkelijker te maken, willen we in 2024 in ieder geval een digitale aanvraagroute realiseren voor alle gemeentelijke regelingen. Met een digitale aanvraagroute kunnen we afdwingen dat alleen vragen gesteld worden die relevant zijn voor de persoonlijke situatie voor de aanvrager. Daarnaast hoeft de inwoner niet langer omslachtig het formulier te downloaden, te printen en toe te sturen naar de gemeente, maar kan dit met een DigiDaanvraag allemaal digitaal. We realiseren ons dat een deel van de aanvragers niet digitaal vaardig is en liever een papieren aanvraag doet. Daarom zorgen we er voor dat een papieren aanvraag altijd mogelijk blijft.

Ondanks dat er de afgelopen jaren een aantal vereenvoudigingen zijn doorgevoerd bij de minimaregelingen (zo worden de minimaregelingen voor ouderen voor onbepaalde tijd toegekend, omdat zij doorgaans een stabiel inkomen hebben. Zij hoeven hierdoor geen periodieke aanvraag meer te doen), blijven we zoeken naar andere mogelijkheden om verder te vereenvoudigen. We zoeken naar een mogelijkheid om het aanvragen voor inwoners die te maken hebben met wisselende inkomsten makkelijker te maken (denk aan ZZP’ers of oproepkrachten) door bijvoorbeeld te kijken naar een gemiddeld inkomen over een langere periode. De huidige verordening individuele inkomenstoeslag (IIT) zorgt voor veel verwarring bij inwoners, omdat deze eens per twaalf maanden kan worden aangevraagd. Is de aanvraagdatum bijvoorbeeld 23 april 2023, dan kan de IIT voor het eerst weer worden aangevraagd op 23 april 2024. Om de IIT begrijpelijker te maken passen we de toekenningsdatum aan naar de eerste dag van de maand waarin de aanvraag is gedaan (of de eerstvolgende aansluitende maand waarin recht bestaat). In het genoemde voorbeeld wordt de IIT dan toegekend per 1 april 2023. Wordt er in 2024 een nieuwe aanvraag gedaan op 26 april 2024, dan kan de IIT opnieuw worden verstrekt per 1 april 2024. De inwoner kan hierdoor altijd gebruik maken van een doorlopende IIT-periode.

De wijzigingen in verordening en beleidsregels worden op een later moment aan het college en de raad voorgelegd. d) De inwoner bij wie het niet lukt om zelfstandig een aanvraag in te dienen is op de hoogte van de ondersteuning die hij hierbij kan krijgen. We weten dat bijvoorbeeld laaggeletterdheid en licht verstandelijke beperkingen risicofactoren zijn voor armoede. Een deel van de doelgroep zal daarom, om wat voor reden dan ook, niet in staat zijn om zelfstandig een aanvraag in te kunnen dienen. Het moet voor hen duidelijk zijn waar zij terecht kunnen voor hulp bij het doen van een aanvraag. Het Financieel Trefpunt kan hierbij helpen, we zorgen er daarom voor dat het Financieel Trefpunt een centraal punt is in onze communicatie en dat maatschappelijke partners het Financieel Trefpunt ook goed weten te vinden. e) We laten onze gemeentelijke website en brieven checken op helder en begrijpelijk taalgebruik. Als we het over helder en begrijpelijk taalgebruik hebben, dan hebben we het vaak over taal op B1-niveau volgens het Europees Referentiekader. Gemeenten communiceren vaak nog op een hoger niveau, waardoor een groot deel van de inwoners gemeentelijke communicatie

40.

niet begrijpt. We laten daarom het taalgebruik van onze brieven en website toetsen door experts en passen waar nodig onze teksten aan. We verwachten jaarlijks € 2.500,-- aan kosten op dit onderdeel. f) We zetten een gerichte digitale campagne op over de gemeentelijke inkomens regelingen en het Financieel Trefpunt. Er zijn tegenwoordig steeds meer digitale mogelijkheden om gericht te communiceren. Denk hierbij aan communicatie gericht op inwoners die bepaalde zoektermen gebruiken of bepaalde websites bezoeken. We willen dat onze regelingen bekend zijn. We willen daarom ook deze digitale mogelijkheden benutten om over de ondersteuningsmogelijkheden van de gemeente en het Financieel Trefpunt te communiceren. We starten met een online-campagne die in de maanden januari tot en met oktober zich richt op de minimaregelingen en het Financieel Trefpunt en in november december op de gemeentelijke collectieve zorgverzekering. Daarbij kijken we ook naar bestaande mogelijkheden, zoals de schermen in het gemeentehuis. Om dit te kunnen doen zal extra budget vrij gemaakt moeten worden. We verwachten over een heel jaar ongeveer € 10.000,-- aan kosten om deze doelstelling te kunnen realiseren. We evalueren de campagne na één jaar om te achterhalen of dit tot extra gebruik van de regelingen heeft geleid.

Wel merken we aan de voorkant op dat er ook een grote preventieve kracht zit in continue communicatie die niet altijd 1-op-1 zal worden door vertaald in gebruikscijfers. Een inwoner kan nu namelijk in een situatie zitten waarin hij geen financiële ondersteuning nodig heeft, maar in de toekomst wel. De kans dat hij de hulp dan op een later moment alsnog weet te vinden, desnoods doordat hij zelf weer op zoek gaat naar informatie, is dan groter.

Betrekken maatschappelijk veld Wat gaan we doen? We betrekken onze maatschappelijke partners om tot een brede en integrale aanpak van bestaanszekerheid en schulden te komen. Het thema en de problematiek zijn breed, daarom kunnen we alleen tot een effectieve aanpak komen als we dit met elkaar doen. Hoe gaan we dit doen?

1.

We faciliteren onze maatschappelijke partners met gezamenlijke trainingen op het gebied van stress-sensitief werken.

Mensen zeggen eerder ‘nee’ als zij stress ervaren37. Dit kan voor de professional lijken op een gebrek aan motivatie om hulpverlening of ondersteuning te accepteren, maar veel vaker zorgt stress in deze situaties ervoor dat het doen-vermogen van de inwoner minder wordt, waardoor iemand zich terugtrekt uit hulpverlening. De NVVK38 stelt dan ook dat hulpverlening effectiever wordt als rekening wordt gehouden met de emotionele staat van mensen in verschillende fasen, lees: stress-sensitieve hulpverlening is effectievere hulpverlening. Uit een aantal gesprekken die we hebben gevoerd met inwoners kwam ditzelfde beeld naar voren. Zij geven aan dat stress een van de grootste pijnpunten rondom hulpverlening vormde. Deze stress (bijvoorbeeld door schulden) begint voordat hulpverlening in beeld is en bouwt langzaam op. Dit kan oplopen tot iemand de uitweg uit zijn eigen situatie niet meer ziet. De 37 38

‘Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden’ (2020). Movisie. NVVK 90 jaar. Meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening: een nieuw perspectief (2022). NVVK.

41.

stap om hulp te vragen is voor veel mensen enorm. Dan is het des te belangrijker dat wanneer een inwoner om hulp vraagt, hij zich gehoord en gesteund voelt. Inwoners geven aan dat dit niet altijd het geval is geweest, zowel bij gemeente als bij maatschappelijke organisaties. In sommige gevallen hebben inwoners zich uit de hulpverlening terug getrokken en hadden zij het gevoel dat zij er alsnog alleen voor stonden. We willen daarom breed in zetten op stress-sensitieve dienstverlening39 in het Sociaal Domein. Dit gaan we doen door trainingen te faciliteren op het gebied van stress-sensitief werken in het Sociaal Domein, waar professionals én vrijwilligers van maatschappelijke partners zich kosteloos voor kunnen inschrijven. In eerste instantie zullen twee trainingen plaatsvinden en zal daarna worden geëvalueerd of er behoefte is aan structurele invulling van deze trainingen. Deze trainingen zullen incidenteel uit het Programma Sociaal Domein worden bekostigd. Indien er behoefte is om de training een structureel karakter te geven, dan wordt dit aan het college en de raad voorgelegd en zal hier budget voor moeten worden vrijgemaakt.

‘‘Toen ik eindelijk om hulp moest ik vroeg zo veel verschillende gegevens aanleveren dat de hulpverlening mij teveel werd. Pas toen ik later een medewerker sprak die de tijd voor me nam en écht naar me luisterde, durfde ik hulp te accepteren.”

- een inwoner uit de gemeente Nunspeet.

2.

We verbinden maatschappelijke organisaties aan elkaar en zorgen ervoor dat zij over de juiste informatie op het gebied van bestaanszekerheid en schulden beschikken.

We willen een integrale aanpak van bestaanszekerheid en schulden. Om dit voor elkaar te krijgen, moeten de partijen, die op wat voor manier dan ook, te maken hebben met een inwoner met financiële problemen, weten wie wat doet en wat de mogelijkheden van ondersteuning zijn. Maar moeten we ook een gevoel van gezamenlijke verantwoordelijkheid voor bestaanszekerheid creëren. Er zijn doelgroepen die de gemeente nog onvoldoende bereikt. Zo blijkt uit het gemeentelijke cliëntervaringsonderzoek Minimaregelingen van 2022 dat ouderen met een laag inkomen relatief weinig gebruik maken van maatschappelijke organisaties, terwijl een deel van deze groep zeker gebaat is bij (financiële) ondersteuning. Dit komt overeen met de bevinding van de Nationale Ombudsman40 dat ouderen relatief vaak geen gebruik maken van (financiële) voorzieningen. Dit zijn gemiste kansen, omdat er direct of indirect vaak toch organisaties of vrijwilligers betrokken zijn (denk bijvoorbeeld aan thuiszorg of mantelzorger). We moeten vooral gebruik maken van de kracht van de samenleving en de mensen die bij de doelgroep achter de voordeur komen. We zijn ons tegelijkertijd bewust van de vele taken en werkdruk die maatschappelijke partners al ervaren, dit is gebleken uit gesprekken met verschillende maatschappelijke partijen.

Ondanks de werkdruk, zien zij doorgaans wel dat een effectieve aanpak van bestaanszekerheid inzet vraagt van veel verschillende partijen. We zoeken dus naar de balans tussen het betrekken van de partners, zonder ze hierbij te overvragen. Deze balans denken we te vinden in ‘ambassadeurs bestaanszekerheid’, een aanspreekpunt bestaanszekerheid binnen de eigen organisatie die vanuit de gemeente gefaciliteerd wordt met informatie over de ontwikkelingen

42.

Belangrijke factoren in de stress-sensitieve werkwijze zijn: ondersteuning, erkenning, wegnemen van tijdsdruk, controle geven, perspectief schetsen, bewegen en vertrouwen als basis. 40 Met te weinig genoegen nemen’ (2022). Nationale Ombudsman. 39

op dit thema. De ambassadeur zorgt er voor dat ondersteuningsmogelijkheden (bijvoorbeeld het Financieel Trefpunt of minimaregelingen) bekend zijn bij medewerkers of vrijwilligers van de eigen organisatie. Zo wordt bestaanszekerheid steeds meer verankerd in de maatschappij. Tegelijkertijd kunnen deze ambassadeurs ervaringen uit de praktijk (gebundeld) terugleggen bij de beleidsmedewerkers van de gemeente en hebben zij dus het directe korte lijntje met de gemeente. Daarnaast zal er bij de jaarlijkse netwerkbijeenkomst voor professionals in het Sociaal Domein continu aandacht zijn voor bestaanszekerheid en schulden, zodat het thema voor professionals in het Sociaal Domein blijft leven en actueel blijft. We kiezen bewust voor aansluiting bij een bestaande netwerkstructuur in plaats van een losstaande conferentie, zodat we de maatschappelijke partners (die ook druk zijn met veel andere thema’s) niet overvragen, maar hen toch de kans te geven om zich mee te laten nemen op het gebied van bestaanszekerheid en schulden.

3.

We zetten in op het signaleren van verborgen en stille armoede.

De gemeente Nunspeet heeft een deel van de minimahuishoudens goed in beeld. Dit gaat om de huishoudens met een Participatiewet-uitkering, huishoudens die alleen gebruik maken van de minimaregelingen of huishoudens die een schuldhulpverleningstraject volgen. Er is echter ook een groep die geen gebruik maak van (gemeentelijke) voorzieningen, soms doordat zij niet bekend zijn met de ondersteuningsmogelijkheden. Van de huishoudens met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum heeft 12% inkomen uit arbeid, 9% een overige uitkering (bv. Ziektewetuitkering), 8% een arbeidsongeschiktheidsuitkering, 6% inkomen uit eigen bedrijf en 2% een werkloosheidsuitkering als voornaamste inkomensbron41. Ofwel, 37% heeft een inkomen dat géén pensioen (44%), bijstandsuitkering (17%) of onbekend inkomen (2%) betreft. Dit is de groep die voor de gemeente het minst zichtbaar is. Om deze groep te bereiken hebben we wederom de samenleving en onze maatschappelijke partners nodig.

“We moeten armoede en schulden bespreekbaar maken op de werkvloer. Doordat we het bespreekbaar maken, komen mensen erachter dat ze niet de enige zijn met financiële problemen en wordt het makkelijker om erover te praten..”

- een werkgever uit de gemeente Nunspeet.

Omdat een deel van deze groep werkende armen betreft, gaan we werkgevers faciliteren, zodat zij financiële problemen op de werkvloer kunnen herkennen, bespreken en waar nodig kunnen doorverwijzen naar ondersteuning. Werkgevers hebben een belangrijke signaleringsfunctie, omdat zij als eerste te maken krijgen met een loonbeslag van de werknemer met financiële problemen42. Om te peilen op welke manier de gemeente ondernemers kan ondersteunen, zijn we om tafel gegaan met een werkgever van een bedrijf met veel werknemers uit risicogroepen en die regelmatig te maken heeft met werknemers met schulden. De twee belangrijkste punten die tijdens door de werkgever zijn aangedragen zijn 1) het helpt werknemers enorm als armoede en schulden bespreekbaar wordt gemaakt op de werkvloer, de werkgever heeft hier zelf ook een grote rol in, al weten sommige werkgevers niet goed hoe 41 42

Armoedescan (CBS): www.dashboards.cbs.nl/v3/Armoedescan. ‘Werken zonder armoede’ (2021). Sociaal-Economische Raad.

43.

ze dit aan moeten pakken, en 2) blijf als gemeente continu communiceren over de ondersteuningsvoorzieningen. We gaan op zoek naar bedrijven die zich als ambassadeur voor een schuldenvrije werkvloer willen opwerpen. Zij kunnen dan andere ondernemers weer inspireren om financiële problemen bij hun werknemers te signaleren en kunnen met elkaar meedenken als ze er zelf niet goed uitkomen. We gaan daarom ook goede voorbeelden delen (bijvoorbeeld hoe het gesprek op de werkvloer kan worden aangegaan over armoede) met andere ondernemers. We hebben hierbij wel het uitgangspunt dat we aansluiten bij bestaande structuren (zoals bedrijvenkringen en ondernemersverenigingen). Communicatie over dit thema zal, net als de andere onderdelen waar ondernemers raken aan het Sociaal Domein, meegenomen worden in de economische agenda van de gemeente Nunspeet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12902559/1