CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 18. Bijlage Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden

Raadsvergadering 29 juni 2023, gemeente NunspeetBij agendapunt: UItvoeringsplan bestaanszekerheid en schulden.22.601 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden gemeente Nunspeet 2023

Voorwoord In de gemeente Nunspeet vinden we het belangrijk dat al onze inwoners mee kunnen doen, zich kunnen ontwikkelen en ondersteuning krijgen als dat nodig is. Zo hebben we dat verwoord in onze visie Sociaal Domein. Bestaanszekerheid is een belangrijke basis voor het kunnen meedoen in onze samenleving en voor persoonlijke ontwikkeling. Het woord zegt het al: de zekerheid om te kunnen bestaan. We hebben in dit uitvoeringsplan bewust gekozen voor een brede definitie. “Bestaanszekerheid is het kunnen nadenken over de dag van morgen, en niet alleen maar bezig hoeven zijn met wat je vandaag moet doen om te overleven.” Het gaat niet alleen over genoeg hebben om vandaag door te kunnen komen en te overleven, maar vooral over perspectief hebben voor de toekomst en deel te zijn van de samenleving. Verschillende gesprekken met inwoners en onderzoeken hebben ons geleerd dat de stress die komt kijken bij het leven zonder bestaanszekerheid belemmerend werkt voor het kunnen meedoen aan de samenleving en een gezonde ontwikkeling in de weg staat. Daar willen we wat aan doen. We willen naast onze inwoners staan, luisteren naar wat ze nodig hebben en daarop aansluiten in de ondersteuning die we bieden. Dit uitvoeringsplan gaat daarom niet alleen óver de inwoner, maar is met behulp van de inwoner tot stand gekomen, omdat het is bedoeld vóór de inwoner.

We willen onze inwoners ook blijven stimuleren om naar elkaar om te zien. Bestaanszekerheid is niet alleen een opgave voor de overheid, maar een opgave voor onze hele samenleving. In de gemeente Nunspeet zien we dat mooi terug in de buurtkasten van Stichting Verborgen Armoede. Buurtbewoners die wat kunnen missen zetten producten in de buurtkast en mensen die ze nodig hebben halen producten uit de kast. Zo willen we in Nunspeet samenleven. Delen van onze overvloed, de mooie momenten vieren met elkaar en klaarstaan voor elkaar op momenten dat dat nodig is. Als lokale overheid willen we dienstbaar zijn aan onze inwoners. In dit uitvoeringsplan laten we zien hoe we dat op het gebied van bestaanszekerheid en schulden zullen gaan doen. We hebben ook veel vertrouwen in de kracht van onze lokale samenleving. De basis voor bestaanszekerheid ligt in sociale cohesie. Verbonden zijn met anderen, ergens bij horen. Scholen, kerken, de moskee, verenigingen, ons welzijnswerk, buurten en andere verbindingen in de samenleving voorkomen dat mensen alleen komen te staan. Ik wil afsluiten met de oproep om naar elkaar om te blijven zien en een beroep te doen op je netwerk en ons als lokale overheid als je ondersteuning nodig hebt.

2.

Jennifer Elskamp Wethouder Sociaal Domein

Inhoudsopgave Bestaanszekerheid in de gemeente Nunspeet Inleiding Doelstellingen Proces en planning Kerncijfers Evaluaties aanpak bestaanszekerheid en schulden Verantwoording input uitvoeringsplan Pijlers, bouwstenen en actielijnen van het uitvoeringsplan Vervolg uitvoeringsplan Preventie Proactieve gemeente Gedragsaanpak Omzien naar elkaar Gerichte aanpak kinderarmoede Signaleren van kinderarmoede Ondersteunen (meedoen) van kinderen Stimuleren van ontwikkelkansen van kinderen Betaalbare zorg Toegankelijke zorg Gebruik van bestaande voorzieningen Laagdrempelig en begrijpelijk Betrekken maatschappelijk veld Perspectief Perspectief bij schulden Meedoen in de maatschappij Ondersteuning inkomen en werk Evaluatie uitvoeringsplan Indicatoren Planning en betrekken gemeenteraad Financieel kader Autonome kostengroei bestaanszekerheid Nieuw beleid uitvoeringsplan 2024 Dekking

4 4 5 5 6 7 15 20 20 21 21 22 24 26 26 27 28 32 32 36 36 36 42 42 44 45 48 48 48 49 49 50 51

3.

Bestaanszekerheid in de gemeente Nunspeet Inleiding Iedere inwoner van de gemeente Nunspeet moet zich volwaardig onderdeel kunnen voelen van de samenleving. Dit sluit aan bij de visie die we hebben op het sociaal domein: iedereen moet kunnen meedoen, heeft kansen om zich te ontwikkelen en als het even niet lukt is er ondersteuning beschikbaar. Dit geldt ook voor huishoudens die weinig te besteden hebben. Helaas is dit niet voor iedereen vanzelfsprekend. De gemeente Nunspeet wil ook deze huishoudens ondersteunen en heeft hiervoor beleid ontwikkeld op het gebied van bestaanszekerheid en schulden. Met de Startnotitie Bestaanszekerheid en Schulden gemeente Nunspeet 2023, die aansluit op het integrale beleidsplan sociaal domein, zijn door de raad kaders (pijlers) gesteld waarop het gemeentelijke beleid zich de komende jaren zal focussen. Deze pijlers zijn verder uitgewerkt en geconcretiseerd in dit uitvoeringsplan, waarin de losse aanpak voor de onderdelen bestaanszekerheid en schulden is losgelaten, en is gekozen voor één integraal uitvoeringsplan bestaanszekerheid én schulden. Hierbij hebben we de visie dat een brede aanpak niet alleen vanuit de gemeentelijke overheid moet komen, maar ook van de lokale samenleving en inwoners onderling. We zien om naar elkaar, hulp is lokaal en dichtbij.

De gemeente is proactief en faciliteert inwoners en organisaties, waarbij de overheid een dekkend vangnet heeft met passende voorzieningen voor huishoudens die dat nodig hebben. Er bestaat geen eenduidige definitie van bestaanszekerheid. Voor de Nunspeetse aanpak is bestaanszekerheid in de startnotitie als volgt gedefinieerd1, waarbij verder wordt gekeken dan uitsluitend inkomenszekerheid:

“Bestaanszekerheid is het kunnen nadenken over de dag van morgen, en niet alleen maar bezig hoeven zijn met wat je vandaag moet doen om te overleven”

4.

1

Naar een quote van Jet Bussemaker in een podcast over bestaanszekerheid van ZonMw van 25 maart 2021.

Doelstellingen Het Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden moet leiden tot een vergroting van de bestaanszekerheid van huishoudens in de gemeente Nunspeet. We sluiten hierbij aan bij de geformuleerde doelstellingen per levensfase in het integrale beleidsplan sociaal domein:

1. Kinderen groeien veilig en gezond op; 2. Kinderen en jongeren ontwikkelen zichzelf tot wie ze zijn; 3. Jongeren zijn goed voorbereid op de vervolgfase na de middelbare school; 4. Inwoners kunnen hun talenten en vaardigheden breed ontwikkelen; 5. Inwoners zijn betrokken en voelen zich verantwoordelijk voor het welbevinden van

zichzelf en van (de mensen in) hun directe omgeving; 6. Inwoners zijn veerkrachtig, hebben regie op (keuzes in) het leven en zijn zo mogelijk financieel zelfredzaam; 7. Inwoners die het niet (meer) zelf redden krijgen zo vroeg mogelijk passende (en ontwikkelingsgerichte) ondersteuning; 8. Ouderen zijn (financieel) goed voorbereid op het ouder worden. We kiezen voor brede doelstellingen, omdat het thema bestaanszekerheid en schulden ook aan veel verschillende leefgebieden raakt.

Proces en planning Het proces van totstandkoming van dit uitvoeringsplan is beschreven in de startnotitie. We benoemen hier nogmaals de hoofdlijnen waarmee we tot een integrale aanpak willen komen:

1. input van inwoners die te maken hebben met armoede en schulden (interviews, clïent-

ervaringsonderzoeken en de Adviesraad Sociaal Domein); 2. input van maatschappelijke partners en beleidsadviseurs door middel van o.a. inspiratiesessies; 3. input uit rapporten en literatuuronderzoeken.

Tabel 1: Procesplanning Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden 2023 Planning

Actie

8 juni 2023

Bespreking Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden in commissie Maatschappij en Middelen

29 juni 2023

Vaststelling Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden in Algemene Raadsvergadering

26 oktober 2023

Vaststelling Programmabegroting 2024-2027 (c.q. vaststelling beschikbare middelen Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden)

Juli 2023 december 2024

Implementatie Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden

Eerste kwartaal 2025

Voortgangsnota Bestaanszekerheid en Schulden naar de gemeenteraad

2025 en 2026

Verdere monitoring (en evt. implementatie) Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden

Tweede kwartaal 2027

Evaluatie en herijking uitvoering bestaanszekerheid en schulden

5.

Kerncijfers De kerncijfers zijn uiteengezet in de startnotitie. Voor de volledigheid worden hier de belangrijkste cijfers nog eens benoemd:

• Naar schatting zijn er in de gemeente Nunspeet ongeveer 760 huishoudens2 met een •

inkomen onder de lage-inkomensgrens3. Het gebruik van verschillende gemeentelijke regelingen in 2018 en 2022 was als volgt:

Tabel 2: Gebruik gemeentelijke regelingen 2018 en 2022 Regeling

2018

2022

Bijdrage sport en cultuur

371 personen

440 personen

Bijdrage gemeentelijke belastingen

405 huishoudens

411 huishoudens

Collectieve zorgverzekering4

362 personen

302 personen

Individuele inkomenstoeslag

142 huishoudens

221 huishoudens

• Een relatief hoog percentage van huishoudens met een laag inkomen (44% in de gemeente • • •

Nunspeet tegenover 37% landelijk) heeft een pensioen als voornaamste inkomstenbron. Van de huishoudens tot 120% van het sociaal minimum is 67% een alleenstaande zonder kinderen. Van de huishoudens tot 120% van het sociaal minimum zijn er 84% zonder kinderen, 6% met één kind, 5% met twee kinderen en 5% met 3 of meer kinderen. Dit wijkt niet significant af van de landelijke cijfers. Van de huishoudens tot 120% van het sociaal minimum zijn er 84% met een Nederlandse achtergrond (61% landelijk), 10% met een Niet-westerse migratieachtergrond (27% landelijk) en 6% met een Westerse migratieachtergrond (12% landelijk). Hierin wijkt de gemeente Nunspeet significant af van de landelijke cijfers.

Gebaseerd op het Rapport Armoede en Sociale Uitsluiting 2021 (CBS). Hierbij hanteren we het criterium van het CBS. Zij hanteren een vast koopkrachtbedrag dat jaarlijks wordt geïndexeerd. In 2021 lag de grens voor een alleenstaande op € 1.130,-- netto per maand. Voor een paar zonder kinderen was dat € 1.590,--, en met twee minderjarige kinderen € 2.170,--.. 4 Dit is het aantal premiebetalende personen. Minderjarige personen worden gratis meeverzekerd. In 2019 was het totaal aantal verze-kerde personen 452 en in 2022 was dit totaal aantal 461. Het aandeel volwassenen in de collectieve zorgverzekering is dus afgeno-men, het aantal kinderen dat is meeverzekerd is toegenomen. Het Zilveren Kruis beschikte hier niet over de cijfers van 2018, zodoen-de is het aantal verzekerden van 2019 gebruikt. 2 3

6.

Evaluaties aanpak bestaanszekerheid en schulden In onderstaande tabel zijn de door de raad vastgestelde kritische prestatie indicatoren (KPI’s) over de afgelopen jaren weergegeven (met uitzondering van de 6e indicator in de tabel, deze is in dit document bijgevoegd op verzoek van de raad).

KPI’s bestaanszekerheid en schuldhulpverlening

2018 2019 2020 2021 2022

1 Aantal meldingen schuldhulpverlening

27

28

28

25

14

2 Aantal inwoners met een schuldregeling

23

35

42

49

47

3 Aantal inwoners met een bijstandsuitkering

320

321

427

362

335

4 Aantal inwoners met een bijstandsuitkering, langer dan 3 jaar

127

143

144

195

186

5 Aantal inwoners met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum dat gebruik maakt van één of meerdere minimaregelingen

705*

696*

598**

590** 618**

624

666

694

709

6 Aantal unieke gebruikers minimaregelingen (bijdrage sport en cultuur, bijdrage gemeentelijke belastingen en collectieve zorgverzekering, individuele inkomenstoeslag en bijzondere bijstand***

723

*

de jaren 2018 en 2019 betroffen dit cijfers waarin ook nog het aantal bijstandsontvangers zijn meegenomen zonder partner. ** in deze cijfers zijn geen bijstandontvangers meegenomen (deze cijfers zijn hiermee dus lager dan voorheen en geen partners. *** in deze cijfers zijn ook partners meegenomen, dit zijn dus de meest zuivere cijfers als het gaat om het aantal unieke gebruikers van de regelingen (waar bij rij 5 een bijdrage (voor sport of cultuur/belastingen) voor één persoon wordt gerekend (betreft één toekenning), kan dit in een meerpersoonshuishouden zijn die als twee unieke gebruikers moet worden geregistreerd, zoals in rij 6 is gedaan).

Toelichting op indicatoren

We merken op dat de KPI’s voor een groot deel meegolven met conjunctuurbewegingen (bv. de gevolgen van de coronacrisis) en dus niet per se het gevolg zijn van lokaal beleid. Het aantal meldingen schuldhulpverlening is over de afgelopen jaren stabiel geweest, met uitzondering van 2022, daar zien we een scherpe daling. Dit kan mogelijk te maken hebben met de invoering van vroegsignalering in 2021 (gedurende 2021 zijn steeds meer signaalpartners aangesloten, waardoor het effect in 2022 pas voor het eerst zichtbaar zou zijn). Dit is echter niet met zekerheid vast te stellen. Het aantal inwoners met een schuldregeling neemt gestaag toe. Een schuldentraject duurt doorgaans 3 jaar (al wordt dit op korte termijn landelijk aangepast naar 1,5 jaar). We vermoeden dat er, door de inzet van de integrale intake, minder uitval uit de trajecten is, en dat er daardoor een toename is van het aantal schuldregelingen (met name van 2018 tot en met 2020). Na 2020 wordt de toename minder en lijkt de toename te stagneren. Dit kan nog deels het gevolg zijn van de verschillende coronamaatregelen, het aantal faillissementen is bijvoorbeeld de afgelopen jaren namelijk zeer laag. Bij het aantal inwoners met een bijstandsuitkering zien we een duidelijk corona-effect met een piek in 2020, maar ook weer een relatief snelle daling.

In 2021 zien we een toename van het aantal inwoners dat langer dan drie jaar een bijstandstuitkering ontvangt. We merken dat We merken dat de doelgroep in de Participatiewet verandert. Inwoners die kunnen werken, 7. zijn vaak ook aan het werk. De problematiek binnen het resterende bijstandsbestand wordt

complexer (als gevolg van de decentralisaties binnen het sociaal domein in 2015), door toename van de doelgroep die voorheen in aanmerking kwam voor Wajong, maar nu onder de doelgroep van gemeenten vallen. We zien ook meer leefgebied-overstijgende en zorgproblematiek. We verwachten dat deze groep de komende jaren zal blijven toenemen. Het aantal unieke gebruikers neemt over de jaren heen gestaag toe. Het gaat hier dan om het aantal unieke gebruikers dat gebruik maakt van:

• de bijdrage sport en cultuur; • de bijdrage gemeentelijke belastingen; • de collectieve zorgverzekering (gemeentepolis); • bijzondere bijstand; en • de individuele inkomenstoeslag. Evaluatie Beleidsplan Schuldhulpverlening 2019 - 2022

De raad heeft met het Beleidsplan Schuldhulpverlening 2019 - 2022 een aanpak ontwikkeld met de speerpunten preventie en vroegsignalering, samenwerking en verbinding, maatwerk en vangnet, nazorg en communicatie en informatie5, met als doel om: Z problematische schulden waar mogelijk te voorkomen; Z schulden tijdig te signaleren; Z financiële problemen beheersbaarder te maken door hulp bij afstemming uitgaven en inkomsten; Z gebruik van regelingen te stimuleren; Z financiële problematiek integraal aan te pakken (zowel financieel als psychosociale hulp); Z problematische schulden duurzaam op te lossen; en Z ondersteuning bij financiële problemen te kunnen bieden in de vorm van maatwerk. Om deze doelen te bereiken is er een actieplan opgesteld binnen het Beleidsplan schuldhulpverlening 2019 - 2022. We benoemen hier de belangrijkste geplande acties en benoemen hoe deze in de praktijk zijn uitgevoerd in de afgelopen jaren:

Preventie en vroegsignalering:

Voorkomen huisuitzettingen: sinds de vroegsignalering per 2021 bestaat er een wettelijke verplichting voor woningcorporaties, zorgverzekeraars en nutsbedrijven om betalingsachterstanden door te geven aan de gemeente. Deze verplichting ondervangt de wens voor een vernieuwde samenwerkingsovereenkomst rondom voorkoming van huurachterstanden in de regio. Signalen worden binnen de vroegsignalering tijdig doorgegeven. Bij een huurachterstand (of achterstanden bij meerdere schuldeisers) volgt altijd een gezamenlijk huisbezoek van de consulent schuldhulpverlening en de maatschappelijk medewerker van Stimenz. Bij kleinere achterstanden (bv. alleen een kleine achterstand bij een zorgverzekeraar) wordt telefonisch contact opgenomen. In 2022 zijn in totaal 610 meldingen ontvangen via het signaleringsportaal (ongeveer 50 per maand). Deze signalen betreffen zowel kleine (niet terugkerende schulden) van inwoners die bijvoorbeeld vergeten zijn een bepaalde betaling te

8.

6

Uit het raadsbesluit van 20 december 2018.

doen, als terugkerende schulden (313 van de 610 signalen) zoals huurachterstanden die niet in één maand zijn opgelost en dus vaker als signaal terugkeren. Van de signalen komen 58% van zorgverzekeraars, 19% van energieleveranciers, 15% van waterleveranciers en 9% van woningcorporaties. Sinds 1 januari 2019 heeft er één uithuiszetting plaatsgevonden. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat er met de corona- en energiecrisis extra landelijke maatregelen zijn getroffen waardoor huurders beter beschermd zijn. Versterken (digit)taalvaardigheid: de bibliotheek heeft een Informatiepunt Digitale Overheid (IDO) ontwikkeld, waar inwoners terecht kunnen als zij zaken willen regelen met de overheid. Denk hierbij aan het aanvragen van een DigiD of het verlengen van een rijbewijs. Vanuit de bibliotheek worden verschillende cursussen gefaciliteerd rondom het versterken van digitale vaardigheden. Daarnaast zijn er bij het taalhuis van de bibliotheek mogelijkheden om aan te sluiten bij groepen die zich richten op het verstreken van de Nederlandse taalvaardigheid. Benutten aanbod welzijnswerk: in september 2021 is het Financieel Trefpunt in de Veluvine Nunspeet geopend. Hier werken verschillende partijen samen (Stimenz, Stichting Welzijn Nunspeet, Het Venster, MEE Veluwe, Humanitas en de Bibliotheek) in de aanpak voor financiële ondersteuning aan inwoners van de gemeente Nunspeet.

In de periode van 1 september 2021 tot en met 13 oktober 2022 heeft het Financieel Trefpunt 141 bezoekers geholpen (waarvan 103 unieke bezoekers). Benutten netwerk kerken: er is op verschillende momenten aangesloten bij het periodieke overleg van het diaconaal platform. Tijdens deze overleggen zijn o.a. ondersteuningsmogelijkheden rondom schuldhulpverlening en minimaregelingen besproken. We zien voorzichtig meer doorverwijzingen via de diaconie naar gemeentelijke hulpverlening. Daarnaast is het diaconaal platform één van de samenwerkende partijen in de Stichting Hulpfonds Nunspeet en zien we ook op deze manier de samenwerking met andere lokale partijen toenemen. Sociaaljuridische dienstverlening: sociaal raadslieden (van Stimenz en MEE Veluwe) kunnen inwoners ondersteunen bij het in kaart brengen van de financiële situatie als de persoonlijke situatie veranderd (bv. bij scheiding of bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd). Ook helpen zij met een voorzieningencheck of alle regelingen worden gebruikt waar de inwoner recht op heeft. De positie van de sociaal raadslieden is de afgelopen jaren versterkt doordat zij aansluiten bij het Financieel Trefpunt. Preventie gericht op kinderen/jongeren: met het Project GEDRAG hebben scholen de mogelijkheid om preventieactiviteiten extra aandacht te geven.

Zij kunnen binnen dit project kiezen uit een aantal thema’s, waaronder het thema ‘omgaan met geld’. In de praktijk blijkt dat scholen vaker kiezen voor de thema’s rondom verslavingspreventie. Om jeugdigen (16-27 jaar) die bekend zijn vanuit jeugdhulp/leerplicht (RMC) te ondersteunen is er het Zorgadviesteam (ZAT), een multidisciplinair team voor (anonieme) casuïstiekbespreking. Dit overleg blijven we voortzetten, omdat het verbinding en kennisdeling over problematiek en ondersteuningsmogelijkheden versterkt. Ook maakt de

6

Jongeren in Beeld (JIB) is een landelijk product van het Inlichtingenbureau. Er bestaat een wettelijke grondslag voor gegevensdeling m.b.t. JIB.

9.

gemeente gebruik van ‘Jongeren in Beeld’6. Dit is een methode van het Inlichtingenbureau waarbij de gemeente maandlijks een lijst van jongeren tussen de 23 en 27 zonder startkwalificatie en inkomen ontvangt. Deze groep is vaak volledig afhankelijk van ouders en heeft een groot risico op termijn een (langdurige) hulpvraag te ontwikkelen wanneer er iets in de thuissituatie verandert. Straathoekwerk benadert deze jongeren om de ondersteuningsbehoefte te peilen. Met deze aanpak voorkomen we dat deze jongeren uit ons gezichtsveld verdwijnen. In februari 2023 ging dit om 34 jongeren. Deze zijn allemaal benaderd door straathoekwerk óf waren al bekend bij hulpverlening. Maandelijks muteert deze lijst met ongeveer 1 á 2 personen (zowel in- als uitstroom). De jongeren stroomt bijvoorbeeld uit deze lijst wanneer hij een uitkering heeft aangevraagd (en hierdoor inkomen ontvangt). Vanaf dat moment start de reguliere begeleiding naar werk of opleiding. Preventie gericht op zelfstandig ondernemers: de gemeente biedt het 155-Help-eenbedrijf loket aan. Via dit loket worden ondernemers doorverwezen naar financiële hulpverlening (waaronder de Bbz-regeling). De afgelopen jaren hebben voor ondernemers in het teken gestaan van de coronacrisis.

De nadruk heeft de afgelopen jaren dan ook met name gelegen op tijdelijke maatregelen zoals de Tozo (april 2020 tot en met oktober 2021) en de Bbz-light-regeling (oktober 2021 tot en met maart 2022). We hebben hierbij ingezet op persoonlijk contact met de ondernemers. Dit werd door veel ondernemers als positief ervaren. Een aantal ondernemers zal nog te maken krijgen met de betaling van uitgestelde belasting over 2020/2021 of terugbetaling van NOW, TVL of Tozo-bedrijfskapitaal. We willen voortborduren op de positieve ervaringen rondom ondersteuning in coronatijd en komen daarom opnieuw met een persoonlijke benadering voor ondernemers die nog een Tozobedrijfskapitaallening hebben openstaan bij de gemeente. Het college heeft in augustus 2021 een werkwijze schuldhulpverlening voor ondernemers vastgesteld. Hierin is onder andere vastgelegd welke schuldhulpverleningstrajecten de gemeente aan ondernemers kan bieden: hulp bij betalingsregelingen, (hulp bij) herfinanciering van bestaande leningen, schuldsanering en schuldbemiddelingstrajecten. We verwijzen in gesprekken met (ex-)Tozo-ontvangers dan ook naar de verschillende schuldhulpverleningsmogelijkheden voor deze groep. We zien nog weinig ondernemers aankloppen voor hulpverlening. Dit is een landelijke trend.

Met het wegvallen van de corona-ondersteuningsmogelijkheden en het begin van een aantal terugbetalingsverplichtingen verwachten we echter wel een toename van het aantal hulpvragen in de komende jaren.

Samenwerking en verbinding, maatwerk en vangnet:

Integrale toegang schuldhulpverlening: de gemeente heeft de afgelopen jaren de samenwerking met Stimenz op het gebied van schuldhulpverlening geïntensiveerd. Dit heeft er toe geleid dat intakegesprekken voor schuldhulpverlening bestaan uit drie-gesprekken tussen de inwoner, de gemeentelijke schuldhulpverlener en de maatschappelijk werker. Inwoners in een schuldensituatie hebben regelmatig te maken met complexe situaties (veel verschillende schuldeisers, weinig overzicht). Hierdoor is het risico op uitval bij de start van het traject (waarin veel van een inwoner aan informatie wordt gevraagd) groot. De maatschappelijk werker richt zich daarom met name op de psychosociale ondersteuning, zodat de kans op uitval kleiner wordt, en de inwoner zich beter gesteund voelt in het gehele schulden10. traject. Schulden staan ook vaak niet op zichzelf. De consulent van de gemeente richt zich

op het zogenaamde rechtmatige deel van het schuldhulpverleningstraject, zodat het traject en de passende ondersteuning (bv. budgetcoaching) van de grond kan komen. Door deze integrale werkwijze zien we minder uitval nadat de inwoner zich heeft gemeld voor schuldhulpverlening. Het Financieel Trefpunt draagt ook bij aan een toegang naar ondersteuning die laagdrempeliger is. Omdat verschillende maatschappelijke partners samenwerken, kan makkelijk worden doorverwezen naar de juiste hulpverleningsinstanties, of kan de vraag zelfs ter plekke worden opgepakt. Toegang schuldhulpverlening zelfstandigen: zie hierboven (preventie gericht op zelfstandig ondernemers), het college heeft in augustus 2021 een werkwijze schuldhulpverlening voor ondernemers vastgesteld. Adviesmogelijkheid bij onderbewindstelling: gemeenten hebben sinds 2021 de mogelijkheid om een advies uit te brengen aan een rechter over het al dan niet onder bewindstellen van een inwoner. De gemeente Nunspeet maakt geen gebruik van deze mogelijkheid, mede omdat dit advies pas gegeven kan worden nádat het bewind al is uitgesproken door de rechter. We zetten daarom liever in op voorlichting aan de inwoner zelf en zetten regelmatig minder zware ondersteuning in zoals budgetbeheer (5 personen in 2022) of mentorschap (4 personen in 2022). Sociaal regisseur: de gemeente heeft sinds 2022 een sociaal regisseur in dienst.

De sociaal regisseur ondersteunt bij complexe casuïstiek die leefgebieden (of domeinen) overstijgt. Schulden staan vaak niet op zichzelf. De sociaal regisseur houdt er daarom rekening mee dat spanning op één leefgebied (bv. gezondheid), invloed heeft op een ander leefgebied (bv. financiën). De sociaal regisseur volgt een integrale aanpak, om zo te voorkomen dat problemen binnen een ander leefgebied uitval uit een schuldentraject tot gevolg hebben. Onafhankelijke cliëntondersteuning: iedere inwoner moet hulp kunnen krijgen bij het formuleren, benoemen en stellen van zijn hulpvraag. Onafhankelijke cliëntondersteuners van MEE Veluwe sluiten daarom aan bij het Financieel Trefpunt. Stimuleren meedoen: inwoners die een schuldentraject volgen kunnen gebruik maken van de gemeentelijke dienstverlening. Denk hierbij aan ondersteuning van de consulenten werk en inkomen of de gemeentelijke jobcoach. Ook zijn de gemeentelijke inkomensondersteunende regelingen beschikbaar voor inwoners in een schuldentraject. Doorbreken vicieuze cirkel: het verminderen van stress is een belangrijke factor in het succesvol aanpakken van schuldenproblematiek. In de integrale aanpak schuldhulpverlening is hier de afgelopen jaren meer aandacht voor gekomen.

Door de koppeling met een maatschappelijk werker bij de intake, wordt ook de psychosociale ondersteuning vanaf de start opgepakt, waardoor de inwoner er niet alleen voor staat. We willen de komende tijd de stress-sensitieve aanpak rondom bestaanszekerheid en schulden intensiveren, omdat we hierin veel mogelijkheden zien als het gaat om het toepassen van de menselijke maat in dienstverlening.

11.

Nazorg

Om te voorkomen dat inwoners na afloop van een schuldentraject opnieuw in de schulden terecht komen is er de afgelopen jaren ingezet op nazorg bij een schuldentraject. Nazorg is onderdeel van de werkwijze schuldhulpverlening geworden en vindt in de praktijk plaats doordat de consulent schuldhulpverlening 6 maanden na afloop van het schuldentraject contact heeft met de inwoner. In dit gesprek wordt de inwoner gevraagd hoe zijn situatie dan is en of de gemeente verder nog ergens bij kan ondersteunen. De helft van de inwoners die een schuldentraject afrond geeft aan behoefte te hebben aan ondersteuning nadat het schuldentraject is afgerond. De nazorg richt zich met name op het overzicht houden in de eigen financiële situatie.

Communicatie en informatie

Benadering: met het Financieel Trefpunt is de toegang naar financiële ondersteuning laagdrempeliger geworden. Daarnaast werken we in de vroegsignalering outreachend en gaan we proactief naar de mensen toe. In de periode van 1 september 2021 tot en met 13 oktober 2022 heeft het Financieel Trefpunt 141 bezoekers geholpen (waarvan 103 unieke bezoekers). Communicatie: sinds 2020 wordt er gewerkt met een sociaal domein brede communicatiekalender. Het thema schuldhulpverlening (en de verschillende ondersteuningsmogelijkheden en minimaregelingen) zijn een terugkerend thema op deze kalender. Zo houden we het thema continu onder de aandacht. De communicatie verloopt via o.a. sociale media (Facebook, Twitter), Huis aan Huis en soms lokale radio (RTV Nunspeet).

Evaluatie Nota Bestaanszekerheid gemeente Nunspeet 2019 - 2022

Eind 2019 heeft de raad de Nota Bestaanszekerheid gemeente Nunspeet 2019 - 2022 vastgesteld. In deze nota zijn een aantal aanbevelingen gedaan omtrent het vergroten van het bereik van de minimaregelingen, is er gekeken naar de effecten van de armoedeval (en is besloten de inkomensgrens op 120% van het Wettelijk sociaal minimum te handhaven en het minimabeleid lokaal uit te voeren) en zijn er een aantal aanbevelingen geweest op basis van een inwonerpeiling. We benomen hier de belangrijkste acties die de afgelopen jaren zijn gedaan om uitvoering te geven aan de Nota bestaanszekerheid 2019 - 2022. We plaatsen vooraf nog wel een kanttekening. De nota is vastgesteld in december 2019, vlak voor de coronacrisis. De coronacrisis en de oorlog in Oekraïne, met alle spoedmaatregelen die hierbij voor rekening van de gemeente kwamen (o.a. Tozo, TONK, energietoeslag en de leefgeldregeling Oekraïne), hebben er toe geleid dat veel aandacht in de afgelopen jaren is gegaan naar het opzetten en uitvoeren van deze regelingen. Bepaalde lijnactiviteiten, zoals deze in de nota zijn voorgesteld, hebben hierdoor soms minder aandacht gekregen dan gewenst.

Bereik minimaregelingen

Communicatiekalender: zie het onderdeel hierboven (communicatie schuldhulpverlening). De minimaregelingen (collectieve zorgverzekering, bijdrage gemeentelijke belastingen, bijdrage sport en cultuur, individuele inkomenstoeslag en bijzondere bijstand) hebben 12. een terugkerende plek op de communicatiekalender.

Benut verschillende communicatiekanalen: we maken gebruik van verschillende communicatiekanalen. Zo is er de afgelopen jaren regelmatig informatie over de minimaregelingen voor nieuwsbrieven gedeeld met scholen in de gemeente Nunspeet. We hebben daarnaast gebruik gemaakt van sociale media, lokale kranten, lokale radio, bedrijfscontactfunctionarissen, diaconaal platform en directe communicatie naar onze maatschappelijke partners. We zijn regelmatig aangeschoven bij verschillende overlegstructuren om de kennis over de regelingen te vergroten (bijvoorbeeld bij het overleg van intern begeleiders van de CNS). Met de invulling van het Beleidsplan Sociaal Domein is er een rol voor een sociaal regisseur gecreëerd. Deze werkt overstijgend over de verschillende leefgebieden heen, waarbij het thema bestaanszekerheid een belangrijke plek heeft. Er is zodoende geen specialistische armoederegisseur, maar wel een sociaal regisseur die integraal werkt met aandacht voor bestaanszekerheid. Laagdrempelige regelingen: we hebben een wijziging doorgevoerd waardoor AOWgerechtigden voor onbepaalde tijd gebruik kunnen maken van minimaregelingen. Het inkomen van deze groep is immers vaak stabiel. Hiermee hoeft deze groep dus niet ieder jaar meer een regeling aan te vragen.

Daarnaast heeft het college in 2020 nieuwe beleidsregels bijzondere bijstand vastgesteld, waarmee de draagkracht voor AOW-gerechtigden over een periode van drie in plaats van één jaar kan worden vastgesteld. Ook dit zorgt er voor dat ouderen minder vaak een aanvraag hoeven in te dienen. De aanvraagformulieren voor de minimaregelingen en bijzondere bijstand zijn in 2020 versimpeld en verduidelijkt. Zo hoeven inwoners die een bijstandsuitkering ontvangen niet langer het gehele formulier door te lopen, maar kunnen zij aanvinken dat zij bijstand ontvangen (hiermee voldoen zij aan de voorwaarden voor de minimaregelingen). In 2021 is besloten om af te stappen van de bijdrage sport en cultuur op declaratiebasis, waarbij de inwoner de kosten eerst zelf moest voorschieten. De bijdrage wordt vanaf 2021 in zijn geheel uitbetaald aan de inwoner, dit zorgt voor minder druk bij de inwoner en minder administratieve druk bij de gemeente (de controle was een arbeidsintensief proces). De regeling is hiermee een stuk laagdrempeliger in gebruik geworden voor de inwoner. Inwoners zijn persoonlijk over deze wijziging geïnformeerd. Heldere informatie en taalgebruik: niet iedere inwoner is taalvaardig of is in staat om brieven te lezen en te begrijpen. We hebben daarom samen met de NEO-gemeenten animatiefilmpjes ontwikkeld over de minimaregelingen en de collectieve zorgverzekering.

Deze worden regelmatig gebruikt in de online communicatie en hebben een plek op de gemeentelijke website. Daarnaast zijn een aantal beschikkingen onder de loep genomen en aangepast naar helder en begrijpelijk taalgebruik (waaronder de beschikking individuele inkomenstoeslag en de beschikking minimaregelingen). We zijn echter nog niet zo ver dat al onze communicatie is herijkt (bijvoorbeeld de beschikking toekenning bijstand). Dit is een continu proces en verdient meer aandacht. De afgelopen jaren heeft de gemeente veel spoedregelingen uitgevoerd (Tozo, TONK, energietoeslag). Bij het ontwikkelen van de brieven van deze regelingen is veel aandacht geweest voor de begrijpelijkheid, maar hierdoor hebben de reeds bestaande processen minder aandacht gehad.

13.

Samenwerking NEO-gemeenten

Met de Nota bestaanszekerheid heeft de raad besloten om het minimabeleid lokaal te houden. Wel werken we samen met de gemeenten Elburg en Oldebroek. We delen kennis, zowel bij het opzetten van nieuwe regelingen (bv. Tozo, TONK, energietoeslag) als bij lopende regelingen en processen. Een uitwerking van deze samenwerking is bijvoorbeeld de hierboven genoemde gezamenlijk ontwikkelde animatiefilmpjes voor minimaregelingen. We blijven deze samenwerking voortzetten.

Aanbevelingen naar aanleiding van inwonerpeiling

Brede communicatie: door communicatie niet alleen op de doelgroep minima te richten, maar ook op het sociale netwerk kunnen voorzieningen meer kenbaarheid krijgen. We verwijzen hier wederom naar de communicatiekalender, waarmee op structureel en via verschillende kanalen over de voorzieningen wordt gecommuniceerd. Ook hebben we de nieuwsbrieven van scholen benut om de regelingen breder onder de aandacht te krijgen. Betrek maatschappelijke partners: we werken in een netwerkstructuur, dat betekent dat we geen losse werkgroep rondom be-staanszekerheid hebben opgezet, maar dat we er op in hebben gezet dat maatschappelijke partners de gemeente goed weten te vinden wanneer zij ergens tegen aanlopen of bepaalde (financiële) problematiek signaleren. We hebben hiervoor gekozen, omdat we merken dat het opzetten van (weer) een werkgroep een (soms te) groot beroep doet op de capaciteit van de verschillende organisaties. Digitaal aanvragen: een duidelijke wens van de inwoner is dat het mogelijk moet zijn om regelingen digitaal aan te vragen. In de afgelopen jaren is dit mogelijk geweest voor alle spoedregelingen (Tozo, TONK en energietoeslag). Doordat de nadruk bij deze regelingen lag, is er minder ingezet op de reeds bestaande regelingen. In de digitaliseringsslag is dus nog steeds een slag te maken.

Omdat niet iedereen digitaal vaardig is, houden we altijd de mogelijkheid om regelingen op papier aan te vragen.

Samenvattend Wat gaat goed?

Door de aanpak vroegsignalering worden schulden in vroeg stadium gesignaleerd en worden door een proactieve aanpak grotere schulden voorkomen. Met de integrale intake schuldhulpverlening neemt het aantal succesvolle schuldhulpverleningstrajecten toe. Door nazorg een prominentere plek te geven bij de schulden aanpak voorziet de gemeente in de behoefte van de inwoner voor ondersteuning na afloop van een schuldentraject. Met het Financieel Trefpunt is er een meer samenwerking tussen de verschillende partijen die zich bezighouden met financiële problematiek. Hierdoor wordt de inwoner sneller en effectieve geholpen met zijn hulpvraag. Communicatie over de verschillende inkomensregelingen is structureel geborgd met de communicatiekalender sociaal domein. We communiceren intensiever dan voorheen. Bepaalde inkomensregelingen (bijdrage sport en cultuur, bijzondere bijstand) zijn versoepeld, waardoor de regeldruk voor de inwoner lager wordt.

14.

Wat kan beter?

!

De aanpak vroegsignalering richt zich (vooralsnog) op achterstanden van huur, zorgverzekering en energierekening. Schulden kunnen ook op andere plekken ontstaan (bv. Belastingdienst, bedrijven zoals Wehkamp of bol.com of verzekeringsmaatschappijen). We moeten aandacht blijven houden om ook deze schulden zo vroeg mogelijk op te sporen. Hier hebben we onze maatschappelijke partners bij nodig.

!

Waar mogelijk willen we maatwerk toepassen. We moeten daarom alert blijven op nieuwe instrumenten die schuldhulpverlening kunnen versterken en moeten we kijken hoe we deze instrumenten zo effectief mogelijk in kunnen zetten. Een mooi voorbeeld hierbij is het intensiveren van het gebruik van saneringskredieten, waarbij we onszelf niet te veel moeten beperken door te lage maximumbedragen te hanteren. Of de inzet van minder zware instrumenten, zoals laagdrempelige budgetcoaching, te promoten.

!

Het gebruik van voorzieningen en hulpverlening valt of staat voor een groot deel met communicatie. We kunnen kwetsbare doelgroepen gerichter benaderen over de ondersteuningsmogelijkheden.

!

(Financiële) ondersteuning is nog met name geconcentreerd in het dorp Nunspeet. Deze ondersteuning moet ook beschikbaar zijn in de andere dorpskernen.

!

Met de aanpak nazorg hebben we een eerste stap gezet in het voorkomen van terugval in schulden. We moeten echter aandacht blijven houden voor het vergroten van de financiële zelfredzaamheid van inwoners, zodat zij duurzaam op eigen kracht kunnen (blijven) staan. Deze ondersteuning moet er ook zijn voor inwoners die geen schuldentraject hebben gevolgd, maar wel een risico lopen om met schulden te maken te krijgen.

!

De eerste stappen zijn gezet om de communicatie in beschikkingen helderder en begrijpelijker te maken. We zijn er echter nog niet, we moeten aandacht blijven houden voor deze aanpassingen.

!

Het aanvragen van de minimaregelingen moet zo makkelijk mogelijk zijn. De gemeentelijke inkomensregelingen moeten allemaal digitaal aan te vragen zijn.

Verantwoording input uitvoeringsplan Dit uitvoeringsplan is tot stand gekomen met de input van inwoners, maatschappelijke partners, clïentervaringsonderzoeken en wetenschappelijke onderzoeken. In deze paragraaf willen we de belangrijkste input vanuit de verschillende bronnen aangeven. Deze input is vervolgens vertaald in de verschillende actielijnen in dit uitvoeringsplan.

Input van inwoners

Er zijn gesprekken gevoerd met verschillende inwoners waaronder: bijstandsgerechtigden, een ex-ondernemer met schulden, een ondernemer die te maken heeft met schulden bij werknemers, gebruikers van de voedselhulp, inwoners in een schuldentraject en statushouders. Zij gaven de onderstaande input (geanonimiseerd en gebundeld).

15.

De knelpunten die worden ervaren: Z Inwoners wachten vaak lang met het vinden van hulp en willen graag eerst zelf de problemen oplossen. Z De stress van schulden vreet aan je. Je verzamelt dichte enveloppen, het is nooit leuk nieuws als je in de schulden zit. Z Het is soms niet duidelijk welke bewijsstukken nodig zijn bij een aanvraag. Dat zorgt voor stress. Wees bij de gegevens uitvraag concreet. Z Er moet veel tegelijk, terwijl je hier soms helemaal niet aan toe bent in een schuldensituatie. Z Er moet meer overzicht zijn in de verschillende vormen van ondersteuning en hulpverlening. Z Niet iedere instantie neemt de tijd voor de hulpvrager, waardoor je je niet altijd serieus genomen voelt. Z Door stress gingen inwoners minder bewegen en ongezonder eten. Z Neem hulpverlening niet van de inwoner over, maar neem de inwoner erin mee. Denk ook aan de eigenwaarde van de inwoner. Z Er zijn te weinig mogelijkheden voor de aanpak van lage schulden (die vanzelf grotere schulden worden als er niets gebeurd).

Z Er is angst om regelingen terug te moeten betalen. Bij twijfel worden de regelingen niet aangevraagd. Z Zorg dat hulp goed te vinden is via de niet-digitale kanalen. Z De website van de gemeente is onvoldoende duidelijk. Z Het eigen risico blijft een terugkerende kostenpost die het moeilijker maakt om een buffer op te bouwen. Z Sparen is moeilijk met een inkomen rond bijstandsniveau. Z Schaamte is groot, hulpverlening is soms te zichtbaar. Armoede wordt verborgen gehouden, ook voor het eigen netwerk. Z Armoede is niet te voorkomen, het kan je ook overkomen. Z Er zijn soms grote zorgen over het bekostigen van schoolspullen van de kinderen. Z Werkenden met een laag loon zijn vaak onvoldoende op de hoogte van de verschillende inkomensregelingen. Z Er is onvoldoende overzicht in de eigen financiën. Zorg dat inwoners weten dat er hulp mogelijk is. Het doorgeleiden naar hulp is belangrijker dan de specifieke regelingen te kennen.

Wat vinden inwoners dat goed gaat? Verschillende inwoners hebben ervaren dat er écht werd geluisterd, waardoor zij zich serieus genomen voelden. De persoonlijke benadering van de uitvoering van de TONK-regeling wordt gewaardeerd. Er werd verder gekeken dan alleen de TONK-aanvraag, maar ook naar de persoon achter de vraag. Het hielp om te weten dat er ondersteuning in de thuisadministratie beschikbaar was. Het Klantcontactcentrum van de gemeente is de afgelopen jaren erg verbeterd, zij weten vragen doorgaans goed op te pakken en luisteren goed naar de inwoner. De nieuwe werkwijze van de bijdrage gemeentelijke belastingen (één van de minimaregelingen), waarbij de inwoner niet langer zijn belastingaanslag zelf hoeft aan te leveren, wordt als prettig en gemakkelijk ervaren. Veel regelingen worden wel als positief ervaren als er eenmaal gebruik van wordt gemaakt. Inwoners die eenmaal gebruik maken van de regelingen, geven aan dat zij de regelingen makkelijk zelf opnieuw weten aan te vragen.

16.

Welke ideeën hebben de inwoners? Schets het perspectief voor iemand die zich voor hulpverlening meldt. Houdt oog voor wat iemand aan kan als hij een hulpvraag doet. Geef iemand even adempauze als hij dit nodig heeft. Laagdrempelige budgetcoaching zou helpen om wat meer tips te krijgen over hoe je goed met geld om kan gaan, zonder dat dit meteen een (zwaar) traject is. Een vergoeding voor de kosten van het eigen risico zou helpen. Maak inkomen bespreekbaar op de werkvloer. Vaak zijn er meerdere mensen die tegen hetzelfde aanlopen, hierdoor doorbreek je het taboe. Faciliteer hulpverlening buiten kantoortijden. Onderzoek de mogelijkheid om via toolboxen voor werkgevers financiële gezondheid onder de aandacht te brengen. Samenvattend zien we een paar rode draden terugkomen: 1. zet gemeentebreed (ook bij maatschappelijke partners) in op een stress-sensitieve aanpak rondom schulden; 2. zorg ervoor dat het aanbod van hulpverlening duidelijk en vindbaar is; 3. schets perspectief; 4. heb aandacht voor de ontwikkeling van het gedrag van mensen (creëer zelfredzaamheid).

Input van maatschappelijke partners

Naast de gesprekken met inwoners zijn er meerdere gesprekken gevoerd waarbij verschillende maatschappelijke partners bij elkaar om tafel zijn gezet, waaronder (medewerkers en/of vrijwilligers van): Stimenz, Humanitas, Adviesraad Sociaal Domein, CNS, sportparkmanager, Stichting Verborgen Armoede Nunspeet, Voedselhulp Nunspeet, Diaconaal Platform, VluchtelingenWerk, CJG/Icare, Medicamus en Woonzorgnet. Onderstaande is de belangrijkste input van de maatschappelijker partners gebaseerd op praktijkervaringen. De knelpunten rondom armoede zijn: Z Menstruatiearmoede: onvoldoende Z Multiproblematiek: Bij één probleem wordt middelen hebben om bv. tampons en je geholpen, bij twee problemen wordt de maandverband te kunnen kopen. hulp lastiger, bij drie of meer problemen is Z Eigen bijdrage schoolreisje: deze mag niet het de vraag welke hulp er komt. worden verplicht door scholen, maar wordt Z Scholen hebben te veel taken om armoede toch nog steeds vaak dwingend neergezet. goed op te kunnen pakken: scholen hebben Z Overgang van basis- naar middelbare school: een belangrijke signaleringsfunctie, maar ineens veel uitgaven (fiets, laptops, schoolhebben het gevoel dat zij er dan vervolgens spullen (incl. rekenmachine), etc.). een taak bij krijgen.

Het gaat niet om het Z Zorgmijding: het niet kunnen betalen van zelf oppakken van het armoedeprobleem, passende zorg of het uitstellen van maar weten waar hulp gevonden kan behandelingen om financiële redenen. worden. Z Kosten bij geboorte kind: het niet kunnen Z De bijdrage sport en cultuur is ontoereikend. betalen van goederen die nodig zijn bij het 17. eerste kind.

De volgende maatregelen voor de aanpak bestaanszekerheid en schulden zijn genoemd: Z Geboortedoos bij geboorte kind Z Minder bureaucratie Z Eigen risico-regeling zorgverzekering Z Informeer over de gevolgen van 18 worden Z Sport- en cultuurfonds voor volwassenen Z Uitgangspunt: vertrouwen Z Versterk Financieel Trefpunt

Input uit clïentervaringsonderzoeken

In mei 2022 is een cliëntervaringsonderzoek over de toegang, kwaliteit, effectiviteit en nazorg van schuldhulpverlening over 2021 uitgevoerd. Daarnaast is in juni 2022 een cliëntervaringsonderzoek naar de bekendheid, het aanvragen en het gebruik van de minimaregelingen uitgevoerd en zijn de behoeften aan (andere) ondersteuningsvormen gepeild. De belangrijkste bevindingen uit het cliëntervaringsonderzoek schuldhulpverlening: Z Het cliëntervaringservaringsonderzoek betreft een kwalitatief onderzoek schuldhulpverlening (d.m.v. telefonische interviews). Er hebben 15 inwoners meegedaan aan het onderzoek. Z Inwoners zoeken vaak pas naar hulp bij schulden als de schuldenproblemen al erg groot zijn. Z Voor de één leidt het zoeken naar hulp tot opluchting, voor een ander juist tot schaamte. Z De wachttijd op een gesprek met een medewerker van de gemeente wordt als zeer acceptabel ervaren. Z Inwoners zijn met name tevreden over: dat de gemeente een goed beeld van de situatie van de inwoner weet te krijgen, dat de sfeer van de gesprekken met de gemeente goed is, dat de geboden ondersteuning en de informatievoorziening over het hulpverleningstraject helpend en duidelijk is. Z De helft van de respondenten geeft aan dat zij goed zijn geïnformeerd over de minimaregelingen, de andere helft niet. Dit verdient dus extra aandacht.

18.

Z Respondenten geven de schuldhulpverlener gemiddeld een 8,9 als rapportcijfer. Met name vanwege de benadering door de medewerker, het inzicht in de situatie en de deskundigheid. Z De belangrijkste resultaten volgens de respondenten zijn: er is weer rust in het leven en er is structuur in de financiën gekomen. Daarnaast heeft schuldhulpverlening geleid tot het maken van bewustere (financiële keuzes), een hogere financiële zelfredzaamheid, betere grip op inkomsten en uitgaven en betere toegang tot andere ondersteuning. Z 80% van de respondenten geeft hun huidige situatie (na schuldhulpverlening) een 7 of hoger, met voornaamste reden dat ze weer rond kunnen komen en dat hun toekomstperspectief is verbeterd. Ook ervaart 2/3e van de respondenten een betere gezondheid na afloop van het traject. Z Ten tijde van het cliëntervaringsonderzoek zaten er drie respondenten in een nazorgtraject. Zij waren allen op dat moment tevreden over de geleverde nazorg. Het was echter nog te vroeg om verdere conclusies over de nazorg te trekken.

De belangrijkste bevindingen uit het cliëntervaringsonderzoek minimaregelingen: Z Het cliëntervaringsonderzoek is kwantitatief en is gebaseerd op 143 respondenten, van deze groep zijn de belangrijkste inkomensbronnen (54,9%) een bijstandsuitkering, (20,4%) loon uit arbeid en (19,7%) AOW of pensioen. Z 68,1% geeft aan voldoende te weten waar zij voor financiële ondersteuning terecht kunnen. De leeftijdsgroep tussen 56 en 65 jaar is het beste op de hoogte (80%). De leef tijdsgroep tussen 46 en 55 is het minste op de hoogte (46%). Inwoners met een inkomen uit arbeid zijn minder goed op de hoogte (46%) van financiële ondersteuningsvormen dan inwoners met bijstand (65%) of AOW/pensioen (75%). Z De meest bekende regelingen zijn een bijstandsuitkering (94%), de bijdrage sport en cultuur (90%), de bijdrage gemeentelijke belastingen (89%) en de collectieve zorgverzekering (79%). Bijzondere bijstand (65%), schuldhulpverlening (53%) de individuele inkomenstoeslag (46%), studietoeslag (21%) en bijstand voor zelfstandigen (25%) zijn minder bekende regelingen. Z Van de respondenten die hebben aangegeven wél bekend te zijn met (één of meerdere) regelingen, maar géén gebruik maken van de regelingen geven de meesten aan dat zij niet weten of zij in aanmerking komen (46%), geen behoefte aan de regeling te hebben (27%) of het aanvragen te ingewikkeld vinden (11%).

Met name respondenten tot 45 jaar geven aan dat zij niet goed weten of zij in aanmerking komen (60%). De regelingen waar men het meest over twijfelt zijn de collectieve zorgverzekering en bijzondere bijstand. Dit zijn (niet geheel verrassend) de regelingen die doorgaans minder makkelijk vooraf zijn uit te leggen, omdat deze voor een groot deel afhankelijk zijn van de individuele omstandigheden van de inwoner. Z Van de respondenten tot 45 jaar geeft 20% aan het aanvragen van regelingen ingewikkeld te vinden. Voor de groep ouder dan 45 jaar is dit slechts 7%. We hebben hier geen eenduidige verklaring voor. Wel is het mogelijk dat de oudere doelgroep beter gewend is om nog te werken met fysieke aanvraagformulieren. Z 85% geeft aan dat het aanvraagformulier goed te vinden is op de website, 93% geeft aan dat het aanvraagformulier overzichtelijk is, 90% geeft aan dat de gestelde vragen op het formulier duidelijk zijn en 92% geeft aan dat het duidelijk was waarom soms privacygevoelige informatie werd uitgevraagd (bv. inkomen). Z Respondenten gaven aan dat 82% van de aanvragen binnen 4 weken waren afgehandeld. Z De minimarelingen worden als volgt besteedt: 64% aan het betalen van rekeningen, 48% aan eten en drinken, 41% aan mobiele telefoon(abonnement), 41% aan tv- en internetabonnement, 36% aan huishoudelijke apparaten en 36% kleding en schoenen.

Daarnaast zijn er (in iets mindere mate) nog bestedingen aan meubels, overige abonnementen, contributies van een vereniging en het afbetalen van schulden. Z 89% van de respondenten geeft aan voldoende geholpen te zijn met de minimaregelingen waar zij gebruik van maken. Opvallend is de leeftijdsgroep 36 tot en met 55 jaar, zij geven significant lager aan geholpen te zijn (76%), dit zijn vaak volwassenen met nog opgroeiende kinderen. Z 77% geeft aan dat de kinderen door de minimaregelingen kunnen meedoen met schoolactiviteiten. 76% geeft aan door de minimaregelingen rond te kunnen komen. 63% geeft aan dat ze door de regelingen in staat zijn om andere mensen te ontmoeten. Z Voor wat betreft het meedoen van kinderen aan sport: 62% geeft aan dat de minimaregelingen hierbij voldoende helpt, 23% geeft aan dat de regeling onvoldoende helpt en 15% geeft aan dat de regelingen helemaal niet helpen. Z Tot slot: een aantal respondenten geeft als opmerking nog mee dat inflatie ze hard 19. raakt.

Input uit (wetenschappelijke) onderzoeken en rapporten

De laatste jaren krijgt het thema bestaanszekerheid landelijk steeds meer aandacht. Veel instanties houden zich bezig met onderzoek op dit thema. We benoemen deze onderzoeken hier kort en verwijzen in de actielijnen naar de verschillende onderzoeken die zijn benut: Z Huidig inkomensondersteuningssyteem Z ‘Omgaan met kinderarmoede in het sociaal onvoldoende om armoede tegen te gaan’ domein’ (2021). Divosa. (2020). Nibud. Z ‘Preventieplan zorg en veiligheid: Stop het stapelen’ (2022). VNG. Z ‘Met te weinig genoegen nemen’ (2022). Z ‘Van schuld naar schone lei’ (2022). Raad Nationale Ombudsman. Volksgezondheid & Samenleving. Z ‘NVVK 90 jaar: Meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening: een Z ‘Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden’ (2020). Movisie. nieuw perspectief. Brede effecten van financiële hulpverlening voor hulpvrager, Z ‘Werken zonder armoede’ (2021). SociaalEconomische Raad. schuldeiser en maatschappij’ (2022). NVVK.

Pijlers, bouwstenen en actielijnen van het uitvoeringsplan Met de startnotitie zijn de pijlers en bouwstenen, en hiermee de focuspunten, voor de aanpak van bestaanszekerheid en schulden voor de komende jaren vastgesteld. Voor de onderbouwing hiervan verwijzen we dan ook naar de startnotitie. De aanpak zal zich de komende jaren richten op vijf pijlers, die ieder weer onderverdeeld zijn in maximaal drie bouwstenen. In dit uitvoeringsplan wordt de invulling van de pijlers en bouwstenen geconcretiseerd in verschillende actielijnen die aansluiten bij de hierboven geformuleerde doelstellingen.

20.

Deze actielijnen zijn als volgt:

! Preventie

Aanpak bestaanszekerheid en schulden

€

Gerichte aanpak kinderarmoede

Betaalbare zorg

Gebruik van bestaande voorzieningen

Perspectief

Z

Z

Z

Z

Z

Proactieve gemeente

Signaleren

Toegankelijke zorg

Laagdrempelig en begrijpelijk

Perspectief bij schulden

1. Samenwerking met Stichting Leergeld 2. Plannen sluiten aan bij het OKO-model

Z

1. Lokale initiatieven omarmen

Stimuleren

(ontwikkelen)

partners 2. Verbinden van maatschappelijke Meedoen in de organisaties maatschappij 3. In zetten op 1. Onderzoeken om signaleren van aan te sluiten verborgen en bij het Volwas stille armoede senfonds Sport en Cultuur 2. Uitsluitingsgrond schrappen

Z

Z Omzien naar elkaar

Z

1. Onderzoeken laagdrempelige budgetcoaching 2. Inwoners structueel faciliteren met trainingen en workshops 3. Ontwikkelen van een effectieve aanpak

1. Stimuleren 1. De informatie gebruik van voorziening en aanvraagroutes sanerings kredieten zo begrijpelijk 2. Aansluiten bij en laagdrempelig Schuldenknoop mogelijk maken punt 3. Gebruik maken van Verwijs index schuldBetrekken maatschappelijk verlening (VISH) 4. Blijven meeveld doen project ‘Schuldenaanpak 1. Faciliteren van Rechtbank onze maat Gelderland’ schappelijke

Z

Z Gedragsaanpak

1. Scholen (en andere instanties) 1. Bieden van een faciliteren betaalbare collectieve zorgverkering 2. Starten van Ondersteunen een regeling (meedoen) ‘compensatie eigen risico’ 1. Bijdrage voor 3. Faciliteren van sport en cultuur trainingen of verhogen workshops 2. Aanbod Jeugd4. Aansluiten bij fonds Sport en het Armoede Cultuur (JFSC) fonds uitbreiden 3. Scholieren er bij betrekken 4. Gebruik van Stichting Baby spullen stimuleren

Z

1. Jongeren informerenen 2. Inzetten op proactieve communicatie 3. De preventie kracht benutten 4. Inwoners pro actief benaderen om mee te denken

Ondersteuning inkomen en werk 1. Verstevigen positie Financieel Trefpunt 2. Woonkosten toeslag mogelijk voor jongeren tot 23 jaar 3. Stimuleren ont wikkeling van werkenden en werkzoekenden 4. Inwoners met een grote afstand tot de 21. arbeidsmarkt ondersteunen

Vervolg uitvoeringsplan In het vervolg van het uitvoeringsplan zijn de actielijnen verder uitgewerkt en wordt per actielijn aangeven wat de financiële gevolgen zijn (indien van toepassing). De bedragen die hierin worden genoemd betreffen kosten die extra zijn ten op zichtte van de huidige situatie. In het laatste hoofdstuk wordt een financieel kader neergezet met daarin de (meer)kosten in één overzicht en een toelichting daarop. Ook wordt hier de dekking van de meerkosten uiteengezet. De aanvraag voor nieuw beleid verloopt via het gebruikelijke proces. De uitvoering van dit plan is daarom onder voorbehoud van goedkeuring van de raad voor de aanvraag van nieuw beleid. We sluiten waar mogelijk aan bij bestaande financieringsmogelijkheden en kijken hierbij ook over de Taakvelden heen (bijvoorbeeld middelen uit het Programma Sociaal Domein, de GALA-SPUK7 en (rijks)overheidssubsidies).

22.

7

De GALA-SPUK is de specifieke uitkering m.b.t. het Gezond en Actief Leven Akkoord. De gemeente dient hiervoor een plan van aanpak in om de middelen van deze SPUK te kunnen ontvangen. Indien dit onderdeel binnen deze SPUK wordt afgewezen zal wor-den gezocht naar alternatieve dekking.

Z Omzien naar elkaar

Preventie ! Preventie

€ Gerichte aanpak kinderarmoede

Betaalbare zorg

Gebruik van bestaande voorzieningen

! Perspectief

Z Perspectief bij schulden

Gedragsaanpak

Ondersteunen

Betrekken maatschappelijk veld

Meedoen in de maatschappij

(meedoen)

Z

Z

Omzien naar elkaar

(ontwikkelen)

Stimuleren

Z

Z

Z Laagdrempelig en begrijpelijk

Z

Z Toegankelijke zorg

Z

Z Signaleren

Z

Z Proactieve gemeente

Ondersteuning inkomen en werk

Om de bestaanszekerheid van mensen te waarborgen is het belangrijk om (problematische) schulden te voorkomen. Hiervoor is een proactieve rol nodig van de gemeente en worden positieve gedragsveranderingen bij de inwoner zoveel mogelijk gestimuleerd. Zo zal Nunspeet een proactieve houding innemen voor wat betreft de financiële educatie voor jongeren, zodat ze goed voorbereid zijn op de vervolgfase na de middelbare school. Dit wordt als belangrijk punt benoemt in het beleidsplan Sociaal Domein en door de Minister voor Armoedebeleid. Naast jongeren worden ook zzp’ers, ouderen en mensen met een migratieachtergrond als kwetsbare doelgroepen genoemd die baat hebben bij proactieve communicatie en financiële educatie8. Uit het cliëntervaringsonderzoek voor de schuldhulpverlening dat in 2021 is uitgevoerd blijkt dat inwoners pas hulp vroegen nadat ze in grote schulden zaten en geen uitweg meer zagen. Nunspeet zal de kracht van preventie doorzetten door het gebruik van de vroegsignalering te maximaliseren. Om effectief schulden te voorkomen, is het van belang om de zogenoemde ‘self-efficacy’ van inwoners te vergroten om positieve financiële gedragsveranderingen door te voeren. Self-efficacy wordt gedefinieerd als de verwachting die iemand heeft van zijn eigen vermogen om bepaald gedrag te kunnen uitvoeren9.

Om gezond financieel gedrag te kunnen vertonen, is het van belang dat je weet wat je moet doen, dat je dat ook kunt doen, en dat je het voldoende belangrijk vindt om gezond te handelen10. Nunspeet zal inwoners (vrijblijvend) de handvaten bieden om een gezond financieel uitgavenpatroon te ontwikkelen.

Proactieve gemeente Wat gaan we doen? We gaan inwoners proactief voorbereiden op belangrijke levensgebeurtenissen en we gaan inwoners zo vroeg mogelijk helpen bij reeds ontstane schulden.

‘Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden’ (2020). Movisie. ‘Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden’ (2020). Movisie. 10 ‘NVVK 90 jaar: Meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening: een nieuw perspectief. Brede effecten van financiële hulpverlening voor hulpvrager, schuldeiser en maatschappij’ (2022). NVVK. 8 9

23.

Hoe gaan we dit doen?

1.

We informeren jongeren in de gemeente over de belangrijkste wijzigingen na de middelbare school.

2.

We zetten in op proactieve communicatie, met name naar (financieel) kwetsbare doelgroepen, waaronder ZZP’ers en ouderen.

We zien relatief steeds meer jongeren met schulden (o.a. vanuit de vroegsignalering schulden). Om financiële bewustwording te vergroten willen we daarom jongeren informeren over de verschillende zaken waar ze rekening mee moeten houden wanneer ze achttien worden, zoals het afsluiten van verzekeringen, aanvragen van toeslagen en het doen van belastingaangifte. We onderzoeken de wijze waarop we proactief een persoonlijke brief, met informatie en tips over financiën, kunnen sturen naar jongeren die bijna achttien worden. De inhoud van de brief willen we samen met straathoekwerk en jongeren zelf gaan opstellen11. Het Financieel Trefpunt zal hier in ieder geval een plek in krijgen. Daarnaast kijken we ook naar andere communicatiemiddelen die aansluiten bij de informatiebehoefte van jongeren.

In het bijzonder benoemen we de voorzieningen die voor ondernemers en ZZP’ers beschikbaar zijn. Ook zij kunnen namelijk gebruik maken van verschillende inkomensvoorzieningen die de gemeente biedt. Zij maken echter relatief weinig gebruik van deze voorzieningen. Voor een deel doordat ondernemers niet graag een beroep doen op de overheid12, maar voor een deel ook omdat de regelingen te onbekend zijn. In de coronaperiode heeft de gemeente ingezet op intensieve en persoonlijke communicatie naar ondernemers. Dit is door veel ondernemers als positief ervaren, we willen hier op verder bouwen. We communiceren daarom via accountmanagers bedrijven periodiek over de beschikbare voorzieningen, waaronder het Bbz voor levensonderhoud en bedrijfskapitaal, en de ontwikkelingen op het gebied van minimavoorzieningen. Dit is tevens onderdeel van het collegeprogramma. De grootste groep met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum betreft gepensioneerden (44%). Daarom vestigen we extra aandacht op ouderen. Ook dit is onderdeel van het collegeprogramma. Om ouderen beter te bereiken maken we gebruik van de aanbevelingen van de Nationale Ombudsman13.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12902559/1