CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 18. Bijlage Uitvoeringsplan Bestaanszekerheid en Schulden

Raadsvergadering 29 juni 2023, gemeente NunspeetBij agendapunt: UItvoeringsplan bestaanszekerheid en schulden.22.601 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

“Communiceer zo vaak dat het irritant wordt, maar zodat ze niet meer om de boodschap heen kunnen.”

- een werkgever uit de gemeente Nunspeet.

Daarnaast zijn er verschillende organisaties die contact hebben met de doelgroep die niet bij de gemeente in beeld is. Denk hierbij aan Stichting Verborgen Armoede Nunspeet, kerken, de moskee, welzijnspartijen en sportverenigingen. Zij staan midden in de samenleving en bereiken mensen op een andere manier dan de gemeente dit kan. We faciliteren dergelijke organisaties om ook door te geleiden naar beschikbare hulp en (inkomens)voorzieningen. Dat begint met elkaar goed weten te vinden en goede informatievoorziening over de mogelijkheden. We stemmen daarom periodiek af met deze partijen en halen zo tegelijkertijd op waar nog knelpunten in de aanpak van bestaanszekerheid en schulden zitten.

44.

Z Omzien naar elkaar

Perspectief ! Preventie

€ Gerichte aanpak kinderarmoede

Betaalbare zorg

Gebruik van bestaande voorzieningen

Perspectief

Z Perspectief bij schulden

Gedragsaanpak

Ondersteunen

Betrekken maatschappelijk veld

Meedoen in de maatschappij

(meedoen)

Z

Z

Omzien naar elkaar

(ontwikkelen)

Stimuleren

Z

Z

Z Laagdrempelig en begrijpelijk

Z

Z Toegankelijke zorg

Z

Z Signaleren

Z

Z Proactieve gemeente

Ondersteuning inkomen en werk

Bij de introductie van het hoofdstuk Betaalbare zorg benoemden we het al: perspectief. Om de negatieve cirkel te doorbreken is perspectief nodig. Schulden zijn immers niet altijd te voorkomen. Soms kunnen schulden je ook overkomen. Voor inwoners die met schuldenproblematiek te maken hebben, moet adequate hulpverlening beschikbaar zijn. Ook als deze schulden door verkeerde keuzes zijn ontstaan. Perspectief om uit de schulden te komen moet voor iedereen mogelijk zijn. Perspectief gaat ook over de volgende stap in je leven kunnen zetten, bijvoorbeeld naar participatie of werk: ofwel mee kunnen doen in de maatschappij en na kunnen denken over de dag van morgen. Inwoners die mee kunnen doen in de maatschappij worden veerkrachtiger en hebben een groter sociaal netwerk waar zij op terug kunnen vallen, zowel bij grote als kleine tegenslagen.

Perspectief bij schulden Wat gaan we doen? We zorgen dat iedereen die te maken heeft met schulden op een goede manier geholpen kan worden. Dit geldt zowel voor grote als kleine schulden. Hierbij zetten we in op het verbeteren van de mogelijkheden van schuldhulpverleningstrajecten, waarbij we tegelijkertijd de (financiële) risico’s voor de gemeente zoveel mogelijk beperken. Hoe gaan we dit doen?

1.

We stimuleren het gebruik van saneringskredieten.

We gaan gebruik maken van het Waarborgfonds saneringskredieten om vaker gebruik te kunnen maken van saneringskredieten. Onze Minister voor Armoedebeleid, Carola Schouten, benoemt het Waarborgfonds als een effectieve aanpak die moet worden bevorderd. Het Waarborgfonds staat borg voor het terugbetalen van een saneringskrediet. Het saneringskrediet is een schuldregelingsnorm waarbij met een krediet (een percentage van) de totale schuld van de klant wordt afgekocht. Bij het schuldhulpverleningstraject wordt berekend hoeveel de klant van zijn budget kan betalen gedurende het 3-jarige traject. Dit bedrag bepaalt hoeveel de schuldeisers van hun openstaande vorderingen ontvangen.

45.

Bij een saneringkrediet ontvangen de schuldeisers na een akkoord direct hun geld minus de rentekosten van het krediet. De gemeente betaalt per saneringskrediet een premie (1% van het totale bedrag). Een saneringskrediet zorgt voor verschillende voordelen. De inwoners is in een keer van zijn schuldeisers af en houdt maar een schuldeiser over, namelijk de gemeente, en de inwoner heeft direct minder stress en kan direct werken aan zijn toekomst. De schuldeiser heeft direct duidelijkheid en krijgt direct een bepaald bedrag wat hem kosten bespaart (incasso- en administratiekosten). De gemeente Zwolle is de kredietbank voor de gemeente Nunspeet. Nunspeet moet daarom voor het gebruik van het Waarborgfonds afspraken maken met de gemeente Zwolle. We onderzoeken de mogelijkheid om het maximum van € 5.000,-- voor een saneringskrediet te verhogen naar € 25.000,--, zodat meer inwoners in aanmerking komen voor het saneringskrediet. Alle bruto kredieten die hoger zijn dan € 5.000 worden voorgelegd aan het Waarborgfonds. Dit is een eis van het Waarborgfonds zelf. Gaan deze niet akkoord dan wordt er alsnog schuldbemiddeling aangeboden aan de schuldeisers. We verwachten de kosten voor saneringskredieten te kunnen opvangen binnen de bestaande begroting schuldhulpverlening.

“Je raakt het overzicht van je schulden kwijt. De ene schuld leidt weer tot een andere schuld. Je weet op een gegeven moment niet meer welke schuld je het beste kunt betalen om allerlei verhogingen te voorkomen. Het helpt als er nog maar één schuldeiser zou zijn. Dat creëert overzicht en geeft rust waardoor je voorzichtig weer vooruit durft te kijken.”

- een inwoner met schulden uit de gemeente Nunspeet.

2.

We sluiten aan bij het Schuldenknooppunt.

Het Schuldenknooppunt is een verzamelpunt van schulden waar organisaties zich (vooralsnog) vrijwillig voor kunnen melden. Schuldhulpverleners kunnen ook toegang krijgen tot dit knooppunt. Meldt een inwoner zich voor schuldhulpverlening? Dan kan de schuldhulpverlener aan alle aangesloten partijen direct een voorstel voor een betalingsregeling doen. Hierdoor weet de inwoner sneller waar hij aan toe is en heeft hij meer schuldenrust. Tegelijkertijd weten ook de schuldeisers sneller waar ze aan toe zijn. De ervaring leert dat veel schuldeisers bereid zijn om mee te werken bij een schuldregeling. Hiermee krijgt de schuldeiser doorgaans een groter deel van de schuld terug dan het geval waarin geen betalingsregeling tot stand komt. In de huidige situatie kan het soms nog lang duren voordat een regeling tot stand komt, zeker als er veel verschillende schuldeisers zijn die allemaal akkoord dienen te gaan met de voorgestelde betalingsregeling (bij geen akkoord volgt een route in de Wettelijke Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP)). Met het schuldenknooppunt kan er dus veel sneller duidelijkheid worden gecreëerd en kan het schuldentraject ook sneller worden gestart. De gemeente Nunspeet wil daarom aansluiten bij het schuldenknooppunt en zal vervolgens ook (lokale) ondernemers stimuleren om zich aan te laten sluiten bij het knooppunt.

De gemeente betaalt jaarlijks een deelnamebedrag van € 1.500,-- per jaar (en eenmalige aansluitingskosten), zodat gebruik kan worden gemaakt van de tool voor schuldhulpverleners waarmee betalingsregelingen kunnen worden voorgesteld. Hier zal budget voor moeten worden vrijgemaakt. Organisaties betalen zelf geen kosten voor deelname aan het knooppunt.

46.

3.

We gaan gebruik maken van de Verwijsindex schuldverlening (VISH).

4.

We blijven meedoen met het project ‘Schuldenaanpak Rechtbank Gelderland’.

Gemeenten zijn door de Minister voor Armoedebeleid opgeroepen om (gratis) gebruik te maken van de Verwijsindex schuldhulpverlening. VISH draagt bij aan een compleet en actueel beeld van schulden en creëert een goede informatiepositie voor alle betrokkenen en voorkomt onnodige toename van schulden. Met VISH kunnen deurwaarders toetsen of personen zich in een schuldhulpverleningstraject bevinden. Door deurwaarders vroegtijdig te informeren over de schuldpositie van de inwoner kan communicatie over nieuwe schulden en daaruit voorkomende afspraken verlopen via de schuldhulpverlener. Er kan bijvoorbeeld besloten worden invorderingsmaatregelen tijdelijk stop te zetten. Hierdoor ontstaan er geen nieuwe kosten en wordt de kans van slagen van een schuldregeling vergroot.

Komende jaren gaan we door met het project ‘Schuldenaanpak rechtbank Gelderland’ dat in maart 2022 van start is gegaan in het kader van de schuldhulpverlening (zie Startnotitie). Nunspeet heeft zich aangesloten bij dit project en denkt mee over de opzet en uitvoering. De essentie van het project is dat de rechtbank de inwoner bij rechtszaken m.b.t. schulden vraagt of hij hulp bij schulden wil. Als dit het geval is gaat een schuldenfunctionaris van de rechtbank het gesprek met de inwoner aan en zorgt voor een goede overdracht naar de schuldhulpverlener in de woongemeente van de inwoner.

Meedoen in de maatschappij Wat gaan we doen? We willen dat iedereen, ook inwoners met een laag inkomen, mee kan doen in de maatschappij. De gemeente biedt hiervoor verschillende inkomensvoorzieningen. Deze zijn echter vaak afhankelijk van een harde inkomensgrens. Door de huidige inflatie merken we steeds vaker dat huishoudens met een middeninkomen moeilijker rondkomen en beslissingen moeten nemen waardoor zij niet volwaardig kunnen deelnemen aan de maatschappij. Zij vallen soms net buiten de bestaande regelingen, omdat zij een te hoog inkomen hebben, terwijl zij vaak vast zitten aan lasten die zij waarop zij niet zomaar kunnen bezuinigen. Ook deze gezinnen willen we, waar mogelijk, ondersteunen. Hoe gaan we dit doen?

1.

We onderzoeken de mogelijkheid om aan te sluiten bij het Volwassenfonds Sport en Cultuur.

Het Volwassenfonds Sport en Cultuur (VFSC) werkt volgens dezelfde principes als het Jeugdfonds Sport en Cultuur (JFSC). Zij hebben geen harde inkomensvoorwaarden, maar zijn beschikbaar voor iedereen die, om wat voor reden dan ook, niet in staat is om zelf de contributie voor sport- of muziekverenigingen te betalen. De aanmelding verloopt ook

47.

hier, net zoals bij het JFSC, via intermediairs die de aanvraag voor de inwoner indienen, waarop vervolgens het VFSC een besluit neemt op de aanvraag. Met de toevoeging van het VFSC voorkomen we sociale uitsluiting van gezinnen die geen gebruik kunnen maken van de bestaande voorzieningen en kunnen we de armoedeval een beetje dempen (er is geen harde inkomensgrens), We verwachten in eerste instantie een bedrag van € 5.000,-- nodig te hebben voor de inzet van het VFSC. Dit bedrag wordt alleen voor inwoners uit de gemeente Nunspeet aangewend.

2.

We schrappen de uitsluitingsgrond voor deelname aan de minimaregelingen voor inwoners die wonen in een inrichting.

De term inrichting is een term die uit de Participatiewet komt. Hiermee worden woonvormen bedoeld waarbij inwoners (vaak in een instelling op indicatie) zorg krijgen en een huurcontract hebben waarin ook de zorg is inbegrepen43. Deze inwoners krijgen, wanneer zij een bijstandsuitkering zouden krijgen, bijstand naar de zogenoemde inrichtingsnorm44. Sinds de decentralisaties in het sociaal domein in 2015 zijn deze inwoners uitgesloten van deelname aan de bijdrage sport en cultuur en het gebruik van de collectieve zorgverzekering via de gemeente (gemeentepolis) 45. De centrale gedachte hierbij was dat deze inwoners activiteiten krijgen aangeboden vanuit de instelling. We zien echter steeds meer dat (in ieder geval een deel van) deze groep ook bij reguliere activiteiten wíl en kán meedoen. In het kader van een inclusieve samenleving is het dan ook passend om deze inwoners te faciliteren om bij reguliere sport- en cultuuractiviteiten aan te sluiten. Daarnaast maken ook deze inwoners zorgkosten die niet vanuit de instelling worden gedekt. Denk hierbij aan kosten voor fysiotherapie, een bril of tandartskosten. We schaffen daarom de uitsluiting van deelname aan de minimaregelingen voor inwoners in een instelling af per 1 januari 2024. Hiervoor is een aanpassing van de beleidsregels minimaregelingen en de beleidsregels collectieve zorgverzekering nodig.

Deze zullen door het college middels een separaat besluit worden gewijzigd. Er zijn geen exacte cijfers beschikbaar over het verwachte aantal extra gebruikers door het afschaffen van deze uitsluitingsgrond, omdat het recht mede afhankelijk is van het inkomen en het vermogen van de inwoner. We schatten dat voor zowel de bijdrage sport en cultuur als de collectieve zorgverzekering 50 extra personen gebruik zullen maken van de regeling. Dit komt neer op een extra kostenpost van € 7.500,-- (als de bijdrage sport en cultuur niet wordt verhoogd en € 150,-- per jaar blijft) of € 12.500,-- (als de bijdrage sport en cultuur wordt verhoogd naar € 250,-- per jaar) voor de bijdrage sport en cultuur. En € 20.000,-- 46 aan bijdragen in de collectieve zorgverzekering. We verwachten hiermee een toename in het aantal aanvragen (50 per jaar, beide regelingen kunnen met één aanvraag tegelijk worden aangevraagd. Dit vraagt om uitbreiding van 0,1 FTE47, ofwel € 7.000,-- per jaar.

Denk hierbij aan bewoners die Beschermd Wonen bij Woonzorgnet of Philadelphia. Dit is de bijstandsnorm zoals bedoeld in artikel 23 van de Participatiewet. 45 Mensen wonend in een instelling zijn ook uitgesloten van het recht op de bijdrage afvalstoffenheffing voor minima, maar deze belasting wordt in principe in zijn geheel gedragen door de verhurende zorginstelling. 46 We rekenen met een gemiddelde gemeentelijke bijdrage van € 33,33 per maand, omdat niet iedereen de duurste zorgpolis (van € 40,-- per maand) zal afnemen. 47 Gebaseerd op behandelen van 50 aanvragen per jaar, administratieve verwerking, bezwaar/beroep en informatievoorziening aan inwoners en maatschappelijke partners. 43 44

48.

Ondersteuning inkomen en werk Wat gaan we doen? We bieden passende inkomensondersteuning aan inwoners met een laag inkomen en ondersteunen hen met het vinden (en behouden) van werk.

1.

We gaan de positie van het Financieel Trefpunt verstevigen en we gaan het aanbod van de inloopuren van het Financieel Trefpunt uitbreiden.

2.

We maken een woonkostentoeslag (bijzondere bijstand) mogelijk voor jongeren tot 23 jaar.

Sinds september 2021 kent de gemeente het Financieel Trefpunt Nunspeet in de Veluvine. Hier kunnen inwoners terecht met allerlei vragen (groot en klein) rondom financiën. In het Trefpunt werken verschillende maatschappelijke partijen samen om zo de inwoner snel, adequaat, en waar mogelijk integraal, verder te kunnen helpen. Eind 2022 is besloten om het Financieel Trefpunt Nunspeet structureel voort te zetten op basis van een positieve evaluatie. In april 2023 is de pilot Financieel Trefpunt Elspeet gestart. Op basis van de evaluatie van het Financieel Trefpunt Elspeet eind 2023 zal bepaald worden of deze structureel wordt voortgezet en of er ook gestart zal worden met een pilot Financieel Trefpunt in Hulshorst en/of Vierhouten. Daarnaast zal er een pilot van het Financieel Trefpunt Nunspeet in de avond georganiseerd worden. Hiermee kunnen we werkende inwoners tegemoet komen. Op basis van deze evaluatie zal er bepaald worden of deze structureel wordt voortgezet en of er ook gestart zal worden met een pilot in de avond in de kleinere kernen. Naast de uitbreiding van het Financieel Trefpunt mogelijkheden voor de inwoners zal er onderzocht worden of we meer specifieke taken en/of cursussen kunnen beleggen bij het Financieel Trefpunt. Zo kan er incidenteel een langer inloopmoment worden georganiseerd dat in het teken staat van een bepaald thema/onderwerp.

Denk hierbij aan een themabijeenkomst voor jongeren die (bijna) 18 worden of een (individuele) afspraak waarbij iemand van het Financieel Trefpunt de gehele financiële situatie met een inwoner doorloopt om te kijken of er (financiële) voordelen niet benut worden. Als laatste willen we, om de signaleringsfunctie van het Financieel Trefpunt beter te benutten, structureel een overlegmoment tussen de gemeente en de coördinator van het Financieel Trefpunt plaats laten vinden.

Voor jongeren in de leeftijd van 18 tot 23 jaar gelden er vanuit de Wet op de huurtoeslag andere voorwaarden. De normhuur waarmee zij in aanmerking komen voor huurtoeslag (€ 452,20 in 2023) is voor hen lager dan voor personen van 23 jaar of ouder (€ 808,06 in 2023). Hebben deze jongeren een huur die boven de normhuur ligt? Dan komen zij in zijn geheel niet in aanmerking voor huurtoeslag. Er zijn echter praktijkvoorbeelden in de gemeente Nunspeet waarbij dit tot problemen leidt, denk bijvoorbeeld aan situaties waarin ouders overlijden en jongeren met de woning overblijven of situaties waarbij iemand vanuit een begeleide woonvorm de stap wil maken naar zelfstandig wonen, maar waarbij, vanwege de woningnood, geen huizen onder de huurnorm beschikbaar zijn. Hierdoor kan de ontwikkeling van deze jongeren worden belemmerd, doordat zij bijvoorbeeld hun studie moeten stoppen om de huur te kunnen betalen. Deze voorbeelden zijn gelukkig zeldzaam in onze gemeente, maar hebben wel een enorme impact op deze jongeren. Om deze situaties te voorkomen maken we het mogelijk dat de gemeente via de bijzondere bijstand een woonkosten-

49.

toeslag kan verstrekken die gelijk is aan de norm die zou gelden in het geval dat deze jongeren al wél 23 jaar oud zouden zijn. We verwachten, doordat het gebruik laag zal zijn, maximaal € 5.000,-- 48 aan kosten te maken voor dit onderdeel. Om deze wijziging door te kunnen voeren zullen de beleidsregels bijzondere bijstand moeten worden aangepast. Hierover zal het college een los besluit nemen.

3.

We stimuleren ontwikkeling van werkenden en werkzoekenden en maken hierbij gebruik van voorzieningen die beschikbaar zijn in de arbeidsmarktregio.

4.

We ondersteunen inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt naar werk óf participatie.

We maken hiervoor gebruik van bestaande voorzieningen in de arbeidsmarktregio, zoals het platform Groei Vooruit49. Groei Vooruit richt zich op (gratis) loopbaancoaching, bijscholing, omscholing en eerste hulp bij (dreigend) baanverlies. We passen onze gemeentelijke website aan en zorgen dat informatie over ontwikkeling op de werkvloer en hulp bij dreigend baanverlies goed is te vinden. We willen hiermee onnodige instroom in de bijstand voorkomen. Tegelijkertijd maken we gebruik van de voorzieningen in de arbeidsmarktregio om inwoners met een bijstandsuitkering verder te helpen op het gebied van werk (en participatie). Vaak beginnen deze mensen niet met hun droombaan vanuit een uitkering. Groei Vooruit kan echter wel helpen om stappen op de werkvloer te zetten en om zo uiteindelijk tóch een stap te kunnen maken naar een functie die hen meer aanspreekt. Met deze mensen maakt de consulent werk en inkomen een plan van aanpak wanneer zij nog bijstandsgerechtigd zijn, dat zich niet alleen op het hier en nu richt, maar dat ook toekomstperspectief biedt. Dit vergroot de kans op een duurzame werkhervatting na een periode van werkloosheid50.

We willen inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt ondersteunen om weer aan het werk te kunnen. Daarbij zetten we in op duurzame uitstroom naar werk. Dit doen we met bestaande trajecten (via bijvoorbeeld Inclusief Groep, psychosociale ondersteuning, proefplaatsingen, loonkostensubsidies, jobcoaching op de werkvloer, benodigde trainingen/cursussen, etc.). Voor veel mensen zijn deze trajecten echter onvoldoende om de stap naar arbeid te kunnen zetten. Daarom kijken we ook naar nieuwe ondersteuningsmogelijkheden zoals IPS-trajecten (trajecten waarbij werk wordt gecombineerd met een Ggz-traject). De doelgroep bijstandsgerechtigden is de afgelopen jaren veranderd. De problematiek is complexer en er is meer zorgproblematiek51. Voor een deel van deze groep is betaald werk niet haalbaar of is betaald werk pas haalbaar na langdurige ondersteuning. We realiseren ons dat we ons daarom niet alleen op ondersteuning naar betaalbare arbeid moeten richten, maar ook op ondersteuning naar participatie in de samenleving (op allerlei verschillende manieren). We maken hierbij zo veel mogelijk gebruik van de samenleving en onze maatschappelijke partners die o.a. (arbeidsmatige) dagbesteding, vrijwilligerswerk of deelname aan het lokale verenigingsleven faciliteren. Ook dit is volwaardig meedoen in de maatschappij.

Gebaseerd op kosten bijzondere bijstand zoals deze nu al in de vorm van maatwerk wordt toegepast. www.groeivooruit.nl 50 ‘Werken zonder armoede’ (2021). Sociaal-Economische Raad. 51 Met de invoering van de Participatiewet bedienen gemeenten ook inwoners die voorheen een Wajonguitkering ontvingen via het UWV. Dit is een trend die zich de komende decennia zal voortzetten. 48 49

50.

Evaluatie uitvoeringsplan Indicatoren We realiseren ons dat we met het beleidsplan sociaal domein in een overgangsfase zitten. In het beleidsplan sociaal domein zijn namelijk sociaal domein brede doelstellingen geformuleerd, terwijl de door de raad vastgestelde KPI’s hier nog niet op zijn aangepast. We willen de nieuwe indicatoren gezamenlijk met de raadswerkgroep indicatoren herijken, zodat de indicatoren integraal aansluiten bij het monitoren van de doelstellingen van het beleidsplan sociaal domein (waaraan dit uitvoeringsplan moet bijdragen). Helaas is de werkgroep nog niet zo ver om deze herijkte indicatoren vast te stellen. Daarom wordt in dit uitvoeringsplan vooralsnog uitgegaan van de KPI’s zoals deze in het verleden door de raad zijn vastgesteld. Wel nemen we hierin een voorzichtig schot voor de boeg door het aantal unieke gebruikers op te nemen (mede op verzoek van de raad) en daarnaast te kijken naar het aantal unieke inwoners van 60 jaar of ouder dat gebruik maakt van minimaregelingen, individuele inkomenstoeslag en bijzondere bijstand. We hebben speciale aandacht voor de doelgroep ouderen, omdat een groot deel van de lage inkomens AOW-gerechtigden zijn. We kiezen voor 60 jaar en ouder, omdat dit aansluit bij de levensfasen zoals deze gedefinieerd zijn in het beleidsplan sociaal domein. We monitoren dit uitvoeringsplan dus aan de hand van de volgende indicatoren: 1.

Het aantal meldingen schuldhulpverlening 2. Het aantal inwoners met een schuldregeling 3. Het aantal inwoners met een bijstandsuitkering 4. Het aantal inwoners met een bijstandsuitkering, langer dan 3 jaar 5. Het aantal inwoners met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum dat gebruik maakt van één of meerdere minimaregelingen 6. Het aantal unieke gebruikers van de minimaregelingen (bijdrage sport en cultuur, bijdrage gemeentelijke belastingen, collectieve zorgverzekering, individuele inkomenstoeslag en bijzondere bijstand) 7. Het aantal unieke gebruik van de minimaregelingen (bijdrage sport en cultuur, bijdrage gemeentelijke belastingen, collectieve zorgverzekering, individuele inkomenstoeslag en bijzondere bijstand) van 60 jaar of ouder

Planning en betrekken gemeenteraad We zetten er op in om het gros van de actielijnen in 2024 in praktijk te hebben gebracht. We stellen daarom voor om in het eerste kwartaal 2025 een voortgangsmemo bij de raad voor te leggen waarin beschreven wordt welke acties zijn uitgevoerd en welke knelpunten er nog zijn. In deze voortgangsmemo nemen we ook de cijfers mee met betrekking tot de gestelde indicatoren (of eventueel de hiervoor genoemde herijkte indicatoren), ook al zullen sommige effecten dan nog niet terug te zien zijn in de cijfers. We willen zo de raad meenemen in de ontwikkelingen rondom bestaanszekerheid en schulden. In het tweede kwartaal 2027 leggen we de raad een evaluatie van het uitvoeringsplan voor, waarin we terugkijken op het uitvoeringsplan en de uitwerking op de verschillende geformuleerde doelstellingen. Na deze evaluatie kan het beleid rondom bestaanszekerheid en schulden worden herijkt. 51.

Financieel kader In dit financieel kader maken we onderscheid tussen kosten die toenemen als gevolg van maatschappelijke (landelijke) ontwikkelingen, ofwel autonome kostengroei, en kosten die toenemen als gevolg van de uitvoering van het uitvoeringsplan bestaanszekerheid en schulden, ofwel kosten als gevolg van nieuw beleid. In tabel 4 wordt een voorstel gedaan voor de begroting 2024, hierin is ook het verschil aangeduid tussen autonome kostengroei en kosten van nieuw beleid. We verwachten in 2024 in totaal meerkosten van € 525.968, waarvan € 321.604 autonome kostengroei en € 204.364 kosten als gevolg van nieuw beleid betreft. Per onderdeel wordt de begroting nog toegelicht.

Autonome kostengroei bestaanszekerheid De toelichting op de autonome kostengroei is meegenomen in de Financiële Verkenning 2024 2027. Voor de inhoudelijke toelichting op de autonome groei verwijzen we daarom naar de financiële verkenning. Wel benoemen we graag nog de twee belangrijkste argumenten van deze autonome kostengroei (dit betreft dus kosten die ongeacht nieuwe beleid op ons afkomen door externe omstandigheden): 1. Het kabinet heeft per 1 januari 2023 het wettelijke minimumloon (WML) doen stijgen met 10,15%. Omdat het WML is gekoppeld aan de bijstandsnormen stijgen de bijstandsnormen. De gemeentelijke inkomensregelingen zijn dan weer ingeënt op de bijstandsnormen. Zo werkt een stijging van het WML indirect door op de inkomensgrens van de gemeentelijke regelingen. Voor inwoners die een inkomen op het WML hebben, maakt dit geen verschil. Voor inwoners die bijvoorbeeld part-time werken, ZZP werk doen, bepaalde arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, etc., kan dit echter wel betekenen dat zij door deze verhoogde grens in aanmerking komen. De verhoging van het WML betekent dus dat er per saldo meer mensen in aanmerking komen voor de gemeentelijke inkomensregelingen, wat meer kosten met zich mee brengt. 2. Er is een landelijke trend van toenemende kosten van bijzondere bijstand.

Deze toename zit vooral in de stijging van bewindvoeringskosten doordat er meer mensen onder bewind worden gesteld door de rechter. Doordat dit kosten betreft die de inwoner niet kan ontkomen, wordt het beroep op bijzondere bijstand van inwoners met een laag inkomen (het zijn noodzakelijke kosten) hoger. Gemeenten kunnen niet om deze kosten heen. Onderstaande tabel is ook opgenomen in de financiële verkenning en geeft de verwachte ontwikkeling van autonome kosten bijzondere bijstand van 2024 tot en met 2027 aan ten opzichte van 2023 aan. In de tabel is terug te zien dat in 2024 op verschillende regelingen een stijging wordt verwacht a.g.v. de verhoging van het WML. Daarnaast verwachten we bij de kosten bijzondere bijstand jaarlijks een toename van de kosten a.g.v. het toenemend aantal onder bewindstellingen.

Tabel 3: begroting autonome kostengroei bijzondere bijstand t.o.v. 2023

52.

Bijzondere bijstand Bijdrage sport en cultuur Bijdrage gemeentelijke afvalstoffenheffing Individuele inkomenstoeslag Studietoeslag Collectieve zorgverzekering Totaal verwachte meerkosten bijzondere bijstand t.o.v. 2023

2024

2025

2026

2027

€ 11.500 € 5.000 € 15.500 € 321.000

€ 11.500 € 5.000 € 15.500 € 331.000

€ 11.500 € 5.000 € 15.500 € 341.000

€ 11.500 € 5.000 € 15.500 € 351.000

€ 260.718 € 20.886 € 8.000

€ 270.718 € 20.886 € 8.000

€ 280.718 € 20.886 € 8.000

€ 290.718 € 20.886 € 8.000

Het minimabeleid is onderdeel van Taakveld 1.3. Een eventueel tekort kon worden opgevangen binnen de BUIG-middelen die ook onder TV 1.3 vallen. Met het wegvallen van dit overschot (op de Noord-Veluwe was een relatief lage bijstandsdichtheid. Hierdoor blijft er t.o.v. andere gemeenten een meer ‘vaste kern’ over in de bijstand die niet of moeilijker naar werk zijn te begeleiden en blijft er zodoende relatief minder over van het macrobudget (BUIG) voor dit type gemeente), kan de overschrijding op minimabeleid niet meer worden opgevangen binnen TV 1.3 zonder begrotingswijziging.

Nieuw beleid uitvoeringsplan 2024 In onderstaande tabel wordt een voorstel voor de begroting 2024 gedaan. Hierin wordt als gevolg van nieuw beleid structureel een extra bedrag van € 204.364,-- noodzakelijk geacht om het uitvoeringsplan te kunnen uitvoeren. De raad zal in oktober 2023 besluiten over de aanvragen nieuw beleid van 2024 en verder. Hierin wordt ook het bedrag van € 204.364,-- aan de raad voorgelegd. In onderstaande begroting willen we inzichtelijk maken hoe er tot een totaal bedrag van € 204.364,-- is gekomen, zodat de raad zicht heeft op de verschillende kosten die per onderdeel verwacht worden (laatste kolom). Dit is in feite de bundeling van de bedragen zoals deze ook bij de actielijnen benoemd zijn.

Tabel 4: Kostenbegroting bestaanszekerheid en schulden 2023 en 2024 e.v. Onderdeel

Begroting Voorstel Benodigde 2023 begroting extra 2024 e.v. dekking Collectieve € 135.000 € 170.500 € 35.500 zorgverzekering Minimabeleid € 562.282 € 1.046.750 € 484.468 Bijzondere bijstand € 192.282 € 458.000 € 265.718 Bijdrage sport € 160.000 € 229.750 € 69.750 en cultuur € 80.000 € 88.000 € 8.000 Bijdrage gemeentelijke afvalstoffenheffing Individuele inkomenstoeslag € 115.000 € 126.500 € 11.500 Studietoeslag € € 5.000 € 5.000 Jeugdfonds Sport € 15.000 € 15.000 € en Cultuur € € 5.000 € 5.000 Volwassenfonds Sport en Cultuur € € 52.500 € 52.500 Eigen risico regeling Stichting Leergeld € € 25.000 € 25.000 Overig werkbudget* € € 42.000 € 42.000 Schuldhulp€ 65.239 € 71.239 € 65.239 € 6.000 verlening Deelname € € 1.500 € 1.500 schuldenknooppunt € € 4.500 € 4.500 Laagdrempelige budgetcoaching Totaal € 762.521 € 1.288.489 € 525.968

Waarvan niet a.g.v. nieuw beleid € 15.500

A.g.v. nieuw beleid

€ 306.104 € 26 0.71 8 € 20.886

€ 178.364 € 5.00053 € 48.86454

€

8.000

€

-

€ € €

11.500 5.000 -

€ € €

-

€

5.000

€

-

€ 321.604

€ 20.00052

€ 52.500 € 25.000 € 42.000 € 6.000 €

1.500

€

4.500

€ 204.364

* het werkbudget is in de volgende tabel verder uitgesplitst.

Hoger gebruik door het schrappen van de uitsluiting van inwoners wonend in een inrichting. Uitvoeren van de woonkostentoeslag in de leeftijdsgroep 18 tot 23 jaar. 52 Verhogen bijdrage sport en cultuur plus effect extra gebruik door verhoging inkomensgrens (WML). 52 53

53.

Een aantal kosten zijn op de begroting gebundeld in een overig werkbudget onder het minimabeleid. Het werkbudget als volgt uitgesplitst:

Tabel 5: Overig werkbudget minimabeleid Onderdeel overig werkbudget (onder minimabeleid) Ontwikkelen en up-to-date houden informatie materiaal Check taalniveau B1 Online campagne voorzieningen / Financieel Trefpunt Trainingen inwoners financiën Inwonerparticipatie Onvoorziene kosten Totaal

Kosten

€ 2.500 € 2.500 € 10.000 € 10.000 € 12.000 € 5.000 € 42.000

Dekking De dekking voor de kosten van de autonome kostengroei is meegenomen in de financiële verkenning. De kosten als gevolg van nieuw beleid (laatste kolom) worden meegenomen bij de reguliere aanvraagroute voor nieuw beleid. Met het raadsbesluit van 22 december 2022 (motie scenario’s energietoeslag) heeft de raad besloten om een bedrag van € 270.000,-- beschikbaar te stellen voor een ophoging van de inkomensgrens van de energietoeslag in 2023 en om in de jaren 2023 en 2024 respectieve-lijk een bedrag van € 30.000,-- en € 95.000,-- (in totaal € 125.000,--) beschikbaar te stellen voor de aanpak bestaanszekerheid en schulden. Dit bedrag van € 125.000,-- is beschikbaar gesteld onder voorbehoud van bespreking van het uitvoeringsplan bestaanszekerheid en schulden. Op basis van deze bespreking maakt de raad een definitieve keuze omtrent dit bedrag en kan eventueel van dit bedrag worden afgeweken. Er wordt voorgesteld de incidentele € 30.000,-- in 2023 aan te wenden voor het opstarten van Stichting Leergeld (€ 25.000,--) en het Volwassenfonds Sport en Cultuur (€ 5.000,--), zodat hier in 2023 al mee gestart kan worden. Daarnaast wordt voorgesteld de incidentele € 95.000,-- in 2024 in mindering te brengen op de structurele aanvraag nieuw beleid in 2024.

Dat betekent dat de aanvraag nieuw beleid in 2024 uitkomt op € 205.000,-- - € 95.000,-- = € 110.000,-- en vanaf 2025 en verder op € 205.000,-- per jaar.

54.

Bezoekadres: Markt 1 8071 GJ Nunspeet (0341) 25 99 11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12902559/1