2022-57 RV Bijlage 1 - Jaarstukken 2021
Tekst van het document
Wat hebben we ervoor gedaan? Goede bereikbaarheid van de gemeente Nuenen c.a.
38
4. Verbeteren van de (boven-)lokale mobiliteit Na een intensief voorbereidingstraject over de studie bundelroutes (met inwoners, diverse stakeholders en de raad) is eind 2021 door de raad het voorkeursalternatief vastgesteld. Het voorkeursalternatief is een maatregelenpakket dat goed is voor de verkeersleefbaarheid en bereikbaarheid in Nuenen. Het pakket is gebaseerd op het voorkeursscenario dat voor de zomer door de raad is vastgesteld. Tijdens de zomer is het voorkeursscenario verder onderzocht en uitgewerkt tot een voorkeursalternatief. Er is een eerste schetsontwerp gemaakt en een grove kostenraming. Met deze besluitvorming staat de gemeente sterker in (regionale) afstemming en onderhandeling. Vooruitlopend op de uitvoering is minimaal onderhoud aan de Smits van Oyenlaan uitgevoerd om enerzijds zo efficiënt mogelijk om te gaan met beschikbare middelen en anderzijds wel de veiligheid te kunnen waarborgen. Op basis van het Bereikbaarheidsakkoord is een tweetal snelfietsroutes verder onderzocht en uitgewerkt, namelijk Helmond – Eindhoven (langs het spoor) en Hilvarenbeek – Eindhoven – Laarbeek (langs het Wilhelminakanaal). Met name voor de snelfietsroute Helmond - Eindhoven is in 2021 veel werk verzet, zoals het verwerven van gronden, overleggen met betrokkenen en zijn bestemmingsplanprocedures voorbereid.
Verder vroegen woningbouwprojecten, zoals Nuenen-West vanzelfsprekend veel (verkeerskundige) aandacht. Niet alleen ten aanzien van bestemmingsplanprocedures, maar ook in de verdere uitwerking/realisatie. Met het vaststellen van het CHW-bestemmingsplan Herijking Nuenen-West is er ook een keuze gemaakt voor de hoofdontsluitingsstructuur van deze nieuwe wijk. Ook zijn er veel kleinere, maar niet minder belangrijke, vraagstukken aangepakt, zoals de opwaardering van de schoolzone Dassenburcht, het onderzoek naar de verkeersveiligheid van de fietsverbinding over de Soeterbeekseweg, de aanschaf van diverse snelheidsindicatiedisplays (en regelmatige plaatsing verspreid over de hele gemeente) en er zijn vele aanvragen voor woningbouw, uitwegen en laadpalen getoetst en afgewikkeld. Tot slot heeft wederom op structurele basis overleg plaatsgevonden met stakeholders als Veilig Verkeer Nederland, de Fietsersbond, de politie en de basisscholen. Daardoor zijn er ook veel ad hoc vraagstukken opgepakt en uitgevoerd.
Wat hebben we ervoor gedaan? In 2020 bestaat slechts 5% van het afval uit restafval. 5. Stimuleren van hergebruik van grondstoffen In 2021 is er een aantal ontwikkelingen geweest op het gebied inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval gericht op het beheersen van kosten en het stimuleren van hergebruik van grondstoffen. Er is uitvoering gegeven aan de pilot 'omgekeerd inzamelen van huishoudelijk afval' in Gerwen ZO en Nuenen West. In Gerwen ZO hebben we goede resultaten geboekt met deze manier van inzamelen. Eind 2021 is er een tevredenheidsonderzoek gehouden onder de bewoners. In Nuenen West wordt het aantal grondstoffenparken uitgebreid en in 2022 volgt een evaluatie. Op de milieustraat is de fractie gemengd grof huishoudelijk afval aangepakt door betere scheiding. Dit is een van de duurste afvalstromen op de milieustraat. Daarnaast is een medewerker vanuit de WSD/Het Goed ingezet op de milieustraat voor het scheiden van bruikbare spullen ten behoeve van de kringloopwinkel. In samenwerking met Het Goed is een verkennend onderzoek uitgevoerd naar een 'Circulair Ambachtscentrum Nuenen' met als resultaat toekenning van subsidie door het ministerie voor het opzetten van een circulair ambachtscentrum 'De Dwerse Cirkelfabriek'. In 2021 is besloten over de inzet van een GRIP-wagen in Nuenen per 1 januari 2022.
De GRIP-wagen (grondstoffeninleverpunt) rijdt door de gemeente voor inname van bepaalde afvalstromen/grondstoffen. We moeten echter wel constateren dat de verwachte trendbreuk naar minder restafval is blijven steken rond de 75 kg fijn huishoudelijk restafval per inwoner. Een verklaring hiervoor is het massaal thuiswerken als gevolg van coronamaatregelen en de afname van de invloed van de inwoner op de afvalstoffenheffing in het huidige diftar-systeem. Een belangrijk onderzoek dat in 2021 is uitgevoerd, is de evaluatie van Blink en als resultaat daarvan het Strategisch traject over de toekomst van Blink. In oktober 2021 is de raad per brief geïnformeerd over de bevindingen van het evaluatie-onderzoek, inclusief de toezending van het evaluatierapport. In 2022 wordt het Strategisch traject afgerond.
39
Wat hebben we ervoor gedaan? Groenste gemeente van Nederland. 6. Bevorderen van de bewustwording van het belang van het openbare groen voor een duurzame leefomgeving De bewustwording hebben we vergroot door actuele groene thema’s aan te halen en hier regelmatig over te communiceren. Door gebruik te maken van een communicatiekalender hebben we inwoners op de hoogte gehouden van actuele thema’s. Hierdoor verwachten we dat de bewustwording is toegenomen. Als concreet voorbeeld hebben we de landelijke monumentale Eik in Park Houtrijk symbool laten staan voor hoe wij omgaan met onze bomen in relatie tot de aanwezige ecologie. We hebben besloten de boom zo lang mogelijk te handhaven voor de dieren die in en van de boom leven. Via social media is hier uitgebreid over gecommuniceerd. In 2019 is het groenbeheerplan door de raad vastgesteld. Daarin is afgesproken dat we onze bomen controleren en snoeien in een driejarige cyclus. Na start van deze werkzaamheden bleek al snel dat het budget hiervoor niet toereikend is. In 2020 hebben we een grote overschrijding gehad van het groenbudget. Om niet nogmaals een grote overschrijding te hebben van het groenbudget is er in overleg met de wethouder voor gekozen om de controle en snoeicyclus aan te passen op het budget. We komen in 2022 met een nieuw en aangepast voorstel die we voorleggen aan de raad.
In de omgevingsvisie Nuenen die in september 2021 is vastgesteld, is groen en rustig benoemd als kernkwaliteit. Hieronder verstaan we karakteristieke woonkernen, met veel (monumentaal) groen en ruimte voor ontspanning, omgeven door een afwisselend en aantrekkelijk landschap. Hiermee wordt blijvende aandacht voor groen geborgd, ook bij de nadere uitwerking van de omgevingsvisie.
Wat hebben we ervoor gedaan? Levendige en aantrekkelijke gemeente. 7. Versterken van de leefbaarheid, het gebruik en de beleving van de openbare ruimte Een belangrijke doelstelling uit het beleidsplan Spelen en Bewegen is om in de openbare ruimte veel, gevarieerde, uitdagende en veilige speelruimten te realiseren en/of in stand te houden. In 2021 zijn hiervoor in Nuenen-Noord 9 speel- en ontmoetingsplekken aangelegd of uitgebreid via bewonersparticipatie. Ook is aan de Pastoorsmast een ATB-crossbaan aangelegd. Daarnaast is het project Spelen en Bewegen in Nederwetten afgerond. Verder is gestart met de centrale speelvoorziening Lissevoort. Hiervoor dient eerst de locatie (voormalige midgetgolfbaan) vrij te komen uit de pachtovereenkomst met tennisvereniging Lissevoort. Dit project loopt door in 2022.
Beleidsindicatoren Naam
Indicator
Jaarrekening 2020
Begroting 2021
Jaarrekening 2021
Fijn huishoudelijk restafval*
kg per inwoner
78
75
77
Hernieuwbare energie*
% hernieuwbare energie t.o.v. de totale hoeveelheden gebruikte energie
**
6,4
7,3***
* verplichte indicator op grond van BBV ** geen cijfers over 2020 bekend *** laatste cijfer bekend is 2019
Bijdrage verbonden partijen aan dit programma BLINK BLINK is een belangrijke partij voor uitvoering van de plannen van de gemeente betreffende: 1. Inzameling, transport en verwerking van het huishoudelijk afval. 2. Beheer van de milieustraat Nuenen. 3. Beheer en onderhoud van ondergrondse containers. 4. Reiniging van en onkruidbestrijding in de gemeente.
40
Voor de periode t/m 2022 heeft Blink het Strategisch Meerjarenplan (SMP) opgesteld voor realisatie van de jaarlijkse resultaten en doelen. In 2021 is gestart met het Strategisch Traject om te komen tot een toekomststrategie voor Blink. Zie verder de paragraaf Verbonden partijen. Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) De omgevingsdienst Zuidoost Brabant is de wettelijk aangewezen partij voor de uitvoering van de Milieu- en VTH taken van de gemeente Nuenen, waaronder: 1. Het opstellen van omgevingsvergunningen. 2. Het uitvoeren van milieutoezicht en handhaving bij bedrijven. 3. Bodemtoezicht en begeleiden van saneringen. 4. Het uitvoeren van de asbesttaken. 5. Het uitvoeren van aanvullende wettelijke taken, o.a. geluidsaneringen en de Europese richtlijn Omgevingslawaai. Jaarlijks sluiten we met ODZOB een dienstverleningsovereenkomst en stellen we werkprogramma vast. Hieraan is uitvoering gegeven in 2021. In 2021 is over de invoering van de Omgevingswet en de software die ons daarin moet ondersteunen, afstemming geweest binnen met de deelnemers aan dit samenwerkingsverband.
Wat heeft het gekost? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma zijn verbonden. Zowel de baten als de lasten worden als positieve bedragen weergegeven. Het saldo (afwijking budget 2021) wordt weergegeven als positief als het gerealiseerde bedrag hoger is dan de begroting. Bij de lasten is een positief bedrag dus een nadeel, bij de baten een voordeel. Door afronding kunnen er verschillen ontstaan omdat tellingen uit het financieel systeem komen en daarom soms afwijken. Bedragen x €1.000 Omschrijving
Primaire begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Realisatie 2021
Afwijking budget 2021
Lasten 0.10 Mutaties reserves
0
180
227
47
2.1 Verkeer en vervoer
2.984
3.075
3.175
100
2.2 Parkeren
8
8
21
13
2.5 Openbaar vervoer
15
15
20
5
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
2.067
2.165
2.169
4
7.2 Riolering 7.3 Afval
991
991
960
-31
2.224
2.362
2.533
171
7.4 Milieubeheer
522
683
652
-31
Totaal Lasten
8.811
9.479
9.758
278
Baten 0.10 Mutaties reserves
61
59
58
0
2.1 Verkeer en vervoer
80
118
189
71
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
0
0
9
9
7.2 Riolering
1.937
1.937
1.906
-31
7.3 Afval
3.036
3.036
3.208
171
7.4 Milieubeheer
0
298
309
11
Totaal Baten
5.114
5.448
5.679
231
Saldo (baten -/- lasten)
-3.697
-4.031
-4.078
-47
Toelichting De grootste afwijking op dit programma wordt veroorzaakt op taakveld 7.3 Afval. De opbrengsten zijn veel hoger dan begroot o.m. als gevolg van hogere opbrengsten voor papier en meer PMD-afval. Het voordeel, per saldo, van de afvalexploitatie is in de egalisatievoorziening gestort. Dat geeft een overschrijding van de lasten. Voor meer details en uitleg verwijzen we naar de analyse overzicht baten en lasten in het financiële gedeelte van deze jaarstukken.
41
Programma 7. Economie, Toerisme & Recreatie Portefeuillehouder(s) R. Stultiëns en J. Pernot
Wat wilden we bereiken? Beoogd maatschappelijk effect
Doelstellingen
Nuenen c.a. is een ondernemersvriendelijke gemeente.
1. Bevorderen van een toekomstbestending centrum. 2. Vitaliseren van bestaande bedrijventerreinen. 3. Actief bijdragen aan Brainportambities.
Economische betekenis van de toeristische sector vergroten.
4. Versterken van de toeristische aantrekkingskracht. 5. Bevorderen van de ontwikkeling Landgoed Gulbergen.
Relevante beleidsnota's in dit programma Naam
Periode
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
Masterplan Nationaal Park Van Gogh
2020 e.v.
Detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven Programmering werklocaties Stedelijk Gebied Eindhoven 2021
2015 e.v.
september 2015
2023
2021 e.v.
september 2021
2024
Verordening reclamebelasting 2021
2021
september 2020
onbepaald
februari 2020
onbepaald
Structuurvisie ruimtelijke beeldkwaliteit kern Nuenen - De Wereld van 2019 e.v. Van Gogh
Wat hebben we ervoor gedaan? Nuenen c.a. is een ondernemersvriendelijke gemeente. 1. Bevorderen van een toekomstbestending centrum In het kader van een toekomstbestendig centrum is in 2021 gestart met een intensieve samenwerking met stakeholders van de parkstraat en omgeving. Onder de stakeholders met name vastgoedeigenaren die gedurende 2021 samen hebben gewerkt aan een scenario om een kwaliteitsimpuls en een aantal projecten te realiseren in het centrum. De gemeente heeft hierin nadrukkelijk geen trekkende rol, maar is deelnemer en probeert waar mogelijk zo veel als mogelijk te faciliteren. In 2022 worden besluiten verwacht van de stakeholders die duidelijkheid kunnen geven over het vervolg. De samenwerking met centrummanagement is in 2021 voortgezet. Verdere uitwerking van de samenwerking is gekoppeld aan de uitkomsten van de stakeholders van de parkstraat e.o., uitwerking van alternatieve financiering en de bedrijfsmatige aansturing worden hierna opgepakt. In afwachting daarvan hebben nog niet verder gekeken naar een andere vorm van financiering van het centrummanagement. In 2021 zijn meerdere regelingen gerealiseerd die ondernemers hebben ondersteund gedurende de coronapandemie. In eerste instantie hebben ondernemers die in 2020 meer dan 20 weken voor publiek zijn gesloten, een eenmalige subsidie van € 1.500,- kunnen aanvragen.
Daarnaast is de stimulerings- en innovatiefondsregeling opgesteld die ondernemers in staat heeft gesteld om subsidie aan te vragen voor initiatieven gebaseerd op een lokale samenwerking. Er is een noodsteunregeling opgesteld voor ondernemers die tussen wal en het schip dreigden te vallen. Ter ondersteuning van de controle op coronatoegangsbewijzen konden ondernemers ook subsidie aanvragen. Ook zijn de terrasregelingen uit 2020 verlengd. Tijdens 2021 is, ondanks de beperkende maatregelen, ook nadrukkelijk geïnvesteerd in contact met ondernemers. Om enerzijds de coronaregelingen op een juiste manier aan te laten sluiten bij de behoefte, maar ook het contact met de ondernemers – juist in deze periode – te versterken. In de bovengenoemde regelingen is ook nadrukkelijk de input en reflectie van ondernemers gevraagd en is het centrummanagement ook betrokken.
42
2. Vitaliseren van bestaande bedrijventerreinen In 2021 is door middel van de pilot Duurzaamheid in samenwerking met VNO-NCW en mede in opdracht van het OCN, gewerkt aan het ophalen van input om de kwaliteit van de bedrijventerreinen te verbeteren. De gezamenlijk parkeervoorziening en aanleg van het groen op bedrijventerrein Eeneind II Zuid/Collse Heide is gerealiseerd door de nieuwe opgerichte Stichting Parkmanagement Nuenen. De stichting heeft de parkeer- en groenvoorziening zelf gerealiseerd en neemt het beheer en onderhoud voor de toekomst ook voor haar rekening. In 2021 is gesproken met het bestuur van de Stichting Parkmanagement Nuenen en het bestuur van het OCN om de werkzaamheden van de stichting te verbreden naar de andere bedrijventerreinen en inhoudelijke beleidsterreinen. We willen in 2022 het parkmanagement verder doorontwikkelen en in navolging daarvan een investeringsprogramma opstellen. Aan dat laatste zijn we in 2021 nog niet toegekomen. In 2021 is de inzet van de Relatiemanager Bedrijventerreinen Nuenen afgebouwd. En het tijdelijke cameratoezicht op Eeneind is in werking gesteld, het aanwijzingsbesluit hiervoor was al in 2020 genomen. De overname van de camera’s door de ondernemers is in 2021 voorbereid en zal in 2022 verder worden uitgewerkt. Zie ook programma 2, Veiligheid en Handhaving voor de handhavingsaanpak op bedrijventerrein Eeneind.
Op verzoek van het gerechtshof is een vrijwillig en vrijblijvend mediationtraject gestart tussen de gemeente en de Ontwikkelcombinatie die het bedrijventerrein Eeneind-West zouden ontwikkelen. Doel van dit traject was om naast de verschuldigde rente ook andere knelpunten in het project (stikstofproblematiek, eigendomspositie/regie voormalige Adriaans gronden en uiterlijke datum voor grondafname per 1 september 2021) integraal op te lossen. De uitkomst hiervan is verwoord in allonge 2. Deze allonge 2 zou alleen in werking treden als de raad haar integrale (incl. financiële consequenties) goedkeuring zou verlenen. De raad heeft allonge 2 niet behandeld in de besluitvormende raad en daarmee is geen expliciet besluit genomen over allonge 2. De raad heeft wel een motie aangenomen, waarin het college is opgedragen om een externe verkenner aan te stellen, die onderzoek doet om de geplande ontwikkeling te voorkomen en of er alternatieven haalbaar zijn. Deze externe verkenner is aangesteld en de raad wil aan het einde van de bestuursperiode geïnformeerd worden over het (tussen)resultaat. Daarnaast zijn in augustus 2021 vergunningen aangevraagd voor de realisatie van een (grootschalig) logistiek centrum. Deze aanvragen zijn in behandeling genomen en lopen. 3.
Actief bijdragen aan Brainportambities De programmering werklocaties Stedelijk Gebied Eindhoven 2021 is in september 2021 in de raad vastgesteld. Ook de andere acht gemeenten van het SGE hebben hier mee ingestemd en is hiermee de programmering uit 2016 vervangen. Daarnaast is ook een nieuwe subsidieverordening voor het Regionaal Ontwikkelfonds werklocaties vastgesteld in alle negen gemeenteraden van het SGE. Hierin is de actualisatie van het fonds verwerkt. Daarna is regionaal gewerkt aan de uitwerking hiervan tot de openstelling in november 2021. In de Metropoolregio Eindhoven was in 2020 al gestart met een regionale herstelaanpak voor corona. In 2021 is hier verder invulling aan gegeven en aan de hand van drie pijlers (1) opleiden, (2) digitaliseren onderwijs & MKB en (3) kennisdelen en samenwerken zijn diverse projecten uitgevoerd.
Wat hebben we ervoor gedaan? Economische betekenis van de toeristische sector vergroten 4. Versterken van de toeristische aantrekkingskracht De samenwerkingen met Van Gogh Brabant, Van Gogh Village Nuenen, Visit Brabant en andere toeristische organisaties zijn voortgezet en uitgebouwd. We zijn in 2021 aangehaakt bij een Europese subsidieaanvraag met het Interreg project Toerisme in Balans. Dit doen we met een groot aantal partners. Kennisinstellingen, kustgemeenten, stedelijke gemeenten, landelijke gemeenten, een nationaal Park en een culturele bestemming in Nederland en België. Hierin verbinden wij de ruimtelijke projecten uit de structuurvisie De Wereld van Van Gogh met de spreiding van bezoekers in het centrum. En kunnen we een monitoringssysteem realiseren dat ons in staat stelt te sturen op het (toeristische)bezoek. Uitsluitsel over toekenning van de subsidie volgt in 2022 en uitvoering van de projecten vanaf 2023. Met betrekking tot de uitvoering van de structuurvisie De Wereld van Van Gogh, waaronder de uitbreiding van het Vincentre, verwijzen wij naar programma 5 (Wonen & Leefomgeving).
43
Er is voor gekozen om op basis van inhoudelijke analyses te werken aan een kader voor toeristische en recreatief beleid. In 2021 is opdracht verleend aan het bureau Vrije Tijd en Ruimte voor een aantal (toeristische) analyses van de gemeente. Het rapport met een stakeholdersanalyse, vraag- en aanbodanalyse en draagkrachtanalyse wordt in het eerste kwartaal van 2022 opgeleverd. Hierna kan verder gewerkt worden aan de invulling van het beleidskader. In 2021 is de opdracht verleend aan Eindhoven24/7 om de positionering en propositie voor Nuenen op te stellen. Dit is bedoeld als opmaat naar een uitvoeringsprogramma voor Villagemarketing. Oplevering en het vervolg zijn gepland in 2022. We hebben in 2021 binnen het Van Gogh Nationaal Park verder gewerkt aan de duurzame toeristische ontwikkeling waarbij natuur, landschap en erfgoed als uitgangspunt wordt opgepakt. In 2021 zijn projecten opgestart waarvan het resultaat in 2022 direct zichtbaar wordt. De opdracht voor het opstellen van de nieuwe erfgoedkaart is verstrekt. De aanbestedingsprocedure voor een nieuwe exploitant voor dagstrand Enode heeft helaas niks opgeleverd. Daarom zijn er maatregelen genomen om het zwemmen in de zomer van 2021 alsnog mogelijk te maken. Het verwijderen van de hekken en realiseren van een eigen toegang zijn voorbeelden van deze maatregelen.
In 2021 is dagstrand Enode als ‘niet-ingerichte zwemplas’ opengesteld. Daarnaast zijn de voorbereidingen getroffen om te komen tot een toekomstperspectief, wijziging bestemmingsplan en aanbesteding. Deze krijgen in 2022 hun vervolg. Om regionale informatie te kunnen ontsluiten over het toeristische aanbod is in 2021 de Regio Portal binnen de samenwerking SGE verder uitgewerkt. De lancering zal in 2022 plaatsvinden. Nuenen zal ook een plek hebben op deze regionale website. Daarnaast heeft de raad, net als de raden van 8 andere gemeenten, de strategie 'Groots! Een hoogwaardig en toegankelijk voorzieningenaanbod in het Stedelijke Gebied Eindhoven' vastgesteld. Hiermee willen we in de negen gemeenten die samenwerking binnen SGE een blijvend en kwalitatief hoogstaand niveau van regionale voorzieningen en evenementen creëren op het gebied van sport, cultuur en recreatie. Vervolgens hebben we gewerkt aan een uitvoeringsprogramma. 5. Bevorderen van de ontwikkeling Landgoed Gulbergen In 2021 heeft de Metropool Regio Eindhoven, na het uitkopen van Attero, een voortvarende start gemaakt met de verdere ontwikkeling van Landgoed Gulbergen. We zijn zowel bestuurlijk als ambtelijk volledig aangehaakt bij dit proces. We hebben gezamenlijk een viertal ontwikkellijnen ontwikkelt waarmee het participatie traject kan worden opgestart in 2022.
Het Algemeen Bestuur van de MRE heeft aan het Dagelijks Bestuur van de MRE de opdracht gegeven om een ontwikkeling mogelijk te maken die voor de MRE budgettair neutraal uitvalt. We blijven streven naar een ontwikkeling waarbij het landschap als drager functioneert en wordt versterkt. De recreatieve functie van Landgoed Gulbergen is voor ons leidend.
Beleidsindicatoren Naam
Indicator
Jaarrekening 2020
Begroting 2021
Jaarrekening 2021
Functiemenging *
verhouding tussen banen en woningen, bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen
43,3**
43
43,1
Vestigingen *
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
144,9**
140
147,1
Netto arbeidsparticipatie *
% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking
68,5**
68
68,4
Banen *
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
563,1**
440
565,3
Aantal banen in de recreatie en toerisme sector
aantal banen
22,1**
20
25
Cijfer voor ondernemersklimaat gegeven door ondernemers
rapportcijfer
niet bekend***
6,8
7,5
Bezoekersaantallen Vincentre
aantal
7.158
12.000
10.000
Opbrengst toeristenbelasting
€
63.236****
24.150
24.107
* verplichte indicator op grond van BBV ** cijfers over 2020 nog niet bekend, daarom cijfer over 2019 opgenomen *** in 2020 is er geen ondernemerspeiling uitgevoerd **** in 2020 is zowel over 2e halfjaar 2018 (afgerond € 14.000,-), geheel 2019 (€ 28.000,-) en 2020 (€ 21.000,-) toeristenbelasting geïnd
44
Bijdrage verbonden partijen aan dit programma Metropoolregio Eindhoven We werken met 21 gemeenten in Zuidoost Brabant samen aan het realiseren van het Samenwerkingsakkoord 2019-2022. Samen werken we aan het handhaven en uitbouwen van het uniek economisch profiel in de Brainport Eindhoven. De samenwerking richt zich op de thema’s economie, mobiliteit, energietransitie en transitie landelijk gebied, waarbij aansluiting wordt gezocht bij de Nationale Brainport Agenda. In 2021 heeft dit met name geresulteerd in een regionale herstelaanpak voor de coronacrisis. Opgedeeld is drie pijlers (1) opleiden, (2) digitaliseren onderwijs & MKB en (3) kennisdelen en samenwerken.
Wat heeft het gekost? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma zijn verbonden. Zowel de baten als de lasten worden als positieve bedragen weergegeven. Het saldo (afwijking budget 2021) wordt weergegeven als positief als het gerealiseerde bedrag hoger is dan de begroting. Bij de lasten is een positief bedrag dus een nadeel, bij de baten een voordeel. Door afronding kunnen er verschillen ontstaan omdat tellingen uit het financieel systeem komen en daarom soms afwijken. Bedragen x €1.000 Omschrijving
Primaire begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Realisatie 2021
Afwijking budget 2021
Lasten 3.1 Economische ontwikkeling
122
338
302
-36
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
1
1
33
32
3.4 Economische promotie
55
101
105
4
5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
961
877
661
-216
5.4 Musea
68
68
50
-18
5.5 Cultureel erfgoed
38
48
25
-22
1.245
1.433
1.176
-257
0.10 Mutaties reserves
67
70
70
0
3.1 Economische ontwikkeling
12
12
56
44
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
3
3
3
0
3.4 Economische promotie
35
35
24
-11
5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
7
7
33
26
Totaal Lasten Baten
Totaal Baten Saldo (baten -/- lasten)
124
127
185
59
-1.121
-1.307
-991
316
Toelichting De grootste afwijking op dit programma wordt veroorzaakt op taakveld 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie. De exploitatiesubsidie die in de begroting 2021 is opgenomen is slechts voor een gering deel aangesproken en daarnaast wordt onderhoud nu slechts minimaal uitgevoerd, doordat het Klooster momenteel wordt gerenoveerd. Voor meer details en uitleg verwijzen we naar de analyse overzicht baten en lasten in het financiële gedeelte van deze jaarstukken.
45
Programma 8. Financiën & Belastingen Portefeuillehouder(s) J. Pernot
Wat wilden we bereiken? Beoogd maatschappelijk effect
Doelstellingen
Verantwoord financieel huishoudboekje is te allen tijde leidend.
1. Reëel en structureel sluitende meerjarenbegroting.
Lastenverlichting die voor álle inwoners merkbaar is (ook in de zin van goede dienstverlening, zie programma 1).
2. Verlagen OZB indien er financiële ruimte is.
Relevante beleidsnota's in dit programma Naam
Periode
Financiële verordening 2017
2017 e.v.
Vastgesteld in de raad
mei 2017 onbepaald
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
Nota reserves en voorzieningen
2019 e.v.
februari 2019 onbepaald
Nota risicomanagement en weerstandsvermogen
2015 e.v.
februari 2015 onbepaald
Nota activering, waardering en afschrijving
2006 e.v.
januari 2006 onbepaald
Belastingverordeningen
jaarlijks
november 2021 november 2022
Wat hebben we ervoor gedaan? Verantwoord financieel huishoudboekje is te allen tijde leidend. 1. Reëel en structureel sluitende meerjarenbegroting De begroting 2021 was reëel en structureel in evenwicht. Structureel evenwicht betekent dat structurele lasten gedekt worden door structurele baten. De incidentele lasten mogen worden gedekt door structurele en door incidentele baten. Het overzicht van incidentele baten en lasten is opgenomen in deze jaarrekening en het structureel exploitatieresultaat komt ook terug in de financiële kengetallen. De jaarrekening 2021 sluit met een positief resultaat van € 2.361.000.-. Hiervan heeft € 784.000,betrekking op de grondexploitatie. Voor het grootste deel komt dit door winstnemingen bij enkele grexprojecten, dit is volgens de boekhoudregels BBV maar zijn slechts voorlopige winsten. Daarom houden we deze winstnemingen in een aparte reserve, los van de reguliere algemene reserve.
Wat hebben we ervoor gedaan? Lastenverlichting die voor álle inwoners merkbaar is (ook in de zin van goede dienstverlening, zie programma 1). 2. Verlagen OZB indien er financiële ruimte is Er was in 2021 geen financiële ruimte om de OZB te verlagen.
Beleidsindicatoren Naam
Indicator
Gemiddelde WOZ-waarde woningen *
duizend euro
Jaarrekening 2020 331
351
370
Woonlasten meerpersoonshuishoudens *
euro
924
956
956
Woonlasten éénpersoonshuishoudens *
euro
717
764
764
Woningen in bezwaar
aantal / %
370 / 3,51
**
605 / 5,61
Niet-woningen in bezwaar
aantal / %
24 / 2,39
**
38 / 4,36
Gegronde WOZ-bezwaren woningen
aantal / %
95 / 26,03
**
157 / 25,95
Gegronde WOZ-bezwaren niet-woningen
aantal / %
12 / 50
**
10 / 26,32
46
Begroting 2021
Jaarrekening 2021
* verplichte indicator op grond van BBV ** geen begrotingscijfers opgenomen
Bijdrage verbonden partijen aan dit programma Dienst Dommelvallei Dienst Dommelvallei is de sparringpartner voor onze gemeente op het gebied van de bedrijfsvoeringstaken, waaronder financiën, belastingen en planning & control. Zij volgen hierbij nauwgezet wettelijke en andere in- en externe ontwikkelingen op de genoemde terreinen. Ook onderhouden zij contact met de accountant en met de provincie als financieel toezichthouder. Daarmee monitoren zij onder meer het voldoen aan financiële regelgeving en het structureel sluitend zijn van de meerjarenbegroting. In 2021 is de aanbesteding voor een nieuwe accountant afgerond. Deze accountant heeft voorliggende jaarrekening gecontroleerd.
Wat heeft het gekost? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma zijn verbonden. Zowel de baten als de lasten worden als positieve bedragen weergegeven. Het saldo (afwijking budget 2021) wordt weergegeven als positief als het gerealiseerde bedrag hoger is dan de begroting. Bij de lasten is een positief bedrag dus een nadeel, bij de baten een voordeel. Door afronding kunnen er verschillen ontstaan omdat tellingen uit het financieel systeem komen en daarom soms afwijken. Bedragen x €1.000 Omschrijving
Primaire begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Realisatie 2021
Afwijking budget 2021
Lasten 0.10 Mutaties reserves
0
657
1.094
436
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
102
498
2.361
1.863
0.5 Treasury
195
195
147
-47
0.61 OZB woningen
132
132
137
4
0.62 OZB niet-woningen
30
30
33
3
0.64 Belastingen overig
51
51
45
-6
0.8 Overige baten en lasten
492
270
64
-206
0
0
55
55
1.002
1.834
3.936
2.102
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) Totaal Lasten Baten 0.10 Mutaties reserves
0
524
729
205
197
197
213
16
0.61 OZB woningen
4.839
4.929
4.949
20
0.62 OZB niet-woningen
1.327
1.327
1.349
22
0.64 Belastingen overig
75
75
66
-9
30.134
31.587
32.350
762
0
0
35
35
Totaal Baten
36.572
38.639
39.691
1.052
Saldo (baten -/- lasten)
35.570
36.805
35.755
-1.050
0.5 Treasury
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten
Toelichting De afwijkingen van de begroting op dit programma worden op hoofdlijnen veroorzaakt door: • Taakveld 0.10 Mutaties reserves: de lasten betreffen de storting in de bestemmingsreserve Rijkscompensatie coronacrisis van € 436.000,- vanuit de decembercirculaire gemeentefonds 2021. De afwijking op de baten heeft betrekking op de onttrekking uit deze reserve voor de gerealiseerde coronakosten, deze valt € 205.000,- hoger uit dan begroot (bij de tussentijdse rapportage najaar 2021). Zie ook de algemene inleiding van deze jaarstukken.
47
• •
Taakveld 0.8: Vrijval van stelpost onvoorzien en inflatie (taakveld 0.8) € 221.000,-. De algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds vielen € 762.000,- hoger uit dan begroot. Dit wordt vrijwel geheel veroorzaakt door de decembercirculaire 2021, die niet meer kon worden verwerkt in de begroting 2021 (€ 742.000,-). Een groot deel hiervan, € 436.000,betreft coronacompensatie, zie 0.10 Mutaties reserves. Het restant van € 326.000,- komt ten goede aan het jaarresultaat. • Alle afwijkingen van alle programma's tezamen zorgen voor een afwijking in het resultaat ten opzichte van de begroting van € 1.863.000,- (taakveld 0.11). Voor meer details en uitleg verwijzen we naar de analyse overzicht baten en lasten in het financiële gedeelte van deze jaarstukken.
48
Paragrafen Overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten zijn hieronder de volgende paragrafen opgenomen: 1. Lokale heffingen 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3. Onderhoud kapitaalgoederen 4. Financiering 5. Bedrijfsvoering 6. Verbonden partijen 7. Grondbeleid
49
Lokale heffingen Inleiding Deze paragraaf geeft een overzicht van de diverse lokale heffingen en belastingen op hoofdlijnen.
Beleid Bij het heffen en invorderen van belastingen zijn we onder meer gebonden aan: • de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR); • de Algemene wet bestuursrecht (Awb) inclusief de algemene beginselen van behoorlijk bestuur; • de Invorderingswet 1990; • de Gemeentewet; • diverse uitvoeringsbesluiten. De wet geeft duidelijke kaders aan voor de heffing, invordering en kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. Het tarievenbeleid is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: • Geen algemene lastenstijging. De gemiddelde lasten voor de inwoners mogen niet meer toenemen dan de inflatiecorrectie. Lastenverzwaring voor inwoners blijft achterwege en indien enigszins mogelijk zullen we de tarieven van de gemeentelijke belastingen en/of leges verlagen; • Streven naar kostendekkendheid in de tariefstelling voor leges en retributies; • Het profijtbeginsel bij de overige heffingen hanteren. In overeenstemming met deze beleidsuitgangspunten zijn de tarieven over 2021 als volgt aangepast: • Bij de OZB is 2,2% inflatiecorrectie toegepast. Bij de berekening van het tarief is rekening gehouden met de WOZ-waardeontwikkeling; • Leges en tarieven in de tarieventabel zijn verhoogd met de inflatiecorrectie van 2,2%; • Het vastrecht afvalstoffenheffing voor 2021 is gestegen met 39,7%. De ledigingstarieven voor GFT zijn verhoogd van € 1,50 per lediging naar € 2,- per lediging.
De tarieven voor de restafvalledigingen zijn gelijk gebleven. De tarieven voor ondergrondse ledigingen zijn met 18,2% gestegen. • Het tarief voor de rioolheffing is op basis van het verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan (vGRP) verlaagd van € 1,49 in 2020 naar € 1,39 in 2021. De raad heeft de diverse belastingtarieven definitief (formeel) vastgesteld in de belastingverordeningen op 5 november 2020.
Onroerende-zaakbelastingen We heffen op grond van artikel 220 van de Gemeentewet twee directe belastingen op de onroerende zaken die binnen de gemeente liggen, de zogenaamde onroerendezaakbelastingen (OZB): • Een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt; • Een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. De tarieven voor 2021 zijn bijgesteld aan de hand van de ontwikkeling van de nieuwe WOZ-waarden en er is een inflatiecorrectie van 2,2% toegepast.
Afvalstoffenheffing De gemeente is verplicht huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Op grond van artikel 15.33 van de Wet milieubeheer en de Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten wordt afvalstoffenheffing geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel waarvoor de gemeente verplicht is huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. De tarieven van de afvalstoffenheffing zijn verdeeld in twee componenten: 1. Een vast deel: Hiertoe behoren kosten die niet in de invloedssfeer liggen van de individuele inwoners zoals de kosten van de milieustraat, glas-, papier- en plasticinzameling; 2. Een variabel deel: Het gaat hier om het zogenaamd “de vervuiler betaalt” principe; hoe vaker iemand zijn rest- en gft-afval aanbiedt, hoe hoger de kosten voor deze aanbieder zijn. Reinigingsrechten worden geheven van niet-woningen (bedrijven) die hebben aangegeven gebruik te maken van de inzameldienst voor huishoudelijke afvalstoffen. Het betreft hier geen bedrijfsafval.
50
Rioolheffing Op grond van artikel 228a van de Gemeentewet wordt een rioolheffing geheven. De rioolheffing wordt opgelegd aan de gebruiker van een eigendom van waaruit afvalwater direct of indirect via de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De tarieven van de rioolheffing worden zodanig vastgesteld dat de geraamde kosten niet boven de geraamde baten uitkomen. We streven ernaar dat de kosten voor 100% worden gedekt door de opbrengsten uit de heffingen. Per 31 december 2021 is het contract met Brabant Water voor de inning van de rioolheffing beëindigd.
Kostendekkendheid rioolheffing en afvalstoffenheffing Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording zijn gemeenten verplicht inzichtelijk te maken hoe bij de berekening van tarieven en heffingen wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden. De tarieven mogen dus hoogstens kostendekkend zijn. Daarnaast moeten we de beleidsuitgangspunten die ten grondslag liggen aan deze berekeningen vermelden en de manier waarop we deze uitgangspunten bij de tariefstellingen hanteren. Met onderstaande tabel verantwoorden we of de heffingen (afvalstoffenheffing en rioolheffing) inderdaad kostendekkend zijn geweest, ofwel of de werkelijke baten de gerealiseerde lasten niet hebben overschreden. Per heffing worden de totale baten en lasten en het gerealiseerde dekkendheidspercentage weergegeven. Dekkendheid rioolheffing
2021
Riolering taakveld 7.2 Beheer en onderhoud riolering
718.145
Kapitaallasten
365.434
Mutatie voorziening
-123.779
Totaal kosten riolering taakveld 7.2
959.800
Toerekenbare kosten vanuit andere taakvelden Overhead taakveld 0.4
186.404
Kwijtschelding taakveld 6.3
45.790
Straatreiniging taakveld 2.1
253.023
Watertaken taakveld 5.7
146.777
BTW taakveld 0.11*
314.000
Totaal toerekenbaar
945.994
Totaal lasten
1.905.794
Opbrengst rioolheffing**
1.898.794
Overige opbrengsten
7.000
Baten totaal taakveld 7.2
1.905.794
Dekkendheidpercentage riool
100%
* De omzetbelasting rekenen we conform artikel 229B van de Gemeentewet toe. Deze toerekening is het gevolg van de invoering van het Btw-compensatiefonds in 2003. Vanaf dat moment werd de Btw compensabel en werd tegelijkertijd het gemeentefonds hiervoor verlaagd. ** De opbrengsten zijn gebaseerd op een tarief per M3 water.
51
Dekkendheid afvalstoffenheffing
2021
Afval taakveld 7.3 Lasten milieustraat
582.025
Lasten overige afvalstromen
1.377.867
Kapitaallasten
40.475
Mutatie voorziening*
518.893
Lasten vanwege corona
14.023
Totaal kosten afval taakveld 7.3
2.533.283
Lasten corona t.l.v. rijksbijdrage
-14.023
Totaal toerekenbare kosten afval
2.519.260
Toerekenbare kosten vanuit andere taakvelden Overhead taakveld 0.4
181.920
Kwijtschelding taakveld 6.3
76.821
Straatreiniging taakveld 2.1
206.105
BTW taakveld 0.11
223.539
Totaal toerekenbaar
688.385
Totaal lasten
3.207.645
Opbrengst afvalstoffenheffing
2.557.535
Baten milieustraat
125.965
Baten overige afvalstromen
524.145
Baten totaal taakveld 7.3
3.207.645
Dekkendheidpercentage afval
100%
Leges Als de gemeente een bepaalde dienst levert kunnen daarvoor leges worden geheven. De raad stelt de tarieven jaarlijks vast in de Tarieventabel bij de Legesverordening. Net als riool- en afvalstoffenheffing moeten de tarieven dusdanig worden vastgesteld dat de geraamde baten niet boven de geraamde lasten uitkomen. Er mag geen winst gemaakt worden. Voor deze heffingen wordt gestreefd naar een 100% kostendekkend tarief. Bij de vaststelling van een aantal tarieven, zoals voor reisdocumenten, moet rekening gehouden worden met door het Rijk vastgestelde maximumtarieven. De leges worden in principe jaarlijks verhoogd met de daarvoor geldende inflatiecorrectie, met uitzondering van de leges/tarieven die zijn vastgesteld door het Rijk en in MRE-verband.
Kostendekkendheid leges Op grond van het BBV moeten gemeenten inzichtelijk maken dat de tarieven en heffingen hoogstens kostendekkend zijn. Per hoofdstuk van de legesverordening 2021 is hieronder de kostendekkendheid weergegeven op basis van de gerealiseerde baten en lasten. Alleen hoofdstukken vanuit de modelverordening die zijn opgenomen in de legesverordening van Nuenen zijn opgenomen. Per titel in de legesverordening wordt gestreefd naar maximale kostendekkendheid, ondanks dat jurisprudentie de legesverordening als één geheel ziet en dus de legesverordening als geheel maximaal kostendekkend mag zijn. Tussen afzonderlijke hoofdstukken binnen een titel mag kruissubsidiëring worden toegepast. Opbrengsten uit leges van een bepaald hoofdstuk mogen kosten binnen een ander hoofdstuk compenseren. Onderstaande overzichten geven aan dat de leges hoogstens kostendekkend zijn. De lasten zijn uitgesplitst in salaris, overhead en directe lasten. Hierbij is rekening gehouden met jurisprudentie over hetgeen wel en niet aan de leges mag worden toegerekend. De salarislasten en overhead in titel 1 zijn toegerekend vanuit het taakveld 0.2 Burgerzaken. Op basis van de toegerekende salarislasten is het opslagpercentage voor de overhead bepaald.
52
Baten
Salaris
Overhead
Lasten
Percentage
Titel 1
Algemene Dienstverlening
Hoofdstuk 1
Burgerlijke stand
-52.707
34.846
30.699
970
79%
Hoofdstuk 2
Reisdocumenten
-107.118
92.922
81.864
52.702
47%
Hoofdstuk 3
Rijbewijzen
-113.990
73.563
64.809
42.166
63%
Hoofdstuk 4
Verstrekkingen uit de Basisregistratie personen
-2.401
34.846
30.699
0
4%
Hoofdstuk 7
Bestuursstukken
-
-
-
-
Hoofdstuk 8
Vastgoedinformatie
Hoofdstuk 9
Overige publiekszaken
Hoofdstuk 10 Hoofdstuk 11
0
7.743
6.822
0
0%
-32.736
38.717
34.110
19.441
35%
Gemeentearchief
0
7.743
6.822
0
0%
Huisvestingswet
-
-
-
-
Hoofdstuk 12
Leegstandswet
0
7.743
6.822
0
Hoofdstuk 16
Kansspelen
0
11.615
10.233
0
0%
Hoofdstuk 17
Telecommunicatie
-27.071
7.743
6.822
0
186%
Hoofdstuk 18
Verkeer en vervoer
-2.931
11.615
10.233
0
13%
Hoofdstuk 19
Kinderopvang
0
7.743
6.822
0
0%
Hoofdstuk 20
Diversen
-4.803
23.230
20.466
0
11%
-343.757
360.072
317.224
115.279
43%
Totaal titel 1
0%
De salarislasten en overhead in titel 2 zijn (voornamelijk) toegerekend vanuit het taakveld 8.3 Wonen en Bouwen, waaronder de bouwvergunningen vallen. Ook hier is op basis van de toegerekende salarislasten de overhead bepaald. De baten en lasten binnen titel 2 van de legesverordening hebben voornamelijk betrekking op hoofdstuk 2 en 3, vandaar is vanwege de samenhang besloten alle lasten toe te rekenen aan hoofdstuk 3 binnen titel 2 en is dit niet verder uitgesplitst. Baten Titel 2
Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunningen
Hoofdstuk 1
Begripsomschrijvingen
Salaris
Overhead Lasten Percentage
-
Hoofdstuk 2
Principe verzoek / vooroverleg / beoordeling conceptaanvraag
Hoofdstuk 3
Omgevingsvergunning
Hoofdstuk 4
-
-
-
-
-539.221
396.104
-
-
Vermindering
-
-
-
-
Hoofdstuk 5
Teruggaaf
-
-
-
-
Hoofdstuk 6
Intrekking omgevingsvergunning
-
-
-
-
Hoofdstuk 7
Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project
-
-
-
-
Hoofdstuk 8
Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten
348.967 113.049
-
-
-
-
Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking
-
-
-
-
Hoofdstuk 11 Gefaseerde bouwvergunning, tweede fase
-
-
-
-
-539.221
396.104
Totaal titel 2
348.967 113.049
63%
63%
De salarislasten en overhead in titel 3 zijn voornamelijk toegerekend vanuit het taakveld 0.2 Burgerzaken. Baten
Salaris
Overhead Lasten
Percentage
Titel 3
Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn
Hoofdstuk 1
Horeca
-14.409
7.743
6.822
0
99%
Hoofdstuk 2
Organiseren evenementen of markten
-1.201
11.615
10.233
0
5%
Hoofdstuk 3
Seksbedrijven
Hoofdstuk 5
Marktstandplaatsen
Hoofdstuk 6
Winkeltijdenwet
Hoofdstuk 7
ln deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking
-
Totaal titel 3
53
-
-
-84
3.872
3.411
0
1%
0
3.872
3.411
0
0%
-
-
-15.694
27.102
23.877
0
31%
Overige belastingen Baatbelasting Als de gemeente voorzieningen aanlegt waar maar een deel van de inwoners (bijzonder) bij gebaat zijn, dan kan de gemeente hen een baatbelasting opleggen. De belasting wordt ineens dan wel jaarlijks geheven gedurende maximaal 30 achtereenvolgende jaren. Momenteel is nog maar één baatbelasting van kracht. De betreffende voorziening is de aanleg van de rotonde op de Europalaan (“industrieterrein Berkenbos”). Toeristenbelasting Op grond van artikel 224 van de Gemeentewet wordt toeristenbelasting geheven van diegene die mensen tegen vergoeding laat overnachten. Het geldt alleen als de persoon die hier verblijft geen inwoner van de gemeente is. Vermakelijkhedenretributie Vermakelijkhedenretributie wordt geheven bij de organisatoren van evenementen waarbij entree wordt geheven. Deze retributie wordt pas geheven als er meer dan 2.000 betalende bezoekers het evenement hebben bezocht. Deze retributie wordt geheven omdat er gebruik wordt gemaakt van door of met medewerking van het gemeentebestuur tot stand gebrachte of gehouden voorzieningen. Marktgelden Marktgelden worden geheven van degene die een standplaats inneemt (of van degene aan wie een standplaats is toegewezen) op de wekelijkse warenmarkt. Marktgelden zijn afhankelijk van het aantal strekkende meters frontlengte van de standplaats.
Reclamebelasting Reclamebelasting wordt geheven in het vastgestelde centrumgebied ten behoeve van de voeding van het ondernemersfonds.
Kwijtscheldingsbeleid Als mensen de verschuldigde belasting niet kunnen betalen (of met buitengewoon bezwaar), komen zij wellicht in aanmerking voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding. In het kader van de administratieve lastenverlichting voor de inwoners, toetsen we bij het inlichtingenbureau indien eerder kwijtschelding verleend is of er geen belemmering is voor het verlenen van automatische kwijtschelding. Bij geen belemmering verlenen we automatische kwijtschelding. De kwijtscheldingsregels zijn vastgelegd in de Invorderingswet 1990 en de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. De gemeente heeft, als gevolg van artikel 255 van de Gemeentewet, slechts op 2 onderdelen beleidsvrijheid: • De raad kan bepalen dat er helemaal geen dan wel gedeeltelijke kwijtschelding wordt verleend; • De raad kan regels stellen met betrekking tot de wijze waarop de kosten van bestaan in aanmerking worden genomen die er toe leiden dat in ruimere mate kwijtschelding wordt verleend. Op grond van het laatste onderdeel heeft de gemeente gekozen voor het voor 100% meenemen van de kosten van bestaan. Kwijtschelding kan worden aangevraagd voor de volgende heffingen: • OZB; • Afvalstoffenheffing; • Rioolheffing.
Overzicht tarieven 2019
2020
2021
OZB Eigenaar Woning
0,1412%
0,1332%
0,1284%
OZB Eigenaar Niet-woning
0,2297%
0,2274%
0,2324%
OZB Gebruiker Niet-woning
0,1844%
0,1826%
0,1866%
107,04
109,92
153,60
Afvalstoffenheffing 25 liter gft-afval
0,00
0,00
0,00
Afvalstoffenheffing 80, 140 of 240 liter gft-afval
1,00
1,50
2,00
Afvalstoffenheffing 25 liter restafval
1,85
2,25
2,25
Afvalstoffenheffing 80 liter restafval
6,05
7,25
7,25
Afvalstoffenheffing 140 liter restafval
10,85
13,00
13,00
Afvalstoffenheffing 240 liter restafval
18,10
21,75
21,75
Afvalstoffenheffing 60 liter ondergronds
2,30
2,75
3,25
Rioolheffing (per m³ water)
1,60
1,49
1,39
Afvalstoffenheffing vastrecht (per jaar)
54
Vergelijking buurgemeenten Son en Breugel
Nuenen
Eindhoven
Best
Geldrop-Mierlo
OZB eigenaar woning
0,0877%
0,1284%
0,10930%
0,0895%
0,0788%
OZB eigenaar niet-woning
0,1903%
0,2324%
0,30044%
0,1965%
0,1728%
OZB gebruiker niet-woning
0,1567%
0,1866%
0,22103%
0,1576%
0,1404%
Afvalstoffenheffing (*) (meerpers.huishouden)
290
402
334
299
333
Rioolheffing
137
190
156
174
194
*): Diftar-gemeenten worden door het COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) berekend op basis van vastrecht plus een gemiddeld aantal ledigingen (18 maal een grijze container van 140 liter en 7 maal een groene container van 140 liter). De aantallen van het COELO zijn gebaseerd op een landelijk gemiddelde. In de meeste diftar-gemeenten is het gemiddelde aantal ledigingen lager. Bij de tabel hieronder, Ontwikkeling lokale lastendruk, gaan we uit van het gemiddelde aantal ledigingen in Nuenen.
Ontwikkeling lokale lastendruk Jaar WOZ-waarde Wijziging WOZ-waarde
2019
2020
2021
314.000
331.000
354.000
6,08%
5,41%
6,95%
OZB
443
441
455
Afvalstoffenheffing *
201
224
272
Rioolheffing #
219
204
190
Totaal
863
869
917
-1,60%
0,70%
5,5%
Lastenontwikkeling
*) Uitgangspunt hierbij is het gemiddeld aantal ledigingen restafvalcontainers en gft-afvalcontainers in Nuenen, herrekend naar alsof er alléén 140-liter containers zijn. (#): Uitgangspunt hierbij is het gemiddelde waterverbruik per huishouden van 137m³.
55
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Deze paragraaf geeft inzicht in de financiële positie van de gemeente Nuenen. Hiervoor geven we een overzicht van de risico's. Vervolgens zetten we deze af tegen de aanwezige weerstandscapaciteit. Als laatste worden de financiële kengetallen gepresenteerd. Corona De gevolgen van de coronacrisis zijn, net als vorig jaar, zorgvuldig in kaart gebracht. De conclusie is ook dit jaar dat er geen risico's voor onze organisatie zijn als gevolg van de pandemie.
Beleid betreffende de weerstandscapaciteit en de risico's In de Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2015 wordt het beleidskader voor het weerstandsvermogen beschreven. Dit kader luidt als volgt: • De gemeenteraad wordt via de planning- en controldocumenten (begroting en jaarrekening) geïnformeerd over de 15 belangrijkste risico’s, de beschikbare weerstandscapaciteit en de ratio van het weerstandsvermogen; • De ‘Nota risicomanagement en weerstandsvermogen’ wordt als basis gehanteerd voor de opstelling van de verplicht voorgeschreven paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing in de meerjarenprogrammabegroting en de jaarrekening; • Uitgegaan wordt van een gewenste minimale score voor de ratio weerstandsvermogen van ‘voldoende’ (ratio > 1); • Als de ratio weerstandsvermogen door de toename van risico’s onder de 1 uitkomt zal ofwel de beschikbare weerstandscapaciteit worden aangevuld, of zullen extra inspanningen worden gedaan om de benodigde weerstandscapaciteit terug te brengen. In deze situatie zal het college voorstellen doen aan de gemeenteraad die ervoor moeten zorgen dat het weerstandsvermogen weer op het gewenste niveau komt.
Inventarisatie van de risico's In veel gevallen kunnen we de exacte waarde van een risico niet bepalen. Om de risico's toch te kwantificeren werken we met klassengemiddelden. Deze klassengemiddelden leiden tot de financiële gevolgen in de onderstaande tabel. De risicowaarde bepalen we vervolgens aan de hand van de volgende berekening: Risicowaarde in € = percentage kans x gevolg in € Het totaal aan risicowaarden vormt de benodigde weerstandscapaciteit. Omdat niet alle risico’s zich tegelijk manifesteren rekenen we hierbij met een zekerheidspercentage van 90%. Hoewel zorgvuldig is geprobeerd om alle risico’s in beeld te brengen, kan het voorkomen dat een risico niet is opgenomen. Zoals eerder genoemd is risicomanagement een dynamisch proces en voortschrijdend inzicht zorgt voor een steeds vollediger beeld. Het is onmogelijk en onwenselijk om te sturen op alle geïdentificeerde risico’s. Door de risico’s te kwantificeren wordt de lijst geordend. Op deze manier ligt de focus op de risico’s die de grootste impact op de organisatie hebben. Zowel de kans dat een risico zich manifesteert als de impact die het risico met zich meebrengt moet worden bepaald. Er wordt een inschatting gemaakt van de waarschijnlijkheid dat het risico daadwerkelijk optreedt. Vervolgens wordt een inschatting gemaakt van het bedrag dat de gemeente kwijt is indien het risico optreedt.
Het kwantificeren van risico’s is een proces van taxeren en inschatten en heeft daarmee altijd in bepaalde mate een subjectief karakter. Onderstaande tabellen geven de verdeling weer van de klassen waarop de inschatting wordt gebaseerd. Tabel 1 is de verdeling van klassen naar kans, tabel 2 is de verdeling van klassen in financieel gevolg:
56
Klasse
Kans (Waarschijnlijkheid)
Klasse gemiddelde (%)
1
Eén keer per 10 jaar of minder (1-20%)
10%
Klasse Financieel gevolg (€) Klasse gemiddelde (€) 1
< 50.000
2
Eén keer per 5 à 10 jaar (21-40%)
30%
2
50.000 – 100.000
75.000
3
Eén keer per 2 à 5 jaar (41-60%)
50%
3
100.000 – 250.000
175.000
4
Eén keer per 1 à 2 jaar (61-80%)
70%
4
250.000 – 500.000
375.000
5
Eén keer per jaar of vaker (81-99%)
90%
5
> 500.000
-
25.000
Matrix (kans x gevolg top 15 risico's) Voor de bepaling van de score in de risicomatrix worden de klassescores bepaald. Hierboven staan twee tabellen. In de eerste tabel is de top 15 opgenomen. Het getal in de matrix correspondeert met het risiconummer uit de top 15. Zo is zichtbaar welk risico in het groen, oranje of rood is opgenomen. In de tweede tabel is de scoreberekening van de kans x gevolg opgenomen.
Top 15 risico's Risico 1
Kans in % Exploitatie grond
Kans in € Risicowaarde
Concrete berekening
16.769.000
Concrete berekening
1.080.000
Concrete berekening
425.000
Het bedrag is ten opzichte van de begroting 2022-2025 gedaald. Voor een nadere toelichting zie de risicorapportages met risicoanalyse per project. 2
Sociaal domein Wmo/Jeugd is een open-einde regeling. Door een mogelijke toename van het aantal aanvragen en/of een andere soort zorginzet bestaat het risico dat het budget wordt overschreden.
3
Op orde brengen standplaatsen woonwagens Eventuele meerkosten voor de verbetering van woonwagens kunnen voor risico komen van de gemeente.
4
Saneringskosten grond
50%
375.000
187.500
30%
1.000.000
300.000
70%
175.000
122.500
70%
175.000
122.500
Om de standplaatsen van de woonwagens op orde te brengen dient de grond voor een deel gesaneerd te worden. Deze meerkosten zijn voor rekening en risico van de gemeente. 5
Externe gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident Naast de interne gevolgen - die genoemd worden bij risico 8 - loopt de organisatie ook het risico op mogelijk externe gevolgen. Onzorgvuldige omgang met persoonsgegevens en overtredingen van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) kunnen leiden tot aansprakelijkheidsstellingen van getroffenen of boetes van de privacytoezichthouder. Een boete wegens onzorgvuldig handelen met de privacy van inwoners zou bovendien leiden tot grote imagoschade. Het risico is aanwezig op extra kosten die voortvloeien uit boete Autoriteit Persoonsgegevens, imagoschade, aansprakelijkheidstellingen als gevolg van cybercriminaliteit/beveiligingsincidenten, waaronder datalekken.
6
Legesopbrengsten Het risico is aanwezig dat opbrengsten leges achterblijven ten opzichte van de begroting. Het is moeilijk exact te voorspellen hoeveel aanvragen omgevingsvergunningen ingediend gaan worden, dit is ook mede afhankelijk van de economische omstandigheden.
7
Algemene uitkering gemeentefonds Via circulaires wordt de gemeente 2 maal per jaar geconfronteerd met aanpassingen vanuit
57
Risico
Kans in %
Kans in € Risicowaarde
70%
175.000
122.500
Concrete berekening
104.625
het gemeentefonds. De afspraak tussen het Rijk en de gemeenten is 'samen de trap op, samen de trap af'. Indien het Rijk bezuinigt, wordt er ook minder geld in het gemeentefonds gestort. Deze schommelingen in de algemene uitkering kunnen problemen veroorzaken voor het sluitend krijgen van de begroting. Op de hoogte van de algemene uitkering kan geen invloed worden uitgeoefend. Er is al geruime tijd discussie over de aanpassing van het huidige verdeelmodel. De rijksoverheid is verantwoordelijk voor een nieuw verdeelstelsel dat gepland staat voor 2023. De VNG heeft echter begin 2022 met grote meerderheid een resolutie aangenomen waarin wordt aangegeven dat het advies van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) opgevolgd moet worden en dat er een uitlegbaar en stabiel verdeelmodel moet komen. Ook pleit de VNG voor meer geld voor de gemeenten, ‘de koek” moet groter. Op basis van de laatste berekeningen (augustus 2021) is het verdeeleffect voor de gemeente Nuenen afgerond € 575.000 (€ 25,- per inwoner) nadelig. Er zal met een ingroeipad van maximaal € 15,- per inwoner per jaar gewerkt gaan worden. 8
Interne gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident De organisatie kan geconfronteerd worden met cybercriminaliteit en/of met een beveiligingsincident. Recente voorbeelden, de IBD en incidenten in het land (bijvoorbeeld Hof van Twente) laten zien dat de kans hierop toeneemt. De gevolgen kunnen enorm zijn. Cybercriminaliteit is criminaliteit met ICT als middel én doelwit. Cybercriminaliteit is veelvoorkomend. Aan de ene kant wordt ICT steeds complexer, en aan de andere kant blijkt uit de benchmark dat we onder het gemiddelde zitten qua middelen. Beveiligingsincident is een inbreuk op de beveiliging, waarbij de beschikbaarheid, de integriteit of de vertrouwelijkheid van informatie in gevaar is of kan komen. Een beveiligingsincident kan ook onbewust worden veroorzaakt. De IBD geeft in het dreigingsbeeld 2021-2022 duidelijk het signaal af, dat de kans op beveiligingsincidenten toeneemt. Een ambtenaar, bestuurder of raadslid kan bedoeld of onbedoeld informatie verschaffen waar een kwaadwillende zijn voordeel mee kan doen (en de desbetreffende organisatie gedupeerd achterblijft). Informatie rond bestemmingsplannen, aanbestedingen, persoonsgegevens of veranderende regels kan zeer waardevol zijn.
Het risico is aanwezig dat er extra kosten gemaakt moeten worden, die voortvloeien uit de inzet van extra mensen en ICT-middelen als gevolg van cybercriminaliteit/beveiligingsincidenten, waaronder datalekken. Voorbeelden zijn de inzet voor de afhandeling van het phishingincident, het invoeren van 2factor-authenticatie en de uren van ICT t.b.v. het mitigeren van de risico's door de kwetsbaarheid Log4J.
9
Dienst Dommelvallei De samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering en dienstverlening verloopt via de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Dommelvallei. Omdat Dienst Dommelvallei geen eigen reserves heeft, wordt het totaal van de risico's van de dienst via de verdeelsleutel belegd bij de drie deelnemende gemeenten.
10
Crisisbeheersing
10%
1.000.000
100.000
90%
75.000
67.500
Iedere gemeente kan te maken krijgen met incidenten, die de status van een crisis krijgen. Deze kunnen plaatsvinden zowel in het fysieke als het sociale domein. Ook kunnen crises lokaal, regionaal of bovenregionaal van karakter zijn. 11
Bodemverontreiniging/-sanering De gemeente loopt voortdurend het risico geconfronteerd te worden met schade aan het milieu door bijvoorbeeld bodemverontreinigingen.
12
GGD
Concrete berekening
58.922
De Gemeenschappelijke Regeling GGD Brabant Zuidoost heeft tot doel een bijdrage te leveren aan de publieke gezondheidszorg en de ambulancezorg. Op basis van de begroting wordt financieel bijgedragen. Het onafgedekte risico, zijnde € 1.950.000, dient te worden op genomen in de eigen risicoparagraaf van de deelnemende gemeentes, herrekend naar de risicowaarde per gemeente. 13
Vennootschapsbelasting
30%
175.000
52.500
30%
175.000
52.500
De Belastingdienst heeft nog geen uitspraak gedaan over de uitgangspunten voor de Vpbaangifte. Hierdoor kan de definitieve aangifte afwijken van de voorlopige aangifte. 14
Belastingaangifte De gemeente is aansprakelijk voor fouten in loonbelastingopgaves, Btw aangiften, opgave Btw compensatiefonds en de WKR. Bovendien kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld voor belastingschulden van andere bedrijven op basis van inleners of ketenaansprakelijkheid.
58
Risico 15
Attero - compensatieovereenkomst
Kans in %
Kans in € Risicowaarde
30%
175.000
52.500
Formeel hebben de gewesten in Brabant een contract met Attero over het verbranden van afval. In dit contract is een minimum-hoeveelheid opgenomen. Vanaf 2011 is deze minimum hoeveelheid niet aangeleverd door de gewesten gezamenlijk. Attero heeft geclaimd over 2015 t/m jan 2017. Er is een uitspraak gedaan door een arbitragecommissie en de gemeenten zijn daarin in het ongelijk gesteld. Er is een factuur van 6.1 miljoen als naheffing gestuurd naar de MRE. Deze factuur is door het MRE betaald. Inmiddels is vanuit de VvC een procedure gestart bij het Gerechtshof om het vonnis te vernietigen. In de tussenliggende periode wordt dit bedrag nog niet verrekend met de gemeenten. Over die verrekening bestaat namelijk binnen het MRE onenigheid tussen de gemeenten. De niet-diftar-gemeenten staan op het standpunt dat zij het tekort niet hebben veroorzaakt en dus ook hiervoor niet gaan betalen. Op dit moment is dus nog niet aan te geven hoe de kosten verdeeld zullen worden over de gemeenten. Ook binnen de gewesten bestaat overigens nog onenigheid over de verdeling van de kosten. De discussie hierover wordt verschoven tot na de definitieve uitspraak over de vernietigingsprocedure. Inmiddels heeft de rechter Attero in het ongelijk gesteld, maar Attero is in cassatie gegaan. Zo lang dat loopt, blijft er dan ook een risico voor de gemeenten bestaan (weliswaar met een geringe kans).
Subtotaal top 15
19.617.547
Overige risico's
336.584
Onvoorzien
250.000
Totaal
20.204.131
Totaal o.b.v zekerheidspercentage (90%)
18.183.718
Wijzigingen Ten opzichte van de laatste risico-inventarisatie - ten tijde van de begroting 2022-2025 - is de totale risicowaarde (o.b.v. zekerheidspercentage 90%) afgenomen met € 208.000,- (afgerond). Top 15 Ten opzichte van de vorige risico-inventarisatie is het risico op de grondexploitaties gedaald. 'Attero - compensatieovereenkomst' is opnieuw als risico opgenomen. Attero heeft een claim neergelegd bij een aantal gemeenten en zijn door de rechter in het ongelijk gesteld. Vervolgens is Attero in cassatie gegaan; vandaar dat het als risico voor de gemeente Nuenen is opgenomen. Voorts zijn de risico's 'cybercriminaliteit' en 'beveiligingsincident' anders gepresenteerd, namelijk als een risico 'externe gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident' en een risico 'interne gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident'. Het eerdere risico 'planschade' is niet meer reëel en daarom niet meer opgenomen in de top 15.
Inventarisatie van de beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit is de verzamelterm van al die bronnen waaruit niet voorziene financiële tegenvallers bekostigd kunnen worden. Weerstandscapaciteit